ECLI:NL:RBDHA:2017:7903

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "ECLI:NL:RBDHA:2017:7903"

Transcriptie

1 ECLI:NL:RBDHA:2017:7903 Instantie Rechtbank Den Haag Datum uitspraak Datum publicatie Zaaknummer AWB - 16 _ Rechtsgebieden Bestuursrecht Bijzondere kenmerken Eerste aanleg - enkelvoudig Inhoudsindicatie Vw, artikel 64, BMA-advies Wetsverwijzingen Vreemdelingenwet , geldigheid: Vindplaatsen Rechtspraak.nl Uitspraak RECHTBANK DEN HAAG Bestuursrecht zaaknummer: AWB 16/25671 uitspraak van de enkelvoudige kamer van 10 juli 2017 in de zaak tussen [eiseres], eiseres, V-nummer [vreemdelingennummer] (gemachtigde: mr. W.P.R. Peeters), en de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, verweerder. Procesverloop Bij besluit van 18 mei 2016 (het primaire besluit) heeft verweerder de aanvraag van eiseres om met toepassing van artikel 64 van de Vreemdelingenwet 2000 (hierna: Vw) uitstel van vertrek te verlenen, afgewezen. Bij besluit van 4 november 2016 (het bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van eiseres

2 ongegrond verklaard. Eiseres heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Verweerder heeft een verweerschrift ingediend. Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 2 mei Eiseres is verschenen, bijgestaan door haar gemachtigde. Voorts is als tolk verschenen, E.J. Nyembo Katumbwe. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. C.H.R. Vink. Het onderzoek ter zitting is geschorst omdat eiseres een wrakingsverzoek heeft ingediend. Dat verzoek is door de meervoudige wrakingskamer van deze rechtbank bij uitspraak van 22 mei 2017 afgewezen (wrakingsnummer: 2017/27). De behandeling ter zitting is voortgezet op 4 juli Eiseres is verschenen, bijgestaan door haar gemachtigde. Voorts is als tolk verschenen, E.J. Nyembo Katumbwe. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. G.M.L. van Doornum. Overwegingen 1. Eiseres is geboren op [geboortedatum] 1962 en bezit de Angolese nationaliteit. Eiseres heeft verzocht haar met toepassing van artikel 64 van de Vw niet uit te zetten. 2. Verweerder heeft het verzoek afgewezen. Daaraan heeft hij het advies van 2 mei 2017 en het aanvullend advies van 20 september 2016 van het Bureau Medisch Advies (hierna: BMA) ten grondslag gelegd. Hierin staat vermeld dat eiseres klachten heeft in de vorm van somberheid en psychotische verschijnselen. Diagnostisch is het beeld nog niet uitgekristalliseerd, maar aanwezigheid van PTSS lijkt vast te staan. Bijkomend wordt gedacht aan een depressie met psychotische kenmerken of mogelijk schizofrenie. In het advies staat verder dat het uitblijven van medische behandeling zal kunnen leiden tot een medische noodsituatie, maar dat behandeling in het land van herkomst beschikbaar is. Verder is in het advies opgenomen dat eiseres in staat is om onder begeleiding te reizen. Verweerder heeft zich op het standpunt gesteld dat eiseres geen feiten en omstandigheden heeft gesteld die aanknopingspunt zijn voor twijfel aan de juistheid en volledigheid van het BMA-advies. Verweerder volgt eiseres voorts niet in haar standpunt dat zij geen mantelzorg in het land van herkomst zal kunnen krijgen. 3. Eiseres betoogt dat verweerder niet van het BMA-advies heeft mogen uitgaan, nu dit onzorgvuldig tot stand is gekomen. Zij voert daartoe aan dat de brief van haar behandelend arts van 25 september 2016 ten onrechte niet in het BMA-advies is betrokken. Uit die brief blijkt dat het noodzakelijk is dat de mantelzorg wordt verleend door haar echtgenoot en dus niet door de in het land van herkomst wonende kinderen van eiseres. Daarbij komt dat zij geen mantelzorg van haar kinderen kan ontvangen, nu eiseres in haar eerste gehoor reeds te kennen heeft gegeven niet te weten waar haar kinderen verblijven. Eiseres betoogt voorts dat verweerder het beleid zoals opgenomen in paragraaf A3/7 van de Vreemdelingencirculaire 2000 (hierna: Vc) buiten toepassing had moeten laten, omdat

3 daarin geen rekening wordt gehouden met de situatie dat de noodzakelijke mantelzorg alleen kan worden gegeven door de in Nederland verblijvende echtgenoot. Tot slot betoogt eiseres dat zij ten onrechte niet in bezwaar is gehoord. 4. Ingevolge artikel 64 van de Vw blijft uitzetting achterwege zolang het gelet op de gezondheidstoestand van de vreemdeling of die van een van zijn gezinsleden niet verantwoord is om te reizen. Verweerder voert daarnaast het beleid, zoals weergegeven in paragraaf A3/7 van de Vc, dat de medische behandeling niet in het land van herkomst of een ander land waar de vreemdeling naar kan vertrekken kan plaatsvinden, indien uit het BMA-advies blijkt dat: - de vreemdeling een medische behandeling ondergaat; - mantelzorg noodzakelijk is voor het slagen van deze medische behandeling; en - sprake is van een medische noodsituatie. De vreemdeling dient aan te tonen dat: - gezins- of familieleden hier te lande verblijven op grond van artikel 8, onder a tot en met e, dan wel l, Vw of Nederlander zijn, die de medisch noodzakelijke mantelzorg verlenen; en - in het land van herkomst of bestendig verblijf geen gezins- of familieleden zijn die in staat moeten worden geacht de medisch noodzakelijke mantelzorg te verlenen. Verweerder verstaat onder mantelzorg de vanwege de aard van de medische aandoening noodzakelijke verzorging van de vreemdeling door derden. Deze derden hoeven voor het verrichten van mantelzorg niet medisch geschoold te zijn. Professionele (thuis)zorg is geen mantelzorg. De mantelzorg moet een essentieel onderdeel zijn van de medische behandeling. Verweerder kent geen betekenis toe aan niet onderbouwde stellingen over het ontbreken van mantelzorg in het land van herkomst of bestendig verblijf. 5. De rechtbank overweegt als volgt. 5.1 Volgens vaste jurisprudentie van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: Afdeling) is een BMA-advies aan te merken als een deskundigenadvies aan verweerder ten behoeve van de uitoefening van diens bevoegdheden. Uit onder meer de uitspraak van 30 juni 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1674, blijkt voorts dat verweerder zich er, indien hij een BMA-advies aan zijn besluitvorming ten grondslag legt, ingevolge artikel 3:2 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) van moet vergewissen dat dit advies naar wijze van totstandkoming zorgvuldig en naar inhoud inzichtelijk en concludent is. Indien het advies niet aan deze eisen voldoet, zal het daarop gebaseerde besluit reeds daarom in rechte geen stand kunnen houden. In verband met de mogelijke twijfel aan de onpartijdigheid van het BMA moet de rechter de vraag beantwoorden of een vreemdeling voldoende ruimte heeft gehad tot betwisting van de medische bevindingen van de BMA-arts, bijvoorbeeld door zelf medische stukken over te leggen. Met een contra-expertise kan de vreemdeling de inhoudelijke juistheid van een BMA-advies betwisten. Met stukken van zijn behandelaars kan hij de zorgvuldigheid, inzichtelijkheid en concludentie van een BMA-advies aan de orde stellen dan wel in het kader van artikel 8:47 van de Awb concrete aanknopingspunten aanvoeren voor twijfel aan de inhoud daarvan. 5.2 De rechtbank constateert dat zich in het dossier enkel een brief van de behandelend arts bevindt van 25 augustus Ter zitting van 4 juli 2017 heeft eiseres te kennen gegeven dat ervan kan worden uitgegaan dat de door haar bedoelde brief van 25 september 2016 van haar behandeld arts dezelfde is als de in het BMA-advies genoemde brief van 25 augustus Zij handhaaft haar betoog dat die brief niet dan wel onvoldoende bij het BMA-advies is betrokken.

4 5.3 Anders dan eiseres leest de rechtbank in de brief van 25 augustus 2016 van de behandelend arts niet dat de voor eiseres noodzakelijke mantelzorg alleen verleend kan worden door haar echtgenoot. Het is dan ook aan eiseres om vervolgens aan te tonen dat in het land van herkomst geen gezins- of familieleden zijn die in staat moeten worden geacht de medisch noodzakelijke mantelzorg te verlenen. Hierin is eiseres niet geslaagd. De enkele stelling van eiseres dat zij niet weet waar haar kinderen verblijven is daartoe onvoldoende. Eiseres heeft niet alleen geen bewijsstukken overgelegd waaruit het ontbreken van mantelzorg in Angola blijkt, maar heeft evenmin aangetoond dat zij pogingen heeft gedaan om dergelijke bewijsstukken te verkrijgen. 5.4 Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat het BMA-advies zorgvuldig tot stand is gekomen en naar inhoud inzichtelijk en concludent is. Eiseres heeft de mogelijkheid gehad om zelf medische gegevens in te dienen, zoals zij ook heeft gedaan door de brief van 25 augustus 2016 van haar behandelend arts over te leggen. Gelet daarop is voldaan aan het vereiste van een gelijke procespositie. Eiseres heeft daarmee echter geen concrete aanknopingspunten naar voren gebracht die leiden tot twijfel aan de juistheid of volledigheid van het BMA-advies. Verweerder heeft dit advies dan ook aan zijn besluitvorming ten grondslag mogen leggen. 5.5 Verweerder heeft gewezen op zijn brief van 23 september 2016, waarin hij eiseres de gelegenheid geeft binnen twee weken te reageren op het aanvullend BMA-advies van 20 september In diezelfde brief heeft verweerder eiseres ook de gelegenheid geboden te worden gehoord en verzocht binnen twee weken te kennen te geven of zij van die gelegenheid gebruik wenst te maken. Eiseres heeft daar niet op gereageerd. Verweerder was derhalve bevoegd met toepassing van artikel 7:3, aanhef en onder d, van de Algemene wet bestuursrecht van het horen af te zien. De omstandigheid dat eiseres op 21 oktober 2016 een brief van, naar zij stelt, 25 september 2016 van de behandelend arts heeft overgelegd, maakt niet dat verweerder gehouden was eiseres opnieuw in de gelegenheid te stellen te worden gehoord. Daarbij wordt in aanmerking genomen dat die brief ruim na de gestelde termijn van twee weken door eiseres is overgelegd, terwijl de datering van de brief ruim binnen die termijn valt. Bovendien is inmiddels gebleken dat deze brief, voor zover het niet de brief van 25 augustus 2016 betreft, geen andere informatie bevat dan de brief van 25 augustus 2016, die in het BMA-advies en verweerders besluitvorming reeds was meegenomen. 6. Het beroep is ongegrond. 7. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De rechtbank verklaart het beroep ongegrond. Deze uitspraak is gedaan door mr. A.E. Dutrieux, rechter, in aanwezigheid van mr. A. Nobel, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 10 juli 2017.

5 Rechtsmiddel Tegen deze uitspraak kan binnen vier weken na de dag van verzending daarvan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Als hoger beroep is ingesteld, kan bij de voorzieningenrechter van de hogerberoepsrechter worden verzocht om het treffen van een voorlopige voorziening.

ECLI:NL:RBDHA:2017:2525

ECLI:NL:RBDHA:2017:2525 ECLI:NL:RBDHA:2017:2525 Instantie Rechtbank Den Haag Datum uitspraak 16-03-2017 Datum publicatie 12-05-2017 Zaaknummer 16_6475 Rechtsgebieden Socialezekerheidsrecht Bijzondere kenmerken Eerste aanleg -

Nadere informatie

ECLI:NL:RBNHO:2016:1706

ECLI:NL:RBNHO:2016:1706 ECLI:NL:RBNHO:2016:1706 Instantie Datum uitspraak 26-02-2016 Datum publicatie 14-03-2016 Rechtbank Noord-Holland Zaaknummer AWB - 15 _ 5925 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:RBNNE:2015:4387

ECLI:NL:RBNNE:2015:4387 ECLI:NL:RBNNE:2015:4387 Instantie Datum uitspraak 10-09-2015 Datum publicatie 17-09-2015 Zaaknummer Awb 15/1167 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Rechtbank Noord-Nederland Bestuursrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:RBNNE:2016:2911

ECLI:NL:RBNNE:2016:2911 ECLI:NL:RBNNE:2016:2911 Instantie Rechtbank Noord-Nederland Datum uitspraak 21-06-2016 Datum publicatie 20-07-2016 Zaaknummer AWB - 15 _ 4196 Rechtsgebieden Bestuursrecht Bijzondere kenmerken Eerste aanleg

Nadere informatie

ECLI:NL:RBOVE:2017:721

ECLI:NL:RBOVE:2017:721 ECLI:NL:RBOVE:2017:721 Instantie Rechtbank Overijssel Datum uitspraak 15-02-2017 Datum publicatie 16-02-2017 Zaaknummer ak_16 _ 1345 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:RBMNE:2014:5220

ECLI:NL:RBMNE:2014:5220 ECLI:NL:RBMNE:2014:5220 Instantie Datum uitspraak 23-10-2014 Datum publicatie 28-10-2014 Rechtbank Midden-Nederland Zaaknummer AWB - 14 _ 2227 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Bestuursrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:RBDHA:2017:3918

ECLI:NL:RBDHA:2017:3918 ECLI:NL:RBDHA:2017:3918 Instantie Rechtbank Den Haag Datum uitspraak 21-03-2017 Datum publicatie 18-04-2017 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie AWB 16/27939 NL16.3618 Bestuursrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:RBOBR:2017:1221

ECLI:NL:RBOBR:2017:1221 ECLI:NL:RBOBR:2017:1221 Instantie Datum uitspraak 09-03-2017 Datum publicatie 20-03-2017 Zaaknummer 16_2690 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Rechtbank Oost-Brabant Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:RBOBR:2016:4015

ECLI:NL:RBOBR:2016:4015 ECLI:NL:RBOBR:2016:4015 Instantie Datum uitspraak 27-07-2016 Datum publicatie 16-02-2017 Zaaknummer 16 _ 1047 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Rechtbank Oost-Brabant Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam, verweerder, gemachtigden: mrs. C.J. Telting en B.A. Veenendaal.

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam, verweerder, gemachtigden: mrs. C.J. Telting en B.A. Veenendaal. Uitspraak RECHTBANK AMSTERDAM Sector bestuursrecht zaaknummer: AWB 11/2308 WWB uitspraak van de meervoudige kamer in de zaak tussen [eiseres], wonende te [woonplaats], eiseres, gemachtigde mr. W.G. Fischer,

Nadere informatie

ECLI:NL:RBAMS:2015:9685

ECLI:NL:RBAMS:2015:9685 ECLI:NL:RBAMS:2015:9685 Instantie Rechtbank Amsterdam Datum uitspraak 29-12-2015 Datum publicatie 27-01-2016 Zaaknummer AMS 13/6214 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Bestuursrecht Eerste

Nadere informatie

ECLI:NL:RBGEL:2014:6996

ECLI:NL:RBGEL:2014:6996 ECLI:NL:RBGEL:2014:6996 Instantie Rechtbank Gelderland Datum uitspraak 11-11-2014 Datum publicatie 20-11-2014 Zaaknummer AWB - 14 _ 1957 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:RBSGR:2011:BT6286

ECLI:NL:RBSGR:2011:BT6286 ECLI:NL:RBSGR:2011:BT6286 Instantie Datum uitspraak 27-09-2011 Datum publicatie 30-09-2011 Rechtbank 's-gravenhage Zaaknummer 11/18267 & 11/18269 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Vreemdelingenrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:RBSGR:2006:AY9580

ECLI:NL:RBSGR:2006:AY9580 ECLI:NL:RBSGR:2006:AY9580 Instantie Datum uitspraak 05-09-2006 Datum publicatie 06-10-2006 Rechtbank 's-gravenhage Zaaknummer AWB 05/37675 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Vreemdelingenrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:RBDHA:2016:12117

ECLI:NL:RBDHA:2016:12117 ECLI:NL:RBDHA:2016:12117 Instantie Rechtbank Den Haag Datum uitspraak 07-10-2016 Datum publicatie 12-10-2016 Zaaknummer AWB 16 / 20998 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Vreemdelingenrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:RBOBR:2017:1708

ECLI:NL:RBOBR:2017:1708 ECLI:NL:RBOBR:2017:1708 Instantie Datum uitspraak 24-03-2017 Datum publicatie 10-04-2017 Zaaknummer 16_3552 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Rechtbank Oost-Brabant Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:RVS:2017:1997

ECLI:NL:RVS:2017:1997 ECLI:NL:RVS:2017:1997 Instantie Raad van State Datum uitspraak 26-07-2017 Datum publicatie 26-07-2017 Zaaknummer Formele relaties Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie 201604542/1/A1 Eerste

Nadere informatie

ECLI:NL:RBROT:2016:1754

ECLI:NL:RBROT:2016:1754 ECLI:NL:RBROT:2016:1754 Instantie Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak 09-03-2016 Datum publicatie 09-03-2016 Zaaknummer ROT 16/920 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Bestuursprocesrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:RBMNE:2016:7377

ECLI:NL:RBMNE:2016:7377 ECLI:NL:RBMNE:2016:7377 Instantie Datum uitspraak 29-12-2016 Datum publicatie 07-02-2017 Zaaknummer UTR 15/6440 Rechtsgebieden Rechtbank Midden-Nederland Bestuursrecht Bijzondere kenmerken Eerste aanleg

Nadere informatie

ECLI:NL:RBDHA:2015:12820

ECLI:NL:RBDHA:2015:12820 ECLI:NL:RBDHA:2015:12820 Instantie Rechtbank Den Haag Datum uitspraak 19-10-2015 Datum publicatie 10-11-2015 Zaaknummer AWB 15/9612 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Vreemdelingenrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CBB:2016:450. Uitspraak. College van Beroep voor het bedrijfsleven. Datum uitspraak Datum publicatie Zaaknummer 15/893

ECLI:NL:CBB:2016:450. Uitspraak. College van Beroep voor het bedrijfsleven. Datum uitspraak Datum publicatie Zaaknummer 15/893 ECLI:NL:CBB:2016:450 Instantie Datum uitspraak 29-12-2016 Datum publicatie 24-01-2017 Zaaknummer 15/893 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie College van Beroep voor het bedrijfsleven Bestuursrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2017:2833

ECLI:NL:CRVB:2017:2833 ECLI:NL:CRVB:2017:2833 Instantie Datum uitspraak 09-08-2017 Datum publicatie 18-08-2017 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 15/8007 ZVW Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:RBAMS:2011:BQ3580

ECLI:NL:RBAMS:2011:BQ3580 ECLI:NL:RBAMS:2011:BQ3580 Instantie Rechtbank Amsterdam Datum uitspraak 22-02-2011 Datum publicatie 06-05-2011 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie AWB 10-504 AOW Bestuursrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:RBNHO:2017:3051

ECLI:NL:RBNHO:2017:3051 ECLI:NL:RBNHO:2017:3051 Instantie Datum uitspraak 04-04-2017 Datum publicatie 14-04-2017 Rechtbank Noord-Holland Zaaknummer AWB - 16 _ 22 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:RBOBR:2017:3205

ECLI:NL:RBOBR:2017:3205 ECLI:NL:RBOBR:2017:3205 Instantie Datum uitspraak 12-06-2017 Datum publicatie 21-06-2017 Zaaknummer 17_175 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Rechtbank Oost-Brabant Omgevingsrecht Eerste

Nadere informatie