Protocol. Kledingvoorschriften

Vergelijkbare documenten
29 september 2009 BELEIDSNOTA. Kledingvoorschriften

LEIDRAAD KLEDING OP SCHOLEN

Leidraad voor kleding op scholen

Beleidsnotitie Kledingvoorschrift

KLEDINGPROTOCOL DR. SCHAEPMANSTICHTING

Botsende rechten in het onderwijs

Gedragscode scholen Stichting Noventa Onderwijs

ECCVA/U CVA/LOGA 08/37 Lbr. 08/187

Gedragscode Estherzorg

Plan Sociale Veiligheid

Gedragscode Raad & Daad Den Haag

6.21. Gedragscode THUIS met zorg Zaanstreek B.V.

Gedragscode. De doelen van de gedragscode zijn:

V1 PR 01. Integriteit, Respect en Loyaliteit

Gedragscode ten aanzien van kleding en/of accessoires

Gedragscode CMWW. Met elkaar, voor elkaar. versie

Gedragscode FloreoKids. Versie

GEDRAGSCODE/REGELING TER VOORKOMING VAN SEKSUELE INTIMIDATIE, AGRESSIE, GEWELD (WAARONDER PESTEN) EN DISCRIMINATIE

Bijlage behorende bij Eilandsverordering vaststelling diverse ontwerp-landsverordeningen land Curaçao (A.B no. 87)

Gedragscode ter voorkoming van ongewenst gedrag

Geachte, Met vriendelijke groet, LijstvanDamme. Ombudsdienst

Handreiking voor leerlingen (ouders) SBO De Branding over internet, , mobieltjes e.d.

Gedragscode stichting Torion

Wat u over een procedure bij het College voor de Rechten van de Mens moet weten

Interne gedragscode voor patiënten- en gehandicaptenorganisaties

Leerlingenstatuut AOC Terra

Onderzoek Mensenrechten

Neutraliteit, gezag en zichtbare geloofsuitingen bij de IND: een kwestie van maatwerk. CGB-advies 2012/01

Gedragsregels. voor uitzendondernemingen

GEDRAGSCODE Samuëlschool ( mei 2013)

Gedragsregels studenten

Op 18 november 2009 heeft het raadslid Flos (VVD) onderstaande motie ingediend:

Advies Commissie Gelijke Behandeling inzake Arbeid, religie en gelijke behandeling

Leerlingenstatuut Dollard College

De geschiedenis van het katholieke hoofddoekje

Gedragscode Veluwse Onderwijsgroep l M.C. Wolthuis

Vrouwelijke bediening?!

Informatiebeveiliging en privacy. In kleine stapjes zonder grote woorden

Gedragscode / kledingvoorschrift

Gedragscode Stichting Kids op Vakantie Ter voorkoming van ongewenst gedrag

Eindexamen filosofie vwo I

De overbodigheid van artikel 6

CBS De Akker Protocol , internetgebruik, mobiele telefoons, tablets etc.

ZOEKPLAAT GRONDRECHTEN

Onderzoek kledingvoorschriften

Gedragscode. B018 Gedragscode Altijd Zorg Aanwezig

Protocollen ZeelandCare Gedragscode

Diversiteitsvraagstukken: aanpassing van kledijvoorschriften

Gedragscode Valuas Zorggroep 2

Samenvatting Maatschappijleer Hoofdstuk 1

Rapportage van de werkgroep identiteit en eigenheid

De plaats van identiteit in uw personeelsbeleid. De praktische toepassing van identiteit

Aan de voorzitter van de Tweede Kamer der Staten- Generaal Mevrouw dr. K. Arib Postbus EA DEN HAAG. Geachte voorzitter,

Gedragscode ter voorkoming van ongewenst gedrag

& Sociale Integratie. Beleidsstuk ACTIEF BURGERSCHAP. Actief burgerschap & Sociale integratie. Het Palet MeerderWeert 1

Gelijke behandeling. informatie voor werknemers

Werkstuk Levensbeschouwing Schoonheid en uiterlijk

7 november 2013 Platformdag Gehandicapten mbo Marije Graven

3.2.1 Thema 1: Vrienden versie 2

Schoolklimaat Zo zijn onze afspraken

Leerlingenstatuten

a) Persoonsgegeven: elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon.

Transcriptie:

Protocol Kledingvoorschriften

INHOUDSOPGAVE Pag. 1. AANLEIDING 2 2. UITGANGSPUNTEN BIJ KLEDINGVOORSCHRIFTEN 2 3. UITGANGSPUNTEN 4 1

1. AANLEIDING Met kleding kan men tegenwoordig van alles uitdragen. Zo kan men door middel van kleding tonen te behoren bij een bepaalde groep of een zekere geloofsovertuiging te hebben. Ook kan men kleding gebruiken om zich af te zetten tegen een groep of ideologie. Daarnaast kan bepaalde kleding door een grote groep als aanstootgevend worden beschouwd. Binnen Cbs Oud Zandbergen is er daarom voor gekozen vast te leggen wat op gebied van kleding wordt toegestaan aan zowel leerlingen als de medewerkers. Met het vastleggen van deze uitgangspunten is rekening gehouden met de identiteit van Cbs Oud Zandbergen en hetgeen we op basis van onze missie en visie willen uitdragen. 2. UITGANGSPUNTEN BIJ KLEDINGVOORSCHRIFTEN Door het ministerie van OCW is een leidraad ontwikkeld. Een school is in principe vrij om kledingvoorschriften voor te schrijven. Er zijn wel voorwaarden waar deze voorschriften aan moeten voldoen: 1. de voorschriften mogen niet discriminerend zijn; 2. de voorschriften mogen de vrijheid van meningsuiting niet aantasten; 3. de voorschriften moeten worden opgenomen in de schoolgids, en in de arbeidsvoorwaarden; 4. de maatregel op het overtreden van een kledingvoorschrift mag niet onevenredig zwaar zijn. Deze voorwaarden worden hieronder punt voor punt toegelicht. Daarbij wordt vooral aandacht besteed aan de voorwaarde dat kledingeisen niet discriminerend mogen zijn, omdat die in de praktijk de meeste problemen oplevert. Ad 1. Kledingvoorschriften mogen niet discriminerend zijn Kledingvoorschriften kunnen, meestal onbedoeld, discriminerend zijn. Van discriminatie is volgens de Algemene wet gelijke behandeling sprake als er onderscheid wordt gemaakt wordt op grond van: godsdienst of levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht, nationaliteit, seksuele gaardheid. Burgerlijke staat. Het maken van onderscheid op een van deze gronden is in de regel altijd verboden. De wet maakt echter voor sommige scholen en voor sommige situaties uitzonderingen. Hieronder wordt uitgelegd welke uitzonderingen dat zijn. Daarbij is het spanningsveld tussen kledingeisen en de vrijheid van godsdienst als voorbeeld genomen om concreet toe te lichten wat wel en niet mag. 2

Kledingvoorschriften die de vrijheid van godsdienst raken Sommige godsdiensten hebben kledingvoorschriften. Dat kan gaan om hoofddoeken, gezichtsbedekkende kleding en om het dragen van een keppeltje of van een tulband. Het verbieden van dergelijke kleding is in strijd met de gelijke behandelingswetgeving. Zo n verbod maakt namelijk onderscheid op grond van godsdienst: alleen de aanhangers van deze godsdienst worden door het verbod getroffen. Dat niet iedere gelovige deze kledingvoorschriften als verplichtend ziet, maakt daarbij niets uit. Er zijn wel uitzonderingen op deze regel. Uitzondering: bijzonder onderwijs Een bijzondere school mag eisen stellen aan leerlingen en personeel die nodig zijn voor de verwezenlijking van zijn grondslag. Een katholieke of protestants-christelijke school mag leerlingen of docenten daarom ook verbieden een hoofddoek te dragen. Zo n verbod mag alleen worden toegepast als er een consequent aannamebeleid wordt gevoerd in het licht van de grondslag van de school, en als het kledingvoorschriftenbeleid consequent wordt gehandhaafd. Het openbaar onderwijs mag zulke eisen niet stellen. Openbare scholen mogen docenten en leerlingen dus niet verbieden een hoofddoek te dragen (tenzij er sprake is van een objectieve rechtvaardiging). Zij mogen wel eisen dat een docent voor de klas de neutraliteit uitdraagt die bij het openbare karakter past. De Commissie Gelijke Behandeling heeft bepaald dat een hoofddoek niet uitsluit dat een docent in staat is les te geven in overeenstemming met het openbare karakter van de school. Ad 2. Kledingvoorschriften die de vrijheid van meningsuiting raken Soms laten mensen met hun kleding zien dat zij zich identificeren met bepaalde (politieke) ideeën. Een bomberjack bijvoorbeeld, gecombineerd met een zwarte trui van een bepaald merk en zwarte legerschoenen en gemillimeterd haar worden geassocieerd met extreemrechtse opvattingen. Het verbieden van zulke kleding kan de in de Grondwet gewaarborgde vrijheid van meningsuiting aantasten. Een school mag daarom dergelijke kleding niet verbieden vanwege de inhoud van zulke ideeën. Beperkingen aan zulke kleding stellen mag wel om andere redenen, bijvoorbeeld als het nodig is om wanordelijkheden te voorkomen. Kledingvoorschriften die niet de vrijheid van godsdienst of meningsuiting raken Niet alleen religieus of politiek geïnspireerde kleding kan tot weerstand leiden. Baseballpetjes of naveltruitjes worden ook niet door iedereen gewaardeerd. Voor kleding die geen uiting is van een godsdienst of een mening, kan een school kledingvoorschriften opstellen. Er gelden daarbij wel procedurele eisen, die overigens voor alle kledingvoorschriften gelden. Ad 3. Invoeren kledingvoorschriften Het is belangrijk dat kledingvoorschriften op school op een goede en duidelijke manier worden opgesteld. Dit voorkomt onbegrip en problemen met de interpretatie van de voorschriften. De voorschriften moeten ondubbelzinnig zijn. Een voorschrift mag niet voor meer dan één uitleg vatbaar zijn. De voorschriften moeten voor alle leerlingen gelden en ze moeten bij iedereen bekend zijn. Daarom zijn deze voorschriften gepubliceerd op de website van de school. 3

Een school kan niet zomaar kledingvoorschriften instellen. De voorschriften moeten worden vastgelegd in schoolgids en daarvoor is toestemming nodig van de medezeggenschapsraad. Voor personeel moeten de voorschriften worden vastgelegd in arbeidsvoorwaarden. Ad 4. Handhaven kledingvoorschriften Als er problemen zijn bij het handhaven van kledingvoorschriften is het vanzelfsprekend aan te raden om problemen eerst in overleg op te lossen. Als het niet lukt om een oplossing te vinden, kan een school een maatregel treffen vanwege het niet naleven van de kledingvoorschriften, zoals schorsen. De maatregel moet wel in verhouding staan met de overtreding. 3. UITGANGSPUNTEN De invoering van kledingvoorschriften is aan de orde biinen de MR. Het bestuur heeft vervolgens Dde volgende uitgangspunten geformuleerd: Kleding mag niet aanstootgevend zijn door de opdruk van teksten die bestaan uit scheldwoorden, schuttingtaal, dan wel bestaan uit discriminerende uitingen of godslastering; Jongens/ mannen hebben geen ontbloot bovenlijf; Zowel leerlingen als medewerkers dragen geen aanstootgevende kleding; Er mag geen zwemkleding gedragen worden, behalve tijdens zwemles; Tijdens gym mogen er geen sieraden worden gedragen, piercings dienen bedekt te zijn; Tijdens de gym. worden geen hoofddoeken gedragen, als dit een gevaar oplevert. Piercings mogen de communicatie niet belemmeren; Mannelijke leerkrachten dragen geen broeken boven de knie; Gezichtsbedekkende sluiers (burqa / niqab) zijn verboden aangezien ze de communicatie hinderen en herkenning verhinderen, dit geldt voor iedereen die de school wil betreden (Is ook wettelijk bepaald). Bovenstaande geldt ook voor pet,, zonnebril, motorhelm, sluier, masker, e.d. 4