Noordzijde Poststraat 5 en 7.
|
|
|
- Mirthe Janssens
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Historie, eigenaars en bewoners van: Zuidzijde Kerkstraat 6, 8, 10, 12, 14, 16, 18, 20, 22, 24, 26 en 28; en Noordzijde Poststraat 5 en 7. Wim Kesteloo, Nieuwerkerk,
2 Kerkstraat 2 en 4 worden beschreven bij Ring 65. Kerkstraat 34 is apart beschreven als: De Meebaal. Kerkstraat 36 is beschreven bij: De Stekelstraat. Poststraat 11 is beschreven bij: De Stekelstraat. 2
3 Kerkstraat Als het huis hiernaast (nu nr. 8) verkocht wordt, blijkt Frans Jansz. Deugt hier te wonen Op 16 juni 1750 maakt Leijntie Pieters, laatst weduwe van Pieter Bijljaart, die in zijn leven, fabrijck was in Zierikzee, haar testament bij Nicolaas Telle, notaris op Nwk. Zij benoemt haar 5 kinderen tot enige en universele erfgenamen, maar de dochter uit een eerder huwelijk, Johanna (Janna) van Gulden blijft gedurende haar gehele leven in het bezit van de gehele boedel en de opbrengst daarvan. Dit omdat Johanna haar moeder, in haar ouderdom, voor een gering penningtie heeft gediend en verzorgd. Johannis Hilzinger en Iman Kempe zijn de getuigen.( ) 1758 De 2 huizen op c met de schuur en de wagenhuizen zijn allebei van Janna Klaas van Gulden. Links het hier beschreven, nr. 6, rechts nr Als het huis hiernaast verkocht wordt (nu nr.4) staat daar als de belendende ten oosten de naam van de huurster, Cornelia Jans maar dat wordt doorgestreept en vervangen door: Janna Claas van Gulden de eigenares Op 27 maart 1770 worden de voorwaarden voorgelezen en worden de nagelaten goederen van Janna Gulden verkocht. Janna zelf woont hiernaast (nu nr.8), en ze verhuurt dit huis aan Cornelia Janze, de weduwe van Frans Cornelisse (van der Stolpe)., maar nu wordt dit huis verkocht aan Marinus Maertense de Jonghe voor (4656/42,45,50) (4663/60) Op 17 apr.1770 bekent de Jonge dat hij 35 pond vlaams schuldig is aan Pieter van der Busse met dit huis als garantie. ( en ) Marinus is getrouwd met Willemijntje Cornelis de Vrede, waarmee hij 6 kinderen krijgt van
4 1790 Ondervraging in 1790 te Nieuwerkerk door de Commissarissen van de Commissie tot onderzoek, naar de plundering en gewelddadigheden op 24 sep te Zierikzee, van: Marinus Maartense de Jonge, arbeider, 62 jaar oud, woont te Nieuwerkerk. Tenlastelegging: Plunderde te Z.zee bij: bij van Schelven, bij Brouwer, en in de Pastorie, met een broederpan. --- Hij zegt wel in Zierikzee geweest te zijn op 24 sep.1787 in het gezelschap van Marinus Kroonen en Jan Kik. Hij zou gedwongen zijn mee te gaan, en het plunderen was al lange tijd aan de gang toen hij in Zierikzee kwam. Marinus ontkent dat hij geplunderd heeft bij van Schelven, Brouwer of in de Pastorie, en dat hij daarbij een broederpan zou hebben gebruikt; wel heeft hij gezien dat de pastorie was opengebroken, maar hij heeft niets meegenomen. Ook de zoon van Marinus wordt ondervraagd: Jan Marinusse de Jonge, arbeider, 32 jaar, woont op Nieuwerkerk. Tenlastelegging: Plunderde te Z.zee bij Meurs en Blauw; hij perste de horlogemaker Cornelis Hoogstraten een horloge af, maar schepen van der Have zorgde dat hij daar van af zag. --- Hij zegt wel in Zierikzee geweest te zijn op 24 sep.1787 maar niet geplunderd te hebben, ook niet bij commandant Blaauw. Hij is niet opgehitst of aangezet tot plunderen, noch er iets voor beloond, en hij heeft ook geen lijst gezien. Hij heeft ook de horlogemaker Cornelis Hoogstraate geen horloge afgeperst, en schepen van der Have uit Nieuwerkerk heeft hem niet gedwongen om het horloge weer terug te geven. Als aan Jan gevraagd wordt, waarom hij het gedaan heeft, zegt hij dat de horlogemaker hem vroeger al eens heeft bedrogen met een horloge; en dat het waar is, dat de horlogemaker bezig was hem een horloge te overhandigen toen schepen van der Have dat verhinderde! 1818 A-98 Jan Marinusse de Jonge, vlasboer; ( ) en zijn vrouw Lijntje Cornelisse Hem (of Lijntje Cornelisse Op de Hem) (ca ) wonen hier. Jan heeft het huis met erf voor de helft verkregen door vererving. Jan en zijn vrouw, de arbeidster Lijntje, hebben een dochter Willemina, die in 1816 op 19 jarige leeftijd getrouwd is met de 24 jarige Cornelis Braam. Op 22 dec lenen Jan en Leentje f.350,- van de landbouwer Cornelis Hollander uit Nieuwerkerk. (C.P.Boom) 1830 A-98 Arbeider Jan Marinusse de Jonge is de eigenaar van dit huis waarvan de grond in het nieuwe kadaster het sectienummer M-336 krijgt, het is 198 m2 groot A-98 Lijntje is op 8 dec.1837 overleden, het beroep van Jan is dan koster. Hun 21 jarige kleindochter Maatje Braam trouwt op 18 dec.1837 met de 22 jarige arbeider Willem van Damme, zij is vier maanden zwanger, dus komt het voor beide partijen goed uit dat ze nu hier nu bij Jan kunnen komen wonen. 4
5 Op 4 juli 1838 verkopen Jan Marinusse de Jonge en zijn dochter, Willemina de Jonge, die de vrouw is van Cornelis Braam, het huis met erf op sectie M-336, voor f.250,-aan drie personen, elk voor 1/3 e gedeelte: aan de landbouwer; Cornelis Hollander, de particulier Pieter van Vessum en de arbeider Lambertus van Vessum, allen te Nieuwerkerk.(C.P.Boom) Cornelis Braam en zijn vrouw Willemina gaan acht jaar later, in 1846, naar Amerika. In 1845 komt de arbeider Marinus Hollander (1815-) hier wonen met zijn vrouw Jannetje Romeijn (1820-). Ze krijgt hier twee kinderen, in 1845 en A-98. Marinus Hollander en Jannetje gaan met hun twee kinderen naar A-139. Zijn vader komt van A-139 hier een poosje wonen met zijn dochter Maria, de zuster van Marinus; maar zij vertrekken weer naar A-149. In 1849 komt Jan van IJsseldijk hier wonen met zijn vrouw Maatje de Ruiter, die hier hun eerste kind krijgen. In 1852 vertrekken ze, en dan komt Everinus Tuijnman hier wonen met zijn vrouw Maria van de Stolpe en hun 4 kinderen A-98. Op 10 juni 1858 koopt Cornelis Hollander (1787- ) voor f.200,- ook het andere 2/3 gedeelte. (v.haalen) 1861 Na de vernummering: A-122. Intussen is Marinus Elenbaas hier komen wonen met zijn vrouw Marina Heijboer, ze kregen 2 kinderen, in 1858 en Op 20 aug.1861 wordt door de erven van Cornelis Hollander, waaronder timmerman Johannis Brouwer die getrouwd is met Janna Hollander, en smid Gerard Goosen die getrouwd is met Maria Hollander, het huis met erf Kerkstraat M-336 voor 581 gulden verkocht aan exmolenaar Govert Berman ( ). (D.Q.de Jong van Halen) (k-649) Govert komt hier wonen met 2 zoons en een nicht Kerkstraat A-122. De eigenaar en bewoner is Goverd Berman, hij overlijdt op 13 feb Op 20 aug.1877 wordt de zoon, Jan Cornelis Berman, als enige erfgenaam van zijn vader, eigenaar. (D.Quirijn) 1880 Kerkstraat A-122. Op 28 mei 1880 verkoopt Jac. Corn. Berman uit Colijnsplaat het huis met erf op sectie M-336 voor f.300,- aan de arbeider Cornelis Goosen ( ), arbeider te Nieuwerkerk. Goosen leent f.200,- extra om de nodige verbeteringen uit te voeren aan het huis, en geeft daarvoor een hypotheek af van f.500,- aan de herbergierster Pieternella Slootmaker uit De Meebaal, de weduwe van Anthonie van der Vlugt. (J. M. Bouvin) Cornelis wordt in mei 1879 ingeschreven op Nieuwerkerk hij woont dan op A-73. Hij trouwt in 1879 met de naaister Fransina Heijboer ( ). (kinderen in 1881 en 1886) Ze behoren tot de Katholiek Apostolische gemeente. In 1888 komt Goosen hier wonen met zijn vrouw en de 2 kinderen. In 1891 vertrekt Goosen naar Rotterdam, waar hij twee keer hertrouwt. In 1888 komt ook de boerenknecht Jozeas Bal ( ) hier wonen met zijn vrouw Adriana Lievense en hun dochter. 5
6 1893 Kerkstraat A-122. Goosen die nu in Rotterdam woont, voldoet niet aan zijn financiële verplichtingen, dus laat Pieternella Slootmaker op 13 mei 1893 beslag leggen en komt er een openbare verkoping. Het huis, dat nog verhuurd is aan J. Bal, voor f. 40,- per jaar, wordt voor f. 610,- gekocht door de landbouweresse Adriana Bal, de weduwe van Cornelis Hendrikse. De gemeenteveldwachter Abraham Dij, en de herbergier Johannes Lodewijk, zijn de getuigen. (J.Franse) 1901 Kerkstraat A-122. Op 1 dec verkoopt Adriaan de Braal voor en namens de weduwe Adriana Hendrikse- Bal, dit huis en erf, sectie M-1223, groot 196 m2, voor f.800,- aan rijksveldwachter Martinus Cornelis Lodewijk ( ), wonende te Ooltgensplaat. (J.C.v.d.L.de Cl.) In sep.1902 komt zijn vader, de kuiper Eduard Lodewijk ( ) hier wonen, met zijn vrouw Jacoba Bolijn (1824-) 1910 Na vernummering: Kerkstraat A-199. Na het overlijden van Eduard komt Martinus Cornelis Lodewijk in 1910 hier zelf wonen op A-199, maar in sep.1910 woont de pas getrouwde slager Dingenus van der Wielen hier ook, met zijn vrouw Pieternella Korteweg (1886-) 1916 Kerkstraat A-199. Op 24 maart is er een boedelbeschrijving voor Martinus Cornelis Lodewijk omdat zijn vrouw Maria van den Hoven op 2 oct.1915 is overleden. Naast wat gewone spulletjes is er dit huis met erf op sectie M-1223, groot 196 m2, en een stuk bouwland van 343 m2, sectie M Er zijn ook betrekkelijk veel Russische, Bulgaarse, enz. staatsobligaties.(korteweg) Kerkstraat A-199. Op 6 mei 1918 laat Martinus, samen met zijn zoon Adriaan Eduard Lodewijk, hoofdklerk van politie te Utrecht, en met zijn dochter Gieltje Cornelia Johanna Lodewijk, die getrouwd is met schilder Cornelis Deurlo, een openbare verkoping houden in "De Meebaal", waarbij het woonhuis met erf en moestuin in de Kerkstraat op sectie M-1223, groot 196 m2 verkocht wordt voor f.3860,- aan de slager Dingenis van der Wielen (1889-), die al sinds 1910 twee huizen hier vandaan (zie Kerkstraa 2), een pand huurt en daar woont en werkt. Dingenis is in 1910 getrouwd met Pieternella Korteweg (1886-); ze krijgen 4 kinderen. Op 30 mei 1918 leent Dingenis f.1800,- op M-1223, groot 196 m2, om de stichting, wat mogelijk een verbouwing van dit huis tot winkel en/of slagerij is, te betalen. (kadaster en Korteweg) Ca.1925 gaat Dingenis naar: zie Ring 37 of 39. (Noordring A-66) 6
7 1925 Kerkstraat A-199. V. d. Wielen verkoopt het huis voor f.3000,-. aan de particulier Cornelis Slootmaker ( ) (Biermasz) Op 6 aug.1925 leent Slootmaker f.1600,- van Henriëtte Biermasz uit Arnhem. (Dalebout) Cornelis is getrouwd met Sara Heijboer ( ) 1934 Na vernummering Kerkstraat A Kerkstraat A-279 Het huis wordt verhuurd aan Martinus (Tinus) de Vin (ca.1914-) die met zijn vrouw J. (Jo) Bakker in dit jaar van Oosterland naar Nieuwerkerk komt In 1944 evacueert de familie de Vin naar de Abcoudestraat 19b in Rotterdam. ca.1947 Kerkstraat A-279 De landarbeider Martinus (Tinus) de Vin koopt dit huis met erf op sectie M-1223, groot 196 m2 van de erven Slootmaker. In 1949 verbouwt Tinus het huis Kerkstraat A-279. Tinus de Vin evacueert naar de Abcoudestraat 19 in Rotterdam. het sectienummer veranderd later in N-187. In 1994 wordt de woning vernieuwd. In 1996 worden er 3 dakkapellen geplaatst. Ca.2000 J. A. de Bilde woont hier. 7
8 Kerkstraat 8 Vóór 1718 is Jan Hendrikzoon van Westenbrugge eigenaar, mogelijk woont hij hier Op 7 dec.1718 verkoopt secretaris Hendrik Smith het huisje met schuurtje en erf aan de zuidkant van de Kerkstraat dat is nagelaten door Jan Hendrikzoon van Westenbrugge, voor aan Pieter Bijljaart of Biljaert., fabrijcq in Zierikzee. ( ) De belendingen van het huisje zijn: oost ( Kerkstraat 10) Pieter Bijljaart; west Frans Jansz. Deugt. Pieter Bijljaart is getrouwd met Leijntie Pieters, weduwe van van Gulden Op 5 mei 1725, verkoopt timmerman Pieter Bijljaardt zijn huis hiernaast ( d, nu nr.10), in die akte staat dat dit, c, het nieuwe huisje is van dezelfde Bijljaart. ( ) 1750 Op 16 juni 1750 maakt Leijntie Pieters, laatst weduwe van Pieter Bijljaart, die in zijn leven fabrijck was te Zierikzee, haar testament bij Nicolaas Telle, notaris op Nwk. Zij benoemt haar 5 kinderen tot enige en universele erfgenamen, maar de dochter uit een eerder huwelijk, Johanna (Janna) van Gulden ( -1770) blijft gedurende haar gehele leven in het bezit van de gehele boedel en de opbrengst daarvan. Dit omdat Johanna haar moeder, in haar ouderdom, voor een gering penningtie heeft gediend en verzorgd. Johannis Hilzinger en Iman Kempe zijn de getuigen.( ) 1751 Leijntie Pieters is overleden, haar dochter Janna maakt op 17 dec.1751 een inventaris en levert die op 19 mei 1752 in bij de weeskamer omdat er een onmondige wees is, namelijk de dochter van Leendert van Dommelen. Verder zijn aanwezig: Lieven Huijbregtse (later v. d. Stolpe) en Jacobus Kooijman mede wegens zijn vrouw. en laatstelijk nog Huijbregt van Gulden; allen erfgenamen. De reden dat de weeskamer er bij komt is, moet gezocht worden in de volgende zin: Wegens de onmondige wees genaamd., dochter van Leendert van Dommelen, geprocureert bij.(de stippeltjes staan er echt). Ten eerste is er een huis met schuur inde Kerkstraat, getaxeerd op 50 pnd. Dan is er het huisje er naast, getaxeerd op 6 pond, en een boomgaard van 2G. die waard is. 8
9 Verder is er nog: Een huis op Ouwerkerk, en verder op Nwk. een grote schuur, 2 wagenhuizen, een tuin bij het Steenzwaan, 4 Gemeten 250 Roe land bij Bloksweg; 5G.95R. land aan de Capeldijk, en 3G.99R. land in de 35 e mate van Nwk. Met de verdere inventaris enz. is het bezit waard, waar na aftrek van de schulden nog 510,8.0 van over blijft. Er wordt geen verdeling aangegeven. Uit de duidelijke en interessante inventaris blijkt, dat er een gemengd bedrijf geweest is. Janna krijgt een vergoeding of loon van 5 pond per jaar over de periode 1719 tot 1751, dus 160 pond. Mogelijk vindt ze, dat ze lang genoeg koeien gemolken heeft, want die zijn intussen al verkocht. ( ) 1758 De 2 huizen met de schuur en de wagenhuizen op c zijn van Janna Klaas van Gulden. Links Kerkstraat 6, en rechts het hier beschreven huis nr Op 27 maart worden de voorwaarden voorgelezen en worden de nagelaten goederen van Janna Gulden verkocht, zij is op 17 maart 1770 overleden. De erfgenamen-verkopers zijn: Lieven Hubregtse voor zichzelf en namens Jan Johannisse gehuwd met Pieternella van Dommelen; Pieter van Bussen met Paulina van Dommelen en Adriaan en Cijntje Cooijman. Janna heeft hier gewoond, het huis wordt nu verkocht aan Cornelia Janze voor ; het huis ten oosten is van Crijn van der Plas. Cornelia huurde van Janna eerder al het huis ten westen, (zie Kerkstraat 6) dat Marinus Maertense de Jonghe nu koopt voor De schuur, aan de zuidoostkant van de Ring, is nog tot 1 mei verhuurd voor per jaar, en wordt nu voor verkocht aan Leonardus Swemer. De belendingen van de schuur zijn: oost Paulus de Vin; west Leonardus Swemer; zuid mr. Jan Otte van Wijk; en noord de Ring. Leonardus Swemer koopt voor ook het westelijk ernaast gelegen wagenhuis met het hof en de bomen, dat nog verhuurd is tot 1 mei voor per jaar. (zie Poststraat M-286) Ook de 4 stukken land en een tuin op diverse plaatsen, samen ca.15 Gemeten, worden verkocht; de totale opbrengst daarvan is Na de schulden van de baten te hebben afgetrokken blijkt dat na het overlijden van Janna over successierecht betaald moet worden; ze was een rijke vrouw. ( en ) (4663/60) ( ) 9
10 1777 Op 17 aug is Cornelia Jansen overleden. Ze was getrouwd met Frans Cornelisse (van der Stolpe). Ze waren in gemeenschap van goederen getrouwd. (zie Dijkzicht) Frans is één van de zeven kinderen van Cornelis Huijbrechtse (van de Stolpe) en Lena Franse Pijpeling, die drie hofsteden bezaten. In de inventaris die op 28 feb.1777 gemaakt is voor de heren van de weeskamer zien we dat er een testament is gemaakt bij notaris P. v. d. Water op 14 dec.1771, waarbij Cornelia aangeeft dat bij haar overlijden 2/3 e gedeelte van haar bezit naar Frans zal gaan, en 1/3 e naar de 3 kinderen, Jan die dan 3 jaar, Cornelis die 2 jaar en Lena die 10 maanden oud is. 4674A-9) De baten bestaan uit: 1 e : 1/7 e portie in 3 hofsteden aan de noordkant van Nieuwerkerk met in totaal 338G. 238R. land dat op 600 pond getaxeerd wordt; 2 e : Dit huis met schuur en erf aan de zuidkant van de Kerkstraat met Corn. Uijl ten oosten en Marinus de Jonge ten westen; dat 150 pond waard is. 3 e : Een boeren inspan met 8 paarden, 12 koeien, 11 vaarzen en kalveren, wagens, ploegen, eggen en gereedschappen; 4 e : Er is sprake van een nieuw huis, een nieuwe schuur, maar ook van de kleine hoeve en een kleine schuur. Na aftrek van alle lasten blijft er over, waarvan dus voor de kinderen is. De weduwnaar Frans Cornelisz. van der Stolpe ( ) hertrouwt in 1778 met Wilhelmina Cornelisdr. van Achthoven, ( ); In 1796 hertrouwt Wilhelmina met Cornelis Adriaansz. de Jonge ( ), landbouwer op Dijkzicht. ( zie ook Kerkstraat 48) 1793 Als het huis hiernaast (nu nr.10) verkocht wordt staat in de akte dat de landbouwer Frans Corneliszoon (van der Stolpe) ( ) de eigenaar is. Zijn dochter Lena Franse van der Stolpe ( ) trouwt in 1801 met Marinus Dijkema ( ), ze gaan naar de boerderij aan Dijkema s Wegeling, precies ten zuiden van de Steenzwaanshoeve, met 44 bunder, 83 roeden en 59 ellen grond; die boerderij gaat later naar hun zoon Jeremias Dijkema A-97 De landbouwer Marinus Dijkema is de eigenaar van dit huis en erf op sectie M-337, groot 184 m2;. Zoals uit de inventaris van 1825 blijkt, gaat dit huis op sectie M-337 groot 1 roede en 84 ellen, naar de dochter Martina Dijkema. De geschatte waarde is f.450,- Bewoners zijn: De 66 jarige landman Jan Adriaanse de Jonge; hij overlijdt in 1818; de 24 jarige Frederica Levina Broeksmit die in 1821 naar Ring A-3 gaat; De 31 jarige kleermaker Barend van Beek, komt in 1822 met Neeltje Krabbe; De 38 jarige Huibregt Verhoeve met Eva Logmans en 3 kinderen komen hier in 1822 wonen; De 39 jarige commies Dirk Uijtenbogerd en de 37 jarige Neeltje Duivekot, komt in
11 1825 A-97 Bij de geboorte van haar tweede kind overlijdt Martina Dijkema ( ) op 4 maart Het huis en erf M-337, groot 184 m2 wordt bij de verdeling in 1845 toebedeeld aan haar man, de landbouwer Johannes Johanneszoon van den Bout ( ca ) Johannis hertrouwt 12 aug.1825 met de 22 jarige Janna Scherpenisse ( ). k-334/2. (komt van 246/1) In de periode woont kleermaker Barend van Beek hier op A-97a, met zijn vrouw en inmiddels 3 kinderen; zij vertrekken naar A-43a; Op A-97b woont de arbeidster-weduwe Jacomina Otte met 3 kleine kinderen; Op A-97c woont eerst de weduwe Maria Overbeke hier met 2 kleine kinderen; In 1826 komt de commies Johan Cornelis Hoogvliet met vrouw en 2 kinderen, Als hij vertrekt komt in 1827 Marinus Nikerk hier wonen met zijn vrouw Jacoba Stoutjesdijk 1838 A-97 De arbeider Jacob van der Have woont hier en betaalt de belasting; hij is getrouwd met Jozina van Klinken ze hebben 3 kinderen; verder zien we tot 1841 nog vele arbeiders en arbeidsters, soms getrouwd, en soms met kinderen, hier wonen, meestal maar één jaar In de periode tot 1845 woont in het eerste gedeelte van het huis eerst de smidsknecht Frans Goose met zijn vrouw Kaatje Wagemaker en hun 2 kinderen, dan Marcus van Westenbrugge met zijn vrouw Adriana de Ruijter en hun 3 kinderen, en daarna Cornelis Steenland met zijn vrouw Adriana van Westen en hun kind. In het twee gedeelte van het huis woont Johannis Hollander, die in 1843 overlijdt, met zijn vrouw Stoffelina van Oost; zij blijft achter met 4 kleine kinderen. In het derde gedeelte woont Jan de Ruijter die getrouwd is met Elisabeth van Thielen, met hun 4 kinderen A-97 Op 4 maart 1845 wordt door de notaris C.v.d.Lek de Clercq een verdeling opgemaakt omdat één van de twee kinderen uit het eerste huwelijk is overleden en de boedel na het overlijden van Martina Dijkema, waarmee Johannes van den Bout eerder in gemeenschap van goederen was getrouwd, nog niet eerder verdeeld is en dat moet dus eerst gebeuren om het bezit van het overleden kind vast te stellen en pas dan kan dat verdeeld worden. Om de zaak nog wat ingewikkelder te maken heeft dat kind ook nog recht op een gedeelte van de erfenis van haar grootvader Martinus Dijkema. Jeremias Dijkema, de broer van Martina, woont nu op Oosterland, en hij treedt op als voogd om de belangen van de minderjarige kinderen in de gaten te houden. Gelukkig is er in 1825 wel een inventaris opgemaakt, waar onder andere uit blijkt dat Johannes landbouwer is, hij pacht Zeemanslust. 11
12 1848 A-97 In één gedeelte woont nog steeds de schilder Cornelis Steenland met zijn vrouw en een kind. In een ander gedeelte woont de arbeider Job de Valk met zijn vrouw Elisabeth Vijverberg. In het derde gedeelte woont nog steeds Jan de Ruiter met vrouw en 3 kinderen A-97 Job de Valk woont nog steeds hier, nu met 3 kinderen. Ook Jan de Ruiter woont ook nog hier, nu met 5 kinderen. Nieuw in 1859 is timmerman Leendert Capelle met Jaapje Bakker Kerkstraat A-121, A-121a en A-121b. Op A-121 woont Kornelis Kort met zijn vrouw Cornelia van IJzendijke, in 1866 wordt het zevende kind geboren. Op b woont vanaf dec de weduwe Maria Heijboer met haar dochter Jacoba Braam; Op c molenmaker Leendert Capelle met Jaapie Bakker en 1 kind; ze vertrekken in Kerkstraat A-121, A-121a en A-121b. De eigenaar, Johannes van den Bout overlijdt, zijn vrouw Janna volgt hem zes dagen later; ze woonden vanaf hun trouwen tot hun dood op Zeemanslust. Dit huis gaat naar de zoon, Johannes van den Bout Johanniszoon ( ), die tot ca.1874 ook op Zeemanslust woont, en dan naar wat nu Kerkstraat 11 is gaat Kerkstraat A-121, A-121a en A-121b. Johannes van den Bout verhuurt het huis aan: A-121 aan Abraham Deij; (woont in 1870 als veldwachter op A-58); A-121a aan Maria Heijboer; A-121b aan Jacob Zeeman, met zijn vrouw Martijntje van Almkerk en 7 kinderen; ze wonen al hier in Kerkstraat A-121 Het kadaster geeft sloop aan. Het wordt een nieuw huis met schuur en erf op sectie M-1224, groot 184 m2. Van den Bout woont hier nu zelf Kerkstraat A-198 (na vernummering) In 1910 zien we dat van den Bout hier nog steeds woont, met een huishoudster; hij overlijdt in Hij legateert het huis aan die huishoudster Leendrina Lievense ( ) Het hoge huis met de hoge goot. 12
13 Ca.1934 Kerkstraat 278 (na vernummering) Mej. Leenderina Lievense ( ) is de eigenaresse In 1944 evacueert mej. Lievense naar de van den Borchlaan 13 in Breda. Ca.1951 Kerkstraat 278. Na het overlijden van Leenderina wordt het huis op sectie M-1224 verkocht aan de er naast wonende winkelier Adriaan Steven Flikweert, die het verhuurt aan de bij hem werkende Joost Jumelet Kerkstraat 278. Joost Jumelet evacueert naar W-30a in Cadzand Kerkstraat 8. Het sectienummer verandert, het wordt N-188, nog steeds groot 184 m2. Flikweert bezit ook N-189, groot 261 m2; N-190, een huis met schuur en erf groot 271 m2, en N-194, een winkel met erf, groot 195 m2. In 1962 wordt de voorgevel van de winkel verbouwd Het winkelpand gaat terug naar zijn oorspronkelijke bestemming, het wordt verbouwd tot woning In 1997 wordt de woning vernieuwd/veranderd. (bouwverg.) Ca.2000 M. Demendonca. 13
14 Kerkstraat 10 Grotendeels op Botland gelegen. Vóór 1677 Op de lijst van Cleijn Ambacht over erven gelegen in Nieuwerkerk, maar dan op grond van Botland, staat bij dit pand: Sijme de Wever Op 5 mei 1725 verkoopt Pieter Bijljaardt voor 950 Carolij gulden aan Huijbregt van Gulden, een zoon uit een eerder huwelijk van zijn vrouw, een huis met erf en een achter het huis staand schuurtje. Belend ten oosten door Willem van IJserloo en ten westen door het nieuwe huisje van de verkoper; zuid s Heeren Achterom en noord s Heeren Straate. Er wordt ook een grote schuur met vijf tassen en een dorsvloer mee verkocht, staande achter het huis over de Achterweg, met oost en west s Heeren deurrijt (doorrit); zuid Tonis Schapekaas en noord s Heeren Achterom. ( ) Op 4 juli 1740 maken meester timmerman Huijbregt van Gulden en zijn vrouw Crijna Honings een testament op langstlevende bij notaris Erkelens, waarmee een eerder testament uit 1726 wordt veranderd Volgens een schuldbekentenis van de buurman van De Roode Leeuw, (nu nr.12) woont Iman Kempe ( -1752) hier. Iman en zijn vrouw Leuntie Maartense de Jonge hebben op 12 oct.1744 de weeskamer uitgesloten bij notaris Jac. van IJsselsteijn in Zierikzee. Op 11 jan overlijdt de schepen in wette en politie, timmerman Iman Kempe, en op 6 juni 1752 wordt door de administrerende voogd, timmerman Abraham Kempe uit Zierikzee een besloten boedelbeschrijving, opgemaakt door secretaris Nicolaas Telle, aangeboden aan de weeskamer van Botland ( ), en aan die van Nieuwerkerk. (4674a-41) Daarop wordt het huis en gevolgen met een schuur, staande aan de zuidzijde van de Straat, waar de overledene woonde, getaxeerd op 181 pond. Er moet nog 413 pond ontvangen worden voor gedaan timmerwerk; het gereedschap en de voorraad hout zijn 35 pond waard en de kleren met de huisraad en het goud en zilver worden op 100 pond gewaardeerd. Er is een hypotheek op het huis van 133 pond, als armmeester moet Iman nog bijna 24 pond aan die kas afdragen die hij kennelijk geleend heeft. Er moet nog meer dan 300 pond betaald worden voor ingekocht hout enz.; ook de knechts en andere leveranciers moeten nog betaald worden. Kortom, tegenover 730 pond aan baten staat 683 pond aan schulden. (4647-3) (4674a-41) De weduwe, Leuntie Maartense de Jonge hertrouwt met de trimmerman Reijnout van der Reet Op 10 feb.1753 verklaart meester Reijnout van der Reet tegenover A. Kaashoek, Frans Weksteen en N. Telle, schepenen der heerlijkheid Nieuwerkerk in Duijveland, dat hij 800 Caroli guldens schuldig is aan Pieter Kempe, of aan de toonder van het schuldbewijs. Hij moet 3,5% rente betalen en als onderpand dient zijn huis en schuur aan de zuidzijde van de Kerkstraat ( d op het kaartje); belend ten oosten door Claas van IJsserloo, ten westen door Janna Claas, met sheeren Straete ten noorden en de Achterwegt ten zuiden.( ) 14
15 1754 Op 23 maart 1754 maakt de openbare notaris Nicolaas Telle een testament op langstlevende voor Reijnout van der Reet en zijn vrouw Leuntie Maartense de Jonge; de weeskamer wordt uitgesloten.( ) 1758 Huis en schuren van timmerman Reijnout van Reet op d Op 5 juli 1759 legt meestertimmerman van Reet tegenover de schepenen van Botland, Lieven Huijbregtse en Jacobus Izaacqse een verklaring af waarbij hij dit huis met schuur en erf voor zover het op Botland ligt, tot meerdere zekerheid stelt voor de schuld die hij op 1 feb.1754 is aangegaan. Hij heeft toen 100 pond geleend van de weduwe van Leendert in den Boogert tegen 3,5%. Het huis ligt tussen de huizen van Janna Claas ten westen en Claas van IJzerloo ten oosten. Op 24 maart 1761 wordt de akte geroijeerd sulks den Selven alhier is gedoot.( ) Pas op 14 aug.1759 wordt er door Abraham Kempe een rekening en verantwoording gegeven aan Reijnout van Reet over de inkomsten en uitgaven als executeur van de nagelaten boedel van zijn zwager Iman Kempe; er blijkt er sinds 1752 ruim 415 pond is ontvangen, maar er zijn 26 pond meer uitgegeven. Leuntie, de vrouw van van der Reet, is nog steeds eigenaresse. ( ) 1761 Op 24 maart1761 verkoopt Abraham Kempe, in opdracht van Reijnhoud van der Reet aan Crijn Cornelisse van der Plasse voor : 1 e : Dit huis met schuur er achter, staande aan de zuidkant van de Kerkstraat, en voor het grootste gedeelte op Botland gelegen, belend door: ten oosten Claas van IJserloo; ten westen Janna Klaas; ofwel het verdere en overige gedeelte van dit zelfde huis, t geen op het Ambacht van Nieuwerkerk staat. Er zijn twee akten opgemaakt, één door het college van Nieuwerkerk en de andere door het college van Botland; het komt er dus op neer, dat de grens door het perceel, mogelijk zelfs door het huis loopt! 2 e : Een schuur over de Achterweg, ten oosten belend door: dorpsgrond, ten westen Cornelis Bliek, ten zuiden de mestput. ( en ) In 1769 verkoopt de weduwe van Reijnout nog een tuin in de 4 e mate nr. 4 van het Oude Nieuwland voor 90 pond aan kleermakersbaas Kornelis Stoutjesdijk. ( ) Crijn leent het volle bedrag van zijn vader, Cornelis van der Plas. ( en ) 15
16 1766 Op 13 aug.1766 maken Crijn van der Plas en zijn vrouw Pieternella Mols een testament op langstlevende, zij is ziek te bedde. ( ) Kennelijk overlijdt Pieternella want op 19 april 1767 levert Crijn een lijst van de bezittingen in bij de Heeren Weesmeesters omdat zij een voorkind heeft: Hugo Johannisse de Does, en die heeft volgens het testament recht op 1/4 e gedeelte. De lijst van baten en lasten laat zien dat er ruim 125 pond over is.(4674a-24) Crijn hertrouwt in 1767 te Ouwerkerk met Pieternella Adriaanse Liere ( ) Crijn overlijdt op 2 mei 1775 en laat een dochtertje Maria achter van 2 jaar. Zijn vader Cornelis en zijn vrouw Pieternella Adriaanse Liere maken 4 dagen later een staat en inventaris op. Er is dit huis met timmermanswinkel en een schuur daarachter tussen Klaas van IJserlo en Frans Cornelisse waarvan de waarde op 220 pond wordt geschat; een schuur over de Achterweg die waard is; ze bezitten ook nog 1/18 deel in een boerderijtje (waarschijnlijk een erfeniskwestie); Het huisraad wordt beschreven tot en met het aanwezige spek. De zilversmid taxeert het goud en zilver van de sieraden, de kerkboeken met zilverbeslag enz. op ruim 56 pond, en dat is een heel bedrag in die tijd. Met de houtvoorraad, het gereedschap en de ruim 279 pond die volgens de debiteurenlijst nog ontvangen moeten worden, komen de baten totaal op De vader van Crijn, Cornelis van der Plas, heeft ruim 380 pond tegoed wegens geleend geld, en er moet nog betaald worden aan de maljeneur, de houtverkoper enz.; er blijft over voor Pieternella en haar dochtertje; een gezonde zaak dus. (4666-9) 1776 Pieternella Liere hertrouwt in 1776 met de in Stavenisse geboren timmerman Cornelis Uijl ( ). Hij wordt door dit huwelijk de nieuwe eigenaar van het huis met de timmerwinkel. Ze gaan hier wonen Na het huwelijk wordt op 5 juli 1777 ten overstaan van de schepenen Adriaan de Jonge en Pieter Smits een nieuwe schuldbekentenis opgemaakt door notaris Leonardus Zwemer. Cornelis Uijl verklaart dat hij schuldig is aan zijn schoonvader Cornelis van der Plas; als zekerheid dient het huis met de timmerwinkel en schuur in de Kerkstraat, dat voor het grootste gedeelte op het Grootambacht staat (en dus een stukje op Botland), en de schuur over de Achterweg omgeven door dorpsgrond en een tuin in de 4 e mate. ( ) Pieternella overlijdt op 11 feb Op 23 juli maakt Cornelis Uijl, zoals dat hoort en moet voor de Weeskamer, na het overlijden van zijn vrouw Pieternella Liere een staat en inventaris op van maar liefst 73 pagina s van hetgeen zij samen in gemeenschap van goederen hebben bezeten. Nu zijn die pagina s door de notaris wel tamelijk ruim beschreven want hij krijgt per pagina betaald! Maar alles, werkelijk elk onderdeeltje van de bezittingen, tot het laatste hoopje rommel toe, wordt in zo n akte vermeld en het geeft een goede indruk van wat er in zo n huishouden wel- en niet aanwezig is in die tijd. 16
17 Maria, de dochter uit het eerste huwelijk van Pieternella leeft nog en deelt dus mee in de erfenis, zij is intussen getrouwd met Cornelis Westdorp. Er is te verdelen, waarvan Maria 1/4 e deel toekomt; de rest is en blijft van haar stiefvader, Cornelis Uijl. Belendende ten oosten van het huis in de Kerkstraat, dat getaxeerd wordt op , is nu Placitte Joseph (Clique), en ten westen Frans Corneliszoon (v. d. Stolpe). De schuur over de Achterweg is nog waard. Verder is er nog een hof op Klootendijke en 1/18 e deel in een hofstede met 139 gemeten grond in Bettewaarde die door Jacobus de Jonge wordt gebruikt. (4672A-18) Cornelis hertrouwt op 7 juli 1793 met de ongehuwde Boudina de Mooij ( ) uit dit dorp; de dochter van Joh. de Mooij en Suzanne Curee. Cornelis is diaken van en ouderling van Cornelis is schepen van ca tot 1814 en schout van 1814 tot ca In 1815 betaalt Cornelis f. 20,- hoofdelijke omslag; in 1818 hoort hij tot de 16 rijkste mensen van Nieuwerkerk en betaalt f.27,-. In 1818 woont Uijl hier met zijn vrouw en de 30 jarige dienstmeid Lena Fonteijne die in 1799 bij hen is; en verder woont de 12 jarige Willemijntje Sneevliet bij hen in A-96 Cornelis Uijl overlijdt op 26 maart A-96 Boudina de Mooij, de wed. van C. Uijl betaalt belasting voor dit huis, nummer 96, het is sectie M-338, groot 270 m2, en ze betaalt voor de schuur en erf sectie M-283 op 300 m2. Ze woont hier met haar dienstmeid Lena Fonteijne. Maar ze bezit nog een paar zaken: zie A-96 Op 26 feb.1841 wordt een staat en inventaris opgemaakt in dit huis, waar Boudina de Mooij, de weduwe van Cornelis Uijl nu is overleden. Er is op 5 juni 1833 een testament voor haar opgemaakt door notaris Charles Plevier Boom, waarin ze aan haar dienstmeid Lena Fonteine f.1200,- contant, en één van haar huizen naar keuze, en een tuin na laat. Op 25 mei 1841 wordt dit, haar huis en schuur in de Kerkstraat, nummer A-96 op sectie M- 338 groot 270 m2, en de schuur met erf aan de Achterweg op M- 283 groot 300 m2, plus nog een tuin van 1870 m2 op sectie M-240, rechtstreeks aan de chirurgijn Johannes Cornelis Lette (1818-) verkocht voor f.1200,-. (vdldc) Lette woont hier al met zijn vrouw, Wilhelmina Hesselina van Ingen (1821-) Apart hiervan wordt op dezelfde dag door winkelier Ary de Mooij uit Zierikzee, mede namens zijn broer de chirurgijn Cornelis de Mooij die in Ned.-Indië zit, zijn zusters Suzanne en Catharina, beiden meerderjarige particulieren op Nieuwerkerk, en tenslotte namens zijn broer Adriaan de Mooij, die bakker is op Bruinisse, allen erfgenamen van hun pas overleden tante Boudina, bij de notaris de rest van haar bezit verkocht: 17
18 1 e : Een huis aan de noordzijde van de Kerkstraat (zie nr.21), sectie M-394, groot 52 ellen. 2 e : Een schuur, staande op de Rolklootsendijk, sectie M-278, groot 25 m2; (zie parkeerterrein bij het dorpshuis). 3 e : Een huis met erf aan de zuidzijde van de Kerkstraat, (zie nr.26). 4 e : Een huis met erf aan de westkant van de Stekelstraat, (zie nr.1) 5 e : Een woonhuis met erf op sectie M-420, groot 120 m2 (zie Ring 41) 6 e : Een tuin van 580 m2, sectie M-35, die verhuurd is aan Willem Stoutjesdijk voor f,4,- per jaar; Pieter Lambrechtszoon Douw, onderwijzer, is de hoogste bieder en koper met 75 gulden. Verder worden er vijf tuinen verkocht op de secties M-236, M-237, M-238, M-239 en M-251 aan Susanna de Mooij. (zie Rollekl. Dijk A-325) 1858 Kerkstraat A-96. Chirurgijn Cornelis Lette woont hier met zijn vrouw, zeven kinderen en een dienstmeid Kerkstraat 120. (na vernummering) Cornelis Lette woont hier met zijn vrouw, acht van hun kinderen, en een dienstmeid Kerkstraat 120. Cornelis gaat met zijn vrouw en drie kinderen naar Zwartenaar; vier kinderen gaan naar Middelburg. Het huis lijkt niet meer bewoond te worden. In 1884 komen hier nog even een mogelijke broer en zuster van Cornelis hier wonen Kerkstraat 120. Op 9 maart 1885 verkopen de erven Lette een woonhuis met schuurtje in de Kerkstraat nr.a- 120 op de sectie M-338, en een schuur aan de Achterweg op M-283, samen groot 570 centiaren voor f.700,- aan de landbouwer Andries Mol ( ) uit Nieuwerkerk. (CvdLdC) 1886 Kerkstraat 120. Het huis wordt gesloopt, en er wordt door Andries een nieuw huis met schuur gebouwd; het sectienummer veranderd eerst in M-827; en na een hermeting in 1897 wordt het sectie M- 1225, groot 261 m2. Andries woont hier eerst alleen, in 1890 zijn er eerst twee huishoudsters die maar kort blijven, dan komt Jannetje van den Berge die tot 1908 zal blijft. Daarna komt Cornelia van Kooten, die bij hem zal blijven tot zijn overlijden in Kerkstraat A-197 na vernummering. Op 26 feb.1913 verkopen de erfgenamen van Andries Mol het huis en de schuur op sectie M voor f.2700,-aan de uit Burgh komende Pieter Cornelis Verton ( ). (Biermasz) Verton is winkelier als hij in 1914 trouwt met Apolonia Meijers (1888-). In 1914 heeft J. van der Welle uit Nieuwerkerk berouw over de lasterlijke praatjes die hij heeft verspreid over Verton, hij biedt zijn excuses aan in de Nieuwsbode. Verton adverteert o.a. met de verkoop van koffie en schoenen. Pieter overlijdt vier jaar later, slechts 34 jaar oud. Hun derde kind is dan net 8 weken oud, maar dat kind overlijdt een paar maanden later. Apolonia zet de winkel voort onder de naam "De Weduwe Verton". 18
19 1919 Kerkstraat A-277 na vernummering. In 1919 wordt het pand met de winkel in goud en zilver, galanterieën, klokken, schoenwerk, enz., van de weduwe Verton, overgenomen door Jan Lemsom ( ). (k-1922/1) Jan is in 1914 getrouwd met Jozina Heijboer ( ) Ze woonden in 1918 op A-56. (zie Ring A-84 in 1953), maar gaan nu hier wonen. Ca.1935 verhuist Lemsom naar wat nu Ring 61 is. In 1937 zien we een advertentie van de weduwe Verton, die schoonmaakmiddelen verkoopt. Mogelijk huurt zij de winkel van Lemsom. In 1938 gaat zij naar Westwal Kerkstraat A-277. Adriaan Steven Flikweert W. zoon koopt op 18 juli 1938 dit pand van Jan Lemson. "Arjoan" heeft tot zijn 23 e bij zijn vader op het land gewerkt, maar dat bevalt hem niet al te best, daarom koopt hij de winkel. Hij trouwt op 4 aug.1938 met S. (Tanna) Jumelet; hij woont dan in de Weststraat 58, zij in de Molenstraat 191 op Bruinisse; ze gaan nu hier wonen. Het huis is voor een groot gedeelte winkel met weinig woonruimte, en daarom wordt in 1941 het pand er naast(zie Kerkstr.12) gekocht om er te wonen. Ze hebben succes met hun winkel De Magneet, wel 42 jaar lang; van begin tot eind wordt er veel geadverteerd. In het begin wordt er van alles verkocht: kleding, speelgoed, voedsel, stoffen, garen en band, vloerbedekking, papierwaren, klerenverf, sokophouders, enz.; later wordt het een meubelzaak Kerkstraat 10. De sectie verandert, het wordt nu sectie N-189, een huis met erf op 261 m2. (k-2534/7) Ca.2000 B. A. J. Willemsen en Jaqueline Willemsen-de Kort. 19
20 Kerkstraat 12. Herberg De Roode Leeuw Op 25 jan.1695 wordt er door Jacob Janse van Dalen een afrekening afgegeven aan de baljuw en de schepenen van de ontvangsten en betalingen die hij gedaan heeft voor de boedel van de overleden David Corneliszoon uit Stevensluis. Op deze afrekening, waar natuurlijk ook zijn onkosten, en datgene wat aan de baljuw en schepenen toekomt, met forse bedragen zijn vermeld, komen ook de verteringen voor die de heren gebruikt hebben tijdens deze zware besprekingen: Bij Adriaan Dingemanse en Dingeman (Cornelisse) van der Steege is eerst besteed en later bij de laatste nog eens Pas door de aktes in de volgende jaren zien we dat kroegbaas Dingeman Cornelisse van der Steege hier woont en zijn bedrijf uitoefent. Dingeman is getrouwd met Jannetie Cornelisse Hogerwits. Er worden kinderen van hen gedoopt op Nieuwerkerk van 1694 tot
21 Ze hebben o.a. ook een schuur aan de noordkant van de Ring en wat land o.a. op Sirjansland 1703 Op 9 maart 1703 maakt secretaris Hendrik Smith, als sequester in de boedel van Tinis Commertse, (die een huis huurde van Jacob Cornelisz. de Jonge) een afrekening op. Er worden wat dingen verkocht in de herberg, en er zijn een daar een paar besprekingen zodat de kroegbaas Dingeman Cornelisse van der Steege hiervoor een rekening afgeeft van Ook de baljuw, de schepenen en de secretaris declareren voor hun bemoeienissen; het zwaarste werk voor hen is waarschijnlijk het heffen van de bierkruik en het wijnglas geweest, hier in de herberg. Maar niet getreurd, er blijft nog over voor de erfgenamen. ( ) 1704 Op 16 sep.1704 maakt notaris Hendrik Smith te Nieuwerkerk een verklaring op voor de eerbare Jannetie Cornelisse Hoogerwits, de huisvrouw van Ding. Cornelisse van der Steege. Jannetie zegt dat omstreeks Pinksteren de brouwer Corn. Jackvelt uit Bruinisse bij haar geweest is om te vragen of zij geen anker brandewijn of jenever van hem wil kopen. Het is niet duidelijk wat er niet goed aan was, en waarom deze akte wordt opgemaakt, maar misschien was er geen belasting betaald, of mocht de brouwer niet op dit dorp verkopen? (4675-5) 1711 Op 30 oct.1711 maakt Dingeman zijn testament; hij ligt dan ziek te bedde maar is nog wel bij zijn verstand volgens de notaris. ( ) Jannetie zet de zaak voort tot 1725; dan verkoopt ze de zaak aan haar schoonzoon Willem van IJserloo die er naast woont en timmerman is Op 3 februari 1725 koopt timmerman Willem Claesse van IJserloo dus deze herberg bestaande uit een huis met een schuur en erf aan de zuidzijde van de Kerkstraat, voor van zijn (schoon)moeder. De tafels en banken (van het café) worden mee verkocht voor 150 gulden, oftewel 25 pond. De belendingen zijn: de koper, (IJserloo) ten oosten; timmerman P. Biljaerd ten westen. ( ) Jannetie zal het schuurtje achter het huis nog behoorlijk laten dekken, waarschijnlijk met stro of riet. ( ) Willem van IJserloo woont dus hiernaast (zie nr. 14) en heeft daar een timmermanszaak; hij heeft ook nog een grote schuur met 5 tassen ten oosten ervan, aan de overkant van de Achterweg (de latere Poststraat). Jannetje verhuist waarschijnlijk naar een huis aan de noordkant van de Kerkstraat, nu nr Op 29 juli 1732 heeft Willem van IJserloo een doodskist gemaakt voor de overleden Cornelis van Cassel.( ) Behalve herbergier is Willem dus ook nog steeds timmerman Willem van IJserloo en zijn huisvrouw Lena Dingemanse van der Steeg (zij was waarschijnlijk eerder getrouwd), blijven gecensureerd omdat zij het ijdele vioolspel op de markt en in hun huijs toelaten. 21
22 Jaar na jaar komt deze aantekening in het kerkboek voor; het spel zal wel belangrijker geweest zijn voor Willem s inkomsten dan naar het avondmaal gaan Op 10 sep.1742 maakt Jannetie Cornelisse Hogerwits een testament; er wordt aangegeven wat de kinderen krijgen: Johannis, Pieter en Lena. ( ) Op 16 oct.1742 koopt Willem van IJserloo voor een wagenhuis dat tegen de kerkmuur aan staat, uit de boedel van zijn schoonmoeder, Jannetje Cornelisse Hogerwits, de nu overleden weduwe van Johannis Ding. van der Steeg Willem van IJserloo en zijn vrouw blijven onder censuur. Maar bij de waardin, Anna Rootbeens, zal men vanuit de kerkeraad laten onderzoeken of zij met- of tegen haar wil het vioolspel op markt en in haar huijs gebruikt. Anna zegt tijdens het huisbezoek, het voornemen te hebben, om in der eeuwigheid niet voor de consistorie kerkeraad te komen, en daarom blijft ze onder censuur. Anna is een schoonzus, ze krijgt van 1728 tot 1732 vier kinderen met Pieter Dingemans van der Steege, waarschijnlijk wonen zij hier of hiernaast Op 11 maart 1749 bekent timmerman Willem van IJserloo dat hij schuldig is aan Marija Bastert voor gekochte wijnen. Hij zal daar 4% rente over betalen en geeft in onderpand: zijn twee, naast elkaar staande huizen aan de zuidkant van de Kerkstraat, met Jan Mus ten oosten en Iman Kempe ten westen; en verder nog een boomgaardje aan de westkant van de Rolleklootsendijk en land in de 10 e mate nr.8. De schuld wordt op 18 april 1755 voldaan. ( ) 1750 Op 13 jan.1750 verkoopt, en op 6 sep.1750 levert stadhouder-secretaris Nicolaas Telle, als gemachtigde in de nagelaten boedel van de overleden Willem van IJserloo en zijn vrouw de volgende zaken: Aan de zoon Klaas van IJserloo een huis, schuur en erf waar de herberg-nering in is gedaan voor 19 pond. (Nu Kerkstr.12) Ook aan Klaas van IJserloo het werkhuis hiernaast van de timmerman met het erf en de houtschuur voor 9 pond. (Nu Kerkstr.14) Een boomgaard van ca.96 roeden, voor 17 pond aan Dirk de Vos; 2 gemeten 100 roeden land in de 10 e mate van Nwk. nr.8 aan de weduwe van Pieter Rabbe voor Een schuurtje en erve naast de kerkmuur, gelegen aan het einde van de noordkant van de Kerkstraat (zie Ring 61) voor 10 pond en 10 schellingen aan chirurgijn Jan Mus, die woont op wat nu Kerkstraat 16 is. De belenden van het schuurtje zijn: oost en noord Maximiliaan van den Doele, west het Slop en zuid de straat. ( ) (4641-8) (4641-8) Willem wordt in de kerk begraven, de kerkrechten daarvoor zijn maar ( nog geen 2 gulden); Jan de Grutter maakt dat graf in de kerk, en dat kost ; verder zijn er natuurlijk nog kosten voor het afleggen, de kist, het bier, het meel voor de broden, de kaas, de boter, de pijpen, de tabak, enz. voor het begrafenismaal. 22
23 Na aftrek van alle kosten die de secretaris, de schout en de schepenen weten op te voeren blijft er maar over. ( ) Klaas van IJserloo leent van Jacob Bolle uit Z.zee op het huis met schuur en erf aan de zuidkant van de Kerkstraat om de zaken die hij over neemt te betalen. Jan Mus zit ten oosten en Kempe ten westen. ( ) Klaas is getrouwd met Johanna van Blijenberg, ze laten kinderen dopen van Er wordt op 4 aug.1756 een staat en inventaris opgemaakt na het overlijden van Johanna van Blijenberg, de vrouw van Klaas. Er zijn 3 dochtertjes, Lena, Adriana en Engelijna. Er is o.a. een groot huis , een werkhuis daarnaast en een tuin aan de weg naar de brouwerij (de Ooststraat). In de voorkamer zijn 17 tinnen kannen en pinten, 3 tinnen schotels, een waterpot en een trekpot, 3 koperen ketels, 2 theeketels, 7 schilderijen, 11 schotels, 2 tafels met banken en 6 stoelen; dit is waarschijnlijk het café-restaurant gedeelte. Op de voorvloer zijn nog 11 schilderijen en een tinnen pint en kleine maten. In de midden-keuken liggen 30 tinnen lepels, pannen, een schuimspaan en een rasp, 37 delfts aardewerk schotels, 7 kannen, wijnroemers, bierglazen, een staand brandijzer met ketting, rooster en tangen, en er is een bed met toebehoren. In het opperkamertje is ook een bed met toebehoren, en er staat een kammenet met een kist, waarin 4 paar lakens en overtogen, 18 servetten, 8 mans- en 8 vrouwenhemden; een partij mannenkleren, 9 ellen lijwaat, 26 schotels en borden, 36 porseleinen kop en schotels, 12 schilderijen, 2 spiegels, 2 tafels met banken en 8 stoelen. In de kelder liggen 9 biervaten met ijzerbeslag in 2 bierstellingen ; de voorraad bier en wijn wordt geschat op Op de zolder staat een kast met 4 deuren, en er staan 3 bedden met toebehoren, een lessenaar en een kribbe; en er ligt voor aan spek. In het achterhuisje en op het plaatsje staat nog een bed, een tafel, banken en stoelen. In het werkhuis is de timmermans-winkel met alle gereedschap, geschat op Er moet nog ontvangen worden van diverse personen voor arbeidsloon en geleverde materialen. De totale baten zijn ; de schulden worden opgegeven als , zodat er na de begrafeniskosten en de leges over blijft. ( ) 1758 Klaas van IJsserloo, huis en schuren e Klaas van IJserloo woont ten oosten van timmerman Abraham Kempe, als die een gedeelte van zijn huis met schuur en erf verkoopt aan Crijn van der Plas Op een vraag van de dominee tijdens een kerk raadsvergadering op 25 aug 1763 antwoorden de kerkeraadsleden dat zij niet weten of er in de Pinksternacht in de herberg van Claas van IJserloo viool gespeeld is. De dominee dacht dat hij s morgens voor 8 uur, toen hij naar de tuin ging, vioolspel en gezang gehoord had, maar aan geen der broeders is iets bekend van een danspartij of zoiets, ze denken dat het misschien één der gasten is geweest! 23
24 1773 Op 28 juli 1773 wordt er een staat en inventaris opgemaakt voor de weeskamer omdat Catharina de Vos, de vrouw van Klaas van IJserloo op 18 nov.1772 is overleden, en ze samen een kind hebben. Het haar toekomende bedrag van wordt verdeeld tussen Klaas en zoon Willem. ( ) 1775 Op 7 feb laten Klaas en zijn nieuwe bruid, Willemina (Willemijntje) Vroomans, een testament opmaken bij notaris Huijbrecht Smith Op 6 mei 1776 zit Klaas ten oosten van een huis en timmerwinkel van de overleden Crijn Cornelisse van der Plas en diens weduwe Pieternella Liere Chirurgijn Jan Otto van Wijk is overleden, uit zijn staat en inventaris blijkt dat er nog aan hem betaald moet worden door Klaas van IJserloo voor praktijk en medicamenten. Daartegenover staat dat van Wijk nog voor timmerwerk en voor geleverde jenever, brandewijn en anijs moet betalen aan van IJserloo Op 18 feb.1783 wordt er door secretaris Huijbregt Smit een uitvoerige staat en inventaris opgemaakt omdat Claas van IJserloo op 13 dec.1782 is overleden: 1 e : Een huis met de timmermanswinkel, met twee schuren, erven enz., getaxeerd op e : Een tuin aan de Brouwerijweg in de 4 e mate nr.11, groot 31 roeden; belend door: oost: baljuw L. Zwemer; west: de Armen van Nieuwerkerk; zuid: de erfgenamen van Pieter de Does; noord: de weg. Getaxeerd op Er is voor 3 pond aan tappersgereedschap, kannen en glazen enz.; en voor 55 pond aan timmergereedschap en hout. Er moet nog ruim 130 pond ontvangen worden voor timmerwerk en de dijkgraaf met de gezworenen moeten nog bijna 10 pond betalen voor verteringen over Totaal zijn de baten bijna 450 pond, de schulden bijna 315, zodat er bijna 135 pond overblijft. Zijn weduwe, Willemijntje Vroomans, erft alle goederen. (4667-5) In april 1783 verklaart de wed. Willemijna dat ze, na het overlijden van haar laatste man, Klaas van IJserloo, een erfdeel groot schuldig is ten behoeve van Willem van IJserloo, de zoon van haar laatste man. Als onderpand is er een speciale en een tweede hypotheek op de twee naast elkaar gelegen huizen, De Roode Leeuw, en de timmermanswerkwinkel; en verder op een tuin aan de Straatweg. Cornelis van de Walle en Elisa Platdijk staan borg voor deze schuldbrief op de herberg. Op 5 dec.1788 wordt de lening verrekend. ( ) 1786 Op 30 mei 1786 verklaart de wed. Willemijna Vroomans dat ze schuldig is aan Caspar de Keulenaar, oud baljuw van de Vierbannen van Duiveland, wonende te Vlissingen. Als onderpand dient een huis en erf genaamd De Roode Leeuw tussen Andries Mus en 24
25 Cornelis Uijl en een tuin van 31 roe aan de zuidzijde van de Brouwerijweg.(1 apr.1790 voldaan)( ) 1788 Op 9 juli 1788 verklaart de weduwe Willemina Vromans dat ze schuldig is aan Izaak van Schelven, mr. timmerman te Zierikzee. (1 apr.1790 voldaan) Andries Mus zit ten oosten en Cornelis Uijl ten westen van de herberg Op 1 april 1790 verkoopt Willemijn Vroomans, de weduwe van Klaas van IJserloo, aan Placitte Joseph Clique, gerechtsbode van de Heerlijkheid Nieuwerkerk, een huis en erf genaamd De Roode Leeuw waarin gedurende een reeks van jaren de tappers nering is gedaan, voor Ten oosten is nu van Maerten Kempe en ten westen woont Cornelis Uijl. Alle gereedschap voor de herberg, de tapperij en de stal horen bij de koop. ( ; ) Op dezelfde dag verkoopt ze de ten oosten gelegen timmermans winkel (eene timmermans werklogie) met de daarbij horende keet en daarachter gelegen schuur met slijpkot aan timmermansbaas Maerten Kempe voor Oost is de weduwe van Adriaan Mus; west De Roode Leeuw.( ) De moestuin aan de Brouwerijweg van 31 R. in de 4 e mate nr.11 wordt voor verkocht aan Adriaan van der Maas.( ) 1796 Op 15 nov.1796 verkoopt Joseph Clique van Plaate de herberg De Roode Leeuw aan Christoffel Hendrick Dijkman ( ca ). Diekman komt uit Guterslo en is welgesteld, want op 1 sep.1813 leent hij 4466 francs aan Mar. Heltenberg op een hofstede in Sirjansland. Hij staat als 44 jarige gehuwde herbergier, op de lijst van bewoners in 1797/ 98. Op 29 sep.1811 overlijdt Diekman s vrouw, de 40 jarige Catherine Agchenbacg. Diekman hertrouwt met Pieternella Hoek (ca.1780-) Op 19 feb.1812 legt Christoffel een verklaring af bij notaris A. W. v. d. Halen, samen met de arbeider Jacobus Hollander en de arbeider Pieter de Haan. Ze hebben gehoord dat Tona Barbier, de vrouw van Pieter Goudswaard uit Oosterland, in de herberg verteld heeft dat ze regelmatig bij haar minnaar slaapt, één van de mannen die in garnizoen liggen op Nieuwerkerk. In 1815 overlijdt een 10 jarig zoontje, Christoffel is dan ook kleermaker A-95. Herbergier-kleermaker Christoffel Hendrik Dijkman woont hier; hij en is 63 jaar oud. Hij is getrouwd met de 38 jarige Pieternella Hoek uit Stavenisse en ze hebben samen een zoontje van 1 jaar oud, Willem. Ook het 11 jarige dochtertje van Pieternella woont bij hen, en er is een kleermakersknecht, de 25 jarige Reinier Douw. In 1818 staat een ander gedeelte van het huis leeg, maar daar komt in 1819 de 34 jarige arbeider Cornelis Boxtal wonen met zijn vrouw Stoffelijntje de Groene en hun 2 kinderen, die ook nog 3 familieleden meebrengen. 25
26 1822 A feb.1822 verkoopt, en op 23 maart levert, Hendrik Diekman of Dijkman, die nu molenaar op Ouwerkerk is, de herberg De Roode Leeuw bestaande uit een huis met schuur en erf, met al het tappersgereedschap enz., voor f.1100,- aan Augustinus Koster. Koster leent f.1200,- van Christoffel de Wit uit Z.zee.(A. v. Haalen) 1826 A-95. De 24 jarige herbergier Dingeman Tjoeke ( ) woont op A-95a met zijn vrouw Maria Koster en hun twee kleine kinderen Op nummer A-95 b woont de commies Jan Christoffel Neeteson met zijn vrouw en 6 kinderen; ze vertrekken in Op nummer A-95c woont de smidsknecht Adriaan Gilijamse met vrouw en kind; ze gaan per 1 mei 1828 naar Brouwershaven A-95. Bij de aanvang van het nieuwe kadaster wordt dit sectie M-339, een huis met erf op 290 m2, van herbergier Dingeman Tjoeke. (k-184 naar 291/1 en 2) [Tjoeke bezit ook een tuin aan de tegenwoordige Ooststraat: M-245, groot 820 m2] 1836 A-95. Herbergier Dingeman Tjoeke (hij overlijdt in 1840) woont hier nog met zijn vrouw en 5 kinderen, waarvan er 3 overlijden in 1837 en Bij hen woont de arbeider Abraham Mellard met vrouw en 2 kinderen, die in 1841 naar Zierikzee gaan. Dan komt de arbeider Izaak de Braal met zijn vrouw Cornelia van Nieuwenhuijzen en hun 2 kinderen. In het andere gedeelte wonen de arbeider Jan van Damme met vrouw en 3 kinderen die een poosje naar nummer A-84 gaat, maar dan weer terugkomt. In de tussentijd woont de arbeider Johannes Hollander er met zijn vrouw en 3 kinderen. Het lijkt er op dat Tjoeke de herberg min of meer gestopt heeft A-95. Op 19 feb.1839 verkoopt Dingeman Tjoeke voor f.211,- aan de arbeider Jan van Damme (1803-): 1 e : Dit huis en erf Kerkstraat nr.95, sectie M-339, 2 e :de tuin M-245 (Ooststraat). Jan splitst de tuin aan de Ooststraat sectie M-245 van 820 m2 in een huisje en tuin, secties M-479, een tuin van 782 m2; en een huis op sectie M-480 groot 32 m2; verkoop ca.1850 naar blad 780/1 en 2]. (kad.291) Jan is getrouwd met Cornelia Koster? (1801-);ze hebben 2 kinderen A-95. Izak de Braal Izn. koopt het huis met schuur en erf met een ondershandse akte. (k295/3) Hij woont hier al sinds A-95. Op 20 juli 1844 verkoopt Izak de Braal Izaakzoon het huis met schuur en erf sectie M-339, groot 290 m2, voor f.400,- aan timmerman Cornelis Tuijnman (1812-). (CvdLdC) (k353) 26
27 Cornelis is getrouwd met Lourina Hage (ca ), ze hebben 9 kinderen in In 1857 erft Cornelis van zijn vader (zie Hoge Kerkstr.20) Op 14 mei 1857 leent Cornelis f.2500,- op de door hem verkregen goederen, een1 e hyp. op: Een tuin op G-146 en G-147; het weiland op M-164, 165 en 166; de bouw- en weilanden op M-60, M-61, M-62, M-63 en M-65; vier stukken op M-67bis; (hij heeft al M-67); de tuin op achterste gedeelte van M-329 ter grootte van 4R.74 E met een doornhaag aan de noordkant; de tuin M-472; een huisje op sectie M-473 groot 20 m2; en de sectie M-497. Sommige stukken zullen later bebouwd en verkocht worden Kerkstraat A-119 na vernummering.. Op 19 sep.1863 leent timmerman Cornelis Tuijnman f.1500,- van Vrouwe Geertruida de Wit met als onderpand een eerste hypotheek op een schuur met erf, M-406bis, groot 72 m2; en een tweede hypotheek op: a: Een tuin, vroeger weiland, M-146 en 147, 990 m2; b: Diverse stukken land in Loensweg en Stoofblok, en op M-60 t/m 65 en M-545 en M-548; c: Op dit huis met erf en schuur, groot 290 m2, sectie M Kerkstraat A-119. Op 17 oct.1864 leent de timmerman-landbouwer Cornelis Tuijnman f.1100,- tegen 5% van notaris C.v.d.Lek de Clercq. Als onderpand dient: 1 e : een tweede hypotheek op de schuur op sectie M-406bis, groot 72 m2; en een derde hyp. op: 1 e : ca. 5 bunder land op o.a, M-60,M-61,M-62, M-63, M-65, M-545 en M e : een huis met erf op sectie M-472, M-473 en M-497, samen 2120 m2; 3 e : dit huis met erf op sectie M-339, groot 290 m2. (vdldc) 1866 Kerkstraat A-119. Op 17 mei 1866 leent Tuijnman er nog f.400,- bij van de notaris tegen 5% rente. Het is een derde hyp. op de schuur M-406bis; en een vierde hyp. op 2 huizen met 2 erven met bouw- en weilanden, samen 6 bunder, 21 roeden en 40 ellen gelegen op M-60, 61, 62, 63, 65, 339, 472, 473, 497, 545 en 548; op G-146, 147 en 161; en op H-164,165 en Kerkstraat A-119. Cornelis Tuijnman verkoopt op 25 maart 1869 een huis, schuur en erf op sectie M-339, groot 290 m2 voor f.1500,- aan de herbergier Marinus Elenbaas (1828-) (k 666). (not.ermerins) Marinus leent eerst f.600,- en later nog eens f.300,- (2 e hyp.) van J. v. Vliet uit Zierikzee. Marinus woont hier met zijn vrouw Marina Heijboer (1835-) en hun 7 kinderen als ze in 1872 verhuizen naar Dreischor Kerkstraat A-119. Op 19 jan.1871 verkoopt Martinus Elenbaas M-339, een huis, schuur en erf op 290 m2 voor f.900,- aan de landbouwer Jacob Elenbaas (1836-), die eerst op A-56 woonde. (JCvdLdC) Jacob is getrouwd met Maria Capelle (1840-); ze hebben 7 kinderen Kerkstraat A-119. De eigenaar en bewoner is Jacob Elenbaas; er zijn nu 11 kinderen. 27
28 De familie vertrekt in 1878 naar Sloterdijk Kerkstraat A-119. Op 27 april 1878 verkoopt Jacob Elenbaas voor f.3500,- een huis met erf aan de landbouwer Adriaan Meerse (1831-) uit Zonnemaire, die nu op Nieuwerkerk gaat wonen. Adriaan is getrouwd met Maria van der Sluijs (1836-); wonen hier met hun 9 kinderen De sectie heeft een ander nummer gekregen, het is nu M-762, groot 290 m2; er volgt een gedeeltelijke sloop, en gezien de verkoopsprijs, zal er ook wel nieuwbouw hebben plaatsgevonden. (vdldc) Op 27 nov.1878 maakt notaris J.C.v.d.Lek de Clercq een akte waarin wordt bevestigd dat Meerse f.500,- geleend heeft van Benjamin Joppe uit Zierikzee met als onderpand een tweede hypotheek op dit huis en op een schuur met erf, sectie M-748, groot 510 m2, waarvan 30 m2 in erfpacht.(1 e hyp. J. Ermerins 28 oct.1872) 1881 Kerkstraat A-119. Op 5 mei 1881 verkoopt Adriaan Meerse, die in 1881 met zijn familie naar Amerika vertrekt, voor f.3500,- het huis en erf op sectie M-762, groot 290 m2 aan Adriaan Padmos (1844-) landbouwer te Dreischor. Hij komt hier wonen met zijn vrouw Levina Adriana Goemans (1848-) en de in 1875 geboren zoon Pieter; in 1882 wordt Marcelis geboren. Er wordt een schuur mee verkocht op sectie M-794, groot 515 m2. (JCvdLdC) Van mei 1883 tot mei 1884 woont de landarbeider Willem van der Male hier met zijn vrouw Maatje Quist en hun twee kinderen Kerkstraat A-119. Op 22 juni 1887 verkoopt landbouwer Adriaan Padmos uit Nwk. voor f.2250,- aan landman Tonis Dalebout (1858-), te Nwk.: 1 e : een huis, schuur en erf, Kerkstraat nr.119 op sectie M-828 (later M-1226) groot 290 m2, 2 e : Een schuur met erf aan de Achterweg, sectie M-849, groot 510 m2. Op 28 juli leent Tonis hier f.2600,- op bij v. d. Vliet in Z.zee; de landman Anthonij de Guijt uit Nwk. staat borg.(jcvdldc) Tonis is getrouwd met Marina de Guit (1855-); er worden 7 kinderen geboren van Ze gaan hier wonen en gaan later naar Achterweg A Kerkstraat A-119. Tonis Dalebout, landbouwer op Nwk. neemt een hyp. van f.3500,- op dit huis, schuur en erf; sectie M-1226, groot 271 m2 en op de aan de noordzijde van de Achterstraat gelegen schuur met erf, sectie M-1158, groot 515 m2;. (JCvdLdC) 1903 Kerkstraat A-119. Tonis Dalebout, landbouwer op Nwk. verkoopt een woonhuis met schuur en erf, sectie M- 1226, groot 271 m2, voor f.2000,- aan gemeenteontvanger Pieter Hendrikus van Driel (1835-) die getrouwd is met Johanna van Meurs (1883-); ze wonen hier met twee kinderen. Pieter is in 1888 gemeenteontvanger geworden voor f.175,- per jaar, hij gaat met gemeentegeld om, dus eist de gemeente een borgstelling, en daarom geeft Pieter een eerste hypotheek af van f.1300,- op dit huis, schuur en erf op sectie M-1226, groot 271 m2. (Franse) Pieter woonde eerst in de Stekelstraat (nu nummer 3). Op 10 juni 1904 leent van Driel f.1500,- van aannemer Joh. v. d. Welle, het is een derde hypotheek op dit huis. Van Driel is ook postkantoorhouder; er is een foto waarop 28
29 de brievenbus nog te zien is. Op 4 apr.1905 verzoekt P. H. van Driel ontslag als gemeenteontvanger, plaatsvervangend telefonist en schatter voor de drankwet; hij vertrekt naar St. Philipsland. Opvolger wordt S. K. van Oost als tijdelijk gemeenteontvanger; hij gaat wel in het huis van van Driel wonen maar wordt geen postkantoorhouder; dat wordt Jacob de Boer Kerkstraat A-119. Op 20 maart 1905 wordt het huis gekocht door de Chr. Ger. metselaar Johannis van der Welle Pzn.(1866-) Hij heeft, als hypotheekhouder, beslag laten leggen wegens wanbetaling.(nouhuis) Van der Welle is getrouwd met Cornelia Jacoba Slager ); ze krijgen vijf kinderen van Ze gaan hier wonen Kerkstraat A-196, na vernummering in Op 14 feb.1918 verkoopt Johannis van der Welle het woonhuis met schuur en erf, sectie M- 1226, groot 271 m2, voor f.9000,- aan de landbouweres Neeltje van Putte, de weduwe van Dirk Adriaan Labrijn; beiden zijn inwoners van Nwk. (Korteweg) het huis wordt verhuurd Kerkstraat A-196. Op 26 maart 1920 is er een openbare verkoping door not. J. Korteweg voor de erfgenamen van de weduwe D. A. Labrijn-van Putte. Het woonhuis met schuur en erf op sectie M-1226, groot 271 m2 wordt verkocht voor f.8905,- en de tuin bij het postkantoor op sectie M-1611, groot 400 m2, voor f.778,-; beiden gaan naar de Domeinen, de afdeling Financiën van de Staat. Er komt een rijksontvanger te wonen, H. A. Paulson; de woning wordt aangepast en zijn kantoor, dus het belastingkantoor, is dan aan de oostkant van het huis; vandaar waarschijnlijk het mooie raam dat daar zit Izaak Pollie (1888-) woont hier met zijn vrouw Machelina Willelmina Bijl (1887-), maar ze kopen nu een huis aan de Ooststraat. (zie nr.14) De weduwe Oosterling komt hier wonen Kerkstraat A-276 (na vernummering. Het pand op sectie M-1226, groot 271 m2, wordt verkocht aan de koopman.en winkelier Adriaan Steven Flikweert W.zn., die sinds 1938 hiernaast woont, op sectie M De winkel wordt vergroot, In 1951 zal Flikweert ook nog het pand aan de andere kant er naast kopen, sectie M-1224 voor de bij hem werkende Joost Jumelet. (zie Kerkstraat 10) 29
30 1944 A-276 De familie A. S. Flikweert evacueert naar de van Camphuizenstraat 19 in Dordrecht. Al na een paar weken gaat de familie naar de Voorstraat 128, een leeg pand van een Joodse familie, waar Adriaan een winkel begint, De Zeeuwsche Bazar Jan Schoenmaker wil trouwen en kan geen huis vinden, en mag hier komen inwonen. Hij verhuist later naar de Weststraat A-276 A. S. Flikweert vraagt een bouwvergunning aan om zijn winkel te verbouwen op sectie M-1225 en M-1226 (links) Het betreft hier het linker raam van de voorgevel van M Het werk wordt gelukkig nooit uitgevoerd, het is een mooi raam! 1953 Kerkstraat A-276. De familie Flikweert evacueert naar de Prinses Julianastraat 37 in Naaldwijk. In 1953 beginnen ze een winkeltje aan het Beiersdijkje nummer 99 waar een groot aantal noodwoningen staan met veel van hun klanten, die bijna alles zijn kwijtgeraakt met de ramp. In feb.1954 zijn ze terug op het dorp en wordt de zaak uitgebreid met de verkoop van meubels. Daar wordt eerst het pand dat nu Kerkstraat 20 is voor aangekocht Kerkstraat 10. In november 1969 begint de fa. A. S. Flikweert en Zonen een cash and carry meubelzaak genaamd Meubelrama in de Boumanstraat 11, in het voormalige garagecomplex van N. van der Wekken. Al in juni 1971 is de ruimte ook daar te klein en verhuist de firma naar de aardappelopslag- en sorteerruimte van van der Linde, op het vroegere terrein van de melkfabriek. In 1976 gaan Adriaan en zijn vrouw op "De Duif" wonen (zie De Muije). De zoon Wim Flikweert ( ) trouwt in 1967 met Lena Alida (Ali) Jongejan (1947-) en zij komen hier wonen tot 1977, dan gaan ze naar hun nieuwe huis in de Unastraat. In 1979 treedt Adriaan terug uit de zaak De achtergevel wordt gewijzigd. In 1976 wordt er een dakkapel geplaatst. In 1984 wordt de schuur verbouwd tot garage. (bouwvergunningen) Ca Hoge Kerkstraat 12 S. Stins. 30
31 Kerkstraat Op 5 mei 1717 moet uit de nalatenschap van de op 25 april overleden Joos Pietersen Braber 18 schellingen betaald worden aan Willem Claaszoon van IJserloo voor het maken van een doodskist. Willem Claesse IJserloo is, waarschijnlijk in 1716, getrouwd met Lena Dingemans van der Steege, de dochter van de herbergier Dingeman van der Steege en Jannetje Hoogerwits hiernaast (zie Kerkstraat 12), ze krijgen de volgende kinderen: Claas, op 4 apr.1717; doopgetuigen zijn Hendrik van IJserloo en Jannetje Hoogerwits; Dina, op 18 juli 1718; Janna op 12 apr.1722; en een Janna op 7 oct.1725; Pietertje op 27 nov.1728 en Dingeman op 21 oct.1731; schoonmoeder Jannetje Hoogerwits is steeds getuige Timmerman Willem van IJserloo heeft tegoed voor het maken van een doodskist voor de overleden Jonas Franse. Dit soort berichten komen we verschillende keren tegen bij boedelbeschrijvingen. Deze aktes werden vaak opgemaakt bij overlijden, zeker als er onvolwassen kinderen waren en de weeskamer er aan te pas kwam. En één van de laatste schuldeisers is natuurlijk altijd de timmerman die de doodskist gemaakt heeft Op 3 februari 1725 koopt Willem Claesse van IJserloo van zijn (schoon)moeder, de weduwe Jannetie Cornelisse Hogerwits, het huis; de herberg hiernaast (nu nr.12) ( ) Mogelijk gaat Willem in dat grotere huis wonen en komt hier een zoon of een timmermansknecht te wonen Op 13 jan.1750 verkoopt, en op 6 sep.1750 levert stadhouder-secretaris Nicolaas Telle, als gemachtigde in de nagelaten boedel van de overleden Willem van IJserloo en zijn vrouw, de volgende zaken: Aan de zoon Klaas van IJserloo dit werkhuis van de timmerman met het erf en de houtschuur voor 9 pond. Ook aan Klaas van IJserloo het huis, schuur en erf hiernaast waar de herberg-nering in is gedaan voor 19 pond. (zie Kerkstr.12) Een boomgaard van ca.96 roeden, voor 17 pond aan Dirk de Vos; 2 gemeten 100 roeden land in de 10 e mate van Nwk. nr.8 aan de weduwe van Pieter Rabbe voor
32 Een schuurtje en erve naast de kerkmuur, gelegen aan het einde van de noordkant van de Kerkstraat (zie Ring 61) voor 10 pond en 10 schellingen aan chirurgijn Jan Mus, die woont op wat nu Kerkstraat 16 is. ( ) (4641-8) (4641-8) Klaas van IJserloo wordt dus eigenaar van de herberg en van deze timmermanswerkplaats. Hij leent van Jacob Bolle uit Z.zee om de zaken die hij over neemt te betalen Volgens het jaartal dat gevormd wordt door de ankers op de voorgevel, wordt waarschijnlijk het gebouw dat hier stond gesloopt en komt er een nieuwe werk logie voor in de plaats Op 1 april 1790 transporteert Willemijna Vroomans, de weduwe van Klaas van IJserloo deze in de Kerkstraat staande timmermans werk logie met daaraan komende keet en achter volgende schuur en slijpkot staande aan de zuidzijde van de Kerkstraat, ten oosten van de weduwe van Andries Mus, belend door de herberg de Roode Leeuw ten westen en zuid de Achterweg, aan Maarten Kempe (ca ) Dezelfde dag bekent timmermansbaas Maarten Kempe dat hij 66 pond, 13 schellingen en 4 grooten schuldig is aan Pieter Smits, schepen in wette te Nieuwerkerk, met als onderpand: 1 e : zijn huis en erf, (nu kerkstr.22) door hem bewoond, aan de zuidzijde der Kerkstraat, belend ten oosten door Eliza Platdijk, ten westen door de weduwe van Lieven Huijbregtse, en 2 e : de hierboven beschreven timmermanswerkplaats. Maarten is getrouwd met Maria Hollander (ca ) 1820 A-94. Timmerman Maarten Kempe is op 13 juni 1820 in zijn huis nr.90 (nu Kerkstraat nr.22) overleden; er wordt op 20 juni 1820 voor een hele rits met erfgenamen, waaronder namen zoals v. d. Have en de Jonge, een staat en inventaris opgemaakt van alle bezittingen in zijn huis en in deze timmermanswerkplaats op nr.94; er is ook een uitvoerige lijst van klanten, met de bedragen die ze nog moeten betalen. De timmermanswinkel op A-94 wordt apart verkocht: Op 11 juli 1820 geeft de rechtbank toestemming tot verkoop van de timmermansaffaire bestaande uit een timmermanswinkelhuis, met de daaraan horende keet, schuur en slijpkot. Op 20 juli 1820 wordt het door notaris A. W. van Halen verkocht voor 355 gulden, met volle hypotheek, aan timmermansbaas Marinus Louis Brouwer (ca ) uit Nieuwerkerk. De veldwachter Marinus Schoof en de particulier Jan de Zwarte, beiden uit Nieuwerkerk, zijn de getuigen. Marinus trouwt in 1820 met Frederika Levina Broeksmit. (ca ) Na het overlijden van Marinus Brouwer hertrouwt Frederika in 1826 met de timmerman Dirk Labrijn (ca ) 1818 A-94. De 56 jarige in Den Briel geboren timmermansknecht Cornelis Roos ( ) woont hier met de 45 jarige dienstmeid Maria Overbeeke ( ), en 3 kinderen van 2 tot 8 jaar oud. Maria is de weduwe van de in 1812 overleden Pieter Moerzaat, die eerder, in 1799, getrouwd was met Maria Stoutjesdijk. Met Moerzaat kreeg ze 5 kinderen van
33 Roos en Maria krijgen van 1815 tot 1821 drie kinderen die in het bevolkingsregister ingeschreven staan met de naam Roos. In 1819 houdt de predikant een gesprek met Maria Overbeeke, omdat zij een ongeoorloofde verhouding heeft met Roos. Maria mag niet naar het avondmaal komen, en ze belooft er over na te denken; maar waarschijnlijk is ze nooit echt met Roos getrouwd. Na het overlijden van Roos, kan Maria niet helemaal in het onderhoud van zichzelf en twee kinderen voorzien, in 1827 krijgt ze 13 gulden van de Armen A-94a en A-94b. Op A-94a wonen achtereenvolgens de arbeider Marinus Vaane met zijn vrouw Tona Lokkers en 2 kinderen, de arbeider Cornelis Stoutjesdijk Cz. Met zijn vrouw Janna van Achthoven en hun zoon, en de timmerman Johannis Blanker met zijn vrouw Jannetje van Neuren en 2 kinderen. Op 94b woont eerst de arbeider Izak van der Slikke met zijn vrouw Cornelia Boogaard en hun twee kinderen; dan de arbeider Dirk de Ruijter met zijn vrouw Neeltje van Achthoven en hun twee kinderen A-94. Volgens het nieuwe kadaster is het een huis met erf op sectie M-340, groot 140 m2 nog steeds van timmerman Dirk Labrijn Het is nog steeds een soort doorgangshuis waarin arbeiders, al of niet met vrouw en kinderen één of meerdere jaren verblijven, al naar gelang ze werk hebben. Achtereenvolgens zien we de arbeiders Lambrecht Kooiman, Jan van Damme, Johannis Hollander, en Marinus Geelhoed hier wonen met hun families De arbeidster-weduwe Catharina IJsseldijk-Steendijk woont hier met twee kinderen, ze vertrekken in Ook woont hier de arbeidster-weduwe Elisabeth Verlinde-Schaleven met twee kinderen, gevolgd door de arbeider Willem Laban met vrouw en twee kinderen, die er in 1860 nog woont met 5 kinderen en kleinkinderen A-94. Door de aktes van scheiding en deling op 25 jan.1849 en 2 aug.1849 wordt Frederika Broeksmit nu eigenaresse Kerkstraat A-118 Frederika Broeksmit is de eigenaresse van het pand. A-118 is verhuurd aan de veldarbeider Cornelis Verloo die hier woont met zijn vrouw Pieternella van Es en drie kinderen Kerkstraat A-118 en A-118a. Frederika Broeksmit is de eigenaresse van het pand. A-118 is verhuurd aan Cornelis Verloo, A-118a is verhuurd aan Bastiaan Siereveld, 33
34 1875 A-118 Op 13 oct. is de excecutie en op 5 nov.1875 volgt de verkoop van de nagelaten zaken van de pas overleden Frederika Levina Broeksmit. (vdldc) Zij is eigenaresse van: 1 e : Dit pand, een woning op sectie M-340, is verhuurd aan Cornelis Verloo en aan Johannes Moelker, die elk f 30,- per jaar huur betalen. Het wordt verkocht aan de smid Johannes de Braal voor f.450,-. 2 e : Een huis met schuurtje en erf, sectie M-311, op de hoek van de Weststraat, dat is verhuurd aan Jan Niekerk en Bastiaan Siereveld, elk voor f.34,-, en dat nu verkocht wordt voor f.600,- aan Adrana Alderliefste, de weduwe van Jacobus Bal. 3 e :Een huis met schuur en tuin op de secties M-305 en M-306 in de Weststraat dat verhuurd is aan Jacobus Kwaak voor f.70,- per jaar dat nu gekocht wordt door Willem Bal Joziasz. als kerkmeester van de Christelijk Gereformeerde Kerk uit Oosterland. 4 e : Een 1/16 e aandeel in meestoof "De Kapel" dat voor f.625,- verkocht wordt aan Hubr. Bal. (zie ook Ring 29) 1879 A-118 Op 6 feb.1879 verkopen de broodbakker Johannis Lette en de smid Johannes de Braal dit huis met erf, sectie M-340 groot 140 m2 voor f.300,- aan Johannes Wandel die kantonnier is op Nieuwerkerk.(Moolenburgh) Johannis trouwt met Maria Timmerman A-118. Ook Johannis Wandel woont hier met zijn vrouw Maria Timmerman en hun vier zonen. Eén van de zonen, de straatmaker Leendert Wandel, trouwt ca met Martina Zorge en blijft hier wonen tot Van 1888 tot 1891 woont hier ook Cornelis van der Wal met zijn vrouw Pieternella de Kok en hun vier kinderen A-118. Johannis Wandel en zijn vrouw zijn overleden, hij in 1901, zij in 1906; daarom maakt notaris Franse op 27 apr.1906 een akte van scheiding en deling op. De kinderen delen elk voor 1/6 e in de nalatenschap. Kavel 1 is 3970 m2 land in de Stoofweg. Kavel 2, Dit huis met schuur en erf in de Kerkstraat, nummer A-118 op sectie M-1227 groot 128 m2 wordt voor f.800,- toegewezen aan de dochter Johanna Wandel, die huisnaaister is. Op dezelfde dag is er een openbare verkoping van de verdere bezittingen: 1 e : Een huis met erf en tuin aan de Prov.Straatweg, sectie M-1045 groot 272 m2; verhuurd aan Jan van 'thof voor f.45,- per jaar. De welput moet gedeeld worden met het volgende perceel. De dam voor het huis, het bestraatte voetpad en de riolering moet gedeeld worden met Jacobus Overbeeke en Johannis Flikweert. Het huis wordt verkocht aan landbouwersknecht Jan Smalheer voor f.925,-. 2 e : Een huis met erf en tuin, sectie M-1044 groot 270 m2, verhuurd aan Abraham Heijboer Willemszoon voor f.40,- per jaar. Het huis wordt voor f.878,- verkocht aan de arbeider Willem Bom Jacobzoon. Deze 2 percelen laatst akte 24 aug. 1892, vdldc. 34
35 3 e : Tuin aan de Kapeldijk, sectie M-966 en 1521, groot 559 m2, verhuurd aan Sander Wandel; wordt voor f.570,- verkocht aan Jan Johannis van Klinken A-118 wordt Kerkstraat A-195 Het kadaster noteert gedeeltelijk sloop; het sectienummer verandert, het wordt nu een huis met erf op sectie M-1617, groot 128 m2. Ca.1917 Kerkstraat A-195. Het huis gaat naar Anthonie Stouten M.zn die getrouwd is met Jacoba Zogter. Ca wordt er successierecht betaald Kerkstraat A-195. Het huis wordt verkocht aan de landbouwersknecht Cornelis (Cees) van der Male (ca ) die getrouwd is met Elisabeth(Betje) Kik (ca ca.1996) Op 3 feb.1927 leent van der Male f. 1700,- en geeft een eerste hypotheek op het pand aan molenaar H. A. van de Stolpe te Ouwerkerk. (Biermasz) Ca Kerkstraat A-275, na vernummering. In 1953 evacueert de familie van der Male naar de Nassaulaan 54 in Baarn. In 1954 vraagt van der Male subsidie aan bij de gemeente omdat hij zijn tunne wil vervangen door een wc met waterspoeling, aangesloten op de riolering Hoge Kerkstraat 14. In 1958 verandert het sectienummer in N/191, groot 128 m2. Het is kennelijk voor van der Male en zijn vrouw een huis waarin je oud kunt worden! 1997 Hoge Kerkstraat 14. Het huis wordt verkocht aan buurman Schiewold, zie Kerkstraat 16, die de twee pandjes samenvoegt.. 35
36 Kerkstr.16 We komen Jan Mus al in 1733 tegen in een inventaris waarbij hij scheergeld tegoed heeft uit het nagelaten boedeltje van Marinus Bolijn, maar we weten niet zeker of chirurgijn Jan Mus dan al in dit huis woont. ( ) Jan is eerst getrouwd met Maatie Adriaans; er worden vijf kinderen geboren van 1730 tot 1736, waaronder Andries, die op 5 dec.1734 gedoopt wordt. In 1741 krijgt hij een kind met Lijsbeth Bastiaan Schriek. Op 26 juli 1743 komt zijn derde vrouw, Jannetje Huijge, met attestatie van Kortgene Op 17 maart 1749 geeft buurman Willem Claasse van IJsserloo een schuldbekentenis af, waarin staat dat Jan Mus hier woont. Op 22 dec.1749 maken chirurgijn Jan Mus en zijn huisvrouw Janna Huijge, laatst weduwe van Jan Pieterse, hun testament. Hij laat zijn bezit na aan zijn vrouw en aan zijn 2 kinderen uit een eerder huwelijk die dan nog leven zijn, in gelijke porties. Zij laat 400 Carolische guldens na aan haar zuster Leijntie Hugo, de weduwe van Leendert van Eekele, en de rest aan haar tegenwoordige man; zij heeft dus waarschijnlijk wat eigen geld meegebracht in het huwelijk, maar ze heeft geen kinderen. Willem van IJserloo en Johannis Dingemanse van der Steeg worden aangesteld als voogden over de kinderen. ( ) 1750 Op 6 feb.1750 koopt Jan Mus de schuur met erf aan het eind van de Kerkstraat (zie nr.1) uit de verlaten boedel van Willem van IJzerlo ( ) Volgens het kaartje van ca.1755 woont Jan Mus op "f" aan de zuidkant van de Kerkstraat; hij is ook eigenaar van de schuur (a) aan de noordzijde van de Kerkstraat hoek Ring. Hij is chirurgijn, scheert mensen, en heeft een winkel. 36
37 1758 Jan Mus overlijdt op 22 mei Er wordt een mooie inventaris opgemaakt van zijn bezittingen en schulden, waarin naast de huisinventaris onder andere de volgende zaken staan: In de winkel is er een voorraad van pijpen, borstels, kaas, lijnwaad, striepen, baaijen, stemijn, boesel, kousen, potten, pannen, kaarsen en thee; een uitgebreid assortiment dat ruim waard is. Er is aan contanten en aan obligaties en er zijn nog 50 klanten die iets moeten betalen. Na betaling van begrafeniskosten en nog een paar andere zaken, blijft er over, oftewel voor elk van de twee kinderen. De andere helft is natuurlijk voor zijn vrouw Johanna Huijgen. Het onroerend goed wordt zoals meestal in die tijd, wel genoemd, maar niet in de inventaris opgenomen. Er is het huis in de Kerkstraat waar ze wonen, de schuur op de hoek van de Kerkstraat, een tuin bij de molen en 3 gemeten 130 roe weiland bij de Straatweg. Kortom, Jan was een welvarend man. (4674A-30) Op 28 nov.1759 is dit huis van de weduwe van Jan Mus. ( ) 1761 Op 5 feb.1761 gaat Andries Mus ( ) in ondertrouw met Helena Swedijck (of Slordijk) (ca ) uit Yerseke; beiden zijn niet eerder getrouwd geweest. Andries zet de winkel voort, en het echtpaar gaat hier wonen. Ze krijgen vier kinderen tussen 1765 en In de achtergevel van dit huis is, volgens het boekje Duiveland zoals het was, het jaartal 1762 ingemetseld, hetgeen zou kunnen betekenen dat het (houten?) huis gesloopt is, en vervangen door een stenen huis. Het lijkt er op dat de pas getrouwde Andries Mus het zich kon veroorloven om in een nieuw huis te gaan wonen Op 21 mei 1789 overlijdt Andries, zijn vrouw zet de winkel voort. Op 28 aug.1789 wordt er een staat en inventaris ingeleverd bij de weeskamer omdat er een minderjarige dochter is, Maatje. Bij de bezittingen staat het huis met schuur aan de noordkant van de Kerkstraat voor 40 pond. Er is ook nog een aparte schuur aan de noordkant van de Kerkstraat die 10 pond, en de helft van een schuur aan het kerkhof die 4 pond waard is. Er zijn twee stukken land, samen ruim 7 gemeten, een boomgaard aan de zuidkant van het dorp en een tuin bij de molen. In de winkel zien we wollen boezels, baije striepen, vriese teerling, geweven kant, inlands katoen, serse, grein en kalemink, elletjeslijnwaat, oogjes, stemijn, kat in de zak, ondermustgoet, een kastje met korte kramerie, stokvis en droge vis, borstelwerk en matten, kaas en boter, raap- en boorn olie, grutte, gort, rijst, besemwerk en klompen. Verder een paard van 20 jaar oud, een wagen, een ploeg, een eg, en wat vruchten te velde. Het totale bezit komt op ruim 797 pond, waar 200 pond schuld tegenover staat. (4674B-22) 1796 Volgens de boedel van Arij Steeven Bierens van Capelle moet hij nog betalen aan de weduwe van Andries Mus voor winkelwaar.( ) 37
38 1808 Op de derde dag van de Bloeimaand verkoopt de weduwe Helena Swedijck haar tuin aan de noordoostkant van Nieuwerkerk voor ( vlaamse ponden) aan Willem Josiasse de Bruijne. De tuin wordt belend door schepen Cornelis Uijl aan de oostkant, wat ten noorden ligt is van Jan van Dongen, en wat ten westen en zuiden ligt is al van de Bruijne. In 1809 wordt het schuurtje aan de noordkant van de Kerkstraat verkocht (4658) 1814 Helena Swedijck, de wed. van Andries Mus, leent f.194,- aan Stoffel van der Weijde op diens huis en erf, volgens een akte gepasseerd bij notaris Jan. G. Blauw op 6 mei Ze is dan nog steeds winkelierster Op 17 juli 1817 overlijdt op 75 jarige leeftijd de winkelierster Helena Zwedijk (Sweetdijk), de wed. van Andries Mus A-93 Haar dochter Maatje Mus ( ) woont hier en is nu winkelierster; ze is de weduwe van de arbeider Marinus Andree ( ), waarmee ze in 1789 getrouwd is. Marinus en Maatje hadden eerst een keuterboerderijtje, maar op 11 dec.1799 werd hun boedel, waar 6G.230R. land bij hoorde in de Vissersweg, in beslag genomen. ( ) 1822 A-93. Op 20 feb.1822 hertrouwt de 56 jarige Maatje Mus met de 66 jarige Jan Kik (-1834) uit Noordgouwe. Jan was eerder getrouwd met Lena Schaaf. Op 6 feb. worden er huwelijksvoorwaarden opgemaakt. (Boom) 1828 A-93. De arbeider Jan Kik Wzn., en winkelierster Maatje Mus, lenen f.400,- van Stoffel van der Weijde Corn.zoon uit Zierikzee, het is een 2 e hypotheek op het huis. Het huis staat op haar naam als het kadaster voor de eerste keer een nummer en oppervlakte van de sectie beschrijft: sectie M-341 groot 148 m A-93. Op 15 aug wordt het huis en erf voor f.120,- verkocht aan Cornelis Hoogerhuis (1806-) (C.P.Boom) Cornelis Hoogerhuis is getrouwd met Willemina Kooman (1800-); in 1840 hebben ze 3 kinderen. Ze gaan hier wonen en hebben regelmatig inwoning A Aug.1841 leent arbeider Corn. Hoogerhuis f.100,- van arbeider Marinus van Driel met als onderpand dit huis met erf, sectie M-341 groot 148 m2.; een eerste hypotheek. (v.halen) 38
39 1842 A-93. Op 3 nov.1842 verkoopt Hoogerhuijs het huis met erf, sectie M-341 voor f.300,- aan de pakdrager Simon Kister (1815-). Simon leent f.500,- tegen 5%, van Johannis de Jonge uit Oosterland. (Bouvin) Simon is getrouwd met Maria Stouten (1821-); ze gaan hier wonen met diverse inwonende arbeiders en arbeidsters. In 1852 leent winkelier-koopman Kister f.166,30 van zijn schoonzusters Thona en Krina Stouten, een schuld die ontstaan is bij een boedelscheiding. (Bouvin) Op 30 aug.1855 heeft winkelier Simon Kister wat grond gekocht daarom leent hij op 4 oct.1855 f.700,- van Nic. Hoogveld Moser uit Stavenisse; het is een eerste hypotheek op zijn huis en een stuk bouwland van 1970 m2, sectie M-261 dat dit jaar is gekocht; een tweede hypotheek op een schuur en erf, sectie M-277, en een derde hypotheek op een vlasschuurtje en domphok op de Rolklootsendijk sectie M-257, en nog op 8990 m2 land gelegen aan Broodsende, sectie M-144, en op 1 bunder, 10 roeden bouwland aan dezelfde Rolklootsendijk, sectie M-216. (vdldc) 1866 A-117 Op 22 feb.1866 leent Simon er nog f.1500,- bij, hij heeft er nu een weiland bij gekocht van 1730 m2 op Ouwerkerk. (Ermerins). Op 4 mei 1867 wordt het een lening van f.1500,- bij dokter Keller in Zierikzee. (vdldc) Simon woont hier met zijn vrouw, die nog steeds een winkel heeft. Ze hebben geen kinderen; wel steeds kostgangers, soms familie A-117 Op 18 maart 1870 verkoopt Simon Kister een huis met erf op M-341, groot 148 m2 voor f.800,- aan de landbouwer Adriaan Lievense Janszoon (1830-) (Ermerins) Adriaan is getrouwd met Neeltje Mol (1836-) hij is akkerbouwer. Ze wonen hier en krijgen ca. 6 kinderen van A-117 Op 20 mei 1875 wordt de akte opgemaakt waarbij Adriaan Lievense dit huis en erf op sectie M-341 van 148 m2, en een schuur op M-416 op de Ring samen voor f.1800,-, verkoopt aan De landbouwer Leendert Lievense Jansz. (ca ). (Moolenburgh). Leendert is in 1859 getrouwd met Lena van Meurs.( ); tussen 1863 en 1872 werden er 5 kinderen geboren, waarmee ze nu hier wonen. Hij woonde in 1870 als veldarbeider op A-162a. Na het overlijden van Leendert blijft Lena hier wonen; een paar van de kinderen zwermen uit A-117 wordt A-194 Lena van Meurs woont hier tot haar overlijden in 1924, met haar zoon, de landbouwer Anthonie Lievense ( ), die in 1923 trouwt met Grietje van den Bout (1871-) Ook de naaister Adriana Lievense, de weduwe van Jozeas Bal woont tot 1911 op A-194 met haar dochter.) 1916 Kerkstraat A-194 Pas op 30 maart 1916 maakt notaris Korteweg een boedelscheiding op voor de erfgenamen van de op 10 oct.1899 overleden Leendert. 39
40 Er zijn nog vijf levende kinderen en twee overleden zoons. Het huis met schuur en erf, sectie M-1228 groot 140 m2. wordt getaxeerd op f.800,-. De schuur met erf (zie Ring 47) op sectie M-1120, groot 205 m2, is f.900,- waard. Het huis met schuur en erf op sectie M-1228 wordt eigendom van de zoon Anthonie Lievense ( ), die in 1923 trouwt met de 52 jarige Grietje van den Bout ( ), die dan de plaats van de 85 jarige Lena moet gaan innemen. In 1930 vindt er een herbouw plaats. Na het overlijden van Anthonie in 1923 wordt de weduwe Grietje van den Bout de eigenaresse, ze gaat zelf terug naar haar geboortedorp Elkerzee, en het huis zal wel verhuurd worden. ca.1938 Kerkstraat A-274 na de vernummering. Jacob Rentier C.N.zn. koopt het huis met erf in ca Ca A-274. Arnoud Johannes Schietekatte zoon van landbouwersknecht Thonis Schietekatte en Cornelia Suzanna van der Male. De op 9 jan.1898 te Serooskerke geboren Aernoud trouwt als landbouwersknecht op 30 apr.1920 op Nieuwerkerk met de 23 jarige Nieuwerkerkse Johanna Overbeek (19 jan dec.1976), de dochter van de veldarbeider Cornelis Overbeek (petroleumboer uit de Groene Put), en Tona Willemse Boogaard. Hij koopt het huis met erf, sectie M-1228, groot 140 m2. In de oorlog wordt zoon Tonis in Duitsland te werk gesteld. De gemeente geeft geen evacuatieadres in Kerkstraat A-274. In 1953 evacueert de familie Schietekatte naar Vleamsche Duijn W-159 in Groede. Later woont hij, tot Nieuwerkerk weer bewoonbaar is, op Beijersdijkje nr.95. Bij zijn terugkomst vraagt Aernoud subsidie aan bij de gemeente om de tot nu toe gebruikte tunne te vervangen door een modern spoeltoilet. In 1959 wordt het sectienummer veranderd in N-192; het blijft 140 m2 groot. Ca Hoge Kerkstraat 16. Jacob (Jaap) Marinus Schietekatte (1940- ca 2008) Jaap laat in 1976 zijn naam veranderen in Schiewold. Hij trouwt met Cobie Noorthoek. Jaap koopt het huis voor ca. f ,-. Hij heeft vele jaren een taxibedrijf. Jaap koopt waarschijnlijk ook het er naast gelegen pandje Kerkstraat 14 en maakt er één pand van. In 1967 wordt de achtergevel veranderd. In 1972 wordt de woning verbouwd met goedkeuring van de monumentencommissie. In 1975 wordt er een garage gebouwd In 1985 wordt er een dakkapel geplaatst. (bouwverg.). 40
41 Hoge Kerkstraat Op 25 okt maken Cornelis Smith en Pieternella Huijbregtse huwelijkse voorwaarden op, (zij wordt bijgestaan door haar moeder Willemijntje J. Dekker, de weduwe van Huijbregt Lievense). Er worden inventarislijsten (zitten er niet bij) opgemaakt van hun beider bezittingen Als hij het eerst komt te overlijden, gaan zijn spullen naar haar; maar als zij het eerst overlijdt, krijgt hij zijn inbreng plus 1000 car. guldens. Alleen als er kinderen zijn, krijgt hij ook de rest.( ) Tussen 1740 en 1745 komt Cornelis Smith verschillende keren voor in inventarissen van andere families als er nog aan hem betaald moet worden voor: rouwgoed, serge, katoen, knopen, boter en kaas, en dat vertelt ons dus, dat hij een winkel heeft, en wat voor soort dingen hij verkoopt. Als moeder Willemijntje Lievense-Dekker haar testament opmaakt op 2 april 1747, dan is Pieternella al overleden, haar twee kinderen horen bij de erfgenamen.( a) Pieternella moet dus kort na de geboorte van haar laatste zoon Hendrik, op 28 oct.1746, overleden zijn Op 3 feb. brengt Cornelis Smith de staat en inventaris naar de weeskamer zoals die door hem in feb.1748 is opgemaakt na het overlijden van zijn vrouw Pieternella Huijbregts. Hieruit blijkt dat ze twee zonen hebben, Huijbregt en Hendrik Smith. De bezittingen bestaan o.a. uit: Een huis, schuur en erf aan de zuidzijde van de Kerkstraat en een hof aan de dreef van dhr. van Ellemeet, getaxeerd op ; Een schuur in de Stekelstraat (welke?)van ; en nog 12G. land in Bettewaarde ter waarde van In de schuur staan een paard, een koe en een wagen, en de winkel bedraagt, zoals de selve doen is opgelopen, Dat is dus een flinke winkel. Verder is er sprake van spullen in de kamer, de keuken, op t kamertje, in de gang, in het achterhuisje, op de voorzolder, op t achterzoldertje en in de schuur. Er is in totaal meer aan baten dan aan schulden. (4674a-42) 41
42 Cornelis Smith hertrouwt en vertrekt naar Oosterland, waar hij baljuw wordt. In 1772 komen we ene Corn. Smit tegen met als vrouw Maetje Klink, een dochter van Leendert Mar. Klink. Volgens het tekeningetje van 1758 is de latere sectie M- 342 hier het huis met schuur g, gelegen aan de zuidkant van de Kerkstraat, met als eigenaar of bewoner Cornelis Smit Op 28 nov.1759 verkoopt en levert Sacharias Tuijneman in opdracht van dhr. Cornelis Smith, baljuw van Oosterland en s Heer Jansland aan mons. Jan Otte van Wijk, meester chirurgijn alhier, een huis met erf en gevolge van dien, staande aan de zuidzijde van de Kerkstraat, belend ten oosten door Lieven Huijbregtse, ten westen door de weduwe van mr. Jan Mus. Alsmede een hof over de Achterweg, belend ten oosten door Frans Weksteen, ten westen en zuiden door de Heer van Ellemeet en ten noorden door Janna van Gulden. En dat voor , te betalen met per jaar en 4% rente. De koper komt op 1 mei 1760 op het gebruik, en krijgt dan een half jaar huur betaald, Baljuw-secretaris van IJsselsteijn maakt de akte op, aanwezig zijn de schepenen Jacob de Bruijne, Frans Weksteen, Marinus Bal en Huijbregt Janse.( ) Jan huwt in 1759 of iets later met Pieternella van Oost waaruit op 18 jan.1764 een dochter gedoopt wordt, Johanna Sophie, waarbij Ariaantje Schapekaas getuige is. Drie dagen na de doop maakt Pieternella haar testament, ze ligt dan ziek te bedde.(4665-9) Pieternella overlijdt, en Jan trouwt in 1765 met de weduwe Neeltje Paulusse de Vin, waarmee hij op 1 april 1765 huwelijkse voorwaarden maakt. Op 15 nov.1765 maakt Jan een tamelijk onduidelijk lijstje op van de bezittingen; wel blijkt daaruit dat er een winkel is. (4674A-27) Ze krijgen 4 kinderen: Otto, Johannes, Paulina en Hendrina, de laatste in Ook Neeltje overlijdt wordt op 21 oct.1771 door van Wijk een inventaris voor de weesmeesters gemaakt. Er zijn twee kinderen: de zesjarige Otto Janse en Paulina die 4 jaar oud is. Het huis met schuur en erf wordt getaxeerd op , en zijn paard met wagen op De waarde van de bezittingen bedraagt maar bijna 70 pond meer dan de bijna 292 pond schuld. De twee weeskinderen krijgen dus samen bijna 35 pond. ( ) Jan begint een derde huwelijk met Adriana Lieven Knokhaart of Klockart en ze krijgen samen nog 6 kinderen, de eerste in 1772; de laatste wordt op 1 jan.1779 gedoopt; Jan is dan net overleden, op 23 nov We komen Jan van Wijk tegen als barbier, chirurgijn en soms moet meesterloon aan hem betaald worden, hij behandelt dus ook paarden
43 Op 15 feb.1779 staat op de inventaris van de overleden chirurgijn Jan Otto van Wijk een huis en erf aan de noord- zijde van de Kerkstraat, met Lieven Huijbregtse ten westen en Andries Mus ten oosten; dat is waarschijnlijk fout, het moet Kerkstraat 18 aan de zuidzijde van de Kerkstraat zijn! Er is ook een schuur op de Molendijk. Er zijn 117 personen die nog een rekening moeten betalen bij de dokter voor praktijk en medicamenten. In diezelfde inventaris staat dat van Wijk nog schuld heeft aan Corn. Smit op het huis en dat hij geleend heeft op een stuk land. Verder moeten er natuurlijk nog vele middenstanders en leveranciers hun centen krijgen. De baten bedragen en de lasten De resterende gaat voor de helft naar de weduwe, Adriana Knokhaart; de andere helft is voor de 4 kinderen: Sophia, Otto, Hermanus en Janna van Wijk. ( ) Op 22 maart 1779 verkoopt Adriana Knokhaart, de wed. van Jan Otto van Wijk, voor een huis, schuur en erf in de Kerkstraat aan chirurgijn Willem Compagne. Belend: Lieven Huijbregtse ten oosten en Andreas Mus ten westen.( ) 22 maart 1779 leent Pieter Beije, chirurgijn te Zierikzee aan chirurgijn Willem Companje op Nieuwerkerk op diens huis met schuur en erf aan de zuidzijde van de Kerkstraat. ( ) Op 17 april 1781 geven de president en weesmeesters aan de baljuw en schepenen, als opperarmmeesters van Nieuwerkerk (dat zijn wel bijna allemaal dezelfde personen!) een overzicht van de inkomsten en uitgaven van Sophia sinds het overlijden van haar vader. Eerst krijgen Cornelis Pijpelink, en later haar stief moeder, kostgeld. In 1780 verdient zij 4 pond bij Jan de Bruijne. Sophia krijgt daarvan wat kledinggeld en een paar schellingen voor de kermis; maar nu is het tijd om te stoppen voor de weeskamer, waarschijnlijk omdat Sophia nu oud genoeg is om voor zichzelf te zorgen (17?). De paar pond die nog over zijn, vervallen aan de weeskamer voor gemaakte administratiekosten enz. ( ) 1786 Op 18 juli 1786 verkoopt Willem Companie, mr. chirurgijn te Stavenisse, aan Hendrik Schorfius, wonende op Nwk. een huis met erf, het wordt belend ten oosten door de Neeltje Cornelisse, de weduwe van L. Huijbregtse; ten westen door Andries Mus. In de marge staat dat er kosten betaald moeten over , dus voor dat bedrag is het pand verkocht. ( ) Schorfius kocht in 1783 wat nu Stekelstraat 1 is. Schorfius staat in 1797 op de beroepenlijst als gehuwde rentenier en schepen van 50 jaar oud Kerkstraat A-92 Kennelijk heeft Schorfius het huis verkocht aan de rietdekker en slager Krijn van As die nu hier woont, want die geeft op 13 juli 1812 volmacht aan koopman-kruidenier Jacobus Dekker uit Zierikzee om dit, zijn huis te verkopen omdat hij niet aan zijn verplichtingen kan voldoen. Dat gebeurt op 28 oct.1812: voor 950 francs oftewel 400 gulden, wordt landbouwer Cornelis Dingemanse Hallingse de nieuwe eigenaar. (v.halen) 1814 Kerkstraat A-92 Pieter Brouwer, timmerman. ( ) wordt al snel de nieuwe eigenaar. Pieter trouwt in 1814 met Willemina Janse Zeijler, die in 1834 op 44 jarige leeftijd overlijdt na hem zeven kinderen te hebben geschonken. 43
44 1818 Timmerman Pieter Brouwer woont hier met zijn vrouw Willemina en twee kinderen. De 50 jarige Cornelis Roos en de 19 jarige Johannis Blanker, beiden timmermansknecht, wonen bij hen in, samen met het 19 jarige dienstmeisje Krijna Meerman Kerkstraat A-92 Pieter Brouwer, landbouwer-timmerman, is volgens het kadaster de eigenaar van sectie M-342, een huis en erf op 220 m2, hij betaalt in 1838 de belasting als timmerman. Volgens kadaster nr.26 bezit hij ook nog de tuin van 1640 m2 op M-275 en een tuin van 570 m2 op M-21. Na 1833 koopt hij ook nog het huis met erf dat nu Kerkstraat 27 is. Pieter koopt in 1832 een hofstede op Oosterland, waar hij in 1845 op gaat wonen. (AF) 1844 Kerkstraat A-92 Op 23 dec.1844 wordt het huis en erf nr. 92 op sectie M-342, groot 220 m2 met een ondershandse akte verkocht aan de zoon, timmerman Johannis Brouwer ( ). Hij wordt ook eigenaar van de tuin M-275. ( k-359 en 560). Op 1 maart 1845 leent Johannis voor deze aankoop f.1200,- van Joh. Zeijler, die gemeenteschatter te Oosterland is.(bouvin) Johannes trouwt in 1847 met Janna Hollander ( ) een dochter van de landbouwer Cornelis Hollander en Lijntje van Vessum. Johannis en Janna krijgen vijf zonen en één dochter die langer dan een paar jaar leven: Pieter, (1848- ) Kornelis, ( ), timmerman, ongehuwd. Willem, (1851- ) Linies, (1854- ) Jan Hendrik, ( ), timmerman, die op Nwk. blijft, maar niet trouwt. Willemina, ( ) die met een bakker trouwt en hier vertrekt Kerkstraat A-92 Johannis Brouwer leent f.1950,- op huis nr.92; sectie M-342; huis, schuur en erf op 220 m2, van Cornelis Adr. Brouwer. (Bouvin) Tussen 1855 en 1872 verandert het huisnummer, het wordt nu nr. A Kerkstraat A-116 Johannes erft f.2745,- van zijn schoonvader, Cornelis Hollander Kerkstraat A-116 Johannis Brouwer is de eigenaar, en hij woont hier met zijn vrouw Janna Hollander, Brouwer bezit ook een houtschuur aan de Achterweg zuidzijde ( nu Poststraat) nummer A (zie parkeerterrein of dorpshuis) 44
45 1878 Kerkstraat A-116 Johannis overlijdt dit jaar, maar zijn weduwe, Janna Hollander, blijft hier wonen op nr In 1888 kopen Janna en haar kinderen de timmermanszaak op de Ring. (zie Ring 9) Later vertrekt zij naar haar dochter in Middelburg en wordt dit huis verkocht Kerkstraat A-116 Op 27 oct.1898 verkopen de erven Brouwer-Hollander een huis met erf aan de zuidzijde van de Kerkstraat, huisnr A-116, sectie M-1229 groot 217 m2; aan Cornelis van Oeveren ( ) voor f.2000,-. (vdldc). Cornelis is landbouwer op de hofstede Nooitgedacht. Cornelis is in 1858 gehuwd met Gerina Bal.(ca ), ze gaan hier wonen Kerkstraat A-193 Gerina Bal van Oeveren-Bal woont hier bij haar overlijden op 18 aug Er is door haar geen testament gemaakt, dus wordt op 23 maart 1912 bij notaris Biermasz een verdeling van haar bezittingen opgemaakt voor haar man en verdere erfgenamen. Ze zijn rijk, er moet f ,- verdeeld worden. Cornelis houdt het huis zelf. Ca.1914 Kerkstraat A-193 Cornelis van Oeveren verkoopt het huis met erf op sectie M-1229, groot 217 m2 voor f.2500,- aan de landbouwer Job van de Zande Hubregtzoon ( ). Job is een zoon van Hubregt van de Zande en Jannetje de Oude; hij trouwt in 1890 met Cornelia Johanna van Oeveren ( ); ze hebben 7 kinderen. Job is landbouwer op De Hooge Hoeve. Job van de Zande was lid van de gemeenteraad van Nieuwerkerk en wethouder Hij was ouderling van de Herv. Gemeente Hij gaat hier wonen met zijn vrouw Johanna van Oeveren (1860-) Ca Kerkstraat A-273 Na het overlijden van de weduwe Johanna van de Zande-van Oeveren wordt het huis verkocht aan Johanna Pieternella Berman ( ), de weduwe van de hoefsmid Christiaan Hendrik de Braal ( ) Kerkstraat A-273 Evacuatie adres voor de weduwe de Braal: Aleidastraat 22 in Schiedam. J. van Klinken, die waarschijnlijk inwoont bij de wed.de Braal, gaat naar de Bestevaerstraat 15 in Oostburg. Ca.1956 Kerkstraat 18 Het huis is na de ramp hersteld. Het huis wordt verkocht aan Jan Jacob de Witte. Het nieuwe sectienummer wordt N-193. In 1977 wordt de woning verbouwd en uitgebreid. 45
46 Kerkstraat 20 Dit huis is waarschijnlijk het oudste stenen huis van Nieuwerkerk. In de aantekeningen van archivaris van Beveren staat iets over "des graven mannen". 's Maandags na Palmzondag in 1344 worden een aantal van zulke 's gravenmannen bij elkaar geroepen om met de vertegenwoordiger van de Graaf, Aernoud van Haemstede, over belangrijke zaken te spreken, waarschijnlijk over de komende Friese oorlog. Uit Duiveland worden opgeroepen Pieterszoon Kervinck en zijn broer; ene Pieter Spiernagel, en Heinric de Buffel (waarschijnlijk van Oostersteijn?) De Kervinck s wonen waarschijnlijk in dit huis. Er is een ambacht in Duiveland dat "Kervinckskinderen Ambacht wordt genoemd, en in de grafelijke rekeningen is sprake van 50 gemeten land dat ze hebben gekregen van graaf Jan van Henegouwen. In die rekeningen komt ook ene Hallinx Kervinckszoon voor, die schot betaald voor 97 gemeten; ze horen dus bij de grootgrondbezitters. In een krantenartikel in 1973 wordt gesproken over de restauratie van een huis van 500 jaar oud dat in 1493 gebouwd is door ene W. de Reus?, die waarschijnlijk op Nieuwerkerk woonde. Het huis is gebouwd met zgn. Zeeuwse Moppen, een grote maat stenen. Bij de restauratie wordt de 56 cm. dikke achtergevel gesloopt. Er zijn dan nog een paar prachtig gemaakte deuren, geglazuurde stenen en een koperen plaat in een muur in de voorkamer. Er is een grote kelder met een verhaal over een gang naar de kerk, maar daar is nooit enig bewijs van gevonden. De familie Tuijnman gebruikte de kelder om boter te karnen, mogelijk tot het begin van de 20 e eeuw Lieven Huijbregtse (van de Stolpe) ( ) heeft hier zijn huis, schuur en erf. Hij is ook eigenaar van het schuurtje of wagenhuis net over de achterweg en van de grote schuur h ten zuidoosten daarvan, aan de Rolleklootsendijk. ( ) Lieven is in 1735 getrouwd met Neeltie Cornelisse. ( ). Ze laten hier 5 kinderen dopen van , die allemaal vóór hun ouders overlijden. Lieven is gedurende een aantal jaren één der schepenen van Botland. (o.a en 1763) Op 10 sep wordt Lieven Huijbregtse gedagvaard omdat hij een varken dat hij op een koopdag heeft gekocht, niet heeft betaald. ( ) 46
47 Op 22 juni 1754 verkoopt Lieven, samen met Cornelis Huijbregtse, De Stolpe van de overl. Jan Huijbregtse.( ) In 1754 is Lieven erfgenaam bij het overlijden van zijn nicht, Willemijntje Jans Dekkers, de weduwe van Huijbregt Lievense. (4674A-32) 1786 Lieven Huijbregtse is gestorven, het is nu zijn weduwe Neeltie Cornelisse die ten oosten woont van het huis dat chirurgijn Willem Companie uit Stavenisse voor verkoopt aan Hendrik Schorfius. ( ) 1787 De weduwe Neeltie Cornelisse woont hier, ten westen van het huis dat schepen Maerten Kempe koopt van thesaurier Philipse.( ) Zij verkoopt 5 gemeten, 75 roe grond in de 39 e mate voor 100 pond.( ) 1797 Op 12 juli 1797 taxeren de baljuw en de schepenen het huis op ( ) Op 7 feb.1798 zijn er voorwaarden en verkoop door executeurs van de boedel van de overleden weduwe Neeltie Cornelisse, waaronder: 1 e / Dit zeer goede en wel betimmerde huis en erve, met schuur, aan de zuidzijde van de Kerkstraat met het slop ten oosten en H.Schorfius ten westen. Het wordt op 26 juni 1798 geleverd aan Willem Tuijnman. 2 e een zeer vruchtbare moestuin en boomgaard van ca. 90 roeden over de Achterweg. Dit is waarschijnlijk een forse tuin, hij wordt vaak vermeld. Johannes Tuijnman koopt die tuin voor , ook voor zijn zoon Willem Tuinman. ( ). 3 e : Een gerieflijke schuur bezuiden het dorp die wordt verkocht aan Pieter Kik voor e : een stuk bos op Oosterland.( ) Willem is een 44 jarige meekrapdroger als hij in1805 trouwt met de 27 jarige Maria Evertse Steenland (ca.1778-) A-91. Op 1 sep.1819 maakt de hier wonende Maria Steenland, de weduwe van de op 28 oct overleden landbouwman Willem Tuijnman, samen met de voogd van hun drie minderjarige kinderen, een inventaris op van alle meubelen en gereedschappen tot de huishouding, landbouw en vlasserij behorende. Naast de gewone inventaris en vele vruchten te velde is er: a/ Dit huis met erf en annexe schuur aan de zuidzijde van de Kerkstraat, geleverd op 26 juni 1798 aan Johannis Tuijnman voor zijn zoon Willem uit de boedel van de overleden Neeltje Cornelisse, de weduwe van Lieven Hubrechtse b/ Een derde part in een huis met erf aan de westzijde van de Weststraat, zijnde nr.19; dat op 3 oct.1810 uit de boedel van Pieter Fabris aan Willem Tuijnman is gekomen, en: c/ Een schuur op A- 65, getransporteerd 9 maart 1814 van Adriaan Bolluit (AWvHalen) Maria woont hier met haar drie zoontjes. In 1820 hertrouwt zij A-91. Jan Rochus (soms Rokus) Hallingse (ca ), landbouwer, wordt door zijn huwelijk in 1820 met Maria Steenland (ca ), de weduwe van Willem Tuijnman, de nieuwe eigenaar van o.a. dit huis en erf op sectie M-343, groot 198 m2; hij gaat hier wonen. Jan is een zoon van Rokus Hallingse en Elisabeth Vis. 47
48 In 1836 woont Jan Hallingse hier met zijn vrouw Maria en de timmermansknecht Cornelis Tuijnman (1812-), een zoon uit het eerste huwelijk van Maria. Er is ook bijna steeds een inwonende dienstmeid. Jan Rochus Hallingse trouwt na het overlijden van Maria voor de tweede keer, in 1843, met Willemina van de Stolpe (ca ). Uit dit huwelijk worden 3 dochters en een zoon geboren. Jan zit van in de gemeenteraad, waarvan 7 jaar als wethouder, wordt in 1825 een paar jaar diaken, en in 1831 een paar jaar ouderling van de NH Kerk A-91. Een paar weken voordat Jan Hallingse hertrouwt verkoopt hij op 23 maart 1843 voor f.6200,- aan zijn drie stiefzonen, de boerenknecht Johannis Tuijnman, de landbouwer Everinus Tuijnman en de timmermansknecht Cornelis Tuijnman de volgende zaken: 1 e : Dit woonhuis, met schuur en erf, op A-91, sectie M-343 groot 198 m2; 2 e : De moestuin over de Achterweg, sectie M-281 en 282, groot 1250 m2; 3 e : En nog verschillende stukken land in sectie M: nr. 453, 454, 457, 60 t/m 65 en in sectie M-31 en 32 en sectie G-147 en 147, samen ca.20 bunders 4 e : een schuur en erf op de Ring, A-1; sectie M-329 en 332c, samen 1370 m2. Jan Hallingse houdt wel zelf het recht van vruchtgebruik, en blijft hier wonen. (CvdLdC) 1850 A-91. Jan Hallingse woont hier met zijn vrouw Willemina van de Stolpe, 4 kinderen, een knecht en een dienstmeid.!857 A-91. Jan Hallingse is op 1 oct.1856 overleden, daarom wordt op 3 dec.1856 door notaris Corn. van der Lek de Clercq een inventaris opgemaakt in het sterfhuis. Aanwezig zijn de voogd, en de weduwe, Willemijntje van de Stolpe met haar 4 kinderen: Elisabeth, Johanna, Janna en Hubrecht Rochus. Jan en Willemijntje waren niet in gemeenschap van goederen getrouwd. Behalve de inventaris bezaten ze ook nog samen: 1 e : Een erf, sectie M-256, groot 34 m2; 2 e : Een huis met erf, sectie M-434, 3 e : Een tuin, sectie M-455, groot 440 m2; 4 e : Een huis met erf M-456. De kinderen uit het eerste huwelijk van Jan Hallingse met Maria Steenland, de weduwe van Willem Tuijnman, de drie gebroeders Tuijnman, kunnen nu de in 1842 door hen samen gekochte eigendommen, met de rest van de erfenis, onderling verdelen, en daartoe komen ze op 16 apr.1857 bij notaris C.v.d.Lek de Clercq terecht. Everinus Tuijnman (ca ), landbouwer, verkrijgt : 1 e : Dit huis met schuur en erf op A-91 (nu nr.20), sectie M- 343, groot 198 m2. 2 e : Een erf en een moestuin over de Achterweg, sectie M-281 en 282, groot 1250 m2; en 332C,(zonder omschrijving) samen 19R.69E., ter waarde van f.1850,-. 3 e : stukken land buiten het dorp op secties M- 64, 67, 212, 213, 214 en e: Het voorste gedeelte. van de sectie M-329, ter grootte van 3R.76E, met zuidelijk de doornhaag bij Cornelis beschreven; een mestput en schuur aan de noordkant; de dreef aan de oostkant en het erf aan de westkant, beiden van Dingeman Hallingse. De waarde is f.50,-. 48
49 Op 14 mei 1857 leent Everinus f.2000,- op de bovenstaande goederen. Everinus is een zoon van Willem Tuijnman en Maria Steenland; hij trouwt in 1834 met Maria van de Stolpe ( ). Hij is diaken van en ouderling van Zijn broer Johannis Tuijnman, landbouwer te Nieuwerkerk, krijgt 3 stukken land; ook hij leent daar f.2000,- op. Johannis ( ) is een zoon van Willem Tuijnman en Maria Steenland; hij trouwt in 1835 met Jozina Johanna Mulder. De derde broer, Cornelis Tuijnman, timmerman, krijgt 5 stukken bouw- en weiland en tuin, en het achterste gedeelte van de sectie M-329 ter grootte van 4R.74 E. (zie Kerkstraat 12) 1861 A-115, na vernummering. Everinus Tuijnman woont hier met zijn vrouw Maria van de Stolpe, de zonen Willem en Leendert en 2 dochters, Janna en Maria A-115 Everinus is op 6 maart 1895 overleden, daarom wordt door notaris J. C. van der Lek de Clercq op 17 oct.1895 een inventaris opgemaakt om de zaak te kunnen verdelen. Er zijn twee zoons, de landbouwers Willem en Leendert Tuijnman, beiden landbouwer op Nwk., en een hier ook wonende ongehuwde dochter Maria. Elk daarvan erft nu f.2560,-, maar ze hebben ook nog tegoeden als schuldeisers uit de boedel. Leendert Tuijnman ( ) woont hier met zijn vrouw en krijgt: 1 e : voor f.1200,- dit huis met schuur en erf op sectie M-343, met de boomgaard op de secties M-281 en M-282, samen groot 1449 m2; 2 e : voor f.800,- een schuur op M-547, groot 870 m2; plus nog een paar stukken bouwland. Maria gaat naar Zierikzee en Willem blijft hier mogelijk wonen tot zijn overlijden in De 35 jarige Leendert is in 1881 getrouwd met de 19 jarige Jannetje Kik ( ), de dochter van Klaas Kik van de Hooge Hoeve. In 1897 wordt het na hermeting sectie M-1230, een huis met schuur en erf op 195 m A-115 Jannetje Kik, de vrouw van Leendert Tuijnman, is op 10 mei 1903 overleden, dus wordt er een staat en inventaris opgemaakt. Van 1882 tot 1900 heeft ze 9 kinderen gebaard. De notaris komt op 5 oct.1903 naar het sterfhuis in de Kerkstraat, dat op de inventaris staat als: huis met schuur, erf en tuin, sectie s M-1230 en M-1432, groot 1420 m2. Verder is er nog een schuur op M-1270, groot 78 m2 en verscheidene stukken land. Ook een ander huis met schuur en erf, op sectie M-1235, groot 185 m2, behoort tot hun bezittingen; dat is nu verhuurd aan Pieter van der Linde voor f.35,- per jaar en aan Willem Bom voor f.36,- per jaar.(j.c.v.d.l.de Clercq). Leendert en zijn vrouw hebben het op 19 juli 1884 gekocht ; en op 29 apr.1920 verkoopt Leendert dat huis op M-1235 voor f.2000,- aan Stoffel Roukema. (Korteweg) Ook bezitten ze 1/6 e deel in sectie M-1176, een kerk en erf op de Molendijk, groot 347 m2. Leendert houdt dit huis waar hij in woont, op de sectie M-1230, voor zichzelf A-272 Op 6 nov.1913 wordt, 10 jaar na haar overlijden, de boedel verdeeld van Jannetje, de vrouw van Leendert. Inmiddels is Klaas, één der 7 kinderen, in Kota-Radja overleden, zodat het een tamelijk ingewikkelde verdeling wordt. Behalve het huis en diverse stukken land wordt ook 1/6 e gedeelte van een kerk met erf op sectie M-1176 opgevoerd als bezit. De totale waarde van de bezittingen na aftrek der schulden wordt geschat op f ,-. 49
50 Leendert behoudt alle bezittingen en gaat voor de uitkeringsverplichting aan de kinderen een lening aan van f ,- bij de bank, als onderpand is er een eerste hypotheek op de huizen, schuren, erven, bouw- en weilanden op de sectie s F-212 t/m 215; G-160 en 161, en M- 1230, 1235, 1270, 1353 t/m 1359; 1361, 1362 en 1432; samen 10HA.21A, 41ca A-272 Op 17 april 1924 verkoopt Leendert dit huis voor f.2000,-aan zijn zoon Frans Adriaan Tuijnman (1896- ). Frans leent hetzelfde bedrag van A. Matthijsse. (Biermasz) Frans trouwt in 1924 met de 20 jarige Wilhelmina Janna Jacoba Kooman. Hij houdt het huis maar één jaar A-272 Op 3 juni 1925 verkoopt Frans Tuijnman het huis met schuur en erf op sectie M-1230, groot 195 m2 voor f.2800,- aan Gerardus (Gradus) Johannes Mol ( ); die daartoe f.1700,- leent van de Insulaire Bank. (Korteweg) Gerardus is in 1914 getrouwd met de 24 jarige Kaatje van der Weele; zij overlijdt in Gerardus hertrouwt met Janna Geleijnse ( ), de weduwe van Johannis Willem Uijl; ze hebben dan allebei minderjarige kinderen. Gerardus Mol trouwt een derde keer, nu met Hiltje van Schouwen, de weduwe van Marinus Pankow Kerkstraat A-272. De familie Mol evacueert naar Rotterdam Kerkstraat A-272. De familie Mol evacueert naar Hessenweg 2 in Barneveld. In 1954 vraagt de weduwe Mol subsidie om een nieuwe wc te installeren, die kan dan aangesloten worden op de pas aangelegde riolering. ca.1955 Kerkstraat 20. Na het overlijden van Gerardus verkopen de erfgenamen het huis met schuur en erf op sectie M-1230, groot 195 m2 aan de koopman Adriaan Steven Flikweert W.zn. Adriaan heeft een galanterieënwinkel (zie Kerkstraat 10 en 12) en is nu ook begonnen met de verkoop van meubelen; dat vergt ruimte, dus daarom koopt hij dit pand; het wordt een winkel met schuur en erf op sectie M-1230, groot 195 m2. In 1958 verandert het sectienummer, het wordt N-194. Ca.1973 Flikweert verkoopt het pand aan de Belgische heer Meewis, die het pand door architect Piet Tieleman en timmerbedrijf Radewalt op laat knappen.. 50
51 >Kerkstraat Het rechter pandje. Geheel of gedeeltelijk vallende onder Botland Als de bakkerij hiernaast verkocht wordt, blijkt hier ene Jan? de belendende te zijn Maerten Maertense is belendende aan de westkant van bakker Cornelis Bliek. Het erf aan de zuidkant is van bakker Bliek, zijn mek-oven staat daar op. In zo n mek-oven worden mikken gebakken, soms ook van deeg dat door de klanten zelf geleverd wordt Volgens het kaartje ca.1758 bezit Maerten (Maertense) de Jonge, het huis i aan de zuidkant van de Kerkstraat. Hij is ook eigenaar van het op de hoek Molenweg-Achterweg gelegen wagenhuis op ii = Het erf op Botlands grondgebied waarop de oven staat, ten zuiden van Maerten Maertense (de Jonge), hoort bij k, de bakkerij die er naast staat. ( ) 1766 Als de bakkerij hiernaast op 26 aug.1766 opgeleverd wordt staat er in de akte dat dit huisje van Maarten Leijnse de Jonge is. ( ) Ene Maarten Leijnse de Jonge krijgt kinderen met Neeltje Marinus Schietekatte van Het is niet bekend hoe het huisje van Maarten Maartense naar Maarten Leijnse de Jonge gaat, en daarna naar Klaas van IJserloo of diens weduwe. 51
52 1787 Volgens de schuldbekentenis in 1790 en de akte van verkoop in 1820 is dit pandje van Willemina Vroomans, de weduwe van Klaas van IJserloo. Op 22 mei 1787 verkoopt baljuw Philipse, in zijn functie van thesaurier van de Vierbannen, een huis met erf aan de zuidkant van de Kerkstraat voor 50 ponden vlaams aan Maarten Kempe ( ), fungerend schepen van Botland. De belendingen zijn: oost Elisa Platdijk; west de weduwe Huijbrechtse (Neeltie Cornelisse); zuid de Achterom en noord de Straat.( ) 1790 Op 1 april 1790 bekent timmermansbaas Maarten Kempe dat hij 66 pond, 13 schellingen en 4 grooten schuldig is aan Pieter Smits, schepen in wette te Nieuwerkerk, met als onderpand zijn huis en erf, ( nu Kerkstr.22) door hem bewoond, aan de zuidzijde der Kerkstraat, belend ten oosten door bakker Elisa Platdijk, ten westen door de weduwe van Lieven Huijbregtse. Ook dient nog als onderpand een in de Kerkstraat staande timmermans "werklogie", met bijbehorende keet, schuur en slijpkot (nu Kerkstr.14) staande ten oosten van de weduwe van Andries Mus, met de herberg de Roode Leeuw ten westen Kerkstraat A-90. De 73 jarige timmerman Maarten Kempe woont hier, samen met de weduwnaar-vlasboer Teunis van der Have (1768-) en diens 53 jarige zuster, de weduwe Maria van der Have 1820 Kerkstraat A-90. Timmerman Maarten Kempe is op 13 juni 1820 in zijn huis Kerkstraat A-90 overleden; er wordt op 20 juni 1820 voor een hele rits met erfgenamen, waaronder v. d. Have en de Jonge, een staat en inventaris opgemaakt van alle bezittingen in huis en in de timmermanswerkplaats; er is ook een uitvoerige lijst van klanten, en wat ze nog moeten betalen. (zie akte) Het huis en erf, met alle meubels, kleren en sieraden gaat, met nog f.3000,-, als legaat, naar Maria Pieterse van der Have ( ), de weduwe van Willem Janszoon Stouten. Pas op 5 maart 1824 beschrijft notaris Mosselmans de overdracht. Op 28 juli 1820 is er een openbare verkoping waarbij ook de timmermanswerkplaats op nr.94 (Kerkstr.14) verkocht wordt, aan Marinus Brouwer, timmermansbaas op Nieuwerkerk Kerkstraat A-90. Volgens de eerste kadastrale beschrijving is het een huis en erf op sectie M-344, groot 62 m2, en het is van de landbouweresse Maria Pieterse van der Have; ze woont hier samen met haar broer Teunis Kerkstraat A-90. Op 18 mei 1847 overlijdt Maria; er wordt een staat en inventaris opgemaakt. (Bouvin) Teunis van der Have, die ook nog steeds hier woont, vertrekt naar A-139 Haar zonen, Jan en Pieter Stouten, zijn de erfgenamen. De waarde van het huis met erf op sectie M-344, groot 62 m2. wordt geschat op f.400,-. Er is, behalve wat land, ook nog een schuur met een 52
53 waarde van f.200,- op sectie M-277 groot 690 m2 die gekocht is op 12 maart (v.haalen) Er wordt een akte van scheiding en deling opgemaakt waarbij dit huis en erf, de schuur en een paar stukken land wordt toebedeeld. aan de zoon Pieter Stouten Wzn. ( ) (Bouvin) Pieter is in 1817 getrouwd met Janna Vane ( ); ze komen van A-125 maar gaan nu hier wonen, met hun zes kinderen die tussen 1818 en 1834 geboren zijn. In 1849 trouwt dochter Neeltje met Giliam van Agthoven, die hier ook komt wonen. In 1850 wordt de familie uitgeschreven. In 1852 emigreert ook Pieter naar Noord-Amerika om zich bij zijne betrekkingen te voegen Pieter Stouten verkoopt op 21 april 1852 voor f.400,- aan Marinus van den Berge Jansz, een koopman uit Bruinisse: 1 e : dit huis en erf aan de zuidzijde van de Kerkstraat, sectie M-344, groot 62 m2; en 2 e : een stuk land, M-261 van 1970 m2, en een stuk dijk van 3288 m2. (Ermerins) Jacob Verton komt hier te wonen met zijn vrouw Maatje de Glopper en hun twee kinderen. Als Verton in 1853 vertrekt komt Marinus van Sas er in met zijn vrouw Pieternella Cornelia Braber en hun zoontje, die vertrekken naar Amerika In 1856 is het Johannis van den Bos die hier woont met Cornelia de Jonge en twee kinderen Kerkstraat A-90 Al een paar jaar later, 24 april 1855, verkoopt v.d.berge het huis en erf, sectie M-344 aan de rietdekker-slager Isaac Lemson (1814-)voor f.200,-. (Bouvin) Izaak Lemson komt van A-88 (zie Kerkstraat 26), met zijn uit Ouwerkerk komende vrouw Krina van Damme ( ) en hun vier kinderen die tussen 1843 en 1852 geboren zijn Kerkstraat A-114 (na 1861) Op 18 april 1868 leent rietdekker Isaac Lemson f.400,- van notaris J.J.Ermerins, hij geeft een eerste hypotheek op een schuur die hij pas gebouwd heeft op een stuk grond, sectie M-280, groot 450 m2 aan de zuidkant van de Poststraat, dat hij op 25 nov.1863 met een ondershandse akte gekocht heeft; en hij geeft een tweede hypotheek op dit, zijn huis en erf op in de Kerkstraat op sectie M-344, groot 62 m2.(vdldc) Isaac woont hier met zijn vrouw, drie van hun kinderen, en een dienstmeid. In 1870 wordt zijn beroep aangegeven als: slager Kerkstraat A-114. Rietdekker-slager Isaac Lemson is de eigenaar van dit pand, en hij woont hier, met zijn vrouw Kerkstraat A-114. Op 22 juli 1883 verkopen de erven Lemson dit huis op 62 m2 op sectie M-344 voor f.325,- aan de broodbakker Johannis Lette Nicolaaszn (1840-). (Waij) Johannis is getrouwd met Elisabeth Hallingse (1843-); zij woonden op 1 jan.1870 op A-124. Lette bezit ook een schuur en erf M-284, groot 370 m2; die ca verkocht wordt. Hij koopt (en gaat mogelijk naar) de hofstede Luctor et Emergo, een huis met schuur en erf op F-49, groot 5890 m2; en verschillende stukken land, F-51 t/m F
54 1894 Kerkstraat A-114. Op 3 april 1894 verkoopt Lette dit huis en erf aan de kleermaker Johannis Hack, (1847-). (Franse) Johannis Hack is op Ouwerkerk geboren en woonde sinds 1888 in de Weststraat, op A-23. Johannis gaat nu hier wonen met zijn vrouw Adriana Hendrika Elisabeth Everaars ( ) en 10 kinderen die van 1875 tot 1892 geboren zijn. Hack bouwt er een schuurtje bij, het wordt sectie M-1232, op 62 m Kerkstraat A-114. Adriana is een paar maanden na de geboorte van het laatste kind overleden, het kind overlijdt vijf maanden later ook. Johannis vertrekt met acht kinderen naar Haarlem. Op 14 sep.1898 verkoopt hij het huis aan de uit Yerseke komende kleermaker Paulus de Hamer (1865-) voor f.575,-. Op 4 feb.1899 leent Paulus f.200,- van koopman Johannes Seijlders uit Zierikzee; het is een eerste hypotheek. (Franse). Paulus woont hier met zijn vrouw, Agatha Servaas (1867-) en hun 8 kinderen die tussen 1892 en 1902 geboren worden Kerkstraat A-114, wordt in 1911 Kerkstraat A-191. Op 16 feb.1904 verkoopt de Hamer het huis met schuur en erf op sectie M-1232, groot 62 m2 voor f.900,- aan schoenmaker Adrianus Johannes Spruijtenburg (Rotterdam1864-), die het volle bedrag leent van schipper Teunis Barendrecht. Adriaan is in 1901 getrouwd met Wilhelmina Sijrier (1860-). In 1900 verklaart Adriaan Johannes Spruijtenburg tegenover de gemeente dat hij het hele vorige jaar in dienst is geweest als schoenmaker bij de weduwe Hemelrijk op A-10 (nu Ring 25), en dat hij gedurende dat jaar f.120,- plus vrije kost en inwoning heeft verdiend, en dat hij daarom in aanmerking komt om op de kiezerslijst te worden geplaatst. Het huis wordt in 1917 gedeeltelijk herbouwd Kerkstraat A-191 Op 13 maart 1930 verkoopt schoenmaker Spruijtenburg het huis met schuur en erf voor f.1500,- aan de diaconie van de Gereformeerde Kerk. De koopsom zal voldaan worden met een lijfrente van f.5,- per week, en Spruijtenburg en zijn vrouw, die rond de 70 jaar oud zijn, mogen de rest van hun leven gratis in het huis blijven wonen. (Nouhuijs) 1944 Kerkstraat 271. Een beetje een tegenvaller voor de Ger. Kerk, want de 80 jarige Adriaan Johannes Spruijtenburg woont hier nog steeds, hij evacueert naar Gerenstein in Woudenberg. Het kadaster vermeldt in 1942 en 1947 rectificatie voor dit pand, met als eigenaar de Diaconie der Ger. Kerk, maar verder wordt er niets bij vermeld! In 1945 verhuurt de Ger. Kerk het huis aan de weduwe (van?) Jac. Sijrier voor f.1,50 per week Kerkstraat 271. In 1948 wordt dit huis met schuur en erf op sectie M-1232 groot 62 m2, verkocht aan 54
55 Boudewijn Heuseveld. (later zijn weduwe Pieternella Hendrikse) (k-2128/11) 1953 Kerkstraat A-271. Piet Kort woont hier, hij evacueert naar Groene Zoom 155 in Rotterdam Kerkstraat 22. De eigenaar, B. Heuseveld vraagt subsidie aan om het emmer-toilet te vervangen door een toilet met waterspoeling dat aangesloten wordt op de nieuwe riolering. Het wordt eerst sectie N-195, een huis met schuur en erf groot 62 m2. (k-2786/9) Kerkstraat 22 Op 8 april verkoopt notaris Heering dit huis met schuur en erf op sectie M-1232 groot 62 m2 van de erfgenamen van B. Heuseveld, aan de koopman-winkelier Marcelis Dalebout. (k- 2786/7) Dalebout voegt het bij de panden die hij er naast koopt tot een winkel met erf en bergplaats. Zie Kerkstraat 26. In 1964 wordt het pand verbouwd.. 55
56 Kerkstraat 24 Eerst het mooie huis naast de vrouw in klederdracht, nu een kale garage. Vóór 1677 Op de lijst van erven gelegen op het grondgebied van Botland staat: Barbel Leenders; dat slaat op het erf ten zuiden van wat later Kerkstraat 22 is. Mogelijk hoorde dat stuk grond toen al bij dit perceel, hoewel er pas in 1728 bevestigd wordt dat de bakker er zijn oven op heeft staan. Vóór 1728 Pieter Pompoene is hier eigenaar van een bakkerij zoals uit de volgende akte blijkt. In 1720 worden Pieter Pompoene en zijn vrouw gecensureerd, maar al snel weer daarvan ontslagen. In 1723 heeft Pieter Franse Pompoene in de Paapse Kerk geknield. In datzelfde jaar heeft Pieter een hele nacht in de herberg van Willem van IJserlo gezeten en is sprakeloos dronken geweest. Pieter is al in 1724 met attestatie vertrokken Op 24 jan verkoopt Pieter Pompoene zijn huis met schuur en erf aan de zuidkant van de Kerkstraat aan Pieter Dingemanse van der Steeg (1700-) (hij tekent met Stege) voor vlaams. Hij geeft een schepenschuldbrief af met hypotheekrecht op huis en hof voor het volle bedrag en belooft daarover 4½% rente te betalen.. Het wordt belend door Pieter Franse ten oosten, Jan ten westen, en de Achterweg ten zuiden. Er hoort een tuin bij die over de Achterweg ligt. De verkoper zal nog een nieuwe stenen oven laten maken die net zo groot is als de oude, (op het erf ten zuiden van Kerkstraat 22), en twee werkbanken om het brood te kneden,. 56
57 Van der Steeg kan direct beschikken over de bak-kamer, en per 1 mei over de rest van het huis. ( ) Van der Stege trouwt met Anna Marcelis Rootbeen; er worden vier kinderen gedoopt van ) Op 1 juli 1746 leent bakker Cornelis Bliek van secretaris Nic. Telle op zijn bakkerij. Er hoort een tuin bij over de Achterweg. (4659-1) Hij heeft waarschijnlijk de bakkerij pas gekocht en trouwt met Geertruij Ribbens Ze laten van 1748 tot 1756 vier kinderen dopen. In 1749 is C. Bliek schepen; op 23 oct.1753 wordt hij tot diaken benoemd. In 1755 levert Bliek stro en brood voor een begrafenis. Volgens het kaartje uit ca.1758 bezit Bliek een bakkerij, bestaande uit een huis met schuur en erf op k aan de zuidkant van de Kerkstraat, en ook een schuur k aan de zuidkant van de Achterweg, dicht bij de Ring. (later Schoof en ten Hove) De oven staat ten zuiden van i op grondgebied van Botland Op 2 sep.1760 levert Corn. Bliek het huis met bakkerij en schuur, dat op Nieuwerkerks grondgebied ligt, aan Johannis (Jan) van Goten (van Goote). Johannis trouwt met Lena IJserloo; ze laten in 1765 en 1766 een kind dopen. Op 3 oct.1760 wordt het erf er naast geleverd waar de oven op staat, dat is grondgebied van Bodlands Ambacht, en het ligt achter het huis i ligt van Maerten Maertense, naast het slop, lopende tot de Achterweg. De belendingen zijn: ten oosten is de koper, west ligt sheeren Slop, zuid het Achterom en noord ligt het schuurtje van Maerten Maertens. De verkoop gebeurt, alles samen inclusief het bakkersgereedschap enz., voor 200 pond vlaams (1200 gulden) plus 6 dukaten en een gouden rijder voor de vrouw en kinderen. Er moet betaald worden met grof zilvergeld of met gouden rijders. ( en en ) Volgens de verkoopakte van 2 sep.1760 woont de weduwe van Willem Kok ten oosten en Maarten Maertense ten westen. Er is nog een hof over de Achterweg, dus aan de zuidkant daarvan, belend ten oosten door Pieter Franse Braber, en ten westen door Lieven Huijbregts (doorgestreept), met de dorpsvroone ten zuiden. Op 30 sep.1761 bekent broodbakker Johannis van Gote dat hij schuldig is aan de apotheker Johan van den Houten uit Zierikzee. Als onderpand dient het bovenstaand huis met bakkerij en de tuin over de Achterweg; die nu ten westen en zuiden belend word door dorpsvroone. ( ) ( ) Bakker Bliek vertrekt in 1760 naar Oosterland, hij laat zijn attestatie afkondigen maar vergeet om die op te halen, pas in 1770 komt hij er alsnog om vragen. Tegelijkertijd vraagt hij om de 28 schellingen die diaken Cornelis Sorge hem nog steeds schuldig is. De predikant zegt toe, dat er betaald zal worden als er een behoorlijke rekening komt, maar dat is kennelijk te moeilijk, want er komt geen rekening. Omdat Bliek wel op zijn standpunt blijft staan en niemand meer weet hoe het zit, stapt de dominee naar de rentmeester. Die zegt dat Bliek van omtrent die tijd ook nog geld schuldig is 57
58 aan de plaats, en hij zal voor verrekening zorgen. Ruim 10 jaar! Tegenwoordig staat er na een paar maanden een deurwaarder aan de deur! 1761 Het erf hiernaast op Botlands grondgebied, waar de oven op staat, ten zuiden van Maerten Maertense (de Jonge), hoort bij deze bakkerij. ( ) In 1761 staat op de lijst van erven gelegen op Botland: Het erf van Willem van Goote waar de mek-oven op staat. Maar het is Johannis (Jan) van Goote die de bakkerij gekocht heeft; het is niet duidelijk waar de naam Willem vandaan kom; mogelijk een zoon uit het eerdere huwelijk? 1766 Op 3 mei 1766 komen Johannes van Goten en zijn vrouw Lena van IJsserloo bij secretaris Swemer om hun testament te maken, hij ligt dan ziek te bedde, en overlijdt snel daarna. ( ) Uit dit testament blijkt dat Johannis al eerder getrouwd was, en dat er uit dat huwelijk 4 kinderen zijn, en er is nog één kind uit het laatste huwelijk. Die hoeven niet ten laste te komen van de weeskamer, maar de heren weesmeesters mogen voogden aanstellen zo zij dat willen. Johannis overlijdt, en de baljuw met zijn schepen stellen secretaris Leonardus Zwemer aan om de verkoop van de bakkerij, de tuin en nog een ander huis, te regelen. In de voorwaarden staat dat de huisschatting tot en met 1965 nog betaald moet worden: ruim een pond voor zowel de bakkerij als voor het andere huis. Het huis met schuur en erf, waar de bakkerij en de neering (winkel) wordt uitgeoefend, heeft de volgende belendingen: oost Pieter Franse; west het brandslop; zuid Lieven Huijbrechtse en noord? de Achterom. Alle gereedschap en de musters in de schuur horen er bij. De bakkerij wordt door de weduwe overgenomen uit de boedel voor pond. Over de verkoop van het andere huis ( zie Kerkstraat 9) wordt niets gemeld. ( ) Op 26 aug vindt, onder het toeziend oog van de schepenen-wethouders, door mede schepen en klerk Leonardus Swemer, die aangesteld is als sequester in de gerepudieerde boedel, de levering plaats van huis, schuur en erf waarin thans de bakneeringh wert geëxerceert, aan de vroegere mede-eigenaresse, Helena van IJsserloo, de weduwe van Johannis Goote, die de zaak uit de boedel heeft gekocht inclusief het hof over de achterweg. De belendingen worden bij deze levering heel anders beschreven: Het huis, schuur en erf wordt belend door: ten oosten de weduwe van Willem Koks (Adriana Rocks); ten westen ligt het huisje van Maarten Leijnse de Jonge. Het hof wordt belend door: oost Pieter Franse Braber, west de dorpsvroone; zuid zelve, en noord de Achterweg.( ) Lena hertrouwt met Elisa Platdijk (-1807), waarmee ze 2 kinderen laat dopen, in 1769 en Lena overlijdt in 1784, er wordt op 1 okt. van dat jaar een prachtige staat en inventaris opgemaakt van 17 bladzijden, die door Swemer wel heel ruim beschreven worden, want er wordt per bladzijde betaald! Het huis met schuur, erf, tuin (over de Achterweg) wordt op geschat, het bakkersgereedschap en het meel op Er is iets meer dan 42 pond contant geld, en de klanten moeten nog ruim 31 pond betalen. ( ) 58
59 De totale baten zijn nu groter dan de schulden; zij, en haar man, hebben dus goed verdiend A-90. In juni 1807 overlijdt bakker Elisa Platdijk. Hij heeft in januari 1806 een testament opgemaakt bij notaris Hubregt Smits in Zierikzee, waarin hij het vruchtgebruik van zijn na te laten goederen geeft aan zijn nicht Johanna Welle ( ), die in 1793 getrouwd is met Cornelis Speelman. (ca ); ze hebben twee kinderen, Jacomina oud 13 jaar, Lena van 9 en Cornelis van 7 jaar. Cornelis is hier sinds 1804 werkzaam als bakkersknecht; hij gaat in 1819 naar Ouwerkerk. Op 10 juli 1807 wordt een inventaris opgemaakt, die op 1 sep.1807 aan de weeskamer wordt aangeboden. Een huis, bakkerij en schuur, wordt ten westen belend door Maarten Kempe en ten oosten door Jacobus Overbeeke;. Er hoort een tuin bij achter gelegen achter het huis, aan de overkant van de ten zuiden gelegen Achterweg, met west het slop, en oost en zuid Pieter Kik. In de bakkerij zien we onder meer 2 troggen, een tafel, 12 broodkleden, 2 meelbakken, een ijzeren roggebrood, 2 houten schalen en gewichten, een blaasbalg, een kolenbak, een koperen doofpot, 8 blikken, 2 zeven enz. In de staat en inventaris van 1 sep.1807, staan o.a. de volgende schulden: W. C. de Craane, 283,-, een schepenverbandbrief, Cornelis de Braauw, voor gekocht kaphout, Cornelis A. de Jonge, 104 gld. voor 10 zakken tarwe, Job Kamhoot, 14 gld. voor het halen van een lading dek-riet (dakbedekking), Evert en Jac. Steenland, schilders, voor verfwerk en materiaal, David Conraats, chirurgijn, 7 gld.10s voor praktijk en medicijnen. (4673-6) 1818 Kerkstraat A-89. Op 17 dec.1818 geven broodbakker Cornelis Speelman en zijn vrouw Johanna Welle toestemming voor het huwelijk van hun zoon Cornelis Speelman junior (ca ), broodbakker te Ouwerkerk met Maria Cornelia Kamhoofd (ca ). Cornelis senior gaat naar Ouwerkerk en Cornelis junior is hier bakker tot zijn overlijden in Cornelis junior overlijdt op 22 jarige leeftijd, 9 maanden na zijn vader, op 27 jan De bakkerij wordt bewoond door de in Poortvliet geboren 26 jarige bakker Marinus Slager (ca ), die in 1816 hier gekomen is, Marinus is getrouwd met de dochter Lena Speelman (ca.1800-). Marinus overlijdt in 1820, Lena gaat naar Ouwerkerk. In 1821 komt de weduwe Johanna Welle, de vrouw van Cornelis Speelman senior, weer op Nieuwerkerk wonen als bakkerin. Er is een inwonende bakkersknecht, de 36 jarige Cornelis van der Jagt, en een meid, de 16 jarige Adriana Moerzaad Kerkstraat A-89. Op 19 jan.1822, een week voor zijn overlijden. verkoopt Cornelis Speelman junior zijn helft van de bakkerij op Ouwerkerk voor f.1300,-; aan zijn zwager Iman van Stappen, bakker te Ouwerkerk die trouwt met zijn zuster, de weduwe Lena Speelman. (van Halen) Na het verlies van man en zoon gaat de weduwe Johanna Welle verder als bakkerin met Cornelis van der Jagt als knecht, en een dienstmeid 59
60 Ze overlijdt in Iman van Stappen, bakker te Ouwerkerk, probeert op 22 maart de bakkerij hier te verkopen via een openbare verkoping, maar hoewel ene Berman f.1700,- plus f.100,- biedt, wordt het door van Stappen niet gegund. Een maandje later, op 8 april 1826, wordt er toch verkocht, voor f.1000,- aan de landman Marcelis van Farowe (1799-), plus de f. 600,- hypotheek die er op blijft staan. Farowe, die zich dan broodbakker noemt, houdt een paar dagen later een publieke verkoping waarbij een paar koeien, melkgereedschap, enz. verkocht worden, die samen f.345,- opbrengen. (M. Berman) Molenaar Jan Berman leent f.1200,- aan Farowe. Marcelis van Farowe komt hier wonen vanuit A-69a als broodbakker met zijn vrouw Elisabeth Sneevliet (1787-), 2 kinderen Bal, en 1 kind Sneevliet. Engelbert van Dromme en Cornelis van Wijngaarden zijn inwonende bakkersknechts Kerkstraat A-89. Op 23 april 1828 probeert van Farowe de bakkerij te verkopen; burgemeester Hallingse biedt f.1000,- maar daar wordt de bakkerij niet voor gegund. Op 1 mei 1828 verhuurt Marcelis van Farowe, het huis met schuur, erf en bakkerij met de bakblikken, troggen, 2 grote doofpotten enz., en de winkel met de toog, planken, voetbank, schalen, balansen enz, voor 1 jaar, voor f. 150,- aan Jacobus Vermaas, herbergier te Zierikzee. Getuigen zijn: Maximiliaan Braam, veldwachter en Barend van Beek, kleermaker, beide te Nwk. (C. P. Boom) Vermaas is getrouwd met Matje Jacoba Machielse. Het huwelijk wordt op 11 dec ontbonden, Vermaas wordt daarbij bakker op Nieuwerkerk genoemd, maar hij staat niet in de bevolkingslijst van Nieuwerkerk; Matje woont in de Roode Straat in Antwerpen. Op 24 nov.1828 komt notaris Charles Plevier Boom met veldwachter Maximiliaan Braam en kleermaker Barend van Beek als getuigen, bij van Farowe aan de deur om de hypotheek van f.1200,-, die molenaar Jan Berman op de bakkerij heeft, op te zeggen: Farowe krijgt 3 maanden om te betalen Kerkstraat A-89. Het lukt Farowe niet om de benodigde penningen te vinden, dus verkoopt hij de bakkerij met het woonhuis, schuur en erf, op 4 maart 1829 aan Frederik Hout (1804-) bakkersknecht wonende te Stavenisse voor f.1000,-. (C.P.Boom) Hout leent f.1000,- van molenaar Jan Berman. Maar kennelijk lukt het ook Frederik niet om een goede boterham te verdienen. Frederik Hout woont hier met zijn vrouw Cornelia Noom (1808-) en hun kind Kerkstraat A-89. Sectie M-345, een huis met erf op 320 m2. 60
61 Het is een groot gebouw, dat van de Kerkstraat tot de Poststraat loopt, met nog een apart schuurtje (of de oven), dat aan het slop grenst. Op 3 feb verkoopt Frederik Hout, broodbakker op Nieuwerkerk, de bakkerij met woonhuis, schuur en erf voor f.700,-, aan de dienstmaagd Dirkje Viergever ( ).uit Ouwerkerk die het geld als hypotheek leent van Jan Berman, particulier op Nieuwerkerk. Op 19 oct.1833 trouwt de 36 jarige bakkerin Dirkje met de 27 jarige Jan Snauw (1806-) uit Hendrik Ido Ambacht. In 1833 woont bakker Jan Snauw hier met zijn vrouw en Cornelis Kouwens als knecht Kerkstraat A-89. Op 13 aug.1840 verkoopt Dirkje Viergever, de vrouw van landman Jan Snauw de bakkerij op sectie M-345, groot 320 m2. voor f. 1000,- aan wagenmaker Jeremias van Splunder. (C.v.d.Lek de Cl.) Hij verpacht de bakkerij. Dirkje overlijdt in 1841 in haar geboortedorp Ouwerkerk, twee weken na de geboorte van een zoon; haar man Jan is dan landbouwer; hij hertrouwt in 1842 met Laurina Schoof. Van Splunder gaat niet zelf de bakkerij in, van 1840 tot 1842 woont en werkt bakker Cornelis van Meurs (Owk ) hier, met zijn vrouw Lena Bruijn en hun kinderen. Ze werken met een inwonende knecht en dienstmeid Kerkstraat A-89 Op 19 oct.1842 verkoopt J. van Splunder uit Ouwerkerk het perceel M-345, ingericht als broodbakkerij voor f.1000,- aan bakker Marinus de Graaf, ( Bru ) (vdldc) Op 27 okt. leent Marinus die f.1000,- van notaris C.v.d.Lek de Clercq met als onderpand een eerste hypotheek op het woonhuis, schuur en erf, dat is ingericht als broodbakkerij op sectie M-345, groot 320 m2. (Ermerins) De Graaf is dit jaar van Sliedrecht naar Nieuwerkerk gekomen met zijn vrouw, Johanna Kip (1815- ) en hun drie kinderen. In augustus wordt er hier een vierde kind geboren. Op 4 juli 1844 vraagt de Graaf vergunning aan om een grutterij te beginnen, die in eerste instantie geweigerd wordt door de gemeente omdat hij ook hier, met de bakkerij, niet aan zijn financiële verplichtingen kon voldoen. (Zie verder De Grutterij, dan huisnummer A-142g) 1844 Kerkstraat A-89. Op 27 juni 1844 verkoopt bakker Marinus de Graaf, gedwongen, maar wel met een flinke winst, zijn huis met schuur en erf, zijnde thans ingericht voor eene broodbakkerij, staande op sectie M-345 groot 320 m2.voor f.2100,- aan de rentenier Adriaan Quintus (geb.ca.1783) uit Zierikzee v.halen) Quintus koopt de bakkerij ten behoeve van zijn schoonzoon, bakker Abraham van der Velde (1817- ), die op 22 april 1842 met zijn dochter Adriaantje Quintus (Nwk ) getrouwd is. Van der Velde werkte al, vanaf mei 1839, met een kleine onderbreking in 1842, als bakkersknecht op deze bakkerij Kerkstraat A-89. Op 8 aug.1846 wordt de inventaris opgemaakt in het huis van broodbakker Abraham van der Velde omdat zijn vrouw, Adriaantje Quintus, is overleden. Er is zo weinig dat hij de schattingen zelf mag doen.(v.halen) De bakkerij is in feite nog steeds van Adriaan Quintus en hij verkoopt het pand aan de arbeider Nicolaas de Oude, (Noordw ), die in 1847 op de beroepenlijst van Nieuwerkerk komt te staan als broodbakker. 61
62 De Oude is getrouwd met Cornelia Pieterse Fokker (1800- ); ze komen dan, met hun vier kinderen, van Noordwelle. Quintus laat er een forse hypotheek op staan, en als de Oude niet aan zijn verplichtingen voldoet wordt de bakkerij opnieuw verkocht Kerkstraat A-89. Op 20 oct.1848 is het Jacobus van Bendegom (ca ) die zich voor f.1200,- eigenaar mag noemen van het huis met erf, en de bakkerij sectie M-345, groot 320 m2 Van Bendegom leent f.1000,- van Quintus.(1 e hyp.) (CvdLdC) Jacobus van Bendegom, trouwt op 30 dec.1848 met de 28 jarige Apolonia Johanna Lette uit Kapelle bij Goes. Ze wonen hier in 1850 met hun kinderen. Tussen 1850 en 1860 wonen hier ook verschillende bakkersknechten en dienstmaagden, waaronder Johannis Lette, en Anna Adriana Berkhoff. De vader van Jacob, Reinoud van Bendegom, heeft trouwens al een bakkerij in de Stekelstraat. Volgens het kadaster bezit Jacob later nog twee dingen: Het huis met erf naast de bakkerij van zijn vader, (zie Stekelstraat 10); en een pakhuis A-78 op M-383, groot 96 m2, die beiden ca.1876 in een scheiding en deling komen Kerkstraat A-89. In april van 1858 koopt Jacob de bakkerij in de Stekelstraat (nu nr.8) van zijn moeder, en er komt, na meer dan 130 jaar, een einde aan het bakken van brood op deze plek Kerkstraat A-113 na de vernummering. Op 24 okt verkoopt Jacobus van Bendegom het huis, schuur en erf, vroeger een broodbakkerij geweest zijnde, op sectie M-345, groot 320 m2, aan de boerenknecht Adriaan Lievense ( ) voor f.850,-. (JCvdLdC) (k-652) De 33 jarige Adriaan is op 18 feb.1859 getrouwd met de 27 jarige Louwrina Viergever ( ), ze gaan hier wonen en 5 maanden later wordt hun eerste kind geboren, Anthonie Leendert. Verder woont hier ook de arbeider Marinus Kroone (1822-) met zijn vrouw Cornelia Gerse (1821-) en hun dochter Kerkstraat A-113. In 1863 is er een gedeeltelijke afbraak, waarschijnlijk van de schuur of de bakoven, en hoewel de oppervlakte gelijk blijft, namelijk 320 m2, verandert het sectienummer wel, het wordt M- 587, een huis met erf. Er wordt kennelijk een winkel van gemaakt, want Adriaan is nu winkelier Kerkstraat A-113. Op 6 dec 1867 wordt een staat en inventaris opgemaakt door de notaris op verzoek van Louwrina omdat Adriaan op 15 juni 1866, 39 jaar jong, is overleden. Er zijn dan twee kinderen. Het huis is gedeeltelijk verhuurd.(cvdldc) 1868 Kerkstraat A-113. Louwrina blijft winkelierster en zij hertrouwt op 11 maart1868, met dispensatie van de koning, met de landbouwersknecht Jan Lievense ( ), een broer van Adriaan. 62
63 Er wordt dan, zoals te doen gebruikelijk, een staat en inventaris opgemaakt, en er wordt gekeken wat aan de weduwe en aan de kinderen, Anthonij en Cornelia, toekomt. Laurina behoudt het woon-en winkelhuis dat nu sectie M-587 heet, op 320 m2; het is geschat op f.1500,- en omdat haar deel lager is, houdt ze een schuld over van f.385,37 aan de kinderen. Daarom wordt een schuldbekentenis opgemaakt met het huis enz. als onderpand Kerkstraat A-113. Volgens het kadaster is er in 1896 een hermeting en er komt een schuur bij, het wordt nu sectie M-1233, een huis met schuur en erf op 340 m Kerkstraat A-90 De intussen landbouwer geworden Jan Lievense, (hij heeft 1,2 Ha land in de Stoofblok) overlijdt, dus komt het pand weer op naam van zijn weduwe, Louwrina Viergever, te staan; zij is nog steeds winkelierster. Als mede-eigenaresse wordt de dochter-huishoudster Leendrina Lievense ( ) genoemd.(k-898) 1916 Kerkstraat A-90 Op 24 maart 1916 wordt er een openbare verkoping gehouden door notaris Biermasz in hotel De Wereld op Nieuwerkerk voor de winkelierster Louwrina Viergever en haar dochter Leendrina Lievense. De sectie M-1233 wordt opgesplitst in: 1 e : Het noordelijke deel, het huis met erf, M-1827 groot 210 m2, dat voor f.1600,- gekocht wordt door timmerman Stoffel Rentier (k-1785). Op 4 mei leent Stoffel f.1000,- van de gebroeders Brouwer op zijn woon-en winkelhuis met erf op nummer A-190 in de Kerkstraat.(Biermasz) 2 e : een stuk tuin M-1828 van 126 m2 dat verkocht wordt voor f.730,- aan de oud-veldwachter Dirk Stoutjesdijk (die nu in Stavenisse woont).(k-1786) Na een hermeting wordt dat sectie M-1828, een tuin van 138 m2, en die wordt op 29 sep.1921 door Stoutjesdijk voor f.500,- ook aan de timmerman Stoffel Rentier verkocht. (Biermasz) (k-1785/2) Op 26 april 1916 laat Louwrina haar inventaris voor f.232,55 verkopen door de notaris, en Stoutjesdijk, die het oude schuurtje gesloopt heeft dat in de tuin stond, maakt van de gelegenheid gebruik om het hout te verkopen en dat brengt nog f.44,70 op Kerkstraat A-90 Op 31 maart 1928 verkoopt Stoffel Rentier de twee secties, het woon- winkelhuis met erf op sectie M-1827 groot 210 m2 en het erf van M-1828, groot 138 m2 voor f.2500,- aan molenaar/koopman Johannes Dijkman, die daarvoor f.1500,- leent van de Scheldebank. (Biermasz) (k-1873/5 en 6) 1930 Kerkstraat A-90 Johannes Dijkman verkoopt de twee secties, die samen van de vroegere sectie M-345 komen, aan de uit Zierikzee komende bankwerker, koopman, rijwiel- en motorhandelaar Boudewijn Heuseveldt: 1 e : sectie M-1827, een huis met erf groot 210 m2, en 63
64 2 e : M-1828, een erf van 138 m2. Van deze tweede sectie wordt in 1933 een stukje verkocht, sectie M-2141, groot 77 m2 aan schoenmaker Dirk Quist. (zie Poststraat 5). Dat wat overblijft van het erf op sectie M-1828 wordt door Heuseveldt bij sectie M-1827 gevoegd en dat samen wordt nu sectie M-2176, groot 257 m2. ( 1955 sloop) Boudewijn Heuseveldt is getrouwd met Pieternella Hendrikse. ca.1931 Heuseveldt heeft onder andere: 1 e : Het huis aan de Poststraat (nu nummer 7) op M-1928) waar hij zelf woont en werkt 2 e : Het huis in de Kerkstraat (nu nr. 28) dat hij aan buurman bakker Moerland verkoopt. 3 e : Dat huis op M-1927 wordt waarschijnlijk verhuurd, maar mogelijk verkocht, aan zijn zuster, de weduwe Pieternella Roukema-Heuseveldt. Ca.1957 Heuseveldt heeft het pand dat op de Hoge Kerkstraat 24 staat verkocht, het wordt gesloopt en er wordt een nieuwe garage gebouwd op 90 m2, die gekocht wordt door Neeltje Pape, de weduwe van bakker C. P. Clarisse, later de gebroeders Clarisse, die de ruimte gebruiken als opslag voor hun transportmiddelen. Van de 90 m2 gaat er 40 m2 naar de buurman, M. Dalebout, die het later aan de cafetaria toevoegt 2014 Wat tenslotte overblijft van de eens zo trotse bakkerij is een garage op sectie 173 van de tekening, groot ca.50 m2. 64
65 Kerkstraat 26. (zie ook Poststraat 7) Links met uithangbord de cafetaria op nummer 26. Daarnaast de garage nr. 24, die niet bij de cafetaria behoort. Het witte huisje rechts hoort er tegenwoordig wel bij, net zoals de woning Poststraat 7a Op 14 sep.1742 brengt Pieter Franse Braber een verzegelde inventaris van zijn bezittingen naar de weeskamer omdat zijn vrouw Dingetje Leendertse Polderdijk is overleden. Hij bevestigt de juistheid met een eed. Er zijn 2 paarden en 3 koeien, enz., maar geen land; samen met de inventaris is de waarde van de bezittingen Bij de schulden, die samen met de pacht van verschillende stukken land en wat andere zaken bedragen, staat een schuld op het huis van , en op de schuur van (4674a-47) 1750 Op 2 april 1750 verklaart Pieter Franse Braber dat hij 23 pond schuldig is aan N. Telle. Als onderpand dient: 1 e : Dit huis, belend ten westen door bakker Corn. Bliek; zuid de Achterweg en noord de Straete, met de schuur over de Achterweg. ( ) 2 e : Een huis met schuur en erf (nu Kerkstraat 30) dat door Pieter op 23 juli 1747 gekocht is Willem de Kok heeft dit huis gekocht, hij verklaart dat hij schuldig is aan de kinderen van Leendert Pijpeling. Tot meerdere zekerheid dient dit huis, schuur en erf aan de zuidzijde der Kerkstraat; belend ten oosten door de weduwe van dijkgraaf Willem Bal, en ten westen door broodbakker Cornelis Bliek. ( ). Op 30 juni 1767 wordt de akte geroijeerd Volgens het kaartje heeft Willem de Kok hier een huis en schuur op L. 65
66 1760 Volgens de akte van 30 sep.1760 is dit van de weduwe van Willem Cocq. Op 13 april 1761 legt Zacharias Tuijnman als administrerende voogd verantwoording af tegenover de weeskamer over wat er sinds 14 nov.1758 gebeurd is met de goederen die zijn nagelaten door Jacomintie Jacobse Liere aan haar zoon Willem Joose Kok, en na diens overlijden aan zijn weeskinderen Joos Willemse Cocq, Willemina Willemse Cocq en Jacomintie Willemse Cocq. In 1758 was het saldo ruim 27 pond. Er worden nu inkomsten vermeld van pacht van 5 en 6 gemeten land, van een boomgaardje, van de meestoof De Wereld, en van een boerderijtje bij Zijpe; samen 69 pond. Bij de uitgaven zien we onder andere dat de goot tussen het huis van de weduwe, en de bakkerij op Nieuwerkerk, gesoldeerd wordt door Cornelis Bliek. Zie 24? Het onderwijs aan de kinderen door Willem van Fraassen van kost De rest van de uitgaven zijn voor kleren, onderhoud, administratiekosten enz. De uitgaven zijn ruim 28 pond meer dan de inkomsten. Er rust een hypotheek op het huis van 32 pond. ( en 2) 1767 Op 30 juni 1767 verkoopt Adriana de Rijke als weduwe van Willem de Kok haar huis met erf voor 6 pond vlaams aan Jacobus Overbeeke. (hier geschreven: Overbeque) Ten oosten wordt het belend door Levina de Grave de weduwe van Willem Bal, en ten westen door de weduwe van Jan Johannis van Gooten. ( ) Overbeeke leent die 6 pond van schepen Huijbregt Janse (van de Stolpe). ( ) ( ) Op 31 aug.1763 is de ongehuwde, uit St.Annaland komende Jacobus Overbeeke gehuwd met de ongehuwde Geertrui Plokhaar uit Nieuwerkerk. In 1788 is de schuld aan Janse verminderd tot 6.-.-, maar in 1808 is het opgelopen tot Huijbregt Janse is landbouwer op de "Hooge Hoeve", en het is zeer wel mogelijk dat Overbeeke bij hem in dienst is. (4674B-11) 1809 A-88 Jacobus en zijn vrouw Geertrui Plokhaar zijn overleden. De kinderen doen op 25 jan.1809 afstand van de erfenis. ( ) Volgens de boedelbeschrijving van 25 jan.1809 zou het huisnummer 88 zijn. De sequester Albertus Willem van Halen houdt een openbare verkoping waarbij dit huis, met nummer 89, op 7 maart 1809 voor aan Cornelis Uijl wordt verkocht. (4658-4) Uijl verhuurt het huis A-88 Het huis wordt onder andere één of meerdere jaren bewoond door de 27 jarige weduwe Janna van Nieuwenhuijzen-van de Stolpe met 2 kinderen; de arbeider Cornelis Braam met zijn vrouw Willemina Janse de Jonge en hun 3 kinderen; de 26 jarige kleermakersknecht Reinier Douw; de 30 jarige arbeider Adriaan van Achthoven met zijn vrouw, Adriaantje Braam, en hun 2 kinderen; de 35 jarige arbeider Izac Bogerd met zijn vrouw, Margarita Verboom, 2 kinderen, een zuster en een bij hen wonende arbeider; en in 1820 de 25 jarige Maximiliaan 66
67 Braam die pas getrouwd is met Joppa Kort, ze krijgen hier twee kinderen en verhuizen in 1828 (zie Ring 19). Er is ook een inwonende arbeider, Leendert Zeeman A-88a en 88b. Op 88a woont de in 1799 geboren arbeider Johannis Braam met zijn vrouw, Christina Maria Hazebroek met 4 kinderen; en/ of later de in 1779 geboren arbeider Izak van der Slikke met zijn vrouw Cornelia Bogaard en nog wat losse arbeiders. Op 88b woont de in 1798 geboren arbeider Pieter Overbeeke met zijn vrouw Maria Cornelia van der Slikke en hun 5 kinderen A-88a en 88b. De particuliere Boudina de Mooij, de weduwe van Cornelis Uijl (zie Kerkstraat 10) is de eigenaresse van dit huis en erf op 155 m2; sectie M A-88a en 88b. Op 25 mei 1841 koopt meester wagenmaker Jeremias van Splunder uit Ouwerkerk dit pand voor f.350,-. van de erven van Boudina de Mooij.(CvdLdC) (zie Kderkstr.21) Het voorste gedeelte is tot 1 mei verhuurd aan Jacob Serier, en het achterste gedeelte aan Jacob Nikerk, beiden voor f.28,60 per jaar Het huis wordt in de periode aan de voorkant gedurende kortere of langere tijd bewoond door de arbeider Jacob Serier en zijn vrouw Pieternella Versteeg; de arbeider Izaak Lemson met zijn vrouw Krina van Damme; Marinus Heijboer met zijn vrouw Jozina Gertse en een kind; Izaak Willemse Lemson met zijn vrouw Krina van Damme en hun kind. In het achterste gedeelte woont in die periode Jacob Nikerk ( ) met zijn vrouw Cornelia Jonker en hun 5 kinderen, en Cornelis Gote (1796-) met zijn 28 jaar oudere vrouw Lena Kik (1768-), die in 1836 als eersten een brief van afscheiding sturen naar de Herv. Kerk omdat ze nu aanhanger zijn van de ware gereformeerde Christelijke Kerk in Nederland A-88a en 88b. Op 20 mei 1844 verkoopt meester wagenmaker Jeremias van Splunder uit Ouwerkerk dit huis met erf op 155 m2; sectie M-346 voor f.400,- aan de arbeider-dakdekker Isaac Lemson (1816-) uit Nieuwerkerk., die hier al woont. Isaac leent dit volle bedrag het zal met f.25,- per jaar worden afgelost.(cvdldc) Isaak is getrouwd met Krina van Damme (1816-), kinderen in 1843 en In het andere gedeelte woont nog steeds de mandenmaker Cornelis Goote met zijn vrouw. In 1848 woont hier ook de weduwe Cornelia Siereveld-Wagemaker met haar zoon en vier dochters, die tot 1854 blijven. In de periode zien we de hier wonende Jacobus Zorge (1798-) met zijn vrouw Pieternella van Farowé en vier kinderen naar Amerika vertrekken Kerkstraat A-112 en A- 112a. Op 19 april 1855 verkoopt de rietdekker Izaak Lemsom het huis voor f.400,- aan Maria de Visser ( ), de weduwe van Pieter van t Hof Stoffelszoon. ( ) (Ermerins) 1857 Kerkstraat A-112 en A- 112a. 67
68 Op 10 dec.1857, na het overlijden van Maria, erft de zoon Stoffel van t Hof (1815-ca.1883) de helft, en hij koopt de andere helft van dit huis van zijn zuster Cornelia voor f.200,- (Ermerius) Stoffel woont op zijn hofstede "Landzicht" en zal dit huis verhuren of gebruiken als woning voor zijn arbeiders 1860 Kerkstraat A-112 en A- 112a. Adriaan Laban (1837-)woont hier met zijn vrouw Lena de Jonge (1837-) en hun 2 kinderen. Later woont Jan Laban hier met zijn vrouw Fransina van IJsendijke en hun twee kinderen. Van 1862 tot 1865 woont meekrapstamper Jacob Flikweert (1830-) hier met zijn vrouw Maria Bolijn (1835-) en 2 kinderen. Van 1863 tot 1866 woont ook Pieter Goudzwaard (1835-) hier met zijn vrouw Katalina van Meurs (1835-) 1870 Kerkstraat A-112 en A- 112a. Op 15 sep.1870 leent de landbouwer Stoffel van 't Hof f ,-, het is een eerste hypotheek op zijn hofstede Landzicht en en op dit huis in de Kerkstraat. Op A-112 komt Adriaan Tuijnman (1845-) hier te wonen met zijn vrouw Maatje van der Endt (1839-); ze vertrekken 1877 naar Delfshaven. Op A-112a woont Jacob van der Velde met zijn vrouw Johanna Jansens hier een paar maanden Kerkstraat A-112 en A- 112a. Stoffel van 't Hof verhuurt A-112 aan de arbeider Dirk Stoel (1841-) en zijn vrouw Rachelina Goudzwaard (1845-); er worden 6 kinderen geboren, van In 1883 vertrekken ze naar Kerkwerve. Stoffel verhuurt A-112a aan Neeltje Allerliefste. In 1875 komt de smidsknecht Jan Bolle (1843-) op A-112a wonen met zijn vrouw, de naaister Theuntje Fluijt (1847-). Ze komen van Sirjansland en gaan in 1876 naar Noordgouwe Kerkstraat A-112 en A- 112a. Op 17 juni 1884 verkopen de erfgenamen van Stoffel van t Hof: 1 e : een stuk land M-167 aan Franke Bouman, 2 e : een tuin, sectie M-35, aan Hubregt van de Zande voor f.211,-.en 3 e : dit huis en erf op sectie M-346 aan de Achterweg, groot 155 m2, voor f.476,-aan de landbouwer Jan Flikweert C.zn. ( ) en zijn vrouw Neeltje van der Velde.(Moolenburg) (k-1045/3 en 9; en k-1322/19) Ze gaan niet hier wonen; ze wonen in het buitengebied op A-151. Van woont Johannis van den Bos op A-112a met zijn 2 kinderen Adriaan van den Ende komt op A-112a wonen met zijn vrouw Anna Flikweert. In 1897 is er een hermeting, het wordt nu sectie M-1234, een huis met schuur en erf op 141 m Maximiliaan Braam (1862-) komt op A-112 wonen met zijn vrouw Elisabeth Flikweert (1861-); ze verhuizen nog al eens, vier van hun kinderen worden geboren van
69 1902 Leendert Kooijman (1874-) komt hier wonen met zijn vrouw Johanna Jacoba de Waaij (1876-); ze krijgen vijf kinderen van Kerkstraat A-112 en A- 112a. Jan Flikweert is in januari overleden, zijn vrouw een jaar eerder, dus komen de erfgenamen op 25 juni 1908 bij notaris Jasper Franse om de boedelscheiding te regelen. Behalve dit huis zijn er nog drie huizen, M-1050, groot 266 m2 en M-1051, groot 262 m2 (zie Ooststraat Kikkerbuurt), en sectie M-1234 groot 141 m2 verder nog wat land enz. Na aftrek van f.611,- schulden blijft er f ,- over om te verdelen tussen de zeven levende kinderen en de kleinkinderen van de overleden Gerard. Dit huis en erf op M-1234 groot 141 m2 wordt voor f.425,- verkocht aan timmerman Cornelis Brouwer Joh.zn. en de bouwkundige Willem Brouwer. In 1912 komt er een stukje bij van de gemeente, het wordt nu een huis met schuur en erf op sectie M-1647, groot 143 m2. ( k-1322/19 Brouwer). (k-1564/2 Brouwer) (naar 1756/1 Roukema) In 1910 woont de arbeider Adriaan Brouwer (1857-) hier met zijn vrouw Johanna Cornelia Goudzwaard (1862-) en hun acht kinderen. Ze gaan later naar A Kerkstraat A-269. De gebroeders Brouwer verkopen dit huis aan rijwielhandelaar Stoffel Roukema ( ) Op 25 nov.1915 leent Roukema f.1500,- met het huis als onderpand. Stoffel trouwt in 1912 met zijn eerste vrouw, Geertruida Agatha Beekman (ca ), ze krijgen 2 kinderen. Ze komen van A-189. Stoffel bouwt er vrijwel direct nadat hij het gekocht heeft een stukje bij. Stoffel heeft in 1920 ook het er naast liggende huis met erf gekocht (zie Kerkstraat 28) en van die sectie komt er nu 47 m2 grond bij, dus verandert dit sectienummer: M-1647 wordt nu een huis met schuur en erf op sectie M-1927, groot 200 m Kerkstraat A-269. Op 27 sep.1923 maakt Korteweg een akte op, na het overlijden van Geertruida in juni. Dit woon-winkelhuis met garage, staande in de Kerkstraat op sectie M-1927 groot 200 m2, wordt geschat op f.3800,-. Op 17 okt.1924 trouwt Stoffel met zijn tweede vrouw, de vroedvrouw Pieternella Heuseveldt (1882-), maar hij overlijdt al op 10 juni Op 10 juni 1926 is er een boedelscheiding na het overlijden van Stoffel Roukema. Aanwezig zijn de weduwe, Pieternella Heuseveldt, en de voogd over de twee minderjarige kinderen, Janna en Wilhelmina, van de eerste vrouw van Stoffel. Stoffel en Pieternella Heuseveldt bezaten: 1 e : Dit huis met winkel, werkplaats, garage en erf op sectie M-1927, groot 198 m2; 2 e : Een huis met erf op sectie M-1928, groot 128 m2. (zie Kerkstraat 28) De waarde daarvan samen is f.9380,-; de beide huizen zijn intussen op 8 oct al verkocht aan haar broer, de bankwerker, rijwiel- en motorhandelaar Boudewijn Heuseveldt ( ), die in 1911 getrouwd is met Pieternella Hendrikse ( ) De waarde van de inboedel wordt geschat op f.1260,- ; de drogisterijartikelen in de winkel zijn f.195,- waard. Ook is er een auto, een motorfiets en een fiets, die samen f.620,- waard zijn. 69
70 Er is ruim f.2300,- te vorderen van de klanten; en er is nog een huis op Oosterland dat f.1850,- waard is. Na aftrek van de schulden blijft er f. 7495,69 over voor de weduwe en f.2411,40 voor elk van de twee kinderen. (Korteweg) Boudewijn Heuseveldt is nu eigenaar van de twee huizen op de secties M-1927 en M Hij gebruikt van allebei een stuk van de tuin die aan de Poststraat ligt om er een nieuwe garage te bouwen, met een huis er bovenop, waar hij zelf gaat wonen. (zie Poststraat 7) ca.1931 Heuseveldt heeft nu dus drie huizen: 1 e : Het huis aan de Poststraat (nu nummer 7) op M-1928) waar hij zelf woont en werkt 2 e : Het huis in de Kerkstraat (nu nr. 28) dat hij aan buurman bakker Moerland verkoopt. 3 e : Dit huis op M-1927 wordt waarschijnlijk verhuurd, maar mogelijk verkocht, aan zijn zuster, de weduwe Pieternella Roukema-Heuseveldt. Juffrouw Roukema, zoals zij algemeen genoemd wordt, is verloskundige; dat was ze ook al toen ze nog op Oosterland woonde. Zij woont vanaf ca.1932 in dit huis met erf op sectie M-2083, groot 85 m2, later N-199. Ze heeft hier ook een winkel, waar ze apothekerszaken in verkoopt Kerkstraat A-269. De weduwe S. Roukema evacueert naar de Groote Kerkebuurt in Dordrecht. Willy Roukema evacueert naar Emmapark 3 in Wageningen De weduwe S. Roukema evacueert naar Huijgenplein 5 in den Haag In mei van 1958 wordt een huis met erf op sectie N-199, verkocht aan Marcelis (Ceel) Dalebout. Ceel is in 1956 begonnen om patat-frites te verkopen vanuit een schuurtje bij zijn kruidenierszaak in de Lijsterbesstraat 23; dat loopt zo goed, dat hij uit wil breiden en daarom dit pand koopt. Het wordt cafetaria De Fijnproever. Ceel is getrouwd met Jo van Strien; tijdens de ramp hebben ze een kleine kruidenierszaak op Capelle, waar de familie ternauwernood overleeft Kerkstraat 26. M. (Ceel) Dalebout vraagt in 1968 vergunning voor het oprichten van een cafetaria met opslag van 2 propaantanks van 450 liter in de Hoge Kerkstraat 22; die wordt geweigerd. In 1969 vraagt hij een vergunning voor een inrichting tot het bakken van voedings- en genotmiddelen in olie of vet, met gebruik van 5 elektromotoren en één 500 liter tank propaan, maar nu in de Hoge Kerkstraat Kerkstraat 26. Dalebout koopt het al een paar jaar leegstaande pand op Poststraat 7, eerder genaamd De Postiljon, en voegt het bij deze cafetaria in de Kerkstraat Kerkstraat 26. Er volgt nu een serie nieuwe eigenaars, die allen vrij kort eigenaar zijn. 70
71 Op 1 aug.1975 verkoopt Dalebout de cafetaria inclusief het pand in de Poststraat aan Ton en Susan Reijbroek Kerkstraat 26. Al in jan doen die de zaak over aan Wim en Will Bootsma, die al na 8 maanden de cafetaria op sectie 888 en 177 doorverkopen aan Wim en Gina den Uijl Kerkstraat 26. De familie Uijl blijft iets langer, in nov. 1980, dus na ruim 3 jaar verkopen zij aan Albert en Truus Diepenbroek Kerkstraat 26. De Diepenbroeks verkopen binnen de drie jaar, in sept. 1983, aan Jan en Coby Brouns Kerkstraat 26. In dec verkopen de Brouwns aan Henk en Joke Groot- Schröter. Henk werkt vaak in het buitenland, en de vorige eigenaar zal Joke helpen met de cafetaria Kerkstraat 26. Al in juli van 1988 verkoopt de familie Groot de cafetaria weer aan Wim en Gina den Uijl, die waren dus al een keer eerder eigenaar. In 1995 vindt er een splitsing plaats op Poststraat 7, de garage-winkel-bergruimte onder het huis wordt verkocht; het huis er boven blijft van den Uijl Kerkstraat 26. Deze keer blijven ze langer, acht jaar, en in maart 1996 verkopen ze aan Henk en Anita Louwe-Veenendaal, die tien jaar eigenaars zullen blijven. Zij veranderen de naam, het wordt nu: café-cafetaria Charlie De cafetaria is nu van Michaël en Karin van der Ban-Wandel; ze wonen hier, en verhuren het huis boven de garage op de Poststraat 7. Ik trof ze in 2014 midden in een grote verbouwing, toch vonden ze tijd om mij een heleboel informatie te geven!. Wim Kesteloo, Nieuwerkerk,
72 Kerkstraat Op 19 mei 1752 levert Levina de Grave, de weduwe van Willem Bal, een besloten staat en inventaris in bij baljuw Isacq Boom en de weesmeesters. Ten eerste is er dit huis met schuur en erf aan de zuidkant van de Kerkstraat, belend door Pieter Franse Braber ten westen dat getaxeerd wordt op Dan is er een schuur aan de Achterweg ten oosten van het slop; belend ten oosten door de erfgenamen van Iman Kempe die waard is. Dan is er 47G. 265R. land, met een huis met schuur, bakkeet enz. in de 4 e mate nr.29, groot 5G.292R. Er zijn 6 paarden, 10 koeien en kalveren, bouwgereedschap, de vruchten en de huisinventaris. De rest van de inventaris ontbreekt. (4674a-38) 1757 Levina de Grave, de weduwe van dijkgraaf Willem Bal heeft hier op "m" een huis en schuur volgens het kaartje Op 26 sep.1780 verkoopt en levert broeder in wette Marinus Bal een huis met erf aan de zuidkant van de Kerkstraat voor 60 pond vlaams aan Cornelis Abrahamse Lemson. 72
73 De belendingen zijn: oost Pieter E. de Jonge; west Jacobus Overbeque. ( ) Lemson leent 40 pond van Willem van Fraassen op dit huis en op een schuur (zie Molendijk 12) De oostelijke belending voor het huis is doorgestreept en zou ook Pieter Eduwartse of de Zwarte kunnen zijn. Op 15 sep wordt de akte geroyeerd, de schuur is dan verkocht aan Adr. v. Dijke voor 6 pond vlaams.( ) 1818 A-87 De arbeider Cornelis Jacobusse Stoutjesdijk (1769-) woont hier met zijn vrouw Adriana Lemson ( ) en hun 10 kinderen; in 1819 wordt er nog één geboren A-87 Eigenaar is Cornelis J. Stoutjesdijk, arbeider, huis en erf op 165 m2, sectie M-347. Ook Cornelis Nikerk (1805-) woont hier met zijn vrouw, Lena Schoenmaker ( ) en hun 3 kinderen Na het overlijden van zijn vrouw in 1846 gaat Cornelis Stoutjesdijk met zijn ongetrouwde dochter Jacoba naar A A-87 Johannes Hubrechtse van de Stolpe, die getrouwd is met Anna Cornelisse Stoutjesdijk wordt de nieuwe eigenaar. Mattheus Braam woont hier met zijn vrouw Cornelia van der Drielle en 2 kinderen; zij vertrekken in 1852 en dan komt Bartel Boogerd hier wonen met zijn vrouw Marina Braam, die twee pasgeboren kinderen verliezen, in 1857 blijft de zoon Willem leven A-111 en A-111a (na vernummering). Het pand is van Anna Cornelisse Stoutjesdijk die nu weduwe is van de pas overleden Johannes Hubrechtse van de Stolpe. A-111 is verhuurd aan Johannis Wandel. A-111a is verhuurd aan Janna Maria Koopman A-111 en A-111a. Anna Cornelisse Stoutjesdijk, die in 1834 van Jan Kik is gescheiden, en laatst weduwe was van haar tweede echtgenoot, Johannes Hubrechtse van de Stolpe ( ), is overleden. Op 19 juli 1884 worden door de kinderen en andere erfgenamen van), een aantal bezittingen verkocht: Dit huis en erf, Kerkstraat op sectie M-347 groot 165 m2, wordt voor f.950,- verkocht aan de landbouwer Leendert Everinus Tuijnman (1846-). Er zijn ook nog verschillende tuinen: M-244, wordt verkocht aan Andries Mol voor f.440,-; M-252, wordt verkocht aan Cornelis Slootmaker en cons. voor f.250,-; 73
74 M-501, wordt verkocht aan Marinus van der Vlugt voor f. ; M-713, wordt verkocht aan de kuiper Marinus Lodewijk voor f.200,-. (k-732) (Moolenburgh) Er komt later 20 m2 bij sectie M-347 en het wordt dan sectie M-1235, groot 185 m A-111 en A-111a. Jannetje Kik ( ), de vrouw van Leendert Tuijnman, is op 10 mei 1903 overleden, dus wordt er een staat en inventaris opgemaakt. De notaris komt 5 oct.1903 naar het sterfhuis, Kerkstraat A-115, om de akte op te maken. Ook dit huis met schuur en erf sectie M-1235, groot 185 m2, op A-111 behoort tot hun bezittingen. Het huis is in tweeën gedeeld en verhuurd aan Pieter van der Linde voor f.35,- en aan Willem Bom voor f.36,- per jaar.( J.C.v.d.L.de Clercq) A-268 Op 6 nov.1913 wordt, 10 jaar na haar overlijden, de boedel verdeeld van Jannetje, de vrouw van Leendert Tuijnman. Inmiddels is Klaas, één der 7 kinderen, in Kota-Radja overleden, zodat het een tamelijk ingewikkelde verdeling wordt. Behalve dit huis en diverse stukken land wordt ook 1/6 e gedeelte van een kerk met erf op sectie M-1176 opgevoerd als bezit. De totale waarde van de bezittingen na aftrek der schulden wordt geschat op f ,-. Leendert behoudt alle bezittingen en gaat voor de uitkeringsverplichting aan de kinderen een lening aan van f.12000,- bij de bank, als onderpand is er een eerste hypotheek op de huizen, schuren, erven, bouw- en weilanden op de sectie s F-212 t/m 215; G-160 en 161, en op M- 1230, M-1235 (dit huis), M-1270, M-1353 t/m M-1359; M-1361, M-1362 en M-1432; samen 10HA.21A, 41ca A-268 Den 21sten april 1920 verkoopt Leendert Tuijnman dit huis met schuur en erf aan de zuidzijde van de Kerkstraat op sectie M-1235 groot 185 m2 voor f.2000,- aan de fietsenmaker Stoffel Roukema (- 1925) die hiernaast woont. (zie Kerkstraat 26) (Korteweg) Hij voegt een stuk van deze tuin bij zijn woning hiernaast. Er blijft over dit huis met erf, op sectie M-1928, groot 128 m2. Stoffel heeft dan dus twee huizen naast elkaar met een schuur op 2 secties A-268 Op 18 juni 1923 overlijdt Geertruida Agatha Beekman, de echtgenote van rijwielhandelaar Stoffel Roukema. Op 27 sep wordt door notaris Korteweg een boedelscheiding opgesteld. Er zijn twee dochters, Janna Geertruida, geb. 26 juli 1913, en Wilhelmina Egberdina Hielkje, geb. 8 juni De onroerende goederen bestaan uit: 1 e : Een woon-winkelhuis met garage, staande in de Kerkstraat op sectie M-1927 groot 200 m2, geschat op f.3800,-, (zie Kerkstraat 26) 2 e : Dit huis met erf op sectie M-1928 groot 128 m2., geschat op f.900,-. 74
75 Er is nog ca. f.2300,- te vorderen van diverse klanten. Na aftrek van wat te betalen rekeningen is de boedel f. 9767,50 waard, waarvan de 2 kinderen elk f.2370,46 toekomt. (Korteweg) 1925 A-268 Op 8 okt.1925 verkopen de tweede vrouw van Stoffel, Pieternella Heuseveldt, en zijn twee dochters, als de erfgenamen aan de bankwerker, rijwiel- en motorhandelaar Boudewijn Heuseveldt.: 1 e : de fietsenmakers zaak bestaande uit een huis met winkel en werkplaats en erf, de sectie M ter grootte van 200 m2, geschat op f.3800,-. (zie Kerkstraat 26) 2 e : Dit huis met erf op sectie M-1928 groot 128 m2, geschat op f.900,- De gehele voorraad hoort er bij, met uitzondering van een auto, een motorfiets en een gewone fiets met een gezamenlijke waarde van f.620,-. Heuseveldt moet f.9380,- betalen voor het geheel; hij leent f.4000,- van L. Bakker (Dalebout) 1926 A-268 Op 10 juni 1926 is de boedelscheiding na het overlijden van Stoffel Roukema. Aanwezig zijn de weduwe, Pieternella Heuseveldt, en de voogd over de twee minderjarige kinderen, Janna en Wilhelmina, van de eerste vrouw van Stoffel. Stoffel en Pieternella Heuseveldt bezaten: Het huis met winkel, werkplaats, garage en erf op sectie M-1927, groot 198 m2; en dit huis met erf op sectie M-1928, groot 128 m2, zijn intussen verkocht, zie De waarde van de inboedel wordt geschat op f.1260,- ; de drogisterijartikelen in de winkel zijn f.195,- waard. Ook is er nog een auto, een motorfiets en een fiets, die samen f.620,- waard zijn. Er is ruim f.2300,- te vorderen van de klanten; en er is nog een huis op Oosterland dat f.1850,- waard is. Na aftrek van de schulden blijft er f. 7495,69 over voor de weduwe en f.2411,40 voor elk van de twee kinderen. (Korteweg) Kerkstraat A-268 Op 2 feb verkoopt de bankwerker- rijwiel- en motorhandelaar Boudewijn Heuseveldt het huis met erf op een gedeelte van sectie M-1928, groot ca. 95 m2 voor f.1200,- aan de er naast wonende bakker Johannes Moerland. (notaris Dalebout) Moerland voegt het bij zijn bakkerij (zie Kerkstraat 30), daarmee samen wordt het nu één sectie: M-2041, groot 466 m2 met daarop 2 huizen, een schuur en een erf. Het gedeelte van de tuin aan de Poststraat dat overblijft heeft Heusevelt bij de tuin gevoegd van wat nu Kerkstraat 26 is, en daar heeft hij aan de Poststraat een nieuwe garage gebouwd met een huis er bovenop; de latere sectie N-177? In 1930 wordt er verbouwd. 75
76 In juli van 1931 krijgt Moerland vergunning voor een reclame-lichtbak aan zijn winkel Kerkstraat A-268 Andree Hanse woont hier als huurder, het pand is van Moerland. In 1949 gaat Hanse naar Weststraat A-20. Dan komt Jan Schoenmaker hier wonen tot Die gaat naar Weststraat 33. (HK) De sectie M-2041, met daarop 2 huizen wordt samengevoegd tot sectie N-201, groot 466 m2. In 1951 brandt het winkelpand hiernaast (zie Kerkstraat 30), dat ook van Moerland is, maar dat gehuurd wordt door Ceel Dalebout, volledig af. De ruïne wordt gesloopt en komt layter als tuin bij dit huis, het wordt één sectie, 926. Ca.1957 A-268 Het pand wordt gekocht door kapper A. Bal (zie Kerkstraat 2), die hier een dameskapsalon begint. In 1963 wordt de bovenverdieping verbouwd tot woning. Boven woont dan een mevrouw alleen Het huis met de tuin wordt als kapsalon verkocht aan kapper Leendert Cornelis Boudeling (1936-). Boudeling werkt hier, maar woont in de Brouwersstraat; het huis boven de zaak is verhuurd Boudeling verkoopt aan de heer Finkelenburg, die ca.1990 het huis met tuin op sectie 926 verkoopt aan Gert Buiter, die er nu nog woont. In 1994 wordt de woning vernieuwd. In 1996 wordt er een overdekt terras bij gebouwd. Aan de Poststraat kant is in de loop der jaren nog een schuur en een garage gebouwd. 76
77 Op de plaats van Kerkstraat 30. Het pand waarvan de oostelijke zijkamer vroeger op Botlands grondgebied lag. Na een brand in 1951 wordt de vroegere bakkerij gesloopt. Het is nu een tuin die bij Kerkstraat 28, hoort. Ca.1677 Er is een beschrijving van de eigendommen op het dorp, die bij Botland horen. Eén van de dingen is: In de Straete (Kerkstraat) aan de zuidkant: Crijn Leenderszoons rechthuis met een deel van de zijkamer. Hier wordt bedoeld het westelijke gedeelte van herberg de Meebaal, het is een rechtshuis. Uit een wat duidelijkere beschrijving in 1761 blijkt dat het hier aangeduide deel van de zijkamer van de buurman is, Mn. Jans. Dat zou betekenen dat dit huis van Mn. Jans is, en dat hij hier mogelijk woont We vinden een poosje niets over het huis, maar ca. 26 feb.1724 wordt er een akte opgemaakt waarbij Jan Willemse en Adriaan Verstraete, de kinderen van Lijsbeth Pieters, de weduwe van Boudewijn Adr.zn Verstraete, een huis in de Kerkstraat, naast de herberg De Meebaal te koop aanbieden. Er wordt geen koper vermeld. ( ) 1747 Op 23 juli 1747 wordt er een publieke verkoping gehouden waarbij Bastiaan de Mijter zal proberen een huis met schuur en erf te verkopen, staande in de Kerkstraat, belend ten oosten door Jacob Bil, ten westen door Cornelis de Jonge, met zuid de Achterweg en noord de Straat. De huisschatting zijn jaarlijks De te betalen kooppenningen bedragen: per als leges voor de baljuw en de schepenen; de secretaris rekent voor het schrijfwerk, voor het aantekenen en voor natte en droge lijfkoop, tenslotte komt er nog bij de 50 e penning bij de leverantie. Ook toen wist men dus al goed "kosten koper" te berekenen! Het bovenhuis is tot april 1749 verhuurd aan Johanna van Duijn, ofwel de overlating daarvan aan Prijntje Kempe voor 11 pond per jaar. De kelder is verhuurd tot 1752 aan de weduwe van Francois de Vos voor 4 pond per jaar. Het wordt gekocht door Pieter Franse Braber voor ( en ) 77
78 1750 Op 2 april 1750 leent Pieter Franse Braber 23 pond vlaams van secr. N. Telle met als onderpand: 1 e : Een huis met schuur en erf voor zover het op de jurisdictie staat van Nwk., (voor het stuk op Botland wordt een andere akte opgemaakt); belend ten oosten door Jacob Bil, ten westen door de weduwe Bal, met zuid de Achterweg en noord 's Heeren Straete; met nog een schuur staande over de Achterweg. 2 e : Op een huis gelegen aan dezelfde kant, wat nu Kerkstraat 26 is. ( en ) 1757 Op 11 jan.1757 is er een openbare verkoping in herberg de Roo(de) Meebaal waarbij in opdracht van Braber geprobeerd wordt dit huis te verkopen, maar er wordt niet genoeg geboden. (4669-1) Wat wel verkocht wordt is een boomgaard van 135 Roeden in de 4 e mate nr.4 in Oud-Nieuwland. Die gaat voor 30 pond naar Frans Weksteen. ( ) Huis en schuren van Pieter Braber op n Op 22 jan wordt het huis, staande op het groot- en klein ambacht publiekelijk verkocht omdat Braber niet aan zijn verplichtingen heeft voldaan. Op 5 mei 1758 levert de executeur in de boedel van Nicolaes Telle aan Steeven Daane, voor zijn vader Anthonij Daane een gedeelte van de kamer van een huis met schuur en erf, en wel dat gedeelte dat op Botland staat. Het huis wordt belend door de herberg ( Jan Vlasman) aan de oostkant, en door de weduwe van dijkgraaf Bal aan de westkant. Het is verkocht voor vlaams. ( en ) De rest van het huis wordt waarschijnlijk verkocht aan Willem Polderman Er wordt een beschrijving opgemaakt van de panden van het dorp die op Botland liggen en daarin staat dat de zijkamer van het huis van Anthonij Daane op Botland ligt, en ook in 1763 (akte ) blijkt dat dit huis van Anthonij Daane is. In 1764 probeert Daane die kamer te verkopen, maar er komt geen koper. ( ) 1763 Bij leningen die Nic. van Alphen, de eigenaar van De Meebaal, afsluit, wordt beschreven dat Clara Kloote, de weduwe van de dit jaar overleden Willem Polderman ten oosten zit, en 78
79 Janus de Mooij zou dan ten westen zitten (nu Kerkstraat 30) Kennelijk kende de notaris oost en west niet uit elkaar. ( en ) 1769 Op 14 maart 1769 wordt er een akte overgebracht naar de baljuw en de schepenen van de bezittingen van Clara Kloote, de weduwe van de in 1763 overleden Willem Polderman. Vanwege de hypotheekschuld wordt het huis niet gewaardeerd. Er blijken meer schulden dan baten te zijn; behalve de genoemde schuldeisers krijgen de anderen niets, en dus worden ze een eeuwig stilzwijgen opgelegd. ( a en ) 1769 Op 10 jan.1769 verkoopt en levert Anthonij Daane een huis met schuur in de Kerkstraat voor 200 Carolische guldens aan Pieter Eduardse de Jonge. Oost Claas van Alphen, west Levina de Grave de weduwe van Willem Bal, noord de Kerkstraat. ( ) De Jonge leent het volle bedrag van Jacobus de Bruijne. ( en ) 1789 Op 27 okt verkoopt Pieter Eduwardse de Jonge een huis met schuur en erf voor 60,-,- aan Jacob Cornelis Kooijman. Het huis ligt aan de zuidzijde der Kerkstraat en wordt belend: ten oosten door Pieter Kik, en ten westen door Cornelis Lemson.( ) De Jonge koopt een huis aan de noordkant van de Kerkstraat. (tegenwoordig nr.21) 1795 Op 5 mei 1795 verkoopt Jac. Corn. Kooijman een huis met schuur en erf aan Marinus Jacobusse Stoutjesdijk. De tuin over de Achterweg wordt pas op 6 maart 1804 van Hermanus Mulder gekocht. (akte 1818) Kerkstraat A-86. Marinus Jacobusse Stoutjesdijk, winkelier te Oud-Vossemeer verkoopt op 30 jan aan Abraham Gertse ( ) winkelier te Nieuwerkerk, een huis, schuur en erf, nr.86, met een tuin over de Achterweg tussen Karel van de Bogerd en Teunis v. d. Have, voor f.1200,-.(v.halen) Abraham is in 1807 getrouwd met Elisabeth Fonteijne ( ) Ze wonen hier, in 1821 hebben ze zeven kinderen en een dienstmeid Kerkstraat A-86. Op 8 juni 1823 leent Gerste f.1100,- van winkelier Stoffel van der Weijde uit Zierikzee op een eind dijk van de Klootendijk, van de Stoofheule tot de Vroone van het dorp; en een stuk beginnende bij het hek van het land van Pieter Kik tot aan het hek van het land van de kinderen Johannes Sneevliet bij de hoeve van Jan Sluiter; M-260 en 260bis. Gerse heeft deze twee stukken dijk gekocht uit de boedel van wijlen Joh. Sneevliet in juli van 1816 (not.d.boom) Als verder onderpand dient een stuk land in de eerste mate van Nwk. nr. 2 79
80 1833 Kerkstraat A-86. Op 3 juni 1833 lenen vrachtrijder Abraham Gertse en zijn vrouw Elisabeth Fonteijne van de landbouwers Cornelis van der Maas en Marinus Dijkema elk (dus 2x) f.545,- op: 1 e. dit huis, schuur en erf op sectie M-348, groot 280 m2. 2 e. op een hof, gelegen aldaar aan de Achterweg tussen de hoveniering van Karel van den Bogerd en Teunis van der Have. M-249. (zie Poststr.26) 3 e. op een wagenhuis staande tegen de muur van het kerkhof, nr. 42, dat op 18 mei 1820 uit een publieke verkoop gekocht is van Cornelis Adriaanse Fonteijne.(v. d. Halen) Verdere onderpanden zijn dezelfde als in 1824 beschreven Kerkstraat A-86. Op 22 mei 1845 maakt notaris C.v.d.Lek de Clercq een akte op waarbij de landbouwer Jeremias Dijkema voor f.545,- zijn helft van een schuldakte verkoopt aan de oudburgemeester Cornelis van der Maas Dzn. De schuldbekentenis is op 3 juni 1843 opgemaakt door notaris Cornelis Plevier Boom, en daarin staat dat Marinus Dijkema, de vader van Jeremias samen met van der Maas f.1090,- leent aan vachtrijder Abraham Gertse en diens vrouw Elisabeth Fonteijne. Als onderpand geven die dan een 1 e hypotheek op: 1 e : Dit huis met schuur en erf op A-86 met een hof aan de Achterweg, en een wagenhuis op A-42; staande in Nwk. Op de secties M-348, M-249 en M e : Ruim 32 Roeden land op Oosterland. En een 2 e hyp. op: 1 e : Een stuk dijk genaamd Klootendijk, van de Stoofheule tot de Vroone van het dorp. 2 e : Een stuk dijk genaamd Klootendijk, van het hek van Pieter Kik zijn land tot het hek van het land van de kinderen van Johannis Sneevliet bij de hoeve van Jan Sluiter. Op de secties: M bis, 37bis a, bis, 260 en 260bis. en L-305, 305bis, en F-253. Verder nog een stuk land in de eerste mate, en nog een stuk op Ouwerkerk. Jeremias heeft de de helft van schuldbekentenis geërfd en verkoopt die nu aan van der Maas die nu dus de enige schuldeiser is geworden. Op 17 juni 1848 lenen ze er nog f.410,- bij van van der Maas, er is dan sprake van een 2 e en 3 e hypotheek Kerkstraat A-86. Het huis wordt bewoond door Abraham Gertse met zijn vrouw en 3 kinderen en na het overlijden van Gertse ook door Willem de Jonge met een zoon Kerkstraat A-86. Op 27 maart 1855 hebben de melkboerin Elisabeth Fonteijne, de weduwe van Abraham Gerse, en de dochter Willemijntje Gerse die met Willem de Jonge getrouwd is, een volmacht gegeven aan Nicolaas Labrijn om voor hen enige bezittingen te verkopen in een openbare verkoop. Het gaat om de percelen land: M-37bis en M-522; tuin M-249; dijk M-260 en 260 bis; dit dubbele huis met schuur en erf op sectie M-348 groot 280 m2; de tuin M-382; de schuur M- 407 aan het Kerkhof; en het schuurtje aan de Achterweg, ingericht als paardenstal, dat Abraham gebouwd heeft op sectie M-509 die hij in erfpacht heeft gekregen van de gemeente (zie verenigingsgebouw-parkeerterrein; verder nog, F-253; L-305 en 305 bis, en nog iets op Oosterland. Eerst wordt dubbele woonhuis in de Kerkstraat (met het foute sectienummer M-385) aangeboden voor f.600,- maar daar komt geen bod op. Na her-veiling volgt een hoogste bod 80
81 door Leendert de Groene voor f.570,-; het wordt niet toegewezen! De notaris volhardt in sectienr. M-385, maar dat moet M-348 groot 280 m2. zijn; M-385 ligt niet in de Kerkstraat) Het schuurtje aan de Achterweg, sectie M-509, dat als paardenstal is ingericht, op sectie M- 509, groot 13 m2, aan de Achterweg op een stukje publieke weg dat Gertse in erfpacht heeft gekregen van de gemeente; daar biedt landbouwer Andries Mol f.60,- op in de her-veiling en hij krijgt het daarvoor. (Zie Verenigingsgebouw-parkeerterrein.) Dan volgt de schuur met erf aan het kerkhof, op sectie M-407 waar de landbouwer Marinus Elenbaas uit Nwk. f.120,- op biedt, en ook dat wordt gegund. Ook de meeste tuinen en stukjes land worden verkocht. (DQdJvdHalen) 1858 Kerkstraat A-86. De geneesheer Frans Keller uit Zierikzee vraagt notaris DQ de Jong van Halen om naar het sterfhuis van Elisabeth Fonteijne, de weduwe van Abraham Gerse, te gaan in Nieuwerkerk. De Jong spreekt daar met de dochter Cornelia Gerse, de vrouw van Marinus Kroon. Het blijkt dat Keller geld heeft uitgeleend met als onderpand het huis met erf op sectie M-348. Het huis wordt op 17 mei 1858 op een publieke verkoping verkocht aan Anthonij van der Vlugt, herbergier te Nieuwerkerk voor f.255,-. Het sectienummer veranderd in M-539. Anthonij van der Vlugt (ca ) is een koopman komende van Sommelsdijk als hij op 8 feb.1858 trouwt met de 42 jarige Pieternella Slootmaker; hij is dan weduwnaar van Maatje Buurveld, en zij is de weduwe van Cornelis Stoutjesdijk. (zie "De Meebaal") Van der Vlugt brengt een zoon mee, Maarten, die later, in 1870 in dit pand naast de herberg een bakkerij begint. Anthonij woont er naast, in "De Meebaal"; hij verhuurt dit pand tot zoon Maarten het koopt en er in 1870 in gaat wonen. In 1861 woont de arbeider Johannis Bal hier met zijn vrouw Adriana Siereveld en een dochter; als ze vertrekken in 1869 hebben ze 4 kinderen. In 1861 woont hier ook de particulier Hendrik Karreman met zijn vrouw Cornelia Gast en hun 4 kinderen; ze vertrekken in 1862 en dan komt de arbeider Jacob Goudzwaard hier wonen met zijn vrouw Elisabeth van Ast en hun 5 kinders; ze gaan in 1863 naar Bruinisse, met 6 kinders. Van 1864 tot 1866 huurt de landbouwknecht Marinus van der Bijl met zijn vrouw Laurina Viergever dit gedeelte van het huis Kerkstraat A-110. Op 28 apr.1870 verkoopt Anthonij van der Vlugt, die nu landbouwer is, dit huis met erf op sectie M-671, groot 190 m2 (eerder 17 mei 1858 M-576 van Stoutjesdijk), en een schuur onmiddellijk daarachter gelegen (gescheiden door het bestaande slop) op sectie M-576, totaal groot 566 m2 voor f.1000,- aan zijn zoon, bakker Maarten van der Vlugt. (vdldc) Maarten van der Vlugt is in 1844 te Middelharnis geboren, en 10 aug op Nieuwerkerk overleden. Bakker Maarten trouwt in 1870 met Janna Tuijnman ( ) 1875 Kerkstraat A-110. In 1875 hertrouwt Maarten met de molenaarsdochter Johanna Margaretha van Rhee ( 1851-) uit Bruinisse. (Ze krijgen in 1876 een zoon Anthonie Pieter v.d. Vlugt die predikant wordt en in 1901 trouwt met Pieternella Cornelia Dalebout uit Brouwershaven.) De hier wonende Maarten v. d. Vlugt is ter plaatse bekend als broodbakker, buiten Nieuwerkerk als historicus. Hij doet bijvoorbeeld veldwerk voor de studie van Dr. J. C. de 81
82 Man over de vluchtbergen in Zeeland. Die studie is gepubliceerd in het Archief" van het Zeeuws Genootschap der Wetenschappen, in Op bladzijde 40 van de overdruk wordt v. d. Vlugt geprezen als een man, die zich veel met de oude bijzonderheden van zijn land heeft bezig gehouden". Op 15 juli 1891, schenkt M. v. d. Vlugt een naamlijst met predikanten aan de Herv. Kerk omdat de gemeente 300 jaar bestaat. Ds. Westerhof heeft hierover en over het verloren gaan en weer vinden een verhaal geschreven. (zie het verhaal over de St. Johanniskerk) Maarten betaalt belasting als bakker op nr. 110, zeker van Ca.1881 Kerkstraat A-110. Maarten v. d. Vlugt woont hier tot ca.1881; daarna gaat hij aan de overkant van de straat wonen. (zie Kerkstraat 23). Hij houdt wel dit pand aan met de bakkerij. In sep.1881 komt Marinus de Bil ( ) hier wonen met zijn vrouw Pieternella Schoenmaker (1850-); ze krijgen 5 kinderen van ) 1897 Kerkstraat A-110. Op 11 nov.1897 koopt bakker Marinus Cornelis Berman ( ) de bakkerij. (JCvdLdC) Marinus trouwt in 1902 met de molenaarsdochter Johanna van Rhee ( ) Ze wonen hier. Marinus Kornelis Berman hertrouwt in 1910 met Anna van Sluis (ca ) Op 5 nov.1908 wordt de tuin gekocht. (Fransse) 1909 Kerkstraat A-110 wordt in 1910 vernummerd naar A-187. Op 24 nov.1909 komen de broodbakker-winkelier Marinus Cornelis Berman en Jan Cornelis van Rhee, die molenaar is op Bruinisse, samen bij de notaris omdat Johanna van Rhee, de vrouw van Marinus, op 15 oktober kinderloos is overleden. Bij de bezittingen staat dit huis waar Marinus woont, met de schuur en het erf op sectie M groot 367 m2, en de tuin op M-1568 groot 964 m2, die samen op f.5600,- geschat worden; de schulden bedragen f.7000,- zodat er niet veel te verdelen valt. (Nouhuijs) 1922 Kerkstraat A-187. Op 30 nov.1922 verkoopt broodbakker Marinus Cornelis Berman uit Nwk. zijn bakkerij voor f ,- aan Johannes Moerland Leendertzoon uit Westmaas. Het is dan een woonhuis met daarin een bakkerij en winkel, en een schuur met erf op sectie M-1236 groot 367 m2, waarvan 65 m2. in erfpacht is van de gemeente, waarvoor f.1,- per jaar voor moet worden betaald. Johannes Moerland is geboren op 13 sep Op 27 sep.1927 geeft J. Moerland een toelichting op de aanvraag die hij heeft gedaan om een benzine- of olie- motor te mogen plaatsen om de deegmachine in de bakkerij aan te drijven: de motor zal, zoals de wet dat eist, buiten worden opgesteld en er komen 2 gaten in de muur voor de drijfriem Moerland koopt ook het huis hiernaast (zie Kerkstraat 28) Waarschijnlijk vernieuwt hij dat huis en gaat er wonen, en gebruikt dit pand na verbouwing of vernieuwing als winkel en bakkerij
83 Op 28 sep.1932 verzoekt broodbakker Joh. M. Moerland om een ¼ PK elektromotor te mogen plaatsen om een oliebrander aan te drijven; de voorheen met hout gestookte oven zal in het vervolg met olie verwarmd worden op sectie M-1236 tussen de Kerkstraat en de Poststraat. Ten oosten is hotel de Meebaal, sectie M-1889 en ten westen ligt Garage Heuseveld, sectie M Op 8 feb.1935 dient Moerland een verzoek in om een heteluchtoven te mogen plaatsen in Kerkstraat A-267, sectie M In 1935 komt er een vaste bakkersknecht, Johannes Everaers uit Poortvliet, hij is waarschijnlijk intern tot 1 juni 1941, dan verhuist hij naar A-85. (HK) 1944 Kerkstraat A-267. Er staat voor Moerland geen adres op de evacuatie-lijst Op 15 nov.1945 komt Ceel Dalebout hier wonen en begint er een kruidenierswinkel; hij huurt van Moerland. (HK) Moerland zit in juni 1948 nog steeds geïnterneerd omdat hij actief NSB-lid was gedurende de oorlog; hem is, evenals zijn dochter Lenie, en nog 28 andere Nieuwerkerkers, het stemrecht ontzegd. Moerland komt na de oorlog niet terug op Nieuwerkerk; hij heeft later een grote bakkerij in Rotterdam Zuid Kerkstraat 267 Op 15 mei 1951 brandt het pand van ca. 475 m3?? met daarin een kruideniersbedrijf, volledig af. Het verslag van de brandweer meldt dat het pand niet te redden is bij hun aankomst maar dat zij de naastgelegen panden hebben kunnen behouden. Dalebout blijkt verzekerd te zijn voor f ,- bij De Nederlanden, bij Moerland, de eigenaar van het pand, staat geen verzekerd bedrag gemeld. Het huis er naast, nu Kerkstraat 28, dat ook van Moerland is, blijft gespaard. Op 28 juli 1951 schrijft de Centrale Dienst voor bouw- en woningtoezicht een brief naar de gemeente, dat de bouwval niet onbewoonbaar kan worden verklaard, want er is geen woning meer; wel kan geëist worden dat de gevaar opleverende delen worden gesloopt en dat er een behoorlijke afzetting komt. De tuin enz. hoort nu bij Kerkstraat
84 84
85 Poststraat 5. zie ook Hoge Kerkstraat Op 21 dec.1933 wordt door Boudewijn Heuseveldt een stukje grond van 77 m2 voor f.800,- verkocht aan Dirk Quist. (zie Kerkstraat 24) (Biermasz) Quist bouwt er een huis op Op 6 sep.9134 leent schoen- en gareelmaker Dirk Quist f.2000,- van Johannis Poulusse, en op 25 okt.1934 leent hij f.500,- van de onderwijzeres Maria Poulusse en geeft daar een eerste en een tweede hypotheek voor af op zijn nieuw gebouwde huis in de Poststraat op sectie M en M-1828, samen 77 m2 groot. Dat wordt nu sectienummer M-2141/2142. (Biermasz). In 1940 verandert er iets, er komt 14 m2 bij en het wordt sectienr. M-2175, groot 91 m Poststraat A-301a Dirk Quist woont op nr. 301A, hij evacueert naar de Schoonderloostraat 89A in Rotterdam Notaris P. Heering zal op 12 maart 1952 het huis krachtens art.1223 BW verkopen. Quist zou er op 15 april uit moeten zijn Poststraat A-301a Dirk Quist evacueert naar de Schoonderloostraat 89a in Rotterdam. Ca wordt het huis verkocht. Poststraat 5 en 7. 85
86 Huis en garage, Poststraat 7 Het huis in de poststraat dat hoort bij de cafetaria in de Kerkstraat Poststraat A-302. Boudewijn (Bout) Heuseveldt ( ) is eigenaar van de twee huizen op de secties M en M-1928, (voor de voorgeschiedenis zie Hoge Kerkstraat 26 en 28); de tuinen van die huizen lopen dan nog tot de Poststraat. Hij gebruikt van allebei de tuinen het stuk dat aan de Poststraat ligt om er een nieuwe garage te bouwen, met een huis er bovenop, waar hij zelf gaat wonen. Dat wordt de nieuwe sectie M-2083, een huis met garage en erf op 144 m Poststraat A-302. Op 4 jan.1934 leent de bankwerker en rijwiel- en motorhandelaar Boudewijn Heuseveldt f.2000,- met als onderpand zijn woon- en winkelhuis met werkplaats, garage en erf op sectie M-2083, groot 144 m Poststraat A-302. Boudewijn Heuseveldt evacueert naar de Groote Kerkbuurt 28 in Dordrecht Poststraat A-302. Boudewijn Heuseveldt evacueert naar de Zegenstraat 86 in Rotterdam. ca Poststraat 7. De garage met het huis in de Poststraat worden verkocht aan Jan Matthias Moser. ca Poststraat 7. Er is een sectieverandering, het wordt sectie N-200, een huis met garage en erf op 222 m2 Het wordt verkocht aan hofmeester Cornelis Stoutjesdijk, die de garage laat verbouwen tot een moderne cafetaria: De Postiljon, die april 1959 wordt geopend. Het wordt een huis met cafetaria en erf op sectie N-200 dat 222 m2 groot is. In 1965 komt A. J. Belzer in De Postillion. In 1967 komen T. P. (Teun) en Frida van der Vlist in deze cafetaria; zij maken er een café van. Ca wordt de zaak gesloten. 86
87 1972 Poststraat 7. M. (Ceel) Dalebout koopt het al een paar jaar leegstaande huis en garage Poststraat 7 (de vroegere De Postiljon, en voegt het bij zijn cafetaria De Fijnproever. Aan het eind van het jaar huurt P. van Rossum een gedeelte en begint een kledingzaak. De steeds wisselende eigenaars van het pand zijn tot 1995 dezelfde personen als de eigenaars van de cafetaria, zie daarvoor Kerkstraat 26. In 1974 worden de woning en de voorgevel verbouwd. In 1988 wordt er een kanteldeur in de voorgevel gezet. Ca.1995 Poststraat 7 en 7a. Ca wordt A. Tillema juridisch eigenaar van Poststraat 7; hij splitst het pand. Het bovenhuis blijft van den Uijl, de eigenaar van de cafetaria op Kerkstraat 26. Het krijgt het huisnummer 7a. De garage-cafetaria-winkel-bergruimte die onder het huis ligt wordt verkocht aan kapper Vinkelenberg. In een gedeelte begint de vrouw van Vinkelenberg een kapsalon, die ca wordt overgenomen door de kapster Karin Jonker-Bolkenberg. Op 13 feb.2002 verkoopt Karin de onderkant van het pand Poststraat 7 aan Andries en Adriana Boot-van Klinken die er de steigers van hun zaak Klimtrex in opbergen Poststraat 7 en 7a. De onderkant, nummer 7 is nog steeds van de eigenaars van Klimtrex. Het huis er boven, nummer 7a, wordt verhuurd hoort nog steeds bij de cafetaria op Kerkstraat 26, waar Michaël en Karin van der Ban-Wandel sinds 2006 de eigenaars van zijn. Wim Kesteloo, Nieuwerkerk, Aanvullingen, verbeteringen en foto s zijn altijd welkom. 87
A-169, Kerk van de Gereformeerde Gemeente.
A-169, Kerk van de Gereformeerde Gemeente. Ligt voor een groot gedeelte op grond van Botland. Ca.1676 Volgens de lijst die secr. van der Velde opmaakt over op Botland gelegen zaken is dit een leeg woonerf
A-173, de Apostolische Kerk, nu Molenstraat 10.
A-173, de Apostolische Kerk, nu Molenstraat 10. Dit was één van de percelen in Nieuwerkerk die onder het grondgebied van Botland vielen. Vóór 1757 Op de plaats waar later de Apostolische Kerk komt staat
De Grutterij, nu op de grens van Deltastraat 4 en 6.
De Grutterij, nu op de grens van Deltastraat 4 en 6. 1807 Dit stuk grond ligt in de 41 e mate van Nieuwerkerk, en is van Dingeman Hallingse. De 41 e mate ligt tussen de Rolleklootsendijk, de Polderweg
Kerkring, oneven nummers 33 t/m 45.
Kerkring, oneven nummers 33 t/m 45. De Ring rond kerk en kerkhof is waarschijnlijk in de 13 e eeuw aangelegd en bebouwd na de bouw van de St. Johanniskerk; iets later dan de Molenberg (Molenstraat), Stekelstraat
Ring 65, Kerkstraat 2 en Kerkstraat 4
Ring 65, Kerkstraat 2 en Kerkstraat 4 De panden en de bewoners. Door Wim Kesteloo. De witte muur links onder, naast het dak van de kerk, is van Hoge Kerkstraat 2. Daarnaast staat Ring 65. Rechts daarnaast
De geschiedenis van Ring 47 en 49 door Wim Kesteloo
De geschiedenis van Ring 47 en 49 door Wim Kesteloo Op de foto hierboven (uit het archief van Jan Stolk) van vóór 1940 zien we in het midden de lange schuur, nu Ring 47, waar in 2009 twee huizen zijn gebouwd.
Brouwersstraat 313 t/m 323.
Brouwersstraat 313 t/m 323. Links A-323, rechts het bij Stationsstraat beschreven A-312, met daarachter A-313 t/m A-316. We beschrijven de geschiedenis van de huizen in de Brouwersstraat met als uitgangspunt
De Weststraat. Foto s collectie Jan Stolk.
De Weststraat. Foto s collectie Jan Stolk. 1 De Weststraat. De beschrijving gaat uit van de twee kaartjes van Huib Kesteloo met de situatie van net voor de ramp van 1953. We werken in volgorde van de nummers
OUDE WOONPLEKKEN IN VORSTENBOSCH RIETDIJK 19 Arie van den Bogaart een landbouwer uit Schijndel is in 1832 de eigenaar van dit huis (sectie: E130). Hij bezit ook het huis er naast Rietdijk D (verdwenen
OUDE WOONPLEKKEN IN VORSTENBOSCH LENDERSGAT 1 (voorheen Erpsche steeg, later Brakkensedijk) In 1832 is Antonius van Hooft, tuinman te Vorstenbosch, eigenaar van deze boerderij. De woning werd in deze periode
Stoofweg A-149 t/m A-158. (huisnummers 1953)
Stoofweg A-149 t/m A-158. (huisnummers 1953) In de ligger van voetpaden en wegen in 1926 wordt de Stoofweg beschreven als een steenslagweg, lang 1540 meter, die liep van de Capelledijk noordwaarts tot
Geschiedenis van de meeste eigenaars en bewoners aan de noordkant van de huidige Hoge Kerkstraat, de oneven nummers 1 t/m 23.
Geschiedenis van de meeste eigenaars en bewoners aan de noordkant van de huidige Hoge Kerkstraat, de oneven nummers 1 t/m 23. Uitgezocht door Wim Kesteloo, Nieuwerkerk, 2014. 1 Verantwoording: De nummers
Kerkring 9 t/m 31. (de oneven nummers) Kerkring blz. 2. (Klik om de koppeling te volgen.) Kerkring 17, blz. 10. Kerkring 19, blz. 16.
Kerkring 9 t/m 31. (de oneven nummers) Kerkring 9-15. blz. 2. (Klik om de koppeling te volgen.) Kerkring 17, blz. 10. Kerkring 19, blz. 16. Kerkring 21, blz. 22. Schilderssteeg, blz. 26. Kerkring 23, blz.
A-127 t/m A-148, de westkant van de Molenstraat.
A-127 t/m A-148, de westkant van de Molenstraat. Ook wel genoemd: Menstraete, Meulwegt, Molendijk of Molenweg. Sommige stukken werden ook wel Dijk, Achterweg (nu Oude Noordstraat), Capel(le)weg, Capel(le)dijk,
De nakomelingen van Maarten Boone
een genealogieonline publicatie De nakomelingen van Maarten Boone door 5 mei 2016 De nakomelingen van Maarten Boone Generatie 1 1. Maarten Boone. Generatie 2 2. Govert Maartens Boone, zoon van Maarten
Noordstraat Nieuwerkerk (Dvl.)
Noordstraat Nieuwerkerk (Dvl.) Door Wim Kesteloo. Foto Stolk 1953. We gaan weer uit van de kaart met de nummers die Huib Kesteloo gemaakt heeft van de situatie vóór 1 feb. 1953. 121 122 A-81 Marinus van
De Stekelstraat, met Poststraat 11, Kerkstraat 34 en Ooststraat 4.
De Stekelstraat, met Poststraat 11, Kerkstraat 34 en Ooststraat 4. Gegevens bij elkaar gezocht door Wim Kesteloo. De Stekelstraat en de panden Poststraat 11, Kerkstraat 34, Ooststraat 2 en Ooststraat 4
Marten Kanters (1761?), timmerman en kroeghouder In de patentregisters van 1815 t/m 1818 woont Marten Kanters op Plaats nr. 17
Nieuwstraat 40/42 Bewoners van 1815 tot heden : Kanters -van der Meijden Knicknie van den Biggelaar van de Coevering Immens (café Victoria) supermarkt Boxer (de Kroon) en vervolgens de Jumbo kindsheidoptocht
Ring-noord A-59 t/m A-80.
Ring-noord A-59 t/m A-80. Tegenwoordig de oneven nummers van 33 t/m 45. De Ring rond kerk en kerkhof is waarschijnlijk in de 13 e eeuw aangelegd en bebouwd na de bouw van de St. Johanniskerk; een poosje
D88, Voorhei 3. Geplaatst in de Heise Krant augustus 2015, gewijzigd
D88, Voorhei 3 Geplaatst in de Heise Krant augustus 2015, gewijzigd 23-01-2017 De geschiedenis van boerderij D88, nu Voorhei 3, begint bij Theodorus van Asseldonk. Theodorus (Dirk) van Asseldonk (1797-1845),
Poststraat A-291 t/m A-306.
Poststraat A-291 t/m A-306. Omdat er na de ramp zo veel veranderd is, gaan we deze keer uit van de huisnummers op 1 feb. 1953 volgens de kaart van Huib Kesteloo. Ondanks de lage ligging hebben verschillende
www.vorstenbosch-info.nl
OUDE WOONPLEKKEN IN VORSTENBOSCH HONDSTRAAT 4 Jan Rut Kluijtmans koopt op 24-12-1792 een huis en aangelag, gestaan en gelegen op Vorstenbosch onder Nistelrode, groot 2 L, 45 R, van Maria Sijmen Rijkers,
Renesse en Noordwelle, uittreksel ref. dopen
Renesse en Noordwelle, uittreksel ref. dopen 1659-1746 - gemaakt door Caroline Buchanan - Oorspronkelijke bron Archiefinstelling: Gemeentearchief Schouwen-Duiveland, Zierikzee Archief: DTB Renesse en Noordwelle
Ooststraat A-182 t/m A-206.
Ooststraat A-182 t/m A-206. A-182 en A-184 t/m A-195. Links stukje van A-200 t/m A206; aan het eind A211 en de villa A-212; rechts A-233t/m A-235. (J. Stolk ca. 1948) 1 De huizen met de huisnummers noordkant
Het Kerkplein. Bij elkaar gezocht door Wim Kesteloo.
Het Kerkplein. Een beschrijving van wat er gebeurt is met de begraafplaats en de gracht die rond de kerk van Nieuwerkerk lagen, ongeveer van 1760 tot 1960. Bij elkaar gezocht door Wim Kesteloo. Deze foto
Warder in Gevelstenen. De oude huizen van Warder met hun gevelstenen
Warder in Gevelstenen De oude huizen van Warder met hun gevelstenen Warder in Gevelstenen Een aantal oude huizen en boerderijen van Warder zijn voorzien van een gevelsteen. Hierop staat aangegeven wanneer
De Muijen, met de melkfabriek, Zonnehoek, Leona, enz.
De Muijen, met de melkfabriek, Zonnehoek, Leona, enz. Dit gaat over de Muijen, in de 3 e mate, tussen de Eeschen watergang, (zuidelijk van nr.7); de Muijeweg nr.65, en de Rijks- of Bloksweg nr.66, een
Nummer Toegang: 584 Plaatsingslijst van het archief van de familie liebregts,
Nummer Toegang: 584 Plaatsingslijst van het archief van de familie liebregts, 1838-1921. Archief Delft 584 Familie Liebregts 3 I N H O U D S O P G A V E Inhoudsopgave BESCHRIJVING VAN HET ARCHIEF...5
Nummer Toegang: 779 Inventaris van het familiearchief de heij, timmerlieden en molenmakers te rijswijk en voorburg,
Nummer Toegang: 779 Inventaris van het familiearchief de heij, timmerlieden en molenmakers te rijswijk en voorburg, 1790-1922 Archief Delft 779 Familie De Heij 3 I N H O U D S O P G A V E Inhoudsopgave
De zuidzijde van de Ooststraat: A-227 t/m A-246.
De zuidzijde van de Ooststraat: A-227 t/m A-246. Links A-212, Frans van den Bout. (zie De Muien ) Daarnaast van A-233 t/m A-239. Links de schuur van A-243 van Joh. de Reus; rechts de Ger. Kerk A-247. (
Inventaris van het archief van. familie De Vor te Vianen,
T00443 Inventaris van het archief van familie De Vor te Vianen, 1785-1914 D. Ruiter Oktober 2013 Inleiding De in deze inventaris genoemde leden van de familie De Vor waren grondeigenaren en landbouwers.
Notariële Akten na Overlijden Klaas Breedijk (172 )
Notariële Akten na Overlijden Klaas Breedijk (172 ) (Tussen haakjes de RIN nummers in de stamboom www.breedijk.net. ) Klaas Breedijk: ik heb opgezocht wat ik op internet allemaal gevonden heb over zijn
Heuvelrug, Col-lectie J.A.F. Thieme) 65
Het Kromme-Rijngebied 1999. - Dl.33 De verpachting Tijdens de openbare verpachting werd het veermet het veerhuis door Cornelis van Bemmeiingezet op 1200 gulden en vervolgens ver-hoogd met 125 gulden. Met
Oudarchieven voor 1811 Nieuwerkerk a/d IJssel
Oudarchieven voor 1811 Nieuwerkerk a/d IJssel Bevat samenvattingen uit akten in Rechterlijke, notariele en weeskamer archieven. De transcripties staan in afzonderlijke documenten. Recht. Arch. N ad IJ
E70, Goordonksedijk 4
E70, Goordonksedijk 4 Geplaatst in de Heise Krant januari 2014, gewijzigd 13-04-2016 Wanneer we op de kadasterkaart van 1832 kijken, waar nu de Goordonksedijk loopt, zien we aan weerszijden een grote vlakte
Genealogie Polderman. Scherpenisse
Scherpenisse http://www.genealogie-klein.nl [email protected] Genealogie Polderman door G.A. Klein I II III IV Adriaen Willems. Gehuwd met Leunken Aerts. 1. Willem Polderman (zie II). Willem
Kerkstraat (zuidzijde) A-265 t/m A-281; Inclusief Stekelstr A-264 en Ring A-282.
. Kerkstraat (zuidzijde) A-265 t/m A-281; Inclusief Stekelstr A-264 en Ring A-282. Kaart 1757 Kaart 1830 Kaart met huisnummers 1953 van H. Kesteloo. A-264 en A-265, nu 34; A-266, nu 32; A-267, A-268, nu
E48, Nieuwe Veldenweg 9-11
E48, Nieuwe Veldenweg 9-11 Geplaatst in de Heise Krant februari 2014, gewijzigd 21-04-2016 Wanneer we de historie van de boerderij aan de Nieuwe Veldenweg met de huisnummers 9 en 11 onderzoeken, blijkt
OUDE WOONPLEKKEN IN VORSTENBOSCH LENDERSGAT 11 (voorheen Erpsche steeg, later Brakkensedijk) In 1832 is Christiaan Thomas van de Leijgraaf de eigenaar van deze woning met herberg (sectie: E111/1118/1116).
De nakomelingen van Guilleam Verkamman
een genealogieonline publicatie De nakomelingen van Guilleam Verkamman door 12 maart 2017 De nakomelingen van Guilleam Verkamman Generatie 1 1. Guilleam Verkamman, is geboren in 1605 te Reimerswaal. Hij
OUDHEIDKUNDIGE VERENIGING SLIEDRECHT DE VERENIGING WAAR VERLEDEN EN TOEKOMST ELKAAR ONTMOETEN WERKGROEP GENEALOGIE
OUDHEIDKUNDIGE VERENIGING SLIEDRECHT DE VERENIGING WAAR VERLEDEN EN TOEKOMST ELKAAR ONTMOETEN WERKGROEP GENEALOGIE Het is ons duidelijk geworden dat veel mensen geïnteresseerd zijn in stambomen. Om aan
HISTORISCHE VERENIGING SLIEDRECHT DE VERENIGING WAAR VERLEDEN EN TOEKOMST ELKAAR ONTMOETEN WERKGROEP GENEALOGIE
HISTORISCHE VERENIGING SLIEDRECHT DE VERENIGING WAAR VERLEDEN EN TOEKOMST ELKAAR ONTMOETEN WERKGROEP GENEALOGIE Het is ons duidelijk geworden dat veel mensen geïnteresseerd zijn in stambomen. Om aan deze
ZANDVLIET (onder Schijndel)
ZANDVLIET (onder Schijndel) Gegevens per perceel Laatste verandering: 18-11-2012 Rekonstruktie van Veghel Martien van Asseldonk Perceel nr. 1 Beschrijving: Een kleyn huijsken met den hoff ende aangelag,
OUDE WOONPLEKKEN IN VORSTENBOSCH HEUVEL 1 Vóór 1800 zou deze boerderij, die stamt uit 1648, in bezit zijn van de erven Joosten (info: Jo van den Berg). In 1832 zijn erven van Johannes van Veghel eigenaar
Parenteel van Adriaan Post
Parenteel van Adriaan Post 1 Adriaan Post is geboren omstreeks 1710. Adriaan trouwde, ongeveer 26 jaar oud, omstreeks 1736 in Nieuwerkerk (zee,nld) met Neeltje Vlohil, ongeveer 22 jaar oud. Neeltje is
HOOFDBEWONERS EN HUN BEROEP WONEND IN DE TORENTRAAT VAN 1798 TOT CIRCA jaar huis- naam beroep nummer
HOOFDBEWONERS EN HUN BEROEP WONEND IN DE TORENTRAAT VAN 1798 TOT CIRCA 1970 jaar huis- naam beroep nummer 1798 20 Jochem van Gestel en Pieter van Rooij 21 Pieter Dankers en Geert de Kort 22 Johannes Kolb
PIETER CORNELIS ENGEBRECHTSZ., GENAAMD KUNST
PIETER CORNELIS ENGEBRECHTSZ., GENAAMD KUNST door IR. A. F. DE GRAAF Een der weinig geraadpleegde registers in het Leidse Gemeentearchief is nr. I 188 van het secretariearchief vóór 1574, waarin sinds
VIIc - 2. o.tr./tr. Berkel (Gerecht) 1/18.5.1739 (impost man f 15), scheiding van tafel en bed Berkel (Gerecht) 13.5.1761
VIIc - 1 Na het overlijden van Annetje Arensdr Ham op 2.6.1762 te Berkel en Rodenrijs zijn Arij en Willem van Rijt en Geertje Cornelisdr Brederode, dochter van Marijtje van Rijt, als nakomelingen van Catharina
Parenteel van Anthonie Gillisse van der Cingel
Parenteel van Anthonie Gillisse van der Cingel I Anthonie Gillisse van der Cingel. Anthonie is Anthonie begon een relatie met Suzanna Andriese Lavooy. Suzanna is Kind van Anthonie en Suzanna: 1 Gillis
details stamboom / family tree Hengstmengel
details stamboom / family tree Hengstmengel Anthoni Enßminger (ca. 1721-1792) 1 ca. 1721 geboren 1735 geloofsbelijdenis Anthoni Enßminger von Met[t]i[n]gen (?) in Pisdorf (Bischtroff-sur-Sarre, Elzas)
LIJST VAN TE ONTEIGENEN ONROERENDE ZAKEN ONTEIGENINGSPLAN HARNASCHPOLDER ZUID VERZOEKENDE INSTANTIE: BEDRIJVENSCHAP HARNASCHPOLDER
LIJST VAN TE ONTEIGENEN ONROERENDE ZAKEN ONTEIGENINGSPLAN HARNASCHPOLDER ZUID VERZOEKENDE INSTANTIE: BEDRIJVENSCHAP HARNASCHPOLDER Van de onroerende zaak, kadastraal bekend, gemeente Schipluiden Grondplan
www.vorstenbosch-info.nl
OUDE WOONPLEKKEN IN VORSTENBOSCH HEUVEL 3 VEEL ONZEKERHEID In 1832 is deze woning in bezit van Hendrik van Dijk (sectie: E 280/1052/1291) en in 1840 is de eigenaar Theodorus van Eenbergen. In 1843 gaat
Inventaris van het archief van de
T00443 Inventaris van het archief van de familie De Vor te Vianen, 1785-1966 (2008) D. Ruiter Oktober 2013; November 2015 Inleiding De in deze inventaris genoemde leden van de familie De Vor waren grondeigenaren
Nummer Toegang: 857 Plaatsingslijst van stukken afkomstig van de eigenaren van de Hofwoning te 't Woudt,
Nummer Toegang: 857 Plaatsingslijst van stukken afkomstig van de eigenaren van de Hofwoning te 't Woudt, 1672-1977 Archief Delft 857 Hofwoning te 't Woudt 3 I N H O U D S O P G A V E Inhoudsopgave BESCHRIJVING
Westerweele tak cornelis WESTERWEEL anna p BREÄS (jo)zina ZUURVELD jan WESTERWEELE adriaan WESTERWEEL jan WESTERWEELE eva de JONGE laurina KOOMAN
Westerweele tak I.1 cornelis WESTERWEEL, schaapsherder, geboren op 23-11-1773 te colijnsplaat (z), gedoopt op 28-11-1773 te colijnsplaat (z) (getuige(n): Heijnderik van Stelle, Dina Bouterse), overleden
Gerardus BESSELING Anna, Mactiae CRAMER (KRAEMETS) Joannis CRAMER (CREMER) Mariae HOEVEN Hendrick BESSELING Annitje BESSELING
III.9 Gerardus (Gerrit) Hendriksz BESSELING (BISSELINGH), smid in Edam, Amsterdam en baassmit te Wognum, geboren op 04-09-1694 te Emmerik, gedoopt (rk) op 04-09-1694 te Emmerik (getuige(n): nv), overleden
Nummer Toegang: 858 Plaatsingslijst van de stukken afkomstig van Familiestichting Van der Kooij,
Nummer Toegang: 858 Plaatsingslijst van de stukken afkomstig van Familiestichting Van der Kooij, 1700-1933 Archief Delft 858 Familiestichting Van der Kooij 3 I N H O U D S O P G A V E Inhoudsopgave BESCHRIJVING
A-159 t/m A-177; en de Groene Pit A-164 t/m 166.
A-159 t/m A-177; en de Groene Pit A-164 t/m 166. Deze huizen aan de oostkant van de Molenweg zijn grotendeels gebouwd op wat in 1832 sectie M-37 was. Die sectie M-37 is dan een strook weiland van 4500
Andere "van den Worm" takken in Holland vanaf 1622 Gesorteerd naar geboortedatum en trouwdag Geb.datum Geb.plaats Trouwdag Trouwplaats
Andere "van den Worm" takken in Holland vanaf 1622 Gesorteerd naar geboortedatum en trouwdag 03.12.2016 01.08.1622 Amsterdam Grietje Simon de Bok 14.03.1627 Velp Neeltje Joris Jorisse 02.11.1633 Valkenburg
5. Johannes Consemulder, geboren te Bergen op Zoom op
Parenteel van Wilhelmus Consemulder. Generatie I I. Wilhelmus Consemulder, gedoopt te Breda op zaterdag 12 december 1795, trouwt met Cornelia Schenkenberg, gedoopt te Bergen op Zoom op zondag 27 augustus
Familie De Vor, te Vianen (2008) D. Ruiter Oktober 2013; November 2015
443 Familie De Vor, te Vianen 1785-1966 (2008) D. Ruiter Oktober 2013; November 2015 Inhoudsopgave Inleiding... 3 1. Aanwijzingen voor de gebruiker...3 Inventaris...4 1. Dirk de Vor (1740-1802)... 4 2.
Handsschriftencollectie. Sint Philipsland
Handsschriftencollectie Sint Philipsland 1901-1963 2 Inleiding Bij de inventarisatie van de archieven en verzamelingen van de gemeente Sint-Philipsland kwam een aantal stukken te voorschijn van particuliere
OUDE WOONPLEKKEN IN VORSTENBOSCH HONDSTRAAT 7 Dit pand kunnen we beschouwen als het stamhuis van de familie van der Heijden de latere Brouwerstak (hiervoor zijn gegevens gebruikt uit het boek van de familie
Willem Jansz Roest, jongeman, wonend: in den Ambagte van Ketel Bruid. 07-09-1725 DTB Overschie Trouw gereformeerd
Dopeling Willem Jan Arijense Moeder Marija Gers Getuige Jannetie Arijens Rotterdam doop 20-01-1701 Wonende buijten de Delfsepoort op de Koolse Moolen DTB Rotterdam Doop gereformeerd Willem Jansz Roest,
BROUWERIJ De Zwaan aan de Dungense kant (of Maaskantje) van Sint-Michielsgestel kad. nr. B930 later B928b.
BROUWERIJ De Zwaan aan de Dungense kant (of Maaskantje) van Sint-Michielsgestel kad. nr. B930 later B928b. Voor 1810 Lees : De huizen van Gestel aan den Dungensen kant in het Griensvenneke 15 e jaargang
D63, Meester Schendelerstraat 2
D63, Meester Schendelerstraat 2 Geplaatst in de Heise Krant januari 2015, gewijzigd 28-09-2016 Wanneer we de geschiedenis van het huis aan de Meester Schendelerstraat 2, voorheen D63, bestuderen, blijkt
Parenteel van Willem Janse van Strien
Parenteel van Willem Janse van Strien 1 Willem Janse van Strien. Willem begon een relatie met [waarschijnlijk] Neeltje Marinusse Koster. Kind van Willem en Neeltje: 1 Marinus Willemsz van Strien, geboren
NT00064_2004. Nadere Toegang op inv. nr 2004. uit het archief van de. Dorpsgerechten, 1515-1813 (64)
NT00064_2004 Nadere Toegang op inv. nr 2004 uit het archief van de Dorpsgerechten, 1515-1813 (64) H.J. Postema Januari 2015 Inleiding In dit document zijn regesten opgenomen van de dorpsgerechten van Tull
Genealogie van de familie Van der Jagt
Genealogie van de familie Van der Jagt I Ploen LEENDERTSZOON is geboren in 1545 in Barendrecht, Zuid-Holland, Nederland. Ploen is overleden vóór 13-03-1620 in Barendrecht, Zuid- Holland, Nederland, ten
Wie was Schafrat(h)? En wat was de relatie met Van Gogh?
Wie was Schafrat(h)? En wat was de relatie met Van Gogh? Soms weten bezoekers ons tijdens rondleidingen te vermelden dat Vincent van Gogh ooit een kamertje bewoonde in hotel Schafrath aan het Park in Nuenen.
Blad 1. Kwartierstaat van Antoon van den Berg ( ) Broer Herman van den Berg
Blad 1 Kwartierstaat van Antoon van den Berg (1877-1961) Broer Herman van den Berg Website: Stamboom familie Van den Berg > Herman van den Berg, broer van 01. Antoon van den Berg (1877-1961) De ouders
Een eigen. huis. www.lindenotarissen.nl
Een eigen huis www.lindenotarissen.nl Inhoudsopgave Een eigen huis 3 Woonhuis, de akte van levering 4 De Hypotheek 5 Samenlevingscontract 7 Testament 8 Een eigen huis U leest dit boekje waarschijnlijk
D52, Past. Van Haarenstr. 58-60
D52, Past. Van Haarenstr. 58-60 Geplaatst in de Heise Krant van april 2012, gewijzigd 08-04-2015 Slechts weinig mensen weten dat in het pand waar nu rechts Henk Schepens en Marlène van Esch wonen, Pastoor
De oudste generaties Stoel in Dordrecht
De oudste generaties Stoel in Dordrecht In het Regionaal Archief Dordrecht bevindt zich onder Toegang 116 (Collectie van familiepapieren en genealogische aantekeningen), Inventarisnummer 763 een dossier
HISTORISCHE VERENIGING SLIEDRECHT DE VERENIGING WAAR VERLEDEN EN TOEKOMST ELKAAR ONTMOETEN WERKGROEP GENEALOGIE
HISTORISCHE VERENIGING SLIEDRECHT DE VERENIGING WAAR VERLEDEN EN TOEKOMST ELKAAR ONTMOETEN WERKGROEP GENEALOGIE Het is ons duidelijk geworden dat veel mensen geïnteresseerd zijn in stambomen. Om aan deze
Café Kerkemeijer te Rekken
-17- Café Kerkemeijer te Rekken Inleiding Café Kerkemeijer, aan de Rekkenseweg te Rekken, is in de gehele regio een bekende locatie en één om wat voor bijeenkomst dan ook te houden. Iedereen in Rekken
HISTORISCHE VERENIGING SLIEDRECHT DE VERENIGING WAAR VERLEDEN EN TOEKOMST ELKAAR ONTMOETEN
HISTORISCHE VERENIGING SLIEDRECHT DE VERENIGING WAAR VERLEDEN EN TOEKOMST ELKAAR ONTMOETEN WERKGROEP GENEALOGIE Het is ons duidelijk geworden dat veel mensen geïnteresseerd zijn in stambomen. Om aan deze
Theodorus Hoefs ( )
Theodorus Hoefs (1855- eigen code : ouders : Hubertus Hoefs (1808-1878) Theodora Rutten (1811-1873) Theodorus Hoefs is geboren op 6 mei 1855 te Uden BSG Uden 1855-66 : In het jaar eenduizend acht honderd
Inventaris van het archief van Jacob Kerkhoven, 1766-1788
Nummer archiefinventaris: 3.20.32 Inventaris van het archief van Jacob Kerkhoven, 1766-1788 Auteur: G.M. van Aalst Nationaal Archief, Den Haag 1974 Copyright: cc0 This finding aid is written in Dutch.
Voorouders Rapport. Eerste generatie
Eerste generatie 1. Adrianus Johannes (Adrianus) Meijne 4 jul 1914, Castricum, Nh Overlijden: 18 okt 1993, Castricum, Nh Adrianus (Arie) Meijne (28 mei 1887-1 maa 1920) Duifje (Jan) Ruijter (8 jun 1886-27
Nagtegalen te Westkapelle door H.K. Nagtegaal
Nagtegalen te Westkapelle door H.K. Nagtegaal I. CORNELIS JANSE NACHTEGAEL, geb. ca. 1655, poorter van Westkapelle 8 februari 1679, komende van Zoutelande 1, vermeld op 20 oktober 1681 2, testeerde 17
Parenteel van Ari (Arien) Jansz Kwant (ook: Quant)
Parenteel van Ari (Arien) Jansz Kwant (ook: Quant) I Ari (Arien) Jansz Kwant (ook: Quant) is geboren in 1790 in Heer Huijgenwaert, zoon van Joannes (Jan) Claasz Quant (Quand, Kwant) en Trijntje (Catherina)
Genealogie Van Eyndhoven 's-hertogenbosch 1606 tot 1787
Genealogie Van Eyndhoven 's-hertogenbosch 1606 tot 1787 Zegel wapenschild uit één van de protocolboeken van Notaris van Eijndhoven Nicolaes Adriaenszn van Eijndhoven is de verste rechtstreekse stamvader
16 Christiaan Huberti Schrickx. Hij is gedoopt op in Groot-Zundert.
Generatie 5 ( betovergrootouders ) 16 Christiaan Huberti Schrickx. Hij is gedoopt op 26-03-1757 in Groot-Zundert. Afbeelding 11 RK Doopboek Groot-Zundert Christiaan is overleden, 37 jaar oud. Hij is begraven
PERCEELEIGENAREN OP DE DOMMELAKKERS MET HUN ARTIKELNUMMER EN PERCEELNUMMERS. Bron : Kadaster digileggersysteem
PERCEELEIGENAREN OP DE DOMMELAKKERS MET HUN ARTIKELNUMMER EN PERCEELNUMMERS Bron : Kadaster digileggersysteem Art. nr naam voornamen beroep woonplaats perceelnrs 448 wed.spierings Hendrik (1832) St.Michielsg.
Voorouders Rapport. Eerste generatie
Eerste generatie 1. Hendrikus Jacobus (Johannes) Kloes 30 sep 1912, Heemskerk, Nh Overlijden: 20 nov 1985, Castricum, Nh Memo: Onderlangs Johannes (Jacob) Kloes (22 apr 1875-25 jul 1961) Jacoba (Hendrikus)
Kind Cornelis van der Stoel Vader onbekend Moeder Jannetje van der Stoel Plaats Katendrecht Geboortedatum Bron Katendrecht
Doopboek Charlois 24-11-1799 24 [november gedoopt] Jannigtie een Dogter V[ader] Cornelis van der Stoel 1 [Meij geboren] M[oeder] Annigtie Verschoor G[etuigen] de Ouders Dopeling Jannigtie van der Stoel
Zwammerdam Doopregister dd : 21 december gedoopt Claes, waervan Vader is Gerrit Roest, moeder Neeltje Weezelenburg.
Zwammerdam Doopregister dd.21-12-1732: 21 december gedoopt Claes, waervan Vader is Gerrit Roest, moeder Neeltje Weezelenburg. Leimuiden gequalificeerde aangegeven lijken 1806-1811 dd.12-09-1807. (aangegeven)
BIJLAGE BIJ HET VERHAAL OVER DE HEEMSTEEDSE FAMILIE VAN DER WEIDEN
BIJLAGE BIJ HET VERHAAL OVER DE HEEMSTEEDSE FAMILIE VAN DER WEIDEN In deze bijlage bevinden zich drie overzichten en een kaart: 1: Tijdlijn en overzicht van de wasserijen van Van der Weiden tussen 1755
STOLPJE A.C. DE GRAAFWEG 4 HEERHUGOWAARD
1 STOLPJE A.C. DE GRAAFWEG 4 HEERHUGOWAARD 2016-4 Dirk van Zoelen uit Opmeer had land aan de Westerlangereisdijk. Deze dijk vormt het noordelijk deel van de ringdijk om Heerhugowaard. Beneden deze dijk
bron Burgerlijke stand - overlijden Koudekerk aan den Rijn toegangsnummer inventarisnummer 60 aktenummer 24 naam
Hazerswoude Doopboek Gereformeerd p.25 dd.14-10-64: den 14.Octob[er] (kind) Gerrit (ouders) Klaas Roest en Aaltje Jansz Verganst (getuige) Neeltje Weselenburg. (Aantekening bij de datum:) te Boskoop gedoopt.
Blad 1. Kwartierstaat van Antoon van den Berg ( ) Zus Anna van den Berg
Blad 1 Kwartierstaat van Antoon van den Berg (1877-1961) Zus Anna van den Berg Website: Stamboom familie Van den Berg > Anna van den Berg, zus van 01. Antoon van den Berg (1877-1961) De ouders van Anna
De nakomelingen van Isak de Graaf
een genealogieonline publicatie De nakomelingen van Isak de Graaf door 28 mei 2016 De nakomelingen van Isak de Graaf Generatie 1 1. Isak de Graaf. Hij is getrouwd met Catrijn van Rijn. Zij kregen 3 kinderen:
Stadsbestuur Rhenen, (152)
NT00152_814 Nadere Toegang op inv. nr. 814 uit het archief van het Stadsbestuur Rhenen, 1337-1851 (152) H.J. Postema Juni 2017 Inleiding Dit inventarisnummer bevat regesten op een klein aantal verzoekschriften
VIIi - 1. Zie resp. Oud notarieel archief Delft, inv. nr. 2533A, f. 12, inv. nr. 2595, f. 146 en inv. nr. 2856, f.
VIIi - 1 Op 9.1.1721 maken Arij Claesz van Rijt, bouwman, en Annetje Hermansdr Berkel, wonende te Hof van Delft, hun testament op. Het betreft een testament op de langstlevende, waarbij deze wordt verplicht
D67, Hintelstraat 12
D67, Hintelstraat 12 Geplaatst Heise Krant maart 2014, gewijzigd 04-06-2016 De boerderij D67 aan de Hintel wordt op dit moment bewoond door de familie Rikken, maar is beter bekend als de boerderij van
