wadkanovaren.nl pdf versie
|
|
|
- Christiana Smits
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 wadkanovaren.nl pdf versie laatst bijgewerkt: 14 juni 2015 De dynamiek van het Wad Inleiding Het Wad is een ingewikkelder watergebied dan bijv. de zoete wateren of de Noordzeekust. Door de aanwezigheid van de eilanden, platen en geulen en de getijdebewegingen ontstaat in combinatie met het weer een ingewikkeld, voortdurend veranderend samenspel tussen al deze elementen. Om veilig het Wad op te kunnen, is het goed je van deze voortdurende wisselende omstandigheden bewust te zijn. Maar het maakt het Wad juist daarom ook zo boeiend om op te vertoeven. Eb en vloed Onder invloed van de eb- en vloedbewegingen stroomt het water het Wad in en weer uit. Na de kentering bij laagwater stroomt het Wad in de volgende 6 uur vol, om bij de kentering na hoogwater weer leeg te stromen. De vloed komt opzetten vanuit het westen (via het Kanaal en de Noordzee), terwijl de ebstroom weer terugstroomt naar het westen. Dit betekent dat je na de kentering bij laagwater de eerste 6 uur de stroming in oostelijke richting hebt en na de volgende kentering bij hoogwater de stroming omdraait en in westelijke richting stroomt.
2 Het wordt niet overal tegelijk hoog en laagwater. Omdat de vloed uit het westen komt opzetten, is het in Den Helder bijna vijf uur eerder hoogen laagwater dan in Delfzijl (zie onderstaand kaartje). Bij de planning van je tocht houd je rekening met de stroming, zodat je bij voorkeur zo veel mogelijk stroom mee hebt (zie o.a. bij voorbereiding voor een tocht en navigatie op het Wad). De stroming en het verloop van eb en vloed vindt op het Wad op een meer ingewikkelde manier plaats dan op de Noordzee, doordat het water via de gaten tussen de Waddeneilanden op verschillende plekken het Wad in- en uitstroomt. Het Wad wordt bovendien gekenmerkt door de vele platen die bij laagwater geheel of gedeeltelijk droogvallen. De waterdiepte verandert constant onder invloed van eb en vloed, maar wordt ook beïnvloed door de wind. Bij oostenwind zal de waterstand lager uitvallen, bij westenwind in principe hoger. Bij 5 Bft kan de afwijking ca 0,5m zijn. Het water dat door de gaten tussen de eilanden naar binnen komt, verliest op het wad aan snelheid, waardoor er direct na een zeegat ondieptes ontstaan die bij laagwater vaak droogvallen. De stroom vertakt zich om de ondieptes heen in een westelijke en een oostelijke geul. De westelijke stroming vanaf de westpunt en de oostelijke stroming vanaf de oostpunt komen elkaar onder het eiland tegen en zetten daar het meegevoerde zand en slib af. Daardoor krijg je onder de eilanden een maximale ondiepte waar de geulen bij elkaar komen; een wantij. Aan weerskanten van het wantij zijn de getijdestromingen tegengesteld aan elkaar. Omdat de stroom in de westelijke geulen een voorsprong heeft op de stroom uit de oostelijke geulen en daardoor sterker is, ligt het wantij niet midden onder een eiland maar op ongeveer eenderde van de oostpunt. Bij uitgaand tij wordt het water door de zeegaten naar buiten geperst, waardoor daar de stroomsnelheid het hoogst is. Voorbij een zeegat neemt de snelheid af door de grotere ruimte, met als gevolg dat er net buiten de zeegaten ondieptes ontstaan - drempels - die niet droogvallen, maar wel branding en brekers kunnen veroorzaken (zie onder bij deining en brekergolven buitengaats) Behalve de geulen die zijn ontstaan door instromend water vanuit zee, zijn er geulen als gevolg van in het Wad uitkomende rivieren, e.d.
3 De stroomrichting en de stroomsterkte hangt samen met het tijdstip tussen hoog en laagwater en of het spring- of doodtij is. Daarom is het voor je het Wad opgaat, aan te raden vooraf eerst na te gaan wanneer het hoog- en laagwater is, de zeekaarten en de stromingsatlas goed te bestuderen en een vaarroute uit te zetten. In Navigatie op het Wad wordt uitgelegd hoe je voor elk punt op het Wad kunt uitrekenen wat de theoretische waterdiepte, stroomrichting en stroomsterkte op een bepaald moment zal zijn. In de tabellen laag- en hoogwatertabel en tijdverschillen hoogwater zijn de getijdegegevens op te zoeken. Het effect van eb en vloed blijkt bijv. bij de haven van Noordpolderzijl. Met hoogwater is de geul naar het Wad alleen aan de prikken te herkennen.
4 Maar met laagwater kunnen zelfs kano's niet door de bijna droogvallende geul. Bovendien moet je bij aankomst in de haven in dat geval bij een meer dan 2 m hoge kade aan land zien te komen. Branding Op het Wad kom je geen echte branding tegen zoals je die wel aan de noordzeekant van de eilanden kunt aantreffen. Bij harde noordenwind kan er zoiets als een branding ontstaan bij de noordelijke stranden van zuidelijk gelegen platen en de paar strandjes die je aan de kust kunt vinden. Voor branding aan de noordzeestranden van de eilanden zie hieronder bij deining en brekergolven buitengaats. Golven Er bestaan twee typen door wind opgewekte golfvelden namelijk: lokaal door wind opgewekte golven (zeegang) en deining. In tegenstelling tot de lokaal opgewekte golven bestaat deining uit golven die op zee zijn ontstaan en aan de kust niet meer onder invloed van de wind staan en lange afstanden zonder wind kunnen overbruggen. Als de golflengte kleiner is dan de twee keer de waterdiepte is er sprake van een korte golf. Twee voorbeelden van lange golven zijn de getijdegolf en de deining. Deining heeft langere golfperioden dan de lokaal opgewekte golven. Echte deining vind je niet op het Wad, maar wel aan de Noordzeekant van de Waddeneilanden en bij de gaten tussen de eilanden. Op het Wad heb je naast de wind wel de getijdenstromingen die van invloed zijn op de golven. De stroming alleen veroorzaakt niet veel golfslag (stel je maar een stromende rivier voor; daar heb je geen golven), maar bij een tegenstroom concentreren de golven zich in delen met een grotere stroomsnelheid; bij stroming mee gebeurt het tegenovergestelde. Bij wind tegen stroom worden de golven piekeriger en hoger, terwijl bij stroom mee de golven juist lager en vlakker worden. In feite gaat het dan om de relatieve snelheid van de wind ten opzichte van het water: als de stroming 5 m/s is en de wind 7,5 m/s (= dik 4Bft), dan ondervindt het water een kracht die hoort bij een windkracht van 12,5 m/s (=ruim 6 Bft). De hoogte van de golf hangt ook af van de grootte van het water en de tijd dat het al met een bepaalde sterkte uit een bepaalde richting waait. Hoe langer het traject dat de wind over het water waait (de windbaan), des te meer tijd hebben de golven om hoogte op te bouwen en energie op te nemen. Hetzelfde geldt voor de periode dat de wind al met een bepaalde sterkte uit één richting waait. In onderstaande tabel zie je het verband tussen de golfhoogte (in m) enerzijds en de windsterkte en de tijd dat de wind al met een bepaalde snelheid uit een richting waait anderzijds: windsnelheid windsterkte duur duur in uren m/sec Bft 5 min 30 min max ,00 0,14 0,22 0,33 0,40 0,60 7,5 4 0,10 0,27 0,40 0,58 0,70 1, ,18 0,40 0,60 0,90 1,10 2,40 12,5 6 0,22 0,57 0,80 1,20 1,60 3, ,28 0,70 1,10 1,70 2,00 5,50
5 Uit de tabel kun je aflezen dat bij windkracht 3 Bft de maximale golfhoogte 60 cm is, dat als de wind opsteekt en toeneemt tot 4 Bft de golfhoogte kan oplopen naar ca 1,40 m als de wind maar lang genoeg aanhoudt. Gemiddeld neemt de golfhoogte bij toenemende wind per uur met cm toe tot uiteindelijk golven van 2 m en meer. Maar als je verstandig bent, zit je dan allang hoog en droog in auto of restaurant. Als de hoogte van de golven meer dan 1/6e van de golflengte (=de afstand tussen de golftoppen) wordt, beginnen de golftoppen voorover te vallen en vormen ze witte koppen en schuim. Een golf aan de kust begint te breken als de waterdiepte ca 1,5 x de golfhoogte bedraagt. Golven die van verschillende richtingen komen, bijv. golven die van de kant terugkaatsen, interfereren met elkaar en kunnen een klotsende massa worden: een clapotis. Ook als een sterke zijstroom in een sterke hoofdstroom uitkomt (bijv. een hoofdgeul van het Wad in de Noordzee) kan een clapotis ontstaan op lijn waar beide stromen op elkaar botsen. De snelheid van golven De snelheid (v) van een korte golf (windgolf) is alleen afhankelijk van de golflengte (λ): v= (g*λ/2π), (g = zwaartekrachtsversnelling [9.8m/s2]). Golven met een golflengte van 5 m zouden dan een snelheid hebben van ca 10 km/uur. Bij een lange golf (deining) wordt de snelheid bepaalt door de diepte: v= (g*d), waarbij d = waterdiepte [m]. Als een golf naar het strand toe loopt, dan vermindert de waterdiepte en vermindert dus ook de loopsneheid. Het effect van de waterdiepte op de snelheid van de top respectievelijk het dal van de golf wordt steeds groter; het dal van de golf krijgt een lagere snelheid dan de top waardoor de top van de golf uiteindelijk breekt en in het golfdal valt (branding). Deining en brekergolven buitengaats Deining aan onze kust is elders door de wind ontstaan. Als de wind lang genoeg uit één richting aanhoudt groeien de golven in lengte, hoogte en snelheid. Doordat kortere golven zich trager voortbewegen dan langere golven, is het energieverlies bij de kortere golven groter, waardoor uiteindelijk slechts de lange golven overblijven. Het energieverlies van de grotere golven is zo klein dat deze deining doorloopt tot aan de kust. Omdat de snelheid van een deininggolf bepaald wordt door de waterdiepte zal, als de golf bij een ondiepte of de kust aankomt, de basis van de golf langzamer gaan dan de top, met als gevolg dat de golf hoger wordt en de top voor de basis komt en breekt. Deining kan uit vier hoofdrichtingen komen: uit het zuiden (zuiddeining), uit het westen tot noordwesten (westdeining), uit het noorden (noorddeining) en uit het noordoosten (oostdeining). Deining uit het noordpoolgebied kan er drie dagen over gedaan hebben. Eenmaal aangekomen bij de Nederlandse kust heeft de actuele wind aan de kust weinig invloed op de deining, maar kan de wind wel nieuwe golven aan de deining toevoegen, wat een onrustige zee kan opleveren. De zuiddeining is van ondergeschikt belang voor de zeestrook boven het oostelijk
6 waddengebied, maar kan wel het westelijke deel van het Wad bereiken. Deining uit de overige richtingen zijn voor het hele Wad van belang. De westdeining en de oostdeining hebben een kortere baan afgelegd en zullen meer overeenkomen met de heersende windrichting, terwijl de noorddeining, die op meer dan 3000 km afstand kan zijn begonnen, geen relatie meer hoeft te hebben met de actuele wind bij de waddenkust. Of er boven en tussen de eilanden brekergolven ontstaan hangt af van: 1. Aanwezige zandplaten en ondieptes 2. De richting van de deining 3. De golfhoogte en periode tussen de golftoppen van de deining 4. De wind 5. Het getij Informatiebronnen voor het bepalen van de kans op brekers: 1. De aanwezigheid van zandplaten kun je afleiden uit de waterdieptes op de waterkaarten (zie het kaartje van fig 4 waarin de ondieptes die de waterkaarten vermelden zijn samengevat). 2,3. Gegevens over de deining haal je van de site (voorheen actuele waterdata). Het gaat om de gegevens van de boeien: IJ-geul munitiestortplaats, Wadden-Eierlandse gat en Wadden Schiermonnikoog. O.a. en geven ook actuele informatie en verwachtingen over de golfhoogte en golflengte voor bepaalde meetpunten. 4. Gegevens over de actuele wind en de windverwachting haal je van sites als Een zeer uitgebreide site voor weerkundigen is Voor de betrouwbaarheid van de verwachtingen van de diverse internetsites zie Hoe betrouwbaar is de windverwachting van de diverse weersites. 5. de tijden voor hoog- en laag water en de waterhoogten vind je op getij.rws.nl en op getijden. De site geeft actuele gegevens over het weer voor weerkundigen. De leek moet zich eerst in de werking van de kaarten en tabellen verdiepen om ze te kunnen interpreteren. Hierboven is duidelijk geworden dat het weer in het noorden van de Noordzee en tussen Groenland en IJsland van belang is voor de deining aan de Nederlandse kust 1 tot 3 dagen later (afhankelijk van de afstand en de snelheid van het weersysteem). Als je plannen hebt om de zeegaten tussen de eilanden te doorsteken of de zeezijde van de eilanden op te zoeken is het daarom verstandig om de weersystemen m.b.v. deze site al enige dagen voor die tijd in de gaten te houden. Ook is het aan te bevelen om de voorspellingen bij te houden en in het verloop van de dagen te controleren in hoeverre de voorspellingen uitkomen. Het gebruik van de boeigegevens op de site voor de informatie over de deining behoeft enige nadere uitleg. Per boei krijg je de volgende actuele gegevens - die elke 10 minuten worden ververst - weergegeven in grafiek en in cijfers (de grafische weergave beslaat de laatste 12 uur zodat je het patroon over de afgelopen 12 uur kunt aflezen:
7 1. Significante golfhoogte 4. Golfperiode mhz (uitleg over mhz volgt hieronder) 2. Piekfrequentie 5. Golfrichting 3. Golfspreiding 6. Golfhoogte De significante golfhoogte is het resultaat van de golfhoogtes van de verschillende deiningen maar zegt niet zoveel over de kans op brekers. De feitelijke deining is een combinatie van de deiningen uit verschillende richtingen. De piekfrequentie geeft het aantal golftoppen dat per tijdseenheid een vast punt te passeert en hangt samen met de golfperiode mhz. Beide grootheden zijn het interferentieresultaat van de verschillende deiningen. Een piekfrequentie van minder dan 150 mhz en een golfperiode van meer dan 4 seconden duiden op een kans op surf- en brekergolven De laatste drie gegevens, golfspreiding, golfrichting en golfhoogte zijn opgedeeld in drie, zogeheten, frequenties: Mhz (resultaat van alle golfbewegingen en deiningen samen), mhz en mhz. De golfspreiding heeft, neem ik aan (een definitie kon ik nergens te vinden) betrekking op de variatie in de richting van de desbetreffende deining. Golfrichting en golfhoogte zijn de twee belangrijkste gegevens voor het voorspellen van surf- en brekergolven in dat deel van de zee boven de eilanden. Een golfrichting tussen duidt op een zuiddeining, tussen 250 en 330 op een westdeining, tussen op een noorddeining en tussen op een noordoostdeining en tussen op een deining uit het oosten, die echter vanwege de landrichting geen echte deining en golven geeft (zie fig 2). De golfhoogtes worden weergegeven als (zie fig 3): mhz, rood: combinatie van alle deining (= significante golfhoogte), mhz, groen: golfhoogte als gevolg van middellange deining meestal op kortere afstand ontstaan (zuid, west en (noord)oost deining), mhz, blauw: noorddeining
8 Hoewel de zuiddeining meestal hoger is dan de noorddeining, is de noorddeining belangrijker voor de verwachting van surf- en brekergolven. Een verhoging van de blauwe lijn duidt op hogere golven dan eenzelfde verhoging van de rode lijn doet. Wil je surfen of brandingvaren, dan zoek je de omstandigheden die surfgolven veroorzaken op, maar wil je de wilde, (te) heftige surfgolven en brekers juist ontlopen, dan moet je die plekken en omstandigheden vermijden. Onder welke omstandigheden kun je in de branding en bij ondieptes brekers verwachten die hinderlijk tot gevaarlijk kunnen zijn als je er door heen wilt varen? Hieronder worden de omstandigheden beschreven waarbij de kans op brekers groter of kleiner is. Maar bij sommige gebieden en bij harde wind is het altijd oppassen. De situatie is toegespitst op het Waddengebied en niet op de kust van Noord en Zuid Holland. Bij ondiepten moet je rekening houden met brekers en onrustige golven. Op onderstaand kaartje (fig 4) zijn de ondiepten buitengaats en in de gaten tussen de eilanden in oranje aangegeven (donkeroranje = eventueel droogvallend, lichtoranje=ondiep t.o.v. de omgeving, niet droogvallend).
9 De kans op surfgolven en brekers boven en tussen de waddeneilanden is groter bij: - Harde wind geeft vanaf Bft 5 sowieso kans op hogere golven die, als ze hoog genoeg zijn, kunnen breken, maar niet van deining afkomstig zijn. In combinatie met de harde wind kan dat voor veel kanoërs toch te instabiele situaties opleveren, ook op diepere waterdelen. Deze golven als gevolg van de actuele wind kun je overal treffen. - Harde ZW-wind bij afgaand tij, met name in het westelijke waddengebied. - Vrije krachtige W/ZW wind en westdeining, met name in het westelijke waddengebied. Als de wind weg valt, houden de golven nog een tijdje aan. - Opkomende tij bij noord- en noordoostdeining bij een golfperiode van meer dan 5 seconden. - Stijgende golfhoogte bij de boeigegevens, met name van de mHz (blauwe lijn, noorddeining, zie fig 3) De kans op surfgolven en brekers boven en tussen de eilanden is kleiner bij: - Weinig wind en geen noord- of noordoostdeining. - Afgaand tij bij niet te sterke noord- of noordoostdeining. - De golfperiode minder dan 4 seconden is. - Oostenwind- tot zuidenwind en afwezige noord- of noordoostdeining.
10 De sites windfinder en windguru geven naast de actuele metingen ook verwachtingen van de golfhoogte en golfperiode voor dagen vooruit. Hoewel dit de significante golfhoogte betreft, kun je in combinatie met de verwachte windrichting wel een idee krijgen van de kans op golfbrekers. Gebruikte informatiebronnen: Golfscoren in de Noordzee, Uit 6SURF No
wadkanovaren.nl Het Wad en zeekanoën
pagina 1 van 5 Het Wad en zeekanoën wadkanovaren.nl Kanoën op het Wad, maar algemeen op grootwater, zoals het IJsselmeer, vereist een aparte voorbereiding vergeleken met kanoën op klein zoetwater. Deze
Wadkanovaren.nl als boek
Wadkanovaren.nl als boek Robbert van der Eijk 1 Wadkanovaren.nl als boek Groningen,maart 2011... Uitgegeven en gesponsord door InDat, Roer 65 9733 AH Groningen Robbert van der Eijk 2 Inhoudsopgave Voorwoord...
wadkanovaren.nl pdf versie
wadkanovaren.nl pdf versie waterdiepten bepalen a.h.v. de kaartdiepten laatst bijgewerkt: 24 april 2011 Waterhoogtes tussen doodtij en springtij en tussen laagwater en hoogwater, berekend aan de hand van
wadkanovaren.nl waterdiepten a.h.v. de kaartdiepten
pagina 1 van 8 wadkanovaren.nl waterdiepten a.h.v. de kaartdiepten Waterhoogtes tussen doodtij en springtij en tussen laagwater en hoogwater, berekend aan de hand van de op de waterkaart opgegeven waterdieptes
Het Wad en zeekanoën: Kanotochtengids voor het Wad. wadkanovaren.nl. Overzicht mogelijke kanotochten op het Wad
pagina 1 van 5 wadkanovaren.nl Overzicht mogelijke kanotochten op het Wad De kanotochten die op het Wad mogelijk zijn, worden hieronder aan de hand van de vertrekpunten van west naar oost kort omschreven.
Reisvoorbereiding. Ivar ONRUST
Reisvoorbereiding Ivar ONRUST Op ruim water is een andere voorbereiding nodig dan voor het varen op plassen en rivieren. Men heeft hier dan ook een andere uitrusting nodig van schip en bemanning Sinds
Navigatie op het Wad
Navigatie op het Wad Inleiding Navigatie op het Wad houdt meer in dan met een kompas of GPS je positie en koers bepalen. Er zijn tal van zaken waar je mee te maken kunt krijgen en waar je op voorbereid
Getijdenstroom. Het ontstaan van een golf
Sporttechnisch: kennis De zee kan je wedstrijd maken of kraken. De omstandigheden kunnen enorm verschillen van plaats tot plaats. Het is daarom belangrijk om op voorhand te onderzoeken welke factoren een
-21- GETIJDEN (2) De veelvormigheid van het getij: de Noordzee
-21- GETIJDEN (2) De veelvormigheid van het getij: de Noordzee In deze aflevering zullen we eens gaan kijken hoe het getij zich voordoet op verschillende plaatsen. Om te beginnen beperken we ons tot de
4. Buienradar:
Hoe betrouwbaar zijn de windverwachtingen van de verschillende weersites? Robbert van der Eijk, Groningen juli 2011 Inleiding Voor kanoërs en watersporters in het algemeen is het weer een belangrijke factor
Beknopt stormverslag van 23 januari 2009
Beknopt stormverslag van 23 januari 29 De algemene synoptische situatie Op vrijdag 23/1/9 om Z 1 ligt een diepe depressie (kerndruk 938 hpa) tussen IJsland en Schotland. Op het koufront van deze depressie
wadkanovaren.nl Overzicht vaarroutes
Overzicht vaarroutes wadkanovaren.nl Bijzonderheden bij de routes en aanlegplekken op het Wad laatst bijgewerkt: 19 september 2012 Eenmaal vertrokken van een van de startplaatsen, krijg je te maken met
Beknopt stormverslag 15-16/10/2002
Beknopt stormverslag 15-16/1/22 Een grote Rossby-golf boven de Atlantische Oceaan zorgde er voor dat de depressies een vrij zuidelijke koers volgden. Boven Scandinavië lag een hogedrukgebied van 135 hpa
STROOMATLAS BENEDEN ZEESCHELDE VAK PROSPERPOLDER - KRUISSCHANS
MOD 78 WATERBOUWKUNDIG LABORATORIUM FLANDERS HYDRAULICS RESEARCH VAK PROSPERPOLDER - KRUISSCHANS SPRINGTIJ WATERBOUWKUNDIG LABORATORIUM EN HYDROLOGISCH ONDERZOEK Mod. 78 STROOMATLAS BENEDEN - ZEESCHELDE
Hoofdstuk 3. Getijden- en Stromingsleer. - Jonathan Devos -
Hoofdstuk 3 Getijden- en Stromingsleer - Jonathan Devos - 22-10-2017 Getijden- en Stromingsleer 2 22-10-2017 Getijden- en Stromingsleer 3 Algemene inhoud Topografie, kennis van zee & strand Getijdenleer
Synoptische situatie
Synoptische situatie Op zondag 23 september bevond een depressie met kerndruk van 993 hpa zich ten noordwesten van Spanje. Een warmtefront gekoppeld hieraan trok zondagavond over het land. De depressie
Hoofdstuk 3. Getijden- en Stromingsleer. Algemene inhoud 27/09/2012. Topografie, kennis van zee & strand. Getijdenleer.
27-9-2012 Getijden- en Stromingsleer 1 Hoofdstuk 3 Getijden- en Stromingsleer - Jonathan Devos - Algemene inhoud Topografie, kennis van zee & strand Getijdenleer Stromingsleer 27-9-2012 Getijden- en Stromingsleer
Meten in de Waddenzee
Meten in de Waddenzee Bestand tegen superstorm De waterkeringen langs de Waddenzee moeten bestand zijn tegen een superstorm die gemiddeld eens in de 4000 jaar kan optreden. Om de sterkte van de waterkering
ROEIEN OP OPEN WATER. Guus van Wechem KNRB Roei Congres 30 Jan 2016
1 ROEIEN OP OPEN WATER Guus van Wechem KNRB Roei Congres 30 Jan 2016 2 INHOUDSOPGAVE Deel 1 : Roeien op de Wadden Deel 2 : Vereniging in Oprichting Dutch Coastal Rowing Deel 3: Discussie punten 3 ROEIEN
Beknopt stormverslag van 5 en 6 mei 2015
Beknopt stormverslag van 5 en 6 mei 215 Twee depressiekernen, één voor de Ierse westkust (kerndruk 979 hpa) en één juist ten westen van de Golf van Biskaje (kerndruk 99 hpa) bepalen het weer voor de komende
Beknopt stormverslag van 21 maart 2008
Beknopt stormverslag van 21 maart 28 De algemene synoptische situatie Een actieve depressiekern trekt tussen Z 1 op 21/3/8 en Z op 22/3/8 van Noord- Denemarken naar Noord-Duitsland. Het koufront dat bij
Extreme getijden: niet enkel astronomie!
Extreme getijden: niet enkel astronomie! Jan Haelters Inleiding Veel strandbezoekers met interesse voor fauna en flora brengen een bezoek aan het strand na storm of tijdens periodes van springtij. Zeker
Navigatie in een kano op het Wad. wadkanovaren.nl
pagina 1 van 5 wadkanovaren.nl Navigatie op het Wad Inleiding Navigatie op het Wad houdt meer in dan met een kompas of GPS je positie en koers bepalen. Er zijn tal van zaken waar je mee te maken kunt krijgen
De bepaling van de positie van een. onderwatervoertuig (inleiding)
De bepaling van de positie van een onderwatervoertuig (inleiding) juli 2006 Bepaling positie van een onderwatervoertuig. Inleiding: Het volgen van onderwatervoertuigen (submersibles, ROV s etc) was in
Informatie over de versterking van de Noord-Hollandse kust Voor je spreekbeurt of werkstuk
Informatie over de versterking van de Noord-Hollandse kust Voor je spreekbeurt of werkstuk De kust is (niet) veilig! De dijk aan de kust van Petten ziet er zo sterk en krachtig uit, maar toch is hij niet
Lesbrief Geogids september 2012 vmbo onderbouw Bewegende Wadden
Lesbrief Geogids september 2012 vmbo onderbouw Bewegende Wadden Wegwijs [Bron foto: JH Bulthuis, copyright] Deze lesbrief gaat over de Wadden. Het waddengebied ligt tussen de Noordzee en het vasteland.
Ministerie van Verkeer en Waterstaat opq. Zonewateren. 28 juli 2004
Ministerie van Verkeer en Waterstaat opq Zonewateren 28 juli 2004 Ministerie van Verkeer en Waterstaat opq Zonewateren 28 juli 2004 Inhoudsopgave........................................................................................
Genieten na een oversteek
Genieten na een Klaas Wiersma maakte een oversteek. Nee, niet op de Noordzee of de Atlantic. Het ging van Ameland naar Terschelling. Met de Cornish Crabber Urmiena. Geen sinecure met een dikke noordwester.
Beknopt Stormrapport 17 juli 2004
Beknopt Stormrapport 17 juli 24 1. ANALYSE Situatie op 17.7.24 12u GMT : langs de voorzijde van een koufront, dat zich uitstrekt over de nabije Atlantische Oceaan, wordt er warme, potentieel onstabiele
Vaurien op getijde water
Pr8_design Vaurien op getijde water Auteur: Voor: Johan Pragt Vaurien Nederland Rev Date Hoofdstuk/pagina Veranderingen 1 10-09-2011 Allen creatie 2 30-05-2012 Hoofstuk 5 (is nu 4) Hoofdstuk1.3 weg Hfdst
Duitse en Nederlandse wad Woudschoten 30 januari 2011 Holten 5 feb 2011
Duitse en Nederlandse wad Woudschoten 30 januari 2011 Holten 5 feb 2011 Michiel Eijsvogel 1 2 3 Tochtplanning wan.j, diepte berekenen! 1. Keuze NAP of LAT 2. Bekijk met dieptetabel wat knelpunt is 3. Bereken
Beknopt stormverslag 25/01/1990
Beknopt stormverslag 25/1/199 Op dinsdag 23/1/199 was er een diepe depressie van 945 hpa boven Ijsland. Deze moederdepressie vulde zich woensdag op tot 96 hpa en werd minder actief. Ondertussen was er
Het Wad en zeekanoën: Vereiste vaardigheden. wadkanovaren.nl
pagina 1 van 5 Vereiste vaardigheden wadkanovaren.nl Het staat iedereen vrij om met een kano het Wad op te gaan, maar verstandiger is om dat alleen te doen als je over voldoende kennis en vaardigheden
De Noordzee HET ONTSTAAN
De Noordzee De Noordzee is de zee tussen Noorwegen, Groot-Brittannië, Frankrijk, België, Nederland, Duitsland en Denemarken. De Noordzee is een ondiepe (30-200 m) randzee van de Atlantische oceaan met
2 C A (g in sourcediagram) 3 B A 2 Zie de titel van de kaart. 4 D C 2 Een S-cardinaal (kaart 1 symbool Q 130.3)
Examen Theoretische Kust Navigatie, 8 april 2017 Beknopte verklaring van de antwoorden versie 24 april 2017. Bij vragen waar geen verklaring is gegeven, is de verklaring te vinden in de gebruikelijke studiematerialen.
Meetkunde 015. Opgave 1 Teken een route. Opgave 2 Teken een route. Hoeveel kilometer is je route? km. Naam: Meetkunde 015 September / 11
Meetkunde 015 Liniaal Eiland : Doel : Kaartlezen Tekenen van een route op een kaart met schaal Potlood Opgave 1 Teken een route. Hoeveel kilometer is je route? km Opgave 2 Teken een route. Hoeveel kilometer
wadkanovaren.nl pdf versie
wadkanovaren.nl pdf versie Bijzonderheden per startpunt voor kanotochten op de Waddenzee laatst bijgewerkt: 23 februari 2014 Alle mij bekende vertrekpunten vanaf de vaste wal worden één voor één behandeld
Brandingvaren op de Noordzee voor de kust van Oostduinkerke
Brandingvaren op de Noordzee voor de kust van Oostduinkerke Woensdag 13 januari 2016. Reeds enkele dagen gepland voor de noordzee kajakkers maar gezien de stevige wind en de nogal woelige zee hadden enkele
BIJLAGE G VERSPREIDING ZOETWATERNEVEL LANGS DE IJSSELMEERDIJK
BIJLAGE G VERSPREIDING ZOETWATERNEVEL LANGS DE IJSSELMEERDIJK VERSPREIDING ZOETWATERNEVEL LANGS DE IJSSELMEERDIJK Inleiding Deze tekst evat een eoordeling van de effecten van de plaatsing van windturines
Stormvloedflits van 13 en 14 januari Noordwesterstorm veroorzaakt hoge waterstanden langs de kust
Stormvloedflits 2017-03 van 13 en 14 januari 2017 Noordwesterstorm veroorzaakt hoge waterstanden langs de kust Donderdag 12 t/m zaterdag 14 januari is het team Stormvloedwaarschuwingen Kust van het Watermanagementcentrum
a) Getijdenwerking en overstromingen op de Schelde
EXCURSIEPUNT DE SCHELDEVALLEI Hoogte = Ter hoogte van het voormalige jachtpaviljoen, De Notelaar, gelegen aan de Schelde te Hingene (fig. 1 en 2), treffen we een vrij groot slikke- en schorregebied aan,
Sedimentatie in Harderwijker Bocht ten gevolge van de strekdam bij Strand Horst Noord
Sedimentatie in Harderwijker Bocht ten gevolge van de strekdam bij Strand Horst Noord In het gebied tussen de strekdammen bij Strand Horst Noord en de bebouwing van Harderwijk ligt een klein natuurgebied
Les met werkblad - biologie
Les met werkblad - biologie Doel: Leerlingen hebben na de deze les een idee hoe het is om te wadlopen. Ze weten wat ze onderweg tegen kunnen komen. Materialen: - Werkblad 5: Wadlopen - Platte bak (minimaal
Roeisloepwedstrijden worden beslist door te berekenen hoeveel vermogen de roeiers nodig hadden om de gehaalde gemiddelde roeisnelheid te halen.
Cw-kromme Roelf Pot, februari 2015 Roeisloepwedstrijden worden beslist door te berekenen hoeveel vermogen de roeiers nodig hadden om de gehaalde gemiddelde roeisnelheid te halen. Om dat vermogen (P) te
Stormverslag Waddenzee 18 januari 2007
Modelit Elisabethdreef 5 411 KN Culemborg [email protected] www.modelit.nl In opdracht van Rijkswaterstaat RIKZ Stormverslag Waddenzee 18 januari 27 Modelit KvK Rotterdam 2429229 Datum 4 juni 27 Documentatiepagina
Beknopt stormverslag 26-27/02/1990
Beknopt stormverslag 26-27/2/199 Op zondag 25/2/199 bevond een depressie met een kerndruk van 99 hpa zich aan de Amerikaanse Oostkust. Deze depressie diepte in een dag tijd snel uit tot 96 hpa en was de
naam: www.hidrodoe.be
naam: Zoek de antwoorden in de woordzoeker. (Enken horizontaal en vertikaal) Je kan een wedstrijd doen tegen je klasgenoten om de antwoorden zo snel mogelijk te zoeken. 1) De naam van de zee aan onze Belgische
JACHTHAVEN NOORDPOLDERZIJL WEER BEREIKBAAR! (MEI 2018)
JACHTHAVEN NOORDPOLDERZIJL WEER BEREIKBAAR! (MEI 2018) Eindelijk is het dan zover: Noordpolderzijl is weer bereikbaar voor wadvaarders! Voornamelijk de aanloopgeul is goed gebaggerd waardoor Noordpolderzijl
Getijboekje voor Nieuwpoort, Oostende, Blankenberge en Zeebrugge.
Getijboekje 2018 voor Nieuwpoort, Oostende, Blankenberge en Zeebrugge www.vlaamsehydrografie.be Getijboekje 2018 voor Nieuwpoort, Oostende, Blankenberge en Zeebrugge www.vlaamsehydrografie.be HET GETIJ
Meten om te weten: 2,5 jaar Zandmotor
: 2,5 jaar Carola van Gelder-Maas Projectmanager WVL Rijkswaterstaat 31 maart 2014 Hoe zat het ook alweer? Eroderende kustlijn NL kust 12 Mm³ zandsuppleties per jaar Zeespiegelstijging Zwakke schakels
INLEIDING GETIJTAFELS
INLEIDING GETIJTAFELS Algemene getijtheorie De wisselende waterstanden en de in richting en snelheid veranderende getijstromen zijn bijna geheel het gevolg van de wisselende aantrekkingskrachten van de
Navigatiereader. 9 e editie 14 oktober tot en met 19 oktober 2014. Versie: 26-9-2014 Definitief
9 e editie 14 oktober tot en met 19 oktober 2014 Versie: 26-9-2014 Definitief Inhoudsopgave 1. Inleiding p. 3 2. De aarde p. 4 Een indeling op de aarde p. 4 Lengte en breedte p. 4 3. De zeekaart p. 6 Het
Een stroming ontstaat als er op een bepaalde watermassa een kracht. wordt uitgeoefend. De belangrijkste aandrijfmechanismen voor kuststromingen
Aandrijfmechanisme voorkuststromingen. Een stroming ontstaat als er op een bepaalde watermassa een kracht wordt uitgeoefend. De belangrijkste aandrijfmechanismen voor kuststromingen zijn het getij, de
Kwelder. Woordenboekspel. Spel. VO onderbouw
Spel Doel: Materialen: Leerlingen kennen na afloop de betekenis van de volgende termen: getijdebeweging, kwelder, springvloed, brak water, slenk, halofyten, schor, opslibbing. Per groepje van 4 leerlingen:
De Waterstanden. Kunstwerk in het kader van het project Nederland leeft met water. Zeezeilen i.s.m. horst4dsign 2016
De Waterstanden Kunstwerk in het kader van het project Nederland leeft met water Zeezeilen i.s.m. horst4dsign 2016 Waarom een kunstwerk? drieledig: - Vanuit het toeristisch netwerk werd aangegeven dat
Opmaak-Satelliet-pam 20-06-2005 16:47 Pagina 70
Opmaak-Satelliet-pam 20-06-2005 16:47 Pagina 70 Saharastof veroorzaakt de bruine tinten in de bewolking boven onder andere Engeland en Schotland. De tint van de Noordzee ten noorden en noordwesten van
