Draaiboek suïcidepreventie op school
|
|
|
- Lieven Lenaerts
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Draaiboek suïcidepreventie op school Versie januari 2013
2
3 Inhoud Inleiding Algemeen kader 1. Draaiboek suïcidepreventie 2. Geestelijk gezondheidsbeleid op school 3. Het Vlaams actieplan suïcidepreventie 4. Waarover gaat het: terminologie Luik 1: vroegdetectie en signaalherkenning 8 Luik 2: acute dreiging, crisisinterventie 11 Luik 3: na een suïcidepoging 14 Luik 4: na een suïcide Ondersteuning bij het opstellen van een draaiboek Literatuur 26 Bijlagen 1. Contactgegevens 2. Leidraad klasgesprek 3. Rouwrituelen op school 4. Contactgegevens ns externe organisaties
4 Inleiding Voor u ligt het modeldraaiboek suïcidepreventie op school. Dit draaiboek bevat informatie en tips voor scholen die een draaiboek suïcidepreventie op maat willen opmaken. Een draaiboek suïcidepreventie bestaat uit 4 delen. Elk van deze delen kom in dit document aan bod: - Signaalherkenning en vroegdetectie - Acute dreiging en crisissituaties - Na een zelfmoordpoging - Na een zelfdoding Verder vindt u in dit document algemene achtergrondinformatie rond het draaiboek, informa- tie rond de ondersteuning die de CGG suïcidepreventiewerking ewerking biedt, contactgegevens en concrete tips. Het modeldraaiboek kwam tot stand in het kader van de locoregionale uitvoering van het Vlaams actieplan suïcidepreventie in Oost-Vlaanderen en is gebaseerd op de werking van de CGG-suïcidepreventiewerkers, het gebruik van het draaiboek tijdens de 3-daagse vormingen suïcidepreventie voor jongerenbegeleiders en de concrete begeleiding van een aantal Oost- Vlaamse scholen. Wenst u zelf een draaiboek op te stellen, aarzel dan zeker niet om ons te contacteren! 1
5 Algemeen kader 1. Draaiboek suïcidepreventie Algemeen Een draaiboek is een handleiding of stappenplan waarin stap voor stap wordt behandeld wat er op je af kan komen mocht er zich een bepaalde gebeurtenis, crisis of calamiteit voordoen. Een crisis kan verschillende vormen aannemen. Toch gaat het altijd om een onverwachte, negatieve en eenmalige gebeurtenis die onzekerheid en angst kan oproepen. Een crisisdraaiboek is geen wondermiddel, maar kan het crisismoment een stuk makkelijker maken. Elke gebeurtenis is weliswaar verschillend, maar toch zijn er een aantal gemeenschappelijkheden heden als het gaat om communicatie, informatievoorziening en organisatie op school. Een draaiboek kan hierop inspelen. Een draaiboek blijkt vooral effectief te zijn als het op voorhand los van een concrete gebeurtenis wordt opgesteld. Geplande, uitgeschreven procedures geven structuur en verminderen de kans op twijfel, onbeslistheid of conflicten. Zelfdoding of suïcidaal gedrag op school is een mogelijke crisis. In dit document worden concrete handvatten geboden voor het geval een school geconfronteerd wordt met suïcidaal gedrag. Sommige scholen beschikken al over draaiboeken voor crisissituaties. Het heeft geen zin om voor elke mogelijke situatie een apart draaiboek op te stellen. Wel is het belangrijk om deze handvatten mee op te nemen in een bestaand draaiboek. Voor scholen die nog niet over een crisisdraaiboek beschikken, kan een draaiboek suïcidepreventie een eerste aanzet in die richting vormen. Draaiboek suïcidepreventie Wekelijks wordt één Vlaamse school met de suïcide van een leerling ling geconfronteerd. Het aantal suïcidepogingen ligt nog veel hoger. Het is dan ook belangrijk dat een school vooraf nadenkt over hoe ze zal reageren als ze geconfronteerd wordt met een suïcide. Een draaiboek heeft een aantal preventieve doelstellingen: Voorkomen van paniekgevoelens: Paniek en angst zijn slechte raadgevers. Het is daarom belangrijk om op voorhand na te denken en afspraken te maken binnen het schoolteam. In een draaiboek wordt een plan opgesteld waarbij aandacht geschonken wordt aan zowel de emotionele als de praktische aspecten in geval van suïcidaal gedrag. Voorkomen van verkeerde beslissingen: Soms ontstaat de gedachte dat het maar beter is om niets 2
6 te doen, of om af te wachten wat er verder gebeurt. Bij het opstellen van een draaiboek wordt stilgestaan bij de beslissingen die genomen moeten worden, en welke beslissingen de beste zijn. Voorkomen dat een suïcidale leerling een poging doet: Een draaiboek moet richtlijnen geven hoe te reageren wanneer men geconfronteerd wordt met suïcidaal gedrag. Dit helpt vermijden dat er vanuit vooroordelen of mythen gedacht wordt, waardoor een suïcidale leerling zich nog meer geïsoleerd voelt, en mogelijk dichter komt bij een effectieve suïcidepoging of suïcide. Voorkomen dat een leerling ten gevolge van een poging blijvend lichamelijk letsel overhoudt of zelfs overlijdt: In een draaiboek staat vermeld wie op school over een geldig EHBO-diploma beschikt, voor het geval dat een leerling een suïcidepoging doet op school en EHBO-maatregelen genomen moeten worden. Voorkomen van ernstige emotionele schade bij de suïcidale leerling: Als een leerling na een suïcidepoging terugkeert naar de school, is het belangrijk dat met de leerling, de ouders en de hulpverleners overlegd wordt hoe deze terugkeer plaats zal vinden. Ook als de oorzaak voor een deel van de problemen op school te vinden is, kan de school actief bijdragen. Door over dit soort zaken afspraken te maken in een draaiboek, kan vermeden worden dat de leerling terug in een geïsoleerde positie geraakt, en opnieuw ernstige emotionele problemen krijgt. Voorkomen van emotionele crisis bij de medeleerlingen: Een suïcide(poging) kan niet doodgezwegen worden. Er wordt sowieso over gesproken, dit kan dan ook best met begeleiding. Er niet over praten, kan tot gevolg kan hebben dat medeleerlingen die het zelf moeilijk hebben, geen kans krijgen om dit te uiten waardoor ze mogelijks vaster komen te zitten in hun negatieve gedachten en gevoelens. Door erover te praten kan men ook een beter zicht krijgen op mogelijke risicoleerlingen. In een draaiboek kan de organisatie van de hulpverlening van tevoren geregeld zijn, inclusief de afspraken hierover met hulpverlenende instanties. Samenwerking met andere instanties: In een draaiboek kan verder gebouwd worden op het beleid van de school in verband met sociaal-economische aspecten. Het handelen in crisissituaties kan aansluiten op samenwerking met hulpverleners (zowel intern als extern) in minder acute situaties. Afspraken wie voor welke taken verantwoordelijk is, kunnen verdere escalatie van suïcidaal gedrag of andere emotionele problemen helpen voorkomen. Voorlichting aan ouders: Voorlichting aan de ouders over het waarom van bepaalde keuzes en over de samenhang tussen sen het draaiboek voor suïcidale crisissen en het schoolwerkplan voor leerlingenbegeleiding zal het draagvlak voor een planmatige aanpak van suïcidepreventie vergroten. Het is belangrijk dat het niet enkel om een procedure gaat, maar dat deze ook gebruikt wordt en leeft, dat personeelsleden dit draaiboek kennen en ermee kunnen werken indien nodig. Op geregelde basis moet het draaiboek geëvalueerd en indien nodig aangepast worden. 3
7 Modeldraaiboek Dit document is een model, met aanbevelingen en informatie over hoe een draaiboek op te stellen. Uiteraard is het niet voldoende dit document in de kast te hebben liggen. Wel moet voor elke school een draaiboek op maat ontwikkeld worden, en dit bij voorkeur in een samenwerking tussen school en Centrum voor Leerlingenbegeleiding (CLB). Dit kan gebeuren met behulp van dit model. Tussen scholen bestaan verschillen betreffende het type onderwijs, de religieuze of wereldlijke filosofische grondslag, de omvang van de school en het aantal leerlingen, de leeftijdsopbouw van het lerarenkorps, de sociaal-economische opbouw van de buurt waar de school ligt, etc. Deze factoren bepalen mee het klimaat van de school. Ook de structuur van de leerlingenbegeleiding kan erg verschillen. Voor elke school zal dus een gepast draaiboek op maat gemaakt moeten worden. Een draaiboek suïcidepreventie bestaat uit 4 luiken, met in elk luik afspraken in verband met de communicatielijnen en richtlijnen hoe te handelen: 1. Vroegdetectie en signaalherkenning: herkennen van signalen door leerkrachten en leerlingenbegeleiders 2. Acute dreiging, crisisinterventie: een leerkracht of iemand anders vangt signalen op van de leerling zelf of via medeleerlingen in verband met suïcidegedachten of -plannen 3. Een leerling heeft een suïcidepoging ondernomen 4. Een leerling is overleden ten gevolge van zelfdoding In het volgende deel wordt dieper ingegaan op elk van deze luiken. Het is belangrijk elk luik regelmatig te evalueren en overlegmomenten hierover te organiseren. Zo moet minstens elk schooljaar bekeken worden of er geen personeelswissels plaatsgevonden hebben die van invloed kunnen zijn op het draaiboek. Nieuwe personeelsleden moeten op de hoogte gebracht worden van het bestaan en de inhoud van het draaiboek. Ook nadat een school geconfronteerd werd met suïcidaal gedrag van een leerling is het belangrijk de werking van het draaiboek te evalueren en waar nodig aan te passen. Scholen kunnen bij de opmaak van een draaiboek suïcidepreventie een beroep doen op de ondersteuning van de suïcidepreventiewerkers van de Centra voor Geestelijke Gezondheidszorg. Zij stellen het draaiboek niet voor de school op, maar begeleiden het proces om tot een volledig en effectief draaiboek te komen. De contactgegevens van de Oost-Vlaamse suïcidepreventiewerkers zijn terug te vinden in bijlage. 2. Geestelijk gezondheidsbeleid op school In dit document wordt stilgestaan bij de opmaak en invulling van een draaiboek suïcidepreventie. Een draaiboek alleen is uiteraard onvoldoende, maar is een belangrijk onderdeel van een geestelijk gezondheidsbeleid op school. 4
8 Een geestelijk gezondheidsbeleid heeft aandacht voor drie grote luiken: geestelijke gezondheidsbevordering, preventie van psychische problemen en gedragsproblemen en zorg. Een geestelijk gezondheidsbeleid richt zich naar alle jongeren, dus niet alleen, maar ook naar risicogroepen. Om het geestelijk gezondheidsbeleid van een school in kaart te brengen wordt de gezondheidsmatrix gebruikt. Deze matrix biedt een kader om bestaande acties, initiatieven, noden en leemtes te structureren en op te sporen. De matrix werkt volledig op maat van de school en kan voortdurend meegroeien naarmate het beleid van de school meer vorm krijgt. Individuele leerling Klas School Omgeving Educatie Structurele maatregel Regelgeving Begeleiding en doorverwijzing Met de matrix kan nagegaan worden of de acties van een school(team) zich richten op verschillende niveaus. Een goed (geestelijk) gezondheidsbeleid heeft activiteiten of projecten die gericht zijn op individuele leerlingen, een klas, de hele school en haar omgeving. De acties en projecten werken best ook volgens diverse strategieën. Een geestelijk gezondheidsbeleid steunt op 5 pijlers: 1. Een gezondheidsbevorderende omgeving creëren: activiteiten organiseren die kunnen bijdragen aan de bevordering van de geestelijke gezondheid en het creëren van een positieve sfeer op school; 2. Educatie van leerlingen (sociale, communicatieve en probleemoplossingsvaardigheden), leerkrachten (deskundigheidsbevordering in verband met risicodetectie voor verminderd welbevinden) en ouders (informatiebijeenkomsten); 3. Signaalherkenning en vroegdetectie; 4. Begeleiding binnen de school en de schoolbegeleidingsdiensten; 5. Behandeling buiten de school. In een draaiboek komen de pijlers signaalherkenning en vroegdetectie, begeleiding binnen de school en de schoolbegeleidingsdiensten en behandeling buiten de school aan bod. Het is echter van groot belang dat binnen de school ook gewerkt wordt aan de andere pijlers. Vanaf januari 2013 kunnen de Centra voor Leerlingenbegeleiding een opleiding volgen die wordt gegeven door de preventiecoach geestelijk gezondheidsbeleid, die in elke provincie aangesteld werd ter ondersteuning van een geestelijk gezondheidsbeleid op school. In deze vorming worden de CLB opgeleid om samen met hun secundaire scholen een geestelijk gezondheidsbeleid uit te werken. De data van deze vormingen kunnen verkregen worden bij de preventiecoach. De contactgegevens van deze coach zijn in bijlage terug te vinden. 5
9 3. Het Vlaams actieplan suïcidepreventie Het ondersteunen van een geestelijk gezondheidsbeleid in de scholen en de opmaak van draaiboeken suïcidepreventie, maken deel uit van de strategieën van het Vlaams actieplan suïcidepreventie. Vlaanderen doet het slecht als het op het aantal zelfdodingen aankomt. In 2009 stierven Vlamingen door zelfdoding, dit komt neer op 3 per dag. Zelfdoding is de belangrijkste doodsoorzaak bij adolescenten en jonge volwassenen. Het aantal suïcidepogingen ligt nog een stuk hoger. Per inwoners deden in mensen een suïcidepoging. Ongeveer één derde hiervan is tussen 15 en 29 jaar. In 2002 vond een eerste gezondheidsconferentie in verband met de preventie van depressie en zelfdoding plaats. Hieruit kwam de 6 de gezondheidsdoelstelling naar voren: "De sterfte door zelfdoding bij mannen en vrouwen moet tegen 2010 verminderd zijn met 8% ten opzichte van 2000." In 2006 werd het Vlaams actieplan suïcidepreventie uitgeschreven, dat een pakket initiatieven omvat die de realisatie van de 6 de gezondheidsdoelstelling mogelijk moet maken. Het Vlaams actieplan suïcidepreventie bestaat uit 5 strategieën: 1. Het bevorderen van de geestelijke gezondheid met betrekking tot individu en maatschappij 2. Het bevorderen van laagdrempelige telezorg 3. Het bevorderen van de deskundigheid van professionelen en het optimaliseren van de netwerking 4. Het uitlokken van zelfdoding tegengaan 5. De aandacht voor specifieke doelgroepen Eind 2011 vond opnieuw een gezondheidsconferentie rond suïcidepreventie plaats. Tijdens deze gezondheidsconferentie werden nieuwe strategieën voorgesteld. Dit mondde uit in een nieuw actieplan. In september 2012 werd het tweede Vlaams Actieplan Suïcidepreventie voorgesteld, dat als doelstelling heeft: 20% minder zelfdodingen tegen 2020 in vergelijking met Om deze doelstelling te kunnen realiseren, werden volgende strategieën voorgesteld: 1. Geestelijke gezondheidsbevordering met betrekking tot individu en maatschappij. a. De individuele veerkracht en het vermogen voor zelfhulp versterken. b. Ondersteuningsvaardigheden bij ouders verhogen. c. Bevorderen van sociale aansluiting. d. Hulp zoeken aanmoedigen en stigma doorbreken. e. De leefomgeving meer gezondheidsbevorderend, zorgzaam en suïcideveilig maken via beleid in de lokale gemeenschap, scholen, werkplek en via de media. 2. Suïcidepreventie door laagdrempelige telefonische en online hulp. 3. Bevorderen van deskundigheid en netwerkvorming bij intermediairs. 6
10 4. Strategieën voor specifieke risicogroepen a. Suïcidepogers: screening en opvang b. Personen met suïcidale gedachten en/of concrete plannen: behandeling c. Kwetsbare groepen 5. De ontwikkeling en implementatie van aanbevelingen en hulpmiddelen voor de preventie van suïcide. Rond de preventie van zelfdoding liepen voorafgaand aan het Vlaams actieplan suïcidepreventie al heel wat initiatieven op lokaal niveau. Om deze activiteiten en het Vlaams actieplan meer op elkaar af te stemmen, werd in elke provincie een project opgestart voor de locoregionale uitvoering van het plan. In Oost-Vlaanderen bestaat dit project uit de volgende partners: De 2 Centra voor Geestelijke Gezondheidszorg (CGG) met een suïcidepreventiewerker: CGG Groot Gent Eclips vzw en CGG Zuid-Oost-Vlaanderen vzw De 3 Oost-Vlaamse Logo's: Logo Gezond+ vzw, Logo Dender vzw en Logo- Waasland vzw Het Oost-Vlaams overlegplatform geestelijke gezondheidszorg (PopovGGZ vzw) De Eenheid voor Zelfmoordonderzoek van de Universiteit Gent Deze partners hebben zich geëngageerd om samen de doelstellingen van het Vlaams actieplan suïcidepreventie te ondersteunen, rekening houdend met de lokale context in Oost- Vlaanderen. De contactgegevens van deze partners zijn in bijlage terug te vinden. Meer informatie hieromtrent vindt u ook op 7
11 4. Waarover gaat het: terminologie 1 Zelfdoding, suïcide of zelfmoord is een vrijwillige en bewuste zelfdestructieve handeling die de eigen dood tot gevolg heeft én die tot doel heeft via de dood de door de persoon gewenste veranderingen te bekomen. Poging tot zelfdoding is een vrijwillige en bewuste zelfdestructieve, niet-habituele handeling die niet eindigt in de eigen dood en die eveneens tot doel heeft de gewenste veranderingen te bewerkstelligen. Suïcidale ideatie: Hieronder verstaan we een breed scala, gaande van zelfmoordgedachten, -wensen, -neigingen en concrete plannen. Hier is met andere woorden (nog) geen sprake van suïcidaal gedrag in de fysieke betekenis van het woord. Verder in dit document wordt teruggekomen op deze definities en wordt ingegaan op het suïcidaal proces. 1 Deze definities werden overgenomen van de website van het Centrum ter Preventie van Zelfdoding ( en de suïcidepreventiewerking van de CGG ( 8
12 Luik 1: vroegdetectie en signaalherkenning Waarover gaat het? Herkennen van signalen door leerkrachten of leerlingenbegeleiders. Vroegtijdig detecteren van leerlingen die met suïcidegedachten kampen. Het is niet evident om te detecteren welke leerlingen mogelijk suïcidaal zijn: de oorzaak van zelfdoding is nooit eenduidig; er speelt steeds een combinatie van verschillende risicofactoren een rol. We kunnen echter wel alert zijn voor die signalen die aangeven dat het niet goed gaat met een jongere. Als er veel van die signalen tegelijk aanwezig zijn, is het belangrijk hierover het gesprek aan te gaan met de jongere. Het kader: het suïcidaal proces Aan een zelfdoding gaat steeds een suïcidaal proces vooraf. In eerste instantie ontstaan er suïcidegedachten, die concreter kunnen worden en uiteindelijk kunnen evolueren naar een suïcideplan. Een concrete gebeurtenis (de spreekwoordelijke "druppel"), meestal een verliessituatie, kan leiden tot een suïcidepoging of een geslaagde suïcide. Hierbij is het belangrijk te benadrukken dat elke poging het risico op een overlijden door suïcide in het latere leven verhoogt. Niet iedereen die suïcidegedachten heeft, gaat over tot het effectief uitvoeren van die gedachten. Dit betekent dat een suïcidaal proces omkeerbaar is en dat preventie van zelfdoding mogelijk is. 9
13 Het suïcidaal proces kent zowel observeerbare als niet-observeerbare componenten. Suïcidale gedachten en plannen zijn vaak niet observeerbaar voor de omgeving. Het suïcidale proces kan op een bepaald moment echter observeerbaar en zichtbaar worden voor de omgeving wanneer componenten aanwezig zijn zoals suïcidale communicatie en gedrag, met andere woorden wanneer de persoon verbale uiting geeft aan zijn gedachten, plannen of wanneer hij een poging onderneemt of zelfmoord pleegt. Ook zijn er mogelijke gedragsmatige signalen die kunnen wijzen op suïcidaliteit. In het kader van vroegdetectie is het belangrijk deze signalen te kennen. Signalen van suïcidaal gedrag Verbale signalen: Direct verbale signalen: ik wil niet meer leven, ik wou dat ik dood was, ik ga er een eind aan maken, het leven is de moeite niet meer waard, Indirect verbale signalen: ik kan niet meer, ik zie het niet meer zitten, niemand kan mij helpen, ik ben toch voor niets goed, ik zou willen slapen en nooit meer wakker willen worden, het hoeft voor mij niet meer, ik heb mijn testament opgemaakt, Gedragsmatige signalen: Zich isoleren of afsluiten Lusteloosheid, futloosheid Minder concentratie, slechtere schoolprestaties Weggeven van persoonlijke spullen Verwaarlozing van het uiterlijk Overdreven gebruik van alcohol / medicatie Plotse huilbuien, woede-uitbarstingen Plotseling spijbelen of afwezig zijn Mondelinge of schriftelijke aanwijzingen dat de leerling veel bezig is met de dood of met suïcide Andere beïnvloedende factoren (risicofactoren): Negatieve kijk op zichzelf, de omgeving, de toekomst Gevoelens van hopeloosheid (geen uitweg meer zien) Verlies van significante anderen Er niet bijhoren Problemen hebben met gezondheid Incest in het gezin Suïcidepoging(en) of suïcide binnen de familie / vriendenkring Psychiatrische ziekte bij een gezinslid Persoonlijke kenmerken zoals impulsiviteit perfectionisme, faalangst, beperkt probleemoplossend vermogen De detectie van dit soort signalen betekent niet per definitie dat een kind of jongere suïcidaal is. Deze signalen zijn geen specifieke signalen voor suïcidaliteit maar kunnen ook wijzen op een ander onderliggend probleem. Bovendien betekent het alert zijn voor signalen niet dat je suïcidaal gedrag kan voorspellen. Het komt ook voor dat men pas achteraf, nadat iemand tot zelfdoding is overgegaan, deze signalen kan herkennen. 10
14 Vroegdetectie en signaalherkenning: aandachtspunten in het draaiboek Hoe kan er georganiseerd worden dat signalen van leerlingen opgevangen worden en dat daar een adequate reactie op komt? Op welke manier kunnen we ervoor zorgen dat leerkrachten weten welke signalen jongeren kunnen geven? Leerkrachten: krijgen basisvorming over signaalherkenning Wat moet er gebeuren als leerkrachten deze signalen oppikken? Wat moeten ze er dan mee doen? Aan wie moeten ze dit melden? Leerkrachten: leren om adequaat door te verwijzen Leerkrachten: geen geheimhouding aan een leerling beloven Leerkrachten: stilstaan en bewust zijn van eigen attitude ten opzichte van suïcide, leven en dood Wie is het centrale meldpunt en hoe worden de meldingen opgenomen? Goede samenwerking tussen de verschillende partners is nodig (leerkrachten, CLB, leerlingenbegeleiders, schoolarts, directie). Afspraken maken en duidelijkheid scheppen over de taak van elke partner: Leerkrachten moeten goed geïnformeerd worden over de functie van het draaiboek, hun positie in het draaiboek en de daaraan verbonden taken. De CGG-suïcidepreventiewerkers bieden deskundigheidsbevordering aan rond suïcidepreventie. Tijdens zo'n vorming wordt onder andere stilgestaan bij signaalherkenning, gepast reageren, doorverwijzing, Er is zowel een open aanbod als een aanbod op maat. Meer info? of kijk in bijlage voor contactinfo! 11
15 Luik 2: acute dreiging, crisisinterventie Waarover gaat het? Een leerling geeft spontaan aan een eind aan zijn leven te willen maken Een leerling is in crisis en dreigt een eind aan zijn leven te maken (bv. staat op het dak, ) Een leerkracht of leerlingenbegeleider vermoedt dat een leerling depressief is of andere emotionele problemen heeft, en vraagt gericht naar suïcidaliteit waarop een bevestigend antwoord komt Een medeleerling geeft aan dat een leerling met suïcidegedachten kampt Hoe reageer je hierop en ga je hier als school mee om? Wat kan je doen? Bewust zijn van eigen attitudes en opvattingen Aangezien het een emotionele shock teweegbrengt te horen dat iemand een einde aan zijn of haar leven wil maken, is het begrijpelijk dat men daarop geschokt, veroordelend of ontkennend reageert (bv."zo erg zal het toch allemaal niet zijn"). Maar een en dergelijke door emoties bepaalde reactie kan de leerling echter nog meer isoleren, en ervoor zorgen dat de weg naar de hulpverlening geblokkeerd wordt. Daarom is het belangrijk empathie te tonen (bv. "ik begrijp dat je op dit moment zelfdoding als de enige uitweg ziet") en na te gaan hoe acuut de dreiging is. Hierbij kan men ervan uitgaan dat hoe concreter de plannen zijn, en hoe verder deze zijn uitgewerkt, hoe groter de kans is op een daadwerkelijke poging. In kaart brengen hoe acuut de dreiging is Een aantal vragen kunnen helpen om inzicht te krijgen hoe acuut de dreiging is: Heeft de leerling al concrete plannen (tijdstip, plaats, middelen)? Heeft de leerling al eerdere pogingen ondernomen? Heeft de leerling maatregelen genomen om te verhinderen dat een derde kan tussenkomen tijdens en na de poging? Toont de leerling tekenen van zelfverwaarlozing? Tips bij acute dreiging Bv. wanneer een leerling uit het raam of van het dak wil springen; zichzelf wil beschadigen met een mes, Jezelf zo nodig voorstellen en vragen hoe hij/ zij heet. Contact proberen maken. Oogcontact! Jongere niet alleen laten. Indien meerdere volwassenen de jongere 12
16 aantreffen is het belangrijk dat één iemand de interne meldpost verwittigt. Benoemen wat hier en nu gebeurt. Een contrast tegenover de paniek presenteren: duidelijk, op gewone snelheid, niet te luid praten. Het lijden en de wanhoop die je vermoedt bij de jongere benoemen. Blijven praten. De aandacht van de jongere op jouw stem brengen. Een alternatief gedrag bespreken: wat of wie zou de jongere in deze situatie kunnen helpen? Vraag naar steunfiguren. Geen onverwachte dingen doen. Zeg steeds wat je van plan bent te doen. Benadruk je wens om dit gesprek aan te gaan in een (fysiek) veilige en rustige omgeving. Indien de jongere weigert hier op verschillende momenten op terugkomen. Niet discussiëren over het nut, recht op zelfmoord. De jongere niet proberen overhalen door hem/ haar een schuldgevoel te geven. Geen valse beloften doen zoals alles zal goed komen. Niet discussiëren wanneer de jongere kritiek heeft op jou of op iets dat je zei. De boodschap geven dat hulp beschikbaar is en dat samen gezocht kan worden naar andere mogelijkheden dan zelfmoord. Pas als je 100% zeker bent dat praten niet helpt kan je hem/ haar het middel afnemen (maar zonder jezelf in gevaar te brengen) : van de rand wegtrekken, mes afnemen, Indien nodig en mogelijk: breng de andere leerlingen naar een veilige plaats; liefst buiten het zicht van de jongere. 13
17 Acute dreiging en crisisinterventie: aandachtspunten in het draaiboek Als er sprake is van acute dreiging, dan moet er (zoveel mogelijk in overleg met de leerling) gehandeld worden. Wie is de "interne meldpost" (de persoon die bewaakt dat alle te nemen stappen ook genomen worden)? Communicatie en samenwerking tussen leerkrachten, directie en CLB is belangrijk. Wie coördineert de te nemen stappen? Wie blijft er bij de leerling? Leerling mag in een suïcidale crisis nooit alleen gelaten worden! Leerkracht belooft geen geheimhouding aan de leerling, maar dat hij/zij vertrouwelijk met de informatie van de leerling zal omgaan Verwijder eventuele middelen waarmee suïcide gepleegd kan worden (vooral het middel van voorkeur als dit gekend is) Houd de leerling op de hoogte van de stappen die genomen worden Wie legt contact met externe hulpverleners? Belt de CLB-psycholoog of leerkracht bij verwijzing in het bijzijn of zonder het bijzijn van de leerling? Wil de hulpverlener de leerling zelf aan de telefoon krijgen? Wie legt contact met de ouders? In welke fase wordt dit contact gelegd? Wie draagt de leerling over aan de externe hulpverlener? Wie volgt de verwijzing op? Overdracht moet zo gebeuren dat de leerling niet de indruk krijgt van het kastje naar de muur gestuurd te worden. Dit kan voorkomen worden doordat de vertrouwenspersoon (aan wie de leerling de suïcidale voornemens heeft kenbaar gemaakt) contact blijft houden met leerling en hulpverlener. Welke concrete afspraken zijn gemaakt met externe hulpverleners? Wie is de contactpersoon? Komt hulpverlener naar school of wordt leerling naar hulpverlener gebracht? In hoeverre kunnen en mogen externe hulpverleners de school op de hoogte houden na een verwijzing? Welke informatie wenst de externe hulpverlener van de school te horen? Krijgt de school in geval van een crisissituatie voorrang op de wachtlijst binnen de hulpverlening? Wat als de situatie wel acuut is maar de leerling wil niet doorverwezen worden? Nazorg gericht op de leerling zelf en op medeleerlingen die op de hoogte zijn van het gebeuren. Lijst met contactgegevens van alle genoemde personen en instanties. 14
18 Luik 3: na een suïcidepoging Waarover gaat het? Een leerling doet een suïcidepoging op school Een leerling onderneemt een poging buiten de school Hoe reageer je hierop en ga je hier als school mee om? Suïcidepoging Wat is een suïcidepoging? Onder een suïcidepoging of poging tot zelfdoding verstaan we een handeling zonder dodelijke afloop,, waarmee de persoon, door de verwachting van schade aan het eigen lichaam of de dood te bewerkstelligen, of door het risico daarop niet uit de weg te gaan, gewenste verandering probeert aan te brengen. Deze handeling is geen terugkerende gewoonte (WHO). Belang van een suïcidepoging Het ondernemen van een suïcidepoging is de grootste risicofactor wat betreft suïcide. 25% van de mensen die suïcide plegen, werd in het jaar hieraan voorafgaand in een algemeen ziekenhuis opgenomen na een poging tot suïcide. Het is dan ook belangrijk adequaat te reageren op een suïcidepoging. Ook naar de medeleerlingen toe is het van cruciaal belang adequaat te reageren. Dit is belangrijk om het mogelijke trauma bij andere leerlingen te beperken en en om degenen te identificeren die ook een risico lopen en mogelijk het suïcidaal gedrag gaan imiteren. Er is een verschil tussen een poging die zich op school voordoet en een poging die buiten de school gebeurt. In beide gevallen is de kans groot dat medeleerlingen op de hoogte zijn van wat er gebeurd is, en dat er bepaalde geruchten circuleren. Het is daarom belangrijk dat er op school een forum wordt geboden aan de leerlingen om hun gevoelens te uiten, en dat aan hen correcte informatie gegeven wordt. 15
19 Na een suïcidepoging: aandachtspunten in het draaiboek Algemeen Wie is de "interne meldpost" (de persoon die erover waakt dat alle te nemen stappen ook genomen worden)? Wie coördineert de te nemen stappen? Wanneer, door wie en hoe wordt het team op de hoogte gebracht? Wie legt de contacten met de ouders? Wat moet met hen besproken worden? Wie bespreekt in welke fase met de ouders welke informatie wel of niet gebruikt mag worden in de opvang en voorlichting van de medeleerlingen? Wie legt contact met welke externe hulpverleners? Hoe wordt dit contact gelegd? Wie volgt de verwijzing op? Hoe gebeurt dit? Krijgt een leerling die een poging heeft ondernomen voorrang op de eventuele wachtlijst van de hulpverleningsinstantie waarmee wordt samengewerkt? Welke informatie over de leerling mag de externe hulpverlener doorgeven aan school of CLB? Welke concrete afspraken moeten er gemaakt worden met de externe hulpverleners in verband met de terugkeer van de leerling naar de school? Hoe worden derden ingelicht en/of wordt omgegaan met vragen van derden (leerkrachten, medeleerlingen, ouders van andere leerlingen, de media)? Wat organiseert de school op lange termijn aan nazorg: Leerkrachten zijn extra alert voor leerlingen die signalen van emotionele problemen uitzenden Gerichte voorlichting aan het schoolteam in verband met signalen en hoe hiermee om te gaan Voorlichting aan de leerlingen over bij wie ze terecht kunnen Voorlichting aan de ouders Naar de leerling die de suïcidepoging deed zelf Wie verleent medische hulp? Bespreken met de leerling en zijn ouders of de medeleerlingen al dan niet op de hoogte gebracht mogen worden en welke informatie hierbij gegeven mag worden. 16
20 Bespreken of de informatie die verkregen wordt van de leerling / ouders / externe instantie doorgegeven mag worden aan de directie van de school of de andere leerkrachten? Nagaan wat de reden / aanleiding was voor de poging: oplossingen zoeken voor die problemen die binnen de school liggen (bv. pesten). Wordt de leerling doorverwezen naar de hulpverlening (ongeacht de ernst van de poging en het letsel)? Wie neemt deze beslissing (met/zonder inspraak van de leerling)? Wie bespreekt wanneer met de leerling hoe zijn terugkeer naar school zal verlopen? Wie is het steunpunt of aanspreekpunt voor de leerling op school? Naar de medeleerlingen en andere mensen in de omgeving van de leerling Wie gaat in de klas de klasgenoten op de hoogte stellen (klastitularis, leerlingenbegeleider)? Krijgt men hierbij begeleiding van een hulpverlener met wie hierover op voorhand afspraken gemaakt zijn (CGG-medewerker, schoolarts, schoolpsycholoog, )? Leerlingen op de hoogte brengen in niet al te grote groepen (klasverband): - Mogelijkheid tot steun door de klasgenoten vergroot - Leerkrachten hebben zo meer zicht op de manier waarop de leerlingen reageren Leerlingen horen nieuws best van leerkracht die ze goed kennen en vertrouwen (bv. klastitularis) Wat mag verteld worden aan de medeleerlingen? Beter om over zelfdoding in algemene zin te praten, als er teveel details gegeven worden, zou dit aanleiding kunnen geven tot identificatie door de medeleerlingen Bespreken van alternatieven van suïcidaal gedrag: wat doen als je het moeilijk hebt? van Gesprekken voeren met leerlingen over emotioneel beladen onderwerpen als doodgaan en zelfdodingsgedrag moet verantwoord gebeuren en het zou een goede zaak zijn als scholen hiervoor bepaalde leerkrachten in de gelegenheid zouden stellen zich hierin te bekwamen door middel van bijscholing. Een leidraad voor een klasgesprek naar aanleiding van een suïcidepoging is terug te vinden in bijlage. Bedoeling van zo'n gesprek is om de uitbreiding suïcidaal gedrag te voorkomen, en om de terugkeer van de leerling naar de klas voor te bereiden. Wat doe je als een leerling een werk wil maken over zelfdoding? Het thema zelfdoding aan bod laten komen in de klas is niet eenvoudig. Het Centrum ter preventie van Zelfdoding ontwikkelde een leidraad voor leerkrachten met tips hoe om te gaan met vragen van leerlingen om rond zelfdoding te werken. Denk goed na hoe je hier mee omgaat. De brochure is te downloaden op: Wat met vrienden van de leerling die niet in dezelfde klas zitten? Wat met broers of zussen van de betrokken leerling? Hoe worden eventueel afwezige leerlingen op de 17
21 hoogte gebracht? Speciale aandacht voor medeleerlingen waarmee leerling problemen had. Wees alert voor leerlingen die het zelf ook moeilijk hebben (signaalherkenning!). Wanneer mogen de leerlingen naar huis? Bespreek hoe, waar en aan wie leerlingen hulp kunnen vragen en wat ze van deze hulp kunnen verwachten. Naast de school zelf en de schoolbegeleidingsdiensten kan het nodig zijn in geval van suïcidaal gedrag op school, een beroep te doen op externe diensten. Het is belangrijk op voorhand afspraken te maken met deze diensten. Een lijst van een aantal mogelijke Oost-Vlaamse actoren is terug te vinden in bijlage. Naast "fysiek aanwezige" diensten zijn er ook een aantal laagdrempelige telefonische hulplijnen waar jongeren en volwassenen terecht kunnen voor een luisterend oor: Awel 102 (maandag tot zaterdag van 16u. tot 22u.) (chatten op maandag en woensdag van 18u.-22u., forum) De Zelfmoordlijn 02 / (24 uur op 24) (chatten elke avond behalve woendag en zaterdag van 19u. tot 21u.30) Tele-onthaal 106 (24 uur op 24) (chatten dagelijks van 18u. tot 23u., op woensdag vanaf 15u., op zaterdag tot 22u., gesloten op zondag) 18
22 Luik 4: na een suïcide Waarover gaat het? Hoe kan een school adequaat reageren als een leerling een einde aan zijn leven heeft gemaakt? Hoe vermijd je als school dat op zo'n emotioneel moment nog bedacht moet worden hoe best gereageerd kan worden? Een dergelijk overlijden komt altijd plots en onverwacht, en roept heel wat emoties op. Je kan hier dus best op voorhand al over nadenken en afspraken maken. Postventie Als een jongere overlijdt aan zelfdoding worden niet alleen de familie en vrienden getroffen, ook leeftijdsgenoten, klasgenoten en leerkrachten worden plots nabestaanden. De school heeft dan ook een belangrijke rol als het op postventie aankomt. Postventie is alle activiteiten die ondernomen worden nadat een jongere suïcide gepleegd heeft, en die de mogelijke effecten van deze traumatische gebeurtenis aanpakken en verlichten. In essentie gaat het hier om die interventies die gericht zijn op het voorkomen van gecompliceerde rouw bij diegenen die achterblijven. Verschillende scenario's In dit modeldraaiboek wordt vooral oral ingegaan op de situatie waarbij een leerling door zelfdoding komt te overlijden. Er zijn echter ook andere scenario's denkbaar waarbij de richtlijnen in dit draaiboek, al dan niet enigszins aangepast, gebruikt kunnen worden: een ouder van een leerling overlijdt na zelfdoding, een leerkracht of ander personeelslid pleegt zelfmoord, Ook het feit of de suïcide(poging) al dan op school plaatsvindt, kan een grote invloed hebben op de manier waarop met de situatie wordt omgegaan. Bij de opmaak van het draaiboek is het goed even bij de verschillende mogelijke situaties stil te staan. Het is echter onmogelijk elke mogelijke situatie te voorzien. Wordt u als school geconfronteerd met een situatie waarvan u niet meteen weet hoe hier mee om te gaan? Aarzel dan niet om contact op te nemen met één van de suïcidepreventiewerkers in uw regio (contactgegevens in bijlage). 19
23 Na een suïcide: aandachtspunten in het draaiboek Algemeen Het bericht komt binnen: Hoe komt het bericht binnen? Is diegene bij wie het bericht toekomt op de hoogte van de te nemen stappen? Moet het bericht gecontroleerd worden (bv. als het niet komt van de ouders van de leerling)? De interne meldpost: wie is degene die bewaakt dat alle te nemen stappen ook genomen worden? Wie coördineert de te nemen stappen? Wat als de school gecontacteerd wordt door de media? Wie is de contactpersoon voor de media? Belangrijk dat dit door één persoon gebeurt, die over kennis beschikt van de effecten die de media in deze kunnen hebben. Enkel feiten geven, niet speculeren over oorzaken, geen gedetailleerde informatie over de methode die gebruikt werd of over de problemen die de jongere in kwestie had. Zelfdoding is een populair thema in de media. Bij een suïcide(poging) op school zou het kunnen dat de media de school contacteren. Wees hier bijzonder voorzichtig mee. Maak op voorhand duidelijke afspraken wie de media te woord staat. Door Werkgroep Verder werden mediarichtlijnen ontwikkeld, die oproepen tot verantwoorde berichtgeving rond suïcide. Deze richtlijnen zijn terug te vinden op Leerkrachten / personeel van de school Hoe, wanneer en door wie worden de leerkrachten ingelicht? Wat met afwezige leerkrachten? Welke instructies krijgen de leerkrachten in verband met het overbrengen van het bericht naar de klassen? Briefing hoe leerkrachten de boodschap kunnen overbrengen aan de leerlingen Info geven over wat de school verder gaat doen Info geven waar de leerlingen terecht kunnen Info geven over de samenwerking met externen Info geven hoe risicoleerlingen herkend kunnen worden: wat zijn de signalen en hoe wordt hier best mee omgegaan? 20
24 Is er voor de leerkrachten die zelf erg aangeslagen zijn ondersteuning voorzien? Ouders gestorven leerling Wie neemt contact op met de ouders? Biedt men de ouders aan om op huisbezoek te gaan? Wie doet zo'n huisbezoek? Belangrijk dat persoon die huisbezoek doet op de hoogte is van hulpverleningsmogelijkheden voor nabestaanden. De Werkgroep Verder behartigt de belangen van nabestaanden na zelfdoding door het coördineren, organiseren en ondersteunen van initiatieven voor / door nabestaanden na zelfdoding in Vlaanderen. De Werkgroep heeft als doel te sensibiliseren, de opvang van nabestaanden te verbeteren en het thema rouw na zelfdoding bespreekbaar te maken in onze samenleving. Meer info: Afspraken maken met de ouders wat er gezegd mag worden op school. Afspraken maken met de ouders over het al dan niet aanwezig zijn van leerkrachten / leerlingen op de begrafenis. Navragen of de familie hulp wil van de school bij de begrafenis. Later: afspraken maken met de ouders over wat er moet gebeuren met de spullen van het kind. Medeleerlingen Niet alleen aandacht voor de klasgenoten van de overleden leerling Ook aandacht voor broers of zussen, buren, vrienden die mogelijk in andere klassen zitten Aandacht voor de "vijanden" van de overleden leerling Aandacht voor afwezige leerlingen Aandacht voor leerlingen die niet echt een bijzondere band hadden met de overleden leerling, maar die omwille van eigen problemen, het mogelijk moeilijk hebben na deze zelfdoding. Leerlingen inlichten tijdens een klasgesprek Leerlingen op de hoogte brengen in niet al te grote groepen (klasverband): op die manier wordt de mogelijkheid tot steun door de klasgenoten vergroot. Bovendien hebben de leerkrachten zo meer zicht op de manier waarop de leerlingen reageren. Leerlingen horen het nieuws best van leerkracht die ze goed kennen en vertrouwen (bv. klastitularis). Leerlingen laten ventileren Informatie over zelfdoding: niet verheerlijken of romantiseren, benadrukken situationele aard. 21
25 Beter om over suïcide in algemene zin te praten. Als er teveel details gegeven worden, zou dit aanleiding kunnen geven tot identificatie door de medeleerlingen. Bespreken van alternatieven van suïcidaal gedrag: wat doen als je het moeilijk hebt? Gesprekken voeren met leerlingen over emotioneel beladen onderwerpen als doodgaan en zelfdodingsgedrag moet verantwoord gebeuren en het zou een goede zaak zijn als scholen hiervoor bepaalde leerkrachten in de gelegenheid zouden stellen zich hierin te bekwamen door middel van bijscholing. Een leidraad voor een klasgesprek naar aanleiding van een suïcidepoging is terug te vinden in bijlage. Bedoeling van zo'n gesprek is om de uitbreiding van suïcidaal gedrag te voorkomen, en om de terugkeer van de leerling naar de klas voor te bereiden. Leerlingen inlichten waar ze terecht kunnen als ze het moeilijk hebben, zowel binnen als buiten de school. Toelichten van mogelijke hulpverleningsmogelijkheden Externe instanties kunnen zich voorstellen op school of in de klas Uitdelen van folders Iemand van externe instantie kan deelnemen aan het groepsgesprek om de drempel naar de hulpverlening te verlagen Informatie ook op papier meegeven aan de leerlingen: adressen, telefoonnummers, openingsuren van de verschillende hulpverleningsinstanties en wat deze te bieden hebben. Naast de school zelf en de schoolbegeleidingsdiensten kan het nodig zijn in geval van suïcidaal gedrag op school een beroep te doen op externe diensten (Centra voor Geestelijke Gezondheidszorg, diensten slachtofferhulp, Werkgroep Verder, Centra voor Morele Dienstverlening, Jongerenadviescentra, ). Het is belangrijk op voorhand afspraken te maken met deze diensten. Een lijst van een aantal mogelijke Oost-Vlaamse actoren is terug te vinden in bijlage. Naast "fysiek aanwezige" diensten zijn er ook een aantal laagdrempelige telefonische hulplijnen waar jongeren en volwassenen terecht kunnen voor een luisterend oor: Awel (De Kinder- en jongerentelefoon) 102 (maandag tot zaterdag van 16u. tot 22u.) (chatten op maandag en woensdag van 18u.-22u., forum) De Zelfmoordlijn 02 / (24 uur op 24) (chatten elke avond behalve woendag en zaterdag van 19u. tot 21u.30) Tele-onthaal 106 (24 uur op 24) (chatten dagelijks van 18u. tot 23u., op woensdag vanaf 15u., op zaterdag tot 22u., gesloten op zondag) 22
26 Organisatorische aanpassingen binnen de school: aanpassen lessenrooster, voorzien van een stille ruimte of herdenkingshoek waar leerlingen zich indien gewenst kunnen terugtrekken, Bouw een moment in waarop de rouwfase formeel wordt afgesloten, bijvoorbeeld door een ritueel. Dit afsluiten betekent niet dat alles van de overledene geband wordt. Het is belangrijk de herinnering aan de overledene levend te houden op school. In bijlage vindt u voorbeelden en tips in verband met rouwrituelen op school. Kies hierbij vooral iets dat aansluit bij de gebruiken en gewoontes op school. Ouders andere leerlingen Brief meegeven waarin de ouders over de gebeurtenis geïnformeerd worden Vermeld kort feiten en benoem de doodsoorzaak De brief vermeldt ook hoe de school hiermee omgaat en wat het belang is van hier met kinderen over te praten. In de brief worden de mogelijkheden voor hulpverlening aangehaald. Tenslotte vermeldt de brief ook wie de ouders kunnen contacteren in geval van vragen of bezorgdheid. Mogelijk wordt een ouderavond of gespreksavond georganiseerd. Het tijdschrift Klasse ontwikkelde een uitgebreide bijdrage rond crisiscommunicatie. Hierbij zijn ook een aantal voorbeeldbrieven voor communicatie rond een zelfdoding beschikbaar. Deze zijn terug te vinden op: 23
27 Vroegdetectie & signaalherkenning Acute dreiging & crisisinterventie Na een suïcidepoging Na een suïcide Deskundigheidsbevordering onderwijzend personeel: Signalen herkennen Gepast reageren Doorverwijzen Nagaan hoe acuut de dreiging is Medische hulp in geval van een poging op school Intern meldpunt en interne coördinatie (wie?) Intern meldpunt en interne coördinatie (wie zorgt dat alle stappen gezet worden? Wie coördineert deze stappen?) Intern meldpunt en interne coördinatie (wie?) Intern meldpunt en interne coördinatie Personeel school: Informeren Briefen ivm signaalherkenning Ondersteuning leerkrachten Afspraken met de verschillende partners / duidelijkheid over ieders taken (leerkrachten, CLB, directie, ) Opvang leerling in suïcidale crisis (wie? hoe?) Informeren team Ouders gestorven leerling: Contacteren / evt. huisbezoek Afspraken ivm informeren anderen Afspraken ivm uitvaart Hulpverlening Schoolpersoneel is op de hoogte van het draaiboek en de afspraken in het draaiboek (wie zorgt hiervoor? aandacht voor nieuw personeel) Contact met de ouders suïcidale leerling (wie? hoe? wanneer? ) Contact / informeren ouders leerling (poger) Medeleerlingen: Aandacht voor risicoleerlingen Klasgesprek: Informeren, leerlingen laten ventileren, hulpverlening / ondersteuning Contact met externe hulpverleners (wie? hoe? wanneer? ) op basis van voorafgaande afspraken Contact met externe hulpverleners (wie? hoe? wanneer? ) op basis van voorafgaande afspraken Ouders medeleerlingen: Informeren Ondersteuning / hulpverlening Nazorg medeleerlingen die op de hoogte zijn van het gebeuren Nazorg leerling zelf / leerkrachten / medeleerlingen (signaalherkenning) Afspraken in verband met contacten met media Regelmatige evaluatie van elk van deze luiken!! 24
28 Ondersteuning bij het opstellen van een draaiboek Dit modeldraaiboek volstaat op zich niet om aan suïcidepreventie te doen. Hiervoor is het noodzakelijk het model aan te passen aan de realiteit van de school en te komen tot een draaiboek op maat. De CGG-suïcidepreventiewerkers in de provincie kunnen u hierbij ondersteunen. Wat kan u van deze ondersteuning verwachten? De suïcidepreventiewerker treedt op als procesbegeleider. Het is de bedoeling dat de school zelf het draaiboek opstelt. Bij de opstart van het draaiboek, helpt de suïcidepreventiewerker u bij het uitwerken van het eerste luik van het draaiboek. Dit kan door aanwezig te zijn op een eerste vergadering ering op school met de verantwoordelijken voor het draaiboek. Daarna is het de bedoeling dat de school (bij voorkeur in overleg met het CLB) zelf de andere luiken uitwerkt. Bij vragen, onduidelijkheden of knelpunten kan er na deze opstart steeds contact opgenomen worden met de suïcidepreventiewerker. Tussentijds volgt de suïcidepreventiewerker het proces vooral van op afstand. Als het draaiboek afgewerkt is, wordt dit aan de suïcidepreventiewerker bezorgd, die er een laatste check op uitvoert om te zien of alles aanwezig is. Ook bij de evaluatie van het draaiboek, kunt u zich laten ondersteunen door de suïcidepreventiewerker. Idealiter wordt aan de opmaak van een draaiboek een vorming "signaalherkenning" voor het schoolpersoneel gekoppeld. De suïcidepreventiewerker kan ingeschakeld worden voor het geven van deze vorming. In geval van concrete (crisis)situaties kan de suïcidepreventiewerker ook steeds gecontacteerd worden voor consultatief overleg. Wat wordt er van de school verwacht? De verantwoordelijkheid voor het opstellen van het draaiboek ligt bij de school. Om een effectief draaiboek op te stellen, is het belangrijk dat de school de nodige mensen samenbrengt, die de verantwoordelijkheid kunnen nemen en krijgen om het draaiboek uit te werken. Sleutelfiguren binnen de school en het CLB zijn in dit verband cruciale actoren. Vergeet ook de mensen van het secretariaat of onthaal niet. 25
29 Indien er gekozen wordt om met een volledige scholengroep samen aan een draaiboek te werken, is het belangrijk dat per school de sleutelfiguren meedenken en meewerken. Sowieso moet voor elke school een apart draaiboek op maat opgesteld worden. Eens het draaiboek opgemaakt is, is het belangrijk dat dit bekend gemaakt wordt binnen de school en dat alle personeelsleden hiervan op de hoogte zijn. Bij voorkeur wordt deze bekendmaking gekoppeld aan een vorming signaalherkenning. Ook de verantwoordelijkheid voor de opvolging en evaluatie ligt volledig bij de school: nieuwe personeelsleden worden geïnformeerd over het draaiboek, het draaiboek wordt aangepast bij personeelswissels, het wordt geëvalueerd na een incident, 26
30 Literatuur BEERENS, V. e.a., De eerste lijn: crisiscommunicatie, Klasse, 2009 ( leraren/eerstelijn.php?id=11568). CONSERRIERE, I., Zelfdoding bij jongeren: erover praten is de beste preventie, project suïcidepreventie, s.d. DE WILDE, E.J. & PORTZKY, G., Preventie van suïcidaal gedrag bij jongeren, in: Van Heeringen, C., Handboek suïcidaal gedrag, De Tijdstroom, FIDDELAERS-JASPERS, R. & SPEE, I., Weer-zin in leven: de school en zelfdoding, Educatieve Partners Nederland, HULPVERLENING GELDERLAND MIDDEN, Draaiboek rouw en verdriet op of rond school scenario voor het omgaan met een overlijden of een calamiteit op of rond de school, Hulp- verlening Gelderland Midden, 2005 ( known/0cfa8b0236c63d1993a f4d/pu/draaiboek_rouw_en_verdriet_hgm.pdf). PORTZKY, G., Suicidal behavior among adolescents: epidemiology, risk factors and prevention,, Universiteit Gent, PROJECT ZELFMOORDPREVENTIE CGG, Waarom een draaiboek?,, intern document, s.d. PROJECT ZELFMOORDPREVENTIE CGG, Presentatie: Zelfmoordpreventie in scholen: "draaiboek",, intern document, s.d. PROJECT ZELFMOORDPREVENTIE CGG, Preventie op school: interne werking en samenwerking met andere instanties, intern document, s.d. WERKGROEP VERDER, Aanzet tot een gedeelde visie bij postventie in scholen na een zelfdoding, intern n document,
31 Bijlagen 1. Contactgegevens 2. Leidraad klasgesprek 3. Rouwrituelen op school 4. Contactgegevens externe diensten 28
32 1. Contactgegevens Suïcidepreventiewerking van de Centra voor Geestelijke Gezondheidszorg Regio Gent Eeklo Deinze Suïcidepreventiewerker Ilse Conserriere 09 / [email protected] Regio Zuid-Oost-Vlaanderen Suïcidepreventiewerker Marjan Gerarts [email protected] Regio Waas en Dender Suïcidepreventiewerker Liesl Vereecke [email protected] Oost-Vlaamse Logo's (Lokaal Gezondheidsoverleg) Logo Dender Korte Nieuwstraat Aalst Logo Gezond+ Baudelokaai Gent Logo-Waasland Onze-Lieve-Vrouwstraat Sint-Niklaas Contactpersoon geestelijke gezondheid Sophie Goetghebuer, coördinator 053 / [email protected] Contactpersoon geestelijke gezondheid Letticia De Sutter 09/ [email protected] Contactpersoon geestelijke gezondheid Katia De Busscher, coördinator 03 / [email protected] 29
33 Provinciale medewerkers Preventiecoach geestelijk gezondheidsbeleid in secundaire scholen Oost-Vlaanderen p/a Logo Dender Korte Nieuwstraat Aalst Coördinator locoregionale uitvoering Vlaams actieplan suïcidepreventie Oost-Vlaanderen P/a CGG Eclips Elyzeese Velden Gent Catherine De Koker 053 / / [email protected] Ine Vermeersch 09 / [email protected] 30
34 2. Leidraad klasgesprek Uit: Project zelfmoordpreventie CGG, Waarom een draaiboek?, intern document, s.d. Gesprekken voeren met leerlingen over emotioneel beladen onderwerpen als doodgaan en zelfdodingsgedrag moet verantwoord gebeuren en het zou een goede zaak zijn als scholen hiervoor bepaalde leerkrachten in de gelegenheid zouden stellen zich hierin te bekwamen door middel van bijscholing. In de opvang van klasgenoten en leerlingen die op de hoogte zijn van de poging kunnen de volgende elementen als leidraad dienen: Meestal circuleren er geruchten. Een gesprek met leerlingen heeft tot doel uitbreiding van suïcidaal gedrag te voorkomen en de terugkeer van de betrokken leerling voor te bereiden. De leerlingen moeten de kans krijgen om te vertellen wat ze weten en hoe ze zich erbij voelen. Deze gevoelens moeten gekaderd worden. Geruchten, roddels en misvattingen moeten ontkracht worden. Correcte informatie geven over de suïcideproblematiek is nodig. Benadrukken dat suïcide geen heldendaad is maar voortkomt uit lijden en zelf ook weer lijden veroorzaakt. Klasgesprek na een zelfmoordpoging: Als de school een van de redenen is van het suïcidaal gedrag bv. pesten, problemen met leerkrachten, studieproblemen, disciplinaire problemen, etc. dan moet dat worden aangepakt. Als niemand van de andere leerlingen op de hoogte is van de poging en de betrokken leerling dit ook niet wenst, is het beter de andere leerlingen niet in te lichten. Als andere leerlingen wel op de hoogte zijn (of er bestaat een vermoeden) is het nodig hierover te praten. Het is belangrijk dat dit onder begeleiding gebeurt (van een leerkracht of eventueel een hulpverlener). In het klasgesprek is het van belang de leerlingen zelf te laten spreken over wat ze weten en hoe ze zich daarbij voelen. Er moet uitleg gegeven worden over waarom jonge mensen een poging kunnen ondernemen, wat de betekenis ervan kan zijn. Hierbij moet men opletten zelfmoord niet te verheerlijken of te dramatiseren. Zelfmoord komt voort uit lijden en veroorzaakt op zich ook lijden. Overloop met de leerlingen hoe ze kunnen reageren als de leerling terugkomt. In een gesprek alert zijn voor die leerlingen die het zelf ook erg moeilijk hebben. Bespreken wat alternatieven zijn voor suïcidaal gedrag: wat kan je doen als je het moeilijk hebt? Bespreken hoe, waar en aan wie ze hulp kunnen vragen en wat ze ervan kunnen verwachten (wie aanspreken, wanneer?). Afspreken hoe zijzelf kunnen omgaan met signalen van medeleerlingen. Het probleem van geheimhouding aankaarten. 31
35 3. Rouwrituelen op school Na een overlijden is het belangrijk dat de achterblijvers op school uiting kunnen geven aan hun verdriet. Hoe en waar dit kan, is afhankelijk van de gewoontes en de mogelijkheden op school. Een aantal suggesties. Rouwhoekje stille hoek stille ruimte Voorzie een hoek of een ruimte op een centrale plaats waar leerlingen naartoe kunnen als ze het moeilijk hebben. Het is wel belangrijk dat over het gebruik van deze ruimte dwingende afspraken gemaakt worden, zodat mensen er niet gestoord worden. Op deze plaats kunnen ook dingen gezet worden die aan de overledene doen denken, zoals een foto, kaarsje, Er kan ook een boek gelegd worden waar dingen in geschreven kunnen worden. Troostboom Grote tak of boom waarin leerlingen teksten, tekeningen, brieven, kunnen hangen. Ook deze kunnen dienen als troost voor de familie. Afscheidsboek herinneringenboek troostboek Variatie op troostboom. Boek waarin leerlingen tekeningen, teksten, brieven, stoppen. Bij jonge(re) kinderen kan er gewerkt worden met tekeningen of knutselwerkjes, aangezien kinderen het vaak moeilijk hebben hun gevoelens onder woorden te brengen. Ballonnen oplaten Leerlingen maken een kaartje met een tekening of tekst, deze worden aan de ballon gehangen en opgelaten. Varianten hierop zijn het beschrijven van stenen, het tekenen en beschrijven van vlinders, Planten van zonnebloempitten, boom, ter herinnering Elke leerling plant een zonnebloempit in de schooltuin, er wordt een boom gepland ter herinnering aan de overledene, Het is belangrijk op een bepaald moment de rouwperiode formeel af te sluiten. Dit kan bijvoorbeeld aan de hand van een ritueel. Dit betekent echter niet dat elke herinnering aan de overledene verdwijnt. Geef ruimte aan de overledene, door bijvoorbeeld een foto in de inkomhal van de school, verwijder niet meteen de lege bank. Deze blijft best een lege bank en geeft aan dat de overledene niet vergeten is. 32
36 Bronnen en meer inspiratie? Materialen: ABBAS, N. & VANHAUWAERT, K., Troost in wanhoop, Dienst Welzijn Provincie West-Vlaanderen, s.d. (Online beschikbaar op: /kwaliteit/welzijn/opvoedingsondersteuning/documents/ Troost%20in%20wanhoop.pdf). BLEUCKX, G., Als de dood voor de dood op school?: verlies en verdriet in theorie en praktijk op de basisschool, Leefsleutels, BORMANS, L., De eerste lijn leerkrachten wijzen de weg, Klasse, (Online beschikbaar op: CRUYT, A., Afscheid nemen educatief pakket voor kinderen van 4 tot 12 jaar, 2 de versie, Provinciale Jeugddienst West-Vlaanderen, s.d. (Online beschikbaar op: %20%27Afscheid%20nemen%27.pdf). HABRAKEN, M., Rouwen op school, Thomas Godsdienstonderwijs, online: JANSSENS, E., e.a., Groeien na verlies, Netwerk palliatieve zorg Oost-Vlaanderen, (Online beschikbaar op: %20-%20Werkpakket.pdf). NETWERK VOOR PASTORAAL MET JONGEREN, Door het zure heen met kinderen en jongeren werken rond verlies en rouw, Lannoo, Websites:
37 4. Contactgegevens externe organisaties Centra voor Geestelijke Gezondheidszorg (CGG) Een Centrum voor Geestelijke Gezondheidszorg (CGG) is gespecialiseerd in de behandeling en preventie van problemen op het terrein van de geestelijke gezondheid. Je kan er op afspraak terecht voor gespecialiseerde psychologische, sociale en psychiatrische hulp. Je kan er bij voorkeur terecht op verwijzing, bv. door het CLB of de huisarts. Je kan ook zelf contact opnemen. Dit gebeurt bij voorkeur telefonisch. Deze voorzieningen hebben samen meer dan 20 vestigingsplaatsen, verspreid over de provincie. De contactgegevens hiervan zijn terug te vinden via de betreffende websites. Regionaal Centrum voor Geestelijke Gezondheidszorg Deinze-Eeklo-Gent Holstraat Gent 09 / Centrum voor Geestelijke Gezondheidszorg Regio Groot Gent Eclips Elyzeese Velden Gent 09 / Centrum voor Geestelijke Gezondheidszorg Waas en Dender Grote Peperstraat Sint-Niklaas 03 / Centrum voor Geestelijke Gezondheidszorg De Drie Stromen Sas Dendermonde 052 / Centrum voor Geestelijke Gezondheidszorg Zuid-Oost-Vlaanderen Langestraat Aalst 078 / Diensten slachtofferhulp van de Centra voor Algemeen Welzijnswerk (CAW) Wanneer iemand zelf of iemand uit de omgeving van een persoon geconfronteerd werd met een misdrijf, een verkeersongeval of zelfdoding, kan men terecht bij een dienst Slachtofferhulp. Slachtofferhulp werkt gratis met zowel beroepskrachten als vrijwilli- CAW 't Dak-Teledienst OLV-Kerkplein Dendermonde 052/ [email protected] CAW Visserij Visserij Gent 34
38 gers, in groep en individueel, voor kinderen en volwassenen. Slachtofferhulp praat met de persoon in kwestie over wat er gebeurd is, geeft informatie en advies, kan eventueel doorverwijzen, etc. 09/ CAW Zuid-Oost-Vlaanderen Ponettestraat Ronse 055/ Huis van de Mens (vroegere Centra Morele Dienstverlening) Het Huis van de Mens verzorgt morele dienstverlening voor de gehele bevolking op niet-confessionele basis. Men kan er terecht met morele problemen (bv. vragen en problemen die te maken hebben met leven en dood). Het Huis van de Mens verstrekt enkel hulp op vraag en doen dit kostenloos. Gent Sint-Antoniuskaai Gent 09 / [email protected] Aalst Koolstraat Aalst 053 / [email protected] Ronse Zuidstraat Ronse 055 / [email protected] Sint-Niklaas Ankerstraat Sint-Niklaas 03 / [email protected] Zottegem Kastanjelaan Zottegem 09 / [email protected] Eeklo Boerlare Eeklo 09 / [email protected] 35
39 Jongerenadviescentra (JAC) Het JAC geeft informatie, hulp en advies aan jongeren van 12 tot 25 jaar. Het is gratis, werkt niet met wachtlijsten en is anoniem. Er wordt geen informatie doorgegeven aan anderen als de jongere in kwestie dit zelf niet wil. JAC Gent Holstraat Gent 09/ JAC Geraardsbergen Zakkaai Geraardsbergen 054/ JAC Oudenaarde Sint-Walburgastraat Oudenaarde 055/ JAC Waasland Apostelstraat 19B Sint-Niklaas 03/ JAC Dendermonde OLV-Kerkplein Dendermonde 052/ JAC Wetteren Bookmolenstraat Wetteren 09/ [email protected] JAC Aalst Louis D'haeseleerstraat Aalst 053/ [email protected] JAC Ninove Abdijstraat Ninove 054/ [email protected] 36
Suïcidepreventiebeleid binnen een organisatie 10/10/2014
Wat is een suïcidepreventiebeleid? Suïcidepreventiebeleid binnen een organisatie 10/10/2014 Een stappenplan waarin uitgeschreven staat hoe er binnen een organisatie met suïcidaliteit wordt omgegaan en
Suïcidepreventie op de werkvloer
Suïcidepreventie op de werkvloer Gezonde marktplaats - Logo Antwerpen - 25/11/2015 Ine Vermeersch Coördinator Suïcidepreventiewerking CGG Oost-Vlaanderen Inhoud 1. Inleiding 2. Suïcidepreventie op de werkvloer:
Suïcidepreventie op de werkvloer: van signaalherkenning tot nabestaanden
Suïcidepreventie op de werkvloer: van signaalherkenning tot nabestaanden Studiedag Wel-zijn of niet-zijn op het werk - 18/03/2016 Stefanie Ghekiere Coördinator Suïcidepreventiewerking CGG Anwerpen Ine
DRAAIBOEK ZELFMOORDPREVENTIE BIJ JONGEREN VOOR SCHOLEN
DRAAIBOEK ZELFMOORDPREVENTIE BIJ JONGEREN VOOR SCHOLEN Elke school kan geconfronteerd worden met een leerling die zelfmoordgedachten heeft, een poging onderneemt of sterft door zelfdoding. Daarnaast heeft
Zelfmoordgedachten. Praat over wat je denkt, voelt, ervaart. Praten lucht op.
Zelfmoordgedachten Praat over wat je denkt, voelt, ervaart. Praten lucht op. Alles over zelfmoordgedachten Zelfmoordlijn 1813 Die kan je bellen, chatten of mailen als je aan zelfdoding denkt. Op de website
Vormingsaanbod geestelijke gezondheid
Pantone 430C Pantone 7426C Vormingsaanbod geestelijke gezondheid Eenheid voor Zelfmoordonderzoek Locoregionale Uitvoering Vlaams Actieplan Suïcidepreventie Oost-Vlaanderen Hoe blijf jij fit in je hoofd?
Verpleegkunde en de preventie van zelfdoding: Een multidisciplinair perspectief
Verpleegkunde en de preventie van zelfdoding: Een multidisciplinair perspectief Saskia Aerts [email protected] 7 november 2017 Klinische vragen Welke uitgangspunten en basisprincipes
Suïcide bij jongeren Studiedag Depressiepreventie bij adolescenten, Oss, 27/11/2015. G. Portzky
Suïcide bij jongeren Studiedag Depressiepreventie bij adolescenten, Oss, 27/11/2015 G. Portzky 1. INLEIDING 1. Definiëring Suïcide Suïcidepoging: Moet er suïcidale intentie aanwezig zijn om van poging
Zelfdoding. en depressie Praat over wat je denkt, voelt, ervaart. Praten lucht op.
Zelfdoding en depressie Praat over wat je denkt, voelt, ervaart. Praten lucht op. Alles over zelfdoding De Zelfmoordlijn tel. 02 649 95 55 www.zelfmoordlijn.be Werkgroep Verder Voor wie achterblijft na
Een. school. Blauwdruk voor een draaiboek
Een suïcidepreventiedraaiboek op school Blauwdruk voor een draaiboek Deskundigheidsbevordering van sleutelfiguren in de leefwereld van jongeren is een effectieve strategie in suïcidepreventie. Vroegdetectie
Suïcidaal proces. Aan suïcide gaat een proces vooraf
Suïcidaal proces Aan suïcide gaat een proces vooraf Van gedachte naar plan naar daad Deels observeerbaar (verbale en non-verbale signalen), deels niet Tijdspanne verschilt van persoon tot persoon Over
Aandacht voor jonge nabestaanden na zelfdoding. Joke Vandenhoute Suïcidepreventiewerker van de CGG PassAnt vzw
Aandacht voor jonge nabestaanden na zelfdoding Joke Vandenhoute Suïcidepreventiewerker van de CGG PassAnt vzw Werkgroep verder In Vlaanderen elk jaar + 8.000 nabestaanden na zelfdoding Direct betrokkenen
Detectie van suïcidaliteit
Detectie van suïcidaliteit Multidisciplinaire richtlijn - Deel 2 Nanouschka Verhamme (CPZ) Lien Neuckermans (CGG-SP) Inleiding 9 op de 10 mensen die overleden zijn door suïcide MINIMUM 1 KEER contact gehad
Bijlage 12. Checklist
Bijlage 12. Checklist Algemeen Zijn alle personeelsleden op de hoogte van de werking van het draaiboek? Hebben de personeelsleden een vorming signaaldetectie gekregen? Zit het draaiboek in het inlooptraject
Academie voor Integratieve en Humanistische Psychologie en Psychotherapie vzw. Zelfdoding: Signalen, mythen en aanpak
1 Academie voor Integratieve en Humanistische Psychologie en Psychotherapie vzw Zelfdoding: Signalen, mythen en aanpak Masterclass Amsterdam NAP Stefaan Boel 11 januari 2017 2 3 4 Zelfdoding is een permanente
Het is belangrijk dat er een duidelijk afspraak bestaat over wat er dient te gebeuren op het moment dat de melding binnenkomt.
Bijlage 2: Voorbeelden van draaiboeken Voorbeeld : draaiboek bij het overlijden van een leerling Inleiding In dit plan wordt stilgestaan bij de vraag hoe er gehandeld moet worden wanneer een leerling overlijdt.
Zelfdoding in het jeugdwerk. Na een overlijden
Zelfdoding in het jeugdwerk Na een overlijden 33 Ik verneem het nieuws dat iemand overleden is door zelfdoding Luister naar het verhaal. Plan zo snel mogelijk een eerste overleg met de hoofdbegeleider
Suïcidepreventie in Vlaanderen: actieplan en multidisciplinaire richtlijn
Suïcidepreventie in Vlaanderen: actieplan en multidisciplinaire richtlijn Eva Dumon en Saskia Aerts [email protected] 1 maart 2018 VLAAMS EXPERTISECENTRUM SUÏCIDEPREVENTIE Het aantal zelfdodingen in Vlaanderen
Hoe bouw je een sterk suïcidepreventiebeleid uit?
Hoe bouw je een sterk suïcidepreventiebeleid uit? Omgaan met suïciderisico. Lancering Vlaamse richtlijn en website voor hulpverleners - 30 maart 2017 Sarah Holemans - CGG-SP Antwerpen Ine Vermeersch -
Protocol verdriet en rouw voor de basisschool
Protocol verdriet en rouw voor de basisschool Inleiding Dit protocol brengt punten onder de aandacht die in het geval van overlijden of ernstig (ongeneeslijk) ziek worden van een kind, een medewerker of
SUÏCIDEPREVENTIE IN VLAANDEREN:
SUÏCIDEPREVENTIE IN VLAANDEREN: Eva De Jaegere Preventiemanager VLESP CIJFERS EN FEITEN Zomerschool 2016 VLESP? Vlaams Expertisecentrum Suïcidepreventie Partnerorganisatie Vlaamse Overheid Samenwerkingsverband
Ik wil dood suïcidaliteit
Ik wil dood suïcidaliteit bij jongeren Mark De Bock Anneleen Franssens Annelies Kog Klinisch psychologen en orthopedagogen, psychotherapeuten UKJA Waar of niet waar? De meeste zelfmoorden gebeuren impulsief
VROEGDETECTIE EN CRISISINTERVENTIE BIJ SUÏ CIDAAL GEDRAG VAN JONGEREN
VROEGDETECTIE EN CRISISINTERVENTIE BIJ SUÏ CIDAAL GEDRAG VAN JONGEREN inhoud Draaiboek voor secundaire scholen 1 Inleiding 3 2 Algemeen kader 4 3 Waarom een draaiboek suïcidepreventie? 6 4 Model voor een
1. Het bericht komt binnen Tijdens of na de schooluren: Deelneming betuigen. Vragen wat er gebeurd is. Het nieuws direct melden aan de directie.
DRAAIBOEK BIJ HET OVERLIJDEN VAN EEN LEERLING DATUM: Wat gebeurt er? Wat moeten we doen? 1. Het bericht komt binnen Tijdens of na de schooluren: Deelneming betuigen. Vragen wat er gebeurd is. Het nieuws
Aanbod suïcidepreventiewerking voor scholen vanuit Cgg Largo
Inleiding Geconfronteerd worden met geestelijke gezondheidsproblemen is niet gemakkelijk. Erover praten is vaak al even moeilijk. Het taboe dat rust op psychische aandoeningen is nog lang de wereld niet
Spreekbeurt Nederlands Zelfmoord
Spreekbeurt Nederlands Zelfmoord Spreekbeurt door een scholier 1352 woorden 20 januari 2004 7 336 keer beoordeeld Vak Nederlands Inleiding: Ik doe mijn spreekbeurt over zelfmoord. Ik vind het geen leuk
REACTIEPLAN LOKAAL NIVEAU. groen geel rood zwart Inschatten mate van ernst bij vermoeden, onthulling of vaststelling
WAT? Dit plan beschrijft de stappen die een lokale groep kan zetten bij een vermoeden, onthulling of vaststelling van seksueel (grensoverschrijdend) gedrag of seksueel misbruik t.a.v. de leden. Het is
Zorg voor jonge suïcidepogers
Zorg voor jonge suïcidepogers Heldere communicatie in de ketenzorg Marie Van Broeckhoven / Peter Emmery 24 april 2013 Iemand die er over spreekt, doet het niet. Waar Niet waar Iemand die er over spreekt,
Protocol voor suïcide
Protocol voor suïcide In dit protocol wordt een onderscheid gemaakt tussen 1) Vroegdetectie en signaalherkenning. 2) Het handelen bij een dreigende en/of acuut dreigende suïcidepoging 3) Het handelen bij
Zelfdoding in het jeugdwerk. Op kamp, cursus,...
Zelfdoding in het jeugdwerk Op kamp, cursus,... 23 Op kamp of cursus gaan betekent: jongeren een onvergetelijke tijd bezorgen, de zotste dingen eerst proberen, een hechte groep creëren waarin iedereen
Gezinsinterventie Gezinsgesprekken voor gezinnen waarbij de ouder psychische problemen heeft
Gezinsinterventie Gezinsgesprekken voor gezinnen waarbij de ouder psychische problemen heeft Inhoudsopgave Klik op het onderwerp om verder te lezen. Zorgen en vragen 1 Gezinsinterventie 2 Tien praktische
Zorgmogelijkheden na NAH: Waar vinden we hulp? Katrijn Van Den Driesche - maandag 3 oktober 2011
Deze activiteiten worden aangeboden in samenwerking met dynahmiek www.dynahmiek.be [email protected] Gespreksavonden over NAH Praten met lotgenoten over de gevolgen van een niet-aangeboren hersenletsel
30 maart 2017 Lancering Vlaamse richtlijn Detectie en Behandeling van Suïcidaal gedrag. #SP_reflex
30 maart 2017 Lancering Vlaamse richtlijn Detectie en Behandeling van Suïcidaal gedrag #SP_reflex Lancering Vlaamse richtlijn Detectie en Behandeling van Suïcidaal gedrag Basisprincipes in de zorg voor
Suïcidepreventie. Marian de Groot Directeur handicap + studie Mede namens 113-Online
Suïcidepreventie Marian de Groot Directeur handicap + studie Mede namens 113-Online Missie en visie @113 Taboe op praten over zelfmoord doorbreken Drempels bij zoeken en vinden van hulp verlagen Landelijk
Tijdschrift Kindermishandeling April 2013 Onderwijsspecial deel 2. 8 tips voor een goed gesprek met je leerling
8 tips voor een goed gesprek met je leerling Edith Geurts voor Tijdschrift Kindermishandeling Het kan zijn dat je als leerkracht vermoedt dat een kind thuis in de knel zit. Bijvoorbeeld doordat je signalen
Draaiboek bij ziekte en overlijden
Datum Draaiboek bij ziekte en overlijden Hoe kan de school handelen bij het overlijden van een leerling? In dit overzicht vindt u een samenvatting van deze informatie in een checklist per onderdeel. Dit
Hoe help je iemand die aan zelfmoord denkt?
Hoe help je iemand die aan zelfmoord denkt? Bel bij accuut gevaar meteen Stel de vraag Als je denkt dat iemand aan zelfmoord denkt, vraag er dan naar. Kies de vraag die bij jou past. Of kies je eigen woorden,
Terrorisme en dan verder
Terrorisme en dan verder Hoe kunt u omgaan met de gevolgen van een aanslag? - Ga zo veel mogelijk door met uw normale dagelijkse activiteiten. Dat geeft u het gevoel dat u de baas bent over de situatie.
Draaiboek suïcidepreventie voor secundaire scholen
Draaiboek suïcidepreventie voor secundaire scholen 1 Dit is gebaseerd op de bundel Leidraad draaiboek suïcidepreventie voor secundaire scholen opgemaakt door de suïcidepreventiewerking van de Centra voor
Vertel aan je kind dat het nodig is de school in te lichten om het pesten te laten stoppen;
Pesten op school Veel gestelde vragen Wat doe je als je kind gepest wordt? Maak voldoende tijd voor een gesprek; laat je kind vertellen wat er zich afspeelt en hoe het zich voelt; Neem het verhaal van
Zelfdoding in de psychiatrische kliniek: over het omgaan met de (on)draaglijkheid van het leven.
Zelfdoding in de psychiatrische kliniek: over het omgaan met de (on)draaglijkheid van het leven. Alix Kuylen Psycholoog intensieve behandeleenheid Susanne Cuijpers Verpleegkundig specialist GGZ Inhoud
Wat te doen als een leerling verbaal agressief of handtastelijk wordt tegen een leerkracht?
Inleiding: De school dient aandacht te schenken aan en beleid te ontwikkelen op het gebied van veiligheid tegen agressie en geweld op school. Dit moet resulteren in een plan welk bedoeld is om de veiligheid
Kinderen van ouders met een afhankelijkheidsprobleem KOAP. Gezondheidsconferentie 2016
Kinderen van ouders met een afhankelijkheidsprobleem KOAP Gezondheidsconferentie 2016 Probleem KOAP? Aandacht voor KOAP Herkenning geven Opgroeien in een gezin met stress en negatieve interacties Jonge
Inleiding : Aanzet tot een project Impact van middelenmisbruik op de kinderen Het antwoord van ons project: Uitbouw van een netwerk Acties gericht
Inleiding : Aanzet tot een project Impact van middelenmisbruik op de kinderen Het antwoord van ons project: Uitbouw van een netwerk Acties gericht naar de kinderen Acties gericht naar hulpverlening en
RELATIEPROBLEMEN? GEWELD IN JE GEZIN? PRAAT EROVER.
RELATIEPROBLEMEN? GEWELD IN JE GEZIN? PRAAT EROVER. 1 Relatieproblemen? Geweld in je gezin? Erover praten is de eerste stap. In heel wat relaties en gezinnen zijn er problemen. In 1 op de 7 relaties is
> NASLAG WERKWINKEL LEERLINGEN IN DE SCHOOLRAAD Studiedag Leerlingen en school: partners in crime? 24-04-3013
> NASLAG WERKWINKEL LEERLINGEN IN DE SCHOOLRAAD Studiedag Leerlingen en school: partners in crime? 24-04-3013 Leerlingen uit het secundair onderwijs mogen vertegenwoordigd zijn als partner op de schoolraad.
Slachtoffers van mensenhandel en geestelijke gezondheidszorg
Slachtoffers van mensenhandel en geestelijke gezondheidszorg Informatie voor cliënten Cliënten en geestelijke gezondheidszorg Slachtoffers van mensenhandel hebben vaak nare dingen meegemaakt. Ze zijn geschokt
Hoe ondersteun ik iemand die aan zelfmoord denkt?
Hoe ondersteun ik iemand die aan zelfmoord denkt? Hoe ondersteun ik iemand die aan zelfmoord denkt? Als je het vermoeden hebt dat iemand waar je om geeft aan zelfmoord denkt, is het logisch dat je schrikt.
Naam van de schoolexterne interventie: Arktos HERGO
Naam van de schoolexterne : Arktos HERGO 1. Inhoud vd schoolexterne Algemeen kader 1 : Ontstaansgeschiedenis 2 Visie Een HERGO is een groepsoverleg waarin alle partijen betrokken bij een incident, samen
Anti-pestbeleid OBS De Schakel Alle kinderen moeten zich in hun basisschoolperiode veilig kunnen voelen, zodat zij zich optimaal kunnen ontwikkelen
Anti-pestbeleid OBS De Schakel Dit ANTI-PESTBELEID heeft als doel: Alle kinderen moeten zich in hun basisschoolperiode veilig kunnen voelen, zodat zij zich optimaal kunnen ontwikkelen Door regels en afspraken
Protocol Rouw en Verdriet
Protocol Rouw en Verdriet Protocol rouw en verdriet op school Het protocol heb ik gelezen. Er komt duidelijk naar voren dat er gewerkt met behulp van het protocol. Hierin staan verschillende stappen die
Voorbereiding gesprek zorginspectie
Oudersparticipatie Jeugdhulp Vlaanderen vzw, afdeling Vlaams-Brabant Parkstraat 185, 3000 Leuven www.oudersparticipatie-jeugdhulp.be Voorbereiding gesprek zorginspectie Bijeenkomst met ouders op 17/01,
Rouwen. Praten en delen met lotgenoten
Rouwen Als een dierbaar iemand pas gestorven is en je afscheid van hem of haar hebt moeten nemen, dan voel je je vaak heel wezenloos. Je vraagt je af waarom dit moest gebeuren maar je krijgt geen antwoord.
Draaiboek bij overlijden
Draaiboek bij overlijden Inhoudsopgave DRAAIBOEK BIJ OVERLIJDEN VAN EEN LEERLING...3 DRAAIBOEK BIJ OVERLIJDEN VAN EEN COLLEGA...8 DRAAIBOEK BIJ OVERLIJDEN VAN EEN OUDER VAN EEN LEERLING...12 DRAAIBOEK
Het bericht van overlijden komt op school binnen op:. Via:...
Protocol verdriet en rouw op de basisschool. Het bericht komt binnen. Het bericht van overlijden komt op school binnen op:. Via:... De ontvanger zorgt voor: De opvang voor degene die het meldt. De overdracht
Doodswens en suïcidegedachten bij ouderen
Doodswens en suïcidegedachten bij ouderen Bespreekbaar maken Eva Van Den Broeck CGG Andante Suicidepreventie [email protected] 03 620 10 20 Suïcidepreventie reflex Bron: Detectie en behandeling
Rouwprotocol Widdonckschool Weert
Rouwprotocol Widdonckschool Weert overlijden van ouder(s) / verzorger(s) In dit protocol wordt beschreven hoe Widdonckschool Weert kan handelen bij het overlijden van een ouder(s) / verzorger(s) van (een
Wat doet NIM Maatschappelijk Werk?
Wat doet NIM Maatschappelijk Werk? Hulp, informatie en advies voor iedereen die het nodig heeft Bij NIM Maatschappelijk Werk kan iedereen die het nodig heeft (in Nijmegen en de regio) aankloppen voor gratis
Zelfbeschadiging; wat kun jij doen om te helpen?
Zelfbeschadiging; wat kun jij doen om te helpen? Familie of naaste zijn van iemand die zichzelf beschadigt kan erg moeilijk zijn. Iemand van wie je houdt doet zichzelf pijn en het lijkt alsof je niks kunt
crisissituatie? hoe bereid je je voor?
crisissituatie? hoe bereid je je voor? crisissituatie? hoe bereid je je voor? crisishandboek 1 inleiding Als zelfstandige onthaalouder maak je elke dag werk van een veilige opvang. Toch kan ook jij geconfronteerd
Welkom. Regiobijeenkomst onderwijs: Psychische kwetsbaarheid
Welkom Regiobijeenkomst onderwijs: Psychische kwetsbaarheid Datum: : Spreker: https://www.youtube.com/watch?v=lym WPSKpRpE Programma Missie & Visie Stichting 113Online Diensten 113Online / 113Preventie
Mijn kind heeft een LVB
Mijn kind heeft een LVB Wat betekent een licht verstandelijke beperking nu precies? Informatie voor ouders van kinderen en jongeren met een licht verstandelijke beperking in de leeftijd van 6 tot 23 jaar
DETECTIE EN BEHANDELING VAN SUÏCIDAAL GEDRAG DE ONTWIKKELING VAN EEN MULTIDISCIPLINAIRE RICHTLIJN Saskia Aerts en Eva Dumon
DETECTIE EN BEHANDELING VAN SUÏCIDAAL GEDRAG DE ONTWIKKELING VAN EEN MULTIDISCIPLINAIRE RICHTLIJN Saskia Aerts en Eva Dumon Studiedag VVP 10 november 2015 Programma Introductie Ontwikkeling en planning
Voorstelling project Bemiddeling op School. Antwerpse Dienst Alternatieve Maatregelen (ADAM) PIVA Antwerpen
Voorstelling project Bemiddeling op School Antwerpse Dienst Alternatieve Maatregelen (ADAM) PIVA Antwerpen 1. Inleiding: het verhaal van PIVA 2. De werking van ADAM algemeen 3. Het project Bemiddeling
Rouwverwerking CBS Roemte Wirdumerweg 16 9919 HD Loppersum 0596 571390 [email protected] www.cbsroemte.nl
Rouwverwerking CBS Roemte Wirdumerweg 16 9919 HD Loppersum 0596 571390 [email protected] www.cbsroemte.nl rouwverwerking CBS Roemte 1 ROUWVERWERKING BIJ KINDEREN Voor achtergrondinformatie zijn er in deze
Ik heb al dikwijls gedacht, ik wou dat ik niet meer wakker werd. Elke avond bid ik dat ik bij mijn overleden man mag zijn.
Ouderen in nood: wat zie je, wat kan je doen? Anke Bonnewyn Ik zie het niet meer zitten. Voor wie ben ik hier eigenlijk nog? Ik hoop dat ze mij snel komen halen? Ik heb al dikwijls gedacht, ik wou dat
OMGAAN MET GRENSOVERSCHRIJDEND GEDRAG
1 Beoordeeld: 30 september 2013 Inhoudstafel Goedgekeurd: 4 oktober 2013 Geldig vanaf: 4 november 2013 1. Definitie van grensoverschrijdend gedrag 2. Visie over grensoverschrijdend gedrag 2.1. Visie van
Verlies, verdriet en rouw
Verlies, verdriet en rouw Albert Schweitzer ziekenhuis november 2013 pavo 0233 Inleiding Iemand die u dierbaar was, waar uw zorg naar uitging, is overleden. Het wegvallen van de overledene brengt wellicht
PROTOCOL GEWENST GEDRAG
PROTOCOL GEWENST GEDRAG 1. WAT DOEN WE OM GEWENST GEDRAG TE BEWERKSTELLIGEN? 1.1 OMGANGSREGELS Onze school heeft algemene omgangsregels geformuleerd, waaraan iedereen zich houdt. De regels benoemen het
Infobrochure. Wat na een Zelfmoordpoging?
Infobrochure Wat na een Zelfmoordpoging? Inhoud Inleiding. 3 Wat na een zelfmoordpoging?. 4 Er kan hulp en ondersteuning geboden worden.. 4 Oplossingen vindt u stap voor stap. 5 Project integrale zorg
PROGRAMMA 1. INTRODUCTIE AWEL, IK ZIE HET NIET MEER ZITTEN. Introductie Epidemiologie 19/12/2014. Introductie Verklarend model voor suïcidaal gedrag*
AWEL, IK ZIE HET NIET MEER ZITTEN Kwalitatieve analyse van chatgesprekken, e mailen forumberichten m.b.t. suïcide Eva Dumon Eenheid voor Zelfmoordonderzoek KeKi Research on Stage 9/10/ 14 PROGRAMMA 1.
Suïcidecijfers 2012 Vlaanderen
Suïcidecijfers 2012 Vlaanderen Vlaanderen suïcidecijfers 2012 Er overleden in Vlaanderen 1.114 personen door suïcide in 2012. Wanneer wordt vergeleken met het jaar 2011, overleden in 2012 1% minder mannen
Molenstraat 25 8331 HP Steenwijk Tel/fax 0521-512820 [email protected]. Protocol voor opvang bij ernstige incidenten. Sint Clemensschool
Molenstraat 25 8331 HP Steenwijk Tel/fax 0521-512820 [email protected] Protocol voor opvang bij ernstige incidenten Sint Clemensschool School Sint Clemensschool Bevoegd gezag Stichting Catent Bestuursnummer
Marie Van Broeckhoven Anneleen Depaire Suïcidepreventiewerking DAGG Lommel 011/ Detectie en behandeling van suïcidaal gedrag
Marie Van Broeckhoven Anneleen Depaire Suïcidepreventiewerking DAGG Lommel 011/54.23.62 Detectie en behandeling van suïcidaal gedrag 2 Wat? Multidisciplinaire richtlijn voor de detectie en behandeling
TOOLKIT ROUW EN VERDRIET
TOOLKIT ROUW EN VERDRIET ALS JE IEMAND DICHTBIJ VERLIEST. Rouwen: een werkwoord waarvan je de betekenis pas leert kennen als je voor het eerst iemand verliest die veel voor jou betekende. Misschien wil
Slecht nieuws goed communiceren
Slecht nieuws goed communiceren M A N U K E I R S E F A C U L T E I T G E N E E S K U N D E, K U L E U V E N Waarheid is een van de meest krachtige medicamenten waarover men beschikt, maar men moet nog
Terrorisme en dan verder Wat te doen na een aanslag?
Terrorisme en dan verder Wat te doen na een aanslag? Publieksversie Ga zo veel mogelijk door met uw normale dagelijkse activiteiten. Dat geeft u het gevoel dat u de baas bent over de situatie. Dit is ook
CHECKLIST DOS (DRUGBELEID OP SCHOOL) Is ons Tabak, alcohol- en drugbeleid nog up-to-date?
CHECKLIST DOS CHECKLIST DOS (DRUGBELEID OP SCHOOL) Is ons Tabak, alcohol- en drugbeleid nog up-to-date? Als school heeft u de opdracht om te werken rond verschillende gezondheidsthema s, gekaderd in een
Ouderen. Vrijwilligers en studenten tegen ouderenmishandeling. Stichting
Vrijwilligers en studenten tegen ouderenmishandeling Stichting Definitie ouderenmishandeling Al het handelen of nalaten van handelen jegens (geheel of gedeeltelijk) afhankelijke ouderen, door diegene(n)
MONTESSORICOLLEGE EINDHOVEN ROUWPROTOCOL WAT TE DOEN BIJ HET OVERLIJDEN VAN EEN LEERLING
MONTESSORICOLLEGE EINDHOVEN ROUWPROTOCOL WAT TE DOEN BIJ HET OVERLIJDEN VAN EEN LEERLING Draaiboek voor het overlijden van een leerling Dit draaiboek bevat een checklist ofwel een lijst van af te werken
Zelfmoord1813.be digitaal platform voor de preventie van zelfdoding
Zelfmoord1813.be digitaal platform voor de preventie van zelfdoding Livia Anquinet, Werkgroep Verder Peter Beks, Zorg voor Suïcidepogers Leen Devlieghere, Tele-Onthaal Kirsten Pauwels, Centrum ter Preventie
Overlijden CALANDLYCEUM. 04-10/264hbOud 12 oktober 2004 DRAAIBOEK BIJ HET OVERLIJDEN VAN EEN PERSONEELSLID OF EEN LEERLING(E)
Overlijden CALANDLYCEUM 04-10/264hbOud 12 oktober 2004 DRAAIBOEK BIJ HET OVERLIJDEN VAN EEN PERSONEELSLID OF EEN LEERLING(E) 1 Binnenkomen van de informatie Mededeling komt binnen via concierge/secretariaat:
Kanjerprotocol hoe gaan we om met elkaar
Inleiding Kanjerprotocol hoe gaan we om met elkaar We hebben ons als doel gesteld: Kinderen in een veilige, vertrouwde omgeving begeleiden bij de ontwikkeling van hun eigen mogelijkheden. Goed onderwijs
Draaiboek bij overlijden (leerling of collega)
Draaiboek bij overlijden (leerling of collega) Het bericht komt binnen (vink de checklist af): Bij een ongeval, bij een overlijden op school of een overlijden waarbij de school betrokken is: Zorgt de ontvanger
Dit PESTPROTOCOL heeft als doel:
Dit PESTPROTOCOL heeft als doel: Alle kinderen moeten zich in hun basisschoolperiode veilig kunnen voelen, zodat zij zich optimaal kunnen ontwikkelen Door regels en afspraken zichtbaar te maken kunnen
zelfdoding Waarom heb ik dat niet gezien?
zelfdoding Waarom heb ik dat niet gezien? 12 verhaal EEN LEERLING VAN SIGRID PLEEGde ZELFMOORD We bleven verdoofd achter Een rustige zaterdagavond in mei. Sigrid Coymans, leerlingenbegeleider en graadcoördinator
Koninklijk Atheneum Keerbergen Afstemming tussen school, CLB en andere partners
Koninklijk Atheneum Keerbergen Afstemming tussen school, CLB en andere partners 1 Inhoudsopgave 1. GEZAMENLIJKE VISIE 3 2. TOEGANKELIJKHEID 4 3. DOMEINEN 5 3.1. PREVENTIEVE GEZONDHEIDSZORG 5 3.2. LEREN
Partner ondersteuning 1
Partnerondersteuning 1 Je partner heeft borstkanker, wat nu? Informatie voor je partner Kanker heb je niet alleen. Ook jij als partner wordt mee betrokken in de strijd. Het bericht is voor jou net zo n
Menukaart Gezonde School basisonderwijs: Roken & Alcohol
Menukaart Gezonde School basisonderwijs: Roken & Alcohol School: Plaats: Locatie: Contactpersoon: Telefoonnummer: E-mailadres: Datum invullen: Inhoud: Om op een effectieve manier invulling te geven aan
STICHTING SCHOLENGROEP PRIMATO
STICHTING SCHOLENGROEP PRIMATO OPENBAAR PRIMAIR ONDERWIJS HENGELO OV. PROTOCOL AGRESSIE EN GEWELD (TUSSEN OUDERS EN SCHOOL) Indien er sprake is van een calamiteit in de zin van geweld op school kan het
Alle kinderen moeten zich in hun basisschoolperiode veilig kunnen voelen, zodat zij zich optimaal kunnen ontwikkelen
Pestprotocol Floris Radewijnszschool. Dit PESTPROTOCOL heeft als doel: Alle kinderen moeten zich in hun basisschoolperiode veilig kunnen voelen, zodat zij zich optimaal kunnen ontwikkelen Door regels en
Dip, down of depressie Hulp bij depressiviteit
Dip, down of depressie Hulp bij depressiviteit Dip, down of depressie Hulp bij depressiviteit Iedere tiener is weleens somber en verdrietig, en vaak is het in één, twee dagen voorbij zonder dat je als
Zorgen voor jezelf 1
Zorgen voor jezelf 1 1 op 3 personen (15+) voelt zich slecht in z n vel. Ik ben angstig Ik voel me depressief Ik maak me ernstig zorgen 2 Vlaanderen in Europa Bron: Vlaams Agenschap Zorg en Gezondheid,
