Wetenschappelijke factsheet
|
|
|
- Gabriël Cools
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Wetenschappelijke factsheet Verlagen ruw eiwitgehalte in voer (kraamzeugen, guste en dragende zeugen, biggen en vleesvarkens) maatregel in officiële Nederlandse procedures (bijvoorbeeld RAV) dat wil zeggen ingediend, voorfase indienen (proefstatus), afgewezen (inclusief argumenten/reden): In stoppersregeling. Reden voor Proeftuin Natura 2000 Overijssel om maatregel voor te dragen: Dit is een maatregel die additioneel kan worden genomen, naast andere huisvestings- of managementmaatregelen. Zowel de emissie vanaf de roostervloer als vanuit de mestkelder zal worden gereduceerd. Werkingsprincipe maatregel / technische tekeningen, inclusief referenties: Eiwit in het voer is de belangrijkste bron voor ammoniakemissie. Eiwitten bestaan uit aminozuren en overtollige aminozuren worden in het lichaam afgebroken. Een belangrijk component van aminozuren is stikstof. De overtollige stikstof wordt in de urine uitgescheiden als ureum. Ureum wordt op de vloer en in de mestkelder in het algemeen zeer snel omgezet naar ammoniak. Deze ammoniak zal vervolgens voor een deel vervluchtigen en voor een deel opgelost blijven in de mest in de vorm van ammonium. Het principe van een verlaging van het ruw eiwitgehalte is gebaseerd op het feit dat varkens geen behoefte hebben aan ruw eiwit maar aan de aminozuren. Door het ruw eiwitgehalte te verlagen en tegelijkertijd de limiterende essentiële aminozuren in zuivere vorm aan het voer toe te voegen kan worden voorkomen dat de productieprestaties afnemen bij een lager eiwitgehalte (Aarnink et al., 2012). Verlaging van het ruw eiwitgehalte met behoud van de hoeveelheid essentiële aminozuren kan op 2 manieren worden bereikt: door gebruik van zuivere aminozuren en door goed verteerbare eiwitbronnen. Voor de emissie van ammonia is het gewenst dat de verlaging voornamelijk plaats vindt met zuivere aminozuren. Gezien de kostprijs zal er in de praktijk vrijwel altijd voor de oplossing met zuivere aminozuren worden gekozen. Effectiviteit maatregel, inclusief referenties (overzicht beschikbare kennis plus onderliggende data c.q. experimenten/computermodel): Deze maatregel verlaagt de ammoniakemissie naar verwachting met 10% per 10 g/kg verlaging van het eiwitgehalte in het voer. Het effect van eiwitgehalte in het voer op de ammoniakemissie is al vrij uitgebreid onderzocht bij vleesvarkens, zowel in Nederland (Canh et al., 1998; Le et al., 2007) als internationaal (Hayes et al., 2004; Kay and Lee, 1997; Latimier and Dourmad, 1993). Gemiddeld werden reducties gevonden van ca ,5% in ammoniakemissie bij elke 10 g/kg verlaging van het eiwitgehalte in het voer. In een onderzoek van Smits et al. (2012) werd een groter effect gevonden van ruw eiwit verlaging op de ammoniakemissie bij vleesvarkens, namelijk 14% reductie per 10 g/kg verlaging van het ruw eiwitgehalte. De verlaging in ammoniakemissie is enerzijds het gevolg van een verlaagd ammoniumgehalte van de mengmest en anderzijds van een lagere ph van de mengmest (Aarnink and
2 Verstegen, 2007). Gezien de gevonden reducties in de literatuur kan geconcludeerd worden dat 10% ammoniakreductie per 10 g/kg eiwitverlaging een vrij conservatieve inschatting is van dit effect. Bij verlaging van het ruw eiwitgehalte van voer voor gespeende biggen mogen vergelijkbare effecten op de ammoniakemissie worden verwacht als bij vleesvarkens. Uit een groot aantal recente studies met gespeende biggen, waarin het eiwitgehalte werd verlaagd van 240 naar 200 g/kg (Htoo et al., 2007), van 211 naar 183 g/kg (Barea et al., 2009), van 205 naar 170 g/kg (Lordello et al., 2008), van 195 naar 161 g/kg (Jansman et al., 2008), van 190 naar 170 (Norgaard and Fernandez, 2009) en van 169 naar 151 g/kg (Vinyeta et al., 2010) blijkt dat ook bij biggen een verlaging van het ruw eiwitgehalte zonder verlies aan productie mogelijk is. Een voorwaarde hierbij is dat in de behoefte aan alle essentiële aminozuren wordt voorzien door gebruik van zuivere aminozuren omdat anders de groeiprestaties afnemen, zoals bijvoorbeeld gevonden door Nyachoti et al. (2006). Daarnaast spelen ander voercomponenten een rol. Bikker et al. (2007) vonden bij een verlaging van het ruweiwitgehalte in het voer van 220 naar 150 g/kg bij een laag gehalte aan fermenteerbare koolhydraten (75 g/kg) een significante toename van de groei (+50 g/d), maar bij een hoog gehalte aan fermenteerbare koolhydraten (135 g/kg) verslechterde de voerconversie (van 1,49 naar 1,59). In een onderzoek bij drachtige zeugen vonden Korniewicz et al. (geciteerd door Gajewczyk et al. (2010)) een verlaging van de N-uitscheiding via de urine van 18% bij een verlaging van het eiwitgehalte in het voer van 13 g/kg (van 130 naar 117 g/kg) in het begin van de dracht (dag 1 90) tot 17 g/kg (van 170 naar 153 g/kg) aan het eind van de dracht (dag ). Bij een verlaging van het eiwitgehalte in het voer van 26 g/kg (van 130 naar 104 g/kg) in het begin van de dracht (dag 1 90) tot 25 g/kg (van 170 naar 145 g/kg) aan het eind van de dracht (dag ) vonden deze auteurs een verlaging van de N-uitscheiding via de urine van 23%. Van der Peet-Schwering et al. (2005) vonden een verlaging van de N-uitscheiding van 9% bij een verlaging van het eiwitgehalte in het voer voor drachtige zeugen van 10 g/kg. Dit betekent dat bij zeugen een vergelijkbare verlaging van de stikstofuitscheiding werd gevonden als bij vleesvarkens. Hieruit volgt dat bij zeugen een vergelijkbaar effect op de ammoniakemissie mag worden verwacht als bij vleesvarkens bij een verlaging van het gehalte aan ruweiwit in het voer (10-12,5% reductie bij 10 g/kg lager ruweiwitgehalte). Gajewczyk et al. (2010) vonden geen effect van een verlaagd eiwitgehalte in het voer voor drachtige zeugen op de conditie en de productie van de zeugen. Gajewczyk et al. (2010) keken in hetzelfde onderzoek ook naar de lacterende zeugen. Deze kregen hetzelfde voer als de hoog-drachtige zeugen. Ze vonden dat het gewicht van de biggen bij spenen significant lager was (-8%) bij verlaging van het eiwitgehalte met 17 of 25 g/kg ten opzichte van de controlegroep. Dit verschil werd volgens de auteurs waarschijnlijk veroorzaakt door een groter aantal gespeende biggen in de beide groepen zeugen met verlaagd eiwit in het voer (+0.3 en +0.4 extra gespeende biggen). Verder werden geen verschillen gevonden in de reproductieresultaten. Renaudeau et al. (2001) vonden bij een eiwitverlaging in het voer van 176 naar 142 g/kg bij lacterende zeugen een verlaging in de N-excretie in mest plus urine van circa 30% zonder negatief effect op de melkproductie en de groei van de biggen. Silva et al. (2009) vonden eveneens geen negatief effect van een eiwitverlaging in het voer van 173 naar 141 g/kg en aanvulling met zuivere aminozuren op de prestaties van zeugen en biggen in een warme omgeving.
3 Borging en handhaving maatregel: (on)mogelijkheden, certificering: V-D1.1-V01 t/m V-D1.1-V03 Gebruikseis Voor alle dieren gehouden binnen een eenheid / stal geldt dat: de dieren worden uitsluitend gevoerd met aangepast compleet mengvoer (lees: voer met een lager eiwitgehalte zie voor maximale eiwitgehalten per diercategorie Tabel 1) dat wordt geleverd door een mengvoederleverancier. Dit mengvoer heeft een unieke voercode. Tabel 1: Overzicht van de verschillende maatregelen en bijbehorend maximale eiwitniveau (gemiddeld over de gehele productieperiode) per diercategorie en het beoogde effect op de ammoniakemissie No. Diercategorie Maatregel verlaging eiwitgehalte voer t.o.v. referentie Max. eiwitgehalte emissiearm voer Beoogde NH 3 reductie % 1 Guste en Dragende zeugen -10 g/kg 125 g/kg 10 2 Guste en Dragende zeugen -20 g/kg 115 g/kg 20 3 Lacterende Zeugen -8 g/kg 150 g/kg 8 4 Lacterende Zeugen -12 g/kg 146 g/kg 12 5 Biggen -10 g/kg 170 g/kg 10 6 Biggen -20 g/kg 160 g/kg 20 7 Biggen -30 g/kg 150 g/kg 30 8 Vleesvarkens -15 g/kg 150 g/kg 15 9 Vleesvarkens -30 g/kg 135 g/kg 30 Risico Een bedrijf met meerdere stallen / eenheden zou emissiearm voer kunnen mengen met normaal voer en dit mengsel verstrekken aan al zijn dieren op zijn bedrijf. Hierdoor wordt niet het beoogde ammoniakemissiereductie effect gerealiseerd, terwijl uit de administratie blijkt dat dat er een bepaalde hoeveel emissiearm voer is geleverd. Oplossing: registratie op siloniveau (voerbon). Controle van de maatregel c1 Aan de hand van een unieke voercode, die vermeld staat op het etiket, voerbon of anderszins, moet de samenstelling van het geleverde en gebruikte veevoer voor controle inzichtelijk zijn. c2 per ronde moeten de volgende gegevens worden geregistreerd en minimaal 5 jaar binnen de inrichting worden bewaard: de samenstelling en hoeveelheid van het geleverde mengvoer; het aantal gehouden dieren (per eenheid) waaraan het aangepaste veevoer is verstrekt waarbij een tijdsregistratie toonbaar moet zijn zodat duidelijk wordt wanneer en hoelang het aangepaste voer is verstrekt. c3 MINAS boekhouding. Voor MINAS dienen door de mengvoederleverancier de geleverde N en P hoeveelheden te worden doorgegeven. Deze hoeveelheden kunnen worden afgezet tegen de referentiewaarden (= hoeveel N zou zijn aangeleverd als de ondernemer referentievoer zou hebben verstrekt?). c4 Het eiwitgehalte van het geleverde mengvoer kan op twee manieren worden gecontroleerd: Chemische analyse van het geleverde mengvoer door een onafhankelijk laboratorium en een erkende analyse methode
4 Op basis van de voersamenstelling kan het eiwitgehalte van het voer worden berekend (optimalisatie) Opmerking Het overgrote gedeelte van de bedrijven werkt volgens bovenvermelde systematiek. Echter, voor bedrijven die zelf mengen of het mengvoer niet geheel volgens de hiervoor beschreven werkwijze aanvoeren, voldoet deze werkwijze niet en is een sluitende controle en handhaving lastiger. Deze bedrijven kunnen dus geen gebruik maken van deze maatregel. Dit betekent echter niet dat voermaatregelen voor deze bedrijven geen optie zijn. De controle en handhaafbaarheid zal voor deze bedrijven nader moeten worden uitgewerkt. Praktijk informatie Om verlies aan productie te voorkomen moet een verlaging van het eiwitgehalte van het voer altijd gepaard gaan met toevoeging van limiterende aminozuren (vooral lysine, methionine / cysteïne, threonine, tryptofaan). Hoe lager het ruweiwitgehalte des te meer aminozuren limiterend worden en in zuivere vorm moeten worden toegevoegd. Dit geeft een verhoging van de kosten van het voer. Als aan voorgaande eis wordt voldaan hoeft eiwitverlaging geen gevolgen te hebben voor de productie van de dieren. Voor biggen geeft een lager eiwitgehalte zelfs een betere gezondheid. Het eiwitgehalte van het voer kan bij vleesvarkens vanaf circa 40 kg tegen niet al te grote meerkosten worden verlaagd naar circa g/kg. Bij jonge vleesvarkens tot 40 kg ligt dit circa 10 g/kg hoger. Gajewczyk et al. (2010) vonden geen effect van een verlaagd eiwitgehalte in het voer voor drachtige zeugen op de conditie en de productie van de zeugen. In Tabel 2 worden mogelijke verlagingen van het eiwitgehalte van het voer aangegeven ten opzichte van de referentiewaarde en het effect hiervan op de ammoniakemissie. Tevens wordt een indicatie gegeven van de extra kosten per 100 kg voer en de extra kosten per 10% ammoniakreductie. Tabel 2: Mogelijke verlaging van het eiwitgehalte van het voer, het effect op de ammoniakemissie en de indicatieve kosten die hiermee gemoeid zijn (Aarnink et al., 2012; Aarnink et al., 2010) No. Diercategorie Referentie waarde eiwit (g/kg) Maatregel verlaging eiwitgehalte voer t.o.v. referentie Beoogd e NH 3 reductie % Extra kosten per 100 kg voer Kosten / (10% NH 3 reductie) 1 GenD zeugen g/kg 10 0,05 0,47 2 GenD zeugen g/kg 20 0,31 1,46 3 Lacterende 158 0,26 4,35-8 g/kg 8 zeugen 4 Lacterende 158 2,58 21,56-12 g/kg 12 zeugen 5 Biggen g/kg 10-0,09-0,17 6 Biggen g/kg 20 0,01 0,01 7 Biggen g/kg 30 0,18 0,12 8 Vleesvarkens g/kg 15-0,27-1,38 9 Vleesvarkens g/kg 30 0,78 1,97 1 Guste en Dragende zeugen
5 Tabel 3: Totale beoordeling van emissie reducerende maatregel V-D1.1-V01 t/m V-D1.1-V03 Effect op Beoordeling Milieu + Lagere ammoniakemissie, zie tabel 1. Productie 0 Geen effect wanneer limiterende aminozuren worden aangevuld. Welzijn 0 Geen effect. Diergezondheid +/0 Bij gespeende biggen positief effect, bij andere diercategorieën geen effect. Arbeid 0 Geen extra arbeid te verwachten. Kosten +/-/- - Extra kosten zie tabel zeer negatief; - negatief; 0= neutraal; + = positief; ++ zeer positief Referenties Aarnink, A. J. A., P. Bikker, and J. T. M. Van Diepen Voermaatregelen voor ammoniakreductie in stallen voor zeugen en biggen. Wageningen UR Livestock Research. Lelystad: Wageningen UR Livestock Research. Aarnink, A. J. A., M. C. J. Smits, and I. Vermeij Reductie van ammoniakemissie op vleesvarkensbedrijven via gecombineerde maatregelen. Rapport 366. Lelystad: Wageningen UR Livestock Science. Aarnink, A. J. A., and M. W. A. Verstegen Nutrition, key factor to reduce environmental load from pig production. Livestock Sciences 109: Bikker, P., A. Dirkzwager, J. Fledderus, P. Trevisi, I. le Huaerou-Luron, J. P. Lalles, and A. Awati Dietary protein and fermentable carbohydrates contents influence growth performance and intestinal characteristics in newly weaned pigs. Livestock Science 108(1-3): Canh, T. T., A. J. A. Aarnink, J. B. Schutte, A. L. Sutton, D. J. Langhout, M. W. A. Verstegen, and J. W. Schrama Dietary protein affects nitrogen excretion and ammonia emission from slurry of growing-finishing pigs. Livest. Prod. Sci. 56: Gajewczyk, P., D. Korniewicz, R. Kolacz, Z. Dobrzanski, and A. Korniewicz Response of pregnant and lactating sows to reduced protein content in complete compound feed. Polish Journal of Veterinary Sciences 13(4): Hayes, E. T., A. B. G. Leek, T. P. Curran, V. A. Dodd, O. T. Carton, V. E. Beattie, and J. V. O'Doherty The influence of diet crude protein level on odour and ammonia emissions from finishing pig houses. Bioresource Technology 91(3): Kay, R. M., and P. A. Lee Ammonia emission from pig buildings and characteristics of slurry produced by pigs offered low crude protein diets. In: J.A.M. Voermans and G.J. Monteny, Proceedings of the International Symposium on Ammonia and Odour Control from Animal Production Facilities, p Proefstation voor de Varkenshouderij, Rosmalen. Latimier, P., and J. Y. Dourmad Effect of three protein feeding strategies, for growingfinishing pigs, on growth performance and nitrogen output in the slurry and in the air.
6 Proceedings Congress on Nitrogen Flow in Pig Production and Environmental Consequences, Wageningen 8-11 june, p Le, D. P., A. J. A. Aarnink, A. W. Jongbloed, C. M. C. Van der Peet-Schwering, N. W. M. Ogink, and M. W. A. Verstegen Effects of dietary crude protein level on odour from pig manure. Animal 1: Van der Peet-Schwering, C. M. C., M. M. A. H. H. Smolders, and G. P. Binnendijk Fasenvoedering bij drachtige zeugen: effect op reproductie en mineralenuitscheiding = Phasefeeding for gestating sows: effects on performance and mineral excretion. Animal Sciences Group. Lelystad. Emissiereductie In de Provincie Overijssel heeft de door de Gedeputeerde Staten van Overijssel op 29/03/2011 ingestelde Commissie van Deskundigen (Beleidsregel Natura2000 en stikstof voor veehouderijen) een reductiepercentage voor deze maatregel goedgekeurd van voor 10% per -10 g/kg. Deze percentages mogen vanaf 20 mei 2014 gebruikt worden bij het aanvragen van een NB-vergunning in deze Provincie.
Voorlopige lijst maatregelen stoppersregeling Actieplan Ammoniak Veehouderij. Toelichting:
Voorlopige lijst maatregelen stoppersregeling Actieplan Ammoniak Veehouderij Rijk-IPO-VNG-werkgroep Actieplan Ammoniak Veehouderij, 6 juli 12 Toelichting: De lijst is een voorlopige lijst, in die zin dat
Wetenschappelijke factsheet
Wetenschappelijke factsheet Rubberen sleufvloer (Melkvee) maatregel in officiële Nederlandse procedures (bijvoorbeeld Rav) dat wil zeggen ingediend, voorfase indienen (proefstatus), afgewezen (inclusief
Bij kraamzeugen wordt geen eis aan de vloeruitvoering gesteld.
Nummer systeem BWL 2016.02 Naam systeem Diercategorie Systeembeschrijving van Maart 2016 Schuine wand in het mestkanaal D 1.2 kraamzeugen (incl. biggen tot spenen), D 3 vleesvarkens, opfokberen van ca.
Proefverslag 350 VERLAGING VAN HET RUW EIWITGEHALTE IN VOEDER VOOR LACTERENDE ZEUGEN. Inleiding. Proefopzet Proefdieren. Proefbehandelingen lactatie
Proefverslag 350 VERLAGING VAN HET RUW EIWITGEHALTE IN VOEDER VOOR LACTERENDE ZEUGEN (proef VFB-31; PV-350; Y1992) december 1992 auteurs: ir. C.H.M. Smits dr. ir. P.J. van der Aar Inleiding Het systeem
Projectaanvraag/-voorstel, behorende
VEE VLEES EIEREN Projectaanvraag/-voorstel, behorende bij de Regeling Financiële Bijdragen van de PVE (2006/030/E0040) PRODUCT BOARDS FOR LIVESTOCK, MEAT AND EGGS Onderzoeksinstelling: Wageningen UR Livestock
Informatiedocument Minder dieren houden
ACTIEPLAN AMMONIAK & VEEHOUDERIJ - Gedoogbeleid stoppende bedrijven Informatiedocument Minder dieren houden 1. Inleiding Dit document bevat de informatie over de stoppersmaatregel minder dieren houden.
Stikstofretentie en -excretie door varkens; verschillen tussen beren en borgen
Stikstofretentie en -excretie door varkens; verschillen tussen beren en borgen Commissie Deskundigen Meststoffenwet. Notitie opgesteld door Dr. P. Bikker, Livestock Research, Wageningen University Goedgekeurd
Informatiedocument Minder dieren houden
ACTIEPLAN AMMONIAK & VEEHOUDERIJ - Gedoogbeleid stoppende bedrijven Informatiedocument Minder dieren houden 1. Inleiding Dit document bevat de informatie over de stoppersmaatregel minder dieren houden.
Overzicht van maatregelen om de ammoniakemissie uit de veehouderij te beperken
Overzicht van maatregelen om de ammoniakemissie uit de veehouderij te beperken Geactualiseerde versie 2017 J. Mosquera, A.J.A. Aarnink, H. Ellen, H.J.C. van Dooren, R.A. van Emous, J. van Harn, N.W.M.
Aan de leden en afnemers. Inhoudsopgave. 2/3 Aan leden en afnemers. 4 Saldo Melkgeitenhouderij. 5/6/7 Laag eiwit in vleesvarkenvoeders
Inhoudsopgave 2/3 Aan leden en afnemers 4 Saldo Melkgeitenhouderij 5/6/7 Laag eiwit in vleesvarkenvoeders 8 Maïsdemoveld Zuid-Oost Salland 9 Zuid-Oost Salland in het nieuws 10 P-toets voor melkvee 11 Nieuwtjes
Wageningen UR Livestock Research
Wageningen UR Livestock Research Partner in livestock innovations Rapport 366 Reductie van ammoniakemissie op vleesvarkensbedrijven via gecombineerde maatregelen April 2010 Colofon Uitgever Wageningen
Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Directoraat-Generaal Milieu en Internationaal; Directie Duurzaamheid
STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 35929 31 december 2013 Regeling van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu van 13 december 2013, nr. IENM/BSK-2013/297853,
Emissie in kg NH3 per dierplaats per jaar volgens traditioneel systeem
Bijlage 1 bij de stikstof en Natura2000 Noord-Brabant Emissiefactoren voor de vanuit het dierenverblijf, inclusief de van de mest die in het dierenverblijf is opgeslagen (versie 10 januari 2012) 1 2 Code
BIJLAGE 2. Milieuneutrale wijziging
BIJLAGE Milieuneutrale wijziging Milieuneutrale wijziging van de (werking van de) inrichting De heer W.B.M. Aarts heeft aan de Polderdreef 5 te Liessel de beschikking over een varkenshouderij. De inrichting
Systeembeschrijving van Juli Vervangt BWL V7 van november Werkingsprincipe
Nummer systeem Naam systeem Diercategorie BWL 2007.03.V8 Systeembeschrijving van Juli 2018 Biologisch luchtwassysteem 70% ammoniakemissiereductie Vleeskalveren tot circa 8 maanden (A 4.2), geiten ouder
Verklaring van geen bedenkingen van Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant
Verklaring van geen bedenkingen van Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant Op het op 6 januari 2016 door ons ontvangen verzoek om een verklaring van geen bedenkingen in het kader van de Natuurbeschermingswet
Constructeur/fabrikant: CBgroep Opvolgteam: MIRCON bvba
De Luchtwasser Constructeur/fabrikant: CBgroep Opvolgteam: MIRCON bvba Ik plaats een nieuwe varkensstal en neem mee Aanvraag omgevingsvergunning/milieuvergunning 1. WAAR Ruimtelijke structuurplannen. 2.
Bijlage 2 bij de Verordening stikstof en Natura 2000 Noord-Brabant 2013
Bijlage 2 bij de stikstof en Natura 2000 Noord-Brabant 2013 Lijst met technische staleisen als bedoeld in artikel artikel 3 Emissiefactoren voor de vanuit het dierenverblijf, inclusief de van de mest die
VAN DER MEER. Inwerkingtreding Besluit Huisvesting. Oosterwolde, 11 augustus 2008
Inwerkingtreding Besluit Huisvesting Oosterwolde, 11 augustus 2008 Op 1 april jongstleden is het Besluit ammoniakemissie huisvesting veehouderij (Besluit huisvesting) inwerking getreden. Het Besluit huisvesting
Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.
STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 16865 1 juli 2015 Regeling van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, van 24 juni 2015, nr. IENM/BSK-2015/115905,
Module Voer en duurzaamheid varkens
Module Voer en duurzaamheid varkens De CO 2 -voetafdruk van dit drukwerk is berekend met ClimateCalc en gecompenseerd bij: treesforall.nl www.climatecalc.eu Cert. no. CC-000057/NL Colofon Auteur Afke Zandvliet,
In deze circulaire zal aandacht worden besteed aan maatregelen om deze ongewenste situaties te voorkomen of te beperken.
SCH-1996-20 DE INTERNE OF VOERGEBONDEN WARMTE VAN VARKENSVOEDERS Inleiding Van de energie die met het voer aan varkens wordt verstrekt komt een aanzienlijk deel vrij als warmte. Dit is de interne of voergebonden
Inhoudsopgave. Aan de leden en afnemers. 2/3 Aan leden en afnemers
Inhoudsopgave 2/3 Aan leden en afnemers 4/5 Voerefficiëntie melkvee 6 Geslaagde studiedag melkveehouderij 7/8/9/10/11 Eerste lijst met maatregelen voor stoppers bekend 12/13 AgroVision cijfers 2011 14
Vrije aminozuren als alternatief voor eiwitten in de veevoeding. Studiedag Alternatieve Eiwitbronnen 9 oktober Frana
Vrije aminozuren als alternatief voor eiwitten in de veevoeding ir. Ludo Segers 1 Frana Federatie van fabrikanten en vertegenwoordigers van toevoegingen voor dierlijke voeding Frana werkt nauw samen -
Ammoniakreductie, een zaak van het gehele bedrijf
Ammoniakreductie, een zaak van het gehele bedrijf Pilotveehouder Henk van Dijk Proeftuinadviseur Gerrit de Lange Countus Accountants Proeftuin Natura 2000 Overijssel wordt mede mogelijk gemaakt door: 8
Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.
STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 18729 18 oktober 2011 Regeling van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu van 3 oktober 2011, nr. DP2011054569,
Komt er een oplossing?
Komt er een oplossing? Onderzoek ammoniak en fijn stof Hilko Ellen Hoe ammoniak reduceren? Hoe ammoniak reduceren? Via voer: toevoegingen lager eiwitgehalte controle / handhaving? Geen vorming in mest/
Beton 15-20. 20 Detricon. 25 Detricon. 43 Anders Beton PAS R-1-7 1. 45 Agro Air Concepts, Ten Hoeve Projecten BV 45 CBgroep BVBA
Diersoort Diercategorie Code Naam maatregel Reductie (%) Indiener RUNDVEE R-1 Melk- en kalfkoeien PAS R-1.1 Beweiden in groep 5-27 ouder dan 2 jaar PAS R-1.2 Loopvloer reinigen met mestschuif of mestrobot
Gezondheid en gefermenteerde voeders
Gezondheid en gefermenteerde voeders OPNV Ede, 12 juni 2012 Ronald Scholten (Nutreco R&D) 1 Introductie 1993 1999 Proefstation Varkenshouderij Rosmalen project brijvoer en bijproducten 1997 2001 PhD Fermentation
Wageningen UR Livestock Research
Wageningen UR Livestock Research Partner in livestock innovations Rapport 625 Ammoniakemissiearme verharde uitlopen voor varkens Juli 2012 Colofon Uitgever Wageningen UR Livestock Research Postbus 65,
VORMVRIJE M.E.R.-BEOORDELING
VORMVRIJE M.E.R.-BEOORDELING HOOGSTRAAT UDEN GEMEENTE Colofon Vormvrije m.e.r.-beoordeling Projectnummer: Versie: 1 Datum: 2 augustus 2016 Opdrachtnemer Agrifirm Waalkade 33 5347 KR Oss Locatie 17 Uden
Een veehouderij breidt uit
Een veehouderij breidt uit CASUS 4 april 2013 Annelies Uijtdewilligen Wat gaan we doen U krijgt een situatie beschreven, zoals deze op uw bureau kan komen. U denkt na: wat ga ik doen. Dan max. 3 minuten
Naar betere luchtkwaliteit in varkensstallen
Naar betere luchtkwaliteit in varkensstallen André Aarnink 3 december 2015 Inhoud Huidige klimaatregeling in vleesvarkensstallen Stelling 1 Gevolgen slechte luchtkwaliteit Bronnen vervuilende componenten
Ligboxenstal met roostervloer voorzien van cassettes in de roosterspleten en mestschuif Melk- en kalfkoeien ouder dan 2 jaar
Nummer systeem Naam systeem Diercategorie Rav-code A 1.13 BWL2010.34.V7 Systeembeschrijving van December 2018 Ligboxenstal met roostervloer voorzien van cassettes in de roosterspleten en mestschuif Melk-
Varkens produceren in Argentinië: lage kosten en daglicht in overvloed
Varkens produceren in Argentinië: lage kosten en daglicht in overvloed Argentinië, het land van Maxima en pampa s, maar ook een wereldspeler in de dop als het gaat om varkens! Auteurs: M.A. de Winter P.
Eventuele voettekst. Tekening wordt aangeleverd. De melding bevat geen tekening. Hoe lost u dit op? Is er een OBM nodig?
Wat gaan we doen U krijgt een situatie beschreven, zoals deze op uw bureau kan komen. Een veehouderij breidt uit RWS Leefomgeving Kenniscentrum InfoMil Edwin Cornelissen U denkt na: wat ga ik doen. Dan
BIJLAGE 2: BEOORDELING EMISSIEARME HUISVESTINGSYSTEMEN
BIJLAGE 2: BEOORDELING EMISSIEARME HUISVESTINGSYSTEMEN Nummer systeem Naam systeem Diercategorie BWL 2007.03.V3 Systeembeschrijving van Februari 2011 Biologisch luchtwassysteem 70 % ammoniakemissiereductie
Standaardprocedure. A-V1 Optimalisatie van het ventilatiesysteem
Standaardprocedure A-V1 Optimalisatie van het ventilatiesysteem Deel 1: Dimensionering en instellingen (in te vullen per afdeling) Stap 1: Ventileer niet te weinig en niet te veel! Bepaal met behulp van
Effect van het ruw eiwit gehalte in vleesveerantsoen op ammoniakemissie ILVO. Karen Goossens ILVO. ILVO Studiedag Methaan en Ammoniak 11 december 2018
Effect van het ruw eiwit gehalte in vleesveerantsoen op ammoniakemissie Karen Goossens Studiedag Methaan en Ammoniak 11 december 2018 Inleiding PAS-lijst = lijst van erkende ammoniak-emissie reducerende
Q,dbn. Verklaring van geen bedenkingen van Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant Omgevingsdienst Brabant Noord
Verklaring van geen bedenkingen van Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant Q,dbn Omgevingsdienst Brabant Noord Op het op 1 maart 2016 door ons ontvangen verzoek om een verklaring van geen bedenkingen in
De in vitro verteerbaarheid van gedroogde algen
De in vitro verteerbaarheid van gedroogde algen De in vitro verteerbaarheid van gedroogde algen M.M. van Krimpen P.G. van Wikselaar P. Bikker Dit onderzoek is uitgevoerd door Wageningen UR Livestock Research,
Voorschriften Wij verbinden aan deze vergunning voorschriften. Deze zijn in bijlage 1 weergegeven.
Luttenbergstraat 2 Postbus 10078 8000 GB Zwolle Telefoon 038 499 88 99 Fax 038 425 48 88 overijssel.nl [email protected] Maatschap H. en A. Duteweert De heer H. Duteweert Witteveensweg 7 8111 RP HEETEN
FACTSHEET VOEDING DRAGENDE ZEUGEN
FACTSHEET VOEDING DRAGENDE ZEUGEN Voerschema dragende zeugen Tijdens de dracht bestaat de voerbehoefte van een zeug uit voer voor onderhoud en groei van het eigen lichaam, de baarmoeder, het uier en de
Wroeten met VarkensNET
Wroeten met VarkensNET Doorrekening bodemenergie in de varkenshouderij (doorrekening door Maurice Ortmans, Inno+) Beschrijving Inno+ Geo-Balance systeem Zowel mensen als dieren presteren optimaal wanneer
Is het mogelijk om met een aangepast ventilatieregime de emissies van een varkensstal te reduceren?
Is het mogelijk om met een aangepast ventilatieregime de emissies van een varkensstal te reduceren? Onderzoeker: Raphael Tabase Presentatie gegeven door dr. ir. Eva Brusselman Promotoren: Prof. dr. ir.
Vergunde situatie 1.1. Vigerende vergunning
1. Vergunde situatie 1.1. Vigerende vergunning Voor de varkenshouderij van Bela is op grond van de vergunningaanvraag van 23 oktober 1996 op 6 januari 1997 een vergunning verleend ingevolge de Wet milieubeheer
GPBV bedrijf: begrippen en voorbeelden. Ilse De Vreese Dep. Omgeving, afd. GOP, directie Omgevingsprojecten
GPBV bedrijf: begrippen en voorbeelden Ilse De Vreese ([email protected]) Dep. Omgeving, afd. GOP, directie Omgevingsprojecten inhoud Begrip GPBV Begrippen en definities cfr. BREF IRPP GPBV installatie
Ligboxenstal met sleufvloer met noppen en mestschuif
Rav-nummer BWL 2010.14.V5 Naam systeem Ligboxenstal met sleufvloer met noppen en mestschuif Diercategorie Melk- en kalfkoeien Rav-code A 1.8 Systeembeschrijving van December 2018 Vervangt BWL 2010.14.V4
Herplaatsing Bijlage Wijziging Uitvoeringsregeling ammoniak en veehouderij
Herplaatsing Bijlage Wijziging Uitvoeringsregeling ammoniak en veehouderij VROM, LNV In Staatscourant 69 van donderdag 9 april 1998 zijn in de tabel die behoort bij de Wijziging Uitvoeringsregeling ammoniak
Het Varkensloket Scheldeweg 68 9090 Melle 09 272 26 67 [email protected]
Het Varkensloket Scheldeweg 68 9090 Melle 09 272 26 67 [email protected] Vraag: We gaan een vleesvarkensstal bouwen en hebben nog enkele vragen i.v.m. de ventilatie. De buitenafmetingen van de stal
Verklaring van geen bedenkingen van Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant Omgevingsdienst Brabant Noord
Verklaring van geen bedenkingen van Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant Omgevingsdienst Brabant Noord Op het op 28 januari 2016 door ons ontvangen verzoek om een verklaring van geen bedenkingen in het
Wageningen UR Livestock Research
Wageningen UR Livestock Research Partner in livestock innovations Rapport 665 De bepaling van TAN-excretie op varkens-, pluimvee- en melkveebedrijven Juni 2013 Colofon Uitgever Wageningen UR Livestock
Bedrijfsplan. Familie Huirne Strengdijk TG ERICA. DLV J. de Groot. Agrifirm B. Beerling. Datum: juni 2013
Bedrijfsplan Familie Huirne Strengdijk 50 7887 TG ERICA DLV J. de Groot Agrifirm B. Beerling Datum: juni 2013 D L V B o u w, M i l i e u e n T e c h n i e k B V W W W. D L V. N L Noord President Kennedylaan
veriissel provincie Besluit Fok en Vleesvarkensbedrijf Veldkamp t.a.v. de heer J. Veldkamp Krieghuisweg 2a 8102 SV RAALTE
Luttenbergstraat 2 Postbus 10078 8000 GB Zwolle Telefoon 038 499 88 99 Fax 038 425 48 88 overijssel.nl [email protected] KvK 51048329 IBAN NL45RABO0397341121 Fok en Vleesvarkensbedrijf Veldkamp t.a.v.
S-lijst: Lijst van technieken die de uitgaande stallucht zuiveren
S-lijst: Lijst van technieken die de uitgaande stallucht zuiveren Systeem S-1. Biologisch luchtwassysteem 70% of hogere emissiereductie Werking: De ammoniakuitstoot wordt beperkt door de ventilatielucht
Ammoniak en broeikasgassen
Ammoniak en broeikasgassen Verdere reductie mogelijk? 27 november 2012, Karin Groenestein AOC Terra Cursus Milieu in de veehouderij http://www.cio-scholen.nl/lesmateriaal_lachgas.htm Globe Al Gore: Breng
Kwantificeren CH 4 reductie voerspoor: Rekenregels KringloopWijzer. André Bannink Wageningen UR Livestock Research
Kwantificeren CH 4 reductie voerspoor: Rekenregels KringloopWijzer André Bannink Wageningen UR Livestock Research Bestaande rekenregel : IPCC Tier 2 IPCC-Tier 2 : Volwassen herkauwers (geen feedlot) 6.5%
BBT-conclusies intensieve pluimvee- of varkenshouderij
BBT-conclusies intensieve pluimvee- of varkenshouderij Michael Martens ([email protected]) Dep. Omgeving, afd. GOP, directie Omgevingsprojecten BBT-conclusies: inleiding Gepubliceerd in Publicatieblad
Twan van Dijk
Twan van Dijk [email protected] +31 6 2462 6553 AgriSyst Data Oplossingen slachtdata voer medicijnen water boekhouding ZMS Excel DATA INFO Management Rapport & Monitor 400.000 Nederlandse zeugen Zeer flexibel
Stikstof- en fosforexcretie van varkens, pluimvee en rundvee in biologische en gangbare houderijsystemen
Wettelijke Onderzoekstaken Natuur & Milieu Stikstof- en fosforexcretie van varkens, pluimvee en rundvee in biologische en gangbare houderijsystemen WOt-werkdocument 347 P. Bikker, J. van Harn, C.M. Groenestein,
