In Lekko 601 staat een artikel over Helsingborgs Bogser en de sleepboot Dunker. In onze documentatie werd Damen genoemd als bouwwerf van de sleepboot. Dat leek ons niet waarschijnlijk. Kwam de Dunker werkelijk van een Damen werf? Het bleek een interessante kwestie die we hier toelichten. De Dunker werd in 1988 opgeleverd door Richard Dunston Ltd. te Hessle, Groot Brittannië. De werf behoorde toen sinds korte tijd tot de Damen Group, zo bleek na enig zoekwerk. Dat Dunston tot het Damen concern heeft behoord is misschien niet algemeen bekend, maar het heeft dan ook niet lang geduurd. Zoals nu bij Damen werden bij Richard Dunston in het verleden honderden sleepboten gebouwd. Sleepboten als de Roughsider van Lawson-Batey uit Newcastle, die in 1958 werd opgeleverd in Thorne. Op de vestiging in Hessle werden de meeste sleepboten gebouwd voor deze gerenommeerde werf. Vele TID sleepboten door Cock Peterse Dunker Dunston versus Damen maar ook bijvoorbeeld de Appelsider en haar drie zusters in de jaren 60, de Cragsider in 1976 en de Wearsider met drie zusters in de jaren 80. Ook voor Cory werd een groot aantal sleepboten gebouwd bij Richard Dunston. De Glengarth, Greengarth en Graygarth in 1970 en de Fiery Cross en Phoenix Cross in 1993. Het is een lange bouwlijst, helaas hebben we geen totaaloverzicht van de bij Dunston gebouwde sleepboten. Richard Dunston werd in 1986 overgenomen door de Damen groep. De Dunker dateert van rond die tijd, ze was toen reeds in aanbouw. Geen echte Damen boot dus, maar wel opgeleverd toen de werf al een Damen werf was. Overigens werd de naam van de werf nooit gewijzigd, ze heeft nooit de naam Damen gedragen. Ook de sleepboten die na de overname nog bij Richard Dunston gebouwd werden, en dat waren er nogal wat, komen niet voor in de werflijst van Damen. Zo ook de Dunker niet. De Phoenix Cross was de laatste hele sleepboten die bij Richard Dunston werd gebouwd, ze werd eind 1993 opgeleverd. Begin 1994 ging de werf failliet. Een korte geschiedenis De werf heeft meer dan 135 jaar bestaan. Al voor 1858 was Richard Dunston eigenaar van een werfje in Torksey aan de Fossdyke. Torksey ligt in het Engelse binnenland, zo n 60 kilometer ten zuidwesten van Hull. Dunston verkocht de werf dat jaar en zette een nieuwe werf op in Thorne, op de noordoever van het Stainforth & Keadby kanaal. Het kanaal verbindt de rivier Thorne met de Trent. De Trent stroomt in de Humber en de Humber mondt, 75 kilometer van de werf, bij Hull in zee. De eerste jaren werden op de werf voornamelijk houten aken gebouwd. Men leverde zelf het toebehoren zoals lieren, bolders, zeilen en touwen e.d. Dit was een profijtelijke bijverdienste, er werd geleverd aan vele bedrijven in de regio Hull en Grimsby. De op de werf gebouwde vaartuigen behoorden voornamelijk tot de types Humber Sloops en Sheffield Keel, boten van 18,7 x 4,7 meter. In 1902 overleed oprichter Richard Dunston, zijn zoon Thomas nam de verantwoordelijkheid voor de werf over. Thomas Dunston was toen pas 20 jaar oud. Hij moderniseerde de werf en in 1917 werd het eerste stalen schip gebouwd. Aanpassingen aan de sluizen in het kanaal in 1925 maakte dat de afmetingen van de schepen kon groeien naar 24,2 x 6,6 meter. In 1932 kocht Dunston de werf van Henry Scarr in Hessle, direct aan de Humber gelegen. In Hessle waren geen beperkingen in de afmetingen van de schepen. Bovendien was bij Scarr ervaring met sectiebouw en het geheel lassen van schepen. De APPELSIDER, een van de vele sleepboten gebouwd bij Richard Dunston Lekko International nr. 601 March/April 2018 1
MEGALOCHARI VI, in 1980 gebouwd als WEARSIDER foto: Gijs Dijkdrenth Dunston was in de Tweede Wereldoorlog verantwoordelijk voor het ontwerp en de bouw van de beroemde TID class sleepboot. Dunston bouwde er zelf 159, 152 in Thorne en zeven in Hessle. Er werd een sleepboot per zes dagen afgeleverd. De sleepbootjes bestonden uit acht secties die bij verschillende toeleveranciers gebouwd werden en op de werf in elkaar werden gezet. Na de oorlog ging de bouw van grote series sleepboten door. In 1948 leverde Dunston 36 sleepboten van bijna 22 meter lengte en 200 apk sterk aan het Britse leger. Ook werden vier sleepboten voor Wm. Cory & Sons gebouwd, de eerste was de Revenge. Tussen 1943 en 1953 werden 159 stoomsleepboten en 36 motorsleepboten gebouwd. Bij de werf werden door de jaren heen ook veel bakken en aken gebouwd, bestemd voor het vervoer van goederen over de binnenwateren. Toen in de jaren 60 dit transport meer en meer over de weg en over het spoor plaatsvond werd op de werf het zwaartepunt verlegd naar de bouw van sleepboten en vissersvaartuigen. Door de algemene teloorgang van de Britse scheepsbouw en de visserij oorlog met IJsland kreeg ook de werf van Richard Dunston het moeilijk. Men ging zich specialiseren in de bouw van tractor sleepboten met Voith aandrijving en sleepboten met roerpropellers. Vele oorzaken waren hiervoor aan te wijzen met misschien wel als belangrijkste de Britse sociale verhoudingen. De werf werd door Damen overgenomen als gevolg van de sterk stijgende loonkosten in Nederland. Voor het constructiewerk van de casco s wilde Damen daarom naar het buitenland. De Oostbloklanden waren toen nog buiten beeld, het was nog voor de val van de muur. In het gedenkboekje van Damen wordt hierover gezegd dat de mislukking voornamelijk te wijten was aan de vakbonden die vasthielden aan oude principes waarbij bij één nauw omschreven taak één man behoorde die verder niets anders mocht doen. Daarnaast waren er problemen met de slechte infrastructuur op de werf en onbekendheid of onwil om te werken met onderaannemers. Damen gaf aan dat de scheepsbouwlonen destijds in Engeland meer dan 40% goedkoper waren terwijl er bovendien staatssubsidies waren voor dit soort overnames, desondanks zag men er geen brood meer in. In 1994 werd de stekker er uit getrokken en vertrok men naar andere lage lonen landen. De Dunker Terug naar de sleepboten. In de bouwlijsten van Damen komt de Dunker niet voor. Wel Dunston bouwde 159 TID sleepboten, hier de TID 172 foto: George Munnings In 1974 werd de werf door de familie Dunston verkocht aan de Amerikaanse Ingram Corporation. In 1985 was de werf weer te koop, de werf in Thorne kon het niet meer bolwerken en ging dicht. Het jaar daarop kocht Damen de werf in Hessle. Maar het werd geen succes, de Britse scheepbouw liep op haar eind. De werf bleek niet levensvatbaar en ging in 1994 failliet. De BRIGHTWELL, een zuster van de FRIESLAND 2 Lekko International nr. 601 March/April 2018
worden enkele sleepboten genoemd waarvan zowel voor de romp als voor de afbouw R. Dunston wordt genoemd, te weten de Amber Jack, Al Hawtah, Berri 3 en Berri 4. De enige andere referentie naar Dunston is de Annelies (gebouwd voor DMS-Gabon). Bijholt Foxhol wordt hier als bouwer van de romp opgevoerd en Dunston als de afbouwer. De Annelies was een casco op voorraad, welke door de Pieter van Rederij Waterweg destijds naar Hessle werd gesleept en daar werd verlengd en afgebouwd. Het was de laatste (sleep)boot die van de werf kwam. Uit het feit dat de Dunker, die in 1988 werd opgeleverd, niet genoemd wordt in de Damen bouwlijsten kan worden geconcludeerd dat Damen nooit iets met de Dunker te maken heeft gehad. Het ontwerp van de Dunker komt waarschijnlijk niet van Richard Dunston, de werf die in die jaren al op leven na dood was zal geen eigen ontwerpafdeling gehad hebben. Het ontwerp kwam ook zeker niet van Damen. De Dunker toont veel gelijkenis met de sleepboten Brightwell (1986, Richards Shipbuilding) en Flying Spindrift (1985, Richard Dunston). De eerste was een zuster van de in 1982 gebouwde provincieklasse ASD sleepboten van Wijsmuller (Zeeland e.a). Ze werd door Wijsmuller zelf ontworpen. De FLYING SPINDRIFT, ontwikkeld door Clyde Shipping De Flying Spindrift en Dunker kwamen Aquamaster productielijst blijkt dat Dunston beiden van Dunston en werden kort na ook de Aquamaster-boten Norton Cross, elkaar gebouwd. Wijsmuller geeft aan geen Stackgarth, Flying Spindrift, Impulse en hand te hebben gehad in het ontwerp Impetus heeft gebouwd. van de Dunker. De Flying Spindrift werd door Clyde Shipping zelf ontwikkeld, wel Het is overigens niet ondenkbaar dat in samenwerking met Dunston uitgewerkt. de Dunker van invloed is geweest op de Mogelijk is de Dunker een ontwerp van ontwikkeling van de Damen ASD sleepboten. Aquamaster, gebaseerd op eerdere bij Geconcludeerd kan worden dat ondanks Dunston gebouwde sleepboten. Uit de de mislukte overname Damen het stokje De FRIESLAND, ontworpen door Wijsmuller Engineering Lekko International nr. 601 March/April 2018 3
De DUNKER van Richard Dunston heeft overgenomen. Na het verdwijnen van de werf van Dunston werden door Damen nog vele sleepboten voor Britse bedrijven gebouwd, met als eerste de Portgarth in 1995 en de Anglegarth en Millgarth in resp. 1996 en 1997. Het casco van de ANNELIES achter de PIETER op weg naar Hessle foto: TugDoc-Job van Eijk DUNKER Helsingborgs Bogser Ab., Helsingborg, Zweden. Geb. 1988. Werf: Richard Dunston (Hessle) Ltd., Hessle, Groot Brittannië (bn.961). 297 grt. Afm. 30,71 x 10,00 x 5,35 x 4,70 (dg) m. 2x 6-cyl. Ruston 6RK- 270M, totaal 3.652 apk. 2x ASD. Trekkracht 44 ton. Snelheid 12,5 knopen. FLYING SPINDRIFT Clyde Shipping Co. Ltd. Glasgow. Geb. 1986. Werf: Richard Dunston (Hessle) Ltd., Hessle, Groot Brittannië (bn.951). 259 grt. Afm. 30,66 x 9,43 x 4,00 x 3,40 (dg) m. 2x 6-cyl. Ruston 6RK-CM, totaal 3.300 apk. 2x ASD. Trekkracht 40 ton. Snelheid 11,5 knopen. De ANNELIES tijdens de proefvaart in Hessle BRIGHTWELL Alexandra Towing Ltd. Londen. Geb. 1988. Werf: Richards Shipbuilding Lowestoft, Groot Brittannië (bn.573). 297 grt. Afm. 28,50 x 9,00 x 4,65 x 3,85 (dg) m. 2x 6-cyl. Ruston 6RK-270M, totaal 3.440 apk. 2x ASD. Trekkracht 42 ton. Snelheid 12,5 knopen. 4 Lekko International nr. 601 March/April 2018
Bouwtekening DUNKER Lekko International nr. 601 March/April 2018 5