LOVERBOYS ZIJN LAFFE BOYS BESCHRIJVEND ONDERZOEK PILOT LOVERBOYS ROTTERDAM-RIJNMOND

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "LOVERBOYS ZIJN LAFFE BOYS BESCHRIJVEND ONDERZOEK PILOT LOVERBOYS ROTTERDAM-RIJNMOND"

Transcriptie

1 LOVERBOYS ZIJN LAFFE BOYS BESCHRIJVEND ONDERZOEK PILOT LOVERBOYS RR ROTTERDAM-RIJNMOND

2 RR

3 Uitgave : Loverboys zijn laffe boys Beschrijvend onderzoek pilot loverboys Politie Rotterdam Rijnmond Auteur : R.J. van de Velde MCI Politie Rotterdam Rijnmond Regionale Recherche Dienst Eenheid Vreemdelingen Politie Rotterdam, april 2012 Versie 1.0

4 Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding Formeren pilot Doelstelling onderzoek Probleemstelling, afbakening en onderzoeksvragen Begrippenkader Reikwijdte en beperkingen van het onderzoek Leeswijzer 4 Hoofdstuk 2 Methodologische verantwoording 2.1 Literatuuronderzoek Interviews Dossieronderzoek Theoretisch kader 5 Hoofdstuk 3 Loverboys en het internet 3.1 Internet Chatsessies Lokprofielen Twitteraccount Monitoren prostitutiewebsites 10 Hoofdstuk 4 Bevindingen; conclusies en (best) practices 4.1 Intelligence Meld Misdaad Anoniem Social Networksites Blackberry PIN op profielsites Brainstormsessie met deskundigen Ketensamenwerking Registratie en leidende rol voor het RIEC Bruikbaarheid van de informatie Bewustwording Ontwikkeling en inzet van mediastrategieën Persoonsgerichte aanpak Overzicht verrichte onderzoeken Monitoren Monitoren op het internet Tegenhouden als concept 25

5 4.4 (Best) practices Ministerie van buitenlandse zaken Chauffeurs uit de escortcontrole Omgekeerde escort Registratie Bestuurlijk traject Meekijken in chatboxcommunicatie Kamer van Koophandel Webhosters Voorlichtingsfilm Deelnemen op forums en Ontwikkelen van een App Fiscaal traject Onderzoek aan eigenschappen van digitale (foto)opnames Onderzoek van indicatoren vanuit een query Ontwikkelen van een quickscan signalenlijst Ontwikkelen van een checklist artikel 273f WvSr Knelpunten inhoudelijk De dader Het slachtoffer Het toezicht De opsporing Knelpunten procesmatig Bedrijfsinterne factoren Interpretatie van doelstellingen In en externe communicatie Slachtofferproblematiek 37 Hoofdstuk 5 Beeldvorming, discussie en aanbevelingen Beeldvorming en discussie Aanbevelingen 39 Literatuur 43 Respon denten 45

6 1 Inleiding 1.1 Aanleiding Sinds een aantal jaren staat mensenhandel, en met name de aanpak ervan, hoog op de politieke agenda. Het thema mensenhandel is één van de beleidspeerpunten van de overheid wanneer het gaat om de aanpak van (georganiseerde) criminaliteit. Binnen het thema mensenhandel is het afgelopen decennium veel gebeurd; de afschaffing van het bordeelverbod, aanpassing van wetgeving en het ontstaan van mensenhandelteams bij de Nederlandse politiekorpsen zijn daarvan enkele voorbeelden. Een ander voorbeeld is het ontstaan van nieuwe verschijningsvormen van mensenhandel zoals het fenomeen loverboys (Bovenkerk & Pronk, 2007). Dat het aan aandacht voor dit fenomeen niet ontbreekt mag blijken uit de vele publicaties, berichten in de media en televisieprogramma s. Over wat precies een loverboy is lopen de meningen in de literatuur nogal uiteen (Bovenkerk, 2004; Bovenkerk & Pronk, 2007; Bullens & Van Horn, 2002; Doornbos 2006). Het internet speelt in toenemende mate een rol bij mensenhandel waarbij loverboymethodieken gebruikt lijken. Zanetti (2009) verrichtte hiernaar onderzoek en hanteerde de volgende definitie: Loverboys zijn mensenhandelaren die vrouwen en/of mannen doelbewust emotioneel afhankelijk maken door (de belofte van) het aangaan van een liefdesrelatie en hen vervolgens - via dwang, (dreiging met) geweld of andere feitelijkheid, afpersing, fraude, misleiding, misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht, misbruik van een kwetsbare positie van deze vrouwen of mannen uit te buiten, veelal in de prostitutie. Deze definitie is ook de rode draad in de Rotterdamse pilot Loverboys zijn laffe boys. 1 Andere sociaal wetenschappelijke definities (vergelijk Bullens & Van Horn, 2000 p. 26) beperken zich vaak tot de prostitutie terwijl de problematiek breder lijkt dan dat (Doornbos, 2006; Bovenkerk et al., 2006). Uitbuiting kan zich ook buiten de prostitutie manifesteren; het laten smokkelen van verdovende middelen is daar slechts één voorbeeld van (Bovenkerk & Pronk, 2007). Daarnaast is het belangrijk aan te geven dat de term loverboy meer gaat over het proces, de handelingen (of methodiek) die een dader hanteert dan dat het een typische omschrijving is van de persoon van de dader (Bovenkerk & Pronk, 2007). Om nader inzicht te krijgen in de problematiek en te onderzoeken welke interventie effectief is, werd vanuit het ministerie van Veiligheid en Justitie, de gemeente Rotterdam en de politie Rotterdam Rijnmond, het initiatief genomen dit in de vorm van een pilot te onderzoeken. 1.2 Formeren pilot De pilot is op 1 april 2010 gestart voor de duur van twee jaar. De vierledige doelstelling en opdracht die werd verstrekt aan de pilot luidde: het voorkomen en stoppen van loverboyactiviteiten; het voorkomen van slachtofferschap; het beschermen van slachtoffers van uitbuiting en; het ontwikkelen van een mediastrategie. 1 Mannen als slachtoffer zijn niet buiten beschouwing gelaten, binnen de pilot zijn echter geen onderzoeken bekend geworden met mannelijke slachtoffers. 1

7 1.3 Doelstelling onderzoek Deze onderzoeksrapportage heeft tot doel om, parallel aan de activiteiten van de pilot loverboys, nader inzicht te verschaffen in het fenomeen loverboys, door de loverboyproblematiek en onderzochte methoden (opsporen en tegenhouden) te beschrijven. Binnen de pilot is onderzocht of er, naast klassieke opsporing, andere interventiemogelijkheden zijn te ontwikkelen. Hierbij zijn knelpunten en (best) practices ervaren. De conclusies en aanbevelingen vanuit de pilot dienen als input voor een landelijke handreiking inzake de aanpak van de problematiek welke zal worden opgesteld door het Centrum Criminaliteitspreventie en Veiligheid [CCV]. 2 Behalve de inhoudelijke beschrijving van de activiteiten van de pilot is ook het proces van de pilot beschouwd en beschreven. Daarnaast zullen overige activiteiten aan bod komen welke door de Task Force Mensenhandel zijn benoemd 3 : een voorlichtingscampagne gericht op slachtoffers en daders, het optimaliseren van de samenwerking tussen politie en partners in het jeugdveld, het ondersteunen van wetenschappelijk onderzoek en het organiseren van een conferentie. 1.4 Probleemstelling, afbakening en onderzoeksvragen Vanuit de doelstelling zijn de navolgende probleemstelling en onderzoeksvragen gedefinieerd: Welke methoden zijn te ontwikkelen om slachtofferschap te herkennen en activiteiten van loverboys effectief aan te pakken? Afbakening van het onderzoek Dit onderzoek beslaat het werkgebied van de pilot loverboys binnen Rotterdam Rijnmond. Het beschrijft de gegevens zoals bekend geworden uit onderzoek van onderhavige pilot en ontwikkelde methoden ter verkrijging van informatie en samenwerking met partners. Verder is de afbakening van het onderzoek in tijd gelegen binnen de periode van de pilot; van 1 april 2010 tot 1 april Om de probleemstelling te onderzoeken zijn de volgende onderzoeksvragen geformuleerd: 1 - Welke inzichten heeft de pilot loverboys opgeleverd met betrekking tot loverboyactiviteiten? 2 - Welke methoden zijn ontwikkeld en gebruikt binnen de pilot loverboys? 3 Welke best practices en welke belemmeringen zijn te onderkennen vanuit deze methoden? 2 In opdracht van het Ministerie van Veiligheid en Justitie. 3 Justitie richt zich niet alleen op het aanpakken en straffen van de daders, maar wil het verschijnsel mensenhandel ook structureel bemoeilijken. Door voldoende drempels op te werpen moet voorkomen worden dat anderen de plek van de daders snel in kunnen nemen. De bestrijding van mensenhandel en de Task Force maken onderdeel uit van het Programma Versterking Aanpak Georganiseerde Misdaad. In dit programma heeft de minister van Justitie, mede namens zijn collega s van BZK en Financiën, gemeld dat gerichte maatregelen getroffen moeten worden om de voedingsbodem voor misbruik en uitbuiting aan te pakken (http://bronnen.politieacademie.politie.nl/cd/toolkitmensenhandel/index1a.htm). 2

8 1.5 Begrippenkader Loverboys Onder loverboys wordt hier verstaan: mensenhandelaren die vrouwen en/of mannen doelbewust emotioneel afhankelijk maken door (de belofte van) het aangaan van een liefdesrelatie en hen vervolgens - via dwang, (dreiging met) geweld of andere feitelijkheid, afpersing, fraude, misleiding, misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht, misbruik van een kwetsbare positie van deze vrouwen of mannen uit te buiten, veelal in de prostitutie. Loverboyactiviteiten De term activiteiten beperkt zich hier tot de activiteiten van loverboys welke gericht zijn op de uitbuiting. Onder activiteit valt iedere feitelijkheid en varieert dus van (handelingen die leiden tot) het aangaan van een liefdesrelatie tot afpersing en het misbruik maken van een kwetsbare positie. Methode Onder methode wordt in dit onderzoek verstaan: een methode van onderzoek, een doelstelling welke volgens een bepaalde werkwijze kan worden bereikt, de manier waarop bijvoorbeeld zicht kan worden gekregen op loverboys, hun activiteiten en hun slachtoffers. Slachtofferschap De beleving van slachtofferschap speelt een cruciale rol. Wanneer iemand zichzelf niet als slachtoffer beschouwt, zal er geen initiatief worden genomen om bijvoorbeeld een aangifte te doen bij de politie. Anderzijds wordt door de omgeving van een vermeend slachtoffer soms (te) snel het stempel loverboy gezet. Binnen dit onderzoek verstaan wij onder slachtofferschap het slachtoffer zijn van uitbuiting door een dader welke dit doel bereikt door de methodieken te hanteren zoals omschreven bij het begrip loverboys. 4 Aanpakken Onder aanpakken wordt hier verstaan een interventie gericht op zowel dader als slachtoffer; in strafrechtelijke zin (aanhouden, opmaken proces-verbaal en eventueel ontnemen wederrechtelijk verkregen voordeel), bestuurlijk (het opstellen van bestuurlijke rapportages), fiscaal (het opleggen van aanslagen), tegenhouden ( stukmaken door daders te confronteren) en preventief (het geven van voorlichting en het ontwikkelen van een mediastrategie). 1.6 Reikwijdte en beperkingen van het onderzoek Geen onderzoek is volledig of brengt de werkelijkheid volledig in beeld. Dit onderzoek en onderhavige rapportage is daar geen uitzondering op en pretendeert ook niet volledig te zijn. Resultaten vanuit de pilot en de daarbinnen uitgevoerde onderzoeken zijn slechts beperkt generaliseerbaar. De belangrijkste beperkingen van het onderzoek binnen de pilot zijn: (strafrechtelijke) onderzoeken komen op diverse wijzen tot stand en verschillen onderling (soms) sterk in omvang, complexiteit en gepleegde strafbare feiten; 4 Doelbewust emotioneel afhankelijk maken door (de belofte van) het aangaan van een liefdesrelatie en; dwang, (dreiging met) geweld, afpersing, fraude, misleiding, misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht, misbruik van een kwetsbare positie. 3

9 1.7 Leeswijzer de vorming, samenwerking en informatiedeling binnen de keten mensenhandel is in ontwikkeling; (nog) het meest wordt gebruik gemaakt van politie-informatie waardoor vooral die zaken onder de aandacht komen welke de politie belangrijk acht; het concept netwerkend opsporen 5 wordt nog onvoldoende toegepast, informatie en kennis van partners zijn nog onvoldoende beschikbaar waardoor er (nog) geen sprake is van intelligence. 6 Na deze inleiding volgt eerst in het tweede hoofdstuk de methodologische verantwoording. Hierin is naast een kort theoretisch kader beschreven welke methoden van onderzoek leiden tot de beantwoording van de onderzoeksvragen. In het startdocument van de pilot zijn een groot aantal onderwerpen, doelstellingen en beoogde resultaten weergegeven. In onderhavige rapportage komen deze onderwerpen dan ook terug in de beschrijving. Op verschillende plaatsen in de rapportage zijn onderwerpen toegelicht met een korte beschrijving van praktijkcases uit de pilot. Deze zijn in een kader geplaatst. Het internet speelt een belangrijke rol bij de problematiek. In hoofdstuk 3 staat het internet centraal. Aansluitend zijn in hoofdstuk 4 de in de pilot gehanteerde methoden beschreven met de daarbij bevonden best practices en knelpunten. Deze zijn te beschouwen als de resultaten en conclusies vanuit de pilot. De laatste paragraaf is gewijd aan de beeldvorming en discussie rondom het thema. De uit de rapportage voortgekomen aanbevelingen vormen het sluitstuk van deze rapportage. 5 Netwerkend opsporen gaat uit van een brede aanpak van een probleem waarbij uiteenlopende partijen, ook buiten de politie, een bijdrage leveren om een probleem aan te pakken; beter benutten van kennis binnen èn buiten. 6 Het proces om van informatie naar intelligence te komen is thans wel in ontwikkeling. Zie ook hoofdstuk 5, conclusies en aanbevelingen. 4

10 2 Methodologische verantwoording Om de onderzoeksvragen te kunnen beantwoorden zijn als onderzoeksmethoden gebruikt: literatuuronderzoek, het afnemen van interviews en dossieronderzoek. 2.1 Literatuuronderzoek Eerder werd al aangegeven dat er rondom loverboys veel literatuur voorhanden is. Dit schept de mogelijkheid om meer en gericht inzicht te krijgen in het probleem. Wat zijn loverboys en loverboymethoden? In hoeverre is door anderen onderzoek verricht naar het fenomeen en zijn daaruit belangrijke inzichten te verkrijgen? Met literatuuronderzoek is gestart, aanvankelijk om meer inzicht te krijgen, later om onderzoeksbevindingen (bijvoorbeeld vanuit de dossiers) beter te kunnen verklaren. 2.2 Interviews Specifiek gericht op de pilot loverboys zijn sleutelpersonen geïnterviewd met betrekking tot de verkregen inzichten vanuit ingezette methodieken. Als aanvulling zijn interviews van belang om gegevens en antwoorden te kunnen vinden die niet (of slechts gedeeltelijk) uit dossier- en literatuuronderzoek kunnen worden gevonden. 2.3 Dossieronderzoek Binnen dit onderzoek zijn dossiers onderzocht met betrekking tot (loverboy) onderzoeken in de periode van de pilot. Binnen deze dossiers is door de pilot bekeken in hoeverre het mogelijk is om zicht te krijgen op slachtoffers en daders en in hoeverre daders strafrechtelijk te vervolgen zijn voor het artikel mensenhandel. De dossiers kennen verschillende ontstaanswijzen zoals: een signaal vanuit het Controleteam Prostitutie en Mensenhandel [CPM]; een signaal op basis van informatie van ketenpartners 7 ; de opbouw van een PGA dossier 8 waarin eerder informatie werd gestapeld ; eigen (digitaal) onderzoek. Beperking van deze methode van onderzoek is dat het ontstaan van een dossier sterk afhangt van factoren als aangiftebereidheid, registratiebereidheid en het bewustzijn van de noodzakelijkheid informatie te delen. In die zin beschrijven deze dossiers slechts een deel van de werkelijkheid. 2.4 Theoretisch kader Juridisch De belangrijkste taak van de politie is nog steeds het opsporen van strafbare feiten om daders vervolgens te kunnen laten vervolgen door het Openbaar Ministerie. Kijkend naar de hier gebruikte definitie van loverboys vallen de handelingen, welke al of niet in combinatie met elkaar leiden tot uitbuiting, onder het artikel mensenhandel. In artikel 273f 9 van het Wetboek van Strafrecht is de uitbuiting van een ander strafbaar gesteld als een misdrijf tegen de persoonlijke vrijheid (Cleiren & Nijboer, 2007). 7 Zie paragraaf Dossier persoonsgerichte aanpak. 9 Zie bijlage A artikel 273f van het Wetboek van Strafrecht. 5

11 Criminologisch Wanneer vanuit criminologisch oogpunt naar het fenomeen loverboys wordt gekeken, zijn er verschillende verklarende theorieën en fenomenen van toepassing. Op macroniveau zijn volgens de routine activities theorie drie ingrediënten nodig om een strafbaar feit -in dit geval mensenhandel- te kunnen laten plaatsvinden. Er moet sprake zijn van een gemotiveerde dader, een aantrekkelijk doelwit en het ontbreken van adequaat toezicht (Lissenberg, Ruller & Van Swaaningen, 2001). Vanuit bovengenoemde kaders is binnen de pilot loverboys gekeken naar de problematiek. In paragraaf 4.5 worden aan de hand van dit kader de drie (f)actoren toegelicht. Ook de daarbij naar voren gekomen knelpunten in de opsporing zijn daarbij beschreven. 6

12 3 Loverboys en het internet In dit hoofdstuk staat het internet centraal. Het is bijna een feit van algemene bekendheid dat vanaf het introduceren van de term loverboy een verschuiving heeft plaatsgevonden naar het internet en nieuwe social media als Facebook, Twitter, Hyves, Sugababes, PartyPeeps2000, Partyflock, TMFchatbox, Marokko.nl, MSN etcetera. Waar er aanvankelijk nog toezicht kon worden georganiseerd nabij of op het schoolplein, is er op het snel veranderende internet nagenoeg sprake van een totaal ontbreken daarvan. Immers, de gemotiveerde dader zal net als het potentiële slachtoffer nog aanwezig zijn, daar waar het adequaat toezicht ontbreekt. De activiteiten van een loverboy zijn onder te verdelen in drie fasen; de grooming, inlijving en instandhouding. De fase grooming begint feitelijk met het maken van een selectie, in dit geval op het internet. Dit wordt ook wel hawking genoemd; het rondcirkelen als een havik boven de prooi, het zoeken binnen profielen, foto s en tekst om vervolgens een slachtoffer prooi te selecteren (Zanetti, 2009). De potentiële slachtoffers zijn jonge mensen, een groep die is opgegroeid met het internet. Uit recent onderzoek blijkt dat 91% van de jongeren in Nederland actief is op sociale netwerken (CBS, 2011). Zie hier de mogelijkheden voor het ontstaan van strafbare feiten als mensenhandel en grooming 10 als zelfstandig delict. Bij dit onderwerp rijzen vragen wie er allemaal verantwoordelijkheid draagt als het om het internet gaat. Naast betrokkenen als scholen, de overheid en ouders valt zeker ook te denken aan de faciliteerders als webhosters die de digitale faciliteiten scheppen (Maan, 2011). 3.1 Internet In de aanloop van de pilot loverboys heeft onder andere het door Zanetti (2009) verricht onderzoek een belangrijke rol gespeeld. Er lijkt immers sprake van een verschuiving in de problematiek van het schoolplein naar het internet (Van der Beek, 2010; Zanetti, 2009). Het gaat dan vooral over de wijze waarop potentiële slachtoffers worden geronseld. Aan de inzet van het internet door mensenhandelaren kleven kansen maar ook belemmeringen; er zijn geen grenzen meer (Zanetti, 2009) waardoor (onder andere) een competentieprobleem kan ontstaan in de opsporing. Onderzoeken worden over het algemeen geografisch verdeeld naar waar het delict zich afspeelde. Nu dit lang niet altijd duidelijk meer is, rijst de vraag wie er verantwoordelijk is voor de opsporing. Met het internet zijn wel mogelijkheden ontstaan om als opsporingsorganisatie andere middelen aan te wenden en zodoende zaken op het spoor te komen of signalen van mensenhandel te detecteren. Naast het feit dat er digitale sporen worden achtergelaten door de dader (Van Beek, 2010), is er de mogelijkheid om als politie op het internet een andere identiteit aan te nemen, met als doel gesprekspartner te worden en informatie te krijgen. Deze methode is wel gehouden aan wet- en regelgeving daaromtrent 11 (Coolen, persoonlijke communicatie, februari 2012). Het aannemen van een andere identiteit is iets wat op het internet bijna gebruikelijk is. Zoals ook in het onderzoek van Zanetti (2009) gehanteerd, is binnen de pilot het internet ingezet als middel om breder inzicht te krijgen in de problematiek maar ook om kansen en bedreigingen te leren onderkennen. Aan de pilot is een internetrechercheur toegevoegd om het internetonderzoek handen en voeten te geven. In de volgende paragrafen worden deze kort besproken Grooming is het (al of niet) online benaderen van (vooral) minderjarigen door ouderen met als doel seksueel contact en fysiek misbruik van de minderjarige, strafbaar gesteld bij artikel 248 e van het Wetboek van Strafrecht. 11 Procedure gegevensvergaring online communities (kamerstukken II , , nr 3. p. 35) 12 De uitwerking van de gehanteerde methoden van onderzoek en informatievergaring zijn, indien van toepassing en relevant, apart beschreven en als bijlage beschikbaar. 7

13 3.2 Chatsessies Met het doel te onderzoeken wie - en op welke wijze - men het (chat)gesprek zou aangaan met minderjarige meiden, is gedurende een aantal maanden ingelogd op de website waarbij de internetrechercheur een profiel aannam van een meisje tussen de 11 en 16 jaar oud, welke deelnam aan deze chatgesprekken. Uit de sessies met de ruim 200 gesprekspartners die reageerden en een chatsessie begonnen met de gefingeerde minderjarige deelneemster 13, is gebleken dat deze bijna allemaal op zoek waren naar een seksueel contact met de minderjarige in persoon of via (en met gebruikmaking van) de chatsessie. Met ongeveer 30 gespreksdeelnemers werd een vervolgafspraak gemaakt op MSN 14 waarbij opgemerkt dat meestal al na een aantal minuten van werd overgegaan op MSN. Bijna 100 procent van deze gesprekken, zowel die via als via MSN waren seksueel gericht. Uiteindelijk werd in vier van de contacten overgegaan tot het maken van een fysieke afspraak en werden ook vier verdachten aangehouden. Deze vier aangehouden mannen waren ten tijde van de chatsessies tussen de 49 en 63 jaar oud. Allen hadden een Nederlandse etniciteit en een vaste relatie. Twee van hen hadden ook kinderen. Allen hadden zij een betaalde dienstbetrekking; als trambestuurder, architect, applicatiebeheerder en één als systeembeheerder. Niet is gebleken dat zij een ander doel voor ogen hadden dan zelf een seksueel contact aan te gaan met de (verondersteld) minderjarige. Het gestelde doel werd wel behaald; geconstateerd werd echter dat vooral mannen met een pedoseksuele voorkeur deelnamen om contact te leggen en een afspraak te maken. Op de website 15 werd twee keer actief een chatsessie gehouden waarbij vragen konden worden gesteld over loverboys en werden beantwoord door rechercheurs uit de pilot. In een tijdbestek van ongeveer anderhalf uur meldden zich respectievelijk 75 en 34 bezoekers en deelnemers aan deze chats. Met twee deelnemers is daarna nog een aparte afspraak gemaakt. In één geval ging het om huiselijk geweld, in het andere geval om jeugdproblematiek. Beiden werden verwezen naar het politiebureau in hun woonplaats. Over het algemeen reageerden volwassenen en bezorgde ouders met vragen over loverboys. Tijdens de tweede chatsessie werden geen signalen van mensenhandel ontvangen. 3.3 Lokprofielen Op de websites en werden tien profielen aangemaakt met meisjesnamen. Op de profielen werden (bestaande) foto s geplaatst van jonge vrouwen met het doel het profiel aantrekkelijk te maken. Op dergelijke profielen worden fotoseries van verschillende momenten geplaatst. De doelstelling was vierledig: onderzoeken of de profielen zouden worden benaderd door potentiële loverboys; onderzoeken hoe mensen zich gedragen op profielsites; onderzoeken of er meer mogelijkheden zijn met een eigen profiel informatie te vinden; onderzoeken hoe dergelijke profielwebsites zijn opgebouwd. 13 Zo werd gebruik gemaakt van de chatnaam Marieke14 waarbij aan de gesprekdeelnemer wordt overgelaten welke interpretatie hij of zij daaraan geeft. 14 MSN is de afkorting van Micro Soft (Microsoft) Network, een algemeen bekende één op één chatvoorziening waarbij alleen de twee deelnemers elkaars berichten kunnen zien en deze kunnen beantwoorden. 15 Deze website valt binnen een project onder de regie van de politie regio Haaglanden, afdeling communicatie. 8

14 Naar schatting reageerden ruim 300 mannen en werd, na een redelijk onschuldige opening, vaak gevraagd om MSN contact of een Blackberry PIN om nader contact te kunnen hebben. De algemene bevinding vanuit dit onderzoek was dat veel mannen het contact verbraken of niet meer reageerden als geen (reële) afbeelding, webcamsessie of afspraak volgde. Conclusie is dat het plaatsen van een lokprofiel effectief is om contact te krijgen maar de vervolgstap uitblijft omdat geen afbeelding, webcamsessie of afspraak volgde. Gebruikers lijken open te zijn; ongeveer één derde schermt zijn of haar profiel af maar over het algemeen lijken de gebruikers naïef waar het hun privacygevoelige gegevens betreft. Gebleken is dat wanneer men een eigen profiel heeft, meer informatie zichtbaar wordt. Zo kan op afgeschermde profielen van vrienden worden gekeken. Het lijkt een commercieel belang van de webhoster om de nieuwsgierigheid van de gebruiker te gebruiken om een nieuwe inschrijving te realiseren. Het vrienden en vrienden-van-vrienden netwerk kan snel groeien tot honderdduizenden gebruikers. De opbouw van de profielensites bleek divers, evenals de zoekmogelijkheden binnen de websites. Daarnaast zijn de websites behoorlijk dynamisch; de (zoek)mogelijkheden veranderen regelmatig. Geconcludeerd kan worden dat het inzetten van lokprofielen als middel zeer succesvol is, maar wordt beperkt door het ontbreken van vervolgstappen zoals het plaatsen van nieuw beeldmateriaal 16. De profielensites zijn succesvol in te zetten binnen onderzoeken naar slachtoffers en verdachten omdat zij veel informatie en foto s bevatten over en van een persoon en zijn of haar periferie. 3.4 Twitteraccount In juni 2011 is vanuit de pilot een Twitteraccount aangemaakt met de om ook dit medium te gebruiken in de strijd tegen mensenhandel. De doelstelling van het inzetten van dit medium is tweeledig; ten eerste is het een mogelijkheid de politie laagdrempelig te kunnen bereiken en ten tweede kan het medium dienen om specifieke informatie te delen met zogenaamde volgers. De hoop was erop gevestigd dat vooral jonge mensen het Loverboy zouden gaan volgen. Er zijn inmiddels 546 berichten Tweets - verstuurd en een veelvoud daarvan ontvangen. Na zeven maanden bleek dat er volgers bekend waren. Ongeveer één vijfde betreft jonge mensen die, buiten de politie of het netwerk van de hulpverlening om, de berichtgeving volgt en al of niet reageert. De overige volgers zijn te vinden binnen de politie, het hulpverleningscircuit en andere professionals als de Nationaal Rapporteur Mensenhandel [NRM]. In één geval is een Twitterbericht bekend geworden waarop actie is ondernomen door de pilot. Hier werd voor 5,- de 15-jarige vriendin van de Twitteraar aangeboden voor seksueel contact. Met hem werd een tegenhoudgesprek gevoerd nadat was gebleken dat het bericht tijdens een ruzie was geplaatst. Door de internetrechercheur is Twitter actief gemonitord op termen als loverboy en mensenhandel om op die wijze (meer) informatie te verzamelen en inzicht te krijgen in de inhoud en de wijze van communicatie over de problematiek. Een zoekvraag op woorden als hoer en seks blijken veel meer (maar minder relevante) treffers op te leveren. Bevonden is dat het monitoren van Twitter zeker noodzakelijk is om op de hoogte te blijven van (professionele) informatiestromen. Directe signalen van dader- of slachtofferschap van mensen- 16 Over de legitimiteit van de bruikbaarheid van te plaatsen bestaand fotomateriaal bestaat nog geen eenduidig beleid (Van Westrienen, persoonlijke communicatie, februari 2012). 17 Peildatum 26 januari

15 handel zijn niet of nauwelijks aangetroffen, belangrijk blijft wel om op de hoogte te blijven wat anderen Twitteren 18 met betrekking tot loverboys. 3.5 Monitoren prostitutiewebsites Met de gedeelde ervaring van het CPM betreffend de omgekeerde escort 19 zijn door de internetrechercheur dagelijks de belangrijkste websites gemonitord waarop prostitutie wordt aangeboden. Het gaat om de websites en Bij deze actie is gekeken naar de regio Rotterdam, meer- of minderjarigheid, de tekst van de advertentie en eventuele indicatoren van mensenhandel en/of gedwongen prostitutie. Signalen zijn doorgeleid voor een controle door het CPM. Vanuit het monitoren van de websites zijn niet direct mensenhandelonderzoeken ontstaan. Wel is er contact gelegd en zijn afspraken gemaakt met faciliterende webhosters. Zij beschikken over informatie waaruit een verdenking zou kunnen ontstaan van minderjarigheid of gedwongen prostitutie. In wordt hier nader op ingegaan. De websites lijken wel veel informatie te bevatten die in onderzoeken bruikbaar kan zijn. De sites hebben naar eigen opgave tussen de en unieke bezoekers per maand met tussen de en zogenaamde pageviews. Er kan bij een (open bronnen)onderzoek worden gezocht op (werk)naam, locatie en leeftijd. Binnen een onderzoek naar mensenhandel werd een advertentie aangetroffen op [ ]. Bij een latere doorzoeking van een woning van één van de verdachten werd de setting van de advertentiefoto aangetroffen; dezelfde bank, vloerbedekking en raambekleding. Er werd via de mail gereageerd op een verdachte advertentie op de website [ ]. Uit de tekst was op te maken dat het hier mogelijk om een minderjarige prostituee ging. Er werd een afspraak gemaakt waarna bleek dat de vrouw meerderjarig was maar sterk werd getwijfeld aan de vrijwilligheid. Met de vriend van de vrouw werd een tegenhoudgesprek gevoerd. De vrouw werd advies gegeven en hulp aangeboden vanuit de pilot. Naast deze specifiek op internet gerichte onderwerpen worden hierna de methoden van onderzoek en daarbij opgedane ervaring besproken. Het volgende hoofdstuk omvat ook de bevindingen en conclusies vanuit de pilot. 18 Zie bijlage D. 19 Zie voor toelichting ook paragraaf

16 4 Bevindingen; conclusies en (best) practices In het startdocument 20 zijn drie hoofdlijnen benoemd welke leidend zouden moeten zijn in de ontwikkeling van interventiestrategieën. Deze hoofdlijnen, intelligence (4.1), ketensamenwerking (4.2) en persoonsgerichte aanpak (4.3), zijn hier overgenomen en samen met aanverwante onderwerpen uitgewerkt naar de resultaten van de pilot loverboys. Daarna volgen de best practices (4.4) en de knelpunten (4.5). 4.1 Intelligence Het startdocument vermeldt: Binnen de Eenheid Vreemdelingen Politie [EVP] is een informatieknooppunt van de Regionale Informatie Organisatie [RIO] ingericht, dat zorg draagt voor het verzamelen, stroomlijnen, verwerken en analyseren van de interne en externe informatiestromen. Door de samenhang en nauwe samenwerking met de EVP is in de afgelopen jaren een informatiegestuurde organisatie opgebouwd. Wanneer de term intelligence wordt gebruikt is er kennelijk meer dan informatie alleen. In hun beschrijving van Intelligence Led Policing geven Kop en Klerks (2010) een heldere uitleg van het begrip intelligence en hoe zich intelligence verhoudt tot informatie: Data vormen de brede basis van de piramide en bestaan uit feiten en gegevens die door mensen zijn vastgelegd. Data zijn nodig maar op zichzelf onvoldoende. Niet geïnterpreteerde data zijn dode materie en hebben verder geen enkele waarde. Pas wanneer dat in een context worden geplaatst en geïnterpreteerd, is er sprake van informatie. Wanneer er inzichten en verbanden ontstaan op basis van deze informatie, dit wordt gecombineerd met andere informatie en is eigengemaakt, is er sprake van kennis. Kennis genereert begrip, iets dat men weet en kan toepassen, het is waardevol maar lastig vast te leggen. Kennis is namelijk meer dan informatie; want het is informatie die is gewogen en gewaardeerd, gecombineerd met meer subjectieve elementen zoals attitude en ervaring van een politiemedewerker. Echte kennis laat zich moeilijk in systemen vatten. Tot slot is intelligence dan het sluitstuk van deze hiërarchie. Informatie wordt, door de kennis die al beschikbaar is, actiegericht gemaakt (Kop & Klerks, 2010, p. 8). De definitie van intelligence zoals door Kop en Klerks (2010) gehanteerd, wordt hier overgenomen en luidt: geanalyseerde informatie en kennis op grond waarvan beslissingen over de uitvoering van de politietaak worden genomen. Aan de pilot loverboys is onder andere een informatierechercheur toegevoegd vanuit de Regionale Informatie Organisatie [RIO]. Blijkens de genoemde startnotitie is deze belast met de verzameling van alle beschikbare informatie (en die van ketenpartners). Samen met de kennis van de zedenexpertise, de analist en de (internet) rechercheurs moet uiteindelijk intelligence ontstaan op basis waarvan actiegerichte beslissingen kunnen worden gemaakt. In de volgende paragrafen zijn onderwerpen beschreven die verband houden met informatie en intelligence; binnen de pilot is gezocht naar alternatieve wijzen van informatievergaring. 20 Loverboys zijn laffe boys opgesteld binnen de Eenheid Vreemdelingen Politie onder verantwoording van het diensthoofd RRD / portefeuillehouder mensenhandel F.M. Visser. 11

17 4.1.1 Meld Misdaad Anoniem [MMA] Informatie kan op diverse manieren bij de politie bekend raken. De ondergrens is een verstrekking vanuit de stichting M 21 waarbij niet gewogen informatie (anonieme melding) wordt verstrekt via de RIO. Uit de halfjaarlijkse cijfers (1 e helft 2011) van de stichting M blijken er landelijk 36 meldingen te zijn gedaan over gedwongen prostitutie en/ of mensenhandel. Hoewel soms successen worden vermeld, geeft uitgevoerd onderzoek naar het rendement van de campagne Schijn bedriegt een somberder beeld. In het (meet)jaar 2006 kwamen er 120 meldingen binnen bij de stichting M. De oproep aan het publiek - onder andere met behulp van geplaatste banners op de website was dwangsituaties binnen de prostitutie te melden. Onder andere door een gebrekkige en niet eensluidende registratie 22 bij de politie bleek het resultaat lastig meetbaar. Uiteindelijk werd vastgesteld dat drie personen werden aangehouden voor mensenhandel; strafrechtelijk onderzoek was in ieder geval gestart. Volgens de onderzoekers ligt de belangrijkste verklaring voor het magere rendement van de landelijke campagne in de te lage prioriteit die de politiekorpsen aan mensenhandel geven (Bovenkerk & Pronk, 2007). Binnen Rotterdam Rijnmond heeft de campagne wel resultaten opgeleverd die het sombere beeld nuanceren; er werden 15 meldingen ontvangen met als resultaat: 3 controles door de vreemdelingenpolitie waarbij 15 vreemdelingen zijn staande gehouden en in bewaring werden gesteld; 1 slachtoffer werd aangetroffen dat werd gezocht binnen een mensenhandelonderzoek in een andere regio; 1 aangifte van mensenhandel; 3 meldingen vormden een basis voor een escortcontrole en; 1 melding is meegenomen in een projectvoorstel voor een te starten opsporingsonderzoek (Custers, persoonlijke communicatie, februari 2012). De binnengekomen meldingen van de stichting M worden centraal ontvangen per regio waarvoor zij bestemd lijken. Vanuit de RIO wordt actief gemonitord op meldingen vanuit stichting M. Hier worden de melding onderzocht op trefwoorden als mensenhandel, loverboy, mensensmokkel, illegaliteit, prostitutie, etcetera. Wanneer er een treffer is, wordt deze melding al of niet (in overleg) veredeld verstrekt aan het CPM en indien van toepassing doorgeleid aan de pilot. In situaties dat binnen een melding meerdere onderwerpen spelen is de verstrekking soms lastig en landt de melding op de verkeerde plek dan wel op meerdere plekken. In 99% gaat het echter goed (Valk, persoonlijke communicatie, november 2011). Binnen de pilot werd via de informatierechercheur vanuit stichting M één melding ontvangen omtrent gedwongen prostitutie, loverboys of iets met een onderwerp dat daaraan verwant is. Met het vermeende slachtoffer is direct een intakegesprek gehouden waarna bleek dat het hier niet ging om een loverboy dan wel het in de prostitutie brengen of houden middels loverboymethodieken. 21 Stichting M. draagt bij aan een veilige, betrouwbare en menswaardige samenleving. Zij doet dit met actieve steun van burgers, bedrijfsleven en overheid. Hierdoor neemt de maatschappelijke, sociale en economische schade door misdaad af. Op 29 november 2011 ontleend aan: 22 Zie ook paragraaf

18 4.1.2 Social Networksites Naast het raadplegen van verschillende informatiebronnen 23 is gekeken of er ook kennis kon worden opgebouwd rondom het onderwerp vanuit gebruikers van social networksites. Vanuit verschillende (strafrechtelijke) onderzoeken en uit het netwerk van de internetrechercheur bleken een aantal websites populair en te worden gebruikt door jonge mensen. Onder andere is dat de website die - zoals deze zelf aangeeft - als social networksite bedoeld is om te socialiseren met nieuwe mensen door het spelen van spellen, het delen van interesses en het bekijken van elkaars profielen. De site is gericht op kinderen van 13 jaar en ouder. Bij onderzoek van geplaatste profielen op blijkt dat er een aantal (minderjarige) meisjes een behoorlijk seksueel getint profiel plaatsten, soms met vermelding van hun PIN 24. Om te onderzoeken in welke mate en op welke wijze er contact werd gezocht met jonge meisjes via het internet door jongens en/ of mannen met ongewenste (seksuele) voorstellen of zelfs met het aanbod voor hen te gaan werken in de prostitutie, werd een selectie gemaakt van meisjes om deze actief te benaderen. Het doel van een dergelijke actie was om meer inzicht te krijgen in de wijze van communiceren van deze potentiële slachtoffergroep (onder andere het gebruik van een mogelijk fictieve identiteit), eventuele verdachten loverboys en achterliggende motivatie van meiden om een dergelijk profiel te plaatsen, hun bekendheid met hulpverlening etc. Na de selectie te hebben gemaakt werd via de PING contact gezocht en getracht fysiek een afspraak te maken om zodoende in contact te komen. Vervolgens was het plan deze meiden onder toezegging van anonimiteit te interviewen. Gedurende een aantal weken is actief contact gezocht met de gebruikers van de genoemde PIN nummers. In totaal werden 28 profielen via bovengenoemde wijze benaderd. Uit de daaruit volgende contacten is het niet gelukt te komen tot een afspraak voor een interview. In eerste instantie werd wel gereageerd en werd aangeboden een gesprek te hebben op een door hen gekozen plaats of een politiebureau, al of niet samen met een vriend of vriendin. In tweede instantie werd de afspraak vaak afgezegd; geen tijd, school of andere afspraken belemmerden het doorgaan ervan. Het idee was dat de benaderde personen wantrouwend waren en niet zomaar afspraken. Wanneer de communicatie anoniem bleef, en geen foto of iets dergelijks werd gestuurd, werd het contact verbroken. Vaak werd aangegeven dat men wel bereid was een vragenlijst te beantwoorden wanneer deze zou worden gestuurd via de PING Blackberry PIN op profielsite Met het doel te onderzoeken op welke wijze en met welke intentie een profiel op een profielsite wordt benaderd, is door de internetrechercheur een profiel geplaatst voorzien van een Blackberry PIN ID. Om te ervaren wat er gebeurt wanneer een BlackBerry PIN nummer wordt geplaatst op een profiel is dit gedaan bij de website een Amerikaanse profielensite waarop veel Nederlanders actief zijn. Het PIN nummer werd geplaatst bij een profiel van een jonge vrouw, speciaal voor dit doel aangemaakt. Binnen twee weken had het profiel 220 vrienden. Van deze 220 vrienden hadden ook 81 mensen het aangemaakte profiel toegevoegd op hun BB PIN. Dat is een percentage van 37%. 23 Bijvoorbeeld het zoeken op (werk)namen op prostitutiesites welke bekend geworden zijn uit verhoorsituaties in operationele onderzoeken. 24 De BlackBerry telefoon heeft een uniek PIN ID nummer welke het mogelijk maakt via het softwareprogramma BlackBerry messenger kostenloos over het internet te kunnen communiceren. Deze communicatie wordt in de volksmond pingen genoemd. 13

19 In de gemonitorde communicatie was een samenspel zichtbaar tijdens de contacten tussen en BB PIN. Deelnemers verwezen in hun Tagged berichten naar hun BB PIN berichten en andersom. Door dit samenspel lijkt het er op dat sneller op een afspraak wordt aangestuurd. Het idee hierbij is dat de deelnemer frequenter en makkelijker gebruik maakt van de mobiele telefoon dan van een personal computer. De afspraken zijn door de internetrechercheur afgehouden Brainstormsessie met deskundigen In september 2011 is door de pilot een brainstormsessie belegd. Er werd deelgenomen door de politie (pilot), het openbaar ministerie (mensenhandelofficier van justitie en de cybercrime-officier van justitie) en digitale experts van het Korps Landelijke Politie Diensten [KLPD] en het Nederlands Forensisch Instituut [NFI]. De doelstelling was het bespreken en bediscussiëren wat qua opsporing en informatievergaring mogelijk en toegestaan is op het internet. Tijdens de sessie bleek dat de deelnemers uiteenlopend dachten over de vooral juridische- (on)mogelijkheden. Als concreet resultaat werden drie methoden van onderzoek benoemd die verder uitgewerkt en onderzocht zullen gaan worden: 1. Uitwerken van de foto-eigenschappen (Exchangable Image File Format [EXIF] specificatie) Foto s gemaakt met digitale camera s of telefoons krijgen automatisch bepaalde informatie mee. Aan de hand hiervan kan onderzocht worden met welke hardware de foto gemaakt is, wanneer de foto gemaakt is en, indien er een GPS-optie 25 op de hardware aanwezig is, is ook zichtbaar waar de foto gemaakt is. Bij onderzoek en navraag blijkt dat websites als en deze EXIF-informatie uit de foto-eigenschappen verwijderen voordat de foto op de website wordt geplaatst. Vanuit een overleg met de webhoster van dergelijke websites bleek dat deze informatie toegankelijk zou kunnen worden gemaakt. 2. Ontwikkelen van een crawler Een crawler is een robot die zelf de voorgeprogrammeerde websites bezoekt en de informatie verzamelt en opslaat die op het onderzoekmoment beschikbaar is. Voordelen zijn dat dit proces automatisch en methodisch gaat en het bezoek van de robot aan de site kort is en niet opvalt, mits goed geprogrammeerd. In overleg met de afdeling Digitale Opsporing van de politie Rotterdam Rijnmond wordt deze methode nader uitgewerkt. 3. Ontwikkelen van een analysetool Om alle data uit de twee bovenstaande onderzoeksmethoden goed te verwerken moet er een metaanalyse worden uitgevoerd. De hoeveelheid data kan dermate groot zijn dat de standaard analyse het niet zal kunnen verwerken. Meerdere software komt in aanmerking om te gaan gebruiken. In overleg met de afdeling Digitale Opsporing van de politie Rotterdam Rijnmond wordt dit vervolgd. 4.2 Ketensamenwerking In de regio Rotterdam is al geruime tijd sprake van samenwerking tussen een aantal ketenpartners op het gebied van mensenhandel. De EVP neemt daarin deel vanuit de politie en inmiddels is de keten gewend om informatie te delen en een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor het item mensenhandel te dragen. Deelnemers in deze keten zijn het Regionaal Informatie en Expertise Centrum [RIEC], de Directie Veiligheid van de gemeente Rotterdam, de overige gemeenten uit de regio Rijnmond, Jeugdzorg, Centraal Orgaan Opvang Asielzoekers [COA], de GGD, Humanitas Prostitutie Maatschappelijk 25 Global Positioning System. 14

20 Werk [PMW], de Belastingdienst, het Openbaar Ministerie, de Sociale Inlichtingen en Opsporings Dienst [SIOD], de Arbeidsinspectie [AI] 26, Reclassering Nederland en de politie (EVP en RIO). Op deze bestaande structuur heeft de pilot meegelift en maakt gebruik van de informatiedeling en samenwerking. Met een frequentie van 10 bijeenkomsten per jaar wordt ten aanzien van ingebrachte casuïstiek gekeken of de partners informatie hebben en wie van de partners een interventie of andere actie onderneemt. Iedere ketenpartner kan casuïstiek inbrengen welke vanuit de eigen taakstelling relevant lijkt. De casuïstiek beperkt zich niet tot loverboys maar is mensenhandelbreed; (jeugd) prostitutie en overige (arbeid) uitbuiting maken hiervan ook deel uit (Van der Schilt, persoonlijke communicatie, november 2011). Op peildatum 1 maart bleken er in de keten 20 casussen ingebracht en besproken. Dit betroffen casussen waarbij loverboyachtige methodieken aan de orde leken of waarbij in de signalen sprake was van loverboys (De Goede, persoonlijke communicatie, januari 2012). Negen van deze casussen zijn in behandeling (geweest) en ingebracht door het CPM. Vanuit de onderzochte data in het casussysteem blijkt in negentien gevallen geen sprake van een (geregistreerde) interventie. In veel gevallen is wel de hulpverlening ingezet. De meeste casussen beschikken over slechts beperkte (extra) informatie van de partners. In enkele gevallen bleek geen sprake van mensenhandel, een aantal casussen zijn nog in behandeling Registratie en leidende rol voor het RIEC Het RIEC heeft een initiërende en leidende rol ten aanzien van het casusoverleg van de keten mensenhandel. Zij organiseert, notuleert en registreert in eerste aanleg de bijeenkomsten, gemaakte afspraken en monitort de voortgang van de dossiers (Van der Schilt, persoonlijke communicatie, november 2011). Om in praktische zin informatie te kunnen delen en te registreren is het registratiesysteem van het RIEC toegankelijk gemaakt voor de deelnemende ketenpartners. Dit systeem werkt inhoudelijk prima maar is gebruiksonvriendelijk voor partners buiten het RIEC. Het inloggen op de beveiligde omgeving, het invoeren en bevragen van de vastgelegde informatie vraagt zeer veel tijd. Om goed voorbereid en ingelezen deel te kunnen nemen aan het casusoverleg van de keten mensenhandel is het raadplegen van het systeem echter wel noodzakelijk. De bewerkelijkheid van dit systeem wordt (als ICT probleem) als sterk belemmerend ervaren (Snaterse en Van der Schilt, persoonlijke communicatie november 2011). Aan de andere kant zouden partners elkaar ook buiten de formele overlegmomenten kunnen (of moeten) opzoeken om samenwerking te bevorderen. Dit gebeurt regelmatig binnen de keten; in relatie tot de pilot is daarvan mogelijk te weinig frequent sprake geweest (Custers, persoonlijke communicatie, februari 2012). Zo kan bijvoorbeeld het registratiesysteem beter en sneller worden benaderd bij het RIEC. Als nadeel daarvan wordt vaak de onmogelijkheid benoemd het eigen systeem te kunnen raadplegen (De Goede, persoonlijke communicatie, januari 2012). Dat een centrale mogelijkheid tot registreren een absolute must is voor het doen slagen van een gezamenlijke (keten) aanpak, bleek ook uit een eerdere evaluatie van de proeftuin overige uitbuiting in de regio Zuid Holland Zuid (Minderhoud, 2011). Ook uit de evaluatie van een proeftuin mensenhandel in Alkmaar kwam naar voren dat bijvoorbeeld één centrale mailbox en de inzet van een informatieanalist of coördinator een behoorlijke bijdrage kan leveren aan een gezamenlijke bewustwording en aanpak van mensenhandel (Kool, Van Sprang & Bosland, 2012). 26 Tegenwoordig vormen de deelnemers SIOD en AI in combinatie met de Inspectie Werk en Inkomen [IWI] de Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid [Inspectie SZW]. 27 In de periode vanaf 1 april

Proeftuin Loverboys - LaffeBoys. Rico Coolen

Proeftuin Loverboys - LaffeBoys. Rico Coolen RR Rico Coolen Aanleiding Loverboys & Internet Bevindingen Aanbevelingen Proeftuin Doelen Activiteiten Slachtoffers en daders Internet Mediastrategie Aanleiding Loverboys & Internet Mediaberichtgeving:

Nadere informatie

Directoraat-Generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving

Directoraat-Generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving ϕ1 Ministerie van Justitie Directoraat-Generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving Directie Rechtshandhaving en Criminaliteitsbestrijding Postadres: Postbus 20301, 2500 EH Den Haag Aan de Voorzitter van

Nadere informatie

De Rotterdamse aanpak van jeugdprostitutie

De Rotterdamse aanpak van jeugdprostitutie De Rotterdamse aanpak van jeugdprostitutie Klaas Ridder ketenregisseur jeugdprostitutie Overzicht Introductie / begrippenkader Situatie vóór 2004 2004 een initiatief voor een ketenaanpak 2005 de inrichting

Nadere informatie

CATEGORALE OPVANG VOOR SLACHTOFFERS MENSENHANDEL

CATEGORALE OPVANG VOOR SLACHTOFFERS MENSENHANDEL CATEGORALE OPVANG VOOR SLACHTOFFERS MENSENHANDEL categorale opvang voor slachtoffers mensenhandel De categorale opvang voor slachtoffers van mensenhandel (COSM) omvat 70 veilige opvangplekken en is in

Nadere informatie

STICHTING BASISVOORZIENING PEUTERSPEELZAALWERK ERMELO

STICHTING BASISVOORZIENING PEUTERSPEELZAALWERK ERMELO STICHTING BASISVOORZIENING PEUTERSPEELZAALWERK ERMELO INTERNE WERKWIJZE SBPE MELDCODE HUISELIJK GEWELD EN KINDERMISHANDELING juli 2014 Inhoud MELDCODE HUISELIJK GEWELD EN KINDERMISHANDELING... 3 1. ALGEMEEN...

Nadere informatie

Preventie Scharlaken Koord

Preventie Scharlaken Koord Preventie Scharlaken Koord Inhoud - platenset internet werkwijze loverboys blz. 2 - platenset klassieke werkwijze loverboys blz. 3 - presentatie beware of loverboys (jongeren) blz. 4 - presenttaie beware

Nadere informatie

Invoering van de meldcode in de jeugdzorg

Invoering van de meldcode in de jeugdzorg Invoering van de meldcode in de jeugdzorg Inspectie Jeugdzorg Utrecht, april 2013 Samenvatting Eind december 2012 heeft de Inspectie Jeugdzorg via een digitale vragenlijst een inventariserend onderzoek

Nadere informatie

Relatie tussen illegale prostitutie en mensenhandel?

Relatie tussen illegale prostitutie en mensenhandel? mr. E.D.I. Martens Senior officier van justitie Mensenhandel Het gaat ons allemaal aan CIROC 3 december 2014 Doel presentatie: Relatie tussen illegale prostitutie en mensenhandel? 1. Wat is illegale prostitutie?

Nadere informatie

SAMENVATTING Achtergrond Onderzoeksopzet

SAMENVATTING Achtergrond Onderzoeksopzet SAMENVATTING Achtergrond De laatste jaren is er een toenemende aandacht van de overheid voor de aanpak van kindermishandeling en partnergeweld. Het kabinet heeft in 2007 het actieplan Kinderen Veilig Thuis

Nadere informatie

Datum 6 januari 2016 Onderwerp Gespreksnotitie Nationaal Rapporteur rondetafelgesprek kindermisbruik. Geachte voorzitter,

Datum 6 januari 2016 Onderwerp Gespreksnotitie Nationaal Rapporteur rondetafelgesprek kindermisbruik. Geachte voorzitter, 1 > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den Haag Tweede Kamer der Staten-Generaal t.a.v. de voorzitter van de vaste commissie voor Veiligheid en Justitie mevrouw L. Ypma Postbus 20018 2500 EA Den Haag Turfmarkt

Nadere informatie

Jeugdprostitutie en loverboys

Jeugdprostitutie en loverboys Jeugdprostitutie en loverboys Loverboys dat zijn toch die jongens die meisjes versieren en ze dan later verkopen? Loverboys zijn jongens die meisjes dure cadeaus geven en ze daarna tot hoer maken Bron:

Nadere informatie

2010D02442. Lijst van vragen totaal

2010D02442. Lijst van vragen totaal 2010D02442 Lijst van vragen totaal 1 In hoeverre heeft de staatssecretaris jongerenorganisaties betrokken bij de totstandkoming en uitvoering van haar beleid? 2 Welke verband ligt er tussen de brief over

Nadere informatie

De probleemstelling voor het onderzoek is als volgt geformuleerd:

De probleemstelling voor het onderzoek is als volgt geformuleerd: Samenvatting De opkomst van Health 2.0 en e-health zorgt ervoor dat de patiënt verandert naar zorgconsument. Health 2.0 zorgt voor een grote mate van patiënt-empowerment; zorgconsumenten nemen zelf de

Nadere informatie

Aan de voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 200018 2500 EA..DEN HAAG

Aan de voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 200018 2500 EA..DEN HAAG >Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag Aan de voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 200018 2500 EA..DEN HAAG Primair Onderwijs IPC 2650 Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 16375 2500

Nadere informatie

Mensenhandel is om ons heen. Factsheet bij de Negende rapportage van de Nationaal rapporteur

Mensenhandel is om ons heen. Factsheet bij de Negende rapportage van de Nationaal rapporteur Mensenhandel is om ons heen Factsheet bij de Negende rapportage van de Nationaal rapporteur Mensenhandel is om ons heen Mensenhandel is om ons heen. De laatste jaren wordt duidelijk dat mensen op vele

Nadere informatie

ECLI:NL:RBGEL:2013:4039

ECLI:NL:RBGEL:2013:4039 ECLI:NL:RBGEL:2013:4039 Uitspraak RECHTBANK GELDERLAND Team strafrecht Zittingsplaats Zutphen Meervoudige kamer Parketnummer: [jw.sys.1.verdachte_1_parketnummer]05/860948-13 Uitspraak d.d. 22 oktober 2013

Nadere informatie

d.d. 7 augustus 2006. 1 Aan Klantdirecteuren IND Directeur Procesvertegenwoordiging Van Hoofddirecteur IND

d.d. 7 augustus 2006. 1 Aan Klantdirecteuren IND Directeur Procesvertegenwoordiging Van Hoofddirecteur IND Werkinstructie Openbaar Aan Klantdirecteuren IND Directeur Procesvertegenwoordiging Van Hoofddirecteur IND Datum 12 juni 2015 Kenmerk Vindplaats InformIND Onderwerp Rol contactpersonen mensenhandel & gendergerelateerde

Nadere informatie

Rapport. Datum: 13 juni 2012. Rapportnummer: 2012/102

Rapport. Datum: 13 juni 2012. Rapportnummer: 2012/102 Rapport Rapport in het onderzoek naar klachten en signalen over het Meldpunt Internetoplichting, ondergebracht bij het regionale politiekorps Kennemerland. Datum: 13 juni 2012 Rapportnummer: 2012/102 2

Nadere informatie

SEKSUEEL GRENSOVERSCHRIJDEND GEDRAG in en om de school. Oka Storms Ben Serkei

SEKSUEEL GRENSOVERSCHRIJDEND GEDRAG in en om de school. Oka Storms Ben Serkei SEKSUEEL GRENSOVERSCHRIJDEND GEDRAG in en om de school Oka Storms Ben Serkei Wat gaan we doen? * Achtergronden seksualiteit * Invloed beeldcultuur en gevolgen * Oefening Wat is grensoverschrijdend? * Seksueel

Nadere informatie

Memo. centrum. criminaliteitspreventie. veiligheid Postbu5 14069. BETREFT Landelijk programma prostitutie

Memo. centrum. criminaliteitspreventie. veiligheid Postbu5 14069. BETREFT Landelijk programma prostitutie m centrum ChurchiHiaanu criminaliteitspreventie 3527 GV Utrecht veiligheid Postbu5 14069 35085C Utrecht T (030) 75 6700 F (030)7516701 www.hetccv.ni Memo BETREFT Landelijk programma prostitutie IN LEIDING

Nadere informatie

B17. Slachtoffers van vrouwenhandell

B17. Slachtoffers van vrouwenhandell B17 Slachtoffers van vrouwenhandell B17 Slachtoffers van vrouwenhandel Algemeen Toezicht: opschorting van de verwijdering Algemeen Slachtoffers van vrouwenhandel Getuige-aangevers Vergunning tot verblijf

Nadere informatie

Verbetering registratie en beleidsinformatie Veilig Thuis en Jeugd. Bevindingen en aanbevelingen

Verbetering registratie en beleidsinformatie Veilig Thuis en Jeugd. Bevindingen en aanbevelingen 1 Contactpersoon L.M.E.Menenti l.m.e.menenti@ nationaalrapporteur.nl T 06-4682 7508 S.J. Tjalsma s.j.tjalsma@ nationaalrapporteur.nl Verbetering registratie en beleidsinformatie Veilig Thuis en Jeugd Bevindingen

Nadere informatie

Bijna de helft van de geweldsmisdrijven wordt in de openbare ruimte gepleegd / foto: Inge van Mill.

Bijna de helft van de geweldsmisdrijven wordt in de openbare ruimte gepleegd / foto: Inge van Mill. Bijna de helft van de geweldsmisdrijven wordt in de openbare ruimte gepleegd / foto: Inge van Mill. secondant #2 april 2009 7 Geweldsdelicten tussen - Daling van geweld komt niet uit de verf Crimi-trends

Nadere informatie

Onderzoek bij Meerwijck naar het klimaat op het gebied van seksuele ontwikkeling locatie Pieter Both

Onderzoek bij Meerwijck naar het klimaat op het gebied van seksuele ontwikkeling locatie Pieter Both Onderzoek bij Meerwijck naar het klimaat op het gebied van seksuele ontwikkeling locatie Pieter Both Inspectie jeugdzorg Utrecht, oktober 2007 2 Inspectie jeugdzorg Samenvatting Dit rapport bevat de resultaten

Nadere informatie

Excellenties, Dames en Heren,

Excellenties, Dames en Heren, Excellenties, Dames en Heren, Twee jaar geleden werd door de toenmalige minister van Justitie mijn mandaat uitgebreid met het rapporteren over kinderpornografie. Ik ben verheugd dat ik mijn eerste rapport

Nadere informatie

Datum 12 april 2012 Onderwerp Inspectie Openbare Orde en Veiligheid rapport "Follow the Money"

Datum 12 april 2012 Onderwerp Inspectie Openbare Orde en Veiligheid rapport Follow the Money 1 > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Schedeldoekshaven 100 2511 EX Den Haag Postbus 20301 2500 EH Den

Nadere informatie

Corporate brochure RIEC-LIEC

Corporate brochure RIEC-LIEC Corporate brochure RIEC-LIEC Corporate brochure RIEC-LIEC 1 De bestrijding van georganiseerde criminaliteit vraagt om een gezamenlijke, integrale overheidsaanpak. Daarbij gaan de bestuursrechtelijke, strafrechtelijke

Nadere informatie

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG. Datum 22 juni 2015 Betreft Kamervragen. Geachte voorzitter,

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG. Datum 22 juni 2015 Betreft Kamervragen. Geachte voorzitter, > Retouradres Postbus 20350 2500 EJ Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Bezoekadres: Parnassusplein 5 2511 VX DEN HAAG T 070 340 79 11 F 070 340

Nadere informatie

Presentatie Integrale jeugdhulp Kennisdag 25 januari 2016

Presentatie Integrale jeugdhulp Kennisdag 25 januari 2016 Presentatie Integrale jeugdhulp Kennisdag 25 januari 2016 Zorgtafel Mensenhandel en Prostitutie Rotterdam Hun verleden is niet hun toekomst Commissie Azough De Zorgtafel Mensenhandel en Prostitutie in

Nadere informatie

Preventieplan Loverboys 2013

Preventieplan Loverboys 2013 Preventieplan Loverboys 2013 Onderdeel van: Zwolse Aanpak Loverboys Preventie slachtoffers Voorkomen dat Loverboys slachtoffers maken GGD IJsselland, mei 2012 Inhoudsopgave 1 INLEIDING _3 1.1 DOELSTELLING

Nadere informatie

Jeugd gezond heids zorg. 0-19 jaar

Jeugd gezond heids zorg. 0-19 jaar Jeugd gezond heids zorg 0-19 jaar Ongewenst gedrag binnen het onderwijs Meldingsregeling Vertrouwenspersoon Inleiding Meldingen van machtsmisbruik Soms is er sprake van meldingen over een vorm van machtsmisbruik

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten- Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten- Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag > Retouradres Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten- Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag DGOBR Directie Organisatie- en Personeelsbeleid Rijk www.facebook.com/minbzk www.twitter.com/minbzk

Nadere informatie

Bestuurlijke aanpak van georganiseerde criminaliteit

Bestuurlijke aanpak van georganiseerde criminaliteit Bestuurlijke aanpak van georganiseerde criminaliteit Informatie over het Regionaal Informatie en Expertise Centrum (RIEC) -1- Bestuurlijke aanpak van georganiseerde criminaliteit 3 Bestuurlijke aanpak

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG 1 > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Turfmarkt 147 2511 DP Den Haag Postbus 20301 2500 EH Den Haag www.rijksoverheid.nl/venj

Nadere informatie

5 Samenvatting en conclusies

5 Samenvatting en conclusies 5 Samenvatting en conclusies In 2008 werden in Nederland bijna 5,2 miljoen mensen het slachtoffer van criminaliteit (cbs 2008). De meeste van deze slachtoffers kregen te maken met diefstal of vernieling,

Nadere informatie

Volgens Nederland. Analyse van de nieuwe corporate campagne van Achmea. 15 november 2012. Sanne Gaastra Mirjam Lasthuizen Sonja Utz

Volgens Nederland. Analyse van de nieuwe corporate campagne van Achmea. 15 november 2012. Sanne Gaastra Mirjam Lasthuizen Sonja Utz Volgens Nederland Analyse van de nieuwe corporate campagne van Achmea 15 november 2012 Sanne Gaastra Mirjam Lasthuizen Sonja Utz Achtergrond Volgens Nederland Nederland kent een aantal belangrijke maatschappelijke

Nadere informatie

Vervolgonderzoek AMK Utrecht

Vervolgonderzoek AMK Utrecht Vervolgonderzoek AMK Utrecht Inspectie jeugdzorg februari 2007 2 Inspectie jeugdzorg Inhoudsopgave Samenvatting... 5 Hoofdstuk 1... 7 1.1 Aanleiding... 7 1.2 Centrale onderzoeksvraag... 7 1.3 Toetsingskader...

Nadere informatie

Embargo tot 18 okt. 2012, 12.30 uur

Embargo tot 18 okt. 2012, 12.30 uur Embargo tot 18 okt. 2012, 12.30 uur Toespraak van de Nationaal rapporteur mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen mr. Corinne Dettmeijer-Vermeulen Ter gelegenheid van de aanbieding van het rapport

Nadere informatie

Scharlaken Koord: 65.000,00 ( = een gedeeltelijke bijdrage aan het totale programma, zie bijlage offerte Gebaseerd op de werkelijke uren 2011 )

Scharlaken Koord: 65.000,00 ( = een gedeeltelijke bijdrage aan het totale programma, zie bijlage offerte Gebaseerd op de werkelijke uren 2011 ) Aanvraag subsidie Scharlaken Koord 2012 Scharlaken Koord Scharlaken Koord is een christelijke organisatie die sinds 1987 werkzaam is onder prostituees op de Wallen in Amsterdam. Daamaast heeft Scharlaken

Nadere informatie

Aanpak huiselijk geweld centrumgemeentegebied Amersfoort

Aanpak huiselijk geweld centrumgemeentegebied Amersfoort Aanpak huiselijk geweld centrumgemeentegebied Amersfoort De bestrijding van huiselijk geweld is een van de taken van gemeenten op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO, nu nog prestatieveld

Nadere informatie

Na overleg met de gerechten, adviseert de Raad als volgt. 1

Na overleg met de gerechten, adviseert de Raad als volgt. 1 contactpersoon Fractie ChristenUnie Tweede Kamer T.a.v. mw. mr. M.H. Bikker Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG datum 19 februari 2015 Voorlichting e-mail Voorlichting@rechtspraak.nl telefoonnummer 06-46116548

Nadere informatie

Opgesteld nov 2013 maart 2014. Vertrouwenspersoon Binnen de LKO

Opgesteld nov 2013 maart 2014. Vertrouwenspersoon Binnen de LKO Opgesteld nov 2013 maart 2014 Vertrouwenspersoon Binnen de LKO Vooraf In de klachtenregeling van de stichting (30 september 2014) staan elementen opgenomen over de taken en verantwoordelijkheden van de

Nadere informatie

VAN. Reg.nr. pr I ^ ^ ^ / ^Lf )" Routing

VAN. Reg.nr. pr I ^ ^ ^ / ^Lf ) Routing Luttenbergstraat 2 Postbus 0078 8000 GB Zwolle Telefoon 038 499 88 99 Telefax 038 425 75 20 Provincie.overijssel.nl postbus@overijssel. nl RABO Zwolle 39 73 4 2 Provinciale Staten van Overijssel Inlichtingen

Nadere informatie

Samenvatting Samenvatting

Samenvatting Samenvatting Samenvatting Jaarlijks doen vele jeugdigen met een lichte verstandelijke beperking In Nederland een beroep op de hulpverlening. Een aanmerkelijk aantal van hen krijgt deze hulp van een LVG-instituut.

Nadere informatie

Minister van Justitie. Naar aanleiding van uw verzoek bericht ik u als volgt.

Minister van Justitie. Naar aanleiding van uw verzoek bericht ik u als volgt. R e g i s t r a t i e k a m e r Minister van Justitie..'s-Gravenhage, 30 april 1999.. Onderwerp Wijziging van het Wetboek van Strafvordering Bij brief met bijlage van 9 maart 1999 (uw kenmerk: 750136/99/6)

Nadere informatie

Sociale omgeving. 1. Kindermishandeling

Sociale omgeving. 1. Kindermishandeling 1. Kindermishandeling Kindermishandeling is 'elke vorm van voor een minderjarige bedreigende of gewelddadige interactie van fysieke, psychische of seksuele aard, die de ouders of andere personen ten opzichte

Nadere informatie

Datum 30 oktober 2013 Onderwerp Antwoorden kamervragen over het bericht dat in de Europese Unie honderdduizenden mensen leven als slaven

Datum 30 oktober 2013 Onderwerp Antwoorden kamervragen over het bericht dat in de Europese Unie honderdduizenden mensen leven als slaven 1 > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Turfmarkt 147 2511 DP Den Haag Postbus 20301 2500 EH Den Haag www.rijksoverheid.nl/venj

Nadere informatie

Het belang van de waakzaamheid van betrokkenen bij de preventie en bestrijding van criminaliteit

Het belang van de waakzaamheid van betrokkenen bij de preventie en bestrijding van criminaliteit Het belang van de waakzaamheid van betrokkenen bij de preventie en bestrijding van criminaliteit HRO Conferentie, Deventer, 22 januari 2015 Trees van Schalkwijk: Rabobank Almere Alan Kabki: Saxion / Politieacademie

Nadere informatie

Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen. factsheet bij. Op goede grond. De aanpak van seksueel geweld tegen kinderen

Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen. factsheet bij. Op goede grond. De aanpak van seksueel geweld tegen kinderen Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen factsheet bij Op goede grond De aanpak van seksueel geweld tegen kinderen Wat is seksueel geweld tegen kinderen? Op goede grond beslissen

Nadere informatie

Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling

Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling Datum vaststelling : 12-11-2007 Eigenaar : Beleidsmedewerker Vastgesteld door : MT Datum aanpassingen aan : 20-01-2015 Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling Doel meldcode Begeleiders een stappenplan

Nadere informatie

Een verkennend onderzoek naar de aard en aanpak van gedwongen huwelijken in Nederland HUWELIJKSDWANG. Een verbintenis voor het leven?

Een verkennend onderzoek naar de aard en aanpak van gedwongen huwelijken in Nederland HUWELIJKSDWANG. Een verbintenis voor het leven? Een verkennend onderzoek naar de aard en aanpak van gedwongen huwelijken in Nederland HUWELIJKSDWANG Een verbintenis voor het leven? sammenvatting Een verkennend onderzoek naar de aard en aanpak van gedwongen

Nadere informatie

Directoraat-Generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving

Directoraat-Generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving ϕ1 Ministerie van Justitie Directoraat-Generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving Directie Juridische en Operationele Aangelegenheden Hierbij stuur ik u, mede namens de Minister van Binnenlandse Zaken

Nadere informatie

Calamiteitenprotocol instellingen Wmo, gemeenten in de regio Eemland

Calamiteitenprotocol instellingen Wmo, gemeenten in de regio Eemland Calamiteitenprotocol instellingen Wmo, gemeenten in de regio Eemland Inleiding Calamiteiten bij zorg en ondersteuning kunnen helaas niet altijd voorkomen worden. Ze hebben een grote impact op betrokkenen

Nadere informatie

2. Wat zijn per sector/doelgroep de algemene inzichten ten aanzien van de inhoud van de continuïteitsplannen?

2. Wat zijn per sector/doelgroep de algemene inzichten ten aanzien van de inhoud van de continuïteitsplannen? Samenvatting Aanleiding en onderzoeksvragen ICT en elektriciteit spelen een steeds grotere rol bij het dagelijks functioneren van de maatschappij. Het Ministerie van Veiligheid en Justitie (hierna: Ministerie

Nadere informatie

Deelrapportage met resultaten uit de gezondheidsenquête volwassenen/ouderen 2010

Deelrapportage met resultaten uit de gezondheidsenquête volwassenen/ouderen 2010 Seksualiteit Deelrapportage met resultaten uit de gezondheidsenquête volwassenen/ouderen 2010 In de gezondheidsenquête is een aantal vragen opgenomen over seksuele gezondheid 1. Friezen van 19 tot en met

Nadere informatie

TOELICHTING MELDING ONRECHTMATIGE INFORMATIE

TOELICHTING MELDING ONRECHTMATIGE INFORMATIE TOELICHTING MELDING ONRECHTMATIGE INFORMATIE Vraag 1 Bij deze vraag dient u aan te geven wie de verzoeker is van deze melding. Eventuele correspondentie over de melding zal naar deze persoon worden verstuurd.

Nadere informatie

Uitvoering advies aanlevering beleidsinformatie Veilig Thuis

Uitvoering advies aanlevering beleidsinformatie Veilig Thuis Uitvoering advies aanlevering beleidsinformatie Veilig Thuis 8 juni 2015 1 ADVIES De Wmo2015 verplicht de Veilig Thuis organisaties (VT organisaties) om twee keer per jaar, in juli en januari) bij CBS

Nadere informatie

Cyberpesten in Olst-Wijhe Nederlandse samenvatting van het onderzoek naar cyberpesten onder 12 tot 18 jarigen in de gemeente Olst-Wijhe

Cyberpesten in Olst-Wijhe Nederlandse samenvatting van het onderzoek naar cyberpesten onder 12 tot 18 jarigen in de gemeente Olst-Wijhe Cyberpesten in Olst-Wijhe Nederlandse samenvatting van het onderzoek naar cyberpesten onder 12 tot 18 jarigen in de gemeente Olst-Wijhe Beste lezer Voor u ligt een onderzoeksverslag naar cyberpesten onder

Nadere informatie

Format werkplan maatschappelijke organisatie

Format werkplan maatschappelijke organisatie Format werkplan maatschappelijke organisatie Naam organisatie Jongerenvereniging KPJ Limburg 1. Activiteitnaam (en nummer) In Veilige Handen 2. Korte omschrijving De zorg voor een veilige omgeving is essentieel

Nadere informatie

Pestprotocol 2016 januari 2016

Pestprotocol 2016 januari 2016 Pestprotocol 2016 januari 2016 Inhoudsopgave Pagina Hoofdstuk 1 Inleiding 3 Hoofdstuk 2 Pesten 4 2.1 Verschil tussen plagen en pesten 4 2.2 Signalen van pestgedrag 4 2.3 Cyberpesten 5 Hoofdstuk 3 Aanpak

Nadere informatie

Stappenplan bij een incident VO

Stappenplan bij een incident VO Stappenplan bij een incident VO Hieronder staan acties beschreven die ondernomen kunnen worden als er sprake is van seksueel grensoverschrijdend gedrag tussen leerlingen. Voor sommige acties geldt dat

Nadere informatie

Het college van burgemeester en wethouders geeft in zijn reactie aan de conclusies van de rekenkamer te herkennen.

Het college van burgemeester en wethouders geeft in zijn reactie aan de conclusies van de rekenkamer te herkennen. tekst raadsvoorstel Inleiding Vanaf januari 2015 (met de invoering van de nieuwe jeugdwet) worden de gemeenten verantwoordelijk voor alle ondersteuning, hulp en zorg aan kinderen, jongeren en opvoeders.

Nadere informatie

Protocol ongewenste intimiteiten tussen leerlingen Juni 2012

Protocol ongewenste intimiteiten tussen leerlingen Juni 2012 Protocol ongewenste intimiteiten tussen leerlingen Juni 2012 Inhoud 1 Inleiding... 3 2 Begripsbepaling... 3 3 Eigen waarneming van ongewenste intimiteiten... 3 4 Vermoeden van ongewenste intimiteiten...

Nadere informatie

Hoe zorg je voor goede samenwerking met politie en justitie?

Hoe zorg je voor goede samenwerking met politie en justitie? AANPAK VAN LOVERBOY/MENSENHANDEL- PROBLEMATIEK IN DE ZORG VOOR JEUGD Hoe zorg je voor goede samenwerking met politie en justitie? Handreiking voor hulpverleners in de zorg voor jeugd die (vermoedelijke)

Nadere informatie

Rijksrecherche. Rijksrecherche. Voor objectieve waarheidsvinding

Rijksrecherche. Rijksrecherche. Voor objectieve waarheidsvinding Rijksrecherche Rijksrecherche Voor objectieve waarheidsvinding Dagelijkse realiteit De Rijksrecherche stelt een onderzoek in. Het is misschien wel de meest gebruikte zin in openbare nieuwsberichten over

Nadere informatie

De inspecties vragen na een verplichte melding aan de melders om zelf onderzoek te doen en hierover te rapporteren.

De inspecties vragen na een verplichte melding aan de melders om zelf onderzoek te doen en hierover te rapporteren. Handvatten voor onderzoek naar aanleiding van seksueel geweld tussen cliënten onderling of tussen cliënten en derden (niet zijnde medewerkers) met toelichting en verwachtingen van de inspecties De inspecties

Nadere informatie

CONVENANT. Veiligheid op scholen van het Voortgezet en Middelbaar Beroepsonderwijs in LELYSTAD

CONVENANT. Veiligheid op scholen van het Voortgezet en Middelbaar Beroepsonderwijs in LELYSTAD CONVENANT Veiligheid op scholen van het Voortgezet en Middelbaar Beroepsonderwijs in LELYSTAD Partijen komen het volgende overeen: De scholen zijn op grond van de Wet op de Arbeidsomstandigheden verantwoordelijk

Nadere informatie

Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Directie Gezond en Veilig Werken t.a.v. mevrouw Simone Wiers Postbus 90801 2509 LV DEN HAAG

Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Directie Gezond en Veilig Werken t.a.v. mevrouw Simone Wiers Postbus 90801 2509 LV DEN HAAG Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Directie Gezond en Veilig Werken t.a.v. mevrouw Simone Wiers Postbus 90801 2509 LV DEN HAAG Meteren, 11 maart 2015 Rijksstraatweg 69 4194 SK METEREN Postbus

Nadere informatie

veiligheid door samenwerken loverboyproblematiek Handreiking

veiligheid door samenwerken loverboyproblematiek Handreiking veiligheid door samenwerken Aanpak loverboyproblematiek Handreiking aanpak loverboyproblematiek aanpak loverboyproblematiek handreiking Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid Utrecht, 2012

Nadere informatie

aanpak loverboyproblematiek

aanpak loverboyproblematiek aanpak loverboyproblematiek aanpak loverboyproblematiek handreiking Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid Utrecht, 2012 4 aanpak loverboyproblematiek aanpak loverboyproblematiek 5 inhoudsopgave

Nadere informatie

TACTISCHE CRIMINALITEITS ANALYSE

TACTISCHE CRIMINALITEITS ANALYSE TACTISCHE CRIMINALITEITS ANALYSE 12 daagse opleiding Tijdens deze opleiding leer je: Hoe je een analyseplan opstelt Hoe je een keuze maakt voor een analysemethode Hoe je een methode uitvoert Hoe je data

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2010 2011 Aanhangsel van de Handelingen Vragen gesteld door de leden der Kamer, met de daarop door de regering gegeven antwoorden 158 Vragen van het lid

Nadere informatie

Als uw kind in aanraking komt met de politie

Als uw kind in aanraking komt met de politie Als uw kind in aanraking komt met de politie Inhoud 3 > Als uw kind in aanraking komt met de politie 4 > De Raad voor de Kinderbescherming 6 > Het traject in jeugdstrafzaken 7 > Officier van justitie en

Nadere informatie

Aanpak Vastgoedfraude

Aanpak Vastgoedfraude Aanpak Vastgoedfraude Martijn Egberts, OM Parket Den Haag Willemijn van Blommestein, Ketenregisseur R dam Themasessie CCV-congres Bestuurlijke ketenaanpak 8 december 2011 Inhoud bijeenkomst Welkom (foto)

Nadere informatie

Stappenschema 1: De vraagouder heeft een vermoeden dat het kind in het gastgezin wordt mishandeld

Stappenschema 1: De vraagouder heeft een vermoeden dat het kind in het gastgezin wordt mishandeld Stappenschema 1: De vraagouder heeft een vermoeden dat het kind in het gastgezin wordt mishandeld Fase 1: De vraagouder heeft een vermoeden De vraagouder legt de waarnemingen( eventueel) aan de gastouder

Nadere informatie

Rotterdamse Meldcode. huiselijk geweld en kindermishandeling

Rotterdamse Meldcode. huiselijk geweld en kindermishandeling Rotterdamse Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling 2 Waarom een meldcode? De Rotterdamse Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling is een stappenplan voor professionals en instellingen bij

Nadere informatie

Rijksbrede aanpak loverboyproblematiek. Actieplan 2011-2014

Rijksbrede aanpak loverboyproblematiek. Actieplan 2011-2014 Rijksbrede aanpak loverboyproblematiek Actieplan 2011-2014 Rijksbrede aanpak loverboyproblematiek Actieplan 2011-2014 1 Ministerie van Veiligheid en Justitie Rijksbrede aanpak loverboyproblematiek Actieplan

Nadere informatie

De aanpak en de resultaten in 2007

De aanpak en de resultaten in 2007 Wethouder van Onderwijs, Jeugdzaken en Sport S. Dekker Gemeente Den Haag Retouradres: Postbus 12 600, 2500 DJ Den Haag Aan de voorzitter van de Commissie Jeugd en Burgerschap Uw brief van Uw kenmerk Ons

Nadere informatie

Kindvriendelijke verhoorstudio

Kindvriendelijke verhoorstudio Het horen van kinderen door de politie HET HOREN VAN KINDEREN DOOR DE POLITIE Jannie van der Sleen Binnen een strafrechtelijk onderzoek: Doel van het verhoor is waarheidsvinding/feiten: Is er al dan niet

Nadere informatie

Datum 28 augustus 2015 Onderwerp Antwoorden Kamervragen over seksueel misbruik bij boeddhisten in Nederland

Datum 28 augustus 2015 Onderwerp Antwoorden Kamervragen over seksueel misbruik bij boeddhisten in Nederland 1 > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Bestuurlijke en Turfmarkt 147 2511 DP Den Haag Postbus 20301 2500

Nadere informatie

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG > Retouradres Postbus 200 200 EJ Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 200 200 EA DEN HAAG Bezoekadres: Rijnstraat 0 2 XP DEN HAAG T 070 40 79 F 070 40 7 4 www.rijksoverheid.nl

Nadere informatie

Jaarlijks doet Stichting VSNON verslag van het aantal en het soort klachten en geeft aan op welke wijze de klachten zijn opgelost.

Jaarlijks doet Stichting VSNON verslag van het aantal en het soort klachten en geeft aan op welke wijze de klachten zijn opgelost. Klachtenbeleid 1 Waarom een klachtenbeleid? Stichting VSNON vindt het belangrijk dat het onderwijs aan onze leerlingen naar tevredenheid van ouders/leerlingen en van onze medewerkers verloopt. Daar doen

Nadere informatie

Plan van Aanpak beschikbaar stellen broncode Basisregistratie Personen (BRP)

Plan van Aanpak beschikbaar stellen broncode Basisregistratie Personen (BRP) Plan van Aanpak beschikbaar stellen broncode Basisregistratie Personen (BRP) Samenvatting De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) heeft in de Tweede Kamer toegezegd de broncode

Nadere informatie

Plan van aanpak. Protocol. pilot camera s op. GGD/ Ambulances. in de Regio Haaglanden

Plan van aanpak. Protocol. pilot camera s op. GGD/ Ambulances. in de Regio Haaglanden Plan van aanpak en Protocol pilot camera s op GGD/ Ambulances in de Regio Haaglanden 1 Inhoudsopgave pag 1. Aanleiding 3 2. Doel en reikwijdte 3 3. Organisatie 4 4. Aanpak en planning 4 5. Financiering

Nadere informatie

Meldcode bij een vermoeden van kindermishandeling

Meldcode bij een vermoeden van kindermishandeling Meldcode bij een vermoeden van kindermishandeling Versie februari 2012 Je huilde Logisch, je was nog zo klein En wat kon je anders Wanneer er niemand voor je kon zijn? Ik heb het geprobeerd Maar ik was

Nadere informatie

School en computers. Paulusse BedrijfsOpleidingen

School en computers. Paulusse BedrijfsOpleidingen School en computers School en computers Computers zijn niet meer weg te denken uit ons leven. Kinderen van nu spelen vaak al computerspelletjes voor ze naar groep 1 gaan. Op school nemen computers een

Nadere informatie

Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling

Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling Aangepast aan de situatie bij Gastouderbureau MiKado VERSIE augustus 2015 Een woord vooraf Wij bieden u bij deze een herziene versie van de Meldcode huiselijk

Nadere informatie

Beleid en implementatie aanpak ouderenmishandeling.

Beleid en implementatie aanpak ouderenmishandeling. Beleid en implementatie aanpak ouderenmishandeling. 1. Sociaal beleid in breder verband Ontwikkelen beleid: een complex proces Het ontwikkelen en implementeren van beleid voor preventie en aanpak van grensoverschrijdend

Nadere informatie

Veilig Thuis & Vrouwenopvang. 18 januari 2016

Veilig Thuis & Vrouwenopvang. 18 januari 2016 Veilig Thuis & Vrouwenopvang 18 januari 2016 Veilig Thuis & Vrouwenopvang - Midden in een transformatie ; - hard aan het werk voor een kwetsbare doelgroep ; - en de dilemma's die daar bij spelen. Veilig

Nadere informatie

Training samenwerking van veiligheidspartners

Training samenwerking van veiligheidspartners Training samenwerking van veiligheidspartners Effectieve samenwerking tussen veiligheidspartners gaat verder dan samen optreden bij incidenten. Veiligheidspartners vormen samen een sleepnet tegen criminaliteit

Nadere informatie

Samenvatting. Aanleiding onderzoek

Samenvatting. Aanleiding onderzoek Samenvatting Aanleiding onderzoek In het Actieplan 'Kinderen Veilig Thuis', dat eind 2010 afgerond is, en in een nieuw actieplan dat 28 november 2011 is gepubliceerd is vastgelegd hoe de overheid kindermishandeling

Nadere informatie

Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling

Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling Advies 7 april 2010 1 2 Inhoudsopgave Samenvatting 5 Aanbevelingen 7 Aanleiding en context voor dit advies 9 Algemeen 11 Opmerkingen bij tekst en opzet van

Nadere informatie

binnen een vrij Onderzoek Amsterdamse prostitutiebranche

binnen een vrij Onderzoek Amsterdamse prostitutiebranche 32 secondant #2 mei 2011 Onderzoek Amsterdamse prostitutiebranche Uitbuiting en m binnen een vrij Met verschillende landelijke en lokale maatregelen ter regulering van prostitutiebranche, is de afgelopen

Nadere informatie

Privacy Reglement Flex Advieshuis

Privacy Reglement Flex Advieshuis Privacy Reglement Flex Advieshuis Paragraaf 1: Algemene bepalingen Artikel 1: Begripsbepaling In aanvulling op de Wet bescherming persoonsgegevens en het Besluit Gevoelige Gegevens wordt in dit reglement

Nadere informatie

Project: Ontwikkelen van Outcome-indicatoren voor de Zorg Advies Teams, Tilburg Dossiernummer: 50-50405-99 ZonMw, 18-07-2013

Project: Ontwikkelen van Outcome-indicatoren voor de Zorg Advies Teams, Tilburg Dossiernummer: 50-50405-99 ZonMw, 18-07-2013 Project: Ontwikkelen van Outcome-indicatoren voor de Zorg Advies Teams, Tilburg Dossiernummer: 50-50405-99 ZonMw, 18-07-2013 Projectgroep: Gemeente Tilburg: Mw. M. Lennarts, beleidsmedewerker, dhr. W.

Nadere informatie