Toepassing van zeefzand uit groenafval.
|
|
|
- Edith van Doorn
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Toepassing van zeefzand uit groenafval. Vanuit de praktijk heeft de LWBG de vraag gekregen hoe om te gaan met zeefzand uit groenafval in het kader van het Besluit bodemkwaliteit. Het gaat in deze om groenafval met aanhangende grond. Het reguliere snoei- en groenafval valt niet onder het regime van het Bbk, en wordt hier buiten beschouwing gelaten. De concrete vraag was of de bij het productieproces vrijkomende fijnere zeeffractie als grond mocht worden toegepast in een geluid- en zichtwal in het kader van het Bbk. Om te komen tot een antwoord is eerst gekeken naar de uitgangspunten en het productieproces met speciale aandacht voor de samenstelling van de fijnere zeeffractie. Productieproces. Bij inrichtingen wordt biomassa in de vorm van groenafval aangeleverd. Dit groenafval wordt, na eventueel te zijn verkleind in een shredder, gezeefd (in normale bedrijfsvoering wordt hiervoor een maasgrootte toegepast van 10 tot 40 mm) en gescheiden in grof organisch materiaal en een fijnere zeeffractie met zand. Uit de grove fractie kunnen de bodemvreemde bestanddelen worden uitgelezen (b.v. middels handpicking). Organisch materiaal. Het grove organisch materiaal kan o.m. verbrand worden voor de opwekking van energie. Ook kan dit organisch materiaal verder bewerkt worden tot compost. Dit compost kan weer verwerkt worden in grondproducten conform BRL (Zie ook het bijgevoegde schema Zeefzand uit groenafval ). De fijne zeeffractie. Bij dit voorbeeld is de markt er van uitgegaan dat het vrijkomende zeefzand gezien kan worden als grond. Dit zeefzand is in het voorbeeld dat aan de LWBG ter beschikking is gesteld dan ook uitgekeurd middels een AP04 onderzoek conform protocol 1001 (grond). Bij dit aan de LWBG ter beschikking gesteld onderzoek is men uitgegaan van de volgende uitgangspunten: - al het onderzochte groenafval is niet afkomstig van als verontreinigings- of saneringslocaties bekende locaties; - al het groenafval is afkomstig van onderhoud uit openbare gebieden zoals plantsoenen en parken; - het zeefzand is door een laboratorium onderzocht op droge stof gehalte en op gehalte aan delen groter dan 2 mm. [LWBG: De delen groter dan 2 mm geven de bovengrens aan van het gehalte bodemvreemd materiaal. Grind dat groter is dan 2 mm en mogelijk aanwezig is in het zeefzand zou tot het deel grond gerekend mogen worden]. - het laboratorium heeft het gehalte aan delen > 2 mm bepaald door eerst het veldvochtige uitgangsmateriaal te drogen. [B+ heeft al aangeven dat dit van invloed kan zijn op het aandeel organisch bodemvreemd materiaal. Het laboratorium geeft echter aan dat het zeven van het veldvochtige materiaal niet of niet goed mogelijk is]. Toepassing van zeefzand uit groenafval versie docx Pagina 1
2 - het percentage > 2 mm, dat door het laboratorium op d.s. is gerapporteerd, is door het onderzoeksbureau terug gerekend op het uitgangsmateriaal, het veldnatte zeefzand. [Red; dit omdat in het Bbk (en ook protocol 1001) het aandeel bodemvreemd materiaal in veldvochtig materiaal wordt opgegeven]. Dit was 11,7 % van het uitgangsmateriaal c.q. minder dan 20 % bodemvreemd. - het bureau geeft aan dat volgens Bodem+ het is toegestaan om partijen zeefgrond uit biomassa (conform eerste twee punten) samen te voegen. - in het onderhavige geval is door het bureau de partij als zijnde 1 deelpartij zeefzand middels protocol 1001 onderzocht op standaardpakket grond en uitgekeurd. - bij de generiek toetsing is gebruik gemaakt van de in het zeefzand (fractie < 2 mm) gevonden lutum- en organische stof gehalte, in dit geval L= 5,3 en H=14,9 massa-%. Er werd een kwaliteit wonen vastgesteld. Onderzoeksrapport. De LWBG heeft het onderzoeksrapport bekeken en ook andere vergelijkbare onderzoeksrapporten. Tevens zijn aan de LWBG monsters beschikbaar gesteld van dergelijk materiaal als ook de daarbij behorende analyseresultaten. Hierbij is het materiaal niet alleen bekeken als grond maar eveneens als een bouwstof. Ook is er gekeken naar beschikbare gegevens middels een literatuuronderzoek. Knelpunten. 1. Is er sprake van grond? Hierbij gaat het om de vraag of het materiaal voldoet aan de definitie van grond zoals die is opgenomen in het Bbk. Bbk, art. 1: Grond: vast materiaal dat bestaat uit minerale delen met een maximale korrelgrootte van 2 millimeter en organische stof in een verhouding en met een structuur zoals deze in de bodem van nature worden aangetroffen, alsmede van nature in de bodem voorkomende schelpen en grind met een korrelgrootte van 2 tot 63 millimeter, niet zijnde baggerspecie Bbk, art 34 lid 2: voor de toepassing van dit besluit wordt onder grond of baggerspecie mede verstaan, grond of baggerspecie die is vermengd met ten hoogste 20 gewichtsprocenten bodemvreemd materiaal. 2. Kan het materiaal ook in de toekomst voldoen aan de eisen van het Bbk? 3. Is uitgegaan van het juiste analysepakket? Ad. 1. Dit was voor de LWBG een cruciale overweging. Bij het beoordelen van de monsters van het gezeefde materiaal liepen de meningen regelmatig uit een. Duidelijk was dat als er sprake is van meer dan 20 % bijmenging het geen grond betreft. De ene keer werd het als compost beoordeeld, de andere keer als houtshredder afval en vervolgens als zand met organisch materiaal (zoals een bosbodem). Ook was er discussie over de zinsnede in een verhouding en met een structuur zoals deze in de bodem van nature worden aangetroffen in relatie tot dit door een bewerking (shredderen en scheiden) ontstane materiaal en of er wel sprake was van grond zoals bedoeld in het Bbk. Het was dus allerminst duidelijk dat er voor dit soort gezeefde materialen een eensluidende definitie kan worden gegeven! Uit de toelichting van het Bbk valt op te maken hoe met name naar de passage in een verhouding en met een structuur gekeken moet worden. De basisdefinities zijn gebaseerd op de samenstelling van het materiaal. De directe herkomst van het materiaal is daarmee niet bepalend voor de vraag of er sprake is van grond. Wel zal het steeds gaan om materiaal dat Toepassing van zeefzand uit groenafval versie docx Pagina 2
3 oorspronkelijk afkomstig is uit de bodem. Het moet immers gaan om materiaal in een verhouding en met een structuur zoals deze in de bodem van nature worden aangetroffen. (Bodem+) Dit leidde tot de conclusie en aanbeveling dat elke te beoordelen uitgezeefde partij door een daartoe gecertificeerde (veld)medewerker dient te worden beoordeeld. Hij of zij bepaalt telkens weer of er sprake is van grond, van een niet-vormgegeven bouwstof of anders, en of het materiaal voldoet aan de bijbehorende definitie zoals opgenomen in het Bbk. Dit dient uiteraard vervolgens als zodanig te worden vastgelegd in het bemonsteringsverslag. Bij onduidelijkheid verdient het aanbeveling om in een vroegtijdig stadium contact op te nemen met het bevoegd gezag om samen tot een gelijkluidende classificatie te komen. Ad. 2. Bij de overweging of het materiaal in de toekomst ook nog kan voldoen aan de eisen van het Bbk bleek dit voornamelijk afhankelijk van te zijn of er sprake is van al dan niet stabiel eindproduct. Het is bekend dat organisch materiaal door de invloed van microbiologisch leven wordt afgebouwd. De concentratie H zal dus in de tijd afnemen. In het aan de LWBG ter beschikking gestelde voorbeeld was er zoals reeds genoemd sprake van een L/H=5,3/14,9 massa-%. De toetsing met deze gehalten levert het keuringsresultaat klasse wonen op. Wordt ervan uitgegaan dat het organische stof gehalte in de tijd zal afnemen dan zou vanaf een H< 5,2 sprake zijn van niet-toepasbare grond! Dit leidde tot de aanbeveling van de LWBG om na te gaan of bij een toetsing met H=2 dit leidt tot de conclusie dat voor de beoogde toepassing sprake is van toepasbaar materiaal. Is dit het geval dan zijn er geen problemen te verwachten door afbraak van het organische materiaal. Ad. 3. De LWBG is bij het gepresenteerde rapport, naast de bezwaren zoals hierboven beschreven, van mening dat er te weinig aandacht is geschonken aan het voorkomen van andere kritische stoffen die niet in het standaardpakket zijn opgenomen. Te denken valt hierbij aan bijvoorbeeld bestrijdingsmiddelen die veelvuldig bij het groenonderhoud worden ingezet. (NB: de PCB s worden bij het standaardpakket wel standaard onderzocht maar deze stofgroep geeft geen indicatie voor de aanwezigheid van andere (gechloreerde) verbindingen die bijvoorbeeld vallen onder de stofgroep van de bestrijdingsmiddelen). Hiervoor zou een screening op deze verbindingen een mogelijkheid zijn. Bodemplus In het recente verleden heeft Bodemplus al een FAQ gepubliceerd met de titel Onder welke regelgeving valt uit groenafval gezeefde grond?. Hierin was o.m. aangegeven dat: - zeefzand uit groenafval geen compost is, ook niet als het organische stof gehalte hoger is dan 10% (m/m); - zeefzand moet voldoen aan de definitie van grond uit het Bbk, c.q. er mag maximaal 20% (m/m) bodemvreemd materiaal in aanwezig zijn zoals takjes groter dan 2 mm; - voor sommige toepassingen zijn sommige soorten bijmengingen ongewenst (b.v. piepschuim bij toepassing in tuinen of in oppervlaktewateren); - het samenvoegen van verschillende partijen zeefzand is uitsluitend mogelijk onder BRL9335 erkenning; (Merk op dat dit in tegenspraak is met hetgeen volgens het bureau door Bodem+ Toepassing van zeefzand uit groenafval versie docx Pagina 3
4 is gezegd en door het bureau is opgenomen in het rapport). - toediening van zeefzand aan land- of tuinbouwpercelen als ware het compost kan risico geven op onkruidzaden en pathogenen. B+ heeft ook nog aangegeven dat nog geen duidelijkheid is over het samen voegen van partijen groenafval vóór afzeving c.q. of dit valt onder het begrip samenvoegen uit het Bbk. Hierover zijn nog geen richtlijnen opgesteld. B+ zal te zijner tijd hierover een officieel standpunt innemen. Tot die tijd wordt geadviseerd om geen groenafval van verontreinigde terreinen (saneringslocaties) te mengen met groenafval afkomstig van schone locaties. Bouwstof? Na de behandeling van de vraag of deze materialen konden voldoen aan de definitie van grond kwam de vraag van een derde partij of materiaal dat evident niet voldoet aan de definitie van grond dan eventueel als bouwstof kan worden beoordeeld. Bbk, art. 1: Bouwstof: materiaal waarin de totaalgehalten aan silicium, calcium of aluminium tezamen meer dan 10 gewichtsprocent van dat materiaal bedragen, uitgezonderd vlakglas, metallisch aluminium, grond of baggerspecie, dat is bestemd om te worden toegepast; Bbk, art. 26 lid 2: Voor de toepassing van dit besluit wordt onder bouwstof mede verstaan, een bouwstof die is vermengd met ten hoogste 20 gewichtsprocenten grond of baggerspecie, voor zover deze grond of baggerspecie daar geen functioneel onderdeel van uitmaakt. Gelet op de beantwoording van vraag 1 onder knelpunten ligt deze beslissing in een vroeg stadium bij de onafhankelijke partij, het onderzoeksbureau. Omdat het bevoegd gezag later een oordeel moet vellen is het aan te bevelen om beide partijen in een zo vroeg mogelijk stadium hier overleg over te laten voeren zodat in het onderzoekstadium al overeenstemming is met het bevoegde gezag en dit niet achteraf tot problemen leidt. Bij een van de monsters waar gerede twijfel bestond of het materiaal wel kon voldoen aan de definitie van grond, omdat de structuur niet vergelijkbaar was met grond, is dit materiaal vervolgens onderzocht of het voldoet aan de eis van een bouwstof uit artikel 1 Bbk. Dit was het geval. Het eveneens door ons beoordeelde materiaal kon in dit geval als bouwstof onderzocht worden mede omdat het minder dan 20 % zand bevatte. Als het geen grond is en het geen bouwstof is geeft de toelichting op het besluit aan dat, waar nodig of zinvol, er door scheiding een stroom grond en een stroom bouwstof geproduceerd kan worden. E.e.a. heeft geleid tot de volgende aanbeveling van het LWBG: om de onduidelijkheid te verminderen zou men in het productieproces kunnen beslissen om de scheiding tussen zand en organisch materiaal te optimaliseren. Dit kan door b.v de eerste zeving te laten volgen door een cycloonscheiding. (Cycloonscheiding is bij uitstek geschikt om materialen met een groot verschil in dichtheid, zoals zand en organisch materiaal, te scheiden). Hoe groter het gehalte aan zand in de fijne fractie hoe eerder het materiaal door de monsternemer als zijnde grond beoordeeld zal worden en het ook als zodanig onderzocht kan worden. Bij een goede scheiding ontstaan dus een stroom organisch materiaal dat verder verwerkt kan worden in de installatie en een stroom grond die wél aan de definitie van grond voldoet en die ook als zodanig uitgekeurd kan worden. Toepassing van zeefzand uit groenafval versie docx Pagina 4
5 Aanvullende opmerking Het product is afkomstig uit een inrichting. Het is een restproduct waarvan men zich ontdoet en als zodanig is het afval. Deze afvalstatus kan er van af worden gehaald door te laten bepalen dat er sprake is van grond of dat sprake is van een bouwstof die voor toepassing voldoet aan de regels van het Bbk. Hierbij wordt nog opgemerkt dat in het Bbk zoals gezegd wordt aangegeven dat indien er noch sprake is van grond, noch sprake is van een bouwstof men middels een bewerking er voor moet zorgen dat wel wordt voldaan aan de definities. Als dat niet mogelijk is blijft het afval. o Toepassing van zeefzand uit groenafval versie docx Pagina 5
Notitie Tarragrond toepassen in Borsele Het beleidskader en regels waarbinnen tarragrond in Borsele mag worden toegepast
Notitie Tarragrond toepassen in Borsele Het beleidskader en regels waarbinnen tarragrond in Borsele mag worden toegepast Datum: 22 maart 2011 Opgesteld door: M. Holster-Siemons Inhoudsopgave 1. Achtergrond...3
29-5-2013. Inhoud presentatie. Immobilisaten. Taken BG s uit Bbk. Taken Bbk art 28
Inhoud presentatie Immobilisaten Vast en (on)zeker Richard Welling OMWB Chris Schuurbiers ILT Taken van bevoegde gezagen bij productie en toepassing van immobilisaten Taken Bbk art 28 / memo NBr Eisen
Algemeen acceptatiebeleid
Pagina 1 van 7 Algemeen acceptatiebeleid Acceptatiereglement voor de ontvangst van afvalstoffen binnen de inrichting van Hellinga BV, gevestigd aan de Oevers 15 te Steenwijk. Artikel 1 Toepassingsgebied
Behorende bij schema toepasbare GROND
Behorende bij Inleiding Het schema toepasbare Grond is een hulpmiddel bij het uitvoeren van ketentoezicht op de stroom grond. Het schema behandelt de keten van in principe toepasbare grond (dus niet de
Nota bodembeheer provinciebrede samenwerking bodembeleid Flevoland
Bijlage 5: Bewijsmiddelen 1.1 Bodemkwaliteitskaart 1.1.1 Algemeen Bij het opstellen van de Nota bodembeheer worden de op dat moment geldende (water)bodemkwaliteitskaarten en de in concept beschikbare nieuwe
TOELICHTING BESLUIT BODEMKWALITEIT
TOELICHTING BESLUIT BODEMKWALITEIT Besluit Bodemkwaliteit (afkorting: Bbk) Sinds 1 juli 2008 is het Besluit bodemkwaliteit van kracht en is het Bouwstoffenbesluit (Bsb) ingetrokken (zie Bbk, art. 75) 1.
Voorbeeld partijkeuring III
Voorbeeld partijkeuring III Partijgegevens Omvang: Kenmerken 2.000 ton asbestverdachte materialen aangetroffen, grofste deel >31,5 mm Monstername en analyses 2x6 grepen, gestratificeerd aselect (diameter
Vertrouwelijk. Memo. Aan : Conny Bieze Van : ODRA Onderwerp : Nadere beoordeling partijkeuring Vink Datum : 16 april 2018
Memo Aan : Conny Bieze Van : ODRA Onderwerp : Nadere beoordeling partijkeuring Vink Datum : 16 april 2018 Doel memo Bij een DAT (diepgaand administratief toezicht) onderzoek in 2017 is naar voren gekomen
Wet belastingen op milieugrondslag
Vastgestelde tekst per 1 april 2014 Wet belastingen op milieugrondslag HOOFDSTUK IV. AFVALSTOFFENBELASTING AFDELING 1. BEGRIPSBEPALINGEN Artikel 22 1. Voor de toepassing van dit hoofdstuk en de daarop
AANVRAAGFORMULIER SLOOPVERGUNNING
(door gemeente AANVRAAGFORMULIER SLOOPVERGUNNING Woningwet 2001, artikel 8, lid 2, sub h (gewijzigd bij Staatsblad 518, 2001 Algemene wet bestuursrecht, artikelen 2:1, 4:1 en 4:2 (Model-) Bouwverordening,
Begrippen en gebruikte afkortingen
Bijlage 1: Begrippen en gebruikte afkortingen Aangrenzend perceel Van een aangrenzend perceel is sprake in het geval het perceel waarop de verspreiding plaatsvindt ligt binnen een gebied dat valt in hetzelfde
Geen grond samenvoegen zonder erkenning
Versie 2, januari 2019 Geen grond samenvoegen zonder erkenning Er zijn wettelijke regels voor handelingen met grond om te voorkomen dat de bodem (verder) verontreinigd raakt. Die regels gelden voor zowel
Geen grond samenvoegen zonder erkenning
Geen grond samenvoegen zonder erkenning Er zijn wettelijke regels voor handelingen met grond om te voorkomen dat de bodem (verder) verontreinigd raakt. Die regels gelden voor zowel marktpartijen als overheden.
WERKEN AAN EEN GROENE TOEKOMST
WERKEN AAN EEN GROENE TOEKOMST GRONDSTOFFEN VOOR EEN BIOBASED ECONOMIE MIDDEN- N EDERLAND OVER WAGRO Van oorsprong een groen composteringsbedrijf met een terrein van maar liefst 11 hectare, gelegen te
Grondopslag & Actiemaand. Regiodag Den Bosch 18 oktober 2011
Grondopslag & Actiemaand Regiodag Den Bosch 18 oktober 2011 Inhoud presentatie 1. Aanleiding 2. Actiemaand november 3. Theorie 4. Praktijk 5. Documenten 6. IVW ontwateringsdepots 2 Aanleiding & Actiemaand
Op basis van deze resultaten kan bevoegd gezag een definitief oordeel vellen over de uitkomsten van de uitgevoerde onderzoeken.
Portaal Vastgoed Ontwikkeling t.a.v. mevrouw Bloeme Benjamins Postbus 375 3900 AJ Veenendaal kenmerk: 09/200202/EB Amsterdam, 25 februari 2009 onderwerp: rapportage nader bodemonderzoek Nic. Beetsstraat
Risico s beperken, leefbaarheid vergroten.
Besluit omgevingsvergunning Milieuneutrale verandering Aanvraagnummer OLO-2109051 Zaaknummer 199571 Ontwikkelingsbedrijf Gemeente Amsterdam 1000BC, Amsterdam Locatie: Gronddepot Noorder IJplas Oostzanerdijk
Verkenning regelgeving gebruik en verwerking bentoniet bevattende boorvloeistof
Verkenning regelgeving gebruik en verwerking bentoniet bevattende boorvloeistof NSTT Werkgroep: Verkenning regelgeving inzake gebruik en verwerking bentoniet bevattende boorvloeistof, november 2010 Inhoudsopgave
Samenvoegen van grond op eigen terrein. Voorlichting Cumela 30 november 2010 Eindhoven. 1 december 2010. Michiel Gadella
Samenvoegen van grond op eigen terrein Voorlichting Cumela 30 november 2010 Eindhoven 1 december 2010 Michiel Gadella MENU Kwalibo achtergrond en doelstelling Erkenningsregeling wat betekent dat Werkzaamheid
Stenen en bodemvreemde materialen in uitgegraven bodem
Compendium voor monsterneming en analyse in uitvoering van het Materialendecreet en het Bodemsaneringsdecreet in uitgegraven bodem Versie november 212 CMA/2/II/A.11 1 DOEL EN TOEPASSINGSGEBIED Deze procedure
Hierbij doen wij u de resultaten toekomen van het nader bodemonderzoek op het sportpark De Koepel te Vught.
Gemeente Vught T.a.v. heer R. Agterdenbos Postbus 10100 5260 GA VUGHT Heeswijk, 15 juni 2009 Behandeld door : BER Onze ref. : 54161/256445.2 Betreft : Nader bodemonderzoek sportpark De Koepel te Vught
NEN 5707 2014(?) Bas van den Bosch Archimil / NIPA Milieutechniek 10-07- 2014
NEN 5707 2014(?) Bas van den Bosch Archimil / NIPA Milieutechniek 10-07- 2014 Prak2jkgevallen PrakEjkgeval 1 : Boerderij zonder asbestdaken VBO Asbest uitgevoerd : 8 gaten Alle grond gezeefd, geen asbestverdachte
ILT Sectordag. Eigen Werken RWS. aandachtspunten NEN februari Joris van Kesteren Inspectie Leefomgeving en Transport
ILT Sectordag Eigen Werken RWS aandachtspunten NEN 5720 16 februari 2016 Joris van Kesteren Inspectie Leefomgeving en Transport Kaders I -NEN5720 NEN5717 november 2009 (vooronderzoek) NEN5720 november
Besluit Bodemkwaliteit Flevoland
Besluit Bodemkwaliteit Jos Reijerink, 25 en 26 juni 2012 Inhoud Besluit bodemkwaliteit Wanneer van toepassing Kaarten bodemfunctiekaart bodemkwaliteitskaart Regels bij toepassing generieke toepassing grootschalige
HUM Bbk Handhaving Uitvoeringsmethode Besluit bodemkwaliteit
HUM Bbk Handhaving Uitvoeringsmethode Besluit bodemkwaliteit Errata Velduitgave Bodem + 1 Schema 6: Verstrekken van gegevens aan een bestuursorgaan 1. Worden gegevens aan een bestuursorgaan verstrekt ter
Analyserapport Asbestonderzoek conform NEN 5707
rapport Asbestonderzoek conform NEN 5707 Indien de monsters niet door zijn genomen, draagt geen verantwoordelijkheid. Massa veldvochtig monster: 11.129,7 gram S9A < 0,5 mm 5.297,0 0,19 0 0,0 n.a. 0,0 0,0
IBC bouwstoffen en Immobilisaten. Inhoud van de presentatie. Chris Schuurbiers (ILT) Beverwijk, 27 juni 2013
IBC bouwstoffen en Immobilisaten Chris Schuurbiers (ILT) Beverwijk, 27 juni 2013 Inhoud van de presentatie Taken Bevoegde gezagen Bbk IBC bouwstoffen eisen voor toepassing Meldingsplicht AEC bodemassen,
Tijdelijke opslag van 1 partij grond op 1 locatie
Tijdelijke opslag van 1 partij grond op 1 locatie onderdeel van tijdelijke uitname BBK? Zorgplicht Opslaan > 6 maanden? Is de kwaliteit Kwaliteit grond/bagger > Interventiewaarde én > LMW nota bodembeheer?
Minimum bepaalbaarheidsgrens
Stofnaam Type methode Te onderzoeken in Minimum bepaalbaarheidsgrens Vocht Gravimetrisch Mengvoeders uitgezonderd mineralenmengsels; diervoedergrondstoffen en enkelvoudige diervoeders uitgezonderd minerale
Schema voor het bepalen van de meldplicht aan het LMA: voor toezichthouders, d.d. 6 juni 2016
Schema voor het bepalen van de meldplicht aan het LMA: voor toezichthouders, d.d. 6 juni 2016 Moet een inrichting aan het Landelijk Meldpunt Afvalstoffen (LMA)? Valt de inrichting onder categorie 28.4
Waarom voor sommige stoffen geen woongrond bestaat en waarom schone grond industriegrond kan zijn.
Waarom voor sommige stoffen geen woon bestaat en waarom schone industrie kan zijn. Onder het Bsb-regime wordt bij de toetsing van een depotkeuring conform VKB 1001 per gemeten stof bekeken waar het gemiddelde
Minimum VerwerkingsStandaard (MVS) voor baggerspecie
VROM Minimum VerwerkingsStandaard (MVS) voor baggerspecie Bijlage bij brief van 5 april 2004, Kamerstukken II 2003/04, 29 200 XI, nr. 90 maart 2004 1. Inleiding Vanaf 2002 wordt op grond van de Wet belastingen
- A 0 t (. (J )() 13a:t.w54f1.-&,j
Van Speykstraat - A 0 t (. (J )() 13a:t.w54f1.-&,j -~Mf. Gemeente Lisse, afdeling Milieu en Bouwkunde T.a. v. dhr. C. Brouwer Postbus 200 2160 AE Lisse Kamerik, 29 maart 2007 project: 12116 Van Speykstraat
Wijzigingsblad BRL
Dit wijzigingsblad behoort bij BRL 9311 d.d. 16-04-2008, Gerecycled grind voor toepassing op daken en gerecycled grind en gerecyclede steenslag voor toepassing in ongebonden lagen in civiele werken en
BODEMINSPECTIE OP ASBEST aan de Harskamperweg 84 te Harskamp
BODEMINSPECTIE OP ASBEST aan de Harskamperweg 84 te Harskamp Opdrachtgever : Bart Boon Barneveld BV Adres : Barnseweg 124 Postcode, plaats : 3771 RP Barneveld Contactpersoon : Dhr. H. van Grootheest Telefoonnummer
Partijkeuring conform Besluit bodemkwaliteit
Partijkeuring conform Besluit bodemkwaliteit projectlocatie Omgeving Stationsgebied Wijchen opdrachtgever Gemeente Wijchen Postbus 9000 6600 HA Wijchen Projectnummer en versie: Status: 15820, versie 1.0
Minimum VerwerkingsStandaard (MVS) voor baggerspecie
Minimum VerwerkingsStandaard (MVS) voor baggerspecie Handreiking voor vastlegging in vergunningen Wet milieubeheer 29 juli 2004 sikb/stukken/04.3392 1 Inleiding De MVS voor baggerspecie houdt in dat baggerspecie
Voor overschrijding van de wonen- en industriewaarden (evenals interventiewaarden) gelden niet zulke extra ruimten.
=0,15 2*=0,3 Wonen=0,38 Industrie=4,8 Interventiewaarde=36 Inleiding Naar aanleiding van vragen over het in het generieke kader indelen van grond en bodem in kwaliteitsklassen en het gebruik van extra
Partijkeuring asbest-in-grond conform Besluit bodemkwaliteit. Zandvoorterweg (Haringbuys) te Aerdenhout. Depots Noord en Zuid. projectnummer 141652
Partijkeuring asbest-in-grond conform Besluit bodemkwaliteit Zandvoorterweg (Haringbuys) te Aerdenhout Depots Noord en Zuid projectnummer 141652 Opdrachtgever: Gemeente Bloemendaal Afdeling Gemeentewerken
Rekentool Veiligheidsklassen werken met verontreinigde grond (versie 4.x, Conform CROW Publicatie 132, 4e druk)
Rekentool Veiligheidsklassen werken met verontreinigde grond (versie 4.x, Conform CROW Publicatie 132, 4e druk) Inleiding Vaststellen van de veiligheidsklasse Maatregelen voor het werken in en met verontreinigde
Nieuwe regeling voor grondverzet
[ W e t g e v i n g ] Nieuwe regeling voor grondverzet In de Nieuwsbrief van juni 2002 verscheen een uitgebreid artikel over het grondverzet. Ondertussen is veel water naar de zee gevloeid, is de regeling
Furaanzand grond? LWBG heeft een vraag ontvangen of furaanzand aangemerkt kan worden als grond of als bouwstof.
Furaanzand grond? LWBG heeft een vraag ontvangen of furaanzand aangemerkt kan worden als grond of als bouwstof. Gieten van vloeibaar metaal in furaanzandvormen Allereerst een kleine inleiding wat furaanzand
Regionale ligging van de onderzoekslocatie Bijlage I AMSTERDAM Locatie Topografische Dienst Nederland, Emmen Opdrachtgever Schaal Status Gemeente Amst
Regionale ligging van de onderzoekslocatie Bijlage I AMSTERDAM Locatie Topografische Dienst Nederland, Emmen Opdrachtgever Schaal Status Gemeente Amsterdam Stadsdeel Zuid 1 : 25.000 Definitief Project
INTERPRETATIEDOCUMENT vastgesteld door het Accreditatiecollege Bodembeheer
- 1 - INTERPRETATIEDOCUMENT vastgesteld door het Accreditatiecollege Bodembeheer Van toepassing op : AS SIKB 1000, versie 1.1 van 4 maart 2010 Versie en datum vaststelling : 2, 2 oktober 2012 Datum in
Indicatieve keuring grond. Brabantpark te Rijen. projectnummer 131739. mevrouw P. Roos Postbus 73 5120 AB Rijen. Versienummer: 1.0
Indicatieve keuring grond projectnummer 131739 Opdrachtgever: Gemeente Gilze en Rijen mevrouw P. Roos Postbus 73 5120 AB Rijen Versienummer: 1.0 Plaats, datum: Udenhout, 22 mei 2013 Auteur: C.F. Mathijssen
NADER ASBEST IN GROND-/PUINONDERZOEK. Middelaarseweg 2 Hoevelaken Kenmerk: J. Opdrachtgever: Gemeente Nijkerk. Datum rapport: Status:
NADER ASBEST IN GROND-/PUINONDERZOEK Middelaarseweg 2 Hoevelaken Kenmerk: 1243701J Opdrachtgever: Datum rapport: Status: Uitvoering: Projectleider en rapporteur: Gemeente Nijkerk 6 september 2012 Definitief
Martens Aannemingsbedrijf bv t.a.v. de heer M. Martens Postbus AB Lekkerkerk.
Martens Aannemingsbedrijf bv t.a.v. de heer M. Martens Postbus 2582 294 AB Lekkerkerk E-mail: [email protected] Project: 1796MAR; IPB Baan 2 Rotterdam Betreft: briefrapport indicatief bodemonderzoek
advies- en ingenieursbureau RPS 11 april 2013, Den Bosch Peter Moerman Peter Broers rps.nl
advies- en ingenieursbureau RPS Peter Moerman Peter Broers 11 april 2013, Den Bosch Kabels, Leidingen en Bodem Introductie Peter Moerman, Peter Broers en RPS Doel van de presentatie Globaal inzicht geven
Sporen in Arnhem, actualiserend bodemonderzoek
Sporen in Arnhem, actualiserend bodemonderzoek milieukundig bodemonderzoek Lijncode 58, km 89,8-9,3 Opdrachtgever ProRail Dhr. A.F.A. Verhaaren Auteur Movares Nederland B.V. mw. T.M. van der Sman en L.H.
BJU.nu Twentepoort Oost 16A 7609 RG ALMELO. Plan van aanpak asbestverwijdering Orvelterstraat 3 te Westerbork.
` BJU.nu Twentepoort Oost 16A 7609 RG ALMELO Rijssen, 21 januari 2014 kenmerk: Betreft: BU2014-03 Plan van aanpak asbestverwijdering Orvelterstraat 3 te Westerbork. Geachte lezer, Hierbij ontvangt u het
Het doel van het aanvullend onderzoek is het verkrijgen van aanvullende informatie over de verontreiniging.
Vos & Teeuwissen BV T.a.v. de weledele mevrouw J. van Wanrooij Postbus 259 1270 AG HUIZEN Heeswijk, 24 december 2008 Behandeld door : WGE Onze ref. : 258555.1 Projectnaam : Kuijer Plataanlaan te Baarn
Een gezonde en vruchtbare bodem met Keurcompost
Een gezonde en met Keurcompost Voordelen Keurcompost Hoger waterbergendvermogen op zandgronden landbouwcompost tuincompost substraatcompost > minder gevoeligheid tijdens droge perioden Voor de land- en
Practicum bodemonderzoek
Practicum bodemonderzoek In het tuinontwerp is de keuze van planten sterk afhankelijk van de bodem waar ze op groeien. Om enig inzicht te verkrijgen in de manieren waarop bodemeigenschappen kunnen worden
Door te klikken op bovenstaande link komt u direct op de betreffende pagina.
Bodem en bodemverontreiniging Een voormalige stortplaats heeft een bodemprobleem maar dit betekent niet dat automatisch de bodemregelgeving van toepassing is. Dit ligt toch wat genuanceerder. Er zijn drie
Addendum 2017 bij de nota bodembeheer gemeenten IJsselstein, Houten, Nieuwegein en Lopik. versie 4 januari 2011
Addendum 2017 bij de nota bodembeheer Bij de nota bodembeheer, die op 23 juni 2011 door de Gemeenteraad van Houten voor 10 jaar is vastgesteld, wordt per [datum] dit addendum gevoegd. Dit addendum mag,
BRL Keurcompost Uitgifte: 1 januari 2013 Bijlage: 040 Certificatie Voorbeeld Checklist Toepassingsgebied GFT compost Groencompost
BRL Keurcompost Uitgifte: 1 januari 2013 Bijlage: 040 Certificatie Voorbeeld Checklist Toepassingsgebied GFT compost Groencompost Naam bedrijf:... Datum audit:... Auditor(en):... Dit is een toelatingsaudit/opvolgingsaudit
Ministerie van Infrastructuur en Milieu
Ministerie van Infrastructuur en Milieu > Retouradres Postbus 20904 2500 Ex Den Haag Vliegasunie Eestuurskern t a Dir.Duurzaamhed Cluster C Postbus 265 Plesmanweg 1-6 4100 AG Culemborg Den Haag Postbus
Energie uit groenafval. deel van een duurzame. Arjen Brinkmann Branche Vereniging Organische Reststoffen
Energie uit groenafval deel van een duurzame totaaloplossing Arjen Brinkmann Branche Vereniging Organische Reststoffen 1 Branche Vereniging Organische Reststoffen (BVOR) Sinds 1989 branche organisatie
Vervolg onderzoek locatie Bredeweg 69 te Randwijk; aanvulling verkennend bodemonderzoek.
Adviesbureau voo r Grond verb etering en Wate rhuishoud ing Weverstraat 116 6 862 DS Ooste rbee k Vervolg onderzoek locatie Bredeweg 69 te Randwijk; aanvulling verkennend bodemonderzoek. Oosterbeek 19
Veevoeder Vochtgehalte
Bemonsterings- en analysemethodes voor mest, bodem en veevoeder in het kader van het mestdecreet Veevoeder Versie juni 2014 BAM/deel 2/03 Inhoud INHOUD 1 Doel en toepassingsgebied 3 2 Principe 3 3 Materiaal
Samenvoegen partijen grond. Informatieblad voor toezichthouders
Samenvoegen partijen grond Informatieblad voor toezichthouders In Nederland komen bij allerlei werkzaamheden, zoals bouwen, wegenaanleg, natuurontwikkeling en bodemsaneringen, grote hoeveelheden grond
Acceptatie- en verwerkingbeleid
Acceptatiereglement voor de ontvangst van afvalstoffen binnen de inrichting van Rijssense Gebouwensloperij b.v., gevestigd aan de Noordermorssingel 1 te Rijssen. Artikel 1 Toepassingsgebied Dit reglement
BAM - Bemonsterings- en analysemethodes voor veevoeder in het kader van het mestdecreet Veevoeder Droge stof gehalte
- Bemonsterings- en analysemethodes voor veevoeder in het kader van het mestdecreet Veevoeder Droge stof gehalte VERSIE 3.1 juni 2010 Pagina 1 van 6 BAM/deel 2/03 1 DOEL EN TOEPASSINGSGEBIED Het voorschrift
Module Nr. BRL KEURCOMPOST Opmerkingen
BRL Keurcompost Uitgifte: 1 januari 2013 Bijlage: 040 Certificatie Toepassingsgebied GFT compost Groencompost Voorbeeld Checklist Naam bedrijf:... Datum audit:... Auditor(en):... Dit is een toelatingsaudit/opvolgingsaudit
Praktijkervaringen met de BRL SIKB mei 2017
Praktijkervaringen met de BRL SIKB 7700 16 mei 2017 INHOUD Presentatie Stephan Romers Ronald van Leeuwen Praktijkervaringen Aan de hand van een aantal cases ervaringen met de BRL SIKB 7700 uitwisselen
Voorblad. 1 Naam en adres gegevens. Voorstel afval- of reststof bestemd voor covergistingsmateriaal opnemen in Bijlage Aa
Voorblad Voorstel afval- of reststof bestemd voor covergistingsmateriaal opnemen in Bijlage Aa Vul de vragen in. Gebruik hierbij het Protocol Beoordeling Stoffen Meststoffenwet versie 3.2. Heeft u op dit
4.A.1 Ketenanalyse Groenafval
4.A.1 Ketenanalyse Groenafval Prop Beplantingswerken v.o.f. Autorisatie Nummer/versie Datum Opsteller Goedgekeurd directie 01 22-01-2015 Naam: F. van Doorn Naam: A. Prop Datum: 22 januari 2015 Datum: 22
BRL SIKB 1000 versie 8, vastgesteld en van kracht 17 juni 2009, versie 7 vervalt per 1 juli 2010
BRL SIKB 1000 versie 8, vastgesteld en van kracht 17 juni 2009, versie 7 vervalt per 1 juli 2010 Een bureau is gecertificeerd voor een bepaalde versie en dus ook voor de bijbehorende protocollen. Dit certificaat
BIJLAGE: AV beleid en AO/IC rondom de afvalstromen
BIJLAGE: AV beleid en AO/IC rondom de afvalstromen D2 1 Inleiding Aannemersbedrijf Van Ooijen is gecertificeerd voor de diverse bewerkingen die binnen de inrichting worden uitgevoerd. Daarom geldt dat
1 Grond Bodem Minerale bestanddelen Organische bestanddelen De verschillende grondsoorten 16 1.
Inhoud Voorwoord 5 Inleiding 6 1 Grond 9 1.1 Bodem 9 1.2 Minerale bestanddelen 11 1.3 Organische bestanddelen 13 1.4 De verschillende grondsoorten 16 1.5 Afsluiting 17 2 Verzorging van de bodem 19 2.1
2. De leden hebben de vraag of alles gedaan mag worden met koud-geïmmobiliseerde grond. Zo nee, welke beperkingen zitten hier aan?
Met belangstelling heb ik kennisgenomen van de vragen van de vaste commissie voor Infrastructuur en Milieu over het ontwerpbesluit tot wijziging van het Besluit stortplaatsen en stortverboden afvalstoffen
Statistische berekeningen ten behoeve van actualisatie Bodemkwaliteitskaart Gemeente Veere. Eindrapport. Marmos Bodemmanagement
Statistische berekeningen ten behoeve van actualisatie Bodemkwaliteitskaart Gemeente Veere Eindrapport Marmos Bodemmanagement Opdrachtgever: Gemeente Veere Projectnummer: P10-09 Datum: 5 mei 2010 1. INLEIDING
Sectorplan 24 PCB-houdende afvalstoffen
Sectorplan 24 PCB-houdende afvalstoffen 1 Achtergrondgegevens 1. Belangrijkste afvalfracties PCB-bevattende apparaten en PCB-houdende olie 2. Belangrijkste bronnen Elektriciteitsbedrijven en industrie
Rapport Partijkeuring grond (in-situ) Strijpweg te Tull en 't Waal
Rapport Partijkeuring grond (in-situ) Strijpweg te Tull en 't Waal projectnummer 174488 revisie 00 25 augustus 2008 Opdrachtgever Gemeente Houten Postbus 30 3990 DA HOUTEN datum vrijgave beschrijving revisie
ecycling Recycling Project Baggeren toevoerwateren boezemgemaal Katwijk
ecycling Recycling Project Baggeren toevoerwateren boezemgemaal Katwijk Jansen Recycling B.V. Baggeren toevoerwateren boezemgemaal Katwijk In opdracht van het Hoogheemraadschap van Rijnland voert de aannemerscombinatie
Vergelijking Actief Bodembeheer Limburg en Interim-richtlijn bodemkwaliteitskaarten. Een notitie van de Beleidsgroep Bodembeheer Limburg
Vergelijking Actief Bodembeheer Limburg en Interim-richtlijn bodemkwaliteitskaarten Een notitie van de Beleidsgroep Bodembeheer Limburg Projectcode : 2002/14768 nummer : BBLnot 2.3 Datum : 13 februari
ALCONTROL B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM ISO/IEC 17025:2005 ONDER NR
ALcontrol B.V. Correspondentieadres Steenhouwerstraat 15 3194 AG Rotterdam Tel.: +31 (0)10 231 47 00 Fax: +31 (0)10 416 30 34 www.alcontrol.nl HB Adviesbureau Postbus 9230 1800 GE ALKMAAR Blad 1 van 6
