Door het bier Tot het lied

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Door het bier Tot het lied"

Transcriptie

1 Door het bier Tot het lied Een onderzoek naar rituelen met betrekking tot zingen op het Utrechtsch Studenten Corps Masterthesis Muziekwetenschap aan de Universiteit Utrecht Begeleider: Louis Peter Grijp Student: Hanneke Faber Studentnummer: Datum: 10 juli 2006

2 Inhoudsopgave Inleiding Vraagstelling en hypothese Interviewmethodiek De geschiedenis van het USC Senatus Veteranorum. Placet hic requiescere Musis. Het Utrechts Studentencorps Bestuursvormen Huisvesting Ontgroening Verenigingsleven Verenigingsstructuur Bestuur Verbanden Jaren Zingen vóór Frits Coers De komst van Frits Coers en de oprichting van de Jongelieden Zangvereeniging Coers' Lied Frits Coers Coers Lied Liedbundels van Coers Coers Lied en de hedendaagse zangcultuur van het USC De invloed van Coers Lied op de huidige zangcultuur van het USC Het Groenentooneel Het ontstaan en de ontwikkeling van het Groenentooneel De liedjes De functie van het Groenentooneel voor het USC Rituelen op de Kroeg Tijdens de borrel Bijzondere rituelen Overige rituelen Theoretische analyse Zingen en vieren

3 9.2 Communitas versus structuur Conclusie Foutendiscussie...64 Literatuur en bronnen...66 Bijlage 1: Liedteksten...68 Bijlage 2: Verklarende woordenlijst...77 Bijlage 3: Interviews

4 Inleiding Voor u ligt het resultaat van een onderzoek naar Utrechtse studentenzangcultuur. Het begint met een inventarisatie van rituelen die zich voordoen op het Utrechts Studenten Corps (USC), waarbij liederen een belangrijke rol spelen of die te maken hebben met zingen. De aanleiding tot het onderwerp van deze masterscriptie is een literatuuronderzoek dat ik deed in het kader van een muziekwetenschapwerkgroep in het najaar van Deze ging over de stand van zaken omtrent de Utrechtse studentenzangcultuur, met als casus het Utrechts Studentencorps en met name de daaruit voortgekomen Jongelieden Studenten Zangvereniging Coers Lied. Ik raakte gefascineerd door het onderwerp, ten eerste omdat het veel meer omvatte dan ik had verwacht en ten tweede omdat het zingen deel uitmaakt van een traditie die eeuwen teruggaat in de universitaire geschiedenis. Mijn oorspronkelijke plan was om alle corpora van Nederland te onderzoeken en te kijken naar de verschillen en de overeenkomsten. Heel Nederland bleek echter een veel te groot werkveld, omdat ieder corps een heel eigen traditie heeft en er minder raakvlakken zijn dan ik had verwacht, een probleem waarvan de letterlijke en figuurlijke afstand tussen de verenigingen de belangrijkste oorzaak is. (Ze kennen door hun verspreide ligging allemaal een eigen oorsprong, waardoor sommige tradities ook in overdrachtelijke zin heel ver uit elkaar liggen.) Bovendien reikte het Utrechtse Corps, dat in vergelijking tot bijvoorbeeld de corpora van Leiden en Groningen, de meest prominente zangcultuur heeft van alle corpora in Nederland, mij eigenlijk al meer informatie aan dan ik in het tijdsbestek, dat voor een scriptie gangbaar is, kon verwerken, laat staan dat ik tijd had om een vergelijkende studie over meerdere corpora te schrijven. Het USC is aanleiding geweest voor het publiceren van veel boeken. Zijn leden zijn trots op hun vereniging of op dat deel waarvoor zij belangrijk zijn (geweest) en soms leidt dat tot het besluit er een boek over te schrijven. De jubilea van de vereniging, alsmede van enkele verbanden binnen de vereniging, zijn belangrijke aanleidingen geweest voor het tot stand komen van een aantal werken, zoals Utrechts Studentenleven onder redactie van J. J. Bierens De Haan, Een Eeuw Utrechtsch Studenten Tooneel uit 1979 onder redactie van 4

5 D.H.C. Ittmann en 125 jaar Vox Studiosorum, uit 1990 door Danie de Hiep en Joost Klarenbeek. Naast deze boeken heb ik geput uit een aantal artikelen die ik her en der verspreid vond in de letterkundige collectie van de Universiteitsbibliotheek en uit voorwoorden en inleidingen van zangbundels. Maar bovenal heb ik interviews gehouden met prominente leden van Coers Lied en het Koninklijk Utrechtsch Studenten Tooneel. Zoals in het hoofdstuk 5 aan de orde komt heeft het USC de traditie dat alleen gebeurtenissen uit het verleden openbaar opgetekend worden. Voor de situatie zoals die zich nu op het USC voordoet was ik dus genoodzaakt mij te richten tot de mensen die de afgelopen paar jaar de dienst uit hebben gemaakt waar het gaat om zingen. Hoe deze interviews zijn verlopen kunt u lezen in hoofdstuk 2 interviewmethodiek en in bijlage 3, waarin alle uitgewerkte interviews integraal staan afgedrukt. Het feit dat ik me moest beperken tot slechts één corps heeft deze scriptie meer goedgedaan dan men zou denken. In plaats van een lappendeken van tradities en gebruiken is het nu een overzichtelijk en begrijpelijk verhaal geworden. Toch zijn de zaken die erin worden behandeld onalledaags, waardoor het voor de lezer soms lastig zal zijn om het relaas te volgen. Om te zorgen dat deze scriptie voor alle lezers, bekend of onbekend met de streken van de USC ers, goed leesbaar is, begint de tekst met een aantal hoofdstukken die een beeld geven van de geschiedenis van het Utrechts Studentencorps en de structuur van de vereniging. Hierna begint de werkelijke studie naar de zangtraditie. Zowel in hoofdstuk 5 als hoofdstuk 6 komen de liedbundels die door de jaren heen zijn gebruikt en uitgegeven door het USC aan de orde. Hoofdstuk 6 gaat over de werken van Frits Coers en zijn zangvereniging Coers Lied en hoofdstuk 7 is gewijd aan het Groenentooneel. Deze twee hoofdstukken beschrijven beide de zogenaamde georganiseerde rituelen. Het zingen op de sociëteit, dat aan bod komt in hoofdstuk 8, bestaat uit vele kleine gebeurtenissen die samen kunnen worden geschaard onder de noemer ongeorganiseerde rituelen. Daarna volgt een theoretische analyse van de bestudeerde rituelen Hierbij zal ik, net als in de afzonderlijke hoofdstukken over rituelen, ook ingaan op het belang van het zingen, maar dan een algemener belang, groter dan de afzonderlijke belangen van commissies, jaarclubs of individuen. In de conclusie zal ik proberen antwoord te geven op de vraagstelling die in hoofdstuk 1 wordt geformuleerd. Tot slot nog een relativerende noot. Tijdens de correspondentie die ik met 5

6 een aantal USC ers onderhoud om informatie te verkrijgen en voor de inhoudelijke correctie van mijn teksten, werd ik er door één van de leden op gewezen dat ik het allemaal niet zo serieus moest nemen. Toen realiseerde ik me dat dit voor mij misschien vanaf het begin al duidelijk was geweest, temeer omdat ik zelf ook lid ben van een studentenvereniging, maar misschien voor de lezer niet. Daarom, voor iedereen die van plan is deze scriptie te lezen: alles wat gebeurt op de kroeg, gebeurt met een knipoog naar de geschiedenis. Tradities worden met respect in stand gehouden, maar men beseft tegelijkertijd dat het rudimenten zijn van een tijd waarin het USC een heel ander karakter had. Utrecht, augustus 2006 Hanneke Faber 6

7 1 Vraagstelling en hypothese De vaste handelingspatronen binnen een studentenvereniging kunnen worden aangeduid met de term ritueel. Bij onderzoek naar rituelen gaat het niet alleen om de vorm en de inhoud, maar ook en misschien wel vooral om de functie en betekenis ervan. Gerard Rooijakkers, volkskundige, geeft in zijn artikel Vieren en markeren: feest en ritueel (2000) de volgende definitie van rituelen: zowel sociale als profane, geformaliseerde en binnen een bepaald cultureel circuit algemeen aanvaarde gedragsvormen... waarbij de sociale, politieke, economische en culturele context bepalend is voor de betekenis.1 Daarbij noemt hij vier parameters waarmee men hierbij rekening dient te houden, te weten: 1. Sociale differentiatie, dat wil zeggen de verschillende sociale groepen waarin de betreffende rituelen zich voordoen; 2. Historische ontwikkeling, met andere woorden de ontwikkeling van de betreffende rituelen door de jaren heen; 3. regionale spreiding: de vorm en inhoud maar ook de functie en betekenis van en ritueel kunnen per regio verschillen en 4. culturele betekeniscategorieën. Hieronder verstaat men de gelaagdheid in betekenissen voor uiteenlopende groepen die in een viering of ritueel kunnen schuilen. 2 De parameters sociale differentiaties en regionale spreiding zijn in dit onderzoek niet van toepassing. Een studentenvereniging is in principe maar één sociale groep die zich, in dit geval tenminste, geografisch gezien op één plaats bevindt. Deze parameter zou wel interessant zijn als in dit onderzoek meerdere studentenverenigingen aan bod zouden komen omdat die zich meestal niet alleen op 1 Rooijakkers, G.: Vieren en markeren. Feest en ritueel in Dekker, T., (red.) Volkscultuur. Een inleiding in de Nederlandse Etnologie (Nijmegen, 2000), p ibid., p

8 een geografische afstand maar ook op een bepaalde sociale afstand van elkaar kunnen bevinden. Ik heb mij in dit onderzoek echter beperkt tot slechts één vereniging en daarmee tot de parameters historische ontwikkeling en culturele betekeniscategorieën. Volgens Rooijakkers gaat het bij onderzoek naar rituelen vooral om de vraag wáárom mensen zo n behoefte hebben aan het vieren van dingen, aan door middel van rituelen relaties te leggen met een collectief verleden.3 Dit is voor het onderzoek naar de zangrituelen binnen een studentenvereniging niet alleen een relevante vraag in het licht van het bestaande volkskundig onderzoek, maar ook omdat het een vraag is, die veel mensen die te maken krijgen met zo n gesloten studentenvereniging, zichzelf verwonderd stellen. Om hem te beantwoorden moeten we ons eerst afvragen wat een feest precies is. Om in aanmerking te komen voor het predikaat feest moet een gebeurtenis volgens Rooijakkers een aantal kenmerken bezitten, te weten: 1. regelmaat en herhaling; 2. een groep die participeert en er betekenis aan verleent en 3. een vast verloop met een duidelijk gemarkeerd begin en einde.4 Rooijakkers ziet het feest als een opschorting van het alledaagse, een contrast met de routines van alledag. Hij constateert dat het doorbreken van de gewone continuïteit... hierbij in het teken [staat] van het voortbestaan van de groep en dat groepen met behulp van dergelijke geformaliseerde handelingspatronen zich ten opzichte van elkaar afbakenen.5 Antropoloog Victor Turner ( ) omschreef dit soort feesten met de term communitas, een tijdelijke toestand waarin een groep tijdens het vieren van een feest kan verkeren, een totale en momentane beleving van de groep als een homogene, niet-hiërarchische, ongestructureerde en vrije gemeenschap 6. Deze toestand verhoudt zich paradoxaal ten opzichte van de rituele cultuur, waar reglementen, organisaties en sociale orde de boventoon voeren maar 3 ibid., p. 182 ibid., p Rooijakkers, Turner, V.: Dramas, fields and metaphors (1974), geciteerd in: Rooijakkers, Vieren en markeren. Feest en ritueel, p

9 die eigenlijk voortkomt uit de communitas zelf. Rooijakkers:... het feest, uiting van communitas, waarbij men verlost is van de dagelijkse sleur met al zijn sociale verplichtingen en conventies, [roept] zelf een verplichtend corpus van structuren en hiërarchische organisaties in het leven... In dit onderzoek wil ik er, door middel van inventarisatie en analyse van rituelen op het gebied van zingen binnen het Utrechts Studenten Corps, achter komen of dit rituelen zijn zoals Rooijakkers deze in zijn artikel omschrijft. Aan de hand van het antwoord op de eerste vraag zal ik daarna dieper ingaan op Turners theorie over communitas versus ritueel en met behulp de casus liederen zingen zal ik proberen een antwoord te vinden op de vraag waarom de leden van het Utrechtsch Studentencorps behoefte hebben aan het vieren van hun vereniging en hun collectieve verleden daarbinnen. De hoofdvraag van deze scriptie kan dus als volgt worden geformuleerd: Wat zijn de rituelen op het gebied van zingen binnen het Utrechtsch Studenten Corps en wat is hun functie en betekenis? In het licht van deze vraagstelling en de bestudeerde literatuur over volkscultuur rijzen de volgende subvragen: 1. Welke historische ontwikkelingen en culturele betekeniscategorieën kennen deze rituelen? 2. Uitgaande van deze rituelen: in hoeverre is de communitas-theorie van Turner van toepassing op het Utrechtsch Studenten Corps? Deze scriptie is voortgekomen uit een algehele interesse in zingen op het Utrechtsch Studenten Corps en is door de manier van benaderen een historisch onderzoek geworden. Deze vorm leent zich echter niet voor de formulering van een hypothese, simpelweg omdat ik voor het begin van het schrijven geen veronderstellingen had op het gebied van het onderzoek. Na de formulering van de conclusie zal ik echter nog wel kort ingaan op de uitkomsten van het onderzoek en mijn bevindingen hierover. Ik ga proberen de hoofd- en subvragen, die hierboven geformuleerd staan, te beantwoorden aan de hand van de volgende methoden. In de eerste plaats is een 9

10 geordende inventarisatie van de rituelen nodig. Hiervoor heb ik alle rituelen die ik ben tegengekomen, ingedeeld in drie categorieën. De eerste categorie is die van rituelen van voor 1890, dat wil zeggen voor Frits Coers, de man die een hele grote invloed heeft gehad op de zangcultuur van het USC. De tweede categorie is die van rituelen die zijn ontstaan tijdens het lidmaatschap van Coers, ongeveer tussen 1890 en Onder de laatste categorie vallen de rituelen die hun oorsprong in een andere context vonden en die niets te maken hebben met Coers. Onderverdeeld in twee groepen zijn dit rituelen die verband houden met het Groenentooneel, waarover later meer, en alle overige rituelen die plaatsvinden op de sociëteit. Iedere categorie rituelen wordt eerst uitgebreid geïnventariseerd. Daarna komen de leden en oud-leden van het USC aan het woord die ik hierover heb geïnterviewd. Na de behandeling van de rituelen uit alle categorieën volgt een hoofdstuk theoretische analyse, waarin ik eerdergenoemde theorieën van Rooijakkers, Grijp en Turner toepas op de casus van het zingen op het USC. Omdat het gebruiken van diepte-interviews het gevaar van subjectiviteit met zich meebrengt heb ik geprobeerd om deze subjectiviteit enigszins te vermijden door zo veel mogelijk personen te interviewen waarvan ik het vermoeden had dat zij iets zinnigs konden zeggen. Dit probleem zal in hoofdstuk 2 verder worden behandeld. Naast de diepte-interviews heb ik de beschikbare schriftelijke bronnen zo uitputtend mogelijk bestudeerd teneinde de uitspraken van de geïnterviewde personen te kunnen verifiëren. Hieraan voorafgaand heb ik geprobeerd mij zo goed mogelijk in te lezen in het onderwerp om wat basiskennis op te doen over het fenomeen Studentencorps en over studentenliederen in het algemeen. Ik kwam tot de ontdekking dat alle studentenverenigingen die ik tijdens deze zoektocht tegenkwam, beschikken over zangbundels, waaruit op te maken valt dat ze allemaal één of andere zangtraditie kennen. Omdat deze bundels natuurlijk geen bewijs zijn voor het feit dat er daadwerkelijk wordt gezongen, kan men er niet vanuit gaan dat al deze studentenverenigingen een net zo rijke zangtraditie hebben als het USC. Want één ding werd al gauw duidelijk: het USC is écht een zingend Corps. Alleen al het 43-jaar durende lidmaatschap van volksliedcoryfee Frits Coers wijst erop dat Utrecht wat zingen betreft een uitzonderingspositie heeft. 10

11 2 Interviewmethodiek Omdat er weinig secundaire literatuur is verschenen over studentenzangcultuur, bestaat een belangrijk deel van de bronnen voor deze scriptie uit interviewmateriaal. Vanuit een gesprek met een musicologische kennis, zelf reünist van het USC, kwamen de namen van de belangrijkste personen al gauw boven water. Via hen kreeg ik weer andere tips met betrekking tot personen die mij wellicht verder zouden kunnen helpen. Uiteindelijk heb ik een totaal van acht mensen geïnterviewd. Dat lijkt op het eerste gezicht weinig, totdat men de interviews eens nader bestudeert. De bijeenkomsten waren zeer vruchtbaar. De geïnterviewden wilden graag vertellen en daardoor leverde ieder gesprek een schat aan insiderinformatie op die ik waarschijnlijk nergens anders gevonden zou hebben. Daarnaast bleek na twee of drie gesprekken dat bijna alle prominenten, om ze zo maar eens te noemen, (het waren met name representanten van gezelschappen die te maken hebben met zingen) ongeveer even goed op de hoogte zijn van de gebruiken en de rituelen. Daarom heb ik, naarmate de tijd vorderde en het aantal interviews groeide, vooral gevraagd naar invullingen van hiaten die mede door de niet altijd even gestructureerde vorm van de gesprekken waren ontstaan, alsmede naar aanvullingen op reeds gegeven informatie. Toen uit de interviews, de bronnen en de scriptietekst zelf geen vragen meer rezen ben ik gestopt met het zoeken naar te interviewen personen. In eerste instantie leek het mij een goed idee om behalve prominente USCers ook outsiders te interviewen, in de hoop zo achter bepaalde informatie te komen die de insiders niet belangrijk genoeg leek om te vertellen. Vaak vindt men de informatie namelijk te vanzelfsprekend en ogenschijnlijk niet van belang voor mijn onderzoek. Ik moest af en toe echt doorvragen om achter bepaalde kleine rituelen en andere zaken te komen. Het bleek echter dat externen veel minder blootgesteld worden aan de echte USC-cultuur dan ik vermoedde. De belangrijkste rituelen vinden alleen plaats tijdens officiële gelegenheden op het USC, waarbij geen knorren (niet-leden) aanwezig mogen zijn. Bovendien, en dat is misschien nog wel het voornaamste, staan bezoeken van externen aan het USC bijna altijd in het teken van borrelen. Hierdoor zijn de weinige observaties die men heeft gedaan vaak verdwenen in een stuk of wat glazen bier. 11

12 Om de geïnterviewden de kans te geven hun verhaal volledig te vertellen waren de vragen die ik tijdens de gesprekken heb gesteld zo open mogelijk. Ook heb ik iedereen zoveel mogelijk zijn eigen verhaal laten vertellen en geprobeerd het gesprek zo min mogelijk te sturen. Dit bleek een nuttige en doeltreffende manier van interviewen, omdat hierdoor ook zijsporen aan de orde kwamen die achteraf heel interessant bleken te zijn en het verdienden om verder onderzocht te worden. Een voorbeeld hiervan is het hoofdstuk over het Groenentooneel, een gezelschap dat voor mij onverwacht een onontbeerlijke rol blijkt te spelen bij de zangcultuur op het USC. Een aantal vragen heb ik aan iedere te interviewen persoon gesteld. Dit zijn de vragen die mij konden helpen een goed beeld te krijgen van het belang van het zingen op de vereniging. Het was van groot belang dat iedereen hier een uitgebreid antwoord op gaf, omdat er dan een zo groot mogelijke verscheidenheid aan meningen zou ontstaan die het algemene gevoel van het USC het beste zouden representeren. Bovendien konden de representanten elkaar op die manier aanvullen en kon ik eventuele vergissingen corrigeren. De belangrijkste vragen uit deze categorie zijn: Welke aspecten van het zingen op het USC beschouw je als essentieel voor de identiteit van de vereniging? Hoe draagt het zingen bij aan de specifieke USC-sfeer?. Zoals ik had verwacht verschilden de meningen hierover niet veel van elkaar, wel heb ik iedere geïnterviewde persoon gestimuleerd te berichten over de bijdrage van zijn eigen gezelschap aan het zingen en het belang van deze bijdrage. Tot slot heb ik ervoor gekozen de gesprekken niet op te nemen op een geluidsdrager: dit zou naar mijn inzicht voor de informanten een te grote belemmering zijn om vrij te spreken. Het USC heeft al met al een vrij gesloten cultuur, waarbij heel veel gebruiken en mores niet opgeschreven, en dus ook niet opgenomen mogen worden. Een gestructureerde weergave van de gesprekken met weglating van de gevoelige informatie is als bijlage opgenomen in de appendix van deze scriptie. 12

13 3 De geschiedenis van het USC De basis voor het Utrechtsch Studenten Corps is gelegd in 1816 en het USC is daarmee de oudste studentenvereniging van Utrecht. Het ontstaan van het corps was een reactie op de behoefte die bij de Utrechtse studenten bestond om het samenkomen naast de studie in een vastere vorm te gieten. In de eerste paar decennia na de oprichting hield studeren in Utrecht automatisch in dat men lid werd van het Studenten Corps. Er bestonden nog geen andere studentenverenigingen en in tegenstelling tot vandaag de dag waren er nog geen vrouwelijke studenten. Een vereniging voor vrouwen was dus evenmin nodig. Pas aan het einde van de 19e eeuw werden er ook vrouwen toegelaten aan de universiteit en werden het Vrouwencorps (U.V.S.V./N.V.V.S.U.) opgericht en daarnaast andere, gemengde verenigingen. Vanaf het moment van oprichting heeft het USC lange tijd een hechte band gehad met de Universiteit Utrecht. Tot in de jaren '50 van de twintigste eeuw was het Utrechtsch Studenten Corps zelfs verantwoordelijk voor de organisatie van de lustrumvieringen van de universiteit. 3.1 Senatus Veteranorum. Placet hic requiescere Musis. Het Utrechts Studentencorps Op 26 februari 1814 besloten de studenten C. Bax, C.A. den Tex, J.F. van Breugel, J.C. Broers, J. van Rees en S. De Bruin met eenparige stemmen een senaat te vormen, die voor de belangen der studenten zal zorgen en voor hen op zal komen. 7 Er werd een huishoudelijk reglement, de zogenaamde Codex Legum Senatus Veteranorum, ontworpen, dat op 26 maart 1814 door de Senaat zelf werd bekrachtigd. De baan van Senator was gewichtig: wie gevraagd werd voor de Senaat kon niet weigeren, tenzij om zeer gewichtige redenen. Twee jaar na de vorming van de Senaat werd de sociëteit Placet hic requiescere Musis (PhrM) opgericht.8 Het verband tussen de Senaat en de sociëteit is nooit bewezen, maar kan nauwelijks toeval zijn, omdat het eerste bestuur van de sociëteit bestond uit, op één na, alle leden van de Senaat. Het zou zo kunnen zijn dat het initiatief tot de oprichting van PhrM is gekomen vanuit de Senaat, óf dat de 7 8 Bierens de Haan, J. e.a., Het Utrechtse Studentenleven (Utrecht 1936) p. 88 Ibid.,

14 Utrechtse studenten zich dusdanig geneigd voelden zich bij elkaar aan te sluiten dat zíj de stoot tot oprichting hebben gegeven. Omdat in Senatus Veteranorum alleen juristen, medici, filosofen en literatoren tot lid gekozen konden worden, werd in 1831, onafhankelijk van de eerste Senaat, Senatus Theologorum opgericht. De twee senaten leefden met elkaar op vriendschappelijke voet.9 Het gelijktijdige bestaan van de twee senaten betekent echter dat geen van beide Senaten vertegenwoordiger was van alle studenten. In 1833 werd met de oprichting van het Colleguim Praesidium de eerste stap gedaan op de weg naar de democratische studentenvertegenwoordiging. Dit collegium bestond uit de Rectoren van de beide Senaten en vijf faculteitsvertegenwoordigers, die door hun eigen studiegenoten werden verkozen.10 In 1848 volgde de vereniging van de twee Senaten, die de naam van Senatus Veteranorum en de taak van het Collegium overnam. Er kon nu dus worden gesproken van een eenheid: het studentencorps zoals dat in grote lijnen vandaag de dag nog steeds bestaat Bestuursvormen De Senaat bestond vanaf 1848 uit 12 leden en had een veelomvattende functie, waaronder het besturen van de faculteiten van de Utrechtse universiteit.12 Toen de activiteiten van het Utrechtsch Studenten Corps toenamen en de Universiteit zelf het bestuur van de faculteiten overnam, kreeg de Senaat de functie die zij vandaag de dag nog steeds heeft, namelijk het besturen van het Utrechtsch Studenten Corps. Niet alleen het Utrechts Studenten Corps maar ook de Utrechtsche Studenten Sociëteit Placet hic requiescere Musis had een eigen bestuursorgaan: de Commissie van Bestuur. Deze commissie bestond uit zeven mensen, die samen de bedrijfsvoering binnen de sociëteit verzorgden. In de jaren zestig van de twintigste eeuw veranderde, mede door de maatschappelijke ontwikkelingen in die jaren, de sfeer binnen de Senaat. Omdat zij van oudsher was belast met de representatie van het corps, moest ze reageren op de ontwikkelingen buiten het USC. Hierdoor was ze in die tijd samengesteld uit maatschappijkritische, linksgeoriënteerde leden, 9 Bierens de Haan, J. e.a., Het Utrechtse Studentenleven (Utrecht 1936), p ibid. 11 Ibid., Ibid.,

15 terwijl de Commissie van Bestuur uit meer behoudende leden bestond. Deze dichotomie binnen het USC had grote bestuurlijke besluiteloosheid tot gevolg. Toen daarnaast ook de studiedruk sterk toenam, ontstond het verlangen om de besturen van het USC en de Sociëteit samen te voegen. In 1969 werden Senatus Veteranorum en het bestuur van vereniging en Sociëteit samengevoegd. Hiermee kwam een einde aan het bestaan van de Commissie van Bestuur. Toch bleek een commissie die zorgde voor bijstand voor het zaalleven onontbeerlijk. Daarom werd in de loop van het volgend jaar de zogenaamde Aedilaatscommissie opgericht, die bestond uit 14 leden en die werd belast met "de zorg voor de organisatie en coördinatie van de vormende en ontspannende activiteiten binnen het USC"13. De Senaat zelf werd in dat jaar uitgebreid met twee zetels. De nu zeven Senatoren kregen ieder een aantal specifieke taken om de toenemende verenigingsactiviteiten en de modernere, professionelere bedrijfsvoering gericht te kunnen begeleiden. Wegens het wederom afnemen van het aantal bestuurstaken in beide bestuursorganen is de Aedilaatscommissie in 2005 opgegaan in Rector et Senatus Veteranorum en hebben 9 Senatoren zitting in de Senaat. Nu de twee besturen zijn samengevoegd behoort ook het gastheerschap van de Sociëteit tot het takenpakket van de Senaat. Op de website van het Utrechts Studenten Corps staat de taak van de Senaat als volgt beschreven: De Senaat ziet toe op het algemene welzijn en functioneren van de leden binnen het Utrechtsch Studenten Corps. Zij houdt voeling met de vele gezelschappen en studentenhuizen die het Utrechtsch Studenten Corps rijk is, geeft leiding aan diverse commissies en onderhoudt met elan de hechte band die er met de jongere Senaten in den lande bestaat Huisvesting Vanaf de oprichting in 1816 dienden verschillende koffiehuizen in het centrum van Utrecht als sociëteit voor het USC, op locaties als het Wed, het Munsterkerkhof (het huidige Domplein) en de Servetsteeg. In 1858 kwam de sociëteit voor langere tijd weer terug op het Munsterkerkhof. Dit gebouw groeide echter uit haar voegen. In 1897 werd een terrein aan het Janskerkhof aangekocht. Er werd een prijsvraag uitgeschreven voor het ontwerp van een studentensociëteit. De Amsterdamse juni juni

16 architect A.H. Zinsmeister, onder meer bekend van het postkantoor aan de Utrechtse Neude, won deze prijsvraag. De sociëteit die tot op heden door het Utrechtsch Studenten Corps gebruikt wordt, heeft gevels die geïnspireerd zijn op Romaanse stijlelementen en vertoont overeenkomsten met de Koopmansbeurs van Berlage in Amsterdam. Ook vandaag nog is de sociëteit door Zinsmeisters ontwerp en de gele kleur van de stenen een zeer kenmerkend gebouw in het centrum van Utrecht. 3.4 Ontgroening Ten tijde van de oprichting bestond de voornaamste taak van de Senaat uit het ontgroenen ( de plechtigheid der installatie ) van de Monstra viridissima (zeer groene monsters) of monstrosissima (monsterlijkheden).15 In tegenstelling tot vandaag de dag was de ontgroening niet wettelijk geregeld. De duur van de groentijd verschilde zelfs van student tot student. Meestal was men een maand onder de pannen (de in de codex vastgelegde minimale tijdsduur), maar soms ook veel langer. De aanvangstijd was ook niet altijd het begin van het academisch jaar: door het hele jaar heen konden studenten lid worden, iets wat in de praktijk ongeveer om de 14 dagen gebeurde. Tegenwoordig komen alle eerstejaars tegelijkertijd aan, maar aan het begin van de negentiende eeuw op verschillende momenten in het jaar. Dat had tot gevolg dat een student meestal in zijn eentje werd ontgroend en soms met z n tweeën Bij hoge uitzondering mochten studenten gedrieën de groentijd in. In 1838 en 1839 werden herhaaldelijk klachten geuit over mishandeling van de groenen. Dat deze mishandelingen hadden plaatsgevonden werd algemeen aangenomen, hoewel de schrijvers van de klachtenbrieven waarschijnlijk hebben overdreven. Hoe het ook zij, de groentijd werd weliswaar niet afgeschaft, maar de brieven hadden wel tot gevolg dat de groentijd hervormd werd. Deze hervorming heeft er onder andere voor gezorgd dat alle studenten een even lange groentijd hadden en nog steeds hebben en dat een nieuwe student geen groen meer heette maar de huidige benaming van novitius ( nieuweling ) kreeg.16 Vanaf die tijd is de groentijd in grote lijnen hetzelfde gebleven. Pas in 1969 werd deze vervangen door de Kennismakingstijd op voet van gelijkheid waarover in hoofdstuk Bierens de Haan, Studentenleven, p. 89 Ibid.,

17 (Groenentooneel) verder uitgeweid zal worden. 3.5 Verenigingsleven Omdat ook in het verleden het zingen een belangrijke plaats innam in het verenigingsleven zal ik proberen kort een indruk te geven van de ontwikkeling van het gezelschapsleven op het corps vanaf de oprichting in 1816 tot nu.17 De rol die het zingen had bij deze ontwikkeling komt uitgebreider aan de orde in hoofdstuk 6. Aan het begin van de negentiende eeuw begon het sociëteitsbezoek op PhrM tussen 2 en 3 uur s middags met het schaakspel, waarna men om 3 uur aan tafel ging voor het middagmaal. Om 5 uur bezocht men zijn vrienden om thee te drinken en te disputeren over alles wat wetenswaardig is en wat niet wetenswaardig is 18. Om 7 uur keerde de student dan gewoonlijk weer terug naar zijn kamer om te studeren. Van activiteiten in andere verbanden dan die van de vriendschap was nog geen sprake. Pas in de loop van de negentiende eeuw ontstonden er, als gevolg van het saamhorigheidsbesef dat met de samensmelting van de twee senaten was gegroeid, akademische werkgezelschappen, opgerigt uit eene zucht tot gezellige eenzaamheid of eenzame gezelligheid,... eene vereeniging, van studenten, die uit zucht tot meerdere volmaking of uit gevoel van meerdere volmaaktheid zich verbinden, om eenige wetenschap op eene bijzondere en eigene wijze te beoefenen 19. De term volmaking wijst op de behoefte van de studenten aan enerzijds een gezellig complement van de universitaire studie, anderzijds een inhoudelijke invulling van hun borrelende sociëteitsbestaan. Het vulde met andere woorden het gat tussen studie en verpozing. De meeste van deze gezelschappen verloren later hun ernstige inslag en kregen het houden van borrelpartijen als belangrijkste doel. Een paar decennia later ontstonden er ook gezelschappen zonder ernstige voorgeschiedenis, die de bevordering van aangenamen omgang als enige doelstelling hadden. Ze waren zeer in trek bij de corpsleden, maar de corpsleden waren nog meer in trek bij de gezelschappen. Als er nieuwe leden aankwamen probeerden de leden van ieder gezelschap hen in hun midden te lokken door op te 17 Het grootste deel van de hier beschreven geschiedenis van het verenigingsleven op het USC is afkomstig uit: Bierens de Haan, Utrechts Studentenleven (Utrecht 1936), pp tenzij in een voetnoot anders vermeld. 18 Bierens de Haan, Studentenleven, p De Gekortwiekte Faam, (eerste Utrechtse Akademieblad, jaargang 1826) p.142, geciteerd in: Bierens de Haan, Studentenleven, p

18 scheppen over de goede eigenschappen (slimheid, fatsoenlijkheid, aantal leden) van hun gezelschap. Na 1848, toen het corpsleven door de samenvoeging van beide senaten gecompliceerder werd, nam ook het aantal corpsgezelschappen toe. Vooral tussen 1860 en 1880 werd een groot aantal letterlievende en muziekminnende gezelschappen opgericht. Het was de bloeitijd van de particuliere (dat wil zeggen onafhankelijk van de senaat opererende) gezelschappen, mede doordat er destijds nog geen vermaak bestond als bioscopen of cafés met muziek. Ook het fenomeen jaarclub vond in deze tijd haar oorsprong. Rond de eeuwwisseling kwamen er meer openbare verpozingsmogelijkheden in zicht met als gevolg dat veel gezelschappen ter ziele gingen. Een golf van sociale bewustwording onder de studenten zorgde ervoor dat de gezelschapscultuur rond deze tijd nog een korte opleving kende met een aantal letteren- en andere studiegezelschappen, die na het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog in 1914 bijna allemaal weer verdwenen. Evengoed bleef de traditie van subculturen, die begon in de tweede helft van de negentiende eeuw, bestaan. Na de oorlog diende een grote hoeveelheid Suypcolleges zich aan, gezelschappen die tot doel hadden vanuit de sociëteit feestelijkheden en kroegjolen te organiseren ter ere van bijvoorbeeld het Groenentooneel20 en Julianadag (30 april, Koninginnedag). Zoals in het hoofdstuk over Verenigingsstructuur (hoofdstuk 4) uitgebreid zal worden behandeld kent het USC ook tegenwoordig weer een grote verscheidenheid aan gezelschappen. Vele hiervan vonden hun oorsprong in het begin van de twintigste eeuw, zoals Coers Lied en Triton, maar veruit de meeste hebben een korter bestaan gehad. Er wordt heden ten dage onderscheid gemaakt tussen particuliere gezelschappen, subgezelschappen, studiegezelschappen en streekgezelschappen. Het fenomeen subcultuur is binnen het USC van groot belang voor het identiteitsgevoel van het USC-lid. Ook hierop zal ik in het volgende hoofdstuk nader ingaan. 20 Zie hoofdstuk 7 voor uitgebreide uitleg over het Groenentooneel 18

19 4 Verenigingsstructuur Het USC kent een gecompliceerde subculturenstructuur. Voor een goed begrip van de hierop volgende hoofdstukken zal ik hieronder een beknopte uitleg geven van deze structuur. 4.1 Bestuur Rector et Senatus Veteranorum (Voorzitter en de Vergadering van Wijze Mannen), ook wel Senaat genoemd, is van oudsher het bestuursorgaan van het Utrechts Studenten Corps, voorgezeten door de Rector. Het regelt de zaken binnen de vereniging, die gehuisvest is in de Sociëteit. Deze laatste twee moeten niet verward worden: de Sociëteit is het gebouw (het gele huis op het Janskerkhof) dat onderdak biedt aan de vereniging, die bestaat uit de leden van het Corps. Zoals in hoofdstuk 1.4 al werd beschreven hadden de Sociëteit en het USC vroeger beide een eigen bestuur. Omdat het tegenwoordig niet meer nodig is zoveel bestuurders te hebben, heeft het USC besloten dat vanaf 2005 de Senaat en de Aedilaatscommissie samen één bestuursorgaan zijn, dat nog steeds de naam Senatus Veteranorum draagt. 4.2 Verbanden Binnen de vereniging bestaat een uitgebreide verbandenstructuur. In de eerste plaats onderscheidt men horizontale en verticale verbanden. Horizontale verbanden bestaan uit leden van slechts één jaargang, dat wil zeggen dat alle leden van dat verband lid zijn geworden in hetzelfde jaar, verticale verbanden bestaan uit leden van verschillende jaargangen. Het enige horizontale verband is de jaarclub. Jaarclubs worden direct na iedere kennismakingstijd gevormd en bestaan uit 18 tot 20 personen die samen lid zijn geworden. Ze hebben een sterke band, ze komen ten minste een jaar lang iedere kroegavond bij elkaar om te borrelen in de Sociëteit. Vertikaal gezien zijn verschillende soorten gezelschappen te onderscheiden. Een gezelschap is een verband van leden die een interesse, sport of studie delen. Er zijn verschillende soorten gezelschappen. Subgezelschappen, zoals het Utrechts Studenten Tooneel, Triton (de roeivereniging) en Coers Lied, zijn gezelschappen die een sterke band hebben met de vereniging en die de vereniging soms 19

20 ondersteunen met activiteiten. (Het voorvoegsel sub doet vermoeden dat deze gezelschappen ondergeschikt zijn aan andere gezelschappen maar dat is niet zo. Ze hebben deze benaming gekregen vanwege hun eerdergenoemde band met de vereniging.) Naast subgezelschappen zijn er de particuliere gezelschappen, waaronder Tzigane (de zigeunerkapel), Artemis (het jachtgezelschap) en het Utrechts Studenten Ornithologisch Gezelschap. Deze gezelschappen hebben een minder nauwe band met de vereniging. Ze organiseren alleen hun eigen activiteiten. Dan zijn er nog de streekgezelschappen, verbanden, zoals de naam al verraadt, van mensen die uit de zelfde streek of provincie komen, zoals Frisia (Friesland), Hertog Jan (Utrecht) en Anglo Saxon (Engeland) en de studiegezelschappen, zoals Boerhave (geneeskunde), Scheele (farmacie) en Cerberus (diergeneeskunde). Ieder gezelschap, van welk soort dan ook, bestaat uit een bestuur en leden en heeft bijna altijd een eigen lied. Een ander belangrijk soort verband, dat soms bestaat ter ondersteuning van de Senaat, is de commissie. Er zijn gewone commissies, die simpelweg een deel van de activiteiten op het Corps organiseren, en Senaatscommissies, die echt bestaan om de Senaat te helpen met het regelen van belangrijke bestuurlijke activiteiten. Zowel commissies als Senaatscommissies hebben een bestuur met een voorzitter en leden en ontlenen hun bestaansrecht aan activiteiten die op het USC moeten worden georganiseerd. Voorbeelden van commissies zijn de Almanakcommissie, de Maskeradecommissie en de Externe commissie. Behalve de verbanden die binnen de vereniging opereren zijn er nog de Huizen. Deze huizen worden alleen bewoond door leden van de vereniging en zijn belangrijk om ook buiten de vereniging de onderlinge band tussen de leden te versterken. Zelfs huizen hebben een eigen hiërarchie met aan het hoofd de huisoudste en bovendien hebben ze allemaal hun eigen lied. 20

Klassieke Muziekgeschiedenis De Middeleeuwen (500 1500)

Klassieke Muziekgeschiedenis De Middeleeuwen (500 1500) Klassieke Muziekgeschiedenis De Middeleeuwen (500 1500) Algemeen Als je aan de Middeleeuwen denkt, dan denk je waarschijnlijk aan grote kastelen, ridders en jonkvrouwen. Natuurlijk, dit is een gedeelte

Nadere informatie

Op reis door het rijk der Letteren en der Godgeleerdheid

Op reis door het rijk der Letteren en der Godgeleerdheid History Christiane Simone Stadie Op reis door het rijk der Letteren en der Godgeleerdheid Herinneringen van mijne academiereis in 1843 (Abraham Des Amorie van der Hoeven Jr.) Seminar paper Christiane

Nadere informatie

Studentenvereniging UMTC

Studentenvereniging UMTC Studentenvereniging UMTC WELKOM Beste aankomend student, Binnenkort staat je leven op zijn kop: je wordt student! Starten met studeren, je maakt nieuwe vrienden en wellicht ga je op kamers. De Utrechtse

Nadere informatie

A D V I E S Nr. 1.386 ------------------------------ Zitting van dinsdag 29 januari 2002 --------------------------------------------

A D V I E S Nr. 1.386 ------------------------------ Zitting van dinsdag 29 januari 2002 -------------------------------------------- A D V I E S Nr. 1.386 ------------------------------ Zitting van dinsdag 29 januari 2002 -------------------------------------------- Ontwerp van koninklijk besluit tot wijziging van de artikelen 7, 3

Nadere informatie

Rapport. Datum: Rapportnummer: 2011/

Rapport. Datum: Rapportnummer: 2011/ Rapport Rapport betreffende een klacht over de Inspectie voor de gezondheidszorg Bestuursorgaan: de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport te den Haag Datum: Rapportnummer: 2011/ 2 Klacht Verzoekers

Nadere informatie

Met welk doel wil God Zijn kinderen leiden?

Met welk doel wil God Zijn kinderen leiden? Scholen die door Samuel zijn gesticht. Met welk doel wil God Zijn kinderen leiden? Psalm 23:3 3 Hij verkwikt mijn ziel, Hij leidt mij in het spoor van de gerechtigheid, omwille van Zijn Naam. De Here zelf

Nadere informatie

PDF hosted at the Radboud Repository of the Radboud University Nijmegen

PDF hosted at the Radboud Repository of the Radboud University Nijmegen PDF hosted at the Radboud Repository of the Radboud University Nijmegen The following full text is a publisher's version. For additional information about this publication click this link. http://hdl.handle.net/2066/94829

Nadere informatie

Koninklijk Zeeuwsch Genootschap Der Wetenschappen (1768- )

Koninklijk Zeeuwsch Genootschap Der Wetenschappen (1768- ) Koninklijk Zeeuwsch Genootschap Der Wetenschappen (1768- ) Oprichting In 1768 werd het Zeeuwsch Genootschap der Wetenschappen officieel opgericht. De aanleiding vormde een initiatief uit Vlissingen tot

Nadere informatie

Openingsgebeden INHOUD

Openingsgebeden INHOUD Openingsgebeden De schuldbelijdenis herzien Openingsgebeden algemeen Openingsgebeden voor kinderen Openingsgebeden voor jongeren INHOUD De schuldbelijdenis herzien De schuldbelijdenis heeft in de openingsritus

Nadere informatie

Speech tijdens opening tentoonstelling Oorlog! Van Indië tot Indonesië 1945-1950, Bronbeek.

Speech tijdens opening tentoonstelling Oorlog! Van Indië tot Indonesië 1945-1950, Bronbeek. Speech tijdens opening tentoonstelling Oorlog! Van Indië tot Indonesië 1945-1950, Bronbeek. 19 februari 2015 Goedemiddag, Ik ben heel blij met deze tentoonstelling. Als dochter van een oorlogsvrijwilliger

Nadere informatie

Landelijke peiling Nijmegen 2000. Resultaten eindmeting, januari 2006

Landelijke peiling Nijmegen 2000. Resultaten eindmeting, januari 2006 Resultaten eindmeting, januari 2006 O&S Nijmegen januari 2006 Inhoudsopgave 1 Inleiding 3 2 Onderzoeksresultaten 5 2.1 Eerste gedachte bij de stad Nijmegen 5 2.2 Bekendheid met gegeven dat Nijmegen de

Nadere informatie

Wie Nijmegen zegt, zegt Vierdaagse. Hoewel Nijmegen

Wie Nijmegen zegt, zegt Vierdaagse. Hoewel Nijmegen Vierdaagse onder de loupe Wie Nijmegen zegt, zegt Vierdaagse. Hoewel Nijmegen een r i j k verleden en ook hedentendage nog veel interessants te bieden heeft, dankt de stad zijn wereldwijde faam aan een

Nadere informatie

Toespraak commissaris van de Koning Max van den Berg, Viering Bevrijdingsdag, 5 mei 2013, Ter Apel, gemeente Vlagtwedde.

Toespraak commissaris van de Koning Max van den Berg, Viering Bevrijdingsdag, 5 mei 2013, Ter Apel, gemeente Vlagtwedde. Toespraak commissaris van de Koning Max van den Berg, Viering Bevrijdingsdag, 5 mei 2013, Ter Apel, gemeente Vlagtwedde. Dames en heren, Het is een mooie gewoonte om een boom te planten om een ingrijpende

Nadere informatie

De Franse keizer Napoleon voerde rond 1800 veel oorlogen in Europa. Hij veroverde verschillende gebieden, zoals Nederland en België. Maar Napoleon leed in 1813 een zware nederlaag in Duitsland. Hij trok

Nadere informatie

Wat er in de Bijbel staat.en andere liederen

Wat er in de Bijbel staat.en andere liederen Wat er in de Bijbel staat.en andere liederen Wat er in de Bijbel staat.en andere liederen Liedbundel voor kinderevangelisatie Melodieën Bijbelteksten en samenstelling liederen: A.M. Brouwer- Karels Harmonisaties:

Nadere informatie

SAGAAM IN DE KLAS. Een praktische handleiding voor leerkrachten in het PO & VO

SAGAAM IN DE KLAS. Een praktische handleiding voor leerkrachten in het PO & VO SAGAAM IN DE KLAS Een praktische handleiding voor leerkrachten in het PO & VO 1 Hoe meer mensen worden aangezet tot schrijven hoe meer ze gaan lezen Adriaan van Dis Colofon Auteur: Tom Blok Huisstijl:

Nadere informatie

Is het moeilijk voor de mensen om de opdrachten van Jezus uit te voeren? Zo ja, waarom, zo nee waarom niet?

Is het moeilijk voor de mensen om de opdrachten van Jezus uit te voeren? Zo ja, waarom, zo nee waarom niet? Bidden, praten met God LES 5 DEEL 5 DISCIPLE OPDRACHT: Lees de vier tekstgedeelten en beantwoord de 4 bijbehorende vragen. Hand 1:12-14, Hand 2:42, Hand 4:23-31 Hand 6:3-6 Hand 8:17, Hand 16:18, Hand 28:8

Nadere informatie

Latijn en Grieks in de 21ste eeuw

Latijn en Grieks in de 21ste eeuw Latijn en Grieks in de 21ste eeuw Kiezen voor Latijn en/of Grieks? Als leerling in het laatste jaar van de basisschool sta jij voor een belangrijke keuze. Welke studierichting moet je gaan volgen in het

Nadere informatie

Zendingsmoment voor het sterzingen, opgebouwd rond Mt. 2, 1-12

Zendingsmoment voor het sterzingen, opgebouwd rond Mt. 2, 1-12 Pagina 1 Didactisch materiaal Affiche, sterreflectoren, veiligheidsjasjes, van het sterzingen Projectfiche sterzingen 2015 Verkleedmateriaal voor Driekoningen CD met sterzangerslied Teksten van de liederen

Nadere informatie

In de loop van de vele jaren dat ik in mijn bediening sta, constateerde

In de loop van de vele jaren dat ik in mijn bediening sta, constateerde INHOUDSOPGAVE Inleiding................................................... 5 1. Jezus en de doop........................................ 7 2. Het werk van de Heilige Geest.......................... 11

Nadere informatie

Onze Gids werd verboden in W.O. II

Onze Gids werd verboden in W.O. II -15- Onze Gids werd verboden in W.O. II Tijdens de Tweede Wereldoorlog had de Duitse bezetter er uiteraard belang bij om de media aan banden te leggen en zodoende de informatie over de oorlogshandelingen

Nadere informatie

Kijk naar omhoog! 25 kinderliederen. Tekst: Frits Deubel & Bert Noteboom jr. Muziek: Bert Noteboom jr. 2e druk 2006 Uitgave: Proza Musica, Veenendaal

Kijk naar omhoog! 25 kinderliederen. Tekst: Frits Deubel & Bert Noteboom jr. Muziek: Bert Noteboom jr. 2e druk 2006 Uitgave: Proza Musica, Veenendaal Kijk naar omhoog! 25 kinderliederen Tekst: Frits Deubel & Bert Noteboom jr Muziek: Bert Noteboom jr 2e druk 2006 Uitgave: Proza Musica, Veenendaal Meer informatie over dit boek of over andere uitgaven

Nadere informatie

Liedteksten Kerstfeest Zondagsschool 2014. Samenzang

Liedteksten Kerstfeest Zondagsschool 2014. Samenzang Liedteksten Kerstfeest Zondagsschool 2014 Samenzang - Komt allen te zamen Komt allen tezamen, jubelend van vreugde, komt nu, o komt nu naar Bethlehem. Ziet nu de Vorst der eng'len, hier geboren, komt laten

Nadere informatie

DECREET. houdende de erkenning en de subsidiëring van organisaties voor volkscultuur en de oprichting van het Vlaams Centrum voor Volkscultuur

DECREET. houdende de erkenning en de subsidiëring van organisaties voor volkscultuur en de oprichting van het Vlaams Centrum voor Volkscultuur VLAAMS PARLEMENT DECREET houdende de erkenning en de subsidiëring van organisaties voor volkscultuur en de oprichting van het Vlaams Centrum voor Volkscultuur HOOFDSTUK I Algemene bepalingen Artikel 1

Nadere informatie

f ONDERWIJSRAAD. N. 1642 A. 'S-GRAVENHAGE, 2jT-Apr.il 1923.

f ONDERWIJSRAAD. N. 1642 A. 'S-GRAVENHAGE, 2jT-Apr.il 1923. f ONDERWIJSRAAD. N. 1642 A. 'S-GRAVENHAGE, 2jT-Apr.il 1923. Bericht op schrijven van.24februari»23 No.699 Frankenstraat 39. Afd.H.O., 11 ir.,a» 4inn laj» ~ ^en g e l ieve bij het antwoord dagteekening

Nadere informatie

VIJFTIG JAAR SCHEIKUNDIGE NIJVERHEID IN NEDERLAND

VIJFTIG JAAR SCHEIKUNDIGE NIJVERHEID IN NEDERLAND Voorwoord en Inleiding Dr. Ir. H. Koopmans VIJFTIG JAAR SCHEIKUNDIGE NIJVERHEID IN NEDERLAND Uitgegeven ter gelegenheid van het 50-jarig bestaan van het Hoogewerff-Fonds UITGEVERIJ WALTMAN DELFT - 1967

Nadere informatie

376. Uitleg van het Scheppingsverhaal (1) 9-11-2014

376. Uitleg van het Scheppingsverhaal (1) 9-11-2014 Uitleg van het Scheppingsverhaal (376, 377, 378, 393, 394) 376. Uitleg van het Scheppingsverhaal (1) 9-11-2014 Deze preek is mede gebaseerd op Het Geheime boek van Johannes (Codex II, Boek 1, pag. 1 en

Nadere informatie

Jewish feelings, Jewish practice?

Jewish feelings, Jewish practice? Jewish feelings, Jewish practice? Kinderen uit gemengde relaties in Nederland Barbara Tanenbaum / Riki Kooyman [Nederlandse samenvatting] Juni 2014 Jewish feelings, Jewish practice? Kinderen uit gemengde

Nadere informatie

Toespraak Gerdi Verbeet bij de Indiëherdenking 15 augustus 2014 in Den Haag

Toespraak Gerdi Verbeet bij de Indiëherdenking 15 augustus 2014 in Den Haag Toespraak Gerdi Verbeet bij de Indiëherdenking 15 augustus 2014 in Den Haag Elk jaar op de ochtend van 14 augustus is er een korte plechtigheid in de ontvangsthal van de oude Tweede Kamer. Een kleine groep

Nadere informatie

SAGAAM IN DE KLAS. Een praktische handleiding voor leerkrachten in het PO & VO

SAGAAM IN DE KLAS. Een praktische handleiding voor leerkrachten in het PO & VO SAGAAM IN DE KLAS Een praktische handleiding voor leerkrachten in het PO & VO 1 Hoe meer mensen worden aangezet tot schrijven hoe meer ze gaan lezen Adriaan van Dis Colofon Auteur: Tom Blok Huisstijl:

Nadere informatie

B.U.N. Boeddhistische Unie Nederland Vereniging van boeddhistische groeperingen in Nederland

B.U.N. Boeddhistische Unie Nederland Vereniging van boeddhistische groeperingen in Nederland Amsterdam, 24-11-2014 Boeddhisten in Nederland een inventarisatie Er zijn twee vragen die boeddhisten in Nederland al jaren bezig houden: 1. Wat is een boeddhist 2. Hoeveel boeddhisten zijn er in Nederland

Nadere informatie

Leefgebiedenwijzer. Versterken van eigen kracht van cliënten

Leefgebiedenwijzer. Versterken van eigen kracht van cliënten Leefgebiedenwijzer Versterken van eigen kracht van cliënten Colofon Auteurs: Petra van Leeuwen-den Dekker en Anouk Poll Vormgeving: Ontwerpburo suggestie & illusie Drukwerk: True Colours Bestellen: www.movisie.nl

Nadere informatie

Opwekking 346: Opwekking 167:

Opwekking 346: Opwekking 167: Opwekking 346: Maak ons tot een stralend licht een stralend licht Tot de wereld ziet wie haar het leven geeft. Laat het schijnen door ons heen. Maak ons tot een woord van hoop een levend woord dat U verlossing

Nadere informatie

Naam: VAN WILLIBRORD tot Statenbijbel

Naam: VAN WILLIBRORD tot Statenbijbel Naam: VAN WILLIBRORD tot Statenbijbel Willibrord Willibrord werd geboren als zoon van pas bekeerde ouders en werd als zevenjarige jongen door zijn vader Wilgis toevertrouwd aan het klooster van Ripon nabij

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Zitting 1979-1980 15 997 Machtiging van Onze Minister van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk tot oprichting van een stichting Fonds voor de scheppende toonkunst

Nadere informatie

HERVORMDE KERK HOOGBLOKLAND

HERVORMDE KERK HOOGBLOKLAND ================================================ LIEDBUNDEL HERVORMDE KERK HOOGBLOKLAND ================================================ De liedbundel is ook te vinden op de website: www.hervormdhoogblokland.nl

Nadere informatie

Op de vraag of men de artikelen zelf in het Engels schrijft, gaf één wetenschapper het volgende aan:

Op de vraag of men de artikelen zelf in het Engels schrijft, gaf één wetenschapper het volgende aan: NEDERLANDS, TENZIJ Onderzoek Vakgroep Marktkunde en Marktonderzoek RUG In dit onderzoek zijn de volgende vragen geformuleerd: Welke factoren zijn op dit moment van invloed op de beslissing of Nederlandse

Nadere informatie

Over de website en de boodschappen

Over de website en de boodschappen Over de website en de boodschappen De website De website is opgericht om een reeks goddelijke boodschappen te publiceren waarvan een getrouwde moeder van een jong gezin, woonachtig in Europa, zegt dat

Nadere informatie

KINDEREN VAN HET LICHT

KINDEREN VAN HET LICHT KINDEREN VAN HET LICHT Verteller: Het gebeurde in een donkere nacht, heel lang geleden, dat er herders in het veld waren, die de wacht hielden over hun schapen. Zij stonden net wat met elkaar te praten,

Nadere informatie

Beoordeling. h2>klacht

Beoordeling. h2>klacht Rapport 2 h2>klacht Verzoeker klaagt erover dat de Stichting Examenbureau voor het Beroepsvervoer zijn verzoek om restitutie van het examengeld voor de module Voertuigmanagement op 7 oktober 2007 heeft

Nadere informatie

Eindexamen geschiedenis vwo 2009 - I

Eindexamen geschiedenis vwo 2009 - I Ten oorlog! Europese oorlogen 1789-1919. Oorlog als maatschappelijk fenomeen In de landen die Napoleon veroverde, voerde hij een beleid dat: enerzijds paste binnen het gelijkheidsideaal van de Franse Revolutie

Nadere informatie

Inhoud BIJLAGEN. 1. Voorwoord van Frederik de Vrome op de 120 Heidelberger 2. Overzicht van de paltsgraven te 124 Heidelberg

Inhoud BIJLAGEN. 1. Voorwoord van Frederik de Vrome op de 120 Heidelberger 2. Overzicht van de paltsgraven te 124 Heidelberg Inhoud 1. Hulde aan de Heidelberger 7 2. Keuze voor catechismus 11 3. De historie van Heidelberg 21 4. Frederik III, Heidelbergs nieuwe 28 keurvorst 5. Frederik de Vrome voert catechismus in 41 6. Zacharias

Nadere informatie

Docentenhandleiding Schrijven bij geschiedenis

Docentenhandleiding Schrijven bij geschiedenis Docentenhandleiding Schrijven bij geschiedenis In deze docentenhandleiding vindt u meer informatie over de schrijfinstructie-les, die aansluit bij de lessenserie Nederland als democratie. Het doel van

Nadere informatie

Wat is een universiteit? Over de res publica en het publiek maken van dingen

Wat is een universiteit? Over de res publica en het publiek maken van dingen Wat is een universiteit? Over de res publica en het publiek maken van dingen Een denkoefening Prof. Dr. Jan Masschelein Historische uitvindingen: De school De Academie van Plato De middeleeuwse universiteit

Nadere informatie

Zwarte Piet en Witte Klaas

Zwarte Piet en Witte Klaas Zwarte Piet en Witte Klaas Onderzoek naar beeldvorming in de sinterklaastraditie Bianca Berends Kunst en Cultuurwetenschappen Vrije Opleiding Voorwoord Dit is een scriptie over een, volgens velen, oer-

Nadere informatie

Onderwijs 2011-2012. Onderzoekschool Politieke Geschiedenis. Onderzoekschool Politieke Geschiedenis 1

Onderwijs 2011-2012. Onderzoekschool Politieke Geschiedenis. Onderzoekschool Politieke Geschiedenis 1 Onderwijs Onderzoekschool Politieke Geschiedenis 2011-2012 Onderzoekschool Politieke Geschiedenis 1 1. Inleiding en samenvatting De Onderzoekschool Politieke Geschiedenis (OPG) biedt in het academisch

Nadere informatie

Ik ben...! En wie ben jij?

Ik ben...! En wie ben jij? Ik ben...! En wie ben jij? IK ben de Opstanding en het Leven Pasen 2015 viering in de Keizersgrachtkerk zondag 5 april 2015 Ik ben! En wie ben jij? De filosoof Martin Buber heeft de Jezus van het Johannesevangelie

Nadere informatie

Noot 12 Voorbeeldselectie van thema s en vragen voor zeven groepsgesprekken

Noot 12 Voorbeeldselectie van thema s en vragen voor zeven groepsgesprekken Noot 12 Voorbeeldselectie van thema s en vragen voor zeven groepsgesprekken Bijeenkomst 1: Kennismaking 1 Bijeenkomst 2: Familie en vrienden Gesprek over subthema 1: Ouders en Grootouders : Wie was uw

Nadere informatie

Bijlage 1: Methode. Respondenten en instrumenten

Bijlage 1: Methode. Respondenten en instrumenten Bijlage 1: Methode In deze bijlage doen wij verslag van het tot stand komen van onze onderzoeksinstrumenten: de enquête en de interviews. Daarnaast beschrijven wij op welke manier wij de enquête hebben

Nadere informatie

Het lied dat je raakt

Het lied dat je raakt Geloofsontmoetingen Gemeente kring Vergader opening Regio ontmoeting Thema Het lied dat je raakt Concept 0.9 (12 maart 2015) Bond van Vrije Evangelische Gemeenten in Nederland Voorwoord Sinds een paar

Nadere informatie

Samenvatting geschiedenistoets hoofdstuk 6: Een tijd van revoluties

Samenvatting geschiedenistoets hoofdstuk 6: Een tijd van revoluties Samenvatting geschiedenistoets hoofdstuk 6: Een tijd van revoluties Dit hoofdstuk gaat over opstand in Amerika, Frankrijk en Nederland. Deze opstanden noemen we revoluties. Opstand in Amerika (1775). De

Nadere informatie

Zes generaties warme toewijding

Zes generaties warme toewijding Zes generaties warme toewijding De geschiedenis van familiebedrijf Bakker van de Ven Bij gelegenheid van het 75-jarig bestaan in Venhorst Venhorst, juni 2010 PAG 1 INHOUD Voorwoord Inleiding 1 Martinus

Nadere informatie

Toelichting bij de Korte Verhandeling van Spinoza Nummer 1

Toelichting bij de Korte Verhandeling van Spinoza Nummer 1 Toelichting bij de Korte Verhandeling van Spinoza Nummer 1 Deel 1, Hoofdstuk 1 - Dat er iets buiten ons bestaat. Rikus Koops 8 juni 2012 Versie 1.1 In de inleidende toelichting nummer 0 heb ik gesproken

Nadere informatie

op 25 december 2014 in de Vloedschuur

op 25 december 2014 in de Vloedschuur Kerstdienst op 25 december 2014 in de Vloedschuur De cantorij komt zingend binnen met Gaudete, oud Engels Kerstlied Refrein Verheugt U, verheugt U, want Christus is geboren uit de maagd Maria, verheugt

Nadere informatie

F r a n c i s c u s. v a n. Leven met aandacht. w e g D e. Erfgoed Congregatie Zusters Franciscanessen van Oirschot

F r a n c i s c u s. v a n. Leven met aandacht. w e g D e. Erfgoed Congregatie Zusters Franciscanessen van Oirschot Leven met aandacht Erfgoed Congregatie Zusters Franciscanessen van Oirschot w e g D e v a n F r a n c i s c u s 2 Leven met aandacht Inhoud 1 De weg van Franciscus 9 2 De oprichting van de congregatie

Nadere informatie

Stichting Utrechtsch Studenten Symposium Postbus 431 3500 AK Utrecht. Betreft: Stichting Utrechtsch Studenten Symposium (SUSS)

Stichting Utrechtsch Studenten Symposium Postbus 431 3500 AK Utrecht. Betreft: Stichting Utrechtsch Studenten Symposium (SUSS) Stichting Utrechtsch Studenten Symposium Postbus 431 3500 AK Utrecht Betreft: Stichting Utrechtsch Studenten Symposium (SUSS) Geachte heer / mevrouw, Jaarlijks wordt er door de Stichting Utrechtsch Studenten

Nadere informatie

El-Feth Moskee Academielaan 9 5037 ET Tilburg bestuur@el-feth.nl www.el-feth.nl 013-4600769. Beleidsplan El-Feth Moskee Tilburg 2010

El-Feth Moskee Academielaan 9 5037 ET Tilburg bestuur@el-feth.nl www.el-feth.nl 013-4600769. Beleidsplan El-Feth Moskee Tilburg 2010 El-Feth Moskee Academielaan 9 5037 ET Tilburg bestuur@el-feth.nl www.el-feth.nl 013-4600769 Beleidsplan El-Feth Moskee Tilburg 2010 1 Pagina beleidsplan El-Feth Moskee Tilburg 2010 Inhoudsopgave Inhoudsopgave

Nadere informatie

Voor christenen is de Bijbel met name een geloofsboek. Dat betekent

Voor christenen is de Bijbel met name een geloofsboek. Dat betekent De Bijbel Een geloofsboek EWe kunnen vele wegen gaan met de Bijbel. De één ervaart het vooral als een mooi kunstobject. Vele kunstenaars hebben er inspiratie in gevonden om een kunstwerk te maken. We kennen

Nadere informatie

zondagmorgen 14 november 2010 Welkomkerk ds. W.H. Hendriks-Vogelaar

zondagmorgen 14 november 2010 Welkomkerk ds. W.H. Hendriks-Vogelaar Gemeente van de Heer Jezus Christus, Jongeren, ouderen, kinderen van God, Zoals ik voor de lezing al gezegd heb; het gaat vanmorgen niet over trouwen of getrouwd zijn, dat is alleen een voorbeeld verhaal.

Nadere informatie

Geliefde gemeente van onze Heer, Jezus Christus,

Geliefde gemeente van onze Heer, Jezus Christus, Geliefde gemeente van onze Heer, Jezus Christus, 1. Vandaag verwelkomen wij Loïs bij ons in de kring mensen rondom Jezus. Een kring met een rare gewoonte. Waar ter wereld mensen in Jezus naam bijeen komen,

Nadere informatie

Rapport. Datum: 2 juni 1998 Rapportnummer: 1998/203

Rapport. Datum: 2 juni 1998 Rapportnummer: 1998/203 Rapport Datum: 2 juni 1998 Rapportnummer: 1998/203 2 Klacht Op 16 september 1997 ontving de Nationale ombudsman een verzoekschrift van de heer en mevrouw B. te Ter Apel, met een klacht over een gedraging

Nadere informatie

Gecoördineerde tekst:

Gecoördineerde tekst: Gecoördineerde tekst: Decreet van 27 oktober 1998 houdende de erkenning en subsidiëring van organisaties voor volkscultuur en de oprichting van het Vlaams Centrum voor Volkscultuur (B.S.22-12-1998) Decreet

Nadere informatie

RESEARCH CONTENT. Loïs Vehof GAR1D

RESEARCH CONTENT. Loïs Vehof GAR1D RESEARCH CONTENT Loïs Vehof GAR1D INHOUD Inleiding ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ blz. 2 Methode -----------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Nadere informatie

Jij bent nog onbeschreven en nog geen groot verhaal jij blaakt alleen van leven dat in jou ademhaalt.

Jij bent nog onbeschreven en nog geen groot verhaal jij blaakt alleen van leven dat in jou ademhaalt. Jij bent nog onbeschreven en nog geen groot verhaal jij blaakt alleen van leven dat in jou ademhaalt. Jij kunt geen mensen haten en doet geen ander zeer misschien ben jij het wapen waarmee ik liefde leer.

Nadere informatie

Naam: DE BEELDENSTORM Ketters Luther en Calvijn

Naam: DE BEELDENSTORM Ketters Luther en Calvijn Naam: DE BEELDENSTORM Ketters Luther en Calvijn Filips II In 1566, meer dan vierhonderd jaar geleden, zijn veel mensen boos. Er is onrust in de Nederlanden. Er zijn spanningen over het geloof, veel mensen

Nadere informatie

Zondag 11 oktober 2015 - Stem van mensen, stem van God. Bij Marcus 10 : 17-27 en lied 828

Zondag 11 oktober 2015 - Stem van mensen, stem van God. Bij Marcus 10 : 17-27 en lied 828 Zondag 11 oktober 2015 - Stem van mensen, stem van God Bij Marcus 10 : 17-27 en lied 828 Het verhaal van de rijke jongeling is een heel confronterend verhaal. Het is denk ik het enige roepingsverhaal in

Nadere informatie

Inleiding In mijn praktijk als orthopedagoog/gz-psycholoog komen natuurlijk ook ouders met een enig kind. Eerlijk gezegd zag ik hen tot nu toe niet als een aparte categorie. Voor mij is ieder mens uniek,

Nadere informatie

WIJ zijn hier gekomen niet alleen om jullie en alle anderen hier te

WIJ zijn hier gekomen niet alleen om jullie en alle anderen hier te SAMENVATTING VAN DE REDEVOERINGEN GEHOUDEN VOOR DE JEUGD IN SURINAME EN DE NEDERLANDSE ANTILLEN Willemstad, 19 oktober 1955, Oranjestad, 22 oktober 1955. Paramaribo, 5 november t 955 WIJ zijn hier gekomen

Nadere informatie

Juist in het openbaar onderwijs

Juist in het openbaar onderwijs Juist in het openbaar onderwijs Over de aandacht voor levensbeschouwing op de openbare school Legitimatie MARLEEN LAMMERS Wie denkt dat het openbaar onderwijs geen aandacht mag besteden aan levensbeschouwing,

Nadere informatie

Oorspronkelijke handschriften van de Statenvertalers in de Collectie Rolandus (2)

Oorspronkelijke handschriften van de Statenvertalers in de Collectie Rolandus (2) Oorspronkelijke handschriften van de Statenvertalers in de Collectie Rolandus (2) Rolandus gebruikte Beza-edities uit 1567 en 1580 Inleiding In het vorige artikel is een beschrijving gegeven van de drie

Nadere informatie

De Nederlandse Burger Partij HUISHOUDELIJK REGLEMENT

De Nederlandse Burger Partij HUISHOUDELIJK REGLEMENT De Nederlandse Burger Partij HUISHOUDELIJK REGLEMENT Opgave 27 maart 2015, opgemaakt te Papendrecht. HUISHOUDELIJK REGLEMENT Lidmaatschap Artikel 1 Het houden of doen houden van het lidmaatschap, wordt

Nadere informatie

Naar een beleidsplan voor de PG Lemmer

Naar een beleidsplan voor de PG Lemmer Naar een beleidsplan voor de PG Lemmer Inleiding In de komende maanden willen we als kerkenraad een beleidsplan opstellen voor de komende vijf jaar. Iedereen die op dit moment op de één of andere manier

Nadere informatie

De brieven van Van Gogh

De brieven van Van Gogh De brieven van Van Gogh Tijdens een rondwandeling door het dorp, vertelt ieder gids wel iets over de vele brieven die Vincent schreef in zijn leven. Hoe belangrijk waren de brieven voor Vincent, aan wie

Nadere informatie

Gijsje zonder staart geschreven door Henk de Vos (in iets gewijzigde vorm) Er was eens een klein lief konijntje, dat Gijs heette. Althans, zo noemden

Gijsje zonder staart geschreven door Henk de Vos (in iets gewijzigde vorm) Er was eens een klein lief konijntje, dat Gijs heette. Althans, zo noemden Gijsje zonder staart geschreven door Henk de Vos (in iets gewijzigde vorm) Er was eens een klein lief konijntje, dat Gijs heette. Althans, zo noemden zijn ouders hem, maar alle andere konijntjes noemden

Nadere informatie

BIJBELSTUDIES VOOR JONGE GELOVIGEN LES 1. Les 1 - De oorsprong van de Bijbel. In deze bijbelstudies wordt gebruik gemaakt van de NBG-vertaling

BIJBELSTUDIES VOOR JONGE GELOVIGEN LES 1. Les 1 - De oorsprong van de Bijbel. In deze bijbelstudies wordt gebruik gemaakt van de NBG-vertaling BIJBELSTUDIES VOOR JONGE GELOVIGEN LES 1 Les 1 - De oorsprong van de Bijbel In deze bijbelstudies wordt gebruik gemaakt van de NBG-vertaling Deze bijbelstudies zijn vooral bedoeld voor jongeren van 11

Nadere informatie

Sittard, dominicanen en Sint Rosa

Sittard, dominicanen en Sint Rosa Sint Rosa Sittard, dominicanen en Sint Rosa Wanneer de Amerikaanse dominicanessen naar Sittard komen, treden zij in de voetsporen van eerdere dominicanen en dominicanessen, die voor Sittard heel veel betekend

Nadere informatie

Reglement bezwaarprocedure SVWN

Reglement bezwaarprocedure SVWN Reglement bezwaarprocedure SVWN Stichting Visitatie Woningcorporaties Nederland Versie 1.0, vastgesteld 15 december 2015 1/10 Inhoud Begripsbepalingen... 3 De bezwaarcommissie... 3 Procedure... 4 Voorbereiden

Nadere informatie

Welkom in de Menorah. Voorganger Ouderling v. dienst Lectrice Organist. M.m.v. de Overstappers Elise Akkerman, Melanie Schutter en Marrit Tuinenga.

Welkom in de Menorah. Voorganger Ouderling v. dienst Lectrice Organist. M.m.v. de Overstappers Elise Akkerman, Melanie Schutter en Marrit Tuinenga. Welkom in de Menorah M.m.v. de Overstappers Elise Akkerman, Melanie Schutter en Marrit Tuinenga. Voorganger Ouderling v. dienst Lectrice Organist : Ds. A.H. Boschma : mw. L. van der Veen : De Kinderen

Nadere informatie

Door: Vincent Damen Ninja Hogenbirk Roel Theeuwen

Door: Vincent Damen Ninja Hogenbirk Roel Theeuwen Door: Vincent Damen Ninja Hogenbirk Roel Theeuwen 31 mei 2012 INHOUDSOPGAVE Inleiding... 3 1. Totale resultaten... 4 1.1 Elektriciteitsverbruik... 4 1.2 Gasverbruik... 4 1.3 Warmteverbruik... 4 1.4 Totaalverbruik

Nadere informatie

40 jaar Vlaams parlement

40 jaar Vlaams parlement Hugo Vanderstraeten 40 kaarsjes eenheidsstaat of een unitaire staat: één land met één parlement en één regering. De wetten van dat parlement golden voor alle Belgen. In de loop van de 20ste eeuw hadden

Nadere informatie

Als bij een vraag een verklaring of uitleg gevraagd wordt, worden aan het antwoord geen punten toegekend als deze verklaring of uitleg ontbreekt.

Als bij een vraag een verklaring of uitleg gevraagd wordt, worden aan het antwoord geen punten toegekend als deze verklaring of uitleg ontbreekt. Examen HAVO 2008 tijdvak 2 woensdag 18 juni 9.00-12.00 uur geschiedenis Bij dit examen hoort een bijlage. Dit examen bestaat uit 27 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 78 punten te behalen. Voor elk

Nadere informatie

Welk persoon uit het geslacht van Elimelech komt in beeld?

Welk persoon uit het geslacht van Elimelech komt in beeld? Ruth op de akker van Boaz. Welk persoon uit het geslacht van Elimelech komt in beeld? Ruth 2:1 1 Nu had Naomi een bloedverwant van de kant van haar man, een zeer vermogend man, uit het geslacht van Elimelech,

Nadere informatie

LEVEN MET LEF Bijbelstudie 6: Een vrouw voor Izak: Op zoek naar de ware Jacob(a)

LEVEN MET LEF Bijbelstudie 6: Een vrouw voor Izak: Op zoek naar de ware Jacob(a) LEVEN MET LEF Bijbelstudie 6: Een vrouw voor Izak: Op zoek naar de ware Jacob(a) Bijbelstudie 6 Leven met lef Een vrouw voor Izak: op zoek naar de ware Jacob(a) Hervormde Gemeente van Enter Contact: Ds.

Nadere informatie

Abstract Waaier van Merken Een inventarisatie van branding in de Nederlandse gesubsidieerde theatersector Margriet van Weperen

Abstract Waaier van Merken Een inventarisatie van branding in de Nederlandse gesubsidieerde theatersector Margriet van Weperen Abstract Waaier van Merken Een inventarisatie van branding in de Nederlandse gesubsidieerde theatersector Margriet van Weperen Bachelorscriptie Kunsten, Cultuur en Media Rijksuniversiteit Groningen Begeleider:

Nadere informatie

Werken aan scheikunde

Werken aan scheikunde Werken aan scheikunde 24 memoires van hen die de Nederlandse Chemie deze eeuw groot hebben gemaakt Uitgegeven door Delftse Universitaire Pers in 1993. (Copyright 1993 by Delft University Pers). Met toestemming

Nadere informatie

Het Duitse oorlogsverleden:

Het Duitse oorlogsverleden: Het Duitse oorlogsverleden: feiten, motieven, oorzaken en identiteiten Docent: Jelle de Bont H. Oosterhuis 444049 Postvak 54 Onderwijsgroep 16 5 maart 2008 Practicum CW 1D, opdracht 2 Aantal woorden 1704

Nadere informatie

Uitkomst van de Enquête

Uitkomst van de Enquête Uitkomst van de Enquête Naar aanleiding van het rapport tussen leden en leiders heeft de commissie Noten een enquête uit gestuurd waarin de aanbevelingen worden voorgelegd aan leden en sympathisanten van

Nadere informatie

Liederen voor zondag 5 oktober 2014

Liederen voor zondag 5 oktober 2014 Liederen voor zondag 5 oktober 204 Lied 224 God wijst mij een weg als ik zelf geen uitkomst zie. Langs wegen die geen mens bedenkt maakt Hij mij zijn wil bekend. Hij geeft elke dag nieuwe liefde, nieuwe

Nadere informatie

Verhaal van verandering

Verhaal van verandering Belgische Ashoka Fellow Ashoka : Kun je ons iets vertellen over je familie en waar je bent opgegroeid? Ingrid : Ik ben opgegroeid in Antwerpen, een belangrijke stad in Vlaanderen, België. Ik heb een oudere

Nadere informatie

Proefschrift Girigori.qxp_Layout 1 10/21/15 9:11 PM Page 129 S u m m a r y in Dutch Summary 129

Proefschrift Girigori.qxp_Layout 1 10/21/15 9:11 PM Page 129 S u m m a r y in Dutch Summary 129 S u m m a r y in Dutch Summary 129 Gedurende de geschiedenis hebben verschillende factoren zoals slavernij, migratie, de katholieke kerk en multinationals zoals de Shell raffinaderij de gezinsstructuren

Nadere informatie

Een Visioen van Liefde

Een Visioen van Liefde Een Visioen van Liefde Orthen, april 2012 WIE ZIJN WIJ? De oorsprong van de gemeenschap San Salvator ligt in de rooms-katholieke traditie, en voelt zich van daaruit verbonden met de Bijbel, geïnspireerd

Nadere informatie

Uit huis gaan van jongeren

Uit huis gaan van jongeren Arie de Graaf en Suzanne Loozen Jaarlijks verlaten bijna een kwart miljoen jongeren het ouderlijk huis. Een klein deel van hen is al vóór de achttiende verjaardag uit huis gegaan. De meeste jongeren gaan

Nadere informatie

Genesis 1 en 2 enkele verzen Marcus 16: 1 8 11-04-2004. Pasen is opstaan

Genesis 1 en 2 enkele verzen Marcus 16: 1 8 11-04-2004. Pasen is opstaan Gelezen: Genesis 1 en 2 enkele verzen Marcus 16: 1 8 11-04-2004 Pasen is opstaan Gemeente, Het woord, het werkwoord dat bij Pasen hoort is: opstaan. Daarbij horen de afgeleide zelfstandige naamwoorden:

Nadere informatie

Orde van de dienst van. van zondag 12 april 2015 10.00 uur. in De Schepershof. Het thema van deze dienst is: Een nieuwe kijk na Pasen

Orde van de dienst van. van zondag 12 april 2015 10.00 uur. in De Schepershof. Het thema van deze dienst is: Een nieuwe kijk na Pasen Orde van de dienst van van zondag 12 april 2015 10.00 uur. in De Schepershof Het thema van deze dienst is: Een nieuwe kijk na Pasen Deze dienst is voorbereid en wordt uitgevoerd door leden van de werkgroep

Nadere informatie

Het Rode Kruis kiest bij conflicten geen partij. Het kiest altijd voor de slachtoffers, tot welke zijde zij ook behoren.

Het Rode Kruis kiest bij conflicten geen partij. Het kiest altijd voor de slachtoffers, tot welke zijde zij ook behoren. Het Rode Kruis is ontstaan uit het verlangen hulp te bieden, zonder onderscheid. Overal ter wereld handelt de organisatie volgens dezelfde zeven grondbeginselen: Menslievendheid Onpartijdigheid Neutraliteit

Nadere informatie

PROF OF NIET, WE DELEN DEZELFDE PASSIE! Statuten stichting Voorbeelddocument

PROF OF NIET, WE DELEN DEZELFDE PASSIE! Statuten stichting Voorbeelddocument PROF OF NIET, WE DELEN DEZELFDE PASSIE! Statuten stichting Voorbeelddocument Statuten Iedereen die een stichting opricht, wordt hierbij ook wettelijk verplicht statuten op te stellen. Hierin staan onder

Nadere informatie

De vragenlijst van de openbare raadpleging

De vragenlijst van de openbare raadpleging SAMENVATTING De vragenlijst van de openbare raadpleging Tussen april en juli 2015 heeft de Europese Commissie een openbare raadpleging gehouden over de vogel- en de habitatrichtlijn. Deze raadpleging maakte

Nadere informatie

07.2014 Deze studie bouwt voort op de studies God schiep de mens - Adam 1 en God schiep de vrouw - Eva 2 uit de studie Het ontstaan van de wereld.

07.2014 Deze studie bouwt voort op de studies God schiep de mens - Adam 1 en God schiep de vrouw - Eva 2 uit de studie Het ontstaan van de wereld. 07.2014 Deze studie bouwt voort op de studies God schiep de mens - Adam 1 en God schiep de vrouw - Eva 2 uit de studie Het ontstaan van de wereld. God schiep de vrouw, Eva, omdat Hij het niet goed vond

Nadere informatie

OP 23 september 1987 bestond de Stichting 'Economisch

OP 23 september 1987 bestond de Stichting 'Economisch OPRICHTING VAN HET ECONOMISCH TECHNOLOGISCH INSTITUUT VOOR ZUID-HOLLAND TE ROTTERDAM EN DE VOORGESCHIEDENIS DOOR DRS. M. VAN DER VELDEN OP 23 september 1987 bestond de Stichting 'Economisch Technologisch

Nadere informatie