Hitte protocol SXB breed (versie 26-07-2018) 1 Definitie Aanhoudend warm weer vormt een gezondheidsrisico voor bepaalde groepen mensen. Met name ouderen, mensen in zorghuizen, chronisch zieken en mensen met overgewicht zijn risicogroepen. Deze mensen kunnen de hitte niet goed aan. Ze krijgen gezondheidsproblemen door de warmte en de kwaliteit van leven gaat achteruit. Tevens is uit onderzoek gebleken dat er in Nederland elk jaar extra sterfgevallen zijn tijdens perioden van aanhoudende hitte. Het CBS heeft berekend dat er in 2010, tijdens de laatste periode van aanhoudend warm weer, naar schatting 500 mensen meer zijn overleden dan normaal. Bron. RIVM. Gezondheidseffecten Langdurig aanhoudende hitte kan leiden tot klachten van vermoeidheid, concentratieproblemen, duizeligheid en hoofdpijn. Warmte kan ook huidproblemen geven zoals jeuk en uitslag met blaasjes. Door uitdroging kan kramp, misselijkheid, uitputting, flauwte en bewusteloosheid optreden. 2 Doel Effectief en efficiënt omgegaan met het beoordelen van warmte risico's en het verminderen van de gezondheidsrisico s voor patiënten, cliënten en personeel tijdens langdurig warm weer. 3 Uitvoerenden Alle betrokken medewerkers 4 Indicaties Een hittegolf is een serie van minstens vijf zomerse dagen waarvan er zeker drie tropisch zijn, dit is het geval als de temperatuur minstens 30 graden heeft bereikt. Indeling in warmteklassen Grofweg is een indeling in drie warmteklassen te maken: 1. 25-30 0 C 2. 30-35 0 C 3. Boven de 35 0 C Deze indeling geldt bij gewone luchtvochtigheid. Wanneer er sprake is van een hoge luchtvochtigheid, broeierig en klam weer, dan wordt de temperatuur als extra belastend ervaren omdat het lichaam dan door transpiratie zijn warmte niet kwijt kan. Het nationaal hitteplan wordt per provincie geactiveerd wanneer het KNMI aangeeft dat er een grote kans is op een aaneengesloten periode van minimaal 4 dagen met dagelijkse maxima van 27 C of meer. Deze is zichtbaar op de site KNMI onder vermelding van kleurcode geel: waarschuwing extreem hoge temperatuur.
5 Werkwijze De RvB besluit, al dan niet na overleg met het management team, dat de preventieve maatregelen in werking treden. De teammanagers (TM), wijkmanagers (WM) en manager Facilitair en Techniek (FT) worden geïnformeerd en het plan wordt uitgevoerd. De teammanagers en wijkmanagers zijn verantwoordelijk dat de maatregelen op hun locaties en afdelingen worden nageleefd. De manager facilitair en techniek informeert de leden van de technische dienst die vervolgens verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van de maatregelen betreffende de techniek. Er volgt geen bericht wanneer de hitteperiode voorbij is. Dit is immers vanzelf duidelijk. Alle (team)managers kunnen een adviserende rol hebben richting het RVB om het plan in werking te laten gaan, immers op de werkvloer wordt het eerst de hitte ervaren. 6 Bijlagen/ opmerkingen Preventieve Maatregelen Zorg voor de medewerkers; Extra aandacht voor zwangere medewerkers, mensen met hart- of longaandoeningen. Bij warmte loopt het concentratievermogen terug. De teammanager en wijkmanager bepaald op welk moment eventueel een ander dienstenpatroon (tropenrooster) in werking treedt. Waarbij bijvoorbeeld de diensten korter worden. Zware lichamelijke inspanning proberen zo mogelijk vermijden dan wel verminderen en/of uitstellen. Er moet de mogelijkheid geboden worden om vaker korte pauzes te nemen, koele dranken te drinken en later op de dag of in de avond bouillon te drinken. In bepaalde werkruimten worden ventilatoren geplaatst, of indien mogelijk wordt in koelere ruimten gewerkt. Bij medische problemen wordt advies aan de bedrijfsarts gevraagd.
Zorg voor patiënten en cliënten: Lichaamsverzorging / kleding Bij patiënten/cliënten die het warm hebben worden de dekens en dekbedden opgeruimd in de kast. Patiënten/cliënten wordt geadviseerd zoveel mogelijk katoenen, luchtige, lichtgekleurde kleding te dragen. Bedlegerige patiënten/cliënten krijgen dagelijks een schoon kussensloop met handdoek. Er worden zo nodig vaker lakens over het voeteneind heen gelegd (lucht). Zieke patiënten/cliënten worden naar behoefte gewassen. Douchen heeft nadelen ( is benauwd voor personeel en geeft verhoging van luchtvochtigheid). Gewoon wassen is daarom vaak verfrissender dan douchen, maar volg zoveel mogelijk de wens van de patiënt/cliënt. Eten/drinken; Bij elk eet- of drinkmoment wordt een extra glas water of bouillon aangeboden. Er moet wel nagegaan worden of er beperkingen zijn voor vochtinname/toediening. Alcoholische dranken, en wellicht ook thee en koffie versterken de vochtuitscheiding (dus niet via transpiratie), Gebruik van gewoon fris water is daarom aan te raden. In overleg met de voedingsdienst op de locatie kan dagelijks waterijs verstrekt worden aan patienten/cliënten en medewerkers. Groenten en fruit zijn aan te bevelen omdat deze veel water bevatten en een bron zijn van vitamines en zouten. Mogelijk dat familie dit kan meenemen. Etenswaren moeten goed gekoeld zijn en er moet aandacht besteed worden aan de hygiëne in de keuken. Controleren of de cliënt ook daadwerkelijk voldoende drinkt, alleen klaarzetten is niet voldoende. Er moet voldoende hulp worden geboden en zo nodig moet de intake vastgelegd worden. Vraag mantelzorgers of hun naaste goed drinkt tijdens bezoekuren. Minimum vochtinname van ca 2 liter per dag, tenzij door de arts anders is vastgesteld. Bij tekorten in de intake direct overleg met de arts. Ziekte: Bij cliënten met diarree moet men extra alert zijn op voldoende vochtinname. Bij koorts wordt per graad koorts boven de 38 graden 500 ml extra aanbevolen. Zo nodig worden Oral Rehydration oplossingen verstrekt in overleg met de arts. De artsen en verplegend personeel letten extra op het gebruik van diuretica en passen zo nodig ook andere medicatie (laxantia en psychofarmaca) aan. Bij cliënten met koorts/infectieziekten, worden verkoelende maatregelen genomen. Op advies van de arts bij zieke cliënten koude wassingen geven, koude voetenbadjes geven. In overleg met de arts worden patiënten op indicatie naar koelere ruimtes gebracht.
Activiteiten ouderenzorg Een bijzondere situatie is ook weer eens iets anders,maak er, waar dat mogelijk is, een positieve belevenis van. Mocht de cliënt naar buiten willen dan is het advies het hoofd te bedekken met een zonnehoed of zonneklep en de onbedekte huid moet dan ook ingesmeerd worden met een zonnebrandmiddel met hoge beschermingsfactor. Fysiotherapieschema s, douchen inspannende activiteiten worden aangepast. Overmatige inspanning moet bij forse warmte overdag zoveel mogelijk vermeden worden. Het houden van een siësta is een goede optie. Voor cliënten in de verzorgingshuizen /(extramurale) thuissituatie; Cliënten informeren over eventueel te nemen maatregelen die helpen tegen hoge temperaturen, zoals veel drinken, bescherming van de huid doormiddel van zonnebrandcrème, katoenen kleding, lichamelijk activiteiten aanpassen, gebruik ventilatoren, advies vragen aan de huisarts over diuretica en goed contact te houden met de mantelzorg. Naar behoefte van de cliënt zo mogelijk wat vaker wassen, vermijdt sterke temperatuurwisselingen. Douchen heeft nadelen maar volg zoveel mogelijk de wens van de cliënt. Wanneer de situatie van de cliënt/patiënt dreigt te verslechteren tijdig signaleren naar behandelend (huis)arts. Het is eventueel mogelijk via het regionale hittesteunpunt GGD/GHOR extra vrijwilligerszorg te organiseren. Maak tijdig gebruik van zonwering om opwarming van de woning/kamer te beperken. Gebouwbeheer Maak efficiënt gebruik van (gemeenschappelijke)ruimten waar temperatuur/klimaatbeheersing wel realiseerbaar is. Flexibele zonwering tijdig, dus voor zonsopkomst benutten. Buiten zonwering is veel effectiever dan binnenzonwering. Zodra buitentemperatuur hoger is dan binnen; deuren en ramen sluiten en ventilatie terugbrengen tot het hoogst noodzakelijke (behalve bij topkoeling). Rekening blijven houden met de kwaliteit van de binnenlucht, luchtvochtigheid. Vermijdt tocht. Losse ventilatoren bevorderen de (transpiratie)verkoeling, maar geven ook tocht en lawaai. De TL- verlichting aan en de spots en andere (gloei)lampen (hitteproducerend) zoveel mogelijk uit. Overige elektrische apparatuur (televisie, computer) zoveel mogelijk uit (ook standby geeft warmte). In de nacht worden de ruimten gelucht door middel van openen ramen ; Zowel door natuurlijke of mechanische ventilatie voorzieningen gedurende de gehele nacht te laten functioneren. Daksproeien bij platte daken, afhankelijk van bouw- en dakisolatie.
Technische voorzieningen ouderenzorg In alle cliëntgebonden ruimtes zijn waar nodig en indien de stroomvoorziening het toelaat airco s geplaatst. Dit in overleg met de huismeester. Technische voorzieningen ziekenhuis In overleg met de technische dienst worden er ventilatoren en mobiele airco s geplaatst indien de stroomvoorziening het toelaat op patiëntenkamers/ verpleegafdeling. De afweging wordt in overleg met teammanager gemaakt. In het dagverblijf en in de patiëntenkamers kan plaatsing van ventilatoren overwogen worden Indien er één of andere isolatievorm ingesteld is s.v.p. eerst overleggen met afdeling Infectiepreventie, 6559. Algemene maatregelen: Binnen: 25 30 graden Celsius: 30 35 graden Celsius > 35 graden Celsius (tropisch) 1) Zonwering laten zakken voordat de zon op het raam gaat staan. 1) Zonwering laten zakken voordat de zon op het raam gaat staan. 1) Zonwering laten zakken voordat de zon op het raam gaat staan. 2) Als het binnen koeler is dan buiten, dan de ramen 3) Als binnen een airco of een mechanisch ventilatiesysteem (incl. koeling) aanwezig is, dan altijd de ramen (en deuren) 4) Warmteproducerende apparatuur (PC s en monitoren) zoveel mogelijk uitzetten wanneer deze enige tijd niet worden gebruikt. 2) Als het binnen koeler is dan buiten, dan de ramen 3) Als binnen een airco of een mechanisch ventilatiesysteem (incl. koeling) aanwezig is, dan altijd de ramen (en deuren) 4) Warmteproducerende apparatuur (PC s en monitoren) zoveel mogelijk uitzetten wanneer deze enige tijd niet worden gebruikt. 2) Als het binnen koeler is dan buiten, dan de ramen gesloten houden. 3) Als binnen een airco of een mechanisch ventilatiesysteem (incl. koeling) aanwezig is, dan altijd de ramen (en deuren) 4) Warmteproducerende apparatuur (PC s en monitoren) zoveel mogelijk uitzetten wanneer deze enige tijd niet worden gebruikt. 5) Meer drinken. 5) Meer drinken. 5) Meer drinken. 6) Lichtere kleding dragen. 6) Lichtere kleding dragen. 6) Lichtere kleding dragen. Geen concessie aan Geen concessie aan (verplichte) persoonlijke (verplichte) persoonlijke beschermingsmiddelen zoals beschermingsmiddelen zoals het dragen van open het dragen van open schoenen. schoenen. 7) Zwaar fysiek werk vermijden en uitstellen tot koelere periodes. 8) Eventueel extra ventilatoren plaatsen. Geen concessie aan (verplichte) persoonlijke beschermingsmiddelen zoals het dragen van open schoenen. 7) Zwaar fysiek werk vermijden en uitstellen tot koelere periodes. 8) Eventueel extra ventilatoren plaatsen. Deze ventilatoren alléén gebruiken als de
omgevingslucht lager is dan de lichaamstemperatuur. 9) Meer drinken. Het 9) Meer drinken. Het verstrekken van ijsjes is een verstrekken van ijsjes is een aardig gebaar, maar aardig gebaar, maar versterkt versterkt de dorst door het de dorst door het zoutgehalte in zoutgehalte in het ijs. het ijs. 11) Pauzeren in koelere 11) Pauzeren in koelere ruimtes. ruimtes. 12) Platte daken nathouden (alleen als er niet plaatselijk een drinkwater tekort is). 13) Wanneer de temperaturen zeer hoog oplopen heeft het gebruik van ventilatoren geen verkoelend effect meer, maar doet geforceerde ventilatie de temperatuur van het lichaam nog verder oplopen. 14) Eventueel tijdelijk mobiele airco s plaatsen. Buiten: 25 30 graden Celsius: 30 35 graden Celsius 1) Aangepaste kleding dragen (geen concessies aan veiligheidskleding). 2) Niet in de volle zon 1) Aangepaste kleding dragen (geen concessies aan veiligheidskleding). 2) Niet in de volle zon werken werken zonder bescherming. zonder bescherming. 3) Zo min mogelijk de huid 3) Zo min mogelijk de huid onbedekt houden. onbedekt houden. 4) Een cap (pet) of helm met 4) Een cap (pet) of helm met een nekflap dragen. een nekflap dragen. 5) Elke twee uur niet bedekte 5) Elke twee uur niet bedekte huid insmeren met een huid insmeren met een zonnebrandcrème (minimaal zonnebrandcrème (minimaal factor 10). factor 10). 6) Zwaar fysiek werk slechts kortere tijd doen of het zware fysieke werk uitstellen tot koelere periodes. 7) Verlagen werktempo en werkintensiteit. 8) Frequent pauzeren (in de schaduw of koelere ruimte). 9) Zo min mogelijk in de zon werken. 10) Gelegenheid tot vaker douchen en omkleden bieden. > 35 graden Celsius (tropisch) 1) Aangepaste kleding dragen (geen concessies aan veiligheidskleding). 2) Niet in de volle zon werken zonder bescherming. 3) Zo min mogelijk de huid onbedekt houden. 4) Een cap (pet) of helm met een nekflap dragen. 5) Elke twee uur niet bedekte huid insmeren met een zonnebrandcrème (minimaal factor 10). 6) Zwaar fysiek werk slechts kortere tijd doen of het zware fysieke werk uitstellen tot koelere periodes. 7) Verlagen werktempo en werkintensiteit. 8) Frequent pauzeren (in de schaduw of koelere ruimte). 9) Zo min mogelijk in de zon werken. 10) Gelegenheid tot vaker douchen en omkleden bieden.
11) Veel drinken. 11) Veel drinken. Communicatie Zoek vooral de constructieve samenwerking met (externe)partijen en kijk ook waar en hoe je iets voor anderen kunt betekenen in hete tijden. Ook intern geeft de bijzondere omstandigheid van aanhoudende hitte, naast het gezamenlijk zucht, puffen en blazen ook gelegenheid er qua sfeer in positieve zin iets bijzonders en gezelligs van te maken. Complicaties bij blootstelling aan hitte Flauwvallen. Dit komt door onvoldoende doorbloeding naar de hersenen. Het lichaam gebruikt te veel bloed om zweten mogelijk te maken. Het gaat meestal gepaard met hoofdpijn, misselijkheid en uitdroging. Hitte-uitputting door uitdroging. Dit gebeurt als er te veel vocht verloren gaat door zweten of andere oorzaken en niet voldoende aangevuld wordt. Hittekramp (kramp in de spieren) ontstaat als het lichaam door zweten teveel zout verliest. Huidaandoeningen zoals jeuk en blaasjesuitslag. Dit komt omdat bij een langdurige natte huid de afvoergangen en van de zweetklieren verstopt raken. Hitteberoerte (zonnesteek) is het meest ernstig. Dit gebeurt als de inwendige temperatuur van het lichaam te hoog wordt. Bijbehorende verschijnselen zijn: rode en droge huid, krampen, stuiptrekkingen en verlies van bewustzijn. Bij een hitteberoerte moet altijd met spoed medische hulp worden gezocht. Bron: RIVM Ministerie SZW