Inventarisatie Beekherstel
|
|
|
- Albert van der Wolf
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Afstudeerrapport Inventarisatie Beekherstel Stroomgebied Groenlose Slinge
2
3 Statuspagina Titel Samenstelling Homepage Opdrachtgever Homepage Inventarisatie Beekherstel Stroomgebied Groenlose Slinge Sportvisserij Nederland Postbus AD BILTHOVEN Federatie Auteur(s) Daan Mulder Aantal pagina s 42 Trefwoorden Groenlose Slinge, Groenlo, Beurzerbeek, Willinkbeek, Wissinkbeek, Ratumse Beek, Meibeek, Beekherstel, Gelderland, Beekforel, Beekprik, Rivierdonderpad, natuurvriendelijke oever, hermeandering, vistrap Versie Definitief Projectnummer AV Datum Bibliografische referentie: Daan Mulder Inventarisatie Beekherstel Stroomgebied Groenlose Slinge, Sportvisserij Nederland, Bilthoven in opdracht van Federatie. Sportvisserij Nederland, Bilthoven Niets uit dit rapport mag worden vermenigvuldigd door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de copyrighthouder en de Opdrachtgever. Sportvisserij Nederland is niet aansprakelijk voor gevolgschade, alsmede schade welke voortvloeit uit toepassing van de resultaten van werkzaamheden of andere gegevens verkregen van Sportvisserij Nederland.
4 Voorwoord Dit rapport is opgesteld als onderdeel van mijn afstudeerstage bij Sportvisserij Nederland die ik heb uitgevoerd voor het 4 e leerjaar MBO niveau 4 Watermanagement aan het Lentiz College te Naaldwijk. Voor deze afstudeerstage heb ik het hele onderzoeksproces van het begin tot het end doorlopen, van het maken van het Plan van Aanpak en de planning tot het uitvoeren van veldonderzoek en het opleveren van dit rapport. De Groenlose Slinge, Beurzerbeek, Willinkbeek, Ratumse beek, en de Meibeek zijn de afgelopen twee decennia veranderd. Er zijn, met name door de overheid, veel plannen voor ecologisch herstel ontwikkeld die (in)directe gevolgen hebben op de visstand, het viswater en het sportvisserijgebruik. In het voorliggende onderzoeksrapport worden de visstand-, milieu- en sportvisserijgegevens van voor en na het ecologisch herstel met elkaar vergeleken. Uit de vergelijkingen kan worden geconcludeerd of de herstelmaatregelen de beken in positieve of negatieve zin hebben beïnvloed, en wat er nog aan maatregelen genomen kan worden om de nog bestaande knelpunten op te lossen. Mijn dank gaat uit naar alle Sportvisserij Nederland medewerkers die mij hebben geholpen bij de totstandkoming van dit rapport, met name Roland van Aalderen, die mij vanuit Sportvisserij Nederland heeft begeleid en Piet Hartog, die mij vanuit school heeft begeleid.
5 Samenvatting In 1995 is er in opdracht van het Waterschap een herstel- en inrichtingsplan voor de Groenlose Slinge opgesteld. In 1999 zijn de eerste herinrichtingen uitgevoerd, in 2007/2008 is het tweede deel onder handen genomen. Daarbij zijn bosstroken, vistrappen, moerasoevers, poelen, meanders en twee bypasses aangelegd. De Federatie wil weten of de visstand en sportvisserijmogelijkheden zijn verbeterd na de herinrichtingen. Om dit te onderzoeken is historische literatuur over de beken gelezen en veldwerk en visstandonderzoeken uitgevoerd om de historische resultaten te vergelijken met de actuele resultaten. Na het vergelijken zijn de herinrichtingen beoordeeld aan de hand van de visstandgegevens van toen en nu. Hieruit is gebleken dat de herinrichtingen niet hebben gezorgd voor een verrijking van rheofiele- maar juist een verrijking van limnofiele vissoorten. Dit is een te verwachten effect wegens het aanleggen van vele moerasoevers waar vissen als de Bittervoorn, Ruisvoorn en Zeelt zich prima thuis voelen. Anderzijds is het aantal Riviergrondels in de Groenlose Slinge in aantallen toegenomen, dit is een effect geweest van het aanleggen van vele bekkenvistrappen die vervaardigd zijn uit grote stenen wat voor vissen als de Riviergrondel, Bermpje en de Rivierdonderpad een geschikte leefomgeving is. De totale lengte bevisbare oever is licht afgenomen, hoewel de bevisbaarheid in de zomermaanden door welige oever- en onderwaterbegroeiing niet optimaal is. Knelpunten voor met name de rheofiele vissoorten zijn op dit moment nog de afwezigheid van stroming in de zomerperiode en het gebrek aan onderwaterstructuur. Voor alle vissoorten zou het beter zijn als er meer rustig zijwater aanwezig is, wat in de wintermaanden en bij hoge waterafvoeren kan zorgen voor schuilgebied. Om rheofiele vissoorten terug te krijgen in het beeksysteem zouden er visuitzettingen moeten plaatsvinden. Hiervoor zouden vissoorten als de Winde, Serpeling een prima soort zijn, maar ook Barbeel en Kopvoorn zouden geschikt zijn voor de Groenlose Slinge.
6 Een ander advies is om meer schuilmogelijkheden voor vis te creëren, met name in de aangelegde meanders. Dit zou gedaan kunnen worden door er grove takken/boomstronken te water te laten en ook grind en grote stenen zouden de visstand goed doen.
7 Inhoudsopgave 1 Inleiding Aanleiding Doel Vraagstelling Werkwijze Leeswijzer Materiaal en Methode Methode Materiaal Beschrijving plangebied Historische situatie per beek Ingrepen Huidige situatie per beek Vergelijking historische inrichting met actuele inrichting Vergelijken historische visstand met actuele visstand Visuitzettingen Gevangen vissoorten per beek Beoordeling herstelmaatregelen aan de hand van de visstand Bespreking Knelpunten Maatregelen Herinrichting Visuitzet Bijlagen... 34
8 Inventarisatie Beekherstel- Stroomgebied Groenlose Slinge 1 Inleiding 1.1 Aanleiding De afgelopen 20 jaar zijn er, met name door de overheid, veel plannen voor ecologisch herstel ontwikkeld die (in)directe gevolgen hebben op de visstand, het viswater en het sportvisserijgebruik in het stroomgebied van de Groenlose Slinge. Er zijn verschillende herinrichtings- en beheersmaatregelen uitgevoerd die in deze plannen beschreven stonden. Zo is in sommige beken het profiel aangepast, de bodem verhoogd, en zijn er op sommige plaatsen retentiebekkens en vispassages aangelegd. (Leijzer & Aarts, 2002) Het voornemen daarbij was dat het beheer tot een minimum beperkt te dient te worden, zodat de natuurlijke processen zo veel mogelijk kunnen plaats vinden. Deze herstel maatregelen moeten zorgen voor een meer specifieke visstand voor dit gebied, een beter viswater en betere sportvisserijmogelijkheden. De herstelmaatregelen zijn bijna gereed. Voor Federatie was dat aanleiding om onderzoek te laten doen naar de resultaten van het herstel met name voor de visstand en sportvisserij. 1.2 Doel Het doel van dit project is vaststellen wat het effect is van de herinrichting van de beek op de visstand en de sportvisserij. Daarnaast worden nog aanwezige knelpunten voor de visstand en sportvisserij aangegeven en maatregelen ter verbetering. 1.3 Vraagstelling In welk opzicht is de visgemeenschap veranderd na de herinrichtingen en hebben de herinrichtingen een positief effect gehad op de visgemeenschap? Welke knelpunten voor een karakteristieke beek- visgemeenschap zijn er nog? Welke maatregelen kunnen worden genomen om de knelpunten op te lossen? 2012 Sportvisserij Nederland /Federatie 8
9 - Inleiding Werkwijze Inventariseren historisch milieu en visstand d.m.v. literatuuronderzoek Inventariseren welke herstelmaatregelen zijn uitgevoerd Inventariseren huidig milieu en visstand d.m.v. veldwerk en visstandonderzoeken Vergelijken huidige visstand, milieu en sportvisserij Beoordelen herinrichting aan de hand van de visstand 1.5 Leeswijzer In hoofdstuk 2 word beschreven welke materialen zijn gebruikt, hoe het onderzoek is uitgevoerd, welke gegevens er verzameld en wat er met de verzamelde gegevens is gedaan. Hoofdstuk 3 beschrijft de historische- en actuele situatie per beek. In de beschrijving worden onder andere de beplanting, bodemsubstraat, doorzicht oevers, breedte, diepte en lengte beschreven. Ook het historische- en actuele maaibeheer en alle, in de Groenlose Slinge, uitgevoerde ingrepen staan in dit hoofdstuk beschreven. In hoofdstuk 4 wordt de actuele inrichting vergeleken met de historische inrichting. Hierbij worden alle milieu- eigenschappen, zoals de breedte en diepte van de beek, het doorzicht, de oevers, de beplanting en het bodemsubstraat met elkaar vergeleken. Ook de milieuparameters worden in dit hoofdstuk vergeleken. De vergelijking van de historische en de actuele visstand wordt vergeleken in hoofdstuk 5. Hierin worden de lengtes van de vis, de aantallen per soort en de biomassa met elkaar vergeleken. De hoofdvraag in dit hoofdstuk is; is de actuele visstand meer kenmerkend voor dit type water als de historische? Hoofdstuk 6 beschrijft of de uitgevoerde maatregelen de visstand wel of niet positief hebben beïnvloed en wat de nog aanwezige knelpunten zijn. Voor de nog aanwezige knelpunten staan in hoofdstuk 7 de nog mogelijk uit te voeren maatregelen om deze knelpunten op te lossen Sportvisserij Nederland/ Federatie
10 Inventarisatie Beekherstel- Stroomgebied Groenlose Slinge 2 Materiaal en Methode 2.1 Methode Door eerder verrichte onderzoeken is het mogelijk de ontwikkelingen van de visstand te volgen. Om de huidige visstand te vergelijken met eerdere metingen van de visstand in de beken zijn de visstandonderzoeken op dezelfde wijze en locatie uitgevoerd als in de jaren 90. Zo zijn de uitkomsten van de onderzoeken het meest vergelijkbaar. Ook zijn de milieueigenschappen van de beek van toen en nu met elkaar vergeleken. Op grond van de verzamelde gegevens over herinrichtingmaatregelen, milieu en visstand is geëvalueerd in hoeverre de herstelmaatregelen de visstand positief beïnvloed hebben, en wat er nog gedaan kan worden om nog bestaande knelpunten op te lossen. Vismethode Om de visstandonderzoeken op dezelfde wijze uit te voeren, zouden de meeste trajecten van de Groenlose Slinge met de kuil én elektrisch worden bevist. Door de tegenwoordig aanwezige brede, beplantte moerasoevers aan één zijde van de beek is het vissen met de kuil niet goed mogelijk. Aan de kant van de moerasoever moet hierdoor de boot de kuil voorttrekken waardoor niet goed langs de oever kan worden gevist en veel vis gemist word. Naar aanleiding van dit knelpunt hebben we, na één mislukte kuiltrek in de Beurzerbeek, besloten elektrisch verder te vissen. Foto: Boven: vissen met de kuil, onder: elektrisch vissen, in de bredere beken met twee anodes (onder stroom staand schepnet) tegelijk Sportvisserij Nederland /Federatie 10
11 - Materiaal en Methode Materiaal Hieronder staan alle gebruikte materialen per soort beschreven. Voor de verwerking en analyse van de visstandgegevens is gebruik gemaakt van Piscaria, een databaseapplicatie die als landelijke standaard wordt gebruikt voor de opslag en analyse van visgegevens. De resultaten van de uitgevoerde visstandonderzoeken zijn in dit programma ingevoerd. De visstandgrafieken en tabellen zijn met behulp van Piscaria gemaakt. Voor het opzoeken van eerdere rapporten en verslagen is er gebruik gemaakt van Adlib, een digitaal zoeksysteem naar de bibliotheek van Sportvisserij Nederland. De bibliotheek van Sportvisserij Nederland is de grootste op het gebied van vissen en visserij en bevat veel wetenschappelijke informatie. De kaarten zijn gemaakt met ArcMap 10: een geografisch informatiesysteem (GIS) waarmee ruimtelijke gegevens of informatie over geografische objecten kan worden opgeslagen, beheerd, bewerkt, geanalyseerd, geïntegreerd en gepresenteerd. De in het rapport bijgevoegde kaarten zijn met dit programma gemaakt. De volgende gereedschappen zijn voor het veldwerk gebruikt: Het elektrovisapparaat: dit is een aggregaat die speciaal voor het vissen is ontwikkeld. Hierbij wordt een wisselstroom (die is afgetopt tot bijna gelijkstroom) gemaakt in het water, waarbij het schepnet de positieve pool is en een permanent in het water hangende kabel de negatieve pool. De vis die zich in dit elektrische veld bevindt wordt verdoofd en kan worden opgeschept. Deka: werkt op bijna dezelfde manier als het elektrovisapparaat maar het verschil is dat deze pulsen gelijkstroom afgeeft, en een ander verschil met het elektroapparaat is, is dat deze op batterijen werkt en draagbaar is. Kuil: Een kuil is een sleepnet dat door 2 personen of boten door het water wordt getrokken. Door het aanpassen van het gewicht bij de oorstokken (Verticaal balkje aan weerskanten van de opening van een kuilnet) en het veranderen van de lengte van de sleeplijnen kan er zowel op ondiep als op diep water mee worden gevist. De door ons gebruikte kuil is 8 meter breed. Secchi schijf: dit is een, vaak lichtgekleurde (witte), schijf die gebruikt wordt om het doorzicht van het water te bepalen Sportvisserij Nederland/ Federatie
12 Inventarisatie Beekherstel- Stroomgebied Groenlose Slinge 3 Beschrijving plangebied 3.1 Historische situatie per beek Bij de onderstaande gegevens is uitgegaan van de situatie in 1997, deze informatie komt uit het: Visstandbeheerplan Groenlose Slinge , (Quak, 1997) Groenlose Slinge In 1997 was de Groenlose Slinge een sterk verstuwde, genormaliseerde laaglandbeek, met een breed symmetrisch, vergraven dwarsprofiel. De beek was 28 km lang, gemiddeld 13 meter breed en gemiddeld 1,25 meter diep. Het bodemsubstraat bestond overwegend uit lemig, fijn zand. De stroomsnelheid was laag en s zomers stonden sommige stuwpanden stil. De aanwezige flora rond en in de beek bestond vooral uit draadwieren, riet en liesgras. In het algemeen was er slechts een geringe schaduwwerking door de bomen en struiken op de oever. In de beek waren 19 riooloverstorten, en had het effluent van de RWZI een grote invloed. In de beek waren cadmium, koper, fosfaat en nitraat norm overschrijdend. In de bijlage 1 staan de waterwaardengrafieken van elke beek. Foto: Groenlose Slinge, 1994 Beurzerbeek De Beurzerbeek was in 1997 een, in zijn geheel, genormaliseerde beek met een bovenloop van 2 m breed, en een benedenloop tot 10 meter breed. Hier en daar was enige beschaduwing te vinden. Het had een zanderig substraat met veel slib. De meeste waterplanten waren te vinden in de benedenloop vanaf de zandvang. Het gehalte totaal- fosfaat overschreed de grenswaarde. Ook de normen voor cadmium, koper, nikkel en zink werden overschreden. Er werd verhoogde concentratie diuron (onkruidbestrijdingsmiddel) aangetroffen. Het water werd geschoond Sportvisserij Nederland /Federatie 12
13 - Beschrijving plangebied - Meibeek In 1997 was ook de Meibeek, 8 meter breed en 1 meter diep, een geheel vergraven, verstuwde genormaliseerde laaglandbeek. Er was weinig stromingsvariatie en beschaduwing in de beek aanwezig. Het bodemsubstraat bestond uit slib/klei en zand. In de zomer waren er veel waterplanten aanwezig. Het water werd geschoond. Er zijn geen gegevens over de waterkwaliteit. Wissinkbeek De Wissinkbeek, 5 km lang, 2-5 meter breed en 0,15 1 meter diep, was in 1997 een verstuwde, genormaliseerde, langzaam stromende laaglandbeek, die het gehele jaar watervoerend was. Het substraat was fijn, van slib tot fijn zand. Hier en daar waren er oeverplanten, drijfbladplanten en ondergedoken waterplanten. Het water werd geschoond. Er zijn geen gegevens over de waterkwaliteit. Ratumse Beek/ Willinkbeek De Ratumse Beek en de Willinkbeek, samen 20 km lang en beide 2-4 meter breed, waren in 97 sterk meanderende beken met een natuurlijk karakter. Ze hadden een sterk variërende diepte, van 10 cm tot 1,5 meter in de diepe stukken in de stroomkommen. Het bodemsubstraat bestond voornamelijk uit zand, vaak op een ondergrond van keileem. Hier en daar lagen er kleine bedjes van grind of ander grof steen-substraat. Ook was er door hun karakter als houtwalbeken relatief veel beschaduwing. Takken en stenen werden lokaal aangetroffen al werden ze meestal verwijderd. Het gehalte totaal-stikstof is te hoog, evenals het sulfaat- en chloridegehalte. Cadmium, koper, nikkel en zink worden boven de grenswaarde aangetroffen. Ook diuron (onkruidbestrijdingsmiddel) ligt boven de norm. Historisch maaibeheer In het stroomgebied van de Groenlose Slinge werd ongeveer twee keer per jaar gemaaid, één keer in juni en één keer in september/oktober. Gemaaid werd er met de hand en machinaal. Het maaisel werd over het algemeen verwijderd. Door het maaien en het verwijderen van het maaisel verdwenen er schuilmogelijkheden voor de aanwezige vissen. Mede hierdoor bleef er over het algemeen kleine vis over, deze kunnen altijd nog kleine schuilmogelijkheden in de stroming vinden. De grotere vissen werden uitgespoeld. Bevisbaarheid oever van de Groenlose Slinge Uit het 1000 stekkenboek Oost-Gelderse wateren blijkt dat in 1995 van de Groenlose Slinge ruim 31 km van de oever bevisbaar was. Op veel plaatsen kon de Groenlose Slinge aan beide zijden worden bevist, namelijk ruim 11 km. Bij 6,8 km kon de beek alleen aan de linkeroever bevist worden en 0,9 km kon alleen aan de rechteroever worden bevist. (zie tabel 4.1) Sportvisserij Nederland/ Federatie
14 Inventarisatie BeekherstelStroomgebied Groenlose Slinge Kaart: in de bovenstaande kaart staan de bereikbare oevers aangegeven 3.2 Ingrepen In 1999 zijn de eerste herinrichtingen uitgevoerd in en aan de Groenlose Slinge volgens het Basis- en Inrichtingsplan Ecologische Verbindingszone Groenlose Slinge, in opdracht van het Waterschap van de Berkel. Later in is het tweede gedeelte onder handen genomen. In 2013 worden de laatste herinrichtingen uitgevoerd. Het traject van 1999 loopt van Winterswijk tot aan Groenlo en van loopt van Groenlo tot aan Borculo Sportvisserij Nederland /Federatie 14
15 - Beschrijving plangebied - Bypass Er is een bypass, met een lengte van 3 km en bedoeld als vispasseerbare verbinding, aangelegd die vanaf de zandvang bij Jonker tot aan de Beernink loopt waarmee de bypass meerdere stuwen passeerbaar maakt. De bypass loopt deels door oude, in het bos gelegen, meanders. De bypass in 3-4 meter breed en 1 meter diep met hier en daar diepe kommen van 1,5 meter. Het bodemsubstraat van de bypass bestaat uit zand en slib met hier en daar wat grind. Een 2 e kleine bypass is aangelegd bij de zandvang bij Jonker, deze maakt de stuw van de zandvang passeerbaar. Tussen de bypass, die loopt van Jonker tot aan Beernink, en de gekanaliseerde beek zijn hooilandoevers aangelegd. Een hooilandoever is een brede strook vochtig hooi-/grasland die kunnen functioneren als waterberging en als leefgebied voor vogels en kleine waterorganismen. Meanderende trajecten Er zijn meerdere meanderende trajecten aangelegd o.a. één bij Lebbenbrugge en één bij Zeggelink Hagbrug. De meander bij Zeggelink Hagbrug is een meander met diepe stroomkommen van 2+ meter. De meander bij Lebbenbrugge is een meander met steile hoge oevers, diepe stroomkommen van 2+ meter. Moerasoevers Langs het grootste deel van de Groenlose Slinge zijn moerasoevers aangelegd. Een moerasoever is een ondiepe verbreding van de beekbedding van 2 tot 4 meter breed. Bosstroken Langs een groot deel van de linkeroever van de Groenlose Slinge zijn bosstroken aangelegd. De bosstroken moeten voornamelijk voor beschaduwing in de beek zorgen en het versterken van bos-microfauna langs de beek. Poelen Langs de Groenlose Slinge zijn meerdere poelen aangelegd langs zowel de rechter- als linkeroever, die vooral dienen als leefgebied voor allerlei organismen van stilstaand water. Vistrappen In de Groenlose Slinge zijn alle stuwen, 32 stuks, vispasseerbaar gemaakt op één na: de laatste barrière voor de vissen in de Groenlose Slinge is de stuw in de monding van de Berkel bij Beekvliet, waarschijnlijk wordt deze in 2013 passeerbaar gemaakt door middel van een bypass. Bijna alle stuwen zijn door middel van een bekkenvistrap passeerbaar gemaakt, of door middel van de bypass bij Jonker Sportvisserij Nederland/ Federatie
16 Inventarisatie Beekherstel- Stroomgebied Groenlose Slinge Foto: één van de aangelegde poelen in hooi/grasland Foto: bosstrook langs de zuidoever van de Slinge Foto: het aanleggen van de meander bij Lebbenbrugge 2012 Sportvisserij Nederland /Federatie 16
17 - Beschrijving plangebied Huidige situatie per beek Bij de huidige situatie per beek is uitgegaan van de metingen en waarnemingen die zijn uitgevoerd tijdens het veldonderzoek Groenlose Slinge De Groenlose Slinge is een 28 km lange beek met een gemiddelde breedte van 13,5 meter en een gemiddelde diepte van 1,25 meter. De stroomkommen in de meanders tot 3 meter diep. De beek heeft bovenstrooms een zandvang ter hoogte van Winterwijk. Het bodemsubstraat bestaat grotendeels uit zand met hier en daar gedeeltes met slib of grind. Bij de nieuw aangelegde vistrappen bestaat het substraat uit grind en stortsteen. Door de beek stroomt vrij helder water met een gemiddelde doorzicht van één meter. Het is een gekanaliseerde beek met enkele meanderende trajecten. De oevers zijn natuurvriendelijk en door middel van op de zuidzijde aangelegde bosstroken is er ook veel beschaduwing. Op de meeste plaatsen heeft de Groenlose Slinge, over een kwart van de beekbreedte, een moerasoever waarin vis beschutting kan vinden. In de moerasoever groeit onder andere Grote Lisdodde, Liesgras, Rietgras en Riet. Verder heeft de Groenlose Slinge een goed ontwikkelde, maar soortenarme, onderwatervegetatie waarin Smalle Waterpest, Tenger Fonteinkruid en Grof Hoornblad de boventoon in voeren. De Groenlose Slinge heeft drie bypasses, een bij de zandvang bij Jonker, een vanaf de zandvang bij Jonker tot aan Beernink en een benedenstrooms bij Beekvliet. Foto: Bekkenvistrap (l) en een grindbank in de bypass bij de zandvang bij Jonker (r) Sportvisserij Nederland/ Federatie
18 Inventarisatie Beekherstel- Stroomgebied Groenlose Slinge Beurzerbeek De Beurzerbeek, 7 km lang, is benedenstrooms een vrij rechte beek met weinig obstakels en weinig beekeigenschappen, bovenstrooms is de beek meer meanderend en beschaduwd met omgevallen bomen en takken waarmee het meer op een natuurlijke beek lijkt. De gemiddelde diepte is 80 cm en de breedte verschilt van bovenstrooms tussen de 2 en 4 meter en benedenstrooms tussen de 10 en 14 meter, de zandvang heeft een breedte van 12 meter. Ook bij de Beurzerbeek bieden de 2-3 meter brede moerasoevers veel beschutting voor de vis. Meibeek De 10 km lange Meibeek is gemiddeld 7,5 meter breed en 1 meter diep. De oevers van de Meibeek zijn niet natuurvriendelijk en er zijn weinig obstakels waar de vis zich kan verschuilen voor visetende vogels en roofvissoorten. De Meibeek is een plantenrijke beek. Wissinkbeek De Wissinkbeek is een smalle, rechte beek met weinig stroming en heeft een onnatuurlijke karakter, met een gemiddelde diepte van 75 cm en breedte van 2,5-3 meter. Er zijn veel waterplanten aanwezig. Het bodemsubstraat bestaat uit fijn zand en slib. Ratumse beek/ Willinkbeek De Ratumse- en Willinkbeek, samen 20 km lang en beide 2-4 meter breed, zijn sterk meanderende beken, met diepe stroomkommen tot 1,5 meter diep, en een natuurlijk karakter. Het bodemsubstraat bestaat voornamelijk uit zand met hier en daar een grindbank. Verder heeft het steile oevers met daarop veel begroeiing van bomen. Ingevallen bomen en takken helpen mee aan het natuurlijke karakter van de beken. De beken lopen grotendeels door dichte bossen, die een zodanige schaduw geven, dat waterplanten er zelden tot niet voorkomen. Actueel maaibeheer Tegenwoordig worden de beken en de onderhoudspaden daarvan twee tot drie keer per jaar gemaaid. Wanneer mogelijk wordt er gemaaid ná 15 juni en vóór 1 november. Om te voorkomen dat waterdieren geen voedsel en/of beschutting meer kunnen vinden, blijft in een kwart van de breedte van de beek (de oever) watervegetatie staan, en ook ingevallen bomen en takken die zich in de watergang bevinden blijven erin liggen, mits de waterpeilbeheersing en het uitvoeren van werkzaamheden hierdoor niet worden belemmerd. Tijdens het veldonderzoek zijn overigens weinig ingevallen bomen en takken waargenomen Sportvisserij Nederland /Federatie 18
19 - Beschrijving plangebied - Bevisbaarheid oever van de Groenlose Slinge De Groenlose Slinge is in 2012 voor nog 27,5 km (oever) bevisbaar. Ruim 7 km beek is aan beide zijde bevisbaar, 6 km alleen links en 6 km alleen rechts. Wel is op de bevisbare stekken in de zomer kans op hoogstaande oevervegetatie en dichte waterplanten bedekking. (zie tabel 4.2) Kaart: in de bovenstaande kaart staan de bereikbare oevers aangegeven 2012 Sportvisserij Nederland/ Federatie 19
20 Inventarisatie Beekherstel- Stroomgebied Groenlose Slinge 4 Vergelijking historische inrichting met actuele inrichting Van alle onderzochte beken is de Groenlose Slinge het meest veranderd sinds de jaren 90. Zo is de beek, op de stuw bij Beekvliet na, geheel optrekbaar, zijn er, in tegenstelling tot voor de herinrichtingen, veel meer schuil- en paaiplaatsen voor vis en hebben de aangelegde bosstroken voor een meer beschaduwde beek gezorgd. Ook heeft de Groenlose Slinge nu meanderende trajecten met diepe stroomkommen, holle oevers en variërende stroomsnelheden. Qua bodemsubstraat is de Groenlose Slinge ook veranderd, zo bestond het voor de herinrichtingen nog enkel uit fijn zand en slib, nu hebben de vispassages er voor gezorgd dat ook keien daartoe behoren, wat weer een leefomgeving is voor vissen als de Riviergrondel, de Rivierdonderpad en het Bermpje. Foto: Groenlose Slinge: vispassage, meander, bosstrook en een rijke oevervegetatie. (meander bij Lebbenbrugge) De oevers van de Groenlose Slinge en de Beurzerbeek waren voor de herinrichting nog kaal, nu zijn er bijna overal moerasoevers. De moerasoevers zijn tussen de 2 en 5 meter breed en 0,1 tot 1 meter diep. In de moerasoevers staan o.a. Grote Lisdodde, Liesgras, Rietgras en Riet. Deze oevers bieden schuil- en paaiplaatsen voor Limnofiele soorten als de Bittervoorn, Zeelt, Ruisvoorn en Snoek Sportvisserij Nederland /Federatie 20
21 - Vergelijking historische inrichting met actuele inrichting - Foto: Vistrap bij Lebbenbrugge, links kort na de aanleg in en rechts in 2011 In tabel 4.1 is te zien dat de te bevissen oevers van 1995 en 2012 niet erg veel van elkaar verschillen. In 1995 was er meer kilometer van de beek aan beide zijden bevisbaar. Maar in 2012 is er meer ruimte aan de rechteroever. De gedeeltes waar aan geen van beide oevers gevist kan worden is gedaald van 7,8 km in 1995 naar 6,2 in Veel verschil tussen de bevisbaarheid van de Groenlose Slinge toen en nu is er niet. Tabel 4.1 Lengtes bevisbare oever Oever 1995, in meters 2012, in meters Beide Links Rechts Totaal Sportvisserij Nederland/ Federatie
22 Inventarisatie Beekherstel- Stroomgebied Groenlose Slinge 5 Vergelijken historische visstand met actuele visstand In 2012 zijn er totaal in de beviste wateren 17 vissoorten aangetroffen, waarbij de Riviergrondel, de Blankvoorn en de Bittervoorn het meest voorkomen. Hiervan staan er vier op de rode lijst: Vetje, Bittervoorn, Beekprik en Beekforel, en 4 in de Flora en Fauna wet als beschermde soort: Bermpje, Bittervoorn, Rivierdonderpad en Beekprik. Nieuw voorkomende soorten zijn de Bittervoorn en de Rivierdonderpad. De Bittervoorn lijkt te profiteren van de brede moerasoevers, en de Rivierdonderpad van de keien van de vistrappen. Beide soorten zijn ook juist in deze milieus aangetroffen. Ook zijn er soorten uit de beken verdwenen, zo werden tijdens het onderzoek in 1994 in de Groenlose Slinge nog 68 Palingen, 7 Windes en 1 Kroeskarper aangetroffen, die in 2012 niet meer zijn gezien. Alle beken zijn getypeerd als KRW-type R05 (langzaam stromende midden/benedenloop op zand). Van alle beken is de visstand als ontoereikend beoordeeld. Foto: enkele voorkomende vissoorten: de veelvoorkomende Bittervoorn (l), de Rivierdonderpad (r boven), en uit de Ratumse Beek de Beekprik (r onder) 2012 Sportvisserij Nederland /Federatie 22
23 - Vergelijken historische visstand met actuele visstand Visuitzettingen In het stroomgebied van de Groenlose Slinge is vanaf 1987 bijna elk jaar vis uitgezet in een van de beken. Dit werd onder andere gedaan voor herintroductie van soorten in de beken en voor de sportvisserij. Tabel 5.2 Overzicht visuitzettingen: 1987 tot 2012 Jaar Vissoort Hoeveelheid (kg) Vissoort in stuks (variabele lengte) 1987 Zeelt? Vlagzalm 150 (7cm) Beekforel (4-6cm) 1988 Voorn? Vlagzalm 550 Winde 100 Beekforel (4-8cm) 1989 Winde 100 Beekforel (4-8cm) Viseieren (aantal) 1990 Winde 100 Beekforel (4-8cm) Zalm Zeeforel (4-5cm) Zeeforel Zalm (3-4cm) 1991 Winde 100 Beekforel (4-8cm) 1992 Winde 100 Vlagzalm 500 Beekforel (4-12cm) 1993 Winde 100 Beekforel (4-18cm) 1994 Beekforel (4-8cm) 1995 Winde 100 Beekforel (4-8cm) 1996 Winde 120 Beekforel (4-8cm) 1998 Winde jaarlijks Beekforel 500 (4-6cm) Sportvisserij Nederland/ Federatie
24 Inventarisatie Beekherstel- Stroomgebied Groenlose Slinge 5.2 Gevangen vissoorten per beek Tabel 5.3 Groenlose Slinge Historisch Actueel Soort Aantal soorten Diadroom* 1 Rheofiel* 5 3 Limnofiel* Eurytoop* Grootste biomassa Blankvoorn Zeelt Snoek Grootste aantal Blankvoorn Blankvoorn Riviergrondel *Diadroom= zoet-zout migrerend Rheofiel= stroom minnend Limnofiel= vegetatie minnend Eurytoop= geen specifieke eisen. Kolblei, Winde, Kroeskarper, Beekforel en Beekprik zijn vissoorten die tijdens het visstandonderzoek in 1994 zijn aangetroffen maar tijdens het onderzoek in 2012 niet meer. Soorten die in 1994 niet zijn aangetroffen maar nu wel zijn de Bittervoorn, Vetje, Tiendoornige Stekelbaars en Rivierdonderpad. In figuur 5.1 laten de Eurytope soorten een afname zien van 77% naar 30%. Het aantal Limnofiele soorten is toegenomen van 13% naar 37% en ook het aandeel Rheofiele soorten steeg van 4% naar 31%. In bijlage 2 is te zien dat vissoorten als de Blankvoorn en Zeelt in de jaren in lengte zijn afgenomen. Zo was bij Blankvoorn de gemiddelde lengte in ,7 cm, nu is dat nog 9,2 cm. Bij Zeelt was in 1994 de gemiddelde lengte 28,3 cm nu is dat nog maar 11,7 cm. Ekr-score van de Groenlose Slinge in 2012 is 0,32 en ontoereikend. De Ekr-score voor 1994 zou 0,39 (ontoereikend) zijn geweest. Figuur 5.1 Soortensamenstelling in procenten 1994 (L) en 2012 (R) 2012 Sportvisserij Nederland /Federatie 24
25 - Vergelijken historische visstand met actuele visstand - Tabel 5.4 Beurzerbeek Historisch Actueel Soort Aantal soorten Diadroom* Rheofiel* Limnofiel* Eurytoop* Grootste biomassa Blankvoorn Brasem Zeelt Brasem Grootste aantal - Blankvoorn Bermpje Zeelt Tijdens het huidige visstandonderzoek zijn de in 1996 voorkomende Beekforel, Winde en Baars niet meer aangetroffen. Daarentegen zijn het Vetje en de Bittervoorn in tegenstelling tot 1996 nu wel aangetroffen. In figuur 5.2 is te zien dat het aandeel Limnofiele soorten in de visstand gestegen is van 3% naar 39%, dit komt vooral door de enorme stijging van het aandeel Zeelt. De Ekr-score van de Beurzerbeek in 2012 is 0,31 en ontoereikend. Figuur 5.2 Soortensamenstelling in procenten 1996 (L) en 2012 (R) Sportvisserij Nederland/ Federatie
26 Inventarisatie Beekherstel- Stroomgebied Groenlose Slinge Tabel 5.5 Willinkbeek Historisch Actueel Soort Aantal soorten 5 4 Diadroom* 1 1 Rheofiel* 3 2 Limnofiel* 1 1 Eurytoop* Grootste biomassa Beekforel Riviergrondel Grootste aantal Bermpje Driedoornige Stekelbaars In figuur 5.3 is te zien dat de Beekforel uit de Willinkbeek lijkt te zijn verdwenen, maar tijdens het visstandonderzoek van het Waterschap Rijn en IJssel (het rapport Waterplanten- vissenonderzoek in waterlichamen van Waterschap Rijn en IJssel in 2011 ) zijn er nog vier Beekforellen aangetroffen. Wel is in het diagram te zien dat het aandeel van de Driedoornige Stekelbaars (Diadroom) in de visstand is toegenomen van 1% in 2001 naar 51% in De Ekr-score van de Willinkbeek in 2011 is 0,23 en ontoereikend. Figuur 5.3 Soortensamenstelling in procenten 2001 (L) en 2011 (R) 2012 Sportvisserij Nederland /Federatie 26
27 - Vergelijken historische visstand met actuele visstand - Tabel 5.6 Ratumse beek Historisch Actueel Soort Aantal soorten Diadroom* Rheofiel* Limnofiel* Eurytoop* Grootste biomassa Bermpje Beekforel Snoek en Beekforel Grootste aantal Bermpje Bermpje Driedoornige Stekelbaars In de Ratumse beek is de visstand qua aantallen flink gegroeid, de soorten die het water rijker is geworden zijn de Bittervoorn, Beekprik, Snoek en de Zeelt. Ook de Beekforel komt in de Ratumse beek nog steeds voor. In figuur 5.4 is te zien dat de Diadrome soort, de Driedoornige Stekelbaars, van 4% naar 70% is gestegen. Daarentegen is het aandeel Rheofiele soorten in de visstand gedaald van 93% naar 25%. De Ekr-score van de Ratumse beek in 2011 is 0,30 en ontoereikend. Figuur 5.4 Soortensamenstelling in procenten 1996 (L) en 2011 (R) Sportvisserij Nederland/ Federatie
28 Inventarisatie Beekherstel- Stroomgebied Groenlose Slinge Tabel 5.7 Meibeek Historisch Actueel Soort Aantal soorten Diadroom* Rheofiel* 2 Limnofiel* Eurytoop* Grootste biomassa Blankvoorn Brasem Snoek Grootste aantal Blankvoorn Blankvoorn Bittervoorn De Meibeek toont een stijgende lijn in het aantal vissoorten en ook zijn er in 2012 twee Rheofiele soorten gevangen die de jaren ervoor niet voorkwamen namelijk de Riviergrondel en het Bermpje. Het aandeel Blankvoorn is in de beek sterk afgenomen waardoor het aandeel Eurytope soorten in de visstand is gedaald van 82% naar 18%. De Limnofiele soorten laten een toename zien van 11% naar 74%. De Ekr-score van de Meibeek in 2012 is 0,30 en ontoereikend. Figuur 5.5 Soortensamenstelling in procenten 1996 (L) en 2012 (R) 2012 Sportvisserij Nederland /Federatie 28
29 - Vergelijken historische visstand met actuele visstand - Tabel 5.8 Wissinkbeek Historisch Actueel Soort Aantal soorten Diadroom* Rheofiel* Limnofiel* Eurytoop* Grootste biomassa Baars - Baars Snoek Grootste aantal - Tiendoornige Snoek Vetje Stekelbaars Tijdens de bevissing van de Wissinkbeek in 2012 zijn de in 2001 gevangen blankvoorns niet meer terug gevangen, maar de Ruisvoorn en de Tiendoornige Stekelbaars kwamen nu wel voor. In figuur 5.6 is te zien dat de visstand in de Wissinkbeek nog steeds voornamelijk bestaat uit Limnofiele soorten, van 76% toen naar 96% nu. De Ekr-score van de Wissinkbeek in 2012 is 0,30 en ontoereikend. Figuur 5.6 Soortensamenstelling in procenten 2001 (L) en 2012 (R) Sportvisserij Nederland/ Federatie
30 Inventarisatie Beekherstel- Stroomgebied Groenlose Slinge 6 Beoordeling herstelmaatregelen aan de hand van de visstand 6.1 Bespreking In de afgelopen jaren (vanaf 1999) is de Groenlose Slinge op meerdere trajecten heringericht en is de beek op één stuw na geheel optrekbaar voor vis. In deze jaren is, aan de hand van het voorgaande hoofdstuk, te zien dat de visstand in deze beek ook is veranderd. Zo zijn er vissoorten verdwenen, vissoorten bijgekomen en vissoorten in aantal sterk toe- of afgenomen. Aangezien het om een beek gaat en de herinrichting de oorsprong hiervan meer naar voren heeft gehaald, zou dit in de visstand te zien moeten zijn. Enerzijds klopt dit doordat het aandeel rheofiele soorten in de visstand sterk is toegenomen van 4% naar 31%, anderzijds is het aantal rheofiele soorten van 5 naar 3 afgenomen. De afname in soorten heeft hoogstwaarschijnlijk te maken met het niet meer uitzetten van rheofiele soorten als de Winde en de Beekforel. Het aantal limnofiele soorten is gestegen van 5 soorten naar 7. Dit is een duidelijke en te verwachtte stijging door de aanleg van de moerasoevers waar vegetatie-minnende soorten als de Bittervoorn een gewenste leefomgeving hebben. De vispassages die als hoofddoel hebben om de beek optrekbaar te maken voor migrerende vissoorten, hebben er ook voor gezorgd dat de Riviergrondel en het Bermpje, die tussen de stenen in de vistrap leven, in veel grotere aantallen in de beek voorkomen. Maar ook de in 2012 voor het eerst aangetroffen Rivierdonderpad heeft aan de bekkenvistrappen een leefomgeving. De langs de beek aangelegde bosstroken zouden als effect kunnen hebben dat de water-temperatuur in de beek daalt door middel van schaduwwerking, echter heeft dit tot dusverre geen duidelijk zichtbaar effect gehad, dit is af te leiden uit figuur 7.1 (zie bijlage) waarin de lineaire trendlijn te weinig daling laat zien om te kunnen concluderen dat de bosstroken daadwerkelijk hebben bijgedragen aan een daling van de watertemperatuur. Tijdens het visstandonderzoek in 2012 is er weinig grote vis aangetroffen zoals 30+ Zeelt of grote Brasem. Dit kan twee oorzaken hebben, ten eerste dat het visstandonderzoek in de Groenlose Slinge enkel is uitgevoerd met elektrovisapparatuur waardoor grote vis gemist is. Ten tweede kan het te maken hebben met een piekafvoer van 13,895 m3/s, dit was op het geval. Er viel in een paar uur tijd meer dan 50 mm neerslag, op diverse plaatsen werd 125 of meer mm afgetapt. (bron: KNMI) De grote vis kan door deze piekafvoer zijn uitgespoeld. Dit laatste lijkt het meest waarschijnlijk, mede doordat ons tijdens een bijeenskomst van lokale bemonsteraars ter ore is gekomen dat benedenstrooms ter hoogte van de monding met de Berkel, waar geen visstandonderzoek is uitgevoerd, wel degelijk grote Brasem en Zeelt voorkomt Sportvisserij Nederland /Federatie 30
31 - Maatregelen Knelpunten Naast de bovengenoemde verbeteringen zijn er ook nog knelpunten, zo zijn er langs de beek geen nevengeulen waar vissoorten als Snoek, Karper, Blankvoorn, Ruisvoorn en Zeelt veel baat bij hebben. Deze soorten kunnen in deze zijwateren schuilen voor sterke stroming en paaien. Ook zullen in de zijwateren microorganismen voorkomen die als voedsel kunnen dienen voor vis. De stuw in de monding met de Berkel bij Beekvliet zorgt nog voor een knelpunt voor de migrendende vissoorten. De geringe afvoer in de zomermaanden blijft een knelpunt voor rheofiele vissoorten. Een knelpunt voor met name de rheofiele vissoorten zijn op dit moment nog de afwezigheid van stroming in de zomerperiode. 7 Maatregelen 7.1 Herinrichting Afgezien van de watervegetatie is de Groenlose Slinge een nog relatief kale beek. Om meer schuilmogelijkheden voor vis te creëren zouden er, met name in de aangelegde meanders, nog schuilmogelijkheden gecreëerd kunnen worden. Dit zou gedaan kunnen worden door er grove takken/boomstronken te water te laten en ook grind en grote stenen zouden de vis goed doen. 7.2 Visuitzet Qua visuitzet zijn er vier vissoorten die in dit beeksysteem goed scoren dat zijn de Rheofiele soorten als de Winde, Serpeling, Barbeel en mogelijk ook de Kopvoorn. De Winde en de Serpeling maken het meest kans om zich in dit beeksysteem te vestigen. Voor een vissen als de Kopvoorn en Barbeel zijn de lage stroomsnelheden in de zomer een knelpunt. Maar ook de Winde heeft een knelpunt en dat is de aanwezigheid van de Aalscholver. De Winde is namelijk een vis die zich in de bovenste waterlaag ophoud, waardoor deze gemakkelijk ten prooi kan vallen aan de Aalscholver. In tabel 7.9 zijn de milieueisen van de vissen naast de milieueigenschappen van de Groenlose Slinge. De in de tabel groen gekleurde vakken zijn overeenkomend met de Groenlose Slinge, de oranje gekeurde vakken zijn mogelijke knelpunten Sportvisserij Nederland/ Federatie
32 Inventarisatie Beekherstel- Stroomgebied Groenlose Slinge Tabel 7.9 Uitzet-geschiktheidstabel vissoorten Groenlose Slinge Barbeel Serpeling Winde Kopvoorn Diepte 1-2,5 meter < 2 meter 0,5-5 0,2-5 m 0,5-5 m Substraat zand grind stenen slib zand grind stenen slib zand grind slib zand grind stenen slib zand grind stenen Stroming langzaam cm/s cm/s 0-50 cm/s cm/s Zuurstof >5 mg/l >6 mg/l >7 mg/l > 5 mg/l > 6 mg/l Hardheid ph 7,5-8 ph 7,4-8 ph 7-8 ph 5-9 ph 7-8,5 Temperatuur 2,0-25 C < 22 C < 28 C < 36 C < 25 C Beschutting overhangende Holle oevers, stroomkommen, holle oevers, Oevers takken, holle oevers, stenen, takken, vegetatie stroomkommen, diepe kommen diepe kommen takken Vegetatie ja ja, als beschutting ja, als beschutting ja, als beschutting ja, als beschutting en voedsel (macrofyten) Foto: Winde (linksboven), Serpeling (rechtsboven), Kopvoorn (linksonder), Barbeel (rechtsonder) 2012 Sportvisserij Nederland /Federatie 32
33 - Foto: Winde (linksboven), Serpeling (rechtsboven), Kopvoorn (linksonder), Barbeel (rechtsonder) Literatuur 1000 Stekkenboek Oost- Gelderse wateren (1995) Biologische Station Zwillbrock (1995): Basis- en Inrichtingsplan Ecologische verbindingszone Groenlose Slinge. Boedeltje, G, Waterplanten- en vissenonderzoek in waterlichamen van Waterschap Rijn en IJssel in 2008 Boedeltje, G, Waterplanten- en vissenonderzoek in waterlichamen van Waterschap Rijn en IJssel in 2010 De Vos, M & Boedeltje, G, Waterplanten- vissenonderzoek in waterlichamen van Waterschap Rijn en IJssel in 2011 Dickhof, A, (1996) Vispassages in de Groenlose Slinge Eck, G., Interne rapportage Groenlose Slinge. Sportvisserij Nederland. Klein Breteler, J.G.P. & G.A.J. de Laak, Lengte-gewichtsrelaties Nederlandse vissoorten. OVB onderzoeksrapport OND00074, 13p. Organisatie ter Verbetering van de Binnenvisserij, Nieuwegein. Kwak & Stortelder, Leren van 15 jaar beekherstel in de Achterhoek; technische rapportage. Wageningen. Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer & Visserij (LNV), directie Openluchtrecreatie, Vormgeving en inrichting viswater. s Gravenhage. Quak, J. en A. van der Spiegel (eds.). Cursus Visstandbeheer en Integraal Waterbeheer. Nieuwegein, Organisatie ter Verbetering van de Binnenvisserij Quak, 1997, Verantwoordingsrapport Visstandbeheerplan Groenlose Slinge Semmekrot, S & Quak, J. (1991), Monitoring van salmoniden en een inventarisatie van de visstand in enkele Achterhoekse beken. Organisatie ter Verbetering van de Binnenvisserij, Nieuwegein. STOWA, Handboek Visstandbemonstering. Stichting Toegepast Onderzoek Waterbeheer. Rapport 2002/07. STOWA, Utrecht. Zoetemeyer, R.B., & B.J. Lucas, Basisboek visstandbeheer. Sportvisserij Nederland, Bilthoven Sportvisserij Nederland/ Federatie
34 Inventarisatie Beekherstel- Stroomgebied Groenlose Slinge Bijlagen 1. Waterwaarden Groenlose Slinge De waterwaarden zijn door het waterschap vanaf 1990 bijgehouden. In de grafieken is te zien hoe de waarden zich bewegen van 1990 tot 2011/2012. Aan de lineaire lijn, die door de grafiek is getrokken, is te zien wat de waardes gemiddeld in deze 20 jaar hebben gedaan. Van de Wissinkbeek zijn geen gegevens. Voor de andere beken zijn Fosfaat, Nitraat, de zuurgraad, temperatuur, Nitriet, zuurstof en Stikstof Kjeldahl weergegeven. Alle waarden zijn uitgedrukt in mg/l behalve de zuurgraad = ph en de temperatuur = C en de afvoer = m 3 /s. In de grafiek van afvoer ontbreken de gegevens van de jaren: 1993, 1994 en van 2000 tot Op pagina 37 staat een grafiek van het debiet van de Groenlose Slinge van 1986 tot In deze grafiek is een piek te zien van 13,895 m3/s. Dit was op Er viel in een paar uur tijd meer dan 50 mm neerslag, op diverse plaatsen werd 125 of meer mm afgetapt. (bron: KNMI) Op pagina 36 is een grafiek te zien waarin de gemiddelde watertemperatuur en de gemiddelde minimum- en maximumtemperatuur van de maanden juni, juli en augustus zijn weergegeven. Per maand is een punt te zien van 1990 tot De watertemperatuur-gegevens zijn afkomstig van het waterschap Rijn en IJssel en de luchttemperaturen van het KNMI. In de grafiek zijn trendlijnen aangebracht waaraan te zien dat de minimumen maximumtemperatuur een licht stijgende lijn weergeven en de gemiddelde watertemperatuur een licht dalende lijn weergeeft. Dit kan te maken hebben met de aangeplante bosstroken langs de beek, waardoor schaduwwerking heeft gezorgd voor verkoeling van de beek Sportvisserij Nederland /Federatie 34
35 - Bijlagen - Figuur 7.1. Gemiddelde watertemperatuur, gem. max. luchttemperatuur en gem. min. luchttemperatuur van de maanden juni, juli en augustus, Groenlose Slinge Sportvisserij Nederland/ Federatie
36 Inventarisatie Beekherstel- Stroomgebied Groenlose Slinge Figuur 7.7 Debiet Groenlose Slinge 2012 Sportvisserij Nederland /Federatie 36
37 Sportvisserij Nederland/ Federatie Nitraat GS Lineair (Totaal) Totaal ,5 1 1,5 2 2,5 3 3,5 4 Fosfaat GS Lineair (Totaal) Totaal Figuur 7.8 Waterwaarden Groenlose Slinge - Bijlagen -
38 Sportvisserij Nederland /Federatie ,1 0,2 0,3 0,4 0,5 0,6 0,7 0,8 0,9 Lineair (Totaal) Nitriet GS Totaal ,5 7 7,5 8 8,5 9 Zuurgraad GS Lineair (Totaal) Totaal Inventarisatie Beekherstel- Stroomgebied Groenlose Slinge
39 Sportvisserij Nederland/ Federatie Lineair (Totaal) Stikstof Kjeldahl GS Totaal Zuurstof GS Lineair (Totaal) Totaal - Bijlagen -
40 Inventarisatie Beekherstel- Stroomgebied Groenlose Slinge Figuur 7.9 Lengte- frequentietabellen 2012 Sportvisserij Nederland /Federatie 40
41 - Bijlagen Sportvisserij Nederland/ Federatie
42 Inventarisatie Beekherstel- Stroomgebied Groenlose Slinge 2012 Sportvisserij Nederland /Federatie 42
43
44 Sportvisserij Nederland Postbus AD Bilthoven
Inventarisatie Beekherstel
Afstudeerrapport Inventarisatie Beekherstel Stroomgebied Groenlose Slinge Statuspagina Titel Samenstelling E-mail Homepage Opdrachtgever Homepage Inventarisatie Beekherstel Stroomgebied Groenlose Slinge
Inventarisatie beschermde vissoorten Vreeland
Inventarisatie beschermde vissoorten Vreeland Rapport: VA2008_11 Opgesteld in opdracht van: Tijhuis Ingenieurs BV Maart, 2008 door: R. Caldenhoven Statuspagina Statuspagina Titel: Inventarisatie beschermde
Rode Lijst Zoetwatervissen 2010: veranderingen ten opzichte van Frank Spikmans 42 ste bijeenkomst vissennetwerk Zwolle, 5 juni 2014
Rode Lijst Zoetwatervissen 2010: veranderingen ten opzichte van 1998 Frank Spikmans 42 ste bijeenkomst vissennetwerk Zwolle, 5 juni 2014 Inhoud Historie Rode Lijst Zoetwatervissen Aanpak Rode Lijst analyses
MONITORING VAN VISMIGRATIEVOORZIENINGEN VOORJAAR 2012
MONITORING VAN VISMIGRATIEVOORZIENINGEN VOORJAAR 2012 WATERSCHAP AA EN MAAS 20 september 2012 076534150:0.7 - Definitief C01012.100177.0100 5 Waterschap Aa en Maas Hevelpassage Kaweise Loop 5.1 KAWEISE
Geschiedenis van de Drentsche Aa
Geschiedenis van de Drentsche Aa Ontwikkeling van een beeksysteem gedurende de laatste 500 jaar Marije Langstraat Ronald Leeraar Methodiek Afbakening Gebiedsbeschrijving Ontwikkeling Systeem Stroming Structuur
De visstand in vaarten en kanalen
De visstand in vaarten en kanalen Jochem Hop Bijeenkomst Vissennetwerk 6 juni 2013, Bilthoven Inhoudsopgave Inleiding Materiaal en Methode Analyse Trends Inleiding KRW-watertypen M3, M10, M6 en M7 M3 gebufferde
Onderzoek naar de visdichtheid in de Twentekanalen m.b.v. sonar
Onderzoek naar de visdichtheid in de Twentekanalen m.b.v. sonar december 2006 Versie 1 door: Kemper Jan H. Statuspagina Titel Onderzoek naar de visdichtheid in de Twentekanalen m.b.v. sonar Samenstelling:
Steeknet & Hengelvangstregistratie
Steeknet & Hengelvangstregistratie Schepnetvissers & hengelaars gezamenlijk op pad? Jan Kranenbarg & Toine Aarts Opbouw presentatie 1. Hengelaars & schepnetters bekeken 2. Wat wordt er zoal gevangen? 3.
VISPASSAGES IN HET BEHEERSGEBIED VAN WATERSCHAP REGGE EN DINKEL
VISPASSAGES IN HET BEHEERSGEBIED VAN WATERSCHAP REGGE EN DINKEL TYPEN, LOCATIES EN MONITORING VAN DE VISOPTREK VISPASSAGE OVERWATER Gertie Schmidt Waterschap Regge en Dinkel, afd. BOA oktober VISPASSAGES
Herinrichting Boven Slinge. Eerste inzichten na een jaar meten. Inleiding
Herinrichting Boven Slinge Eerste inzichten na een jaar meten Inleiding Aanleiding De Boven Slinge is een bijzondere beek, niet alleen voor de Achterhoek, maar zelfs op landelijke schaal. Er zijn in ons
RAVON Vissenweekend 2006 Gelderland - Achterhoek
RAVON Vissenweekend 2006 Gelderland - Achterhoek Een rapportage van RAVON J.E. Herder & M. de Vos September 2007 m.m.v. J. Kranenbarg & J. Janse STICHTING RAVON POSTBUS 1413 6501 BK NIJMEGEN www.ravon.nl
Vistoets Opsterlandse Compagnonsvaart
Vistoets Opsterlandse Compagnonsvaart Rapport: VA2012_36 Opgesteld in opdracht van: Tijhuis Ingenieurs BV 22 november 2012 door: Q.A.A. de Bruijn Statuspagina Statuspagina Titel: Vistoets Opsterlandse
Visstandbemonsteringen in het beheergebied van Waterschap Regge en Dinkel
Visstandbemonsteringen in het beheergebied van Waterschap Regge en Dinkel veldwerkverslag 2008 Rapport 2009-023 J.H. Wanink Visstandbemonsteringen in het beheergebied van Waterschap Regge en Dinkel veldwerkverslag
Vismigratie onder het kanaal
Vismigratie onder het kanaal Is de langste en diepste onderleider van Nederland vispasseerbaar? Door Hendry Vis VisAdvies B.V. Monitoring vispassages in Nederland Compilatie monitoringsresultaten door
TREKVISSEN IN HET MEER EN DE POLDERS VAN UBBERGEN EN BEEK. onderzoek aan vier vispassages
TREKVISSEN IN HET MEER EN DE POLDERS VAN UBBERGEN EN BEEK onderzoek aan vier vispassages De waterhuishouding aan de voet van de stuwwal vanaf Ubbergen tot en met Beek is de laatste jaren aanzienlijk verbeterd.
Hydraulische evaluatie vispassages "Meele" en "Wijhe"
Hydraulische evaluatie vispassages "Meele" en "Wijhe" Project: VA2012_08 Opgesteld in opdracht van: Ploegam noord BV maart 2012 door: Q. de Bruijn & H. Vis Statuspagina Statuspagina Titel: Hydraulische
Visonderzoek Mangelbeek: 12 en 19 september
Visonderzoek Mangelbeek: 12 en 19 september Locatie 1 1.A 1.B 2 3 4 5 6 7 Het heeft lang geduurd. Maar zaterdag 12 september was het zover. De eerste bemonstering van de LIKONA-Vissenwerkgroep was een
Wijk Veeenendaal-oost
Rapport Kort Advies Inrichting en Visstandbeheer Wijk Veeenendaal-oost te Veenendaal Statuspagina Titel Rapport Kort Advies Inrichting en Visstandbeheer Wijk Veenendaal-oost te Veenendaal Samenstelling
Het visperspectief. Een blije blik? Veel vragen, weinig antwoorden! Peter Heuts Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden
Het visperspectief Een blije blik? Veel vragen, weinig antwoorden! Peter Heuts Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden Intro Foto: Wikipedia Deel 1: De leefgebieden, de knelpunten en de oplossingen Deel
Visseninventarisatie terrein Simon Loos
Visseninventarisatie terrein Simon Loos resultaten visseninventarisatie Definitief Grontmij Nederland B.V. Alkmaar, 26 oktober 2011 Verantwoording Titel : Visseninventarisatie terrein Simon Loos Subtitel
Rapport Visserijkundig Onderzoek. Gemeentewateren te Scherpenzeel
Rapport Visserijkundig Onderzoek Gemeentewateren te Scherpenzeel Rapport Visserijkundig Onderzoek Gemeentewateren te Scherpenzeel Op 10 en 11 december 2013 uitgevoerd in opdracht van Hengelsportvereniging
Onderwerp: Voorlopige resultaten doortrekmetingen vislift H&Z polder Datum: 24-6-2013 Kenmerk: 20121066/not02 Status: Definitief Opsteller: J.
Aan: P.C. Jol Onderwerp: Voorlopige resultaten doortrekmetingen vislift H&Z polder Datum: 24-6-2013 Kenmerk: 20121066/not02 Status: Definitief Opsteller: J. Hop Inleiding Omstreeks begin mei 2013 is de
NVO's en vis. Wat is het effect van NVO s op de visstand? 32 tigste bijeenkomst Vissennetwerk: KRW, Vis & Maatregelen
NVO's en vis Wat is het effect van NVO s op de visstand? 32 tigste bijeenkomst Vissennetwerk: KRW, Vis & Maatregelen Amersfoort, 24 november 2011 Carlo Rutjes & Michelle de la Haye Scoren met natuurvriendelijke
Visplan Rijn en IJssel
VBC Rijn en IJssel Visplan Rijn en IJssel Deel 2, gebiedsgerichte uitwerking in factsheets Definitief- 2 mei 2013 Statuspagina Titel Samenstelling E-mail Homepage Projectbegeleiding en tussentijdse beoordeling
Herinrichting Hagmolenbeek Meer berging, meer stroming, meer fauna
Herinrichting Hagmolenbeek Meer berging, meer stroming, meer fauna Rob van Dongen, Waterschap Vechtstromen Met dank aan Pieter Jelle Damsté & Friso Koop Inhoud presentatie 1. Opgave Hagmolenbeek 2. Korte
Visbestandopnames in het Netebekken 2011-Bemonsteringsverslag
Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek-Duboislaan 14 B-1560 Groenendaal-www.inbo.be Visbestandopnames in het Netebekken 2011-Bemonsteringsverslag Rode Loop Gerlinde Van Thuyne en Yves Maes INBO.IR.2012.24
Building with Nature: maatregelen In vogelvlucht
Building with Nature: Ecologische effecten van kleinschalige Building with Nature maatregelen In vogelvlucht Bart Brugmans 20 september 2016 Opgenomen in nieuwe Waterbeheerplan Effectievere inzet middelen
Bijlage 3: Notitie Aanvullend onderzoek vissen wijzigingsplannen N359, knooppunten Winsum, Húns-Leons en Hilaard
Bijlage 3: Notitie Aanvullend onderzoek vissen wijzigingsplannen N359, knooppunten Winsum, Húns-Leons en Hilaard Notitie aanvullend onderzoek vissen - aanpassingen kruisingen N359 De provincie Fryslân
Migratie door een temporele nevengeul en habitatgebruik door vissen in de Itterbeek. Arthur de Bruin
Migratie door een temporele nevengeul en habitatgebruik door vissen in de Itterbeek Arthur de Bruin Deelonderzoeken 1. Migratie temporele nevengeul 2. Habitatgebruik vissen Itterbeek Itterbeek Schouwsmolen
Werkprotocol visbemonsteringen FF-wet
Visserij Service Nederland sterk in viswerk Werkprotocol visbemonsteringen FF-wet Bemonstering, vaststellen ecologisch effect, aanvragen ontheffing Opgesteld: Januari 2012 Update februari 2014 Visserij
Migratiemogelijkheden voor trekvissen
Indicator 15 juli 2011 U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens kunt u via deze link [1] bekijken. Trekvissen kunnen slechts weinig
Natuurkwaliteit van macrofauna in oppervlaktewater,
Natuurkwaliteit van macrofauna in oppervlaktewater, 1991 2010 Indicator 27 november 2012 U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens
Basisboek visstandbeheer
Basisboek visstandbeheer Hoofdstuk 1 Visstandbeheer: samen werken aan een betere visstand...5 Hoofdstuk 2 Zoetwatervissen en hun omgeving...5 Hoofdstuk 3 Viswatertypering deel 1: ondiepe wateren...5 Hoofdstuk
Rapport vissterfte op de Boezingegracht augustus 2013
Rapport vissterfte op de Boezingegracht augustus 2013 Kristof Vlietinck Beleidsthemabeheerder Visserij Agentschap voor Natuur en Bos Centrale Diensten Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 8 te 1000
Resultaten monitoring Koopmanspolder
Resultaten monitoring Koopmanspolder Remco van Ek (thans Witteveen+Bos) Met: Leon Kelder (SBB), Marco Bats, Patrick Bakker (HHNK), Vrijwilligers KNNV, Studenten AERES, Landschap Noord-Holland, Fishflow
De Dender ontspringt in... en mondt uit in de... in de stad... Deze stad dankt zijn naam hieraan.
De Dender ontspringt in... en mondt uit in de... in de stad... Deze stad dankt zijn naam hieraan. Dit werkblad en volgend werkblad worden in de klas gemaakt, voor dat ze op stap gaan en de Dender van dichtbij
Gebiedsbeschrijving Oude Diep
Gebiedsbeschrijving Oude Diep I. HET STROOMGEBIED Het waterlichaam Oude is een langzaam stromende meanderende beek. De oorsprong van deze beek ligt in het natuurgebied Mantinger Bos en Weiden. Het Oude
Rapport Visserijkundig Onderzoek. Gemeentewateren te Woudenberg
Rapport Visserijkundig Onderzoek Gemeentewateren te Woudenberg Rapport Visserijkundig Onderzoek Gemeentewateren te Woudenberg Op en 2 december 203 uitgevoerd in opdracht van Hengelsportvereniging Ons
Flora- en faunabemonstering Capreton en Linge
Flora- en faunabemonstering Capreton en Linge Rapport: VA 2010_06 Opgesteld in opdracht van: Tijhuis Ingenieurs BV Juni, 2010 door: I.L.Y. Spierts Statuspagina Statuspagina Titel: Flora- en faunabemonstering
Rapport Visserijkundig Onderzoek. De Meuwel vijver te Nistelrode
Rapport Visserijkundig Onderzoek De Meuwel vijver te Nistelrode Statuspagina Titel Samenstelling E-mail Homepage Opdrachtgever Homepage Visserijkundig Onderzoek De Meuwel vijver te Nistelrode Sportvisserij
Resultaten veldwerk t.b.v. de ontwikkeling van kansenkaarten voor beschermde vissoorten in Flevoland
Resultaten veldwerk t.b.v. de ontwikkeling van kansenkaarten voor beschermde vissoorten in Flevoland REPTIELEN AMFIBIEËN VISSEN ONDERZOEK NEDERLAND Resultaten veldwerk t.b.v. de ontwikkeling van kansenkaarten
Flora en fauna inventarisatie langs de N247 t.b.v. de aanleg van een fietspad
Flora en fauna inventarisatie langs de N247 t.b.v. de aanleg van een fietspad Naleving van de Flora- en Faunawet fietspad Definitief Grontmij AquaSense Amsterdam, 20 april 2009 Verantwoording Titel : Flora
Visserij Service Nederland sterk in viswerk Visinventarisatie 2014
Visserij Service Nederland sterk in viswerk Visinventarisatie 2014 KRW-visbemonstering Tochten lage afdeling NOP en Vaarten NOP Rapport VSN 2014.05 In opdracht van Waterschap Zuiderzeeland 4 december 2014
Peizerdiep, Eelderdiep en Gouw te Groningen
Rapport Visserijkundig Onderzoek Peizerdiep, Eelderdiep en Gouw te Groningen Hengelsportfederatie Groningen Drenthe Rapport Visserijkundig Onderzoek Peizerdiep, Eelderdiep en Gouw te Groningen Op 15,
4.5 Riviervis. Erwin Winter en Joep de Leeuw, RIVO
4.5 Erwin Winter en Joep de Leeuw, RIVO ([email protected]) De toestand van veel riviervissen is verbeterd sinds het dieptepunt in de jaren zeventig, maar de visstand is nog ver verwijderd van de situatie
Advies betreffende de werking van de vistrap 'Dalemse molen' op de Velpe te Tienen
Advies betreffende de werking van de vistrap 'Dalemse molen' op de Velpe te Tienen Nummer: INBO.A.2011.119 Datum advisering: 16 november 2011 Auteur: Contact: David Buysse Marijke Thoonen ([email protected])
Aanvullend visonderzoek inrichting BBL-percelen Winterswijk Oost. rapportnummer 1324
Aanvullend visonderzoek inrichting BBL-percelen Winterswijk Oost rapportnummer 1324 Opdrachtgever Dienst Landelijk Gebied Postbus 9079, 6800 ED Contactpersoon: Dhr. T. Paternotte Opdrachtnemer Stichting
VISSTANDSONDERZOEK OP DE LEIEMEANDER TE WEVELGEM, 2003. West-Vlaanderen Burg 2B B-8000 Brugge. Duboislaan 14 B-1560 Hoeilaart-Groenendaal
VISSTANDSONDERZOEK OP DE LEIEMEANDER TE WEVELGEM, 2003 Sven Vrielynck (1) en Gerlinde Van Thuyne (2) (1) Provinciale Visserijcommissie West-Vlaanderen Burg 2B B-8000 Brugge (2) Instituut voor Bosbouw en
Beekherstel Dommel door Eindhoven tot het Wilhelminakanaal
Inhoud presentatie Beekherstel Dommel door Eindhoven tot het Wilhelminakanaal 1. Aanleiding 2. Het gebied 3. Doel van het project 4. Ontwerpproces en uitdagingen 5. Voorbeelden Frank Gerritsen, projectmanager
Waterplanten- en vissenonderzoek in waterlichamen van Waterschap Rijn en IJssel in 2008
Waterplanten- en vissenonderzoek in waterlichamen van Waterschap Rijn en IJssel in 2008 Bemonstering en toetsing volgens de Kaderrichtlijn Water In opdracht van: Waterschap Rijn en IJssel Begeleiding en
Rapport Visserijkundig Onderzoek. Oude IJssel te Terborg
Rapport Visserijkundig Onderzoek Oude IJssel te Terborg Rapport Visserijkundig Onderzoek Oude IJssel te Terborg Op 9 oktober 2008 uitgevoerd in opdracht van de HF Midden Door: G.A.J. de Laak Statuspagina
Natuurkwaliteit van macrofauna in oppervlaktewater,
Natuurkwaliteit van macrofauna in oppervlaktewater, 1991 2008 Indicator 15 juli 2010 U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens kunt
Rapportage project: Vaststellen van de nulsituatie in de gemeente Noordenveld bij de vijverpartij de vijfde verloting.
Page 1 of 35 Rapportage project: Vaststellen van de nulsituatie in de gemeente Noordenveld bij de vijverpartij de vijfde verloting Uitgevoerd door: Laboratorium Specialist in vijverwaterkwaliteit Page
Visrechten Water Verhuurder Huurder Visrecht Ringvaart HHS van Schieland WJ den Boer volledig Ringvaart Hennipsloot
NL39_03 Ringvaart Visrechten Water Verhuurder Huurder Visrecht Ringvaart HHS van Schieland WJ den Boer volledig Ringvaart Hennipsloot SportvisserijZuidwest Nederland machtigi ng Waterbeheerder: Hoogheemraadschap
Vissen met een potje water edna metabarcoding
Vissen met een potje water edna metabarcoding Jelger Herder, Mark Scheepens en Marco Beers Den Bosch, 3 November 2016 Environmental DNA (edna) Hoe werkt het? Alle soorten in het water laten DNA sporen
Ecologische doelstelling
Nevengeulen langs de grote rivieren Leren van de praktijk Margriet Schoor Oost Nederland Platform beek- en rivierherstel Vreugderijkerwaard, oktober 2009 14 december 2011 Waarom nevengeulen? Hoofdgeul
edna vismonitoring van grote modderkruiper naar soortsamenstelling (KRW)
edna vismonitoring van grote modderkruiper naar soortsamenstelling (KRW) Jelger Herder Utrecht, 9 april 2015 Sommige soorten zijn lastig te monitoren Grote modderkruiper (Misgurnus fossilis) Vrijwilligers
Heusden Gracht 1 te Heusden
Heusden Gracht 1 te Heusden Algemene beschrijving Coördinaten: Grootte: Max. diepte: Gem. breedte: Watertype: Opgenomen in: Naam HSV/HSF: Plaats HSV/HSF: 51.732361897629254, 5.132336711883583 14 ha 5,5
Migratiemogelijkheden voor trekvissen, 2018
Indicator 19 april 2018 U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens kunt u via deze link [1] bekijken. Trekvissen kunnen vanuit zee of
Bufferbekken te Oostelijke Schelderijnweg 5, Rilland (Bij Kreekraksluizen)
Bufferbekken te Oostelijke Schelderijnweg 5, Rilland (Bij Kreekraksluizen) Algemene beschrijving Coördinaten: Grootte: Max. diepte: Gem. breedte: Watertype: Opgenomen in: Naam HSV/HSF: Plaats HSV/HSF:
WATERKWALITEIT VAN DE DEMER
WATERKWALITEIT VAN DE DEMER WATERKWALITEIT VAN DE DEMER Waterkwaliteitsparameters worden beoordeeld per waterlichaam Fysisch-chemische kwaliteit Gevaarlijke stoffen Hydromorfologische kwaliteit Biologische
Rapport. De Europese meerval (Silurus glanis) in de Oude IJssel
Rapport De Europese meerval (Silurus glanis) in de Oude IJssel Statuspagina Titel Samenstelling E-mail Homepage Opdrachtgever Homepage De Oude IJssel: de Europese meerval (silirus glanis) Sportvisserij
Biomassaschatting van de pelagische visstand in een haven van de Antwerpse Linkerscheldeoever
Biomassaschatting van de pelagische visstand in een haven van de Antwerpse Linkerscheldeoever Mei 2007 Versie 1 door: Kemper, Jan H. Statuspagina Statuspagina Titel Biomassaschatting van de pelagische
Vismonitoring Aqualan Grou 2012 A&W-rapport 1828
Vismonitoring Aqualan Grou 2012 A&W-rapport 1828 in opdracht van Vismonitoring Aqualan Grou 2012 A&W-rapport 1828 M. Koopmans Foto Voorplaat Overzicht paaivijver, M. Koopmans M. Koopmans 2012 Vismonitoring
Inventarisatie vissen in de Harderhoek en de Stille Kern, Flevoland
Inventarisatie vissen in de Harderhoek en de Stille Kern, Flevoland Een rapportage van RAVON in opdracht Waterschap Zuiderzeeland (mede namens Natuurmonumenten en de provincie Flevoland) J. Kranenbarg
NATUURATLAS ZAANSTAD VISSEN
NATUURATLAS ZAANSTAD VISSEN Opdrachtgever Stichting Natuur & Milieu Educatie Zaanstreek Postbus 223 1500 EE Zaandam Telefoon: 075-6312020 Fax: 075-6312468 E-mail: [email protected] Samenstelling Natuuratlas
Visplan R&IJ. Stand van zaken. Door Frank Bosman Hengelsport Federatie Midden Nederland
Visplan R&IJ Stand van zaken Door Frank Bosman Hengelsport Federatie Midden Nederland Inhoud Visplan Hfdst 2. Hfdst 3. Hfdst 4. Hfdst 5. Hfdst 6. Huidige situatie gebied en beleid Huidige situatie visserij,
Basiscursus Viswaterbeheer. Bert Zoetemeyer Gerwin Gerlach Sportvisserij Nederland
Basiscursus Viswaterbeheer Bert Zoetemeyer Gerwin Gerlach Sportvisserij Nederland Opdracht 1 a. Kies welk water voor jouw vereniging het belangrijkste viswater is b. Motiveer waarom dit zo is c. Meld dit
Rapport Visserijkundig Onderzoek. Kijfhoekvijver. te Zwijndrecht
Rapport Visserijkundig Onderzoek Kijfhoekvijver te Zwijndrecht Statuspagina Titel Samenstelling E-mail Homepage Opdrachtgever Homepage Visserijkundig Onderzoek Kijfhoekvijver te Zwijndrecht Sportvisserij
Visonderzoek uiterwaardwateren Rijntakken
Visonderzoek uiterwaardwateren Rijntakken 217-22 Margriet Schoor RWS Johan van Giels ATKB OBN Veldwerkdag 16 maart 218 Inhoud presentatie Aanleiding en doelstelling Veldwerk 217 - methodiek Resultaten
Rapport Kort Advies Visstandbeheer & Inrichting. De Breuly. te Oud-Zevenaar
Rapport Kort Advies Visstandbeheer & Inrichting De Breuly te Oud-Zevenaar Statuspagina Titel Kort Advies Visstandbeheer & Inrichting De Breuly te Oud- Zevenaar Samenstelling Sportvisserij Nederland Postbus
Hierdense Beek: building with nature in een Veluws beeksysteem. Peter van Beers Waterschap Vallei en Veluwe 3 maart 2016
Hierdense Beek: building with nature in een Veluws beeksysteem Peter van Beers Waterschap Vallei en Veluwe 3 maart 2016 Overzicht presentatie Overzicht presentatie: 1. Systeem & gebied 2. Wat speelt er
Soortenlijst zoete wateren en FAME-indeling voor gilden
BIJLAGE Soortenlijst zoete wateren en FAME-indeling voor gilden Nederlandse naam Wetenschappelijke naam Stromingsgilde Aal Anguilla anguilla EURY Alver Alburnus alburnus EURY Baars Perca fluviatilis EURY
Visstandbeheerplan Bergen op Zoom
Inhoud presentatie Doelen Aanpak Resultaten visstandbemonstering Streefbeelden Knelpunten en maatregelen Conclusies & Aanbevelingen 1 Doelen Waterschap Inzicht in huidige visstand Inzicht in de huidige
Wetenschappelijk onderzoek naar het visbestand en de vismigratie in de Grensmaasregio in het Vlaamse Gewest
Wetenschappelijk onderzoek naar het visbestand en de vismigratie in de Grensmaasregio in het Vlaamse Gewest Rapportnummer: 3/rap Status rapport: Definitief Datum rapport: februari Auteur: J. Hop paraaf:
Bijlage 2: Waterkwaliteit Kromme Rijn (DM hoort bij bestuursvoorstel DM )
Bijlage 2: Waterkwaliteit Kromme Rijn (DM 816563 hoort bij bestuursvoorstel DM 832322) Achtergrond informatie en aanleiding slibvang De Kromme Rijn is een laaglandrivier van 35 kilometer lang. Tussen Cothen
Rapport Visserijkundig Onderzoek. Wateren Rondweg te Houten
Rapport Visserijkundig Onderzoek Wateren Rondweg te Houten Rapport Visserijkundig Onderzoek Wateren Rondweg te Houten Op 9 maart en april 200 uitgevoerd in opdracht van de Door: P.A.D.M. Wijmans Statuspagina
Het groeiende beek concept
Het groeiende beek concept Een ontwikkelingsstrategie voor de Wilderbeek Aanleiding In juni 07 is de Wilderbeek verlegd ten behoeve van de aanleg van de A73. De Wilderbeek kent over het traject langs de
Rapport Visserijkundig Onderzoek. Wijk Schothorst. in Amersfoort, 2018
Rapport Visserijkundig Onderzoek Wijk Schothorst in Amersfoort, 2018 Statuspagina Titel Samenstelling E-mail Homepage Opdrachtgever Homepage Rapport Visserijkundig Onderzoek Wijk Schothorst in Amersfoort,
Bijlagenrapport 3 Vijzels; faunapomp
Bijlagenrapport Vijzels; faunapomp Rapport: VA9_ Bijlagenrapport bij het hoofdrapport: Gemalen of vermalen worden (fase ). Onderzoek naar de visvriendelijkheid van 6 opvoerwerktuigen. (Kemper et al.,)
Nieuwsbrief 18 van RAVON Afdeling Utrecht Maart 2015
Nieuwsbrief 18 van RAVON Afdeling Utrecht Maart 2015 Contactpersoon RAVON Utrecht Wim de Wild [email protected] tel. 030-6963771 RAVON Utrecht verstuurt onregelmatig een nieuwsbrief naar de RAVON waarnemers
Vertroebeling en (verarming van) de visstand in het Julianakanaal. Jasper Arntz 6 juni 2013
Vertroebeling en (verarming van) de visstand in het Julianakanaal Jasper Arntz 6 juni 2013 Inhoud Karakteristieken Julianakanaal Grensmaasproject Effecten van vertroebeling Abiotische monitoring Biotische
RWS Waterdienst. Monitoring van de visstand in 4 afgeschermde en 4 open kribvakken in de Lek bij Everdingen in Projectnummer:
RWS Waterdienst Monitoring van de visstand in 4 afgeschermde en 4 open kribvakken in de Lek bij Everdingen in 28 Projectnummer: 28219 Status Definitief Kenmerk 28219/rap1 Datum 19 november 28 Opgesteld
KRW visstandmonitoring Drentsche Aa 2016
KRW visstandmonitoring Drentsche Aa 2016 Rapport 2016-109 W. Patberg KRW Visstandmonitoring Drentsche Aa 2016 Rapport 2016-109 W. Patberg bezoekadres oosterweg 127 Haren postadres postbus 111 9750 AC
VijversMolenerfBuitenpost te Buitenpost
VijversMolenerfBuitenpost te Buitenpost Algemene beschrijving Coördinaten: Grootte: Max. diepte: Gem. breedte: Watertype: Opgenomen in: Naam HSV/HSF: Plaats HSV/HSF: 53.24752808988283, 6.144044494628944
Vismonitoring Hollandse IJssel 2003
Ministerie van Verkeer en Waterstaat Vismonitoring Hollandse IJssel 3 8 juni 4 Ministerie van Verkeer en Waterstaat Vismonitoring Hollandse IJssel 3 8 juni 4 3 Vismonitoring Hollandse IJssel . Inleiding
