Handboek voor PhD studenten

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Handboek voor PhD studenten"

Transcriptie

1 Handboek voor PhD studenten September 2013

2

3 Voor u ligt het promovendihandboek van het onderzoeksinstituut VUmc Cancer Center Amsterdam (CCA). Hierin is veel nuttige informatie voor (toekomstige) promovendi en hun begeleiders op overzichtelijke wijze gebundeld. Zo vindt u een beschrijving van de begeleiding en beoordeling van de promovendus, de taken van de promovendus op het gebied van onderzoek en onderwijs, en informatie over de promovendivertegenwoordiging. Tevens wordt informatie gegeven over de VUmc CCA vertrouwenspersoon. Alhoewel de promovendiperiode beperkt is in tijd wordt het één en ander beschreven vanuit de gedachte van het lifelong learning traject en de voorbereiding van de PhD-student hierop. Dit handboek wordt aangeboden door de onderwijscommissie en directie VUmc CCA. Prof. dr C.R. Leemans, voorzitter onderwijscommissie Dr E.M. Ruhé-Hoogervorst, senior beleidsmedewerker onderwijs

4

5 Inhoud Pagina 1. Inleiding 3 2. Het promotietraject in Nederland 4 3. Aanstelling en beoordelingen binnen VUmc 7 4. Takenpakket van een oio 8 5. Het verzorgen en volgen van onderwijs 8 6. Subsidies en vergoedingen 9 7. Begeleiding Vertrouwenspersoon Promovendivertegenwoordiging Contact 12 Bijlagen I - X VUmc CCA Handboek voor PhD studenten 1

6 VUmc CCA Handboek voor PhD studenten 2

7 1. Inleiding De onderzoekersopleiding (promotieonderzoek) heeft tot doel afgestudeerde academici (en in sommige gevallen HBO ers) tot zelfstandig wetenschappelijk onderzoekers op te leiden. Aan de onderzoekersopleiding is in Nederland in het verleden vorm gegeven met de invoering van assistentonderzoekers in opleiding (aio s) en assistent-geneeskundigen in opleiding tot klinisch onderzoeker (agiko's). In september 2003 is de term aio bij de universiteiten vervangen door promovendus. Bij de UMC s is deze benaming in 2005 weer vervangen door de term onderzoeker in opleiding (oio), en de term agiko werd arts in opleiding tot specialist en klinisch onderzoeker (aiosko). Bij VUmc Cancer Center Amsterdam zijn tal van mogelijkheden tot het uitvoeren van een promotieonderzoek. Momenteel werken meer dan 180 oio s en aiosko s aan een promotieonderzoek op gebied van kanker en/of immunologie. Veel van deze studenten hebben een vooropleiding Geneeskunde, Biomedische wetenschappen, Oncology, Biomolecular Sciences of Biologie gevolgd. VUmc CCA is het grootste onderzoeksinstituut van VUmc met betrokkenheid van meer dan 70% van de medische ziekenhuisafdelingen. Momenteel wordt aan meer dan 400 projecten gewerkt door bijna 500 medewerkers. Er wordt vooral veel onderzoek gedaan op het gebied van vroege detectie van kanker en immunologische aandoeningen. Daarnaast wordt gezocht naar nieuwe therapieën op maat en de toepassing daarvan bij de individuele patiënt. Tevens is kwaliteit van leven een heel belangrijk aandachtspunt. Het onderzoek naar verschillende vormen van kanker en immunologische afwijkingen en de behandeling hiervan is zoveel mogelijk geïntegreerd. Een belangrijk streven is alle onderzoeksbevindingen direct toe te passen bij patiënten. Op de VUmc CCA website (www.vumc.nl/afdelingen/cca-v-ici) is meer informatie te vinden over de onderzoeksprogramma's die momenteel bij ons instituut worden uitgevoerd. Algemene informatie voor alle oio s en aiosko s binnen VUmc is te vinden in de brochure Informatie voor oio s en aiosko s VUmc over dienstverband, opleiding en onderzoek (kwaliteitsnet van VUmc intranet). In dit handboek is informatie rondom de aanstelling, begeleiding en opleiding van een onderzoeker in opleiding opgenomen, evenals specifieke informatie over het promoveren binnen het onderzoeksinstituut VUmc CCA. In hoofdstuk 2 wordt het algemene promotietraject in Nederland in het kort beschreven. De daarop volgende hoofdstukken geven meer details over bepaalde onderdelen van het traject binnen VUmc CCA. Al deze informatie is specifiek bedoeld voor (arts) onderzoekers in opleiding en hun begeleiders. Promoveren geschiedt aan de VU. Informatie over promoveren aan de VU is te vinden op de website (www.vu.nl/nl/onderzoek/promoveren/). Het promotiereglement, welke op deze website en in Bijlage I terug te vinden is, beschrijft alle zaken rond de toegang tot een promotie, de gang van zaken met betrekking tot de voorbereiding van de promotie, de taken en bevoegdheden van de betrokkenen bij een promotie en een geschillenregeling. Als aanvulling op dit reglement, wordt binnen VUmc de NFU Guidelines for PhD tracks in biomedical sciences in the Netherlands gehanteerd (www.nfu.nl/pdf/ _nfu_guidelines_for_phd_tracks_-_nov_2011.pdf, en Bijlage II). In geval van tegenstrijdigheid, zal het promotiereglement van de VU voorgaan. VUmc CCA Handboek voor PhD studenten 3

8 2. Het promotietraject in Nederland Algemeen Kortweg houdt promotieonderzoek in dat er in vier jaar onderzoek gedaan wordt, en over dit onderzoek een proefschrift wordt geschreven. Het proefschrift wordt verdedigd voor een commissie van hooggeleerden. Hierna ben je gepromoveerd tot doctor. Een oio of aiosko verdiept zich in een onderzoek en krijgt de kans om cursussen te volgen, congressen te bezoeken, colleges te geven en zich verder te ontwikkelen. Er zijn verschillende manieren om promotietraject te doorlopen. Universiteiten en andere onderzoeksinstellingen kunnen promovendi volof deeltijds aanstellen. Ook worden duale trajecten aangeboden. Het is ook mogelijk om met eigen financiering promotieonderzoek te verrichten. In Nederland is het meest gebruikelijk dat promovendi in dienst treden van de universiteit of een ander onderzoeksinstituut. Zij hebben een aanstelling voor bepaalde tijd, krijgen salaris, betalen sociale premies en bouwen pensioen op. Daarnaast verkrijgen ze een arbeidsverleden, wat belangrijk is bij arbeidsongeschiktheid, werkeloosheid en pensioen. Wetenschappelijk onderzoek kan natuurlijk niet uitgevoerd worden zonder financiële middelen. De financiële middelen voor het uitvoeren van wetenschappelijk onderzoek worden in Nederland verstrekt door de overheid, het bedrijfsleven en andere organisaties zoals stichtingen. Er bestaan binnen de financiering van wetenschappelijk onderzoek drie verschillende geldstromen. De eerste geldstroom bestaat uit een jaarlijks bedrag dat door de overheid direct aan de verschillende universitaire centra wordt verstrekt. De universiteiten zijn vrij om dit geld naar eigen inzicht te besteden aan wetenschappelijk onderzoek. De tweede geldstroom wordt door de overheid aan instanties als KNAW en NWO verstrekt. Via deze instanties wordt dit geld, door middel van subsidies, verleend aan onderzoeksinstellingen. Daarnaast bestaat er financiering met geld dat niet door de overheid verstrekt wordt maar dat afkomstig is uit Brussel (Europa), het bedrijfsleven, maatschappelijk organisaties of private instellingen. Geld uit deze bronnen wordt geld uit de derde geldstroom genoemd. Voor de promovendus zal in de meeste gevallen bij start van het promotieonderzoek reeds gezorgd zijn voor financiering van de aanstellings- en (een gedeelte van) de onderzoekskosten. Toch is het in sommige gevallen noodzakelijk dat de promovendus een aanvraag voor een subsidie schrijft om een gedeelte van de aanstellings- of onderzoekskosten te financieren. Ook kan het als promovendus nodig zijn om aan het eind van het promotietraject een subsidie aan te vragen om na het afronden van het promotieonderzoek de wetenschappelijke carrière voort te zetten. Naast subsidies voor het uitvoeren van onderzoek in Nederland bestaan er ook subsidies voor (tijdelijk) verblijf en uitvoering van onderzoek in het buitenland, het organiseren van wetenschappelijke bijeenkomsten of het bezoeken van congressen. Structuur promotietraject De start Het promoveren verloopt altijd via een hoogleraar die je voordraagt voor een promotie aan de universiteit. Deze hoogleraar is de promotor. In sommige gevallen vervult de promotor ook de rol van de dagelijkse begeleider. Het komt ook voor dat er naast een promotor ook een aparte dagelijkse begeleider van het promotieonderzoek is. Het is van belang dat er over de begeleiding, door promotor of dagelijks begeleider, goede afspraken worden gemaakt. Het schrijven van een onderzoeksplan kan voor een goede start van het project zorgen. In een onderzoeksplan staat helder geformuleerd wat het doel is van het onderzoek, hoe het onderzoek opgezet gaat worden en op welke manier de uitkomsten gedocumenteerd worden. Een onderzoeksplan kan hierdoor meer duidelijkheid scheppen in wat je wanneer wilt gaan doen en wat wanneer verwacht mag worden. Tijdens de eerste besprekingen met de promotor of dagelijks begeleider, zal een heldere beschrijving van het gemiddelde promotieproces geschetst moeten worden. Hierin kan bijvoorbeeld duidelijk gemaakt worden dat de beginperiode gekenmerkt wordt door het zelf vinden van een weg binnen het promotieonderwerp. Hiertoe dient een Opleidings- en begeleidingsplan (OBP) vastgesteld te VUmc CCA Handboek voor PhD studenten 4

9 worden, welke jaarlijks besproken moet worden binnen het team van begeleiders en promovendus. Onderzoek uitvoeren, onderwijs volgen/geven en publicaties schrijven Een heel belangrijke fase in het promotietraject is uiteraard het uitvoeren van onderzoek, en het beschrijven van de onderzoeksresultaten. Het schrijven dwingt ertoe problemen helder te structureren en brengt lacunes in resultaten naar boven. Het tweede en derde jaar moeten benut worden om een deel van de resultaten vast te leggen in één of twee concepthoofdstukken van het proefschrift. De promotor krijgt op deze wijze een goed beeld van de schrijfkwaliteiten van de promovendus en kan desnoods ruim op tijd extra sturing geven. Door de promovendus tot schrijven aan te zetten, wordt tevens voorkomen dat er zich in de schrijffase problemen voordoen of dat er onverwacht nog belangrijke vragen naar boven komen die voor de promotie beantwoord dienen te worden. Aan het einde van het derde jaar moet een zeer duidelijk beeld bestaan bij zowel promovendus als promotor over de status van het onderzoek. Dit moet geuit worden in een gedetailleerde planning over de laatste onderzoeksperiode. Op dit moment moet bepaald worden of de promotie binnen het gestelde jaar afgerond kan worden of dat enige uitloop nodig is. Dit heeft als voordeel dat de promovendus precies weet wat er nog dient te gebeuren en binnen welk tijdsbestek. Het promotietraject kent een opleidingsdeel dat gevuld moet worden met het volgen van cursussen. Doorgaans wordt een onderscheid gemaakt tussen vakspecifieke cursussen gericht op kennisverwerving met betrekking tot de inhoud van je onderzoek en vakgebied en algemene cursussen die gericht zijn op het verwerven van transferable skills (bijvoorbeeld taalcursussen, presentatie- en schrijftechnieken, etc.). Maak met je promotor bij aanvang van het promotietraject afspraken over welke cursussen je gaat volgen en laat dit opnemen in het OBP. Het is mogelijk om een promotieonderzoek gedeeltelijk of geheel in het buitenland uit te voeren. Het wonen en werken in het buitenland wordt vaak gezien als een meerwaarde en vergroot de latere (wetenschappelijke) carrièrekansen. Onderzoek doen in het buitenland heeft een aantal voordelen voor de promovendus maar ook voor de wetenschap in het algemeen. Voor de promovendus draagt het bij aan het leren van technieken die niet uitgevoerd worden in Nederland en het uitbreiden van het netwerk. Voor de wetenschap in het algemeen kan het uitwisselen van kennis en technieken bijdragen aan een versnelling van wetenschappelijke ontwikkeling. Indien er voor wordt gekozen om het totale promotieonderzoek in het buitenland uit te voeren kan men ofwel contact leggen met een Nederlandse instantie die contact heeft met een buitenlandse instelling ofwel direct contact zoeken met een instelling. Indien er voor wordt gekozen een gedeelte van het promotieonderzoek in het buitenland uit te voeren zal het waarschijnlijker zijn dat er al contacten in het buitenland zijn gelegd door de instelling waar de promovendus is aangesteld. Toch is het natuurlijk ook in dit geval mogelijk om zelf contact op te nemen met een instelling waar een gedeelte van het promotieonderzoek uitgevoerd kan worden. Naast het uitvoeren van wetenschappelijk onderzoek zijn ook praktische aspecten van belang zoals het vinden van financiering van het verblijf en onderzoek in het buitenland en het vinden van huisvesting. Afronding Wanneer de bovenstaande stappen nauwkeurig genomen zijn, zal de afrondende periode duidelijk gedefinieerd zijn en waarschijnlijk bestaan uit het aan elkaar knopen van losse einden en het schrijven van het proefschrift. In deze fase dient de planning nauwlettend in de gaten gehouden te worden tijdens overleg tussen promovendus en promotor. Uiteraard is het doel fase 3 te beëindigen met de verdediging van het proefschrift. De universiteit waar je promoveert geeft in het promotiereglement uitleg over de eisen waaraan het proefschrift moet voldoen. Je dient echter zelf het proefschrift te maken. Drukkerijen gespecialiseerde in proefschriften drukken kunnen je advies geven over offset- en digitaal drukken, de offerte, de planning, de vormgeving, gebruik van kleur, soorten papier en bindmethoden. Na de promotie Het is belangrijk om tijdens de promotiefase aandacht te besteden aan de periode na de promotie en de mogelijkheden van de promovendus binnen en buiten de wetenschap. Niet iedere promovendus kan en wil niet aan het einde van zijn/haar promotietraject in de wetenschap verder gaan. VUmc CCA Handboek voor PhD studenten 5

10 De concurrentie om een aanstelling aan de universiteit na de promotie is groot. Er zijn maar weinig promovendi die direct een vaste aanstelling aan de universiteit aangeboden krijgen. De meest logische stap is te solliciteren naar een postdoc-functie. Dit is een tijdelijke functie van 2-4 jaar, toegespitst op een specifiek onderzoeksonderwerp. Naast het solliciteren naar een postdoc-functie is het mogelijk een subsidieaanvraag te schrijven, en zo een eigen aanstelling te creëren. Voor zojuist gepromoveerden zijn de meest gangbare subsidies de Rubicon, om ervaring op te doen in een ander (buitenlands) instituut, en de VENI, waarbij de kandidaat zelf een voorstel doet voor postdoc-onderzoek. Ook voor het toegezegd krijgen van een subsidie is de concurrentie in het algemeen erg groot. Naast het vergroten van de kansen op een plek binnen de academie kan een promovendus zich tijdens zijn promotiefase ook voorbereiden op een eventuele carrière buiten de wetenschap. Hierbij kun je denken aan bijvoorbeeld beleidsfuncties bij de overheid en management en consultancy functies in het bedrijfsleven. Een belangrijk aspect voor een goede doorstroming van promovendi naar het bedrijfsleven is een brede opleiding. Naast onderzoeksgericht onderwijs, is het van belang ook cursussen op gebied van zogenaamde transferable skills te volgen. Dat de meeste promovendi goed terechtkomen blijkt uit het feit dat van de 60 duizend gepromoveerden die Nederland in de periode 2007/2010 rijk was, meer dan 80 procent een baan op wetenschappelijk niveau heeft. Onder niet-gepromoveerde academici is dit iets meer dan de helft. Daarnaast is er onder gepromoveerden een hogere arbeidsparticipatie en werken gepromoveerden vaker voltijds dan niet-gepromoveerden (bron: VUmc CCA Handboek voor PhD studenten 6

11 3. Aanstelling en beoordelingen In het document In dienst treden: OIO - regeling VUmc (kwaliteitsnet van VUmc intranet, en Bijlage III) is alle relevante informatie over het promotietraject bij VUmc terug te vinden. Het opleidings- en begeleidingsplan Oio s en aiosko s zijn over het algemeen aangesteld bij één van de VUmc medische afdelingen. Nieuwe oio s dienen bij indiensttreding een Opleidings- en begeleidingsplan (OBP) in (zie kwaliteitsnet van VUmc intranet, en Bijlage IV). Deze overeenkomst wordt opgesteld door de directe begeleider samen met de aan te stellen oio. In dit plan worden naast een aantal algemene zaken, zoals een toelichting op het doel van de aanstelling en de algemene omschrijving van de taken van de oio, enkele specifieke aspecten vastgelegd. Omschreven wordt waar de oio werkzaam zal zijn, onder wiens begeleiding en voor welke periode. Ook worden afspraken gemaakt over de jaarlijkse voortgangsrapportage. Daarnaast wordt een plan opgesteld betreffende het cursorische gedeelte van de opleiding die de oio zal volgen (zie hoofdstuk 5 van dit handboek). Soms is voor zowel de aan te stellen oio als de begeleider niet eenvoudig om al bij aanvang van de aanstelling een definitief overzicht te geven van het te volgen onderwijs. Men kan dan volstaan met een voorlopig overzicht, waarin in ieder geval de verplichte cursussen worden vermeld en de overige cursussen die zeker gevolgd zullen gaan worden. Het definitieve cursusoverzicht wordt vervolgens opgesteld tijdens het eerste beoordelingsgesprek na 9 maanden (zie onder). Het OBP dient ingeleverd te worden bij P&O met een kopie naar bureau VUmc CCA, samen met een door Commissie Wetenschappelijk Onderzoek (CWO) goedgekeurd PhD project proposal (zie intranet/afdelingen/instituut/vumccca/research/procedures1/ en Bijlage V). Voor de ondertekening van onderwijscommissie kan het OBP gestuurd worden naar VUmc CCA (PK 7Z182). Voor klinische onderzoekers in opleiding aiosko s is het Opleidings- en begeleidingsplan for clinical researchers opgesteld (http://intranet/afdelingen/instituut/vumccca/onderwijs/ / /, en Bijlage VI). Ingevulde formulieren graag sturen naar bureau VUmc CCA. Via het toesturen van (een kopie van) het OBP naar bureau VUmc CCA, wordt een oio of aiosko automatisch lid van ons onderzoeksinstituut en -indien oncologisch onderzoek wordt uitgevoerd- van de Onderzoekschool Oncologie Amsterdam (OOA). Dit houdt in dat de oio s en aiosko s via de nieuwsbrief op de hoogte worden gehouden van komende congressen en cursussen, informatie over subsidies, mededelingen vanuit VUmc CCA en vanuit de promovendivertegenwoordiging ProPhD. Daarnaast zijn een groot aantal (interne) cursussen en workshops gratis toegankelijk voor aangemelde oio s en aiosko s. Beoordelings- en jaargesprekken Na negen maanden en na drie jaar vindt een beoordelingsgesprek met de promotor plaats. Doel van de beoordeling na negen maanden is na te gaan of de voortgang en de kwaliteit van de werkzaamheden zodanig zijn dat een promotie binnen de resterende termijn van het dienstverband redelijkerwijs te verwachten is. Aan het einde van het derde jaar van de opleiding wordt een beoordeling opgemaakt. Deze beoordeling is erop gericht voor het laatste jaar van het dienstverband een traject uit te zetten, betreffende de afronding van het onderzoek en de beoogde dissertatie. Het verslag van het beoordelingsgesprek (zie deel 1 van het formulier) welke ook terug te vinden is op kwaliteitsnet en Bijlage VII dient ondertekend te worden door degene die op grond van de regeling de beoordeling vast mag stellen. Bij VUmc CCA is dit de voorzitter van de onderwijscommissie. Voor de ondertekening dient het formulier toegestuurd te worden naar bureau VUmc CCA (PK7Z182). Naast bovengenoemde beoordelingsgesprekken, wordt elk jaar een jaargesprek gehouden door de begeleider en/of promotor (Bijlage VII en kwaliteitsnet van VUmc intranet; deel 2 van het formulier). De promovendus en promotor ondertekenen het verslag. Een verslag van het gesprek wordt naar de voorzitter van de onderwijscommissie van VUmc CCA (PK7Z182) en P&O service gestuurd. VUmc CCA Handboek voor PhD studenten 7

12 4. Takenpakket van een oio Zoals in het document functietypering Onderzoeker in Opleiding (zie kwaliteitsnet en bijlage VIII) beschreven staat, is het doel van de functie: het uitvoeren van onderzoek gericht op het afronden van een promotie, teneinde een bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van wetenschappelijke kennis en inzichten in de onderzoekslijn van de afdeling. Dit in combinatie met het verrichten van onderwijsactiviteiten. Het grootste deel van de werktijd van de oio (ongeveer 65%) wordt besteed aan het verrichten van onderzoek, wat wordt afgerond met een proefschrift. Het verzorgen en volgen van onderwijs omvat ongeveer 35% van de werktijd van de oio. Zie ook hoofdstuk 5 voor meer informatie. De arbeidsvoorwaarden voor oio s en aiosko zijn vastgelegd in de CAO UMC (www.nfu.nl). De CAO omschrijft onder andere het takenpakket welke bestaat uit het verrichten van onderzoek, het volgen en het verzorgen van onderwijs. 5. Het verzorgen en volgen van onderwijs Het verzorgen en volgen van onderwijs omvat ongeveer 35% van de werktijd van de oio. Het verzorgen van onderwijs kan behoren tot de taken van de oio. De hoeveelheid en de aard is afhankelijk van de afdeling waarmee de oio een arbeidsovereenkomst heeft. De omvang (maximaal 10% van de werktijd) en aard van het te geven onderwijs is opgenomen in het opleidings- en begeleidingsplan (OBP). Het geven van onderwijs is een taak die niet onderschat moet worden. Het onderwijscentrum van de VU organiseert voor dit doel diverse cursussen op het gebied van onderwijs, zoals een basiscursus voor docenten, een cursus college geven en een cursus gericht op het geven van onderwijs in kleine onderwijsgroepen (www.onderwijscentrum.vu.nl). In het OBP dient ook het te volgen onderwijsprogramma opgenomen te worden (zie hoofdstuk 3). De onderzoekersopleiding bestaat uit: 1. persoonlijke (dagelijkse) begeleiding door een ervaren onderzoeker (begeleider) 2. onderwijsactiviteiten binnen de onderzoeksgroep (afdeling/onderzoeksinstituut) zoals werkbesprekingen, journalclubs etc. 3. voorbereiding en deelname aan congressen, symposia e.d. 4. cursorisch onderwijs: - algemene onderzoeksvaardigheden/kennis - wetenschapsgebiedspecifieke vaardigheden/kennis. Gemiddeld zal hieraan 25 procent van de werktijd worden besteed, gespreid over de periode van het dienstverband. Hiervan dient tenminste de helft aan cursorisch onderwijs te worden besteed. Dit staat voor ongeveer 6 maanden = ECTS. Het verplichte onderwijsprogramma voor oio s binnen VUmc CCA staat beschreven op de VUmc CCA inter- en intranetsite onder het kopje het opleidingsprogramma voor PhD studenten (zie ook Bijlage IX). Het programma bestaat uit zowel algemene vaardigheden als ook specialistische cursussen op gebied van de oncologie en/of immunologie. Bij VUmc CCA aangemelde oio s werkzaam op gebied van kanker zijn automatisch aangesloten bij de Onderzoekschool Oncologie Amsterdam (OOA, zie Deze onderzoekschool biedt in samenwerking met NKI en AMC een hoogwaardig cursusprogramma aan, toegespitst op de nieuwste ontwikkelingen binnen het kankeronderzoek. Voor oio s werkzaam op gebied van de immunologie worden ook gespecialiseerde cursussen aangeboden, zoals de Advanced Immunologie cursus, georganiseerd door de Amsterdam- Leiden Institute for Immunologie (ALIFI). Een vrijstelling voor een verplichte cursus kan worden gegeven als de oio kan aantonen dat in de vooropleiding onderwijs is gevolgd op het betreffende terrein. VUmc CCA Handboek voor PhD studenten 8

13 6. Subsidies en vergoedingen Voor de promovendus zal in de meeste gevallen bij start van het promotieonderzoek reeds gezorgd zijn voor financiering van de aanstellings- en (een gedeelte van) de onderzoekskosten. Toch is het in sommige gevallen noodzakelijk dat de promovendus een aanvraag voor een subsidie schrijft om een gedeelte van de aanstellings- of onderzoekskosten te financieren. Een overzicht van de meest gangbare subsidiegevers VUmc CCA, zijn terug te vinden op de VUmc CCA intranetsite (www.vumc.nl/afdelingen/cca-v-ici). Vanuit VUmc CCA worden ook een aantal grants beschikbaar gesteld, zoals de instituutspromovendi posities en de CCA grant. Daarnaast zijn vanuit VU verschillende subsidies beschikbaar. Meer informatie is te vinden op de website (www.vu.nl/nl/onderzoek/subsidiefondsen/). VUmc CCA biedt een gespecialiseerd onderwijsprogramma voor oio s aan (zie hoofdstuk 5), bestaande uit cursussen op gebied van algemene vaardigheden als ook op gebied van de oncologie en immunologie. Er is een centraal budget voor deze cursussen, en hierdoor grotendeels gratis voor de deelnemers. Daarnaast vergoedt VUmc CCA een aantal externe cursussen en bezoek aan conferenties of een laboratorium. Voor meer informatie over de procedure en voorwaarden: zie internet of Bijlage X). Voor elke inschrijving van een cursus dient de oio overleg te plegen met zijn projectleider over de financiering van de cursus. Het meest overzichtelijk is om het hele opleidingstraject van de promovendus meteen in het begin van de aanstelling vast te leggen, samen met een begroting van de verwachte kosten. De projectleider kan dan nagaan of er voldoende budget op het project is. Verder heeft iedere werknemer van het VUmc een persoonlijk budget tot zijn beschikking. Dit budget kan in principe aangewend worden voor uitgaven ten behoeve van eigen ontwikkeling. Zie intranet/p&o service voor meer informatie. Aan de promotie zelf hangt uiteraard ook een kostenplaatje. Sinds dit jaar zijn de kosten voor promotie aftrekbaar voor de belastingen als scholingskosten. Ook de kosten rond de promotieplechtigheid zijn aftrekbaar, zoals de huur van gelegenheidskleding en de kosten van de receptie. Verder kan worden geprobeerd om bij fondsen of het bedrijfsleven subsidies te krijgen, bijvoorbeeld in ruil voor het noemen van de bedrijfsnaam en het toesturen van een aantal exemplaren van het proefschrift. VUmc CCA Handboek voor PhD studenten 9

14 7. Begeleiding De begeleiding van de oio wordt geregeld en vastgelegd in het opleidings- en begeleidingsplan (OBP). De begeleiding wordt verzorgd door de promotor, al dan niet samen met één of meer gepromoveerde medewerkers/projectleiders. Het begeleiden van een oio is een verantwoordelijke taak die zeker niet onderschat moet worden. Talloze cursussen zijn beschikbaar om de begeleidingscapaciteiten te verbeteren (bijvoorbeeld bij de Amstelacademie VUmc of het VU opleidingscentrum). Daarnaast is een belangrijke taak weggelegd voor de promotor binnen het project. De promotor is veelal een ervaren begeleider, die als coach kan dienen voor jongere begeleiders. Volgens de regels van het VU en ook VUmc heeft elke begeleider een jaargesprek met zijn/haar leidinggevende. Dit gesprek is een goed moment om de kwaliteiten als begeleider te bespreken. Het succes van een project hangt voor een deel van de oio zelf af. De oio kan zelf een aantal acties ondernemen om ervoor te zorgen dat het promotietraject in goede banen wordt geleid. Een aantal tips zijn: - Maak van te voren afspraken met de dagelijks begeleider en de promotor over wie verantwoordelijk is voor welke facetten van het onderzoek, hoe vaak de voortgang zal worden besproken, hoe zal worden omgegaan met (buitenlands) congresbezoek. Bij tegenstrijdige adviezen van verschillende begeleiders, is het aan te bevelen om overleg met betreffende begeleiders te plannen om gezamenlijk consensus te bereiken. - Maak duidelijke afspraken over auteurschap bij publicatie. - Zorg voor een vaste, terugkerende afspraak. Hierdoor voorkom je problemen waarvoor de begeleider geen tijd heeft, en verplicht je jezelf regelmatig kritisch te kijken naar je vorderingen. Bij afspraken en werkoverleg is het verstandig om notulen of een verslag te maken. - Problemen die lang duren, of problemen die het project nadelig beïnvloeden moeten besproken worden met begeleider en/of promotor. Indien dit niet leidt tot het vinden van een oplossing van het probleem, wordt aangeraden contact op te nemen met de VUmc CCA vertrouwenspersoon (zie hoofdstuk 8). - Waarborg de continuïteit van het project, bijvoorbeeld door een goede en reële planning te maken en terug te koppelen met begeleiders voor commentaar. - Maak gebruik van de beoordelingsgesprekken en de jaargesprekken om eventuele (begeleiding)problemen (nogmaals) te bespreken. - Zorg dat je naast je dagelijks begeleider een aantal personen om je heen hebt waarmee je regelmatig je problemen of frustraties kunt delen. Meestal zullen dit je kamergenoten of medepromovendi zijn. VUmc CCA Handboek voor PhD studenten 10

15 8. Vertrouwenspersoon Het komt soms voor dat tijdens het promotieonderzoek een werk-gerelateerd probleem/ geschil met een begeleider en/of promotor ontstaat. De makkelijkste manier is natuurlijk om deze zo snel mogelijk bespreekbaar te maken en binnen de begeleidingsgroep op te lossen (zie ook hoofdstuk 7 van het handboek voor PhD studenten). Het is dan raadzaam om problemen en communicatie met begeleiders te documenteren. Dit is belangrijk om later beslissingen ook voor anderen inzichtelijk te maken indien dit noodzakelijk mocht blijken. Indien de problemen onoverkomelijk geworden zijn, dan is binnen VUmc CCA een procedure om te helpen zoeken naar een oplossing. Om de juiste hulp te bieden, wordt het volgende onderscheid in het type probleem/ geschil gemaakt: 1. Voortgang project 2. Begeleiding 3. Faciliteiten 4. Werkdruk 5. Onderwijs 6. Contract 7. Ziekte of zwangerschap 8. Ongewenste omgangsvormen 9. Andere problemen/geschillen In geval van geschillen op gebied van de voortgang van een project, de begeleiding, faciliteiten en werkdruk (punt 1 4) kan de PhD student contact opnemen met onze vertrouwenspersoon professor Bernard Uitdehaag (onafhankelijk persoon buiten VUmc CCA). Professor Uitdehaag is te bereiken via In geval van psychische problemen, door bijvoorbeeld een te hoge werkdruk, kan de vertrouwenspersoon doorverwijzen naar een psycholoog met ervaring op dit gebied. Problemen op het gebied van onderwijs (punt 5) verlopen via de voorzitter van de onderwijscommissie (professor René Leemans; bereikbaar via Bij problemen op gebied van contract, ziekte en ongewenste omgangsvormen (punt 6-8) kan contact opgenomen met P&O adviseur Brigitte Bakker Uiteraard wordt het probleem/geschil vertrouwelijk behandeld. Afhankelijk van de aard van het probleem/ geschil, vinden de gesprekken plaats in aan- of juist afwezigheid van de begeleider/(co)promotor. Uiteraard wordt er van uitgegaan dat de promotor eindverantwoordelijk is voor de begeleiding van een PhD student. Voordat de PhD student contact opneemt met één van bovengenoemde personen, mag hij/zij uiteraard altijd eerst advies vragen bij de VUmc CCA contactpersoon voor PhD studenten (Esther Ruhe, 9. Promovendivertegenwoordiging In 2010 is een vertegenwoordiging van promovendi binnen VUmc CCA opgericht (ProPhD). ProPhD behartigt de belangen van de promovendi binnen VUmc CCA en bespreekt allerlei zaken zoals het onderwijsprogramma, communicatie, en ontwikkeling Graduate Schools met directie VUmc CCA. Het overleg is voor en door promovendi opgericht en stelt zich ten doel de belangen van de promovendi te behartigen. De promovendivertegenwoordiging is te bereiken via Binnen VU is het overleg ProVU (www.provu.nl) Naast belangenbehartiging binnen VU en VUmc worden interessante evenementen voor jonge onderzoekers georganiseerd. VUmc CCA Handboek voor PhD studenten 11

16 10. Contact Voor vragen, opmerkingen of het opvragen van meer informatie over het promotietraject, kan contact opgenomen worden met: Dr. Esther Ruhé VUmc Cancer Center Amsterdam (CCA) De Boelelaan 1117, PK 7 Z HV Amsterdam Tel: VUmc CCA Handboek voor PhD studenten 12

17 PROMOTIEREGLEMENT Titel I Algemene bepalingen Artikel 1 Het reglement verstaat onder: Universiteit: de Vrije Universiteit te Amsterdam Statuut VU: Statuut, houdende regelen voor de Vrije Universiteit vastgesteld door het Bestuur van de Vereniging voor christelijk hoger onderwijs, wetenschappelijk onderzoek en patiëntenzorg ingevolge artikel 9.76, tweede lid, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek Wet: de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek Faculteit: de faculteit waarbinnen de promotie aanhangig wordt gemaakt Promovendus: degene die toegang heeft tot de promotie dan wel aan wie deze toegang is verleend Promotor: de als zodanig door het College van Decanen aangewezen hoogleraar Copromotor: de als zodanig door het College van Decanen aangewezen hoogleraar of doctor die de promotor bijstand verleent bij de begeleiding van de promovendus Promotiecommissie: de in artikel 13 bedoelde commissie Leescommissie: de in artikel 12 bedoelde commissie Doctoraal examen: het afsluitend examen, verbonden aan een opleiding met een studielast van ten minste 240 studiepunten dan wel, wat opleidingen betreft met een studielast van meer dan 240

18 studiepunten, een examen waarmee een deel van de opleiding dat ten minste 240 studiepunten bedraagt, wordt afgesloten Proefschrift: de wetenschappelijke verhandeling in boek- of artikelenvorm die voldoet aan de in dit reglement gestelde eisen Promotie: de openbare verdediging van het proefschrift en de toekenning van de graad Doctor.

19 Artikel 2 1. Aan de universiteit kan de graad Doctor worden verworven op de grond van de promotie. 2. De toekenning van de graad Doctor geschiedt door het College van Decanen. 3. De promotie vindt plaats ten overstaan van een promotiecommissie. Artikel 3 Waar in dit reglement wordt gesproken over promotor en/of copromotor, dient in die gevallen dat er meer personen als zodanig zijn aangewezen, te worden gelezen promotoren en/of copromotoren. Artikel 4 Ingeval de in dit reglement genoemde functies door een vrouw worden vervuld, dienen de daarop betrekking hebbende mannelijke aanduidingen en woorden in de vrouwelijke vorm te worden gelezen. Artikel 5 Met betrekking tot het besprokene in niet openbare bijeenkomsten die in het reglement worden genoemd, is geheimhouding verplicht.

20 Titel II De promovendus Artikel 6 1. Toegang tot de promotie heeft ieder die: a. op grond van artikel 7.10a, eerste, tweede en derde lid van de wet de graad Master heeft verkregen of met goed gevolg het doctoraal examen, dan wel het daarmee overeenkomende examen van een andere Nederlandse instelling voor hoger onderwijs heeft afgelegd; b. als proeve van bekwaamheid tot het zelfstandig beoefenen van de wetenschap een proefschrift heeft geschreven; c. heeft voldaan aan de overige in dit reglement gestelde eisen. 2. In bijzondere gevallen kan het College van Decanen personen die voldoen aan het eerste lid onder b en c maar niet voldoen aan dat lid onder a, toegang tot de promotie verlenen. Artikel 7 1. Hij die een proefschrift voorbereidt, dient in een vroeg stadium door tussenkomst van de beoogde promotor en de voorzitter van de promotiecommissie van de faculteit waarin de beoogde promotor is benoemd, een schriftelijk verzoek in bij het College van Decanen tot toegang tot de promotie casu quo tot aanwijzing van de promotor. 2. De promovendus doet het in het eerste lid vermelde verzoek op een bij het bureau van de faculteit verkrijgbaar formulier onder toevoeging van een gewaarmerkte kopie van het getuigschrift van het in artikel 6 genoemd examen. 3. Het formulier vermeldt de naam en het adres van de promovendus, de aard van het examen, het onderwerp van het proefschrift, alsmede de naam, het adres en de leeropdracht van de door de promovendus gewenste promotor. 4. Het formulier wordt mede ondertekend door de voorgestelde promotor en ingediend bij de voorzitter van de promotiecommissie van de faculteit waarin de promotor is benoemd. 5. De voorzitter van de promotiecommissie vermeldt, na overleg met de voorgestelde promotor, de naam van de eventueel voorgestelde copromotor en de verantwoordelijke promotiecommissie op het formulier en zendt dit, voorzien van zijn handtekening, aan het College van Decanen. 6. Ingeval de voorzitter van de promotiecommissie nog niet in staat is de naam van de eventuele copromotor te vermelden, volstaat hij met vermelding van de naam van de promotor en die van de verantwoordelijke promotiecommissie op het formulier en zendt dit, voorzien van zijn handtekening aan het College van Decanen, zonodig later gevolgd door een aanvullend voorstel voor de aanwijzing van de eventuele copromotor. 7. Indien een andere promotiecommissie wordt voorgesteld dan die van de faculteit waarbinnen de promotor is benoemd, treedt de in het vierde lid genoemde voorzitter in overleg met de voorzitter van de voorgestelde promotiecommissie ter zake van de eventueel voor te stellen copromotor.

Wet: de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek. Faculteit: de faculteit waarbinnen de promotie aanhangig wordt gemaakt

Wet: de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek. Faculteit: de faculteit waarbinnen de promotie aanhangig wordt gemaakt PROMOTIEREGLEMENT Titel I Algemene bepalingen Artikel 1 Het reglement verstaat onder: Universiteit: de Vrije Universiteit te Amsterdam Statuut VU: Statuut, houdende regelen voor de Vrije Universiteit vastgesteld

Nadere informatie

Artikel 4 1. Het proefschrift kan door één persoon dan wel door twee personen tezamen worden geschreven.

Artikel 4 1. Het proefschrift kan door één persoon dan wel door twee personen tezamen worden geschreven. Promotiereglement van de Open Universiteit Nederland Hoofdstuk I Algemene bepalingen Artikel 1 In dit reglement wordt verstaan onder: Wet : de Wet op het Hoger onderwijs en Wetenschappelijk onderzoek (WHW)

Nadere informatie

PROMOTIEREGLEMENT PROMOTIEREGLEMENT 1

PROMOTIEREGLEMENT PROMOTIEREGLEMENT 1 PROMOTIEREGLEMENT PROMOTIEREGLEMENT 1 2 PROMOTIEREGLEMENT PROMOTIEREGLEMENT TITEL 01 ALGEMENE BEPALINGEN P. 4 TITEL 02 TOELATING TOT HET PROMOTIETRAJECT P. 7 TITEL 03 DE PROMOTOR EN COPROMOTOR P. 8 TITEL

Nadere informatie

PROMOTIEREGLEMENT UNIVERSITEIT LEIDEN 2008

PROMOTIEREGLEMENT UNIVERSITEIT LEIDEN 2008 PROMOTIEREGLEMENT UNIVERSITEIT LEIDEN 2008 Artikel 1. Begripsomschrijvingen Hoofdstuk 1. Algemeen 1. In dit reglement wordt verstaan onder: a. de wet: de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk

Nadere informatie

De CAO Nederlandse Universiteiten 2007-2010, artikel 6.8 vormt de basis voor het model Opleidingsen begeleidingsplan voor promovendi:

De CAO Nederlandse Universiteiten 2007-2010, artikel 6.8 vormt de basis voor het model Opleidingsen begeleidingsplan voor promovendi: Open Universiteit Nederland Opleidings- en Begeleidingsplan voor Promovendi De CAO Nederlandse Universiteiten 2007-2010, artikel 6.8 vormt de basis voor het model Opleidingsen begeleidingsplan voor promovendi:

Nadere informatie

(De grijs gedrukte teksten zijn artikelen uit de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek (WHW))

(De grijs gedrukte teksten zijn artikelen uit de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek (WHW)) PROMOTIEREGLEMENT UNIVERSITEIT UTRECHT (De grijs gedrukte teksten zijn artikelen uit de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek (WHW)) Artikel 7.19 WHW Promotiereglement; eredoctoraat

Nadere informatie

Promotiereglement. van de Universiteit van Amsterdam

Promotiereglement. van de Universiteit van Amsterdam Promotiereglement van de Universiteit van Amsterdam promotiereglement van de universiteit van amsterdam 1 Promotiereglement van de Universiteit van Amsterdam Vastgesteld door het College voor Promoties

Nadere informatie

ALGEMEEN PROMOTIEREGLEMENT VAN DE UNIVERSITEIT VAN AMSTERDAM 2010

ALGEMEEN PROMOTIEREGLEMENT VAN DE UNIVERSITEIT VAN AMSTERDAM 2010 ALGEMEEN PROMOTIEREGLEMENT VAN DE UNIVERSITEIT VAN AMSTERDAM 2010 ALGEMEEN PROMOTIEREGLEMENT VAN DE UNIVERSITEIT VAN AMSTERDAM Vastgesteld bij besluit van het College voor Promoties, Amsterdam, 4 maart

Nadere informatie

PROMOTIEREGLEMENT UNIVERSITEIT LEIDEN 2015. Hoofdstuk 1. Algemeen. Artikel 1. Begripsomschrijvingen

PROMOTIEREGLEMENT UNIVERSITEIT LEIDEN 2015. Hoofdstuk 1. Algemeen. Artikel 1. Begripsomschrijvingen PROMOTIEREGLEMENT UNIVERSITEIT LEIDEN 2015 Hoofdstuk 1. Algemeen Artikel 1. Begripsomschrijvingen 1. In dit reglement wordt verstaan onder: a. de wet: de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk

Nadere informatie

interne regeling Bijlage 3 Opleidings-en begeleidingsplan OIO Naam: Afdeling: Titel promotietraject: Plan voor de periode:

interne regeling Bijlage 3 Opleidings-en begeleidingsplan OIO Naam: Afdeling: Titel promotietraject: Plan voor de periode: Trainee Research Assistents ingangsdatum 18 juni 2008 Bijlage 3 Opleidings-en begeleidingsplan OIO Naam: Afdeling: Titel promotietraject: Plan voor de periode: Toelating tot de promotie op basis van: Overige

Nadere informatie

verzoekt, conform het gestelde in artikel 5 van het promotiereglement, om aanwijzing als promotor(en):

verzoekt, conform het gestelde in artikel 5 van het promotiereglement, om aanwijzing als promotor(en): College voor Promoties Aanmelding als promovendus Formulier PROM-01 Naam: Voornamen (voluit): Privéadres: Postcode: Plaats: Werkadres: Postcode: Plaats: Telefoon: Afsluitend examen opleiding: MSc BSc Werktitel

Nadere informatie

Universiteit Maastricht 2003

Universiteit Maastricht 2003 PROMOTIEREGLEMENT Universiteit Maastricht 2003 Vastgesteld bij besluit van het College van Decanen van 12 mei 2003 INHOUD Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen 5 2 De promovendus 9 3 De promotor 13 4 De copromotor

Nadere informatie

PROMOTIEREGLEMENT Universiteit Maastricht 2012

PROMOTIEREGLEMENT Universiteit Maastricht 2012 PROMOTIEREGLEMENT Universiteit Maastricht 2012 Vastgesteld bij besluit van het College van Decanen van 12 mei 2003, gewijzigd in februari 2007 (artikel 27) en gewijzigd bij besluit van het College van

Nadere informatie

De promovendus. De promovendus

De promovendus. De promovendus De promovendus. Doel van de functie. 1. Aanstelling 2. Profiel en competenties 3. Inschaling 4. Het verrichten van onderwijstaken 5. Het Opleiding en Begeleidingsplan (OBP) 6. Begeleiding van de promovendus

Nadere informatie

College voor Promoties. Promotiereglement. Uitgave 2004 / Aangepaste versie januari 2012. Technische Universiteit Delft

College voor Promoties. Promotiereglement. Uitgave 2004 / Aangepaste versie januari 2012. Technische Universiteit Delft College voor Promoties Promotiereglement Uitgave 2004 / Aangepaste versie januari 2012 Technische Universiteit Delft Promotiereglement Uitgave 2004 / Aangepaste versie januari 2012 College voor Promoties

Nadere informatie

Vrije Universiteit Personeelsbalie Servicecentrum De Boelelaan 1105 1081 HV Amsterdam

Vrije Universiteit Personeelsbalie Servicecentrum De Boelelaan 1105 1081 HV Amsterdam Vrije Universiteit Personeelsbalie Servicecentrum De Boelelaan 1105 1081 HV Amsterdam Jaargesprekken 10/2005 telefoon fax e-mail internet (020) 59 85400 (020) 59 85454 personeelsbalie@dienst.vu.nl www.vu.nl/personeelsbalie

Nadere informatie

Where innovation starts

Where innovation starts Where innovation starts Promotiereglement 2009 Promotiereglement 2009 1 Inhoud Inleiding 2 Hoofdstuk I. Algemene bepalingen Art. 1 en 2 3 Hoofdstuk II. De toegang tot de promotie Art. 3, 4 en 5 4 Hoofdstuk

Nadere informatie

PROMOTIEREGLEMENT UNIVERSITEIT TWENTE. vastgesteld door het College voor Promoties in de vergadering van 15 januari 2014

PROMOTIEREGLEMENT UNIVERSITEIT TWENTE. vastgesteld door het College voor Promoties in de vergadering van 15 januari 2014 PROMOTIEREGLEMENT UNIVERSITEIT TWENTE vastgesteld door het College voor Promoties in de vergadering van 15 januari 2014 HOOFDSTUK 1... 3 ALGEMENE BEGRIPSBEPALINGEN... 3 HOOFDSTUK 2... 6 DE PROMOVENDUS...

Nadere informatie

Algemeen. Onderwijs. Promovendus. Titel project. Vraagstelling. Indien deeltijd, factor. Start aanstelling. Einde aanstelling. Promotor Promotor 2

Algemeen. Onderwijs. Promovendus. Titel project. Vraagstelling. Indien deeltijd, factor. Start aanstelling. Einde aanstelling. Promotor Promotor 2 Opleidings en begeleidingsplan promovendus UL Faculteit der Letteren Instituut Pallas P.N. van Eyckhof 3/geb. 11651 e etage Postbus 9515, 2300 RA Leiden De werkgever ziet er op toe dat een op de promovendus

Nadere informatie

PROMOTIEREGLEMENT. 1. Algemene bepalingen. Artikel 1.1 Begripsbepaling. Dit reglement verstaat onder:

PROMOTIEREGLEMENT. 1. Algemene bepalingen. Artikel 1.1 Begripsbepaling. Dit reglement verstaat onder: PROMOTIEREGLEMENT 1. Algemene bepalingen Artikel 1.1 Begripsbepaling Dit reglement verstaat onder: Beoordelingscommissie de Beoordelingscommissie die door het College voor Promoties is ingesteld ter beoordeling

Nadere informatie

Promotiereglement PThU

Promotiereglement PThU Promotiereglement PThU Hoofdstuk 1 Algemene Bepalingen Artikel 1.1 In dit reglement wordt verstaan onder: Universiteit Protestantse Theologische Universiteit wet Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling 2004-2005 Masteropleiding Spaanse taal en cultuur. Paragraaf 1 Algemene bepalingen

Onderwijs- en examenregeling 2004-2005 Masteropleiding Spaanse taal en cultuur. Paragraaf 1 Algemene bepalingen [66810] Onderwijs- en examenregeling 2004-2005 Masteropleiding Spaanse taal en cultuur Paragraaf 1 Algemene bepalingen art. 1.1 toepasselijkheid van de regeling Deze regeling is van toepassing op het onderwijs

Nadere informatie

Doctoraatsreglement van de FPPW

Doctoraatsreglement van de FPPW FACULTEIT PSYCHOLOGIE EN PEDAGOGISCHE WETENSCHAPPEN Doctoraatsreglement van de FPPW Unaniem goedgekeurd door de Faculteitsraad op 17 september 2014 1. Inleiding Dit reglement bevat faculteitsspecifieke

Nadere informatie

FORMAT OPLEIDINGS- EN BEGELEIDINGSPLAN PROMOVENDUS. Naam promovendus:.. Datum indiensttreding: Leerstoelgroep:

FORMAT OPLEIDINGS- EN BEGELEIDINGSPLAN PROMOVENDUS. Naam promovendus:.. Datum indiensttreding: Leerstoelgroep: FORMAT OPLEIDINGS- EN BEGELEIDINGSPLAN PROMOVENDUS Naam promovendus:.. Datum indiensttreding: Leerstoelgroep: Beoogde totale duur promovendusaanstelling: jaar Het dienstverband als promovendus bestaat

Nadere informatie

PROMOTIEREGLEMENT VAN DE RIJKSUNIVERSITEIT GRONINGEN

PROMOTIEREGLEMENT VAN DE RIJKSUNIVERSITEIT GRONINGEN PROMOTIEREGLEMENT VAN DE RIJKSUNIVERSITEIT GRONINGEN Promotiereglement Rijksuniversiteit Groningen Pagina 1 Voorwoord De Rijksuniversiteit Groningen heeft in 2012 besloten dat het promotiereglement diende

Nadere informatie

Show & Share 2008 Promoveren bij Hogeschool INHOLLAND Ad van Blokland, coördinator Promotieonderzoek Institute of Advanced Studies and Applied

Show & Share 2008 Promoveren bij Hogeschool INHOLLAND Ad van Blokland, coördinator Promotieonderzoek Institute of Advanced Studies and Applied Show & Share 2008 Promoveren bij Hogeschool INHOLLAND Ad van Blokland, coördinator Promotieonderzoek Institute of Advanced Studies and Applied Research 1 Inhoud presentatie Waarom aandacht voor promoveren

Nadere informatie

Artikel I Wijziging van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek

Artikel I Wijziging van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek Voorstel van Wet tot wijziging van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek in verband met een verbeterde regeling voor het gezamenlijk verzorgen van hoger onderwijs door Nederlandse

Nadere informatie

Reglement Klachtrecht voor klanten van de afdeling Sociaal-culturele dienstverlening Stichting Welzijnswerk

Reglement Klachtrecht voor klanten van de afdeling Sociaal-culturele dienstverlening Stichting Welzijnswerk Reglement Klachtrecht voor klanten van de afdeling Sociaal-culturele dienstverlening Stichting Welzijnswerk inzage-exemplaar voor klanten REGLEMENT KLACHTRECHT Inhoudsopgave Artikel 1 Artikel 2 Artikel

Nadere informatie

OPLEIDINGS- EN BEGELEIDINGSPLAN

OPLEIDINGS- EN BEGELEIDINGSPLAN OPLEIDINGS- EN BEGELEIDINGSPLAN VOOR PROMOVENDI DIE AANGESTELD ZIJN OP DE FACULTEIT DER RECHTSGELEERDHEID VAN DE UNIVERSITEIT LEIDEN * (zoals bedoeld in artikel 6.8 van de CAO Nederlandse Universiteiten

Nadere informatie

Artikel 1 - Geschillencommissie

Artikel 1 - Geschillencommissie Reglement Geschillencommissie inzake de kwaliteit van Marktonderzoek zoals bedoeld in artikel 21 lid 2 van de statuten van de MarktonderzoekAssociatie MOA vastgesteld door het Bestuur van de MOA op 11

Nadere informatie

Artikel 9.34 Wet op het Hoger Onderwijs en Wetenschappelijk Onderzoek

Artikel 9.34 Wet op het Hoger Onderwijs en Wetenschappelijk Onderzoek INHOUD Hoofdstuk 1 Hoofdstuk 2 Hoofdstuk 3 Hoofdstuk 4 Hoofdstuk 5 Hoofdstuk 6 Hoofdstuk 7 Hoofdstuk 8 KIESREGLEMENT UNIVERSITEITSRAAD UNIVERSITEIT UTRECHT Algemeen Centraal stembureau Kiesrecht Kandidaatstelling

Nadere informatie

VAN PLAN NAAR PROJECT

VAN PLAN NAAR PROJECT 2 van plan naar project VAN PLAN NAAR PROJECT FASE 1 ORIENTATIE FASE 2 CONCRETISERING FASE 3 SUBSIDIE- project leider projectleider Kansen onderzoeken 1.1 projectleider Projectplan uitwerken 2.1 projectleider

Nadere informatie

STW-gebruikerscommissie

STW-gebruikerscommissie STW-gebruikerscommissie Versie: november 2013 Pagina 1 / 10 Inhoud Inhoud... 1 Inleiding... 2 Definities... 3 02. Toepasselijkheid... 3 03. Taak... 4 04. Uitvoering project... 4 05. Samenstelling... 4

Nadere informatie

Samenvatting. onderzoek kortheidshalve aan met de term aangestelde promovendi.

Samenvatting. onderzoek kortheidshalve aan met de term aangestelde promovendi. Samenvatting Introductie Negen jaar geleden vroeg de Universiteit Utrecht haar promovendi om een oordeel over een aantal aspecten van hun promotietraject. Lagen ze op schema, welke steun kregen internationale

Nadere informatie

Formulier 31-05-2012. 1. Persoonlijke gegevens

Formulier 31-05-2012. 1. Persoonlijke gegevens Nederlandse Onderzoekschool voor Theologie en Religiewetenschap Netherlands School for Advanced Studies in Theology and Religion (NOSTER) Aanmeldingsformulier promovendi Promovendi die verbonden zijn aan

Nadere informatie

Artikel 4 1.Benoeming, schorsing en ontslag van de leden van het bestuur geschieden op de wijze als in artikel 8 van de statuten bepaald.

Artikel 4 1.Benoeming, schorsing en ontslag van de leden van het bestuur geschieden op de wijze als in artikel 8 van de statuten bepaald. Huishoudelijk reglement LEDEN EN DONATEURS Artikel 1 Lid is een ieder die beantwoordt aan de omschrijving, gegeven in de statuten. De vereniging kent donateurs, deze zijn geen lid. Donateurs hebben toegang

Nadere informatie

GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING ONDERZOEKSCHOOL Huizinga Instituut 2012-2016

GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING ONDERZOEKSCHOOL Huizinga Instituut 2012-2016 De Colleges van Bestuur van: GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING ONDERZOEKSCHOOL Huizinga Instituut 2012-2016 de Erasmus Universiteit Rotterdam; de Radboud Universiteit Nijmegen; de Rijksuniversiteit Groningen;

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling 2005-2006 Masteropleiding Italiaanse taal en cultuur. Paragraaf 1 Algemene bepalingen

Onderwijs- en examenregeling 2005-2006 Masteropleiding Italiaanse taal en cultuur. Paragraaf 1 Algemene bepalingen [66809] Onderwijs- en examenregeling 2005-2006 Masteropleiding Italiaanse taal en cultuur Paragraaf 1 Algemene bepalingen art. 1.1 toepasselijkheid van de regeling Deze regeling is van toepassing op het

Nadere informatie

Reglement individueel. Klachtenrecht MCO

Reglement individueel. Klachtenrecht MCO Reglement individueel Klachtenrecht MCO Augustus 2010 Reglement Individueel Klachtenrecht 1 Inhoud Artikel 1 Plaats en functie van de Klachtencommissie 3 Artikel 2 Samenstelling, voordracht en benoeming

Nadere informatie

Reglement Klachtencommissie Cliënten Mentaal Beter

Reglement Klachtencommissie Cliënten Mentaal Beter Reglement Klachtencommissie Cliënten Mentaal Beter INHOUDSOPGAVE Artikel 1 Begrippen Blz. 03 Artikel 2 Uitgangspunten Blz. 04 Artikel 3 De Klachtencommissie Blz. 05 Artikel 4 De werkwijze van de commissie

Nadere informatie

besluit voor de procedure voor de instelling van leerstoelen en de benoeming van gewoon en bijzonder hoogleraren de volgende regeling vast te stellen:

besluit voor de procedure voor de instelling van leerstoelen en de benoeming van gewoon en bijzonder hoogleraren de volgende regeling vast te stellen: Procedureregeling instelling leerstoelen en Het college van bestuur, gehoord de decanen, besluit voor de procedure voor de instelling van leerstoelen en de benoeming van gewoon en bijzonder hoogleraren

Nadere informatie

Gelet op artikel 12e, tweede lid, van de Wet op de architectentitel;

Gelet op artikel 12e, tweede lid, van de Wet op de architectentitel; Het bestuur van het bureau architectenregister; Gelet op artikel 12e, tweede lid, van de Wet op de architectentitel; Besluit: Hoofdstuk I Definities Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder a. wet:

Nadere informatie

Reglement Geschillenadviescommissie Saxion

Reglement Geschillenadviescommissie Saxion Reglement Geschillenadviescommissie Saxion Vastgesteld door de plenaire vergadering van de GAC op 25.03.2010 Goedgekeurd door de Raad van Bestuur van Saxion op 06.04.2010 Kenmerk: 2015001720 INHOUDSOPGAVE

Nadere informatie

Leerarbeidsovereenkomst voor tweedegraads duale studenten van jaar 1 t/m 4 met een aanstelling als onderwijsassistent

Leerarbeidsovereenkomst voor tweedegraads duale studenten van jaar 1 t/m 4 met een aanstelling als onderwijsassistent Leerarbeidsovereenkomst voor tweedegraads duale studenten van jaar 1 t/m 4 met een aanstelling als onderwijsassistent Duale studenten zijn studenten van de voltijdse tweedegraads opleiding die, naast de

Nadere informatie

Klachten Reglement Cliënten Stress Centrum

Klachten Reglement Cliënten Stress Centrum Klachten Reglement Cliënten Stress Centrum Versie november 2015 INHOUDSOPGAVE Artikel 1 Begrippen Artikel 2 Uitgangspunten Artikel 3 De Klachtencommissie Artikel 4 De werkwijze van de commissie Artikel

Nadere informatie

BESLUIT COLLEGE VAN BESTUUR

BESLUIT COLLEGE VAN BESTUUR BESLUIT COLLEGE VAN BESTUUR Nummer : 743 Paraaf: Onderwerp : Klachtenregeling en Reglement van orde klachtencommissie Besluit : Het College van Bestuur besluit tot vaststelling van de Klachtenregeling

Nadere informatie

Reglement van Orde. College van Beroep voor de examens. ex Artikel 7.62 van de WHW. College van Beroep voor de examens - Reglement van Orde

Reglement van Orde. College van Beroep voor de examens. ex Artikel 7.62 van de WHW. College van Beroep voor de examens - Reglement van Orde College van Beroep voor de examens Reglement van Orde 1 Inhoudsopgave Artikel 1. Plaats en functie van het College... 3 Artikel 2. Voordracht, samenstelling en benoeming van het College... 3 Artikel 3.

Nadere informatie

Klager: Een klant of deelnemer aan het leerwerktraject van de Stichting TVZ

Klager: Een klant of deelnemer aan het leerwerktraject van de Stichting TVZ K LACHTENREGLEMENT STICHTING TAFELVANZEVEN ROTTERDAM Artikel 1 Begrippen In dit reglement wordt verstaan onder: Commissie: Bestaande uit 4 onafhankelijke leden, hierna te noemen klachtencommissie Stichting

Nadere informatie

Klachtenreglement ActiefTalent

Klachtenreglement ActiefTalent Klachtenreglement ActiefTalent Algemene bepalingen Artikel 1 Definities a. ActiefTalent: Stichting ActiefTalent; b. Awb: de Algemene wet bestuursrecht; c. Klacht: een bij de Klachtencommissie ingediend

Nadere informatie

Instituutsreglement OPLEIDINGSINSTITUUT IGT

Instituutsreglement OPLEIDINGSINSTITUUT IGT Instituutsreglement OPLEIDINGSINSTITUUT IGT HOOFDSTUK A Artikelen bij het Kaderbesluit CHVG en het Besluit IGT Artikel 1 Opleiding bij erkende specialisten, profielartsen en instellingen Bij artikel B.1

Nadere informatie

Reglement Raad van Toezicht. Stichting Hogeschool Leiden CONCEPT 140331 ALGEMEEN

Reglement Raad van Toezicht. Stichting Hogeschool Leiden CONCEPT 140331 ALGEMEEN Reglement Raad van Toezicht Stichting Hogeschool Leiden ALGEMEEN Artikel 1. Algemene bepalingen 1. Dit reglement is het Huishoudelijk Reglement van de Raad van Toezicht, bedoeld in artikel 15 van de Statuten

Nadere informatie

Reglement Cliëntenraad Stichting Eilandzorg Schouwen-Duiveland

Reglement Cliëntenraad Stichting Eilandzorg Schouwen-Duiveland Reglement Cliëntenraad Stichting Eilandzorg Schouwen-Duiveland Artikel 1 Begripsbepalingen 1.1 Cliënt: een natuurlijk persoon ten behoeve van wie de instelling werkzaam is. 1.2 Cliëntenraad: De op basis

Nadere informatie

HUISHOUDELIJK REGLEMENT

HUISHOUDELIJK REGLEMENT HUISHOUDELIJK REGLEMENT Huishoudelijk Reglement Groningen Atletiek pagina 1 Artikel 1. Grondslag: De bepalingen in dit huishoudelijk reglement zijn van toepassing in samenhang met hetgeen is bepaald in

Nadere informatie

Geldrop-Mierlo en Heeze-Leende

Geldrop-Mierlo en Heeze-Leende HUISHOUDELIJK REGLEMENT van de afdeling Geldrop-Mierlo en Heeze-Leende 1 Inhoud Artikel Omschrijving Bladzijde 1 De afdeling 2 2 Doel van de afdeling 2 3 Leden van de afdeling 2 4 De algemene ledenvergadering

Nadere informatie

DEELEXAMENREGLEMENT 'BETONTECHNOLOGISCH ADVISEUR'

DEELEXAMENREGLEMENT 'BETONTECHNOLOGISCH ADVISEUR' DEELEXAMENREGLEMENT 'BETONTECHNOLOGISCH ADVISEUR' Uitgave 1 januari 2013 Artikel 1 Inleiding Dit reglement is van toepassing op het deelexamen ter verkrijging van het deelcertificaat Betontechnologisch

Nadere informatie

Het bestuursorgaan bevestigt de ontvangst van een elektronisch ingediende aanvraag.

Het bestuursorgaan bevestigt de ontvangst van een elektronisch ingediende aanvraag. Algemene wet bestuursrecht Titel 4.1. Beschikkingen Afdeling 4.1.1. De aanvraag Artikel 4:1 Tenzij bij wettelijk voorschrift anders is bepaald, wordt de aanvraag tot het geven van een beschikking schriftelijk

Nadere informatie

REGLEMENT GESCHILLENCOMMISSIE STICHTING PAARD 11 december 2013

REGLEMENT GESCHILLENCOMMISSIE STICHTING PAARD 11 december 2013 REGLEMENT GESCHILLENCOMMISSIE STICHTING PAARD 11 december 2013 Inhoudsopgave Afdeling 1: Algemene Bepalingen Afdeling 2: Geschillenbeslechting Bindend Advies Afdeling 3: Slotbepalingen Reglement geschillencommissie

Nadere informatie

Regeling inschrijving, collegegeld en examengeld 2009-2010

Regeling inschrijving, collegegeld en examengeld 2009-2010 Regeling inschrijving, collegegeld en examengeld 2009-2010 Vastgesteld door het College van Bestuur op 7 april 2009 Hoofdstuk I Inschrijving Artikel 1 Reikwijdte van deze regeling 1. Deze regeling heeft

Nadere informatie

REGISTRATIE-EISEN VOOR WETENSCHAPPELIJK VOEDINGSKUNDIGE A en B

REGISTRATIE-EISEN VOOR WETENSCHAPPELIJK VOEDINGSKUNDIGE A en B Nederlandse Academie van Voedingswetenschappen REGISTRATIE-EISEN VOOR WETENSCHAPPELIJK VOEDINGSKUNDIGE A en B Opgesteld door de Nederlandse Academie van Voedingswetenschappen d.d.: 20 januari 2010 versie:

Nadere informatie

Regeling Geschillen- en Bezwarencommissie Orionis Walcheren WSW

Regeling Geschillen- en Bezwarencommissie Orionis Walcheren WSW Regeling Geschillen- en Bezwarencommissie Orionis Walcheren WSW Het Algemeen Bestuur van Orionis Walcheren, hierna te noemen Orionis Walcheren, te Vlissingen gehoord de Ondernemingsraad gelet op de bepalingen

Nadere informatie

ARTIKEL I. Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek wordt als volgt gewijzigd: Artikel 232, vierde lid, vervalt.

ARTIKEL I. Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek wordt als volgt gewijzigd: Artikel 232, vierde lid, vervalt. Wijziging van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek en de Leegstandwet (uitbreiding van de opzeggingsgrond dringend eigen gebruik en uitbreiding van de mogelijkheden tot tijdelijke verhuur) Alzo Wij in overweging

Nadere informatie

Conform artikel 20 van de Statuten Aangenomen op de Algemene Ledenvergadering d.d. 4 februari 2015

Conform artikel 20 van de Statuten Aangenomen op de Algemene Ledenvergadering d.d. 4 februari 2015 CONCEPT HUISHOUDELIJK REGLEMENT PHOENIX APELDOORN Conform artikel 20 van de Statuten Aangenomen op de Algemene Ledenvergadering d.d. 4 februari 2015 AANSLUITING EN SAMENWERKING ARTIKEL 1 Phoenix Apeldoorn

Nadere informatie

Er is een principe akkoord bereikt over een nieuwe CAO Nederlandse Universiteiten. Deze CAO zal 1 september aanstaande in werking treden.

Er is een principe akkoord bereikt over een nieuwe CAO Nederlandse Universiteiten. Deze CAO zal 1 september aanstaande in werking treden. Kenmerk: 355.258/PA&O Datum: 1 september 2003 Arbeidsvoorwaarden (TW)AIO s en OIO s 1. Inleiding Er is een principe akkoord bereikt over een nieuwe CAO Nederlandse Universiteiten. Deze CAO zal 1 september

Nadere informatie

BIJLAGE IV REGLEMENT VAN DE BEROEPSCOMMISSIE VOOR DE ZOETWARENINDUSTRIE Als bedoeld in artikel 53 van de CAO voor de Zoetwarenindustrie

BIJLAGE IV REGLEMENT VAN DE BEROEPSCOMMISSIE VOOR DE ZOETWARENINDUSTRIE Als bedoeld in artikel 53 van de CAO voor de Zoetwarenindustrie BIJLAGE IV REGLEMENT VAN DE BEROEPSCOMMISSIE VOOR DE ZOETWARENINDUSTRIE Als bedoeld in artikel 53 van de CAO voor de Zoetwarenindustrie ARTIKEL 1 DEFINITIES CAO: Beroepscommissie: Werkgeversvereniging:

Nadere informatie

Promoveren binnen de William James Graduate School

Promoveren binnen de William James Graduate School Promoveren binnen de William James Graduate School Pre-ambule Vanaf 1 september 2010 promoveren alle (buiten)promovendi, bij de Faculteit de Psychologie en Pedagogiek (FPP), ongeacht de aanstelling, binnen

Nadere informatie

Reglement vertrouwenspersoon en klachtencommissie ongewenst gedrag HZ. Stichting HZ. - preambule

Reglement vertrouwenspersoon en klachtencommissie ongewenst gedrag HZ. Stichting HZ. - preambule Reglement vertrouwenspersoon en klachtencommissie ongewenst gedrag HZ Stichting HZ - preambule In aanvulling op de voor alle betrokkenen van de HZ geldende regels en de integriteitcode vindt de HZ het

Nadere informatie

Nederlandse Brandwonden Stichting

Nederlandse Brandwonden Stichting Nederlandse Brandwonden Stichting REGLEMENT AUDITCOMMISSIE Vastgesteld door de Raad van Toezicht op 24 april 2012 1/7 0. Inleiding 0.1 Dit reglement is opgesteld door de Raad van Toezicht (hierna RvT)

Nadere informatie

Examenreglement 2014-2015

Examenreglement 2014-2015 Examenreglement 2014-2015 INHOUDSOPGAVE Hoofdstuk 1 Algemeen 3 Hoofdstuk 2 Toelating tot opleidingen en cursussen 4 Hoofdstuk 3 Onderwijsprogramma 5 Hoofdstuk 4 Getuigschrift 7 Hoofdstuk 5 Doel en vorm

Nadere informatie

Klachtenregeling/vertrouwenspersoon Stichting TOPKI

Klachtenregeling/vertrouwenspersoon Stichting TOPKI Klachtenregeling/vertrouwenspersoon Stichting TOPKI Paragraaf 1. Begripsbepalingen Artikel 1. Begrippen Klacht: een schriftelijk ingediende uiting van onvrede of teleurstelling van een student of medewerker

Nadere informatie

UNIVERSITEIT VAN AMSTERDAM

UNIVERSITEIT VAN AMSTERDAM Regeling studiefaciliteiten duurzame inzetbaarheid Vastgesteld bij besluit nr. 2015cb0168 van het College van Bestuur op 18 mei 2015 Deze regeling treedt in werking per 1 juni 2015 en vervangt de Regeling

Nadere informatie

Artikel 1 Begripsbepalingen

Artikel 1 Begripsbepalingen KIESREGLEMENT UNIVERSITEITSRAAD PROTESTANTSE THEOLOGISCHE UNIVERSITEIT (bijlage bij het reglement van de Universiteitsraad Protestantse Theologische Universiteit) Artikel 1 Begripsbepalingen In dit reglement

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2005 2006 30 436 Wijziging van de Wet op de rechtsbijstand houdende herijking van de verlening van rechtsbijstand door de raden voor rechtsbijstand en de

Nadere informatie

Klachtenregeling Bonaventuracollege

Klachtenregeling Bonaventuracollege Klachtenregeling Bonaventuracollege Hoofdstuk 1 Begripsbepalingen Artikel 1 1 In deze regeling wordt verstaan onder een : a. school: een school als bedoeld in de Wet op het Voortgezet Onderwijs; b. commissie:

Nadere informatie

nr.14.0008063 Klachtenregeling Veilig Thuis Gooi en Vechtstreek (AMHK Gooi en Vechtstreek)

nr.14.0008063 Klachtenregeling Veilig Thuis Gooi en Vechtstreek (AMHK Gooi en Vechtstreek) nr.14.0008063 Klachtenregeling Veilig Thuis Gooi en Vechtstreek (AMHK Gooi en Vechtstreek) Artikel 1 Wettelijke grondslag Deze klachtenregeling heeft betrekking op de behandeling van klachten in overeenstemming

Nadere informatie

STATUUT OPLEIDINGSCOMMISSIES. Hogeschool der Kunsten Den Haag

STATUUT OPLEIDINGSCOMMISSIES. Hogeschool der Kunsten Den Haag STATUUT OPLEIDINGSCOMMISSIES Hogeschool der Kunsten Den Haag Statuut opleidingscommissies Inhoud 1. Inleiding 2. De taken van de commissie 3. De samenstelling van de commissie 4. Inbedding van de commissie

Nadere informatie

Informatie en voorwaarden voor het aanvragen van een Fulbright-beurs voor promovendi, hoogleraren en docenten

Informatie en voorwaarden voor het aanvragen van een Fulbright-beurs voor promovendi, hoogleraren en docenten Informatie en voorwaarden voor het aanvragen van een Fulbright-beurs voor promovendi, hoogleraren en docenten Inleiding Deze handleiding is bedoeld voor promovendi die onderzoek willen doen en scholars

Nadere informatie

Klachtenregeling Datum: 1 november 2014

Klachtenregeling Datum: 1 november 2014 Klachtenregeling Datum: 1 november 2014 Hoofdstuk 1 Begripsbepalingen Artikel 1 1. In deze regeling wordt verstaan onder: a. Steunpunt SO Fryslân ( hierna steunpunt): een Steunpunt als bedoeld in de Wet

Nadere informatie

REGELING TOELATING MASTEROPLEIDINGEN UNIVERSITEIT LEIDEN

REGELING TOELATING MASTEROPLEIDINGEN UNIVERSITEIT LEIDEN REGELING TOELATING MASTEROPLEIDINGEN UNIVERSITEIT LEIDEN Het College van Bestuur van de Universiteit Leiden, gelet op artikel 7.31 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek juncto

Nadere informatie

Deel 2: basisregelingen

Deel 2: basisregelingen Deel 2: basisregelingen Inhoudsopgave 1. Overlegregeling 2. Regeling Tijd- en Plaatsonafhankelijk Werken Landelijk Arbeidsvoorwaardenoverleg Waterschappen 2013 1 Overlegregeling Overlegregeling Artikel

Nadere informatie

Currence ideal B.V. B.V.Currence ideal B.V. TOELATINGSREGLEMENT ideal

Currence ideal B.V. B.V.Currence ideal B.V. TOELATINGSREGLEMENT ideal Currence ideal B.V. B.V.Currence ideal B.V. TOELATINGSREGLEMENT ideal Versie: 3.51 Datum: februari 2015 INHOUDSOPGAVE Artikel 1 Procedure... 3 Artikel 2 Aanvraagprocedure... 3 Artikel 3 Beoordelingsprocedure...

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling 2004-2005 Masteropleiding Dramaturgie. Paragraaf 1 Algemene bepalingen. art. 1.1 toepasselijkheid van de regeling

Onderwijs- en examenregeling 2004-2005 Masteropleiding Dramaturgie. Paragraaf 1 Algemene bepalingen. art. 1.1 toepasselijkheid van de regeling [60717] Onderwijs- en examenregeling 2004-2005 Masteropleiding Dramaturgie Paragraaf 1 Algemene bepalingen art. 1.1 toepasselijkheid van de regeling Deze regeling is van toepassing op het onderwijs en

Nadere informatie

ALMEERSE SCHOLEN GROEP

ALMEERSE SCHOLEN GROEP ALMEERSE SCHOLEN GROEP KLACHTENREGELING Stichting ABVO Flevoland Stichting ASG Stichting Entrada Klachtenregeling Almeerse Scholen Groep : Stichting ABVO Flevoland, Stichting ASG en Stichting Entrada 1

Nadere informatie

Verordening op de praktijkstage

Verordening op de praktijkstage Verordening op de praktijkstage Vastgesteld in de bijeenkomst van de ledenvergadering van 11 december 2006, afgekondigd in de Staatscourant van 17 januari 2007, nummer 12, nadien gewijzigd. De ledenvergadering

Nadere informatie

Promotiereglement. van de Radboud Universiteit Nijmegen en richtlijnen met betrekking tot de promotie

Promotiereglement. van de Radboud Universiteit Nijmegen en richtlijnen met betrekking tot de promotie Promotiereglement Promotiereglement van de Radboud Universiteit Nijmegen en richtlijnen met betrekking tot de promotie Vastgesteld bij besluit van het College van Decanen, Nijmegen, 13 juni 2006 Fotografie:

Nadere informatie

Aanstellingsbeleid Onderwijsgevenden Staf

Aanstellingsbeleid Onderwijsgevenden Staf Aanstellingsbeleid Onderwijsgevenden Staf Vastgesteld in CvB: 15-06-2015 Vastgesteld in Breed Overleg: 15-06-2015 De opbouw van dit aanstellingsbeleid is als volgt: Hoofdstuk 1 Hoofdstuk 2 Hoofdstuk 3

Nadere informatie

PROVINCIERAAD VAN ANTWERPEN

PROVINCIERAAD VAN ANTWERPEN PROVINCIERAAD VAN ANTWERPEN Vergadering van 27 juni 2013 Verslag van de deputatie Bevoegd deputatielid: Bruno Peeters Telefoon: 03 240 52 60 Agenda nr. 8/1 Het voorzien van een werkingssubsidie voor de

Nadere informatie

IV.4 PA/E/S IBO MB Dit is een gecoördineerde versie. De datum van de laatste versie is steeds de datum van het laatste wijzigingsbesluit

IV.4 PA/E/S IBO MB Dit is een gecoördineerde versie. De datum van de laatste versie is steeds de datum van het laatste wijzigingsbesluit Ministerieel besluit van 12 juni 2001 houdende vaststelling van de procedure tot het verlenen, het verlengen, het weigeren of het intrekken van een principieel akkoord, een erkenning en subsidiëring van

Nadere informatie

Klachtenregeling Werkvloertaal 26 juli 2015

Klachtenregeling Werkvloertaal 26 juli 2015 Klachtenregeling 26 juli 2015 Algemene Klachtenreglement Pagina 1 van 5 Algemene Klachtenreglement De directie van, Overwegende, dat het in verband met een goede bedrijfsvoering wenselijk is een regeling

Nadere informatie

REGISTRATIE REGLEMENT van de Commissie Professional Registration van de Nederlandse Vereniging voor Farmaceutische Geneeskunde

REGISTRATIE REGLEMENT van de Commissie Professional Registration van de Nederlandse Vereniging voor Farmaceutische Geneeskunde REGISTRATIE REGLEMENT van de Commissie Professional Registration van de Nederlandse Vereniging voor Farmaceutische Geneeskunde INLEIDING Dit Registratie Reglement van de Commissie Professional Registration

Nadere informatie

Algemene Voorwaarden Sectorplan FCB

Algemene Voorwaarden Sectorplan FCB Algemene Voorwaarden Sectorplan FCB I II III IV V VI Algemeen Te vergoeden kosten en hoogte van de vergoeding Indiening van de aanvraag Behandeling van de aanvraag Afhandeling van de vergoeding Slotbepalingen

Nadere informatie

RICHTLIJNEN KERKELIJK EXAMEN

RICHTLIJNEN KERKELIJK EXAMEN Oud-Katholiek Seminarie Kerkelijke Opleiding van de Oud-Katholieke Kerk van Nederland, verbonden aan het Departement Filosofie en Religiewetenschap van de Universiteit Utrecht RICHTLIJNEN KERKELIJK EXAMEN

Nadere informatie

Stagereglement Faculteit Rechtsgeleerdheid

Stagereglement Faculteit Rechtsgeleerdheid Stagereglement Faculteit Rechtsgeleerdheid Artikel 1 Toepassingsbereik lid 1 Dit stagereglement is van toepassing op: a. een externe stage in de zin van: - een stage, aansluitend bij de bachelor- en masteropleidingen

Nadere informatie

REGLEMENT INTERNE GESCHILLENCOMMISSIE

REGLEMENT INTERNE GESCHILLENCOMMISSIE REGLEMENT INTERNE GESCHILLENCOMMISSIE CB08.202 P&O/AJH 09-09-2008 procedures Aventus\CB08.202.reglement interne geschillencommissie versie 2.0 def. vastgesteld CvB 05-11-2008 Historie document: Reglement

Nadere informatie

REGELING BESCHERMING PERSOONSGEGEVENS STUDENTEN EN PERSONEEL

REGELING BESCHERMING PERSOONSGEGEVENS STUDENTEN EN PERSONEEL REGELING BESCHERMING PERSOONSGEGEVENS STUDENTEN EN PERSONEEL I Begripsbepalingen Artikel 1 1. In deze regeling wordt verstaan onder: a. Persoonsgegeven: elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of

Nadere informatie

Klachtenregeling Strabrecht College Geldrop

Klachtenregeling Strabrecht College Geldrop Klachtenregeling Strabrecht College Geldrop Hoofdstuk 1 Begripsbepalingen Artikel 1 1. In deze regeling wordt verstaan onder: a. school: het Strabrecht College te Geldrop, school als bedoeld in Wet op

Nadere informatie

Klachtenregeling en klachtencommissie. Haagse Beek organisatieadvies

Klachtenregeling en klachtencommissie. Haagse Beek organisatieadvies Klachtenregeling en klachtencommissie Haagse Beek organisatieadvies Klachtenregeling en Klachtencommissie Waarom een klachtenregeling en klachtencommissie? De directie van Haagse Beek organisatieadvies

Nadere informatie

Wetsartikelen ter toelichting van de OER

Wetsartikelen ter toelichting van de OER Wetsartikelen ter toelichting van de OER 2010-2011 Erasmus MC, Rotterdam Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of

Nadere informatie

Stichting Bedrijfstakpensioenfonds voor de Bouwnijverheid

Stichting Bedrijfstakpensioenfonds voor de Bouwnijverheid REGLEMENT KLACHTENPROCEDURE van de Stichting Bedrijfstakpensioenfonds voor de Bouwnijverheid Vastgesteld door het Bestuur van de Stichting Bedrijfstakpensioenfonds voor de Bouwnijverheid op: 12 september

Nadere informatie

WERVING, SELECTIE EN DIENSTVERBAND

WERVING, SELECTIE EN DIENSTVERBAND Bijlage bij het Principeakkoord Cao-OI 2016 In deze bijlage volgt een overzicht van cao-artikelen die zijn aangepast op grond van de afspraken uit het Principeakkoord Cao-OI 2016. HOOFDSTUK 2 WERVING,

Nadere informatie