Wijzigingsblad BRL 2813 Bouwelementen van beton 31 december 2014 Vaststelling, aanvaarding en bindend verklaring Vastgesteld door College van Deskundigen Constructief Beton d.d. 12 november 2014. Aanvaard door het Bestuur van de Stichting KOMO d.d. 12 december 2014. Dit wijzigingsblad is door Kiwa bindend verklaard per 31 december 2014. Geldigheid kwaliteitsverklaringen Dit wijzigingsblad vervangt het wijzigingsblad d.d. 16 november 2012 bij BRL 2813 d.d. 1 juni 2006. Het wijzigingsblad d.d. 16 november 2012 is in dit wijzigingsblad opgenomen. De kwaliteitsverklaringen die op basis van die versie van de beoordelingsrichtlijn zijn afgegeven verliezen in elk geval hun geldigheid op 1 januari 2015. Gebruiksrecht Het gebruik van dit wijzigingsblad door derden, voor welk doel dan ook, is uitsluitend toegestaan nadat een schriftelijke overeenkomst met Kiwa is gesloten waarin het gebruiksrecht is geregeld. Aanleiding voor de wijziging De wijzigingen hebben betrekking op de implementatie van de consequenties van de Verordening bouwproducten en het verwijderen van de eisen m.b.t. het Bouwbesluit en het Besluit bodemkwaliteit uit de BRL. Op basis van de gewijzigde BRL kunnen t.a.v. het Bouwbesluit of het Besluit bodemkwaliteit geen erkende kwaliteitsverklaringen worden afgegeven. Wijzigingen De tweede alinea van paragraaf 1.1 komt te vervallen. Vervang de inhoud van de volgende paragrafen in de BRL door de aangegeven tekst. 1.2 Toepassingsgebied De bouwelementen van beton zijn bestemd om gedurende een referentieperiode van 50 jaar te worden toegepast in bouwwerken. De beoordelingsrichtlijn is van toepassing op vooraf vervaardigde: 1) Bouwelementen van beton op basis van NEN-EN 1992-1-1, NEN 6722, NEN-EN 206-1 en NEN 8005; 2) Bouwelementen van zelfverdichtend beton op basis van NEN-EN 1992-1-1, NEN 6722 (m.u.v. 12.4 Verdichten ), NEN-EN 206-1 en NEN 8005; 3) Bouwelementen van geattesteerde beton op basis van NEN-EN 1992-1-1, NEN 6722, NEN-EN 206-1, NEN 8005 en BRL 1802; 4) Bouwelementen van beton met grove lichte toeslagmaterialen op basis van NEN-EN 1992-1-1, NEN 6722, NEN-EN 206-1 en NEN 8005 en CUR-Aanbeveling 39. De beoordelingsrichtlijn is eveneens van toepassing op de genoemde Bouwelementen van beton als deze zijn uitgevoerd in vloeistofdichte beton op basis van BRL 2316. Opmerkingen Op het attest-met-productcertificaat Bouwelementen van beton wordt vermeld voor welke van de vijf genoemde betonsoorten het is afgegeven en of het vloeistofdichte beton betreft. BRL 2813 is niet van toepassing voor betonelementen waarvoor een andere certificeringsregeling van toepassing is zoals systeemvloeren, bedrijfsvloerplaten, betonnen heipalen, duikerelementen, agrarische betonproducten, buizen en putten.
1.3 Relatie met Europese Verordening bouwproducten (CPR, EU 305/2011) Op de producten die onder deze BRL vallen zijn de volgende geharmoniseerde Europese normen van toepassing: NEN-EN 12843 Lichtmasten (masten en palen) NEN-EN 13224 Ribbenvloeren (TT-platen) NEN-EN 13225 Balken en kolommen NEN-EN 13693 Dakelementen NEN-EN 13978-1 Garages NEN-EN 14843 Trappen NEN-EN 14991 Poeren NEN-EN 14992 Wandelementen NEN-EN 15050 Brugelementen NEN-EN 15258 Keerwanden 1.4 Eisen te stellen aan onderzoeksinstellingen 1.4.1 Onderzoek uitgevoerd ten behoeve essentiële kenmerken Ten aanzien van de essentiële kenmerken zoals omschreven in de bijlage ZA van de geharmoniseerde Europese normen wordt uitgegaan van de waarden zoals opgenomen in de Prestatieverklaring van de betreffende producent. 1.4.2 Onderzoek uitgevoerd ten behoeve van overige kenmerken Indien door de leverancier in het kader van de externe controle rapporten van onderzoekinstellingen of laboratoria worden overgelegd om aan te tonen dat aan de eisen van de BRL wordt voldaan, zal moeten worden aangetoond dat deze zijn opgesteld door een instelling die voldoet aan de van toepassing zijnde accreditatienorm, te weten: NEN-EN-ISO/IEC 17020 voor inspectie-instellingen; NEN-EN-ISO/IEC 17021 voor certificatie-instellingen die systemen certificeren; NEN-EN-ISO/IEC 17024 voor certificatie-instellingen die personen certificeren; NEN-EN-ISO/IEC 17025 voor laboratoria; NEN-EN-ISO/IEC 17065 óf NEN-EN 45011 voor certificatie-instellingen die producten certificeren. Toelichting NEN-EN-ISO/IEC 17065 is op 15 september 2012 gepubliceerd en gaat NEN-EN 45011 vervangen. Hierbij geldt een overgangstermijn van 3 jaar. Een instelling wordt geacht aan deze criteria te voldoen wanneer een accreditatiecertificaat kan worden overgelegd, afgegeven door de Raad voor Accreditatie (RvA) of een accreditatie-instelling waarmee de RvA een overeenkomst van wederzijdse acceptatie heeft gesloten. Deze accreditatie moet betrekking hebben op het voor deze BRL vereiste onderzoek. Indien geen accreditatiecertificaat kan worden overgelegd, zal de certificatie-instelling zelf verifiëren of aan de accreditatienorm is voldaan, of het desbetreffende onderzoek opnieuw zelf (laten) uitvoeren. 1.5 Kwaliteitsverklaring Op basis van de KOMO-systematiek die van toepassing is voor deze beoordelingsrichtlijn wordt een KOMO kwaliteitsverklaring voor productcertificatie afgegeven. De uitspraken in deze kwaliteitsverklaring zijn gebaseerd op de hoofdstukken 4 Producteisen en bepalingsmethoden en 5 Eisen aan het kwaliteitssysteem van deze beoordelingsrichtlijn. Op de website van de Stichting KOMO (www.komo.nl) staat de modelkwaliteitsverklaring vermeld die voor deze beoordelingsrichtlijn van toepassing is. De af te geven kwaliteitsverklaringen moeten hiermee overeenkomen. Bouwelementen van beton blz. 2 van 5
Vervang paragraaf 3.1 door de volgende tekst: 3.1 Toelatingsonderzoek Ten behoeve van het verkrijgen van een KOMO kwaliteitsverklaring voert de certificatie instelling onderzoek uit. Tot het toelatingsonderzoek behoren: A. Controle van door de aanvrager verstrekte c.q. te verstrekken documenten waarbij nagegaan wordt of voldaan wordt aan de eisen zoals vastgelegd in deze beoordelingsrichtlijn. B. Beoordeling van de door de aanvrager verstrekte c.q. te verstrekken prestatieverklaring(en) (opgesteld in het kader van de Europese Verordening bouwproducten) waarbij nagegaan wordt of de gedeclareerde waarden van de essentiële kenmerken (zoals vermeld in de prestatieverklaring) minimaal voldoen aan de voorwaarden zoals vermeld in deze beoordelingsrichtlijn. C. Bepaling van de overige productkenmerken zoals opgenomen in deze beoordelingsrichtlijn voor zover het geen essentiële kenmerken zijn zoals vermeld in bijlage ZA van de betreffende geharmoniseerde Europese norm(en) waarbij eveneens nagegaan wordt of deze kenmerken voldoen aan de eisen in deze beoordelingsrichtlijn. 3.2 Beoordeling van het kwaliteitssysteem In relatie tot de essentiële kenmerken (zoals vastgelegd in de prestatieverklaring opgesteld in het kader van de Europese Verordening bouwproducten) vindt ten behoeve van de KOMO-kwaliteitsverklaring geen beoordeling van het kwaliteitssysteem en/of controle van monsters plaats. De kwaliteitsbewaking valt voor de essentiële kenmerken onder de Factory Production Control (FPC) zoals omschreven in de bijlage ZA van de geharmoniseerde Europese norm(en). Ten behoeve van het verkrijgen van de KOMO -kwaliteitsverklaring in relatie tot de overige productkenmerken voert de certificatie instelling onderzoek uit. Tot het toelatingsonderzoek behoren: Beoordeling van het productieproces Beoordeling van het kwaliteitssysteem en het IKB-schema Toetsing op de aanwezigheid en het functioneren van de overige vereiste procedures Vastgesteld moet worden in hoeverre het kwaliteitssysteem in overeenstemming is met de eisen zoals die zijn vastgelegd in hoofdstuk 5 Eisen aan het kwaliteitssysteem van deze beoordelingsrichtlijn. 3.3 Verlening kwaliteitsverklaring Na afronding van het toelatingsonderzoek worden de resultaten voorgelegd aan de beslisser. Deze beoordeelt de resultaten en stelt vast of de kwaliteitsverklaring kan worden verleend of dat aanvullende gegevens en/of onderzoeken nodig zijn voordat de kwaliteitsverklaring kan worden verleend. Bouwbesluit Verwijder hoofdstuk 4 Bouwbesluit gerelateerde eisen en bepalingsmethoden, bijlage 1 Bouwbesluitingang en alle verwijzingen naar het Bouwbesluit uit de BRL. Besluit bodemkwaliteit (Bouwstoffenbesluit) Verwijder hoofdstuk 5 Besluit bodemkwaliteit gerelateerde eisen en bepalingsmethoden (wijzigingsblad d.d. 16 november 2012) en alle verwijzingen naar het Besluit bodemkwaliteit (Bouwstoffenbesluit) uit de BRL. Verwijder hoofdstuk 5 Producteisen en bepalingsmethoden (BRL d.d. 1 juni 2006) respectievelijk 6 Producteisen en bepalingsmethoden (wijzigingsblad d.d. 16 november 2012) en vervang deze door het volgende hoofdstuk: Bouwelementen van beton blz. 3 van 5
4. Producteisen en bepalingsmethoden T.a.v. de in dit hoofdstuk opgenomen eisen t.a.v. de essentiële kenmerken vindt geen toelatingsonderzoek plaats en wordt geen verklaring opgenomen in de kwaliteitsverklaring. De vermeldingen t.a.v. het toelatingsonderzoek en de verklaring in de kwaliteitsverklaring in dit hoofdstuk t.a.v. de essentiële kenmerken moeten worden verwijderd. De bouwelementen van beton zijn waar van toepassing in overeenstemming met de normen zoals vermeld in paragraaf 1.3 van deze BRL. De eisen die aan de bouwelementen van beton worden gesteld zijn verder vastgelegd in de normen en publicaties zoals vermeld in de Criteria 73 Eisen te stellen aan het kwaliteitssysteem voor een productcertificaat voor elementen van vooraf vervaardigd constructief beton. Voor bouwelementen van zelfverdichtend beton geldt aanvullend dat verwijzingen in de Criteria 73 naar 12.4 Verdichten van NEN 6722 niet van toepassing is. Voor bouwelementen van geattesteerde beton geldt voor de water-cementfactor/water-bindmiddelfactor BRL 1802 aanvullend op de verwijzing in de Criteria 73 naar NEN-EN 206-1 en NEN 8005. Voor bouwelementen van beton met grove lichte toeslagmaterialen geldt CUR-Aanbeveling 39 in aanvulling op de verwijzingen in de Criteria 73 naar NEN-EN 206-1 en NEN 8005 en NEN 6722. Voor bouwelementen van vloeistofdichte beton geldt aanvullend dat voldaan moet worden aan de eisen voor vloeistofdichte beton volgens BRL 2316 artikel 5.4. Verwijder geheel hoofdstuk 7 Samenvatting onderzoek en controle uit de BRL. Vervang de inhoud van paragraaf 8.6 Aard en frequentie van de externe controle door de volgende tekst: In relatie tot de essentiële kenmerken (zoals vastgelegd in de prestatieverklaring opgesteld in het kader van de Europese Verordening bouwproducten) vindt ten behoeve van het KOMO kwaliteitsverklaring geen beoordeling van het kwaliteitssysteem en/of controle van monsters plaats. De kwaliteitsbewaking valt voor de essentiële kenmerken onder de Factory Production Control (FPC) zoals omschreven in de bijlage ZA van de geharmoniseerde Europese norm. In relatie tot de overige productkenmerken vindt door de certificatie instelling periodiek controles plaats van het kwaliteitssysteem, het productieproces en de producteigenschappen waarbij nagegaan wordt of voldaan wordt aan de eisen in deze beoordelingsrichtlijn. Over de aan te houden controlefrequentie beslist het College van Deskundigen Constructief Beton. Vanaf het afsluiten van de certificatieovereenkomst en gedurende het eerste volledige kalenderjaar is de bezoekfrequentie vastgesteld op 6 controlebezoeken per jaar. Per kalenderjaar beoordeelt de certificatie instelling de resultaten van de controlebezoeken. Op basis hiervan kan de certificatie instelling in overleg met het College van Deskundigen Constructief Beton besluiten de frequentie terug te brengen naar 5 controlebezoeken per jaar en het volgende jaar eventueel naar 4 controlebezoeken per jaar. Voor leveranciers die niet beschikken over een kwaliteitssysteemcertificaat op basis van de ISO 9001, vindt eenmaal per jaar een aparte controle plaats op het kwaliteitssysteem. De bevindingen van elke uitgevoerde controle zullen door de certificatie-instelling naspeurbaar worden vastgelegd in een rapport. Bouwelementen van beton blz. 4 van 5
Vervang de hoofdstuk 9 Lijst van vermelde documenten door de volgende tekst: 7. Lijst van vermelde documenten NEN-EN 206-1:2014 Beton - Deel 1: Specificatie, eigenschappen, vervaardiging en conformiteit, mei 2014. NEN-EN 1990+A1+A1/ Eurocode: Grondslagen van het constructief ontwerp, december 2011. C2:2011 NEN-EN 1992-1-1+C2:2011 Eurocode 2: Ontwerp en berekening van betonconstructies - Deel 1-1: Algemene regels en regels voor gebouwen, november 2011. NEN-EN 1992-1-2+C1:2011 Eurocode 2: Ontwerp en berekening van betonconstructies - Deel 1-2: Algemene regels - Ontwerp en berekening van constructies bij brand, november 2011. NEN 6069:2011 Beproeving en klassering van de brandwerendheid van bouwdelen en bouwproducten, december 2011. NEN 6722:2002 Voorschriften Beton. Uitvoering, december 2002. NEN 8005:2014 Nederlandse invulling van NEN-EN-206-1: Beton-Deel1: specificatie eigenschappen vervaardiging en conformiteit, november 2014. BRL 1802 Vulstof/Cementbeton. BRL 2316 Vloeistofdichte prefab elementen van beton. BRL 5070 Vooraf vervaardigde elementen van beton. Criteria 73 Eisen te stellen aan het kwaliteitssysteem voor een productcertificaat voor elementen van vooraf vervaardigd constructief beton. CUR-Aanbeveling 65 Ontwerp en aanleg van bodembeschermende voorzieningen. Bijlage 1 met de modelkwaliteitsverklaring bij BRL 2813 d.d. 1 juni 2006 komt hierbij te vervallen. Bijlage 2 Bepalingsmethode constructieve sterkte van dunne spiegel van dakplaten bij BRL 2813 d.d. 1 juni 2006 komt te vervallen. Vervang in alle teksten van de BRL de term attest-met-productcertificaat door kwaliteitsverklaring. Bouwelementen van beton blz. 5 van 5