Beleidsplan Openbare Verlichting 2012-2020 Gemeente Bloemendaal projectnr. 217643 26 augustus 2011 Opdrachtgever Gemeente Bloemendaal Afdeling Gemeentewerken Team Civiele Techniek en Verkeer Postbus 201 2050 AE OVERVEEN datum vrijgave beschrijving goedkeuring vrijgave 26 augustus 2011 definitief beleidsplan T. A.J. (Ton) Lesscher P. (Pieter) Ausema
Inhoudsopgave Inhoudsopgave 1 1 Inleiding 3 1.1 Aanleiding 3 1.2 Doel 3 1.3 Procedure 4 1.4 Leeswijzer 4 2 Wat moet ik? 5 2.1 Wettelijke en juridische kaders 5 2.1.1 Aansprakelijkheid wegbeheerder 5 2.1.2 Europese Regelgeving 5 2.2 Niet-wettelijke adviezen en aanbevelingen 5 2.2.1 NSVV-aanbevelingen 6 2.2.2 Politiekeurmerk Veilig Wonen 6 2.2.3 Koploper programma Agentschap NL 6 2.2.4 Duurzaam inkopen 7 3 Wat heb ik? 8 3.1 Aanwezige plannen 8 3.1.1 Vervangingsplan openbare verlichting 2002-2012 gemeente Bloemendaal 8 3.1.2 Juridisch advies omtrent openbare verlichting en aansprakelijkheid gemeente Bloemendaal 2000 8 3.1.3 Beleidsnota openbare verlichting Bennebroek 9 3.2 Huidige situatie en knelpunten per beleidsthema 9 3.3 Huidige kwantiteit en kwaliteit 11 3.3.1 Huidige kwantiteit 11 3.3.2 Huidige kwaliteit 11 4 Wat wil ik? 13 4.1 Visie 13 4.1.1 Visie algemeen 13 4.1.2 Visie per beleidsthema 14 4.1.3 Kapitaalvernietiging 17 4.1.4 Aansprakelijkheid 17 4.2 Kwaliteitskeuze: zes varianten 18 4.2.1 Beschrijving varianten 18 4.2.2 Kosten LED verlichting bij vervanging binnen 15 jaar. 21 4.2.3 Verschillen tussen varianten 22 4.3 Conclusie 23 blad 1 van 28
Bijlage 1: standaardcomposities 24 Bijlage 2: beleidskeuzes Herziende richtlijnen NSVV 25 Bijlage 3: motie "aandachtspunten beleidsplan openbare verlichting gemeente Bloemendaal 2011" van GroenLinks 26 Bijlage 4: Berekening cumulatieve kosten. 28 blad 2 van 28
1 Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Doel De gemeente Bloemendaal en de gemeente Bennebroek zijn in 2009 gefuseerd tot de nieuwe gemeente Bloemendaal. Beide gemeenten hebben beleid omtrent de openbare verlichting opgesteld. De voorloper van dit beleidsplan in Bloemendaal dateert uit 2001. Op basis daarvan is een vervangingsplan 2002-2012 opgesteld. De gemeente Bennebroek heeft een beleidsnota openbare verlichting opgesteld in 2005. Aanleiding voor dit nieuwe beleidsplan is de fusie en daarnaast technische en maatschappelijke ontwikkelingen op het gebied van verlichtingstechniek, milieu en duurzaamheid. In dit beleidsplan wordt de basis beschreven waarmee vervanging en onderhoud van armaturen / lampen etc. kan worden gepland voor ten minste 8 jaren (2012-2020) en een nieuw onderhoudscontract voor de komende jaren kan worden afgesloten. Hierbij rekening houdend met veiligheid, energie en natuur / duisternis. Dit beleidsplan beschrijft de keuzes op het gebied van visie en strategie. Specifieke aandacht gaat er uit naar de ontwikkeling op de middellange termijn. Het beleidsplan dient als kapstok voor vervolgacties in de beheer- en uitvoeringsplannen. Dit beleidsplan geeft antwoord op de vraag: 'Wat willen we de komende jaren'. Met het Beleidsplan Openbare Verlichting 2012-2020 geeft de raad aan hoe op strategisch niveau om te gaan met de openbare verlichting in de planperiode 2012-2020. Het beleidsplan beschrijft ambities, doelstellingen en budgetten. De gemeenteraad neemt een besluit over de financiële gevolgen van gemaakte keuzes op basis van een overzicht van benodigde budgetten. In figuur 1 is het beleidsplan in een algemene plannenmatrix openbare verlichting gepositioneerd. Product Kenmerk Doelgroep Aard Frequentie Vaststelling Raad Beleidsplan 'Wat' College Strategisch 8-jaarlijks Gemeenteraad Dienstmanagement Dienstmanagement Dienstmangement Beheerplan 'Hoe' Afdelingsmanagement Tactisch 4-jaarlijks College Beheerders Afdelingsmanagement Onderhoudsplan 'Zo' Beheerders Operationeel Jaarlijks Afdelingsmanagement Toezichthouders Figuur 1: plannenmatrix openbare verlichting voor de gemeente Bloemendaal blad 3 van 28
1.3 Procedure De NSVV geeft de volgende definitie aan beleid, die op dit plan van toepassing is: "Beleid richt zich enerzijds op het formuleren van ambities en doelen en anderzijds op de keuzes die in de openbare verlichting gemaakt worden om die doelen te bereiken. De ambities en doelen kunnen onder meer betrekking hebben op de openbare ruimte, milieueffecten en energieverbruik, veiligheid en leefbaarheid" Nederlandse Stichting Voor Verlichtings-kunde. (NSVV, 2007:14). Zoals genoemd geeft dit Beleidsplan Openbare Verlichting 2012-2020 antwoord op de 'wat-vraag', waarin visie en strategie centraal staan. Vervolgens staat de 'hoe-vraag' centraal, op tactisch en budgettair beheerniveau. Een beheerplan is een vertaling van het beleidsplan, naar 'hoe' gaat de organisatie zorgen dat de doelstellingen die zijn gemaakt in het beleidsplan bereikt worden. Een beheerplan wordt door het college vastgesteld en dient als basis voor het onderhoudsbestek en het onderhoudsplan. Deze vertaling wordt gemaakt door de beheerafdeling en kan door middel van een beheerplan aan het college laten zien dat de gemaakte afspraken worden uitgevoerd. Vervolgens is een onderhoudsplan ('zo doe ik dat-vraag') een logisch vervolg om de ambitie daadwerkelijk waar te kunnen maken. Het onderhoudsplan is een operationeel plan waarin jaarlijks wordt getoond waar en wanneer er onderhoud en / of controle gaat plaatsvinden. In het onderhoudsplan is te zien waar de jaarlijkse budgetten aan worden besteed. Een onderhoudsbestek stelt de gemeente op voor een periode van vier jaar, zo mogelijk met andere gemeenten. De hier beschreven procedure openbare verlichting voor de gemeente Bloemendaal staat gevisualiseerd in figuur 2. De te maken stappen worden allemaal ondersteund middels een up-to-date (GBI-) informatie systeem, waarmee middels inventarisatiegegevens er berekeningsvarianten gemaakt kunnen worden voor beleid, beheer en onderhoud. Figuur 2: procedure openbare verlichting gemeente Bloemendaal Beleidsplan OV Beheerplan OV Onderhoudsplan OV Visie & strategie Tactisch & budgettair Maatregelen & controle Informatie systeem 1.4 Leeswijzer Hoofdstuk 2 geeft antwoord op de vraag 'wat moet ik' door in te gaan op wettelijke uitgangspunten, richtlijnen en aanbevelingen. Hoofdstuk 3 beschrijft vervolgens de 'wat heb ik' vraag door de huidige situatie (per beleidsthema) te beschrijven. In hoofdstuk 4 wordt het antwoord op de vraag 'wat wil ik' (per beleidsthema) beschreven. Hier wordt ingegaan op een algemeen deel en een keuzedeel inclusief benodigde budgetten. In bijlage 1 is een overzichtstabel opgenomen met de standaard composities voor masten, armaturen en lampen. In bijlage 2 zijn beleidskeuzes herziene richtlijnen NSVV opgenomen. In bijlage 3 is de motie "aandachtspunten beleidsplan openbare verlichting gemeente Bloemendaal 2011" van GroenLinks opgenomen. blad 4 van 28
2 Wat moet ik? Dit hoofdstuk beschrijft de wel en niet wettelijke en juridische kaders aangaande openbare verlichting. Hiermee wordt antwoord gegeven op de vraag 'wat moet ik'? 2.1 Wettelijke en juridische kaders Op dit moment zijn er geen wetten en regelgeving opgesteld op het gebied van openbare verlichting, bijvoorbeeld voor het keuren van lichtmasten. Waarschijnlijk is het een kwestie van tijd voordat keuringen, controles en regelgeving in de wet geregeld zijn. Wel is er regelgeving omtrent de aansprakelijkheid en regels omtrent het materiaalgebruik. 2.1.1 Aansprakelijkheid wegbeheerder De wegbeheerder (gemeente) is aansprakelijk, in het kader van het Burgerlijk Wetboek (BW 1992). In boek 6 van het BW bestaat de mogelijkheid om de eigenaar aansprakelijk te stellen voor schade ten gevolge van het in ondeugdelijke staat verkeren van de opstal (Art. 6:174 BW) en voor het niet dan wel onvoldoende deugdelijk functioneren van de verlichtingsinstallatie (Art. 6:162 BW). Het aansprakelijkheidsbeginsel heeft enkel betrekking op de verkeersveiligheidsfunctie van de openbare verlichting, niet op de sociale veiligheid en leefbaarheid. De aansprakelijkheid van de wegbeheerder is op deze wijze overgegaan van schuld naar risicoaansprakelijkheid. Dit houdt in dat de gemeente in voorkomende gevallen moet kunnen aantonen dat zij, zowel op het gebied van verlichtingskwaliteit als wat betreft het onderhouden van de verlichtingsinstallatie, in redelijkheid niets te verwijten valt. Het ontbreken van financiën om het onderhoudsniveau op een aanvaardbaar peil te houden dan wel gebreken te verhelpen alsmede het overdragen van het eigendom of het uitbesteden van werkzaamheden, doet de aansprakelijkheid niet teniet. 2.1.2 Europese Regelgeving In de Europese Regelgeving is beschreven waaraan de materialen voor de openbare verlichting moeten voldoen voordat ze de markt op gebracht mogen worden. Dit is te zien aan het zogeheten CEmerkteken. 2.2 Niet-wettelijke adviezen en aanbevelingen Naast de wettelijke kaders zijn er ook adviezen en aanbevelingen waarop veel gemeenten hun beleid baseren. blad 5 van 28
2.2.1 NSVV-aanbevelingen Een van deze aanbevelingen is de 'NSVVaanbevelingen'. In 2000 zijn een nieuwe serie NSVVaanbevelingen uitgebracht, de NPR 13201-1 in aanvulling op de oude NSVV-normen daterend uit 1990. Deze NPR is een gezamenlijke uitgave van de NSVV en de NEN. De NPR werkt met verlichtingsklassen voor verblijfsgebieden en wegen met een verkeersfunctie. De hoofdweggebruiker en zijn snelheid zijn het uitgangspunt. Ook wordt aandacht besteed aan lichthinder en -vervuiling (Openbare werken voor Raadsleden, 2005: 109-111). De gemeente Bloemendaal heeft vanaf 2002 tot en met 2009 bij de vervangingen de NSVV richtlijnen toegepast. Dit zijn de oude richtlijnen die op dat moment gelden. Op dit moment wordt de NPR voor de openbare verlichting herzien. In de loop van 2011 zal de aangepaste versie verschijnen. Op dit moment zijn alleen de beleidskeuzes vrijgegeven, deze is in de bijlage 2 toegevoegd. Hierin staan handvatten voor het wel of niet toepassen van verlichting en het toepassen van alternatieven. 2.2.2 Politiekeurmerk Veilig Wonen Naast de NSVV-regeling baseren gemeenten hun beleid ook op het 'Politiekeurmerk Veilig Wonen'. Dit keurmerk is een initiatief ter voorkoming van criminaliteit in de woonomgeving. Naast een pakket van maatregelen die betrekking heeft op woningen, worden ook eisen gesteld aan de omgevingskwaliteiten van de openbare en semi-openbare ruimten (zoals brandgangen). Dit keurmerk is gebaseerd op de NSVV-aanbevelingen. Het keurmerk omvat een drietal deelcertificaten voor zowel bestaande- als nieuwbouwwoningen. Het deelcertificaat Veilige Omgeving omvat ook de openbare verlichting in verblijfsgebieden. Omdat het politiekeurmerk uitgaat van de sociale veiligheidsfunctie van openbare verlichting, is het uitgangspunt anders dan wanneer uitgegaan wordt van de verkeersveiligheidsfunctie. Zo eist het politiekeurmerk dat alle openbare ruimte verlicht is, bijvoorbeeld ook achterpaden en fietstunnels. Qua verlichtingsniveaus stelt het keurmerk dat het woongebied helder, niet verblindend en gelijkmatig verlicht moet zijn. Een persoon moet op een afstand van minimaal vier meter herkend kunnen worden. De verlichting moet bovendien gedurende de gehele periode van het etmaal continu branden 1 (Openbare werken voor Raadsleden, 2005: 110). De verwachting is dat het politiekeurmerk en de NSVV-regeling worden samengevoegd in de nieuwe richtlijn. 2.2.3 Koploper programma Agentschap NL Tijdens het symposium 'Zuinig met Openbare Verlichting' op 4 maart 2009 ondertekenden de gemeenten Bergen, Den Helder, Haarlem, Naarden, Zaanstad en Velsen een intentieverklaring. 1 Wanneer gebruik wordt gemaakt van gedimde verlichting in de nachtelijke uren moet ook tijdens de minimale stand de verlichtingsnorm van het Politiekeurmerk gehaald worden. blad 6 van 28
Daarin beloven zij om in samenwerking met de provincie Noord-Holland, snel over te schakelen op zuinige openbare verlichting. De gemeente Velsen heeft haar huidige beleid omtrent de openbare verlichting op deze intentieverklaring aangepast. De provincie Noord-Holland heeft in het najaar van 2010 besloten om subsidie te verlenen voor het opstellen van beleidsplannen openbare verlichting. De gemeente Bloemendaal heeft zich hiervoor aangemeld. De gemeente Bloemendaal is met het indienen van een subsidie-aanvraag in het kader van de SLOK-regeling (Stimulering lokale klimaatinitiatieven, ministerie van VROM) eind 2008 een inspanningsverplichting aangegaan om het energiegebruik van de openbare verlichting met 3% per jaar te verminderen en voor 70% duurzame energie in te kopen. 2.2.4 Duurzaam inkopen De gemeente is een verplichting ten aanzien van duurzaam inkopen en energiebesparing aangegaan. Producten en diensten met betrekking tot openbare verlichting dienen in 2010-2011 voor 75% duurzaam te worden ingekocht en voor 2015 voor 100% conform de door het Agentschap NL (Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie) opgestelde criteria voor duurzaam inkomen van de openbare verlichting. blad 7 van 28
3 Wat heb ik? Dit hoofdstuk beschrijft de huidige aanwezige plannen, de huidige situatie en knelpunten (per beleidsthema) en de kwantiteit en kwaliteit aangaande openbare verlichting. Hiermee wordt antwoord gegeven op de vraag 'wat heb ik'? 3.1 Aanwezige plannen KOSTEN OPENBARE VERLICHTING 3.1.1 Vervangingsplan openbare verlichting 2002-2012 gemeente Bloemendaal Dit plan is niet als formeel beleidsplan vastgesteld. Daarentegen is een aantal beleidsuitgangspunten opgenomen in het vervangingsplan dat na bespreking in de raadscommissies is vastgesteld door het college. Deze beleidsuitgangspunten zijn hieronder weergegeven: Uit te gaan van de richtlijnen van de Nederlandse Stichting voor Verlichtingskunde (NSVV); In principe uit te gaan van conische aluminium lichtmasten; In principe de huidige armatuurkeuze voort te zetten; In principe geelwit licht als lichtkleur toe te passen; Bij nieuwbouw en vervanging aarding aan te brengen; Bij nieuwbouw een eigen stroomnet te creëren. Het komt erop neer dat de bestaande situatie wordt voortgezet met gebruikmaking van de huidige vorm van de masten en armaturen, maar wel zodanig dat de richtlijnen van de NSVV worden gehanteerd. Op grond van het vervangingsplan zijn in de jaren 2002 t/m 2009 naast regulier onderhoud investeringen in vervangingen van lichtmasten en armaturen gedaan. In afwachting van dit beleidsplan zijn vanaf 2010 geen investeringen in de openbare verlichting opgenomen in de begroting. Tussen 2003 en 2010 zijn de volgende uitgaven voor de openbare verlichting gedaan: 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 Elektriciteitsgebruik 40.812,00 71.494,00 126.950,00 136.250,00 101.493,00 142.895,00 147.563,00 73.987,00 Onderhoud 44.071,00 42.052,00 46.539,00 47.589,00 58.970,00 49.894,00 140.276,00 117.789,00 schades 14.263,00 15.982,00 3.922,00 573,00 1.116,00 1.920,00 1.658,00 121,00 vervanging (krediet) 94.834,00 94.786,00 90.397,00 87.550,00 73.003,00 83.683,00-36.932,00 TOTAAL 193.980,00 224.314,00 267.808,00 271.962,00 234.582,00 278.392,00 289.497,00 228.829,00 3.1.2 Juridisch advies omtrent openbare verlichting en aansprakelijkheid gemeente Bloemendaal 2000 De keuze voor het verlichtingsniveau en daarmee ook het wel of niet plaatsen van verlichting, waarmee het risico van aansprakelijkheid kan worden verkleind, wordt bepaald door het verwachtingspatroon van een weggebruiker over zaken die hij kan tegenkomen op een weg van dat type en in die omgeving. Door het toepassen van de richtlijnen van de Nederlandse Vereniging voor Verlichtingskunde kan het aansprakelijkheidsrisico geminimaliseerd worden. blad 8 van 28
3.1.3 Beleidsnota openbare verlichting Bennebroek In deze beleidsnota is uitgegaan van een vervanging van 40 jaar voor de lichtmasten en 20 jaar voor de armaturen. Als er wordt uitgegaan van deze cijfers dan is het in de periode van 2005-2015 noodzakelijk om 6% van aanwezige lichtmasten en 23% van de verlichtingsarmaturen te vervangen. Om deze vervanging in de 'oude gemeente Bennebroek' uit te voeren is er van 2005-2014 jaarlijks 37.000,00 gereserveerd. 3.2 Huidige situatie en knelpunten per beleidsthema In onderstaande tabel zijn per beleidsthema de huidige situatie en enkele knelpunten genoemd. Beleidsthema Huidige situatie en / of knelpunten Verlichtingsniveaus Op basis van het vervangingsplan 2002-2012 is in een aantal wegen de openbare verlichting vervangen. In die wegen voldoet het verlichtingsniveau aan de richtlijnen van NSVV. Het verlichtingsniveau in woongebieden en centra voldoet naar verwachting niet aan de richtlijn. Exacte gegevens zijn daar niet over, maar deze conclusie kan worden getrokken op basis van de afstand tussen de masten en de toegepaste armaturen en lampen. Het politiekeurmerk is niet toegepast bij het ontwerp van openbare verlichting. De criteria daarvoor liggen hoger dan de NSVV-richtlijn. Donkertebeleid Het buitengebied en de gemeentelijke parken worden niet verlicht, op een enkele lichtmast ter oriëntatie of op kruispunten na. Enige uitzondering zijn de parkeerterreinen te Bloemendaal aan Zee, die uit oogpunt van openbare orde en veiligheid wel verlicht worden. Verkeersveiligheid en sociale veiligheid Nieuwe verlichting van na 2000 voldoet aan de NSVV-richtlijnen ten aanzien van verkeersveiligheid. Oudere verlichting is daar niet aan getoetst en voldoet in veel gevallen niet. Er is geen vastgesteld beleid voor het verlichten van achterpaden. In praktijk doet de gemeente hier niets aan. Voortuinen worden bij toepassing van de NSVV-richtlijn meeverlicht. Energiebesparing Verlichting heeft niet altijd een positief effect op de sociale veiligheid. Als er geen andere personen zijn heeft zichtbaarheid het omgekeerde effect. De belager kan van ver het slachtoffer aan zien komen en vanuit het duister onverwachts toeslaan. Het is dus situatie afhankelijk of en hoe er verlicht moet worden. De ambitie om de CO2-uitstoot significant te verminderen komt voort uit het speerpunt 'duurzaamheid' in het collegeprogramma blad 9 van 28
2009-2014. Op dit moment wordt er nog niet veel verlichting gedimd binnen de gemeente. Reden hiervoor is dat de bestaande armaturen niet allemaal geschikt zijn om te dimmen. Duurzaam (inkopen) De gemeente heeft op dit moment duurzaamheid als speerpunt. Dit betekent dat men efficiënt en effectief om wil gaan met de bronnen, middelen en mogelijkheden. Men voldoet alleen nog niet aan alle criteria, zo is het op dit moment nog niet mogelijk om alle verlichting te dimmen. De verlichting heeft nog niet allemaal duurzaamheidslabel D of beter. Verlichting van / voor derden Er is geen beleid aanwezig waaraan particuliere verlichting kan worden getoetst. Er wordt ook niet actief voorlichting gegeven aan burgers, bedrijven en overige beheerders (zoals woningbouwverenigingen). Lichtreclame is thans niet aanwezig aan lichtmasten en wordt ook niet toegestaan. In bushokjes (abris) is wel verlichte reclame aanwezig. (Beeld)kwaliteit openbare ruimte De gemeente Bloemendaal heeft voor de openbare ruimte de beeldkwaliteit basis vastgesteld. Voor de openbare verlichting wordt de beeldkwaliteit vooral bepaald door de verzorging: scheefstand, beschadiging, graffiti, algen- en mosgroei, coating. In het huidige onderhoudscontract wordt aan die aspecten geen aandacht besteed. Lichtvervuiling en lichthinder Lichtvervuiling is het verlichten van ruimten die niet verlicht hoeven worden (strooilicht, reflectie) en wordt zo veel mogelijk voorkomen door juiste keuze van armaturen. Lichthinder wordt soms ondervonden door burgers door felle lampen, plaatsing van lichtmasten voor ramen, slecht afgestelde armaturen. In het ontwerp wordt getracht lichthinder te voorkomen, in de zelden voorkomende gevallen wordt een maatwerkoplossing gezocht. Eigendom en beheer kabelnet Ruim 90% van de lichtmasten is rechtstreeks aangesloten op het laagspanningnet van Liander. In enkele wijken die zijn gebouwd na 1980 is een gemeentelijk OV-kabelnet gelegd. Volgens het huidige beleid wordt bij nieuwbouw een eigen kabelnet gelegd. Storingen (meldingen, Storingen aan het kabelnet van Liander komen vrij vaak voor. De reparatie moet worden uitgevoerd door Liander en heeft alleen hoge prioriteit als de veiligheid (elektrisch of verkeer) in het geding is. In de praktijk komt het geregeld voor dat straten enkele weken onverlicht zijn. Meldingen over openbare verlichting kunnen online worden gedaan via het gemeentelijke meldpunt of telefonisch. blad 10 van 28
afhandeling) De meldingen worden afgehandeld door een aannemer en in geval van kabelstoringen doorgemeld aan Liander. De afhandelingstermijn bedraagt twee weken. Knelpunt in deze systematiek is dat veel meldingen onduidelijk of onvolledig zijn en daardoor niet adequaat door de aannemer kunnen worden afgehandeld. Aansprakelijkstelling van de gemeente wegens onvoldoende verlichting komt niet voor. Wel wordt het aspect sociale onveiligheid vaak genoemd in meldingen over defecte verlichting. 3.3 Huidige kwantiteit en kwaliteit 3.3.1 Huidige kwantiteit De gegevens omtrent de hoeveelheid aan openbare verlichting binnen de gemeente Bloemendaal en Bennebroek zijn opgenomen in het Geïntegreerd Beheer Informatiesysteem (GBI). Het totale areaal openbare verlichting (zie tabel 1) binnen de gemeente bestaat uit 4.505 stuks lichtmasten, (bron: databestand februari 2011). Het merendeel van het totale areaal openbare verlichting staat langs het gemeentelijke wegennet. Tabel 1: totalen openbare verlichting per structuurelement Structuurelement Aantal woonwijk 3.407 doorgaande weg 697 buitengebied 239 park 4 centrum 158 4.505 Inspecties De laatste algemene inspectie van de staat van masten en armaturen is uitgevoerd in 2007. In 2007 zijn alle lampen in Bloemendaal, Overveen, Aerdenhout en Vogelenzang vervangen. In Bennebroek zijn in 2005 tot en met 2007 alle lampen vervangen. In 2010 is in de Bennebroekse Meerwijk wederom een groepsremplace uitgevoerd. Meldingen In 2010 zijn er circa 600 meldingen met betrekking tot masten, armaturen en lampen door de aannemer verwerkt. Het aantal meldingen bij de gemeente bedroeg ongeveer 500 stuks. 3.3.2 Huidige kwaliteit Er vindt geen registratie van de kwaliteit van de verlichting plaats. De huidige kwaliteit van de masten, armaturen en lampen is ontleend aan de leeftijd van de onderdelen. blad 11 van 28
De kwaliteit van de masten is goed. Van de 4.505 stuks zijn er 187 stuks met achterstand in onderhoud. Deze achterstand wordt gekapitaliseerd op 131.946,21. De kwaliteit van de armaturen is minder goed. Er zijn 2.585 armaturen met een achterstand in onderhoud. Deze achterstand wordt gekapitaliseerd op 625.433,00. blad 12 van 28
4 Wat wil ik? 4.1 Visie Dit hoofdstuk beschrijft de visie op openbare verlichting voor de komende jaren (2012-2020) voor de beleidsthema's. Op basis van de vorige hoofdstukken en wensen en uitgangspunten van de gemeenteraad wordt in dit hoofdstuk antwoord gegeven op de vraag 'wat wil ik?' In dit hoofdstuk wordt allereerst een algemene visie beschreven en daarna een zestal kwaliteitskeuzes op verlichtingsniveau en energie waaruit de gemeenteraad kan kiezen. 4.1.1 Visie algemeen De afgelopen jaren heeft een groot aantal ontwikkelingen op het gebied van de openbare verlichting plaatsgevonden. De gemeenteraad heeft uitgangspunten en wensen aangegeven om op deze ontwikkelingen in te spelen in het collegeprogramma 2009-2014, in de begroting van 2010 en in de motie "aandachtspunten beleidsplan openbare verlichting gemeente Bloemendaal 2011" van GroenLinks bij het vaststellen van de najaarsnota 2010: voldoende lichtniveau om niet alleen verkeersveiligheid, maar ook sociale veiligheid te waarborgen. De uitgangspunten in het huidige vervangingsplan worden één op één overgenomen. het energiezuinig om gaan met openbare verlichting. producten en diensten aangaande openbare verlichting duurzaam inkopen. op beleid een milieutoets uitvoeren. verminderen CO2 uitstoot. verminderen van lichtvervuiling. toepassen van LED verlichting. inspelen op de nieuwe ontwerprichtlijnen en toetscriteria opgesteld voor openbare verlichting. vanuit het beleid criteria voor onderhoud en vervanging kunnen herleiden. schades worden verhaald op derden. Indien de veroorzaker niet bekend is en de schade boven de verzekeringsdrempel ligt zal deze bij de verzekering worden verhaald. blad 13 van 28
4.1.2 Visie per beleidsthema In deze paragraaf worden bovenop de algemene visie, uitgangspunten per beleidsthema uitgewerkt. De visie is deels een aanvulling en uitwerking van de in 4.1.1. genoemde uitgangspunten. Beleidsthema Visie Verlichtingsniveaus Hierop zijn diverse keuzes te maken, zie paragraaf 4.2. Het bestuur zal een keuze moeten maken tussen het handhaven van het huidig verlichtingsniveau of het toepassen van de nieuwe NSVV richtlijnen. Bij het toepassen van het politiekeurmerk in bepaalde gebieden zal hier het aantal lichtpunten verdubbelen en hiermee ook het energieverbruik. Toepassen van het politiekeurmerk kan in een aantal gevallen ook weer hinder veroorzaken door de grote hoeveelheid licht. Ook zal het een groot verschil opleveren in het beeld. Zijn het nu straten waar een sfeervolle verlichting staat, dan zal er bij de toepassing van het politiekeurmerk er een egaal witlicht aanwezig zijn. Het is dus belangrijk dat gekeken wordt welke verlichting in welke situatie gewenst is. De beleidskeuzes van de NSVV die in bijlage 2 is opgenomen is hierbij een handig hulpmiddel. Donkertebeleid Verkeersveiligheid en sociale veiligheid Op dit moment zijn er geen structurele klachten over de verlichting. Hiermee kunnen wij constateren dat het huidige beleid in overeenstemming is met de maatschappelijke en bestuurlijk wensen. Er is dus geen aanleiding om het beleid op dit vlak aan te passen. Dat betekent dat langs wegen in het buitengebied in principe geen verlichting wordt aangebracht. Waar het wegverloop dit wenselijk maakt worden reflectoren toegepast. Voorstel is het huidige beleid te handhaven: meeverlichten van de voortuinen; verlichten van achterpaden wordt overgelaten aan de eigenaar; geen verlichting in buitengebied en parken. Aandachtspunt bij handhaven van het huidige verlichtingsniveau zijn kruispunten en fietspaden. blad 14 van 28
Energiebesparing Energiebesparing kan worden bereikt door : uitschakelen of verwijderen van verlichting; verlagen van het lampvermogen met behoud van de lichtsterkte; dimmen van het vermogen en dus de lichtsterkte in de nachtelijke uren. In de gemeente zijn alleen de woongebieden en hoofdwegen verlicht en daaraan bestaat een grote maatschappelijke behoefte. Uitschakelen en / of verwijderen van verlichting moet daarom als onhaalbaar worden beschouwd. Ook toepassen van gebruik(ers)gestuurde verlichting in woongebieden en langs hoofdwegen wordt om deze reden afgeraden. Verlagen van het lampvermogen is zowel met conventionele als LED-verlichting mogelijk. Beide varianten zijn uitgewerkt in hoofdstuk 4.2. Dimmen is niet met alle huidige armaturen en lampen mogelijk. Bij vervanging moet worden gekozen voor dimbare armaturen. Ook hiervoor zijn varianten uitgewerkt. Toepassing van de NSVV-richtlijnen c.q. het politiekeurmerk betekent een hoger verlichtingsniveau waardoor de mogelijkheden voor energiebesparing beperkt worden. Duurzaam (inkopen) Voor duurzaam inkopen van Openbare Verlichting (OVL) zijn de volgende criteria vastgesteld: Minimumeisen openbare verlichting: Energielabel op ontwerp openbare verlichting; Dimbare verlichting; Energiezuinige reclameverlichting. Gunningcriteria: Duurzaam ontwerp openbare verlichting; Duurzaam ontwerp reclameverlichting. Naar aanleiding hiervan de volgende uitgangspunten: Nieuwe ontwerpen met betrekking tot openbare (reclame) verlichting dienen van een energielabel te worden voorzien. Tevens dient een duurzaam ontwerp ten grondslag te liggen. De verlichting dient dimbaar te zijn. Energiezuinige reclameverlichting alleen toepassen in bushokjes (abri's). Ontwikkelingen op het gebied van openbare verlichting dienen aan te sluiten op de gemeentelijke beleidsvisie ten aanzien van duurzaamheid voor de lange termijn tot 2030. blad 15 van 28
Per functioneel vergelijkbaar gebied (structuurelement) wordt één standaard type lichtmast en armatuur toegepast, te weten Aluminium materiaalklasse D. De kwaliteit van armaturen (weergegeven met de zogenaamde IP classificatie) dienen van een hoog IP getal te zijn. Stalen lichtmasten hebben een levensduur van 30 jaar, aluminium lichtmasten een levensduur van 45 jaar, armaturen een levensduur van 15 jaar en lampen een levensduur van 3 jaar. Hierna zijn deze afgeschreven. Terugverdientijd niet alleen berekenen rekening houdende met energiekosten, maar ook met de maatschappelijke kosten van kapitaalvernieling en met efficiency voordelen van groepsgewijze vervanging. Verlichting van / voor derden Voorgesteld wordt het huidige beleid ten aanzien van reclameverlichting te handhaven : geen lichtreclame aan lichtmasten; wel lichtreclame in abris. De gemeente wil het energiegebruik terugdringen en geeft zelf het goede voorbeeld met het OV-beleid. Om ook particulieren, bedrijven en vereniging te stimuleren energie te besparen geeft de gemeente actief voorlichting. (Beeld)kwaliteit openbare ruimte Het vastgestelde beeldkwaliteitsniveau openbare verlichting voor masten en armaturen betreft CROW niveau Basis (publicatie 288). Gebruik van decoratieve lichtmasten zal per project worden voorgesteld. In het beheerplan worden activiteiten opgenomen om de beeldkwaliteit basis te handhaven voor de lichtmasten. In het nieuwe onderhoudscontract zullen de beeldkwaliteitsaspecten worden meegenomen. Lichtvervuiling en lichthinder Voorkomen van lichtvervuiling en lichthinder voor mens en dier is een uitgangspunt bij het ontwerp van nieuwe straatverlichting of vervangen van armaturen en wordt als zodanig in het nieuwe contract opgenomen. blad 16 van 28
Eigendom en beheer kabelnet Voorgesteld wordt het huidige beleid te handhaven: alleen bij nieuwbouw een eigen kabelnet aanleggen; bij vervanging aansluiten op kabelnet Liander. Voorts zal in de contacten met Liander voortdurend worden aangedrongen op verbetering van de dienstverlening ten aanzien van de normtijden en de kwaliteit van het kabelnet. Storingen (meldingen, afhandeling) Voorgesteld wordt de huidige systematiek te handhaven, waarbij storingen worden gemeld bij de gemeente en worden afgehandeld door de contractaannemer binnen door de gemeente gestelde normtijden. De kwaliteit van de meldingen moet worden verbeterd. Mogelijkheden daartoe zijn : een meldingensysteem waarbij de burger de lichtmast op kaart of luchtfoto kan aanwijzen; communiceren over de gegevens die de gemeente nodig heeft over de locatie van de lichtmast. 4.1.3 Kapitaalvernietiging In beginsel moet door de gemeentelijke organisatie voorkomen worden dat er kapitaalvernietiging ontstaat. Om inefficiënt gebruik van de maatschappelijke middelen te beletten en onnodige kosten te voorkomen. Kapitaalvernietiging wordt voorkomen door tijdig de juiste onderhoudsmaatregelen toe te passen, op de juiste plek. Kapitaalvernietiging ontstaat doordat in verband met onvoldoende budget of onjuist handelen noodzakelijke onderhoudsmaatregelen op de lange baan worden geschoven. Daarmee lopen de kosten van de maatregelen over het algemeen sterk op. Immers op het moment van overschrijden van de acceptabele norm is veelal een minder ingrijpende onderhoudsmaatregel nodig dan wanneer de kwalitatieve veroudering verder heeft doorgezet en een meer ingrijpende (duurdere) maatregel nodig is. Vergelijk dit met het tijdig schilderen van de masten om roest tegen te gaan, versus het niet schilderen waardoor de masten geheel moeten worden vervangen. 4.1.4 Aansprakelijkheid Hoewel het wettelijk niet is vastgelegd dat een weg of de openbare ruimte verlicht moet worden, kan het ontbreken van openbare verlichting wel worden aangemerkt als het plegen van een onrechtmatige daad. Een kleine kans op een ongeval is in beginsel geen beletsel voor het aannemen van een onrechtmatigheid. In deze situatie moet de schade wel aanzienlijk zijn. Er moet sprake zijn van een onaanvaardbaar risico (NSVV, 2007: 55). De aansprakelijkheid kan volgens de NSVV (2007: 55) beperkt worden door: Het periodiek en systematisch uitvoeren van inspecties en onderhoud; Een systeem van rationeel beheer (meerjaren vervangingsplan, beleidsplan); Een goed werkend klachtenmanagement; Snel handelen bij het verhelpen van schades en storingen. blad 17 van 28
4.2 Kwaliteitskeuze: zes varianten Om naast de algemeen geldende visie in paragraaf 4.1.1 tot een goede keuze te komen hoe de gemeente Bloemendaal de komende 8 jaar haar openbare verlichting wil onderhouden en beheren zijn er zes varianten opgesteld, waaruit door de gemeenteraad gekozen kan worden. Deze zes varianten zijn ontstaan vanuit de algemene overwegingen in paragraaf 4.1.1, waarbij de volgende keuzes worden voorgelegd: Wel of niet voldoen aan de NSVV-richtlijnen / het politiekeurmerk? Doorgaan met conventionele lampen of overschakelen op LED-verlichting? 's Nachts dimmen of niet? De effecten van deze keuzes worden in deze paragraaf toegelicht. 4.2.1 Beschrijving varianten Variant 1 - huidige verlichtingsniveau uitgevoerd in LED Bij variant 1 is gekozen voor de huidige lichtopbrengst. Hierbij wordt niet voldaan aan het politiekeurmerk en de richtlijnen van de NSVV. Er wordt wel LED-verlichting toegepast. Dat zorgt ervoor dat het verbruik met 46% daalt. Hiermee wordt voldaan aan de energiebesparing van 3% per jaar zoals beschreven in par. 2.2.3. Variant 2 - huidige verlichtingsniveau uitgevoerd in LED en in de nacht gedimd Bij variant 2 wordt gekozen voor de huidige lichtopbrengst in de avonduren, waarbij in de nacht de verlichting wordt gedimd. Ook hier wordt niet voldaan aan de richtlijnen van de NSVV en het politiekeurmerk. Wel wordt een besparing van 68% ten opzichte van het huidige verbruik gerealiseerd. Hiermee wordt voldaan aan de energiebesparing van 3% per jaar zoals beschreven in par. 2.2.3. 'Variant 3' - huidige verlichtingsniveau met bestaande armaturen en lampen Dit is de huidige situatie met de bestaande verlichting. Deze verlichting voldoet in hoofdlijnen niet aan de richtlijnen van de NSVV en het politiekeurmerk. Deze 'variant' levert geen besparing op en is niet duurzaam. Met deze variant wordt niet voldaan aan de energiebesparing van 3% per jaar zoals beschreven in par. 2.2.3. Variant 4 - huidige verlichtingsniveau met bestaande armaturen en lampen en in de avonduren gedimd Bij deze variant voldoet de verlichting niet aan de richtlijnen van de NSVV en het politiekeurmerk. Dit is de huidige situatie, waarbij de bestaande lampen worden voorzien van een dimmer. Door het gebruik van de dimmer word een besparing van 40% gerealiseerd ten opzichte van het huidige verbruik. Hiermee wordt voldaan aan de energiebesparing van 3% per jaar zoals beschreven in par. 2.2.3. Variant 5 - verlichtingsniveau conform politiekeurmerk met LED-verlichting Bij deze variant voldoet de verlichting aan de richtlijnen van de NSVV en het politiekeurmerk. Door het toepassen van het politiekeurmerk zal het aantal lichtpunten over het algemeen verdubbelen. Bij deze variant wordt gebruik gemaakt van LEDverlichting. Het dimmen van verlichting is niet toegestaan om dat dan niet meer voldaan wordt aan het politiekeurmerk. Met deze variant wordt niet voldaan aan de energiebesparing van 3% per jaar zoals beschreven in par. 2.2.3. blad 18 van 28
Variant 6 - verlichtingsniveau conform politiekeurmerk uitgevoerd met bestaande armatuur en lamptypes Bij deze variant wordt het aantal lichtpunten vergroot (verdubbeld) om aan de richtlijnen van het NSVV en het politiekeurmerk te voldoen. Door het gebruik van de huidige lamptypes neemt het verbruik toe met 100%. Het dimmen van verlichting is niet toegestaan om dat dan niet meer voldaan wordt aan het politiekeurmerk. Met deze variant wordt niet voldaan aan de energiebesparing van 3% per jaar zoals beschreven in par. 2.2.3. Uiteraard is het ook mogelijk om voor verschillende gebieden andere keuzes te maken (zie de tabel in paragraaf 4.2). De impact van de keuzes bij woonstraten en doorgaande wegen zijn het grootst. In het kostenoverzicht is er van uitgegaan dat de omvorming plaatsvindt aan het eind van de technische levensduur. De vermelde kosten zijn gemiddelde kosten over het totale areaal, waarbij er een gemiddelde levensduur van 45 jaar voor masten, 15 jaar voor armaturen en LED-verlichting en 4 jaar voor de huidige lampen aangehouden is. De kosten in de zijn bepaald op het prijspeil januari 2011 voor materialen, arbeidsloon en energie. Toekomstige ontwikkelingen in kostprijzen van armaturen en energietarieven zijn dusdanig onvoorspelbaar dat daarmee in de berekeningen geen rekening is gehouden. blad 19 van 28
Huidig Huidig Huidig Huidig Politie Politie Keurmerk Keurmerk LED LED+Dim Gewoon Dim LED Gewoon Variant 1 Variant 2 Variant 3 Variant 4 Variant 5 Variant 6 Woonwijk onderhoudskosten 162.454 182.896 101.021 121.463 324.908 202.042 inspectie/ stabm. 11.994 11.994 11.994 11.994 23.989 23.989 beeldkwaliteit 21.907 21.907 21.907 21.907 43.814 43.814 verbruikskosten 20.874 12.524 36.768 22.061 41.748 73.536 vastrecht 34.070 34.070 34.070 34.070 68.140 68.140 subtotaal 251.300 263.392 205.761 211.495 502.599 411.521 kwh 208.740 125.244 367.681 220.608 417.480 735.361 Doorgaande weg onderhoudskosten 33.235 37.417 20.781 24.963 66.469 41.562 inspectie/ stabm. 2.454 2.454 2.454 2.454 4.908 4.908 beeldkwaliteit 4.482 4.482 4.482 4.482 8.963 8.963 verbruikskosten 9.184 5.510 18.842 11.305 18.367 37.685 vastrecht 6.970 6.970 6.970 6.970 13.940 13.940 subtotaal 56.324 56.832 53.529 50.174 112.648 107.058 kwh 91.837 55.102 188.425 113.055 183.674 376.849 Centrum onderhoudskosten 7.534 8.482 4.592 5.540 15.068 9.183 inspectie/ stabm. 556 556 556 556 1.112 1.112 beeldkwaliteit 1.016 1.016 1.016 1.016 2.032 2.032 verbruikskosten 1.074 644 2.272 1.363 2.147 4.545 vastrecht 1.580 1.580 1.580 1.580 3.160 3.160 subtotaal 11.760 12.278 10.016 10.055 23.519 20.032 kwh 10.735 6.441 22.723 13.634 21.470 45.446 Buitengebied onderhoudskosten 11.396 12.830 7.177 8.611 22.792 14.354 inspectie/ stabm. 841 841 841 841 1.683 1.683 beeldkwaliteit 1.537 1.537 1.537 1.537 3.074 3.074 verbruikskosten 2.049 1.229 3.528 2.117 4.098 7.057 vastrecht 2.390 2.390 2.390 2.390 4.780 4.780 subtotaal 18.213 18.828 15.474 15.496 36.426 30.948 kwh 20.488 12.293 35.284 21.171 40.975 70.568 Park onderhoudskosten 191 215 233 257 381 467 inspectie/ stabm. 14 14 14 14 28 28 beeldkwaliteit 26 26 26 26 51 51 verbruikskosten 296 177 672 403 591 1.344 vastrecht 40 40 40 40 80 80 subtotaal 566 472 985 740 1.132 1.970 kwh 2.957 1.774 6.720 4.032 5.914 13.440 Totaal onderhoudskosten 214.809 241.839 133.804 160.834 429.619 267.609 inspectie/ stabm. 15.860 15.860 15.860 15.860 31.720 31.720 beeldkwaliteit 28.967 28.967 28.967 28.967 57.934 57.934 verbruikskosten 33.476 20.085 62.083 37.250 66.951 124.166 vastrecht 45.050 45.050 45.050 45.050 90.100 90.100 totaal 338.162 351.802 285.765 287.961 676.324 571.530 kwh 334.757 200.854 620.832 372.499 669.514 1.241.664 blad 20 van 28
4.2.2 Kosten LED verlichting bij vervanging binnen 15 jaar. In par. 4.2.1. zijn de kosten berekend waarbij er vanuit gegaan is dat alle verlichting op het aangegeven niveau is. Om de huidige verlichting om te vormen naar deze situatie zijn er extra investeringen nodig. Voor Variant 1 en 2 zijn deze kosten in de onderstaande tabellen weergegeven. Bij deze berekeningen is rekening gehouden met een jaarlijkse stijging van de energiekosten 7% (gebaseerd op de trend van 2003-2010) en een daling van de kostprijs van LED met 3% per jaar tot en met 2026. Jaarlijkse kosten Extra investeringen t.o.v. huidig jaar huidig Huidig Huidig Huidig Huidig Huidig Huidig LED LED LED LED dimmer dimmer dimmer dimmer variant 3 variant 1 Variant 2 Variant 4 variant 1 Variant 2 Variant 4 2012 325.588 660.512 689.006 354.082 2012 334.925 363.419 28.494 2013 330.238 656.099 683.571 356.836 2013 325.861 353.333 26.599 2014 335.213 651.873 678.179 359.651 2014 316.660 342.966 24.438 2015 340.537 647.819 672.803 362.521 2015 307.282 332.266 21.984 2016 346.233 643.922 667.408 365.439 2016 297.689 321.175 19.206 2017 352.329 640.166 661.962 368.400 2017 287.837 309.633 16.071 2018 358.851 636.531 656.425 371.394 2018 277.681 297.574 12.543 2019 365.829 632.998 650.755 374.411 2019 267.169 284.926 8.582 2020 373.296 629.543 644.908 377.441 2020 256.247 271.612 4.145 2021 381.286 626.143 638.833 380.469 2021 244.857 257.547-817 2022 389.834 622.771 632.475 383.482 2022 232.936 242.640-6.353 2023 398.982 619.396 625.775 386.461 2023 220.415 226.793-12.521 2024 408.769 615.988 618.667 389.388 2024 207.218 209.897-19.382 2025 419.242 612.509 611.079 392.241 2025 193.266 191.837-27.002 2026 430.448 608.920 602.933 394.994 2026 178.472 172.485-35.454 2027 442.438 320.927 309.890 397.620 Totaal 3.948.516 4.178.104 60.534 Voor de berekening zijn wij er vanuit gegaan dat bij variant 1 en 2 verlichting inclusief masten in een periode van 15 in het geheel is vervangen. In de linker tabel is te zien dat de kosten van variant 4 in 2021 al lager zijn dan de huidige variant. In 2027 zijn de kosten van de varianten 1 en 2 lager dan de huidige situatie. Dit is tevens het jaar waarin er geen masten meer vervangen hoeven te worden omdat in de periode 2012-2026 alle masten vervangen moeten worden tbv. LED. De masten gaan normaal 45 jaar mee. Dit betekend dat tot 2057 geen masten meer vervangen hoeven te worden. In de rechter tabel is te zien dat voor variant 1 3.948.516, 4.178.104 voor variant 2 en 60534 extra geïnvesteerd moet worden de komende 15 jaar om de complete omvorming te realiseren. In bijlage 4 zijn de cumulatieve kosten weergegeven tot en met 2060. Hierin zien we dat de extra investeringen pas in 2045 voor variant 2 terug verdiend zijn en voor variant 1 pas in 2048. De periode waarin variant 4 zich zelf terug verdiend is aanzienlijk korter. Deze variant is vanaf 2028 al goedkoper. blad 21 van 28
Als we kijken naar het energieverbruik dan zien we dat zowel variant 1, 2 en 4 in het tweede jaar al een besparing van 3% opleveren, waarmee er voldaan wordt aan de par. 2.2.3. genoemde besparing van 3% op het energieverbruik. Deze besparing loopt op tot 46% voor variant 1, 68% voor variant 2 en 40% voor variant 4. Verbruik besparing in verbruik jaar huidig Huidig Huidig Huidig jaar Huidig Huidig Huidig LED LED LED LED dimmer dimmer dimmer dimmer variant 3 variant 1 Variant 2 Variant 4 variant 1 Variant 2 Variant 4 2012 620832 620832 620832 620832 2012 0% 0% 0% 2013 620832 601761 592834 604277 2013 3% 5% 3% 2014 620832 582689 564835 587721 2014 6% 9% 5% 2015 620832 563617 536837 571166 2015 9% 14% 8% 2016 620832 544545 508838 554610 2016 12% 18% 11% 2017 620832 525474 480840 538055 2017 15% 23% 13% 2018 620832 506402 452841 521499 2018 18% 27% 16% 2019 620832 487330 424842 504944 2019 22% 32% 19% 2020 620832 468259 396844 488388 2020 25% 36% 21% 2021 620832 449187 368845 471833 2021 28% 41% 24% 2022 620832 430115 340847 455277 2022 31% 45% 27% 2023 620832 411044 312848 438721 2023 34% 50% 29% 2024 620832 391972 284850 422166 2024 37% 54% 32% 2025 620832 372900 256851 405610 2025 40% 59% 35% 2026 620832 353828 228853 389055 2026 43% 63% 37% 2027 620832 334757 200854 372499 2027 46% 68% 40% 4.2.3 Verschillen tussen varianten In onderstaande tabel zijn de verschillen tussen de varianten opgenomen op basis van een negental thema's. Onderhoudskosten Verbruikskosten LED Dimmer Reductie energie Veiligheid Levensduur Lichtvervuiling Politiekeurmerk Variant 1 + ++ ja nee ++ +/- ++ + - Variant 2 +/- +++ ja ja +++ - ++ ++ - 'Variant 3' +++ +/- nee nee +/- +/- +/- +/- - Variant 4 ++ + nee ja + - + ++ - Variant 5 -- - ja nee - + ++ + + Variant 6 - -- nee nee -- + +/- +/- + Op basis van de bovengenoemde vergelijking van de varianten en gelet op onderhoud en verbruik is 'variant 3' het meest gunstig. blad 22 van 28
4.3 Conclusie 'Variant 3' betreft de huidige situatie. Dit is tevens de meest voordelige keuze. Kanttekening hierbij is dat deze variant geen politiekeurmerk heeft en daarmee niet voldoet aan de richtlijnen van de NSVV. Met een politiekeurmerk treedt er een hoger energieverbruik op. Ook zijn er meer lichtmasten nodig, met meer duurdere LED-lampen, waardoor de terugverdientijd lang is. Kijken we naar de ambities van de gemeente op het gebied van duurzaamheid, dan zou gekozen moeten worden voor variant 2. Hier wordt een besparing van 68% op het energieverbruik gerealiseerd ten opzichte van het huidige verbruik. In financiële zin is deze keuze 22% duurder dan de huidige situatie. De varianten met LED-verlichting (1, 2 en 5) zijn op dit moment in vergelijking met de huidige lampen en armaturen nog duur. Gezien de ontwikkelingen in de markt zullen deze prijzen de komende jaren aanzienlijk dalen. Bij een stijging van de energiekosten en een daling van de eenheidsprijzen van de LED verlichting wordt het toepassen van LED steeds interessanter en op de langere termijn aanzienlijk goedkoper. Zie berekening par. 4.2.2. Variant 4 is 2.200 duurder, maar levert wel 40% energiebesparing op ten opzichte van de huidige strategie. Uiteraard is het mogelijk om in verschillende gebieden aparte strategieën te kiezen. Hierbij dient te worden opgemerkt dat in woonwijken en langs doorgaande wegen de meeste winst te te behalen valt, omdat de arealen hier het grootst zijn (respectievelijk 3.407 en 697 masten). Conclusie is, dat de huidige situatie (variant 3) op basis van huidig prijspeil van de LED verlichting en energiekosten (variant 2) de meest voordelige keuze is, maar op de langere termijn zal LED verlichting in combinatie met dimmer de meest voordelige keuze zijn. Wel dient hierbij opgemerkt te worden dat het omslag punt pas in 2045 bereikt wordt. Variant 4 levert ook in het tweede jaar al de gewenste 3% op en heeft de kortset terugverdien tijd. De duurste variant is de variant met het politiekeurmerk en uitgevoerd in LED-verlichting. Het verschil met de huidige situatie is 390.560. De gemeente maakt op het ogenblik gebruik van lampen met een laag verbruik. De winst die nog te behalen is, zit met name in het terugdringen van het aantal lampen. blad 23 van 28
Bijlage 1: standaardcomposities In deze bijlage is een overzichtstabel opgenomen met de standaard composities. mast armatuur lamp mast armatuur lamp 4 m wandarm Philips FCW120K plc18 6 m aluminium enkele uithouder Schreder Onyx 2 sont70 4 m wandarm Schreder Altra 2 pll36 6 m aluminium paaltop Industria 2500 pll24 4 m gietijzer paaltop SDR Belgica plt32 6 m aluminium paaltop Industria 2500 pll36 4 m staal wandarm Industria 2500 SNN tld18 6 m staal wandarm Industria 2500 pll36 4 m staal wandarm Philips SGS hpl80 6m aluminium enkele uithouder Industria 2050 pll24 4 m staal wandarm Philips SGS 201 hpl80 6m aluminium enkele uithouder Industria 2500 pll36 4 m staal wandarm Philips XRC soxe26 6m aluminium enkele uithouder Industria 2500 pll55 4 m staal wandarm Schuch hpl125 6m aluminium enkele uithouder Industria 2550 pll36 4,0 m aluminium paaltop Industria 2000 pll24 6m aluminium enkele uithouder Industria 2600 pll24 4,0 m aluminium paaltop Industria 2600 pll24 6m aluminium enkele uithouder Industria 2600 pll55 4m aluminium paaltop Industria 2000 pll24 6m aluminium enkele uithouder Industria 2600 sont100 4m aluminium paaltop Industria 2000 pll36 6m aluminium enkele uithouder Industria 2600 sont70 4m aluminium paaltop Industria 2000 tld24 7 m aluminium dubbele uithoude Industria 2500 pll55 4m aluminium paaltop Industria 2050 pll24 7 m aluminium dubbele uithoude Industria 2650 sont70 4m aluminium paaltop Industria 2050 pll36 7 m aluminium dubbele uithoude Philips FGS pll55 4m aluminium paaltop Industria 2200 pll24 7 m aluminium dubbele uithoude Schreder Altra 3 pll55 4m aluminium paaltop Industria 2500 pll36 7 m aluminium dubbele uithoude Schreder Altra 3 sont70 4m aluminium paaltop Industria 2600 pll24 7 m aluminium enkele uithouder Industria 2500 pll36 4m aluminium paaltop Industria padvinder pll24 7 m aluminium enkele uithouder Industria 2500 pll36 4m staal paaltop Industria 2310 pll24 7 m aluminium enkele uithouder Industria 2650 sont50 4m staal paaltop Industria 2310 pll36 7 m aluminium enkele uithouder Industria 2650 sont70 5 m aluminium dubbele uithouder Bega 9316 hpl250 7 m aluminium enkele uithouder Philips sont100 5 m aluminium dubbele uithouder Industria 2500 pll36 7 m aluminium enkele uithouder Schreder Altra 3 pll55 5 m aluminium dubbele uithouder Philips SGS 203 sont100 7m aluminium enkele uithouder Industria 2500 pll24 5 m aluminium enkele uithouder Industria 2500 pll24 8 m aluminium Industria 2500 pll36 5 m aluminium enkele uithouder Industria 2500 pll36 8 m aluminium Industria 2650 sont100 5 m aluminium enkele uithouder Philips SGS 203 sont100 8 m aluminium Schreder Altra 2 pll36 5m aluminium enkele uithouder Industria 2000 SNN pll24 8 m aluminium dubbele uithoude Industria 2500 pll36 5m aluminium enkele uithouder Industria 2050 pll36 8 m aluminium dubbele uithoude Industria 2500 pll55 5m aluminium enkele uithouder Industria 2500 pll24 8 m aluminium dubbele uithoude Industria 2650 sont70 5m aluminium enkele uithouder Industria 2500 pll36 8 m aluminium dubbele uithoude Industria 2680 sont50 5m aluminium enkele uithouder Industria 2550 pll24 8 m aluminium enkele uithouder Industria 2500 pll24 5m aluminium enkele uithouder Industria 2550 pll36 8 m aluminium enkele uithouder Industria 2500 pll36 5m aluminium paaltop Industria 2000 pll24 8 m aluminium enkele uithouder Industria 2500 pll55 5m aluminium paaltop Industria 2050 pll24 8 m aluminium enkele uithouder Industria 2500 sont50 5m aluminium paaltop Industria 2500 pll36 8 m aluminium enkele uithouder Industria 2500 tlem40 6 m aluminium Industria 2500 pll24 8 m aluminium enkele uithouder Industria 2650 pll36 6 m aluminium dubbele uithoude Industria 2500 pll24 8 m aluminium enkele uithouder Industria 2650 sont100 6 m aluminium dubbele uithoude Industria 2500 pll36 8 m aluminium enkele uithouder Industria 2650 sont70 6 m aluminium dubbele uithoude Industria 2600 pll24 8 m aluminium enkele uithouder Industria 2680 sont50 6 m aluminium dubbele uithoude Industria 2600 pll36 8 m aluminium enkele uithouder Philips FGS pll55 6 m aluminium dubbele uithoude Schreder Altra 2 sont50 8 m aluminium enkele uithouder Schreder Altra 2 pll36 6 m aluminium enkele uithouder Industria 2500 pll24 8 m aluminium enkele uithouder Schreder Onyx 2 pll55 6 m aluminium enkele uithouder Industria 2500 pll36 8 m aluminium enkele uithouder Schreder Onyx 2 sont100 6 m aluminium enkele uithouder Industria 2500 pll55 8 m aluminium enkele uithouder Schreder Onyx 2 sont70 6 m aluminium enkele uithouder Industria 2500 sont70 8m aluminium enkele uithouder Industria 2500 pll55 6 m aluminium enkele uithouder Industria 2500 sox90 8m aluminium enkele uithouder Industria 2550 pll36 6 m aluminium enkele uithouder Industria 2600 pll24 8m aluminium enkele uithouder Industria 2600 sont70 6 m aluminium enkele uithouder Industria 2600 pll36 9 m aluminium enkele uithouder Industria 2600 pl24 6 m aluminium enkele uithouder Industria 2650 sont50 9 m aluminium enkele uithouder Industria 2600 pll55 6 m aluminium enkele uithouder Industria 2650 sont70 9 m aluminium enkele uithouder Industria 2600 sont100 6 m aluminium enkele uithouder Industria TLS pll24 9 m aluminium enkele uithouder Industria 2650 sont70 6 m aluminium enkele uithouder Industria TLS pll36 9 m aluminium enkele uithouder Philips FGS pll55 6 m aluminium enkele uithouder Philips FGS pll55 9 m aluminium enkele uithouder Philips SRS 201 sont100 6 m aluminium enkele uithouder Philips SGS sont100 9 m aluminium enkele uithouder SRMPh sont100 6 m aluminium enkele uithouder Philips SGS sont70 9 m aluminium enkele uithouder SRMPh sont70 6 m aluminium enkele uithouder Philips SOX sox90 Op VRI, staal Industria 2500 pll55 6 m aluminium enkele uithouder Philips SRS sont70 RCR - BGL (Staal) Industria 2050 pll24 6 m aluminium enkele uithouder Philips SRS sox135 RCR - BGL (Staal) Industria 2310 pll24 blad 24 van 28
Bijlage 2: beleidskeuzes Herziende richtlijnen NSVV blad 25 van 28
Bijlage 3: motie "aandachtspunten beleidsplan openbare verlichting gemeente Bloemendaal 2011" van GroenLinks Motie: AANDACHTSPUNTEN BELEIDSPLAN OPENBARE VERLICHTING GEMEENTE BLOEMENDAAL 2011 Corsanummer: Van: Aan: Fractie Groen Links gemeenteraad Bloemendaal de voorzitter van de gemeenteraad van Bloemendaal Onderwerp: Aanbesteding Beleidsplan Openbare verlichting Datum raad in gemeente Bloemendaal in openbare vergadering bijeen op 4 november 2010: Overwegende / constaterende dat: a. Het beleidsplan Openbare Verlichting de afgelopen paar jaar steeds is uitgesteld; b. Mede hierdoor de jaarlijkse kosten voor onderhoud momenteel toenemen; c. Er voor lichtmasten / armaturen geen afschrijvingsregels gelden zoals genoemd in de grondslagen voor de Begroting (p. 147 Begroting Bloemendaal 2010); d. Er in 2011 een nieuw plan en nieuwe aanbesteding voor openbare verlichting in de gemeente Bloemendaal dient plaats te vinden; e. dit plan uitgangspunten biedt voor het aanbesteding(scontract), f. Dat tegenover de argumenten voor uitstel (Najaarsnota Bld 2010, p. 9: "recente ontwikkelingen, met name de aankondiging van nieuwe ontwerprichtlijnen en toetsingscriteria" en de snelle doorontwikkeling van LEDverlichting ) staat, dat een nieuw contract voor vervanging en onderhoud zowel voor milieu als financieel voordelen kan opleveren en dat niet alleen kostenbesparing en C02- uitstootbeperking criteria voor vervanging en onderhoud zijn, maar ook het belang van duisternis (c.q. beperking lichthinder) voor mens en dier. Te veel licht heeft negatieve effecten op flora, fauna, biodiversiteit, gezondheid, landschap." blad 26 van 28
g. Een Verlichtingsplan overwegingen bevat m.b.t. lichtintensiteit, kleur, rendement, kosten enz. die ook voor particuliere verlichting relevant zijn; h. Input voor het Verlichtingsplan o.a. de beschrijving van de huidige situatie moet zijn, inclusief meldingen van "te veel" of "te weinig" licht op bepaalde plekken. draagt het College op om: 1. In de loop van 2011, uiterlijk in september, het Beleidsplan Openbare Verlichting aan de raad voor te leggen, op basis waarvan in vervanging en onderhoud van armaturen / lampen etc. kan worden gepland voor ten minste acht jaar en een nieuw onderhoudscontract voor de komende jaren kan worden afgesloten; 2. Rekening te houden met investeringen in openbare verlichting met het oog op veiligheid èn energie(kosten)besparing èn natuur (duisternis); 3. Bij vervangingsinvesteringen de terugverdientijd niet alleen te berekenen rekening houdende met energiekosten, maar ook met de maatschappelijke kosten van kapitaalvernietiging en met efficiency voordelen van groepsgewijze vervanging (c.q. vervanging per laan of wijk). 4. Bij vervanging(splanning) ook rekening te houden met moderne energie-besparende en bewezen oplossingen zoals: a. Reflectoren in plaats van verlichting; b. Gebruik(er)sgestuurde verlichting; c. Toepassing van de meest effectieve kleuren (bv.: bekend is dat wit-groen licht effectief kan zijn voor mensen en wit-geel licht vleermuizen het minst verstoort); d. Milieu- en kwaliteitsaspecten m.b.t. de openbare verlichting te communiceren ter inspiratie van verbeteringen in particuliere verlichting (in tuinen, bij paardenbakken, etalages, enz.). 5. Op de website van de gemeente (nogmaals) op te roepen tot het melden van gebreken in de verlichting en ook lichthinder, zodat de meldingen (via MELDPUNT) gebruikt kunnen worden als een input voor het Verlichtingsplan. Besluit raad: Stemmen voor: Stemmen tegen: blad 27 van 28
Bijlage 4: Berekening cumulatieve kosten. Kosten cumulatief jaar huidig Huidig Huidig Huidig LED LED dimmer dimmer variant 3 variant 1 Variant 2 variant 4 2012 325.588 660.512 689.006 354.082 2013 655.825 1.316.611 1.372.577 710.918 2014 991.038 1.968.484 2.050.757 1.070.569 2015 1.331.575 2.616.303 2.723.559 1.433.089 2016 1.677.809 3.260.225 3.390.968 1.798.529 2017 2.030.137 3.900.391 4.052.929 2.166.929 2018 2.388.988 4.536.923 4.709.354 2.538.322 2019 2.754.817 5.169.920 5.360.109 2.912.734 2020 3.128.113 5.799.463 6.005.017 3.290.174 2021 3.509.398 6.425.606 6.643.849 3.670.643 2022 3.899.233 7.048.377 7.276.324 4.054.125 2023 4.298.215 7.667.774 7.902.099 4.440.586 2024 4.706.984 8.283.761 8.520.766 4.829.974 2025 5.126.226 8.896.270 9.131.845 5.222.214 2026 5.556.674 9.505.190 9.734.778 5.617.208 2027 5.999.113 9.826.116 10.044.668 6.014.829 2028 6.454.380 10.153.961 10.358.710 6.420.147 2029 6.923.376 10.489.207 10.677.194 6.833.701 2030 7.407.060 10.832.374 11.000.432 7.256.069 2031 7.906.461 11.184.015 11.328.755 7.687.867 2032 8.422.679 11.544.724 11.662.520 8.129.755 2033 8.956.891 11.915.136 12.002.107 8.582.440 2034 9.510.357 12.295.929 12.347.924 9.046.677 2035 10.084.424 12.687.831 12.700.408 9.523.275 2036 10.680.535 13.091.619 13.060.024 10.013.099 2037 11.300.233 13.508.125 13.427.272 10.517.075 2038 11.945.169 13.938.239 13.802.686 11.036.193 2039 12.617.108 14.382.914 14.186.837 11.571.515 2040 13.317.943 14.843.170 14.580.338 12.124.173 2041 14.049.695 15.320.096 14.983.842 12.695.381 2042 14.814.528 15.814.860 15.398.050 13.286.439 2043 15.614.759 16.328.711 15.823.710 13.898.734 2044 16.452.864 16.862.984 16.261.626 14.533.755 2045 17.331.496 17.419.109 16.712.653 15.193.092 2046 18.253.491 17.998.615 17.177.710 15.878.446 2047 19.221.885 18.603.140 17.657.780 16.591.640 2048 20.239.925 19.234.435 18.153.912 17.334.621 2049 21.311.087 19.894.374 18.667.231 18.109.476 2050 22.439.089 20.584.961 19.198.941 18.918.434 2051 23.627.910 21.308.342 19.750.328 19.763.884 2052 24.881.807 22.066.812 20.322.770 20.648.380 2053 26.205.337 22.862.829 20.917.740 21.574.655 2054 27.603.372 23.699.020 21.536.816 22.545.634 2055 29.081.128 24.578.197 22.181.684 23.564.445 2056 30.644.187 25.503.369 22.854.151 24.634.437 2057 32.298.518 26.576.255 23.654.647 25.759.194 2058 34.050.512 27.712.657 24.488.840 26.942.547 2059 35.907.004 28.910.075 25.358.941 28.188.600 2060 37.875.309 30.172.558 26.267.319 29.501.740 blad 28 van 28