BIJLAGE VI Toets stabiliteit bestaande kade GV74613 Bochtafsnijding Delftse Schie definitief ontwerp definitief d.d. 5 november 20
afbeelding 1.1. Bochtafsnijding Ten behoeve van de bochtafsnijding worden aan weerszijden van de nieuwe vaargeul boezemkades gerealiseerd. Aan de westkant van de vaargeul bestaat de kade grotendeels uit het hooggelegen land van het bedrijventerrein NoordWest. Het deel ten zuiden van het bedrijventerrein wordt aangelegd op het bestaande laaggelegen maaiveld. De kade aan de oostzijde van de vaargeul wordt in zijn geheel aangelegd op het laaggelegen maaiveld. Voor de nieuwe kaden op het laaggelegen maaiveld is een ontwerp op DOniveau opgesteld [ref. 14.]. Aan het kadedeel langs het Bedrijventerrein NoordWest zijn in de huidige plannen geen significante maatregelen opgenomen, anders dan het aanbrengen van een nieuwe bescherming tegen scheepsgeinduceerde belastingen (golven en stroming). Gecontroleerd moet worden of dit kadedeel zonder aanvullende maatregelen voldoet aan de eisen voor regionale waterkeringen. doel Doel van deze notitie is het toetsen van het kadedeel langs het bedrijventerrein NoordWest op de vigerende eisen voor regionale waterkeringen. De toetsing is uitgevoerd conform de Leidraad Toetsen op Veiligheid Regionale Waterkeringen (LTVRW2007) en omvat de volgende toetssporen: hoogte; macrostabiliteit binnenwaarts; macrostabiliteit buitenwaarts; piping; microstabiliteit; bekledingen; bomen op boezemkade. Overigens heeft het optreden van de bovengenoemde faalmechanismen niet per definitie een direct negatief effect op de hoogwaterveiligheid van het achterliggende gebied. Dit ligt namelijk ruim boven het niveau van het toetspeil. Falen kan echter wel andere nadelige gevolgen hebben. Bijvoorbeeld voor de beschikbaarheid van de vaarweg en het doorstroomprofiel van de boezem. Daarom wordt toetsing van de kade relevant geacht. leeswijzer In hoofdstuk 2 van deze notitie zijn de uitgangspunten bij de toetsing beschreven. Hoofdstuk 3 vervolgt met de ontwerpberekeningen en beschrijft het ontwerp. In hoofdstuk 4 zijn de conclusies opgenomen. 2
2. UITGANGSPUNTEN 2.1. IPOnorm De IPOnorm 1 voor de kade langs het bedrijventerrein NoordWest is veiligheidsklasse IV. De veiligheidsklasse is bepalend voor de stabiliteitsfactor waarmee in de berekeningen voor macrostabiliteit wordt gerekend (zie paragraaf 2.7). 2.2. Geometrische uitgangspunten Ter plaatse van het bedrijventerrein NoordWest is het maaiveld gelegen op circa NAP + 1,0 m. Achter de kade ligt plaatselijk een ondiepe sloot. De bestaande geometrie volgt uit ingemeten dwarsprofielen [ref. 16.]. De kruinhoogte van de huidige kade ligt op tenminste NAP + 0,8 m. De representatieve geometrie volgt uit profiel G. De vaarweg zal in de toekomst worden ontgraven tot circa NAP 4,0 m. Er is bij de toetsing gerekend met het huidige buitentalud van circa 1:3. Dit betekent dat het toetsresultaat geldig is voor een buitentalud dat niet steiler is dan in de huidige situatie. 2.3. Geotechnische uitgangspunten maatgevende bodemopbouw De maatgevende bodemopbouw volgt uit een geotechnisch lengteprofiel [ref. 15.] dat is opgesteld op basis van een reeks boringen (mechanisch en handboringen) en sonderingen die in het gebied zijn uitgevoerd. In de toetsing zijn de twee bodemschematisaties beschouwd zoals opgenomen in bijlage I. De ze bodemschematisatie zijn gebaseerd op (voor respectievelijk dijklichaam en voorland): profiel 1: sonderingen 2008s08 en 20s07; profiel 2: sonderingen 2008s05 en 20205. volumieke gewichten De volumieke gewichten volgen uit labonderzoek van monsters die ter plaatse zijn genomen. Voor de analyse van de volumieke gewichten wordt verwezen naar de ontwerprapportage van de boezemkade [ref. 14.]. Voor de gehanteerde volumieke gewichten wordt verwezen naar bijlage I. sterkteparameters De sterkteparameters volgen uit de proevenverzameling van Delfland [ref. 1.]. Deze proevenverzameling bestaat uit στ curves voor de verschillende in het projectgebied voorkomende lithostratigrafische grondlagen. In de στ curves van deze proevenverzameling zijn de materiaalfactoren conform LOR2 [ref. 6.] reeds verwerkt. De proevenverzameling van Delfland maakt voor slappe lagen een differentiatie in sterkteparameters voor de laag onder de (kruin van de) kade, onder het binnentalud en ter hoogte van het binnendijkse maaiveld naast de kade. Deze differentiatie is relevant omdat de sterkte van lagen in het dwarsprofiel varieert als gevolg van ophoging en zetting. De kade langs het industrieterrein bestaat feitelijk uit een aangeheelde kade, met plaatselijk aan de binnenzijde een teensloot. Binnentalud of teen zijn hier dan ook niet duidelijk te onderscheiden. Daarom is voor het representatieve dwarsprofiel ter plaatse van industrieterrein NoordWest aan de binnenzijde geen differentiatie in sterkteparameters gehanteerd. Er is uitgegaan van de sterkteparameters onder (de kruin van) de kade. Voor de buitenzijde geldt dat de laaggelegen OostAbtspolder land is dat nog niet is voorbelast. Daarom is, in afwijking van richtlijnen uit de proevenverzameling, juist voor buitentalud en het buitendijkse 1 IPO staat voor Interprovinciaal Overleg. 3
maaiveld (in de toekomst de bodem van de Delfse Schie) wel gedifferentieerd in sterkteparameters. De gekozen wijze van differentiatie is weergegeven in afbeelding 2.1. afbeelding 2.1. Wijze van differentiatie in sterkteparameters bedrijventerrein NoordWest boezem oude maaiveld talud bodem nieuwe vaarweg onder naast De laag antropogeen klei met organische bijmenging (antropogeen, klei humeus) maakt geen onderdeel uit van de Proevenverzameling van Delfland. Omdat de grondsoort een substantieel onderdeel vormt van de bodemsamenstelling is ervoor gekozen om deze grondsoort toe te voegen aan de classificatielijst. Daarbij is στ curve aangehouden zoals GeoDelft heeft gehanteerd voor antropogeen, klei humeus (ook wel genoemd: antropogeen venig) bij de beoordeling van de kade langs de Middelwatering. 2.4. Hydraulische uitgangspunten hydraulische belastingsituaties Afhankelijk van het ontwerpspoor zijn verschillende hydraulische belastingsituaties beschouwd, zoals weergegeven in tabel 2.1. tabel 2.1. Hydraulische belastingsituaties toetsspoor belastingsituatie boezemwaterstand polderwaterstand hoogte nat toetspeil boezem n.v.t. macrostabiliteit binnenwaarts nat toetspeil boezem polderpeil macrostabiliteit buitenwaarts val na hoogwater laag boezempeil polderpeil piping en heave nat toetspeil boezem polderpeil microstabiliteit nat toetspeil boezem n.v.t. De situatie droog is niet beschouwd. De droogtegevoelige laag (Hollandveen) ligt namelijk permanent onder water. Voor de laag antropogeen venig geldt dit maar gedeeltelijk. Deze laag bestaat echter voornamelijk uit klei met een organische bijmenging (zwak tot matig humeus). Omdat het hoofdbestanddeel klei betreft en de organische bijmenging beperkt is, wordt deze laag niet droogtegevoelig geacht. boezemwaterstanden De volgende boezemwaterstanden zijn aangehouden: toetspeil boezem: NAP 0,21 m; streefpeil boezem: NAP 0,43 m; hoog boezempeil: NAP 0,37 m; laag boezempeil: NAP 0,63 m (= streefpeil 0,20 m, conform [ref. 2.]). 4
polderwaterstanden De aangehouden polderwaterstand in de poldersloten van het bedrijventerrein bedraagt NAP + 0,1 m [ref. 12.]. 2.5. Geohydrologische uitgangspunten freatische lijn De schematisering van de freatische lijn is relevant voor zowel binnen als buitenwaartse macrostabiliteit. Voor de freatische lijn bij boezemkaden in het beheersgebied van Delfland geldt in principe de schematisering conform de resultaten van de 2e expert workshop van Delfland [ref. 3.]. De situatie is hier echter anders dan de standaard boezemkade. In de hier beschouwde situatie liggen het achterland en het polderpeil achter de kade namelijk hoger dan het toetspeil. Er is daarom een aangepaste schematisering gehanteerd. Voor zowel de natte situatie (maatgevend voor binnenwaartse macrostabiliteit) als de situatie val na hoogwater (maatgevend voor buitenwaartse macrostabiliteit) is de freatische lijn in eerste instantie lineair doorgetrokken vanaf het polderpeil naar de buitenwaterstand. Deze lineaire interpolatie is gesommeerd met een extra toeslag van 0,5 m voor extreme neerslag tussen binnen en buitenkruinlijn. 2 Aangezien de huidige situatie niet representatief is voor de toekomstige situatie na de bochtafsnijding, zijn er geen peilbuismetingen ten behoeve van het bepalen van de freatische lijn uitgevoerd. stijghoogte Pleistoceen De stijghoogte in het pleistoceen is ten behoeve van het voorontwerp kaden [ref. 13.] bepaald op basis gegevens uit het DINOloket. De berekende stijghoogte is NAP 2,5 m. In 2007 is een stijghoogte in het pleistoceen van circa NAP 3,0 m gemeten [ref..]. Dit is gunstiger dan de rekenwaarde van NAP 2,5 m. Aangezien de stijghoogtemeting uit 2007 een momentopname is geweest, is niet te zeggen in hoeverre deze waarde representatief is (er is geen inzicht in de fluctuatie van de stijghoogte). Vooralsnog is daarom gerekend met de berekende waarde van NAP 2,5 m. Dit moet worden gezien als een uitgangspunt van conservatieve aard. 2.6. Natuurvriendelijke oevers (NVO) De nieuwe oevers langs de bochtafsnijding zullen (gedeeltelijk) uitgevoerd worden met natuurvriendelijke oevers (NVO), eventueel met paaiplaatsen voor vissen. Bij het opstellen van deze notitie is het type NVO nog niet vastgesteld, waardoor deze niet in de berekeningen is meegenomen. Er is daarom gerekend met het huidige buitentalud. Het aanbrengen van een NVO voor de kade heeft doorgaans een positief effect op de stabiliteit van de kade. 2.7. Specifieke uitgangspunten macrostabiliteit modellen De berekeningen voor binnen en buitenwaartse macrostabiliteit van de kade zijn gemaakt met het programma MStab versie 9. (built 8.6) met de modellen: cirkelvormig glijvlak: methode Bishop; drukstaafmethode: Uplift Van. Toetsing volgens het model Uplift Van is strikt genomen niet noodzakelijk omdat er geen sprake is van een opdrijfsituatie. Plaatselijk zijn echter wel slappe (veen)lagen aanwezig. Mogelijk hebben deze laag 2 Bij toetsingen voor het Hoogheemraadschap van Delfland wordt, indien uit peilbuismetingen volgt dat de freatische lijn ruim lager is dan bij de standaard schematisering, uitgegaan van de gemeten waarden. Deze wordt vervolgens gesommeerd met een toeslag voor extreme neerslag van 0,5 m. 5
invloed op het optreden van een langgerekt glijvlak. Er is daarom toch een berekening met het model Uplift Van uitgevoerd. stabiliteitseisen Voor het ontwerp gelden de volgende partiële factoren: 1. materiaalfactoren: zijn reeds verwerkt in de proevenverzameling van Delfland; 2. modelfactor: hangt af van het gebruikte berekeningsmodel: Bishop: γ d = 1,0; Uplift Van: γ d = 1,05, de modelfactor voor Uplift Van is reeds verwerkt in de berekeningsuitkomst van MStab (dit is de waarde tussen haakjes bij de MStabuitvoer van het kritieke glijvlak); 3. schadefactor: hangt samen met de vereiste betrouwbaarheid van de kade, en is afhankelijk van de veiligheidsklasse. De schadefactor voor macrostabiliteit binnenwaarts bedraagt conform [ref. 4.] γ n = 0,95 (voor kade van veiligheidsklasse IV). Voor macrostabiliteit buitenwaarts geldt conform [ref. 2.] een schadefactor van γ n = 0,80 (waarde onafhankelijk van de kadeklasse); 4. schematiseringsfactor: voor toetsingen hoeft conform LTVRW2007 geen schematiseringsfactor te worden gehanteerd. De stabiliteitsfactor volgt uit het product van modelfactor, schadefactor en schematiseringsfactor (γ 0 = γ d γ n ). De stabiliteitsfactor is de minimale waarde waaraan het MStabberekeningsresultaat moet voldoen. Dit is ook weergegeven in tabel 2.2. tabel 2.2. Partiële factoren partiële factor aanduiding binnenwaarts buitenwaarts materiaalfactoren γ m verwerkt in proevenverzameling modelfactor* γ d 1,00 1,00 schadefactor γ n 0,95 0,80 schematiseringsfactor γ b minimaal benodigde stabiliteitsfactor Bishop γ 0 = γ d γ n γ b 0,95 0,80 minimaal benodigde stabiliteitsfactor Uplift Van γ 0 = γ d γ n γ b 1,00 0,84 * De modelfactor voor Uplift Van bedraagt 1,05. Deze is echter reeds verwerkt in de berekeningsuitkomst van MStab (dit is de waarde tussen haakjes bij de MStabuitvoer van het kritieke glijvlak). bovenbelasting Ten aanzien van de berekeningen van de macrostabiliteit is een verkeersbelasting van 13,0 kn/m 2 over een strook van 2,5 m toegepast. In het VO is ervan uitgegaan dat de belasting aangrijpt op de kruin van de kade. Er is aangenomen dat de verkeersbelasting in de ondergrond spreidt onder een hoek van 40 o. Voor de slechtdoorlatende lagen is een aanpassing van 0 % aangehouden. Naast een verkeersbelasting is tevens een belasting door zandzakken van 0,5 kn/m 2 over een breedte van 0,5 m op de kruin van de kade in rekening gebracht. 3. TOETSING In dit hoofdstuk is de bestaande kade langs het industrieterrein NoordWest getoetst conform de Leidraad Toetsen op Veiligheid Regionale Waterkeringen (LTVRW2007). De toetsing omvat de volgende toetssporen: hoogte; macrostabiliteit binnenwaarts; macrostabiliteit buitenwaarts; piping; microstabiliteit; bekledingen; bomen op boezemkade. 6
3.1. Hoogte De kruinhoogte van de kade blijft ongewijzigd. De kruinhoogte ligt in de huidige situatie op circa NAP + 1,0 m. Dit is ruim hoger dan de minimaal vereiste kruinhoogte volgens de legger van NAP + 0, m. Op het toetsspoor hoogte wordt het oordeel voldoende toegekend. 3.2. Macrostabiliteit binnenwaarts Macrostabiliteit binnenwaarts beschouwt het afschuiven van het binnentalud van de kade. Dit mechanisme wordt mogelijk ongunstig beïnvloedt door de hogere freatische lijn in de kade als gevolg van de toegenomen buitenwaterstand. Om dit te kunnen kwantificeren is een MStabberekening van de binnenwaartse macrostabiliteit uitgevoerd. Het resultaat van de berekening is opgenomen in tabel 3.1. De kritieke glijvlakken uit MStab zijn opgenomen in bijlage II. Uit de berekeningen blijkt dat de stabiliteitsfactor groter is dan minimaal vereiste waarde van 0,95. tabel 3.1 Resultaat berekeningen macrostabiliteit binnenwaarts stabiliteitsfactor profiel Bishop Uplift Van 2008s08 en 20s07 1,11 1,* 2008s05 en 20205 1,05 0,96* * Het kritieke glijvlak bij de Uplift Van berekening is een cirkelvormig glijvlak als bij het model Bishop. Dit betekent dat geen modelfactor van 1,05 geldt maar een modelfactor 1,0. Dit is de waarde buiten haakjes bij de MStabuitvoer van het kritieke glijvlak. Op het toetsspoor macrostabiliteit binnenwaarts wordt het oordeel voldoende toegekend. 3.3. Macrostabiliteit buitenwaarts Macrostabiliteit buitenwaarts beschouwt het afschuiven van het buitentalud van de kade. Dit mechanisme wordt mogelijk ongunstig beïnvloedt door de hogere freatische lijn in de kade als gevolg van de toegenomen buitenwaterstand. Om dit te kunnen kwantificeren zijn er MStabberekeningen ten behoeve van de buitenwaartse macrostabiliteit uitgevoerd. Het resultaat van de berekeningen zijn opgenomen in tabel 3.2. De kritieke glijvlakken uit MStab zijn opgenomen in bijlage II. Uit de berekeningen blijkt dat de stabiliteitsfactor ruim groter is dan minimaal vereiste waarde van 0,80. tabel 3.2 Resultaat berekeningen macrostabiliteit buitenwaarts stabiliteitsfactor profiel Bishop Uplift Van 2008s08 en 20s07 0,87 0,94 2008s05 en 20205 1,19 1,15 * Het kritieke glijvlak bij de Uplift Van berekening is een cirkelvormig glijvlak als bij het model Bishop. Dit betekent dat geen modelfactor van 1,05 geldt maar een modelfactor 1,0. Dit is de waarde buiten haakjes bij de MStabuitvoer van het kritieke glijvlak. Op het toetsspoor macrostabiliteit buitenwaarts wordt het oordeel voldoende toegekend. 3.4. Piping Het faalmechanisme piping is voor de kade niet relevant. Daar waar de kade een kleikern heeft, kan de afdekkende laag niet opbarsten en bij een zandkern kan pipng niet optreden. Uitspoeling van zand uit de kern van de kade is behandeld bij het toetsspoor microstabiliteit. Op het toetsspoor piping wordt het oordeel voldoende toegekend. 7
3.5. Microstabiliteit Microstabiliteit beschouwt de uitspoeling van zanddeeltjes uit het kadelichaam als gevolg van een grondwaterstroming door het kadelichaam. De aandrijvende kracht voor dit mechanisme is een verval over de kade. Doordat de binnendijkse waterstand hoger is dan de waterstand aan de buitenzijde, is de grondwaterstroom buitenwaarts gericht. Hierdoor kan uitspoeling van deeltjes alleen optreden ter plaatse van het buitentalud. Er zijn in de huidige situatie geen aanwijzingen dat microstabiliteit een probleem vormt voor de kade. In de toekomstige situatie na realisatie van de bochtafsnijding wordt de situatie gunstiger. Het verval over de kade neemt namelijk af omdat de buitenwaterstand toeneemt. Er wordt daarom gesteld dat de kade de maatgevende situatie op het aspect microstabiliteit al eens heeft weerstaan. Op basis van bewezen sterkte wordt op microstabiliteit het oordeel voldoende toegekend. 3.6. Bekledingen Het ontwerp van de bekleding van het buitentalud van de bestaande kade is onderwerp van het project Bochtafsnijding Deltse Schie. Het ontwerp van de bekleding is opgesteld conform de vigerende leidraden en normen en op basis van de geldende belastingen. Op basis hiervan wordt aan de bekleding het oordeel voldoende toegekend. 3.7. Bomen op boezemkade De kade langs het bedrijventerrein is in de huidige situatie beplant (zie bijlage III). In het landschappelijk ontwerp worden deze bomen op de kade gehandhaafd. Om de bomen te kunnen handhaven is vastgesteld of deze geen gevaar voor de waterkerende functie vormen. De bomen vormen geen gevaar indien de ontgrondingskuil die zou ontstaan bij windworp buiten het beoordelingsprofiel valt. Het beoordelingsprofiel heeft de volgende kenmerken [ref. 7.]: kruin op leggerhoogte (NAP + 0, m); minimale kruinbreedte 1,5 m; binnentalud 1:6 (geldend voor een veenkade); buitentalud gelijk aan fysiek aanwezig buitentalud. De bomen op de kruin zijn geïnventariseerd en weergegeven op tekening [ref. 17.]. Op de kruin van de kade staan bomen met stamdiameters tot 45 cm. Op het buitentalud staan bomen met een stamdiameter van cm. De bomenrij die laag op het buitentalud staat komt in de toekomst onder water te staan en dienen daarom te worden verwijderd. Conform bijlage 5 van de Leidraad Rivieren [ref. 8.] is de methode van Wessolly gehanteerd voor het bepalen van de afmetingen van de ontgrondingskuil. De afmetingen zijn conform: diameter ontgrondingskuil: 3 x stamdiameter; diepte ontgrondingskuil: 1,5 x stamdiameter. In afbeelding 3.1 is de beoordeling van de bomen op de boezemkade weergegeven. Uit de afbeelding blijkt dat de ontgrondingskuilen van de bomen buiten het beoordelingsprofiel vallen. 8
afbeelding 3.1. Beoordeling bomen op boezemkade 8 6 4 2 boom op kruin stamdiameter 45 cm bestaand profiel boom op kruin stamdiameter 45 cm boom op buitentalud stamdiameter cm boom op buitentalud stamdiameter cm: verwijderen 0 2 binnentalud 1:6 streefpeil vaarw eg 4 beoordelingsprofiel buitentalud gelijk aan bestaand buitentalud (circa 1:3) 6 5 0 5 15 20 25 30 35 40 Op basis hiervan wordt aan de bomen op de boezemkade het oordeel voldoende toegekend. 4. CONCLUSIE In deze notitie is een de bestaande kade van het bedrijventerrein NoordWest getoetst conform LT VRW2007. In tabel 4.1 is het resultaat van de toetsing per toetsspoor opgenomen. Uit de toetsing blijkt dat de kade voldoet aan de geldende eisen. tabel 4.1 Toetresultaat toetsspoor hoogte voldoende macrostabiliteit binnenwaarts voldoende macrostabiliteit buitenwaarts voldoende microstabiliteit voldoende piping voldoende bekledingen voldoende bomen op boezemkade voldoende eindoordeel: voldoende oordeel conform LTVRW2007 Er is bij de toetsing gerekend met het huidige buitentalud van circa 1:3. Dit betekent dat het toetsresultaat geldig is voor een buitentalud dat niet steiler is dan in de huidige situatie. 5. REFERENTIES normen en leidraden 1. Proevenverzameling van Delfland, hoogheemraadschap van Delfland, november 1997. 2. Beleidsregel Veendijken, hoogheemraadschap van Delfland, 11 december 2007. 3. Tweede expert workshop, hoogheemdraadschap van Delfland, 17 juni 2008. 4. Leidraad toetsen op veiligheid regionale Waterkeringen, STOWA, 2007. 5. Technisch rapport Zandmeevoerende Wellen, TAW, 1999. 6. Leidraad voor het ontwerpen van Rivierdijken deel 2, Benedenrivierengebied, TAW, 1989. 7. Handleiding voor beplanting op en nabij boezemkaden, eerste versie, 200005, STOWA, februari 2001. 8. Leidraad Rivieren, bijlage 5 Beplanting op of langs rivierdijken, ministerie van Verkeer en Waterstaat / ENW, juli 2007. 9
rapporten 9. Rapport Arcadis: Bochtafsnijding Delftsche Schie Variantenstudie, referentie: 141266/Br8/007/000114/cwa, 22 januari 2008.. Geotechnisch onderzoek Mos Grondmechanica: Project bochtafsnijding Delftse Schie te Rotterdam, referentie: R00246RH_1, 26 april 20. 11. Notitie Waterhuishouding bochtafsnijding, GV74613/zeir/019,, 27 mei 20. 12. Bochtafsnijding Delftse Schie, verslag overleg hoogheemraadschap van Delfland, GV746 13/zutd/0,, 19 april 20. 13. Bochtafsnijding Delftse Schie, voorontwerp Kaden, GV74613/zutd/020,, 27 mei 20. 14. Bochtafsnijding Delftse Schie, definitief ontwerp Kaden, GV74613/@@@,, oktober 20. kaarten en tekeningen 15. Bochtafsnijding Delftse Schie, definitief ontwerp, Geotechnisch lengteprofiel, GV746132029,, september 20. 16. Bochtafsnijding Delftse Schie, bestaande situatie, dwarsprofielen, GV7461312,, 1 juli 20. 17. Bochtafsnijding Delftse Schie, bestaande situatie, overzicht terreinonderzoek, GV6461311,, 1 juli 20.
BIJLAGE I Maatgevende bodemopbouw en volumieke gewichten
bestaande dijk profiel 1 dijklichaam op basis van sondering 2008s08 # laagomschrijving proevenverzameling lithostratigrafische niveau bovenkant volumiek gewicht Delfland laag laag (gemiddeld) [m+nap] γ sat [kn/m 3 ] 1 KLEI sterk siltig antropogeen, klei 0B 0.9 17.5 2 KLEI sterk siltig, matig humeus antropogeen, klei humeus 0C 0.05 14.0 3 ZAND, los, zwak siltig antropogeen, zand 0A 3.15 18.0 4 KLEI, sterk siltig Duinkerke, klei 1 6.50 15.3 5 VEEN, mineraalarm Hollandveen 4 7.20.3 6 KLEI, sterk siltig Calais, klei 7.00 16.3 6 KLEI, sterk siltig, sterk humeus Calais, klei 6 14.80 13.6 6 ZAND, sterk kleiig Calais, zand 8 15.75 18.3 7 ZAND, pleistoceen Pleistoceen, zand 32 17. 20.0 (verkende diepte) 30.00 kanaalbodem op basis van sondering 2007 # laagomschrijving proevenverzameling lithostratigrafische niveau bovenkant volumiek gewicht Delfland laag laag (gemiddeld) [m+nap] γ sat [kn/m 3 ] 1 KLEI sterk siltig, matig humeus antropogeen, klei humeus 0C 2.1 14.0 2 VEEN, mineraalarm Hollandveen 4 3.2.3 3 KLEI, sterk siltig, sterk humeus Calais, klei 6 5.7 13.6 4 KLEI, sterk siltig Calais, klei 7 6 16.3 5 ZAND, sterk kleiig Calais, zand 8 15 18.3 6 ZAND, pleistoceen Pleistoceen, zand 32 17.2 20.0 (verkende diepte) 27.1
bestaande dijk profiel 2 dijklichaam op basis van sondering 200805 # laagomschrijving proevenverzameling lithostratigrafische niveau bovenkant volumiek gewicht Delfland laag laag (gemiddeld) [m+nap] γ sat [kn/m 3 ] 1 KLEI sterk siltig antropogeen, klei 0B 1.2 17.5 2 KLEI sterk siltig, matig humeus antropogeen, klei humeus 0C 0.7 14.0 3 ZAND, los, zwak siltig antropogeen, zand 0A 1.0 18.0 4 VEEN, mineraalarm Hollandveen 4 4.85.3 5 KLEI, sterk siltig Calais, klei 7 6.55 16.3 6 ZAND, sterk kleiig Calais, zand 8 8.8 18.3 7 ZAND, pleistoceen Pleistoceen, zand 32 19.6 20.0 (verkende diepte) 30 kanaalbodem op basis van sondering 20205 # laagomschrijving proevenverzameling lithostratigrafische niveau bovenkant volumiek gewicht Delfland laag laag (gemiddeld) [m+nap] γ sat [kn/m 3 ] 1 KLEI sterk siltig, matig humeus antropogeen, klei humeus 0C 2.2 14.0 2 KLEI sterk siltig antropogeen, klei 0B 2.7 17.5 3 VEEN, mineraalarm Hollandveen 4 3.5.3 4 KLEI, sterk siltig, sterk humeus Calais, klei 6 6 13.6 5 KLEI, sterk siltig Calais, klei 7 7.55 16.3 6 ZAND, sterk kleiig Calais, zand 8 9.5 18.3 7 KLEI, sterk siltig Calais, klei 7 15.9 16.3 7 ZAND, pleistoceen Pleistoceen, zand 32 18.95 20.0 (verkende diepte) 27.2
BIJLAGE II Kritieke glijvlakken MStab
macrostabiliteit binnenwaarts dwarsprofiel 2008S08 en 20S07 Annex A4 form. Toetsing bestaande kade Bochtafsnijding Delfse Schie ctr. Willemskade 20 Phone 02442800 3016 DM Rotterdam Fax 02442888 0620 date drw. MStab 9. : 1 2008s08 en 20s07 STBI.sti 23 Xm : 4.53 [m] Ym : 3.72 [m] 21 T1 20 19 Critical Circle Bishop 22 Radius : 5.05 [m] Safety : 1.11 T2 15 14 13 12 11 7 6 Layers 23. Antr klei o 22. Antr klei o 21. Antr venig o 20. Antr zand o 19. Dk klei o 18. Hv o 17. Ca klei o 16. Ca klei, venig o 15. Antr klei t 14. Antr venig t 13. Antr zand n 12. Dk klei t 11. Hv t. Ca klei, venig t 9. Ca klei t 8. Ca klei, venig t 7. Antr klei n 6. Antr venig n 5. Hv n 4. Ca klei, venig n 3. Ca klei n 2. Ca zand 1. Pl zand dwarsprofiel 2008S08 en 20S07 Annex A4 form. Toetsing bestaande kade Bochtafsnijding Delfse Schie ctr. Willemskade 20 Phone 02442800 3016 DM Rotterdam Fax 02442888 0620 date drw. MStab 9. : 1 2008s08 en 20s07 STBI.sti 23 Xm : 3.02 [m] Ym : 0.17 [m] 21 T1 20 19 18 17 22 T2 Slip Plane Uplift Van 15 14 13 12 11 9 Radius : 1.17 [m] Safety : 1. (1.05) 7 6 5 4 3 Layers 23. Antr klei o 22. Antr klei o 21. Antr venig o 20. Antr zand o 19. Dk klei o 18. Hv o 17. Ca klei o 16. Ca klei, venig o 15. Antr klei t 14. Antr venig t 13. Antr zand n 12. Dk klei t 11. Hv t. Ca klei, venig t 9. Ca klei t 8. Ca klei, venig t 7. Antr klei n 6. Antr venig n 5. Hv n 4. Ca klei, venig n 3. Ca klei n 2. Ca zand 1. Pl zand
dwarsprofiel 2008S05 en 20S205 Annex A4 form. Toetsing bestaande kade Bochtafsnijding Delfse Schie ctr. Willemskade 20 Phone 02442800 3016 DM Rotterdam Fax 02442888 0620 date drw. MStab 9. : 2 2008s05 en 20s205 STBI.sti m 6 5 4 3 2 1 0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 Xm : 2.67 [m] Ym : 7.43 [m] 21 T1 20 19 18 Critical Circle Bishop Radius : 8.76 [m] Safety : 1.05 T2 22 17 16 15 14 13 12 11 9 8 5 0 5 15 20 25 30 35 m 7 Layers 22. Antr klei o 21. Antr venig o 20. Antr zand o 19. Hv o 18. Ca klei o 17. Antr klei t 16. Antr venig t 15. Antr klei t 14. Antr zand n 13. Hv t 12. Ca klei, venig t 11. Ca klei t. Antr klei t 9. Antr venig n 8. Antr klei o 7. Hv n 6. Ca klei, venig n 5. Ca klei n 4. Ca zand 3. Ca klei t 2. Ca klei n 1. Pl zand dwarsprofiel 2008S05 en 20S205 Annex A4 form. Toetsing bestaande kade Bochtafsnijding Delfse Schie ctr. Willemskade 20 Phone 02442800 3016 DM Rotterdam Fax 02442888 0620 date drw. MStab 9. : 2 2008s05 en 20s205 STBI.sti m 4 3 2 1 0 1 2 3 4 5 6 7 8 Xm : 3.02 [m] Ym : 0.17 [m] 21 T1 20 19 18 Slip Plane Uplift Van T2 22 5 0 5 15 20 25 30 35 40 m Radius : 1.37 [m] Safety : 0.96 (0.91) 17 16 14 15 13 12 11 9 8 7 6 Layers 22. Antr klei o 21. Antr venig o 20. Antr zand o 19. Hv o 18. Ca klei o 17. Antr klei t 16. Antr venig t 15. Antr klei t 14. Antr zand n 13. Hv t 12. Ca klei, venig t 11. Ca klei t. Antr klei t 9. Antr venig n 8. Antr klei o 7. Hv n 6. Ca klei, venig n 5. Ca klei n 4. Ca zand 3. Ca klei t 2. Ca klei n 1. Pl zand
macrostabiliteit buitenwaarts dwarsprofiel 2008S08 en 20S07 Annex A4 form. Toetsing bestaande kade Bochtafsnijding Delfse Schie ctr. Willemskade 20 Phone 02442800 3016 DM Rotterdam Fax 02442888 0620 date drw. MStab 9. : 1 2008s08 en 20s07 STBU.sti 23 Xm : 27.58 [m] Ym : 7.56 [m] 21 20 19 18 17 16 22 T1 T2 Critical Circle Bishop Radius : 13.76 [m] Safety : 0.87 15 14 13 12 11 9 8 2 7 6 5 4 3 Layers 23. Antr klei o 22. Antr klei o 21. Antr venig o 20. Antr zand o 19. Dk klei o 18. Hv o 17. Ca klei o 16. Ca klei, venig o 15. Antr klei t 14. Antr venig t 13. Antr zand n 12. Dk klei t 11. Hv t. Ca klei, venig t 9. Ca klei t 8. Ca klei, venig t 7. Antr klei n 6. Antr venig n 5. Hv n 4. Ca klei, venig n 3. Ca klei n 2. Ca zand 1. Pl zand dwarsprofiel 2008S08 en 20S07 Annex A4 form. Toetsing bestaande kade Bochtafsnijding Delfse Schie ctr. Willemskade 20 Phone 02442800 3016 DM Rotterdam Fax 02442888 0620 date drw. MStab 9. : 1 2008s08 en 20s07 STBU.sti Xm : 23.75 [m] Ym : 4.13 [m] 22 T1 T2 T1 15 13 12 14 11 Slip Plane Uplift Van 7 6 Radius : 8.79 [m] Safety : 0.99 (0.94) 5 4 Layers 23. Antr klei o 22. Antr klei o 21. Antr venig o 20. Antr zand o 19. Dk klei o 18. Hv o 17. Ca klei o 16. Ca klei, venig o 15. Antr klei t 14. Antr venig t 13. Antr zand n 12. Dk klei t 11. Hv t. Ca klei, venig t 9. Ca klei t 8. Ca klei, venig t 7. Antr klei n 6. Antr venig n 5. Hv n 4. Ca klei, venig n 3. Ca klei n 2. Ca zand 1. Pl zand
dwarsprofiel 2008S05 en 20S205 Annex A4 form. Toetsing bestaande kade Bochtafsnijding Delfse Schie ctr. Willemskade 20 Phone 02442800 3016 DM Rotterdam Fax 02442888 0620 date drw. MStab 9. : 2 2008s05 en 20s205 STBU.sti 5 0 5 15 20 m Xm : 22.53 [m] Ym : 8.05 [m] 21 20 19 18 T1 T2 22 Critical Circle Bishop Radius : 9.87 [m] Safety : 1.19 17 16 15 14 13 12 11 4 3 9 8 5 0 5 15 20 25 30 35 40 45 m 7 6 5 2 Layers 22. Antr klei o 21. Antr venig o 20. Antr zand o 19. Hv o 18. Ca klei o 17. Antr klei t 16. Antr venig t 15. Antr klei t 14. Antr zand n 13. Hv t 12. Ca klei, venig t 11. Ca klei t. Antr klei t 9. Antr venig n 8. Antr klei o 7. Hv n 6. Ca klei, venig n 5. Ca klei n 4. Ca zand 3. Ca klei t 2. Ca klei n 1. Pl zand dwarsprofiel 2008S05 en 20S205 Annex A4 form. Toetsing bestaande kade Bochtafsnijding Delfse Schie ctr. Willemskade 20 Phone 02442800 3016 DM Rotterdam Fax 02442888 0620 date dr w. MStab 9. : 2 2008s05 en 20s205 STBU.sti 5 m 5 0 Xm : 25.85 [m] Ym : 5.99 [m] 21 20 19 18 T1 22 T2 Slip Plane Uplift Van 0 5 15 20 25 30 35 40 m 14 Radius : 12.08 [m] Safety : 1.21 (1.15) 17 16 15 13 12 11 9 8 7 6 5 Layers 22. Antr klei o 21. Antr venig o 20. Antr zand o 19. Hv o 18. Ca klei o 17. Antr klei t 16. Antr venig t 15. Antr klei t 14. Antr zand n 13. Hv t 12. Ca klei, venig t 11. Ca klei t. Antr klei t 9. Antr venig n 8. Antr klei o 7. Hv n 6. Ca klei, venig n 5. Ca klei n 4. Ca zand 3. Ca klei t 2. Ca klei n 1. Pl zand
BIJLAGE III Foto bomen op bestaande kade