Basisset Regionale Arbeidsmarktinformatie Arbeidsmarktregio Zeeland il
Inhoudsopgave Inleiding 2 Meer zicht op de regionale arbeidsmarkt 2 Managementsamenvatting 3 Aanbodzijde 3 Vraagzijde 3 1. Arbeidsmarktontwikkelingen in de regio 4 1.1. Dynamiek aan de aanbodzijde van de arbeidsmarkt 4 1.2. Dynamiek aan de vraagzijde van de arbeidsmarkt 9 1.3. Spanning op de arbeidsmarkt 11 2. Arbeidsmarktontwikkelingen in Nederland 13 2.1. Dynamiek aan de aanbodzijde van de arbeidsmarkt 13 2.2. Dynamiek aan de vraagzijde van de arbeidsmarkt 14 3 Aanbodcijfers op lokaal niveau 15 Bijlage I Standcijfers geregistreerde werkzoekenden (nww) 17 Colofon 18 Basisset Regionale Arbeidsmarktinformatie 1
Inleiding Meer zicht op de regionale arbeidsmarkt Regionale arbeidsmarktinformatie is belangrijk voor de ontwikkeling van een goed regionaal arbeidsmarktbeleid. UWV levert arbeidsmarktinformatie op basis van de eigen bestanden van werkzoekenden en vacatures, gecombineerd met informatie van anderen. De behoefte aan arbeidsmarktinformatie is zeer divers, afhankelijk van het doel van de gebruiker. Daarom biedt UWV haar arbeidsmarktinformatie ook langs verschillende wegen en via verschillende producten aan. Eén daarvan is deze Basisset Regionale Arbeidsmarktinformatie. Doelgroep De basisset is vooral bedoeld voor mensen die de regionale arbeidsmarkt als werkveld hebben. Dat varieert van bestuurders, beleidsmakers, managers en onderzoekers tot mensen in de uitvoering op het gebied van arbeidsbemiddeling en re-integratie. Actueel beeld Economie en arbeidsmarkt zijn steeds in beweging. Het is daarom belangrijk om over recente informatie over de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt te beschikken. Binnen vier weken na elke kalendermaand wordt een nieuwe basisset gepubliceerd op werk.nl. De basisset geeft de actuele stand van bij UWV geregistreerde vacatures en WW-uitkeringen op de regionale arbeidsmarkt weer naar diverse kenmerken, evenals de ontwikkeling in de afgelopen twaalf maanden. Per arbeidsmarktregio De basisset biedt informatie op het niveau van de 35 arbeidsmarktregio s. Ter vergelijking staat ook de landelijke ontwikkeling van WW-uitkeringen en UWV-vacatures in de basisset. Door de uniforme opzet zijn arbeidsmarktregio s gemakkelijk met elkaar te vergelijken. WW-uitkeringen Vanaf januari neemt UWV de WW-uitkeringen als uitgangspunt bij de analyse van dynamiek op de arbeidsmarkt. WW-uitkeringen hebben betrekking op ontslagwerkloosheid en geven daarom een actueel beeld van de ontwikkelingen en dynamiek aan de aanbodkant van de arbeidsmarkt. Een WW-uitkering is gelijk aan een WW-recht. Het aantal WW-uitkeringen is hoger dan het aantal personen met een WWuitkering omdat een persoon meerdere WW-rechten kan hebben, bijvoorbeeld uit meerdere dienstverbanden. Van de lopende WW-uitkeringen is gemiddeld 4 á 5 procent van personen met meerdere WW-rechten. Verder wordt bij de WW-uitkeringen onderscheid gemaakt tussen 4 en 5 weekse verslagperiodes. In 213 waren januari, mei, augustus en oktober 5 weekse verslagperiodes. In zijn januari, mei, juli en oktober 5 weekse verslagperiodes. UWV vacatures De vacatures die in deze basisset zijn opgenomen, zijn de bij UWV geregistreerde vacatures. Vraag en aanbod Het vergelijken van vraag- en aanbodgegevens geeft een indicatie van spanning op de arbeidsmarkt. Omdat het aanbod op de arbeidsmarkt groter is dan personen met een WW-uitkering, wordt voor het bepalen van spanning op de arbeidsmarkt uitgegaan van geregistreerde werkzoekenden voor de aanbodkant. Voor de vraagkant wordt uitgegaan van bij UWV geregistreerde vacatures. Geregistreerde werkzoekenden Een geregistreerde werkzoekende is een bij UWV ingeschreven werkzoekende zonder werk of minder dan 12 uur per week werkzaam (ook wel niet-werkende werkzoekende (nww) genoemd). De geregistreerde werkzoekenden bestaan uit WW-ers, WWB-ers en werkzoekenden zonder uitkering. Meer informatie Deze basisset biedt een eerste oriëntatie op de stand en ontwikkeling van de arbeidsmarkt. Wie meer wil weten over cijfers en trends kan terecht op https://www.werk.nl/werk_nl/arbeidsmarktinformatie/home, waar alle arbeidsmarktinformatie van UWV bij elkaar staat. Of neem contact op met de regionale arbeidsmarktadviseur (zie colofon). Basisset Regionale Arbeidsmarktinformatie 2
Managementsamenvatting Aanbodzijde WW-uitkeringen - stand Eind il waren er 8.45 WW-uitkeringen in de arbeidsmarktregio Zeeland. Een jaar eerder waren dat er 6.867. Dit betekent een stijging met 1.178 WW-uitkeringen, ofwel 17,2%. In vergelijking met maart is het aantal WW-uitkeringen met 289 gedaald (3,5%). In Nederland waren er eind il 443.297 WWuitkeringen. Vergeleken met een jaar geleden is dit een stijging met 63.782 uitkeringen, ofwel 16,8%. In vergelijking met maart is het aantal WW-uitkeringen landelijk met 1.533 (2,3%) gedaald. WW-percentage Het WW-percentage (de WW-uitkeringen uitgedrukt als percentage van de beroepsbevolking) kwam in de arbeidsmarktregio Zeeland eind il uit op 4,7%. Landelijk lag het WW-percentage eind il op 5,6%. De afstand tussen het landelijke en het regionale niveau bedraagt daarmee -,9 procentpunt. WW-uitkeringen naar opleidingsniveau en leeftijd De hoogste stijging in de afgelopen 12 maanden heeft zich voorgedaan bij de WW-uitkeringen op Mbo (vanaf Mbo-2)-niveau (19,1%). In de arbeidsmarktregio Zeeland is 7,3% van de WW-uitkeringen voor personen jonger dan 27 jaar, is 49,7% voor personen tussen de 27 en 5 jaar oud en 43,% voor personen die 5 jaar of ouder zijn. Landelijk is 7,% van de WW-uitkeringen voor personen jonger dan 27 jaar, 5,5% voor personen tussen de 27 en 5 jaar en 42,5% voor personen die 5 jaar of ouder zijn. WW-uitkeringen naar beroepsgroep Het aantal WW-uitkeringen in de arbeidsmarktregio Zeeland is het hoogst voor de economischadministratieve beroepen, technische en industrieberoepen en verzorgende en dienstverlenende beroepen. Deze top 3 van beroepsgroepen vertegenwoordigt 73,1% van alle WW-uitkeringen in de regio. Nieuwe WW-uitkeringen - instroom De instroom in de maand il in de arbeidsmarktregio Zeeland bedroeg 771 WW-uitkeringen. Een jaar eerder waren dat 92 WW-uitkeringen. Dat betekent een daling met 16,2%. De instroom is ten opzichte van maart gedaald met 82 WW-uitkeringen (9,6%). Landelijk is de instroom in de maand il 42.215 WW-uitkeringen. Dat is een daling van 3.173 WW-uitkeringen (-7,%) ten opzichte van een jaar eerder. Ten opzichte van een maand eerder is de instroom landelijk met 9,9% gedaald (4.646 WW-uitkeringen). Beëindigde WW-uitkeringen - uitstroom De uitstroom in il in de arbeidsmarktregio Zeeland bedroeg 1.6 WW-uitkeringen. Vorig jaar il werden 915 WW-uitkeringen beëindigd. Dit betekent een stijging van 15,8%. De uitstroom is ten opzichte van een maand eerder gestegen met 77 WW-uitkeringen (7,8%). Landelijk is de uitstroom in il 52.748 WW-uitkeringen. Dat is een stijging van 15,8% (7.178 WW-uitkeringen) ten opzichte van een jaar eerder. Ten opzichte van vorige maand is de uitstroom landelijk gedaald met,7% (353 WW-uitkeringen). Vraagzijde Openstaande vacatures Eind il stonden bij UWV in de arbeidsmarktregio Zeeland 2.274 openstaande vacatures geregistreerd. Een jaar eerder waren dat er 1.293. Ten opzichte van vorig jaar is dit een stijging met 75,9%. Er staan vooral vacatures open voor technische en industrieberoepen, verzorgende en dienstverlenende beroepen en economisch-administratieve beroepen in de regio Zeeland. Basisset Regionale Arbeidsmarktinformatie 3
1. Arbeidsmarktontwikkelingen in de regio In dit hoofdstuk staat de arbeidsmarktregio Zeeland centraal. In de volgende paragrafen zijn de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt uitgewerkt in grafieken en cijfers, waarbij een onderscheid is gemaakt naar het aanbod (WW-uitkeringen) op de arbeidsmarkt en naar de vraag (UWV vacatures). 1.1. Dynamiek aan de aanbodzijde van de arbeidsmarkt Het aantal WW-uitkeringen 1 is een belangrijke indicator van de dynamiek op de arbeidsmarkt, omdat het betrekking heeft op ontslagwerkloosheid. Het aantal lopende WW-uitkeringen aan het eind van de maand is een standcijfer, dat wil zeggen een momentopname. Veranderingen in de stand zijn het resultaat van nieuwe uitkeringen, herlevingen en heropeningen (instroom) en beëindigingen (uitstroom) van WWuitkeringen. De stand- en stroomcijfers geven de dynamiek op de arbeidsmarkt weer. Verbijzondering naar leeftijd, opleidingsniveau en verstreken duur van de WW-uitkeringen geeft meer inzicht in de personen achter de uitkeringen, en de ontwikkeling van specifieke groepen. Bijvoorbeeld hoe groot de groep jongeren in het bestand is, hoe groot het aantal laag opgeleiden of hoe de verhouding is tussen mensen die al langer of pas sinds kort hun baan hebben verloren. Ook wordt bekeken of deze verhoudingen het afgelopen jaar veranderd zijn. Stand- en stroomcijfers afbeelding 1.1 Instroom, uitstroom en stand WW-uitkeringen 1.4 1.2 in- en uitstroom 1. 8 6 4 2 stand einde maand 9. 8. 7. 6. 5. 4. 3. 2. 1. 213 mei jun jul aug sep okt nov dec jan feb maa Instroom Uitstroom Stand einde maand De kolommen in afbeelding 1.1 laten de in- en uitstroom gegevens van WW-uitkeringen zien. De aantallen zijn links in de grafiek af te lezen. Instroom ontstaat vooral door verlies van werk. Uitstroom ontstaat vooral door het vinden van werk of het bereiken van de maximale uitkeringsduur. De blauwe lijn geeft de stand van het aantal WW-uitkeringen aan het eind van elke maand weer. De bijbehorende schaal staat rechts in de afbeelding. tabel 1.1 Instroom, uitstroom en stand WW-uitkeringen* 213 mei jun jul aug sep okt nov dec jan feb maa Stand einde maand 6.867 6.8 6.725 6.939 6.895 6.998 7.335 7.799 8.179 8.493 8.464 8.334 8.45 Instroom 92 821 71 822 954 758 1.247 1.127 1.22 1.34 91 853 771 Uitstroom 915 884 776 617 998 655 91 69 642 99 93 983 1.6 * Bij de WW-uitkeringen wordt onderscheid gemaakt tussen 4 en 5 weekse verslagperiodes. In 213 waren januari, mei, augustus en oktober 5 weekse periodes. In zijn januari, mei, juli en oktober 5 weekse verslagperiodes. 1 Een WW-uitkering is gelijk aan een WW-recht. Het aantal WW-uitkeringen is hoger dan het aantal personen met een WW-uitkering omdat een persoon meerdere WW-rechten kan hebben. Dit betreft gemiddeld 4 á 5 procent van de WW-uitkeringen. Basisset Regionale Arbeidsmarktinformatie 4
Leeftijd Eind il behoort 49,7% van de WW-uitkeringen toe aan personen in de leeftijdscategorie 27 tot 5-jarigen. Het aandeel ten opzichte van een jaar geleden is met,2 procentpunt afgenomen. De categorie 5-plussers omvat 43,% van de WW-uitkeringen en is ten opzichte van vorig jaar met 1,3 procentpunt toegenomen. De WW-uitkeringen aan jongeren vormt met 7,3% de kleinste categorie en is vergeleken met vorig jaar met 1,1 procentpunt afgenomen. Vergeleken met de groep jongeren is de dynamiek van in- en uitstroom bij ouderen laag. Dat betekent dat ouderen minder snel een WW-uitkering nodig hebben, maar als ze eenmaal een WW-uitkering ontvangen, komen ze gemiddeld ook minder gemakkelijk weer aan het werk en uit de WW. Dat de dynamiek onder jongeren groter is komt voor een deel omdat ze vaker op basis van tijdelijke contracten werken en korter recht hebben op WW. afbeelding 1.2 WW-uitkeringen naar leeftijd 4.5 4. 3.5 3. 2.5 2. 1.5 1. 5 213 jul okt jan 15-27 jaar 27-5 jaar 5 jaar tabel 1.2 WW-uitkeringen naar leeftijd 213 jul okt jan 15-27 jaar 582 55 56 767 59 27-5 jaar 3.425 3.454 3.61 4.196 3.997 5 jaar 2.86 2.98 3.174 3.53 3.458 Basisset Regionale Arbeidsmarktinformatie 5
Opleidingsniveau Eind il is 38,6% van de WW-uitkeringen voor personen zonder startkwalificatie. Dat is het aandeel van de groep met basisonderwijs, vmbo of mbo-1 als hoogst afgeronde opleiding. Vergeleken met een jaar eerder is het aandeel met 1,2 procentpunt afgenomen. Deze sterke daling komt mede doordat mensen waarvan de opleiding (nog) niet bekend is bij UWV, niet meer automatisch bij de groep met maximaal basisonderwijs worden geteld. De groep middelbaar opgeleiden (havo/vwo en mbo vanaf niveau 2) heeft een aandeel van 42,4%. Dit is op jaarbasis met,6 procentpunt toegenomen. Het aandeel van de hoogopgeleiden (Hbo/Wo) is met,4 procentpunt tot 18,1% afgenomen. afbeelding 1.3 WW-uitkeringen naar opleidingsniveau 4. 3.5 3. 2.5 2. 1.5 1. 5 213 jul okt jan Geen start kwalificatie Havo/Vwo Mbo (vanaf Mbo-2) Hbo / Bachelor Wo / Master tabel 1.3 WW-uitkeringen naar opleidingsniveau 213 jul okt jan Geen start kwalificatie 2.731 2.633 2.814 3.282 3.12 Havo/Vwo 172 175 186 29 2 Mbo (vanaf Mbo-2) 2.694 2.739 2.878 3.443 3.28 Hbo / Bachelor 1.35 1.139 1.197 1.271 1.188 Wo / M aster 234 252 259 275 27 Basisset Regionale Arbeidsmarktinformatie 6
Verstreken duur In het algemeen geldt dat hoe langer mensen niet werken, hoe lastiger het wordt om weer werk te vinden. Daarmee is de verstreken duur van de WW-uitkering een goede indicatie voor de afstand tot de arbeidsmarkt. Eind il was het aandeel van de groep met een verstreken duur van de WW-uitkering tot zes maanden 51,1% in de WW-uitkeringen. Vergeleken met een jaar eerder is hun aandeel met 6, procentpunt afgenomen. Het aandeel van de groep met een verstreken duur van de WW-uitkering van minimaal zes maanden was 48,9%. De groep met een verstreken WW-uitkeringsduur van minimaal 12 maanden heeft een aandeel van 27,8%. Dit is het afgelopen jaar met 3,6 procentpunt toegenomen. afbeelding 1.4 WW-uitkeringen naar verstreken duur 5. 4.5 4. 3.5 3. 2.5 2. 1.5 1. 5 213 jul okt jan < 6 maanden 6-12 maanden 12-24 maanden 24 maanden tabel 1.4 WW-uitkeringen naar verstreken duur 213 jul okt jan < 6 maanden 3.917 4.85 3.665 4.735 4.11 6-12 maanden 1.288 1.35 1.927 1.688 1.72 12-24 maanden 1.24 1.185 1.3 1.589 1.652 24 maanden 422 364 443 481 581 Beroepsniveau Eind il behoorde 12,3% van de WW-uitkeringen toe aan personen met een beroep op elementair niveau, 37,3% op lager niveau, 34,2% op middelbaar en 15,3% op hoger niveau (hbo/wo). Van de totale groep personen met een WW-uitkering zocht op dat moment 26,9% werk in economisch-administratieve beroepen, 26,3% in technische en industrieberoepen en 19,9% in verzorgende en dienstverlenende beroepen. Vergeleken met een jaar eerder is het aantal WW-uitkeringen voor personen met een elementair beroep met 16,3% toegenomen. Het aantal WW-uitkeringen voor personen met een lager beroep is het afgelopen jaar met 15,3% toegenomen. Voor personen met een middelbaar beroep is het aantal WWuitkeringen met 19,8% toegenomen. Het aantal WW-uitkeringen voor personen met een hoger- of wetenschappelijk beroep is met 13,1% toegenomen. Basisset Regionale Arbeidsmarktinformatie 7
afbeelding 1.5 WW-uitkeringen naar beroepsniveau 3.5 3. 2.5 2. 1.5 1. 5 213 jul okt jan Elementair Lager Middelbaar Hoger tabel 1.5 WW-uitkeringen naar beroepsgroep 213 jul okt jan Elementaire beroepen Agrarische beroepen Economisch-administratieve beroepen Technische en industrieberoepen Transportberoepen Verzorgende en dienstverlenende beroepen Lagere beroepen Agrarische beroepen Economisch-administratieve beroepen Medische en paramedische beroepen Openbare orde- en veiligheidsberoepen Pedagogische beroepen Technische en industrieberoepen Transportberoepen Verzorgende en dienstverlenende beroepen M iddelbare beroepen Agrarische beroepen Economisch-administratieve beroepen Informatica beroepen Medische en paramedische beroepen Openbare orde- en veiligheidsberoepen Pedagogische beroepen Sociaal-culturele beroepen Technische en industrieberoepen Transportberoepen Verzorgende en dienstverlenende beroepen Hogere en wetenschappelijke beroepen Agrarische beroepen Economisch-administratieve beroepen Informatica beroepen Medische en paramedische beroepen Openbare orde- en veiligheidsberoepen Pedagogische beroepen Sociaal-culturele beroepen Technische en industrieberoepen Transportberoepen 848 787 83 1.37 986 7 8 12 22 9 71 73 78 99 98 48 432 413 511 534 42 38 54 66 5 248 236 273 339 295 2.61 2.553 2.674 3.19 2.998 146 135 12 159 157 452 459 497 571 564 15 16 15 17 17 18 18 18 17 22 5 5 4 5 5 566 58 56 746 686 73 688 724 825 776 669 652 736 85 771 2.3 2.368 2.5 2.895 2.755 21 21 22 29 23 857 891 974 1.61 1.27 38 43 41 43 4 53 61 68 78 74 81 82 87 113 12 32 35 33 42 29 13 12 12 124 123 671 683 673 786 765 18 18 23 26 21 426 432 477 593 533 1.87 1.2 1.265 1.297 1.229 2 18 17 2 15 431 444 483 498 473 49 6 62 72 73 74 74 68 75 75 1 1 1 175 237 245 223 21 2 213 24 268 254 132 148 142 134 134 5 5 7 7 4 Basisset Regionale Arbeidsmarktinformatie 8
1.2. Dynamiek aan de vraagzijde van de arbeidsmarkt Het aantal bij UWV geregistreerde vacatures vormt een indicatie voor de vraag naar personeel op de arbeidsmarkt. Standcijfers geven aan hoeveel vacatures er op dat moment openstaan. Veranderingen in de stand zijn het resultaat van de instroom van nieuwe vacatures en de uitstroom van vacatures die zijn vervuld of ingetrokken. In deze paragraaf worden de openstaande vacatures verbijzonderd naar beroepsniveau en beroepsgroep. Eind il stonden er 2.274 vacatures open bij UWV in de regio Zeeland. Een jaar eerder bedroeg het aantal openstaande vacatures 1.293. In il werden er 871 vacatures ingediend tegenover 61 een jaar eerder. De openstaande vraag is met 75,9% toegenomen en de ingediende vraag met 42,8% gestegen in vergelijking tot een jaar eerder. afbeelding 1.6 Instroom en stand UWV-vacatures 1.4 2.5 1.2 2. instroom 1. 8 6 4 2 1.5 1. 5 stand einde maand Instroom Stand einde maand De blauwe lijn in afbeelding 1.6 laat het verloop zien van de openstaande vacatures. De kolommen geven de instroom van nieuwe vacatures weer. tabel 1.6 213 Instroom en stand UWV-vacatures mei jun jul aug sep okt nov dec jan feb maa Stand einde maand 1.293 1.141 1.18 1.77 952 1.188 1.89 1.57 1.439 1.59 1.586 2.12 2.274 Instroom 61 683 55 536 54 662 631 1.92 551 661 757 1.326 871 Basisset Regionale Arbeidsmarktinformatie 9
Beroepsniveau Van de openstaande vraag heeft 8,8% (21 vacatures) betrekking op elementaire beroepen, 21,9% (498 vacatures) op lagere, 62,9% (1.43 vacatures) op middelbare en 6,4% (145 vacatures) op hogere en wetenschappelijke beroepen. Ten opzichte van vorig jaar is het aantal openstaande vacatures op elementair niveau met 12,6% afgenomen. Het aantal openstaande vacatures op lager niveau is met 16,6% toegenomen, het aantal op middelbaar niveau is met 186,% toegenomen en het aantal op hoger en wetenschappelijk niveau is met 6,6% toegenomen. tabel 1.7 UWV-vacatures naar beroepsgroep 213 jul okt jan Elementaire beroepen Agrarische beroepen Economisch-administratieve beroepen Technische en industrieberoepen Transportberoepen Verzorgende en dienstverlenende beroepen Lagere beroepen Agrarische beroepen Economisch-administratieve beroepen Medische en paramedische beroepen Openbare orde- en veiligheidsberoepen Technische en industrieberoepen Transportberoepen Verzorgende en dienstverlenende beroepen Middelbare beroepen Agrarische beroepen Economisch-administratieve beroepen Informatica beroepen Medische en paramedische beroepen Openbare orde- en veiligheidsberoepen Pedagogische beroepen Sociaal-culturele beroepen Technische en industrieberoepen Transportberoepen Verzorgende en dienstverlenende beroepen Hogere en wetenschappelijke beroepen Agrarische beroepen Economisch-administratieve beroepen Informatica beroepen Medische en paramedische beroepen Pedagogische beroepen Sociaal-culturele beroepen Technische en industrieberoepen Transportberoepen 23 175 191 128 21 1 1 2 11 2 5 1 1 5 87 84 94 72 55 8 8 9 3 15 132 77 85 52 115 427 364 358 329 498 14 17 11 9 33 8 4 9 16 18 2 7 1 2 2 5 17 133 17 145 198 91 11 93 83 92 137 99 73 74 15 5 432 45 1. 1.43 8 2 2 5 12 86 14 81 153 151 1 4 6 2 6 5 7 4 5 47 29 33 23 137 2 2 1 2 4 3 17 3 7 277 213 261 748 1.51 2 1 67 74 43 56 65 136 16 9 133 145 1 1 2 2 1 24 31 25 39 33 1 5 9 14 2 14 5 9 7 1 3 2 2 1 1 12 13 7 1 7 69 47 34 57 71 3 2 2 3 2 In il heeft 6,5% van alle bij UWV openstaande vacatures betrekking op personeel in de technische en industrieberoepen, 14,5% in de verzorgende en dienstverlenende beroepen en 9,1% in de economisch-administratieve beroepen. Basisset Regionale Arbeidsmarktinformatie 1
1.3. Spanning op de arbeidsmarkt In de vorige twee paragrafen zijn WW-uitkeringen en vacatures op de regionale arbeidsmarkt beschreven. Deze factoren geven inzicht in de dynamiek op de arbeidsmarkt en zijn een goede indicator voor hoe de arbeidsmarkt zich ontwikkelt. In deze paragraaf worden vraag en aanbod vergeleken om zo te laten zien waar krapte en ruimte op de arbeidsmarkt is. Krapte wil zeggen dat er verhoudingsgewijs weinig aanbod beschikbaar is voor de openstaande vacatures. In een situatie van ruimte is er veel aanbod voor de openstaande vacatures. Omdat het aanbod op de arbeidsmarkt groter is dan alleen personen met een WW-uitkering, is in deze paragraaf een vergelijking gemaakt tussen vacatures en geregistreerde werkzoekenden 2. De 25 beroepen waar de meeste geregistreerde werkzoekenden werk in zoeken tabel 1.8 Geregistreerde werkzoekenden naar beroep versus vacatures Nww UWV- Vacatures < 6 mnd >= 6 mnd Productiemedewerkers 43 767 55 Chauffeurs 355 681 92 Receptionisten en administratieve employés 238 468 18 Interieurverzorgers 195 469 9 Verkopers 24 41 17 Hulpkrachten horeca en verzorging 241 42 133 Verzorgend personeel 223 34 52 Commercieel employés 198 35 54 Bouwvakkers 211 216 86 Boekhouders en secretaresses 141 283 45 Aannemers en installateurs 13 123 458 Medewerkers sociaal-cultureel werk en personeel en arbeid 85 13 6 Monteurs 92 114 357 Agrarische arbeiders 8 116 33 Commercieel medewerkers 63 18 11 Winkeliers 5 19 11 Bankwerkers en lassers 61 95 98 Kantoorhulpen, inpakkers en colporteurs 47 99 5 Procesoperators 36 16 22 Conciërges 32 11 2 Activiteitenbegeleiders en medewerkers arbeidsbemiddeling 53 87 7 Vakkenvullers 45 8 25 Productieplanners 44 73 36 Mechanisch operators 46 6 16 Assistent accountants 38 63 7 Tabel 1.8 laat de 25 beroepen zien waarvoor de meeste geregistreerde werkzoekenden staan ingeschreven (79,9% van alle geregistreerde werkzoekenden). Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen kortdurend- en langdurend werkzoekend. De grens ligt bij een duur niet-werkend van 6 maanden. De vergelijking tussen het aantal kortdurend geregistreerde werkzoekenden en het aantal openstaande vacatures vormt een indicatie voor de spanning op de arbeidsmarkt. 2 Een geregistreerde werkzoekende is een bij UWV ingeschreven werkzoekende zonder werk of minder dan 12 uur per week werkzaam (voorheen niet-werkende werkzoekenden (nww) genoemd). Basisset Regionale Arbeidsmarktinformatie 11
De meest gevraagde beroepen door werkgevers tabel 1.9 De 25 meest gevraagde beroepen door werkgevers UWV- Nww Vacatures < 6 mnd >= 6 mnd Aannemers en installateurs 458 13 123 Monteurs 357 92 114 Hulpkrachten horeca en verzorging 133 241 42 Brandweerlieden 126 32 39 Bankwerkers en lassers 98 61 95 Elektromonteurs 92 46 48 Chauffeurs 92 355 681 Interieurverzorgers 9 195 469 Bouwvakkers 86 211 216 Productiemedewerkers 55 43 767 Commercieel employés 54 198 35 Verzorgend personeel 52 223 34 Boekhouders en secretaresses 45 141 283 Metaalarbeiders 45 38 57 Werktuigbouwkundig ontwerpers en hoofden technische dienst 42 17 17 Productieplanners 36 44 73 Agrarische arbeiders 33 8 116 Vakkenvullers 25 45 8 Weg- en waterbouwkundige arbeiders 23 29 31 Procesoperators 22 36 16 Receptionisten en administratieve employés 18 238 468 Verkopers 17 24 41 Mechanisch operators 16 46 6 Technisch-commercieel employés 15 19 31 Systeemanalisten 15 32 58 De 25 meest gevraagde beroepen omvatten 89,9% van alle openstaande vacatures. De vergelijking tussen het aantal openstaande vacatures en het aantal kortdurend geregistreerde werkzoekenden vormt een indicatie voor de spanning op de arbeidsmarkt. Basisset Regionale Arbeidsmarktinformatie 12
2. Arbeidsmarktontwikkelingen in Nederland 2.1. Dynamiek aan de aanbodzijde van de arbeidsmarkt Dit hoofdstuk presenteert de arbeidsmarktontwikkelingen in Nederland aan de hand van stand- en stroomcijfers van WW-uitkeringen en geregistreerde vacatures. Deze cijfers zijn te vergelijken met de regionale stand- en stroomcijfers uit hoofdstuk 1. Stand- en stroomcijfers afbeelding 2.1 Instroom, uitstroom en stand WW-uitkeringen 9. 5. 8. 45. 7. 4. in- en uitstroom 6. 5. 4. 3. 35. 3. 25. 2. 15. stand einde maand 2. 1. 1. 5. mei jun jul aug sep okt nov dec jan 213 feb maa Instroom Uitstroom Stand einde maand De kolommen in afbeelding 2.1 tonen de in- en uitstroom van WW-uitkeringen per maand gedurende de afgelopen periode. De bijbehorende schaal staat aan de linkerzijde van de grafiek. De donkerblauwe lijn laat de ontwikkeling zien van het aantal lopende WW-uitkeringen aan het eind van elke maand. De bijbehorende schaal staat aan de rechterkant van de grafiek. tabel 2.1 Instroom, uitstroom en stand WW-uitkeringen 213 mei jun jul aug sep okt nov dec jan feb maa Stand einde maand 379.515 377.77 381.555 394.578 399.321 4.37 48.21 419.65 437.731 46.491 46.7 453.83 443.297 Instroom 45.388 44.372 43.46 49.768 54.267 44.874 58.153 51.174 53.87 78.7 48.76 46.861 42.215 Uitstroom 45.57 46.117 39.261 36.745 49.524 43.825 5.322 4.31 35.24 55.94 48.497 53.11 52.748 Het aantal WW-uitkeringen is op landelijk niveau met 16,8% toegenomen ten opzichte van een jaar geleden. In de arbeidsmarktregio Zeeland is in dezelfde periode het aantal WW-uitkeringen met 17,2% gestegen. Basisset Regionale Arbeidsmarktinformatie 13
2.2. Dynamiek aan de vraagzijde van de arbeidsmarkt Stand- en stroomcijfers afbeelding 2.2 Instroom en stand UWV-vacatures 35. 5. 3. 45. 4. instroom 25. 2. 15. 1. 5. 35. 3. 25. 2. 15. 1. 5. stand einde maand Instroom Stand einde maand De kolom in afbeelding 2.2 laat de instroom van nieuwe vacatures zien bij UWV. De bijbehorende schaal staat links in de grafiek. De blauwe lijn geeft het verloop weer van het aantal vacatures op het eind van elke maand. De aantallen zijn rechts in de grafiek af te lezen. tabel 2.2 Instroom en stand UWV-vacatures 213 mei jun jul aug sep okt nov dec jan feb maa Stand einde maand 43.567 4.9 42.15 35.442 29.256 37.764 37.17 39.126 31.788 4.287 36.344 42.49 41.229 Instroom 22.197 31.62 25.265 23.147 2.484 25.521 24.861 28.743 2.777 3.32 25.54 33.223 32.552 Het aantal openstaande vacatures is op landelijk niveau met 5,4% afgenomen ten opzichte van een jaar geleden. In de arbeidsmarktregio Zeeland is in dezelfde periode het aantal openstaande vacatures met 75,9% toegenomen. Basisset Regionale Arbeidsmarktinformatie 14
3 Aanbodcijfers op lokaal niveau De tabellen 3.1 en 3.2 geven een overzicht van de ontwikkeling van het aantal WW-uitkeringen op landelijk, provinciaal, regionaal en lokaal niveau weer. Een ontwikkeling van het aantal WW-uitkeringen in de arbeidsmarktregio kan zich regionaal voordoen of plaatselijk geconcentreerd zijn. Dat wordt zichtbaar door de arbeidsmarktregio als geheel te vergelijken met de werkpleinen en de gemeenten die in de regio zijn gelegen. De tabellen presenteren het aantal WW-uitkeringen naar geslacht, leeftijd en verstreken duur. Tabel 3.1 geeft ook het WW-percentage weer. Dat is het aantal WW-uitkeringen in procenten van de beroepsbevolking 3. Standcijfers WW-uitkeringen tabel 3.1 WW-uitkeringen nu en toen Stand il % Beroepsbevolking Geslacht Verschil met vorige maand Verschil met vorig jaar Man Vrouw in aantal in % in aantal in % Nederland 443.297 5,6% 236.521 26.776-1.533-2,3% 63.782 16,8% Groningen 15.894 5,9% 9.33 6.564-569 -3,5% 2.55 14,8% Friesland 19.174 6,4% 11.93 8.81-1.321-6,4% 1.583 9,% Drenthe 14.18 6,4% 8.44 5.974-782 -5,3% 1.417 11,2% Overijssel 33.23 6,3% 19.86 13.937-1.143-3,3% 4.775 16,9% Flevoland 12.254 6,2% 6.313 5.941-291 -2,3% 1.79 16,2% Gelderland 54.964 5,8% 29.657 25.37-1.91-1,9% 9.159 2,% Utrecht 3.516 5,% 15.656 14.86-523 -1,7% 5.33 19,8% Noord-Holland 65.461 4,9% 33.29 32.252-88 -1,2% 9.28 16,% Zuid-Holland 87.61 5,2% 45.195 41.866-1.171-1,3% 12.959 17,5% Zeeland 8.45 4,7% 4.336 3.79-289 -3,5% 1.178 17,2% Noord-Brabant 68.515 5,9% 35.676 32.839-1.351-1,9% 9.467 16,% Limburg 29.984 5,9% 16.111 13.873-84 -2,7% 3.467 13,1% Arbeidsmarktregio Zeeland 8.45 4,7% 4.336 3.79-289 -3,5% 1.178 17,2% Werkpleinen Goes 8.45 4,7% 4.336 3.79-289 -3,5% 1.178 17,2% Gemeenten Borsele 432 4,3% 233 199-18 -4,% 7 19,3% Goes 894 5,6% 495 399-18 -2,% 117 15,1% Hulst 549 4,4% 25 299 2,4% 89 19,3% Kapelle 22 4,% 117 13-2 -,9% 48 27,9% Middelburg 1.85 4,9% 623 462-36 -3,2% 15 16,% Noord Beveland 195 6,% 17 88-12 -5,8% 24 14,% Reimerswaal 41 4,2% 27 194 1,3% 49 13,9% Schouwen-Duiveland 676 4,5% 356 32-64 -8,6% 173 34,4% Sluis 353 3,4% 177 176-8 -2,2% 46 15,% Terneuzen 1.84 4,5% 515 569-52 -4,6% 167 18,2% Tholen 553 4,9% 299 254-23 -4,% 72 15,% Veere 34 3,6% 196 144-33 -8,8% 55 19,3% Vlissingen 1.263 6,% 761 52-26 -2,% 118 1,3% 3 De beroepsbevolking omvat iedereen van 15 tot 65 jaar die 12 uur of meer per week werkt (werkzame beroepsbevolking) en iedereen die wil en kan werken en actief op zoek is naar werk voor 12 uur of meer per week (werkloze beroepsbevolking). Het WW-percentage is het aantal WW-rechten afgezet tegen de beroepsbevolking. Basisset Regionale Arbeidsmarktinformatie 15
WW-uitkeringen naar leeftijd en verstreken duur tabel 3.2 WW-uitkeringen naar leeftijd en verstreken duur Stand il Leeftijd Verstreken duur 15-27 jr 27-5 jr >= 5 jr < 6 mnd 6-12 mnd >= 12 mnd Nederland 443.297 3.925 223.85 188.363 218.71 96.584 128.12 Groningen 15.894 1.122 8.293 6.479 8.493 3.149 4.252 Friesland 19.174 1.311 9.361 8.52 9.67 3.736 5.768 Drenthe 14.18 1.66 7.4 5.948 7.518 2.646 3.854 Overijssel 33.23 2.672 17.64 13.287 17.41 6.987 8.995 Flevoland 12.254 868 6.379 5.7 5.927 2.796 3.531 Gelderland 54.964 3.69 26.569 24.75 26.42 12.311 16.233 Utrecht 3.516 1.986 15.83 12.7 15.7 6.738 8.771 Noord-Holland 65.461 4.41 34.676 26.744 31.378 14.646 19.437 Zuid-Holland 87.61 5.974 44.934 36.153 41.81 19.673 25.578 Zeeland 8.45 59 3.997 3.458 4.11 1.72 2.233 Noord-Brabant 68.515 4.744 33.56 3.715 33.53 15.335 2.127 Limburg 29.984 2.48 14.28 13.98 14.657 6.49 8.918 Arbeidsmarktregio Zeeland 8.45 59 3.997 3.458 4.11 1.72 2.233 Werkpleinen Goes 8.45 59 3.997 3.458 4.11 1.72 2.233 Gemeenten Borsele 432 23 22 189 223 74 135 Goes 894 65 442 387 474 165 255 Hulst 549 29 252 268 244 132 173 Kapelle 22 22 96 12 118 41 61 Middelburg 1.85 16 58 471 529 236 32 Noord Beveland 195 13 19 73 97 45 53 Reimerswaal 41 32 231 138 239 86 76 Schouwen-Duiveland 676 42 323 311 335 156 185 Sluis 353 29 151 173 24 61 88 Terneuzen 1.84 76 575 433 557 236 291 Tholen 553 45 289 219 32 121 13 Veere 34 19 156 165 154 78 18 Vlissingen 1.263 89 645 529 634 271 358 Basisset Regionale Arbeidsmarktinformatie 16
Bijlage I Standcijfers geregistreerde werkzoekenden (nww) Deze bijlage geeft een overzicht van de stand van het aantal geregistreerde werkzoekenden op landelijk, provinciaal, regionaal en lokaal niveau. De tabel presenteert het aantal geregistreerde werkzoekenden naar leeftijd, duur niet-werkend en als percentage van de beroepsbevolking 4. Stand il % Beroepsbevolking Leeftijd Duur niet-werkend 15-27 jr 27-5 jr >= 5 jr < 3 mnd 3-6 mnd >= 6 mnd Nederland 797.92 1,1% 87.497 422.884 287.521 119.797 129.169 548.936 Groningen 35.142 13,1% 4.567 19.86 11.489 4.795 9.41 2.937 Friesland 34.465 11,6% 4.48 17.95 12.512 4.53 7.21 22.761 Drenthe 22.692 1,3% 2.79 11.516 8.386 3.594 3.99 15.18 Overijssel 57.174 1,9% 6.328 3.584 2.262 8.317 9.82 39.775 Flevoland 21.793 11,% 2.826 11.631 7.336 3.51 3.449 14.843 Gelderland 85.786 9,% 9.3 44.296 32.487 13.47 13.932 58.87 Utrecht 52.198 8,5% 5.612 27.989 18.597 8.284 8.27 35.887 Noord-Holland 19.576 8,2% 1.729 59.443 39.44 19.347 18.689 71.54 Zuid-Holland 26.23 12,2% 23.15 113.31 69.95 25.16 26.21 154.869 Zeeland 11.46 6,7% 1.374 5.873 4.213 2.22 2.193 7.245 Noord-Brabant 19.986 9,4% 11.858 56.42 42.86 18.525 18.457 73.4 Limburg 51.76 1,1% 5.333 25.32 2.711 8.632 8.481 33.963 Arbeidsmarktregio Zeeland 11.46 6,7% 1.374 5.873 4.213 2.22 2.193 7.245 Werkpleinen Goes 11.46 6,7% 1.374 5.873 4.213 2.22 2.193 7.245 Gemeenten Borsele 517 5,1% 57 255 25 14 116 297 Goes 1.342 8,4% 166 71 466 232 237 873 Hulst 77 6,2% 94 342 334 12 138 512 Kapelle 288 5,3% 39 138 111 51 61 176 Middelburg 1.443 6,6% 22 7 541 242 265 936 Noord Beveland 296 9,1% 24 167 15 52 62 182 Reimerswaal 693 7,3% 11 379 213 188 115 39 Schouwen-Duiveland 794 5,3% 75 392 327 126 17 498 Sluis 522 5,% 6 238 224 91 98 333 Terneuzen 2.3 8,5% 25 1.14 676 299 381 1.35 Tholen 619 5,5% 68 327 224 125 143 351 Veere 411 4,4% 4 196 175 84 81 246 Vlissingen 1.735 8,3% 198 925 612 38 326 1.11 4 De beroepsbevolking omvat iedereen van 15 tot 65 jaar die 12 uur of meer per week werkt (werkzame beroepsbevolking) en iedereen die wil en kan werken en actief op zoek is naar werk voor 12 uur of meer per week (werkloze beroepsbevolking). Het nww-percentage is het aantal geregistreerde werkzoekenden afgezet tegen de beroepsbevolking. Basisset Regionale Arbeidsmarktinformatie 17
Colofon Uitgave UWV Afdeling Arbeidsmarktinformatie en -advies Postadres Postbus 58285 14 HG Amsterdam Contactpersonen Willem van der Velde Willem.vanderVelde@uwv.nl 6 5437 8948 Nicole van der Goorbergh Nicole.vanderGoorbergh@uwv.nl 6 3194 7595 De Basisset Regionale Arbeidsmarktinformatie is een uitgave van de afdeling Arbeidsmarktinformatie en -advies van UWV. Aan het eind van de maand is een actuele basisset voor 35 arbeidsmarktregio s beschikbaar op werk.nl. Voor vragen en suggesties kunt u contact opnemen met de regionale arbeidsmarktadviseurs die hierboven staan vermeld. De gegevens in deze basisset zijn afkomstig uit de registratiesystemen van UWV. Het geheel of gedeeltelijk overnemen van informatie is toegestaan met bronvermelding (bron: UWV). Versie 4.1 Disclaimer De geregistreerde werkzoekenden bestaan uit WW-ers, WWB-ers en werkzoekenden zonder uitkering, voor zover ingeschreven als werkzoekende bij UWV. UWV beschouwt de cijfers over geregistreerde werkzoekenden primair als een administratief gegeven. Deze cijfers worden in sterke mate bepaald door registratieprocessen van UWV en gemeenten. UWV Basisset Regionale Arbeidsmarktinformatie 18
Einde rapport Basisset Regionale Arbeidsmarktinformatie 19