Uitvoeringsrichtlijn Tulipa
|
|
|
- Andrea Vink
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Het bestuur van de Stichting Bloembollenkeuringsdienst (BKD), gelet op richtlijn 98/56/EG, artikel 9 van het Landbouwkwaliteitsbesluit 2007 en de toelichting behorende bij de Landbouwkwaliteitsregeling 2007, heeft in haar vergadering van 16 maart 2016 vastgesteld de navolgende Uitvoeringsrichtlijn: De in deze uitvoeringsrichtlijn aangebrachte aanpassingen gelden met ingang van teeltseizoen 2015/2016. A. ALGEMENE VOORSCHRIFTEN Artikel 1 Onder Tulipa wordt hier verstaan de bollen en andere voor vermeerdering of bloemproductie bestemde plantendelen van de tot het gewas Tulipa behorende rassen. Artikel 2 Partijen Tulipa dienen te worden geteeld uit partijen Tulipa die zijn goedgekeurd naar aanleiding van een veldkeuring in de klasse I of in de klasse ST, dan wel waarvoor op een andere wijze door de BKD daartoe toestemming is verleend. Artikel 3 1. Partijen Tulipa komen in aanmerking voor klasse I als er naast de veldkeuring ook een monsterkeuring plaatsvindt. 2. Er zijn twee monsterkeuringen: opplantmonsterkeuring en monsterkeuring laboratorium. 3. Alle partijen Tulipa vallen onder de opplantmonsterkeuring, behoudens partijen van de hardschalige cultivars. Deze partijen worden maximaal klasse I geklasseerd op basis van alleen de veldkeuring. Partijen Tulipa praestans en cultivars vallen onder de opplantmonsterkeuring. 4. Door de BKD als zodanig gekenmerkte cultivars vallen onder de monsterkeuring laboratorium. Artikel 4 Register 1. De NVWA legt in 2015 conform de geldende regelgeving teeltverboden op bij aantreffen van stengelaal in een partij bloembollen. 2. Onderstaand lid 3 tot en met 6 geldt per 1 januari Bij het aantreffen van stengelaal (Ditylenchus dipsaci) in een partij bloembollen van het gewas waarop deze uitvoeringsrichtlijn van toepassing is, neemt de BKD het perceel waarop de partij wordt geteeld op in een register. 3a. Bij aantonen van stengelaal bij grondbemonstering wordt het betreffende perceel opgenomen in het Perceel register Stengelaal. Pagina 1 van 12
2 4. Het perceel krijgt in het register de status besmet. 5. Het perceel behoudt deze status van besmet totdat in het door de keurmeester genomen grondmonster geen stengelaal (of andere indicatoralen) is aangetoond. In dat geval blijft het perceel vermeld in het register, met de vermelding van de gewijzigde status: niet besmet. 6. Het perceel wordt uit het register verwijderd als bij twee opeenvolgende grondbemonsteringen in twee verschillende jaren geen stengelaal (en indicatoralen) wordt aangetoond. De grondbemonsteringen worden uitgevoerd na de datum van opname van het perceel in het register. Artikel 5 Maatregelen stengelaal 1. Bij het aantreffen van stengelaal in een partij tulpen worden maatregelen op de partij gelegd. 2. Onderstaande maatregelen gelden voor besmette partijen en het aangrenzende deel van de partij ongeacht welke bloembolwaardplant het betreft: 1. Materiaal bestemd voor doorteelt: a. Vernietigen Of b. Toepassen van een bestrijdingsmaatregel en uitzoeken. c. Indien een lichte aantasting is aangetoond bij droge keuring door de BKD, dwz max 0.1 %, dan mag de partij uitgezocht worden. d. Indien na uitzoeken géén symptomen meer worden waargenomen bij droge keuring door de BKD, mag de partij alleen op het eigen bedrijf worden opgeplant. Opplanten is alleen toegestaan onder lid 6 vermelde voorwaarden. 2. Materiaal bestemd voor eindgebruik: a. Vernietigen Of b. Indien een lichte aantasting is aangetoond bij droge keuring door de BKD, dwz max. 0.1 %, dan mag de partij uitgezocht worden. c. Indien na uitzoeken géén symptomen meer worden waargenomen bij droge keuring door de BKD, mag de partij bestemd worden voor onderstaand eindgebruik: i. Droogverkoop in consumentenverpakking voor afzet in de EU, waarbij de bollen in Nederland zijn verpakt; ii. Afbroei (bloemproductie en op pot) op eigen bedrijf voor afzet in de EU; d. Materiaal dat aan voorwaarden onder b en c voldoet mag alleen verhandeld worden met vermelding op de leveringsnota: afkomstig van stengelaal besmette partij. 3. Bij verhandeling van materiaal bestemd voor eindgebruik is de leverancier verplicht op de leveringsnota te vermelden: Niet geschikt voor doorteelt. a. Nietbesmette partijen tulp van besmette bedrijven mogen niet worden verhandeld voor doorteelt in het jaar van constateren en de twee erop volgende jaren. b. Besmette partijen tulp waarop een bestrijdingsmaatregel is uitgevoerd mogen niet voor doorteelt worden verhandeld in het jaar van constateren en de vier erop volgende jaren. Pagina 2 van 12
3 c. Nietbesmette partijen van andere bloembolwaardplanten dan tulp van besmette bedrijven mogen niet worden verhandeld voor doorteelt in het jaar van constateren, uitgezonderd het gewas hyacint. 4. De BKD houdt toezicht in het productieproces op de aan de producent opgelegde maatregelen met betrekking tot gebruik en eventuele vernietiging van de partij, hygiëne, administratieve eisen en traceerbaarheid. 5. Bij aantreffen van stengelaal in een partij tulpen worden de andere partijen van dat gewas in het jaar van constateren en de twee erop volgende jaren intensief gekeurd. 6. Materiaal bestemd voor opplant van een besmette partij tulpen die een bestrijdingsmaatregel heeft ondergaan kan alleen worden opgeplant op basis van een ingevulde en ondertekende standaardverklaring: 1. Op eigen perceel Of 2. Op het perceel van een derde als de eigenaar van dit perceel instemt met opplanten op het betreffende perceel. Artikel 6 Maatregelen stengelaal bij opplant op perceel in register met status besmet 1. Het is niet toegestaan om partijen bloembollen van het gewas waarop deze uitvoeringsrichtlijn van toepassing is, te telen op een perceel dat in het register staat vermeld met status besmet. 2. Bij constateren van het gestelde onder lid 1 worden de in artikel 5 vermelde maatregelen op de partij of partijen gelegd. De maatregelen worden opgelegd ongeacht het wel of niet aantreffen van een aantasting door stengelaal in de betreffende partij of partijen. Artikel 7 Grondbemonstering tulp voor verhandeling materiaal bestemd voor doorteelt 1. Een teler kan vanaf teeltseizoen 2015/2016 alleen materiaal van een partij tulpen bestemmen voor doorteelt als: a. De partij is geteeld op een perceel waarbij in het, tijdens het teeltseizoen genomen grondmonster géén stengelaal is aangetoond; b. De partij is geteeld op een perceel waarvan de teler verklaart en ondertekent dat in de vier voorafgaande jaren geen bloembolwaardplant is geteeld. 2. De teler vraagt de bemonstering aan bij de BKD voor 1 mei in het jaar van teelt of hij stuurt vóór 1 mei de verklaring in dat er sprake is van vier jaar geen teelt van bloembolwaardplanten. 3. De grondbemonstering vindt plaats aan het einde van het teeltseizoen, vóór het rooien tot maximaal 2 tot 4 dagen na het rooien. 4. Het nemen van het monster en het verstrekken van de uitslag gebeurt door de BKD. 5. De analyse van het grondmonster vindt plaats door een door de NVWA aangewezen laboratorium. 6. Op het certificaat kwaliteitskeuring wordt vermeld op basis van perceelsinformatie materiaal geschikt voor doorteelt in geval van: a. Teelt op een perceel bemonsterd en vrij bevonden; b. Teelt op een perceel waarop in de voorgaande vier jaar geen bloembolwaardplant is geteeld. Pagina 3 van 12
4 Artikel 8 1. Partijen die voldoen aan strikte eisen in de opplantmonsterkeuring en klasse I zijn geklasseerd worden gedurende twee op één volgende jaren vrijgesteld van opplantmonsterkeuring. Voorwaarde is dat de partij klasse I wordt geklasseerd. 2. Voor partijen Tulipa geldt, bij alle cultivars, dat afbroei verplicht onder de monsterkeuring laboratorium valt. Voor deze partijen geldt geen opplantmonsterkeuring. De partij wordt maximaal klasse I niet beoordeeld op raszuiverheid geklasseerd. 3. De verplichte monsterkeuring laboratorium geldt niet voor partijen afbroei die op het zelfde bedrijf zijn geteeld en zijn afgebroeid. Artikel 9 1. Voor partijen van cultivars vallend onder de monsterkeuring laboratorium anders dan in aanmerking komen voor klasse I geldt een verplichte monsterkeuring laboratorium waarbij bladmonsters worden getoetst voor maximaal klasse ST. 2. Partijen zijn één jaar vrijgesteld van de monsterkeuring vermeld onder lid 1 als er in het monster maximaal 1% TBV is aangetoond. 3. Partijen met een oppervlakte van maximaal 1 are zijn vrijgesteld van de monsterkeuring als bedoeld onder lid 1. Artikel Partijen Tulipa die voldoen aan een strikte norm in de opplantmonsterkeuring zijn vrijgesteld van de veldkeuring waarbij de partijen in volle bloei worden gekeurd, (de zogenaamde bloeikeuring). Artikel 10a 1. Aan nietbemonsterde partijen Tulipa kan de aantekening Iwaardig bij klasse ST worden toegekend, als de partijen in de veldkeuring voldoen aan de veldkeuringsnormen van klasse I. 2. Voor geel en witbloeiende cultivars geldt voor het toekennen van de aantekening Iwaardig een verplichte laboratoriumtoets op blad op TBV, waarbij de monsterkeuringsnorm van klasse I geldt; 3. Overige voorwaarden voor de aantekening Iwaardig zijn: a. Oppervlak maximaal 10 are; b. Landelijk oppervlak cultivar bedroeg vorig jaar maximaal 1 ha. Artikel Partijen Tulipa kunnen slechts worden verhandeld of bedrijfsmatig worden vervoerd indien deze: a. naar aanleiding van de laatste keuring zijn goedgekeurd; b. worden aangeboden in overeenstemming met het bepaalde in artikel 10; c. ten bewijze van het onder b. bepaalde worden vergezeld van een deugdelijk ingevulde aanvoer/leveringsnota. 2. Onverminderd het eerste lid mogen partijen Tulipa slechts als plantgoed verhandeld of bedrijfsmatig vervoerd worden indien zij in droge toestand voldoen aan de vereisten voor klasse I of ST. 3. Onverminderd het eerste lid mogen partijen Tulipa slechts worden verhandeld in de klasse voor Eindgebruik binnen Europa, indien dit door de leverancier expliciet is vermeld op de leveringsnota. Pagina 4 van 12
5 Artikel 12 Partijen Tulipa kunnen slechts worden aangeboden in: Klasse I, indien zij voldoen aan de vereisten voor klasse I. Klasse ST, indien zij voldoen aan de vereisten voor klasse I of ST. Klasse Eindgebruik Europa indien zij voldoen aan de vereisten voor Eindgebruik Europa. Artikel 13 Bij de keuringen, bedoeld in de artikelen 2, 3, 4, 5, 6 en 7 hanteert de BKD de voorschriften die onder punt B. zijn opgenomen. B. KEURINGSVOORSCHRIFTEN 1. Monsterkeuring: de keuring van het voor de teelt te gebruiken plantgoed. Opgave voor de monsterkeuring: uiterlijk 15 september voorafgaande aan het teeltseizoen. Monstergrootte: de BKD stelt de monstergrootte zodanig vast dat minimaal 100 stuks bloeiende planten beoordeeld kunnen worden. Vereisten voor goedkeuring naar aanleiding van de monsterkeuring: Vereisten Klasse I Klasse ST Klassering Uitgangsmateriaal Klasse I of Klasse I of Standaard Standaard 1. VIRUSZIEKTEN a. Tulpenmozaïekvirus (TBV) visueel ELISA ELISA opplant afbroei max. 1,5% b. Tulpengrijsvirus c. Komkommermozaïekvirus (CMV) d. Augustaziek max. 1,5% e. Tabaksratelvirus (TRV) f. Tulpenvirus (TVX) max. 6% max. 3% 2. DIERLIJKE AANTASTINGEN g. Stengelaal (Ditylenchus dipsaci) h. Destructoraal (Ditylenchus destructor) 3. DIVERSEN i. Raszuiverheid 1 dwalingen mutanten max. 1,5% mutant degeneratie dieven j. Genetisch bont Pagina 5 van 12
6 Totaal der onder a t/m j bedoelde afwijkingen: incl. TBVELISA max. 1,5% max. 2% Pagina 6 van 12
7 2. Veldkeuring: keuring van het te velde staande gewas. Vereisten voor goedkeuring naar aanleiding van de veldkeuring. Voor het behalen van klasse I is een keuring in volle bloei voorgeschreven (Normen na opzuiveren: geldt niet voor Ditylenchus dipsaci). Vereisten Klasse I Klasse Standaard Klassering n.a.v. monsterkeuring Klasse I Klasse Standaard of geen Klasse Eindgebruik Europa 1. VIRUSZIEKTEN a. Tulpenmozaïekvirus (TBV) max. 0,1% b. Tulpengrijsvirus max. 0,15% c. Komkommermozaïekvirus max. 0,1% (CMV) d. Tabaksratelvirus (TRV) primair secundair max. 0,1% max. 0,15% e. Tulpenvirus X (TVX) max. 0,1% Totaal der onder a t/m e bedoelde afwijkingen max. 0,2% f. Augustaziek plantgoed maten max. 0,15% max. 3% leverbare maten max. 0,5% max. 3% g. Symptoomloos lelievirus (LSV) max. 2% max. 2% g.1 Arabismozaïekvirus (ArMV) g.2 Latent aardbeikringvlekkenvirus (SLRSV) Toegestaan % Tulpenmozaïekvirus in directe belending over min. 10 m. bij Darwinhybriden en Fosterianavariëteiten en hybriden max. 2% max. 5% max DIERLIJKE AANTASTINGEN h. Stengelaal (Ditylenchus dipsaci) i. Destructoraal (Ditylenchus destructor) j. Tulpengalmijt (Aceria tulipae) max. 0,1%, verplichte behandeling bij aantreffen galmijt, verplichte behandeling bij aantreffen galmijt meer dan 1%, verplichte behandeling bij aantreffen galmijt Pagina 7 van 12
8 3. BACTERIEZIEKTEN k. Helsvuur/geelpok (Corynebacterium oortii) Bij meer dan 3% herkeuren in droge toestand 4. DIVERSEN l. Raszuiverheid 1 dwalingen mutanten mutant degeneratie plantgoedmaten leverbare maten dieven plantgoedmaten leverbare maten max. 0,1% max. 0,2% max. 0,05% max. 0,2% max. 3% max. 3% max. 3% max. 0,05% max. 3% max. 0,2% max. 3% m. Genetisch bont max. 0,2% max. 2% Totaal der onder h t/m l bedoelde afwijkingen max. 0,2% max. 5% leverbare maten max. 0,5% n. Niet te beoordelen max. 1 1 Minimaal 5 bloei vereist. Bij minder dan 5 bloei komt op het certificaat de aantekening niet beoordeeld op raszuiverheid. Pagina 8 van 12
9 3. Normen bij aflevering. 3.1 Plantgoed Vereisten Klasse I Klasse ST Klassering n.a.v. veldkeuring Klasse I Klasse I of ST 1. SCHIMMELZIEKTEN a. Botrytis (Botrytis tulipae) b. Grauwe schimmel (Botrytis cinerea) c. Zuur max. 2% max. 2% (Fusarium oxysporum) d. Huidziek (zichtbaar of voelbaar) (Septocylindrium sp.) e. Kwade grond (Rhizoctonia tuliparum) f. Penicilliumrot (inwendig) max. 2% (Penicillium spp.) g. Beschimmelde bollen (zwaar) (Penicillium spp.) ongekoelde bollen gekoelde bollen h. Rhizoctoniaziek (zwaar) (Rhizoctonia solani) i. Smeul (Sclerotium perniciosum) j. Zwartbenigheid (Sclerotium wakkeri) k. Zwartsnot (Sclerotinia bulborum) Totaal der onder a t/m k bedoelde afwijkingen 2. VIRUSZIEKTEN l. Augustaziek m. Komkommermozaïekvirus (CMV) Pagina 9 van 12
10 3. DIERLIJKE AANTASTINGEN n. Bollenmijt (levend) (Rhizoglyphus spp.) o. Destructoraal (Ditylenchus destructor) p. Stengelaal (Ditylenchus dipsaci) q. Tulpengalmijt (Aceria tulipae) symptomen levend 4. BACTERIEZIEKTEN r. Geelpok (Corynebacterium oortii) max. 2% 5. DIVERSEN s. Beschadigingen (zwaar, d.w.z. delen van de bol verdwenen) max. 2% t. Dieven u. Dwalingen max. 0,1% v. Gommen (bodem en neus) max. 2% w. Hittebeschadiging (zwaar) x. Kernrot max. 2% y. Neusrot droog vochtig max. 5% z. Paardetanden, kransen, spetterkoppen aa. Pseudo kurkstip max. 2% ab. Rammelaars ac. Schade door bespuiting met contactmiddelen (na aantekening veldkeuring) Totaal der onder l t/m ac bedoelde afwijkingen: max. 1,5% max. 7,5% Pagina 10 van 12
11 3.2 Leverbaar Vereisten Klasse I Klasse Standaard en Eindgebruik Europa Klassering n.a.v. de veldkeuring Klasse I Klasse I of Standaard 1. SCHIMMELZIEKTEN a. Botrytis (Botrytis tulipae) b. Grauwe schimmel (Botrytis cinerea) c. Zuur max. 2% max. 2% (Fusarium oxysporum) d. Huidziek (zichtbaar of voelbaar) (Septocylindrium sp.) e. Kwade grond (Rhizoctonia tuliparum) f. Penicilliumrot (inwendig) max. 2% (Penicillium spp.) g. Beschimmelde bollen (zwaar) (Penicillium spp.) ongekoelde bollen o% gekoelde bollen h. Rhizoctoniaziek (zwaar) (Rhizoctonia solani) i. Smeul (Sclerotium perniciosum) j. Zwartbenigheid (Sclerotium wakkeri) k. Zwartsnot (Sclerotinia bulborum) Totaal der onder a t/m k bedoelde afwijkingen: 2. VIRUSZIEKTEN l. Augustaziek m. Komkommermozaïekvirus (CMV) Pagina 11 van 12
12 3. DIERLIJKE AANTASTINGEN n. Bollenmijt (levend) (Rhizoglyphus spp.) o. Destructoraal (Ditylenchus destructor) p. Stengelaal (Ditylenchus dipsaci) q. Tulpengalmijt (Aceria tulipae) symptomen levend 4. BACTERIEZIEKTEN r. Geelpok (Corynebacterium oortii) max. 2% max. 2% 5. DIVERSEN s. Beschadiging (zwaar, d.w.z. delen van de bol verdwenen) t. Blauwgroeien u. Dieven v. Dwalingen max. 0,1% w. Gommen (bodem en neus) max. 2% x. Hittebeschadiging (zwaar) y. Kernrot max. 2% z. Neusrot droog vochtig aa. Paardetanden, kransen, spetterkoppen ab. Pseudokurkstip max. 2% ac. Rammelaars Totaal der onder l t/m ac bedoelde afwijkingen: max. 1,5% max. 7,5% Pagina 12 van 12
Uitvoeringsrichtlijn Narcissus
Het bestuur van de Stichting Bloembollenkeuringsdienst (BKD), gelet op richtlijn 98/56/EG, artikel 9 van het Landbouwkwaliteitsbesluit 2007 en de toelichting behorende bij de Landbouwkwaliteitsregeling
Uitvoeringsrichtlijn Soort-Crocus
Het bestuur van de Stichting Bloembollenkeuringsdienst (BKD), gelet op richtlijn 98/56/EG, artikel 9 van het Landbouwkwaliteitsbesluit 2007 en de toelichting behorende bij de Landbouwkwaliteitsregeling
A. ALGEMENE VOORSCHRIFTEN
Het bestuur van de Stichting Bloembollenkeuringsdienst (BKD), gelet op richtlijn 98/56/EG, artikel 9 van het Landbouwkwaliteitsbesluit 2007 en de toelichting behorende bij de Landbouwkwaliteitsregeling
Uitvoeringsrichtlijn Lilium
Het bestuur van de Stichting Bloembollenkeuringsdienst (BKD), gelet op richtlijn 98/56/EG, artikel 9 van het Landbouwkwaliteitsbesluit 2007 en de toelichting behorende bij de Landbouwkwaliteitsregeling
Uitvoeringsrichtlijn Lilium
Het bestuur van de Stichting Bloembollenkeuringsdienst (BKD), gelet op richtlijn 98/56/EG, artikel 9 van het Landbouwkwaliteitsbesluit 2007 en de toelichting behorende bij de Landbouwkwaliteitsregeling
Uitvoeringsrichtlijn Gladiolus
Het bestuur van de Stichting Bloembollenkeuringsdienst (BKD), gelet op richtlijn 98/56/EG, artikel 9 van het Landbouwkwaliteitsbesluit 2007 en de toelichting behorende bij de Landbouwkwaliteitsregeling
Uitvoeringsrichtlijn Dahlia
Het bestuur van de Stichting Bloembollenkeuringsdienst (BKD), gelet op richtlijn 98/56/EG, artikel 9 van het Landbouwkwaliteitsbesluit 2007 en de toelichting behorende bij de Landbouwkwaliteitsregeling
Uitvoeringsrichtlijn Vernietiging Zieke Bloembollen
Het bestuur van de Stichting Bloembollenkeuringsdienst, gelet op de richtlijn nr. 98/56/EG van de Raad van de Europese Unie van 20 juli 1998 betreffende het in de handel brengen van teeltmateriaal van
Landbouwkwaliteitswet : Landbouwkwaliteitswet; Landbouwkwaliteitsregeling : Landbouwkwaliteitsregeling 2007;
Het bestuur van de Stichting Bloembollenkeuringsdienst heeft, gelet op het bepaalde in artikel 10 lid 2 van de Landbouwkwaliteitswet, in zijn vergadering van 9 april 2013 vastgesteld het navolgende reglement,
FAQ Digitaal Klanten Loket
Dit document wordt momenteel uitgebreid en geactualiseerd. Staat uw vraag er niet bij, neem dan contact op met ons Service Center via 05490 of [email protected]. Zij helpen u graag verder en kunnen ervoor zorgen
In dit document zijn de belangrijkste ziekten en plagen opgenomen, die een risico kunnen vormen voor de productie van bollen van goede kwaliteit
Risico s in de productie In dit document zijn de belangrijkste ziekten en plagen opgenomen, die een risico kunnen vormen voor de productie van bollen van goede kwaliteit Schimmels Bewaarrot (Penicillium)
Onderzoek naar de gebruikswaarde van door bollenmijten beschadigde gladiolenknollen in de bloementeelt
Onderzoek naar de gebruikswaarde van door bollenmijten beschadigde gladiolenknollen in de bloementeelt Voortgezet diagnostisch onderzoek in 2006 Peter Vink Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Bloembollen
DE KEURING VAN POOTAARDAPPELEN
DE KEURING VAN POOTAARDAPPELEN De omstandigheden in Nederland, zoals klimaat en grondsoort, zijn zeer geschikt voor het telen van pootaardappelen. Daarnaast is het vakmanschap van de Nederlandse telers
VEILINGVOORWAARDEN: AANVULLENDE BEPALINGEN:
VEILINGVOORWAARDEN: Op deze veiling en de daaruit voortvloeiende transacties zijn van toepassing: Het Hobaho-reglement (12 januari 2017). Dit reglement is bij Hobaho verkrijgbaar en in te zien en te downloaden
VEILINGVOORWAARDEN: AANVULLENDE BEPALINGEN:
VEILINGVOORWAARDEN: Op deze veiling en de daaruit voortvloeiende transacties zijn van toepassing: Het Hobaho-reglement (12 januari 2017). Dit reglement is bij Hobaho verkrijgbaar en in te zien en te downloaden
VEILINGVOORWAARDEN: Tulpenteelt:
VEILINGVOORWAARDEN: Op deze veiling en de daaruit voortvloeiende transacties zijn van toepassing: Het Hobaho-reglement (15 februari 2019). Dit reglement is bij Hobaho verkrijgbaar en in te zien en te downloaden
De keuring van pootaardappelen
De keuring van pootaardappelen De omstandigheden in Nederland, zoals klimaat en grondsoort, zijn zeer geschikt voor het telen van pootaardappelen. Daarnaast is het vakmanschap van de Nederlandse telers
De keuring van pootaardappelen
De keuring van pootaardappelen Nederlandse Algemene Keuringsdienst De omstandigheden in Nederland, zoals klimaat en grondsoort, zijn zeer geschikt voor het telen van pootaardappelen. Daarnaast is het vakmanschap
Nieuw Plantenpaspoort
Nieuw Plantenpaspoort Met ingang van 14 december 2019 treedt de nieuwe EU plantgezondheidsverordening in werking. De verordening is gericht op het moderniseren en beter afstemmen van nationale wetten binnen
Mei 2014 Het toezichtsbezoek, wat de BKD uitvoert voor de NVWA, heet vanaf 2014
Deze nieuwsbrief is een uitgave van BKD Bloembollenkeuringsdienst Mei 2014 Financieel nieuws Pilot Ketenregister AM Column Virusdiagnostiek 2.0 p2 p2 p3 p3 p4 p5 Risicogebaseerd keuren/ bedrijfsklassering
Vraag en antwoord KR medium
Algemeen De testomgeving wordt elke zondag ververst. Is het mogelijk om dit voor een bepaalde exporteur uit te zetten? Het is niet mogelijk om dit per exporteur te doen. Dit kan alleen voor alle exporteurs
Groene veiling in opdracht van: Nic. van Schagen en Zn BV Bergerweg PR te Bergen. Einde veiling: 22 mei 2018, 20.
Groene veiling in opdracht van: Nic. van Schagen en Zn BV Bergerweg 82 1862 PR te Bergen www.veiling.hobaho.nl Einde veiling: 22 mei 2018, 20.00 uur Catalogus versie 1.1 2 mei 2018 VEILINGVOORWAARDEN:
Voortgezet diagnostisch onderzoek Peter Vink
Voortgezet diagnostisch onderzoek naar een betere beheersing van een aantasting door de schimmel Colletotrichum acutatum bij de bollenteelt van tulpen cv. Giuseppe Verdi Voortgezet diagnostisch onderzoek
Topsin M Ultra Toelatingsnummer: 7211 N W.15 Formulering: Suspensie concentraat Werkzame stof: thiofanaat-methyl Gehalte: 500 G/L Inhoud: 10 l
Topsin M Ultra Toelatingsnummer: 7211 N W.15 Formulering: Suspensie concentraat Werkzame stof: thiofanaat-methyl Gehalte: 500 G/L Inhoud: 10 l Gevarenaanduidingen Waarschuwing Verdacht van het veroorzaken
Bolontsmetting Tulp 10/20/2011. Onderwerpen. Waarom bolontsmetting? Basis voor bolontsmetting plantgoed tulp. Welke middelen in ontsmettingsbad?
Onderwerpen Bolontsmetting Tulp Annette Bulle PPO Bloembollen, Boomkwekerij en Fruit 25 oktober 2010 Bolontsmetting Middelen: fungiciden, insecticiden, reinigingsmiddelen Methoden: dompelen, douchen Aanvulling
Nieuw Plantenpaspoort
Nieuw Plantenpaspoort Met ingang van 14 december 2019 treedt de nieuwe EU plantgezondheidsverordening in werking. De verordening is gericht op het moderniseren en beter afstemmen van nationale wetten binnen
De werking van Contans tegen sclerotievormende schimmels
De werking van Contans tegen sclerotievormende schimmels Voortgezet diagnostisch onderzoek 2008/2009 Peter Vink Praktijkonderzoek Plant & Omgeving onderdeel van Wageningen UR Business Unit Bloembollen,
Het voorkomen van Pseudo-kurkstip in tulpen
Het voorkomen van Pseudo-kurkstip in tulpen Voortgezet diagnostisch onderzoek 2009/2010 Peter Vink Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, onderdeel van Wageningen UR Business Unit Bloembollen, Boomkwekerij
April Fytosanitaire visie BKD. Wijziging leliekeuring. Stengelaal. Jaarrekening en jaarverslag Jaarlijkse erkenningsbeoordeling
Deze nieuwsbrief is een uitgave van BKD Bloembollenkeuringsdienst April 2015 Fytosanitaire visie BKD P1 Wijziging leliekeuring AM Stengelaal Column P2 P3 P3 P3 Jaarrekening en jaarverslag 2014 IDC P4 P4
Vragen over het Erwina-onderzoek
Klik op een vraag hieronder om naar het antwoord te gaan. 1. Wat is het doel van het onderzoek in stammen, klasse S?... 2 2. Wie betaalt dit onderzoek in stammen?... 2 3. Op welke bacteriën wordt getoetst?...
Vlaanderen is landbouw & visserij CERTIFICERING VAN POOTAARDAPPELEN DEPARTEMENT LANDBOUW & VISSERIJ
Vlaanderen is landbouw & visserij CERTIFICERING VAN POOTAARDAPPELEN DEPARTEMENT LANDBOUW & VISSERIJ In Vlaanderen worden hoogwaardige pootaardappelen geteeld. Dit is de verdienste van een vijftigtal producenten
WERKWIJZE SKBH-KEURMEESTERS
WERKWIJZE SKBH-KEURMEESTERS INHOUDSOPGAVE pag. 1 DOEL...2 2 VERANTWOORDELIJKE...2 2.1 SKBH-coördinator...2 2.2 SKBH-keurmeester...2 3 KEURINGEN...2 3.1 Bezoekfrequentie...2 3.2 Keuring in 3 fasen...2 3.3
Tarieven Alle tarieven zijn verlaagd met 2%, met uitzondering van de opplantmonsters.
Deze nieuwsbrief is een uitgave van BKD Bloembollenkeuringsdienst Oktober 2013 MUS Pilot Ketenregister Column p2 p3 p3 DKL voorjaarsregistratie p4 Bezoek buitenlandse delegaties Interview Monsterkeuring
Ziektenen afwijkingen bij bolgewassen. Deel 1 Ü7HZ
Ziektenen afwijkingen bij bolgewassen Deel 1 ^N Ü7HZ Eerste druk, 1971 Tweede druk, 1983 Derde druk, 2000: 2000 exemplaren Laboratorium voor Bloembollenonderzoek, Lisse, 2000 Uitgave van het Ministerie
Beperken van verspreiding van Tulpenvirus X in tulpen
Beperken van verspreiding van Tulpenvirus X in tulpen Een zoektocht naar de verschillende manieren van TVX verspreiding M.J.D. de Kock 1, M. van Dam 1, M.J.A. Geerlings 2, M.E.C. Lemmers 1, C.C.M.M. Stijger
Onderzoek naar de oorzaak van wortelbederf bij de teelt van Zantedeschia op potten
Onderzoek naar de oorzaak van wortelbederf bij de teelt van Zantedeschia op potten Voortgezet diagnostisch onderzoek 2007/2008 Peter Vink, Paul van Leeuwen en John Trompert Praktijkonderzoek Plant & Omgeving
December 2014. Tariefaanpassingen BKD. Begroting en. Begroting en tarieven 2015 (vervolg) P2. ELISA-campagne laboratorium.
Deze nieuwsbrief is een uitgave van BKD Bloembollenkeuringsdienst December 2014 Begroting en tarieven 2015 P1 Begroting en tarieven 2015 (vervolg) P2 ELISA-campagne laboratorium Column AM Ketenregister
Proefveld tulpenstengelaal (waardplanten) onderzoek. Robert Dees, Joop van Doorn
Proefveld tulpenstengelaal (waardplanten) onderzoek Robert Dees, Joop van Doorn Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, onderdeel van Wageningen UR Bloembollen, boomkwekerij & Fruit PT nr. 14592, PPO nr. 32
FAQ Digitaal Klanten Loket
Dit document wordt momenteel uitgebreid en geactualiseerd. Staat uw vraag er niet bij, neem dan contact op met ons Service Center via 0252-419101 of [email protected]. Zij helpen u graag verder en kunnen ervoor
Alternatieve middelen voor de bestrijding van tulpengalmijten en bollenmijt in lelie
Alternatieve middelen voor de bestrijding van tulpengalmijten en bollenmijt in lelie Resultaat van onderzoek 2006-2007 Arie van der Lans en Cor Conijn Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Sector Bloembollen,
PROJECTVERSLAG 2005 NAAR EEN OPLOSSING VOOR ONBEKEND WORTELROT IN LELIE
PROJECTVERSLAG 2005 NAAR EEN OPLOSSING VOOR ONBEKEND WORTELROT IN LELIE Naar een oplossing voor onbekend wortelrot in lelie Projectverslag fase 3 Uitgevoerd door: DLV Facet DLV Facet: Peter Graven DLV
Wat is voor de leliebroeierij belangrijk te weten over virussen?
Wat is voor de leliebroeierij belangrijk te weten over virussen? Casper Slootweg, Maarten de Kock LTO bijeenkomst 23 sept 2014 Opzet Welke virussen in lelie? En hoe kom je er aan en hoe kom je er af? Welke
AANWIJZING PA-07 NACONTROLE POOTAARDAPPELEN 2017
AANWIJZING PA-07 NACONTROLE POOTAARDAPPELEN 2017 De vaste commissie voor pootaardappelen heeft op basis van artikel 11.3 van het keuringsreglement de volgende aanwijzingen vastgesteld voor de uitvoering
Vertegenwoordigd door : Bedrijfslocatie :
Catharijnesingel 59 3511 GG Utrecht Postbus 43006 3540 AA Utrecht www.nvwa.nl Contactpersoon Antoon Hermans Aardappeltarragrond T 088 223 11 45 M 065 318 25 49 F 088 223 33 34 [email protected] 3
A. Stichting: de Stichting Keurmerk Bloembollen Holland te Hillegom; C. BKD: de Stichting Bloembollen Keuringsdienst te Lisse;
REGLEMENT KEURING EN AANSLUITING S.K.B.H. ARTIKEL 1 In dit reglement wordt verstaan onder: A. Stichting: de Stichting Keurmerk Bloembollen Holland te Hillegom; B. PT: het Productschap Tuinbouw; C. BKD:
Het bestuur van de Stichting Centraal Orgaan voor Kwaliteitsaangelegenheden in de Zuivel (bij afkorting COKZ),
CONTROLEREGLEMENT EIEREN EN PLUIMVEEVLEE S 2012 Het bestuur van de Stichting Centraal Orgaan voor Kwaliteitsaangelegenheden in de Zuivel (bij afkorting COKZ), gelet op artikel 10, derde lid, van de Landbouwkwaliteitswet,
Is het invriezen van narcissen cv. Tête-à-Tête op potjes tijdens of na de koeling risicovol?
Is het invriezen van narcissen cv. Tête-à-Tête op potjes tijdens of na de koeling risicovol? Voortgezet diagnostisch onderzoek in 2006 Peter Vink en Peter Vreeburg Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V.
Exportdag PSI Zomer 2018
Dit is een samenvatting. Voor actuele info zie landeneisen NVWA Exportdag PSI Zomer 2018 29 June 2018 Door: Theo Overdevest 1.1 Programma PSI Export voorbereiding Certificeren 1.2 PSI Export voorbereiding
10 L Mirage is een geregistreerd handelsmerk. Fungicide. Breed werkend fungicide
Mirage Plus 570 SC Zacht geformuleerd breedwerkend fungicide voor gebruik tegen vele schimmels op de bollen en in het gewas Fungicide Breed werkend fungicide Voor het gebruik in onder andere gladiool,
WETTELIJK GEBRUIKSVOORSCHRIFT
Switch WGGA, 12819 N W.3 WETTELIJK GEBRUIKSVOORSCHRIFT Toegestaan is uitsluitend het gebruik als schimmelbestrijdingsmiddel door middel van een gewasbehandeling in: a. de teelt van peulvruchten b. de teelt
Galmijtbestrijding in tulp
Galmijtbestrijding in tulp In deze openbare versie worden de niet-toegelaten middelen onder code vermeld Resultaten onderzoek 2008-2010 Arie van der Lans (PPO) Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, onderdeel
Ziekten en plagen bij bloembollen
Ziekten en plagen bij bloembollen Colofon Samenstelling Wageningen University & Research: Paul van Leeuwen Martin van Dam Casper Slootweg Peter Vreeburg Redactie Barry Looman, Wageningen University & Research
Topsin M Ultra Toelatingsnummer: 7211 N W.14 Formulering: Suspensie concentraat Werkzame stof: thiofanaat-methyl Gehalte: 500 G/L Inhoud: 1l, 5l, 10l
Topsin M Ultra Toelatingsnummer: 7211 N W.14 Formulering: Suspensie concentraat Werkzame stof: thiofanaat-methyl Gehalte: 500 G/L Inhoud: 1l, 5l, 10l WAARSCHUWING Gevarenaanduidingen H341 Verdacht van
Code onderzoek: Datum ontvangst: Monster genomen door: Contactpersoon monstername: Eurofins Agro Nico Barendregt:
P1.5 3-7/19:30 DNA MULTISCAN VOOR UV (1) 161171/004115709 03-07-2017 07-07-2017 Code onderzoek: Datum ontvangst: Monster genomen door: Contactpersoon monstername: 163 04-07-2017 Nico Barendregt: 0652002103
HET COLLEGE VOOR DE TOELATING VAN GEWASBESCHERMINGSMIDDELEN EN BIOCIDEN. Actueel WGGA van het middel Switch, N W.6
HET COLLEGE VOOR DE TOELATING VAN GEWASBESCHERMINGSMIDDELEN EN BIOCIDEN Actueel WGGA van het middel Switch, 12819 N W.6 1 juli 2016 A. WETTELIJK GEBRUIKSVOORSCHRIFT Toegestaan is uitsluitend het gebruik
Ir Walter VAN ORMELINGEN
Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen Interpom 29/11/2010 Ir Walter VAN ORMELINGEN Ir David MICHELANTE Disclaimer ivm de voorgestelde slides: Alleen de belangrijkste aspecten worden
Dosering* middel per toepassing. 1 kg/ha 1 kg/ha 2 per 12 maanden. Zwartvruchtrot 5 gram per 100 liter water) schimmel 1 gram per 100 liter water)
Switch, 12819 N 21 september 2018 W.8 Toepassingsvoorwaarden: Toepassingsgebied Type Werkzaamheid getoetst op Maximaal aantal en per teeltcyclus of per 12 en in dagen Peulvruchten m.u.v. sojaboon Appel
Certificeringsreglement Naktuinbouw Select Plant Eerstejaars Plantuitjes
Certificeringsreglement Naktuinbouw Select Plant Eerstejaars Plantuitjes vastgesteld op 24 mei 2013 en gewijzigd door het bestuur van Naktuinbouw d.d. 1 oktober 2013 BEGRIPSBEPALINGEN ARTIKEL 1 Dit reglement
Groene veiling STUKS. van te veld staande: te Heiloo. datum: Donderdag 9 mei 2019 OPLAGE
OPLAGE STUKS Gecontroleerd vm JA NEE Wijzigingen: JA NEE Nogmaals controle vm JA NEE Pagina indeling (VEA) JA NEE Gereed voor productie JA NEE Groene veiling van te veld staande: Tulpen opdrachtgever:
Virusziekten bij het gewas Eucomis
Virusziekten bij het gewas Eucomis Voortgezet diagnostisch onderzoek 2011 Peter Vink, Paul van Leeuwen en Khanh Pham Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Bloembollen, Boomkwekerij en Fruit Januari 2013
Groene veiling. van te veld staande: Nieuwe Niedorp. datum: Donderdag 18 mei Enkhuizen
Groene veiling van te veld staande: Tulpen opdrachtgever: Sjaak Munster Nieuwe Niedorp datum: Donderdag 18 mei 2017 aanvang: 9.30 uur aansluitend: Lex Groot Enkhuizen 0 Condities Groene veiling Geveild
Groene veiling. van te veld staande: Creil. V.O.F. Meurs Creil. J.J. Hanse Creil. Holtmaat v.d. Bijl Flowerbulbs Creil. datum: Vrijdag 16 mei 2014
Groene veiling van te veld staande: TULPEN opdrachtgevers: aansluitend aansluitend aansluitend Veco Groente en Bloembollen B.V. Creil V.O.F. Meurs Creil J.J. Hanse Creil Holtmaat v.d. Bijl Flowerbulbs
Ozon in tulpen. PT Juni P. Duin
Ozon in tulpen PT 14442 Juni 2013 P. Duin 12075 12076 12077 13303 13304 13305 Proeftuin Zwaagdijk Tolweg 13 1681 ND Zwaagdijk-Oost Telefoon (0228) 56 31 64 Fax (0228) 56 30 29 E-mail: [email protected]
De aardappelteelt in 2016
De aardappelteelt in 2016 De aardappeloogst in 2016 Er werd slecht pootgoed geleverd Het verhaal achter de gezondheid van pootgoed ILVO contactdag Aardappel Donderdag 17 november 2016 Keurmeesters van
Administratieve Audit
2980 AB Roelofarendsveen, 05-12-2014 Hierbij zenden wij u de resultaten van de administratieve audit die onze keurmeester, op bij u heeft gehouden. Administratieve Audit Algemeen gegevens Aanpassingen:
Hygiëneprotocol Dahlia PSTVd. P.J. van Leeuwen
Hygiëneprotocol Dahlia PSTVd P.J. van Leeuwen Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, onderdeel van Wageningen UR Business Unit Bloembollen, boomkwekerij en fruit PPO nr. 32 361815 00/PT nr. 14760.02 oktober
