Voetbalbedoelingen en taken van de VERDEDIGING Wat doen de verdedigers als wij in balbezit zijn? Goed opletten met het rondspelen (opbouw) geen onnodig balverlies lijden Geen slappe ballen geven, hard en zuiver proberen in te spelen Positioneel goed spelen, dus uit elkaar om aanspeelbaar te zijn Goed elkaar coachen Wat doen de verdedigers als de tegenstander de bal heeft? Goed elkaar coachen bij wat je ziet (buitenspel zetten, overnemen etc)) Des te dicht bij doel des te scherper dekken Slim verdedigen geen overtredingen Goed en scherp de duels aan gaan, niet bang zijn Omschakelen (van balbezit naar balverlies) Probeer om zo snel mogelijk weer op je positie te komen Druk op de bal zetten Direct proberen om het veld weer klein te maken Knijpen Omschakelen (van balbezit naar balverlies) Direct Initiatief nemen Ruimtes snel (op tempo) groot maken
Doelverdediger (1) Diep denken, diep spelen Meedoen in het positiespel (bal in spelen en direct weer aanspeelbaar zijn) Goede voortzetting d.m.v. pass, uitworp, uittrap, doeltrap Geen risico s nemen Goed Coachen Coachen en organiseren van je achterhoede Goed positie kiezen (voor en in de goal) Als er iemand alleen op je af komt goed blijven kijken 1 tegen 1 duel Verwerken en positiekiezen bij een voorzet Verwerken van de bal (techniek, scheppen bal, duiken en vallen) Voetenwerk een keeper staat bijna nooit stil Centrale Verdedigers (3 en 4): Aanspeelbaar zijn voor de terug speelbal Aansluiting (richten middenveld en middellijn) Juiste moment inschuiven naar het middenveld Coachen medespelers Positie kiezen (vrijlopen, aanbieden) Verplaatsen van het spel Geen risico s nemen in je spel Elkaar Rugdekking geven Opvangen opkomende/doorkomende spelers Doorsturen middenvelders en ruimte man opvangen Directe tegenstander dekken Schoten op doel blokkeren Buitenspelval hanteren Scherp dekken Goed Coachen Sterk zijn in 1 tegen 1 duel Bij voorzet proberen bal weg te koppen
Vleugelverdedigers (2 en 5) Positie kiezen (breed, en hoger staan) Inspelen van middenvelders of vleugelaanvallers Aanbieden (terugpass moet mogelijk zijn) Geen risico s nemen Opkomen indien mogelijk Opengedraaid opstellen (snel handelen) Directe tegenstander dekken (mandekking) Scherp dekken Schoten op doel of voorzetten blokkeren Knijpen (als spel aan andere kant is) Rugdekking geven Buitenspelval hanteren Overnemen gevaarlijkste speler
Voetbalbedoelingen en taken van het Middenveld Goed in eigen zone (middenveld) blijven spelen Op tijd maar niet te vroeg de diepte in (goed mee aansluiten) Zorg voor een optimale veldbezetting (niet te dicht op je achterhoede en niet te dicht op je voorhoede) Niet onnodig met de bal lopen Je probeert door passing je aanvallers te bereiken (naar 7, 9 en 11) Niet te wild verdedigen Hou druk op de tegenstander (geen van drieën mag verzaken hierin) Lichaam gebruiken (sterk in de duels) Niet happen, te snel instappen Snelheid uit spel halen en tegenstander voor je houden Knijpen (rugdekking geven naar de kant van de bal toe) Omschakelen ( bal verlies bal winst)
Middenvelders (6 en 8) Controlerende taken Zorgen voor de balans in elftal Niet lopen met de bal (balverlies), goed inpassen Geen Risico s (breedtepasses, zorg voor diepte) Goed positiespel (ruimte zo groot mogelijk maken) Ruimtes niet dichtlopen Dichtbij of zelfs in strafschopgebied komen (kopkracht, schieten van afstand) Kort dekken in de buurt van de bal Druk op balbezittende speler Niet laten uitspelen Ruimte- en rugdekking geven Dieptepass of steekpass voorkomen Gevaarlijkste speler overnemen Goed verdedigend positiespel Meedoen bij pressen/jagen op de bal Centrale middenvelder (10) Kiezen van de juiste positie, tussen linies niet te diep Meedoen in positiespel In scoringspositie proberen te komen Doelgericht zijn Druk op de balbezittende speler Kort dekken in de buurt van de bal Niet laten uitspelen Dieptepass voorkomen, dwingen tot terugspeelbal of breedtepass Naar zijkant dwingen, insluiten Opvangen vrije, opkomende speler
Voetbalbedoelingen en taken van de voorhoede/aanval Veldbezetting optimaal houden (ruimte zo groot mogelijk) Nummer 9 niet te vroeg in de bal komen Variatie in wijze van vrijlopen Bij voorzet van zijkant, opduiken in strafschopgebied Moment van diep lopen herkennen Alles gericht op scoren (doelgericht) Opbouw tegenstander samenwerken en storen op afgesproken veld gedeelte Onderling verband intact houden, feeling voor de positie Opbouw afschermen en dieptepass voorkomen Juiste moment kiezen om bal af te jagen (herken moment) Opbouw naar een bepaalde kant dwingen
Vleugelaanvallers (7 en 11) Positie kiezen en ruimte creëren Vrijlopen (looplijnen), aanbieden kort, breed en diep Individuele actie durf je tegenstander op te zoeken en te passeren In de combinatie voetballen Goede voorzetten geven Bij voorzet andere kant zelf in strafschopgebied opduiken Scoren Veldbezetting, ruimte klein maken (naar binnen knijpen) Verantwoordelijk voor directe tegenstander Ruimte op middenveld verdedigen (knijpen/kantelen) Dieptepass voorkomen (dwingen tot breedtepass of terugspeelbal) Niet laten uitspelen Spel ophouden zodat medespelers kunnen herstellen Overnemen van andere (gevaarlijke) tegenstanders Bal veroveren Centrumspits (9) Scoren (doelgericht zijn) In scoringspositie komen Aanspeelpunt in de opbouw (Balvast) Anticiperen op dieptepass Ruimte creëren voor opkomende middenvelders en vleugelaanvallers Ruimtes klein maken Samen met vleugelaanvallers opbouw tegenstander storen, afschermen Niet laten uitspelen Dwing tegenstander tot breedtepass Haal dieptepass eruit Druk op balbezittende speler Tijd winnen voor bijsluiten medespelers