Openbaar Meld Systeem (OMS)
|
|
|
- Rebecca Helena Bos
- 8 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Openbaar Meld Systeem (OMS) Van aansluiting tot afsluiting GEGEVENS: Versie Datum Auteur Opmerking Vastgesteld Vervallen Team Ontwikkeling Herziening BB nvt
2 Soort document Beknopt onderwerp Vaste gedragslijn Het doel van deze gedragslijn is om iedereen bewust te maken van de werking van een aansluiting op het openbaar meldsysteem (afgekort OMS-aansluiting), om zo een snelle en juiste alarmering van de Brandweer mogelijk te maken. Daarvoor is het van belang dat duidelijk is hoe de aansluiting tot stand komt, hoe deze beheerd, onderhouden & gecontroleerd wordt en wat de vuilkuilen zijn. Inhoud Inleiding 3 1 Aansluiten 4 2 Beheer, Onderhoud en Controle Eigenaar/Gebruiker KPN VRH 7 3 Toezicht en Handhaving 8 4 Afsluiting Verplichte doormelding Vrijwillige doormelding 9 Bijlage 1: Aansluitvoorwaarden 11 Bijlage 2: Standaardbrief verzoek aanvullende gegevens 24 Bijlage 3: Periodieke controle brandmeldinstallatie 25 Bijlage 4: Voorbeeldlogboek 28 Bijlage 5: Registratieformulier brandmeldingen 33 Bijlage 6: Rekenmodule onechte/ongewenste meldingen 35 Bijlage 7: Object opzeggen in de webportal 36 2
3 Inleiding Dagelijks rijden er tankautospuiten af op gebouwen met een brandmeld- of sprinklerinstallatie die een zogenoemde OMS-melding heeft gegenereerd. Dit is een melding van het Openbaar Meld Systeem die via een ISDN-verbinding bij de Meldkamer Brandweer binnenkomt en door de centralist verwerkt wordt door het aanmaken en afhandelen van een incident. Het spreekt voor zich dat het van groot belang is dat dit systeem te allen tijde werkzaam is. Desalniettemin komt het in de praktijk voor dat deze verbinding, al dan niet opzettelijk, ergens verbroken is. Er moet immers soms onderhoud gepleegd worden waarvoor uitschakeling vaak noodzakelijk is of er kunnen zich storingen in het systeem voordoen (door bijvoorbeeld kabelbreuk tijdens graafwerkzaamheden). Op het eerste oog lijkt een OMS-aansluiting een eenvoudige verbinding. In de realiteit blijkt dit echter niet zo te zijn. Dit komt onder meer door de grote hoeveelheid partijen met daarbinnen weer verschillende medewerkers en disciplines die allen verantwoordelijk zijn voor slechts een deel van de aansluiting. Het mag duidelijk zijn dat deze verschillende verantwoordelijkheden een beheerder er niet van ontslaat zich te verdiepen in de rest van het systeem. Het gaat immers om een zeer belangrijke verbinding waarbij elke seconde telt. Tegelijkertijd betekent dit dat het van belang is dat iedereen de mogelijkheid moet worden geboden zich op een betrekkelijk eenvoudige manier te kunnen verdiepen in het gehele systeem. De VRH heeft deze gedragslijn dan ook opgesteld zodat iedereen de context van zijn plichten kent, dat uiteindelijk het primaire doel van een OMS-aansluiting (een snelle en juiste alarmering naar de Brandweer) ten goede moet komen. 3
4 1 Aansluiten Om tot een aansluiting te kunnen komen is het van belang dat men voldoet aan de aansluitvoorwaarden (zie bijlage 1) van de Veiligheidsregio Haaglanden. Via de webportal gebouwalarm kan men een aanvraag doen. Deze webportal (toegang via OMS Haaglanden) is een belangrijk middel dat in opdracht van de VRH is opgezet om het voor de verschillende partijen mogelijk te maken op een betrekkelijk eenvoudige manier hun deel in het proces uit te voeren. In hoofdstuk 2 zal verder worden ingegaan op het beheer, onderhoud en controle van de aansluiting. De OMS-aansluiting komt als volgt tot stand: 1. De aanvrager meldt zijn object aan via 2. KPN controleert of de aanvraag volledig is ingevuld. 3. De medewerker van het cluster Risico- & Crisisbeheersing ontvangt de melding en controleert of de aanvrager de juiste gegevens van het object heeft ingevuld. Indien dit het geval is accordeert hij/zij de melding. Indien dit niet het geval is wordt er een mail gestuurd naar de aanvrager met het verzoek zijn gegevens aan te vullen (zie standaardmail in bijlage 2) 4. Na uiteindelijke goedkeuring door de medewerker van het cluster Risico- & Crisisbeheersing komt de melding automatisch bij KPN terecht. Zij sturen een monteur op pad om te zorgen voor de fysieke aansluiting tussen het ontvangststation van ASB (= beheerder namens KPN) en het gebouw. Het gaat om de alarmoverdrager zelf en de verbinding tussen alarmoverdrager en het ontvangststation van ASB, zoals te zien in figuur 1. Als de fysieke aansluiting eenmaal gelegd is, verwerkt KPN dit in gebouwalarm. 5. De Meldkamer Brandweer voert een controle uit op de gegevens en voert deze in het GMS in. 6. De medewerker van het cluster Risico- & Crisisbeheersing controleert vervolgens of de brandmeldcentrale (BMC) is opgeleverd en werkt overeenkomstig de vooraf vastgestelde eisen. Indien dit niet het geval is blijft deze in de wachtstand staan en wordt er een mail gestuurd naar de aanvrager met het verzoek zijn gegevens aan te vullen (zie standaardmail in bijlage 2). 7. KPN krijgt hier een melding van en maakt de fysiek gelegde aansluiting ook digitaal actief. Vanaf dit moment zou er een werkende doormelding moeten zijn (dit dient de beheerder van de brandmeldinstallatie echter periodiek te blijven controleren. Zie hoofdstuk 2.). 2 Beheer, Onderhoud en Controle Zoals eerder aangegeven is niet altijd even duidelijk wie verantwoordelijk is voor welk deel van de OMS aansluiting. In figuur 1 is te zien dat er op sommige delen van de verbinding sprake is van overlap. Dat betekent dat er op die delen sprake is van een gezamenlijke verantwoordelijkheid. De lijn tussen de brandmeldcentrale en alarmoverdrager (BMS-O IP/GPRS) dient bijvoorbeeld in gezamenlijk overleg tussen eigenaar en KPN tot stand te komen. De alarmoverdrager valt immers onder het beheer van KPN en de Brandmeldcentrale onder beheer van de eigenaar/gebruiker. Dit hoofdstuk zal meer inzicht geven in beheer, onderhoud en controle van de gehele aansluiting. 4
5 Figuur Eigenaar/Gebruiker De eigenaar/gebruiker heeft conform het schema van de OMS-aansluiting (figuur 1) de verantwoordelijkheid over zowel beheer, controle als onderhoud van de brandmeldinstallatie. Om te zorgen dat deze zaken goed kunnen worden uitgevoerd is de NEN tot stand gekomen. Deze biedt een handvat voor beheer, controle en onderhoud om uiteindelijk op die manier de goede werking van de brandmeldinstallatie zoveel mogelijk te waarborgen. Beheer De gebruiker/eigenaar zal één of meer personen moeten aanwijzen die zijn opgeleid (conform de NEN ) en geïnstrueerd om te fungeren als beheerder. De beheerder is er om te zorgen dat de brandmeldinstallatie goed blijft functioneren. Desalniettemin blijft de gebruiker/eigenaar eindverantwoordelijk. Een correct werkende OMS-aansluiting hangt voor een groot deel af van de beheerder die de eigenaar/gebruiker heeft aangesteld. Het onjuist beheren kan immers leiden tot: - het niet opmerken van defecten, - het ontstaan van storingsmeldingen, - het ontstaan van onechte/ongewenste meldingen - het onjuist of niet handelen n.a.v. bovenstaande - uitschakelingen (tijdens onderhoud bijv.) die men vergeet ongedaan te maken (waardoor er tijdelijk geen doormelding naar de Brandweer is). Dit heeft uiteindelijk als gevolg dat: - niet wordt voldaan aan de wettelijke voorschriften (Bouwbesluit 2012) en de aansluitvoorwaarden; - de verzekering in geval van brandschade mogelijk niet uitkeert; - de aanwezigen meer risico zullen lopen; 5
6 - de bedrijfscontinuïteit en het imago een verhoogd risico lopen (bedrijven die brand hebben gehad gaan veelal failliet). Daarnaast is het de verantwoordelijkheid van de beheerder om de webportal van de VRH goed bij te houden. Dit is om te zorgen dat de VRH te allen tijde snel over de juiste informatie kan beschikken. Op die manier kan de VRH eenvoudig communiceren met haar abonnees. De volgende 5 onderwerpen zijn daarbij van belang: 1. Gegevens contractant; 2. Objectgegevens; 3. Alarmgegevens; 4. Sleutelhouders; 5. Factuurgegevens. Onderhoud Naast het beheer is de gebruiker/eigenaar ook eindverantwoordelijk voor het onderhoud. Aangezien de beheerder veelal beperkte kennis heeft van de techniek, is de gebruiker/eigenaar verplicht een onderhoudsovereenkomst te hebben met een onderhouder. Dit is een branddetectiebedrijf, of diens gemachtigde, met de bevoegdheid voor het onderhouden van brandmeldinstallaties. Tezamen met de beheerder zorgt de onderhouder ervoor dat wordt voldaan aan de onderhoudsverplichtingen uit de NEN Dit onderhoud bestaat in elk geval uit periodiek onderhoud, maar tevens uit het oplossen van storingen op aangeven van de beheerder. Controle Om tijdig storingen of andere afwijkingen van de installatie op te merken is het van belang dat periodieke controles worden uitgevoerd. Een deel van de periodieke controle betreft het testen van de doormelding naar de Brandweer. Hiervoor is een protocol opgesteld voor de situatie in de Veiligheidsregio Haaglanden (zie bijlage 3). De beheerder zal in staat moeten zijn deze controles zelfstandig en overeenkomstig de NEN uit te voeren. Het resultaat van controles en meldingen dient te worden geregistreerd in een logboek. In bijlage 4 is een voorbeeldlogboek terug te vinden waarmee op een volledige manier geregistreerd kan worden. Het logboek dient men bij de brandmeldcentrale te bewaren zodat het voor iedereen makkelijk terug te vinden is. 2.2 KPN De VRH heeft een deel van het beheer van de OMS-aansluitingen overgedragen aan KPN, hierdoor kan de VRH zich richten op de kerntaken (voorkomen van brand, beperken van brand etc.). KPN is verantwoordelijk voor het proces vanaf het moment dat er een signaal de brandmeldcentrale verlaat tot aan het moment dat de centralist een melding ontvangt, waarbij punt 3 een gedeelde verantwoordelijkheid is. KPN heeft alleen in beeld wat er gebeurt tussen punt 3 en 7 (zie figuur 1). Beheer In dit geval moet KPN gezien worden als eindverantwoordelijk over dit deel van het systeem. In de praktijk wordt het beheer echter uitgevoerd door ASB (een door KPN gecontracteerde alarmcentrale). Zij houden, als schakel in het netwerk, toezicht op de verbinding en zorgen dat bij eventuele storingen een monteur ter plaatse komt. Onderhoud en realisatie Verschillende installateurs voeren in opdracht van KPN het onderhoud uit en zijn tevens belast met het fysiek aansluiten van nieuwe abonnees. 6
7 Controle Tele-X is de naam van het systeem dat zorgt voor het overdragen van de brandalarmen naar de Brandweer. Middels dit systeem kan tevens toezicht worden gehouden op de status van deze verbindingen. Daarnaast biedt het systeem beheerders de mogelijkheid om de doormelding van een brandmeldinstallatie op afstand in- en uit te schakelen. Hierbij wordt softwarematig de verbinding in punt 6 onderbroken, waardoor het signaal niet meer wordt doorgestuurd naar de Meldkamer Brandweer. 2.3 VRH De VRH heeft weliswaar het beheer van de verbinding tussen de alarmoverdrager en de centralist van de Brandweer grotendeels uitbesteed, maar is wel primair belanghebbende bij de instandhouding van de verbinding tussen alarmoverdrager en centralist. Daarom wordt bij uitschakelingen van meer dan 24 uur in punt 6 automatisch een bericht verstuurd naar de Meldkamer Brandweer. Steekproefsgewijs kan de Meldkamer Brandweer ook controleren of de doormelding (op punt 6) niet is uitgeschakeld. De Meldkamer Brandweer heeft via de webportal ook contact met de gebruikers van de OMS aansluitingen. Doel is om de gebruikers bewust te maken van de verantwoordelijkheden die zij dragen, zodat zij uiteindelijk in staat zijn op de juiste manier de OMS-aansluiting in stand te kunnen houden, de VRH heeft dan ook een signalerende functie. In de praktijk kan het voorkomen dat de gebruiker/eigenaar zijn verantwoordelijkheid niet neemt en het nodig is om het bevoegd gezag te adviseren te handhavend op te treden. In hoofdstuk 3 wordt nader toegelicht op welke manieren de VRH tracht de gebruiker/abonnee bewust te maken van zijn verantwoordelijkheden en hoe indien dit nodig blijkt te zijn er handhavend kan worden opgetreden. 7
8 3 Toezicht en Handhaving Zoals in vorig hoofdstuk aangeven is de gebruiker/eigenaar verantwoordelijk voor zijn eigen brandmeldinstallatie/sprinklermeldinstallatie en de daaraan gekoppelde OMS-aansluiting. Hierop wordt door de onderhouder in opdracht van de beheerder toegezien. In voorkomende gevallen wordt de onderhouder hierin gecontroleerd door een inspectie instelling. Toezicht op de brandmeldinstallaties en gelieerde zaken vindt niet voor 100% plaats door de Brandweer. Er vindt een algemene inspectie waarbij de volgende zaken aan bod kunnen komen: 1. Is er een geldig inspectie- of productcertificaat (afgegeven op grond van een geldig CCV schema, zie voor actuele schema s 2. Kan de goede werking worden aangetoond d.m.v. een recent (niet ouder dan 1 jaar) opleveringsrapport, dan wel onderhoudsrapport? 3. Kan middels documentatie worden aangetoond dat het beheer, controle en onderhoud van de BMI plaatsvindt conform de NEN ? Secundaire vragen hierbij zijn: o Is er een beheerder brandmeldinstallaties? o Wordt er een logboek bijgehouden? (op basis van een onderhoudscontract dient men een logboek bij te houden, zie bijlage 4) o Worden er periodieke/maandelijkse controles gehouden? o Is het logboek volledig? (onechte/ongewenste meldingen? Storingsmeldingen? Periodieke controles?) o Voldoet men aan de maximale hoeveelheid onechte/ongewenste meldingen? (zie bijlage 5) 4. Staat de brandmeldinstallatie in bedrijf en functioneert deze conform de voorschriften? 5. Zijn alle op de goedgekeurde tekeningen weergegeven componenten nog aanwezig? 6. Komt het brandweerpaneel/brandmeldpaneel nog overeen met het bouwwerk? 7. Vinden de noodzakelijke sturingen zoals opgenomen in het programma van eisen van de brandmeldinstallatie bij een brandmelding plaats? En is het gevolg van de sturing ook daadwerkelijk zoals beoogd is? 8. Is de doormelding via Tele-X Haaglanden naar de Brandweer geheel actief? NB: De eigenaar/gebruiker is er verantwoordelijk voor dat deze zaken te allen tijde op orde zijn. 8
9 4 Afsluiting 4.1 Verplichte doormelding In die gevallen waar een doormelding vereist is op basis van wet en regelgeving, is het in eerste instantie onwenselijk om de aansluiting af te sluiten. Het kan echter zo zijn dat men veelvuldig, ondanks waarschuwingen en/of overleg, in overtreding is. In die gevallen kan de VRH ervoor kiezen om de doormelding af te sluiten van het openbaar meldsysteem. Parallel daaraan zal het bevoegd gezag geadviseerd worden om een gebruiksbeperking op te leggen. Een doormelding kan om de volgende gevallen verplicht zijn: - Er is een gelijkwaardigheid op basis van artikel 1.3 van Bouwbesluit 2012 toegepast waarbij een doormelding naar de Meldkamer Brandweer noodzakelijk is. - Er is sprake van een van de volgende gevallen conform Bijlage I van Bouwbesluit 2012: o Woonfunctie voor zorg: Zorgclusterwoning voor 24-uurs zorg in een woongebouw o Woonfunctie voor zorg: Groepszorgwoning voor 24-uurs zorg o Bijeenkomstfunctie: kinderopvang voor kinderen jonger dan 4 jaar (waarbij er op een niveau hoger dan 1,5 meter geslapen kan worden door meer dan 6 kinderen) o Gezondheidszorgfunctie met bedgebied o Andere gezondheidszorgfunctie met een vloer op minimaal 20m boven meetniveau o Logiesfunctie in een logiesgebouw met een vloer op 1,5m boven meetniveau zonder 24uurs bewaking* * Onder 24-uurs bewaking wordt het volgende verstaan: Een 24 uurs bemande receptie (wakend), die de ontruiming kan begeleiden en zorgen dat in geval van brand de Brandweer wordt gewaarschuwd. Daarvoor is noodzakelijk dat de beheerder van de brandmeldinstallatie de bemande receptie juist instrueert (deze instructie dient te worden gedocumenteerd in het logboek). En dient de werkwijze opgenomen te worden in het ontruimingsplan. De receptionist dient zich te allen tijde binnen een straal van 100 meter te bevinden bij het dichtstbijzijnde logiesverblijf in het logiesgebouw 4.2 Vrijwillige doormelding Niet elke doormelding is verplicht, een vrijwillige doormelding kan wanneer de eigenaar dit wenst op elk moment worden afgesloten. Dit kan de volgende redenen hebben: 1. De doormelding is nooit verplicht geweest maar op initiatief van de gebruiker en met goedkeuring van de Brandweer tot stand gekomen. 2. De doormelding is niet langer verplicht door gewijzigde regelgeving maar wordt (vooralsnog) niet actief afgesloten door de VRH. 3. Object wordt getransformeerd waardoor in voorkomende gevallen geen doormelding meer van toepassing is. 4. Object wordt gesloopt waardoor de vergunning wordt ingetrokken en dus de doormelding niet meer van toepassing is. In het eerste geval geeft de Brandweer goedkeuring voor de totstandkoming van de doormelding. Indien in de praktijk echter blijkt dat men zich niet houdt aan de regels (bijvoorbeeld te veel onechte/ongewenste meldingen) zal de Brandweer de niet-verplichte doormelding actief afsluiten. Met de rekenmodule in bijlage 6 kan berekend worden of hier sprake van is. 9
10 Tot slot kan de beheerder van een object met een OMS-aansluiting er uiteraard ook zelf voor kiezen om op te zeggen. De procedure van opzeggen zoals deze in de webportal wordt gehanteerd is weergegeven in bijlage 7. 10
11 Bijlage 1: Aansluitvoorwaarden Aansluitvoorwaarden Openbaar Meldsysteem (OMS) Veiligheidsregio Haaglanden 11
12 Inhoudsopgave Artikel 1. Begripsomschrijvingen Artikel 2. Beschikbaarstelling aansluiting Artikel 3. Betaling Artikel 4. Voorwaarden ten aanzien van brandmeld- en sprinklermeldinstallaties...17 Artikel 5. Aansprakelijkheid Artikel 6. Aansprakelijkheid Artikel 7. Verplichtingen abonnee Artikel 8. Geschillen Artikel 9. Overgangs- en slotbepalingen Artikel 1. Begripsomschrijvingen In deze aansluitvoorwaarden zijn onderstaande begrippen van belang daar waar niet wordt omschreven gelden de begripsomschrijvingen van NEN 2535, NEN en de NEN/EN54-reeks. 1.1 Aansluitnummer: Het nummer waarmee de brandmeldcentrale wordt geïdentificeerd op het Openbaar Meldsysteem Veiligheidsregio Haaglanden. 1.2 Aansluitvoorwaarden Openbaar Meldsysteem: De door het bestuur van de Veiligheidsregio Haaglanden vastgestelde voorwaarden waaronder aansluiting op het Openbaar Meldsysteem mogelijk is. 1.3 Abonnee: Degene die een overeenkomst heeft afgesloten inzake aansluiting op het Openbaar Meldsysteem met doormelding naar de Meldkamer Brandweer. 1.4 Abonnement: De overeenkomst waarbij enerzijds de Veiligheidsregio Haaglanden en anderzijds de abonnee de verplichtingen op zich nemen en derhalve nakomen zoals verwoord in deze voorwaarden. 1.5 Bevoegd gezag: De gemeente of ander openbaar bestuursorgaan welke bevoegd is een aansluiting op het openbaar meldsysteem te eisen, binnen de Veiligheidsregio Haaglanden waarin het object is gelegen. 1.6 Brandbeveiligingsinstallaties: Installaties die in geval van een brandmelding automatisch worden geactiveerd en dienen voor persoonlijke bescherming van aanwezige personen, het bestrijden van brand of het beperken van schade door brand. 1.7 Branddetectiebedrijf: Bedrijf dat verantwoordelijk is voor het ontwerp, levering, montage en onderhoud van een brandmeldinstallatie en voor het aan elkaar aangepast zijn van de gebruikte componenten en onderdelen. 12
13 1.8 Brandmeldcentrale (BMC): De centrale apparatuur bij de abonnee ten behoeve van de interne brandmeldinstallatie voor ondermeer het registreren van brandmeldingen en storingsmeldingen van de brandmeldinstallatie. Een sprinklermeldcentrale (SMC) wordt in verband met deze voorwaarden eveneens geacht onderdeel te zijn van de brandmeldinstallatie. 1.9 Brandmeldinstallatie (BMI): Een samenstel van onderdelen, welke dient voor het generen, verwerken en signaleren van brandmeldingen, waarbij het aansturen van brandbeveiligingsinstallaties mogelijk is Brandweer: De Brandweer van de Veiligheidsregio Haaglanden Brandweerpaneel: Het paneel waarop de voor de brandbestrijdingsorganisatie noodzakelijke signalering en bedieningelementen aanwezig zijn het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (CCV): Het CCV is een organisatie die verscheidene certificatieschema s beheert en daarmee de basis legt voor veiligheid. Het CCV inspecteert niet aan de hand van deze certificatieschema s, dat is voorbehouden aan inspectie-instellingen Commandant: De Regionaal Commandant van de Veiligheidsregio Haaglanden Doormeldapparatuur voor brandmeldingen: Alle apparatuur inclusief bijbehorende communicatieinfrastructuur (digitale lijnverbindingen) die dienen voor het doorgeven van een brandmelding van de brandmeldcentrale naar een ontvangststation voor brandmeldingen Doormeldapparatuur voor storingsmeldingen: Alle apparatuur inclusief bijbehorende communicatieinfrastructuur (digitale lijnverbindingen) die dient voor het doorgeven van een storingsmelding van de brandmeldcentrale naar een ontvangststation voor storingsmeldingen Exploitant: De exploitant van het Openbaar Meldsysteem, handelend namens de Veiligheidsregio Haaglanden Geïntegreerd Meldkamer Systeem (GMS): Het systeem dat een "brand" uitrukadres genereert op grond van de via de OMS infrastructuur doorgemelde brandmelding Hoofdmelder: Het onderdeel van de doormeldapparatuur, aangebracht bij de abonnee, bestaande uit een signaaloverdrager, dat nodig is om de koppeling tot stand te brengen tussen de brandmeldcentrale en het ontvangststation voor brandmeldingen of storingsmeldingen Meldkamer Brandweer: De Meldkamer Brandweer van de Veiligheidsregio Haaglanden welke alarmmeldingen ontvangt en registreert en verantwoordelijk is voor de alarmopvolging Object: Gebouw, bouwdeel of andere opstal waarin een brandmeldinstallatie is aangebracht en waarvoor een abonnement is afgesloten Onderhouder: Het branddetectiebedrijf dan wel diens gemachtigde, met de bevoegdheid voor het onderhouden van brandmeldinstallaties Ontvangststation voor brandmeldingen: Meldkamer Brandweer van waaruit op ieder moment de nodige brandbestrijdings- en beveiligingsmaatregelen in gang kunnen worden gezet. 13
14 1.22 Ontvangststation voor storingsmeldingen: Een organisatie (instelling) van waaruit de noodzakelijke corrigerende maatregelen naar aanleiding van storingsmeldingen, onmiddellijk in gang gezet kunnen worden, niet zijnde de Meldkamer Brandweer Openbaar (brand)meldsysteem (OMS): Het systeem dat door de exploitant wordt geëxploiteerd en dient voor de automatische doorgave van brandmeldingen naar de Meldkamer Brandweer van de VRH OPTA: Onafhankelijke Post en Telecommunicatie Autoriteit Veiligheidsregio Haaglanden (VRH): Het openbaar lichaam of diens rechtsopvolger die verantwoordelijk is voor de organisatie en aansturing van de hulpverlening in spoedeisende situaties en bij rampen en waarvan de Meldkamer Brandweer onderdeel uitmaakt Webportal: Een via het internet voor de abonnee toegankelijke applicatie voor aanvraag, opzeggen en beheer van het abonnement. Artikel 2. Beschikbaarstelling aansluiting 2.1 De VRH stelt een aansluiting beschikbaar voor meldinstallaties met doormelding naar de Meldkamer Brandweer middels het Openbaar Meldsysteem. De aansluiting heeft uitsluitend ten doel in geval van brand of ongeval een zo spoedig mogelijk optreden van de Brandweer te bevorderen. 2.2 Een abonnement wordt aangevraagd door indiening van een ingevuld en ondertekend aanvraagformulier op de webportal. Bij de aanvraag kan men een exemplaar van "Aansluitvoorwaarden Openbaar Meldsysteem" printen vanaf de webportal. Met de ondertekening van het aanvraagformulier erkent de aanvrager, dat hij bekend is met deze voorwaarden en een abonnement wenst overeenkomstig deze voorwaarden. 2.3 Indien een aanvraag ten behoeve van een rechtspersoon, een vennootschap onder firma of een commanditaire vennootschap wordt ingediend, moet de aanvrager ten genoegen van de VRH middels overlegging van een uittreksel uit het handelsregister diens bevoegdheid om deze rechtens te verbinden aantonen. 2.4 Rechtspersonen, vennoten van vennootschappen onder firma en van commanditaire vennootschappen zijn gehouden van elke wijziging betreffende de personen of de bevoegdheden van degenen die hen rechtens kunnen verbinden -zo mogelijk middels overlegging van een uittreksel uit het Handelsregister aan de VRH terstond kennis te geven. 2.5 Meldinstallaties dienen te zijn voorzien van een geldig inspectiecertificaat dat is afgegeven op grond van het CCV-inspectieschema Brandmeldinstallaties of het CCV-inspectieschema Sprinklerinstallaties indien de aansluiting een sprinklermeldcentrale betreft. Alvorens een meldinstallatie wordt aangesloten op het Openbaar Meldsysteem, dient een inspectierapport met een JA-conclusie te worden overlegd aan de Brandweer. Met een CCV-inspectiecertificaat wordt gelijkgesteld een certificaat op grond van de Regeling brandmeldinstallaties 2002 (CCV) of ander door burgemeester en wethouders aanvaard document waaruit blijkt dat deze voorziening adequaat functioneert, wordt onderhouden en gecontroleerd, mits dit certificaat is verstrekt vóór 1 januari 2015 en de geldigheid daarvan nog niet is verstreken. 14
15 2.6 Aan de certificatie van de installatie dient een vooraf door de Brandweer aanvaard Programma van Eisen of Uitgangspuntendocument ten grondslag te liggen. 2.7 Looptijd van de overeenkomst vangt aan op de datum van het realiseren van de aansluiting, die schriftelijk wordt vastgelegd middels een oplevering. De minimale looptijd bedraagt één jaar. De overeenkomst wordt telkens stilzwijgend verlengd met één kalenderjaar. Na het eerste jaar kan het contract met inachtneming van de opzegtermijn van 3 maanden tussentijds, gedurende het lopende jaar, worden beëindigd. 2.8 De Veiligheidsregio Haaglanden is bevoegd, zo nodig onverwijld, de aansluiting op te heffen indien: Dit nodig is om redenen van technisch of algemeen belang; De abonnee de verplichtingen genoemd in deze overeenkomst niet of niet behoorlijk nakomt. De Veiligheidsregio Haaglanden gaat bij een door het bevoegd gezag verplicht gestelde brandmeldinstallatie niet eerder over tot opheffing van de aansluiting, totdat ter zake overleg heeft plaatsgevonden met het betreffende bevoegd gezag; Daartoe op grond van enig wettelijk voorschrift aanleiding bestaat. 2.9 Opzeggen van de overeenkomst dient via de webportal of schriftelijk en aangetekend met een kopie van het legitimatiebewijs te geschieden aan de Veiligheidsregio Haaglanden. Artikel 3. Betaling 3.1 Voor het beschikbaar stellen van een aansluiting op het Openbaar Meldsysteem, worden eenmalige aansluitkosten en vervolgens abonnementskosten in rekening gebracht. 3.2 De abonnementskosten en overige tarieven worden jaarlijks bestuurlijk vastgesteld door het Algemeen Bestuur van de Veiligheidsregio Haaglanden en gepubliceerd in de tarievenlijst Veiligheidsregio Haaglanden op de webportal. 3.3 De abonnementskosten worden per jaar vooraf geïnd bij voorkeur via automatische incasso. De volgende bepalingen zijn van kracht: In geval de abonnee zijn overeenkomst tussentijds opzegt conform artikel 2.6 worden de abonnementsgelden voor de na de afsluiting resterende volle maanden van het lopende kalenderjaar gerestitueerd; Er geldt een uiterlijke betalingstermijn van 30 dagen. 3.4 Voor wijzigingen of herstellen van de aansluiting, in opdracht van de abonnee, worden de daarvoor benodigde apparatuur (inclusief de daarbij behorende bekabeling) en de door de exploitant werkelijk gemaakte kosten in rekening gebracht na uitvoer van de werkzaamheden. 3.5 Indien de betalingsplicht in de loop van het jaar aanvangt worden de verschuldigde abonnementskosten afgerond op hele maanden dat men is aangesloten op het Openbaar Meldsysteem. De maand van aanvang van de aansluiting inbegrepen. 3.6 De Veiligheidsregio Haaglanden, de exploitant kan aan de abonnee de kosten in rekening brengen van de testen die in verband met een juist functioneren van de brandmeldinstallatie en/of de doormelding noodzakelijk zijn. Bij eerste aanleg vallen de kosten voor het testen van de doormelding door de exploitant onder de eenmalige aansluitkosten. Als echter op verzoek van abonnee meerdere testen van de doormelding moeten plaatsvinden, dan kunnen de werkelijk gemaakte kosten hiervoor in rekening worden gebracht. Het bedrag van deze kosten wordt vastgesteld conform de tarievenlijst zoals vernoemd in artikel
16 3.7 Indien de aansluiting buiten bedrijf wordt gesteld en deze buitengebruikstelling te wijten is aan de abonnee zelf, blijven de kosten voor rekening van de abonnee. Bij uiteindelijke definitieve opheffing blijft voor wat betreft de betaling de opzegtermijn van drie maanden van kracht. 3.8 Alle in artikel 3 bedoelde kosten moeten worden voldaan op de door de Veiligheidsregio Haaglanden of exploitant aangegeven wijze, dat blijkens een gedagtekende kennisgeving, nota of andere documenten verschuldigd is, binnen 30 dagen na genoemde dagtekening. 3.9 Alle overige kosten, die de Veiligheidsregio Haaglanden moet maken, tot behoud en uitoefening van haar rechten uit deze overeenkomst, inclusief de buitengerechtelijk kosten komen ten laste van de abonnee De kosten voor huur en gebruik van de benodigde Openbaar Meldsysteem-infrastructuur zijn bij de abonnementskosten inbegrepen. De kosten voor de aanleg van een nieuwe aansluiting worden bij de abonnee in rekening gebracht conform de tarievenlijst De kosten voor bediening en bewaking van het Openbaar Meldsysteem zijn bij de abonnementskosten inbegrepen Over de kosten wordt de van toepassing zijnde omzetbelasting in rekening gebracht Eventuele aanpassingen in de belastingen verband houdende met de in deze overeenkomst genoemde kosten komen voor rekening van de abonnee De voor aansluiting benodigde wijzigingen aan de brandmeldinstallatie zijn voor rekening van de abonnee Eventuele optredende storingen in de doormeldapparatuur geven de abonnee niet het recht betalingen uit te stellen of achterwege te laten Indien door omstandigheden bij de abonnee gelegen, op de afgesproken aansluit dag geen aansluiting kan plaatsvinden, zullen de kosten verband houdende met de hernieuwde inplanning aan de abonnee in rekening worden gebracht Voor rekening van de abonnee blijven in ieder geval: de door de abonnee gewenste verplaatsingen van en overige veranderingen aan de doormeldapparatuur; aanpassingen aan de brandmeldinstallatie; alle kosten verbonden aan het opheffen, c.q. tijdelijk opheffen van de aansluiting op het Openbaar Meldsysteem en het eventueel herstellen van de aansluiting In geval van niet tijdige betaling: Indien de abonnee niet binnen de in artikel 3.3 bedoelde termijn heeft betaald, is hij zonder nadere ingebrekestelling in verzuim; Vanaf de datum waarop de abonnee in verzuim verkeert, is de exploitant gerechtigd de wettelijke rente en de redelijke kosten ter verkrijging van voldoening buiten rechte in rekening te brengen. Voor vergoeding komen in aanmerking die buitenrechtelijke kosten die in redelijkheid zijn gemaakt en die qua hoogte redelijk zijn in verhouding tot de openstaande vordering; Na eerste correspondentie aangaande aanmaning voor betaling kan Veiligheidsregio Haaglanden, bij uitblijven van betaling binnen twee maanden na eerste factuurdatum, tot 16
17 buitengebruikstelling van abonnee overgaan. Let wel, buitengebruikstelling leidt vaak tot een behoorlijke beperking in het gebruik van het object conform de gemeentelijke gebruiksvergunning van het object. Voor de gevolgen is de abonnee zelf aansprakelijk. Artikel 4. Voorwaarden ten aanzien van brandmeld- en sprinklermeldinstallaties Algemene eisen 4.1 De apparatuur die voor de totstandkoming en instandhouding van de aansluiting benodigd is mag alleen worden gebruikt overeenkomstig de bestemming daarvan. 4.2 De brandmeld- en/of sprinklerinstallatie dient blijvend adequaat te functioneren, te worden onderhouden en gecontroleerd overeenkomstig de bij de certificering vastgelegde uitgangspunten. De brandmeldcentrale 4.3 Bij de brandmeldcentrale of bij het brandweerpaneel moet voldoende reservemateriaal voor het verhelpen van kleine storingen, zoals glaasjes t.b.v. handbrandmelders, aanwezig zijn. 4.4 De Veiligheidsregio Haaglanden is bevoegd, afhankelijk van de specifieke plaatselijke omstandigheden, aanvullende technische eisen ten aanzien van de brandmeldinstallatie te stellen. 4.5 De brandmeldcentrale dient te zijn voorzien van voldoende aansluitingen voor het doormelden van brandmeldingen en eventuele storingsmeldingen. Voor een criterium is één contact vereist. De brandmeldcentrale dient minimaal te zijn voorzien van de volgende aansluitingen: Het doormelden van brandmeldingen naar een ontvangstation voor brandmeldingen; Het eventueel doormelden van storingsmeldingen naar een ontvangststation voor storingsmeldingen. Afhankelijk van de situatie kunnen meerdere doormeldcriteria vereist worden. Zie schema in de bijlage 1 voor details. 4.6 Ten behoeve van het doormeldsysteem dient tussen de brandmeldcentrale en de hoofdmelder een voor signaaloverdracht en elektrische voeding geschikte kabel beschikbaar te zijn. Naast bedoelde kabel is het mogelijk dat door de exploitant een antennekabel ten behoeve van een draadloze signaaloverdracht moet worden aangelegd. 4.7 In de brandmeldcentrale dient ten behoeve van het doormeldsysteem een aansluitmogelijkheid aanwezig te zijn om deze apparatuur continu te voeden met een spanning van 230 Volt. 4.8 Indien de brandmeldcentrale niet aan het gestelde in het vorige lid kan voldoen dient een aparte voedingsinrichting te worden aangebracht welke voldoet aan NEN-EN Deze separate voeding dient op dezelfde eindgroep als de BMI te worden aangesloten. De doormelding 4.9 Brand- of sprinklermeldingen dienen automatisch te worden doorgemeld aan de Meldkamer Brandweer. 17
18 4.10 De doormelding van brand dient te geschieden via de doormeldapparatuur welke door middel van de Openbaar Meldsysteem-infrastructuur in verbinding staat met de Meldkamer Brandweer. De gehele Openbaar Meldsysteem-infrastructuur wordt 24h per dag 7 dagen per week continu bewaakt door de exploitant De aansluiting van doormeldapparatuur geschiedt door of namens de VRH en zal pas tot stand worden gebracht wanneer voldaan is aan alle gestelde voorwaarden. Na installatie van de hoofdmelder in het pand/object van abonnee, heeft de abonnee een periode van 10 werkdagen om de meldinstallatie(s) op te leveren met een opleveringsinspectierapport met JA-conclusie. Gedurende deze periode wordt betrokken meldinstallatie aangesloten op het Openbaar Meldsysteem maar zal de doormelding naar de Meldkamer Brandweer niet geactiveerd worden. Zodra er op de meldinstallatie(s) een JA-conclusie is afgegeven zal de doormelding naar de Meldkamer Brandweer worden geactiveerd. Hierna heeft men nog 40 werkdagen om te zorgen dat de meldinstallatie daadwerkelijk is gecertificeerd door een daartoe geaccrediteerde instantie. Onafhankelijk van de uitkomst van het certificatieproces is en blijft de abonnee verantwoordelijk voor de werking van zijn meldinstallatie en de daaruit voortvloeiende verplichtingen zoals opgenomen in de bouwregelgeving. Het abonnement van het Openbaar Meldsysteem wordt geacht aan te vangen op moment van ondertekening van de overeenkomst van het Openbaar Meldsysteem, ongeacht de uitkomst van voornoemd certificatieproces. Indien geen geldig certificaat overlegd kan worden kan het bevoegd gezag beperkingen opleggen omtrent het gebruik van betrokken object/pand conform de geldende bouwregelgeving Het vertraagd doormelden vanuit de brandmeldinstallatie, is niet zonder meer toegestaan. De ingestelde vertragingstijd dient in principe 0 seconden te zijn. Indien de object-/ pandeigenaar desondanks toch een vertragingstijd wil instellen dient hij hiertoe schriftelijk toestemming te vragen aan de Regionaal Commandant. De toestemming tot vertraging dient in een overeenkomst te zijn vastgelegd De Veiligheidsregio Haaglanden en/of het bevoegd gezag zijn gerechtigd speciale voorwaarden te stellen met betrekking tot het voorkomen van ongewenste en onechte meldingen. Artikel 5. Aansprakelijkheid 5.1 De abonnee heeft generlei aanspraak op schadevergoeding ter zake van het, om welke reden dan ook, niet of niet optimaal functioneren van de aansluiting op het ontvangststation voor brandmeldingen. 5.2 De Meldkamer Brandweer, de Veiligheidsregio Haaglanden en/of het bevoegd gezag zijn niet aansprakelijk voor eventuele schade, ontstaan als gevolg van het tijdsverloop tussen de melding en de aankomst van de Brandweer. 5.3 De Meldkamer Brandweer, de Veiligheidsregio Haaglanden en/of het bevoegd gezag zijn niet aansprakelijk voor enige schade of nadeel door de abonnee geleden als gevolg van de beëindiging, de opheffing of de opzegging van de aansluiting, zoals bedoeld in artikel De abonnee is aansprakelijk voor alle schade die de Meldkamer Brandweer lijdt als gevolg van tenietgaan, verwaarlozing, misbruik of moedwillige beschadiging van de voor de aansluiting gebruikte materialen. Beschadiging omvat mede abnormale slijtage, naar het oordeel van de Veiligheidsregio Haaglanden, de exploitant en/of de Meldkamer Brandweer, veroorzaakt door onoordeelkundig gebruik of onzorgvuldige behandeling. 18
19 5.5 De Meldkamer Brandweer, de VRH, en het bevoegd gezag zijn niet aansprakelijk voor schade aan het object, ontstaan in verband met de aanleg, de aanwezigheid, de wijziging of de verwijdering van de aansluitingsapparatuur. Iedere aansprakelijkheid voor gevolgschade dan wel bedrijfsschade wordt in dit verband uitgesloten. 5.6 De abonnee vrijwaart de VRH, de Meldkamer Brandweer en het bevoegd gezag voor alle aanspraken, welke derden jegens deze mochten hebben of pretenderen te hebben ter zake van het niet of niet optimaal functioneren van de aansluiting op de Meldkamer Brandweer, van het tijdsverloop tussen de melding en de aankomst van de Brandweer of vanwege de opheffing of opzegging van de aansluiting, zoals bedoeld in artikel De abonnee, wanneer deze geen eigenaar is van het object, vrijwaart de exploitant, Veiligheidsregio Haaglanden en/of het bevoegd gezag tegen vorderingen van de eigenaar ter zake van de aanleg, instandhouding, wijziging of verwijdering van de aansluiting. 5.8 De abonnee blijft te allen tijde verantwoordelijk voor het juist functioneren van de brandmeldinstallatie, ook na een melding bij de Meldkamer Brandweer. 5.9 De abonnee draagt vanaf de datum van installatie van de doormeldapparatuur het risico van beschadiging en verlies van de apparatuur en onderdelen van de aansluiting Indien op verzoek van de abonnee de doormelding naar de Meldkamer Brandweer tijdelijk wordt verbroken of uitgeschakeld, blijft de abonnee verantwoordelijk voor het functioneren van de brandmeldinstallatie. Voor de gevolgen van het niet opnieuw "in dienst melden" van de brandmeldinstallatie blijft de abonnee aansprakelijk Alle overige niet uitdrukkelijk in deze voorwaarden genoemde aanspraken van de abonnee met name, doch niet uitsluitend, ingevolge enigerlei schade samenhangend met of voortvloeiende uit de werking van de apparatuur, zijn uitgesloten De abonnee vrijwaart de Meldkamer Brandweer, de Veiligheidsregio Haaglanden en het bevoegd gezag tegen alle aanspraken van derden ter zake van verrichtingen door of namens de exploitant in het kader van deze voorwaarden Ter zake van schade, ontstaan in verband met aanleg, de aanwezigheid of de opruiming van de aansluitingsapparatuur, beperkt de vergoedingsplicht van de exploitant voor brandmeldingen jegens de abonnee zich tot directe materiële schade. Artikel 6. Verrichtingen van de exploitant van het OMS en de Meldkamer Brandweer 6.1 Indien er een storing is in de apparatuur die de meldingen van het Openbaar Meldsysteem ontvangt, worden alle alarmen telefonisch door de exploitant doorgegeven aan de Meldkamer Brandweer. 6.2 De Meldkamer Brandweer alarmeert naar aanleiding van een brandmelding onverwijld de Brandweer. 19
20 6.3 De exploitant waarschuwt naar aanleiding van een automatische storingsmelding van de in het object aanwezige brandmeldinstallatie zo spoedig mogelijk de abonnee dan wel de door de abonnee opgegeven functionaris, mits deze bereikbaar is onder het door de abonnee opgegeven permanent bereikbaar telefoonnummer (waarschuwingsadressen bij brand, 7 dagen per week 00:00u -24:00u). 6.4 De exploitant draagt zorg voor het in goede staat houden van het Openbaar Meldsysteem, inclusief de daarop aangesloten hoofdmelders. 6.5 De exploitant draagt zorg voor de aanleg, onderhoud, wijziging, verplaatsing, reparatie en verwijdering van de aansluiting. 6.6 De exploitant draagt er zorg voor, dat binnen 4 uur na ontvangst van een melding inzake een dringende storing in de door de exploitant geplaatste apparatuur, dat deel uitmaakt van het Openbaar Meldsysteem, wordt aangevangen met het opheffen van de storing, dan wel voor het nemen van maatregelen teneinde het functioneren van het OMS naar vermogen te continueren. Binnen 8 klokuren dient de storing te zijn opgeheven. 6.7 De Meldkamer Brandweer registreert het aantal ongewenste en onechte brandmeldingen over een periode van een jaar, beginnende op de datum dat de overeenkomst ingaat. Dit gebeurt op basis van het aantal automatische meldingen, die op de Meldkamer Brandweer binnenkomen en die worden geregistreerd in het Geïntegreerd Meldkamer Systeem. Het aantal ongewenste en onechte brandmeldingen mag de in het programma van eisen van de brandmeld- of sprinklerinstallatie gestelde prestatie-eisen niet overschrijden. Artikel 7. Verplichtingen abonnee 7.1 De abonnee dient er zorg voor te dragen dat ongewenste of onechte brandmeldingen van de brandmeldinstallatie door onzorgvuldig of onoordeelkundig gebruik en/of handelen worden voorkomen. Ongewenst of onechte brandmeldingen door onzorgvuldig of onoordeelkundig gebruik en/of handelen, worden aangemerkt als wanprestatie van de abonnee. 7.2 Indien na een eerste schriftelijke aanmaning van de Veiligheidsregio Haaglanden dan wel het bevoegd gezag het veroorzaken van ongewenste of onechte brandmeldingen nog plaatsvindt, kan in overleg met het bevoegd gezag de doormelding worden verbroken. 7.3 De abonnee is verplicht om de door de exploitant geplaatste apparatuur uitsluitend te gebruiken voor het doel waarvoor deze is bestemd. 7.4 De abonnee stelt de Veiligheidsregio Haaglanden zonder enige kosten geschikte ruimte ter beschikking voor het onderbrengen van de doormeldapparatuur. De ruimte dient minimaal te voldoen aan de volgende voorwaarden: temperatuur 10 tot 30 graden Celsius, relatieve vochtigheid minder dan 85%, trillingvrij en stofvrij. De abonnee gedoogt, dat de voor de aansluiting benodigde apparatuur en leidingen in genoemde ruimte kunnen worden aangebracht, zonder aanspraak op herstel van de hierdoor aan het object toegebrachte schade. 20
21 7.5 Verzoeken tot onderhoud, wijziging, verplaatsing, en reparatie dienen te worden gericht aan de exploitant. Verzoeken tot verwijdering van de aansluiting dienen rechtstreeks te worden gericht aan de Veiligheidsregio Haaglanden of via de webportal te worden gedaan. Deze werkzaamheden worden uitgevoerd in overleg met de abonnee, doch altijd ten genoegen van de Veiligheidsregio Haaglanden en het bevoegd gezag. Verplaatsing van de doormelder mag alleen uitgevoerd worden door de exploitant. 7.6 De abonnee is verplicht aan de exploitant ten minste drie telefoonnummers van personen op te geven, of één persoon of instantie die 24 uur bereikbaar is, die bij een brandmelding en/of storingsmelding gewaarschuwd kunnen worden. Deze personen dienen binnen 15 minuten op het object aanwezig te kunnen zijn. De personen dienen de Brandweer toegang te kunnen verschaffen tot alle ruimten in het object. Zij dienen tevens op de hoogte te zijn van het functioneren en bedienen van de technische installaties in het bedrijf en van het arbeidsproces. Mutaties waaronder namen, adressen en telefoonnummers dient de abonnee onverwijld aan de exploitant door te geven via de webportal. 7.7 De abonnee is verplicht om de gegevens met betrekking tot de installatie in de webportal in te vullen en mutaties onverwijld door te geven. 7.8 De abonnee dient zorg te dragen voor een juiste wijze van handelen bij een brandmelding: Schakel het geluidssignaal (zoemer) van het brandmeldpaneel uit. Schakel NIET het ontruimingssignaal uit voordat iedereen gewaarschuwd is De brandmeldcentrale NIET resetten (herstellen) voordat de Brandweer ter plaatse is; Als iemand aangeeft dat er brand is of je ziet dat er brand is, moet de handbrandmelder (vaak te vinden in de buurt van een brandslanghaspel of receptie) worden ingedrukt; Voorzie de Brandweer bij aankomst van korte en duidelijke informatie; Reset de brandmeldinstallatie ALLEEN in opdracht van de Brandweer; 7.9 De abonnee dient zorg te dragen voor een juiste wijze van handelen bij een ongewenste of onechte melding De Brandmelding wordt via uw brandmeldinstallatie doorgemeld aan de Meldkamer Brandweer ; Indien u heeft vastgesteld dat het een ongewenste of onechte melding betreft, belt u 112 en vraagt u naar de Brandweer; Geef nauwkeurig aan wat de oorzaak van de melding is (geweest). Voor het verstrekken van de juiste gegevens blijft de gebruiker van de brandmeldinstallatie verantwoordelijk; De centralist van de Brandweer zal u waarschijnlijk opdragen de brandmeldinstallatie te resetten; Als de brandmeldinstallatie wordt gereset en niet weer in alarm treedt, worden de aanrijdende brandweereenheden teruggeroepen 7.10 De abonnee dient zorg te dragen voor een juiste wijze van handelen bij een storingsmelding in de brandmeldcentrale of sprinklermeldcentrale: Schakel het akoestische attentiesignaal van de meldcentrale (indien nodig) uit.; Waarschuw direct het bedrijf dat voor opheffing van de storing kan zorgen; Schakel de doormelding uit gedurende het verhelpen van de storing Schakel de doormelding weer in na het verhelpen van de storing. 21
22 7.11 De abonnee dient zorg te dragen voor een juiste wijze van het beheer, de controle en het onderhoud van de brandmeldcentrale of sprinklermeldcentrale: Bij werkzaamheden zoals lassen, snijden, solderen, verbouwwerkzaamheden e.d. mogen alleen de automatische melder(s) in de betreffende detectiezone worden uitgeschakeld; Bij werkzaamheden aan de brandmeldinstallatie zelf de betreffende groep melders van de zone uitschakelen. Nooit zowel de hand- als automatische melders in één zone uitschakelen.; Intern de personen (bedrijfshulpverlening) waarschuwen die moeten weten dat een deel van de meldinstallatie wordt uitgeschakeld; Zorgen voor extra bewaking en blusmiddelen die afgestemd zijn op de omvang van de tijdelijke uitschakeling; Na afloop van de werkzaamheden of buiten kantooruren moet de meldinstallatie weer volledig operationeel zijn De abonnee dient op de brandmeldcentrale het aansluitnummer waaronder de abonnee bij de Meldkamer Brandweer en exploitant bekend is aan te brengen De abonnee is gehouden Veiligheidsregio Haaglanden, personeel van derden dat werkt in opdracht van de Veiligheidsregio Haaglanden en exploitant die belast zijn met de aanleg, controle, beproeving, wijziging of verwijdering van de aansluiting, tijdens de normale werktijden toegang te verlenen tot alle plaatsen waar enig onderdeel van de aansluiting moet worden aangebracht of aanwezig is. De werkzaamheden zullen zoveel mogelijk na voorafgaand overleg worden uitgevoerd De abonnee verplicht zich, zo nodig, de technische voorzieningen voor het koppelen met de Meldkamer Brandweer op zijn kosten aan te passen, indien het Openbaar Meldsysteem gewijzigd wordt of wordt vervangen door een ander Openbaar Meldsysteem De abonnee is en blijft onverwijld verantwoordelijk en aansprakelijk voor snelle opvolging ingeval: een storingsmelding veroorzaakt wordt door de brandmeldinstallatie; een aangemelde storing die niet is afgemeld De maximale duur waarmee een abonnee opvolging moet geven is in NEN 2535 voorgeschreven en gelimiteerd. De exploitant zal naar alle redelijkheid en billijkheid en voor zover mogelijk de abonnee proberen te bereiken en te informeren. Bij buitengebruikstelling zal tevens de Veiligheidsregio Haaglanden worden geïnformeerd De abonnee gaat bij acceptatie van deze voorwaarden reeds nu voor als dan akkoord met eventuele wijzigingen in de onderhavige voorwaarden De abonnee draagt zorg voor de energievoorziening van de hoofdmelder. Zie hiervoor artikel 4.7 en Door ondertekening van de overeenkomst geeft de abonnee opdracht de aansluiting te realiseren. 22
23 Artikel 8. Geschillen 8.1 Het abonnement wordt beheerst door het Nederlandse recht. In geschillen tussen u als abonnee, KPN en de VRH die tot de absolute bevoegdheid van de arrondissementsrechtbank behoren, is uitsluitend de arrondissementsrechtbank in Den Haag bevoegd. 8.2 Van alle door de Veiligheidsregio Haaglanden, het Dagelijks Bestuur of het Algemeen Bestuur genomen beslissingen inzake geschillen of verdaging van termijnen wordt schriftelijk mededeling gedaan aan de abonnee. Artikel 9. Overgangs- en slotbepalingen 9.1 In alle gevallen, waarin deze voorwaarden niet voorzien beslist de Regionale Commandant. Deze beslissing is onmiddellijk uitvoerbaar. De beslissing wordt schriftelijk aan de abonnee medegedeeld. 9.2 De door of vanwege de exploitant van het ontvangststation voor brandmeldingen aangebrachte onderdelen van de aansluiting zijn en blijven eigendom van de exploitant. Na beëindiging van de overeenkomst moeten de hoofdmelder en de overige onderdelen van de aansluiting ter beschikking van de exploitant worden gesteld. 9.3 Indien omstandigheden daartoe aanleiding geven is de VRH bevoegd wijzigingen aan te brengen in de aansluitvoorwaarden. Van de wijzigingen zal de abonnee schriftelijk op de hoogte worden gebracht. 9.4 De Veiligheidsregio Haaglanden kan de rechten en verplichtingen voortvloeiende uit deze voorwaarden geheel of gedeeltelijk overdragen aan derden. 9.5 Van beslissingen, ingevolge deze voorwaarden door het Dagelijks Bestuur van de Veiligheidsregio Haaglanden genomen, wordt aan de abonnee schriftelijk kennis gegeven. Beslissingen zijn onmiddellijk uitvoerbaar. 23
24 Bijlage 2: Standaardbrief verzoek aanvullende gegevens Geachte aanhef naam, Op selecteer datum adviesverzoek heeft u via de webportal een aanvraag gedaan tot aansluiting op het Openbaar Meldsysteem voor <adres bouwwerk>. Ik heb de aanmelding van uw object ontvangen en beoordeeld. Hieruit is gebleken dat de gegevens nog niet volledig zijn ingevuld, onderstaande punten dienen te worden aangevuld: 1. Gegevens contractant a. b. 2. Object a. b. 3. Alarmgegevens a. b. 4. Sleutelhouders a. b. 5. Factuurgegevens a. b. U dient voor een akkoord op de aanmelding van uw object volledig te zijn in de aanlevering van uw gegevens. Voor nadere informatie kunt u contact opnemen met <de heer/mevrouw>, bereikbaar op bovenstaande contactgegevens. Met vriendelijke groet, Brandweer Veiligheidsregio Haaglanden, Cluster Risico- & Crisisbeheersing "deze brief is met een gedigitaliseerd proces vervaardigd en daarom niet ondertekend" 24
25 Bijlage 3: Periodieke controle brandmeldinstallatie Wijze van testen met Tele-X Haaglanden VAN TOEPASSING ZIJNDE VOORSCHRIFTEN Ten einde de brandmeldinstallatie in nominale staat te houden, dient het beheer en onderhoud van deze installatie te worden uitgevoerd conform de NEN Het Bouwbesluit schrijft deze onderhoudsnorm voor bij alle verplichte brandmeldinstallaties. Daarnaast wordt deze norm vanuit de certificeringsregelingen eveneens aangestuurd. Het beheer en onderhoud van een brandmeldinstallatie valt volgens NEN uiteen in verplichtingen voor drie partijen: 1. De gebruiker: verantwoordelijk persoon voor het beheer van een brandmeldinstallatie, of de eigenaar van een brandmeldinstallatie ; 2. De beheerder: een persoon, al dan niet in dienst van de gebruiker, die beschikt over een vereist bewijs van vakbekwaamheid en die is geïnstrueerd omtrent de hem/haar toevertrouwde taken en mogelijke gevaren die zijn verbonden aan onjuist handelen ; 3. De onderhoudsdeskundige: een persoon die beschikt over een voor het onderhoud van brandmeldinstallaties vereist bewijs van vakbekwaamheid, en die belast is met en verantwoordelijk is voor het onderhoud van brandmeldinstallaties. Ten aanzien van het testen van de doormelding van brandalarmen naar de Brandweer zijn de taken van de beheerder en onderhoudsdeskundige van belang. Volgens de norm dienen zij de doormelding te beproeven. Beheerder: Volgens artikel dient deze persoon eenmaal per maand de doormeldfunctie (E) voor brandmeldingen te controleren door in de installatie een brandmelder in alarm te brengen. Hierbij is aangegeven een en ander in overleg met de brandmeldpost. Daarbij dient deze persoon de correcte ontvangst van de brandmelding te controleren. Hierbij is vermeld dat deze controle alleen mag worden uitgevoerd indien dit niet in strijd is met de voorschriften van de bevoegde autoriteit. In de Veiligheidsregio Haaglanden kunnen de periodieke controles van de doormeldfunctie gedaan worden zonder dat de melding binnenkomt bij het ontvangststation van de brandweer dankzij het Tele-X systeem. Deze test dient met resultaat in het logboek te worden geregistreerd. Onderhoudsdeskundige: Volgens artikel dient deze persoon in overleg met de beheerder en het ontvangststation voor brandmeldingen, de goede werking van de doormeldapparatuur (E) en de alarmoverdrager (E*) tot in het ontvangststation voor brandmeldingen (F) te controleren. TESTPROTOCOL: Om tegemoet te komen aan deze maandelijkse testen zonder dat De Meldkamer Brandweer maandelijks zich bezig hoeft te houden met deze testmeldingen, is het systeem Tele-X tot stand gekomen, hiermee kan op afstand de verbinding tussen het ontvangststation van ASB security en het ontvangststation van de brandweer tijdelijk uitgeschakeld worden. Ter verduidelijking: 25
26 1. Schakel eventuele doormelding naar een Particuliere Alarmcentrale (PAC) uit, of zet deze in de teststand. 2. Neem contact op met Tele-X middels een telefoon Welkomst tekst wordt afgespeeld ; Voer uw persoonlijke toegangscode in (De code die u is aangeleverd door de Fa. Croon); Voer uw objectcode/aansluitnummer in: Dit is een code die gekoppeld is aan het object waar u verantwoordelijk voor bent; 3. Toets 1 om de doormelding in onderhoud te plaatsen. Of toets de 3 cijfers van de betreffende criteria in gevolgd door een hekje (#) indien men slechts bepaalde doormeldcriteria (bijvoorbeeld alleen van de brandmeldinstallatie en niet die van de sprinklerinstallatie) in onderhoud wil plaatsen. Beëindig het gesprek. 4. Test de brandmeldinstallatie door een brandmelder in alarm te brengen. 5. Controleer of de Tele-X doormelder met een rode LED aangeeft dat het alarm is bevestigd. 6. Reset de brandmeldinstallatie. 7. Reset de alarmoverdrager (ook wel hoofdmelder genoemd). 8. Bel nogmaals naar het automatische systeem Tele-X en log volgens boven omschreven wijze wederom in. 9. Toets 4 om het historisch overzicht op te vragen en luister deze af (wordt in omgekeerde volgorde afgespeeld) 10. Controleer of de brandmelding en de resetmelding is ontvangen. 11. Toets 2 om de doormelding van het systeem weer actief te plaatsen en beëindig het gesprek. 12. Test eventuele andere groepen van de brandmeldinstallatie zonder actieve doormelding. Dit is mogelijk door de brandmeldinstallatie zelf in de onderhoudsstatus (teststand) te zetten. 13. Zet de brandmeldinstallatie weer geheel actief en activeer de eventuele PAC doormelding. LET OP: Stap 11 en 13 zijn uiterst kritiek. Het vergeten van deze stappen heeft tot gevolg dat de doormelding uitgeschakeld blijft en het signaal dus niet binnenkomt bij het ontvangststation van de Brandweer. De status van stap 11 is bovendien niet zichtbaar op de alarmoverdrager naar het Tele-X systeem, waardoor het voor de eigenaar/gebruiker lijkt alsof er wordt doorgemeld naar de Brandweer, terwijl in feite het signaal bij het ontvangststation van ASB stopt. Om dit te ondervangen ontvangt de Meldkamer Brandweer dagelijks een bericht van KPN met daarin een overzicht van alle doormeldingen die langer dan 24 uur in onderhoud zijn geplaatst (let wel: hierdoor kan het maximaal 47:59 uur duren voor een object op de lijst staat). De Meldkamer Brandweer bepaalt dagelijks of deze onderhoudsstatus terecht is (bijvoorbeeld bij verbouwing) of dat actie moet worden over gegaan al dan niet. In het laatste geval wordt contact gezocht met de beheerder van de brandmeldinstallatie. Levert dit niet het gewenste resultaat op, dan wordt de zaak doorgegeven aan de lokale afdeling preventie. Het blijft echter de verantwoordelijkheid van de eigenaar om te voorkomen dat de doormelding uitgeschakeld staat. 26
27 AANDACHTSPUNTEN 1. Volgens NEN dient ten minste 1 maal per maand de doormelding van de brandmeldcentrale te worden getest. Volgens deze norm is het niet verplicht deze melding over het gehele traject tot aan de centralist te testen. Formeel volstaat de controle van de werking van het doormeldapparaat; de relais in de BMC. Deze test wordt gedaan door de beheerder brandmeldinstallatie van de eigenaar/gebruiker volgens bovenstaande werkwijze. 2. De maandelijkse test van de doormeldapparatuur kan in de praktijk goed worden uitgevoerd, zonder tussenkomst van de Meldkamer Brandweer. De beheerder kan middels Tele-X de doormelding vanaf ASB uitschakelen en met een testmelding controleren of een brandmelding bij ASB binnenkomt. 3. Ten einde te voorkomen dat doormeldingen gedurende langere tijd uitgeschakeld blijven staan, krijgt de Meldkamer Brandweer dagelijks een update van langer dan 24 uur uitgeschakelde OMS aansluitingen. Hierop dient door de Meldkamer Brandweer actie te worden ondernomen (bellen). Indien dit niet het gewenste resultaat geeft wordt de afdeling Risicobeheersing ingeschakeld. 27
28 Bijlage 4: Voorbeeldlogboek STORINGEN DIE NIET OPGEHEVEN KUNNEN WORDEN DIENEN DIRECT GEMELD TE WORDEN AAN ONDERHOUDER: Naam onderhouder: Bereikbaar onder telefoonnummer Handtekening Datum PERIODIEKE CONTROLES DIENEN TE WORDEN UITGEVOERD DOOR DE BEHEERDER: Naam beheerder: Bereikbaarheid Tijdens kantooruren: Buiten kantooruren: Naam plaatsvervanger tijdens afwezigheid: Bereikbaarheid Tijdens kantooruren: Buiten kantooruren: Ontvangststation voor brandmeldingen: ASB ontvangststation met daar achter het ontvangststation van de brandweer. Ontvangststation voor storingsmeldingen: Bevoegde autoriteit: Aantal jaarlijks nominaal te controleren melders (zie NEN ): Tijdschema periodieke controles NEN Ten minste eenmaal per maand uit te voeren controles van: brandmeldcentrale; brandweerpaneel (indien aanwezig); nevenpaneel/panelen (indien aanwezig); doormeldfunctie/ontvangst doormelding door ontvangststation voor brandmeldingen; storingsmelding/ontvangst storingsmelding door ontvangststation voor storingsmeldingen. Elke 1 e / 2 e / 3 e / 4 e maandag / dinsdag / woensdag / donderdag / vrijdag van iedere maand. Tijdschema periodieke controles NEN
29 Ten minste vier en acht maanden na oplevering en na plaatsgevonden onderhoud door een OD overeenkomstig 4.5 uit te voeren controles van/op: bereikbaarheid handbrandmelders; vrijgehouden ruimte rondom alle automatische brandmelders en het naar behoren kunnen functioneren ervan; veranderingen in ruimtegebruik, inrichting of bouwconstructie; overeenstemming van alarmorganisatie met de huidige voorzieningen; aanwezigheid brandmelders volgens installatietekening of lijst met meldernummers; meldfunctie van alle meldergroepen, aangesloten op de brandmeldcentrale. Elke 1 e / 2 e / 3 e / 4 e maandag / dinsdag / woensdag / donderdag / vrijdag van de maand: januari april juli oktober februari mei augustus november maart juni september december DE STATISTIEK VAN DE BRANDMELDINSTALLATIE DIENT DOOR BRANDDETECTIEBEDRIJF TE WORDEN INGEVULD: Programma van Eisen (PvE) gebaseerd op: (zie tabel 2 van NEN 2535) Soort gebouw:.. risicoklasse ongewenst intern:. risicoklasse onecht intern: risicoklasse ongewenst extern: risicoklasse onecht extern:.. Bewakingsoppervlakte in m 2 :..... of aantal puntmelders:. Maximaal aantal ongewenste interne meldingen per jaar A of B: A - bewakingsoppervlakte / 5000 x risicofactor intern =... B - aantal puntmelders / 100 x risicofactor intern =. Maximaal aantal ongewenste externe meldingen per jaar C of D: C - bewakingsoppervlakte / 5000 x risicofactor extern =. D - aantal puntmelders / 100 x risicofactor extern =. Maximaal aantal onechte interne meldingen per jaar E of F: E - bewakingsoppervlakte / 5000 x risicofactor intern =. F - aantal puntmelders / 100 x risicofactor intern =. Maximaal aantal onechte externe meldingen per jaar G of H: G - bewakingsoppervlakte / 5000 x risicofactor extern =... H - aantal puntmelders / 100 x risicofactor extern =. Periode. t.m. (1 jaar; periode tussen oplevering en onderhoudsbeurt of periode tussen twee onderhoudsbeurten) 29
30 Periodieke controle Datum Sturing Zone / Groep / Meldernummer Omschrijving Ongewenste brandmelding * Datum Intern Extern Omschrijving Sub totaal Factor Totaal * Onder "ongewenste brandmelding" wordt verstaan een brandmelding door de aanwezigheid van op brand lijkende verschijnselen, maar die niet het gevolg zijn van een brand (zie ook van NEN 2535). Bijvoorbeeld handbrandmelder: per abuis indrukken, rookmelder: rook van een sigaret, dampen van laswerkzaamheden in een werkplaats, rook/dampen van een oven in een keuken, uitlaatgassen van een bromfiets in een fietsenstalling, enz. 30
31 Onechte brandmelding * Datum Intern Extern Omschrijving Sub totaal Factor Totaal * Onder "onechte brandmelding" wordt verstaan een brandmelding die niet het gevolg is van een brand, of op brand lijkende verschijnselen (zie ook van NEN 2535). Bijvoorbeeld storingen, instraling van buitenaf, beschadiging, binnentredend water of condens, enz. Systeembeschikbaarheid * Datum Tijd begin Tijd einde Tijd niet beschikbaar (uren) Zone / Groep / Meldernumm Omschrijving er Totaal aantal uren niet-beschikbaar 31
32 * Onder systeembeschikbaarheid wordt verstaan de tijd uitgedrukt in een percentage systeembeschikbaarheid gedurende welke de brandmeldinstallatie in staat is om de vereiste brandgrootte te detecteren. Factoren die de beschikbaarheid kunnen beïnvloeden zijn: uitschakelen van groepen of melders; preventief onderhoud; correctief onderhoud, opheffen storingen; spanningsuitval. Uitgesloten zijn: uitschakelen van groepen die in het PvE zijn vastgelegd; storingen die door overmacht zijn veroorzaakt (zoals bliksemschade en waterschade); wegvallen van de openbare energievoorziening langer dan de noodstroomtijd. Systeembeschikbaarheid (%)= 8760 aantal uren niet beschikbaar 87,6 32
33 Bijlage 5: Registratieformulier brandmeldingen Project: Datum: Adres: Tijdstip: Postcode: Branddetectiebedrijf: Plaats: Brandweerregio Beheerder: OMS-nummer: Telefoonnummer: Gecertificeerd: J / N Ruimte: Ingevuld door: Groep: Telefoonnummer.: Meldernummer: Om de termen ongewenste melding en onechte melding goed uit elkaar te kunnen houden zijn deze kort toegelicht en worden er voorbeelden gegeven (deze komen rechtstreeks uit de NEN 2535:2009). Men zal te allen tijde moeten kiezen tussen een ongewenste of onechte melding. Waarbij het mogelijk is dat men niet zeker is wat de oorzaak is. Indien dit het geval is, dient men een keus te maken waar het vermoedelijk om gaat. Het is echter niet toegestaan om geen keus te maken. Ongewenste melding: Bij een ongewenste melding is er sprake van een gewenste reactie van het systeem Het systeem werkt zoals het zou moeten werken, alleen is er geen sprake van een brand. Er is echter veelal wel sprake van een verbrandingsproces met rook als bijproduct (op het activeren van de handmelder na). Voorbeelden van ongewenste meldingen zijn: Roken Bakken/Braden Flamberen (bewuste vlam in de pan) Uitlaatgassen Laswerkzaamheden Soldeerwerkzaamheden Aerosolen uit productieproces Met kwade opzet handmelder activeren Sprake van een vermoeden, te weten: Onechte melding: Bij een onechte melding is er sprake van een ongewenste reactie van het systeem Door bepaalde structurele/incidentele veranderingen in de omgeving of in de melder zelf werkt het systeem niet zoals het zou moeten werken. Voorbeelden van onechte meldingen zijn: Stoom/douche/waterkoker 1 Beschadiging systeem (kabelbreuk, melder kapot etc..) Atmosferische beïnvloeding (zeer koud, zeer heet, vochtige lucht etc..) Vervuilde melder (melder onder het stof..) 1 Let op! In eerste instantie lijkt er bij stoomvorming sprake te zijn van een ongewenste melding, maar is er in werkelijkheid sprake van een onechte melding. Dit komt doordat er géén sprake is van een verbrandingsproces maar van een opwarmingsproces. De watermoleculen gaan immers geen reactie aan met zuurstof, waardoor de moleculaire samenstelling niet wijzigt. 33
34 Beïnvloedi ng door ander systeem; Elektro Magnetische Compatibiliteit (EMC) Opwervelend stof Lijmwerkzaamheden (vloerbedekking) Sprake van een vermoeden, te weten: Tabel 1 Categoriseren van meldingen conform NEN 2535:
35 Bijlage 6: Rekenmodule onechte/ongewenste meldingen 1. Constateren teveel onechte en/of ongewenste meldingen, op basis van NEN 2535 (aangestuurd door artikel 6.20 lid 1 van Bouwbesluit 2012) Hiervoor kunnen onderstaande rekenmodules worden gehanteerd. Afhankelijk welke NEN van toepassing is hanteer je de onderste of bovenste tabel (dubbelklikken en juiste gegevens invoeren): Geef in het pull-down menu de gebruiksfunctie van het betreffende gebouw aan: Geef aan hoeveel melders er totaal in het pand zitten: Geef aan hoeveel intern ongewenste meldingen afgelopen jaar hebben plaatsgevonden Geef aan hoeveel extern ongewenste meldingen afgelopen jaar hebben plaatsgevonden Geef aan hoeveel intern onechte meldingen afgelopen jaar hebben plaatsgevonden Geef aan hoeveel extern onechte meldingen afgelopen jaar hebben plaatsgevonden Woonfunctie E 2,1 0 C 1,05 3 E 0,9 0 C 0,45 CONCLUSIES Aantal intern ongewenste meldingen akkoord Aantal extern ongewenste meldingen akkoord INVULSHEET - NEN 2535:2009 Te veel intern onechte meldingen! Aantal extern onechte meldingen akkoord Geef in het pull-down menu de gebruiksfunctie van het betreffende gebouw aan: Geef aan hoeveel melders er totaal in het pand zitten: Geef aan hoeveel intern ongewenste meldingen afgelopen jaar hebben plaatsgevonden Geef aan hoeveel extern ongewenste meldingen afgelopen jaar hebben plaatsgevonden Geef aan hoeveel intern onechte meldingen afgelopen jaar hebben plaatsgevonden Geef aan hoeveel extern onechte meldingen afgelopen jaar hebben plaatsgevonden Industriegebouw (productiegebouw) C 1,05 0 B 0,7 3 C 0,45 0 B 0,3 CONCLUSIES Te veel intern ongewenste meldingen! Aantal extern ongewenste meldingen akkoord INVULSHEET - NEN 2535:1996 Te veel intern onechte meldingen! Aantal extern onechte meldingen akkoord 2. Constateren dat de doormelding langdurig inactief is (geweest) en handhaven op basis van artikel 6.20 lid 3 van Bouwbesluit 2012 (alleen van toepassing voor verplichte doormeldingen). In principe dient men te voldoen aan een systeembeschikbaarheid van 100%, artikel 6.20 lid 3 van het Bouwbesluit 2012 stelt immers dat er een directe doormelding aanwezig moet zijn. In de praktijk is het echter noodzakelijk om zo nu en dan onderhoud te plegen. Gedurende dit onderhoud zal de gebruiker/eigenaar organisatorische en/of installatietechnische maatregelen moeten treffen om de afwezigheid van de doormelding te ondervangen. Daarnaast 35
36 wordt verondersteld dat de gebruiker/eigenaar zijn verantwoordelijkheid neemt en er te allen tijde voor zorgt dat de doormelding na onderhoud weer actief wordt geplaatst. Indien in de praktijk blijkt dat deze verantwoordelijkheid niet wordt genomen, kan ook hierop gehandhaafd worden. 3. Constateren dat de aansluiting is gesaboteerd en handhaven op basis van de aansluitvoorwaarden van de Meldkamer Brandweer (alleen van toepassing op verplichte doormeldingen). Bijlage 7: Object opzeggen in de webportal Login op de webportal door op Mijn gebouw beheren te klikken en vervolgens uw gebruikersnaam en wachtwoord in te vullen. 36
Voorwaarden aansluitovereenkomst Veiligheidsregio Gelderland-Zuid
Voorwaarden aansluitovereenkomst Veiligheidsregio Gelderland-Zuid ARTIKEL 1 DEFINITIES In deze aansluitvoorwaarden zijn onderstaande begrippen van belang. Voor hetgeen niet wordt omschreven, gelden de
Brandmeldcentrale BMC-V
Brandmeldcentrale BMC-V Beknopte gebruikers handleiding Gebruiksaanwijzing voor brandmeldcentrale Handleiding / gebruik Logboek Handleiding onderhoud Versie 0805-1 Beknopte gebruiksaanwijzing Brandmeldcentrale
VEILIGHEIDSREGIO HAAGLANDEN RAPPORT VAN OPLEVERING BRANDMELDINSTALLATIE
VEILIGHEIDSREGIO HAAGLANDEN RAPPORT VAN OPLEVERING BRANDMELDINSTALLATIE Bestemd voor een brandmeldinstallatie zonder doormelding naar de RAC (Dus zonder eis tot certificering) Pagina 1 van 7 Toelichting
Aansluitvoorwaarden OMS Meldkamer GMC
Aansluitvoorwaarden OMS Meldkamer GMC Behoort bij de aansluitvoorwaarden versie 3.1 januari 2011 vastgesteld in de bestuursvergadering van 9 maart 2011 1 AANSLUITVOORWAARDEN OMS MELDKAMER GMC Het Openbare
Eenduidigheid t.a.v. het resetten van de doormelding c.q. brandmeldinstallatie
Eenduidigheid t.a.v. het resetten van de doormelding c.q. brandmeldinstallatie Opdrachtgever: Brandweer Nederland Voor: Risicobeheersing en Incidentbestrijding Opstellers: projectgroep bewustzijnbevordering
Al-Beveiliging Service B.V. Buitenhaven 7a 5211 TP s-hertogenbosch Telefoon : 073-6133405 Email : [email protected]. Logboek Brandmeldsysteem
Al-Beveiliging Service B.V. Buitenhaven 7a 5211 TP s-hertogenbosch Telefoon : 073-6133405 Email : [email protected] Logboek Brandmeldsysteem Logboek Brandmeldsysteem Gedeeltelijke overname uit de
Gebruikershandleiding Openbaar Meldsysteem
Gebruikershandleiding Openbaar Meldsysteem GEBRUIKERSHANDLEIDING OPENBAAR MELDSYSTEEM Openbaar Meldsysteem Abonnee Storing/onderhoud Brandmelding GSM Backup Service Centrale Siemens WPC Meldkamer Brandweer
Brandmeldcentrale BMC M12
Brandmeldcentrale BMC M12 Beknopte gebruikers handleiding Gebruiksaanwijzing voor brandmeldcentrale Handleiding / gebruik Logboek Handleiding onderhoud Versie 0805-1 Beknopte gebruiksaanwijzing voor microprocessor
Logboek. Alle storingen die niet kunnen worden opgeheven moeten direct worden gemeld aan het branddetectiebedrijf / onderhouder.
Logboek In dit logboek dient door de beheerder (Opgeleid Persoon) en het Branddetectiebedrijf (Deskundig Persoon) s wat betrekking heeft op de brandmeldinstallatie, zoals alarmmeldingen, storingen, uitgevoerde
Handleiding Openbaar Meld Systeem - OMS
Handleiding Openbaar Meld Systeem - OMS Doel van deze handleiding Voorkomen van nodeloze brandmeldingen Uw gebouw is voorzien van een Brandmeldinstallatie (BMI) met een automatische doormelding naar de
AutoTrack.nl. Voorwaarden Abonnees AutoTrack.nl
AutoTrack.nl Voorwaarden Abonnees AutoTrack.nl Definities In de navolgende bepalingen wordt verstaan onder: de Persgroep Automotive: de Persgroep Automotive B.V., zijnde de eigenaar en exploitant van de
Programma van Eisen Brandmeldinstallatie conform NEN C1-2010
conform NEN 2535-2009+C1-2010 Risico Object Naam : Zorg- en recreatieboerderij De Bult Adres : Beekstraat 13 Postcode : 7227 NC Plaats : TOLDIJK Opdrachtgever PvE Naam : Zorg- en recreatieboerderij De
Programma van Eisen Brandmeldinstallaties (BMI) Volgens NEN 2535:2017
1. Gegevens Documentnummer: Datum opmaak: Opsteller van het PvE: Naam: Bedrijf: Erkenningsnummer: n.v.t. Certificaat vereist: ja, voor de certificatieprocedure wordt het opleveringsrapport opgesteld. nee,
BLUSCENTRALE TYPE BMC 8010
BLUSCENTRALE TYPE BMC 8010 LOGBOEK EN BEDIENINGSINSTRUCTIES Novar Nederland B.V. Postbus 233 4940 AE Raamsdonksveer T 0162 520290 F 0162 517858 LOGBOEK BLUSCENTRALE In het logboek dienen alle meldingen,
Conformiteitslijst behorende bij het Informatieblad OMS-leveranciers d.d. 21 november 2018
Conformiteitslijst behorende bij het Informatieblad OMS-leveranciers d.d. 21 november 2018 Nummer Omschrijving 1. Uitgangspunten OMS 1.1. Voor het functioneel Programma van Eisen OMS geldt dat de prestatie-eisen
Aansluitvoorwaarden Openbaar Meldsysteem
Versie 8.0 AAnsluitvoorwaarden openbaar meldsysteem Aansluitvoorwaarden Openbaar Meldsysteem Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond 01 02 Inhoudsopgave 1. Algemeen 05 2.
BRANDMELDCENTRALE TYPE BMC 80
BRANDMELDCENTRALE TYPE BMC 80 LOGBOEK EN BEDIENINGSINSTRUCTIES Novar Nederland B.V. Postbus 233 4940 AE Raamsdonksveer T 0162 520290 F 0162 517858 LOGBOEK BRANDMELDINSTALLATIE TYPE BMC 80 In het logboek
Leenvoorwaarden KPN B.V. versie januari 2007
Leenvoorwaarden Leenvoorwaarden KPN B.V. versie januari 2007 I N H O U D 1 BEGRIPSOMSCHRIJVINGEN............................................. 3 2 TOTSTANDKOMING LEENOVEREENKOMST................................
ADVIES. Pagina 1 van 5. Adviescommissie praktijktoepassing brandveiligheidsvoorschriften. Secretariaat info@adviescommissiebrandveiligheid.
ADVIES Registratienummer: Betreft: Vluchtroute woning door ijssalon Trefwoorden: Bouwbesluit 2012, monument, woning, winkel, handhaving, bestaande bouw, vluchtroute, BMI : Status: Definitief Beschrijving
Algemene Voorwaarden Huta Huisstijl Logo s Webdesign
Algemene Voorwaarden Huta Huisstijl Logo s Webdesign In deze algemene voorwaarden wordt onder de opdrachtgever verstaan: de wederpartij van Huta Huisstijl Logo s Webdesign en onder overeenkomst: de overeenkomst
2.3 Afwijkende bedingen en afspraken zijn pas rechtsgeldig als zij uitdrukkelijk en schriftelijk met Zaandam Webdesign zijn overeengekomen.
Algemene Voorwaarden Zaandam Webdesign Artikel 1. Definities 1.1 In deze algemene voorwaarden wordt onder de opdrachtgever verstaan: de wederpartij van Zaandam Webdesign en onder overeenkomst: de overeenkomst
Van de brandmeldinstallatie weet u het volgende: De installatie is voorgeschreven door de brandweer.
BBMI PRAKTIJKOPDRACHT 1 VERWERKEN VAN EEN ALARM EN EEN STORING Leerdoelen De cursist kan beschrijven 1. hoe hij een alarmmelding en een storingsmelding op de juiste wijze dient af te handelen. 2. hoe hij
Algemene Leveringsvoorwaarden van Ib broadcast B.V.
Algemene Leveringsvoorwaarden van Ib broadcast B.V. 1. DEFINITIES 1.1 Ib broadcast: De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Ib broadcast B.V. (statutair) gevestigd te (7007 CD) Doetinchem,
ALGEMENE VOORWAARDEN HENDRIKS ASBESTSANERING B.V.
ALGEMENE VOORWAARDEN HENDRIKS ASBESTSANERING B.V. Hendriks Asbestsanering B.V., hierna te noemen Hendriks, is een onderneming, die zich bezig houdt met het in opdracht van natuurlijke en rechtspersonen
Certificatie bestaande brandmeldinstallaties. LPCB Nederland B.V. R.B.J. (René) Leijzer 26 oktober 2011
Certificatie bestaande brandmeldinstallaties LPCB Nederland B.V. R.B.J. (René) Leijzer 26 oktober 2011 Inhoud presentatie Inleiding Procedure Afwijkingen Certificatie Nieuwe bouwregelgeving / certificatieschema
Alle storingen die niet kunnen worden opgeheven, moeten direct worden gemeld aan de onderhouder. telefoonnummer
LOGBOEK In het logboek moet alles wat betrekking heeft op de brandmeldinstallatie worden ingevuld (zoals alarmen, storingen, uitgevoerde controles, reparaties en wijzigingen). Het invullen van het logboek
Brandmeldinstallaties. met aansluiting op het Openbaar Meldsysteem
Brandmeldinstallaties met aansluiting op het Openbaar Meldsysteem Van levensbelang Uw gebouw is voorzien van een automatische brandmeldinstallatie met aansluiting op het Openbaar Meldsysteem. Dat wil
ARTIKEL 1. BEGRIPSBEPALINGEN Bart Jansen Advies: Bart Jansen Advies, ingeschreven in het Handelsregister onder nummer
ARTIKEL 1. BEGRIPSBEPALINGEN Bart Jansen Advies: Bart Jansen Advies, ingeschreven in het Handelsregister onder nummer 74414860 Offerte: een aanbieding (schriftelijk of per mail) van Bart Jansen Advies
CERTIFICEREN BMI / OAI IN DE PRAKTIJK
CERTIFICEREN BMI / OAI IN DE PRAKTIJK Rob Verbiest Adviseur Brandbeveiliging Incendio BV Een vooruitblik... Certificering in Wet en Regelgeving Oude situatie (Gebruiksbesluit) Situatie vanaf 2012 (Bouwbesluit
Algemene voorwaarden
Algemene voorwaarden Artikel 1 Definities 1. Opdrachtgever: natuurlijk persoon of rechtspersoon. 2. Opdrachtnemer: VK Afbouw (KVK 70921547), die bedrijfsmatig offertes uitbrengt en schilders-, timmer-
Voorwaarden STMR personenalarmering
Voorwaarden STMR personenalarmering Artikel 1 Apparatuur a. STMR verhuurt aan de klant alarmeringsapparatuur die bestaat uit een alarmeringsapparaat en draadloze alarmzender. b. STMR installeert en onderhoudt
algemene voorwaarden voor een abonnement Inrichting van Cogas Kabeltelevisie B.V. voor zakelijke opdrachtgevers
algemene voorwaarden voor een abonnement algemene op een voorwaarden Centrale Antenne huur Inrichting van Cogas Kabeltelevisie B.V. januari meetverantwoordelijke 2013 Cogas Facilitair B.V voor zakelijke
Brandveiligheid volgens plan
Brandveiligheid volgens plan NEN 2535:2009 Een aantal markante wijzigingen op een rij Kennisbijeenkomst Techniek, 17 november 2010 Presentatie R2B Inspecties B.V. ISO 17020 type A geaccrediteerde inspectie-instelling
Rapport van Onderhoud
1. Gegevens Werkbonnummer: 2M131688 Datum opmaak: 11-12-2013 Bouwwerk: Soort: School, onderwijsfunctie Adres: Sportstraat 3, 1767CD, Kolhorn Eigenaar / Beheerder: Adres: Stichting Surplus, Postbus 1740AJ
Koppeling van systemen
Brandmelding en KNX Koppeling van systemen 1 Even voorstellen Naam: Gerrit Hagen Bedrijf: BVO bv (Brand-)Veiligheid & Opleidingen Functie: (Brand-)Veiligheidskundige Telefoon: 06-51783224 E-mail: [email protected]
Artikel 3 Inhoud overeenkomst Artikel 4 Gebruik webportal
Artikel 1 Algemene bepalingen 1.1 Deze algemene voorwaarden zijn van toepassing op en vormen een onverbrekelijk geheel met alle offertes als door MKB Flex Personeel B.V. ( MKB Flex Personeel ) uitgebracht,
Brandmeld en Ontruiming Regelgeving en certificering
Siemens Nederland Brandmeld en Ontruiming Regelgeving en certificering Restricted Siemens Nederland 2015 All rights reserved. www.siemens.nl Laat ik mij eerst even voorstellen.. Siemens Nederland N.V.
Dienstbeschrijving DigiAlarm.net
Algemeen Deze dienstbeschrijving omvat de specifieke kenmerken van de dienst DigiAlarm.net van ASB-Security BV, hierna te noemen ASB. Inleiding Wat biedt de dienst DigiAlarm.net DigiAlarm.net is een alarmtransmissiedienst
BRANDMELDCENTRALE TYPE 8000X
LOGBOEK EN BEDIENINGSINSTRUCTIES Novar Nederland B.V. Postbus 233 4940 AE Raamsdonksveer T 0162 520290 F 0162 517858 LOGBOEK BRANDMELDINSTALLATIE TYPE BMC 8000X In het logboek dienen alle meldingen, storingen,
PROGRAMMA VAN EISEN ONTRUIMINGSALARMINSTALLATIE LUIDALARM TYPE B
PROGRAMMA VAN EISEN ONTRUIMINGSALARMINSTALLATIE LUIDALARM TYPE B Lidl Vijf Meiplein 15 2321 BN Leiden Behoort bij beschikking van Burgemeester en Wethouders van Leiden BV. 151332-1860977 Document opgesteld
Het Bouwbesluit 2012 en uw brandmeldinstallatie OMS nummer
Afdeling Regio Telefoon (050) 367 46 08 Bijlage(n) 2 Ons kenmerk HV 11.2714429 Datum 18-08-2011 Behandeld door J. van der Maat E-mailadres [email protected] Onderwerp Het Bouwbesluit 2012 en uw
Huurvoorwaarden deelname personenalarmering Gemeente Wijchen
BEGRIPPEN: Huurvoorwaarden deelname personenalarmering Gemeente Wijchen In deze voorwaarden wordt verstaan: Malderburch Alarmeringssysteem Overeenkomst Huurder Professionele achterwacht Bereikbare Dienst
PROGRAMMA VAN EISEN BRANDMELDINSTALLATIE
PROGRAMMA VAN EISEN BRANDMELDINSTALLATIE Lidl Vijf Meiplein 15 2321 BN Leiden Behoort bij beschikking van Burgemeester en Wethouders van Leiden BV. 151332-1860977 Document opgesteld door Document nummer
HUUROVEREENKOMST PERSONENALARMERING STICHTING PERSONENALARMERING HOEKSCHE WAARD
HUUROVEREENKOMST PERSONENALARMERING STICHTING PERSONENALARMERING HOEKSCHE WAARD Ondergetekenden : Stichting Personenalarmering Hoeksche Waard (hierna te noemen) SPHW, gevestigd te gemeente Binnenmaas en
Programma van Eisen Brandmeldinstallatie Conform NEN 2535:2009 en correctie C1:2010
Programma van en Brandmeldinstallatie Conform :2009 en correctie C1:2010 Naam : OTT Hoofddorp Adres : Arnolduspark 4 te Hoofddorp Woonplaats : Hoofddorp Projectnummer: 0014-A-01-Gerssen-OTT Hoofddorp 1.
1.2. De Zonnepaneleninstallatie heeft een vermogen in WattPiek zoals omschreven in de Gebruiksovereenkomst Zonnepaneleninstallatie.
Algemene Voorwaarden 1. De Zonnepaneleninstallatie 1.1. De Huurder heeft met Iederzon een Gebruiksovereenkomst gesloten voor een Zonnepaneleninstallatie die door Iederzon met instemming van Stichting Ymere
RAPPORT VAN ONDERHOUD. Brandmeldsystemen
RAPPORT VAN ONDERHOUD Brandmeldsystemen. Branddetectiebedrijf en Brandmeldonderhoudsbedrijf Pagina: 1 van 9 1. Gegevens Naam: Straat: Plaatsnaam: Eigenaar / gebruiker: Naam: Straat: Plaatsnaam: Leger des
Logboek Brandmeldinstallatie
Logboek Brandmeldinstallatie Inleiding Met dit Model logboek probeert Tesmo een overzichtelijk ingedeeld logboek te introduceren. Dit logboek moet uitnodigen tot invullen en moet een handig middel zijn
CONCEPT UITSLUITEND VOOR DISCUSSIEDOELEINDEN SERVICEOVEREENKOMST
SERVICEOVEREENKOMST DE ONDERGETEKENDEN: 1. De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [NAAM], statutair gevestigd en kantoorhoudende aan de [adres] te [(postcode)] [plaats], ten deze rechtsgeldig
ALGEMENE VOORWAARDEN OFFICE FOCUS versie ARTIKEL 1. DEFINITIES
ALGEMENE VOORWAARDEN OFFICE FOCUS versie 1 2017 ARTIKEL 1. DEFINITIES In deze algemene voorwaarden worden de hiernavolgende termen in de navolgende betekenis gebruikt, tenzij uitdrukkelijk anders is aangegeven.
Programma van Eisen Brandmeldinstallatie Conform NEN 2535:2009 en correctie C1:2010
Programma van Eisen Brandmeldinstallatie Conform NEN 2535:2009 en correctie C1:2010 Naam : VSO-De Hoge Brug Adres : Hillegondastraat 23-25 PC/Woonplaats : 3051PA Rotterdam Bedrijf : Opsteller: Documentnummer:
ALGEMENE VOORWAARDEN. 1. Algemeen
ALGEMENE VOORWAARDEN De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Office Support SG Arnhem B.V. gevestigd en kantoorhoudende te Arnhem, gedeponeerd ter Griffie van de arrondissementsrechtbank
OVEREENKOMST VAN BRUIKLEEN
OVEREENKOMST VAN BRUIKLEEN Ondergetekende, uitlener / verhuurder Naam instelling: Contactpersoon: Straat: Postcode: Woonplaats: Telefoonnr.: Emailadres: Verklaart dat, gebruiker, Naam instelling: Contactpersoon:
Productvoorwaarden voor verhuur van laadpalen
Productvoorwaarden voor verhuur van laadpalen Fudura B.V. 2017 Artikel 1 Definities Huurder de partij met wie Fudura B.V. een Huurovereenkomst sluit. Verhuurder Fudura B.V., onderdeel van Enexis Groep
1.3 Werk: Het totaal van de tussen de consument en de DFS overeengekomen werkzaamheden en leveringen van de daartoe te verwerken producten.
Algemene voorwaarden Artikel 1 - Definities In deze voorwaarden wordt verstaan onder: 1.1 Consument: Een natuurlijk persoon of een vereniging van eigenaren, niet handelend in de uitoefening van beroep
Regeling Brandmeldinstallaties. Samenvatting
Regeling Brandmeldinstallaties 2002 Samenvatting Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze samenvatting mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt,
Op deze Overeenkomst is Nederlands recht van toepassing.
Algemene Advertentievoorwaarden verlatenboot.nl Aanbod en aanvaarding; overeenkomst Weigering van advertenties; wijziging Contracttermijn; beëindiging Tarieven; tariefs-aanpassing; betaling Reclamatie
Bijlage A. Programma van Eisen (PvE)
Bijlage A (normatief) Programma van en (PvE) A.1 Inleiding Om tot een verantwoorde brandmeldinstallatie te komen, moeten de uitgangspunten eenduidig zijn vastgelegd. Het PvE van de brandmeldinstallatie
Algemene voorwaarden Fred s schilderwerken
Inhoudsopgave Artikel 1 - Definities Artikel 2 - Werkingssfeer Artikel 3 - Aanbod Artikel 4 - Totstandkoming van de overeenkomst Artikel 5 - Uitbesteding aan derden Artikel 6 - Verplichtingen van Fred
Kiwa N.V. 3/12/14. Roy Senden. Partner for progress
Roy Senden Partner for progress 1 Brandpreventie Academy Namens Brandpreventie Academy hartelijk welkom Introductie Wat doet Kiwa 3 Data Uitfasering regeling 2002 31-8-2014 (audits) 31-12-2014 (certificaten)
1 Inleiding 2 3 4 5 6
1 Inleiding 2 3 4 5 6 Installatie attest Algemene gegevens en project informatie Instructies bij brandalarm / storing / uitschakeling Het activeren van het ontruimingsalarm en het instellen van de doormeld
OVEREENKOMST PERSOONSALARMERING
OVEREENKOMST PERSOONSALARMERING Artikel 1 Onderwerp van overeenkomst Aanbieder verzorgt voor de klant de dienstverlening m.b.t. persoonsalarmering, te weten: 1.1 Het invoeren van relevante gegevens van
ALGEMENE VOORWAARDEN VAN GRONDENGOED VOOR HET LEVEREN VAN (ELEKTRONISCHE) DIENSTEN
ALGEMENE VOORWAARDEN VAN GRONDENGOED VOOR HET LEVEREN VAN (ELEKTRONISCHE) DIENSTEN Artikel 1 Toepasselijkheid 1.1 In deze voorwaarden wordt verstaan onder: Dienst: de door Grondengoed aangeboden of geleverde
Logboek Brandmeldinstallatie
Logboek Brandmeldinstallatie Projectnaam + plaatsnaam Notifier NF30 Inhoud 1) Inleiding 2) Verklaring ingebruikstelling 3) Belangrijke personen / Doormeldingen 4) Tijdschema maandelijkse testen 5) Alarm
ALGEMENE VOORWAARDEN VERHUUR PERSONEEL EN VERHUUR/VERKOOP MATERIAAL
ALGEMENE VOORWAARDEN VERHUUR PERSONEEL EN VERHUUR/VERKOOP MATERIAAL 1.0 Offertes en prijswijzigingen 1.1 Alle door RBC gedane offertes zijn vrijblijvend 1.2 RBC behoudt zich te allen tijde het recht voor
STORL-inzamelingsactie: toelichting, aanvraagformulier en reglement
STORL-inzamelingsactie: toelichting, aanvraagformulier en reglement Toelichting Vanaf het najaar van 2016 voorziet de Stichting Opruiming Restanten Landbouwbestrijdingsmiddelen (STORL) in de mogelijkheid
Inspectiecertificaat Conform Bouwbesluit 2012
Conform Bouwbesluit 2012 Inhoudsopgave: - Bij welke gebruiksfunctie dient het brandbeveiligingssysteem gecertificeerd te zijn met een Inspectiecertificaat? - Welke typen Inspecties zijn er en wat is de
ONDERDEEL VAN DE BESLOTEN VENNOOTSCHAP MET BEPERKTE AANSPRAKELIJKHEID RAYMAKERSKAYSER B.V. GEVESTIGD TE WEESP
ALGEMENE VOORWAARDEN RAYMAKERSVDBRUGGEN ONDERDEEL VAN DE BESLOTEN VENNOOTSCHAP MET BEPERKTE AANSPRAKELIJKHEID RAYMAKERSKAYSER B.V. GEVESTIGD TE WEESP 1. Gelding algemene voorwaarden 1.1 Deze algemene voorwaarden
Brandmeldpaneel FP800 Gebruikershandleiding
Brandmeldpaneel FP800 Gebruikershandleiding ( V1.2 17/03/98 ) PRODUCT CODE : LFFP801 FP800 Gebruikershandleiding V1.2 Wat te doen in geval van brandalarm. Uitschakelen akoestisch alarm Druk op toets
WAAR BLIJFT HET ONDERHOUDSPLAN?
WAAR BLIJFT HET ONDERHOUDSPLAN? en andere NEN2654 zaken NEN2654-1:2018 Beheer en onderhoud van brandmeldinstallaties Rob Verbiest Adviseur Brandbeveiliging Incendio BV 1 2018 Nationaal Congres Brandpreventie
Organisatiebureau The 5th Element. inspanningsverplichting tot het verrichten van diensten. hulp en adviezen ten behoeve van opdrachtgever(s).
Algemene Voorwaarden The 5th Element Algemeen Deze algemene voorwaarden maken deel uit van alle overeenkomsten gesloten tussen Organisatiebureau The 5th Element, gevestigd te 1815 GB, Alkmaar aan de Kennemersingel
Licentievoorwaarden. Werkingssfeer:
Licentievoorwaarden Werkingssfeer: Deze voorwaarden zijn van toepassing op alle - al dan niet in deze licentievoorwaarden omschreven - aanbiedingen, werkzaamheden en alle andere transacties door natuurlijke
CONCEPT KETENREGISSEUR VERSIE 1.0 d.d
Norm Aspect Criterium Interpretatie Meetmethode Sanctie Definitie : een is bijvoorbeeld een slachterij, eierpakstation of een intermediair die binnen de keten de verschillende schakels aan elkaar koppelt
Verhuurvoorwaarden. Ri-traffic Valeton 4B 5301 LW ZALTBOMMEL TEL;
Verhuurvoorwaarden Prijzen Per stuk; exclusief BTW. Prijswijzigingen Wij behouden ons het recht voor de prijzen tussentijds te wijzigen. Levering Levertijd Betaling Huurperiode Verzekering Eigendom Manco
Algemene Voorwaarden van Reboost-Energy B.V.
Algemene Voorwaarden van Reboost-Energy B.V. Artikel 1. Algemeen Deze Algemene Voorwaarden zijn van toepassing op alle aanbiedingen van en overeenkomsten met Reboost-Energy B.V. betreffende de verkoop
[UITLEEN VOORWAARDEN DRICOM COMPUTERS]
2009 DriCom Computers [UITLEEN VOORWAARDEN DRICOM COMPUTERS] Inhoud uitleen voorwaarden DriCom computers:... 3 Artikel 1. Object van deze overeenkomst.... 3 Artikel 2. Duur van de overeenkomst.... 3 Artikel
