COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Verslag van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Verslag van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad"

Transcriptie

1 COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, COM(2008) 64 definitief Verslag van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad van [ ] over de toepassing van Verordening (EG) nr. 2560/2001 betreffende grensoverschrijdende betalingen in euro {SEC(2008) 141} NL NL

2 INHOUDSOPGAVE 1. Inleiding Herzieningsclausule Bij de toepassing van Verordening 2560 ondervonden moeilijkheden Geografisch toepassingsgebied Overmakingen Opnemingen van contanten bij geldautomaten Kaartbetalingen Bevoegde autoriteiten en organen voor buitengerechtelijke geschillenbeslechting Consumentenvoorlichting Gevolgen van Verordening 2560 voor de kosten van grensoverschrijdende betalingen Gevolgen van Verordening 2560 voor de kosten van binnenlandse betalingen Veranderingen in de infrastructuur voor grensoverschrijdende betaalsystemen Eengemaakte eurobetalingsruimte (Single Euro Payments Area SEPA) Betalingsdienstenrichtlijn (BDR) Gevolgen van SEPA en BDR voor de interne markt SEPA, BDR en Verordening 2560: de problematiek van de grensoverschrijdende incasso's Wenselijkheid om de dienstverlening aan de consument te verbeteren door een versterking van de concurrentievoorwaarden Resultaten van het onderzoek in de Europese retailbankingsector Strategie voor de toekomst Nationale meldingsverplichtingen ten behoeve van de opstelling van betalingsbalansstatistieken Verordening 2560 en betalingsbalansstatistieken Nationale systemen voor de verzameling van betalingsbalansgegevens Meldingsverplichtingen en SEPA Wenselijkheid van de verhoging of afschaffing van de meldingsdrempel Conclusies NL 2 NL

3 Verslag van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad van [ ] over de toepassing van Verordening (EG) nr. 2560/2001 betreffende grensoverschrijdende betalingen in euro (Voor de EER relevante tekst) 1. INLEIDING Verordening (EG) nr. 2560/2001 van het Europees Parlement en de Raad betreffende grensoverschrijdende betalingen in euro (hierna 'Verordening 2560' genoemd) is op 19 december 2001 vastgesteld en op 31 december 2001 in werking getreden. De voornaamste doelstellingen van de verordening waren, enerzijds, de kosten van grensoverschrijdende elektronische betalingstransacties in euro terugbrengen tot hetzelfde niveau als de kosten van binnenlandse betalingen in euro en, anderzijds, de financiëledienstensector ertoe aansporen de nodige inspanningen te leveren om het concept 'gemeenschappelijk betalingsgebied' voor betalingen met andere betaalmiddelen dan contant geld in praktijk te brengen. In december 2006 hebben de diensten van de Commissie een werkdocument gepubliceerd. Daarin stonden twee met de verordening samenhangende kwesties centraal, namelijk of Verordening 2560 tot een algemene verlaging van de kosten van grensoverschrijdende betalingen heeft geleid en of de verordening op de binnenlandse tarieven voor betalingsdiensten van invloed is geweest 1. In dit eindverslag wordt nader ingegaan op de belangrijkste problemen die bij de toepassing van Verordening 2560 in de lidstaten zijn geconstateerd. Het bevat aanbevelingen tot wijziging van de tekst van de verordening teneinde de zwakke punten aan te pakken die tijdens het evaluatieproces aan de oppervlakte zijn gekomen, beter in te spelen op de marktrealiteit en de verordening aan te passen aan de veranderingen waarin de Betalingsdienstenrichtlijn (BDR) voorziet. In een bijlage bij dit verslag worden nadere bijzonderheden verstrekt en wordt tevens aanvullende achtergrondinformatie verschaft. 2. HERZIENINGSCLAUSULE Overeenkomstig artikel 8 (herzieningsclausule) van Verordening 2560 dient de Commissie een verslag over de toepassing van de verordening op te stellen. De belangrijkste bevindingen betreffende de toepassing van de verordening in de lidstaten zijn opgenomen in de afdelingen 3, 4 en 5 van dit verslag. In de afdelingen 6 tot en met 9 worden specifieke punten geanalyseerd die in de herzieningsclausule uitdrukkelijk als te onderzoeken aspecten zijn genoemd. Afdeling 10 bevat de conclusies van het verslag. 1 Commission Staff Working Document addressed to the European Parliament and to the Council on the impact of Regulation (EC) No 2560/2001 on bank charges for national payments, SEC(2006) 1783 van NL 3 NL

4 In het verslag en de bijlage waarvan het vergezeld gaat, worden de met Verordening 2560 samenhangende kwesties in het bredere perspectief van de ontwikkelingen op de Europese betaalmarkten geplaatst. Dit is nodig om de inzet van de discussie en de bedoeling van de Commissievoorstellen ten volle te begrijpen. Het verslag en de bijlage houden bij de evaluatie van de verordening ook rekening met de burger, aangezien het de Europese consument is die het meeste gebaat is bij dit wetgevingsbesluit. 3. BIJ DE TOEPASSING VAN VERORDENING 2560 ONDERVONDEN MOEILIJKHEDEN 3.1. Geografisch toepassingsgebied De verordening is van toepassing wanneer een betaling in euro plaatsvindt tussen twee lidstaten van de Europese Economische Ruimte (EER) 2. Het bepaalde in Verordening 2560 is immers tot alle EER-lidstaten uitgebreid bij Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 154/2003 van 7 november 2003 tot wijziging van bijlage XII (Vrij verkeer van kapitaal) bij de EER-overeenkomst. Dit besluit is op 8 november 2003 in werking getreden 3. De verordening is vanaf die datum van toepassing op IJsland en Noorwegen, terwijl de kredietinstellingen in Liechtenstein tot 1 juli 2005 waren vrijgesteld van de verplichtingen waarin artikel 3 van de verordening voorziet. In artikel 9 van de verordening is bepaald dat zij ook van toepassing is op grensoverschrijdende betalingen in de valuta van een andere lidstaat wanneer die de Commissie in kennis stelt van zijn besluit om de toepassing van de verordening tot zijn valuta uit te breiden. De Zweedse autoriteiten hebben besloten de toepassing van de verordening met ingang van 25 juli 2002 tot de Zweedse kroon (SEK) uit te breiden Overmakingen Sinds de datum van inwerkingtreding van Verordening 2560 heeft de Commissie honderden vragen in verband met de verordening ontvangen (verzoeken om informatie, vragen over de toepasselijkheid ervan op diverse betalingstransacties, verzoeken om interpretatie, klachten enz.) 5. In ongeveer 90% van de gevallen ging het om een aantal bijzondere kwesties inzake de tarifering en uitvoering van overmakingen. In dit verslag wordt getracht een duidelijk antwoord te geven op de belangrijkste vragen die zijn ontvangen. De hier geformuleerde opmerkingen hebben evenwel een voorlopig karakter en laten een eventuele toekomstige uitlegging van de betrokken materie door het Europees Hof van Justitie geheel onverlet. De afgelopen vier jaar heeft de Commissie een groot aantal brieven ontvangen in verband met de verschillende kostenopties die banken hanteren. Deze opties zijn: 'OUR' (alle kosten worden gedragen door de opdrachtgever), 'BEN' (alle kosten worden gedragen door de begunstigde) en 'SHARE' (de kosten worden gedeeld tussen de opdrachtgever en de begunstigde) Momenteel EU27 + IJsland, Liechtenstein en Noorwegen. PB L 41 van , blz. 47. Svensk författningssamling (SFS) van Mededeling van de Commissie op grond van artikel 9 van Verordening (EG) nr. 2560/2001 van het Europees Parlement en de Raad, PB C 165 van Elk jaar worden gemiddeld 150 brieven of s ontvangen. Ongeveer 85% daarvan zijn klachten. Er zij evenwel benadrukt dat slechts in een beperkt aantal gevallen echte onregelmatigheden of inbreuken zijn vastgesteld en dat deze in nauwe samenwerking met de nationale instanties zijn aangepakt. NL 4 NL

5 Er zij op gewezen dat Verordening 2560 de gebruikmaking van al deze kostenopties bestrijkt. Het Gemeenschapsrecht bevat geen enkele regel die de voorkeur geeft aan een bepaalde optie boven beide andere. Het is echter wel zo dat bij elke kostenoptie de kosten van grensoverschrijdende betalingen in euro moeten overeenstemmen met die van binnenlandse overmakingen in euro. In het eurogebied geldt bij binnenlandse overmakingen doorgaans automatisch de 'SHARE'-optie en worden er geen andere kostenopties geboden. In de meeste gevallen dient bij grensoverschrijdende overmakingen binnen het eurogebied derhalve eveneens automatisch de 'SHARE'-optie te gelden (er mag geen andere kostenoptie aan klanten worden geboden) 6. De problemen beginnen wanneer banken hun klanten de keuze laten tussen 'OUR', 'BEN' en 'SHARE', ondanks het feit dat voor binnenlandse betalingen een dergelijke keuze veelal niet wordt geboden. De Commissie is van oordeel dat in dergelijke gevallen de kosten van grensoverschrijdende overmakingen niet mogen verschillen van de werkelijk geldende kosten voor binnenlandse overmakingen 7. De BDR lost dit probleem op door voor alle binnenlandse en grensoverschrijdende betalingstransacties de 'SHARE'-optie verplicht te stellen 8. De Commissie meent dat een dienovereenkomstige wijziging in de tekst van Verordening 2560 dient te worden voorgesteld om deze consistent te maken met de BDR. Overmakingen tussen lidstaten binnen en buiten het eurogebied vormen een andere belangrijke bron van problemen. Wanneer de betaling via een intermediair (een correspondentbank) plaatsvindt, worden soms extra kosten in rekening gebracht, die ofwel op het overgemaakte bedrag zelf worden ingehouden, ofwel door middel van een aparte transactie van de rekening van de begunstigde worden afgeboekt. Er moet duidelijk worden gesteld dat de aanrekening van dergelijke extra kosten voor grensoverschrijdende betalingen een inbreuk op de verordening vormt. De wijze waarop een internationale betaling wordt uitgevoerd, is een zakelijke keuze die een bank maakt. De consument mag niet met de kosten van deze keuze worden opgezadeld enkel en alleen omdat de werkwijze voor de uitvoering van een internationale betaling verschilt van die voor de uitvoering van een binnenlandse betaling. Om aan dergelijke praktijken paal en perk te stellen, voert de Betalingsdienstenrichtlijn het 'beginsel van het volledige bedrag' in, op grond waarvan de begunstigde voor het volledige bedrag dat in een betalingsopdracht is gespecificeerd moet worden gecrediteerd, zonder dat enigerlei kosten op het betaalde bedrag worden ingehouden 9. Ingeval een overmaking niet correct kan worden uitgevoerd en volautomatische verwerking (straight-through-processing STP) onmogelijk is, rekenen banken gewoonlijk weigerings-, terugzendings- of herstelkosten aan. Deze kosten vallen niet onder de werkingssfeer van artikel 3 van Verordening 2560, maar wel onder artikel 4 (Doorzichtigheid van de kosten). In vele gevallen blijken consumenten echter slechts weinig of zelfs helemaal niet op de hoogte te De situatie ligt gewoonlijk anders in landen buiten het eurogebied, waar voor binnenlandse overmakingen in euro vaak verschillende kostenopties worden geboden. Zie Note on practical aspects of the implementation of Article 3 of Regulation (EC) No 2560/2001 and the notion of 'corresponding payments' for credit transfers, Europese Commissie, Bij de lezing van deze interpretatieve mededeling moet worden bedacht dat zij de definitieve uitlegging van de materie door het Europees Hof van Justitie onverlet laat. Richtlijn 2007/64/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 november 2007 betreffende betalingsdiensten in de interne markt en tot wijziging van de Richtlijnen 97/7/EG, 2002/65/EG, 2005/60/EG en 2006/48/EG, en tot intrekking van Richtlijn 97/5/EG, PB L 319 van , Artikel 52, lid 2, heeft betrekking op de kosten. Zie artikel 67 van de in voetnoot 8 bedoelde richtlijn. NL 5 NL

6 zijn van het bestaan van dergelijke kosten, hetgeen indruist tegen de beginselen van Verordening Dit probleem wordt aangepakt in de Betalingsdienstenrichtlijn, waarin is bepaald dat een klant voor de weigering van een overmaking door zijn bank kosten mag worden aangerekend (het gaat dus niet om de kosten die door de intermediaire bank of de bank van de begunstigde in rekening worden gebracht), maar alleen indien hij voordien was overeengekomen dergelijke kosten te betalen (op het tijdstip dat de overeenkomst is ondertekend of gewijzigd) en indien de weigering objectief gerechtvaardigd is, waarbij de aangerekende kosten in overeenstemming moeten zijn met de kosten die de bank feitelijk gemaakt heeft 10. Een ander probleem dat zich in een aantal lidstaten (en met name in Frankrijk) voordoet, is dat van de grensoverschrijdende internetoverboekingen. In tegenstelling tot binnenlandse internetbetalingen blijven dergelijke overboekingen immers veelal onbeschikbaar. Het beleid om het scala aan beschikbare mogelijkheden op het gebied van elektronisch bankieren tot binnenlandse overmakingen te beperken, is op zich niet in strijd met de verordening. Dit neemt evenwel niet weg dat het feit dat slechts één mogelijkheid wordt geboden om grensoverschrijdende overmakingen te verrichten en dat deze steevast duurder uitvalt voor de klant, kan worden gezien als een manier om Verordening 2560 te omzeilen indien er geen geldige reden is voor dergelijk gedrag. Bovendien kan een dergelijk onderscheid tussen binnenlandse en grensoverschrijdende overmakingen ook wijzen op het bestaan van een mogelijk concurrentieprobleem. De Commissie en de nationale mededingingsautoriteiten zullen er derhalve nauwlettend op blijven toezien dat instellingen die grensoverschrijdende overmakingsdiensten langs andere kanalen dan die voor binnenlandse overmakingen aanbieden, dit doen met inachtneming van het mededingingsrecht. Ten slotte zij erop gewezen dat een aantal banken uit landen buiten het eurogebied de voorschriften inzake grensoverschrijdende overmakingen schijnbaar hebben toegepast op een wijze die indruist tegen de bedoeling van de wetgevers: in plaats van dat de kosten van grensoverschrijdende overmakingen in euro zijn verlaagd tot het niveau van de kosten van binnenlandse betalingen in euro, lijkt het er in sommige gevallen op dat het omgekeerde is gebeurd Opnemingen van contanten bij geldautomaten Bij de inwerkingtreding van de verordening heerste enige verwarring omtrent de kosten van grensoverschrijdende opnemingen van eurobankbiljetten bij geldautomaten. De kosten die voor een grensoverschrijdende afhaling bij een geldautomaat worden aangerekend, mogen niet hoger zijn dan de kosten die voor binnenlandse afhalingen van eurocontanten via een ander geldautomatennetwerk in rekening worden gebracht (of de kosten van een zogeheten 'off-us'-opneming) 12. Voorts zij erop gewezen dat een afhaling van eurocontanten bij een geldautomaat in een niet tot het eurogebied behorend land overeenkomstig artikel 3 van de verordening moet worden aangemerkt als eenzelfde betaling als een afhaling van eurobankbiljetten bij een geldautomaat in het eurogebied. Beheerders van geldautomaten en banken uit landen die geen deel Zie artikel 52, lid 1, van de in voetnoot 8 bedoelde richtlijn. Over de kosten die vóór en na de toepassing van de verordening in de niet tot het eurogebied behorende lidstaten (en meer in het bijzonder in de nieuwe lidstaten) in rekening werden gebracht, zijn slechts weinig betrouwbare gegevens voorhanden. Dit neemt evenwel niet weg dat in ten minste 6 landen van buiten het eurogebied dergelijke gevallen konden worden geconstateerd. Zie: blz. 13. NL 6 NL

7 uitmaken van het eurogebied, moeten er derhalve op toezien dat zij zowel voor opnemingen van eurocontanten bij geldautomaten in eigen land als voor afhalingen van eurocontanten bij geldautomaten in de lidstaten van het eurogebied dezelfde kosten aanrekenen. Dit houdt evenwel geenszins in dat kosten moeten worden aangerekend voor opnemingen van eurocontanten Kaartbetalingen Betalingen met debet- of kredietkaarten hebben niet veel problemen opgeleverd in het kader van Verordening De enige belangrijke kwestie is die van de aanrekening van extra kosten bij kaartbetalingen op verkooppunten. Extra kosten op kaartbetalingen blijven echter buiten de werkingssfeer van Verordening 2560, omdat zij vallen onder de relatie tussen consument en handelaar. De problematiek van de aanrekening van extra kosten of de toekenning van een korting voor een bepaald betaalinstrument wordt aangepakt in artikel 52, lid 3, van de BDR. Vermeldenswaard is dat als er bij een kaartbetaling extra kosten in rekening worden gebracht, er in beginsel geen sprake mag zijn van discriminatie tussen door binnenlandse financiële instellingen uitgegeven kaarten en kaarten die worden uitgegeven door instellingen die in andere lidstaten zijn gevestigd Bevoegde autoriteiten en organen voor buitengerechtelijke geschillenbeslechting Verordening 2560 verplicht de lidstaten niet tot de instelling of aanwijzing van autoriteiten die bevoegd zijn om gevallen te behandelen waarin de verordening niet naar behoren wordt toegepast. Zoals reeds gezegd heeft de Commissie honderden vragen in verband met grensoverschrijdende betalingsdiensten ontvangen. Met het oog op een efficiëntere behandeling van deze briefwisseling heeft de Commissie de lidstaten verzocht haar nadere bijzonderheden over hun respectieve regelingen voor geschillenbeslechting te verstrekken, zo deze bestaan. De ontvangen antwoorden waren echter verre van volledig en waren in vele gevallen daarenboven al spoedig achterhaald als gevolg van wijzigingen in de contactgegevens en bevoegdheden van de betrokken organen. Bovendien is gebleken dat er grote verschillen bestaan tussen de bevoegdheden en werkwijzen van de bestaande regelingen, waardoor het in sommige gevallen twijfelachtig is of de betrokken regelingen wel bij machte zijn met de verordening verband houdende grensoverschrijdende geschillen doeltreffend te beslechten. Dit alles heeft tot gevolg dat de klager in sommige landen nog steeds naar de rechter moet stappen om schadevergoeding te eisen. Voor een klant die in een andere staat woont, is dit moeilijk en is het maar de vraag of de kosten opwegen tegen de baten. Het ontbreken van een verwijzing naar bevoegde autoriteiten en organen voor buitengerechtelijke geschillenbeslechting kan als een duidelijke lacune in Verordening 2560 worden beschouwd. Omwille van de consistentie en van een eenvormige toepassing van de communautaire betalingswetgeving verdient het dan ook aanbeveling een wijziging in de verordening aan te brengen: er dient te worden gesteld dat de voor de doeleinden van de BDR in het leven geroepen bevoegde autoriteiten en organen voor geschillenbeslechting ook 13 De Commissie heeft de PSGEG-leden daarvan op de hoogte gebracht bij brief van 14 mei NL 7 NL

8 verantwoordelijk moeten zijn voor het behandelen van kwesties die met de verordening verband houden CONSUMENTENVOORLICHTING Overeenkomstig artikel 4 van Verordening 2560 moeten aan consumenten vooraf inlichtingen worden verstrekt over de kosten van grensoverschrijdende betalingen en over alle latere wijzigingen van deze kosten. Deze bepaling garandeert dat er sprake is van de nodige transparantie om de kosten van binnenlandse en grensoverschrijdende betalingen met elkaar te kunnen vergelijken en om te kunnen controleren of de verordening correct wordt toegepast. Uit de resultaten van het evaluatieproces en van de raadpleging van de belanghebbenden blijkt dat het bepaalde in artikel 4 doorgaans op correcte wijze wordt toegepast door de banksector. De inlichtingen over de kosten worden op uiteenlopende wijze aan de klanten verstrekt, zoals onder meer via internet, met behulp van tarieflijsten in bankkantoren, in informatiebrochures en -folders, door callcenters en rechtstreeks aan het loket. De klanten lijken deze informatie steeds te kunnen raadplegen als zij dit wensen. In sommige landen, zoals Spanje en Ierland, moet de toezichthouder in kennis worden gesteld van de tarieven. De klanten lijken ook de nodige informatie over alle wijzigingen van de toegepaste kosten te ontvangen. De consumentenrechten, de transparantie van de voorwaarden en de verstrekking van informatie in verband met elektronische betalingstransacties zullen verder worden versterkt wanneer de BDR in werking treedt (titel III). Er zijn aanwijzingen dat consumenten niet altijd volledig tevreden zijn over de wijze waarop informatie wordt verstrekt. Consumentenorganisaties en nationale instanties hebben te kennen gegeven dat de verschafte informatie soms te moeilijk te begrijpen kan zijn voor de gemiddelde klant en dus voor vereenvoudiging vatbaar is. Voorts is erop gewezen dat er een verschil bestaat tussen de publicatie van verplichte informatie en het relevante karakter ervan ('in bevattelijke vorm'). De kennis onder het grote publiek in de EU van het bestaan van de verordening en van de reikwijdte ervan is vaak beperkt, onvolledig of onjuist 15. In sommige lidstaten van het eurogebied weet bijna 70% van de consumenten niet of er extra kosten worden aangerekend voor het afhalen van geld of voor het gebruiken van een betaalkaart in een andere lidstaat. Tegen deze achtergrond is het duidelijk dat de banken, de media en de overheidsinstanties zich meer moeten inspannen om het grote publiek van de voordelen van de verordening bewust te maken. Daarbij moet echter ook worden bedacht dat voor een groot deel van de Europese burgers (al degenen die niet naar het buitenland reizen of die geen grensoverschrijdende betalingen verrichten) Verordening 2560 niet relevant is Zie de artikelen 80 tot en met 83 van de in voetnoot 8 bedoelde richtlijn. Er zij op gewezen dat Verordening (EG) nr. 861/2007 van het Europees Parlement en de Raad van 11 juli 2007 tot vaststelling van een Europese procedure voor geringe vorderingen voorziet in de invoering van een eenvormige EUbrede procedure voor burgerlijke en commerciële vorderingen van niet meer dan EUR. Van deze procedure, die vanaf 1 januari 2009 zou worden ingevoerd, mag ook voor met betalingen verband houdende vorderingen gebruik worden gemaakt. Zie bijvoorbeeld de resultaten van Flash Eurobarometer 193 van september 2006: NL 8 NL

9 5. GEVOLGEN VAN VERORDENING 2560 VOOR DE KOSTEN VAN GRENSOVERSCHRIJDENDE BETALINGEN De hoofddoelstelling van Verordening 2560 het gelijktrekken van de kosten van soortgelijke grensoverschrijdende en binnenlandse betalingen van ten hoogste EUR is bereikt, zoals reeds in het verslag over de bankkosten van binnenlandse betalingen is aangegeven. De kosten die aan een grensoverschrijdende overmaking in het eurogebied verbonden zijn, zijn sterk gedaald sinds artikel 3, lid 2, van de verordening in werking is getreden. Algemeen genomen zijn de kosten van de onder de verordening vallende overmakingen in alle lidstaten van het eurogebied teruggelopen. In de lidstaten die niet tot het eurogebied behoren, zijn de kosten van grensoverschrijdende overmakingen in euro grotendeels onveranderd gebleven. Na de inwerkingtreding van Verordening 2560 hebben de kosten van grensoverschrijdende kaartbetalingen geen veranderingen ondergaan en zijn de kosten van grensoverschrijdende opnemingen bij geldautomaten in overeenstemming gebracht met de kosten van binnenlandse 'off-us'-opnemingen. Grensoverschrijdende afhalingen bij geldautomaten vertegenwoordigen doorgaans slechts een klein percentage van de totale opnemingen. Daarom werden banken door consumenten onder druk gezet om hun tarieven voor grensoverschrijdende opnemingen bij geldautomaten aan het binnenlandse niveau aan te passen. Hoewel er geen aparte gegevens over de kosten van grensoverschrijdende afhalingen bij geldautomaten vóór en na de inwerkingtreding van Verordening 2560 beschikbaar zijn, laten de beschikbare informatie en anekdotisch bewijsmateriaal vermoeden dat de kosten van opnemingen met debetkaarten verminderd zijn, terwijl de kosten van opnemingen met laad- en kredietkaarten grotendeels stabiel zijn gebleven. 6. GEVOLGEN VAN VERORDENING 2560 VOOR DE KOSTEN VAN BINNENLANDSE BETALINGEN Op 18 december 2006 is het werkdocument van de diensten van de Commissie over bankkosten van binnenlandse betalingen gepubliceerd 16. De voornaamste conclusie daarvan luidde dat Verordening 2560, anders dan aanvankelijk was gevreesd, niet tot een aanzienlijke stijging van de kosten van binnenlandse betalingen heeft geleid. 7. VERANDERINGEN IN DE INFRASTRUCTUUR VOOR GRENSOVERSCHRIJDENDE BETAALSYSTEMEN 7.1. Eengemaakte eurobetalingsruimte (Single Euro Payments Area SEPA) Een van de voornaamste doelstellingen van Verordening 2560 was de financiëledienstensector ertoe aan te sporen zich te moderniseren en sterker geïntegreerde betalingsinfrastructuren te ontwikkelen. Wanneer Verordening 2560 is aangenomen, was de vereiste infrastructuur om grensoverschrijdende betalingen binnen de EU efficiënt te kunnen verwerken, nog niet voorhanden. De EU-markt voor betalingsdiensten was enorm gefragmenteerd. Dure correspondentbankregelingen, een lage uitvoeringssnelheid en een beperkte betrouwbaarheid van grensoverschrijdende overmakingen in combinatie met een geringe automatiseringsgraad resulteerden in hoge kosten voor de consument. Andere reeds bestaande elektronische betalingsmechanismen waren niet altijd bruikbaar voor het doen van betalingen tussen lidstaten. Zo kan ook vandaag nog niet op grensoverschrijdende basis van 16 Zie voetnoot 1. NL 9 NL

10 automatische incasso's worden gebruikgemaakt, hoewel dit een goedkoop, betrouwbaar en veilig betaalmiddel is. Ook de meeste binnenlandse debetkaarten werken niet buiten de nationale landsgrenzen 17. In maart 2002 maakte de Europese banksector het voornemen kenbaar om tegen 2010 een eengemaakte eurobetalingsruimte (Single Euro Payments Area SEPA) tot stand te brengen. SEPA is een zone waarin consumenten, ondernemingen en andere economische actoren over of binnen de nationale landsgrenzen betalingen in euro zullen kunnen verrichten en ontvangen waarbij dezelfde fundamentele voorwaarden, rechten en verplichtingen zullen gelden, ongeacht waar zij zich bevinden. Daardoor zullen klanten in staat zijn om vanaf één bankrekening en met één set betaalmiddelen elektronische eurobetalingen met andere betaalmiddelen dan contant geld te doen aan gelijk welke begunstigde die om het even waar in de eengemaakte betalingsruimte gevestigd of woonachtig is 18. SEPA-betalingen in euro zullen daardoor 'binnenlandse betalingen' worden. Binnen het eurogebied zal derhalve geen onderscheid meer bestaan tussen binnenlandse en grensoverschrijdende betalingen. In juni 2002 is de European Payments Council (EPC) 19, het besluitvormings- en coördinatieorgaan voor betalingsdiensten van de Europese banksector, opgericht. Deze organisatie stuurt en coördineert de werkzaamheden met betrekking tot de procedures, gemeenschappelijke regels en normen voor drie SEPA-betaalinstrumenten: overschrijvingen, incasso's en betaalkaarten. Volgens de routekaart van de EPC zouden deze pan-europese betaalproducten vanaf januari 2008 aan de burgers van het eurogebied worden aangeboden. De bestaande binnenlandse instrumenten zullen geleidelijk door de op de gemeenschappelijke regelingen en kaders gebaseerde SEPA-instrumenten worden vervangen Betalingsdienstenrichtlijn (BDR) De richtlijn betreffende betalingsdiensten in de interne markt (BDR) 20 is de juridische basis voor de totstandbrenging van een EU-brede interne markt voor het doen van betalingen. De BDR en het SEPA-project vormen samen de hoeksteen van een echte interne betaalmarkt. Het grote verschil is echter dat de BDR betrekking heeft op betalingen in alle EU-valuta's en niet uitsluitend op betalingen in euro. De bepalingen van de BDR moeten uiterlijk 1 november 2009 door alle lidstaten ten uitvoer worden gelegd Gevolgen van SEPA en BDR voor de interne markt De totstandkoming van een geïntegreerde betaalmarkt met, enerzijds, één set gemeenschappelijke betaalinstrumenten en, anderzijds, moderne rechtsgrondslagen die transparantie, identieke toegangsvoorwaarden en gelijke concurrentieverhoudingen tussen de diverse betalingsdienstaanbieders garanderen, zou niet alleen de mededinging maar ook de innovatie ten goede komen. De invoering van efficiëntere, pan-europese betalingssystemen zal aanzienlijke voordelen opleveren voor de economie en voor de samenleving als geheel (zie bijlage) Tenzij als co-brand met een internationale regeling (MasterCard of Visa). Landen van de Europese Economische Ruimte en Zwitserland. De EPC telt 67 leden, banken en bankverenigingen uit zowel de 27 EU-lidstaten als IJsland, Liechtenstein, Noorwegen en Zwitserland. Zie afdeling 3 van dit verslag, alsook voetnoot 8. NL 10 NL

11 7.4. SEPA, BDR en Verordening 2560: de problematiek van de grensoverschrijdende incasso's Toen de verordening is vastgesteld, werd besloten dat het toepassingsgebied ervan alle bestaande grensoverschrijdende elektronische betaalinstrumenten diende te bestrijken. Destijds (en ook nu nog) kon echter geen gebruik worden gemaakt van grensoverschrijdende incasso's. Met de aanneming van de BDR en de goedkeuring door de EPC van de SEPAincassoregeling zullen grensoverschrijdende incasso's vanaf november 2009 evenwel tot de werkelijkheid behoren. Indien geen regelgevende actie wordt ondernomen, zouden Europese consumenten voor binnenlandse en grensoverschrijdende incasso's niet dezelfde garantie van gelijke kosten hebben als voor overschrijvingen en kaartbetalingen het geval is, waardoor moeilijk uit te leggen zou vallen waarom het beginsel dat niet tussen binnenlandse en grensoverschrijdende elektronische betaalinstrumenten mag worden gediscrimineerd, op sommige instrumenten wel en op andere niet van toepassing is. Daarenboven zou een verschil in tarifering voor het SEPA-project zelf kunnen resulteren in vertragingen bij de migratie van de bestaande binnenlandse incassoregelingen naar de SEPA-incassoregeling en tevens aanleiding kunnen geven tot moeilijkheden bij het bereiken van een kritische massa van gebruikers van de SEPA-incassoregeling. De Commissie is dan ook van plan voor te stellen de verordening zodanig te wijzigen dat de werkingssfeer ervan tot incassotransacties wordt uitgebreid. Tegelijkertijd zal de Commissie zorgvuldig nagaan of er geen andere wijzigingen moeten worden voorgesteld die het welslagen van het SEPA-project in de hand kunnen werken, zoals het vaststellen van een uiterste gebruiksdatum voor de oude betaalproducten. 8. WENSELIJKHEID OM DE DIENSTVERLENING AAN DE CONSUMENT TE VERBETEREN DOOR EEN VERSTERKING VAN DE CONCURRENTIEVOORWAARDEN 8.1. Resultaten van het onderzoek in de Europese retailbankingsector Een van de aspecten die volgens de herzieningsclausule van Verordening 2560 nader onderzoek verdient, is 'de wenselijkheid om de dienstverlening aan de consument te verbeteren door een versterking van de concurrentievoorwaarden bij het verlenen van grensoverschrijdende betalingsdiensten'. In 2004 heeft de Commissie een onafhankelijke consultant (Retail Banking Research Ltd) opdracht gegeven tot het opstellen van een verslag getiteld Regulation 2560/2001: study of competition for cross-border payment services. In deze studie worden voorlopige conclusies getrokken ten aanzien van de concurrentiegraad op de markt voor grensoverschrijdende betalingen (d.w.z. overmakingen en kaartbetalingen). In juni 2005 heeft de Europese Commissie de aanzet gegeven tot een onderzoek in de Europese retailbankingsector, waarbij onder meer de concurrentiegraad op de markt voor betaalkaarten en betalingssystemen werd geanalyseerd. De resultaten van dit onderzoek zijn op 31 januari 2007 bekendgemaakt. De bevindingen op het gebied van overmakingen en incasso's hebben vooral betrekking op toegangs- en beheerskwesties (bv. lidmaatschapsvoorwaarden en vergoedingsstructuur van clearing- en afwikkelingssystemen) en op het feit dat in sommige lidstaten interbancaire vergoedingen bestaan. Daarnaast worden diverse belangrijke mededingingsproblemen NL 11 NL

12 gesignaleerd op de Europese markt voor betaalkaarten. Wat grensoverschrijdende betalingsdiensten betreft, heeft het onderzoek het bestaan aan het licht gebracht van 21 : belemmeringen voor de toegang tot de betaalmarkt; grote verschillen tussen de vergoedingen die aan handelaren en kaarthouders worden aangerekend en die banken elkaar onderling berekenen (interbancaire vergoedingen 22 ); regels, procedures en marktstructuren die afbreuk doen aan de concurrentie op het niveau van de handelaren. Voor nadere bijzonderheden wordt verwezen naar de bijlage Strategie voor de toekomst Zoals in afdeling 7 van dit verslag reeds is aangegeven, zullen vele van de bij het sectoronderzoek geconstateerde mededingingsbelemmeringen worden verholpen door de totstandbrenging van SEPA en de tenuitvoerlegging van de BDR. Bovendien heeft de sector zelf op sommige markten reeds stappen ondernomen om de structuren te wijzigen en belemmeringen voor de markttoegang op te heffen. De Commissie zal de situatie op de markt op de voet blijven volgen. Het kan niet worden uitgesloten dat na zorgvuldig onderzoek handhaving van de antitrustregels alsnog noodzakelijk blijkt. De Europese Commissie zal niet aarzelen de haar uit hoofde van de artikelen 81, 82 en 86 van het EG-Verdrag verleende handhavingsbevoegdheden uit te oefenen om ervoor te zorgen dat de mededingingsregels in de retailbankingsector in acht worden genomen. De Commissie heeft de bezorgdheid uitgesproken dat de interbancaire vergoedingen van MasterCard en Visa de verwezenlijking van SEPA mogelijk in het gedrang kunnen brengen. In landen waar lokale banken besluiten binnenlandse debetkaarten door MasterCard- of Visadebetkaarten te vervangen, kunnen de door deze internationale netwerken aangerekende interbancaire vergoedingen immers tot hogere kosten voor ondernemingen en consumenten aanleiding geven. De Commissie zal nagaan in welke gevallen het SEPA-project tot prijsverhogingen leidt. Momenteel heeft zij overigens een zaak lopen die specifiek op de interbancaire vergoedingen in het MasterCard-netwerk 23 betrekking heeft. De interbancaire vergoedingen in het Visa-netwerk zullen aan een hernieuwd onderzoek worden onderworpen zodra de Visa-vrijstellingsbeschikking 24 in december 2007 afloopt. In samenwerking met de nationale mededingingsautoriteiten zal de Commissie erop blijven toezien dat het SEPA-kader in overeenstemming is met het mededingingsrecht, zoals door de Raad (Ecofin) is gevraagd. Zij zal erover waken dat SEPA op zodanige wijze wordt gerealiseerd dat een effectievere mededinging en innovatie in de hand worden gewerkt, zodat kostenbesparingen aan ondernemingen en consumenten kunnen worden doorgegeven Voor meer informatie, zie: Een interbancaire vergoeding is een vergoeding die een ontvangende instelling aan een uitgevende instelling betaalt voor elke betalingstransactie. In netwerken van betaalkaarten is het een vergoeding die de bank van een handelaar (ontvanger) aan de bank van een kaarthouder (emittent) betaalt. Zaak COMP Beschikking van de Commissie van 24 juli 2002, PB L 318 van , blz. 17. NL 12 NL

13 9. NATIONALE MELDINGSVERPLICHTINGEN TEN BEHOEVE VAN DE OPSTELLING VAN BETALINGSBALANSSTATISTIEKEN 9.1. Verordening 2560 en betalingsbalansstatistieken Artikel 6 van Verordening 2560 schrijft voor dat de lidstaten alle nationale meldingsverplichtingen inzake grensoverschrijdende betalingen tot een bedrag van EUR dienen af te schaffen. Ook alle nationale verplichtingen inzake de minimuminformatie betreffende de gegevens van de begunstigde die aan de automatisering van de uitvoering van de betaling in de weg staan, moeten worden afgeschaft. Overeenkomstig artikel 3, lid 3, was Verordening 2560 met ingang van 1 januari 2006 van toepassing op overmakingen tot een bedrag van EUR. De verordening voorziet evenwel niet in een overeenkomstige verhoging van de vrijstellingsdrempel voor de nationale meldingsverplichtingen. In artikel 8 wordt de Commissie verzocht de wenselijkheid te onderzoeken om het drempelbedrag van EUR te verhogen tot EUR, waarbij specifiek wordt verwezen naar de mogelijke gevolgen daarvan voor 'ondernemingen'. Krachtens Gemeenschapswetgeving 25, nationale wetgeving en besluiten van de Europese Centrale Bank (ECB) zijn de lidstaten verplicht statistische gegevens te verzamelen, met inbegrip van gegevens over de betalingsbalans. De betalingsbalansstatistieken worden gebruikt voor de uitstippeling en communicatie van het monetaire beleid. Daarnaast zijn deze statistieken noodzakelijk voor de berekening van nationale sleutelindicatoren zoals het bruto binnenlands product (bbp) en het bruto nationaal inkomen (bni), die een belangrijke rol spelen in de administratieve procedures van de EU, zoals de procedure voor de vaststelling van de bijdragen aan de EU-begroting en de buitensporigtekortprocedure. Betalingsbalansstatistieken worden traditioneel opgesteld op basis van individuele afwikkelingsgegevens van banken of andere instellingen. De afgelopen jaren tekent zich in een aantal Europese landen evenwel een tendens af om steeds meer te vertrouwen op rechtstreeks door ondernemingen verstrekte informatie in plaats van op gegevens die banken namens hun klanten meedelen. Deze tendens is aanzienlijk versterkt na de invoering van het in Verordening 2560 neergelegde drempelbedrag waaronder geen meldingsverplichting geldt Nationale systemen voor de verzameling van betalingsbalansgegevens Als gevolg van de inwerkingtreding van de verordening hebben tal van lidstaten besloten om bij de verzameling van betalingsbalansgegevens hun afhankelijkheid van meldingen van betalingen door banken te verminderen door een beroep te doen op enquêtes en/of rechtstreekse meldingen door ondernemingen. Tussen 2001 en 2006 hebben elf lidstaten hun systemen voor de verzameling van betalingsbalansgegevens gewijzigd, terwijl drie andere vast van plan zijn dit na 2006 te doen. In 2003 vertrouwde nog ongeveer 40% van de lidstaten van de EU-25 hoofdzakelijk op afwikkelingsgegevens van banken voor de opstelling van betalingsbalansstatistieken, terwijl dit percentage eind 2006 was teruggelopen tot 12% en in de toekomst wellicht nog verder zal afnemen (zie bijlage). Eind 2006 maakten tien lidstaten gebruik van een volledig op enquêtes berustend systeem (wat betekent dat er geen gebruik meer werd gemaakt van afwikkelingsgegevens van banken). Daarnaast vertrouwden zes landen op gemengde systemen, waarbij ten minste 50% van de betalingsbalansgegevens werd verzameld met behulp van enquêtes, aangevuld met meldingen 25 Verordening (EG) nr. 184/2005 van het Europees Parlement en de Raad van 12 januari 2005 betreffende de communautaire statistiek inzake de betalingsbalans, de internationale handel in diensten en buitenlandse directe investeringen. NL 13 NL

14 van afwikkelingsgegevens door banken. Slechts vier landen verzamelden nog hoofdzakelijk betalingsbalansgegevens aan de hand van afwikkelingsgegevens van banken. Er zij op gewezen dat de overschakeling op rechtstreekse meldingen en/of enquêtes inhoudt dat bijna volledig wordt vertrouwd op rapportage door ondernemingen. Dit vereist dat een ondernemingsregister wordt bijgehouden, dat voortdurend moet worden bijgewerkt. Met het oog op deze bijwerking kunnen sommige lidstaten zich nog steeds verplicht zien een minimum aan informatie te verzamelen over op hun grondgebied gevestigde instellingen die bij grensoverschrijdende transacties (d.w.z. internationale handel) betrokken zijn. Deze informatie kan gemakkelijk en goedkoop worden verkregen bij een bancair afwikkelingssysteem Meldingsverplichtingen en SEPA De thans heersende situatie waarin van uiteenlopende meldingsverplichtingen in de lidstaten sprake is, moet worden aangepakt, niet alleen om ervoor te zorgen dat alle in de EU actieve betalingsdienstaanbieders gelijk worden behandeld, maar ook omdat dit een directe bedreiging vormt voor SEPA. Het SEPA-project is erop gericht de volledige afschaffing van het onderscheid tussen eurobetalingen binnen en tussen lidstaten te bewerkstelligen. Het logische gevolg daarvan is dat in de normen voor de mededeling bij SEPA-overschrijvingen en incasso's geen specifieke voorschriften voor betalingsbalansrapportage zijn opgenomen. Aangezien SEPA een eengemaakte betaalmarkt is, bestaat er immers geen behoefte aan de verzameling van dergelijke informatie. Bovendien wordt verwacht dat het nut en de betrouwbaarheid van de betalingsbalansrapportage op basis van afwikkelingsgegevens van banken geleidelijk zullen afnemen zodra SEPA werkelijkheid wordt en multinationale bedrijven, kleine en middelgrote ondernemingen en burgers in staat zullen zijn al hun betalingen te verrichten via één enkel bankkantoor of zelfs één enkele bankrekening in één land, dat niet noodzakelijkerwijze het land is waar zij zich fysiek bevinden. Het kan derhalve niet langer haalbaar blijken betrouwbare gegevens ten behoeve van de opstelling van betalingsbalans- en investeringsstatistieken te verzamelen met behulp van op banktransacties gebaseerde systemen Wenselijkheid van de verhoging of afschaffing van de meldingsdrempel De werkwijzen voor de opstelling van de betalingsbalans moeten worden herzien. Lidstaten die nog steeds meldingsverplichtingen ten behoeve van de opstelling van betalingsbalansstatistieken opleggen (althans die welke deel uitmaken van het eurogebied), moeten ertoe worden aangespoord om uit eigen beweging de vrijstellingsdrempel met ingang van januari 2008 op te trekken tot EUR. Dit zou een tijdige en vlotte start van SEPA mogelijk maken. Tevens dient een verdere harmonisatie te worden overwogen van de voor de betalingsbalansrapportage gevolgde werkwijzen die niet op door banken gemelde betalingen zijn gebaseerd. Meer in het bijzonder moet de verspreiding onder de lidstaten worden aangemoedigd van optimale werkwijzen met betrekking tot rapportagesystemen die consistent zijn en die niet aan de automatisering van de uitvoering van betalingen in de weg staan. De Commissie zal voorstellen het in Verordening 2560 neergelegde drempelbedrag waaronder geen meldingsverplichting geldt, zo spoedig mogelijk tot EUR op te trekken teneinde de bovenbeschreven bestaande discrepanties en concurrentieverstoringen te reduceren. Voorts wordt overwogen voor te stellen in de herziene verordening een vervalclausule in te lassen waarbij een uiterste termijn (bv ) wordt vastgesteld voor het vrijstellen van banken van alle op afwikkelingsgegevens gebaseerde meldingsverplichtingen ten behoeve van de opstelling van betalingsbalansstatistieken. NL 14 NL

15 Tegelijkertijd is de Commissie voornemens de werkingssfeer van artikel 6, lid 1, van Verordening 2560 inzake de verplichtingen van de lidstaten te verduidelijken. De Commissie is van plan te specificeren dat artikel 6, lid 1, betrekking heeft op de verzameling van gegevens bij instellingen die aan betalingssystemen deelnemen, maar niet geldt voor ondernemingen. Artikel 6, lid 1, is alleen van toepassing op informatie over individuele betalingen waartoe klanten opdracht hebben gegeven en laat de verzameling van geaggregeerde gegevens voor statistische doeleinden of van andere direct beschikbare gegevens bij banken (of andere bij de afwikkeling van betalingen betrokken instellingen) onverlet, voor zover de verzameling van deze gegevens geen specifieke rapportagelasten met zich brengt omdat geen indeling per type onderliggende transactie is vereist. 10. CONCLUSIES Verordening 2560 heeft algemeen genomen haar beide hoofddoelstellingen bereikt. Enerzijds heeft zij de kosten van grensoverschrijdende elektronische betalingstransacties in euro met de kosten van binnenlandse betalingen in overeenstemming gebracht en tot een scherpe daling van de kosten van grensoverschrijdende betalingen, en met name overmakingen, geleid. Anderzijds heeft zij de financiëledienstensector ertoe bewogen om, wegens het ontbreken van een efficiënte en geïntegreerde Europese infrastructuur voor betalingsdiensten, de nodige inspanningen te leveren om het concept 'gemeenschappelijk betalingsgebied' voor betalingen met andere betaalmiddelen dan contant geld in praktijk te brengen. In het licht van de in dit verslag over de toepassing van Verordening 2560 geformuleerde conclusies is de Commissie voornemens een aantal wijzigingen in deze verordening voor te stellen teneinde de zwakke punten aan te pakken die tijdens het evaluatieproces aan de oppervlakte zijn gekomen, beter in te spelen op de marktontwikkelingen en de verordening aan te passen aan de veranderingen waarin de BDR voorziet. Deze wijzigingen omvatten met name: verplicht stellen van de 'SHARE'-optie voor alle onder de verordening vallende transacties (zie afdeling 3); verwijzen naar de voor de doeleinden van de BDR in het leven geroepen bevoegde autoriteiten en regelingen voor buitengerechtelijke geschillenbeslechting voor het behandelen van kwesties die met de verordening verband houden (zie afdeling 3); uitbreiden van de werkingssfeer van de verordening tot incassotransacties (zie afdeling 7); verhogen tot EUR van het drempelbedrag waaronder banken van betalingsbalansrapportage zijn vrijgesteld, invoeren van een uiterste termijn voor de volledige vrijstelling van banken van de meldingsverplichtingen ten behoeve van de opstelling van betalingsbalansstatistieken en verduidelijken van de werkingssfeer van artikel 6, lid 1 (zie afdeling 9). Afgezien daarvan lijkt het noodzakelijk enige wijzigingen in artikel 2 (definities) en artikel 8 (herzieningsclausule) aan te brengen. Bij de officiële indiening van haar voorstel zal de Commissie rekening houden met de vorderingen die bij de ontwikkeling van SEPA zijn gemaakt. Zoals in punt 7.4 is aangegeven, kan de Commissie tevens een aantal aanvullende maatregelen voorstellen om de realisatie van het SEPA-project te bespoedigen en in de hand te werken. Alle eventuele wijzigingen in de verordening zullen pas aan de Raad en het Europees Parlement worden voorgelegd nadat de nodige effectbeoordelingen zijn uitgevoerd. NL 15 NL

AANBEVELING VAN DE COMMISSIE. van XXX. betreffende toegang tot een elementaire betaalrekening. (Voor de EER relevante tekst)

AANBEVELING VAN DE COMMISSIE. van XXX. betreffende toegang tot een elementaire betaalrekening. (Voor de EER relevante tekst) EUROPESE COMMISSIE Brussel, XXX C(2011) 4977 AANBEVELING VAN DE COMMISSIE van XXX betreffende toegang tot een elementaire betaalrekening (Voor de EER relevante tekst) {SEC(2011) 906} {SEC(2011) 907} NL

Nadere informatie

Jaarrekening van bepaalde vennootschapsvormen wat micro-entiteiten betreft ***I

Jaarrekening van bepaalde vennootschapsvormen wat micro-entiteiten betreft ***I P7_TA(200)0052 Jaarrekening van bepaalde vennootschapsvormen wat micro-entiteiten betreft ***I Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement van 0 maart 200 over het voorstel voor een richtlijn van het

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2013 2014 22 112 Nieuwe Commissievoorstellen en initiatieven van de lidstaten van de Europese Unie Nr. 1705 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN

Nadere informatie

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 4.5.2015 COM(2015) 186 final 2015/0097 (NLE) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD betreffende het namens de Europese Unie in te nemen standpunt in het Gemengd Comité van de

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT 2009-2014. Commissie economische en monetaire zaken

EUROPEES PARLEMENT 2009-2014. Commissie economische en monetaire zaken EUROPEES PARLEMENT 2009-2014 Commissie economische en monetaire zaken 28.1.2014 2013/0264(COD) AMENDEMENTEN 118-374 Ontwerpverslag Diogo Feio (PE522.958v01-00) over het voorstel voor een richtlijn van

Nadere informatie

Grensoverschrijdende overmakingen in euro - wijzigingen vanaf 1 juli 2003 - vaak gestelde vragen (zie ook IP/03/901)

Grensoverschrijdende overmakingen in euro - wijzigingen vanaf 1 juli 2003 - vaak gestelde vragen (zie ook IP/03/901) MEMO/03/140 Brussel, 26 juni 2003 Grensoverschrijdende overmakingen in euro - wijzigingen vanaf 1 juli 2003 - vaak gestelde vragen (zie ook IP/03/901) Welke wijzigingen vanaf 1 juli 2003? Verordening nr.

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 26 september 2006 (OR. en) 12758/06 Interinstitutioneel dossier: 2005/0204 (CNS) ASIM 63 OC 655

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 26 september 2006 (OR. en) 12758/06 Interinstitutioneel dossier: 2005/0204 (CNS) ASIM 63 OC 655 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 26 september 2006 (OR. en) 12758/06 Interinstitutioneel dossier: 2005/0204 (CNS) ASIM 63 OC 655 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: BESCHIKKING VAN DE

Nadere informatie

EUROPESE CENTRALE BANK

EUROPESE CENTRALE BANK 28.1.2009 C 21/1 I (Resoluties, aanbevelingen en adviezen) ADVIEZEN EUROPESE CENTRALE BANK ADVIES VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK van 6 januari 2009 inzake een voorstel voor een verordening van het Europees

Nadere informatie

Richtlijn betreffende bescherming rechten op aanvullend pensioen

Richtlijn betreffende bescherming rechten op aanvullend pensioen Richtlijn betreffende bescherming rechten op aanvullend pensioen Richtlijn 98/49/EG van de Raad van 29 juni 1998 betreffende de bescherming van de rechten op aanvullend pensioen van werknemers en zelfstandigen

Nadere informatie

GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE. van 7.3.2014

GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE. van 7.3.2014 EUROPESE COMMISSIE Brussel, 7.3.2014 C(2014) 1392 final GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE van 7.3.2014 houdende aanvulling van Richtlijn 2003/71/EG van het Europees Parlement en de

Nadere informatie

MEDEDELING VAN DE COMMISSIE

MEDEDELING VAN DE COMMISSIE NL NL NL EUROPESE COMMISSIE Brussel, 24.3.2010 COM(2010) 100 definitief MEDEDELING VAN DE COMMISSIE betreffende de toepassing van artikel 101, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 14.3.2003 COM(2003) 114 definitief 2003/0050 (CNS) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD betreffende de statistische gegevens die moeten worden gebruikt

Nadere informatie

RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 18 september 2008 (18.09) (OR. en) 13187/08 FSTR 20 FC 5 REGIO 25 SOC 516

RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 18 september 2008 (18.09) (OR. en) 13187/08 FSTR 20 FC 5 REGIO 25 SOC 516 RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 18 september 2008 (18.09) (OR. en) 13187/08 FSTR 20 FC 5 REGIO 25 SOC 516 VOORSTEL van: de Commissie d.d.: 16 september 2008 Betreft: Voorstel voor een Verordening (EG)

Nadere informatie

Richtsnoeren voor de behandeling. van klachten door. verzekeringsondernemingen

Richtsnoeren voor de behandeling. van klachten door. verzekeringsondernemingen EIOPA-BoS-12/069 NL Richtsnoeren voor de behandeling van klachten door verzekeringsondernemingen 1/8 1. Richtsnoeren Inleiding 1. Artikel 16 van de Eiopa-verordening 1 (European Insurance and Occupational

Nadere informatie

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2008) 1995.

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2008) 1995. RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 12 juni 2008 (13.06) (OR. fr) Interinstitutioneel dossier: 2008/0110 (COD) 10637/08 ADD 2 AGRILEG 104 CODEC 769 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Jordi AYET PUIGARNAU,

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 29.11.2007 COM(2007) 761 definitief 2007/0266 (ACC) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD over het standpunt van de Gemeenschap in het Gemengd Comité EG-Faeröer

Nadere informatie

BIJLAGE. bij het. Voorstel voor een besluit van de Raad

BIJLAGE. bij het. Voorstel voor een besluit van de Raad EUROPESE COMMISSIE Brussel, 5.3.2015 COM(2015) 103 final ANNEX 1 BIJLAGE bij het Voorstel voor een besluit van de Raad betreffende de sluiting van de overeenkomst tussen de Europese Unie en de Verenigde

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 6 oktober 2000 (11.10) (OR. en) 12089/00 Interinstitutioneel dossier: 1999/0152 (COD) LIMITE

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 6 oktober 2000 (11.10) (OR. en) 12089/00 Interinstitutioneel dossier: 1999/0152 (COD) LIMITE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 6 oktober 2000 (11.10) (OR. en) 12089/00 Interinstitutioneel dossier: 1999/0152 (COD) LIMITE EF 76 ECOFIN 269 CRIMORG 137 CODEC 744 NOTA van: nr. Comv.: Betreft: het

Nadere informatie

GEDELEGEERDE RICHTLIJN../ /EU VAN DE COMMISSIE. van 30.1.2015

GEDELEGEERDE RICHTLIJN../ /EU VAN DE COMMISSIE. van 30.1.2015 EUROPESE COMMISSIE Brussel, 30.1.2015 C(2015) 383 final GEDELEGEERDE RICHTLIJN../ /EU VAN DE COMMISSIE van 30.1.2015 tot wijziging, met het oog op aanpassing aan de technische vooruitgang, van bijlage

Nadere informatie

EUROPESE U IE HET EUROPEES PARLEME T

EUROPESE U IE HET EUROPEES PARLEME T EUROPESE U IE HET EUROPEES PARLEME T DE RAAD Brussel, 4 februari 2009 (OR. en) 2008/0026 (COD) PE-CO S 3706/08 STATIS 156 CODEC 1456 WETGEVI GSBESLUITE E A DERE I STRUME TE Betreft: VERORDENING VAN HET

Nadere informatie

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument C(2010) 8467 definitief

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument C(2010) 8467 definitief RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 7 december 2010 (09.12) (OR. fr) 17573/10 MI 533 COMPET 421 EF 204 ECOFIN 820 TELECOM 149 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Jordi AYET PUIGARNAU, directeur, namens de secretarisgeneraal

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Gewijzigd voorstel voor een RICHTLIJN VAN DE RAAD

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Gewijzigd voorstel voor een RICHTLIJN VAN DE RAAD COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 8.7.2004 COM(2004) 468 definitief 2003/0091 (CNS) Gewijzigd voorstel voor een RICHTLIJN VAN DE RAAD tot wijziging van Richtlijn 77/388/EEG wat betreft

Nadere informatie

Richtsnoeren voor de behandeling van klachten door verzekeringstussenpersonen

Richtsnoeren voor de behandeling van klachten door verzekeringstussenpersonen EIOPA(BoS(13/164 NL Richtsnoeren voor de behandeling van klachten door verzekeringstussenpersonen EIOPA WesthafenTower Westhafenplatz 1 60327 Frankfurt Germany Phone: +49 69 951119(20 Fax: +49 69 951119(19

Nadere informatie

Met het Eurotarief worden internationale mobiele gesprekken minder duur in de Europese Unie: gebruiksaanwijzing voor roaming

Met het Eurotarief worden internationale mobiele gesprekken minder duur in de Europese Unie: gebruiksaanwijzing voor roaming MEMO/07/251 Brussel, 25 juni 2007 Met het Eurotarief worden internationale mobiele gesprekken minder duur in de Europese Unie: gebruiksaanwijzing voor roaming De verordening van de Europese Unie (EU) inzake

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 27 maart 2006 (29.03) (OR. en) 7813/06 Interinstitutioneel dossier: 2006/0037 (CNS)

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 27 maart 2006 (29.03) (OR. en) 7813/06 Interinstitutioneel dossier: 2006/0037 (CNS) RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 27 maart 2006 (29.03) (OR. en) 7813/06 Interinstitutioneel dossier: 2006/0037 (CNS) N 20 CORDROGUE 27 FISC 45 BUDGET 13 SAN 71 VOORSTEL van: de Commissie d.d.: 14 maart

Nadere informatie

GEZAMENLIJKE VERKLARING VAN DE RAAD EN DE COMMISSIE BETREFFENDE DE WERKING VAN HET NETWERK VAN MEDEDINGINGSAUTORITEITEN

GEZAMENLIJKE VERKLARING VAN DE RAAD EN DE COMMISSIE BETREFFENDE DE WERKING VAN HET NETWERK VAN MEDEDINGINGSAUTORITEITEN GEZAMEIJKE VERKLARING VAN DE RAAD EN DE COMMISSIE BETREFFENDE DE WERKING VAN HET NETWERK VAN MEDEDINGINGSAUTORITEITEN "1. De vandaag vastgestelde verordening betreffende de uitvoering van de mededingingsregels

Nadere informatie

WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN VERORDENING VAN DE RAAD tot wijziging van Verordening (EG) nr. 974/98 over de invoering van de euro

WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN VERORDENING VAN DE RAAD tot wijziging van Verordening (EG) nr. 974/98 over de invoering van de euro RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 19 december 2005 (OR. en) 14883/05 Interinstitutioneel dossier: 2005/0145 (CNS) UEM 205 ECOFIN 370 OC 877 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: VERORDENING

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT 2009-2014. Commissie interne markt en consumentenbescherming. van de Commissie interne markt en consumentenbescherming

EUROPEES PARLEMENT 2009-2014. Commissie interne markt en consumentenbescherming. van de Commissie interne markt en consumentenbescherming EUROPEES PARLEMENT 2009-2014 Commissie interne markt en consumentenbescherming 2010/0373(COD) 19.4.2011 ONTWERPADVIES van de Commissie interne markt en consumentenbescherming aan de Commissie economische

Nadere informatie

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD. van [...]

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD. van [...] EUROPESE COMMISSIE Brussel, 15.6.2010 COM(2010)280 definitief 2010/0168 (E) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD van [...] betreffende de verplichte toepassing van Reglement nr. 100 van de Economische

Nadere informatie

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, inzonderheid op artikel 213,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, inzonderheid op artikel 213, Ontwerp voor een VERORDENING (EG) VAN DE RAAD betreffende de toerekening van de indirect gemeten diensten van financiële intermediairs (IGDFI) in het kader van het Europees systeem van nationale en regionale

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 27 februari 2002 (28.02) (OR. fr) 6693/02 Interinstitutioneel dossier: 2000/0077 (COD) ECO 62 CODEC 257

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 27 februari 2002 (28.02) (OR. fr) 6693/02 Interinstitutioneel dossier: 2000/0077 (COD) ECO 62 CODEC 257 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 27 februari 2002 (28.02) (OR. fr) 6693/02 Interinstitutioneel dossier: 2000/0077 (COD) ECO 62 CODEC 257 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Sylvain BISARRE, directeur bij

Nadere informatie

Verbetering van de toegang tot de rechter bij grensoverschrijdende zaken *

Verbetering van de toegang tot de rechter bij grensoverschrijdende zaken * P5_TA(2002)0441 Verbetering van de toegang tot de rechter bij grensoverschrijdende zaken * Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement over het voorstel van de Commissie met het oog op de aanneming

Nadere informatie

Commissie interne markt en consumentenbescherming ONTWERPVERSLAG

Commissie interne markt en consumentenbescherming ONTWERPVERSLAG EUROPEES PARLEMENT 2009-2014 Commissie interne markt en consumentenbescherming 24.9.2013 2013/2116(INI) ONTWERPVERSLAG over de toepassing van Richtlijn 2005/29/EG over oneerlijke handelspraktijken (2013/2116(INI))

Nadere informatie

UITVOERINGSRICHTLIJN 2012/25/EU VAN DE COMMISSIE

UITVOERINGSRICHTLIJN 2012/25/EU VAN DE COMMISSIE 10.10.2012 Publicatieblad van de Europese Unie L 275/27 RICHTLIJNEN UITVOERINGSRICHTLIJN 2012/25/EU VAN DE COMMISSIE van 9 oktober 2012 tot vaststelling van informatieprocedures voor de uitwisseling tussen

Nadere informatie

1. Inleiding. 1 Verordening (EG) nr. 1383/2003 van de Raad van 22 juli 2003 inzake het optreden van

1. Inleiding. 1 Verordening (EG) nr. 1383/2003 van de Raad van 22 juli 2003 inzake het optreden van 01-02-2012 Richtlijnen van de Europese Commissie betreffende de handhaving van intellectuele-eigendomsrechten (IER) door de douaneautoriteiten van de EU met betrekking tot goederen, met name geneesmiddelen,

Nadere informatie

JC 2014 43 27 May 2014. Joint Committee Richtsnoeren voor de behandeling van klachten door de effectensector (ESMA) en de bankensector (EBA)

JC 2014 43 27 May 2014. Joint Committee Richtsnoeren voor de behandeling van klachten door de effectensector (ESMA) en de bankensector (EBA) JC 2014 43 27 May 2014 Joint Committee Richtsnoeren voor de behandeling van klachten door de effectensector (ESMA) en de bankensector (EBA) 1 Inhoudsopgave Richtsnoeren voor de behandeling van klachten

Nadere informatie

{COM(2006) 684 definitief} {SEC(2006) 1449}

{COM(2006) 684 definitief} {SEC(2006) 1449} COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 20.11.2006 SEC(2006) 1448 WERKDOCUMENT VAN DE COMMISSIE Begeleidend document bij het Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

Nadere informatie

AMENDEMENTEN 119-406. NL In verscheidenheid verenigd NL 2013/0139(COD) 10.9.2013. Ontwerprapport Jürgen Klute (PE514.602v02-00)

AMENDEMENTEN 119-406. NL In verscheidenheid verenigd NL 2013/0139(COD) 10.9.2013. Ontwerprapport Jürgen Klute (PE514.602v02-00) EUROPEES PARLEMENT 2009-2014 Commissie economische en monetaire zaken 10.9.2013 2013/0139(COD) AMENDEMENTEN 119-406 Ontwerprapport Jürgen Klute (PE514.602v02-00) Vergelijkbaarheid van kosten in verband

Nadere informatie

6325/03 md 1 DG C II

6325/03 md 1 DG C II RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 12 februari 2003 (13.02) (OR. fr) Interinstitutioneel dossier: 2001/0078 6325/03 ENER 43 CODEC 156 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Sylvain BISARRE, directeur, namens

Nadere informatie

Inhoud. p.4 p. 6 p. 6 p. 8 p. 9 p.14

Inhoud. p.4 p. 6 p. 6 p. 8 p. 9 p.14 SEPA 3 Inhoud p.4 p. 6 p. 6 p. 8 p. 9 p.14 Wat is SEPA? Waarom wordt SEPA ingevoerd? Waar wordt SEPA toegepast? Vanaf wanneer wordt SEPA toegepast? Wat verandert er? Wat zijn de gevolgen? SEPA 4 Wat is

Nadere informatie

GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE. van 19.9.2014

GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE. van 19.9.2014 EUROPESE COMMISSIE Brussel, 19.9.2014 C(2014) 6515 final GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE van 19.9.2014 tot aanvulling van Richtlijn 2014/17/EU van het Europees Parlement en de Raad

Nadere informatie

Richtlijn 98/59/EG van de Raad van 20 juli 1998 betreffende de aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake collectief ontslag

Richtlijn 98/59/EG van de Raad van 20 juli 1998 betreffende de aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake collectief ontslag Richtlijn 98/59/EG van de Raad van 20 juli 1998 betreffende de aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake collectief ontslag Publicatieblad Nr. L 225 van 12/08/1998 blz. 0016-0021 DE RAAD VAN

Nadere informatie

GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) /... VAN DE COMMISSIE. van 10.6.2015

GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) /... VAN DE COMMISSIE. van 10.6.2015 EUROPESE COMMISSIE Brussel, 10.6.2015 C(2015) 3759 final GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) /... VAN DE COMMISSIE van 10.6.2015 tot vaststelling, ingevolge Verordening (EU) nr. 1303/2013 van het Europees Parlement

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 20 december 2006 (OR. en) 16647/06 Interinstitutioneel dossier: 2006/194 (CNS) REGIO 70 FIN 673

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 20 december 2006 (OR. en) 16647/06 Interinstitutioneel dossier: 2006/194 (CNS) REGIO 70 FIN 673 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 20 december 2006 (OR. en) 16647/06 Interinstitutioneel dossier: 2006/194 (CNS) REGIO 70 FIN 673 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: VERORDENING VAN DE

Nadere informatie

Samenwerkingsprotocol. Consumentenautoriteit Nederlandse Zorgautoriteit

Samenwerkingsprotocol. Consumentenautoriteit Nederlandse Zorgautoriteit Samenwerkingsprotocol Consumentenautoriteit Nederlandse Zorgautoriteit Afspraken tussen de Staatssecretaris van Economische Zaken en de Raad van Bestuur van de Nederlandse Zorgautoriteit over de wijze

Nadere informatie

WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE SAMENVATTING VAN DE EFFECTBEOORDELING. bij

WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE SAMENVATTING VAN DE EFFECTBEOORDELING. bij EUROPESE COMMISSIE Brussel, 10.9.2014 SWD(2014) 274 final WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE SAMENVATTING VAN DE EFFECTBEOORDELING bij het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement

Nadere informatie

Steunmaatregel N 118/2004 -België (Vlaanderen) Subsidies voor haalbaarheidsstudies met betrekking tot bouw- en milieuprojecten buiten de EU.

Steunmaatregel N 118/2004 -België (Vlaanderen) Subsidies voor haalbaarheidsstudies met betrekking tot bouw- en milieuprojecten buiten de EU. Europese Commissie Brussel, 30.06.2004 C (2004)2042 fin Betreft: Steunmaatregel N 118/2004 -België (Vlaanderen) Subsidies voor haalbaarheidsstudies met betrekking tot bouw- en milieuprojecten buiten de

Nadere informatie

Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 9.8.2012 COM(2012) 449 final 2012/0217 (COD)C7-0215/12 Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD betreffende de toekenning van tariefcontingenten voor

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 28 mei 2008 (04.06) (OR. en) 9935/08 SOC 316 COMPET 194

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 28 mei 2008 (04.06) (OR. en) 9935/08 SOC 316 COMPET 194 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 28 mei 2008 (04.06) (OR. en) 9935/08 SOC 316 COMPET 194 VERSLAG van: het Comité van permanente vertegenwoordigers (1e deel) aan: de Raad EPSCO Nr. vorig doc.: 9081/08

Nadere informatie

AANBEVELING VAN DE COMMISSIE. van 6.12.2012. over agressieve fiscale planning

AANBEVELING VAN DE COMMISSIE. van 6.12.2012. over agressieve fiscale planning EUROPESE COMMISSIE Brussel, 6.12.2012 C(2012) 8806 final AANBEVELING VAN DE COMMISSIE van 6.12.2012 over agressieve fiscale planning NL NL AANBEVELING VAN DE COMMISSIE van 6.12.2012 over agressieve fiscale

Nadere informatie

EUROPESE U IE HET EUROPEES PARLEME T

EUROPESE U IE HET EUROPEES PARLEME T EUROPESE U IE HET EUROPEES PARLEME T DE RAAD Brussel, 18 juni 2009 (OR. en) 2008/0084 (COD) LEX 1035 PE-CO S 3748/2/08 REV 2 DRS 84 COMPET 600 CODEC 1918 RICHTLIJ VA HET EUROPEES PARLEME T E DE RAAD TOT

Nadere informatie

Mr. L.J. Silverentand Prof. mr. W.A.K. Rank Amsterdam, 28 augustus 2015. Betreft. Advies inzake mogelijkheden wettelijk verbod surcharginga

Mr. L.J. Silverentand Prof. mr. W.A.K. Rank Amsterdam, 28 augustus 2015. Betreft. Advies inzake mogelijkheden wettelijk verbod surcharginga 1 dduldjjt4liill Mr. L.J. Silverentand Prof. mr. W.A.K. Rank Amsterdam, 28 augustus 2015 Betreft Advies inzake mogelijkheden wettelijk verbod surcharginga Executive summary Op dit moment is het een begunstigde

Nadere informatie

HET GEMEEN - SCHAPPELIJK EUROBETALINGS - GEBIED: EEN GEÏNTEGREERDE MARKT VOOR RETAILBETALINGEN

HET GEMEEN - SCHAPPELIJK EUROBETALINGS - GEBIED: EEN GEÏNTEGREERDE MARKT VOOR RETAILBETALINGEN HET GEMEEN - SCHAPPELIJK EUROBETALINGS - GEBIED: EEN GEÏNTEGREERDE MARKT VOOR RETAILBETALINGEN INHOUD Voorwoord 5 Inleiding 6 1. De creatie van een Gemeenschappelijk Eurobetalingsgebied ( Single Euro

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 19 april 2006 (24.04) (OR. en) 8478/06 LIMITE VISA 109 FRONT 80 COMIX 383. NOTA het secretariaat-generaal

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 19 april 2006 (24.04) (OR. en) 8478/06 LIMITE VISA 109 FRONT 80 COMIX 383. NOTA het secretariaat-generaal Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 19 april 2006 (24.04) (OR. en) PUBLIC 8478/06 LIMITE VISA 109 FRONT 80 COMIX 383 NOTA van: aan: vorig doc. Betreft: het secretariaat-generaal de Raad 8277/06

Nadere informatie

Samenwerkingsprotocol Consumentenautoriteit de Inspectie voor de Gezondheidszorg

Samenwerkingsprotocol Consumentenautoriteit de Inspectie voor de Gezondheidszorg Samenwerkingsprotocol Consumentenautoriteit de Inspectie voor de Gezondheidszorg Afspraken tussen de Staatssecretaris van Economische Zaken en de Minister van Volksgezondheid Welzijn en Sport over de wijze

Nadere informatie

10765/11 ADD 1 oms/rts/dp 1 DG C I

10765/11 ADD 1 oms/rts/dp 1 DG C I RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 29 augustus 2011 (02.09) (OR.en) Interinstitutioneel dossier: 2009/0035 (COD) 10765/11 ADD 1 DRS 87 COMPET 217 ECOFI 294 CODEC 917 O TWERP-MOTIVERI G VA DE RAAD Betreft:

Nadere informatie

Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 26.3.2012 COM(2012) 136 final 2012/0066 (COD)C7-0133/12 Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van [...] tot wijziging van Richtlijn 2006/66/EG inzake

Nadere informatie

1. DOEL EN TOEPASSINGSBEREIK

1. DOEL EN TOEPASSINGSBEREIK EUROPESE COMMISSIE Directoraat-generaal Concurrentie Beleid en coördinatie inzake staatssteun Brussel, DG D(2004) COMMUNAUTAIRE KADERREGELING INZAKE STAATSSTEUN IN DE VORM VAN COMPENSATIES VOOR DE OPENBARE

Nadere informatie

BEGELEIDENDE NOTA Betreft: Monetaire overeenkomst tussen de Italiaanse Republiek, namens de Europese Gemeenschap, en de Republiek San Marino

BEGELEIDENDE NOTA Betreft: Monetaire overeenkomst tussen de Italiaanse Republiek, namens de Europese Gemeenschap, en de Republiek San Marino RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 5 juli 2001 (09.07) (OR. it) 10622/01 UEM 71 ECOFIN 193 BEGELEIDENDE NOTA Betreft: Monetaire overeenkomst tussen de Italiaanse Republiek, namens de Europese Gemeenschap,

Nadere informatie

Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken. van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken

Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken. van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken EUROPEES PARLEMENT 2009-2014 Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken 27.10.2010 2010/0067(CNS) ONTWERPADVIES van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken

Nadere informatie

Richtsnoeren inzake de methoden voor de bepaling van de marktaandelen met het oog op rapportage

Richtsnoeren inzake de methoden voor de bepaling van de marktaandelen met het oog op rapportage EIOPA-BoS-15/106 NL Richtsnoeren inzake de methoden voor de bepaling van de marktaandelen met het oog op rapportage EIOPA Westhafen Tower, Westhafenplatz 1-60327 Frankfurt Germany - Tel. + 49 69-951119-20;

Nadere informatie

Betalen in het eurogebied: nog niet alle wensen vervuld

Betalen in het eurogebied: nog niet alle wensen vervuld ers zijn over het algemeen positief over de bestaande betaalmogelijkheden, maar toch betaalt men in of naar het buitenland niet altijd zoals men zou willen. Zo is de tevredenheid over de acceptatie van

Nadere informatie

Drs. Monique Kalvelagen RE Group Audit ABN AMRO 11 November 2009

Drs. Monique Kalvelagen RE Group Audit ABN AMRO 11 November 2009 VURORE Drs. Monique Kalvelagen RE Group Audit ABN AMRO 11 November 2009 1 Overzicht 1. Huidige betaalinfrastructuur 2. Single Euro Payments Area (SEPA) 3. Impact op wezen 2 1. Huidige betaalinfrastructuur

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 24 maart 2010 (OR. en) 7934/10 ECOFIN 182 UEM 86

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 24 maart 2010 (OR. en) 7934/10 ECOFIN 182 UEM 86 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 24 maart 2010 (OR. en) 7934/10 ECOFIN 182 UEM 86 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Jordi AYET PUIGARNAU, directeur, namens de secretarisgeneraal van de Europese Commissie

Nadere informatie

Richtsnoeren voor de behandeling van verbonden ondernemingen, waaronder deelnemingen

Richtsnoeren voor de behandeling van verbonden ondernemingen, waaronder deelnemingen EIOPA-BoS-14/170 NL Richtsnoeren voor de behandeling van verbonden ondernemingen, waaronder deelnemingen EIOPA Westhafen Tower, Westhafenplatz 1-60327 Frankfurt Germany - Tel. + 49 69-951119-20; Fax. +

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 3 september 2001 (13.09) (OR. it) 11551/01 UEM 73 ECOFIN 228

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 3 september 2001 (13.09) (OR. it) 11551/01 UEM 73 ECOFIN 228 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 3 september 2001 (13.09) (OR. it) 11551/01 UEM 73 ECOFIN 228 INGEKOMEN DOCUMENT Betreft: monetaire overeenkomst tussen de Italiaanse Republiek, namens de Europese Gemeenschap,

Nadere informatie

Brussel, 7 augustus 2013 (14.08) (OR. en) RAAD VA DE EUROPESE U IE 12990/13 ADD 4. Interinstitutioneel dossier: 2013/0264 (COD)

Brussel, 7 augustus 2013 (14.08) (OR. en) RAAD VA DE EUROPESE U IE 12990/13 ADD 4. Interinstitutioneel dossier: 2013/0264 (COD) RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 7 augustus 2013 (14.08) (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2013/0264 (COD) 12990/13 ADD 4 EF 159 ECOFI 740 CO SOM 154 CODEC 1890 BEGELEIDE DE OTA van: de heer Jordi

Nadere informatie

Goedgekeurd op 11 februari 2011

Goedgekeurd op 11 februari 2011 GROEP GEGEVENSBESCHERMING ARTIKEL 29 00327/11/NL WP 180 Advies 9/2011 betreffende het herziene voorstel van de industrie voor een effectbeoordelingskader wat betreft de bescherming van de persoonlijke

Nadere informatie

Titel voorstel: Voorstel voor een verordening van de Raad inzake de vertaalregelingen voor het EU-octrooi

Titel voorstel: Voorstel voor een verordening van de Raad inzake de vertaalregelingen voor het EU-octrooi Fiche 9: Verordening EU octrooi vertaalregelingen 1. Algemene gegevens Titel voorstel: Voorstel voor een verordening van de Raad inzake de vertaalregelingen voor het EU-octrooi Datum Commissiedocument:

Nadere informatie

Voor de delegaties gaan in bijlage dezes de ontwerp-conclusies van de Raad, waarover een akkoord is bereikt in de Groep sociale vraagstukken.

Voor de delegaties gaan in bijlage dezes de ontwerp-conclusies van de Raad, waarover een akkoord is bereikt in de Groep sociale vraagstukken. RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 11 februari 2011 (16.02) (OR. en) 6196/1/11 REV 1 SOC 99 COMPET 34 VERSLAG van: de Groep sociale vraagstukken aan: het Comité van permanente vertegenwoordigers (1e deel)

Nadere informatie

gemeente Steenbergen De Heen Dinteloord Kruisland Nieuw-Vossemeer Steenbergen Welberg

gemeente Steenbergen De Heen Dinteloord Kruisland Nieuw-Vossemeer Steenbergen Welberg IIMIM III III II III IIII BM1401251 De raad van de gemeente Steenbergen; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 4 juni 2014; gelet op: gelet op de artikelen 147 en 149 van de Gemeentewet,

Nadere informatie

I. ALGEMENE BEPALINGEN... 1 II. DIENSTEN INZAKE TOT STAND KOMEN VAN OVEREENKOMSTEN... 2 III. OVERIGE VOORWAARDEN... 5

I. ALGEMENE BEPALINGEN... 1 II. DIENSTEN INZAKE TOT STAND KOMEN VAN OVEREENKOMSTEN... 2 III. OVERIGE VOORWAARDEN... 5 Algemene voorwaarden Schoeman consultants B.V. Per juli 2013 De algemene voorwaarden Schoeman consultants B.V. zijn van toepassing op alle rechtsverhoudingen tussen opdrachtnemer en opdrachtgever, behoudens

Nadere informatie

NOTA VAN HET VOORZITTERSCHAP de Groep belastingvraagstukken Indirecte belasting (BTW) Betreft: BTW - Plaats van levering van gas en elektriciteit

NOTA VAN HET VOORZITTERSCHAP de Groep belastingvraagstukken Indirecte belasting (BTW) Betreft: BTW - Plaats van levering van gas en elektriciteit Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 27 januari 2003 (31.01) (OR. en) PUBLIC 5731/03 Interinstitutioneel dossier: 2002/0286 (CNS) LIMITE FISC 10 ENER 23 NOTA VAN HET VOORZITTERSCHAP aan: de Groep

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN VERSLAG VAN DE COMMISSIE AAN DE RAAD, HET EUROPEES PARLEMENT EN HET EUROPEES ECONOMISCH EN SOCIAAL COMITÉ

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN VERSLAG VAN DE COMMISSIE AAN DE RAAD, HET EUROPEES PARLEMENT EN HET EUROPEES ECONOMISCH EN SOCIAAL COMITÉ COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 1.10.2004 COM(2004) 603 definitief VERSLAG VAN DE COMMISSIE AAN DE RAAD, HET EUROPEES PARLEMENT EN HET EUROPEES ECONOMISCH EN SOCIAAL COMITÉ over de toepassing

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 2 juni 2003 (06.06) (OR. en) 9748/03 LIMITE VISA 91 FRONT 67 COMIX 326

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 2 juni 2003 (06.06) (OR. en) 9748/03 LIMITE VISA 91 FRONT 67 COMIX 326 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 2 juni 2003 (06.06) (OR. en) 9748/03 LIMITE VISA 91 FRONT 67 COMIX 326 NOTA van: het voorzitterschap aan: de Groep visa nr. vorig doc.: 8696/03 VISA 70 COMIX 260 Betreft:

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 15 april 2015 (OR. en)

Raad van de Europese Unie Brussel, 15 april 2015 (OR. en) Raad van de Europese Unie Brussel, 5 april 205 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 205/0062 (E) 785/5 VISA 04 COMEM 55 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: BESLUIT VAN DE RAAD betreffende

Nadere informatie

?? NL RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 13 mei 2004 (14.05) (OR. en) 9414/04 POLGEN 21

?? NL RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 13 mei 2004 (14.05) (OR. en) 9414/04 POLGEN 21 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 13 mei 2004 (14.05) (OR. en) 9414/04 POLGEN 21 NOTA van: aan: Betreft: het voorzitterschap het Comité van permanente vertegenwoordigers / de Raad Verslag over de stand

Nadere informatie

Regels inzake gemeenschappelijke wisselkoersarrangementen van de euro, alsmede wijziging van enkele andere wetten.

Regels inzake gemeenschappelijke wisselkoersarrangementen van de euro, alsmede wijziging van enkele andere wetten. Regels inzake gemeenschappelijke wisselkoersarrangementen van de euro, alsmede wijziging van enkele andere wetten. Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau,

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 29.4.2003 COM(2003) 219 definitief 2003/0084 (COD) Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD tot wijziging van Richtlijn 2002/96/EG

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 26 mei 2015 (OR. en)

Raad van de Europese Unie Brussel, 26 mei 2015 (OR. en) Raad van de Europese Unie Brussel, 26 mei 2015 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2015/0088 (E) 8253/15 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: EEE 12 ESPACE 8 ENV 242 COMPET 162 BESLUIT

Nadere informatie

Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 4.11.2013 COM(2013) 761 final 2013/0371 (COD) Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD tot wijziging van Richtlijn 94/62/EG betreffende verpakking en

Nadere informatie

EUROPESE COMMISSIE DIRECTORAAT-GENERAAL LANDBOUW EN PLATTELANDSONTWIKKELING. INTERPRETATIENOTA Nr. 2015-01

EUROPESE COMMISSIE DIRECTORAAT-GENERAAL LANDBOUW EN PLATTELANDSONTWIKKELING. INTERPRETATIENOTA Nr. 2015-01 EUROPESE COMMISSIE DIRECTORAAT-GENERAAL LANDBOUW EN PLATTELANDSONTWIKKELING Directoraat I. Landbouwwetgeving en procedures I.1. Landbouwwetgeving; vereenvoudiging Datum van verspreiding 8.7.2015 INTERPRETATIENOTA

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 25.7.2001 COM(2001) 439 definitief 2001/0174 (COD) Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD betreffende grensoverschrijdende

Nadere informatie

Europees Economisch en Sociaal Comité ADVIES

Europees Economisch en Sociaal Comité ADVIES Europees Economisch en Sociaal Comité ECO/360 Belastingheffing - Richtlijn moedermaatschappij / dochteronderneming Brussel, 25 maart 2014 ADVIES van het Europees Economisch en Sociaal Comité over het "Voorstel

Nadere informatie

het Comité burgerlijk recht (algemene vraagstukken) Gemeenschappelijk referentiekader voor het Europees contractenrecht

het Comité burgerlijk recht (algemene vraagstukken) Gemeenschappelijk referentiekader voor het Europees contractenrecht Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 7 juni 2007 (25.06) (OR. en) PUBLIC 0235/07 LIMITE JUSTCIV 5 CONSOM 8 NOTA van: aan: Betreft: het voorzitterschap het Comité burgerlijk recht (algemene vraagstukken)

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 13 maart 2000 (OR. en) 6485/00 Interinstitutioneel dossier: 99/0172 (CNS) LIMITE ECOFIN 56 NIS 30

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 13 maart 2000 (OR. en) 6485/00 Interinstitutioneel dossier: 99/0172 (CNS) LIMITE ECOFIN 56 NIS 30 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 13 maart 2000 (OR. en) 6485/00 Interinstitutioneel dossier: 99/0172 (CNS) LIMITE ECOFIN 56 NIS 30 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: Besluit van de Raad

Nadere informatie

P5_TA(2002)0269. Toekomstige ontwikkeling van Europol

P5_TA(2002)0269. Toekomstige ontwikkeling van Europol P5_TA(2002)0269 Toekomstige ontwikkeling van Europol Aanbeveling van het Europees Parlement aan de Raad over de toekomstige ontwikkeling van Europol en zijn volledige opneming in het institutioneel bestel

Nadere informatie

Integraal mededingingsrecht

Integraal mededingingsrecht Integraal mededingingsrecht Verzameling van in Nederland geldende nationale en Europese regelgeving inzake kartelrecht en concentratiecontrole Samengesteid door: mr. P.B. Gaasbeek prof. mr. B.MJ. van der

Nadere informatie

12722/01 HD/nj DG G NL

12722/01 HD/nj DG G NL RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 29 oktober 2001 (OR. en) 12722/01 Interinstitutioneel dossier: 2001/0121 (CNS) ECOFIN 264 ENV 490 NIS 73 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: Besluit van

Nadere informatie

5135/02 CS/mm DG H NL

5135/02 CS/mm DG H NL RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 29 januari 2002 (OR. es) 5135/02 ENFOPOL 5 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: Initiatief van het Koninkrijk Spanje betreffende de oprichting van een

Nadere informatie

EUROPESE CENTRALE BANK

EUROPESE CENTRALE BANK NL Deze inofficiële versie van de Gedragscode voor de leden van de Raad van Bestuur dient uitsluitend ter informatie B EUROPESE CENTRALE BANK GEDRAGSCODE VOOR DE LEDEN VAN DE RAAD VAN BESTUUR (2002/C 123/06)

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 5 februari 2008 (07.02) (OR. en) 5952/08 JUR 25 COUR 1

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 5 februari 2008 (07.02) (OR. en) 5952/08 JUR 25 COUR 1 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 5 februari 2008 (07.02) (OR. en) 5952/08 JUR 25 COUR 1 BEGELEIDENDE NOTA van: de heer V. SKOURIS, Voorzitter van het Hof van Justitie d.d.: 4 februari 2008 aan: de heer

Nadere informatie

2. In het arrest van 20 september 2001 heeft het Hof uitspraak gedaan over twee prejudiciële vragen die respectievelijk betrekking hadden op:

2. In het arrest van 20 september 2001 heeft het Hof uitspraak gedaan over twee prejudiciële vragen die respectievelijk betrekking hadden op: Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 11 juni 2002 (26.06) (OR. fr) PUBLIC 9893/02 Interinstitutioneel dossier: 2001/0111 (COD) LIMITE 211 MI 108 JAI 133 SOC 309 CODEC 752 BIJDRAGE VAN DE IDISCHE

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD NL NL NL COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 24.11.2009 COM(2009)641 definitief Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD waarbij de Portugese Republiek wordt gemachtigd een maatregel toe

Nadere informatie

bron : Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen PB C 177 E van 27/06/2000

bron : Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen PB C 177 E van 27/06/2000 bron : http://www.emis.vito.be Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen dd. 27-06-2000 Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen PB C 177 E van 27/06/2000 Gewijzigd voorstel voor een beschikking

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 21 januari 2003 (28.01) (OR. en) 15528/02 ADD 1. Interinstitutioneel dossier: 2001/0077 (COD) ENER 315 CODEC 1640

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 21 januari 2003 (28.01) (OR. en) 15528/02 ADD 1. Interinstitutioneel dossier: 2001/0077 (COD) ENER 315 CODEC 1640 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 21 januari 2003 (28.01) (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2001/0077 (COD) 15528/02 ADD 1 ENER 315 CODEC 1640 ONTWERP-MOTIVERING VAN DE RAAD Betreft: Gemeenschappelijk

Nadere informatie

BESLUIT VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK. van 17 november 2008. tot vaststelling van het kader voor de gezamenlijke aanbesteding van het Eurosysteem

BESLUIT VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK. van 17 november 2008. tot vaststelling van het kader voor de gezamenlijke aanbesteding van het Eurosysteem NL BESLUIT VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK van 17 november 2008 tot vaststelling van het kader voor de gezamenlijke aanbesteding van het Eurosysteem (ECB/2008/17) DE RAAD VAN BESTUUR VAN DE EUROPESE CENTRALE

Nadere informatie

GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE. van 17.7.2014

GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE. van 17.7.2014 EUROPESE COMMISSIE Brussel, 17.7.2014 C(2014) 4580 final GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE van 17.7.2014 betreffende de voorwaarden voor de indeling in klassen zonder tests van bepaalde

Nadere informatie

RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 31 juli 2012 (OR. en) 13023/12 Interinstitutioneel dossier: 2011/0295 (COD) EF 187 ECOFI 734 DROIPE 114 CODEC 1999

RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 31 juli 2012 (OR. en) 13023/12 Interinstitutioneel dossier: 2011/0295 (COD) EF 187 ECOFI 734 DROIPE 114 CODEC 1999 RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 31 juli 2012 (OR. en) 13023/12 Interinstitutioneel dossier: 2011/0295 (COD) EF 187 ECOFI 734 DROIPE 114 CODEC 1999 GEWIJZIGD VOORSTEL van: de Europese Commissie d.d.:

Nadere informatie