Borstreconstructie Bijna alle patiënten die borstkanker hebben, of hebben gehad, komen in aanmerking voor een vorm van borstreconstructie. Voorlichting over de borstreconstructie mogelijkheden maakt deel uit van behandeling van borstkanker. Kiezen van een tijdstip Afhankelijk van het tijdstip dat borstreconstructie plaats vindt, maken we onderscheid tussen een primaire of secundaire reconstructie. Een primaire of directe borstreconstructie vindt plaats tijdens dezelfde sessie als de verwijdering van het kwaadaardige gezwel. We maken onderscheid tussen een primaire reconstructie met behulp van een prothese nadat een huidsparende amputatie is verricht, of een oncoplastische reductie met eigen borstweefsel nadat een borstsparende behandeling is uitgevoerd. Directe reconstructie met prothese De meeste vrouwen die hiervoor in aanmerking komen zijn draagsters van de BrCa genen, of vrouwen die een voorstadium van borstkanker hebben, de zogenaamde Ductaal Carcinoma in Situ (afgekort DCIS). Bij beide groepen vrouwen is het verantwoord om zoveel mogelijk huid te sparen, dat wil zeggen dat alleen de tepel samen met de borstklier wordt weggehaald, en de rest van de huid, vaak inclusief de tepelhof, wordt gebruikt voor de borstreconstructie. Ook vrouwen die een relatief kleine cup maat hebben (A en B) zijn goede kandidaten voor deze techniek, omdat bij hun een borstsparende behandeling geen fraaie resultaten geeft. Bij deze groep wordt vaak de zogenaamde schildwacht klier procedure van te voren uitgevoerd. Als de schildwachtklier vrij is van tumorcellen, is de kans klein dat de patiënten nabestraald moeten worden. Aangezien nabestraling van een prothese schrompeling van het kapsel kan veroorzaken, proberen we deze combinatie zoveel mogelijk te voorkomen. Oncoplastische reductie of borstsparende behandeling in de vorm van borstverkleining Bij vrouwen met een grotere cup maat (vanaf C of D), is het mogelijk om de borstsparende operatie gelijk te combineren met een gewone borstverkleining. Het voordeel van deze techniek is dat de borst een fraaie vorm heeft en die ook behoudt na de bestraling. Als de bestraling is afgelopen, wordt de andere kant ook aangepast. Deze operatie wordt altijd door twee medisch specialisten uitgevoerd: een oncologisch en een plastisch chirurg. Het nadeel van deze techniek is dat, als er onvoldoende weefsel is weggehaald en er is een rest tumor in de borst achtergebleven, er een borstamputatie gedaan moet worden. Omdat de weefsels verplaatst zijn, is er dan geen tweede resectie van de tumor mogelijk.
Een secundaire of indirecte borstreconstructie kan weken tot jaren na mastectomie plaats vinden. De meeste vrouwen die voor secundaire reconstructie in aanmerking komen zijn de vrouwen die een aanvullende behandeling nodig hebben (gehad), zoals bestraling, chemotherapie, of beide. Kiezen van het materiaal Borstreconstructie kan uitgevoerd worden met behulp van lichaamsvreemd, lichaamseigen materiaal, of een combinatie van beide. Een borstimplantaat is een silicone omhulsel die met verschillende materialen gevuld kan zijn. De meest bekende en bestudeerde materialen zijn siliconen gel en zoutwater oplossing. Er zijn twee soorten implantaten: een tijdelijke implantaat, de zogenaamde tissue expander, en de definitieve borstprothese. De tissue expander wordt periodiek (meestal 1 keer per week) gevuld met zoutwater oplossing totdat de huid voldoende gerekt is om een prothese te plaatsen. Een borstprothese kan rond of druppelvormig zijn, en is meestal gevuld met silicone gel. In tegenstelling tot wat met enige regelmaat in de media wordt gemeld, is silicone een volkomen veilige stof die behalve voor borstprotheses ook gebruikt wordt voor het maken van haarlak, nagellak, baby spenen, infusen en vele andere artikelen. Het voordeel van een reconstructie met een borstimplantaat is dat het de meest simpele vorm van reconstructie is. Het nadeel is dat er ook op lange termijn complicaties kunnen optreden in de zin van kapsel contractuur, hetgeen soms wisseling van de prothese noodzakelijk maakt. Bij een reconstructie met eigen weefsel kan gebruik worden gemaakt van huid-, vet- en spierweefsel afkomstig van elders in het lichaam, meestal rug of buik. Een aantal van deze technieken zijn iets ingewikkelder. De operaties duren langer en brengen hogere operatie risico s met zich mee. Het voordeel is dat op lange termijn geen problemen meer optreden. De keuze van een borstreconstructie methode is afhankelijk van veel verschillende factoren: algemene gezondheidstoestand, leeftijd, omvang van de borst(en), lichaamsbouw, levensstijl, kwaliteit van de huid, bestraling in de voorgeschiedenis, enzovoort. De verschillende mogelijkheden voor borstreconstructie Tissue expansion en reconstructie met prothese Deze methode is geschikt voor vrouwen die een mastectomie hebben ondergaan, en die niet zijn bestraald. Na een mastectomie is er te weinig huid om meteen een prothese te kunnen plaatsen. Tijdens de eerste operatie wordt de Tissue expander (een silicone ballonnetje) onder de borst spier ingebracht. Als de genezing normaal is verlopen, wordt na twee weken begonnen met wekelijks bijvullen van de Tissue expander met zoutwater oplossing. Door druk ter plaatse wordt de huid uitgerekt, maar er treedt ook vermeerdering van de huidcellen op. Deze processen vinden ook plaats in de buikhuid tijdens de zwangerschap. Het gewenste vulvolume wordt na vier tot acht weken bereikt. Dit is altijd groter dan het volume van de prothese die ingebracht wordt tijdens de tweede operatie. Het overvullen wordt gedaan om te compenseren voor het terugveren van de huid.
Om de mate van terugveren van de huid te beperken, blijft de Expander nog drie maanden na het bereiken van het gewenste volume zitten. Enkele maanden na de eerste operatie wordt tijdens de tweede operatie de Expander vervangen door de definitieve borstprothese. De borstprothese is meestal druppelvormig en gevuld met silicone gel. Voordelen van deze vorm van reconstructie zijn dat het een betrekkelijk eenvoudige methode is. De operatie tijd is zowel de eerste als de tweede keer tussen een en twee uur. De opname duur is ongeveer vijfdagen. Twee tot vier weken na het voltooien van de reconstructie kunnen de dagelijkse werkzaamheden worden hervat. Er worden over het algemeen geen extra littekens gemaakt. Sinds de ontwikkeling van borstimplantaten in 1960 hebben enkele miljoenen vrouwen over de hele wereld gebruik gemaakt van dit procedé. Nadelen van deze vorm van reconstructie zijn dat er twee operaties nodig zijn. De reconstructie neemt enkele maanden in beslag en op langer termijn blijkt soms wisseling van de prothese noodzakelijk te zijn. Thoraco-dorsale (TD) lap Soms blijft er na mastectomie een overschot aan huid onder de oksel. Deze huid kan gezwaaid worden naar de borst toe, waarbij de oksel weer mooi plat wordt gemaakt, en de borst extra huid krijgt. Deze ingreep kan tijdens de eerste of de tweede operatie plaats vinden, maar gaat wel gepaard met het maken van een extra litteken. Latissimus Dorsi lap (de rugspiermethode) Latissimus Dorsi is de grote rugspier. Bij de operatie wordt de spier losgemaakt van het bekken en de wervelkolom, maar blijft wel vastzitten aan een steel waarlangs de bloedvaten en de zenuw lopen. De steel bevindt zich in de oksel zodat de spier aan zijn steel gezwaaid kan worden naar de voorkant van de borstkas om daar de nieuwe borst te maken. Een stukje huid (de zogenaamde huideiland) wordt van de rug meegenomen en eveneens gebruikt voor de nieuwe borst. Omdat de spier niet veel volume heeft, kunnen op deze manier alleen kleine borsten worden gereconstrueerd. Bij grotere borsten kan deze methode worden gecombineerd met het plaatsen van een prothese onder de rugspier zodat er meer volume wordt verkregen. De rugspiermethode is zeer geschikt voor vrouwen die bestraald zijn. Het wordt ook vaak gebruikt bij vrouwen die de zogenaamde borstsparende operatie hebben gehad en daarna zijn bestraald. Voordelen van deze techniek zijn dat eigen weefsel wordt gebruikt om de nieuwe borst te maken, en dat er gezond weefsel naar het bestraalde gebied wordt getransplanteerd. Nadelen van deze techniek zijn dat het een grotere operatie is die drie tot vier uur duurt.
De opname duurt ongeveer een week en het herstel duurt iets langer. Er komt een extra litteken op de rug en een extra litteken op de nieuwe borst. De gesteelde TRAM lap De TRAM staat voor Transverse Rectus Abdominis Muscle. Hierbij wordt de huid en het buikvet van de onderbuik gebruikt om de nieuwe borst te maken. Een van de rechte buik spieren (Rectus Abdominis Muscle) wordt gebruikt als steel waarlangs de bloedvaten lopen die de lap in leven houden. Op de plaats waar de spier vandaan komt wordt een kunststof matje ingehecht om de buikwand weer stevig te maken. Voordelen van deze techniek zijn dat eigen weefsel wordt gebruikt om de nieuwe borst te maken. Hierbij raken de vrouwen die zwanger zijn geweest het buideltje aan de voorkant kwijt. Omdat op deze manier veel weefsel wordt verkregen kunnen er flinke borsten worden gereconstrueerd. Nadelen van deze techniek zijn dat het een grote operatie is die vier tot vijf uur duurt. De opname duurt ongeveer een week en het herstel duurt iets langer. Het kan een aantal maanden duren voordat de buikwand volledig weer hersteld is in de zin van kracht. Er komt een extra litteken op de buik. En kan er sprake zijn van (tijdelijk) verminderd gevoel in het geopereerde gebied. Niet alle vrouwen zijn geschikt voor deze methode. Zeer slanke vrouwen en/of vrouwen die niet zwanger zijn geweest zijn vaak minder geschikte kandidaten voor een TRAM lap. Eerdere operaties aan de buik kunnen, evenals roken en (ernstig) overgewicht een reden zijn om voor een andere techniek te kiezen. De vrije (mini) TRAM en DIEP lap Bij een vrije lap wordt het weefsel losgemaakt van de oorspronkelijke plaats met het meenemen van de aders en de slagaders. En wordt met behulp van microchirurgie op de gewenste plaats weer aangesloten. Bij deze technieken wordt de huid en het buikvet wederom gebruikt om de nieuwe borst te maken. Alleen wordt de spier (gedeeltelijk) gespaard. Ook bij deze technieken wordt vaak een (kleiner) kunststof matje gebruikt om de buikwand te verstevigen. Omdat vrije lappen microchirurgische ingrepen zijn duurt de operatie langer. Meestal tussen de zes tot acht uur. Deze operatie kent meer risico s (trombose, longproblemen, enzovoort). Na een dergelijke operatie gaan de patiënten minstens 24 uur naar de afdeling Intensive Care. De opname duurt ongeveer tien dagen en het herstel enkele maanden. Risico op complicaties is bij deze methode groter dan bij alle andere technieken. Voordelen van deze methode zijn vergelijkbaar met de gesteelde TRAM lap. Een bijkomend voordeel van de mini-tram en DIEP lap is dat de rechte buikspier grotendeels gespaard blijft. Nadelen van deze methode zijn eveneens vergelijkbaar met de gesteelde TRAM. De andere nadelen zijn boven al genoemd.
Om de risico s zo veel mogelijk te beperken, worden deze operaties vooral bij jonge, gezonde en niet rokende patiënten uitgevoerd. Tepelreconstructie De tepel kan op drie manieren worden gereconstrueerd: door middel van tatoeage, het delen van de gezonde tepel, of door een locale reconstructie. De gezonde tepel kan gebruikt worden voor reconstructie als deze groot genoeg is. Bij een locale reconstructie wordt de huid van de gereconstrueerde borst opgericht, zodat er een knopje ontstaat. Hiervoor zijn verschillende technieken in gebruik. Deze ingrepen worden uitgevoerd onder plaatselijke verdoving in een poliklinische setting. Als de tepelreconstructie is voltooid, kan er een tepelhof omheen getatoeëerd worden. Aanvullende ingrepen Een unilaterale (eenzijdige) reconstructie levert in de regel twee verschillende borsten op. Indien de asymmetrie (vooral qua volume) groot is, wordt meestal een symmetriserende operatie uitgevoerd. Hierbij kan de gezonde borst kleiner of groter gemaakt worden. Preventieve borst amputatie Vrouwen die draagsters zijn van een van de BrCa genen kunnen kiezen voor een preventieve borst amputatie en primaire reconstructie. Voor een bilaterale (tweezijdige) borstreconstructie komen maar twee methodes in aanmerking: borstprotheses of een bilaterale mini TRAM of DIEP lap. Bij vrouwen met kleine borsten kan een primaire reconstructie meteen met protheses uitgevoerd worden. Bij vrouwen met grote cupmaat worden meestal aan beide kanten Tissue expanders ingebracht. Die worden later vervangen door protheses. Bij een bilaterale DIEP lap stijgt de operatie tijd naar ongeveer 10 tot 12 uur, waarmee ook de complicatie risico toeneemt. Tot slot Mocht u na het lezen van deze folder nog vragen hebben, dan kunt u contact opnemen met de polikliniek Plastische chirurgie. De polikliniek Plastische Chirurgie is bereikbaar op maandag, dinsdag, donderdag en vrijdag van 9.00 tot 16.00 uur via telefoonnummer: (079) 346 28 04. Wij stellen uw mening op prijs. Heeft u opmerkingen of suggesties over deze folder of over uw behandeling, laat dit ons dan weten. LangeLand Ziekenhuis, Zoetermeer P00.186/juli 2011/Plastische Chirurgie