Ontwerp van decreet houdende diverse bepalingen inzake omgeving, natuur en landbouw

Vergelijkbare documenten
Ontwerp van decreet houdende diverse bepalingen inzake omgeving, natuur en landbouw

30 JUNI Decreet houdende diverse bepalingen inzake omgeving, natuur en landbouw (1)

DE VLAAMSE REGERING, Op voorstel van de Vlaamse minister van Omgeving, Natuur en Landbouw; BESLUIT:

GEMEENSCHAPS- EN GEWESTREGERINGEN GOUVERNEMENTS DE COMMUNAUTE ET DE REGION GEMEINSCHAFTS- UND REGIONALREGIERUNGEN

4 lokale PPS-projecten : PPS-projecten van de lokale besturen en van de ervan afhangende rechtspersonen;

De VLAAMSE RAAD heeft aangenomen en Wij, EXECUTIEVE, bekrachtigen hetgeen volgt:

Voorontwerp van decreet tot wijziging van diverse bepalingen van het decreet van 27 oktober 2006 betreffende de bodemsanering en de bodembescherming

DE VLAAMSE REGERING, Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor begroting, gegeven op 10 juni 2016;

Ontwerp van decreet betreffende de fiscale gunstmaatregelen die verbonden zijn aan natuurbeheerplannen DE VLAAMSE REGERING,

Managementplan. Griet Beckers 09 september 2014

MONITEUR BELGE Ed. 2 BELGISCH STAATSBLAD

Belgisch Staatsblad dd

VR DEC.0080

TITEL I OPRICHTING VAN EEN INTERN VERZELFSTANDIGD AGENTSCHAP "INTERNE AUDIT VAN DE VLAAMSE ADMINISTRATIE"

Ontwerp van decreet. tot wijziging van de regelgeving inzake natuur en bos Tekst aangenomen door de plenaire vergadering

DE VLAAMSE REGERING, Gelet op het advies van de raad van bestuur van de Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening, gegeven 1 juli 2016;

GOUVERNEMENTS DE COMMUNAUTE ET DE REGION GEMEENSCHAPS- EN GEWESTREGERINGEN GEMEINSCHAFTS- UND REGIONALREGIERUNGEN

Tekst aangenomen door de plenaire vergadering. van het ontwerp van decreet

9 MEI Decreet tot wijziging van de regelgeving inzake natuur en bos

DE VLAAMSE REGERING, Op voorstel van de Vlaamse minister van Omgeving, Natuur en Landbouw; BESLUIT:

MONITEUR BELGE BELGISCH STAATSBLAD

DE VLAAMSE REGERING, Gelet op het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging, artikel 26, 2;

DE VLAAMSE REGERING, Op voorstel van de Vlaamse minister van Binnenlands Bestuur, Inburgering, Wonen, Gelijke Kansen en Armoedebestrijding; BESLUIT:

Ontwerp van decreet ( ) Nr. 5 4 juli 2012 ( ) stuk ingediend op

Brussel, 23 maart Mijnheer de minister-president,

Op voorstel van de Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin; Na beraadslaging, Besluit:

DE VLAAMSE REGERING, Op voorstel van de Vlaamse minister van Omgeving, Natuur en Landbouw; BESLUIT:

(B.S. 07/06/2004) Gecoördineerd tot 4 december Artikel. 1. Dit decreet regelt een gemeenschapsaangelegenheid.

tot wijziging van verschillende decreten in het kader van de herstructurering van het agentschap Toerisme Vlaanderen

DE VLAAMSE REGERING, Op voorstel van de Vlaamse minister van Binnenlands Bestuur, Inburgering, Wonen, Gelijke Kansen en Armoedebestrijding; BESLUIT:

36748 BELGISCH STAATSBLAD MONITEUR BELGE

Op voorstel van de Vlaamse minister van Buitenlands Beleid en Onroerend Erfgoed en van de Vlaamse minister van Begroting, Financiën en Energie;

Tekst aangenomen door de plenaire vergadering. van het ontwerp van decreet

VR DOC.1358/2BIS

voor de vaststelling van ruimtelijke uitvoeringsplannen, vermeld in artikel 3, de toepasselijke procedureregels van de Vlaamse Codex Ruimtelijke

VLAAMSE RAAD ZITTING OKTOBER 1995 VOORSTEL VAN DECREET. van mevrouw Vera Dua. houdende wijziging van het bosdecreet van 13 juni 1990

Belgisch Staatsblad dd

MONITEUR BELGE BELGISCH STAATSBLAD

BELGISCH STAATSBLAD Ed. 2 MONITEUR BELGE

MONITEUR BELGE BELGISCH STAATSBLAD

VR DOC.0722/3

DE VLAAMSE REGERING, Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de begroting, gegeven op 12 juli 2016;

De VLAAMSE RAAD heeft aangenomen en Wij, EXECUTIEVE, bekrachtigen hetgeen volgt

DE VLAAMSE REGERING, Gelet op het advies van de inspectie van Financiën, gegeven op 21 augustus 2017;

MINISTERIE VAN HET WAALSE GEWEST

Voorontwerp van decreet houdende wijziging van diverse decreten met betrekking tot het economisch, wetenschapsen innovatiebeleid

DE VLAAMSE REGERING, Gelet op het decreet van 30 juni 2017 houdende diverse bepalingen inzake omgeving, natuur en landbouw, artikel 47;

DE VLAAMSE REGERING, Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de begroting, gegeven op 4 juli 2017;

Het VLAAMS PARLEMENT heeft aangenomen en. Wij, REGERING, bekrachtigen hetgeen volgt :

DE VLAAMSE REGERING, BESLUIT:

DE VLAAMSE REGERING, Op voorstel van de Vlaamse minister van Omgeving, Natuur en Landbouw, BESLUIT:

Besluit van de Vlaamse Regering van 4 mei 2007 (BS 19 juni 2007) houdende het lokaal beleid kinderopvang. Titel I. Algemene bepalingen

betreffende de scholengemeenschappen in het basis- en secundair onderwijs

ONTWERP VAN DECREET TEKST AANGENOMEN DOOR DE PLENAIRE VERGADERING

DE VLAAMSE REGERING, Op voorstel van de Vlaamse minister van Binnenlands Bestuur, Inburgering, Wonen, Gelijke Kansen en Armoedebestrijding; BESLUIT:

MONITEUR BELGE BELGISCH STAATSBLAD VLAAMSE OVERHEID

Decreet tot wijziging van de regelgeving inzake natuur en bos

DE VLAAMSE REGERING, Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de begroting, gegeven op 8 juli 2016;

DE VLAAMSE REGERING, Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, artikel 20;

Ontwerp van decreet houdende diverse bepalingen inzake omgeving, natuur en landbouw MEMORIE VAN TOELICHTING

VOORSTEL VAN DECREET

Ministerieel besluit houdende de uitbreiding van het erkend natuurreservaat Heidebos (nr. E-147)

DE VLAAMSE REGERING, Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de begroting, gegeven op 19 juli 2018;

BELGISCH STAATSBLAD MONITEUR BELGE

Gelet op het decreet van 8 december 2000 houdende diverse bepalingen, artikel 4;

HOOFDSTUK I Algemeen. Artikel 1 Dit decreet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 107quater van de Grondwet.

Ontwerp van decreet tot wijziging van het decreet van 25 mei 2007 houdende de harmonisering van de procedures van voorkooprechten

Besluit van de Vlaamse Regering van 23 december 2011 houdende de organisatie van het toezicht, vermeld in artikel 29bis van de Vlaamse Wooncode

Instrumentenkoffer voor projecten, plannen en programma s

DE VLAAMSE REGERING, Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 1 juni 1995 houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne;

Ontwerp van decreet tot wijziging van diverse bepalingen van het decreet van 15 juli 1997 houdende de Vlaamse Wooncode

VR DOC.0270/2

DE VLAAMSE REGERING, Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 26 juli 2016 tot toekenning van onderbrekingsuitkeringen voor zorgkrediet;

Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de natuurbeheerplannen en de erkenning van natuurreservaten

BOS IN SINT-TRUIDEN Nota

Ontwerp van decreet. houdende wijziging van het tarief op het recht op verdelingen en gelijkstaande overdrachten

Tekst aangenomen door de plenaire vergadering. van het voorstel van decreet. houdende de nadere regels tot implementatie van de omgevingsvergunning

wie het personeelslid gehuwd is of een verklaring van wettelijke samenwoning heeft afgelegd de pleegvoogd is vermeld in artikel 475ter tot en met

Cultuurgemeenschap van België» vervangen door de woorden «Vlaamse Gemeenschap». HOOFDSTUK V. - Wijzigingen aan het decreet van 21 december 1976

VLAAMSE OVERHEID. 20 APRIL Decreet houdende diverse bepalingen inzake leefmilieu en natuur (1)

Besluit van de Vlaamse Regering betreffende nadere regels voor de milieueffectrapportage over projecten en voor de omgevingsveiligheidsrapportage

Gelet op het Jachtdecreet van 24 juli 1991, inzonderheid op de artikelen 7, 11 en 12;

Amendementen. op het ontwerp van decreet

Akte Oprichting gecoördineerde versie

Opschrift gewijzigd bij decreet van 12 februari 2004, art. 1 (inw. 29 maart 2004) (B.S )

AGROFORESTRY - JURIDISCHE ASPECTEN

VR DOC.0948/2BIS

DE VLAAMSE REGERING, Gelet op het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 van 10 april 1992, artikel /2 ;

PROVINCIERAAD VAN ANTWERPEN

Besluit van de Vlaamse Regering houdende diverse bepalingen over de handhaving van het integraal handelsvestigingsbeleid

VR DOC.0388/2BIS

DECREET. houdende oprichting van de naamloze vennootschap Mijnschade en Bemaling Limburgs Mijngebied

DE VLAAMSE REGERING, Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de begroting, gegeven op 18 december 2017;

VR DOC.0952/2BIS

Bekendmaking volgens art. 286, 287 en 288 van het decreet lokaal bestuur.

VR DOC.0555/2

Officieus gecoördineerde versie: oorspronkelijke tekst met opname van alle wijzigingen versie van kracht op DE VLAAMSE REGERING,

VR DOC.0834/3BIS

Besluit van de Vlaamse Regering tot vaststelling van het landinrichtingsplan Zelzate-Zuid

DE VLAAMSE REGERING, Gelet op het decreet van 18 december 2015 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2016, artikel 93:

Transcriptie:

Ontwerp van decreet houdende diverse bepalingen inzake omgeving, natuur en landbouw DE VLAAMSE REGERING, Op voorstel van de Vlaamse minister van Omgeving, Natuur en Landbouw, Na beraadslaging, BESLUIT: De Vlaamse minister van Omgeving, Natuur en Landbouw is ermee belast, in naam van de Vlaamse Regering, bij het Vlaams Parlement het ontwerp van decreet in te dienen, waarvan de tekst volgt: Hoofdstuk 1. Algemene bepaling Artikel 1. Dit decreet regelt een gewestaangelegenheid. Hoofdstuk 2. Wijzigingen van de wet van 23 september 1931 op de aanwerving van het personeel der zeevisscherij Art.2. In artikel 1 van de wet van 23 september 1931 op de aanwerving van het personeel der zeevisscherij, gewijzigd bij de wet van 13 augustus 1990, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1 in het eerste lid wordt het woord scheepsjongen vervangen door het woord scheepsjongere ; 2 in het tweede lid wordt het woord scheepsjongens vervangen door het woord scheepsjongeren. Art.3. In artikel 2, eerste lid, van dezelfde wet, vervangen bij de wet van 21 maart 1995, wordt het woord scheepsjongen vervangen door het woord scheepsjongere. Art.4. In artikel 3 van dezelfde wet, vervangen bij de wet van 13 augustus 1990 en gewijzigd bij de wet van 6 juni 2010, wordt het woord scheepsjongens telkens vervangen door het woord scheepsjongeren. Art.5. In artikel 6 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wetten van 13 augustus 1990 en 3 mei 1999, worden de woorden den scheepsjongen vervangen door de woorden de scheepsjongere. Art.6. In artikel 7 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wetten van 13 augustus 1990 en 3 mei 1999, wordt het woord scheepsjongens vervangen door het woord scheepsjongeren. Pagina 1 van 27

Hoofdstuk 3. Wijzigingen van de Pachtwet van 4 november 1969 Art.7. In artikel 12.7 van de Pachtwet van 4 november 1969, ingevoegd bij de wet van 7 november 1988, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1 in het eerste lid wordt het woord Koning vervangen door de woorden Vlaamse Regering ; 2 het derde lid wordt vervangen door wat volgt: De Vlaamse Regering stelt de maximale rentabiliteitsoppervlakten vast. ; 3 er wordt een zevende lid toegevoegd, dat luidt als volgt: De Vlaamse Regering kan de procedure voor de vaststelling van de maximale rentabiliteitsoppervlakten verder uitwerken.. Hoofdstuk 4. Wijziging van de wet van 4 november 1969 tot beperking van de pachtprijzen Art.8. Artikel 1 van de wet van 4 november 1969 tot beperking van de pachtprijzen, gewijzigd bij de wet van 7 november 1988, wordt vervangen door wat volgt: Artikel 1. 1. De Vlaamse Regering stelt een pachtprijzencommissie in, die bestaat uit minstens drie pachters, drie grondeigenaars en een door de Vlaamse Regering aan te wijzen ambtenaar van het Vlaams Ministerie van Landbouw en Visserij, die het voorzitterschap waarneemt. 2. De werking van de pachtprijzencommissies, het aantal leden, de wijze van benoeming van de leden en van hun plaatsvervangers, alsook hun bezoldiging worden door de Vlaamse Regering geregeld.. Hoofdstuk 5. Wijzigingen van de wet van 26 maart 1971 op de bescherming van de oppervlaktewateren tegen verontreiniging Art.9. Aan artikel 32septies, 3, van de wet van 26 maart 1971 op de bescherming van de oppervlaktewateren tegen verontreiniging, ingevoegd bij het decreet van 22 december 1993, vervangen bij het decreet van 24 december 2004 en gewijzigd bij het decreet van 1 maart 2013, wordt een derde lid toegevoegd, dat luidt als volgt: De gemeenten, gemeentebedrijven, intercommunales, intergemeentelijke samenwerkingsverbanden, de Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening en de vennootschap bedoeld in artikel 32septies, 1 Wet van 26 maart 1971 op de bescherming van de oppervlaktewateren tegen verontreiniging, stellen op eenvoudig verzoek van de ecologische toezichthouder alle informatie waarover ze beschikken en die nodig is voor het opvolgen van de uitvoering van de taken, vermeld in het eerste lid, ter beschikking van de ecologische toezichthouder. De Vlaamse Regering kan de voorwaarden bepalen waaronder die informatie ter beschikking wordt gesteld.. Art.10. Aan artikel 32duodecies, 2, van dezelfde wet, ingevoegd bij het decreet van 22 december 1995, vervangen bij het decreet van 21 december 2001 en gewijzigd bij het decreet van 1 maart 2013, wordt een vierde lid toegevoegd, dat luidt als volgt: Pagina 2 van 27

De gemeenten, gemeentebedrijven, intercommunales, intergemeentelijke samenwerkingsverbanden, de Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening en de vennootschap bedoeld in artikel 32septies, 1 Wet van 26 maart 1971 op de bescherming van de oppervlaktewateren tegen verontreiniging, stellen op eenvoudig verzoek van de ecologische toezichthouder alle informatie waarover ze beschikken en die nodig is voor het uitvoeren van de opdracht, vermeld in het eerste en tweede lid, ter beschikking van de ecologische toezichthouder. De Vlaamse Regering kan de voorwaarden bepalen waaronder die informatie ter beschikking wordt gesteld.. Hoofdstuk 6. Wijzigingen van het decreet van 28 juni 1983 houdende oprichting van de instelling Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening Art.11. Artikel 1 van het decreet van 28 juni 1983 houdende oprichting van de instelling Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening wordt vervangen door wat volgt: Artikel 1. Dit decreet regelt een aangelegenheid bedoeld in artikel 39 van de Grondwet.. Art.12. In artikel 2 van hetzelfde decreet wordt het eerste lid vervangen door wat volgt: Er wordt een instelling van openbaar nut opgericht onder de naam Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening en met als commerciële benaming De Watergroep, hierna de Maatschappij te noemen.. Art.13. Artikel 3 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 19 mei 2006, wordt vervangen door wat volgt: Art. 3. 1. De Maatschappij heeft tot doel de studie, de oprichting en de exploitatie van alle installaties die nodig zijn voor de openbare watervoorziening en de inzameling en zuivering van afvalwater. 2. De Maatschappij kan met andere instellingen van openbaar nut, met gemeenten, met verenigingen van gemeenten, met private rechtspersonen en met particulieren contracten sluiten over waterproductie, -distributie en -behandeling en over afvalwaterafvoer en -zuivering, met inbegrip van de regeling van zakelijke rechten.. Art.14. In artikel 6, 1, van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 19 mei 2006, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1 de zinsnede, die door de Maatschappij opgericht worden met het oog op een doelmatig vervullen van haar taken wordt vervangen door de woorden die door de Maatschappij opgericht worden om haar taken doelmatig te vervullen ; 2 de zinsnede mits goedkeuring van de raad van beheer, overgedragen worden aan medevennoten wordt vervangen door de zinsnede met goedkeuring van de raad van bestuur, overgedragen worden aan medevennoten.. Art.15. Artikel 7 van hetzelfde decreet, vervangen bij het decreet van 19 mei 2006, wordt opgeheven. Art.16. Artikel 8 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 19 mei 2006, wordt vervangen door wat volgt: Art. 8. De statuten, vermeld in 4, bepalen de wijze waarop tot de vaststelling en de bestemming van het resultaat van de Maatschappij wordt overgegaan. De Pagina 3 van 27

algemene vergadering van de aandeelhouders kan bij drievierdemeerderheid beslissen een winstaandeel uit te keren aan de gemeenten-vennoten. Voor de aandelen van het Vlaamse Gewest, de provincie en de instellingen van openbaar nut en andere aandeelhouders wordt geen winstaandeel toegekend.. Art.17. In artikel 9, tweede lid, van hetzelfde decreet worden de woorden derde personen vervangen door het woord derden. Art.18. Artikel 11 van hetzelfde decreet wordt vervangen door wat volgt: Art. 11. De Maatschappij kan met machtiging van de Vlaamse Regering in eigen naam overgaan tot onteigening ten algemenen nutte van onroerende goederen die nodig zijn voor de bouw, de aanleg en de exploitatie van haar installaties. De akte, vermeld in artikel 9 van de wet van 27 mei 1870, wordt opgesteld door een lid van de Vlaamse Regering.. Art.19. In artikel 12 van hetzelfde decreet wordt tussen het woord voor en de woorden de aanleg de zinsnede de bouw, ingevoegd. Art.20. Artikel 14 van hetzelfde decreet wordt vervangen door wat volgt: Art. 14. De statuten, vermeld in 4, stellen het aantal leden vast en de duur van hun mandaat.. Art.21. In artikel 15 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 19 mei 2006, wordt het woord beheer vervangen door het woord bestuur. Art.22. Artikel 17 van hetzelfde decreet, vervangen bij het decreet van 7 juli 1998, wordt vervangen door wat volgt: Art. 17. De raad van bestuur stelt de personeelsformatie en de regeling van de rechtspositie van het personeel vast. Het administratieve toezicht op die beslissingen wordt uitgeoefend conform artikel 9 en 10 van de wet van 16 maart 1954 betreffende de controle op sommige instellingen van openbaar nut.. Art.23. Artikel 18 van hetzelfde decreet wordt opgeheven. Hoofdstuk 7. Wijzigingen van het decreet van 21 december 1988 houdende oprichting van de Vlaamse Landmaatschappij Art.24. In artikel 16, tweede lid, van het decreet van 21 december 1988 houdende oprichting van de Vlaamse Landmaatschappij, gewijzigd bij de decreten van 7 mei 2004 en 23 december 2010, worden de woorden de revisor vervangen door de woorden de commissaris. Art.25. In artikel 17 van hetzelfde decreet, hersteld bij het decreet van 7 mei 2004 en gewijzigd bij de decreten van 23 december 2010 en 1 maart 2013, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1 in paragraaf 2 wordt punt 1 opgeheven; 2 in paragraaf 2 worden punt 2 en 3 vervangen door wat volgt: 2 het vaststellen van het ondernemingsplan overeenkomstig artikel 5/1 van het kaderdecreet; 3 het vaststellen van het jaarrapport over de uitvoering van het ondernemingsplan overeenkomstig artikel 5/1 van het kaderdecreet. ; 3 in paragraaf 4, eerste lid, wordt de zinsnede en hoofdstuk VII opgeheven. Pagina 4 van 27

Art.26. In hetzelfde decreet, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 18 maart 2016, wordt het opschrift van hoofdstuk IX vervangen door wat volgt: Hoofdstuk IX. Het ondernemingsplan en het jaarrapport. Art.27. Artikel 18ter van hetzelfde decreet, ingevoegd bij het decreet van 7 mei 2004, wordt vervangen door wat volgt: Art. 18ter. De voorwaarden en de procedure voor de uitvoering van de opdrachten van openbare dienst worden overeenkomstig artikel 5/1 van het kaderdecreet door de raad van bestuur in een jaarlijks ondernemingsplan vastgesteld, in samenspraak met de Vlaamse Regering, alsook in een jaarrapport over de uitvoering van het ondernemingsplan.. Art.28. In artikel 18quater van hetzelfde decreet, ingevoegd bij het decreet van 7 mei 2004 en gewijzigd bij het decreet van 1 maart 2013, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1 in paragraaf 1, 11, worden de woorden de beheersovereenkomst vervangen door de woorden het ondernemingsplan ; 2 in paragraaf 1 wordt punt 13 opgeheven; 3 in paragraaf 3, tweede lid, wordt de zinsnede en hoofdstuk VII opgeheven. Hoofdstuk 8. Wijzigingen van het Bosdecreet van 13 juni 1990 Art.29. In artikel 47 van het Bosdecreet van 13 juni 1990, vervangen bij het decreet van 21 oktober 1997 en gewijzigd bij de decreten van 10 maart 2006, 7 december 2007, 12 december 2008, 20 april 2012, 11 mei 2012, 25 april 2014 en 9 mei 2014, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1 de zinsnede waarvoor een beheerplan is goedgekeurd op grond van artikel 34, 1 van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu vervangen door de woorden waarvoor een beheerplan is goedgekeurd op grond van artikel 34, 1 of artikel 16octies van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu. 2 de zinsnede voor zover deze ontbossing noodzakelijk is voor het behoud, het herstel of de ontwikkeling van een of meerdere van de habitats, vermeld in bijlage I van voormeld decreet of van een of meerdere habitats van soorten, vermeld in bijlage II, III of IV van datzelfde decreet wordt vervangen door de woorden als de ontbossing noodzakelijk is met het oog op de realisatie van vastgestelde instandhoudingsdoelstellingen. Art.30. In artikel 57 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 18 mei 1999, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1 in het eerste lid worden de woorden en woonplaats kiezen in een gemeente van het Vlaamse Gewest opgeheven; 2 in het tweede lid wordt de zinsnede borg, betalingswaarborg en woonplaats vervangen door de woorden borg en betalingswaarborg ; 3 het vierde lid wordt opgeheven. Pagina 5 van 27

Art.31. In artikel 87, vijfde lid, van hetzelfde decreet, gewijzigd bij de decreten van 10 maart 2006, 7 december 2007, 20 april 2012, 11 mei 2012 en 25 april 2014, wordt de zinsnede Voor de rooiing binnen een termijn van 12 jaar na de aanplanting of de laatste exploitatie van de in het vorig lid bedoelde houtachtige gewassen of spontane bebossing vervangen door de zinsnede Voor de rooiing binnen een termijn van 22 jaar na de aanplanting of binnen een termijn van drie jaar na de laatste exploitatie van de houtachtige gewassen, vermeld in het vierde lid, of spontane bebossing. Art.32. In artikel 90bis van hetzelfde decreet, ingevoegd bij het decreet van 21 oktober 1997, vervangen bij het decreet van 17 juli 2000 en het laatst gewijzigd bij het decreet van 9 mei 2014, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1 in paragraaf 1, eerste lid, 5, wordt de zinsnede, opgemaakt voor speciale beschermingszones, op grond van artikel 36ter, 1, van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu of opgemaakt voor soorten, vermeld in bijlage II, III en IV van hetzelfde decreet opgeheven; 2 in paragraaf 1, eerste lid, 5, wordt de zinsnede of van artikel 34, 1, van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu vervangen door de zinsnede, van artikel 34, 1, van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu of opgenomen is in een natuurbeheerplan dat is goedgekeurd conform artikel 16octies van het voormelde decreet ; 3 aan paragraaf 1 wordt een vierde lid toegevoegd, dat luidt als volgt: Het is voor eenieder, met behoud van de toepassing van artikel 91, 1 en 2, van dit decreet, verboden om een onwettige ontbossing in stand te houden in ruimtelijk kwetsbare gebieden als vermeld in artikel 1.1.2, 10, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009. ; 4 in paragraaf 5, tweede lid, worden de woorden tweede lid vervangen door de woorden derde lid. Art.33. In artikel 99 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij de decreten van 18 mei 1999, 7 december 2007, 30 april 2009 en 12 juli 2013, wordt tussen de woorden een goedgekeurd beheersplan en de woorden of behoudens een machtiging de zinsnede, behoudens ter uitvoering van een goedgekeurde toegankelijkheidsregeling als vermeld in artikel 12, ingevoegd. Hoofdstuk 9. Wijziging van het decreet van 4 mei 1994 betreffende het publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap Waterwegen en Zeekanaal, naamloze vennootschap van publiek recht Art.34. Aan artikel 19 van het decreet van 4 mei 1994 betreffende het publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap Waterwegen en Zeekanaal, naamloze vennootschap van publiek recht, gewijzigd bij het decreet van 1 maart 2013, wordt een paragraaf 4 toegevoegd, die luidt als volgt: " 4. ln afwijking van paragraaf 3 kan de vennootschap de onroerende goederen waarvan ze eigenaar is in het kader van het flankerende beleid landbouw van het geactualiseerde Sigmaplan, in eigendom overdragen aan de Vlaamse Landmaatschappij.. Hoofdstuk 10. Wijzigingen van het decreet van 21 oktober 1997 op het natuurbehoud en het natuurlijk milieu Pagina 6 van 27

Art.35. In artikel 16sedecies, 2, van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu, ingevoegd bij het decreet van 9 mei 2014, wordt tussen het eerste en het tweede lid een lid ingevoegd, dat luidt als volgt: Met behoud van de toepassing van de mogelijkheid tot terugvordering van subsidies, vermeld in artikel 16decies, 1 en 2, en artikel 16quater decies, 3, voorziet de Vlaamse Regering nog in andere mogelijkheden om subsidies terug te vorderen, namelijk in de volgende gevallen: 1 als blijkt dat een begunstigde van subsidies, verleend op basis van dit artikel, andere subsidies voor dezelfde activiteit heeft verkregen, waardoor de totale subsidies 100% van de totale aangetoonde kostprijs van de gesubsidieerde activiteit overschrijden; 2 als blijkt dat een begunstigde van subsidies, verleend op basis van dit artikel, niet langer voldoet aan de vereisten om in aanmerking te komen voor die subsidies.. Art.36. In artikel 36ter van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1 in paragraaf 3, eerste lid, ingevoegd bij het decreet van 19 juli 2002, worden tussen de zinsnede kan veroorzaken, en de woorden dient onderworpen te worden de woorden zonder dat die vergunningsplichtige activiteit of dat plan of programma direct verband houdt met of nodig is voor het beheer van een gebied in de speciale beschermingszone in kwestie ingevoegd; 2 aan 5, tweede lid, 2, ingevoegd bij het decreet van 19 juli 2002, wordt een zin toegevoegd, die luidt als volgt: De initiatiefnemer rapporteert aan het agentschap over de uitvoering van de compenserende maatregelen, ten laatste binnen een jaar na de definitief beslissing waarbij de afwijking is toegestaan. Het agentschap neemt de gerapporteerde compenserende maatregelen op in een register. Na de ontvangst van de rapportering beslist het agentschap binnen drie maanden over de inhoud en desgevallend de verdere frequentie van de rapportering.. Art.37. In artikel 48 van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu, vervangen bij het decreet van 9 mei 2014, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1 in paragraaf 1, tweede lid, wordt tussen de woorden worden en vastgesteld het woord voorlopig ingevoegd; 2 aan paragraaf 2 wordt de zinsnede met inachtneming van hetgeen bepaald wordt in paragraaf 3 toegevoegd; 3 er wordt een derde paragraaf toegevoegd, die luidt als volgt: 3. Het agentschap organiseert na de voorlopige vaststelling van het managementplan als vermeld in paragraaf 1, tweede lid, een openbaar onderzoek over het voorlopig vastgestelde managementplan, in de gevallen en volgens de regels zoals bepaald in artikel 50undecies.. Art.38. In hetzelfde decreet wordt een nieuw artikel 50ter toegevoegd, dat luidt als volgt: "Art. 50ter. 1. Voor het hele grondgebied van het Vlaamse Gewest wordt door de Vlaamse Regering een Vlaams Natura 2000-programma vastgesteld overeenkomstig artikel 50quater. Pagina 7 van 27

Het Vlaams Natura 2000-programma doorloopt opeenvolgende cyclussen van maximaal zes jaar en heeft een tijdshorizon tot 2050. 2. Het Vlaams Natura 2000-programma wordt opgesteld met het oog op: 1 het gradueel realiseren van de gewestelijke instandhoudingsdoelstellingen; 2 het vermijden of het stoppen van de verslechtering van de natuurkwaliteit en het natuurlijke milieu van de Europees te beschermen habitats en de leefgebieden van Europees te beschermen soorten, ter uitvoering van artikel 36ter, 2, van dit decreet; 3 het vermijden of het stoppen van de betekenisvolle verstoring van de Europees te beschermen soorten en hun leefgebieden, ter uitvoering van artikel 36ter, 2. 3. Het Vlaams Natura 2000-programma bevat ten minste: 1 een taakstelling op niveau van het Vlaamse Gewest die bestaat uit de inspanningen met betrekking tot het natuurbehoud, die nodig worden geacht ter realisatie van de instandhoudingsdoelstellingen tijdens de programmacyclus in kwestie. De taakstelling bevat een bindend gedeelte, namelijk het deel van de inspanningen dat tijdens de programmacyclus in kwestie moet worden gerealiseerd, en een richtinggevend deel, namelijk het deel van de inspanningen waarvan de realisatie tijdens de programmacyclus in kwestie wordt nagestreefd en dat geheel of gedeeltelijk in een latere cyclus kan worden gerealiseerd; 2 een opgave van de acties voor de realisatie van de taakstelling; 3 een overzicht van de actoren die een bijdrage leveren tot: a) de realisatie van de acties; b) de coördinatie van de uitvoering van het programma; c) alle overige door de Vlaamse Regering te bepalen aspecten in verband met de uitvoering van het programma; 4 een overzicht van de geraamde uitgaven voor de uitvoering van het programma. De taakstelling en de acties als vermeld in het eerste lid, 1 en 2, omvatten tevens een programma van aanduiding van zones waar instandhoudingsdoelstellingen en instandhoudingsmaatregelen dienen gerealiseerd te worden buiten de speciale beschermingszones en van de opmaak van managementplannen voor deze zones. De Vlaamse Regering duidt deze zones aan voor 1 januari 2019 en bepaalt nadere regels betreffende de procedure voor de aanduiding van deze zones. 4. Ter uitvoering van het Vlaams Natura 2000-programma wordt door de Vlaamse Regering een programmatische aanpak vastgesteld overeenkomstig artikel 50quater ter vermindering van één of meer milieudrukken, afkomstig van in het Vlaamse Gewest aanwezige bronnen, met het oog op de realisatie van de instandhoudingsdoelstellingen en het voorkomen van de verslechtering van de natuurkwaliteit en het natuurlijk milieu van de Europees te beschermen habitats en Europees te beschermen soorten en hun leefgebieden. Deze programmatische aanpak omvat ten minste: 1 een gebiedsgerichte analyse van de betreffende milieudruk. Deze analyse omschrijft de omvang van de milieudruk, de activiteiten die bijdragen, de verwachte ontwikkeling en de socio-economische context; 2 een plan van aanpak, gebaseerd op de in punt 1 vermelde analyse, met betrekking tot het ontwikkelen van: a) een brongericht beleid dat zich richt op het reduceren van de milieudruk tot het niveau dat noodzakelijk is voor het bereiken van de gunstige staat van instandhouding van de Europees te beschermen habitats en Europees te beschermen soorten en hun leefgebieden; b) een herstelbeleid om een verslechtering van de natuurkwaliteit en het natuurlijk milieu van de Europees te beschermen habitats en Europees te beschermen soorten en hun leefgebieden ten gevolge van de milieudruk te voorkomen. De Vlaamse Regering kan nadere regels vaststellen met betrekking tot het ontwikkelen van een programmatische aanpak zoals vermeld in het eerste lid. 5. Het Vlaams Natura 2000-programma vormt het kader voor de managementplannen Natura 2000, vermeld in artikel 50septies.". Art.39. In hetzelfde decreet wordt een nieuw artikel 50quater toegevoegd, dat luidt als volgt: Pagina 8 van 27

"Art. 50quater. 1. De Vlaamse Regering stelt het Vlaams Natura 2000 programma voorlopig vast: 2. Het agentschap is belast met de voorbereiding van het Vlaams Natura 2000- programma. De Vlaamse Regering of haar gemachtigde kan een werkgroep instellen die het agentschap bijstaat bij de voorbereiding van het programma, en bepaalt de samenstelling ervan. 3. Het agentschap organiseert na de voorlopige vaststelling als vermeld in paragraaf 1 een openbaar onderzoek over het voorlopig vastgestelde Vlaams Natura 2000-programma in de gevallen en volgens de regels zoals bepaald in artikel 50undecies. 4. Het definitief vastgestelde programma als vermeld in artikel 50undecies, 6, eerste lid, wordt geëvalueerd op basis van de realisatiegraad van de gewestelijke instandhoudingsdoelstellingen. Met inachtneming van die evaluatie wordt aansluitend een nieuw programma vastgesteld voor de volgende programmacyclus volgens de regels bepaald in artikel 50ter tot en met 50sexies. Het bestaande programma blijft in ieder geval van kracht tot het nieuwe programma definitief is vastgesteld conform artikel 50undecies, 6, eerste lid. 5. Ten minste om de twee jaar wordt een voortgangsrapport Vlaams Natura 2000-programma opgesteld. De instantie, vermeld in artikel 50quinquies, is belast met de opmaak van het voortgangsrapport. Het voortgangsrapport wordt bezorgd aan de door de Vlaamse Regering aangewezen instanties.". Art.40. In hetzelfde decreet wordt een nieuw artikel 50quinquies toegevoegd, dat luidt als volgt: "Art. 50quinquies. De Vlaamse Regering of haar gemachtigde duidt een gewestelijke overleginstantie aan die ten minste instaat voor: 1 de voortgangsbewaking van het Vlaams Natura 2000-programma; 2 het verlenen van een gemotiveerd advies overeenkomstig artikel 50undecies, 5, tweede lid, over het Vlaams Natura 2000-programma, elke programmatische aanpak ter vermindering van een of meer milieudrukken, de managementplannen Natura 2000 en de managementplannen als vermeld in artikel 48, 1; 3 het verschaffen van aanbevelingen over beleidsmatige problemen bij de realisatie van het instandhoudingsbeleid. De overleginstantie is ten minste samengesteld uit vertegenwoordigers van: 1 het agentschap; 2 de Vlaamse administraties die betrokken zijn bij de inrichting en het beheer van het buitengebied; 3 de relevante sectoren van het buitengebied. Het agentschap, vermeld in het tweede lid, 1, heeft tot taak de werkzaamheden van de instantie te organiseren en aan te sturen.". Art.41. In hetzelfde decreet wordt een nieuw artikel 50sexies toegevoegd, dat luidt als volgt: "Art. 50sexies. De Vlaamse Regering of haar gemachtigde draagt er zorg voor dat een ruime bekendheid wordt gegeven aan het Vlaams Natura 2000-programma en het voortgangsrapport Vlaams Natura 2000-programma. De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen met betrekking tot: 1 de inhoud, de procedure tot opmaak, de evaluatie en de bekendmaking van het Vlaams Natura 2000-programma; 2 de inhoud, de vorm en de bekendmaking van het voortgangsrapport Vlaams Natura 2000-programma; 3 de samenstelling, werking en opdracht van de overleginstantie, vermeld in artikel 50quinquies; Pagina 9 van 27

4 de aspecten van uitvoering van het programma, als vermeld in artikel 50ter, 3, 3, c), waaraan actoren, als vermeld in artikel 50ter, 3, 3, een bijdrage kunnen leveren en de wijze waarop dat engagement wordt geformaliseerd; 5 de afstemming van het Vlaams Natura 2000-programma met andere maatregelenprogramma's of plannen.". Art.42. In hetzelfde decreet wordt een nieuw artikel 50septies toegevoegd, dat luidt als volgt: "Art. 50septies. 1. Voor elke speciale beschermingszone wordt een managementplan Natura 2000 opgemaakt. Als meerdere speciale beschermingszones geheel of gedeeltelijk samenvallen, kan voor die speciale beschermingszones een gezamenlijk managementplan Natura 2000 worden opgemaakt. Het managementplan Natura 2000 doorloopt opeenvolgende cyclussen van zes jaar en heeft een tijdshorizon tot uiterlijk 2050. Binnen een plancyclus wordt het managementplan Natura 2000 opgebouwd aan de hand van verschillende, opeenvolgende planversies. De planversies worden opgemaakt op basis van een tussentijdse toetsing van de realisatiegraad van de taakstelling van het plan, en naargelang van de actoren die worden betrokken bij de realisatie van het plan en het type instrumenten die daarvoor achtereenvolgens worden ingezet. De bepalingen die gelden voor het managementplan Natura 2000 zijn ook van toepassing op de planversies. 2. Het managementplan Natura 2000 wordt opgemaakt met het oog op: 1 het gradueel realiseren van de instandhoudingsdoelstellingen voor de speciale beschermingszone of -zones in kwestie, ter uitvoering van artikel 36ter, 1; 2 het vermijden of het stoppen van de verslechtering van de Europees te beschermen habitats en de leefgebieden van Europees te beschermen soorten, waarvoor de speciale beschermingszone of -zones in kwestie zijn aangemeld of die in die zone of zones voorkomen, ter uitvoering van artikel 36ter, 2; 3 het vermijden of het stoppen van de betekenisvolle verstoring van de Europees te beschermen soorten, waarvoor de speciale beschermingszone of - zones in kwestie zijn aangemeld of die in die zone of zones voorkomen, ter uitvoering van artikel 36ter, 2. De bepaling, vermeld in het eerste lid, 2, verhindert niet dat te allen tijde maatregelen moeten worden genomen ter uitvoering van artikel 36ter, 2, of ter uitvoering van andere regelgeving, onder meer maatregelen ter uitvoering van titel XV en titel XVI van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, in het bijzonder als dat noodzakelijk is om verslechtering van de natuurkwaliteit en het natuurlijk milieu van de Europees te beschermen habitats en soorten en hun leefgebied te vermijden of te beëindigen. 3. Het managementplan Natura 2000 bevat ten minste: 1 een taakstelling voor de speciale beschermingszone of -zones in kwestie die bestaat uit de inspanningen met betrekking tot het natuurbehoud, die nodig worden geacht voor de realisatie van de instandhoudingsdoelstellingen, vermeld in paragraaf 2, eerste lid, 1, tijdens de plancyclus in kwestie; 2 een opgave van de acties voor de realisatie van de taakstelling. De taakstelling, vermeld in het eerste lid, 1, geeft ook aan hoe in de speciale beschermingszone of -zones in kwestie wordt bijgedragen tot de realisatie van het bindend gedeelte van de taakstelling, vermeld in artikel 50ter, 3, 1, in voorkomend geval met inbegrip van het plan van aanpak, vermeld in artikel 50ter, 4, tweede lid, 2. 4. Met het oog op de ruimtelijke toewijzing van de instandhoudingsdoelstellingen, vermeld in paragraaf 2, eerste lid, 1, worden binnen de speciale beschermingszone of -zones in kwestie zoekzones afgebakend. Voor de realisatie van de taakstelling inzake de toestand van het natuurlijk milieu voor de speciale beschermingszone of -zones in kwestie worden actiegebieden vastgesteld. De actiegebieden gelden voor een bepaald milieueffect of een groep van relevante milieueffecten.". Pagina 10 van 27

Art.43. In hetzelfde decreet wordt een nieuw artikel 50octies toegevoegd, dat luidt als volgt: "Art. 50octies. 1. Het managementplan Natura 2000, of, in voorkomend geval, de planversies, worden voorlopig vastgesteld door de Vlaamse Regering of haar gemachtigde. Als in het plan of een bepaalde planversie dwingende acties als vermeld in paragraaf 5, tweede lid, voorkomen, wordt het plan of de planversie in kwestie in ieder geval voorlopig vastgesteld door de Vlaamse Regering. 2. Het agentschap staat in voor de voorbereiding van het managementplan Natura 2000, of, in voorkomend geval, de planversies. 3. Het agentschap organiseert na de voorlopige vaststelling van elk managementplan Natura 2000 of, in voorkomend geval, elke planversie, een openbaar onderzoek over het voorlopig vastgestelde managementplan Natura 2000 of de planversie, in de gevallen en volgens de regels zoals bepaald in artikel 50undecies. 4. Het agentschap is belast met de coördinatie van de uitvoering van het definitief vastgestelde managementplan Natura 2000 of, in voorkomend geval, de planversies. Het agentschap kan daarbij in overleg met de gewestelijke overleginstantie een beroep doen op de actoren, vermeld in artikel 50ter, 3, 3, b), die een bijdrage leveren tot de coördinatie. 5. Het definitief vastgestelde managementplan Natura 2000 of, in voorkomend geval, de planversies, worden door het agentschap ten minste om de twee jaar tussentijds getoetst in het licht van de realisatiegraad van de taakstelling, vermeld in artikel 50septies, 3. Als uit die tussentijdse toetsing blijkt dat het bindend gedeelte, vermeld in artikel 50septies, 3, tweede lid, niet of vermoedelijk niet kan worden gerealiseerd tijdens de plancyclus in kwestie, wordt de realisatie ervan bewerkstelligd via dwingende acties. De dwingende acties, vermeld in het tweede lid, kunnen voor de speciale beschermingszone of -zones in kwestie instandhoudingsmaatregelen bevatten. Het agentschap draagt er zorg voor dat de adressant van de maatregel met een aangetekende brief op de hoogte wordt gebracht van de maatregel en, in voorkomend geval, van de termijn waarbinnen die moet worden uitgevoerd. 6. Het definitief vastgestelde plan wordt ten minste om de zes jaar geëvalueerd op basis van de realisatiegraad van de instandhoudingsdoelstellingen voor de speciale beschermingszone of -zones in kwestie en het Vlaams Natura 2000- programma. Met inachtneming van deze evaluatie, vermeld in het eerste lid, wordt aansluitend een nieuw plan voor de volgende cyclus van zes jaar of voor een fase ervan vastgesteld volgens de regels bepaald in artikel 50septies tot en met 50decies. Het bestaande plan of, in voorkomend geval de planversie, blijft in ieder geval van kracht tot het nieuwe plan of planversie definitief is vastgesteld conform artikel 50undecies 6, tweede lid. 7. De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen over de onderlinge afstemming of procedurele integratie van het managementplan Natura 2000, het natuurinrichtingsproject vermeld in artikel 47 en het landinrichtingsplan en in artikel 3.3.1 van het decreet van 28 maart 2014 betreffende de landinrichting.". Art.44. In hetzelfde decreet wordt een nieuw artikel 50novies toegevoegd, dat luidt als volgt: "Art. 50novies. Het agentschap organiseert voor elke speciale beschermingszone of -zones waarvoor een managementplan Natura 2000 wordt opgemaakt een overlegplatform dat ten minste belast is met: 1 de voortgangsbewaking van het managementplan Natura 2000; 2 het initiëren, adviseren en opvolgen van de overlegprocessen die plaatsvinden in het kader van de realisatie van de acties, vermeld in artikel 50septies, 3, eerste lid, 2. Pagina 11 van 27

Het overlegplatform, vermeld in het eerste lid, bestaat ten minste uit een of meerdere vertegenwoordigers van: 1 het agentschap; 2 de Vlaamse administraties die betrokken zijn bij de inrichting en het beheer van het buitengebied; 3 de actoren, vermeld in artikel 50ter, 3, 3, andere dan de vertegenwoordigers vermeld in punt 1 en 2. ". Art.45. In hetzelfde decreet wordt een nieuw artikel 50decies toegevoegd, dat luidt als volgt: "Art. 50decies. Het agentschap draagt er zorg voor dat een ruime bekendheid wordt gegeven aan het managementplan Natura 2000. De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen met betrekking tot de inhoud, de procedure tot opmaak, de evaluatie, de bekendmaking van het managementplan Natura 2000 of, in voorkomend geval, de planversie, en de kennisgeving, vermeld in artikel 50octies, 5, vierde lid. De Vlaamse Regering bepaalt de wijze waarop en de criteria op basis waarvan de zoekzones, vermeld in artikel 50septies, 4, eerste lid, worden afgebakend en de actiegebieden, vermeld in artikel 50septies, 4, tweede lid, worden vastgesteld. De Vlaamse Regering bepaalt de nadere samenstelling van het overlegplatform, als vermeld in artikel 50novies, tweede lid.". Art.46. In hetzelfde decreet wordt in hoofdstuk V, afdeling 4, onderafdeling E, een sectie 4 ingevoegd, die luidt als volgt: "Sectie 4. Openbaar onderzoek ". Art.47. In hetzelfde decreet wordt in sectie 4, ingevoegd bij artikel X10, een nieuw artikel 50undecies ingevoegd, dat luidt als volgt: Art. 50undecies. 1. De Vlaamse Regering of haar gemachtigde onderwerpt elk voorlopig vastgesteld Vlaams Natura 2000-programma als vermeld in artikel 50quater, 1, elke voorlopig vastgestelde programmatische aanpak ter vermindering van een of meer milieudrukken als vermeld in artikel 50quater, 1, elk voorlopig vastgesteld managementplan Natura 2000 of, in voorkomend geval, elke voorlopig vastgestelde planversie als vermeld in artikel 50octies, 1, of elk voorlopig vastgesteld managementplan als vermeld in artikel 48, 1, tweede lid, aan een openbaar onderzoek dat binnen 30 dagen na de voorlopige vaststelling minstens wordt aangekondigd door: 1 een aanplakking in elke gemeente waarop het voorlopig vastgesteld Vlaams Natura 2000-programma, de voorlopig vastgestelde programmatische aanpak, het voorlopig vastgesteld managementplan Natura 2000 of het voorlopig vastgesteld managementplan als vermeld in artikel 48, 1, tweede lid, betrekking heeft; 2 een bericht in het Belgisch Staatsblad; 3 een bericht in ten minste drie dagbladen die in het Vlaamse Gewest worden verspreid; 4 een bericht op de website van het agentschap. 2. Het openbaar onderzoek wordt aangekondigd met vermelding van minstens de volgende elementen: 1 de gemeenten waarop het voorlopig vastgesteld Vlaams Natura 2000- programma, de voorlopig vastgestelde programmatische aanpak, het voorlopig vastgesteld managementplan Natura 2000 of, in voorkomend geval, de planversie, of het voorlopig vastgesteld managementplan als vermeld in artikel 48, 1, tweede lid, betrekking heeft; 2 de wijze waarop het voorlopig vastgesteld Vlaams Natura 2000-programma, de voorlopig vastgestelde programmatische aanpak, het voorlopig vastgesteld managementplan Natura 2000 of, in voorkomend geval, elke voorlopig Pagina 12 van 27

vastgestelde planversie, of het voorlopig vastgesteld managementplan als vermeld in artikel 48, 1, tweede lid, kan worden ingekeken; 3 de begin- en einddatum van het openbaar onderzoek; 4 de wijze waarop de opmerkingen en bezwaren, vermeld in paragraaf 4, kunnen worden ingediend. 3. Vanaf de begindatum van het openbaar onderzoek wordt de voorlopig vastgestelde programmatische aanpak of het voorlopig vastgesteld plan of programma gedurende 60 dagen ter inzage gelegd op de wijze als vermeld in de aankondiging. 4. De opmerkingen en bezwaren worden uiterlijk de laatste dag van de termijn van het openbaar onderzoek overgemaakt op de wijze als vermeld in de aankondiging. De opmerkingen en bezwaren kunnen alleen betrekking hebben op de volgende aspecten: 1 bij een openbaar onderzoek met betrekking tot het voorlopig vastgestelde Vlaams Natura 2000-programma: de onderdelen als vermeld in artikel 50ter, 3; 2 bij een openbaar onderzoek met betrekking tot de voorlopig vastgestelde programmatische aanpak: de onderdelen als vermeld in artikel 50ter, 4, tweede lid; 3 bij een openbaar onderzoek met betrekking tot het voorlopig vastgestelde managementplan Natura 2000 of, in voorkomend geval, elke voorlopig vastgestelde planversie: de onderdelen als vermeld in artikel 50septies, 3 en 4. 5. Het agentschap bundelt en coördineert alle opmerkingen en bezwaren met betrekking tot het Vlaams Natura 2000-programma, de managementplannen Natura 2000, de programmatische aanpakken en de managementplannen als vermeld in artikel 48, 1, en maakt die binnen 60 dagen na het einde van het openbaar onderzoek over aan de gewestelijke overleginstantie vermeld in artikel 50quinquies. De gewestelijke overleginstantie brengt binnen 60 dagen nadat zij de gebundelde opmerkingen en bezwaren heeft ontvangen een gemotiveerd advies uit over het Vlaams Natura 2000-programma, de managementplannen Natura 2000, de programmatische aanpakken en de managementplannen als vermeld in artikel 48, 1 bij de Vlaamse Regering of desgevallend bij de gemachtigde. 6. De Vlaamse Regering stelt binnen 240 dagen na de begindatum van het openbaar onderzoek het Vlaams Natura 2000-programma definitief vast. De Vlaamse Regering of haar gemachtigde stelt binnen 240 dagen na de begindatum van het openbaar onderzoek de programmatische aanpak ter vermindering van een of meer milieudrukken, het managementplan Natura 2000, of in voorkomend geval, elke planversie, of het managementplan als vermeld in artikel 48, 1 definitief vast. 7. Het besluit houdende definitieve vaststelling van het Vlaams Natura 2000- programma, de programmatische aanpak ter vermindering van een of meer milieudrukken, het managementplan Natura 2000, en in voorkomend geval, elke planversie, of het managementplan als vermeld in artikel 48, 1 wordt bij uittreksel in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt binnen 30 dagen na de definitieve vaststelling. De definitief vastgestelde programmatische aanpak of het definitief vastgestelde plan of programma treedt in werking 14 dagen na de bekendmaking. Pagina 13 van 27

8. De verplichting tot het organiseren van bovenvermeld openbaar onderzoek is niet van toepassing op de programmatische aanpakken ter vermindering van één of meer milieudrukken, het Vlaamse Natura 2000-programma, de managementplannen Natura 2000, en in voorkomend geval, elke planversie, en de managementplannen als vermeld in artikel 48, 1, indien voor deze programmatische aanpak, dat plan of programma een plan-mer moet worden opgemaakt in toepassing van artikel 4.2.3 van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid. In deze gevallen geldt de voorlopige vaststelling van het plan, het programma of de programmatische aanpak als de definitieve vaststelling. Art.48. In artikel 9 van hetzelfde decreet, vervangen bij het decreet van 19 juli 2002 en gewijzigd bij de decreten van 12 december 2008 en 18 december 2015, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1 in paragraaf 1, eerste lid, wordt tussen het woord "natuurrichtplan" en de zinsnede ", dan wel" de zinsnede ", een managementplan Natura 2000 of, in voorkomend geval, een planversie ervan, of een managementplan" ingevoegd; 2 in paragraaf 2, eerste lid, wordt tussen de zinsnede "artikel 48, 3" en de zinsnede "en artikel 51" de zinsnede ", artikel 50octies, 5, tweede en derde lid," ingevoegd; 3 in paragraaf 2, derde lid, wordt tussen het woord "natuurrichtplan" en de zinsnede ", aan de particuliere" de zinsnede ", een managementplan Natura 2000 of, in voorkomend geval, een planversie ervan" ingevoegd. Hoofdstuk 11. Wijzigingen van het decreet van 4 april 2003 betreffende de oppervlaktedelfstoffen Art.49. In hoofdstuk IV van het decreet van 4 april 2003 betreffende de oppervlaktedelfstoffen, gewijzigd bij de decreten van 7 december 2007, 30 april 2009 en 23 december 2010, wordt het opschrift van afdeling V vervangen door wat volgt: Afdeling V. Eindafwerking. Art.50. In artikel 18 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij de decreten van 30 april 2009 en 23 december 2010, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1 het eerste lid wordt vervangen door wat volgt: Uiterlijk vijf jaar na de ontginning moeten de vergunninghouders de eindafwerking van de percelen realiseren. Als de vergunde oppervlakte in zones wordt ingedeeld en gefaseerd wordt ontgonnen, geldt die verplichting per zone. De verplichting blijft ook gelden nadat de vergunningstermijn verstreken is, of als een vergunning vervallen, ingetrokken of geschorst is. Deze verplichting geldt niet voor niet-ontgonnen zones ; 2 het tweede lid wordt vervangen door wat volgt: De vergunninghouder meldt jaarlijks aan het departement de percelen of delen van percelen waarvan de eindafwerking is gerealiseerd. In voorkomend geval maakt de melding deel uit van het ingediend jaarlijks voortgangsrapport of het geactualiseerd basisvoortgangsrapport, vermeld in artikel 24 van het besluit van de Vlaamse Regering van 26 maart 2004 houdende regels tot uitvoering van het oppervlaktedelfstoffendecreet.. Art.51. In hetzelfde decreet worden de volgende artikelen opgeheven: Pagina 14 van 27

1 artikel 19; 2 artikel 20, gewijzigd bij het decreet van 7 december 2007; 3 artikel 21; 4 artikel 22; 5 artikel 23, gewijzigd bij het decreet van 7 december 2007; 6 artikel 24; 7 artikel 25; 8 artikel 30, gewijzigd bij het decreet van 7 december 2007. Hoofdstuk 12. Wijziging van het decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur Art.52. In artikel 15 van het decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur wordt paragraaf 3 vervangen door wat volgt: 3. Voor informatie als vermeld in het samenwerkingsakkoord van 16 februari 2016 tussen de Federale Staat, het Vlaamse Gewest, het Waalse Gewest en het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest betreffende de beheersing van de gevaren van zware ongevallen waarbij gevaarlijke stoffen betrokken zijn, zijn de bepalingen van paragraaf 1 en 2 van toepassing.. Hoofdstuk 13. Wijzigingen van het decreet van 19 mei 2006 houdende diverse bepalingen inzake leefmilieu en energie Art.53. In artikel 30 van het decreet van 19 mei 2006 houdende diverse bepalingen inzake leefmilieu en energie worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1 in het eerste lid wordt de zinsnede Ondersteunend Centrum van het Agentschap voor Natuur en Bos, afgekort OC-ANB vervangen door het woord Natuurinvest ; 2 in het tweede lid worden de woorden het OC-ANB vervangen door het woord Natuurinvest. Art.54. In artikel 31 van hetzelfde decreet worden de woorden Het OC-ANB en de woorden het OC-ANB worden telkens vervangen door het woord Natuurinvest. Art.55. In artikel 32 tot en met 35 en artikel 37 en 38 worden de woorden Het OC-ANB en de woorden het OC-ANB telkens vervangen door het woord Natuurinvest. Art.56. In artikel 36 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 21 december 2007, worden de woorden het OC-ANB en het woord OC-ANB worden vervangen door het woord Natuurinvest. Hoofdstuk 14. Wijziging van het decreet van 19 mei 2006 betreffende de oprichting en de werking van het Fonds voor Landbouw en Visserij Art.57. In artikel 5 van het decreet van 19 mei 2006 betreffende de oprichting en de werking van het Fonds voor Landbouw en Visserij, vervangen bij het decreet van 28 juni 2013, wordt punt 2 vervangen door wat volgt: 2 de vergoedingen, de rechten, de heffingen, de afhoudingen en de toeslagen, vermeld in artikel 4, 5, van het decreet van 28 juni 2013 betreffende het landbouw- en visserijbeleid, en de retributies, vermeld in artikel 4, 5 /1, van het voormelde decreet, tenzij de vergoedingen, rechten, heffingen of afhoudingen, Pagina 15 van 27

toeslagen of retributies zonder tegemoetkoming van het Vlaams Landbouwfonds door de heffingsplichtige aan de dienstverlener worden betaald voor het verrichten van bepaalde diensten of voor het opzetten van bepaalde acties die verband houden met de vergoeding;. Hoofdstuk 15. Wijziging van het decreet van 30 juni 2006 houdende bepalingen tot begeleiding van de aanpassing van de begroting 2006 Art.58. In artikel 40 van het decreet van 30 juni 2006 houdende bepalingen tot begeleiding van de aanpassing van de begroting 2006 worden paragraaf 1 en 2 vervangen door wat volgt: 1. De volgende reeds toegekende terugvorderbare voorschotten worden bevestigd aan de volgende verenigingen, erkend met toepassing van artikel 40, 2, van het decreet van 28 juni 2013 betreffende het landbouw- en visserijbeleid: 1 71.520,36 euro aan de vzw CRV Vlaanderen; 2 278.476,10 euro aan de vzw Vlaamse Piétrain Fokkerij. 2. Het terugvorderbare voorschot, vermeld in paragraaf 1, mag door de vereniging in kwestie uitsluitend aangewend worden voor de uitvoering van opdrachten die haar gegeven zijn krachtens artikel 40, 1, van het decreet van 28 juni 2013 betreffende het landbouw- en visserijbeleid.. Hoofdstuk 16. Wijzigingen van het Bodemdecreet van 27 oktober 2006 Art.59. In artikel 30 van het Bodemdecreet van 27 oktober 2006, vervangen bij het decreet van 12 december 2008, wordt de zinsnede In afwijking van artikel 29, 102 en 103 moet voor de overdracht van een privatief deel van een onroerend goed dat valt onder het stelsel van gedwongen mede-eigendom, vervangen door de zinsnede In afwijking van artikel 29 en 102 gebeurt de overdracht van een privatief deel van een gebouw of groep van gebouwen als. Art.60. Aan artikel 52 van hetzelfde decreet wordt de volgende zin toegevoegd: De OVAM kan bij het bepalen van de voorwaarden in het conformiteitsattest voor het bodemsaneringsproject in individuele gevallen en op gemotiveerd verzoek afwijken van de voorwaarden, opgelegd door of krachtens titel V van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid en de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009, op voorwaarde dat het bodemsaneringsproject: 1 in overeenstemming is met de goede plaatselijke aanleg; 2 voorziet in een gelijkwaardige bescherming van mens en milieu.". Art.61. In artikel 60 van het Bodemdecreet van 27 oktober 2006, gewijzigd bij het decreet van 28 maart 2014, worden de woorden artikel 54, 1 vervangen door het woord artikel 54. Art.62. In artikel 102, 1, tweede lid, van hetzelfde decreet, ingevoegd bij het decreet van 28 maart 2014, wordt de zinsnede een privatief deel van een onroerend goed dat valt onder het stelsel van gedwongen mede- eigendom, vervangen door de woorden een privatief deel van een gebouw of groep van gebouwen als. Art.63. In artikel 122, 3, eerste lid, van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 12 december 2008, wordt de zin Op straffe van onontvankelijkheid voegt hij bij de melding een verslag van het oriënterend bodemonderzoek of desgevallend een verslag van oriënterend en beschrijvend bodemonderzoek. vervangen door de zin Op straffe van niet-ontvankelijkheid wordt uiterlijk op de Pagina 16 van 27

datum van de melding aan de OVAM een verslag van het oriënterende bodemonderzoek of, in voorkomend geval, een verslag van het oriënterende en het beschrijvende bodemonderzoek bezorgd.. Hoofdstuk 17. Wijzigingen van het Mestdecreet van 22 december 2006 Art.64. In artikel 3 van het Mestdecreet van 22 december 2006, vervangen bij het decreet van 12 juni 2015 en gewijzigd bij het decreet van 18 december 2015, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1 in paragraaf 5 wordt punt 8 vervangen door wat volgt: 8 effluenten: de meststoffen die ontstaan zijn uit de biologische behandeling door middel van nitrificatie en denitrificatie van dierlijke mest of andere meststoffen, met uitzondering van het ontstane slib van de biologische verwerking; ; 2 in paragraaf 6, 5, b), wordt het woord roet vervangen door het woord met. Art.65. In artikel 14 van hetzelfde decreet, vervangen bij het decreet van 12 juni 2015 en gewijzigd bij het decreet van 18 december 2015, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1 in paragraaf 5, eerste lid, wordt tussen het woord bedrijf en het woord kan de zinsnede, waartoe landbouwgrond behoort, ingevoegd; 2 in paragraaf 6, 3, worden de woorden tweede lid vervangen door de woorden derde lid ; 3 in paragraaf 9, zevende lid, 1, wordt het woord voor vervangen door de woorden uiterlijk op ; 4 aan paragraaf 12 worden een tweede en een derde lid toegevoegd, die luiden als volgt: Voor de toepassing van dit artikel kan de Vlaamse Regering een afwijkende regeling uitwerken voor landbouwers die laattijdig nog bepaalde aanpassingen doorvoeren in de verzamelaanvraag die betrekking heeft op het betreffende kalenderjaar. Voor de toepassing van dit artikel kan de Vlaamse Regering een afwijkende regeling uitwerken voor landbouwers van wie de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgronden, over verschillende jaren heen significant wijzigt.. Art.66. Aan artikel 15, 8, van hetzelfde decreet, ingevoegd bij het decreet van 12 juni 2015, worden een derde en een vierde lid toegevoegd, die luiden als volgt: Voor de toepassing van dit artikel kan de Vlaamse Regering een afwijkende regeling uitwerken voor landbouwers die laattijdig nog bepaalde aanpassingen doorvoeren in de verzamelaanvraag die betrekking heeft op het betreffende kalenderjaar. Voor de toepassing van dit artikel kan de Vlaamse Regering een afwijkende regeling uitwerken voor landbouwers van wie de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgronden, over verschillende jaren heen significant wijzigt.. Pagina 17 van 27