3500 JAAR OUDE TRADITIONELE CHINESE GENEESKUNDE; DE KRACHT VAN DE CHINESE NAALD

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "3500 JAAR OUDE TRADITIONELE CHINESE GENEESKUNDE; DE KRACHT VAN DE CHINESE NAALD"

Transcriptie

1 P JAAR OUDE TRADITIONELE CHINESE GENEESKUNDE; DE KRACHT VAN DE CHINESE NAALD K.S.A.E. Liem, F.J.M. Heijmans, M. Bijkerk, J.M.V.G. Backus Slingeland Ziekenhuis, Doetinchem Introductie Sinds juni 2008 wordt in het Slingeland Ziekenhuis te Doetinchem op de afdeling pijnbestrijding ooracupunctuur toegepast bij uitbehandelde patiënten die hierom verzoeken. De directie en de medisch specialisten hebben begin 2009 hiervoor officieel toestemming gegeven. Vanaf 25 juni 2008 tot 23 december 2009 werden er bij 158 verschillende patiënten 326 ooracupunctuur behandelingen verricht. In dit abstract worden de resultaten van deze behandelingen gepresenteerd. Methode & Materiaal Na ontsmetting en elektronische voorstimulatie (Pointer Plus electrostimulator) werden de orgaanspecifieke acupunctuur-pijn-punten op het oor aangeprikt met steriele ASP Classic verblijfsnaalden (3 mm, Sedatelec, Irigny, Frankrijk) Over de naaldjes werd vervolgens een pleistertje geplakt. De patiënt moest deze punten minimaal 1 keer per dagdeel stimuleren door lokaal druk uit te oefenen. Na 2 weken werden de naaldjes verwijderd en weer 2 weken later weken vond de vervolgbehandeling plaats. Indien er binnen maximaal 3 behandelingen geen verbetering werd aangegeven door de patiënt, werd de verdere behandeling gestaakt. De behandeling middels (oor)acupunctuur werd in dat geval als niet zinvol geacht en de uitbehandelde patiënt werd dan alsnog terugverwezen naar de huisarts voor verdere begeleiding. In januari 2010 zijn de patiënten door een onafhankelijke pijnconsulent retrospectief geëvalueerd door de VAS score en de mate van tevredenheid te noteren. Conclusie Van de behandelde patiënten was 27% man (Mean: 61 jaar, range 21-87) en 73% vrouw (Mean: 61 jaar, range 25-89). Van alle patiënten heeft 47% gereageerd. Hiervan laat 60% een reductie zien in pijnsensatie (Fig. 1), waarbij 37% een pijnreductie aangeeft van 50% of meer (Fig. 2). Kijkt men naar de mate van tevredenheid, dan scoort 79% tevreden tot zeer tevreden (Fig. 3). Traditionele Chinese Geneeskunde laat middels ooracupunctuur bij patiënten die in de reguliere geneeskunde als uitbehandeld werden beschouwd laat bij 37% alsnog een evidente pijnreductie zien, met een zeer hoge mate van tevredenheid van 79%. Fig. 1

2 Fig. 2 Fig. 3

3 P 2 EVALUATIE VAN 3 JAAR 'NURSE-BASED' APS IN ZIEKENHUIS GELDERSE VALLEI EDE H.J. Lourens, A. Vogelaar, D.G. Snijdelaar Ziekenhuis Gelderse Vallei, Ede Doel Het beschrijven van onze nurse-based APS en het presenteren van de resultaten van de eerste 8030 patiënten vervolgd door de APS. Methode & Materiaal In de jaren werden chirurgische patiënten, behandeld voor postoperatieve pijn met intraveneuze patiënt gecontroleerde toediening van morfine (PCA morfine) of continue epidurale analgesie, vervolgd door de APS gedurende ten minste 72 uur postoperatief. Alle patiënten kregen paracetamol (4 dd 1000 mg) en de PCA morfine patiënten kregen ook diclofenac (3 dd 50 mg). Van elke patiënt werden de operatie, pijnscores (Numeric Rating Scale (NRS) na 24, 48 en 72 uur), gebruikte analgesie techniek, duur van de behandeling, reden voor stoppen behandeling en eventuele bijzonderheden genoteerd in een (Excel)-database. Resultaten 6603 (82,2%) patiënten werden behandeld met PCA morfine gedurende gemiddeld 1,6 dagen (SD 1,2) (17,8%) patiënten werden behandeld met epidurale analgesie gedurende gemiddeld 3,6 dagen (SD 1,8). Het percentage patiënten met een NRS van 4 of lager en het percentage patiënten met een NRS van 7 of hoger wordt weergegeven in respectievelijk tabel 1 en 2. NRS 4 PCA morfine Epidurale analgesie 24 uur 48 uur 72 uur 24 uur 48 uur 72 uur ,9% 92,0% 91,5% 90,3% 93,0% 98,2% ,0% 93,8% 92,7% 91,7% 93,6% 96,6% ,6% 94,7% 94,6% 91,9% 93,4% 96,9% Tabel 1. Percentage patiënten met een NRS lager of gelijk aan 4 NRS 7 PCA morfine Epidurale analgesie 24 uur 48 uur 72 uur 24 uur 48 uur 72 uur ,3% 1,2% 0,0% 2,8% 1,4% 0,0% ,2% 1,0% 2,9% 2,4% 3,0% 2,2% ,7% 1,2% 0,4% 3,4% 2,0% 1,0% Tabel 2. Percentage patiënten met een NRS hoger of gelijk aan 7 Conclusie Met een nurse-based APS is een kwalitatieve goede behandeling van postoperatieve pijn te bereiken.

4 P 3 EFFECTIVENESS OF AN UNDERBODY FORCED WARM-AIR BLANKET IN PREVENTING POSTOPERATIVE HYPOTHERMIA AFTER OFF-PUMP CORONARY ARTERY BYPASS GRAFT SURGERY T.S. Schmitt, J.H. Heijmans, L.A.F.M. van Garsse, W.N.K.A. van Mook, D.C.J.J. Bergmans, P.M.H.J. Roekaerts Academisch Ziekenhuis Maastricht, Maastricht Introduction Hypothermia in coronary artery bypass grafting is associated with adverse outcomes. The primary aim of this investigation is to investigate if an underbody forced-air warming blanket can prevent postoperative hypothermia in routine off-pump CABG surgery. Methods Twenty four patients for elective off-pump CABG surgery were assigned into an intervention group (warming blanket, n = 16) or a control group(standard thermal care, n=8). Standard thermal care in both groups included draping, fluid warming and an operation room temperature of 22 ºC. The forced warm air system was set at 43ºC. Bladder temperature was measured at: T1 after draping, T2 lowest temperature, T3 thorax closure, T4 departure from the OR, T5 arrival in the ICU, T6 1 hour after arrival in the ICU, T7 3 hours after arrival in the ICU. Results The number of patients arriving in the ICU with a bladder temperature of 36ºC was significantly higher in the intervention group, respectively 11 out of 16 patients (68,7%) versus no patients in the control group (p < 0,001). Initial temperatures (mean ± SD) at T1 were similar in both groups: 35,9ºC ± 0,3ºC vs 35,9ºC ± 0,2ºC, respectively, p = 0,608. On time points T2, T3, T4, T5, T6 and T7, core temperature was significantly lower in the control group as compared to the intervention group, T2: 34,9ºC ± 0,7ºC vs 35,7ºC ± 0,4ºC, p < 0,002; T3: 35,0ºC ± 0,7ºC vs 36,1ºC ± 0,4ºC, p < 0,001; T4: 35,4ºC ± 0,5ºC vs 36,3ºC ± 0,5ºC, p < 0,003; T5: 35,1ºC ± 0,7ºC vs 36,1ºC ± 0,4ºC, p < 0,001; T6: 35,2ºC ± 0,6ºC vs 36,4ºC ± 0,5ºC, p< 0,001; T7: 36,7ºC ± 0,7ºC vs 37,3ºC ± 0,5ºC, p < 0,015 Conclusions Additional warmth management with a full underbody forced warm air system, applied in the operating room to patients undergoing off-pump CABG surgery, prevents postoperative hypothermia. Temperature C * * * * * * Control Intervention Time points Figure 1. * p<0.05

5 P 4 FEASIBILITY OF PULSEOXYMETRY IN DROWNING VICTIMS L.J. Montenij, W. de Vries, J.J.L.M. Bierens UMC Utrecht, Utrecht Objective Immediate delivery of oxygen by lifeguards is the most important treatment for drowning victims at the rescue site. Pulseoxymetry could be useful monitoring in this setting, but low peripheral perfusion due to hypothermia may limit its use. This study investigates the feasibility of pulseoxymetry in drowning victims. Materials and methods Six pulseoxymeters (POMs) were tested simultaneously on ten ASA 1 volunteers in a swimming pool (warm water, 21 0 C) and in the sea (cold water, 16 0 C). Oxygen saturation was measured immediately after entrance in the water, and after 10 minutes of swimming. In this setting, oxygen saturation will not fall below 95% in healthy persons. Therefore, measurements of <95% were defined incorrect. Baseline measurements were performed in normal clothing at room temperature. Results All baseline measurements were correct, except for two measurements of 94% by the Nonin PalmSat. In warm water, 7/120 (5,8%) incorrect measurements were found, compared to 41/120 (34%) in cold water (figure 1). The incorrect measurements in warm water were from two POMs, in cold water from all six POMs. The LifePak 20 performed best with 2/40 (5%) incorrect measurements, the Nonin PalmSat the worst with 13/40 (33%). Figure 1: Number of incorrect pulseoxymeter readings.

6 In figure 2 all oxygen saturation measurements are displayed per POM with the cut off value of 95%. Especially after swimming in cold water, all POMs show difficulty in measuring correct oxygen saturations. Figure 2: All oxygen saturation values per pulseoxymeter, with 95% cut off value. Conclusion In healthy volunteers submersed in warm and cold water, performance of POMs varies considerably. Further studies are needed to understand these differences, before POMs can be used in drowning victims at the rescue site.

7 P 5 INCIDENTIE VAN POST OPERATIVE RESIDUAL CURARISATION (PORC) IN EEN ACADEMISCH CENTRUM: TIJD VOOR TOF-RATIO?? R.R. Schaad, R.R. Berendsen, A. Dahan LUMC, Leiden Introductie Een recent supplement van Anaesthesia 1 werd gewijd aan de praktijk van het gebruik van monitoring van neuromusculaire functie bij het gebruik van spierverslappers. Uit de besproken literatuur bleek dat er een onderschatting kan bestaan van tactiele TOF-meting vs TOF-ratio van soms wel 60%. In onze kliniek wordt gebruik gemaakt van tactiele TOF meting. Jaren lang lag de grens voor PORC bij TOF-ratio < 70%. Sinds enkele jaren wordt PORC gedefinieerd als TOF ratio < 90% Doel Het meten van aanwezigheid van postoperatieve restverslapping bij 24 patiënten waarbij gebruik is gemaakt van niet-depolariserende spierverslappers Patiënten en methoden In totaal 24 patiënten bij wie niet-depolariserende spierverslappers gebruikt werden, werden na het verkrijgen van informed consent geïncludeerd in deze studie. Direct na aankomst op de PACU/verkoeverkamer werd er bij de patiënt aan de n. ulnaris een TOF-ratio gemeten met behulp van een TOF-watch (Schering-Plough ) met 30mA. Resultaten Bij 10 van de 24 (42%) geïncludeerde patiënten bleek er sprake van aanwezigheid van PORC. De gemiddelde TOF-ratio gemeten was 88,9%± 12,4. Bij 2 patiënten bleek er sprake van een TOF < 70% In 16 (67%) van de gevallen werd er door de anesthesioloog geen TOF meting geregistreerd in het anesthesieverslag. Conclusie Het gebruik van tactiele TOF meting geeft een onderschatting van de mate van restverslapping. Gezien deze conclusie adviseren wij het gebruik van TOF-ratio met behulp van acceleromyografie en wijzen wij erop dat monitoring en verslaglegging van het effect van spierverslappers, volgens de richtlijnen van de NVA, standaard is bij het gebruik van spierverslappers. Referentie 1. Anaesthesia 2009, 64 (suppl 1)

8 P 6 ANAESTHETIC CONSIDERATIONS IN A PATIENT WITH AMIODARONE-INDUCED THYROTOXICOSIS P.J. Calis, R.R. Berendsen, E.A. Logeman, E.Y. Sarton, L.P.H.J. Aarts LUMC, Leiden Introduction Amiodarone is an anti-arrhythmic drug which is increasingly used in patients with supraventricular and ventricular arrhythmias. A potential side effect of amiodarone usage is the development of amiodarone-induced thyrotoxicosis (AIT). Because of its increased usage it is to be expected that the incidence of AIT will rise. AIT will often develop in patients with severe cardiac disease since it is predominately prescribed in that population. AIT can cause a deterioration of the patients physical condition and the cardiac performance. The aim of this case report is to discuss the current treatment of AIT and the anaesthetic possibilities. Case presentation A 46-year-old man was admitted in our hospital for the treatment of sustained ventricular tachycardia. His medical history included a cardiomyopathy of unknown origin and implantable cardioverter- defibrillator placement after a resuscitation. The patient developed AIT after having been started on amiodarone. Laboratory results showed an increased free T4 of >99.9 pmol/l (10-24 pmol/l), a normal T3 of 2.5 nmol/l ( nmol/l) and a decreased TSH of <0.005 mu/l ( mu/l). Despite adequate medical treatment TFT did not improve, T3 raised till 6.5 nmol/l. Because of this deterioration a thyroidectomy was performed under general anaesthesia. No complications were encountered. TFT improved and substitution with thyroxine was started. Conclusion Surgery in a patient with AIT combined with cardiac disease is not always possible to prevent. This situation can impose a challenge for the anaesthesiologist. Both general and loco-regional anaesthesia can be performed safely.

9 P 7 INVLOED VAN DE BUIZENPOST OP DE TROMBOELASTOGRAFIE W.G.G. Boza, V. Gerling UMC Utrecht, Utrecht Introductie Het effect van bloedmonstertransport met de buizenpost op de uitslag van de tromboelastograaf (TEG) is onduidelijk. Hoewel de fabrikant aanraadt het monster na afname direct af te draaien zonder tussenkomst van buizenpost zijn er ook aanwijzingen dat de buizenpost geen preanalytische fouten introduceert(1). Methoden Bij 16 patiënten met een ongecompromitteerde stolling werden op de operatiekamer 2 citraatbuizen afgenomen uit de arterielijn. De ene buis werd in de jaszak gedragen naar de TEG, terwijl de andere middels de buizenpost werd verplaatst. Aansluitend werden met de TEG 5000 (Haemonetics Corp.) gelijktijdig beide monsters afgedraaid. De patiënten gebruikten geen medicatie die de stolling beïnvloedde en waren electief gepland voor verschillende ingrepen (CABG +/- klepvervanging, laryngectomie, leverchirurgie, trepanatie, urologische of orthopedische ingreep). Resultaten transport\parameter R gem R SD K gem K SD Angle gem Angle SD MA gem MA SD LY30 gem Gedragen 4,61 1,39 1,53 0,39 68,69 4,65 61,93 5,02 0,66 0,99 Buizenpost 4,51 1,13 1,46 0,34 68,64 4,23 61,84 4,83 0,79 1,02 Normaalwaarden LY30 SD Conclusie Gebruik van de buizenpost laat geen invloed zien op de uitslag van de tromboelastografie ten opzichte van de normaalwaarden en lijkt geen klinisch relevant verschil op te leveren. Bepaling van significant verschil tussen de transportmethoden vereist een grotere patiëntenpopulatie. Referentie 1. Wallin et al (2008) Clin Chem Lab Med.

10 P 8 COVARIATES FOR MORTALITY IN ELDERLY PATIENTS UNDERGOING HIP-SURGERY A. Ophof, T.T. Kok, F.M. Wulfert, S. Schiere, J.P.C. Sonneveld, J.K.G. Wietasch UMC Groningen, Groningen Introduction Half of the surgical population concerns elderly patients. Despite adequate perioperative management, delirium is one of the most common problems with an incidence ranging from 5% to 45 %. The aim of this study is to determine the incidence and influence of delirium on mortality in this special population. Methods In this single center retrospective cohort study we included 146 patients aged 60 years and older, who were admitted between with a hip fracture to the UMCG. Data were collected from hospital computer system and paper patient records. We determined thirty-day and one-year mortality rate and analyzed patients data to determine influencing factors. Results Median age of the study population was 81.5 years (range: ). Median hospital stay was 11 (range: 1-69) days. Thirty-day and one-year mortality rates were 9.6 % and 21.2 % respectively. During hospital stay the overall prevalence of delirium was 15.8%. We found an association between the development of a delirium and age (> 90 years: 28.6%) and male gender (20% versus 13.5%). Delirium was not associated with duration of operation or length of hospital stay. However, we observed a significant increased thirty-day mortality (13% versus 8.9%), and one-year mortality (39.1% versus 17.9%) in patients who developed a delirium. Regarding comorbidity, 17.6% patients with cardio circulatory and/ of lung disease and 18.5% who had diabetes mellitus developed a delirium postoperatively compared to 14.3% of patients with no comorbidities. Conclusion In this investigation delirium is associated with a significant higher mortality rate. The prevention of delirium will be of special interest to improve outcome and quality of life.

11 P 9 COMPLICERENDE FACTOREN VOOR PERIFERE VENEUZE CANNULATIE BIJ KINDEREN OP DE OK N.J. Cuper, J.C. de Graaff, D.B.M. van der Werff, R.M. Verdaasdonk UMC Utrecht, Utrecht Introductie Bij zorgpersoneel zijn er veel vooroordelen over factoren die bepalen of een kind moeilijk te prikken is; zoals een hoog BMI en een donkere huidskleur. Er is echter weinig literatuur beschikbaar die deze vooroordelen ondersteunen of falsificeren. In dit onderzoek identificeren wij risicofactoren voor moeilijke veneuze cannulatie bij kinderen onder anesthesie, voorafgaand aan een operatie. Methode en Materiaal In een prospectieve cohort studie zijn alle opeenvolgende veneuze cannulaties bij kinderen, voor electieve chirurgie in het Wilhelmina Kinderziekenhuis, gedurende 4 maanden geëvalueerd (n = 1080). Tijdsduur, aantal prikken en een aantal potentiële risicofactoren zijn gemeten (zie tabel). Factoren die mogelijk invloed zouden kunnen hebben op de veneuze cannulatie zijn geanalyseerd door middel van logistische regressie analyse voor het aantal prikken en lineaire regressie voor de tijdsduur van veneuze cannulatie. Resultaten De meeste puncties (83%) werden verricht onder narcose na inhalatie inductie. In 27% van de kinderen was meer dan één punctie nodig voor een succesvolle cannulatie. De gemiddelde tijdsduur was 77 s (46-150) met een maximum van 55 min. Een jongere leeftijd, functie van de uitvoerder anders dan anesthesiemedewerker en maxillofaciale, neuro-, en algemene chirurgie bleken voorspellers (P <.001) voor een lagere kans op in één keer raak prikken, met een voorspellende waarde van 8% (zie tabel). De factoren die de tijdsduur van de veneuze cannulatie beïnvloeden laten een zelfde beeld zien (data niet gepresenteerd). Conclusie Leeftijd, functie van de uitvoerder en type chirurgie bleken voorspellers voor moeilijkheid van prikken. In tegenstelling tot de verwachting zijn BMI en een donkere huidskleur niet gerelateerd aan problemen bij veneuze cannulatie. Tevens blijkt de algeheel voorspellende waarde laag en is moeilijkheid van cannulatie dus slecht voorspelbaar aan de hand van eenvoudig patiëntkenmerken.

12 Potentiële risicofactoren Mediaan (IOR) / proportie p-waarde log regressie Odds ratio(95%ci) Leeftijd (IQR) 6 (2-10) < ( ) Geslacht (% man) 626/1082 (58%).133 Donkere huidskleur (%) 49/1037 (5%).812 Anesthesie (%) 874/1058 (83%).251 BMI z-score (± SD) ( ).415 Chirurgie KNO 156/1083 (14%).026 (overall) Maxillofaciale chirurgie 29/1083 (3%) ( ) Oogheelkunde 98/1083 (9%) ( ) Kindergeneeskundige interventies 118/1083 (11%) ( ) Algemene chirurgie 269/1083 (25%) ( ) Neurochirurgie 48/1083 (4%) ( ) Orthopedische chirurgie 71/1083 (7%) ( ) Urologische chirurgie 285/1083 (26%) ( ) Anders 9 (1%) ( ) Functie Anesthesiemedewerker 299/1022 (29%).013 (overall) Anesthesiemedewerker in opleiding 125/1022 (12%) ( ) Anesthesioloog 211/1022 (21%) ( ) Anesthesioloog in opleiding 367/1022 (36%) ( ) Co-assistent 20/1022 (2%) ( )

13 P 10 INZICHT IN KWALITEIT DOOR DIGITALISATIE ACUTE PIJN SERVICE (APS) V.A.A. Brens-Heldens, M.A.H. Steegers, K. Vissers, J. Takkenkamp, R. van Boekel UMC St Radboud, Nijmegen Introductie Acute postoperatieve pijn na chirurgie blijft een medisch en maatschappelijk probleem. Een recente metaanalyse toont dat 41% van chirurgische patiënten matige tot ernstige postoperatieve pijn beleven [Dolin2002, Apfelbaum2003]. Ondanks investeringen in APS, infrastructuur, guidelines en dergelijke is er geen overtuigende verbetering van de kwaliteit van postoperatieve pijnbestrijding over de laatste 10 jaren ingetreden. Ter verbetering van de kwaliteit van zorg is het belangrijk te weten wat de oorzaak is van de vaak ineffectieve pijnbehandeling. Om dit inzicht te verkrijgen en onze zorgkwaliteit te verbeteren is het UMCN St.Radboud overgegaan op een volledig gedigitaliseerd APS-systeem. Materiaal & Methode De acute pijnservice wordt sinds alle dagen door verpleegkundigen bemand. Sinds worden de verzamelde APS-gegevens direct digitaal geregistreerd. Via een zelf ontwikkeld web-basedprogramma, verbonden met het ziekenhuissysteem, kunnen online de gegevens, zoals bv. soort operatie en soort pijnbehandeling, worden ingevoerd over patiënten die een consult van de APS nodig hebben. Hier worden de eerste resultaten gepresenteerd op basis van de inspectienorm (pijnscore op enig moment NRS>7 in de eerste 72 uur na operatie). Resultaten In een periode van 4½ maand zijn 1970 consulten gedaan bij 810 patiënten door de APS. Uit de bijgevoegde grafieken blijkt dat 47-70% van onze patiënten matig tot ernstige pijn ervaren op enig moment in de eerste 72 uur na grote chirurgie. Uit deze gegevens blijken geen grote verschillen tussen de methoden van behandeling. Conclusie 9-15% van de postoperatieve patiënten ervaart na grote chirurgie ernstige pijn (nrs >7). De digitalisering van de metingen van de APS is nuttig om inzicht te verkrijgen in de kwaliteit van de pijnbehandeling om op basis hiervan verbetertrajecten te starten.

14 P 11 RELATIE TUSSEN DE CUMULATIEVE VOCHTBALANS, DE BEADEMINGSDUUR EN STERFTE VAN ALI/ARDS-PATIËNTEN. H.A. Metske, J.M. Binnekade, A.F. van der Sluijs, J.H. Hofstra, A.P. Vlaar, N.P. Juffermans, M.J. Schultz Academisch Medisch Centrum, Amsterdam Introductie Een RCT heeft laten zien dat een restrictief vochtbeleid de beademingsduur van ALI/ARDS-patiënten significant en klinisch relevant verkort [NEJM, 2006;354: ). Wij onderzochten de relatie tussen cumulatieve vochtbalans (VB), de beademingsduur en sterfte van ALI/ARDS-patiënten op onze IC-afdeling. Methode Retrospectief cohortonderzoek. 600 ALI/ARDS-patiënten werden ingedeeld naar cumulatieve VB op dag 7 van de IC-opname: 1) 0 L (groep I); 2) L (II); 3) L (groep III); 4) 8 L (groep IV). Resultaten Er was geen verschil tussen de VB voor en na publicatie van bovengenoemde RCT. Het mediane aantal beademingsvrije dagen op dag 28 was 21 [0 25]; de sterfte was 26%. De tabel toont de basale karakteristieken, aantal beademingsvrije dagen en de sterfte van de 4 groepen. Tabel: patiëntenkarakteristieken en uitkomsten VB groep I II III IV N Geslacht (man) (%) Leeftijd (jaren) 58 ± ± ± ± 17 APACHE II 16.3 ± ± ± ± 6.7 Beademingsvrije dagen op dag 28 (dagen) 25 [21 27] 24 [10 26] 19 [0 25]* 0 [0 20]*,# Sterfte (%) *, P < 0.05 vs. groep I en II; #, P < 0.05 vs. groep I, II en III; Odds-ratio [98% betrouwbaarheidsinterval] voor sterfte, 2 [1 4], 3 [2 7] en 8 [4 16] voor groep II, III en IV. Conclusie De gevonden relatie tussen de VB, beademingsduur en sterfte benadrukken het belang van implementatie van een restrictief vochtbeleid bij ALI/ARDS-patiënten. Een restrictief vochtbeleid is onvoldoende geïmplementeerd op onze IC-afdeling.

15 P 12 EUREGIONAL TRIAGE: A UNIFORM CONCEPT?! L.P.W. Mommers, M.A.E.Marcus, M. Bussink Academisch Ziekenhuis Maastricht, Maastricht Introduction During mass casualties there is shortcoming in personnel and equipment. A possible solution to these deficits in mass casualties in the Euregional area is assistance from adjacent countries. We compared triage algorithms being used in the Euregional area. Materials and methods Where available, national guidelines were used. Furthermore, in depth interviews with paramedics and emergency doctors with pre-hospital experience, were performed. Results In the Netherlands (NL) in mass casualties the modified triage sieve, developed in 1995, is used as national primary survey. Capillary refill time (CRT) is favored over heart rate (HR) as it is faster to perform (7 vs. 15sec) 1. The Revised Trauma Score (RTS) serves as the secondary triage sort. In Belgium (BE) no national guidelines are available. In several regions the modified Simple Triage And Rapid Transportation (mstart) algorithm, originally developed in 1983, is used. mstart is suggested to be a better predictor of severe injury than triage sieve 2. The Secondary Assessment of Victim Endpoint (SAVE) triage, developed as secondary survey following the START-algorithm, is not used. In Germany no national guidelines are available. Triage categories are primarily assigned by emergency doctors, based on personal knowledge and experience. Conclusion At this time there is no uniform Euregional pre-hospital triage algorithm available. Although the triage sieve (NL) and mstart algorithm (BE) show many similarities, there are differences which will lead to confusion and/or delay. None of the mentioned algorithms is validated in mass casualties. Our future research will focus on optimal criteria and design for a uniform Euregional triage algorithm that is validated. References 1 Emerg Med J Jul;19(4): Ann Emerg Med Nov;38(5):541-8

16 P 13 THE INFLUENCE OF TIME OF DAY ON DURATION OF EFFECT OF NEUROMUSCULAR BLOCKADE BY ROCURONIUM H.J. Stam, M.M.J. Snoeck Canisius-Wilhesmina Ziekenhuis, Nijmegen Background Rocuronium, an aminosteroidal neuromuscular blocking agent (NMBA), is frequently used in the Netherlands. The duration of its action is known to be influenced by a variety of factors, e.g.: fat mass, age, temperature, the use of volatile anaesthetics, and organ disease (kidney and liver) 1. We conducted a prospective, observational study to investigate if time of day could influence the duration of the neuromuscular blockade elicited by rocuronium. As second outcome variable we determined the most reliable definition of body weight for dosing rocuronium. Methods and materials We studied 83 adults, receiving general anaesthesia for mostly elective laparoscopic cholecystectomy; according to Good Clinical Research Practice in pharmacodynamic studies of neuromuscular blocking agents 2. All patients received a standardized general anaesthesia and an intubation dose of rocuronium (0.6 mg/kg). Neuromuscular monitoring was performed continuously using the TOF-Watch SX. Time of administration of rocuronium (T 0 ) was divided into 3 time slots. Time until return of the second (T 2 ) twitch was defined as reference point. Mean duration time until return of T 1 and T 2 were corrected for age, creatinine clearance, fat mass, lean body weight & BMI. Results The extent of neuromuscular blockade was dependent on time of administration of rocuronium but the difference was not statistically significant (p-value 0.474) nor after correction for renal failure or body weight (p-value 0.437). In this study, the best definition of body weight is Body Mass Index (BMI). Conclusion In this study we could not demonstrate a statistical significant difference for time of day effect on the duration of action of rocuronium. References: 1. Craig RG, Hunter JM. Neuromuscular blocking drugs and their antagonists in patients with organ disease. Anaesthesia 2009 Mar;64(s1): Viby-Mogensen J, Engbaek J, Eriksson LI, Gramstad L, Jensen E, Jensen FS, Koscielniak-Nielsen Z, Skovgaard LT, Ostergaard D. Good Clinical Research Practice (GCRP) in pharmacodynamic studies of neuromuscular blocking agents. Acta Anaesthesiologica Scandinavica 1996 Jan;40(1):59-74

17 P 14 DE WAARDE VAN PERCUTANE ELECTRISCHE STIMULATIE VOOR LOCALISATIE VAN DE PLEXUS BRACHIALIS BIJ EEN INTERSCALEEN BLOK T.O.V. ECHOGRAFISCHE LOCALISATIE. Z.J. Boender, M.F. Stevens, B. Preckel, M.W. Hollmann, J.T. Wegener Academisch Medisch Centrum, Amsterdam Percutane elektrische zenuwstimulatie met de Stimuplex -pen (PES) wordt gezien als non-invasief alternatief voor de high-resolution echografische lokalisatie van oppervlakkig verlopende zenuwen bij perifere zenuwblokken. Doel Punten met PES in het interscalene gebied, waarbij een adequate motorische respons optreedt, correleren met de punten waar zenuwstructuren van de plexus brachialis echografisch gezien het meest oppervlakkig verlopen. Materiaal en methode Na goedkeuring van de Medische Ethische Commissie werd bij 20 vrijwilligers de plexus brachialis met PES op 49 punten gestimuleerd in de interscalene regio (0-5 ma, 1 ms). Hiervoor werd een geperforeerde folie (Tegaderm, 3M) met 49 identieke openingen lateraal van de M. Sternocleidomatoideus en superior van de clavicula geplakt. Per opening werden zichtbare spiercontracties, stimulatiedrempels (ma) en weerstanden (Ω) vastgelegd. Vervolgens werd echografisch (Turbo M, Sonosite Inc., Bothell, WA) in het foliegebied de punten van meest oppervlakkige zenuwstructuren bepaald (Echopunten). Bij meer dan 3 mm verschil met de punten van PES met een relevante spiercontractie werd dit als een falen van PES beschouwd. Resultaten Bij 41% (58 PES-punten) werd op de Echopunten geen enkele spiercontractie waargenomen. Bij 8% kwamen PES-punten met relevante spiercontracties niet overeen met de Echopunten. Bij 22% (31 PES-punten) werden relevante spiercontracties gezien ter hoogte van de Echopunten echter ook daarbuiten. Slechts in 6% (8 PES-punten) kwam het punt met een relevante spiercontractie overeen met het echografische punt van de meest oppervlakkige zenuwstructuur. Echografisch bedroeg de mediane afstand van de huid naar de meest oppervlakkige zenuwstructuur 0,9 cm (spreiding 0,3 1,9). Conclusie PES levert geen betrouwbare informatie over de optimale punctieplaats voor een interscaleen blok in vergelijking met high-resolution echografie.

18 O 1 A COMPREHENSIVE METHOD FOR STUDYING RENAL OXYGENATION IN PIGS N.B. Ates, H.F.E.M. Willems, F.M. Konrad, S.I.A. Bodmer, R.J. Stolker, T. Johannes, E.G. Mik Erasmus MC, Rotterdam Introduction The determinants of renal oxygenation and their impact on organ (dys)function are poorly understood. We developed an approach to measure microvascular PO 2 (μpo 2 ) and blood flow (μflow) in cortex, outer and inner medulla of pig kidney, combined with renal oxygen delivery (DO 2 ) and consumption (VO 2 ). Methods Measurements of μpo 2 and mflow were based on oxygen-dependent quenching of phosphorescence of injected palladium-porphyrin and laser Doppler. Bloodgas analysis was done with an ABL 800 flex (Radiometer). In anesthetized pigs the right kidney was mobilized via midline laparotomy. Renal blood flow (RBF) was measured using a flowprobe (Transonic Systems). Vein and ureter were cannulated for blood and urine sampling. Three 400 μm optical fibers were implanted in cortex, outer and inner medulla and alternately connected to a laser Doppler (Perimed) for μflow measurements and to a tunable pulsed laser (Opotek) for phosphorescence excitation. A liquid light-guide (Oriel), connected to a photomultiplier tube (Hamamatsu), detected phosphorescence from the kidney surface. A customized kidney cup assured correct placement and fixation of fibers and kidney. Results Six pigs were used for design of the kidney cup, dose-finding for palladium-porphyrin (5 mg/kg) and fine-tuning of measurements. RBF was around 250 ml min -1, DO 2 ~ 0.3 mlo 2 min -1 g -1, VO 2 ~ 0.08 mlo 2 min -1 g -1, cortical mflow 5-10x the medullary. Phosphorescence was readily detected from the different compartments with cortical and medullary μpo 2 ~ 15 and 30 mmhg respectively. Conclusion We developed an approach for comprehensive measurement of renal oxygenation, combining mflow and μpo 2 in the same tissue volume within three different compartments. We anticipate this method to prove valuable for studying peri-operative pathophysiology.

19 O 2 CEREBRAL CARBON DIOXIDE REACTIVITY IS UNALTERED BY SYMPATHETIC DENERVATION WITH STELLATE GANGLIONIC BLOCKADE L.M. de Koning, R.V. Immink, R.H.A. Passier, J. Truijen, J.H. Vranken, M.H. van der Vegt, M.W. Hollmann, C. Keijzer, J.J. van Lieshout Academisch Medisch Centrum, Amsterdam Introduction In the normocapnic range, middle cerebral artery mean velocity (MCA V mean ) increases ~5% per mmhg end-tidal carbon dioxide pressure by vasodilatation (the CO 2 reactivity of the brain). It is suggested that sympathetic denervation with stellate ganglionic blockade (SGB) dilates the cerebral vasculature resulting in an increased MCA V mean. If this is true, further cerebral vasodilatation with CO 2 added to the inspiratory air could possibly be diminished after sympathetic blockade. In this study we hypothesized that the CO 2 reactivity of the brain decreases after SGB. Methods In 10 patients (8 males, 44±4 y, 183±3 cm, 87±6 kg; mean±s.e.m.), treated with SGB for their chronic pain complaints, end-tidal CO 2, bilateral MCA V mean (transcranial Doppler) and cerebral oxygenation (near infrared spectroscopy) were monitored during inspiration of carbogen (5% CO 2 and 95% O 2 ) before and after SGB. A successful SGB was scored by a Horner s syndrome. 10 Healthy subjects served as control. Results Base line MCA V mean was 42±4 and 48±7 cm s -1 before and 47±5 and 50±5 cm s -1 after SGB on the unblocked and blocked site respectively (p=ns). Inspiration of carbogen increased end-tidal CO 2 8.6±0.9 and 8.5±1.2 mmhg before and after SGB. CO 2 reactivity (% (mmhg CO 2 ) -1 ) was 4.9±0.8 and 5.2±0.8 before SGB and 5.0±0.4 and 5.4±0.7 after SGB on the unblocked and blocked site respectively (all p=ns). In controls this was 5.1±0.5. The increase in cerebral oxygenation (μmol (mmhg CO 2 ) -1 ) was not different 0.4±0.1 (either site) and 0.3±0.1 (either site), before and after SGB respectively. In controls the value was 0.8±0.5 (all p=ns). Conclusion Chronic pain located in the arm or face for which SGB is indicated, did not alter CO 2 reactivity. In contrast to earlier reports, we did not observe an increase in MCA V mean or cerebral oxygenation, after SGB. Also, SGB or sympathetic denervation did not decrease CO 2 reactivity.

20 O 3 HEMODYNAMIC CHANGES DURING ELECTROCONVULSIVE THERAPY P.K.B. Geersing, V. Viersen, C. Boer, M.L. Stek, S.A. Loer VU Medisch Centrum, Amsterdam Electroconvulsive therapy (ECT) can induce marked changes in heart rate and arterial blood pressure due to activation of the parasympathetic and subsequently the sympathetic nervous system. Anesthesiologists have to anticipate these changes, particularly in patients with cardiovascular disease. Here we determined the duration and extend of hemodynamic alterations during ECT. In anesthetized and relaxed patients, heart rate, systolic (SBP) and diastolic blood pressure (DBP) were measured continuously with a non-invasive monitor (Nexfin HD, BMEYE, Amsterdam). A pulse rate above 100/min was treated with intermittent administration of esmolol and a rise in SBP of more than 20% of baseline was treated with ketanserine until values were back to baseline. Data are mean±sd. Fourteen patients (65±17 years) were included. Following the ECT stimulus a transient drop in blood pressure and pulse rate was followed by a subsequent rise in both parameters. Pre-ECT heart rate, SBP and DBP was 93±14 bpm, 147±19 mmhg and 85±14 mmhg, respectively. The parasympathetic phase lasted 16±5 s and was characterized by a drop in heart rate, SBP and DBP to 51±26 bpm, 94±38 mmhg and 53±27 mmhg, respectively. During the subsequent sympathetic phase heart rate increased to 127±29 bpm, SBP to 183±30 mmhg and DBP to 110±19 mmhg. Time interval between the lowest and highest heart rate levels was 52±71 s. In most patients the increase in heart rate and blood pressure during the sympathetic phase did not return to baseline before anesthesia ended. While the parasympathetic phase after the ECT stimulus is rather short, the sympathetic phase may continue throughout post-anesthetic period. Continuous beat-to-beat blood pressure measurements may be of value in hemodynamic monitoring and guidance of therapy.

Lichamelijke factoren als voorspeller voor psychisch. en lichamelijk herstel bij anorexia nervosa. Physical factors as predictors of psychological and

Lichamelijke factoren als voorspeller voor psychisch. en lichamelijk herstel bij anorexia nervosa. Physical factors as predictors of psychological and Lichamelijke factoren als voorspeller voor psychisch en lichamelijk herstel bij anorexia nervosa Physical factors as predictors of psychological and physical recovery of anorexia nervosa Liesbeth Libbers

Nadere informatie

Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur

Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur M. Zander MSc. Eerste begeleider: Tweede begeleider: dr. W. Waterink drs. J. Eshuis Oktober 2014 Faculteit Psychologie en Onderwijswetenschappen

Nadere informatie

De Relatie tussen Werkdruk, Pesten op het Werk, Gezondheidsklachten en Verzuim

De Relatie tussen Werkdruk, Pesten op het Werk, Gezondheidsklachten en Verzuim De Relatie tussen Werkdruk, Pesten op het Werk, Gezondheidsklachten en Verzuim The Relationship between Work Pressure, Mobbing at Work, Health Complaints and Absenteeism Agnes van der Schuur Eerste begeleider:

Nadere informatie

Positieve, Negatieve en Depressieve Subklinische Psychotische Symptomen en het Effect van Stress en Sekse op deze Subklinische Psychotische Symptomen

Positieve, Negatieve en Depressieve Subklinische Psychotische Symptomen en het Effect van Stress en Sekse op deze Subklinische Psychotische Symptomen Positieve, Negatieve en Depressieve Subklinische Psychotische Symptomen en het Effect van Stress en Sekse op deze Subklinische Psychotische Symptomen Positive, Negative and Depressive Subclinical Psychotic

Nadere informatie

Tahnee Anne Jeanne Snelder. Open Universiteit

Tahnee Anne Jeanne Snelder. Open Universiteit Effecten van Gedragstherapie op Sociale Angst, Zelfgerichte Aandacht & Aandachtbias Effects of Behaviour Therapy on Social Anxiety, Self-Focused Attention & Attentional Bias Tahnee Anne Jeanne Snelder

Nadere informatie

Hartpatiënten Stoppen met Roken De invloed van eigen effectiviteit, actieplannen en coping plannen op het stoppen met roken

Hartpatiënten Stoppen met Roken De invloed van eigen effectiviteit, actieplannen en coping plannen op het stoppen met roken 1 Hartpatiënten Stoppen met Roken De invloed van eigen effectiviteit, actieplannen en coping plannen op het stoppen met roken Smoking Cessation in Cardiac Patients Esther Kers-Cappon Begeleiding door:

Nadere informatie

Introduction Henk Schwietert

Introduction Henk Schwietert Introduction Henk Schwietert Evalan develops, markets and sells services that use remote monitoring and telemetry solutions. Our Company Evalan develops hard- and software to support these services: mobile

Nadere informatie

Denken is Doen? De cognitieve representatie van ziekte als determinant van. zelfmanagementgedrag bij Nederlandse, Turkse en Marokkaanse patiënten

Denken is Doen? De cognitieve representatie van ziekte als determinant van. zelfmanagementgedrag bij Nederlandse, Turkse en Marokkaanse patiënten Denken is Doen? De cognitieve representatie van ziekte als determinant van zelfmanagementgedrag bij Nederlandse, Turkse en Marokkaanse patiënten met diabetes mellitus type 2 in de huisartsenpraktijk Thinking

Nadere informatie

INVLOED VAN CHRONISCHE PIJN OP ERVAREN SOCIALE STEUN. De Invloed van Chronische Pijn en de Modererende Invloed van Geslacht op de Ervaren

INVLOED VAN CHRONISCHE PIJN OP ERVAREN SOCIALE STEUN. De Invloed van Chronische Pijn en de Modererende Invloed van Geslacht op de Ervaren De Invloed van Chronische Pijn en de Modererende Invloed van Geslacht op de Ervaren Sociale Steun The Effect of Chronic Pain and the Moderating Effect of Gender on Perceived Social Support Studentnummer:

Nadere informatie

Nutritional Risk Screening (NRS 2002)

Nutritional Risk Screening (NRS 2002) Nutritional Risk Screening (NRS 2002) Bron: Kondrup, J., Rasmussen, H. H., Hamberg, O., Stanga, Z., & ad hoc ESPEN Working Group (2003). Nutritional Risk Screening (NRS 2002): a new method based on an

Nadere informatie

Invloed van Bewegen op Depressieve Klachten in de. Fysiotherapie Praktijk. Influence of Movement on Depression in the. Physiotherapy Practice

Invloed van Bewegen op Depressieve Klachten in de. Fysiotherapie Praktijk. Influence of Movement on Depression in the. Physiotherapy Practice Invloed van Bewegen op Depressieve Klachten in de Fysiotherapie Praktijk Influence of Movement on Depression in the Physiotherapy Practice J.A. Michgelsen Eerste begeleider: dr. A. Mudde Tweede begeleider:

Nadere informatie

Look, listen, feel. Dr. Dik Snijdelaar, anesthesioloog Ziekenhuis Gelderse Vallei, Ede

Look, listen, feel. Dr. Dik Snijdelaar, anesthesioloog Ziekenhuis Gelderse Vallei, Ede Dr. Dik Snijdelaar, anesthesioloog Ziekenhuis Gelderse Vallei, Ede Is het toedienen van zuurstof en/of gebruik van monitoring nodig tijdens transport van de patiënt van OK naar de recovery? Wat een gedoe

Nadere informatie

Running head: BREAKFAST, CONSCIENTIOUSNESS AND MENTAL HEALTH 1. The Role of Breakfast Diversity and Conscientiousness in Depression and Anxiety

Running head: BREAKFAST, CONSCIENTIOUSNESS AND MENTAL HEALTH 1. The Role of Breakfast Diversity and Conscientiousness in Depression and Anxiety Running head: BREAKFAST, CONSCIENTIOUSNESS AND MENTAL HEALTH 1 The Role of Breakfast Diversity and Conscientiousness in Depression and Anxiety De Rol van Gevarieerd Ontbijten en Consciëntieusheid in Angst

Nadere informatie

Nurse Specialist in Hartfalen: What s in a name

Nurse Specialist in Hartfalen: What s in a name BWGCVN Nurse Specialist in Hartfalen: What s in a name Jan Vercammen Hartfalenverpleegkundige ZOL Genk Voorzitter Belgian Heart Failure Nurses Wat is hartfalen Definitie: The inability of the heart to

Nadere informatie

Pesten onder Leerlingen met Autisme Spectrum Stoornissen op de Middelbare School: de Participantrollen en het Verband met de Theory of Mind.

Pesten onder Leerlingen met Autisme Spectrum Stoornissen op de Middelbare School: de Participantrollen en het Verband met de Theory of Mind. Pesten onder Leerlingen met Autisme Spectrum Stoornissen op de Middelbare School: de Participantrollen en het Verband met de Theory of Mind. Bullying among Students with Autism Spectrum Disorders in Secondary

Nadere informatie

Het Effect van Assertive Community Treatment (ACT) op het. Sociaal Functioneren van Langdurig Psychiatrische Patiënten met. een Psychotische Stoornis.

Het Effect van Assertive Community Treatment (ACT) op het. Sociaal Functioneren van Langdurig Psychiatrische Patiënten met. een Psychotische Stoornis. Het Effect van Assertive Community Treatment (ACT) op het Sociaal Functioneren van Langdurig Psychiatrische Patiënten met een Psychotische Stoornis. The Effect of Assertive Community Treatment (ACT) on

Nadere informatie

De Samenhang tussen Dagelijkse Stress en Depressieve Symptomen en de Mediërende Invloed van Controle en Zelfwaardering

De Samenhang tussen Dagelijkse Stress en Depressieve Symptomen en de Mediërende Invloed van Controle en Zelfwaardering De Samenhang tussen Dagelijkse Stress en Depressieve Symptomen en de Mediërende Invloed van Controle en Zelfwaardering The Relationship between Daily Hassles and Depressive Symptoms and the Mediating Influence

Nadere informatie

Socio-economic situation of long-term flexworkers

Socio-economic situation of long-term flexworkers Socio-economic situation of long-term flexworkers CBS Microdatagebruikersmiddag The Hague, 16 May 2013 Siemen van der Werff www.seo.nl - secretariaat@seo.nl - +31 20 525 1630 Discussion topics and conclusions

Nadere informatie

Psychometrische Eigenschappen van de Youth Anxiety Measure for DSM-5 (YAM-5) Psychometric Properties of the Youth Anxiety Measure for DSM-5 (YAM-5)

Psychometrische Eigenschappen van de Youth Anxiety Measure for DSM-5 (YAM-5) Psychometric Properties of the Youth Anxiety Measure for DSM-5 (YAM-5) Psychometrische Eigenschappen van de Youth Anxiety Measure for DSM-5 (YAM-5) Psychometric Properties of the Youth Anxiety Measure for DSM-5 (YAM-5) Hester A. Lijphart Eerste begeleider: Dr. E. Simon Tweede

Nadere informatie

Chemotherapie en stolling

Chemotherapie en stolling Chemotherapie en stolling Therapie, preventie en risicofactoren Karen Geboes UZ Gent 4 december 2015 Avastin en longembolen: hoe behandelen en Avastin al dan niet verder? Chemotherapie en stolling: Therapie,

Nadere informatie

Effecten van contactgericht spelen en leren op de ouder-kindrelatie bij autisme

Effecten van contactgericht spelen en leren op de ouder-kindrelatie bij autisme Effecten van contactgericht spelen en leren op de ouder-kindrelatie bij autisme Effects of Contact-oriented Play and Learning in the Relationship between parent and child with autism Kristel Stes Studentnummer:

Nadere informatie

De Effecten van de Kanker Nazorg Wijzer op Psychologische Distress en Kwaliteit van. Leven

De Effecten van de Kanker Nazorg Wijzer op Psychologische Distress en Kwaliteit van. Leven De Effecten van de Kanker Nazorg Wijzer op Psychologische Distress en Kwaliteit van Leven The Effects of the Kanker Nazorg Wijzer on Psychological Distress and Quality of Life Miranda H. de Haan Eerste

Nadere informatie

COGNITIEVE DISSONANTIE EN ROKERS COGNITIVE DISSONANCE AND SMOKERS

COGNITIEVE DISSONANTIE EN ROKERS COGNITIVE DISSONANCE AND SMOKERS COGNITIEVE DISSONANTIE EN ROKERS Gezondheidsgedrag als compensatie voor de schadelijke gevolgen van roken COGNITIVE DISSONANCE AND SMOKERS Health behaviour as compensation for the harmful effects of smoking

Nadere informatie

de Rol van Persoonlijkheid Eating: the Role of Personality

de Rol van Persoonlijkheid Eating: the Role of Personality De Relatie tussen Dagelijkse Stress en Emotioneel Eten: de Rol van Persoonlijkheid The Relationship between Daily Stress and Emotional Eating: the Role of Personality Arlette Nierich Open Universiteit

Nadere informatie

Effecten Omgevingsinterventie en Fysieke Activiteit 1. Hoofdeffecten en Mediators van een Omgevingsinterventie op Maat ter Bevordering van

Effecten Omgevingsinterventie en Fysieke Activiteit 1. Hoofdeffecten en Mediators van een Omgevingsinterventie op Maat ter Bevordering van Effecten Omgevingsinterventie en Fysieke Activiteit 1 Hoofdeffecten en Mediators van een Omgevingsinterventie op Maat ter Bevordering van Fysieke Activiteit bij Ouderen Main Effects and Mediators of a

Nadere informatie

De relatie tussen depressie- en angstsymptomen, diabetesdistress, diabetesregulatie en. proactieve copingvaardigheden bij type 2 diabetespatiënten

De relatie tussen depressie- en angstsymptomen, diabetesdistress, diabetesregulatie en. proactieve copingvaardigheden bij type 2 diabetespatiënten De relatie tussen depressie- en angstsymptomen, diabetesdistress, diabetesregulatie en proactieve copingvaardigheden bij type 2 diabetespatiënten The relationship between depression symptoms, anxiety symptoms,

Nadere informatie

Knelpunten in Zelfstandig Leren: Zelfregulerend leren, Stress en Uitstelgedrag bij HRM- Studenten van Avans Hogeschool s-hertogenbosch

Knelpunten in Zelfstandig Leren: Zelfregulerend leren, Stress en Uitstelgedrag bij HRM- Studenten van Avans Hogeschool s-hertogenbosch Knelpunten in Zelfstandig Leren: Zelfregulerend leren, Stress en Uitstelgedrag bij HRM- Studenten van Avans Hogeschool s-hertogenbosch Bottlenecks in Independent Learning: Self-Regulated Learning, Stress

Nadere informatie

Mentaal Weerbaar Blauw

Mentaal Weerbaar Blauw Mentaal Weerbaar Blauw de invloed van stereotypen over etnische minderheden cynisme en negatieve emoties op de mentale weerbaarheid van politieagenten begeleiders: dr. Anita Eerland & dr. Arjan Bos dr.

Nadere informatie

Het stellen van functionele doelen bij patiënten na een totale knie artroplastiek wat zijn de consequenties?

Het stellen van functionele doelen bij patiënten na een totale knie artroplastiek wat zijn de consequenties? Het stellen van functionele doelen bij patiënten na een totale knie artroplastiek wat zijn de consequenties? G. van der Sluis, J. Elings, S. Bausch-Goldbohm, R. Bimmel, F. Galindo-Garre, N. van Meeteren

Nadere informatie

Verschil in Perceptie over Opvoeding tussen Ouders en Adolescenten en Alcoholgebruik van Adolescenten

Verschil in Perceptie over Opvoeding tussen Ouders en Adolescenten en Alcoholgebruik van Adolescenten Verschil in Perceptie over Opvoeding tussen Ouders en Adolescenten en Alcoholgebruik van Adolescenten Difference in Perception about Parenting between Parents and Adolescents and Alcohol Use of Adolescents

Nadere informatie

To ventilate or not to ventilate, that s the question

To ventilate or not to ventilate, that s the question To ventilate or not to ventilate, that s the question Prof Jan Bakker Afdelingshoofd Intensive Care Volwassenen jan.bakker@erasmusmc.nl VRAAG Opname op Intensive Care? JA Kan ik nog niet zeggen Doet opname

Nadere informatie

Sekseverschillen in Huilfrequentie en Psychosociale Problemen. bij Schoolgaande Kinderen van 6 tot 10 jaar

Sekseverschillen in Huilfrequentie en Psychosociale Problemen. bij Schoolgaande Kinderen van 6 tot 10 jaar Sekseverschillen in Huilfrequentie en Psychosociale Problemen bij Schoolgaande Kinderen van 6 tot 10 jaar Gender Differences in Crying Frequency and Psychosocial Problems in Schoolgoing Children aged 6

Nadere informatie

Rapid Recovery. Anesthesiologische mogelijkheden. Xander Eijsbouts Xeijsbouts@fzr.nl Anesthesioloog Franciscus Ziekenhuis Roosendaal

Rapid Recovery. Anesthesiologische mogelijkheden. Xander Eijsbouts Xeijsbouts@fzr.nl Anesthesioloog Franciscus Ziekenhuis Roosendaal Rapid Recovery Anesthesiologische mogelijkheden Original in the Royal College of Surgeons of England, London. 18th Century Surgery October 17, 1846: First public demonstration of the use of ether in anesthesia

Nadere informatie

Verschillen in het Gebruik van Geheugenstrategieën en Leerstijlen. Differences in the Use of Memory Strategies and Learning Styles

Verschillen in het Gebruik van Geheugenstrategieën en Leerstijlen. Differences in the Use of Memory Strategies and Learning Styles Verschillen in het Gebruik van Geheugenstrategieën en Leerstijlen tussen Leeftijdsgroepen Differences in the Use of Memory Strategies and Learning Styles between Age Groups Rik Hazeu Eerste begeleider:

Nadere informatie

Invloed van Mindfulness Training op Ouderlijke Stress, Emotionele Self-Efficacy. Beliefs, Aandacht en Bewustzijn bij Moeders

Invloed van Mindfulness Training op Ouderlijke Stress, Emotionele Self-Efficacy. Beliefs, Aandacht en Bewustzijn bij Moeders Invloed van Mindfulness Training op Ouderlijke Stress, Emotionele Self-Efficacy Beliefs, Aandacht en Bewustzijn bij Moeders Influence of Mindfulness Training on Parental Stress, Emotional Self-Efficacy

Nadere informatie

Cognitieve Bias Modificatie van Interpretatiebias bij Faalangstige Studenten

Cognitieve Bias Modificatie van Interpretatiebias bij Faalangstige Studenten Cognitieve Bias Modificatie van Interpretatiebias bij Faalangstige Studenten Cognitive Bias Modification of Interpretation Bias in Students with Anxiety Janneke van den Heuvel Eerste begeleider: Tweede

Nadere informatie

Nonrespons en ernstige klachten bij OCD: richtlijnen herzien? Else de Haan PhD Lidewij Wolters PhD Amsterdam, the Netherlands

Nonrespons en ernstige klachten bij OCD: richtlijnen herzien? Else de Haan PhD Lidewij Wolters PhD Amsterdam, the Netherlands Nonrespons en ernstige klachten bij OCD: richtlijnen herzien? Else de Haan PhD Lidewij Wolters PhD Amsterdam, the Netherlands Behandeling OCS bij kinderen Cognitieve gedragstherapie (CGT) Combinatie CGT

Nadere informatie

Wat is de Modererende Rol van Consciëntieusheid, Extraversie en Neuroticisme op de Relatie tussen Depressieve Symptomen en Overeten?

Wat is de Modererende Rol van Consciëntieusheid, Extraversie en Neuroticisme op de Relatie tussen Depressieve Symptomen en Overeten? De Modererende rol van Persoonlijkheid op de Relatie tussen Depressieve Symptomen en Overeten 1 Wat is de Modererende Rol van Consciëntieusheid, Extraversie en Neuroticisme op de Relatie tussen Depressieve

Nadere informatie

De Relatie tussen Angst en Psychologische Inflexibiliteit. The Relationship between Anxiety and Psychological Inflexibility.

De Relatie tussen Angst en Psychologische Inflexibiliteit. The Relationship between Anxiety and Psychological Inflexibility. RELATIE ANGST EN PSYCHOLOGISCHE INFLEXIBILITEIT 1 De Relatie tussen Angst en Psychologische Inflexibiliteit The Relationship between Anxiety and Psychological Inflexibility Jos Kooy Eerste begeleider Tweede

Nadere informatie

De Relatie Tussen Persoonskenmerken en Ervaren Lijden bij. Verslaafde Patiënten met PTSS

De Relatie Tussen Persoonskenmerken en Ervaren Lijden bij. Verslaafde Patiënten met PTSS Persoonskenmerken en ervaren lijden bij verslaving en PTSS 1 De Relatie Tussen Persoonskenmerken en Ervaren Lijden bij Verslaafde Patiënten met PTSS The Relationship between Personality Traits and Suffering

Nadere informatie

De Effectiviteit van een Mindfulness-gebaseerde Lichaamsscan: een. Vergelijking met Rusten in Liggende Positie

De Effectiviteit van een Mindfulness-gebaseerde Lichaamsscan: een. Vergelijking met Rusten in Liggende Positie De Effectiviteit van een Mindfulness-gebaseerde Lichaamsscan: een Vergelijking met Rusten in Liggende Positie The Effectiveness of a Mindfulness-based Body Scan: a Comparison with Quiet Rest in the Supine

Nadere informatie

De Effecten van Lichaamsgerichte Interventies op. Lichaamsbeleving, Hyperarousal, Vermijding en Herbeleving bij

De Effecten van Lichaamsgerichte Interventies op. Lichaamsbeleving, Hyperarousal, Vermijding en Herbeleving bij De Effecten van Lichaamsgerichte Interventies op Lichaamsbeleving, Hyperarousal, Vermijding en Herbeleving bij Mensen met een Post Traumatische Stress Stoornis. The Effects of Body Oriented Interventions

Nadere informatie

Diabetespatiënten in Verpleeghuizen De Relatie tussen Diabetes, Depressieve Symptomen en de Rol van Executieve Functies

Diabetespatiënten in Verpleeghuizen De Relatie tussen Diabetes, Depressieve Symptomen en de Rol van Executieve Functies Diabetespatiënten in Verpleeghuizen De Relatie tussen Diabetes, Depressieve Symptomen en de Rol van Executieve Functies Diabetic Patients in Nursing Homes The Relationship between Diabetes, Depressive

Nadere informatie

Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt The role of mobility in higher education for future employability

Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt The role of mobility in higher education for future employability The role of mobility in higher education for future employability Jim Allen Overview Results of REFLEX/HEGESCO surveys, supplemented by Dutch HBO-Monitor Study migration Mobility during and after HE Effects

Nadere informatie

Cognitieve Bias Modificatie van Interpretatiebias bij Faalangstige Studenten

Cognitieve Bias Modificatie van Interpretatiebias bij Faalangstige Studenten CBM-I bij Faalangst in een Studentenpopulatie 1 Cognitieve Bias Modificatie van Interpretatiebias bij Faalangstige Studenten Cognitive Bias Modification of Interpretation Bias for Students with Test Anxiety

Nadere informatie

Het meten van de kwaliteit van leven bij kinderen met JIA

Het meten van de kwaliteit van leven bij kinderen met JIA Het meten van de kwaliteit van leven bij kinderen met JIA Measuring quality of life in children with JIA Masterthese Klinische Psychologie Onderzoeksverslag Marlot Schuurman 1642138 mei 2011 Afdeling Psychologie

Nadere informatie

De Relatie tussen Betrokkenheid bij Pesten en Welbevinden en de Invloed van Sociale Steun en. Discrepantie

De Relatie tussen Betrokkenheid bij Pesten en Welbevinden en de Invloed van Sociale Steun en. Discrepantie De Relatie tussen Betrokkenheid bij Pesten en Welbevinden en de Invloed van Sociale Steun en Discrepantie The Relationship between Involvement in Bullying and Well-Being and the Influence of Social Support

Nadere informatie

De relatie tussen intimiteit, aspecten van seksualiteit en hechtingsstijl in het dagelijks leven van heteroseksuele mannen en vrouwen.

De relatie tussen intimiteit, aspecten van seksualiteit en hechtingsstijl in het dagelijks leven van heteroseksuele mannen en vrouwen. De relatie tussen intimiteit, aspecten van seksualiteit en hechtingsstijl in het dagelijks leven van heteroseksuele mannen en vrouwen. The Relationship between Intimacy, Aspects of Sexuality and Attachment

Nadere informatie

Bloedgasanalyse: arterieel of centraal veneus?

Bloedgasanalyse: arterieel of centraal veneus? Bloedgasanalyse: arterieel of centraal veneus? Amsterdam Symposium 2015 Martijn van Tellingen Bloedgasanalyse: arterieel of centraal veneus? Bloedgasanalyse: arterieel of (gemengd) ScvO 2 vs. SvO 2 Lactaat

Nadere informatie

Stress en Psychose 59 Noord. Stress and Psychosis 59 North. A.N.M. Busch

Stress en Psychose 59 Noord. Stress and Psychosis 59 North. A.N.M. Busch Stress en Psychose 59 Noord Stress and Psychosis 59 North A.N.M. Busch Prevalentie van Subklinische Psychotische Symptomen en de Associatie Met Stress en Sekse bij Noorse Psychologie Studenten Prevalence

Nadere informatie

Ik voel niets maar eigenlijk alles: Verbanden tussen Alexithymie, Somatisatiestoornis en Depressie. I feel nothing though in essence everything:

Ik voel niets maar eigenlijk alles: Verbanden tussen Alexithymie, Somatisatiestoornis en Depressie. I feel nothing though in essence everything: Ik voel niets maar eigenlijk alles: Verbanden tussen Alexithymie, Somatisatiestoornis en Depressie I feel nothing though in essence everything: Associations between Alexithymia, Somatisation and Depression

Nadere informatie

Stigmatisering van Mensen met Keelkanker: de Rol van Mindfulness van de Waarnemer

Stigmatisering van Mensen met Keelkanker: de Rol van Mindfulness van de Waarnemer Met opmaak: Links: 3 cm, Rechts: 2 cm, Boven: 3 cm, Onder: 3 cm, Breedte: 21 cm, Hoogte: 29,7 cm Stigmatisering van Mensen met Keelkanker: de Rol van Mindfulness van de Waarnemer Stigmatisation of Persons

Nadere informatie

Emotioneel Belastend Werk, Vitaliteit en de Mogelijkheid tot Leren: The Manager as a Resource.

Emotioneel Belastend Werk, Vitaliteit en de Mogelijkheid tot Leren: The Manager as a Resource. Open Universiteit Klinische psychologie Masterthesis Emotioneel Belastend Werk, Vitaliteit en de Mogelijkheid tot Leren: De Leidinggevende als hulpbron. Emotional Job Demands, Vitality and Opportunities

Nadere informatie

Kwaliteit van Leven na Hartchirurgie

Kwaliteit van Leven na Hartchirurgie Kwaliteit van Leven na Hartchirurgie 15 april 2014 Thanasie Markou Cardio-thoracaal chirurg A.L.P. Markou Quality of life after cardiac surgery Quality of life after cardiac surgery A.L.P. Markou Kwaliteit

Nadere informatie

Assessing writing through objectively scored tests: a study on validity. Hiske Feenstra Cito, The Netherlands

Assessing writing through objectively scored tests: a study on validity. Hiske Feenstra Cito, The Netherlands Assessing writing through objectively scored tests: a study on validity Hiske Feenstra Cito, The Netherlands Outline Research project Objective writing tests Evaluation of objective writing tests Research

Nadere informatie

Determinanten en Barrières van Seksuele Patiëntenvoorlichting. aan Kankerpatiënten door Oncologieverpleegkundigen

Determinanten en Barrières van Seksuele Patiëntenvoorlichting. aan Kankerpatiënten door Oncologieverpleegkundigen Determinanten en Barrières van Seksuele Patiëntenvoorlichting aan Kankerpatiënten door Oncologieverpleegkundigen Determinants and Barriers of Providing Sexual Health Care to Cancer Patients by Oncology

Nadere informatie

De Relatie tussen Dagelijkse Stress, Negatief Affect en de Invloed van Bewegen

De Relatie tussen Dagelijkse Stress, Negatief Affect en de Invloed van Bewegen De Relatie tussen Dagelijkse Stress, Negatief Affect en de Invloed van Bewegen The Association between Daily Hassles, Negative Affect and the Influence of Physical Activity Petra van Straaten Eerste begeleider

Nadere informatie

Psychological Determinants of Absenteeism at Work by Pregnant Women. Psychologische determinanten van uitval uit het arbeidsproces door zwangere

Psychological Determinants of Absenteeism at Work by Pregnant Women. Psychologische determinanten van uitval uit het arbeidsproces door zwangere Psychological Determinants of Absenteeism at Work by Pregnant Women Psychologische determinanten van uitval uit het arbeidsproces door zwangere vrouwen: Onderzoek naar de relatie tussen angst, depressieve

Nadere informatie

Alcohol policy in Belgium: recent developments

Alcohol policy in Belgium: recent developments 1 Alcohol policy in Belgium: recent developments Kurt Doms, Head Drug Unit DG Health Care FPS Health, Food Chain Safety and Environment www.health.belgium.be/drugs Meeting Alcohol Policy Network 26th November

Nadere informatie

Genes, Molecular Mechanisms and Risk Prediction for Abdominal Aortic Aneurysm

Genes, Molecular Mechanisms and Risk Prediction for Abdominal Aortic Aneurysm Genes, Molecular Mechanisms and Risk Prediction for Abdominal Aortic Aneurysm Arne IJpma Clinical Genetics Department, Erasmus MC, Rotterdam, The Netherlands Financial Disclosure I have no financial relationships

Nadere informatie

De Invloed van Perceived Severity op Condoomgebruik en HIV-Testgedrag. The Influence of Perceived Severity on Condom Use and HIV-Testing Behavior

De Invloed van Perceived Severity op Condoomgebruik en HIV-Testgedrag. The Influence of Perceived Severity on Condom Use and HIV-Testing Behavior De Invloed van Perceived Severity op Condoomgebruik en HIV-Testgedrag The Influence of Perceived Severity on Condom Use and HIV-Testing Behavior Martin. W. van Duijn Student: 838797266 Eerste begeleider:

Nadere informatie

Het Effect van een Mindfulnesstraining gericht op Informeel Oefenen en Lopen

Het Effect van een Mindfulnesstraining gericht op Informeel Oefenen en Lopen Het Effect van een Mindfulnesstraining gericht op Informeel Oefenen en Lopen op Mindfulness, Stressbeleving, Interne Locus of Control, Self-Efficacy in het Omgaan met Emoties en Kwaliteit van Leven The

Nadere informatie

Het Signaleren van Problemen 3 Maanden na Ontslag van de Intensive. Care en de Noodzaak van een Nazorgprogramma

Het Signaleren van Problemen 3 Maanden na Ontslag van de Intensive. Care en de Noodzaak van een Nazorgprogramma Running head: HET SIGNALEREN VAN PROBLEMEN NA EEN IC-OPNAME 1 Het Signaleren van Problemen 3 Maanden na Ontslag van de Intensive Care en de Noodzaak van een Nazorgprogramma The Screening of Problems 3

Nadere informatie

Question-Driven Sentence Fusion is a Well-Defined Task. But the Real Issue is: Does it matter?

Question-Driven Sentence Fusion is a Well-Defined Task. But the Real Issue is: Does it matter? Question-Driven Sentence Fusion is a Well-Defined Task. But the Real Issue is: Does it matter? Emiel Krahmer, Erwin Marsi & Paul van Pelt Site visit, Tilburg, November 8, 2007 Plan 1. Introduction: A short

Nadere informatie

De Invloed van Kenmerken van ADHD op de Theory of Mind: een Onderzoek bij Kinderen uit de Algemene Bevolking

De Invloed van Kenmerken van ADHD op de Theory of Mind: een Onderzoek bij Kinderen uit de Algemene Bevolking Kenmerken van ADHD en de Theory of Mind 1 De Invloed van Kenmerken van ADHD op de Theory of Mind: een Onderzoek bij Kinderen uit de Algemene Bevolking The Influence of Characteristics of ADHD on Theory

Nadere informatie

Spoed Interventie Team (SIT): waarom en hoe? Elien Pragt Anesthesioloog-intensivist MUMC+ 22 april 2016

Spoed Interventie Team (SIT): waarom en hoe? Elien Pragt Anesthesioloog-intensivist MUMC+ 22 april 2016 Spoed Interventie Team (SIT): waarom en hoe? Elien Pragt Anesthesioloog-intensivist MUMC+ 22 april 2016 Waarom SIT? Critical care outreach team (CCOT) Medical emergency team (MET) Spoed interventie team

Nadere informatie

Tussentoets DT04 (2005)

Tussentoets DT04 (2005) Tussentoets DT04 (2005) 1. Dosis-respons relatie is belangrijk voor het vaststellen van een veilige dosis en speelt een belangrijke rol in het proces van normstelling voor omgevingsfactoren zoals de kwaliteit

Nadere informatie

De Invloed van Cognitieve Stimulatie in de Vorm van Actief Leren op de Geestelijke Gezondheid van Vijftigplussers

De Invloed van Cognitieve Stimulatie in de Vorm van Actief Leren op de Geestelijke Gezondheid van Vijftigplussers De Invloed van Cognitieve Stimulatie in de Vorm van Actief Leren op de Geestelijke Gezondheid van Vijftigplussers The Influence of Cognitive Stimulation in the Form of Active Learning on Mental Health

Nadere informatie

De Invloed van Werkeisen en Hulpbronnen op de. Psychische Vermoeidheid en het Plezier in het Werk bij Werknemers. and Work Satisfaction of Employees

De Invloed van Werkeisen en Hulpbronnen op de. Psychische Vermoeidheid en het Plezier in het Werk bij Werknemers. and Work Satisfaction of Employees De Invloed van Werkeisen en Hulpbronnen op de Psychische Vermoeidheid en het Plezier in het Werk bij Werknemers The Influence of Job Demands and Job Resources on Psychological Fatigue and Work Satisfaction

Nadere informatie

De Invloed van Familie op

De Invloed van Familie op De Invloed van Familie op Depressie- en Angstklachten van Verpleeghuisbewoners met Dementie The Influence of Family on Depression and Anxiety of Nursing Home Residents with Dementia Elina Hoogendoorn Eerste

Nadere informatie

De Invloed van Religieuze Coping op. Internaliserend Probleemgedrag bij Genderdysforie. Religious Coping, Internal Problems and Gender dysphoria

De Invloed van Religieuze Coping op. Internaliserend Probleemgedrag bij Genderdysforie. Religious Coping, Internal Problems and Gender dysphoria De Invloed van Religieuze Coping op Internaliserend Probleemgedrag bij Genderdysforie Religious Coping, Internal Problems and Gender dysphoria Ria de Bruin van der Knaap Open Universiteit Naam student:

Nadere informatie

CSRQ Center Rapport over onderwijsondersteunende organisaties: Samenvatting voor onderwijsgevenden

CSRQ Center Rapport over onderwijsondersteunende organisaties: Samenvatting voor onderwijsgevenden CSRQ Center Rapport over onderwijsondersteunende organisaties: Samenvatting voor onderwijsgevenden Laatst bijgewerkt op 25 november 2008 Nederlandse samenvatting door TIER op 5 juli 2011 Onderwijsondersteunende

Nadere informatie

Intercultural Mediation through the Internet Hans Verrept Intercultural mediation and policy support unit

Intercultural Mediation through the Internet Hans Verrept Intercultural mediation and policy support unit 1 Intercultural Mediation through the Internet Hans Verrept Intercultural mediation and policy support unit 2 Structure of the presentation - What is intercultural mediation through the internet? - Why

Nadere informatie

Is de behandeling van lage rugklachten door middel van tractie evidence based? Dr Peter Verspeelt Fysische geneeskunde en revalidatie 24 oktober 2015

Is de behandeling van lage rugklachten door middel van tractie evidence based? Dr Peter Verspeelt Fysische geneeskunde en revalidatie 24 oktober 2015 Is de behandeling van lage rugklachten door middel van tractie evidence based? Dr Peter Verspeelt Fysische geneeskunde en revalidatie 24 oktober 2015 Wat is de invloed van tractie op een lumbale

Nadere informatie

Groot IB de, Favejee M, Reijman M, Verhaar JAN, Terwee CB.

Groot IB de, Favejee M, Reijman M, Verhaar JAN, Terwee CB. Published in Health Qual Life Outcomes. 2008 Feb 26;6:16 Abstract Validation of the Dutch version of the Knee disability and Osteoarthritis Outcome Score. The Dutch version of the knee injury and osteoarthritis

Nadere informatie

De Relatie tussen Existential Fulfilment, Emotionele Stabiliteit en Burnout. bij Medewerkers in het Hoger Beroepsonderwijs

De Relatie tussen Existential Fulfilment, Emotionele Stabiliteit en Burnout. bij Medewerkers in het Hoger Beroepsonderwijs De Relatie tussen Existential Fulfilment, Emotionele Stabiliteit en Burnout bij Medewerkers in het Hoger Beroepsonderwijs The Relationship between Existential Fulfilment, Emotional Stability and Burnout

Nadere informatie

The Effect of Gender, Sex Drive and Autonomy. on Sociosexuality. Invloed van Sekse, Seksdrive en Autonomie. op Sociosexualiteit

The Effect of Gender, Sex Drive and Autonomy. on Sociosexuality. Invloed van Sekse, Seksdrive en Autonomie. op Sociosexualiteit The Effect of Gender, Sex Drive and Autonomy on Sociosexuality Invloed van Sekse, Seksdrive en Autonomie op Sociosexualiteit Filiz Bozkurt First supervisor: Second supervisor drs. J. Eshuis dr. W. Waterink

Nadere informatie

Gender differences in heart disease. Dr Danny Schoors

Gender differences in heart disease. Dr Danny Schoors Gender differences in heart disease Dr Danny Schoors Women are meant to be loved, not to be understood Oscar Wilde (1854-1900) 2 05/01/16 Inleiding Cardiovasculaire ziekte 7 tot 10 jaar later dan bij mannen

Nadere informatie

PERSOONLIJKHEID EN OUTPLACEMENT. Onderzoekspracticum scriptieplan Eerste begeleider: Mw. Dr. T. Bipp Tweede begeleider: Mw. Prof Dr. K.

PERSOONLIJKHEID EN OUTPLACEMENT. Onderzoekspracticum scriptieplan Eerste begeleider: Mw. Dr. T. Bipp Tweede begeleider: Mw. Prof Dr. K. Persoonlijkheid & Outplacement: Wat is de Rol van Core Self- Evaluation (CSE) op Werkhervatting na Ontslag? Personality & Outplacement: What is the Impact of Core Self- Evaluation (CSE) on Reemployment

Nadere informatie

Sepsis. Welke mean arterial pressure houden we aan? Renze Jongstra Circulation Practitioner Intensive Care Verpleegkundige

Sepsis. Welke mean arterial pressure houden we aan? Renze Jongstra Circulation Practitioner Intensive Care Verpleegkundige Sepsis Welke mean arterial pressure houden we aan? Renze Jongstra Circulation Practitioner Intensive Care Verpleegkundige Inhoud Inleiding Sepsis Behandeling sepsis Hemodynamiek bij sepsis Onderzoek Resultaten

Nadere informatie

Quality requirements concerning the packaging of oak lumber of Houthandel Wijers vof (09.09.14)

Quality requirements concerning the packaging of oak lumber of Houthandel Wijers vof (09.09.14) Quality requirements concerning the packaging of oak lumber of (09.09.14) Content: 1. Requirements on sticks 2. Requirements on placing sticks 3. Requirements on construction pallets 4. Stick length and

Nadere informatie

Is valpreventie kosteneffectief?

Is valpreventie kosteneffectief? Is valpreventie kosteneffectief? Prof. Dr. Lieven Annemans Ghent University, Brussels University Lieven.annemans@ugent.be Lieven.annemans@vub.ac.be Maart 2014 1 Reactie van de overheden op de crisis Jaarlijkse

Nadere informatie

FOR DUTCH STUDENTS! ENGLISH VERSION NEXT PAGE

FOR DUTCH STUDENTS! ENGLISH VERSION NEXT PAGE FOR DUTCH STUDENTS! ENGLISH VERSION NEXT PAGE Tentamen Analyse 8 december 203, duur 3 uur. Voeg aan het antwoord van een opgave altijd het bewijs, de berekening of de argumentatie toe. Als jeeen onderdeel

Nadere informatie

Disclosure belangen spreker

Disclosure belangen spreker Disclosure belangen spreker (potentiële) belangenverstrengeling Voor bijeenkomst mogelijk relevante relaties met bedrijven Sponsoring of onderzoeksgeld Honorarium of andere (financiële) vergoeding Aandeelhouder

Nadere informatie

De rol van apc en steroiden. Intensive Care, UMC St Radboud Nijmegen

De rol van apc en steroiden. Intensive Care, UMC St Radboud Nijmegen De rol van apc en steroiden Peter Pickkers Intensive Care, UMC St Radboud Nijmegen NIVAS 2012 De controverse omtrent APC, Eli-Lilly en de Surviving Sepsis Campaign De studies De sponsering Het commentaar

Nadere informatie

Wat verwacht de Inspectie van Klinisch onderzoek?

Wat verwacht de Inspectie van Klinisch onderzoek? Wat verwacht de Inspectie van Klinisch onderzoek? Jos Kraus, senior inspecteur Inspectie voor de gezondheidszorg Baarn, 7 oktober 009. Wat is klinisch onderzoek Introductie Definities De weg door de wet

Nadere informatie

LinkedIn Profiles and personality

LinkedIn Profiles and personality LinkedInprofielen en Persoonlijkheid LinkedIn Profiles and personality Lonneke Akkerman Open Universiteit Naam student: Lonneke Akkerman Studentnummer: 850455126 Cursusnaam en code: S57337 Empirisch afstudeeronderzoek:

Nadere informatie

Fysieke fitheid, fysieke activitiet in relatie tot gezondheid

Fysieke fitheid, fysieke activitiet in relatie tot gezondheid Fysieke fitheid, fysieke activitiet in relatie tot gezondheid Wat is fysieke activiteit? Een door skeletspieren geproduceerde beweging (dynamisch) en/of houding (statisch) die gepaard gaat met een toename

Nadere informatie

Vragenlijsten kwaliteit van leven

Vragenlijsten kwaliteit van leven Click for the English version Vragenlijsten kwaliteit van leven TNO heeft een aantal vragenlijsten ontwikkeld om de gezondheidsrelateerde kwaliteit van leven te meten van kinderen, jongeren en jong-volwassenen.

Nadere informatie

De Relatie tussen Momentaan Affect en Seksueel Verlangen; de Modererende Rol van de Aanwezigheid van de Partner

De Relatie tussen Momentaan Affect en Seksueel Verlangen; de Modererende Rol van de Aanwezigheid van de Partner De Relatie tussen Momentaan Affect en Seksueel Verlangen; de Modererende Rol van de Aanwezigheid van de Partner The association between momentary affect and sexual desire: The moderating role of partner

Nadere informatie

Rouw bij mensen met het chronisch vermoeidheidssyndroom (CVS)

Rouw bij mensen met het chronisch vermoeidheidssyndroom (CVS) Rouw bij mensen met het chronisch vermoeidheidssyndroom (CVS) Mourning in people with chronic fatigue syndrome (CFS) Masterthese Klinische Psychologie Onderzoeksverslag Lisanne Fischer S1816071 Mei 2012

Nadere informatie

04/11/2013. Sluitersnelheid: 1/50 sec = 0.02 sec. Frameduur= 2 x sluitersnelheid= 2/50 = 1/25 = 0.04 sec. Framerate= 1/0.

04/11/2013. Sluitersnelheid: 1/50 sec = 0.02 sec. Frameduur= 2 x sluitersnelheid= 2/50 = 1/25 = 0.04 sec. Framerate= 1/0. Onderwerpen: Scherpstelling - Focusering Sluitersnelheid en framerate Sluitersnelheid en belichting Driedimensionale Arthrokinematische Mobilisatie Cursus Klinische Video/Foto-Analyse Avond 3: Scherpte

Nadere informatie

Digital municipal services for entrepreneurs

Digital municipal services for entrepreneurs Digital municipal services for entrepreneurs Smart Cities Meeting Amsterdam October 20th 2009 Business Contact Centres Project frame Mystery Shopper Research 2006: Assessment services and information for

Nadere informatie

RICHTLIJN ONCOLOGISCHE REVALIDATIE: TOEPASSING EN UITKOMSTEN 1. Richtlijn Oncologische Revalidatie: Toepassing en Uitkomsten op Vermoeidheid,

RICHTLIJN ONCOLOGISCHE REVALIDATIE: TOEPASSING EN UITKOMSTEN 1. Richtlijn Oncologische Revalidatie: Toepassing en Uitkomsten op Vermoeidheid, RICHTLIJN ONCOLOGISCHE REVALIDATIE: TOEPASSING EN UITKOMSTEN 1 Richtlijn Oncologische Revalidatie: Toepassing en Uitkomsten op Vermoeidheid, Depressieve Klachten en Kwaliteit van Leven voor en na Oncologische

Nadere informatie

De bijsluiter in beeld

De bijsluiter in beeld De bijsluiter in beeld Een onderzoek naar de inhoud van een visuele bijsluiter voor zelfzorggeneesmiddelen Oktober 2011 Mariëtte van der Velde De bijsluiter in beeld Een onderzoek naar de inhoud van een

Nadere informatie

Mindfulness als Aanvullende Hulpbron bij het JD R model voor het. Verklaren van Bevlogenheid bij Werknemers uit het Bankwezen in.

Mindfulness als Aanvullende Hulpbron bij het JD R model voor het. Verklaren van Bevlogenheid bij Werknemers uit het Bankwezen in. Mindfulness als Aanvullende Hulpbron bij het JD R model voor het Verklaren van Bevlogenheid bij Werknemers uit het Bankwezen in Vlaanderen Mindfulness as an Additional Resource for the JD R Model to Explain

Nadere informatie

liniled Cast Joint liniled Gietmof liniled Castjoint

liniled Cast Joint liniled Gietmof liniled Castjoint liniled Cast Joint liniled Gietmof liniled is een hoogwaardige, flexibele LED strip. Deze flexibiliteit zorgt voor een zeer brede toepasbaarheid. liniled kan zowel binnen als buiten in functionele en decoratieve

Nadere informatie

Doc.Ref.: CMDh/PhVWP/042/2012 January 2012 SUMMARY OF PRODUCT CHARACTERISTICS. New Class Warnings

Doc.Ref.: CMDh/PhVWP/042/2012 January 2012 SUMMARY OF PRODUCT CHARACTERISTICS. New Class Warnings HMG-CoA Reductase Inhibitors and safety the risk of new onset diabetes/impaired glucose metabolism Final SmPC and PL wording agreed by PhVWP December 2011 Doc.Ref.: CMDh/PhVWP/042/2012 January 2012 SUMMARY

Nadere informatie

Therapeutic Assessment. Toepassing van een Samenwerkingsmodel in de. Verslavingszorg

Therapeutic Assessment. Toepassing van een Samenwerkingsmodel in de. Verslavingszorg Therapeutic Assessment. Toepassing van een Samenwerkingsmodel in de Verslavingszorg Therapeutic Assessment. Application of a Collaborative Model in Addiction Care Liesbeth Haarman Studentnummer: 850216664

Nadere informatie