Beleidsregel veiligheid zeeschepen.
|
|
|
- Brigitta Verbeek
- 8 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Beleidsregel veiligheid zeeschepen. Het Hoofd van de Scheepvaartinspectie gelet op artikel 4:8, eerste lid van de Algemene wet bestuursrecht, Besluit: Artikel. Toepassing van resoluties en circulaires uitgegeven door de Internationale Maritieme organisatie (IMO) Bij de toepassing van de bij of krachtens de Schepenwet geldende voorschriften uit het SOLASverdrag en de daarbij behorende codes en verplichte resoluties, zullen de nadere invullingen, interpretaties en aanbevelingen worden gehanteerd zoals vervat in de in onderstaande tabellen. tot en met. genoemde resoluties en circulaires van de Internationale Maritieme Organisatie. Tabel. SOLAS algemeen A.830(9) Code on Alarms and Indicators, 995 SOLAS alle hoofdstukken en diverse codes Schepenbesluit 2004 (SB 2004) art. 40 eerste lid, 4 eerste en, 42, 50, 52, 56 en 57. Tabel.2 Scheepsconstructie - sterkte, waterdichte indeling, stabiliteit, werktuigen en elektrische installaties (SOLAS Ch. II-) MSC/Circ.76 Unified interpretations to Solas Ch. II- and XII and to the technical provision for means of access en XII diverse for inspections, zoals gewijzigd door voorschriften MSC/Circ.97 MSC/Circ.966 IACS unified interpretation of prototype test (Emergency Towing Arrangements on Tankers) voorschrift 3-4 A.265(VIII) Regulations on subdivision and stability of passenger ships as an equivalent to part B of chapter II of the International Convention for the Safety of Life at Sea, 960 voorschrift 4 t/m 25 (=Part B) MSC/Circ.54 Guidance notes on the integrity of flooding boundaries above the bulkhead deck of passengerships for proper application of regulations II-/8 and 20, paragraph, of the SOLAS 974 convention as amended. voorschrift 8 en 20. A.266(VIII) Recommendation on a standard method for establishing compliance with the requirements for voorschrift 8.5 cross-flooding arrangements in passenger ships Het op november 974 te Londen totstandgekomen verdrag voor de beveiliging van mensenlevens op zee (Trb. 976, 57) en de bij dat verdrag behorende bindende protocollen, aanhangsels en bijlagen. Pagina van 5
2 MSC/Circ.755 Side shell doors and stern doors on ro-ro passenger ships voorschrift 20- A.793(9) Strength and securing and locking arrangements of shell doors on ro-ro passenger ships MSC/Circ. 58 Unified interpretation of Solas, Chapter II- voorschrift 20.4 voorschrift 22 MSC/Circ.706 Guidance on intact stability of existing tankers during liquid transfer operations voorschrift 22 MSC/Circ.99 Guidelines for damage control plans voorschrift 23, 23- en 25-8 MSC/Circ.998 IACS Unified Interpretation regarding timber deck cargo in the context of damage stability requirements voorschrift 25-8 A.684(7) Explanatory notes to the SOLAS regulations on subdivision and damage stability of cargo ships of voorschrift 25- t/m 00 metres in length and over 25-0 (= Part B) MSC.76(69) Extended application of the Explanatory notes to the SOLAS regulations on subdivision and damage stability of cargo ships of 00 metres in length and over (resolution A.684(7)) voorschrift 25- t/m 25-0 (= Part B) A.60(5) Provision and display of manoeuvring information on board ships voorschrift 28 MSC.88(79) Performance standards for water level detectors on bulk carriers and single hold cargo ships other than bulk carriers voorschrift 23-3 en hoofdstuk XII, voorschrift 2 Tabel.3 Scheepsconstructie - brandbescherming, branddetectie en brandbestrijding (SOLAS Ch. II-2) MSC/Circ.20 UI of SOLAS chapter II-2, the FSS Code, the FTP Code and related fire test procedures MSC./Circ.203 UI of SOLAS chapter II-2 and firetest procedures referred to in the FTP Code. diverse voorschriften, FSS-code, FTP-code diverse paragrafen en Res.A.754(8) voorschrift 3.34, , 9.3., , 9.3.2, Res A.754 en FTPcode Pagina 2 van 5
3 MSC/Circ.4 MSC/Circ.799 Unified interpretation of the term first survey referred to in SOLAS regulations II-2/.2.2.2, V/9..2.2, V/ and V/20..2 Guidelines for performance and testing criteria and surveys of expansion foam concentrates for fire-extinguishing systems of chemical tankers voorschrift.2.2 en hoofdstuk V voorschriften 9..2, en voorschrift.6.2. MSC/Circ.353 MSC/Circ.485 MSC/Circ.037 Revised guidelines for inert gas systems, zoals gewijzigd door circulaire MSC/Circ.387 Clarification of inert gas system requirements under SOLAS 974, as amended Unified interpretations of the revised SOLAS Chapter II-2 voorschrift.6.5 en en FSS-code paragraaf 5.2. voorschrift.6.5 en en FSS-code paragraaf 5.2. voorschrift 4, 9, 0 en 3 MSC/Circ.69 Unified interpretations of Solas, Chapter II-2 voorschrift en MSC/Circ.082 Unified interpretations of the guidelines for the approval of fixed water-based local application fire-fighting systems (MSC/Circ.93) voorschrift MSC/Circ.08 Unified interpretation of the revised SOLAS Chapter II-2 voorschrift en MSC/Circ.033 Interim Guidelines for Evacuation Analyses for new and existing passenger ships, voorschrift A.654(6) voor schepen gebouwd vóór Graphical symbols for fire control plans voorschrift A.952(23) voor schepen gebouwd na Graphical symbols for shipboard fire control plans voorschrift MSC/Circ.608; rev Interim guidelines for open-top container ships voorschrift 9 MSC/Circ.729 Design guidelines and operational recommendations for ventilation systems in roro cargo spaces voorschrift Pagina 3 van 5
4 MSC/Circ.94 Guidelines for the approval of alternative fixed water-based fire-fighting systems for special category spaces voorschrift *) MSC/Circ.582; Guidelines for the performance and testing criteria, and surveys of low expansion foam concentrates for fixed fire extinguishing systems FSS-code paragraaf en MSC/Circ.798 Guidelines for performance and testing criteria and surveys of medium-expansion concentrates for fire-extinguishing systems FSS-code paragraaf Tabel.4 Reddingmiddelen (SOLAS Ch. III) MSC/Circ.206 Measures to prevent accidents with lifeboats SOLAS hoofdstuk III voorschrift 9.3.3, 20 en 36 en 4 eerste en MSC/Circ.4 Guidelines for periodic testing of Immersion suit and Anti-exposure suit seams and closures SOLAS hoofdstuk III voorschrift 20.7 en 4 eerste en MSC/Circ.048 MSC/Circ.006 Performance standards and performance tests for manually powered reverse osmosis desalinators Guidelines on fire test procedures for acceptance of fire-retardant materials for the construction of lifeboats LSA-code paragraaf 4..5, en LSA-code paragraaf en 4 eerste en en 4 eerste en Tabel.5 Radiocommunicatie (SOLAS Ch. IV) MSC/Circ.039 Guidelines for shore-based maintenance of satellite EPIRBs SOLAS hoofdstuk IV voorschrift 5 en 4 eerste en MSC/Circ.040 Guidelines on Annual Testing of 406 Mhz Satellite EPIRBs SOLAS hoofdstuk IV voorschrift 5.9. en 4 eerste en A.702(7) Radio maintenance guidelines for the global maritime distress and safety system (GMDSS) related to sea areas A3 and A4 SOLAS hoofdstuk IV voorschrift 5.7 en 4 eerste en Tabel.6 Veilige navigatie (SOLAS Ch.V) Pagina 4 van 5
5 MSC/Circ.079 Guidelines for Preparing Plans for Co-operation between search and rescue services and passenger ships SOLAS hoofdstuk V voorschrift 7.3 lid, 4 vijfde lid en 42 A.890(2) Principles of safe manning, zoals gewijzigd door resolutie A.955(23) SOLAS hoofdstuk V voorschrift 4 (en STCW-code) lid, 4 vijfde lid en 42 MSC/Circ.982 Guidelines on Ergonomic Criteria for Bridge Equipment and Layout SOLAS hoofdstuk V voorschrift 5 lid, 4 vijfde lid en 42 MSC.63(78) Performance standards for shipborne simplified voyage data recorders (S-VDRs) SOLAS hoofdstuk V voorschrift 20 lid, 4 vijfde lid en 42 A.889(2) Pilot transfer arrangements SOLAS hoofdstuk V voorschrift 23. lid, 4 vijfde lid en 42 Pagina 5 van 5
6 Tabel.7 Vervoer van lading (SOLAS Ch. VI) A.74(7) Code of Safe Practice for Cargo Stowage and Securing (CSS Code), zoals gewijzigd door circulaires MSC/Circ.664, MSC/Circ.69, MSC/Circ.740, MSC/Circ.82 en MSC/Circ.026. SOLAS hoofdstuk VI voorschrift en 5. SB 2004 art. 52 Tabel.8 Vervoer van gevaarlijke stoffen (SOLAS Ch. VII) MSC/Circ.095 Revised Minimum Safety Standards for Ships Carrying Liquids in Bulk Containing Benzene MSC./Circ.220 Voluntary Structural Guidelines for New Ships Carrying Liquids in Bulk Containing Benzene MSC/Circ.6 SOLAS hoofdstuk VII en IBC-code diverse voorschriften SOLAS hoofdstuk VII en IBC-code diverse voorschriften Unified interpretations of the IBC and IGC Codes IBC-code paragraaf en en IGC-code paragraaf SB 2004 Art. 56 eerste lid en 57 eerste lid SB 2004 Art. 56 eerste lid en 57 eerste lid SB 2004 Art. 56 eerste lid en 57 eerste en derde lid Tabel.9 Hogesnelheidsschepen (SOLAS Ch. X) MSC/Circ.02 Interpretations of the 2000 HSC Code and SOLAS chapter X Solas hoofdstuk X voorschrift 2.2 en 2000 HSC-code, diverse voorschriften MSC/Circ.77 Unified interpretation of the 2000 HSC Code HSC-code paragraaf 9..5 SB 2004 art.42 tweede lid SB 2004 Art. 42 tweede lid Tabel.0 Speciale maatregelen ter bevordering van de maritieme beveiliging (security) (SOLAS Ch. XI) MSC.36(76) bij installatie vóór juli 2004 Performance standards for a ship security alert system SOLAS hoofdstuk XI-2 EU-verordening voorschrift 6 725/2004, art 3 MSC.47(77) bij installatie na juli 2004 Revised performance standards for a ship security alert system. SOLAS hoofdstuk XI-2 EU-verordening voorschrift 6 725/2004, art 3 MSC/Circ.072 Guidance on Provision of Ship Security Alert Systems SOLAS hoofdstuk XI-2 EU-verordening voorschrift 6 725/2004, art 3 MSC/Circ 90 Guidance on the provision of information for identifying ships when transmitting SSAS alerts SOLAS hoofdstuk XI-2 EU-verordening voorschrift 6 725/2004, art 3 MSC Circ. 56 Guidance on the access of public authorities, emergency response services and pilots on board ships to which Solas Chapter XI-2 and the ISPScode apply. SOLAS hoofdstuk XI-2 EU-verordening diverse voorschriften 725/2004, art 3 en ISPS-code diverse bepalingen Pagina 6 van 5
7 Pagina 7 van 5
8 Tabel. Aanvullende veiligheidsmaatregelen voor bulkcarriers (SOLAS Ch. XII) MSC.79(70) Interpretation of SOLAS chapter XII on additional safety measures for bulk carriers SOLAS hoofdstuk XII voorschrift 2 lid, 4 eerste lid en 53 derde lid MSC.89(7) MSC/Circ.78 Interpretation of the provisions of SOLAS chapter XII on additional safety measures for bulk carriers Unified interpretation of Solas regulations XII/4.2 and XII/5.2 SOLAS hoofdstuk XII voorschrift 2 SOLAS hoofdstuk XII voorschriften 4.2 en 5.2 lid, 4 eerste lid en 53 derde lid lid, 4 eerste lid en 53 derde lid Artikel 2. Beveiliging van schepen In dit artikel worden de volgende, op de originele Engelse tekst van de ISPS-code gebaseerde, afkortingen gebruikt: Afkorting Engelse term Nederlandse vertaling CSO Company Security Officer Veiligheidsbeambte van de maatschappij ISSC International Ship security certificate Internationaal scheepsbeveiligingscertificaat RSO Recognised Security Organisation Erkende veiligheidsorganisatie SSA Ship Security Assessment Beoordeling van de scheepsbeveiliging SSAS Ship Security Alert System Scheepsveiligheidsalarmsysteem SSO Ship Security Officer Scheepsveiligheidsbeambte SSP Ship Security Plan Scheepsveiligheidsplan In aanvulling op hetgeen in tabel.0 is aangegeven, wordt ten aanzien van de beveiliging van schepen tegen terrorisme, piraterij, criminaliteit en vandalisme de volgende nationale beleidsregel toegepast. Art. 2. Certificering bij registratie van bestaande schepen in Nederland : EU-verordening 725/2004, art 3, eerste, tweede en derde lid Bij registratie van bestaande schepen in Nederland als bedoeld in ISPS Code deel A, artikel 9.4., wordt de volgende werkwijze gehanteerd:. Indien de beheerder dezelfde blijft: Het bestaande SSP wordt door een door Nederland erkende RSO naar het Nederlandse normenkader gekeurd en aan boord geverifieerd. Indien de RSO het SSP recentelijk had goedgekeurd en geverifieerd voor een andere vlag, kan worden volstaan met een controle op de specifieke Nederlandse interpretaties. Als deze keuring en verificatie met goed gevolg worden afgerond kan een langlopend certificaat als bedoeld in ISPS-code deel A art 9.2. worden afgegeven. 2. Indien er een nieuwe beheerder komt: De reguliere ISSC-procedure wordt doorlopen op grond waarvan een langlopend certificaat kan worden afgegeven. Daarbij kunnen delen van het oude SSP worden hergebruikt, voorzover deze geschikt zijn voor de nieuwe situatie. Zij worden door de RSO opnieuw in de nieuwe context beoordeeld Eventueel kan, mits voldaan is aan de voorwaarden van artikel van deel A van de ISPS Code, de RSO op grond van art 9.4. van deel A van de ISPS code, eerst een interim certificaat afgeven. Pagina 8 van 5
9 Art. 2.2 Certificering bij Nieuwbouw : EU-verordening 725/2004, art 3, eerste, tweede en derde lid Bij nieuwbouw wordt de gehele reguliere ISSC procedure doorlopen, op grond waarvan een langlopend certificaat kan worden afgegeven. Eventueel kan, mits voldaan is aan de voorwaarden van artikel van deel A van de ISPS Code, de RSO op grond van art 9.4. van deel A van de ISPS code, eerst een interim certificaat afgeven. Art. 2.3 Veranderingen aan reeds goedgekeurde SSP s en security uitrusting : EU-verordening 725/2004, art 3 eerste, tweede, derde en vijfde lid Elke voorgenomen verandering als bedoeld in ISPS-Code deel A, artikel 9.5 en ISPS-code deel B art.2 die de mate van beveiliging van het schip beïnvloedt, wordt vooraf door de CSO gemeld aan de betreffende RSO. De CSO geeft hierbij de consequenties van de voorgenomen verandering aan. De RSO beslist of de verandering kan worden doorgevoerd en zo ja onder welke voorwaarden. Iedere verandering dient te leiden tot een tenminste even hoog beveiligingsniveau. Wanneer veranderingen de goedkeuring van de RSO behoeven, worden de betreffende pagina s in het SSP door de RSO gewaarmerkt. Tabel 2. bevat de veranderingen die in elk geval de goedkeuring van de RSO behoeven en de wijze waarop de RSO de beoordeling uitvoert. Veranderingen die niet de goedkeuring van de RSO behoeven, worden door de kapitein of SSO en door de CSO goedgekeurd en in een verklaring vastgelegd. Deze verklaring, ondertekend door de CSO, wordt in het SSP opgenomen en de betreffende pagina s in het SSP worden door de SSO of de kapitein geparafeerd. Deze veranderingen zullen bij de eerstvolgende geplande verificatie door de RSO worden geëvalueerd. Tabel 2. Veranderingen in een SSP die in ieder geval de goedkeuring van de RSO behoeven Nr Relevante onderdeel SSP Wijze van beoordeling Procedure met betrekking tot het bevestigen van een verandering in het veiligheidsniveau (security level) 2 Beveiligingsmaatregelen die genomen worden bij veiligheidsniveau (security 2* level) 2 en 3, 3 Rapportage van security-incidenten, naar CSO, Vlagstaat, Haven- en Kust autoriteiten 4 Frequenties voor het testen of kalibreren van beveiligingsuitrusting (security equipment) 5 Oefeningen (drills and excercises) en veiligheidsinstructies (briefings) 6 Auditeren van de beveiligingsmaatregelen en het SSP, inclusief de frequentie van audits 7 Herzieningsproces (review) van het SSP 8 Documentatie (records) (wat, hoe en waar bewaard) 9 Procedures ter voorkoming van onbevoegd inzien van SSA, SSP en de documentatie (records) 0 Identificatie van gebieden waarvoor beperkingen gelden (restricted areas) en 2 tijden waarop dit geldt Toegangsprotocollen en overige procedures (oa. doorzoeken) betreffende gebieden waarvoor beperkingen gelden (restricted areas) 2 Procedure voor het gebruik van veiligheidsapparatuur (security equipment) (oa camera s) 3 Verlichting van dek en toegangspunten 2* 4 Procedures voor wachtlopen en toegangscontrole bij alle veiligheidsniveaus (security levels) 5 Regelingen met betrekking tot beveiligings assistentie vanaf de wal, (oa patrouille boten, bewaking) 6 Onderhouds procedures voor veiligheidsapparatuur (security equipment) Pagina 9 van 5 7 Ship Security Alert System (SSAS): alle gerelateerde zaken, zoals type, lokatie 2 bedieningspunten (activation points), ontvanger, etc. uitgezonderd de
10 Art. 2.4 Training en opleiding van de CSO : EU-verordening 725/2004, art 3, eerste, tweede, derde en vierde lid De CSO moet beschikken over de kennis en vaardigheden die nodig zijn om de uit ISPS Code deel A art. voortvloeiende taken naar behoren te verrichten (ISPS Code deel A art. 3.). Daartoe dient de CSO tenminste te kunnen aantonen dat een training is gevolgd conform ISPS code deel B art. 3.. Art. 2.5 Interne beoordelingen (reviews/audits) van het SSP : EU-verordening 725/2004, art 3, vijfde lid Ter voldoening aan ISPS-code, deel B art..2 en wordt het SSP tussen twee opeenvolgende keuringen of herkeuringen in het kader van de vernieuwing van het certificaat tenminste één keer onderworpen aan een interne beoordeling (review/audit). Art. 2.6 Toegangscontrole : EU-verordening 725/2004, art 3, eerste, tweede en derde lid De volgens ISPS Code deel A, artikel verplichte toegangscontrole behoeft niet noodzakelijkerwijs te worden uitgevoerd door een permanente gangway watch. Ook andere methoden zijn toegestaan, bijvoorbeeld een uitkijk op de brug, personeel aan dek of beveiligingscamera s. Kernpunt is dat er te allen tijde zicht is op wie er aan boord komt en dat personen die toegang tot het schip willen verkrijgen direct benaderd worden met het verzoek hun identiteit en de reden van hun komst bekend te maken. Art. 2.7 Doorzoeken van personen die toegang tot het schip willen verkrijgen : EU-verordening 725/2004, art 3, eerste, tweede, derde en vierde lid Onverminderd de verplichtingen van de kapitein conform Solas XI-2, voorschrift 8.2 wordt, ter voldoening aan ISPS Code deel A, artikel 9.4, en deel B, artikel 9.5, de frequentie voor het doorzoeken van personen die toegang tot het schip willen verkrijgen als volgt vastgesteld. Bij veiligheidsniveau (security level): : zoals noodzakelijk geacht door de SSO of de CSO 2: tenminste willekeurig op 0 personen en minimaal daadwerkelijke controle per aanloophaven. 3: iedereen. Art. 2.8 Contactpunt voor navraag SSAS alarm indien de CSO aan boord is : EU-verordening 725/2004, art 3, eerste, tweede en derde lid Pagina 0 van 5
11 ISPS Code deel A, artikel. sluit niet uit dat de CSO een functionaris aan boord van het schip is. Als de reder daarvoor gekozen heeft is er een vast contactpunt van de reder aan de wal nodig waarmee het Kustwachtcentrum in contact kan treden bij alarmering via het SSAS. Het is immers niet de bedoeling bij een stil alarm (covert alert) direct in contact te treden met het schip. (Zie ook MSC/Circ. 073 Measures to Enhance Maritime Security; Directives for maritime rescue co-ordintation centres (MRCCS) on acts of violence against ships). Dit contactpunt kan het op grond van de registratiewetgeving verplichte contactpunt aan de wal zijn, maar ook een andere organisatie of persoon. Er dient een overeenkomst te zijn tussen de reder en de betrokken partij, waarin is vastgelegd dat het contactpunt te allen tijde bereikbaar is voor assistentie in geval van een alarmmelding. Het contactpunt dient zoveel mogelijk relevante gegevens over het betreffende schip (bijvoorbeeld type schip, lading, positie, aantal bemanningsleden, aanwezigheid gevaarlijke stoffen, etc) aan de overheid te kunnen verstrekken. De bereikbaarheidsgegevens van het contactpunt worden bij de Inspectie Verkeer en Waterstaat aangemeld. Deze zorgt voor doorgeleiding van de informatie naar het Kustwachtcentrum. Art. 2.9 Oefeningen (drills and exercises) : EU-verordening 725/2004, art 3, eerste, tweede, derde en vijfde lid Oefeningen (drills) volgens ISPS deel A art. 3.4 en deel B art. 3.6 testen het securitysysteem van het schip en worden aan boord gehouden. De SSO is de eerstverantwoordelijke voor de uitvoering hiervan. Oefeningen (exercises) volgens ISPS deel A art. 3.5 testen het securitysysteem van de maatschappij en de effectieve coördinatie en implementatie van de SSP's. Zij worden conform ISPS deel B art. 3.7 jaarlijks met tussenpozen van niet langer dan 8 maanden gehouden. De organisatie hiervan is, in lijn met het ISM-systeem, de verantwoordelijkheid van de maatschappij (in casu de CSO). Bij een excercise zijn (voorzover van toepassing) meerdere, maar niet noodzakelijkerwijs alle, schepen van de maatschappij betrokken. Rapportages over de oefeningen worden over de hele in Nederland geregistreerde vloot van de maatschappij verspreid en aan boord bewaard. Leerpunten uit de oefening worden op de gehele in Nederland geregistreerde vloot van de maatschappij toegepast. Bij de oefeningen (exercises) kunnen ook overheidsinstanties worden betrokken. Indien een maatschappij participeert in een oefening (exercise) die door binnenlandse of buitenlandse overheidsinstantie(s) wordt georganiseerd, telt deze mee als de jaarlijks verplichte oefening volgens ISPS deel B, art Ook dan worden de rapportage en de leerpunten over de gehele in Nederland geregistreerde vloot van de maatschappij verspreid en toegepast. Artikel 3. Inspectie van sloepslopers met inbegrip van de eindverbindingen : SOLAS hoofdstuk III, voorschrift 20.4 SB 2004 art. 40 en 4 Bij de inspectie van sloepslopers worden de volgende verschijnselen in ieder geval aangemerkt als gebreken die noodzaken tot het vernieuwen van de sloepslopers en/of de eindverbindingen: a. ernstige roestvorming; b. intering; c. vervorming of beschadiging van afzonderlijke kabelstrengen of van de gehele draad; d. verstoring van de kabelconstructie; e. andere zodanige afwijkingen dat de sterkte wordt aangetast of de slijtagegevoeligheid in ernstige mate toeneemt; Pagina van 5
12 f. een eindverbinding die niet een vergelijkbaar sterke eindverbinding oplevert als de door de oorspronkelijke leverancier geleverde eindverbinding. Een eindverbinding door middel van draadklemmen (kabelkiezen) is niet toegestaan. Overigens voldoet de sloepsloper met inbegrip van de eindverbinding aan de voorschriften van de fabrikant van het tewaterlatingsmiddel. De kapitein of de eigenaar van het schip kan bepaalde, door de bevoegde autoriteiten aan te wijzen, delen van de draad/sloepsloper aan een trekproef laten onderwerpen. Indien deze delen de trekproef doorstaan, behoeft de draad/sloepsloper niet te worden vervangen. Artikel 4. Vaststelling van het aantal overlevingspakken aan boord van vrachtschepen : SOLAS hoofdstuk III, voorschrift SB 2004 art.40 en 4 Onder watch station wordt verstaan (SOLAS hoofdstuk III, voorschrift ) bridge, engine control room and any other manned watch station. Onder workstation wordt verstaan: een locatie waar herhaaldelijk werk wordt uitgevoerd op zee gedurende een langere periode. Het aantal vereiste overlevingspakken wordt als volgt vastgesteld: Aantal overlevingspakken = Het totale aantal opvarenden waarvoor reddingmiddelen aanwezig zijn, zoals vermeld in het uitrustingsrapport behorende bij het (inter)nationaal veiligheidscertificaat (uitrustingsgetal). plus de benodigde overlevingspakken voor watch or workstations which are located remotely from the place or places where immersion suits are normally stowed Voor de watch or workstations als hierboven genoemd wordt toegepast: - 2 overlevingspakken op de brug plus - 2 overlevingspakken in de Engine Control Room plus - 2 overlevingspakken dichtbij elk remotely located survival craft station (zoals bedoeld in SOLAS hoofdstuk III, voorschrift 3..4) op het voor- of achterschip (in aanvulling op de vereiste reddinggordels conform SOLAS hoofdstuk III, voorschrift ) plus - op overige watch or workstations, indien aanwezig, een aantal overlevingspakken afhankelijk van het aantal personen dat doorgaans aanwezig is. Op non-conventieschepen zonder Engine Control Room (bv kleine sleepboten) waar normaal gesproken op zee niet gewerkt of wachtgelopen wordt in de machinekamer, kan doorgaans worden volstaan met overlevingspakken voor het maximaal aantal opvarenden (uitrustingsgetal) plus twee extra overlevingspakken op de brug. Artikel 5. De Beleidsregel betreffende de inspectie van sloepslopers (Stcrt 2003, nr 37) wordt ingetrokken. Artikel 6. Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel veiligheid zeeschepen Artikel 7. Deze beleidsregel zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst en treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij worden geplaatst. Pagina 2 van 5
13 Het Hoofd van de Scheepvaartinspectie, ir. J.F. de Leeuw Pagina 3 van 5
14 Toelichting Algemeen De maritieme veiligheidsregelgeving voor schepen onder Nederlandse vlag wordt in hoge mate internationaal bepaald. De basis wordt gevormd door het SOLAS-verdrag. Sinds enkele jaren heeft de Nederlandse overheid zich ten doel gesteld om de maritieme regelgeving aanzienlijk te vereenvoudigen en daarbij meer op de internationale en Europese kaders aan te sluiten. Er wordt naar gestreefd de nationale koppen zoveel als mogelijk te laten vervallen. De invoering per januari 2005 van de eerste tranche van het Schepenbesluit 2004 (SB 2004) is daarvan een resultaat. Door een systeem van dynamische verwijzing zijn de internationale afspraken direct van kracht en werken wijzigingen daarin automatisch in de Nederlandse wetgeving door. Op detailniveau voorzien de verdragen en Codes vaak in discretionaire ruimte voor de overheid van de vlaggenstaat van het schip. Vanuit het streven om zo dicht mogelijk aan te sluiten bij de internationale regelgeving wordt in Nederland zeer terughoudend omgegaan met de mogelijkheid om deze ruimte in te vullen met meer gedetailleerde nationale regels. De invulling van deze ruimte wordt zo veel mogelijk aan de discretie van het Hoofd van de Scheepvaartinspectie gelaten, opdat in samenspraak met de eigenaar van een schip maatwerk geleverd kan worden. In de toezichtpraktijk blijkt dat de maritieme sector behoefte heeft aan duidelijkheid vooraf met betrekking tot de wijze waarop het Hoofd van de Scheepvaartinspectie de discretionaire ruimte invult. In dat verband is bij de introductie van het SB 2004 aan de sector toegezegd dat er een inventarisatie zou plaatsvinden van alle door de IMO uitgegeven resoluties en circulaires die zullen worden gebruikt voor het invullen van de open normen uit de verdragen. Deze beleidsregel voorziet daarin. Een van deze beleidsregel afwijkende invulling of interpretatie kan worden toegestaan indien wordt aangetoond dat op even adequate wijze aan het algemeen verbindend voorschrift wordt voldaan als wanneer de beleidsregel zou zijn toegepast. Het niveau van veiligheid of milieubescherming moet minstens even hoog zijn. De beleidsregel heeft in belangrijke mate betrekking op de certificering van schepen en organisaties. De certificering is voor een groot deel opgedragen aan erkende klassenbureaus, die namens het Hoofd van Scheepvaartinspectie de certificaten afgeven. Daarmee vormt de beleidsregel ook een belangrijke leidraad voor deze klassenbureaus. Mocht er naast deze beleidsregel nog nadere invulling nodig zijn dan kunnen de IACS-interpretaties worden toegepast. De maritieme regelgeving is niet statisch. Technische ontwikkelingen volgen elkaar snel op. Met name van de kant van Internationale Maritieme Organisatie verschijnen regelmatig nieuwe aanbevelingen en richtlijnen (guidelines) die hun weerslag kunnen vinden in de beleidsregel. Regelmatig zullen dan ook wijzigingen in de beleidsregel doorgevoerd worden. De beleidsregel vormt onderdeel van het normenkader zoals dat door de Inspectie Verkeer en Waterstaat door middel van het programma EasyRules als service voor gebruikers op internet toegankelijk wordt gemaakt (zie Per artikel Artikel In IMO-verband zijn en worden veel niet verplichtende interpretaties en nadere invullingen van de regelgeving vastgelegd in resoluties en circulaires (zogenoemde non-mandatory instruments). Deze hebben in het algemeen een groot internationaal draagvlak en vervullen een belangrijke functie om te komen tot internationaal geaccepteerde uniforme standaarden en werkwijzen. Het is Nederlands beleid om deze zoveel mogelijk te volgen. Artikel noemt de non-mandatory instruments die door het Hoofd van de Scheepvaartinspectie als beleidsregel worden gehanteerd. Zij zijn in tabelvorm weergegeven, gegroepeerd naar hun grondslag: de hoofdstukken van het SOLASverdrag. In de twee laatste kolommen is de grondslag specifiek aangegeven door verwijzing naar de Pagina 4 van 5
15 betreffende bepaling van het verdrag of de code en door verwijzing naar de bepaling in de nationale regelgeving op grond waarvan dat onderdeel van het verdrag/code in Nederland verplicht is. De volledige tekst van de genoemde documenten kan worden gevonden in EasyRules op de website van de Inspectie Verkeer en Waterstaat ( Artikel 2 De regelgeving op het gebied van beveiliging van schepen bevat veel elementen die nadere invulling door de nationale overheid vereisen. In de afgelopen jaren is in overleg met de sector deze invulling vastgesteld. In artikel 2 is dit vastgelegd. Artikel 3 Dit artikel geeft een nadere invulling van de SOLAS-bepaling ten aanzien van het onderhoud van sloepslopers. Dit naar aanleiding van een aantal ongevallen tijdens het behandelen van reddingboten en een uitspraak van de Raad voor de Scheepvaart daarover (URS 200, nr.2) Een slechte staat van de sloepslopers gold daarbij als één van de oorzaken. De Nederlandse regering heeft aan de IMO gemeld hoe zij bij controles daarmee omgaat (door de IMO gepubliceerd als Solas SLS.4/Circ. 3 van 22 april 993 Equivalent arrangement accepted under regulation I/5 Maintenance of falls Statement by the Government of the Netherlands). Deze beleidsregel maakt duidelijk welke criteria moeten worden gehanteerd bij de inspectie van sloepslopers. Artikel 4 Bij het van kracht worden van het gewijzigd SOLAS hoofdstuk III, voorschrift op juli 2006 bleek dit voor meerdere uitleg vatbaar. Artikel 4 maakt duidelijk welke uitleg Hoofd Scheepvaartinspectie hanteert. Pagina 5 van 5
Securityrapportage zeevaart 2010
Securityrapportage zeevaart 2010 2 Securityrapportage zeevaart 2010 Datum 18 april 2011 Status Definitief Securityrapportage zeevaart 2010 Datum 18 april 2011 Status Definitief Colofon Uitgegeven door
Interpretaties Nederlandse overheid m.b.t. weten regelgeving Security in de scheepvaart
Interpretaties Nederlandse overheid m.b.t. weten regelgeving Security in de scheepvaart Versie 3.1 Datum 9 mei 2012 Status Definitief Colofon Inspectie Leefomgeving en Transport Scheepvaart Contact Meld-
Security Rapportage 2008
Security age 2008 Security inspecties aan boord van Nederlandse schepen in 2008 1 van 14 Datum Security age 2008 Security inspecties aan boord van Nederlandse schepen in 2008 Inspectie Verkeer en Waterstaat
Handhaving van de ISPS-code Rapportage van security gerelateerde handhaving op de Nederlandse vloot.
Datum age van security gerelateerde handhaving op de Nederlandse vloot. 2 Inhoudsopgave 1. Inleiding 3 2. Handhavingcommunicatie 5 3. Reacties Nederlandse scheepsbeheerders op brieven 6 4. Werkwijze 7
Dictaat Zeerecht - Aanvulling 1. Waar komen al die regels vandaan?
Dictaat Zeerecht - Aanvulling 1 Waar komen al die regels vandaan? De belangrijkste organisaties die zich bezig houden met maritieme regelgeving zijn: IMO (International Maritime Organization) - Veiligheid
Internationale veiligheidsrichtlijnen Hoofdstuk 6 voor binnentankschepen en terminals. Hoofdstuk 6 BEVEILIGING
Hoofdstuk 6 BEVEILIGING Binnenvaarttankers laden of lossen vaak op faciliteiten waar zeevaarttankers worden behandeld en waar dus de International Ship en Port Facility Security (ISPS) Code van toepassing
Rapportage Security inspecties aan boord van Nederlandse schepen
Rapportage Datum 28 september 2007 Rapportage Security inspecties aan boord van Nederlandse schepen Inspectie Verkeer en Waterstaat Toezichteenheid Zeevaart Unit Inspectie Vlaggenstaat INHOUD: 1 SAMENVATTING
Toelichting bij aanvraag erkenningscertificaat
Toelichting bij aanvraag erkenningscertificaat Inleiding Voor alle trainingen, bestaande en nieuwe trainingen, geldt dat er een aanvraag ingediend moet worden. Voor sommige trainingen kan volstaan worden
Heeft, de Staatsraad gehoord, na goedkeuring door De Nationale Assemblée, bekrachtigd de onderstaande wet:
WET van 30 juni 2004, houdende vaststelling van regels voor maritieme beveiliging (Wet Maritieme Beveiliging) DE PRESIDENT VAN DE REPUBLIEK SURINAME, In overweging genomen hebbende, dat het wenselijk is
Zeerecht GZV (1) Even voorstellen 2/13/2015 GVZ-1 1. Fokko Snoek. [email protected]. Eigenaar zeilklipper Skylge Adviseur traditionele scheepvaart
Zeerecht GZV (1) Even voorstellen Fokko Snoek Eigenaar zeilklipper Skylge Adviseur traditionele scheepvaart [email protected] Wetboek van Koophandel - Artikel 367: De kapitein, vernemende dat de vlag, waaronder
Bemanningswetgeving en Vaarbevoegdheden
Bemanningswetgeving en Vaarbevoegdheden ROOD BOVEN GROEN Waarom nieuwe bemanningswetgeving: Invoering STCW 2010 incl. Manila amendments Implementatie van MLC-2006 Wegwerken van onvolkomenheden Februari
Analyse Security inspecties aan boord van Nederlandse schepen
1 Datum aan boord van Nederlandse schepen Unit Inspectie Vlaggenstaat 2 INHOUD: 1 INLEIDING 3 2 DOELSTELLING 4 3 WERKWIJZE 5 4 ANALYSE INSPECTIERESULTATEN 6 Scheepsbeveiligingscertificaat 6 Overeenstemming
Beoordelingsmatrix wet zeevarenden
Beoordelingsmatrix wet zeevarenden Postbus 4, 2280 AA Rijswijk Telefoon 088-998 48 88 Telefax 088-998 48 89 E-mail [email protected] Schipper machinist beperkt werkgebied (SMBW) bevoegdheden (art. 18,
VAARBEVOEGDHEDEN KOOPVAARDIJ versie 02-09- 2015
Monsterboekje Medische Keuring Aankomend gezel VAARBEVOEGDHEDEN KOOPVAARDIJ versie 02-09- 2015 LVA: lijst van afkortingen ETO: Electrotechnisch Officier GT: Gross Tonnage H: Hoofdwerktuigkundige KW: Kilo
Regeling veiligheid zeeschepen
VW Regeling veiligheid zeeschepen Regeling houdende nadere regels met betrekking tot de veiligheid en certificering van in Nederland geregistreerde zeeschepen, alsmede regels met betrekking tot de veiligheid
38350 MONITEUR BELGE BELGISCH STAATSBLAD
38350 MONITEUR BELGE 17.07.2003 BELGISCH STAATSBLAD HOOFDSTUK VI. Slotbepalingen Art. 9. Het Besluit ontheffing loodsplicht Scheldereglement wordt ingetrokken. Art. 10. Dit besluit treedt in werking met
Servicedocument Examenplan
Servicedocument Examenplan Koopvaardij DOSSIER : Koopvaardij DOSSIERCREBO : 23202 KWALIFICATIE : KWALIFICATIECREBO : 25518 NIVEAU : 4 COHORT : vanaf 2016 KERNTAAK : Alle VERSIE : 1v2 juni 2018 Inhoudsopgave
Informatiebulletin STCW Manila-wijzigingen
Informatiebulletin STCW Manila-wijzigingen Convention on Standards of Training, Certification and Watchkeeping for Seafarers (STCW) Manila Amendments Inleiding STCW Manila-wijzigingen De Manila-wijzigingen
VAARBEVOEGDHEDEN KOOPVAARDIJ versie
Monsterboekje Medische Keuring Aankomend gezel VAARBEVOEGDHEDEN KOOPVAARDIJ versie 05-12-2016 LVA: lijst van afkortingen ETO: Electrotechnisch Officier GT: Gross Tonnage H: Hoofdwerktuigkundige KW: Kilo
Ministerie van Infrastructuur en Milieu
Ministerie van Infrastructuur en Milieu > Retouradres Postbus 16191 2500 BD Den Haag Aan alle reders van zeegaande zelicharterschepen en andere belanghebbenden (per email, lijst beschikbaar bij ILT) Weena
Peter Alkema beleidsadviseur Divisie Havenmeester
Peter Alkema beleidsadviseur Divisie Havenmeester Missie Veiligheid Vlotheid Milieu OESO rapport (13/5) R dam en A dam: de havens dienen het milieu en leefklimaat te verbeteren 2 SECA Noordzee en Baltic
Goal based Regulation The Naval Ship and Submarine Code
Goal based Regulation The Naval Ship and Submarine Code KLTZ (TD) H.A. Fransbergen, EMSD Hoofd Sectie Materiële Zeewaardigheid 05 november 2015 Sectie Materiële Zeewaardigheid 2 Survey: niet werkende WD
AFKONDIGINGSBLAD VAN SINT MAARTEN
AFKONDIGINGSBLAD VAN SINT MAARTEN Jaargang 2011 No. 44 Besluit van de Minister van Infrastructuur en Milieu, van 21 november 2011, nr. IENM/BSK-2011/156136, tot wijziging van het Besluit erkende organisaties
Hierbij geven wij u een overzicht voor de EU 2010/36 certificering per 1 januari Hierin is opgenomen EU98/18 als gewijzigd EU 2009/45.
Hierbij geven wij u een overzicht voor de EU 2010/36 certificering per 1 januari 2015. Hierin is opgenomen EU98/18 als gewijzigd EU 2009/45. Voor wie is certificering noodzakelijk? Ieder schip dat dagtochten
Shipping Notice: ref.cargo information SOLAS
FINAL DRAFT Shipping Notice: 02-2016.ref.cargo information SOLAS Verification of the gross mass of packed containers amendments to SOLAS regulation VI/2 Datum uitgifte: mei 2016 Datum inwerkingtreding:
3. Welk kanaal in de VHF-band wordt gebruikt voor schip-schip alarmering? 2 a. 70. b. 67. c. 13.
Proefexamen Marcom-B module GMDSS U bent geslaagd voor het examen Module GMDSS als u tenminste 28 van de 40 punten heeft behaald. Het aantal te behalen punten is in de rechter kantlijn vermeld. Naast deze
Geachte heer, mevrouw,
Datum Contactpersoon Doorkiesnummer Bijlage(n) Onderwerp Zeilende zeegaande schepen onder Register Holland Uw kenmerk Geachte heer, mevrouw, Doel U te informeren over de mogelijkheden en de procedures
SOLAS wegen van containers. Masterclass Deltalinqs 13 oktober 2015
SOLAS wegen van containers Masterclass Deltalinqs 13 oktober 2015 Ports & Terminals Team AKD Jos van der Meché Stefanie Roose Erik Dans Transport & Energy Transport & Energy Overheid en Onderneming 2 Agenda
16 mei 2013. Netwerkbijeenkomst MCN. Wessel Schinkel
16 mei 2013 Netwerkbijeenkomst MCN Wessel Schinkel Veiligheidstrainingen in Den Helder DHTC en de ontwikkeling van veiligheidstrainingen in Den Helder. Noodzaak offshore / Maritieme veiligheids trainingen
autonoom varende schepen, op afstand bewaakte of bestuurde schepen, onbemand varende schepen
Visie KVNR op autonoom varende schepen, op afstand bewaakte of bestuurde schepen, onbemand varende schepen Introductie KVNR Collectieve belangenbehartiging van: meer dan 400 Nederlandse reders en scheepsbeheerders
Information security officer: Where to start?
1 Information security officer: Where to start? The information security policy process is a continuous and cyclic process 2 1. PLAN: establish ISMS CREATE Information Security Policy (ISP) Inventarise
MOBI PROCES BESCHRIJVING
MOBI METHODIEK VOOR EEN OBJECTIEVE BEVEILIGINGSINVENTARISATIE PROCES BESCHRIJVING HAVENBEDRIJF AMSTERDAM INHOUDSOPGAVE MOBI voor havenfaciliteiten... 2 INLEIDING... 2 ALGEMEEN... 2 PROCES SCHEMA... 5 BIJLAGEN...
Regeling veiligheid zeeschepen Geldend van t/m heden
Regeling veiligheid zeeschepen Geldend van 01-01-2017 t/m heden Regeling houdende nadere regels met betrekking tot de veiligheid en certificering van in Nederland geregistreerde zeeschepen, alsmede regels
Gelet op de artikelen 16, 16b, onderdeel c, en 16 c, onderdeel c, van het Besluit bedrijfsvergunning en veiligheidscertificaat hoofdspoorwegen;
Regeling van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, van..., nr., houdende vaststelling van regels inzake de aanvraag van een veiligheidscertificaat als bedoeld in artikel 32, eerste lid, van
PRESTATIEVERKLARING. DoP: voor fischer Doorsteek anker FAZ II (Momentgecontroleerd spreidanker) NL
PRESTATIEVERKLARING DoP: 00121 voor fischer Doorsteek anker FAZ II (Momentgecontroleerd spreidanker) NL 1. Unieke identificatiecode van het producttype: DoP: 00121 2. Beoogd(e) gebruik(en): Bevestiging
Besluitenlijst CCvD HACCP/ List of decisions National Board of Experts HACCP
Besluitenlijst CCvD HACCP/ List of decisions National Board of Experts HACCP Dit is de actuele besluitenlijst van het CCvD HACCP. Op deze besluitenlijst staan alle relevante besluiten van het CCvD HACCP
PRESTATIEVERKLARING. Nr NL. 5. Het systeem of de systemen voor de beoordeling en verificatie van de prestatiebestendigheid: 2+
PRESTATIEVERKLARING Nr. 0016 NL 1. Unieke identificatiecode van het producttype: fischer betonschroef FBS 5 en FBS 6 2. Beoogd(e) gebruik(en): Product Metalen ankers voor gebruik in beton (lichte lasten)
Inspectie laadeenheden
Inspectie laadeenheden Wat inspecteren we? Inspectie van de laadeenheid: Administratieve inspectie vooraf: - Inspectie van de begeleidende documenten. In de praktijk: - Visuele inspectie van de laadeenheid
CTRB met erkende vaartijd volgens STCW 95 STCW2010
CTRB met erkende vaartijd volgens STCW 95 STCW2010 1. Dek STCW 95: Opleidingen begonnen vóór 1/7/2013, en relevante vaartijd (CTRB) gestart vóór 1/1/2017 II/1 (officer in charge of a navigational watch)
Ministerie van Infrastructuur en Milieu
Ministerie van Infrastructuur en Milieu > Retouradres Postbus 16191 2500 BD Den Haag Weena 723 Rotterdam Postbus 16191 2500 BD Den Haag www.ilent.nl Contactpersoon John Dofferhoif Senior inspecteur T 088
CTRB met erkende vaartijd volgens STCW 95 STCW2010
1. Dek CTRB met erkende vaartijd volgens STCW 95 STCW2010 STCW 95: Opleidingen begonnen vóór 1/7/2013 STCW 2010: Opleidingen begonnen na 1/7/2013 II/1 (officer in charge of a navigational watch) II/1 (officer
Certificering NDT personeel Aerospace industrie
Certificering NDT personeel Aerospace industrie en de rol die de NANDT Board hierbij vervult Pieter Troost (Review Board) 13/11/2018 1 Onderwerpen Introductie kwalificatie en certificatie van NDT personeel
DG SCHEEPVAART (DGS) Geverifieerd bruto gewicht van gevulde containers. Woensdag 27 April 2016 Els Claeys
DG SCHEEPVAART (DGS) Geverifieerd bruto gewicht van gevulde containers Woensdag 27 April 2016 Els Claeys WEGEN VAN CONTAINERS Historiek IMO: 12/2008 - SOLAS 2008 amend / chapter VI / reg. 2 adopted 01/2011
Raad voor Accreditatie. De overgang van BS OHSAS 18001:2007 naar ISO 45001:2018
Raad voor Accreditatie De overgang van BS OHSAS 18001:2007 naar ISO 45001:2018 Documentcode: RvA-T048-NL Versie 1, 20-12-2017 Een Rv A-Toelichting beschrijf t het beleid en/of de werkwijze v an de Rv A
Besluit vervoer splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffen (tekst geldig vanaf )
Besluit vervoer splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffen (tekst geldig vanaf 01-07-2011) Besluit van 4 september 1969, tot uitvoering van de artikelen 16, 19, eerste lid, 21, 29, 30, tweede lid, 31
Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.
STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 30677 17 juni 2016 Regeling van de Minister van Infrastructuur en Milieu, van 16 juni 2016, nr. IENM/BSK-2016/113479,
STAATSCOURANT. Nr. 11484
STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 11484 2 mei 2014 Regeling van de Minister van Infrastructuur en Milieu, van 22 april 2014, nr. IENM/BSK-2014/91236, tot
Kerntaak 1: OL nautisch A-II/1 (voert de nautische taken uit op operationeel niveau A-II/1 op alle schepen)
Kerntaak 1: OL nautisch A-II/1 (voert de nautische taken uit op operationeel niveau A-II/1 op alle schepen) Werkproces 1.1: Navigation at the operational level De stuurman alle schepen zet een navigatieroute
Regeling Communicatie HCC Eemsmonding
2017 Regeling Communicatie HCC Eemsmonding Groningen Seaports 1 Inhoud Communicatieregeling HCC Eemsmonding... 2 1. Inleiding... 2 2. Toepassingsgebied... 2 3. Vessel Traffic Services... 2 3.1. Informatie
TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 1968 Nr. 1
52 (1967) Nr. 1 TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN JAARGANG 1968 Nr. 1 A. TITEL Notawisseling tussen de Nederlandse en de Keniase Regering inzake de toepassing van het op 26 september 1898
Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.
STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 27433 1 oktober 2014 Beleidsregel houdende vaststelling van regels voor de naleving en toezicht op de veiligheidsadviseur
CTRB met erkende vaartijd volgens STCW 95 STCW2010. STCW 95: Opleidingen begonnen vóór 1/7/2013 STCW 2010: Opleidingen begonnen na 1/7/2013
CTRB met erkende vaartijd volgens STCW 95 STCW2010 1. Dek STCW 95: Opleidingen begonnen vóór 1/7/2013 STCW 2010: Opleidingen begonnen na 1/7/2013 II/1 (officer in charge of a navigational watch) II/1 (officer
2. In afwijking van het eerste lid, onder a, bedraagt de retributie indien het de invoercontrole betreft van:
(Tekst geldend op: 19-12-2013) Regeling van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 18 december 2007, nr. VGP/VV 2821211, houdende vaststelling van tarieven voor retributies in de levensmiddelensector
Naar een nieuw Privacy Control Framework (PCF)
Naar een nieuw Privacy Control Framework (PCF) Ed Ridderbeekx 22 november 2017 Een stukje geschiedenis 2001: Raamwerk Privacy Audit (door Samenwerkingsverband Audit Aanpak onder verantwoordelijkheid CPB)
Civielrechtelijke consequenties publicatie EN 50575:2012 en invoering Europese Verordening bouwproducten
Nexans congres Fire safety events Civielrechtelijke consequenties publicatie EN 50575:2012 en invoering Europese Verordening bouwproducten Jørgen den Houting 2 Programma 1 Europese Verordening bouwproducten:
rt state control De veiligheidscommissie Maritime research Onderzoeksrapport
Port state control De veiligheidscommissie Maritime research Onderzoeksrapport Projectleden: Projectbegeleider: Opleiding: Niek van Moorsel Frank Woltman Jop Boiten Dhr. G.H. Scheepstra HBO Maritiem officier
A. Implementatie SOLAS wereldwijd
SOLAS (Safety Of Life At Sea) Container Weight Verification Requirement July 1st 2016 Geachte klant, Het verschil tussen de gedeclareerde en de feitelijke bruto massa van een volle container kan leiden
