BESTEMMINGSPLAN BOURTANGE DORP VASTGESTELD

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "BESTEMMINGSPLAN BOURTANGE DORP VASTGESTELD"

Transcriptie

1 BESTEMMINGSPLAN BOURTANGE DORP VASTGESTELD

2

3 INHOUDSOPGAVE TOELICHTING Hoofdstuk 1 Inleiding Aanleiding en doelstelling nieuw bestemmingsplan Ligging en begrenzing van het plangebied Geldend bestemmingsplannen Leeswijzer 3 Hoofdstuk 2 Beschrijving van het plangebied Cultuurhistorische geschiedenis van het plangebied Huidige situatie 5 Hoofdstuk 3 Beleidskader Rijksbeleid Provinciaal beleid Regionaal beleid Gemeentelijk beleid 10 Hoofdstuk 4 Omgevingsaspecten Geluid Luchtkwaliteit Bedrijven en milieuzonering Agrarische bedrijven Externe veiligheid Ecologie Water Bodem Archeologie en cultuurhistorie 18 Hoofdstuk 5 Planuitgangspunten Hoofdkeuzen bestemmingen Uitgangspunten ruimtelijke structuur Uitgangspunten functionele structuur Energie en duurzaam ruimtegebruik 22 Hoofdstuk 6 Juridische planbeschrijving Toelichting op het juridisch systeem Toelichting op de bestemmingen Dubbelbestemmingen en gebiedsaanduidingen 28 Hoofdstuk 7 Uitvoerbaarheid Maatschappelijke uitvoerbaarheid Economische uitvoerbaarheid en grondexploitatie 29 BIJLAGEN BIJ TOELICHTING Bijlage 1 Aanwijzingsbesluit Beschermd Dorpsgezicht Bijlage 2 Beleid inzet Woningcontingenten Bijlage 3 Begrenzing buitengebied Bijlage 4 Reactienota

4 REGELS Hoofdstuk 1 INLEIDENDE REGELS 31 Artikel 1 Begrippen 31 Artikel 2 Wijze van meten 36 Hoofdstuk 2 BESTEMMINGSREGELS 37 Artikel 3 Agrarisch - Cultuurgrond 37 Artikel 4 Bedrijf 38 Artikel 5 Bedrijf - Nutsvoorziening 41 Artikel 6 Bos 42 Artikel 7 Cultuur en ontspanning 43 Artikel 8 Gemengd Artikel 9 Gemengd Artikel 10 Groen 47 Artikel 11 Maatschappelijk 48 Artikel 12 Maatschappelijk - Begraafplaats 49 Artikel 13 Recreatie - Dagrecreatie 50 Artikel 14 Sport 51 Artikel 15 Tuin 52 Artikel 16 Verkeer - Parkeerterrein 53 Artikel 17 Verkeer - Verblijfsgebied 54 Artikel 18 Water 55 Artikel 19 Wonen Artikel 20 Wonen Artikel 21 Wonen - Vesting 60 Artikel 22 Waarde - Archeologie 62 Artikel 23 Waarde - Beschermd dorpsgezicht 64 Hoofdstuk 3 ALGEMENE REGELS 68 Artikel 24 Anti-dubbeltelbepaling 68 Artikel 25 Algemene bouwregels 69 Artikel 26 Algemene gebruiksregels 70 Artikel 27 Algemene aanduidingsregels 71 Artikel 28 Algemene afwijkingsregels 72 Artikel 29 Algemene wijzigingsregels 73 Hoofdstuk 4 OVERGANGS- EN SLOTREGELS 74 Artikel 30 Overgangsrecht 74 Artikel 31 Slotregel 75 BIJLAGEN BIJ REGELS Bijlage 1 Lijst met toelaatbare beroepen en vormen van bedrijvigheid bij het wonen Bijlage 2 Lijst van toegestane bedrijven

5 TOELICHTING HOOFDSTUK 1 INLEIDING 1.1 Aanleiding en doelstelling nieuw bestemmingsplan Op grond van de in 2008 ingevoerde Wet ruimtelijke ordening dienen alle bestemmingsplannen eens in de 10 jaar te worden herzien. In dat kader werkt de gemeente Vlagtwedde aan het actualiseren van de bestemmingsplannen op haar grondgebied. Dit bestemmingsplan voorziet in een actuele planologisch-juridische regeling voor de bebouwde kom van Bourtange Dorp. De vesting maakt hier integraal deel van uit. Het nieuwe bestemmingsplan zorgt voor een actueel toetsings- en afwegingskader van bouwaanvragen en ontwikkelingsinitiatieven. Het bestemmingsplan vervangt de geldende bestemmingsplannen. Ook eerder verleende vrijstellingen, ontheffingen en projectbesluiten en wijzigingen zullen hun plaats krijgen in het nieuwe bestemmingsplan. Het nieuwe bestemmingsplan voldoet aan alle recente eisen ten aanzien van standaardisering, uitwisselbaarheid en digitalisering. 1.2 Ligging en begrenzing van het plangebied Het plangebied omvat het dorp Bourtange. Bourtange ligt op enkele kilometers van de Duitse grens en wordt door de provinciale route N365 verbonden met Vlagtwedde. Zowel de vesting als de nieuwer gebouwde delen maken deel uit van het plangebied. De begrenzing is afgestemd op het geactualiseerde bestemmingsplan buitengebied (2009), waar beide gebieden buiten vallen. In de onderstaande figuur is de begrenzing van het plangebied (globaal) weergegeven. Figuur 1. Begrenzing van het plangebied (globaal) Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 1

6 1.3 Geldend bestemmingsplannen De planologische kaders voor het plangebied worden op dit moment gevormd door de volgende plannen: Uitbreidingsplan in Onderdelen voor de kernen Ter Apel, Vlagtwedde, Sellingen en Bourtange (1951), de partiële herziening daarop (1954); bestemmingsplan Vesting Bourtange dat is vastgesteld na de aanwijzing als beschermd dorpsgezicht (1971); bestemmingsplan Bourtanger Tuinen (1981); bestemmingsplan Uitbreiding Bourtange (2006). Uitbreidingsplan in onderdelen (incl. partiële herziening) In het uitbreidingsplan zijn de ontwikkelkaders voor het dorp Bourtange neergelegd. Naast de bestaande bebouwde kom was er in dit plan ruimte voorzien voor een begraafplaats en een klein industriegebied aan het Bourtangekanaal. De partiële herziening van het uitbreidingsplan uit 1954 heeft betrekking op uitbreiding van het dorp aan de noordwest- en de oostzijde van het toenmalig bestaande dorp. Door middel van een plankaart en bebouwingsvoorschriften wordt aangegeven op welke plekken woningbouw is toegestaan. Er wordt onderscheid gemaakt tussen twee verschillende woningtypes, waarbij de een de minimale gevelbreedte en minimaal perceelsbreedte voor woningen uit type II iets ruimer liggen. De minimale en maximale goothoogte (3 tot 6 meter) en minimale en maximale dakhelling zijn voor beide woningtypes zijn gelijk (33 tot 55 graden). In de partiële herziening van het plan zijn tevens gronden gereserveerd voor bijzondere gebouwen en 'actieve recreatie': de huidige sportvelden. Bestemmingsplan Vesting Bourtange (1971) In 1967 is de vesting van Bourtange aangewezen als beschermd dorpsgezicht. Omstreeks deze tijd werd de vesting grondig gereconstrueerd en kwam een deel van de eerdere uitbreidingsplannen te vervallen (zie hoofdstuk 2). Om de bescherming van de (gereconstrueerde) vesting planologisch te waarborgen heeft de gemeenteraad van Bourtange in 1971 een bestemmingsplan voor het aangewezen dorpsgezicht vastgesteld. In het bestemmingsplan zijn de bouw- en gebruiksmogelijkheden strak vastgelegd. Om de vesting haar beeldbepalende karakter te laten behouden zijn de bouwmogelijkheden strak vastgelegd door middel van bouwvlakken. De kapvormen en nokrichting van de bebouwing zijn op een aparte kaart vastgelegd. De vestingwerken zijn ook specifiek inbestemd. Functioneel is een onderscheid gemaakt tussen woningen, winkelhuizen, winkels, woningen met bedrijfsruimte, horecabedrijven en bijzondere gebouwen. Door de functies specifiek in te bestemmen wordt een uitwisselbaarheid tussen deze functies voorkomen. Bestemmingsplan Bourtanger Tuinen (1981) Vanaf de jaren '80 is ten noordwesten van de Bakovensweg een kleinschalig nieuwbouwplan gerealiseerd. Planologische grondslag hiervoor vormt het bestemmingsplan Bourtanger Tuinen. Het plan bevat bouwvoorschriften voor vrijstaande en halfvrijstaande woningen. Voor de indeling van de openbare ruimte zijn de bestemmingen 'Groenvoorzieningen' en 'Verkeersdoeleinden' opgenomen. Bestemmingsplan Uitbreiding Bourtange (2006) Aansluitend bij het uitbreidingsplan uit 1981, is in 2006 nog een kleinschalig uitbreidingsplan vastgesteld. Het plan voorziet in 14 nieuwe woonkavels, waarvan er drie bij recht kunnen worden gebouwd (in lijn met het toen geldende volkshuisvestingsbeleid van de provincie). Voor de andere kavels geldt een bouwverbod dat kan worden opgeheven wanneer de woningbouwcontingenten beschikbaar zijn. Het openbare en private gebied zijn geregeld met één bestemming: 'Woongebied'. De plaats van de beoogde bebouwing is aangegeven met een bouwvlak. Ook de ontsluitingsstructuur is aangeduid op de kaart. 2 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

7 1.4 Leeswijzer De toelichting van dit bestemmingsplan is als volgt opgezet. Na de inleiding in hoofdstuk 1, volgt in hoofdstuk 2 een beschrijving van het plangebied. In hoofdstuk 3 komt het relevante beleidskader aan de orde. Hoofdstuk 4 bevat een toetsing aan de wet- en regelgeving op het gebied van milieu, ecologie, archeologie en water. Hoofdstuk 5 beschrijft de belangrijkste uitgangspunten voor het nieuwe bestemmingsplan. In hoofdstuk 6 wordt de juridische vormgeving van het plan - de bestemmingen - gemotiveerd. Hoofdstuk 7 gaat in op de maatschappelijke en economische uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan. In hoofdstuk 8 wordt een samenvatting gegeven van de gehouden inspraakprocedure en het gevoerde overleg met provincie en overige instanties. De uitgewerkte beantwoording op alle reacties in in een separate bijlage bij de toelichting weergegeven. Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 3

8 HOOFDSTUK 2 BESCHRIJVING VAN HET PLANGEBIED 2.1 Cultuurhistorische geschiedenis van het plangebied Vesting Bourtange Vanaf 5000 voor Christus ontstond in het gebied tussen de Hondsrug en het stroomdal van de Eems (Duitsland) een uitgestrekt veenmoeras: het Bourtangermoeras. Bourtange lag op een smalle zandrug temidden van dit moerasgebied op een belangrijke verbindingsroute tussen de stad Groningen en het Duitse Westfalen. Tijdens de Tachtigjarige oorlog werd op deze strategische locatie een vijfhoekig verdedigingswerk gebouwd. De vesting werd voltooid in Later, toen de Spaanse vijand zich had teruggetrokken naar het Duitse Lingen, werd de vesting nog uitgebreid met een naar het oosten gericht kroonwerk (zie figuur). Ook in latere perioden is de vesting verder uitgebreid. Figuur 2. De vesting vanuit vogelvluchtperspectief Door het ontginning en ontwatering van het veen in de 18 e en 19 e eeuw begon het verdedigingswerk geleidelijk haar waarde te verliezen. In 1851 werd de functie van de vesting opgeheven. Vanaf die tijd werden vestingwerken afgebroken en de grachten gedempt. De ruimtelijke indeling van de bewoningskern bleef echter goed bewaard. Dit geldt in het bijzonder voor het vijfzijdige pleintje en de radiale gerichte straten. In de verkaveling van de weilanden aan de noordoostzijde was nog goed het oorspronkelijke vestingwerk te herkennen. In de jaren '50 en '60 stagneerde de groei van Bourtange. Boeren vertrokken, winkels sloten hun deuren en ook de politie vertrok. Om het dorp een impuls te geven, besloot de gemeente Vlagtwedde in die periode om de vesting te reconstrueren. Bij de reconstructie heeft men zich gebaseerd op het jaar 1742, toen de vesting haar grootste omvang had bereikt. In 1967 werd Bourtange aangewezen als beschermd dorpsgezicht 'aangezien vrijwel nergens in Nederland de ruimtelijke structuur van de bewoningskern van soortgelijke fortificaties bewaard is gebleven'. Bij de begrenzing van het beschermd dorpsgezicht werd rekening gehouden met de reconstructieplannen die op dat moment volop in de maak waren. Het reconstructie plan richtte zich ook op het integreren van de Bourtanger bevolking binnen de vesting, zodat het naast cultureel erfgoed en een toeristische trekpleister, ook een normaal dorp zou blijven. Bij de reconstructie werden in totaal 60 woningen gesloopt die op de plaats van de vestingwallen en grachten warden gebouwd. In 1992 was het reconstructieplan afgerond. 4 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

9 Uitbreidingsplan in onderdelen en latere uitbreidingen In de naoorlogse periode was op veel plekken behoefte aan nieuwe woningen. In 1951 is een Uitbreidingsplan in Onderdelen vastgesteld om de uitbreiding van de kernen Ter Apel, Vlagtwedde, Sellingen en Bourtange op een gestructureerde manier tot stand te laten komen. Dit plan werd in 1954 voor een deel herzien. In de onderstaande figuur is het herziene uitbreidingsplan weergegeven. De gekleurde delen geven de uit te breiden delen aan. De omvang van het toenmalige dorp Bourtange is met een bolletjeslijn gemarkeerd. Figuur 3. Partiële herziening van het uitbreidingsplan (1954) Naast woningbouw, zijn op basis van de uitbreidingsplannen verschillende dorpsvoorzieningen tot stand gekomen. Voorbeelden daarvan zijn de school en de sportvelden. Een substantieel deel van de uitbreidingsplannen is nooit tot stand gekomen doordat de reconstructie van de vesting een heel andere gebruik van de ruimte vergde (zie figuur). Overigens bleek een groot deel van de geprojecteerde woningen later niet nodig, omdat de bevolkingsgroei stagneerde. 2.2 Huidige situatie Ruimtelijke structuur De stervormige vesting is een duidelijk afgebakend en herkenbaar element in de ruimtelijke structuur van het plangebied. Door de verdedigingswerken terug te brengen in haar oorspronkelijk staat, is de functie daarvan sterk beleefbaar. Naast de vestingwerken met grachten, wallen en bruggen geldt dit ook voor het vijfzijdige plein en de radiale opzet van de straten binnen de vesting. Een deel van de route die door de vesting werd gecontroleerd, vormt ook een belangrijk element in het plangebied. De Vlagtwedderstraat is de hoofdontsluitingsroute van het dorp richting Vlagtwedde en vormt de ontwikkelingsas waarlangs latere uitbreidingen hebben plaatsgevonden. Binnen de vesting is de bebouwing in traditionele staat gereconstrueerd. Het betreft lage bebouwing, waarbij een grote diversiteit in gevelopbouw, nokrichting en kapvorm valt te onderscheiden. Verder valt de 'aankleding' en het materiaalgebruik binnen de vesting op. De bestrating bestaat uit zwerfkeien en klinkers en de erfafscheidingen worden gevormd door lage heggen van meidoorn of beukhaag. Het bebouwingsbeeld in het dorp wordt gedomineerd door vrijstaande en halfvrijstaande woningen. Langs de Vlagtwedderstraat en de Willem Lodewijkstraat varieert de bebouwing in omvang en aanzicht. Langs deze as komen ook nog een aantal voormalige boerderijen voor. De naoorlogse bebouwing aan de Tuinlaan, de Bakovensweg en de Binnentuinen is eenvormiger. Veruit de meeste bebouwing bestaat uit één bouwlaag met kap. Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 5

10 Functionele structuur Mede vanwege de toeristische functie, kent de vesting een heterogeen functiegebruik. Naast woningen komen hier ook kleinschalige winkelvoorzieningen en horecabedrijven voor. Bourtange buiten de vesting kent minder menging van functies. In het dorp komt een aantal kleinschalige bedrijven voor. Daarnaast zijn een school, een sportterrein en een begraafplaats in het dorp aanwezig. Net buiten de vesting is een hotel aanwezig en ligt een grote parkeerplaats waar de bezoekers van de vesting kunnen parkeren. Groen en water De begraafplaats en de parkeerplaats vormen grote openbare en groene ruimtes in het plangebied. Belangrijke structuurelementen in het plangebied worden benadrukt door laanbeplanting. Dit geldt voor de vestingwallen, maar ook voor het Bourtangerkanaal en de Vlagtwedderstraat. Ook het sportveld wordt omzoomd door opgaande beplanting. De belangrijkste waterstructuren in het plangebied worden gevormd door de grachten rondom de vesting. Aan de zuidwestzijde van het plangebied ligt een deel van het Bourtanger Kanaal. Dit kanaal is oorspronkelijk gegraven voor de afwatering van het gebied en heeft tegenwoordig ook een recreatieve functie. Bij camping 't Plathuis kunnen boten worden aangelegd. Ontsluiting en parkeren Het plangebied wordt in de richting van Vlagtwedde ontsloten via de Vlagtwedderstraat (N356). Door de reconstructie van de vesting is de provinciale route richting Duitsland rondom de vesting geleid. Deze loopt via de Wollingboerweg, de Meijen, de Zodenpandweg en de Bisschopsweg. Ondergeschikte ontsluitingsroutes leiden langs het Bourtanger Kanaal in zuidwestelijke richting en via de Bakovensweg in noordelijke richting. Voor de bezoekers van de vesting is een grote parkeerplaats net buiten de vesting gerealiseerd. Parkeren bij woningen vindt voornamelijk plaats op eigen terrein. 6 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

11 HOOFDSTUK 3 BELEIDSKADER 3.1 Rijksbeleid Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte Met de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) zet het Rijk in op een concurrerend, bereikbaar, leefbaar en veilig Nederland. De SVIR vervangt de Nota Ruimte en de Nota Mobiliteit. Meer dan bij de voorgaande nota's legt het Rijk het primaat van de ruimtelijke ordening bij Provincies en Gemeenten ('decentraal, tenzij...'). Een aantal rijksbelangen en planologische instrumenten komt daarmee te vervallen. Voorbeelden hiervan zijn de Nationale Landschappen, Rijksbufferzones. Om zorgvuldig ruimtegebruik te stimuleren hanteert het rijk een ladder voor duurzame verstedelijking: beoordelen of de beoogde ontwikkeling voorziet in een regionale vraag; beoordelen of deze vraag ook binnen bestaand bebouwd gebied gerealiseerd kan worden; en een beoordeling of - indien het voorgaande niet het geval is - de locatie buiten bestaande bebouwd gebied wel multimodaal is of kan worden ontsloten. Wel neemt het Rijk verantwoordelijkheid voor de opgaven: die nationale baten/lasten hebben die de provinciale of gemeentelijke doorzettingsmacht overstijgen (mainports Schiphol en Rotterdam, de greenports en brainport Eindhoven); waarvoor internationale verplichtingen zijn aangegaan (Werelderfgoed, duurzame energie en biodiversiteitsdoelstellingen); het onderwerp provincie- of landsgrensoverschrijdend is of een hoog afwentelingsrisico kent (hoofdnetwerk mobiliteit, waterveiligheid, energie). In het bestemmingsplan zijn geen rechtstreekse mogelijkheden opgenomen voor nieuwe woningbouwplannen. Vanuit de SVIR zijn er geen rijksbelangen bij het plan betrokken. Wel blijkt uiteraard het rijksbelang uit de aanwijzing tot beschermd dorpsgezicht. Daaraan is in dit bestemmingsplan gevolg gegeven. Monumentenwet In de Monumentenwet is, als gezegd, de bescherming van unieke Dorps- en Stadsgezichten geregeld. In de wet is bepaald dat de juridisch-planologische regeling van aangewezen Beschermde Dorps- en Stadsgezichten de beschermenswaardige elementen moet waarborgen. Conclusie rijksbeleid De vesting Bourtange is in 1967 aangewezen als Beschermd Dorpsgezicht. In de planregels wordt voor het Beschermd Dorpsgezicht een specifieke regeling opgenomen (zie hoofdstuk 5). Verder bevat het rijksbeleid geen concrete uitgangspunten voor dit bestemmingsplan. 3.2 Provinciaal beleid Provinciaal Omgevingsplan en Omgevingsverordening (2009) Op 17 juni 2009 hebben Provinciale Staten het Provinciaal Omgevingsplan vastgesteld. Het Provinciaal Omgevingsplan (POP) vervangt het eerdere POP uit 2000 en de bijbehorende partiële herziening uit Het POP is grotendeels een voortzetting van het bestaand beleid. In de Omgevingsverordening Provincie Groningen 2009 is het omgevingsbeleid van de provincie juridisch gewaarborgd. In de verordening is aangegeven waar gemeenten bij het opstellen van bestemmingsplannen rekening mee moeten houden. Bij verschillende ontwikkelingen (van bedrijventerreinen of woonwijken) geldt dat gemeenten hun plannen op bovenregionaal niveau moeten afstemmen. De provincie is in een aantal gevallen bevoegd om ontheffing te verlenen van de provinciale verordening. Veelal geldt er voor gemeenten een motiveringsplicht bij afwijking van provinciaal beleid. In hoofdlijnen wordt hieronder per thema het beleid weergegeven. Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 7

12 Figuur 4. Fragment Overzichtskaart (bron: POP ) Bedrijvigheid Niet-stuwende, lokale en subregionale bedrijven (uitgezonderd agrarische bedrijven en detailhandel) moeten zich in beginsel vestigen of uitbreiden op lokale bedrijventerreinen bij de grotere kernen. Dit om het landschap te beschermen. Wonen De provincie streeft in beginsel naar het concentreren van woningbouwontwikkeling in zes stedelijke centra (Groningen, Hoogezand-Sappemeer, Veendam, Stadskanaal, Winschoten en Delfzijl). Daarbuiten mag alleen worden gebouwd voor de eigen behoefte, dat wil zeggen voor de groei van het aantal huishoudens en ook daarbij moet - ter ondersteuning van het voorzieningenniveau - worden gestreefd naar de concentratie van woningbouw in centrumdorpen als Vlagtwedde, Sellingen en Ter Apel. Begrenzing buitengebied Ten aanzien van het buitengebied gelden specifieke regels. Om verstening en versnippering van het buitengebied tegen te gaan, mag zonder toestemming van de provincie geen nieuwe stedelijke functies in het buitengebied worden gebouwd. Het gaat daarbij onder andere om woningen en niet-agrarische bedrijvigheid. Bestaande niet-agrarische functies mogen onder voorwaarden worden uitgebreid. In bijlage 3 van deze toelichting is een kaart opgenomen waarop de begrenzing van het buitengebied is weergegeven. Overigens is deze begrenzing niet meer volledig actueel, omdat Gedeputeerde Staten een nieuwe begrenzing aan het voorbereiden is. Deze wijziging is al verwerkt op de verbeelding. Ecologie Het gebied ten oosten van Bourtange maakt deel uit van de ecologische Hoofdstructuur (zie figuur 4). Langs de noordzijde van Bourtange is een ecologische verbindingszone geprojecteerd. De plannen voor deze verbindingszone zijn nog niet concreet uitgewerkt. Landschap De provincie streeft naar een goed ingericht en verzorgd landschap, waarbij het behoud van de kernkarakteristieken en verschillende landschapstypen op de lange termijn verzekerd is. Daarbij zijn de volgende elementen van belang: behoud en versterking van karakter, diversiteit en belevingswaarde van het landschap; behoud en versterking van de cultuurhistorische, ecologische, archeologische en aardkundige waarden van het landschap; toevoegen van kwaliteit aan het landschap bij ruimtelijke ontwikkelingen. 8 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

13 Figuur 5. Landschappelijke kernkwaliteiten Landschappelijk gezien ligt Bourtange in een grootschalig veenontginningslandschap. Op het kaartje met landschappelijke waarden zijn twee essencomplexen en de traditionele molen specifiek aangegeven. Het gebied ten noorden van Bourtange is aangeduid als 'grootschalig open landschap'. Bij nieuwe ingrepen in het landschap moet het streekeigen karakter van het gebied als vertrekpunt genomen worden. Bij grootschalige ontwikkelingen van provinciaal belang, zoals de aanleg van nieuwe infrastructuur, bedrijventerreinen, windturbineparken en woningbouw, moet vanaf het begin van de planvorming rekening worden gehouden met landschappelijke karakteristieken. Het landschapsontwikkelingsplan (LOP) van de regio Oost is een belangrijke basis voor de invulling van het provinciaal landschapsbeleid. Basisnet Op 20 april 2010 heeft de Provincie Groningen een basisnet vastgesteld en opgenomen in de Omgevingsverordening. Op grond van dit beleid geldt dat langs provinciale wegen PR contouren zijn vastgelegd, waarbinnen geen kwetsbare objecten kunnen worden gerealiseerd. Daarnaast geldt langs deze wegen een zogenaamde plasbrandaandachtszone (PAG): een zone van 30 meter waarin geen objecten mogen worden geprojecteerd waar verminderd zelfredzame personen voorkomen (bijvoorbeeld scholen of verzorgingstehuizen). In paragraaf 3.5 wordt nader ingegaan op de consequenties van het basisnet. Conclusie provinciaal beleid Het provinciaal beleid ten aanzien van de EHS en het landschap geldt voor het gebied buiten de bestaande kom. In lijn met het provinciale woonbeleid worden in het bestemmingsplan geen nieuwe rechtstreekse mogelijkheden voor woningbouw opgenomen. De traditionele molen met bijbehorende molenbiotoop krijgt een beschermende regeling. Verder gelden er vanuit het provinciale beleid geen concrete uitgangspunten voor het plangebied. Na 2009 heeft de provincie nog een herziening op de omgevingsverofdening vastgesteld in 2011 (met een in hoofdzaak 'beleidsluw' karakter), een herziening vanwege intensieve veehouderij (hier niet actueel), terwijl voorts op een aantal onderdelen een herziening is aangekondigd die naar verwachting begin 2013 wordt vastgesteld. In deze laatste wordt ook een aantal inhoudelijke punten aangepast, zoals aangaande woningbouw, agrarische bouwpercelen, bedrijventerreinen, alsmede een aantal aspecten vanuit de thema's ruimtelijke kwaliteit, ecologie en landschap. Ook wordt een aantal meer juridische zaken aangepast. Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 9

14 3.3 Regionaal beleid Regionaal woon- en leefbaarheidsplan Oost-Groningen (2011) Om in te spelen op de gevolgen van demografische veranderingen hebben zeven gemeenten in Oost-Groningen een gezamenlijk woon- en leefbaarheidsplan laten opstellen. Doelstelling van het plan is het vitaal en leefbaar houden van het gebied. Om een toereikend voorzieningenniveau te behouden is het noodzakelijk om voorzieningen te concentreren Stedelijke kernen en centrumdorpen. In overige kernen blijven alleen basisvoorzieningen beschikbaar of zijn er geen voorzieningen. Om de woningbouwmarkt niet verder te verstoren moeten woningbouwplannen kritisch tegen het licht worden gehouden. Als vervolg hierop worden een aantal kwantitatieve en kwalitatieve afspraken over de woningbouw gemaakt tussen de betrokken gemeenten en corporaties, alsmede de provincie Groningen. Deze afspraken hebben zowel betrekking op het te realiseren programma als op de monitoring van optredende ontwikkelingen. De gemeente Vlagtwedde ontwikkelt hier binnen een eigen woonvisie. Conclusie In het bestemmingsplan worden geen rechtstreekse mogelijkheden opgenomen voor woningbouw. Woningbouw vindt alleen plaats op incidentele basis en is een bevoegdheid van het college. 3.4 Gemeentelijk beleid Toekomstvisie Vlagtwedde 2020: Instappen in de Ruimte (2004) De Toekomstvisie beschrijft hoe de gemeente zich op langere termijn moet ontwikkelen. Daarbij wordt ingezet op vier inhoudelijke speerpunten: wonen, werken, voorzieningen en landschap. Wonen Vlagtwedde is een groene woongemeente. Binnen de randvoorwaarden van landschap en beeldkwaliteit, krijgen bewoners zoveel mogelijk ruimte om hun woonwensen te realiseren. Er wordt overwegend kleinschalig en kwalitatief goed gebouwd voor eigen inwoners én voor mensen van buiten, gespreid over de gemeente. Vanuit landschappelijk oogpunt zijn sommige kernen 'klaar': er vindt dan geen verdere uitbreiding plaats buiten een bepaalde grens. Werken Vlagtwedde blijft ook een werkgemeente. Grootschalige bedrijvigheid wordt gestimuleerd op het Bedrijvenpark Zuid-Groningen, dat is uitgebreid tot een modern agropark. In de rest van de gemeente ligt de nadruk op kleinschalige bedrijvigheid. Er is voldoende (planologische) ruimte gekomen voor de kraamkamerfunctie, de eerste levensjaren van een bedrijf voordat het naar een bedrijventerrein of kantoor gaat. Groeiende bedrijven moeten naar een industrieterrein. In sommige gevallen vormen leegstaande boerderijen een vestigingsoptie. Voorzieningen Voorzieningen zijn er primair voor de eigen bewoners en liggen zo dicht mogelijk bij de burger. Daarbij geldt spreiding waar mogelijk, concentratie waar nodig. Het is normaal dat de hoeveelheid voorzieningen in kleine kernen kleiner is dan in grotere kernen. Uitgangspunt is dat in principe geen nieuwe bebouwing wordt opgericht, maar wordt aangehaakt bij bestaande voorzieningen. Landschap, landbouw en toerisme Qua landschap zet de Toekomstvisie in op behoud (landschapsonderhoud, planologische waarborgen) en op versterking (realiseren EHS, vergroten variatie in het veenkoloniale gebied). Het landschap is er om van te genieten (wonen, recreëren) en niet alleen om naar te kijken. Landbouw blijft een belangrijke drager van het landschap. Toerisme is een belangrijke sector: er wordt gemikt op de actieve rustzoeker (onthaasten langs de Ruiten Aa) en de cultuurtoerist (bezoek van de vesting). 10 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

15 Beleid inzet woningbouwcontingent Op grond van de Provinciale Omgevingsverordening dienen gemeenten een eigen beleid ten aanzien van de woningvoorraad (contingenten) te ontwikkelen. De gemeente Vlagtwedde heeft haar beleidskeuzes uitgewerkt in de Beleidsnotitie Inzet Contingent ( ) en vervolgens vastgesteld tijdens de raadsvergadering van 12 mei Voor het aantal woningen is het subregionaal Woon- en Leefbaarheidsplan leidend. Op basis van dit plan kunnen tot het jaar 2020 maximaal 218 woningen aan de bestaande voorraad worden toegevoegd. De gemeente kiest ervoor om de contingenten flexibel in te zetten en voorrang te geven aan initiatieven aan particulier initiatief boven projectlocaties. Het beleid voor de inzet van woningbouwcontingenten is opgenomen als bijlage 2 van de toelichting. Opgemerkt kan worden dat het beleid vanuit het Regionaal Woon- en leefbaarheidsplan regelmatig door de betrokken partners wordt geevalueerd. Welstandsnota (2008) In de gewijzigde Woningwet 2003 is een structureel andere opzet gegeven aan het welstandstoezicht. Gemeenten dienen hun welstandsbeleid voortaan inzichtelijk te maken en vast te leggen in een gemeentelijke welstandsnota. In de Welstandsnota Vlagtwedde (2008) zijn algemene criteria gebiedsgerichte criteria en de objectgerichte criteria vastgelegd. Deze worden gehanteerd om te beoordelen hoe het bouwwerk zich in zijn omgeving voegt. Voor ieder deelgebied gelden specifieke welstandscriteria. Onderlegger van de gebiedsindeling vormen de diverse historische bebouwingslinten en dorpstypen in de gemeente. Voor de vesting Bourtange is het welstandsbeleid gericht op het behoud en waar mogelijk versterken van de historische uitstraling. Daarbij zijn de onderstaande welstandscriteria van toepassing. Plaatsing te allen tijde dienen de bestaande of historische rooilijnen te worden gehandhaafd c.q. hersteld; verdichting van het historische bebouwingsbeeld door bijvoorbeeld het verbreden van een bestaand pand is niet mogelijk; de nokoriëntatie is gerelateerd aan de vorm van de historische plattegrond; de nok is evenwijdig aan de langste zijde. Hoofdvorm historisch verantwoorde eenvoudige hoofdbouwvolumes; alle bouwvolumes met kap uitvoeren; vakbekwame compositie. Aanzichten historische baksteenarchitectuur met als referentie de achttiende eeuw. Opmaak passend bij de historische architectuur; veel aandacht voor de juiste formaten en verwerking (dikte en soort van de voeg) van de gevelsteen; aandacht voor het juiste kozijnhout en de bijbehorende detaillering. In de rest van het plangebied gelden de lichtere welstandsregimes voor 'Historische lintvormige uitbreidingen' en 'Planmatig ontworpen uitbreidingen'. Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 11

16 Conclusie gemeentelijk beleid Het gemeentelijk beleid wordt op de volgende manier vertaald in het bestemmingsplan: bestaande voorzieningen worden positief bestemd; in het bestemmingsplan worden geen nieuwe rechtstreekse mogelijkheden voor woningbouw opgenomen. Door middel van een wijzigingsbevoegdheid kan wel medewerking worden verleend aan incidentele bouwplannen; Toetsing aan de welstandsnota is aan de orde wanneer omgevingsvergunningen worden aangevraagd. 12 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

17 HOOFDSTUK 4 OMGEVINGSASPECTEN Bij realisatie van nieuwe ontwikkelingen dient, met het oog op de uitvoerbaarheid van het plan, te worden onderzocht of in de toekomst sprake is van een goede omgevingssituatie. Het voorliggende bestemmingsplan is echter conserverend van aard. Dit hoofdstuk kan daarom worden gezien als een verkenning van randvoorwaarden voor wijzigingsbevoegdheden die in het plan zijn opgenomen. Concrete toetsing zal plaatsvinden op het moment dat gebruik wordt gemaakt van deze wijzigingsbevoegdheden. 4.1 Geluid Toetsingskader en beleid Op grond van de Wet geluidhinder geldt rond wegen met een maximumsnelheid hoger dan 30 km/uur, spoorwegen en inrichtingen die ''in belangrijke mate geluidhinder veroorzaken'', een geluidzone. Bij ontwikkeling van nieuwe geluidsgevoelige objecten binnen deze geluidzones moet akoestisch onderzoek worden uitgevoerd om aan te tonen dat de ontwikkeling voldoet aan de voorkeursgrenswaarden die in de wet zijn vastgelegd. Toetsing en conclusie In het bestemmingsplan wordt geen nieuwe geluidsgevoelige bebouwing mogelijk gemaakt; (met uitzondering van een drietal bouwmogelijkheden aan de noordoostzijde van De Vlagtweddesrraat; het betreft hier in planologische zin evenwel ook een bestaande situatie, gebaseerd op het vigerende bestemmingsplan). Wanneer gebruik wordt gemaakt van een wijzigingsbevoegdheid om nieuwe woningen mogelijk te maken, moet specifiek akoestisch onderzoek worden uitgevoerd ten opzichte van wegen met een geluidszone. De Vlagtwedderstraat is akoestisch gezien daarbij het meest van belang. Deze weg en andere wegen met een geluidszone hebben echter niet een zodanige geluiduitstraling dat zij de toepassing van wijzigingsbevoegdheden op voorhand onuitvoerbaar maken. Geconcludeerd wordt dat de Wet geluidhinder de vaststelling van het bestemmingsplan niet in de weg staat. 4.2 Luchtkwaliteit Toetsingskader en beleid In hoofdstuk 5 van de Wet milieubeheer zijn de grenswaarden op het gebied van de luchtkwaliteit vastgelegd. Daarbij zijn in de ruimtelijke ordeningspraktijk met name de grenswaarden voor stikstofdioxide (NO 2 ) en fijnstof (PM 10 ) van belang. Projecten die slechts in zeer beperkte mate bijdragen aan de luchtverontreiniging, zijn op grond van het Besluit niet in betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen) daarbij vrijgesteld van toetsing aan de grenswaarden. Op grond van de Regeling Niet in betekenende mate (luchtkwaliteitseisen) zijn (onder andere) de volgende projecten vrijgesteld van toetsing: woningbouwprojecten met minder dan woningen; kantoorlocaties met een vloeroppervlak van minder dan m 2 ; projecten die minder dan 3% van de (toekomstige) grenswaarde voor stikstofdioxide of fijnstof bijdragen. Dit komt overeen met 1,2 µg/m 3. Toetsing en uitgangspunten bestemmingsplan Het bestemmingsplan is op hoofdlijnen conserverend van aard. Er worden in geen geval ontwikkelingen mogelijk gemaakt met een grote verkeersaantrekkende werking. Op basis van het Besluit niet in betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen) is het plan daarom vrijgesteld van toetsing aan de grenswaarden. Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 13

18 4.3 Bedrijven en milieuzonering Toetsingskader en beleid In het kader van een goede ruimtelijke ordening is ruimtelijke afstemming tussen bedrijfsactiviteiten, voorzieningen en gevoelige functies (woningen) noodzakelijk. Bij deze afstemming kan gebruik worden gemaakt van de richtafstanden uit de basiszoneringslijst van de VNG-brochure 'Bedrijven en milieuzonering' (2009). Een richtafstand kan worden beschouwd als de afstand waarbij onaanvaardbare milieuhinder als gevolg van bedrijfsactiviteiten redelijkerwijs kan worden uitgesloten. In geval van een gemengd gebied kan worden gewerkt met een verkleinde richtafstand. Toetsing en uitgangspunten bestemmingsplan In het plangebied worden geen nieuwe bedrijfsactiviteiten mogelijk gemaakt of uitbreidingen van gevoelige functies richting woningen. Er ontstaan daardoor geen nieuwe situaties die kunnen leiden tot onaanvaardbare milieuhinder ter plaatse van gevoelige bestemmingen (woningen) of een beperking van bestaande bedrijfsactiviteiten. Een uitzondering geldt hiervoor voor opslagen van kruit. Zie hiervoor ook de paragraaf 4.5. Rondom het centrale plein van de vesting Bourtange worden de functionele mogelijkheden in zekere mate verruimd. Er worden functies toegestaan met een beperkte uitstraling naar de omgeving zoals daghoreca en kleinschalige detailhandelsfuncties. In de meeste gevallen geldt een richtafstand van 10 tot 30 meter ten opzichte van een rustige woonwijk. Het centrale gebied van de vesting wordt gezien als een gebied waar een beperkte mate van functiemenging wenselijk is. Kleinschalige detailhandel en daghoreca worden binnen het centrale deel van de vesting algemeen toelaatbaar geacht, omdat ze zich zullen voegen binnen het al aanwezige functiepatroon en passen het levendige beeld dat het toerisme met zich meebrengt. Het wijzigen van functies is overigens niet bij recht toegestaan, maar is een bevoegdheid van het college. Functiemenging blijft mogelijk, maar maatwerk is uitgangspunt. 4.4 Agrarische bedrijven Toetsingskader en beleid Voor veehouderijen met een milieuvergunning geldt de Wet geurhinder en veehouderij. In deze wet zijn voor bepaalde typen dieren geurnormen opgenomen. Ten aanzien van dieren waarvoor geen geurnorm is vastgesteld, gelden afstanden. Op grond van een gemeentelijke geurverordening is binnen een bepaalde bandbreedte afwijking van deze normen en afstanden mogelijk. Voor kleinschalige veehouderijen en akkerbouwbedrijven gelden de vaste afstanden uit het Besluit landbouw milieubeheer. Deze afstanden zijn afhankelijk van het type omgeving (binnen of buiten de bebouwde kom). Daarnaast gelden er grotere afstanden voor inrichtingen waar landbouwhuisdieren worden gehouden. Toetsing en uitgangspunten bestemmingsplan Alle agrarische bedrijven in de directe omgeving van Bourtange worden in hun uitbreidingsmogelijkheden beperkt door woningen of gevoelige functies buiten het plangebied. Het aspect agrarische bedrijven levert daarom geen belemmering op voor de in dit plan Bourtange opgenomen wijzigingsbevoegdheden. 4.5 Externe veiligheid Toetsingskader en beleid Het externe veiligheidsbeleid heeft vorm gekregen in de risicobenadering. Op grond van deze benadering worden grenzen gesteld aan de risico's, waarbij wordt gelet op de kwetsbaarheid van de omgeving. Daarbij worden twee verschillende normen gehanteerd: het plaatsgebonden risico (PR) ) en het groepsrisico (GR) ). Ten aanzien van het plaatsgebonden risico geldt een kans van 10-6 per jaar als grenswaarde. Dit betekend dat binnen de zogenaamde PR contour geen nieuwe kwetsbare objecten mogen worden toegestaan. Voor ontwikkeling van nieuwe beperkt kwetsbare objecten geldt deze norm als streefwaarde. 14 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

19 Ten aanzien van het GR geldt er geen grenswaarde, maar een oriënterende waarde. Nieuwe ontwikkelingen binnen invloedsgebied, die een toename teweeg brengen van het groepsrisico, moeten woorden verantwoord ten opzichte van deze oriënterende waarde. Door deze verantwoordingsplicht zal een bestuurlijke afweging en keuze worden gemaakt waarin de nieuwe ontwikkeling wordt afgewogen tegen aspecten als risico's, zelfredzaamheid, bestrijdbaarheid, bereikbaarheid en economische belangen. Op risicovolle inrichtingen is het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) van toepassing. Ten aanzien van het vervoer van gevaarlijke stoffen over de weg, het spoor en het water geldt de Circulaire Risiconormering vervoer van gevaarlijke stoffen. In beide toetsingskaders zijn de bovengenoemde normen voor het PR en het GR verankerd. Naar verwachting treedt met betrekking tot het vervoer van gevaarlijke stoffen het Besluit transportroutes externe veiligheid per 1 juli 2013 in werking. Er moet rekening worden gehouden met het zogenaamde basisnet voor het vervoer van gevaarlijke stoffen. Uitgangspunt van het basisnet is dat door het vastleggen van veiligheidszones de gebruiksruimte voor het vervoer van gevaarlijke stoffen en ruimtelijke ontwikkelingen op elkaar kunnen worden afgestemd. Het Rijk stelt het basisnet vast voor de rijksinfrastructuur. In de gemeente Vlagtwedde ligt geen infrastructuur dat deel uitmaakt van het basisnet. Provincies kunnen een eigen basisnet vastleggen. Dit heeft de provincie Groningen gedaan. Provinciaal Basisnet Groningen Op 20 april 2010 heeft de Provincie Groningen een basisnet vastgesteld en opgenomen in de Omgevingsverordening. Op grond van dit beleid geldt dat langs verschillende rijks- en provinciale wegen PR contouren zijn vastgelegd, waarbinnen geen kwetsbare objecten kunnen worden gerealiseerd. Daarnaast geldt langs deze wegen een zogenaamde plasbrandaandachtszone (PAG): een zone van 30 meter waarin geen objecten mogen worden geprojecteerd waar verminderd zelfredzame personen voorkomen (bijvoorbeeld scholen of verzorgingstehuizen). Toetsing en uitgangspunten bestemmingsplan Risicovolle inrichtingen Binnen het plangebied bevinden zich geen Bevi-inrichtingen of 'overig risicovolle inrichtingen'. Ook zijn dergelijke inrichtingen voor de toekomst met dit bestemmingsplan niet toegestaan, gelet op de aard van het plangebied. Een uitzondering geldt de opslag van buskruit dat in een van de vestingswallen wordt mogelijk gemaakt. Dit betreft een uitbreiding van activiteiten. Op grond van de Circulaire ontplofbare stoffen voor civiel gebruik moet een veiligheidsafstand tussen de bewaarplaatsen en de woningen van derden of andere kwetsbare objecten worden aangehouden. Met het oog daarop heeft de gemeente advies ingewonnen van het Centrum Externe Veiligheid van het Ministerie van VWS (Volksgezondheid, Welzijn en Sport). Het Centrum Externe Veiligheid komt in zijn advies van 11 mei 2012 tot de volgende conclusies: de voorgenomen opslag van zwart buskruit in een honingraat in bewaarplaatsen zal niet leiden tot knelpunten met betrekking tot de interne en externe veiligheid; door de wijze van opslaan van het buskruit is het niet aannemelijk, dat bij een calamiteit in de bewaarplaatsen de nadelige effecten beperkt zullen blijven tot de bewaarplaats zodat de kans dat bezoekers buiten deze bewaarplaatsen mogelijk letselschade oplopen vrijwel nihil is er dienen maatregelen te worden genomen om overlslag van brand van buiten de bewaarplaatsen naar de bewaarplaatsen te voorkomen.. schade aan objecten van derden kan worden voorkomen door een afstand van 20 m aan te houden tussen die objecten en de bewaarplaatsen van zwart buskruit en te beschermen objecten te weren uit de in het advies genoemde A,B en C-zones Dit betekent het volgende. De opslag van buskruit is specifiek in het bestemmingsplan vastgelegd door middel van de specifieke bouwaanduiding - kruitopslag (westzijde vesting). Binnen de afstand van 20 m voorziet het bestemmingsplan niet in bestemmingen voor wonen, maatschappelijke functies of andere kwetsbare functies. Het gaat alleen om onbebouwde bestemmingen Groen en Water. Wat betreft de brandwerende maatregelen: deze worden op grond van de omgevingsver- Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 15

20 gunning voor het milieu geregeld. Vervoer van gevaarlijke stoffen Binnen het plangebied zijn geen spoorlijnen of waterwegen aanwezig waarover transport van gevaarlijke stoffen plaats vindt en ook ligt het plangebied niet binnen het invloedsgebied van een dergelijke spoorlijn of waterweg. De provinciale route door en rondom het dorp (Vlagtwedderstraat, Wollingboerweg, de Meijen en Zodenpandweg) maakt deel uit van het provinciaal basisnet voor het vervoer van gevaarlijke stoffen. De route is in navolgend figuur weergegeven. Langs deze route mogen binnen 30 meter afstand geen nieuwe objecten ten behoeve van verminderd zelfredzame personen worden opgericht. Het bestemmingsplan voorziet niet in deze mogelijkheden en veroorzaakt daarom geen conflict met het provinciale EV-beleid. Figuur 6. Routes uit het Provinciaal Basisnet (bron: Provincie Groningen) Aangezien het plangebied ligt binnen het invloedsgebied van de provinciale weg moet het groepsrisico worden verantwoord. Omdat in het vigerende bestemmingsplan het groepsrisico niet is verantwoord, moet op grond van het Besluit transportroutes externe veiligheid en het Provinciaal Basisnet in dit plan een nadere groepsrisicoverantwoording plaats vinden. Dat houdt in dat er een risicoberekening met RBMII moet worden gemaakt en dat de Regionale brandweer Groningen advies moet uitbrengen ten aanzien van rampenbestrijding en zelfredzaamheid. Hieromtrent laat de gemeente zich adviseren door het Steunpunt Externe Veiligheid. De Brandweer Regio Groningen heeft reeds een weergave gegeven van de aspecten bestrijdbaarheid en zelfredzaamheid. Ten aanzien van het aspect bestrijdbaarheid concludeert de regionale brandweer dat het plangebied voldoende snel tweezijdig voor hulpdiensten bereikbaar is. In de omgeving zijn sedundaire bluswatervoorzieningen aanwezig waar in voorkomend geval over grote hoeveelheden 16 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

21 bluswater beschikt kan worden. Nabij de provinciale weg zijn niet of nauwelijks bliuswatervoorzieningen aanwezig. Vanuit het aspect zelfredzaamheid wordt door de regionale brandweer geconstateerd dat er vanwege de functies in het plangebied nabij de provinciale weg geen aanleiding is tot het treffen van maatregelen. Transport - buisleidingen Binnen of nabij het plangebied zijn geen hogedruk aardgastransportleidingen aanwezig. Conclusie externe veiligheid Geconcludeerd wordt dat in het plangebied geen saneringssituaties aanwezig zijn. In het bestemmingsplan is in overleg met het Steunpunt Externe Veiligheid een verantwoording van het groepsrisico opgenomen. Daartoe is het voorontwerpbestemmingsplan ter advisering toegezonden aan de Regionale Brandweer. Daarnaast is de toelichting aangevuld met de resultaten van het advies aangaande het Centrum Externe Veiligheid aangaande de opslag van zwart buskruit Ecologie Bij elk ruimtelijk plan moet, met het oog op beschermenswaardige natuurwaarden, rekening worden gehouden met de regelgeving op het gebied van gebiedsbescherming en soortenbescherming. Gebiedsbescherming De bescherming van Natura 2000-gebieden en Beschermde Natuurmonumenten is geregeld in de Natuurbeschermingswet. Indien ontwikkelingen (mogelijk) leiden tot aantasting van de natuurwaarden binnen deze gebieden, moet een vergunning worden aangevraagd. Daarnaast moet rekening worden gehouden met het beleid ten aanzien van de Ecologisch Hoofdstructuur (EHS). Ten aanzien van ontwikkelingen binnen de EHS geldt het 'nee, tenzij-principe'. In de directe omgeving van het plangebied bevinden zich geen Natura 2000-gebieden. Het Natura 2000-gebied Lieftinghsbroek ligt op ruim 4 kilometer afstand van het plangebied. Het gebied ten noordoosten van de vesting tot aan de Duitse grens - buiten het plangebied - maakt deel uit van de Ecologische Hoofdstructuur (EHS). Daarnaast is er tussen dit gebied en het beekdal van de Ruiten Aa een ecologische verbindingszone voorzien. Het bestemmingsplan voorziet niet in ontwikkelingen die de waarden in beschermde natuurgebieden kunnen verstoren. Soortenbescherming Op grond van de Flora- en faunawet geldt een algemeen verbod voor het verstoren en vernietigen van beschermde plantensoorten, beschermde diersoorten en hun vaste rust- of verblijfplaatsen. Onder voorwaarden is ontheffing van deze verbodsbepalingen mogelijk. Voor soorten die vermeld staan in Bijlage IV van de Habitatrichtlijn en een aantal Rode-Lijst-soorten zijn deze voorwaarden zeer streng. In de groenstructuren en bebouwing ter plaatse van het plangebied kunnen beschermde vleermuissoorten, zoogdieren of broedvogels aanwezig zijn. Het bestemmingsplan is echter conserverend van aard en voorziet niet rechtstreeks in de kap van bomen, het dempen van sloten en het slopen van bebouwing. De Flora- en faunawet staat de vaststelling van het bestemmingsplan dan ook niet in de weg. 4.7 Water Toetsingskader en beleid Het waterbeleid op rijksniveau is verankerd in 4 e Nota Waterhuishouding, het Nationaal Bestuursakkoord Water en het rapport Waterbeleid 21 e Eeuw. Ook de Europese Kaderrichtlijn Water heeft gevolgen voor het waterbeheer in Nederland. Algemene uitgangspunten van het waterbeleid zijn: bij waterbeheer wordt de voorkeursvolgorde vasthouden, bergen en afvoeren gehanteerd; hemelwater wordt zoveel mogelijk afgekoppeld van het rioleringssysteem en geïnfiltreerd in de Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 17

22 bodem; de toename van verhard oppervlak dient te worden vermeden en, indien dit niet mogelijk is, te worden gecompenseerd door het realiseren van extra waterberging; waterlopen worden waar mogelijk teruggebracht in een natuurlijke staat. Van groot belang voor de ruimtelijke ordeningspraktijk is dat sinds 2003 de 'watertoets' wettelijk verplicht is gesteld. De watertoets kan worden gezien als een procesinstrument die moet waarborgen dat gevolgen van ruimtelijke ontwikkelingen voor de waterhuishouding meer expliciet worden afgewogen. Belangrijk onderdeel van de watertoets is vroegtijdige afstemming van ontwikkelingen met de betrokken waterbeheerder. In het desbetreffende plangebied is waterschap Hunze en Aa's de aangewezen overlegpartner. Toetsing en uitgangspunten voor het bestemmingsplan Ter invulling van de watertoets is het bestemmingsplan aangemeld via De uitgangspuntennotitie die langs deze weg is verkregen, wordt opgenomen als bijlage bij het bestemmingsplan. Het voorontwerpbestemmingsplan zal worden toegezonden aan het waterschap. Binnen het plangebied liggen boezemkades en watergangen die beheer zijn bij het waterschap. Het betreft onder andere de kades van het Bourtanger Kanaal. Het plan voorziet echter niet in ontwikkelingen die gevolgen hebben voor de waterhuishoudkundige functie van deze elementen. Voorts is, om dubbele regelgeving te voorkomen, afstemming gezocht op de Keur van het waterschap. De Keur is een verordening van het waterschap waarin aangegeven wordt welke activiteiten wel of niet mogen en wat verplicht is. De regels zijn zo opgesteld, dat het waterschap zijn taken goed kan uitvoeren, zoals de waterbeheersing en de bescherming van sloten, kanalen, stuwen en gemalen. In veel gevallen is voor werken nabij water of dijken een watervergunning nodig op basis van de Keur. Deze watervergunning kan worden aangevraagd via de website van het waterschap of via 4.8 Bodem Toetsingskader en beleid Met het oog op een goede ruimtelijke ordening, dient in geval van ruimtelijke ontwikkelingen te worden aangetoond dat de bodem geschikt is voor het beoogde functiegebruik. Ter plaatse van locaties die verdacht worden van bodemverontreiniging, moet ten minste verkennend bodemonderzoek worden uitgevoerd. Toetsing en uitgangspunten bestemmingsplan Op basis van informatie van wordt geconcludeerd dat binnen het plangebied verschillende bodemonderzoeken en saneringen hebben plaatsgevonden. In het bestemmingsplan zijn geen ontwikkellocaties opgenomen die zijn aangemerkt als verdachte locatie. Wanneer in de toekomst omgevingsvergunningen worden aangevraagd voor het bouwen van nieuwe woningen, moet een verkennend bodemonderzoek worden uitgevoerd. 4.9 Archeologie en cultuurhistorie Toetsingskader en beleid Ter implementatie van het Verdrag van Malta, is de Monumentenwet gewijzigd. De kern van Monumentenwet is dat, wanneer de bodem wordt verstoord, archeologische resten intact moeten blijven (in situ). Wanneer dit niet mogelijk is, worden archeologische resten opgegraven en elders bewaard (ex situ). Op welke plaatsen archeologisch onderzoek aan de orde is, wordt op grond van gemeentelijk of provinciaal beleid bepaald. Toetsing en uitgangspunten voor het bestemmingsplan De vesting en de gronden daar omheen zijn aangewezen als beschermd dorpsgezicht in de zin van de 18 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

23 Monumentenwet. Daarmee heeft de ruimtelijke structuur van de vesting een beschermde status. Binnen de vestiging bevinden zich verder verschillende gebouwen en objecten die zijn aangewezen als rijksmonumenten. Het betreft bijvoorbeeld de gebouwen rond het Marktplein en de molen op de vestingwallen. Rijksmonumenten worden rechtstreeks beschermd via de Monumentenwet en hoeven in het bestemmingsplan niet aanvullend te worden beschermd. De dubbelbestemming 'Beschermd Dorpsgezicht' voorziet voor een deel in de bescherming van de cultuurhistorische elementen van de vesting Bourtange. Verdere bescherming van de ruimtelijke structuur wordt gewaarborgd door de bouwregels van de hoofdbestemmingen en door bouwplannen te toetsten aan de welstandsnota. De gehele vesting en de daarmee verbonden vestingwerken buiten het plangebied zijn aangemerkt als een terrein van hoge archeologische waarde. Om deze archeologische waarden te beschermen wordt een dubbelbestemming in het bestemmingsplan opgenomen. Op deze gronden mogen geen (omvangrijke) bodemingrepen plaatsvinden voordat de archeologische waarde van het terrein nader is bepaald door middel van een inventariserend veldonderzoek. Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 19

24 HOOFDSTUK 5 PLANUITGANGSPUNTEN 5.1 Hoofdkeuzen bestemmingen Twee verschillende gebieden Het plangebied bestaat uit twee verschillende deelgebieden: de vesting en het gebied buiten de vesting. Beide gebieden vragen om een andere planologische benadering. In de vesting is een veel strakkere regeling wenselijk om de bestaande ruimtelijke structuur en het bebouwingsbeeld in stand te kunnen houden. In dit gebied is er voor gekozen de feitelijke situatie strak in te bestemmen. Buiten de vesting kunnen meer mogelijkheden voor bijvoorbeeld erfbebouwing worden toegestaan. Eenduidig en flexibel In het bestemmingsplan wordt ervoor gekozen te werken met zo weinig mogelijk bestemmingen en zo weinig mogelijk specifieke regelingen. Waar dit uit een oogpunt van een goede ruimtelijke ordening noodzakelijk is, worden specifieke bestemmingen en specifieke aanduidingen opgenomen. Met name in de vesting zijn meer gedetailleerde en specifieke regelingen opgenomen ter behoud van de cultuurhistorische waarden. Flexibiliteit wordt ingebouwd door afwijkingsmogelijkheden en wijzigingsbevoegdheden in het plan op te nemen. 5.2 Uitgangspunten ruimtelijke structuur De Vesting Op grond van de Monumentenwet moeten beschermenswaardige elementen van een Beschermd Dorpsgezicht worden vertaald in de regels van een bestemmingsplan. De bescherming is primair geregeld in een overkoepelende dubbelbestemming, zodat niet in elke bestemming een gedetailleerde regeling hoeft te worden uitgewerkt. In de dubbelbestemming worden de zaken geregeld die in het aanwijzingsbesluit worden genoemd individuele panden worden in stand gehouden doordat op grond van de Monumentenwet binnen het Beschermd Dorpsgezicht een omgevingsvergunningenstelsel voor het slopen van bouwwerken geldt. Dit betekent dat voor de sloop van gebouwen altijd een vergunning is vereist; de groene ruimtes en het bestaande straatprofiel worden in stand gehouden doordat aan deze dubbelbestemming een omgevingsvergunningenstelsel voor uitvoeren van werken, geen gebouwen zijnde en werkzaamheden is gekoppeld. Bij aanlegwerkzaamheden zoals het aanleggen van verharding, het rooien van bomen of het aanbrengen van hekwerken moet daarvoor een vergunning worden aangevraagd. De rest van de bescherming is geregeld binnen de bestemmingen die gelden binnen de vesting. Omdat binnen de vesting de bestaande ruimtelijke structuur het uitgangspunt vormt, wordt gewerkt met een aparte woonbestemming (met strakke bouwvlakken) en een bestemming 'Tuin'. Daarmee kan veel meer sturing worden gegeven aan de uitbreiding van erfbebouwing. Overige functies hebben dezelfde bestemmingen als het gebied buiten de vesting, omdat de bestemmingen als 'Detailhandel' en 'Horeca' voldoende sturingsmogelijkheden geven. De maximale goot- en bouwhoogte worden op de verbeelding vastgelegd, waarbij de bestaande hoogtes het uitgangspunt vormen. De openbare ruimte is in de vesting wordt geregeld met de bestemming 'Groen', 'Water' en 'Verkeer'. De ruimtelijke structuur van de schansen en grachten en de radiale opzet van de vesting, is daarmee vastgelegd. Toekomstige ontwikkelingen Aangaande de (toekomstige) ruimtelijke structuur kan verder het volgende worden opgemerk. De Stichting Vesting Bourtange constateert in haar reactie op het voorontwerp dat in het vigerende plan van de volledige reconstructie van de vesting is uitgegaan volgens de hiervoor gekozen historische situatie. Daarvan is inmiddels een aanzienlijk deel gerealiseerd, alleen een aantal vestingfragmenten en gebouwen ontbreekt nog. Verder is op enkele plaatsen sprake van bebouwing die zich qua hoofdvorm onttrekt van de oorspronkelijke uitgangspunten. De gemeente heeft bij het opstellen van dit bestemmingsplan overwogen dat het hier primair gaat om 20 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

25 een actuele regeling voor de aanwezige situatie. Op zichzelf wordt de intentie ondersteund aangaande het voltooien van het oorspronkelijk concept. Het is moeilijk aan te geven of er binnen de bestemmingsplanperiode voldoende mogelijkheden en middelen zijn om de volledige reconstructie te realiseren. Daarom wordt thans ingezet op een conserverend bestemmingsplan. Mocht er zich binnen de planperiode een poassende gelegenheid voordoen, dan is de gemeente bereid daaraan vorm geven door midel van het opstellen van een (partiele) wijziging van het bestemmingsplan. Daarover vindt in dat geval de gebruikelijke inspraak- en overlegproceduire plaats. Buiten de vesting Buiten de Vesting is meer flexibiliteit toegestaan. Hier wordt de systematiek van andere woongebieden in de kernen van de gemeente toegepast. De woonpercelen worden globaal inbestemd. In de planregels worden een aantal algemene regels gesteld aan de plaatsing en de omvang van bebouwing. De exacte invulling van het perceel wordt echter vrijgelaten. Omdat bedrijfsmatige functies kunnen leiden tot hinder voor omliggende functies, wordt hier gewerkt met een meer specifieke regeling. Binnen de bestemmingen 'Bedrijf', 'Detailhandel', 'Dienstverlening' en 'Horeca' wordt de bebouwing daarom vastgelegd door middel van bouwvlakken. 5.3 Uitgangspunten functionele structuur De Vesting: een levendig centrum Ook qua functionele mogelijkheden wordt een gebiedsgerichte aanpak gekozen. De vesting functioneert op dit moment als (toeristisch) centrum van het dorp. Vrijwel alle detailhandel- en horecafuncties zijn geconcentreerd in dit gebied en meer specifiek, rondom het centrale Marktplein. De functies rondom het marktplein hebben de bestemming "Gemengd - 1". Uitwisseling van de detailhandel-, horeca-, maatschappelijke en toeristische functies is hierdoor mogelijk. Bij deze functies mag worden gewoond. Het wonen is toegestaan waar dit is aangeduid. Hier wordt op dit moment alleen gewoond. Alleen wonen mag dus niet overal. Hiermee wordt voorkomen dat rondom het gehele marktplein alleen maar wordt gewoond. Dit is niet wenselijk. Het hart van het dorp moet een toeristisch centrum blijven met een menging van functies. Het overige deel van de vesting heeft de bestemming " Gemengd - 2" of " Wonen". De woningen hebben hier een woonbestemming (en dus geen gemengde bestemming gekregen om ervoor te zorgen dat de woonfunctie hier behouden blijft. Op deze manier wordt de vesting niet alleen maar een toeristisch centrum. Buiten de Vesting Buiten de vesting wordt geen uitwisselbaarheid tussen functies mogelijk gemaakt. Wel is er binnen bepaalde bestemmingen een beperkte mate van uitwisselbaarheid mogelijk. Binnen de bedrijfsbestemmingen kunnen bijvoorbeeld alle soorten bedrijven uit milieucategorie 1 en 2 worden toegestaan. Binnen de bestemming 'Maatschappelijk' kunnen verschillende soorten maatschappelijke voorzieningen worden uitgeoefend. Wonen In algemene zin geldt dat het woonbeleid regionaal is/wordt afgestemd met buurgemeenten, woningbouwcorporaties en de provincie Groningen. Dit bestemmingsplan is primair een actualisatie van de regelgeving en voorziet bij recht niet in nieuwe woningbouw (met uitzondering van een drietal geldende bouwmogelijkheden ten noorden van de Vlagtwedderstraat). Het kleinschalige uitbreidingsplan voor Bourtange uit 2006 is tevens in het bestemmingsplan verankerd. Daarbij geldt als gezegd voor drie woningen een rechtstreeks bouwrecht. Voor de overige elf woningen is een wijzigingsbevoegdheid opgenomen. Daarmee wordt het bouwverbod uit het geldende bestemmingsplan vooralsnog gehandhaafd. In de Reactienota Overleg en Inspraak (bijlage 4 bij de toelichting) is meer specifiek ingegaan op de verhouding tussen het woningbouwbeleid en de Omgevingsverordening Groningen en de wijze waarop de gemeente Vlagtwedde daar invulling aan geeft. Uitgangspunten voor het gemeentelijk beleid zijn: in zijn algemeenheid wordt voldaan aan het beleid uit de Omgevingsverordening; dit krijgt zowel Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 21

26 regionaal (Regionaal Woon- en leefbaarheidsplan) als gemeentelijk (eigen gemeentelijke Woonvisie) gestalte en wordt verwerkt in de actualisering van de bestemmingsplannen voor de kernen in de gemeente; het bestemmingsplan Bourtange maakt deel uit van een actualisering van alle kernen. De regelingen aangaande de woonbestemmingen worden in die bestemmingsplannen op elkaar afgestemd; de ontwikkelingen op de woningmarkt worden regionaal en gemeentelijk in beeld gebracht.de verwachting bestaat dat het aantal inwoners zal dalen, maar dat er nog sprake is van een zekere stijging van het aantal woningbehoevende huishoudens. De gemeente heeft in het bredere kader van de leefbaarheid hierover haar beleid beschreven in het "Integraal Beleidskader Wonen en leven in de dorpen en buurten van Vlagtwedde"; de bestemmingsplannen bieden mogelijkheden voor direct aanverwante activiteiten, zoals mantelzorg, werk aan huis dan wel semi-zelfstandige inwoning. In het bestemmingsplan wordt een benadering voorgestaan waarbij wonen met direct bijbehorende activiteiten (inwonen mantelzorg) mogelijk zijn (verbreding woonfunctie); er wordt daarbij niet uitgegaan van toevoeging van zelfstandige woningen op een erf. ingeval van nieuwe ontwikkelingen (wens voor nieuwe woningbouw) worden deze via wijzigingsbevoegdheid nader aan het woonbeleid getoetst en wordt in voorkomend geval een aparte ruimtelijke uitwerking gemaakt. Het gaat hierbij niet om uitleglocaties, maar in voorkomend geval om inbreidingslocaties binnen het bestaande dorpsgebied. Dit beleid betekent dat bij de dorpen vrijwel wordt afgezien van ontwikkeling van nieuwe uitleggebieden Binnen het bestaand gebied van de dorpen kan op deze wijze snel en flexibel worden gereageerd op woonwensen. Zeker in moeilijke economische tijden kan daarmee de woningmarkt goed worden gefaciliteerd. Kamerverhuur In het bestemmingsplan zijn mogelijkheden opgenomen om binnen bestaande woonhuizen een aantal kamers te verhuren. Om de opzet kleinschalig te houden en negatieve gevolgen voor de directe omgeving te voorkomen, mogen in voorkomend geval maximaal 3 kamers worden verhuurd. Kamerverhuur moet altijd in samenhang met de woonfunctie worden uitgeoefend en moet daarom plaatsvinden in de hoofdbebouwing. Na toestemming van burgemeester en wethouders kunnen in bepaalde gevallen maximaal 5 kamers worden verhuurd. Aan huis verbonden beroepen en kleinschalige bedrijvigheid Om een onnodige scheiding van functies te voorkomen, wordt het combineren van wonen en werken zoveel mogelijk gefaciliteerd. De woonfunctie mag worden gecombineerd met een aan huis verbonden beroep of een kleinschalige bedrijfsmatige functie. Daarbij worden de volgende criteria gehanteerd: er mag geen aantasting plaatsvinden van de uitstraling van het gebruik van het perceel voor het wonen, dat wil onder meer zeggen dat uitsluitend zeer beperkte reclameaanduidingen en dergelijke zijn toegestaan; er mag geen afbreuk worden gedaan aan het woonkarakter van het perceel dan wel de directe (woon)omgeving en de landschappelijke waarden daarvan; er dient voldoende parkeergelegenheid op het eigen erf aanwezig te zijn; er mag geen sprake zijn van een onevenredige verkeers- en/of publieksaantrekkende functie; er mag geen buitenopslag van materiaal plaatsvinden. 5.4 Energie en duurzaam ruimtegebruik Het treffen van duurzaamheidmaatregelen gebeurd voornamelijk op gebouwniveau. Het bestemmingsplan is in beginsel niet geschikt om de duurzaamheid van bebouwing af te dwingen, maar kan duurzaam bouwen wel faciliteren. Energieprestatie Een goede energieprestatie kan worden bereikt door te bouwen volgens de drie stappen van de Trias Energetica: 22 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

27 allereerst wordt ingezet op het terugdringen van onnodig energieverbruik door de meeste ramen te oriënteren op de zonzijde en gebruik te maken van hoogwaardig isolatiemateriaal; voor de resterende energiebehoefte zo veel mogelijk op duurzame energiebronnen zoals zonnepanelen of aardwarmte; voor zover duurzame energie niet volstaat, wordt zo zuinig mogelijk gebruik gemaakt van fossiele energiebronnen, bijvoorbeeld door de toepassing van restwarmte. Woonhuizen die in het plangebied worden gerealiseerd dienen te voldoen aan het wettelijk verankerde energieprestatiecoëfficiënt (EPC). De EPC is een waarde die uitdrukking geeft aan de isolatiewaarde van de woning en de zuinigheid van de installaties die worden gebruikt voor de verwarming of koeling van het gebouw. Op dit moment geldt voor woningen een EPC van 0,6. Ten opzichte van de geldende bestemmingsplannen, bevat het bestemmingsplan geen nieuwe bouwmogelijkheden. Bij de bouw van woningen in het kleinschalige uitbreidingsplan en de vervanging van bestaande bebouwing moet worden voldaan aan de energievoorschriften die op dat moment zijn opgenomen in het Bouwbesluit. Duurzaam ruimtegebruik Duurzaam ruimtegebruik ontstaat door zoveel mogelijk gebruik te maken van 'lege' ruimtes binnen bestaand bebouwd gebied (intensivering) of het vervangen van bestaande bebouwing door bebouwing die beter aansluit bij de eisen van de tijd (herstructurering). Vanuit het rijksbeleid wordt voor nieuwe stedelijke ontwikkelingen de zogenaamde SER-ladder gehanteerd om zorgvuldig ruimtegebruik te stimuleren: beoordelen of de beoogde ontwikkeling voorziet in een regionale vraag; beoordelen of deze vraag ook binnen bestaand bebouwd gebied gerealiseerd kan worden; en een beoordeling of - indien het voorgaande niet het geval is - de locatie buiten bestaande bebouwd gebied wel multimodaal is of kan worden ontsloten. Het bestemmingsplan speelt op de volgende manier in op het principe van duurzaam ruimtegebruik: voor de bestaande woonpercelen buiten de vesting zijn relatief ruime ontwikkelingsmogelijkheden opgenomen, om zo het uitbreiden of vervangen van woningen binnen bestaand bebouwd aantrekkelijker te maken dan de bouw van een nieuwe woningen in uitleglocaties of vertrek naar elders (leegstand en verpaupering). Dit draagt bij aan de vitaliteit van het bestaand bebouwd gebied. Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 23

28 HOOFDSTUK 6 JURIDISCHE PLANBESCHRIJVING 6.1 Toelichting op het juridisch systeem Vereisten bestemmingsplan Het bestemmingsplan regelt de gebruik- en bebouwingsbepalingen van de gronden in het plangebied. De juridische regeling is vervat in een verbeelding en bijbehorende regels. Op de verbeelding zijn de verschillende bestemmingen vastgelegd, in de regels (per bestemming) de bouw- en gebruiksmogelijkheden. Het Bro bepaalt dat een bestemmingsplan vergezeld gaat van een toelichting. Deze toelichting heeft geen juridische status, maar is wel belangrijk als het gaat om de onderbouwing van hetgeen in het bestemmingsplan is geregeld en om de uitleg daarvan.het bestemmingsplan voldoet aan alle vereisten die zijn opgenomen in de Wet ruimtelijke ordening (Wro) en het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Inherent hieraan is de toepassing van de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP) De SVBP geeft bindende standaarden voor de opbouw en de verbeelding van het bestemmingsplan, zowel digitaal als analoog, zodat bestemmingsplannen vergelijkbaar met elkaar zijn. De regels van dit bestemmingsplan zijn opgesteld conform deze standaarden. Het plan voldoet tevens aan de eisen uit de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo), die op 1 oktober 2010 in werking is getreden. Aard van het bestemmingsplan Zoals eerder is aangegeven, heeft het op te stellen bestemmingsplan een conserverend karakter. Dit betekent dat wordt uitgegaan van de feitelijke situatie in het plangebied, waarbij bestaande functies en bestaande bebouwing worden bestemd conform de feitelijke situatie. Buiten de vesting is wel beperkt ruimte toegestaan voor perceelsgebonden ontwikkeling. Met het opstellen van het plan wordt een zodanig plan beoogd dat enerzijds rechtszekerheid wordt geboden aan de burgers en instellingen en dat anderzijds voldoende praktische mogelijkheden worden geboden om flexibel op ondergeschikte aanpassingen in te kunnen spelen. Bij de opzet van het bestemmingsplan zal worden getracht het aantal regels zo beperkt mogelijk te houden en slechts datgene te regelen, wat strikt noodzakelijk is. 6.2 Toelichting op de bestemmingen Agrarisch Cultuurgrond Agrarische gronden die van belang zijn voor de openheid van het landschap of het zicht daarop krijgen de bestemming 'Agrarisch - Cultuurgrond'. Ter plaatse van deze bestemming mogen geen gebouwen worden gebouwd. Ter plaatse van het Uitbreidingsplan Bourtange is een wijzigingsbevoegdheid opgenomen om nog een aantal woningen te bouwen op het moment dat daar behoefte voor bestaat. Het toestaan van de bebouwing is een bevoegdheid van het college. Bedrijf Binnen de bebouwde kom van Vlagtwedde komen twee verschillende bedrijven voor, waarvoor de bestemming 'Bedrijf' wordt gehanteerd. Negatieve beïnvloeding van de woonfunctie moet worden voorkomen. Daarom wordt uitgegaan van een basisregeling waarbij bedrijven uit de milieucategorieën 1 en 2 op korte afstand van woningen algemeen zijn toegestaan, terwijl bedrijven uit een hogere milieucategorie specifiek worden aangeduid. Gebouwen binnen deze bestemming dienen binnen het bouwvlak te worden gebouwd. De maximale bouw- en goothoogte zijn aangeduid op de verbeelding. Bij het bedrijf aan de Willem Lodewijkstraat is één bedrijfswoning toegestaan. Aan- en bijgebouwen zijn gebonden aan een maximale oppervlakte (50 m 2 ) en goothoogte (3,50 m) en moeten achter de voorgevelrooilijn van de bedrijfswoning worden gebouwd. 24 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

29 Bedrijf - Nutsvoorziening De trafo in het bos rondom het sportterrein heeft de bestemming "Bedrijf - Nutsvoorziening". Hiermee is deze mogelijk gemaakt. Bos Voor de bospercelen rondom de sportvelden is de bestemming 'Bos' opgenomen. Binnen deze bestemming mogen geen gebouwen worden gebouwd. Voor het verwijderen van bomen moet een omgevingsvergunning worden verleend. Cultuur en ontspanning Het educatief centrum ten behoeve van de vesting bij de parkeerplaats voor bezoekers van de vesting is bestemd als 'Cultuur en ontspanning'. Ook de spinnekopmolen op de vestingwallen heeft deze bestemming. Ter plaatse van de bestemming mag alleen een (spinnekop)molen worden gebouwd. De molen mag niet worden bewoond. Gemengd - 1 De gebouwen rondom het plein hebben de bestemming 'Gemengd - 1'. Uitwisseling van de detailhandel-, horeca-, maatschappelijke en toeristische functies is hierdoor mogelijk. Bij deze functies mag worden gewoond. Alleen wonen is toegestaan waar dit is aangeduid. Bij de woonfunctie is (ondergeschikt) tevens het uitoefenen van een aan-huis-verbonden beroep of een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit die genoemd zijn in bijlage 1 van de regels, toegestaan. Daarbij wordt een maximum van 90 m 2 aangehouden. Tevens is mantelzorg toegestaan. Met een omgevingsvergunning is productiegebonden detailhandel mogelijk. Gemengd - 2 De gebouwen die niet rondom het plein liggen, hebben de bestemming 'Gemengd - 2'. Hier mag alleen gewoond worden, maar horeca in de vorm van logies en daarnaast musea zijn ook mogelijk. Het betreft hier overigens kleinschalige ontwikkelingsmogelijkheden. Ook hier is bij de woonfunctie (ondergeschikt) tevens het uitoefenen van een aan-huis-verbonden beroep of een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit die genoemd zijn in bijlage 1 van de regels, en mantelzorg toegestaan. Groen Structurerende groenelementen en publieke groenvoorzieningen zijn ondergebracht in de bestemming 'Groen'. De bestemming wordt voornamelijk gebruikt bij het afbakenen van de vestingwallen. Deze bestemming is tevens bedoeld voor waterpartijen, (fiets)paden en speelvoorzieningen. Binnen de bestemming mogen geen gebouwen worden gebouwd met uitzondering de gebouwen die zijn aangeduid. Ondergeschikt groen (zoals een middenberm) is in de bestemming 'Verkeer-Verblijf' toegestaan. Particulier groen valt binnen de woonbestemming. Maatschappelijk Binnen de bestemming 'Maatschappelijk' zijn verschillende soorten maatschappelijke voorzieningen zoals scholen, kerken en zorginstellingen mogelijk. De bestemming heeft betrekking op de school binnen het plangebied. Omdat de bestemming 'Maatschappelijk' een zekere mate van uitwisselbaarheid kent, kunnen in toekomst ook andere maatschappelijke voorzieningen binnen de bestemming worden uitgeoefend, indien daar behoefte aan ontstaat. Dit biedt bijvoorbeeld mogelijkheden om de huidige locatie door te ontwikkelen tot een multifunctioneel centrum. Gebouwen binnen deze bestemming dienen binnen het bouwvlak te worden gebouwd. De maximale bouw- en goothoogte zijn aangeduid op de verbeelding. Ten aanzien van aan- en bijgebouwen geldt een vergelijkbare regeling als bij de bestemming 'Bedrijf' en 'Gemengd'. Maatschappelijk - Begraafplaats De bestemming 'Maatschappelijk - Begraafplaats' heeft betrekking op de begraafplaats nabij de vesting. Binnen deze bestemming zijn geen andere maatschappelijke functies toegestaan. Binnen deze bestemming is een gebouw ten behoeve van beheer en onderhoud toegestaan met een oppervlakte van maximaal 50 m 2 en een bouwhoogte van maximaal van 3,00 m. Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 25

30 Recreatie - Dagrecreatie De kinderboerderij is een dagrecreatieve functie. Daarom heeft het de bestemming 'Recreatie - Dagrecreatie'. Sport De bestemming 'Sport' is opgenomen voor het uitoefenen van sport en bijbehorende gebouwen, parkeer- en groenvoorzieningen. Ondergeschikte gebouwen dug-outs en een kassa mogen overal binnen bestemming worden gebouwd, maar zijn gebonden aan een maximale oppervlakte (100 m 2 ). Tuin Binnen de vesting is sturing op de erfbebouwing wenselijk. Daarom wordt binnen dit deelgebied gewerkt met een aparte bestemming voor het onbebouwde deel van het erf: 'Tuin'. Binnen een woonbestemming kunnen immers bijgebouwen worden gebouwd, terwijl dat binnen de bestemming 'Tuin' niet is toegestaan met uitzondering daar waar dit is aangeduid. Met een omgevingsvergunning is de bouw van bijbehorende bouwwerken bij een hoofdgebouw mogelijk. De gronden binnen een bestemming Tuin hebben in de regel een dienovereenkomstig gebruik, waarbij ook verharde of semi-verharde ruimtes (in de vorm van zithoeken of terrasjes) mogelijk zijn. De bestemming Tuin mag dan ook gebruiikt worden voor activiteiten die passen bij betreffende bestemming waar ze bij hoort. Verkeer - Parkeerterrein Het grote parkeerterrein net buiten de vesting is voorzien van een specifieke bestemming 'Verkeer - Parkeerterrein'. Het verschil met de bestemming 'Verkeer - Verblijf' is dat de bestemming primair is bedoeld voor parkeren en niet voor het afwikkelen van het verkeer. Ook het parkeerterrein bij de sportvelden is onder deze bestemming geregeld. Verkeer - Verblijf De bestemming 'Verkeer-Verblijf' is van toepassing op erftoegangswegen, voetpaden en fietspaden. In tegenstelling tot de bestemming 'Verkeer' is binnen deze bestemming ook de aanleg van parkeervoorzieningen toegestaan. Bermen en ondergeschikte groenvoorzieningen vallen binnen de bestemming. Ook speelvoorzieningen zijn binnen deze bestemming toegestaan. Water Ter plaatse van waterlopen met een belangrijke waterhuishoudkundige functie ligt de bestemming 'Water'. Deze bestemming wordt ook gehanteerd voor de grachten van de vesting. In deze bestemming zijn naast waterlopen, kaden en oevers en waterbouwkundige voorzieningen toegestaan. Bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mogen maximaal 2,00 meter hoog worden. Wonen - 1 en 2 In het deelgebied buiten de vesting in bestemmingsplan is, net als in andere actualisatieplannen van de gemeente Vlagtwedde, onderscheid gemaakt in twee verschillende woonbestemmingen. De bouwmogelijkheden per bestemming zijn verschillend en vloeien voort uit de bestaande hoogte van de bebouwing. Het gaat om de volgende bestemmingen: Wonen - 1: één bouwlaag met kap; Wonen - 2: twee bouwlagen met kap. Gebruiksregels In de bovengenoemde woonbestemming zijn de gebruiksmogelijkheden van woningen geregeld. De gebruiksmogelijkheden zijn voor beide gelijk. Naast de woonfunctie is (ondergeschikt) tevens het uitoefenen van een aan-huis-verbonden beroep toegestaan. Daarbij wordt een maximum van 90 m 2 aangehouden, tenzij een grotere oppervlakte van de bestaande bebouwing niet wordt benut voor de woonfunctie. 26 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

31 Het kleinschalig verhuren van kamers kan zonder problemen in samenhang met de woonfunctie worden uitgeoefend. Daarbij worden maximaal drie kamers zonder meer toegestaan. Voor vier of vijf kamers is toestemming van het college van Burgemeester en Wethouders noodzakelijk. Ter toelichting op de gehanteerde begrippen in de verschillende woonbestemmingen kan een nadere toelichting worden gegeven, mede in het licht van een beleidsregel die de gemeente over bewoning in voorbereiding heeft. In artikel 1 van de planregels is het begrip woning omschreven als een complex van ruimten, uitsluitend bedoeld voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden. Daranaast is rekening gehouden met overige, bijbehorende functies als bed and breakfast, mantelzorg, aan-huis-verbonden-beroepen, aan het wonen verbonden, kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten, kamerverhuur e.d. Een wooneenheid (voor niet-zelfstandige bewoning) onderscheidt zich hiervan, doordat niet alle functies in de eigen ruimte aanwezig zijn en er geen sprake is van een eigen adres c.q.een eigen toegang. De gemeente zet met de actuele bestemmingsplannen in op een beleid waarbij wonen, werken aan huis, dan wel zorg aan huis functioneel mogelijk moeten zijn. Wonen blijft de hoofdfunctie, maar er moet ruimte zijn voor mantelzorg, werkactiviteit aan huis e.d. Deze ruime benadering van het wonen wil inspelen op maatschappelijke ontwikkelingen (wonen met zorg voor inwonende ouderen, een werkactiviteit aan huis, een gastenverblijf e.d.). Wanneer zich dergelijke activiteiten binnen de ruimtelijke grenzen van een bestemming afspelen, zijn hoeven daartegen geen bezwaar te bestaan. De gemeente wil daar dan ook op ruimte voor bieden. Het complex van ruimten van een woning bestaat dan uit zowel uit het hoofdgebouw als de bijbehorende aan-, uit- en bijgebouwen. Dit beleid is er uiteraard niet voor bedoeld om meerdere zelfstandige woningen op een adres te krijgen (dat zou in strijd zijn met het woonbeleid), noch om vormen van zelfstandige bedrijvigheid mogelijk te maken (dat zou in strijd met de bestemming zijn en levert milieuhygiënische knelpunten op). Het blijft primair om de woonfunctie gaan. In de definities van de planregels wordt ruimte geboden voor een dergelijke invulling van de woonfunctie. Situering Bij de indeling van de woonpercelen wordt de nodige vrijheid gegeven. Er zijn geen bouwvlakken opgenomen waarmee de bebouwing wordt vastgelegd. Om een zeker samenhangend ruimtelijk beeld te behouden, zijn wat betreft de situering van bebouwing, een aantal algemene richtlijnen in de planregels opgenomen: het hoofdgebouw moet ten minste 5,00 meter en maximaal 20,00 meter vanaf de openbare weg zijn gelegen; het realiseren van aan- en bijgebouwen voor de voorgevel is niet toegestaan. Bouwmassa Er zijn geen bouwvlakken gebruikt, maar er geldt een maximale oppervlakte van 200 m 2 voor woningen. Bij de bestemmingen 'Wonen - 1' en 'Wonen - 2' is in de planregels een standaard bouw- en goothoogte vastgelegd. Bij 'Wonen - 1' gaat het om een goot- en bouwhoogte van respectievelijk 4,00 m en 8,00 m. Bij 'Wonen - 2' gaat het om een goot- en bouwhoogte van 7,00 m en 10,00 m. Ten aanzien van aan- en bijgebouwen geldt een maximale oppervlakte van 50 m 2. Daarnaast wordt voor aan- en bijgebouwen een maximale goothoogte gehanteerd van 3,50 m. Met een omgevingsvergunning kan van de toegestane oppervlakte worden afgeweken, indien dit vanwege de gezinssituatie (mantelzorg) of ruimtebehoevende bedrijfsmatige activiteiten noodzakelijk is. Wonen - Vesting Binnen de vesting wordt een aparte woonbestemming gebruikt: 'Wonen - Vesting'. De systematiek is gericht op het behouden van de bestaande ruimtelijke structuur. Binnen de vesting wordt de huidige bebouwing vastgelegd door middel van een bouwvlak. De goot- en bouwhoogte is per gebouw specifiek Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 27

32 vastgelegd. Binnen deze bestemming mogen geen bouwwerken ten behoeve van reclame worden opgericht. Wel zijn afwijkingsmogelijkheden opgenomen om de bebouwing te gebruiken voor het verlenen van mantelzorg. Ook aan-huis-verbonden beroepen en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten zijn toegestaan. Voor de woonpercelen rondom het Marktplein is een wijzigingsbevoegdheid opgenomen om een detailhandels- of horecafunctie toe te staan. Dit om de levendigheid en de centrumfunctie van de vesting te versterken. 6.3 Dubbelbestemmingen en gebiedsaanduidingen Waarde - Archeologie Ter bescherming van archeologische waarden in de dorpskern Vlagtwedde is de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie' opgenomen. Als gevolg van deze dubbelbestemming is het verplicht een omgevingsvergunning aan te vragen bij verschillende bouw- en aanlegwerkzaamheden. Voor het verkrijgen van een dergelijke vergunning moet door middel van archeologisch onderzoek worden aangetoond dat er geen waardevolle archeologische resten verloren gaan. Waarde - Beschermd Dorpsgezicht Ter bescherming van het beschermd dorpsgezicht is een dubbelbestemming opgenomen. Als gevolg van de dubbelbestemming zijn de gronden ter plaatse van het plangebied bedoeld voor het behoud het herstel en de uitbouw van cultuurhistorische en ruimtelijke waarden. Om deze waarden te beschermen zijn regels opgesteld ten aanzien van de dakvorm, nokrichting, dakhelling en de materialen waaruit de gebouwen mogen bestaan. De dakvorm en nokrichting mogen niet veranderen. Met een omgevingsvergunning zijn een afwijkende dakhelling en andere materialen mogelijk. Daarnaast zijn muren en hagen aangeduid en zijn hier voorwaarden aan verbonden. Op andere plekken mogen deze niet gerealiseerd worden. Tevens is een omgevingsvergunningenstelsel voor het uitvoeren van werken en het slopen van bouwwerken opgenomen. Dit betekent dat een groot aantal aanleg en sloopwerkzaamheden binnen de vesting niet zijn toegestaan zonder toestemming van het college. Vrijwaringszone - Molenbiotoop In de algemene aanduidingsregels is een regeling opgenomen voor het behoud, het herstel en de bescherming van de windvang van de standerdmolen op het molenbastion op de vestingwal staat. Binnen een afstand van 400 meter tot aan de molen gelden beperkingen voor het oprichten van nieuwe bebouwing. Ook geldt er een vergunningplicht voor het planten van bomen, het oprichten van constructies en het ophogen van gronden boven een bepaalde hoogte. Een en ander is geregeld middels de gebiedsaanduiding 'vrijwaringszone - molenbiotoop'. 28 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

33 HOOFDSTUK 7 UITVOERBAARHEID 7.1 Maatschappelijke uitvoerbaarheid Conform artikel van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) heeft ten aanzien van een bestemmingsplanprocedure vroegtijdig overleg plaatsgevonden met de betrokken adviespartners en overheden. Daarnaast is, overeenkomstig de gemeentelijke inspraakverordening, het voorontwerpbestemmingsplan voor eenieder ter inzage gelegd. De inspraak- en overlegreacties zijn verwerkt tijdens de voorbereiding van het ontwerpbestemmingsplan. Hoofdstuk 8 geeftn daarvan een samenvatting, terwijl de uitgebreide beantwoording is opgenomen in een reactienota Overleg en Inspraak die bij het plan is gevoegd. Dit ontwerpplan wordt vervolgens gedurende 6 weken ter inzage gelegd, waarbij eenieder in de gelegenheid wordt gebracht zienswijzen in te dienen. Deze zienswijzen worden vervolgens betrokken in de vaststellingsfase. Het plan wordt uiteindelijk door de gemeenteraad (al dan niet gewijzigd) vastgesteld. 7.2 Economische uitvoerbaarheid en grondexploitatie Door middel van de grondexploitatieregeling in de Wet ruimtelijke ordening (Wro) en het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) beschikken gemeenten over mogelijkheden voor het verhalen van kosten. Hierbij valt te denken aan kosten voor het bouw- en woonrijp maken, planschade en kosten voor het opstellen van een bestemmingsplan. In het voorliggende bestemmingsplan wordt geen rechtstreekse bouwmogelijkheden toegekend waarvoor het opstellen van een exploitatieplan verplicht is. De economische uitvoerbaarheid levert daardoor geen belemmering op voor de vaststelling van het bestemmingsplan. === Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 29

34 30 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

35 BIJLAGE 1

36

37

38

39

40

41 BIJLAGE 2

42

43

44

45

46

47

48

49

50

51 BIJLAGE 3

52

53

54

55 BIJLAGE 4

56

57 REACTIENOTA OVERLEG EN INSPRAAK BOURTANGE

58 Reactienota Overleg en Inspraak Bourtange Code /

59 GEMEENTE VLAGTWEDDE / REACTIENOTA OVERLEG EN INSPRAAK BOURTANGE INHOUDSOPGAVE blz 1. INLEIDING 2. OVERLEG Overlegreactie Provincie Groningen Waterschap Hunze en Aa s Brandweer Regio Groningen INSPRAAK Inspraakreactie Inspraakreactie Inspraakreactie Inspraakreactie Inspraakreactie Inspraakreactie Inspraakreactie Inspraakreactie Inspraakreactie Inspraakreactie Inspraakreactie Inspraakreactie Inspraakreactie Inspraakreactie AANPASSINGEN TEN OPZICHTE VAN HET VOORONTWERPBESTEMMINGSPLAN Aanpassingen naar aanleiding van de overlegreacties Aanpassingen naar aanleiding van de inspraakreacties Ambtelijke aanpassingen

60 blz 1 1. INLEIDING Procedure terinzagelegging Het voorontwerpbestemmingsplan Bourtange is toegezonden aan een aantal vaste overleg- en adviesinstanties. Ook heeft het plan in de periode van 7 juni tot en met 25 juli 2012 ter inzage gelegen voor het indienen van inspraakreacties. Op 13 juni 2012 is een inloopavond georganiseerd in het Informatiecentrum van de Vesting Bourtange. In deze Reactienota Overleg en Inspraak wordt verslag gedaan van de binnengekomen reacties. De gemeente geeft per reactie aan wat haar standpunt is en of de reacties leiden tot aanpassingen in het bestemmingsplan. Opzet reactienota overleg en inspraak Op het voorontwerpbestemmingsplan is gereageerd door de Provincie Groningen, het Waterschap Hunze en Aa s en de Brandweer Regio Groningen. Daarnaast zijn 15 inspraakreacties ingediend. De overlegreacties worden in hoofdstuk 2 van deze nota besproken. De inspraakreacties in hoofdstuk 3. Voor zover de reacties leiden tot aanpassing van het bestemmingsplan, is dat aangegeven. In hoofdstuk 4 worden de aanpassingen in het bestemmingsplan op een rij gezet. Bescherming persoonsgegevens Mede vanwege het feit dat bestemmingsplan digitaal worden gepubliceerd is besloten om bij de inspraakreacties geen telefoonnummers en e- mailadressen op te nemen. Vanwege dezelfde reden zijn de inspraakreacties zelf ook niet opgenomen als bijlage bij het bestemmingsplan. Reactienota Overleg en Inspraak Bourtange Status: Ontwerp / Buro Vijn B.V.

61 blz OVERLEG Onderstaand wordt de overlegreacties van de Provincie Groningen, Waterschap Hunze en Aa s en Steunpunt externe Veilheid per thema samengevat en voorzien van een gemeentelijke reactie. De tekst van de provinciale reactie is vrijwel integraal overgenomen Overlegreactie Provincie Groningen Opmerking De provincie Groningen, Afdeling Ruimtelijke plannen stelt dat de wijze waarop het bestemmingsplan ruimte biedt om de woningvoorraad uit te breiden afwijkt van artikel 4.7 van de provinciale omgevingsverordening. Daarin staat vermeld dat uitbreiding van de woningvoorraad mogelijk is mits deze toevoeging in samenhang met de woningbouwcapaciteit in andere bestemmingsplannen is beschouwd en mits het aantal woningen past in de in regionaal verband gemaakte afspraken. De provincie stelt nu dat uitbreiding mogelijk is door een combinatie van wonen/werken binnen de bestemming Gemengd mogelijk te maken evenals een uitwisseling tussen het gebruik van percelen voor wonen, horeca en musea, alsmede via het toepassen van een aantal wijzigingsbevoegdheden. Daarmee ontstaat strijdigheid met de Omgevingsverordening. Reactie gemeente - algemeen De stelling dat het plan niet zou voldoen aan de provinciale omgevingsverordening wordt dient te worden ontkend. Met het provinciaal bestuur wordt onderkend dat in Vlagtwedde een zeer uitgebalanceerd mechanisme nodig is om negatieve gevolgen van de verwachte krimp van de bevolking op de woningmarkt te voorkomen. Daarvoor is het van belang om de mogelijkheden van de verschillende bestemmingsplannen in samenhang te beschouwen. Dat is mede de reden om alle bestemmingsplannen gelijktijdig te actualiseren en binnen alle bestemmingsplannen voor de kernen in Vlagtwedde een samenhangend en op elkaar afgestemd beleid te voeren ten aanzien van de woningbouwmogelijkheden. Daarmee wordt voldaan aan de betreffende passage in de omgevingsverordening. - ontwikkelingen op de woningmarkt De verwachte ontwikkelingen op de woningmarkt brengen met zich mee dat deze problematiek niet alleen vanuit een kwantitatief oogpunt mag worden benaderd. Met name in de krimpgebieden als in de regio Oost, is het van groot belang om in kwalitatieve zin adequaat in te kunnen spelen op iedere vraag naar woonruimte. Wanneer er geen economische noodzaak is om hier te blijven wonen, zal men juist in deze gebieden geen concessies willen doen voor wat betreft de woonwensen. De verwachting is dat in de komende jaren het absolute aantal inwoners wel zal dalen maar dat het aantal zelfstandige huishoudens zal toenemen onder andere doordat ouderen langer zelfstandig blijven wonen, het aantal Buro Vijn B.V. Reactienota Overleg en Inspraak Bourtange Status: Ontwerp /

62 blz 3 alleenstaanden groter zal worden en het aantal echtscheidingen zorgt voor splitsing van gezinnen. Tengevolge daarvan zal de vraag naar zelfstandige woonruimte in de komende jaren eerder iets toe- dan afnemen. In het Integraal Beleidskader Wonen en Leven, in de dorpen en buurten van Vlagtwedde is daarover het volgende vermeld: Huishoudensontwikkelingen Niet enkel is er sprake van krimp, ontgroening en vergrijzing. Ook het aantal en soort huishoudens zal gaan veranderen. Deze verandering heeft vooral invloed op de woningbehoefte, aangezien dit niet alleen samenhangt met het aantal inwoners, maar vooral met de huishoudens. Voor de regio Westerwolde (Stadskanaal, Bellingwedde, Vlagtwedde) is een huishoudenprognose beschikbaar z kind tot % 5% 4% 1+2 z kind % % % 1+2 z kind % % % Gezinnen t/m % 14% 15% Gezinnen % % % Totaal Huishoudensprognose regio Westerwolde Voor de gemeente Vlagtwedde is geen afzonderlijk onderzoek gedaan. In grote lijnen kunnen voor onze gemeente de volgende conclusies uit deze prognose getrokken worden. - Het aantal huishoudens zal de aankomende jaren licht stijgen door de groei van kleine huishoudens. Dit wordt veroorzaakt door het stijgende aantal 65+-ers en alleenstaanden. - Door de daling van het aantal inwoners na 2020, zal het aantal huishoudens in 2030 ongeveer gelijk zijn aan de huidige situatie. - Door de veranderde samenstelling van de bevolking zal er meer behoefte zijn aan levensloopbestendige woningen. Daarbij is het van belang om te constateren dat een belangrijk deel van de woningvoorraad voor wat betreft technische staat en/of modern wooncomfort in de gemeente Vlagtwedde als matig of slecht kan worden aangemerkt. Het is zaak om door verbouw, nieuwbouw en woningsplitsing op de kwalitatieve vraag in te spelen. De maximale benutting van de mogelijkheden daarvoor in het bebouwde gebied van de dorpskernen zal bijdragen aan deze kwaliteitsimpuls. De veronderstelling is gerechtvaardigd dat een kwalitatieve verbetering van de woningvoorraad er ook toe zal leiden dat de kunstmatig hoog gehouden Reactienota Overleg en Inspraak Bourtange Status: Ontwerp / Buro Vijn B.V.

63 blz prijzen van relatief slechte woningen zal dalen. Slechte woningen zijn op dit moment te duur om op een rendabele manier te investeren in verbouw of vervangende nieuwbouw. - gemeentelijk beleidsinzet Het is zaak om er van overheidswege voor te zorgen dat zij die er wonen uit sociale en/of economische overwegen of wegens het ontbreken van gewenste alternatieven op de woningmarkt, geen motief wordt gegeven om te vertrekken. Daarnaast is het zaak dat zij die door hun komst en activiteiten de sociaal economische structuur kunnen versterken optimaal gefaciliteerd worden, ook waar het gaat om het woningaanbod. Om die reden bieden de bestemmingsplannen de mogelijkheden om wonen en werken te combineren, aan wonen gerelateerde hobbymatige en semi-bedrijfsmatige activiteiten in samenhang met de woonfunctie kunnen plaatsvinden en samengestelde woonvormen (b.v. situaties van mantelzorg, semi-zelfstandig wonen van jongeren op het erf van de ouders enz.) te realiseren. Omdat het van vitaal belang is dat, juist in de krimpgebieden, maximaal ingespeeld kan worden op een actuele vraag om woonruimte is een systeem nodig waarbij enerzijds voorkomen wordt dat er een aanbod is waar geen vraag naar is en anderzijds er voor wordt gezorgd dat adequaat kan worden gereageerd op een concrete woningbehoefte naar woonruimte. - bestemmingsplanregeling met nadere toetsing Bij de planherzieningen is er voor gekozen om, op enkele uitzondering na, de uitbreiding van de bebouwing middels uitleggebieden te laten vervallen. Ook zijn rechtstreekse bouwrechten voor invullocaties vrijwel overal vervallen. Daarmee concentreren de bouw- en gebruiksmogelijkheden zich op de benutting van de mogelijkheden die het bestaande bebouwde gebied heeft voor het realiseren van adequate aanvullende woningbouw. Het is niet adequaat om binnen dat bebouwde gebied exact aan te geven welke locaties precies voor eventuele uitbreiding van het aantal woningen zal worden benut. Het nodige maatwerk in de dorpskernen zal immers in het éne geval bestaan uit het meewerken aan de splitsing van een woning, in het andere geval om het opvullen van een gat in de bebouwing, om vervanging van oude bebouwing of wijzigen van functies. Onder vigeur van de huidige bestemmingsplannen is het in de loop dat jaren vast komen te staan dat juist het aangeven van bouwmogelijkheden er mede voor hebben gezorgd dat er blokkades in de woningmarkt zijn ontstaan. Dat effect is nog vergroot door prestatieafspraken met de woningcorporaties die in een aantal gevallen wel tot reservering van contingent maar niet tot realisering van de afgesproken aantallen woningen hebben geleid. Daardoor zijn onnodig mensen uit de gemeente vertrokken. Dit is mede een reden om de regeling in de nieuwe reeks actuele bestemmingsplannen aan te passen. De wijzigingsbevoegdheden die gezamenlijk kunnen leiden tot toevoeging van het aantal woningen zijn door de gelijktijdige actualisatie van de bestemmingsplannen van alle woonkernen gemaximaliseerd (door het opnemen van een relevant criterium in de planregels) tot de nieuwbouwruimte die door het college van gedeputeerde staten is vastgesteld. Deze nieuw- Buro Vijn B.V. Reactienota Overleg en Inspraak Bourtange Status: Ontwerp /

64 blz 5 bouwruimte is gebaseerd op in regionaal gemaakte afspraken over de verdeling van het maximaal aantal te bouwen woningen over de gemeente. - regionale afstemming en monitoring nieuwbouwruimte Inmiddels wordt opnieuw gediscussieerd over noodzakelijke/gewenste aantallen nieuw te bouwen woningen en is het niet uitgesloten dat de eerder vastgestelde nieuwbouwruimte zal worden bijgesteld. Het is belangrijk dat in deze regio een goede monitoring van de ontwikkelingen op de woningmarkt en dat adequaat wordt ingespeeld op ontwikkelingen. plaatsvindt Daarmee is een start gemaakt en de ontwikkelingen over de jaren 2010 en 2011 zijn in beeld gebracht. Daarbij past het niet om bijvoorbeeld in afwachting van de totstandkoming van een regionale woonvisie de realisering van woningen te blokkeren gedurende de periode van onderzoek en heroriëntatie of alleen mogelijk te maken door middel van buitenplanse beoordeling van incidentele bouwplannen. Bij de planherzieningen voor de kernen in de gemeente Vlagtwedde is gekozen voor een beperking van rechtstreekse bouwrechten maar wel met de ruimte om flexibel in te spelen op concrete bouwvoornemens. Dat daarbij de in onderling overleg gemaakte maxima niet zullen worden overschreden, spreekt voor zich. - relatie op te stellen woonvisie Het spreekt ook voor zich dat in de regio het, zeker voor wat betreft de uitleggebieden, van belang is om de ontwikkelingen op het gebied van nieuwbouwmogelijkheden op elkaar worden afgestemd met name waar het gaat om het aanbieden van mogelijkheden voor mensen van buiten de regio. Daarvoor ligt een nog op te stellen woonvisie voor de hand en op grond daarvan kan worden bepaald waar nog aanvullende nieuwbouw nodig en wenselijk is. Daarbij gaat het over volstrekt andere situaties dan het op locaal niveau soepel kunnen inspelen op een zich voordoende vraag. Dat vraagt om maatwerk op dorpsniveau en die wordt bij de planherzieningen voor een belangrijk deel mogelijk gemaakt. - recente jurisprudentie De provincie wijst er verder op dat het van belang is om het plan af te stemmen op recente jurisprudentie waarbij gewezen wordt op de uitspraak van de Raad van State (Zaaknummer /1/R4). Opgemerkt moet worden dat deze casus betrekking had op het reserveren van een gebied met een, tot dan toe agrarische bestemming, voor het realiseren van een woningbouw die wellicht nodig zou zijn voor de opvang van de bevolking. De Raad van State oordeelde in deze situatie dat met name ging om een planmatige ontwikkeling waarbij de behoefte aangetoond zou dienen te worden. In de onderhavige situatie gaat het om enkele percelen die reeds thans een woonbestemming hebben en waarbij thans gekozen is voor een wro-zone om regie te verkrijgen op het tempo van de woningbouw en de afstemming op het totale gemeentelijke beleid. De wijzigingsbevoegdheden hebben betrekking op: het vergroten van het aantal hoofdgebouwen binnen een bouwblok, Reactienota Overleg en Inspraak Bourtange Status: Ontwerp / Buro Vijn B.V.

65 blz het gebruik van vrijgekomen agrarische panden voor meer dan één woning een flexibiliteitsregel, die beoogt om in incidentele gevallen gebruik te maken van de binnen het plangebied beschikbaar komende panden en het doelmatig gebruik daarvan. Een nieuwe woonfunctie kan zo n mogelijkheid zijn. Dat is van een andere orde dan het rechtstreeks bestemmen dan wel door middel van een wijzigingsbevoegdheid veilig stellen van kavels voor nieuwe woningen in uitleggebieden. Met de voorgestelde regeling wordt voldaan aan de eis van een goede ruimtelijke ordening (zuinig ruimtegebruik, zorgvuldige regeling van vrijkomende panden en inspelen of maatschappelijke behoeften binnen bebouwd gebied). Bovendien wordt in de concrete toetsing van de wijzigingsbevoegdheden tevens toegevoegd dat voldoende afstemming op het provinciaal c.q. gemeentelijk woonbeleid in acht wordt genomen. De concrete behoefte wordt bij de beoordeling tevens in de beoordeling meegenomen. Resumerend: met deze nadere verantwoording is het woonbeleid nader onderbouwd. De toelichting is aangevuld Waterschap Hunze en Aa s Opmerking 1 Gevraagd wordt om de tekst van de toelichting aan te passen overeenkomstig die van de tekst van de bestemmingsplannen Vlagtwedde Dorp en Sellingen aangevuld met de voorgestelde tekstuele suggesties. Reactie gemeente In het ontwerpbestemmingsplan zijn de teksten gelijkluidend gemaakt overeenkomst de wensen van het Waterschap. Opmerking 2 Verzocht wordt om in de toelichting een passage op te nemen om de onderlinge verhoudingen tussen het plan en de regels van het waterschap duidelijk te maken. Reactie gemeente In het ontwerpbestemmingsplan is de door het Waterschap voorgestelde tekst opgenomen. Oogmerk is om dubbele regelgeving te voorkomen tussen het bestemmingsplan en de Keur van het waterschap. Opmerking 3 In de artikelen 4, 5, 6, 11, 16, 19 en 20 van de regels is water niet opgenomen als medebestemming. Gevraagd wordt het plan op dat punt aan te passen. Buro Vijn B.V. Reactienota Overleg en Inspraak Bourtange Status: Ontwerp /

66 blz 7 Reactie gemeente In de genoemde artikelen van de regels is water als medebestemming opgenomen Brandweer Regio Groningen Opmerking 1 De Brandweer Regio Groningen adviseert de een nadere (meer uitgebreide) verantwoording van het groepsrisico op te nemen. Dit in het bijzondere vanwege het invloedsgebied van de provinciale weg (N365). Reactie gemeente: De gemeente laat zich hierover nader adviseren door het Steunpunt Externe Veiligheid, dit in het licht van de gegeven planologische regeling in het bestemmingsplan. Daarbij worden tevens betrokken de adviezen voer de bestrijdbaarheid en de zelfredzaamheid die de Brandweer in zijn schrijven noemt. Ter ondersteuning van deze verantwoording geeft de regionale brandweer reeds een weergave van de aspecten bestrijdbaarheid en zelfredzaamheid van het plan. Ten aanzien van de bestrijdbaarheid concludeert de Brandweer dat het plangebied over het algemeen voldoende snel en in voldoende mate tweezijdig bereikbaar is voor hulpdiensten. In de omgeving zijn secundaire bluswatervoorzieningen aanwezig waar beschikt kan worden over grote hoeveelheden bluswater. Nabij de weg constateert Regionale brandweer echter dat hier niet of nauwelijks bluswatervoorzieningen aanwezig zijn. Ondersteuning vanuit de regio is in die gevallen nodig. Het verbeteren van de bestrijdbaarheid van de N365 valt buiten het kader van dit bestemmingsplan. Concluderend geeft de brandweer aan dat het aspect bestrijdbaarheid geen aanleiding geeft tot het treffen van maatregelen. Ten aanzien van het aspect zelfredzaamheid wordt door de Brandweer geconcludeerd dat vanwege de functies in het plangebied er geen aanleiding is tot het treffen van maatregelen. Reactie gemeente Deze elementen worden verwerkt in de externe veiligheidsparagraaf van de plantoelichting. Reactienota Overleg en Inspraak Bourtange Status: Ontwerp / Buro Vijn B.V.

67 blz INSPRAAK Onderstaand worden de ingediende inspraakreacties samengevat, voorzien van een gemeentelijke reactie en een standpunt (wel of niet aanpassen van het bestemmingsplan Inspraakreactie 1 Mw. J.J. de Jongh Tuinlaan PD Bourtange Samenvatting reactie Inspreker vraagt zich af welke rechten een varkenshouder aan het begin van het dorp heeft; hij verzoekt maatregelen te treffen om de bouw van grote stallen in de rand van het dorp te voorkomen Reactie gemeente Het voorontwerpbestemmingsplan heeft betrekking op de kern van het dorp Bourtange en niet op het daarom heen gelegen buitengebied. De mogelijkheden voor de omliggende agrarische bedrijven zijn geregeld in het recente bestemmingsplan Buitengebied Aanpassingen van de regels voor de bouw- en gebruiksmogelijkheden in het dorp ten gevolge van de inspraakreactie zijn niet aan de orde. Standpunt De zienswijze geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen Inspraakreactie 2 R. Zijlstra Velema Zwaagsterweg BG Scheemda Samenvatting reactie Inspreker wijst er op dat er voor het perceel Willem Lodewijkstraat 18, 9545 PB in Bourtange een bouwvergunning is verleend. Hij maakt er bezwaar tegen dat de bouwmogelijkheid op die kavel in het voorontwerp is vervallen. Reactie gemeente In de definities wordt onder een bestaande woning ook verstaan een woning die rechtens kan worden gebouwd. Zie hiervoor artikel 1 van de planregels. Daarmee dient ook deze woning als bestaand te worden aangemerkt. De betreffende locatie aan de Willem Lodewijkstraat valt onder de bestemming Wonen-1. Tevens is op de kaart het maximum aantal wooneenheden voor het aangegeven gebied aangeven. In dit geval betreft dit 13 woningen. Het als aanduiding op de verbeelding aangegeven aantal dient met 1 te worden verhoogd Buro Vijn B.V. Reactienota Overleg en Inspraak Bourtange Status: Ontwerp /

68 blz 9 Standpunt De zienswijze geeft aanleiding het maximaal aantal woningen binnen het bestemmingsvlak te wijzigen in Inspraakreactie 3 De heer J. Gründemann Van Sonoystraat TZ Bourtange Samenvatting reactie Inspreker wijst er op dat er een Standerdmolen staat op het Molenbastion en dat deze niet juist in het voorontwerp bestemmingsplan is aangegeven. Ook de beschermingshoogte binnen de molenbiothoopzone is niet vermeld. Reactie gemeente In het ontwerpbestemmingsplan zal de correcte benaming en plaats worden aangegeven. Het bestemmingsplan bevatte verder, ook reeds in het voorontwerpstadium, de regeling voor de molenbiotoop, dat wil zeggen dat binnen het gebied rondom de molen hoge(re) bouwwerken met invloed op de windvang voorkomen worden. Uitgangspunt voor de beschermingshoogte binnen de molenbiotoopzone is de onderzijde van de verticaal staande wiek op NAP. Standpunt De zienswijze is aanleiding om de toelichting en de regels zodanig aan te passen dat de juist benaming wordt vermeld en uitgegaan wordt van de juiste beschermingshoogte binnen de molenbiotoop. De regeling in artikel 27 van de planregels ( vrijwaringszone molenbiotooop ) wordt hierop aangepast Inspraakreactie 4 De heer J. Gründemann Van Sonoystraat TZ Bourtange Samenvatting reactie Inspreker wijst er op dat de verharding binnen de verschillende bestemmingen exact is aangegeven; dit geldt alleen niet voor de weg rond de standerdmolen. Ook binnen de bestemming Groen zou dit op dezelfde manier moeten gebeuren. Daarbij wordt door inspreker in het bijzonder gewezen op de weg rond de standermolen. Reactie gemeente De gebruikte verhardingselementen binnen de vesting bepalen in belangrijke mate de uitstraling van het gebied. Reactienota Overleg en Inspraak Bourtange Status: Ontwerp / Buro Vijn B.V.

69 blz Het ligt voor de hand om ook binnen de bestemming Groen regels op te nemen voor de te gebruiken verhardingen. Daarbij kan de weg naar de standermolen voorzien worden van de aanduiding specifieke vorm van waarde zwerfkeien. Standpunt Binnen de bestemming Groen gelegen worden vergelijkbare regels in het ontwerpbestemmingsplan opgenomen als die van toepassing zijn op het overige openbare gebied Inspraakreactie 5 De heer J. Gründemann Van Sonoystraat TZ Bourtange Samenvatting reactie Inspreker wijst er op dat het parkeerterrein op de locatie van de voormalige rioolwaterzuiveringsinstallatie niet is ingetekend. Reactie gemeente Het betrokken perceel is gelegen in het bestemmingsplan Buitengebied 2009 en daarin aangegeven met de bestemming Bedrijf-Nutsvoorziening. Deze bestemming is niet meer adequaat en het terrein is inmiddels ingericht als parkeerterrein. Het ligt voor de hand om dit perceel op te nemen in het ontwerpbestemmingsplan met de bestemming Verkeer-parkeerterrein. Standpunt In het ontwerpbestemmingsplan wordt het terrein van de voormalige rioolwaterzuiveringsinstallatie opgenomen onder de bestemming Verkeer- Parkeerterrein. In verband daarmee wordt de begrenzing van het bestemmingsplan aangepast Inspraakreactie 6 De heer J. Gründemann Van Sonoystraat TZ Bourtange Samenvatting reactie Inspreker wijst er op dat de parkeergelegenheid nabij de kruising Vlagtwedderstraat-Wollingboerweg is verwijderd. Reactie gemeente Inspreker wijst er terecht op dat de bestemming als parkeerterrein niet meer overeen komt met de werkelijkheid. Het terrein dient met de bestemming Groen te worden aangegeven. Buro Vijn B.V. Reactienota Overleg en Inspraak Bourtange Status: Ontwerp /

70 blz 11 Standpunt In het ontwerpbestemmingsplan wordt het terrein van deze voormalige parkeerplaats opgenomen onder de bestemming Groen Inspraakreactie 7 De heer B. Helder Marktplein PH Bourtange Samenvatting reactie Inspreker wijst er op dat er een omgevingsvergunning is verleend voor een aanbouw bij hun pand. Inspreker verzoekt het bouwvlak daarop aan te passen. Reactie gemeente Het bouwvlak dient in overeenstemming te zijn met de bestaande toestand en met de bouwmogelijkheden waarvoor vergunning is verleend. Standpunt Op de verbeelding wordt het bouwvlak aangepast overeenkomstig de verleende vergunning Inspraakreactie 7 Mevr. M. Huls-Geikens Bisschopsweg PK Bourtange Samenvatting reactie Inspreker wijst er op dat aan het pand de bestemming Gemengd 2 is gegeven. Ter plaatse is naast de woning ook een winkel gevestigd en wordt een terras geëxploiteerd. Verzocht wordt om het perceel te bestemmen als Gemengd 1 zodat de huidige activiteiten kunnen worden voortgezet. Reactie gemeente Inspreker wijst er terecht op dat in het voorontwerpbestemmingsplan de huidige winkel niet als zodanig is aangegeven. Het plan is zodanig opgezet dat de horecafuncties zijn ondergebracht in de bestemming Gemengd 1 en zijn geconcentreerd rond de Markt. Om die reden ligt het toekennen van de bestemming Gemengd 1 aan het pand van betrokkene in de buitenste bebouwingring van de vesting niet voor de hand, Aan de wensen van betrokkene kan worden tegemoet genomen door ter plaatse van de winkel en het terras de aanduiding Detailhandel en horeca categorie I toegestaan op te nemen. Standpunt Op de verbeelding wordt aan het gedeelte van het perceel Bisschopsweg 4, dat wordt gebruikt als winkel en terras, de aanduiding detailhandel en horeca categorie I toegestaan toegekend. Reactienota Overleg en Inspraak Bourtange Status: Ontwerp / Buro Vijn B.V.

71 blz Inspraakreactie 8 De Stichting Vesting Bourtange Willem Lodewijkstraat PA Bourtange Samenvatting reactie Inspreker stelt dat het plan voor de vesting Bourtange een goede balans moet weergeven ten aanzien de volgende aspecten: het functioneren als toeristisch attractiepunt het functioneren als woondorp het waarborgen van de historische waarden het mogelijk maken dat de vesting volledig wordt afgebouwd. Vanuit die optiek formuleert de stichting de volgende wensen en opmerkingen: 1. Uitgangssituatie 1742 Gevraagd wordt de regels van het plan zo in te richten, dat nog ontbrekende elementen binnen de vesting alsnog kunnen worden gerealiseerd. Verder moet worden voorkomen dat elementen, die geen onderdeel vormden van de voormalige vesting, kunnen worden aangepast op een manier waarop nauwelijks omkeerbare, sterk van de vestingstructuur afwijkende bouwvormen ontstaan. 2. Evenementen Binnen het gebied van de vesting worden talrijke evenementen georganiseerd waarbij gebruik wordt gemaakt van gronden die bestemd zijn voor o.a. verkeer, groen en water. De regels dienen zodanig te worden ingericht dat die evenementen niet worden beperkt. 3. Horeca Het beleid om de horeca voor een belangrijk deel te concentreren rond de Markt wordt onderschreven. Geconstateerd wordt ook dat tijdens evenementen de capaciteit van de horecavoorzieningen onvoldoende is voor de grote bezoekersaantallen. Voor die situaties dient binnen de regels de ruimte te worden gegeven om ook binnen andere bestemmingen horecaactiviteiten toe te staan. 4. Bezoekerscentrum Verzocht wordt om in het bezoekerscentrum ook de verkoop van dranken en etenswaren toe te staan. 5. Tuinen Gesteld wordt dat het geven van mogelijkheden om in de tuinen gebouwtjes op te richtingen afbreuk kan doen aan het karakter van de vesting en daarom niet gewenst is. Buro Vijn B.V. Reactienota Overleg en Inspraak Bourtange Status: Ontwerp /

72 blz Bouwvormen De stichting stelt dat de bouwregels onvoldoende waarborgen dat bij ver- of nieuwbouw gewerkt wordt in overeenstemming met de historische grondslagen van het pand. Voorgesteld in de regels de mogelijkheid op te nemen dat om ter zake dwingend te kunnen optreden. 7. Sportvelden Het sportveld wordt voor meerdere functie gebruikt onder andere als aanvullende parkeergelegenheid en voor de uitloop van evenementen in en rond de vesting. Ook de binnen die bestemming aanwezige gebouwen worden voor ondersteuning ten behoeve van evenementen gebruikt. Verzocht wordt de bestemming daarop aan te passen. 8. Bunkers en wallen Er wordt op gewezen dat op het Heckmansbastion een opslagbunker aanwezig is. Voorts is het de bedoeling dat in de wal van het voorste ravelijn kleine kruitopslagbunkers worden gemaakt. Verzocht wordt dit planologisch te regelen. 9. Verharding Verzocht wordt om voor alle bestemmingen binnen het gebied van de vesting eisen te stellen aan de te gebruiken verhardingen en als bestratingsmateriaal gebakken klinkers in waal- of ijsselformaat voor te schrijven of het gebruik van veldkeien. 10. Brouwhuysplein Het is de bedoeling om, in afwachting van de realisering van de bakkerij en het brouwhuys, het terrein naast het s Lands Huys te verharden op een manier waardoor de oude contouren van bebouwing zichtbaar worden. Verzocht wordt om in het bestemmingsplan zodanige regels op te nemen dat zowel de eindsituatie als de tijdelijke aanpassing mogelijk wordt gemaakt. 11. Onderhoudsruimte Aan het wachtgebouw op het Kroonwerk is een woonbestemming aangegeven. Het pand wordt gebruikt voor onderhouds- en beheersdoeleinden. Gevraagd wordt om de bestemming aan te passen. 12. Erfscheidingen Gevraagd wordt om binnen de vesting uitsluitend hagen van, binnen de vesting passende, soorten toe te staan. 13. Reclame De stichting vraagt om de eisen ten aanzien van reclame aan te scherpen op een manier dat alleen nog uniforme, binnen het vestingsconcept passende, aanduidingen worden toegestaan. 14. Garages en parkeren Reactienota Overleg en Inspraak Bourtange Status: Ontwerp / Buro Vijn B.V.

73 blz Gevraagd wordt om het in ontwikkeling zijnde plan voor regulering van het parkeren binnen de vesting te verwerken in het bestemmingsplan. Tevens wordt gevraagd het in de regels mogelijk te maken om de in de wallen verwerkte garageboxen ook te gebruiken voor verkoop- en expositieruimten. Reactie gemeente Ad 1. Uitgangsjaar 1742 De wens om, zodra dat mogelijk, is elementen toe te voegen die nog in het vestingconcept ontbreken wordt onderschreven. Tegelijk moet overwogen worden dat een bestemmingsplan een geldingsduur van 10 jaar heeft. Het is lastig om te verwachten dat binnen die planperiode de algehele reconstructie gereconstrueerd is. Om toch recht te doen aan het oorspronkelijk concept, wordt in de toelichting hierover de intentie beschreven, mede met gebruikmaking van gegevens van de Stichting Vesting Bourtange. De raad geeft daarmee bij de vaststelling van het plan aan dat - mits de realiseringskans zich daartoe voordoet zij mee wil werken aan een (partiële) wijziging van het bestemmingsplan. Aan de wens van inspreker om een regeling op te nemen die bewerkstelligd dat verbetering van bebouwing, die geen deel uitmaakt van het plan van 1742, alleen mogelijk is wanneer die aanpassingen meer aansluiten op die uitgangssituatie is begrijpelijk maar niet overgenomen in het ontwerpbestemmingsplan. Op dit moment is niet aan te geven of en zo ja om welke aanpassingen het zal gaan en om die reden zijn daarvoor geen kaders te geven. De op dit deel van het dorp toegesneden welstandsnota biedt de mogelijkheden om zoveel mogelijk aan deze wensen tegemoet te komen, Ad 2 Evenementen Ten behoeve van de toeristisch recreatieve functies is het nodig om binnen het gebied van de vesting de grond te gebruiken voor evenementen. Het is van belang om de gronden en opstallen binnen de relevante bestemmingen daarvoor mede te bestemmen. Ad 3 Horeca Het is van belang om de bezoekers van evenementen op een passende wijze te ontvangen en adequaat te kunnen inspelen op de behoefte aan onder andere horecafaciliteiten. Om die reden ligt het voor de hand om tijdens evenementen horeca-activiteiten toe te staan binnen het gehele gebied van de vesting (gebied met de dubbelbestemming Waarde-beschermd dorpsgebied) en op de terreinen die zijn aangegeven met de bestemming Verkeer-Parkeerterrein en Sport. Buro Vijn B.V. Reactienota Overleg en Inspraak Bourtange Status: Ontwerp /

74 blz 15 Ad 4. Bezoekerscentrum Bij de realisering van het bezoekerscentrum is reeds rekening gehouden met voorzieningen ten behoeve van horeca-activiteiten. Het past in het optimaliseren van de gebruiksmogelijkheden om binnen het bezoekerscentrum ook horeca I als medebestemming mogelijk te maken. De planregels worden hierop aangepast. Ad 5. Tuinen Er is voor gekozen om bij omgevingsvergunning de bouw van kleinere gebouwtjes, bijvoorbeeld voor huishoudelijke berging en stalling, mogelijk te maken buiten de aangegeven bouwvlakken. Voorwaarde is dat de bouw volstrekt in overeenstemming moet zijn met de kwaliteitseisen die gesteld worden aan bebouwing binnen de vesting. De voorkeur wordt gegeven aan de mogelijkheid voor aanvullende bebouwing boven situatie waarbij, ook niet binnen het vestingsconcept passende, opslag in tuinen plaats vindt. Ad 6. Bouwvormen De gemeente beschikt over beschrijvingen van alle oorspronkelijk tot de vesting behorende gebouwen. Voor ver- en nieuwbouw staan deze gegevens ter beschikking. Het spreekt voor zich dat het van belang is om bij realisering van bouwwerken binnen de vesting zoveel mogelijk aan te sluiten bij de historische situatie. Deze borging van kwaliteit kan worden versterkt door het opnemen van een mogelijkheid om nadere eisen te stellen ten aanzien van vorm, inrichting en materiaalgebruik, gebaseerd op de beschrijving van de oorspronkelijke bebouwing. Daarbij kan worden aangesloten op de dubbelbestemming beschermd dorpsgezicht. Ad 7 Sportvelden Het sportveld en de aanwezige gebouwen doen dienst voor de uitloop en de ondersteuning van activiteiten en evenementen binnen de vesting. Het is van belang om deze medebestemming te regelen in de regels van het plan. De planregels worden hierop aangevuld. Ad 8 Bunkers en wallen De bestaande opslagplaatsen in de wallen zullen adequaat te worden aangegeven. Met de realisering van aanvullende opslagruimten in het voorste ravelijn is rekening gehouden. Ook zal in het ravelijn aan het einde van de Vestingstraat de aanduiding OP worden opgenomen. Ad 9 Verharding. Het komt de eenheid en uitstraling van het gebied van de vesting ten goede wanneer overal op elkaar afgestemde verhardingen en bestratingmateriaal wordt gebruikt. Het ligt daarbij voor de hand om één aanduiding op de verbeelding te vermelden namelijk specifieke vorm van waarde klinkers/zwerfkeien. Ad 10 Brouwhuysplein Het terrein naast het s Lands Huys zal opnieuw worden heringericht en zodanig worden verhard dat contouren van de voormalige bebouwing zichtbaar worden. Reactienota Overleg en Inspraak Bourtange Status: Ontwerp / Buro Vijn B.V.

75 blz Dat is binnen de gegeven bestemming Verkeer Verblijfsgebied mogelijk. Er is geen aanleiding om de regels van het plan of de verbeelding daarvoor aan te passen. Ad 11 Onderhoudsruimte Het wachtgebouw op het Kroonwerk is in gebruik voor onderhouds- en beheersdoeleinden. Daaraan is de bestemming Maatschappelijk gegeven. Ad 12 Erfscheidingen. In het vigerende bestemmingsplan zijn afgewogen voorschriften opgenomen met betrekking tot erfafscheidingen. In veel gevallen is ook gebruik gemaakt van andere afscheidingen dan door middel van hagen. Er is geen doorslaggevende aanleiding om op dat punt het beleid te veranderen. Ad 13 Reclame Er is voor wat betreft het reclamebeleid aangesloten bij de vigerende regeling. Dat is een overwegend terughoudend beleid aangaande bouwwerken en werkzaamheden ten behoeve van reclameuitingen. Ad 14 Garages en parkeren Het reguleren van het parkeren doet niet toe of af aan de regels die gelden voor de bestemming Verkeer-Verblijfsgebied. Een nader in te voeren parkeerregime staat los van de aangegeven bestemmingen. Er zijn op dit moment geen concrete voorstellen op grond waarvan een wijziging in de begrenzing van de bestemmingen dient te worden aangebracht. Het beleid is er op gericht om het gebied van de vesting zoveel mogelijk vrij te houden van geparkeerde voertuigen. Passend in dat beleid zijn er op een aantal plaatsen stallingsmogelijkheden voor voertuigen, gerealiseerd in de wallen. Aan dat beleid zou afbreuk worden gedaan wanneer andere gebruiksmogelijkheden aan de garages zou worden gegeven. Aan de wens van inspreker dient daarom niet te worden tegemoetgekomen. Standpunt Het bestemmingsplan aan te passen/ aan te vullen, zoals bij de beantwoording van de Stichting is weergegeven Inspraakreactie 9 De heer E. Beltman Wilhelminastraat BA Westerbork Samenvatting reactie Inspreker verzoekt om het perceel aan de noordzijde van de Zevenkampenweg bij het plan te betrekken en te bestemmen als Wonen, dan wel daar door middel van een wijzigingsbevoegdheid woningbouw mogelijk te maken. Buro Vijn B.V. Reactienota Overleg en Inspraak Bourtange Status: Ontwerp /

76 blz 17 Reactie gemeente Het betreffende perceel ligt in het door Gedeputeerde Staten van Groningen aangegeven buitengebied. De provinciale omgevingsverordening geeft geen mogelijkheden om aan wensen zoals door inspreker naar voren zijn gebracht medewerking te verlenen. Standpunt De zienswijze geeft geen aanleiding om het ontwerpbestemmingsplan aan te passen Inspraakreactie 10 De heer J. Boltendal Willem Lodewijkstraat PB Bourtange Samenvatting reactie Inspreker bezit de voormalige bakkerij annex woonhuis op dit adres en meldt dat op korte termijn de bedrijfsruimten weer in gebruik genomen zullen worden als winkel. Hij verzoekt om het perceel de bestemming Gemengd 1 te geven. Reactie gemeente Nu de winkel weer in gebruik wordt genomen en ter plaatse ook de woonfunctie blijft bestaan ligt het voor de hand om de bestemming Wonen-1 te handhaven en een aanduiding detailhandel toegestaan toe te voegen. Standpunt Op het perceel Willem Lodewijkstraat 24 de aanduiding detailhandel toegestaan toe te voegen Inspraakreactie 11 De heer A.E. Gelling Vlagtwedderstraat TD Bourtange Samenvatting reactie Inspreker wijst er op dat hij na veel moeite en een procedure bij de Raad van State vrij recent de mogelijkheid heeft gekregen om op zijn kavel een vijftal woningen te bouwen. Het daartoe strekkende bestemmingsplan is in 2007 onherroepelijk geworden. Teneinde woningcontingent veilig te stellen is een bedrag van ,-- betaald aan de woningcorporatie Acantus. In het voorontwerpbestemmingsplan zijn de rechtens aanwezige bouwmogelijkheden vervallen en omgezet in een agrarische bestemming met een wijzigingsbevoegdheid. Inspreker maakt daar tegen bezwaar en verzoekt in het ontwerpplan de grond, overeenkomstig het geldende bestemmingplan te bestemmen als Wonen-1. Reactie gemeente Reactienota Overleg en Inspraak Bourtange Status: Ontwerp / Buro Vijn B.V.

77 blz Na een uitgebreide juridische procedure heeft betrokkene bouwrechten verkregen op de kavel en het bestemmingsplan daarvoor is eind 2007 onherroepelijk geworden. Daarna heeft betrokkene betaald voor het verkrijgen van contingenten voor deze kavel en is overleg gestart over de betaling en inrichting van de benodigde infrastructuur. Betrokkene mag er redelijkerwijs op vertrouwen dat zijn rechten gedurende een gebruikelijke planperiode van 10 jaar gewaarborgd worden. Om die reden ligt het voor de hand om de bouwmogelijkheden voor 3 woningen, zoals die zijn aangegeven in het vigerende bestemmingplan over te nemen in het ontwerpbestemmingsplan. Standpunt In het ontwerpbestemmingsplan worden de bouwmogelijkheden, zoals die zijn aangegeven in het vigerende bestemmingsplan, overgenomen Inspraakreactie 12 De heer A.E. Gelling Vlagtwedderstraat TD Bourtange Samenvatting reactie Inspreker geeft aan dat door een herverkaveling van zijn perceel een woning extra kan worden gebouwd op zijn perceel, waarop volgens het vigerende bestemmingsplan 5 woningen gebouwd kunnen worden. Inspreker vraagt om de bouw van een extra woning mogelijk te maken. Reactie gemeente Zoals hiervoor opgemerkt, is er aanleiding om in het ontwerpbestemmingsplan de in het vigerende bestemmingsplan aangegeven bouwmogelijkheden over te nemen, maar er is geen aanleiding om daarbij af te wijken van de eerder overeengekomen verkaveling. Standpunt De zienswijze geeft aanleiding om het ontwerpbestemmingsplan aan te passen Inspraakreactie 13 De heer G.J. Gelling Het Hout LB Groningen De heer L.P.J. Gelling Knsm-laan LL Amsterdam De heer W.B. Gelling Inktzwamsingel HC Vleuten Buro Vijn B.V. Reactienota Overleg en Inspraak Bourtange Status: Ontwerp /

78 blz 19 Samenvatting reactie 1. Insprekers wijzen er op dat na veel moeite en een procedure bij de Raad van State vrij recent de mogelijkheid zijn verkregen om op zijn kavel een vijftal woningen te bouwen. Het daartoe strekkende bestemmingsplan is in 2007 onherroepelijk geworden. Teneinde woningcontingent veilig te stellen is een bedrag van ,-- betaald aan de woningcorporatie Acantus. In het voorontwerpbestemmingsplan zijn de rechtens aanwezige bouwmogelijkheden vervallen en omgezet in een agrarische bestemming met een wijzigingsbevoegdheid. Insprekers maken daar tegen bezwaar en verzoeken in het ontwerpplan de grond, overeenkomstig het geldende bestemmingplan te bestemmen als Wonen Insprekers geven aan dat door een herverkaveling van het perceel een woning extra kan worden gebouwd op zijn perceel, waarop volgens het vigerende bestemmingsplan 5 woningen gebouwd kunnen worden. Insprekers vraagt om de bouw van een extra woning mogelijk te maken. Reactie gemeente Na een uitgebreide juridische procedure heeft betrokkene bouwrechten verkregen op de kavel en het bestemmingsplan daarvoor is eind 2007 onherroepelijk geworden. Daarna heeft betrokkene betaald voor het verkrijgen van contingenten voor deze kavel en is overleg gestart over de betaling en inrichting van de benodigde infrastructuur. Betrokkene mag er redelijkerwijs op vertrouwen dat zijn rechten gedurende een gebruikelijke planperiode van 10 jaar gewaarborgd worden. Om die reden ligt het voor de hand om de bouwmogelijkheden zoals die zijn aangegeven in het vigerende bestemmingplan over te nemen in het ontwerpbestemmingsplan. Er is aanleiding om in het ontwerpbestemmingsplan de in het vigerende bestemmingsplan aangegeven bouwmogelijkheden over te nemen maar er is geen aanleiding om daarbij af te wijken van de eerder overeen gekomen verkaveling. Standpunt In het ontwerpbestemmingsplan worden de bouwmogelijkheden zoals die zijn aangegeven in het vigerende bestemmingsplan overgenomen. Voor het overige geeft de zienswijze geen aanleiding om het ontwerpbestemmingsplan aan te passen. Reactienota Overleg en Inspraak Bourtange Status: Ontwerp / Buro Vijn B.V.

79 blz AANPASSINGEN TEN OPZICHTE VAN HET VOORONT- WERPBESTEMMINGSPLAN Aanpassingen naar aanleiding van de overlegreacties Naar aanleiding van de overlegreactie van Provincie, Waterschap Hunze en Aa s en het Steunpunt Externe Veiligheid wordt het bestemmingsplan op de volgende punten aangepast. Regels en toelichting. De planregels zijn zodanig aangepast dat binnen de bestemming Agrarisch - Cultuurgrond alleen nog erf- en terreinafscheidingen als overig bouwwerk mogen worden opgericht. De regels ten aanzien van externe veiligheid zijn afgestemd op de Provinciale omgevingsverordening. Ter bescherming van het karakteristieke bebouwingspatroon is in de regels vastgelegd dat hoofdgebouwen in de voorgevelrooilijn gebouwd moeten worden. De toelichting en regels zijn voor wat betreft de relaties met het waterschap afgestemd op hetgeen daarover in andere plannen is aangegeven en, om dubbele regelgeving te voorkomen, is een door het Waterschap voorgestelde tekst opgenomen. In de artikelen 4, 5, 6, 11, 16, 19 en 20 van de regels is water als medebestemming opgenomen. In de toelichting is de paragraaf externe veiligheid aangepast Aanpassingen naar aanleiding van de inspraakreacties Naar aanleiding van de ingediende inspraakreacties worden de verbeelding en de planregels van het bestemmingsplan op de volgende punten aangepast: Verbeelding - Het maximaal aantal woningen binnen het bestemmingsvlak (WR-1) aan de zuidzijde van de Willem Lodewijkstraat te wijzigen in binnen de bestemming Groen, voor zover gelegen binnen de dubbelbestemming Waarde-beschermd dorpsgezicht, is een aanduiding specifieke vorm van waarde-klinkers/veldkeien opgenomen. - In het ontwerpbestemmingsplan wordt het terrein van de voormalige rioolwaterzuiveringsinstallatie opgenomen onder de bestemming Verkeer-Parkeerterrein. In verband daarmee wordt de begrenzing van het bestemmingsplan aangepast. Buro Vijn B.V. Reactienota Overleg en Inspraak Bourtange Status: Ontwerp /

80 blz 21 - Het perceel op de hoek Wollingboerweg/Vlagtwedderstraat ter plaatse van de inmiddels vervallen parkeerplaats is bestemd als Groen. - Binnen de bestemming Groen is ook in het ravelijn aan het einde van de Vestingstraat de aanduiding Opslag opgenomen. - De aanduiding specifieke vorm van waarde-granietkeien is vervallen. Op de verbeelding zijn de aanduidingen specifieke vorm van waardegranietkeien, specifieke aanduiding-klinkers en specifieke aanduidingveldkeien vervangen door specifieke vorm van waarde-klinkers en veldkeien. - Het wachtgebouw op het Kroonwerk heeft de bestemming Maatschappelijk. - Op de verbeelding wordt aan het gedeelte van het perceel Bisschopsweg 4, dat wordt gebruikt als winkel en terras, de aanduiding specifieke vorm van gemengd - detailhandel en horeca categorie toegekend. - Aan de Markegenotenweg zijn conform het vigerende bestemmingsplan drie kavels met de bestemming Wonen-1 aangegeven met de aanduiding 3 (woningen) Regels - De regels in artikel 27 (vrijwaringszone molenbiotoop) zijn aangepast. - De regels zijn zodanig aangepast dat de gronden gelegen binnen de vesting (gebied met de bestemming Waarde beschermd dorpsgezicht) en de bestemmingen Groen, Water, Verkeer-Parkeerterrein en Sport mede zijn bestemd voor evenementen. - De regels zijn zodanig aangepast dat tijdens evenementen gronden en opstallen binnen de vesting en ter plaatse van de bestemmingen Groen, Water, Verkeer-Parkeerterrein, Sport en Waarde beschermd dorpsgezicht mede gebruikt mogen worden ten behoeve van horecaactiviteiten. - Bij de bestemming Cultuur en Ontspanning zijn mede bestemd voor horeca. - Bij omgevingsvergunning is het mogelijk gemaakt om gebouwen ten behoeve van huishoudelijke berging en stalling toe te staan binnen de bestemming Tuin mits voldaan wordt aan de kwaliteitseisen die zijn opgenomen in artikel 23 Waarde beschermd dorpsgezicht. - In de regels is binnen de bestemming Waarde beschermd dorpsgezicht de mogelijkheid opgenomen om nadere eisen te stellen ten aanzien van vorm, inrichting en materiaalgebruik. - Het terrein met de bestemming Sport wordt mede bestemd voor evenementen. Toelichting - De toelichting is aangepast teneinde zo goed mogelijk te waarborgen dat medewerking kan worden verwacht indien nieuwbouw aan de orde komt ter completering van de vesting conform de situatie van 1742 Reactienota Overleg en Inspraak Bourtange Status: Ontwerp / Buro Vijn B.V.

81 blz Ambtelijke aanpassingen Naast de aanpassingen die voorvloeien uit de inspraak en overlegreacties zijn de volgende aanpassingen ambtshalve doorgevoerd: Verbeelding - Ter plaatse van de woning/annex winkel, Willem Lodewijkstraat 25 is de aanduiding detailhandel toegestaan toegevoegd Regels - art 1.31 en 1.32 Restaurants worden tot horecabedrijf, categorie II gerekend. - In het voorontwerpbestemmingsplan is een definitie overgenomen uit bestemmingsplan Buitengebied 2009 voor het begrip cultuurgrond. De bestemming Agrarisch - Cultuurgrond wordt daarmee zodanig onleesbaar, dat een verduidelijking gewenst is. Er wordt daarom voor gekozen het begrip cultuurgrond te laten vervallen een begrip agrarisch gebruik op te nemen waarbij ook het hobbymatig gebruik van gronden wordt toegestaan; - Art Onder Maatschappelijk wordt ook verstaan zorgvoorzieningen. - De definitie voor bedrijfswoningen is zodanig gewijzigd dat bewoning is toegestaan voor personen die gerelateerd zijn aan het bedrijf. Het gebruik van bewoning van bedrijfswoning anders dan door personen die een relatie hebben met het bedrijf is als gebruik in strijd met de bestemming aangemerkt. In de regels is een mogelijkheid opgenomen om door middel van een omgevingsvergunning ontheffing van dit gebruiksverbod te verlenen mits de bedrijfsvoering daardoor niet wordt gehinderd. Op deze manier wordt aangesloten bij de ontwikkelingsgeschiedenis en de praktijk waarbij er een beperkte verbinding is tussen het bedrijf en de bewoners van een een bij het bedrijf behorende woning. In de regels is opgenomen dat het aantal bedrijfswoningen niet meer mag bedragen dan het bestaande aantal. Bij omgevingsvergunning kan dit aantal worden verhoogd indien aangetoond te worden dat die woning voor de bedrijfsvoering noodzakelijk is. - In verband met uniformering van planregels en het belang van een definitie van wat onder huishouden wordt verstaan wordt aan artikel 1 de volgende definitie toegevoegd: huishouden: een of meer personen in een woning of een woonruimte waaronder mede begrepen de inwoning, al dan niet bij wijze van mantelzorg, met eigen voorzieningen van verwanten of andere personen en met een gezin gelijk te stellen samenlevingsvormen; - Om misverstanden te voorkomen en voldoende onderscheid te maken tussen hetgeen wordt gezien als horeca en activiteiten die bij de exploitatie van een theetuin worden toegestaan wordt in artikel 1 een definitie opgenomen voor de functie theetuin ; Buro Vijn B.V. Reactienota Overleg en Inspraak Bourtange Status: Ontwerp /

82 blz 23 - De bestemmingsomschrijving van de daarvoor in aanmerking komende bestemmingen zijn zodanig aangepast dat bijbehorende bouwwerken niet alleen beperkt worden tot bijbehorend bij woningen/bedrijfswoningen. - Aan artikel 26 wordt een lid toegevoegd waarbij met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van de in dit plan opgenomen gebruiksregels indien strikte toepassing van die regels zou leiden tot een beperking van het meest doelmatig gebruik dat niet door dringende redenen wordt gerechtvaardigd. Een dergelijke bepaling geeft aanvullende binnenplanse mogelijkheden voor een beperkte categorie niet te voorziene omstandigheden en was onder de werking van de Wet Ruimtelijke Ordening standaard in bestemmingsplannen opgenomen; - In artikel 29 (Algemene wijzigingsregels) wordt voor het toepassen van een wijzigingsbevoegdheid ten behoeve van woningbouw, als bedoeld onder c, een aanvullend criterium opgenomen dat op het moment van het toepassen van de bevoegdheid dient te worden gemotiveerd dat de toe te voegen woning past binnen de door de provincie vastgestelde nieuwbouwruimte, dan wel de daarvoor in de plaats komende intergemeentelijke afspraken over nieuwbouwcapaciteit. Daarmee wordt gewaarborgd dat ook in de toekomstige situatie kan worden voldaan aan nieuwe afspraken over woningbouwruimte en dat er geen woningen worden gebouwd waar geen behoefte aan is. Dit criterium wordt niet opgenomen bij de overige wijzigingsbevoegdheden, deze hebben namelijk betrekking op functieverandering van bestaande bouwmassa; Toelichting De toelichting is voor zover nodig aangepast aan de hand van dit wijzigingen in dit hoofdstuk. === Reactienota Overleg en Inspraak Bourtange Status: Ontwerp / Buro Vijn B.V.

83 REGELS HOOFDSTUK 1 INLEIDENDE REGELS Artikel 1 Begrippen In deze regels wordt verstaan onder: 1.1 plan: het bestemmingsplan Bourtange Dorp van de gemeente Vlagtwedde; 1.2 bestemmingsplan: de geometrisch bepaalde planobjecten als vervat in het GML-bestand NL.IMRO.0048.BP0908-vs01 met de bijbehorende regels en bijlagen; 1.3 aan-huis-verbonden beroep: een beroep, dat in of bij een woonhuis met behoud van de woonfunctie kan worden uitgeoefend en dat is gericht op het verlenen van diensten; 1.4 aanduiding: een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels, regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden; 1.5 aanduidingsgrens: de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft; 1.6 agrarisch gebruik: grasland, akkerbouw- en tuinbouwgronden, die zowel ten behoeve van een volwaardige agrarische bedrijfsvoering als hobbymatig worden gebruikt; 1.7 bebouwing: één of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde; 1.8 bedrijfsgebouw: een gebouw, dat dient voor de uitoefening van een bedrijf; 1.9 bedrijfswoning: een woning in of bij een gebouw of op een terrein, kennelijk slechts bedoeld voor (het huishouden van) een persoon, die verbonden is aan het ter plaatse gevestigde bedrijf; 1.10 bestaande bebouwing: bebouwing die op het tijdstip van de inwerkingtreding van dit plan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen; 1.11 bestaand gebruik: gebruik van grond en bebouwing dat bestaat ten tijde van de inwerkingtreding van het bestemmingsplan; 1.12 bestemmingsgrens: de grens van een bestemmingsvlak; Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 31

84 1.13 bestemmingsvlak: een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming; 1.14 bijbehorend bouwwerk: een uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd gebouw, of ander bouwwerk, met een kap; 1.15 bouwen: het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten; 1.16 bouwgrens: de grens van een bouwvlak; 1.17 bouwperceel: een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten; 1.18 bouwperceelgrens: een grens van een bouwperceel; 1.19 bouwvlak: een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten; 1.20 bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct, hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond; 1.21 detailhandel: het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen en/of leveren van goederen aan personen die die goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit; 1.22 erf: het bouwperceel, voor zover binnen het bouwvlak gelegen; 1.23 erotisch getinte vermaaksfunctie: een vermaaksfunctie, welke is gericht op het doen plaats vinden van voorstellingen en/of vertoningen van porno-erotische aard, waaronder begrepen een seksbioscoop, een seksclub en een seksautomatenhal; 1.24 gebouw: elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt; 1.25 geluidsbelasting: de geluidsbelasting vanwege een weg, een spoorweg en/of een industrieterrein; 1.26 geluidsgevoelige objecten: gebouwen welke dienen ter bewoning of andere geluidsgevoelige gebouwen of terreinen, zoals bedoeld in de Wet geluidhinder en/of het Besluit geluidhinder; 32 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

85 1.27 geluidsgevoelige functies: in een gebouw of op een terrein aanwezige functies die maken dat een gebouw of een terrein als geluidsgevoelig object wordt aangemerkt; 1.28 hogere grenswaarde: een bij een bestemmingsplan in acht te nemen maximale waarde voor de geluidsbelasting van geluidsgevoelige objecten, die hoger is dan de voorkeurgrenswaarde en die in een concreet geval kan worden vastgesteld op grond van de Wet geluidhinder en/of het Besluit geluidhinder; 1.29 hoofdgebouw: een gebouw dat, gelet op de bestemming, als het belangrijkste bouwwerk op een bouwperceel kan worden aangemerkt; 1.30 horecabedrijf en/of -instelling: een bedrijf of instelling waar bedrijfsmatig dranken en/of etenswaren voor gebruik ter plaatse worden verstrekt en/of waarin bedrijfsmatig logies wordt verstrekt; 1.31 horecabedrijf, categorie I: een horecabedrijf, waar in hoofdzaak maaltijden en/of logies worden verstrekt en waar doorgaans geen overlast voor het leefklimaat wordt veroorzaakt, zoals hotels en pensions en een horecabedrijf dat vooral is gericht op het overdag en 's avonds verstrekken van in hoofdzaak alcoholvrije dranken en eenvoudige etenswaren, zoals ijssalons, croissanterieën, lunchrooms en naar de aard en openingstijden daarmee gelijk te stellen horecabedrijven; 1.32 horecabedrijf, categorie II: een horecabedrijf, waar meestal in hoofdzaak alcoholische dranken worden verstrekt, en/of waarvan de exploitatie doorgaans overlast voor het leefklimaat kan veroorzaken en een grote druk op de openbare orde met zich meebrengt, zoals restaurants, cafés, bars, snackbars en cafetaria's; 1.33 huishouden: een of meer personen in een woning of een woonruimte waaronder mede begrepen de inwoning, al dan niet bij wijze van mantelzorg, met eigen voorzieningen van verwanten of andere personen en met een gezin gelijk te stellen samenlevingsvormen; 1.34 kampeermiddel: een tent, een tentwagen, een kampeerauto, een caravan of een stacaravan, dan wel enig ander voertuig of onderkomen, dat geheel of ten dele is bestemd of opgericht dan wel wordt of kan worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf; 1.35 kleinschalige bedrijfsmatige activiteit: een bedrijf dat in of bij een woonhuis met behoud met woonfunctie kan worden uitgeoefend en dat is gericht op het beroepsmatig verlenen van diensten of het uitoefenen van een ambachtelijke bedrijvigheid door middel van handwerk; 1.36 logiesverstrekking: een bedrijf waar, tegen vergoeding, logies worden verstrekt, waarbij de logieseenheden enkel zijn ingericht voor nachtverblijf; naast het verstrekken van logies worden accommodaties aangeboden voor dagverblijf en maaltijdbereiding; 1.37 maatschappelijke voorzieningen: educatieve, sociaal-medische, sociaal-culturele, levensbeschouwelijke voorzieningen, zorgvoorzieningen, en voorzieningen ten behoeve van openbare dienstverlening, alsook ondergeschikte detailhandel en horeca ten dienste van deze voorzieningen; Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 33

86 1.38 mantelzorg: het op basis van vrijwilligheid en buiten organisatorisch verband bieden van zorg aan een persoon uit het sociale netwerk die hulpbehoevend is op het fysieke, psychische en/of sociale vlak; 1.39 normaal onderhoud: het onderhoud, dat gelet op de bestemming, regelmatig noodzakelijk is voor een goed beheer en gebruik van de gronden en gebouwen die tot de betreffende bestemming behoren; 1.40 overkapping: een bouwwerk, geen gebouw zijnde, dat een overdekte ruimte vormt zonder wanden dan wel met ten hoogste één wand; 1.41 peil: a. indien op het land wordt gebouwd: 1. voor een bouwwerk op een perceel, waarvan de hoofdtoegang direct aan de weg grenst: de hoogte van de weg ter plaatse van die hoofdtoegang; 2. voor een bouwwerk op een perceel, waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: de hoogte van het terrein ter hoogte van die hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw; b. indien op of in het water wordt gebouwd: 1. de hoogte van het terrein ter plaatse van het meest nabijgelegen punt waar het water grenst aan het vaste land; 1.42 productiegerelateerde detailhandel: detailhandel in goederen die ter plaatse worden vervaardigd, gerepareerd en/of toegepast in het productieproces, waarbij de detailhandelsfunctie ondergeschikt is aan de productiefunctie; 1.43 recreatieverblijf: een permanent aanwezig gebouw, geen stacaravan zijnde, bestemd om uitsluitend door een huishouden of daarmee gelijk te stellen groep van personen, dat het hoofdverblijf elders heeft, gedurende een gedeelte van het jaar bewoond te worden, uitsluitend voor recreatieve bewoning; 1.44 risicogevoelig bouwwerk c.q. object: een bouwwerk c.q. object als bedoeld in het Besluit externe veiligheid inrichtingen, dat kan worden aangemerkt in de zin van dat besluit als een kwetsbaar of beperkt kwetsbaar object; 1.45 risicovolle inrichting: een inrichting, bij welke ingevolge het Besluit externe veiligheid inrichtingen, een grenswaarde, een richtwaarde voor het risico c.q. een risico-afstand moet worden aangehouden bij het in het bestemmingsplan toelaten van kwetsbare of beperkt kwetsbare objecten; 1.46 seksinrichting: een voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte, waarin bedrijfsmatig, of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht of vertoningen van erotisch/pornografische aard plaatsvinden. Onder een seksinrichting worden in elk geval verstaan: een seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater, een parenclub of een prostitutiebedrijf, waaronder tevens is begrepen een erotische massagesalon, al dan niet in combinatie met elkaar; 1.47 theetuin: het verlenen van diensten in de vorm van het, hoofdzakelijk overdag, openstellen van tuinen bij woningen met als nevenactiviteit het verstrekken van niet alcoholische dranken en daarbij behorende versnaperingen op een tuinterras, veranda en dergelijke, het verstrekken van eenvoudige etenswaren daaronder begrepen; 34 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

87 1.48 woning: een complex van ruimten, bedoeld voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden en tevens bedoeld voor de bij het wonen toegestane functies als bed and breakfast, mantelzorg, aan-huis-verbonden beroepen, kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten, kamerverhuur en dergelijke; 1.49 woonhuis: een gebouw, dat één woning omvat, dan wel twee of meer naast elkaar en/of geheel of gedeeltelijk boven elkaar gelegen woningen omvat en dat qua uiterlijke verschijningsvorm als een eenheid beschouwd kan worden. Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 35

88 Artikel 2 Wijze van meten Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1 de afstand tot de (zijdelingse) perceelgrens: vanaf enig punt van een bouwwerk tot de (zijdelingse) perceelgrens; 2.2 de bouwhoogte van een bouwwerk: vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen; 2.3 de breedte / diepte van een gebouw: tussen (de lijnen, getrokken door) de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren); 2.4 de dakhelling: langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak; 2.5 de goothoogte van een bouwwerk: vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel; 2.6 de inhoud van een bouwwerk: tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen; 2.7 de oppervlakte van een bouwwerk: tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. 36 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

89 HOOFDSTUK 2 BESTEMMINGSREGELS Artikel 3 Agrarisch - Cultuurgrond 3.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Agrarisch - Cultuurgrond' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. het agrarisch gebruik; b. cultuurgrond; c. sloten, bermen en beplanting; met daaraan ondergeschikt: d. nutsvoorzieningen; met de daarbijbehorende: e. paden; f. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 3.2 Bouwregels Gebouwen en overkappingen Op of in deze gronden mogen geen gebouwen en overkappingen worden gebouwd Overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. er mogen uitsluitend erf- en terreinafscheidingen worden gebouwd; b. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen zal ten hoogste 2,00 m bedragen. 3.3 Nadere eisen Burgemeester en Wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. de verkeersveiligheid; en b. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. 3.4 Wijzigingsbevoegdheid Bevoegdheid Burgemeester en Wethouders kunnen het plan wijzigen in die zin dat: ter plaatse van de aanduiding "wro-zone - wijzigingsgebied" de bestemming 'Agrarisch - Cultuurgrond' wordt gewijzigd in de bestemmingen 'Wonen - 2' en 'Verkeer - Verblijfsgebied' met de daarbijbehorende aanduidingen, mits: 1. na toepassing van deze wijzigingsbevoegdheid de regels van artikel 20 en 17 van overeenkomstige toepassing zijn; 2. het aantal woningen ten hoogste 11 bedraagt; 3. de woningen vrijstaand danwel twee-aan-één worden gebouwd Toetsingscriteria De in lid genoemde wijzigingen kunnen uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. het straat- en bebouwingsbeeld; b. de woonsituatie; c. de milieusituatie; d. de landschappelijke en/of karakteristieke waarden; e. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken f. wordt gemotiveerd dat de toe te voegen woning past binnen de door de provincie vastgestelde nieuwbouwruimte, dan wel de daarvoor in de plaats komende intergemeentelijke afspraken over woningbouwcapaciteit. Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 37

90 Artikel 4 Bedrijf 4.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Bedrijf' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. gebouwen en overkappingen ten behoeve van: 1. bedrijven, die zijn genoemd in Bijlage 2 onder de categorieën 1 en 2, niet zijnde geluidszoneringsplichtige, risicovolle inrichtingen en/of vuurwerkbedrijven; 2. een fouragebedrijf, ter plaatse van 'specifieke vorm van bedrijf - fouragebedrijf'; 3. bedrijfswoningen; b. bijbehorende bouwwerken; met de daarbijbehorende: c. parkeervoorzieningen; d. tuinen, erven en terreinen; e. water; f. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 4.2 Bouwregels Gebouwen en overkappingen Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen gelden de volgende regels: a. gebouwen en overkappingen dienen binnen een bouwvlak te worden gebouwd; b. per bedrijf mag ten hoogste één bedrijfswoning worden gebouwd, tenzij het bestaande aantal meer bedraagt, in welk geval het bestaande aantal is toegestaan; c. bedrijfsgebouwen dienen tenminste 3,00 m achter de naar de weg(en) gekeerde gevel(s) van de bedrijfswoning dan wel het verlengde daarvan worden gebouwd; d. de oppervlakte van een bedrijfswoning mag ten hoogste 150 m² bedragen; e. de goot- en bouwhoogte van een gebouw of een overkapping mag ten hoogste de ter plaatse van de aanduiding 'maximale goot- en bouwhoogte (m)' aangegeven goot- en bouwhoogte bedragen Bijbehorende bouwwerken Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken gelden de volgende regels: a. de bijbehorende bouwwerken dienen tenminste 3,00 m achter de naar de weg(en) gekeerde gevel(s) van de bedrijfswoning dan wel het verlengde daarvan worden gebouwd; b. de gezamenlijke oppervlakte van de bijbehorende bouwwerken mag ten hoogste 50 m² bedragen, tenzij de bestaande oppervlakte meer bedraagt, in welk geval de gezamenlijke oppervlakte ten hoogste de bestaande oppervlakte mag bedragen; c. de goothoogte van een bijbehorende bouwwerk mag ten hoogste 3,50 m bedragen; d. de dakhelling van een bijbehorende bouwwerk mag ten hoogste 60 bedragen Overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van terreinafscheidingen mag ten hoogste 2,00 m bedragen; b. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 5,00 m bedragen. 4.3 Nadere eisen Burgemeester en Wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. een goede woonsituatie; b. de milieusituatie; c. de verkeersveiligheid; d. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. 38 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

91 4.4 Afwijken van de bouwregels Bevoegdheid Er kan met een omgevingsvergunning worden afgeweken van: a. het bepaalde in lid onder a in die zin dat gebouwen buiten het bouwvlak worden gebouwd. b. het bepaalde in lid onder b in die zin dat het aantal bedrijfswoningen meer dan één respectievelijk het bestaande aantal bedraagt, mits aangetoond wordt dat de bedrijfswoning noodzakelijk is voor een doelmatige bedrijfsvoering ter plaatse Toetsingscriteria De omgevingsvergunning kan uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. het straat- en bebouwingsbeeld; b. de woonsituatie; c. de milieusituatie; d. de cultuurhistorische en/of karakteristieke waarden; e. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken. 4.5 Specifieke gebruiksregels Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van bedrijven die niet zijn genoemd in Bijlage 2 onder de categorieën 1 en 2; b. het splitsen van een bedrijfswoning in meer dan één woning; c. het gebruik van de gronden en bouwwerken voor detailhandel; d. het gebruik van vrijstaande bijbehorende bouwwerken voor bewoning; e. het gebruik van gronden ten behoeve van de aanleg van een paardrijbak met de daarbijbehorende bouwwerken; f. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van verblijfsrecreatieve doeleinden anders dan logiesverstrekking in de bedrijfswoning, de bijbehorende bouwwerken en in karakteristieke vrijstaande, oude boerderijschuren bij de bedrijfswoning, waarbij niet meer dan 3 logieseenheden per bedrijfswoning mogen worden gevestigd; g. het gebruik van een bedrijfswoning voor bewoning anders dan als bedrijfswoning. 4.6 Afwijken van de gebruiksregels Bevoegdheid Er kan met omgevingsvergunning worden afgeweken van: a. het bepaalde in lid 4.5 onder a in die zin dat de gronden en bouwwerken, al dan niet in samenhang met inpandige bouwactiviteiten, worden gebruikt voor bedrijven, welke naar de aard en de invloed op de omgeving vergelijkbaar zijn met de genoemde bedrijven onder de categorieën 1 en 2 in Bijlage 2, mits: 1. het gaat om bedrijven die niet zijn genoemd in Bijlage 2, maar die qua milieubelasting gelijkwaardig zijn aan de bedrijven die wel worden genoemd of bedrijven die wel zijn genoemd in Bijlage 2 onder een hogere categorie dan 2, maar in een individueel geval een lagere milieubelasting hebben; 2. het geen geluidzoneringsplichtige inrichtingen, risicovolle inrichtingen en vuurwerkbedrijven betreft; b. het bepaalde in lid 4.5 onder c in die zin dat de gronden en bouwwerken, al dan niet in samenhang met inpandige bouwactiviteiten, worden gebruikt voor de uitoefening van productiegerelateerde detailhandel, mits: 1. de bruto verkoopvloeroppervlakte ten hoogste 10% van de gezamenlijke oppervlakte aan bedrijfsgebouwen, met een maximum van 60 m², zal bedragen; 2. de functie vanuit de bestaande bebouwing wordt uitgeoefend, terwijl er verder van vormen van detailhandel wordt uitgegaan met een lokaal verzorgingsgebied. 3. geen onevenredige afbreuk worden gedaan aan de invloed op het winkelapparaat in kernen in hetzelfde verzorgingsgebied; c. het bepaalde in lid 4.5 onder d in die zin dat vrijstaande bijbehorende bouwwerken worden gebruikt ten behoeve van mantelzorg, mits: 1. er aantoonbaar sprake is van een zorgbehoefte, welke tijdelijk van aard is; Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 39

92 2. er sprake blijft van één huishouding; 3. het vrijstaande bijbehorende bouwwerk wordt gebruikt als afhankelijke woonruimte; 4. het karakter van het betreffende gebouw niet onevenredig wordt aangetast; 5. de oppervlakte van het bijbehorende bouwwerk ten behoeve van mantelzorg ten hoogste 50 m² per bouwperceel bedraagt; d. het bepaalde in lid 4.5 onder g in die zin dat een bedrijfswoning wordt gebruikt voor bewoning anders dan als bedrijfswoning, mits dit geen belemmering oplevert voor de bedrijfsvoering van omliggende percelen Toetsingscriteria De omgevingsvergunning kan uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. het straat- en bebouwingsbeeld; b. de woonsituatie; c. de milieusituatie; d. de cultuurhistorische en/of karakteristieke waarden; e. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken. 40 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

93 Artikel 5 Bedrijf - Nutsvoorziening 5.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Bedrijf - Nutsvoorziening' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. terreinen, gebouwen en overkappingen, ten behoeve van de energievoorziening, en naar de aard daarmee gelijk te stellen openbare nutsvoorzieningen, niet zijnde geluidszoneringsplichtige en/of risicovolle inrichtingen; met de daarbijbehorende: b. erven en terreinen; c. water; d. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 5.2 Bouwregels Gebouwen en overkappingen Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen gelden de volgende regels: a. de gebouwen en overkappingen dienen binnen een bouwvlak te worden gebouwd; b. de bouwhoogte van een gebouw of overkapping mag ten hoogste 3,50 m bedragen Overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van terreinafscheidingen mag ten hoogste 2,00 m bedragen; b. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 5,00 m bedragen. Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 41

94 Artikel 6 Bos 6.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Bos' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. bos; b. groenvoorzieningen; c. wegen en paden; waarbij de instandhouding van de landschappelijke waarden wordt nagestreefd; met de daarbijbehorende: d. water; e. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 6.2 Bouwregels Gebouwen en overkappingen Op of in deze gronden mogen geen gebouwen en overkappingen worden gebouwd Overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, geldt de volgende regel: de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 2,00 m bedragen. 6.3 Nadere eisen Burgemeester en Wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. de verkeersveiligheid; en b. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. 6.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden Vergunningplicht Voor de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden is een omgevingsvergunning vereist: a. het verwijderen van bomen, heesters en struiken, voorzover de Boswet en/of de gemeentelijke kapof bomenverordening niet van toepassing is; b. het ontgronden, afgraven, egaliseren en ophogen van gronden; c. het aanbrengen van oppervlakteverhardingen, niet zijnde de terreinontsluiting, met een oppervlakte van meer dan 100 m² Uitzonderingen Het bepaalde in lid is niet van toepassing op werken en werkzaamheden die: a. het normale onderhoud betreffen; b. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan Toetsingscriteria De omgevingsvergunning kan slechts worden verleend, indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de landschappelijke waarden van het gebied. 42 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

95 Artikel 7 Cultuur en ontspanning 7.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Cultuur en ontspanning' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. gebouwen en overkappingen ten behoeve van: 1. een educatief centrum ten behoeve van de vesting; 2. kaartverkoop ten behoeve van de vesting ; 3. expositieruimte/atelier ten behoeve van de vesting; 4. horeca van categorie I; b. een (spinnekop)molen; c. een vestingwal en vestingwerken; met de daarbijbehorende: d. parkeervoorzieningen; e. tuinen, erven en terreinen; f. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 7.2 Bouwregels Gebouwen en overkappingen genoemd in lid 7.1 onder a Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen genoemd in lid 7.1 onder a gelden de volgende regels: a. gebouwen en overkappingen dienen binnen een bouwvlak te worden gebouwd; b. de goot- en bouwhoogte van een gebouw of een overkapping mag ten hoogste de ter plaatse van de aanduiding 'maximale goot- en bouwhoogte (m)' aangegeven goot- en bouwhoogte bedragen Molen Voor het bouwen van (spinnekop)molens geldt de volgende regel: c. de bouwhoogte van een (spinnekop)molen mag ten hoogste 10,00 m bedragen Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. er mogen geen overkappingen worden gebouwd; b. de bouwhoogte van terreinafscheidingen mag ten hoogste 2,00 m bedragen; c. de bouwhoogte van reclamemasten mag ten hoogste 6,00 m bedragen; d. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 5,00 m bedragen. 7.3 Nadere eisen Burgemeester en Wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. het straat- en bebouwingsbeeld; b. de woonsituatie; c. de milieusituatie; d. de verkeersveiligheid; e. de cultuurhistorische en/of karakteristieke waarden; f. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken. 7.4 Specifieke gebruiksregels Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van een molen voor bewoning; b. het gebruik van gronden ten behoeve van de aanleg van een paardrijdbak met de daarbijbehorende bouwwerken; c. het gebruik van gronden en bouwwerken voor horeca-activiteiten, anders dan tijdens evenementen. Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 43

96 Artikel 8 Gemengd Bestemmingsomschrijving De voor 'Gemengd - 1' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. gebouwen en overkappingen ten behoeve van: 1. detailhandel, in de vorm van winkels; 2. horeca in categorie I en II met uitzondering van een discotheek; 3. musea; al dan niet in combinatie met woningen, al dan niet met ruimte voor: een aan-huis-verbonden beroep; een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit, zoals genoemd in Bijlage 1; mantelzorg; 4. woonhuizen, ter plaatse van de aanduiding 'wonen' al dan niet met ruimte voor: een aan-huis-verbonden beroep; een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit, zoals genoemd in Bijlage 1; mantelzorg; b. bijbehorende bouwwerken; c. groenvoorzieningen; met de daarbijbehorende: d. sloten, bermen en beplanting; e. paden; f. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 8.2 Bouwregels Gebouwen en overkappingen Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen geldt de volgende regel: a. gebouwen en overkappingen dienen binnen een bouwvlak te worden gebouwd; b. per bedrijf mag ten hoogste één woning worden gebouwd; c. de goot- en bouwhoogte van een gebouw of een overkapping mag ten hoogste de ter plaatse van de aanduiding 'maximale goot- en bouwhoogte (m)' aangegeven maximale goot- en bouwhoogte bedragen Bijbehorende bouwwerken Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken gelden de volgende regels: a. de bijbehorende bouwwerken dienen binnen een bouwvlak te worden gebouwd en tenminste 3,00 m achter de naar de weg(en) gekeerde gevel(s) van het woonhuis/de bedrijfswoning dan wel het verlengde daarvan te worden gebouwd; b. de goothoogte van een bijbehorende bouwwerk mag ten hoogste 3,50 m bedragen; c. de dakhelling van een bijbehorende bouwwerk mag ten hoogste 60 bedragen Overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag ten hoogste 1,00 m bedragen, met dien verstande dat de hoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw dan wel verlengde daarvan, ten hoogste 2,00 m mag bedragen; b. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 5,50 m bedragen. 8.3 Specifieke gebruiksregels Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van gedeelten van een woonhuis en bijbehorende bouwwerken voor de uitoefening van een aan-huis-verbonden beroep of een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit, indien: 1. de beroeps-/bedrijfsvloeroppervlakte meer dan 90 m² bedraagt; 2. parkeren niet op eigen erf plaatsvindt; b. het splitsen van een woonhuis of bedrijfswoning in meer dan één woning; c. het gebruik van de gronden en bouwwerken voor detailhandel anders dan in de vorm van winkels; 44 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

97 d. het gebruik van de gronden en bouwwerken voor horeca anders dan in de vorm van horeca in categorie I en II, met dien verstande dat een discotheek niet is toegestaan; e. het gebruik van vrijstaande bijbehorende bouwwerk voor bewoning, met uitzondering van mantelzorg. 8.4 Afwijken van de gebruiksregels Bevoegdheid Er kan met een omgevingsvergunning worden afgeweken van: het bepaalde in lid 8.3 onder c in die zin dat de gronden en bouwwerken, al dan niet in samenhang met inpandige bouwactiviteiten, worden gebruikt voor de uitoefening van productiegerelateerde detailhandel, mits: 1. de bruto verkoopvloeroppervlakte ten hoogste 10% van de gezamenlijke oppervlakte aan bedrijfsgebouwen, met een maximum van 60 m², zal bedragen; 2. de functie vanuit de bestaande bebouwing wordt uitgeoefend, terwijl er verder van vormen van detailhandel wordt uitgegaan met een lokaal verzorgingsgebied. 3. geen onevenredige afbreuk worden gedaan aan de invloed op het winkelapparaat in de diverse kernen Toetsingscriteria De omgevingsvergunning kan uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. het straat- en bebouwingsbeeld; b. de woonsituatie; c. de milieusituatie; d. de verkeersveiligheid; e. de cultuurhistorische en/of karakteristieke waarden; f. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken. Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 45

98 Artikel 9 Gemengd Bestemmingsomschrijving De voor 'Gemengd - 2' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. gebouwen en overkappingen ten behoeve van: 1. woonhuizen, al dan niet met ruimte voor: een aan-huis-verbonden beroep; een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit, zoals genoemd in Bijlage 1; mantelzorg; 2. horeca in de vorm van logiesverstrekking; 3. musea; 4. detailhandel en horeca in categorie 1, ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van gemengd - detailhandel en horeca'; 5. horeca in categorie 1, ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van gemengd - horeca'; b. bijbehorende bouwwerken; c. groenvoorzieningen; met de daarbijbehorende: d. sloten, bermen en beplanting; e. paden; f. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 9.2 Bouwregels Gebouwen en overkappingen Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen gelden de volgende regels: a. gebouwen en overkappingen dienen binnen een bouwvlak te worden gebouwd; b. de goot- en bouwhoogte van een gebouw of een overkapping mag ten hoogste de ter plaatse van de aanduiding 'maximale goot- en bouwhoogte (m)' aangegeven maximale goot- en bouwhoogte bedragen Bijbehorende bouwwerken Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken gelden de volgende regels: a. de bijbehorende bouwwerken dienen binnen een bouwvlak te worden gebouwd en tenminste 3,00 m achter de naar de weg(en) gekeerde gevel(s) van het woonhuis/de bedrijfswoning dan wel het verlengde daarvan te worden gebouwd; b. de goothoogte van een bijbehorende bouwwerk mag ten hoogste 3,50 m bedragen; c. de dakhelling van een bijbehorende bouwwerk mag ten hoogste 60 bedragen Overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag ten hoogste 1,00 m bedragen, met dien verstande dat de hoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw dan wel verlengde daarvan, ten hoogste 2,00 m mag bedragen; b. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 5,50 m bedragen. 9.3 Specifieke gebruiksregels Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van gedeelten van een woonhuis en bijbehorende bouwwerken voor de uitoefening van een aan-huis-verbonden beroep of een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit, indien: 1. de beroeps-/bedrijfsvloeroppervlakte meer dan 90 m² bedraagt; 2. parkeren niet op eigen erf plaatsvindt; b. het splitsen van een woonhuis in meer dan één woning; c. het gebruik van de gronden en bouwwerken voor horeca anders dan logiesverstrekking, met uitzondering van de gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van gemengd - detailhandel en horeca'; d. het gebruik van vrijstaande bijbehorende bouwwerk voor bewoning, met uitzondering van mantelzorg. 46 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

99 Artikel 10 Groen 10.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. groenvoorzieningen; b. een vestingwal en vestingwerken; c. vestingpoorten, ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - vestingpoort'; d. garageboxen en bergingen, ter plaatse van de aanduiding 'garage'; e. gebouwen en overkappingen ten behoeve van opslag, ter plaatse van de aanduiding 'opslag'; f. kruitkelders, ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - kruitkelder'; g. openbare toiletgebouwen, ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - toiletgebouw'; h. evenementen; i. standplaatsen ten behoeve van ambulante handel, markten, braderieën en verenigingsactiviteiten; met de daarbijbehorende: j. sloten, bermen en beplanting; k. paden; l. bouwwerken, geen gebouwen zijnde Bouwregels Gebouwen en overkappingen Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen gelden de volgende regels: a. als gebouwen en overkappingen mogen uitsluitend vestingpoorten, openbare toiletgebouwen, garageboxen, bergingen en gebouwen en overkappingen ten behoeve van opslag worden gebouwd; b. vestingpoorten mogen uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifeke bouwaanduiding - vestingpoort' worden gebouwd; c. garageboxen en bergingen mogen uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'garage' worden gebouwd; d. gebouwen en overkappingen ten behoeve van opslag mogen uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'opslag' worden gebouwd; e. de toiletgebouwen mogen uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - toiletgebouw' worden gebouwd; f. de bouwhoogte van een vestingpoort mag ten hoogste 5,50 m bedragen; g. de bouwhoogte van overige gebouwen en overkappingen mag ten hoogste de bestaande bouwhoogte bedragen, met dien verstande dat de gebouwen en overkappingen niet boven de vestingwal mogen uitsteken Overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, geldt de volgende regel: de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 2,00 m bedragen Nadere eisen Burgemeester en Wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. de verkeersveiligheid; en b. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden Specifieke gebruiksregels Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van gronden en bouwwerken voor horeca-activiteiten, anders dan tijdens evenementen; b. het gebruik van gronden en bouwwerken voor de opslag van kruit, anders dan ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - kruitkelder'. Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 47

100 Artikel 11 Maatschappelijk 11.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Maatschappelijk' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. gebouwen en overkappingen ten behoeve van maatschappelijke voorzieningen, waaronder een jeugdsoos en buurthuis; met de daarbijbehorende: b. parkeervoorzieningen; c. tuinen, erven en terreinen; d. water; e. bouwwerken, geen gebouwen zijnde Bouwregels Gebouwen en overkappingen Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen gelden de volgende regels: a. de gebouwen en overkappingen dienen binnen een bouwvlak te worden gebouwd; b. de goot- en bouwhoogte van een gebouw of overkapping mag ten hoogste de ter plaatse van de aanduiding 'maximale goot- en bouwhoogte (m)' aangegeven goot- en bouwhoogte bedragen Overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van terreinafscheidingen mag ten hoogste 2,00 m bedragen; b. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 5,00 m bedragen Nadere eisen Burgemeester en Wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. een goede woonsituatie; b. de milieusituatie; c. de verkeersveiligheid; d. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden Specifieke gebruiksregels Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van detailhandel; b. het gebruik van gebouwen voor bewoning; c. het gebruik van gronden ten behoeve van de aanleg van een paardrijbak met de daarbijbehorende bouwwerken; d. het gebruik van gronden en bouwwerken voor horeca-activiteiten, anders dan tijdens evenementen. 48 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

101 Artikel 12 Maatschappelijk - Begraafplaats 12.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Maatschappelijk - Begraafplaats' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. een begraafplaats; b. gebouwen en overkappingen ten behoeve van onderhoud en beheer; c. paden; d. groenvoorzieningen; met daaraan ondergeschikt: e. nutsvoorzieningen; f. water; g. tuinen en erven; met de daarbijbehorende: h. terreinen; i. bouwwerken, geen gebouwen zijnde Bouwregels Gebouwen en overkappingen Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen gelden de volgende regels: a. als gebouwen en overkappingen mogen uitsluitend gebouwen en overkappingen ten behoeve van onderhoud en beheer worden gebouwd; b. de gezamenlijke oppervlakte van de gebouwen en overkappingen mag ten hoogste 50 m² bedragen; c. de bouwhoogte van een gebouw of overkapping mag ten hoogste 3,00 m bedragen Overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, geldt de volgende regel: de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 2,00 m bedragen. Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 49

102 Artikel 13 Recreatie - Dagrecreatie 13.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Recreatie - Dagrecreatie' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. gebouwen en overkappingen ten behoeve van een kinderboerderij; b. detailhandel en horeca in categorie 1, ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van gemengd - detailhandel en horeca'; met de daarbijbehorende: c. tuinen en terreinen; d. speelterreinen; e. parkeervoorzieningen; f. groenvoorzieningen en bebossing; g. wegen en paden; h. water; i. bouwwerken, geen gebouwen zijnde Bouwregels Gebouwen en overkappingen Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen gelden de volgende regels: a. de gebouwen en overkappingen dienen in een bouwvlak te worden gebouwd; b. de goot- en bouwhoogte van een gebouw of overkapping mag ten hoogste de ter plaatse van de aanduiding 'maximale goot- en bouwhoogte (m)' aangegeven goot- en bouwhoogte bedragen Overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen zal ten hoogste 2,00 m bedragen; b. de bouwhoogte van reclamemasten zal ten hoogste 6,00 m bedragen; c. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zal ten hoogste 8,00 m bedragen Specifieke gebruiksregels Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken met deze bestemming wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van gebouwen voor bewoning; b. het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van detailhandel, met uitzondering de gronden ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van gemengd - detailhandel en horeca'; c. het gebruik van gronden en bouwwerken voor horeca, met uitzondering de gronden ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van gemengd - detailhandel en horeca'. 50 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

103 Artikel 14 Sport 14.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Sport' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. een sportveldencomplex; b. evenementen; c. standplaatsen ten behoeve van ambulante handel, markten, braderieën en verenigingsactiviteiten; met de daarbijbehorende: d. gebouwen; e. groenvoorzieningen; f. parkeervoorzieningen; g. tuinen, erven en terreinen; h. water; i. bouwwerken, geen gebouwen zijnde Bouwregels Gebouwen en overkappingen Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen gelden de volgende regels: a. er mogen uitsluitend ondergeschikte gebouwen en overkappingen, zoals dug-outs en een kassa, worden gebouwd; b. de gezamenlijke oppervlakte van de gebouwen en overkappingen mag ten hoogste 100 m² bedragen; c. de bouwhoogte van de gebouwen en overkappingen mag ten hoogste 2,00 m bedragen Overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van terreinafscheidingen mag ten hoogste 2,00 m bedragen; b. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 10,00 m bedragen Nadere eisen Burgemeester en Wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. een goede woonsituatie; b. de milieusituatie; c. de verkeersveiligheid; d. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden Specifieke gebruiksregels Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van de gronden en bouwwerken voor detailhandel; b. het gebruik van gronden en bouwwerken voor horeca-activiteiten, anders dan tijdens evenementen. Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 51

104 Artikel 15 Tuin 15.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Tuin' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. tuinen, geen erven zijnde, behorende bij de op de aangrenzende gronden gelegen functies; met de daarbijbehorende: b. sloten, bermen en beplanting; c. paden; d. bouwwerken, geen gebouwen zijnde Bouwregels Gebouwen en overkappingen Op of in deze gronden mogen geen gebouwen en overkappingen worden gebouwd, met uitzondering ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen' in welk geval bijbehorende bouwwerken bij de op de aangrenzende gronden gelegen hoofdgebouwen mogen worden gebouwd, met dien verstande dat: a. de goothoogte van een bijbehorende bouwwerk ten hoogste 3,50 m mag bedragen; b. de dakhelling van een bijbehorende bouwwerk ten hoogste 60 mag bedragen Overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, geldt de volgende regel: a. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag ten hoogste 1,00 m bedragen, met dien verstande dat de hoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw dan wel verlengde daarvan, ten hoogste 2,00 m mag bedragen; b. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 5,00 m bedragen Nadere eisen Burgemeester en Wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. de verkeersveiligheid; en b. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden Afwijken van de bouwregels Bevoegdheid Er kan met een omgevingsvergunning worden afgeweken van: het bepaalde in lid in die zin dat bijbehorende bouwwerken bij de op de aangrenzende gronden gelegen hoofdgebouwen worden gebouwd, mits: 1. ten hoogste één bijbehorende bouwwerk per woning wordt gerealiseerd; 2. de oppervlakte van de bijbehorende bouwwerken ten hoogste 10 m² bedraagt; 3. de bouwhoogte van een bijbehorende bouwwerk ten hoogste 3,50 m bedraagt; 4. de dakhelling van een bijbehorende bouwwerk ten minste 30 en ten hoogste 55 mag bedragen; Toetsingscriteria De omgevingsvergunning kan uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. het straat- en bebouwingsbeeld; b. de woonsituatie; c. de milieusituatie; d. de cultuurhistorische en/of karakteristieke waarden; e. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken. 52 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

105 Artikel 16 Verkeer - Parkeerterrein 16.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Verkeer - Parkeerterrein' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. parkeervoorzieningen; met daaraan ondergeschikt: b. groenvoorzieningen; c. straten en pleinen; d. voet- en rijwielpaden; e. speelvoorzieningen; f. tuinen en erven; g. water; h. evenementen; met de daarbijbehorende: i. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. In de bestemming zijn tevens standplaatsen ten behoeve van ambulante handel, markten, braderieën, verenigingsactiviteiten en dergelijke begrepen Bouwregels Gebouwen en overkappingen Op of in deze gronden mogen geen gebouwen en overkappingen worden gebouwd Overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, geldt de volgende regel: de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, anders dan rechtstreeks ten behoeve van de geleiding, beveiliging en regeling van het verkeer, mag ten hoogste 5,00 m bedragen Nadere eisen Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. de verkeersveiligheid; en b. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden Specifieke gebruiksregels Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van gronden en bouwwerken voor horeca-activiteiten, anders dan tijdens evenementen. Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 53

106 Artikel 17 Verkeer - Verblijfsgebied 17.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Verkeer - Verblijfsgebied' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wegen; b. voet- en rijwielpaden; c. parkeervoorzieningen; d. speelvoorzieningen; e. groenvoorzieningen; f. sloten en bermen; met daaraan ondergeschikt: g. nutsvoorzieningen; h. tuinen en erven; i. water; j. evenementen; met de daarbijbehorende: k. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. In de bestemming zijn tevens standplaatsen ten behoeve van ambulante handel, markten, braderieën, verenigingsactiviteiten en dergelijke begrepen Bouwregels Gebouwen en overkappingen Op of in deze gronden mogen geen gebouwen en overkappingen worden gebouwd Overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, geldt de volgende regel: de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, anders dan rechtstreeks ten behoeve van de geleiding, beveiliging en regeling van het verkeer, mag ten hoogste 5,00 m bedragen Nadere eisen Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. de verkeersveiligheid; en b. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden Specifieke gebruiksregels Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van gronden en bouwwerken voor horeca-activiteiten, anders dan tijdens evenementen. 54 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

107 Artikel 18 Water 18.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Water' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. vaarten, sloten en daarmee gelijk te stellen waterlopen; b. bruggen, ter plaatse van de aanduiding "brug"; c. bermen en beplanting; d. kaden en oevers; e. waterbouwkundige voorzieningen; f. evenementen; met de daarbijbehorende: g. bouwwerken, geen gebouwen zijnde, waaronder oeverbeschoeiingen, duikers en/of dammen Bouwregels Gebouwen en overkappingen Op of in deze gronden mogen geen gebouwen en overkappingen worden gebouwd Overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, geldt de volgende regel: a. ter plaatse van de aanduiding "brug" mag de bouwhoogte van een brug ten hoogste 4,00 m bedragen; b. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 2,00 m bedragen Nadere eisen Burgemeester en Wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. de verkeersveiligheid; b. de landschappelijke en/of karakteristieke waarden; c. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken Specifieke gebruiksregels Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van gronden en bouwwerken voor horeca-activiteiten, anders dan tijdens evenementen; Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 55

108 Artikel 19 Wonen Bestemmingsomschrijving De voor 'Wonen - 1' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. woonhuizen, al dan niet met ruimte voor: 1. een aan-huis-verbonden beroep; 2. een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit, zoals genoemd in Bijlage 1; 3. mantelzorg; 4. kamerverhuur; b. detailhandel, ter plaatse van de aanduiding 'detailhandel'; c. bijbehorende bouwwerken; met de daarbijbehorende: d. tuinen, erven en terreinen; e. water; f. bouwwerken, geen gebouwen zijnde Bouwregels Gebouwen Voor het bouwen van gebouwen geldt de volgende regel: het bebouwingspercentage mag per bouwperceel ten hoogste 50% bedragen Hoofdgebouwen Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende regels: a. als hoofdgebouw mogen uitsluitend woonhuizen worden gebouwd; b. een hoofdgebouw zal in de bestaande voorgevellijn worden gebouwd; c. het aantal hoofdgebouwen mag per bestemmingsvlak ten hoogste één bedragen, tenzij ter plaatse is voorzien in de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden', in welk geval het in het aanduidingsvlak aangegeven aantal als maximum geldt; d. de afstand van een hoofdgebouw of een blok van aaneen gebouwde hoofdgebouwen tot de zijdelingse perceelgrens dient ten minste 2,00 m te bedragen, tenzij de bestaande afstand minder bedraagt, in welk geval de bestaande afstand als minimale afstand geldt; e. de goot- en bouwhoogte van een hoofdgebouw mogen respectievelijk ten hoogste 4,00 m en ten hoogste 8,00 m bedragen, tenzij ter plaatse is voorzien in de aanduiding 'maximale goot- en bouwhoogte (m)', in welk geval de in het aanduidingsvlak aangegeven goot- en bouwhoogte als maximum geldt Bijbehorende bouwwerken Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken gelden de volgende regels: a. de bijbehorende bouwwerken dienen tenminste 3,00 m achter de naar de weg(en) gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw dan wel het verlengde daarvan te worden gebouwd; b. de goothoogte van een bijbehorende bouwwerk mag ten hoogste 3,50 m bedragen; c. de dakhelling van een bijbehorende bouwwerk mag ten hoogste 60 bedragen Overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag ten hoogste 1,00 m bedragen, met dien verstande dat de hoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw dan wel verlengde daarvan, ten hoogste 2,00 m mag bedragen; b. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 5,00 m bedragen Afwijken van de bouwregels Bevoegdheid Er kan met een omgevingsvergunning worden afgeweken van: a. het bepaalde in lid onder c in die zin dat het aantal hoofdgebouwen per bestemmingsvlak wordt vergroot, mits: 56 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

109 1. rekening wordt gehouden met het contingentenbeleid, zoals verwoord in bijlage 2 van de toelichting; b. het bepaalde in lid onder e in die zin dat de goot- en bouwhoogte van een hoofdgebouw worden vergroot tot respectievelijk ten hoogste 7,00 m en ten hoogste 10,00 m Toetsingscriteria De omgevingsvergunning kan uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. het straat- en bebouwingsbeeld; b. de woonsituatie; c. de milieusituatie; d. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken Specifieke gebruiksregels Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van woonhuizen in combinatie met beroeps- of bedrijfsmatige activiteiten anders dan een aan-huis-verbonden beroep of een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit; b. het gebruik van gedeelten van een woonhuis voor de uitoefening van een aan-huis-verbonden beroep of een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit, indien: 1. de beroeps-/bedrijfsvloeroppervlakte meer dan 90 m² bedraagt; 2. parkeren niet op eigen erf plaatsvindt; c. het gebruik van een woonhuis voor meer dan één woning; d. het gebruik van vrijstaande bijbehorende bouwwerken voor bewoning, met uitzondering van mantelzorg; e. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van verblijfsrecreatieve doeleinden; f. het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van detailhandel met uitzondering van de gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'detailhandel' en detailhandel bij een aan-huis-verbonden beroep of een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit, in welk geval detailhandel is toegestaan die als nevenactiviteit beperkt blijft tot de verkoop van producten die een directe relatie hebben met het beroep of de activiteit of producten die binnen het beroep of de activiteit vervaardigd worden; g. het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van agrarische bedrijfsactiviteiten; h. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van verblijfsrecreatieve doeleinden, anders dan logiesverstrekking in het woonhuis, de bijbehorende bouwwerken en in karakteristieke vrijstaande, oude boerderijschuren bij het woonhuis, waarbij niet meer dan 3 logieseenheden per woonhuis mogen worden gevestigd; i. het gebruik van gedeelten van een woonhuis voor kamerverhuur, indien meer dan 3 kamers worden verhuurd Afwijken van de gebruiksregels Bevoegdheid Met omgevingsvergunning kan worden afgeweken van: het bepaalde in lid 19.4 onder i in die zin dat een woonhuis wordt gebruikt voor kamerverhuur met meer dan 3 kamers, mits niet meer dan 5 kamers worden verhuurd Toetsingscriteria De in lid genoemde omgevingsvergunning kan uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. het straat- en bebouwingsbeeld; b. de woonsituatie; c. de milieusituatie; d. de cultuurhistorische en/of karakteristieke waarden; e. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken. Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 57

110 Artikel 20 Wonen Bestemmingsomschrijving De voor 'Wonen - 2' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. woonhuizen al dan niet met ruimte voor: 1. een aan-huis-verbonden beroep; 2. een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit, zoals genoemd in Bijlage 1; 3. mantelzorg; 4. kamerverhuur; b. bijbehorende bouwwerken; met de daarbijbehorende: c. tuinen, erven en terreinen; d. water; e. bouwwerken, geen gebouwen zijnde Bouwregels Gebouwen Voor het bouwen van gebouwen geldt de volgende regel: het bebouwingspercentage zal per bouwperceel ten hoogste 50% bedragen Hoofdgebouwen Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende regels: a. als hoofdgebouw mogen uitsluitend woonhuizen worden gebouwd; b. een hoofdgebouw zal in de bestaande voorgevellijn worden gebouwd; c. het aantal hoofdgebouwen mag per bestemmingsvlak ten hoogste één bedragen, tenzij ter plaatse is voorzien in de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden', in welk geval het in het aanduidingsvlak aangegeven aantal als maximum geldt; d. de afstand van een hoofdgebouw of een blok van aaneen gebouwde hoofdgebouwen tot de zijdelingse perceelgrens dient ten minste 2,00 m te bedragen, tenzij de bestaande afstand minder bedraagt, in welk geval de bestaande afstand als minimale afstand geldt; e. de goot- en bouwhoogte van een hoofdgebouw mogen respectievelijk ten hoogste 7,00 m en ten hoogste 10,00 m bedragen Bijbehorende bouwwerken Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken gelden de volgende regels: a. de bijbehorende bouwwerken dienen tenminste 3,00 m achter de naar de weg(en) gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw dan wel het verlengde daarvan te worden gebouwd; b. de goothoogte van een bijbehorende bouwwerk mag ten hoogste 3,50 m bedragen; c. de dakhelling van een bijbehorende bouwwerk mag ten hoogste 60 bedragen Overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag ten hoogste 1,00 m bedragen, met dien verstande dat de hoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw dan wel verlengde daarvan, ten hoogste 2,00 m mag bedragen; b. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 5,00 m bedragen Afwijken van de bouwregels Bevoegdheid Er kan met een omgevingsvergunning worden afgeweken van: a. het bepaalde in lid onder c in die zin dat het aantal hoofdgebouwen per bestemmingsvlak wordt vergroot, mits: 1. rekening wordt gehouden met het contingentenbeleid, zoals verwoord in bijlage 2 van de toelichting; 58 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

111 b. het bepaalde in lid onder e in die zin dat de goothoogte en de bouwhoogte van een hoofdgebouw worden vergroot tot respectievelijk ten hoogste 9,00 m en ten hoogste 12,00 m Toetsingscriteria De omgevingsvergunning kan uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. het straat- en bebouwingsbeeld; b. de woonsituatie; c. de milieusituatie; d. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken Specifieke gebruiksregels Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van woonhuizen in combinatie met beroeps- of bedrijfsmatige activiteiten anders dan een aan-huis-verbonden beroep of een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit; b. het gebruik van gedeelten van een woonhuis voor de uitoefening van een aan-huis-verbonden beroep of een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit, indien: 1. de beroeps-/bedrijfsvloeroppervlakte meer dan 90 m² bedraagt; 2. parkeren niet op eigen erf plaatsvindt; c. het gebruik van een woonhuis voor meer dan één woning; d. het gebruik van vrijstaande bijbehorende bouwwerken voor bewoning, met uitzondering van mantelzorg; e. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van verblijfsrecreatieve doeleinden; f. het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van detailhandel met uitzondering van detailhandel bij een aan-huis-verbonden beroep of een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit, in welk geval detailhandel is toegestaan die als nevenactiviteit beperkt blijft tot de verkoop van producten die een directe relatie hebben met het beroep of de activiteit of producten die binnen het beroep of de activiteit vervaardigd worden; g. het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van agrarische bedrijfsactiviteiten; h. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van verblijfsrecreatieve doeleinden, anders dan logiesverstrekking in het woonhuis, de bijbehorende bouwwerken en in karakteristieke vrijstaande, oude boerderijschuren bij het woonhuis, waarbij niet meer dan 3 logieseenheden per woonhuis mogen worden gevestigd; i. het gebruik van gedeelten van een woonhuis voor kamerverhuur, indien meer dan 3 kamers worden verhuurd Afwijken van de gebruiksregels Bevoegdheid Met omgevingsvergunning kan worden afgeweken van: het bepaalde in lid 20.4 onder i in die zin dat een woonhuis wordt gebruikt voor kamerverhuur met meer dan 3 kamers, mits niet meer dan 5 kamers worden verhuurd Toetsingscriteria De in lid genoemde omgevingsvergunning kan uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. het straat- en bebouwingsbeeld; b. de woonsituatie; c. de milieusituatie; d. de cultuurhistorische en/of karakteristieke waarden; e. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken. Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 59

112 Artikel 21 Wonen - Vesting 21.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Wonen - Vesting' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. woonhuizen in de vesting Bourtange, al dan niet met ruimte voor: 1. een aan-huis-verbonden beroep; 2. een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit, zoals genoemd in Bijlage 1; 3. mantelzorg; 4. kamerverhuur; b. bijbehorende bouwwerken; met de daarbijbehorende: c. tuinen, erven en terreinen; d. bouwwerken, geen gebouwen zijnde Bouwregels Gebouwen en bijbehorende bouwwerken Voor het bouwen van gebouwen en bijbehorende bouwwerken geldt de volgende regel: gebouwen en bijbehorende bouwwerken mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd Hoofdgebouwen Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende regels: a. als hoofdgebouw mogen uitsluitend woonhuizen worden gebouwd; b. het aantal hoofdgebouwen mag per bestemmingsvlak ten hoogste één bedragen, tenzij ter plaatse is voorzien in de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden', in welk geval het in het aanduidingsvlak aangegeven aantal als maximum geldt; c. de goot- en bouwhoogte van een gebouw mag ten hoogste de ter plaatse van de aanduiding 'maximale goot- en bouwhoogte (m)' aangegeven goot- en bouwhoogte bedragen Bijbehorende bouwwerken Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken gelden de volgende regels: a. de bijbehorende bouwwerken dienen tenminste 3,00 m achter de naar de weg(en) gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw dan wel het verlengde daarvan te worden gebouwd; b. de goothoogte van een bijbehorende bouwwerk mag ten hoogste 3,50 m bedragen; c. de dakhelling van een bijbehorende bouwwerk mag ten hoogste 60 bedragen Overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. op of in deze gronden mogen geen reclamemasten, reclameborden e.d. worden gebouwd; b. de bouwhoogte van een vestingmuur dient ten minste 1,80 m en ten hoogste 2,20 m te bedragen. c. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag ten hoogste 1,00 m bedragen, met dien verstande dat de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw dan wel verlengde daarvan, ten hoogste 2,00 m mag bedragen; d. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 5,00 m bedragen Specifieke gebruiksregels Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van woonhuizen in combinatie met beroeps- of bedrijfsmatige activiteiten anders dan een aan-huis-verbonden beroep of een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit; b. het gebruik van gedeelten van een woonhuis voor de uitoefening van een aan-huis-verbonden beroep of een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit, indien: 1. de beroeps-/bedrijfsvloeroppervlakte meer dan 90 m² bedraagt; 2. parkeren niet op eigen erf plaatsvindt; c. het gebruik van een woonhuis voor meer dan één woning; d. het gebruik van vrijstaande bijbehorende bouwwerken voor bewoning, met uitzondering van mantelzorg; e. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van verblijfsrecreatieve doeleinden; 60 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

113 f. het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van detailhandel met uitzondering van detailhandel bij een aan-huis-verbonden beroep of een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit, in welk geval detailhandel is toegestaan die als nevenactiviteit beperkt blijft tot de verkoop van producten die een directe relatie hebben met het beroep of de activiteit of producten die binnen het beroep of de activiteit vervaardigd worden; g. het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van agrarische bedrijfsactiviteiten; h. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van verblijfsrecreatieve doeleinden, anders dan logiesverstrekking in het woonhuis, de bijbehorende bouwwerken en in karakteristieke vrijstaande, oude boerderijschuren bij het woonhuis, waarbij niet meer dan 3 logieseenheden per woonhuis mogen worden gevestigd; i. het gebruik van gronden ten behoeve van de aanleg van een paardrijbak met de daarbijbehorende bouwwerken; j. het gebruik van de gronden voor het plaatsen en/of aanbrengen van reclame Afwijken van de gebruiksregels Bevoegdheid Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van: a. het bepaalde in lid 21.3 onder c in die zin dat een woonhuis, al dan niet in samenhang met inpandige bouwactiviteiten, wordt gebruikt voor meer dan één woning, mits: 1. deze afwijkingsbevoegdheid alleen wordt toegepast bij vrijgekomen agrarische panden die een woonbestemming hebben gekregen teneinde de landschappelijke, cultuurhistorische en/of karakteristieke waarden van de panden te kunnen behouden; 2. het aantal woningen ten hoogste twee zal bedragen; 3. de afwijkingsbevoegdheid passend is in het contingentenbeleid, zoals verwoord in bijlage 2 van de toelichting; 4. de verkeersdruk als gevolg hiervan niet wezenlijk toeneemt Toetsingscriteria De in lid genoemde omgevingsvergunning kan uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. het straat- en bebouwingsbeeld; b. de woonsituatie; c. de milieusituatie; d. de cultuurhistorische en/of karakteristieke waarden; e. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken. Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 61

114 Artikel 22 Waarde - Archeologie 22.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Waarde - Archeologie' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor: het behoud van de aldaar in of op de grond aanwezige archeologische waarden Bouwregels Bouwwerken Voor bouwwerken met een oppervlakte groter dan 50 m², moet alvorens een omgevingsvergunning wordt verleend, door de aanvrager een rapport worden overgelegd waarin: a. de archeologische waarden van de gronden die blijkens de aanvraag kunnen worden verstoord in voldoende mate zijn vastgesteld; en b. in voldoende mate is aangegeven op welke wijze de archeologische waarden worden bewaard en/of gedocumenteerd Voorwaarden Indien uit het in sublid a genoemde rapport blijkt dat de archeologische waarden van de gronden door het verlenen van de omgevingsvergunning zullen worden verstoord, kunnen één of meer van de volgende voorwaarden worden verbonden aan de omgevingsvergunning: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor de archeologische waarden in de bodem kunnen worden behouden; b. de verplichting tot het doen van opgravingen; c. de verplichting de werken of werkzaamheden die leiden tot de bodemverstoring, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van archeologische monumentenzorg die voldoet aan door Burgemeester en Wethouders bij de vergunning te stellen kwalificaties. Indien het voornemen bestaat om aan de omgevingsvergunning voorwaarden te verbinden als bedoeld in sublid b, wordt de provinciaal archeoloog om advies gevraagd Afwijken van de bouwregels Met omgevingsvergunning kan worden afgeweken van: het bepaalde in lid 22.2 in die zin dat de in de andere daar voorkomende bestemmingen genoemde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd, mits: 1. door een daartoe bevoegde instantie op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat de archeologische waarden niet onevenredig worden geschaad; 2. de volgende voorwaarden in acht worden genomen, indien door een daartoe bevoegde instantie op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat de archeologische waarden door bouwactiviteiten kunnen worden verstoord: a. een verplichting tot het treffen van technische maatregels, waardoor de archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; b. een verplichting tot het doen van opgravingen, of; c. een verplichting de bouw van het bouwwerk te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van archeologische monumentenzorg Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden Vergunningplicht Voor de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden is, ongeacht het bepaalde in de regels bij de andere daar voorkomende bestemming(en), een omgevingsvergunning vereist: a. het ontgronden, afgraven (waaronder het graven van watergangen en waterpartijen), egaliseren en ophogen van gronden en/of het anderszins ingrijpend wijzigen van de bodemstructuur; b. het uitvoeren van overige grondbewerkingen; c. het verwijderen en/of aanbrengen van bomen en diepwortelende beplanting; d. het aanleggen van ondergrondse energie-, transport- en of communicatieleidingen. 62 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

115 Uitzondering Het bepaalde in lid is niet van toepassing op werken en werkzaamheden die: a. het normale onderhoud betreffen; b. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan; c. in het kader van archeologisch onderzoek en het doen van opgravingen worden uitgevoerd, mits verricht door een daartoe bevoegde instantie; d. niet dieper gaan dan 0,50 m beneden het maaiveld en een kleiner oppervlakte dan 50 m² beslaan Toetsingscriteria De in lid bedoelde omgevingsvergunning wordt uitsluitend verleend, indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de archeologische waarden van het gebied Archeologisch rapport Alvorens een omgevingsvergunning wordt verleend, moet door de aanvrager een rapport worden overgelegd waarin: a. de archeologische waarden van de gronden die blijkens de aanvraag kunnen worden verstoord in voldoende mate zijn vastgesteld; en b. in voldoende mate is aangegeven op welke wijze de archeologische waarden worden bewaard en/of gedocumenteerd Voorwaarden Indien uit het in lid genoemde rapport blijkt dat de archeologische waarden van de gronden door het uitvoeren van werken of werkzaamheden zullen worden verstoord, kunnen één of meer van de volgende voorwaarden worden verbonden aan de omgevingsvergunning: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor de archeologische waarden in de bodem kunnen worden behouden; b. de verplichting tot het doen van opgravingen; c. de verplichting de werken of werkzaamheden die leiden tot de bodemverstoring, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van archeologische monumentenzorg die voldoet aan door Burgemeester en Wethouders bij de vergunning te stellen kwalificaties. Indien het voornemen bestaat om aan de omgevingsvergunning voorwaarden te verbinden als bedoeld onder sublid a, b, en c, wordt de provinciaal archeoloog om advies gevraagd Wijzigingsbevoegdheid Burgemeester en wethouders kunnen het plan wijzigen door de bestemming 'Waarde - Archeologie' geheel of gedeeltelijk verwijderen indien op basis van archeologisch onderzoek door een archeologisch deskundige is aangetoond dat ter plaatse geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn. Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 63

116 Artikel 23 Waarde - Beschermd dorpsgezicht 23.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Waarde - Beschermd dorpsgezicht' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor: a. het behoud, herstel en de uitbouw van de in hoofdstuk 2 en bijlage 1 van de toelichting aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het gebied vesting Bourtange en zijn bebouwing; 23.2 Bouwregels Gebouwen in vesting Bourtange Voor het bouwen van gebouwen in de vesting Bourtange gelden de volgende regels: a. de dakvorm en nokrichting van een gebouw worden gehandhaafd; b. de dakhelling van een gebouw mag niet minder dan 50 en niet meer dan 55 mag bedragen; c. de gevels van gebouwen mogen uitsluitend worden uitgevoerd in met de hand gevormde ongeglazuurde bakstenen, waarvan het formaat 6x13x27 cm of kleiner bedraagt en de kleur geel-rood genuanceerd is, behoudens gebruik van een andere steensoort voorzover dat expliciet is toegestaan; d. de stenen van gebouwen mogen uitsluitend in staand- of kruisverband zijn vermetseld; e. de dakbedekking van gebouwen mag uitsluitend uit gebakken blauwe gegolfde pannen bestaan dan wel uit een andere dakbedekking, welke in overeenstemming is met het historisch karakter van de omgeving; f. de kozijnen, ramen en deuren van gebouwen mogen uitsluitend in hout zijn uitgevoerd; g. van een gebouw mogen de gevelopeningen gezamenlijk niet meer oppervlakte beslaan dan 30% van het geveloppervlak waarin zij zijn aangebracht, (behoudens overschrijdingen van de oppervlakte van de gevelopeningen, die krachtens de regels zijn toegestaan) terwijl deze openingen naar indeling, grootte en schaal aangepast zijn aan die in de bestaande historische panden in de omgeving; h. de houten mastgoten, in de afmetingen 16x25 cm, buiten het gevelvlak op uitgemetselde consoles zijn aangebracht Erfscheiding in vesting Bourtange Voor het bouwen van erfscheiding in de vesting Bourtange gelden de volgende regels: a. de erfscheidingsmuren mogen uitsluitend worden gebouwd ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - muur' of 'specifieke bouwaanduiding - haag'; b. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - muur': 1. mogen de erfscheidingsmuren uitsluitend zijn uitgevoerd in met de hand gevormde ongeglazuurde bakstenen, waarvan het formaat 6x13x27 cm of kleiner bedraagt en de kleur geel-rood genuanceerd is, 2. mogen de stenen van de erfscheidingsmuren uitsluitend in staand- of kruisverband zijn vermetseld; 3. mag de bouwhoogte van erfscheidingsmuren ten hoogste 2,20 m bedragen, met dien verstande dat de bouwhoogte niet minder dan 1,80 m mag bedragen gemeten ter plaatse vanaf de aansluitingen met de gevels; c. ter plaatse van de aanduiding ' specifieke bouwaanduiding - haag': 1. mag de erfscheiding uitsluitend bestaan uit hagen, eenvoudige houten hekwerken, gevormd door vierkant gezaagde palen met horizontale evenwijdige, rechthoekig gezaagde delen, zwart of wit geschilderd of zwart geïmpregneerd dan wel hardstenen palen met smeedijzeren kettingen verbonden; 2. mag de bouwhoogte van erfscheiding ten hoogste 1,20 m bedragen Bouwwerken ten behoeve van het voeren van reclame Op of in deze gronden mogen geen bouwwerken ten behoeve van het voeren van reclame worden opgericht Nadere eisen Burgemeester en Wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de hoofdvorm, de plaats, de situering, de afmetingen, de inrichting en het materiaal gebruik van de bebouwing, ten behoeve van: 64 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

117 a. het straat- en bebouwingsbeeld; b. de cultuurhistorische en/of karakteristieke waarden; c. het bebouwingsbeeld en verschijningsvorm van het gebouw zoals omschreven in de documentatie van de vesting rond Afwijken van de bouwregels Bevoegdheid Er kan met een omgevingsvergunning worden afgeweken van: a. het bepaalde in lid onder b in die zin dat de dakhelling van een gebouw wordt vergroot of verkleind, indien blijkt dat dit past in het historische karakter van de vesting; b. het bepaalde in lid onder c in die zin dat de gevels van aangebouwde bijbehorende bouwwerken in hout worden uitgevoerd, met dien verstande dat dit materiaal moet worden gerabat of gepotdekseld in zwarte kleur; c. het bepaalde in lid onder c in die zin dat de gevels van gebouwen in een andere steensoort worden uitgevoerd, mits: 1. het formaat 6x13x27 of kleiner bedraagt; 2. de gevels worden gesaust in gebroken wit; 3. geen afbreuk wordt gedaan aan het historische karakter van het betreffende gebouw; d. het bepaalde in lid onder g in die zin dat de gevelopeningen van een gebouw gezamenlijk ten hoogste 45% beslaan van het geveloppervlak waarin zij zijn aangebracht, mits: 1. deze grotere gevelopeningen noodzakelijk zijn voor een doelmatig gebruik van het betreffende gebouw; 2. geen afbreuk wordt gedaan aan het historische karakter van het betreffende gebouw. e. het bepaalde in lid in die zin dat bouwwerken ten behoeve van het voeren van reclame worden gebouwd, mits: 1. hiervoor redenen van historische of maatschappelijke aard voor aanwezig zijn; 2. de reclame in overeenstemming is met het historische karakter van de omgeving; 3. deze afwijking in combinatie met de afwijking onder 23.6 wordt verleend Toetsingscriteria De omgevingsvergunning kan uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. het straat- en bebouwingsbeeld; b. de cultuurhistorische en/of karakteristieke waarden van de vesting Bourtange Specifieke gebruiksregels Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruiken van gronden ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - muur' voor erfafscheiding anders dan de in vorm van muren die voldoen aan de voorwaarden genoemd in lid onder b; b. het gebruiken van gronden ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - haag' voor erfafscheiding anders dan de in vorm van hagen en dergelijke, met dien verstande dat deze erfafscheiding uitsluitend mag bestaan uit hagen welke bestaan uit meidoorn, hulst of groene beuk en geen grotere hoogte mogen hebben dan 1,20 m, terwijl per perceel slechts één soort haag is toegestaan, dan wel uit eenvoudige houten hekwerken, gevormd door vierkant gezaagde palen met horizontale evenwijdige, rechthoekig gezaagde delen, zwart of wit geschilderd of zwart geïmpregneerd, dan wel uit hardstenen palen met smeedijzeren kettingen verbonden; c. het inrichten van de vestingswallen en vestinggrachten in afwijking van het aangegeven dwarsprofiel; d. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van waarde - klinkers en veldkeien' het gebruik van gronden voor bestratingen uitgevoerd met andere materialen dan klinkers of veldkeien; e. het gebruik van de gronden voor het plaatsen en/of aanbrengen van reclame. Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 65

118 23.6 Afwijken van de gebruiksregels Bevoegdheid Met omgevingsvergunning kan worden afgeweken van: a. het bepaalde in lid 23.5 onder e in die zin dat de gronden worden gebruikt ten behoeve van het voeren van reclame, mits: 1. hiervoor redenen van historische of maatschappelijke aard voor aanwezig zijn; 2. de reclame in overeenstemming is met het historische karakter van de omgeving; 3. deze afwijking in combinatie met de afwijking onder onder e wordt verleend Toetsingscriteria De in lid genoemde omgevingsvergunning kan uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. het straat- en bebouwingsbeeld; b. de woonsituatie; c. de milieusituatie; d. de cultuurhistorische en/of karakteristieke waarden; e. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden Vergunningplicht Voor de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden is, ongeacht het bepaalde in de regels bij de andere daar voorkomende bestemming(en), een omgevingsvergunning vereist: a. het ontgronden, afgraven (waaronder het graven van watergangen en waterpartijen), egaliseren en ophogen van gronden en/of het anderszins ingrijpend wijzigen van de bodemstructuur; b. het dempen van watergangen en waterpartijen; c. het aanbrengen van oppervlakteverhardingen buiten gebouwen anders dan met zwerfkeien en gebakken klinkers; d. het aanbrengen van een verkavelingsstructuur zodanig dat afbreuk wordt gedaan aan de ruimtelijke indeling van de vijfhoekige vesting, bestaande uit een vijfhoekig plein en een aantal van daaruit radiaal gerichte straten, die onderling door dwarsstraatjes worden verbonden; e. het verwijderen van karakteristieke hagen en bomen; f. het planten en in stand houden van hagen, indien: 1. het hagen hoger dan 1,20 m betreft; 2. het geen meidoorn, hulst of groene beuk betreft, waarbij per perceel slechts één soort haag is toegestaan; g. het verwijderen van vestingmuren; h. het voeren van reclame Uitzondering Het bepaalde in sublid is niet van toepassing op werken en werkzaamheden die: a. het normale onderhoud betreffen; b. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan Toetsingscriteria De omgevingsvergunning zal uitsluitend worden verleend indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de in hoofdstuk 2 en bijlage 1 van de toelichting aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd stadsgezicht Omgevingsvergunning voor het slopen van een bouwwerk Vergunningplicht Voor het geheel of gedeeltelijk slopen van bouwwerken is een omgevingsvergunning vereist. 66 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

119 Uitzondering Het bepaalde in lid is niet van toepassing op werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden die: a. het normale onderhoud betreffen; b. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het plan Toetsingscriteria De omgevingsvergunning kan slechts worden verleend indien: a. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de ruimtelijke indeling van de vesting; a. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de karakteristieke hoofdvorm van de gebouwen; b. de karakteristieke hoofdvorm niet langer aanwezig is en niet zonder ingrijpende wijzigingen aan het gebouw kan worden hersteld; c. de karakteristieke hoofdvorm in redelijkheid niet te handhaven is; d. het delen van een gebouw betreft die op zichzelf niet als karakteristiek vallen aan te merken, en door sloop daarvan geen onevenredige aantasting van de karakteristieke hoofdvorm plaatsvindt. Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 67

120 HOOFDSTUK 3 ALGEMENE REGELS Artikel 24 Anti-dubbeltelbepaling Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing. 68 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

121 Artikel 25 Algemene bouwregels 25.1 Bouwregels De bouwgrenzen mogen, in afwijking van deze regels, uitsluitend worden overschreden door: a. tot gebouwen behorende stoepen, stoeptreden, trappen(huizen), galerijen, hellingbanen, funderingen, balkons, erkers, serres, entreeportalen, veranda's en afdaken, mits de overschrijding niet meer bedraagt dan 1,50 m; b. andere ondergeschikte onderdelen van gebouwen, mits de overschrijding niet meer bedraagt dan 1,00 m Aanvullende werking welstandscriteria De in de regels geboden ruimte ten aanzien van de situering en de maatvoering van bouwwerken kan nader worden ingevuld door de in de Woningwet bedoelde welstandscriteria. Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 69

122 Artikel 26 Algemene gebruiksregels 26.1 Algemene gebruiksregels Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van de gronden als standplaats voor kampeermiddelen, met uitzondering van de gronden waar met omgevingsvergunning een kampeerterrein voor klein kamperen is toegestaan, dan wel daar waar sprake is van tijdelijk kamperen of de inrichting van een gereguleerde overnachtingsplaats; b. het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van een prostitutiebedrijf; c. het gebruik van de gronden voor de opslag van schroot, afbraak- en bouwmaterialen, anders dan ten behoeve van de uitvoering van krachtens de bestemming toegelaten bouwactiviteiten en werken en werkzaamheden; d. het storten van puin en afvalstoffen; e. de stalling en opslag van aan het oorspronkelijk gebruik onttrokken voer-, vaar- of vliegtuigen; f. de stalling en opslag van caravans, boten, oldtimers en dergelijk anders dan in bouwwerken; g. het gebruik van de gronden voor het plaatsen en/of aanbrengen van niet-perceelsgebonden handelsreclame en of reclame voor ideële doeleinden of overtuigingen Afwijken van algemene gebruiksregels Er kan met een omgevingsvergunning worden afgeweken van: a. het bepaalde in lid 26.1 onder a in die zin dat de gronden tevens worden gebruikt als kampeerterrein voor klein kamperen, mits: 3. er niet meer dan 15 kampeermiddelen worden geplaatst in de periode van 15 maart tot en met 31 oktober; 4. de afwijking uitsluitend wordt toegestaan op erven van woningen met een minimale omvang van het erf c.q. tuin van m², percelen van agrarische bedrijven, horecabedrijven, of op een perceel, onmiddellijk grenzend aan zo'n erf of perceel; 5. het kamperen inpasbaar is in het landschap door middel van afschermende erfbeplanting met inheemse soorten en een bijbehorende sloot, waarbij de breedte van de erfbeplanting minimaal 6,00 m moet bedragen; 6. de specifieke landschapskarakteristieken worden ontzien; 7. de situering, de omvang en het gebruik de kleinschaligheid van het kamperen beogen; 8. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. het straat- en bebouwingsbeeld; b. de woonsituatie; c. de milieusituatie; d. de cultuurhistorische en/of karakteristieke waarden; e. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken; b. de in dit plan opgenomen gebruiksregels indien strikte toepassing van die regels zou leiden tot een beperking van het meest doelmatig gebruik dat niet door dringende redenen wordt gerechtvaardigd. 70 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

123 Artikel 27 Algemene aanduidingsregels 27.1 veiligheidszone - vervoer gevaarlijke stoffen Bouwregels In afwijking van het bepaalde bij de andere ter plaatse voorkomende bestemmingen mogen op of in deze gronden geen objecten worden gebouwd te gebruiken ten behoeve van minder zelfredzame personen Specifieke gebruiksregels Tot een gebruik, strijdig met deze gebiedsaanduiding, wordt in ieder geval gerekend: het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van minder zelfredzame personen vrijwaringszone - molenbiotoop Aanduidingsomschrijving Ter plaatse van de aanduiding 'vrijwaringszone - molenbiotoop' geldt dat die gronden - naast de aangewezen bestemming(en) - mede aangeduid zijn voor het behoud, het herstel en de bescherming van de windvang van de molen Bouwregels Op de voor 'vrijwaringszone - molenbiotoop' aangewezen gronden mag de bouwhoogte van bouwwerken in afwijking van hetgeen elders in de regels is bepaald, niet meer bedragen dan: a. binnen een afstand van 100 m van de molen: de hoogte die gelijk is aan de hoogte van de onderste punt van de verticaal staande wiek van de molen; b. bij een afstand tussen 100 en 400 m van de molen: de hoogte genoemd onder a vermeerderd met 1/30 van de afstand tussen het bouwwerk en de molen Afwijking van de bouwregels Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid in die zin dat de bouwhoogte van bouwwerken wordt verhoogd, mits: vooraf advies wordt ingewonnen van de beheerder van de molen Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden a Vergunningplicht Voor de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden is een omgevingsvergunning vereist: a. het ophogen van gronden hoger dan de op grond van de in lid maximaal toelaatbare hoogte voor bouwwerken; b. het beplanten met bomen, heesters en andere opgaande beplanting hoger dan de op grond van de in lid maximaal toelaatbare hoogte voor bouwwerken; c. het aanbrengen van bovengrondse constructies, installaties en apparatuur hoger dan de op grond van de in lid maximaal toelaatbare hoogte voor bouwwerken. b Uitzondering Het bepaalde in a is niet van toepassing op werken, geen bouwwerk zijnde, en werkzaamheden die: a. het normale onderhoud betreffen; b. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan. c Toetsingscriteria De omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk en werkzaamheden kan slechts worden verleend met inachtneming van het huidige en/of het toekomstig functioneren van de molen als werktuig door windbelemmering en/of de waarde van de molen als landschapselement, dan wel dat door het stellen van voorwaarden hieraan voldoende tegemoet gekomen kan worden. Voorafgaand moet advies worden ingewonnen bij de beheerder van de molen. Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 71

124 Artikel 28 Algemene afwijkingsregels 28.1 Bevoegdheid Er kan met een omgevingsvergunning worden afgeweken van: a. de bij recht in de regels gegeven maten, afmetingen en percentages, met uitzondering van de oppervlaktematen, tot ten hoogste 10% van die maten, afmetingen en percentages; b. de bestemmingsregels in die zin dat de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten behoeve van zend-, ontvangst- en antennemasten wordt vergroot, mits: 1. de antenne niet geplaatst kan worden op een bestaand bouwwerk, zoals een hoogspanningsmast, een windmolen, een reclamemast, een torensilo, of een daarmee gelijk te stellen bouwwerk; 2. de antenne niet geplaatst wordt in natuurgebieden en in grootschalige open gebieden; 3. de mast radiografisch noodzakelijk is; 4. bij plaatsing binnen de grenzen van een bouwperceel of binnen grenzen van een woon- of bedrijfsbestemming de hoogte van de mast ten hoogste 30,00 m mag bedragen; 5. bij plaatsing binnen de grenzen van een bouwperceel of binnen grenzen van een woon- of bedrijfsbestemming gelegen aan een weg, een viaduct of een verkeersknooppunt, de hoogte van de mast ten hoogste 15,00 m mag bedragen; 6. het aantal masten binnen de gemeente nier meer mag bedragen dan strikt noodzakelijk is voor de realisatie van een adequaat dekkend netwerk van voldoende capaciteit; c. de bestemmingsregels ten aanzien van het bouwen van gebouwen in die zin dat ten behoeve van het kleinschalig kamperen bij woningen en agrarische bedrijven, gebouwtjes ten behoeve van sanitaire voorzieningen worden gebouwd, mits: 1. de gezamenlijke oppervlakte van de gebouwen per kampeerterrein ten hoogste 50 m² zal bedragen; 2. de goothoogte van een gebouw ten hoogste 3,00 m zal bedragen; 3. tevens de in artikel 26.2 genoemde afwijking van de gebruiksregels is verleend Toetsingscriteria De in lid 28.1 genoemde omgevingsvergunningen kunnen uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. het straat- en bebouwingsbeleid; b. de woonsituatie; c. de milieusituatie; d. de cultuurhistorische en/of karakteristieke waarden; e. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken. 72 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

125 Artikel 29 Algemene wijzigingsregels 29.1 Wijzigingsbevoegdheden Burgemeester en Wethouders kunnen het plan wijzigen in die zin dat: de bestemming 'Bedrijf' of 'Maatschappelijk' worden gewijzigd in de bestemming 'Wonen - 1', 'Wonen - 2' of 'Wonen - Vesting' met de daarbijbehorende aanduidingen, mits: 1. na toepassing van deze wijzigingsbevoegdheid respectievelijk de regels van artikel 19, 20 of 21 van overeenkomstige toepassing zijn; 2. wordt gemotiveerd dat de toe te voegen woning past binnen de door de provincie vastgestelde nieuwbouwruimte, dan wel de daarvoor in de plaats komende intergemeentelijke afspraken over woningbouwcapaciteit Toetsingscriteria De in lid 29.1 genoemde wijzigingen kunnen uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: 1. het straat- en bebouwingsbeeld; 2. de woonsituatie; 3. de milieusituatie; 4. de landschappelijke en/of karakteristieke waarden; 5. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken. Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 73

126 HOOFDSTUK 4 OVERGANGS- EN SLOTREGELS Artikel 30 Overgangsrecht 30.1 Overgangsrecht bouwwerken a. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. b. Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het bepaalde in sublid a. een omgevingsvergunning voor het bouwen verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het sublid a. met maximaal 10 %. c. Sublid a. is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan Overgangsrecht gebruik a. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. b. Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in sublid a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. c. Indien het gebruik, bedoeld in sublid a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. d. Sublid a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan. 74 Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld)

127 Artikel 31 Slotregel Deze regels kunnen worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan Bourtange Dorp van de gemeente Vlagtwedde. Behorend bij het besluit van 28 mei Bestemmingsplan "Bourtange Dorp" (vastgesteld) 75

128

129 BIJLAGE 1

130

131 Bijlage 1 Lijst met toelaatbare beroepen en vormen van bedrijvigheid bij het wonen a. Uitoefening van (para)medische beroepen, waaronder: 1. Individuele praktijk voor huisarts, psychiater, psycholoog, fysiotherapie of bewegingsleer, voedingsleer, mondhygiëne, tandheelkunde, logopedie, verloskundige, homeopaat, therapeut, orthodontist acupuncturist enzovoort 2. individuele praktijk dierenarts. b. Kledingmakerij 1. (maat)kledingmakerij en kledingverstelbedrijf; 2. woningstoffeerderij. c. Kantoorfunctie ten behoeve van bedrijvigheid die elders wordt uitgeoefend. d. Reparatiebedrijfjes, waaronder: 1. Schoen-/lederwarenreparatiebedrijf, uurwerkreparatiebedrijf, goud- en zilverwerkreparatiebedrijf, reparatie van kleine (elektrische) gebruiksgoederen, reparatie van muziekinstrumenten; In ieder geval zijn autoreparatiebedrijven en las- en montagebedrijven uitgezonderd. e. Kleinschalige ambachtelijke bedrijfjes, waaronder: 1. timmerman, metselaars, stukadoor, klussenbedrijf, loodgieter, elektricien, schilder, naaister, hoedenmakerij, pottenbakkerij, instrumentenmakerij, kaarsenmaker, lijstenmakerij,zadelmakerij. f. Advies- en ontwerpbureaus, zoals: 1. Reclame ontwerp, grafisch ontwerp en architect. g. (Zakelijke) dienstverlening, waaronder: 1. notaris, advocaat, accountant, juridisch adviseur, assurantie-/verzekeringsbemiddeling, exploitatie en handel in onroerende zaken, tolk, catering service, bezorgservice en koeriersdiensten, ICT-bedrijven, e-commerce, web designer, computerservice. h. Overige dienstverlening, zoals: 1. kappersbedrijf, schoonheidssalon, tattooshop, kinderdagopvang, fotostudio, nagelstudio, hondentrimsalon, zorg- en dagbesteding, persoonlijke verzorging. In ieder geval zijn geen sex- en prostitutiebedrijven toegestaan. i. Onderwijs 1. Autorijschool; 2. onderwijs niet in te delen naar specificatie, mits zonder werkplaats of laboratorium. j. Voorzieningen ten behoeve van kunst en kunstnijverheid, zoals: 1. Galerie/expositieruimte, ruimte voor toegepaste kunst, beeldende kunst, atelier, beeldentuinen. k. Voorzieningen ten behoeve van dagrecreatie, zoals: 1. Theetuin/theeschenkerij Voor de toelaatbare beroepen en vormen van bedrijvigheid is mede het volgende toegestaan: ruimte voor workshops en naar de aard daarmee gelijk te stellen activiteiten met het daarbij behorende ondergeschikte verstrekking van dranken en kleine versnaperingen, mits hiervoor geen aparte horecaruimtes worden ingericht; opslag en stalling van goederen en producten, waaronder caravans, in gebouwen, opslag van gevaarlijke stoffen is uitgesloten. De vormen van bedrijvigheid zijn slechts toegestaan zonder toonbankfunctie. Deze lijst is niet limitatief. Voor alle categorieën, dan wel een naar de aard daarmee gelijk te stellen beroeps/bedrijfsmatige activiteit, geldt dat, de activiteit met behoud van de woonfunctie kan worden uitgeoefend in het hoofdgebouw en/of een bijbehorend bijgebouw bestemd voor wonen doeleinden.

132

133 BIJLAGE 2

134

135 VNG-bestand categorale bedrijfsindeling 2009 (planologische selectie) blz. 1 SBI-CODE 1993 SBI-CODE 2008 OMSCHRIJVING CAT LANDBOUW EN DIENSTVERLENING TEN BEHOEVE VAN DE LANDBOUW Dienstverlening ten behoeve van de landbouw 1. plantsoenendiensten en hoveniersbedrijven: b.o. < 500 m plantsoenendiensten en hoveniersbedrijven: b.o.>= 500 m KI-stations BOSBOUW EN DIENSTVERLENING TEN BEHOEVE VAN BOSBOUW , 022, 024 Bosbouwbedrijven VISSERIJ- EN VISTEELTBEDRIJVEN Zeevisserijbedrijven Binnenvisserijbedrijven Vis- en schaaldierkwekerijen: 1. oester-, mossel- en schelpenteeltbedrijven visteeltbedrijven AARDOLIE- EN AARDGASWINNING , 062 Aardolie- en aardgaswinning: aardoliewinputten aardgaswinning inclusief gasbehandeling.instrumenten: < N m³/d aardgaswinning inclusief gasbehandeling instrumenten: >= N m³/d , 11 VERVAARDIGING VAN VOEDINGSMIDDELEN EN DRANKEN , 102 Slachterijen en overige vleesverwerking: 1. slachterijen en pluimveeslachterijen vetsmelterijen bewerkingsinrichting van darmen en vleesafval vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. > 1000 m vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. <= 1000 m vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. <= 200 m , loonslachterijen Visverwerkingsbedrijven: 1. drogen conserveren roken verwerken anderszins: p.o. > 1000 m verwerken anderszins: p.o.<= 1000 m verwerken anderszins: p.o. <= 300 m Aardappelproducten fabrieken 1. vervaardiging van aardappelproducten vervaardiging van snacks met p.o. < 2000 m , , 1039 Groente- en fruitconservenfabrieken: 1. jam groente algemeen met koolsoorten met drogerijen met uienconservering (zoutinleggerij) Vervaardiging van ruwe plantaardige en dierlijke oliën en vetten: 1. p.c. < t/j p.c. >= t/j Raffinage van plantaardige en dierlijke oliën en vetten: 1. p.c. < t/j p.c. >= t/j Margarinefabrieken: 1. p.c. < t/j p.c. >= t/j Zuivelproductenfabrieken: 1. gedroogde producten p.c. >= 1,5 t/u geconcentreerde producten, verdampingscapaciteit >=20 t/u melkproductenfabrieken v.c. < t/j melkproductenfabrieken v.c. >= t/j overige zuivelproductenfabrieken 4.2

136 VNG-bestand categorale bedrijfsindeling 2009 (planologische selectie) blz. 2 SBI-CODE 1993 SBI-CODE 2008 OMSCHRIJVING CAT consumptie-ijsfabrieken p.o. > 200 m consumptie-ijsfabrieken p.o. <= 200 m Meelfabrieken: 1. p.c. < 500 t/u p.c. >= 500 t/u 4.1 Grutterswarenfabrieken Zetmeelfabrieken: 1. p.c. < 10 t/u p.c. >= 10 t/u Veevoederfabrieken: 1. destructiebedrijven beender-, veren-, vis- en vleesmeelfabriek drogerijen (gras, pulp, groenvoeder, veevoeder) cap.<10 t/u water drogerijen (gras, pulp, groenvoeder, veevoeder cap.>=10 t/u water mengvoeder, p.c. < 100 t/u mengvoeder, p.c. >= 100 t/u Vervaardiging van voer voor huisdieren Broodfabrieken, brood- en banketbakkerijen: 1. v.c. < 7500 kg meel/week, bij gebruik van charge-ovens 2 2. v.c.>= 7500 kg meel/week Banket-, biscuit- en koekfabrieken Suikerfabrieken: 1. v.c. < t/j v.c. >= t/j Verwerking cacaobonen en vervaardiging chocolade- en suikerwerk: 1. cacao- en chocoladefabrieken: p.o. >2.000 m cacao- en chocoladefabrieken vervaardigen van chocoladewerken met p.o. < m cacao- en chocoladefabrieken vervaardigen van chocoladewerken met p.o. <= 200 m Suikerwerkfabrieken met suiker branden Suikerwerkfabrieken zonder suiker branden p.o. > 200 m Suikerwerkfabrieken zonder suiker branden p.o. <= 200 m Deegwarenfabrieken Koffiebranderijen en theepakkerijen: 1. koffiebranderijen theepakkerijen Vervaardiging van azijn, specerijen en kruiden Vervaardiging van overige voedingsmiddelen Bakkerijgrondstoffenfabrieken Soep- en soeparomafabrieken: 1. zonder poederdrogen met poederdrogen Destilleerderijen en likeurstokerijen Vervaardiging van ethylalcohol door gisting: 1. p.c. < t/j p.c. >= t/j t/m t/m 1104 Vervaardiging van wijn, cider, e.d Bierbrouwerijen Mouterijen Mineraalwater- en frisdrankfabrieken VERWERKING VAN TABAK Tabaksverwerkende industrie VERVAARDIGING VAN TEXTIEL Bewerken en spinnen van textielvezels Weven van textiel: 1. aantal weefgetouwen < aantal weefgetouwen >= Textielveredelingsbedrijven , Vervaardiging van textielwaren Tapijt-, kokos- en vloermattenfabrieken , , 143 Vervaardiging van gebreide en gehaakte stoffen en artikelen VERVAARDIGING VAN KLEDING: BEREIDEN EN VERVEN VAN BONT Vervaardiging kleding van leer Vervaardiging van kleding en -toebehoren (exclusief van leer) , 151 Bereiden en verven van bont, vervaardiging van artikelen van bont 3.1

137 VNG-bestand categorale bedrijfsindeling 2009 (planologische selectie) blz. 3 SBI-CODE 1993 SBI-CODE 2008 OMSCHRIJVING CAT VERVAARDIGING VAN LEER EN LEDERWAREN (EXCLUSIEF KLEDING) , 152 Lederfabrieken Lederwarenfabrieken (exclusief kleding en schoeisel) Schoenenfabrieken HOUTINDUSTRIE EN VERVAARDIGING ARTIKELEN VAN HOUT, RIET, KURK E.D Houtzagerijen Houtconserveringsbedrijven: 1. met creosootolie met zoutoplossingen Fineer- en plaatmaterialenfabrieken , 204, Timmerwerkfabrieken, vervaardiging overige artikelen van hout , 204, Timmerwerkfabrieken, vervaardiging overige artikelen van hout, p.o. < 200 m Kurkwaren-, riet- en vlechtwerkfabrieken VERVAARDIGING VAN PAPIER, KARTON EN PAPIER- EN KARTONWAREN Vervaardiging van pulp Papier- en kartonfabrieken: 1. p.c. < 3 t/u p.c t/u p.c. >= 15 t/u Papier- en kartonwarenfabrieken Golfkartonfabrieken: 1. p.c. < 3 t/u p.c. >= 3 t/u UITGEVERIJEN, DRUKKERIJEN EN REPRODUCTIE VAN OPGENOMEN MEDIA Uitgeverijen (kantoren) Drukkerijen van dagbladen Drukkerijen (vlak- en rotatie-diepdrukkerijen) Kleine drukkerijen en kopieerinrichtingen Grafische afwerking 1 Binderijen Grafische reproductie en zetten Overige grafische activiteiten Reproductiebedrijven opgenomen media AARDOLIE- EN STEENKOOLVERWERKINGSINDUSTRIE BEWERKING SPLIJT- EN KWEEKSTOFFEN Cokesfabrieken Aardolieraffinaderijen Smeeroliën- en vettenfabrieken 3.2 Recyclingbedrijven voor afgewerkte olie 4.2 Aardolieproductenfabrieken niet eerder genoemd VERVAARDIGING VAN CHEMISCHE PRODUCTEN Vervaardiging van industriële gassen: 1. luchtscheidingsinstallatie v.c. >= 10 t/d lucht overige gassenfabrieken, niet explosief overige gassenfabrieken, explosief Kleur- en verfstoffenfabrieken Anorganische chemische grondstoffenfabrieken: 1. niet vallend onder "post-seveso-richtlijn" vallend onder "post-seveso-richtlijn" Organische chemische grondstoffenfabrieken: 1. niet vallend onder "post-seveso-richtlijn" vallend onder "post-seveso-richtlijn" 5.3 Methanolfabrieken: 1. p.c. < t/j p.c. >= t/j Vetzuren en alkanolenfabrieken (niet synthetisch): 1. p.c. < t/j p.c. >= t/j Kunstmeststoffenfabrieken Kunstharsenfabrieken e.d. 5.2

138 VNG-bestand categorale bedrijfsindeling 2009 (planologische selectie) blz. 4 SBI-CODE 1993 SBI-CODE 2008 OMSCHRIJVING CAT Landbouwchemicaliënfabrieken: 1. fabricage formulering en afvullen Verf,- lak- en vernisfabrieken Farmaceutische grondstoffenfabrieken: 1. p.c. < t/j p.c. >= t/j Farmaceutische productenfabrieken: 1. formulering en afvullen geneesmiddelen verbandmiddelenfabrieken Zeep-, was- en reinigingsmiddelenfabrieken Parfumerie- en cosmeticafabrieken Kruit-, vuurwerk- en springstoffenfabrieken Lijm- en plakmiddelenfabrieken: 1. zonder dierlijke grondstoffen met dierlijke grondstoffen Fotochemische productenfabrieken Chemische kantoorbenodigdhedenfabrieken 3.1 Overige chemische productenfabrieken n.e.g Kunstmatige synthetische garen- en vezelfabrieken VERVAARDIGING VAN PRODUCTEN VAN RUBBER EN KUNSTSTOF Rubberbandenfabrieken Loopvlakvernieuwingsbedrijven: 1. vloeroppervlakte < 100 m² vloeroppervlakte > 100 m² Rubber-artikelenfabrieken Kunststofverwerkende bedrijven: 1. zonder fenolharsen met fenolharsen productie van verpakkingsmaterialen en assemblage van kunststof bouwmaterialen VERVAARDIGING VAN GLAS, AARDEWERK, CEMENT-, KALK- EN GIPSPRODUCTEN Glasfabrieken: 1. glas en glasproducten, p.c. < t/j glas en glasproducten, p.c. >= t/j glaswol en glasvezels, p.c. < t/j glaswol en glasvezels, p.c. >= t/j Glasbewerkingsbedrijven , , 234 Aardewerkfabrieken: 1. vermogen elektrische ovens totaal < 40 kw 2 2. vermogen elektrische ovens totaal >= 40 kw Baksteen- en baksteenelementenfabrieken 4.1 Dakpannenfabrieken Cementfabrieken: 1. p.c. < t/j p.c. >= t/j Kalkfabrieken: 1. p.c. < t/j p.c. >= t/j Gipsfabrieken: 1. p.c. < t/j p.c. >= t/j Betonwarenfabrieken: 1. zonder persen, triltafels en bekistingstrillers met persen, triltafels of bekistingstrillers, p.c. < 100 t/d met persen, triltafels of bekistingstrillers, p.c. >= 100 t/d Kalkzandsteenfabrieken: 1. p.c. < t/j p.c. >= t/j Mineraalgebonden bouwplatenfabrieken , , 2364 Betonmortelcentrales: 1. p.c. < 100 t/u p.c. >= 100 t/u , , 2369 Vervaardiging van producten van beton, (vezel)cement en gips: 1. p.c. < 100 t/d p.c. >= 100 t/d 4.2

139 VNG-bestand categorale bedrijfsindeling 2009 (planologische selectie) blz. 5 SBI-CODE 1993 SBI-CODE 2008 OMSCHRIJVING CAT Natuursteenbewerkingsbedrijven: 1. zonder breken, zeven en drogen p.o. > m zonder breken, zeven en drogen p.o. <= m met breken, zeven of drogen v.c. < t/j met breken, zeven of drogen v.c. >= t/j Slijp- en polijstmiddelenfabrieken Bitumineuze materialenfabrieken: 1. p.c. < 100 t/u p.c. >= 100 t/u 5.1 Isolatiematerialenfabrieken (exclusief glaswol): 1. steenwol p.c. >= t/j overige isolatiematerialen 4.1 Minerale productenfabrieken n.e.g Asfaltcentrales p.c. < 100 ton/uur Asfaltcentrales p.c.>= 100 ton/uur VERVAARDIGING VAN METALEN Ruwijzer- en staalfabrieken: 1. p.c. < t/j p.c. >= t/j IJzerenbuizen- en stalenbuizenfabrieken: 1. p.o. < m² p.o. >= m² Draadtrekkerijen, koudbandwalserijen en profielzetterijen: 1. p.o. < m² p.o. >= m² Non-ferro-metaalfabrieken: 1. p.c. < t/j p.c. >= t/j 5.2 Non-ferro-metaalwalserijen, -trekkerijen en dergelijke: 1. p.o. < m² p.o. >= m² , , 2452 IJzer- en staalgieterijen, -smelterijen: 1. p.c. < t/j p.c. >= t/j , , 2454 Non-ferro-metaalgieterijen, -smelterijen: 1. p.c. < t/j p.c >=4.000 t/j , 31 VERVAARDIGING EN REPARATIE VAN PRODUCTEN VAN METAAL (EXCLUSIEF MACHINES EN TRANSPORTMIDDELEN) , 331 Constructiewerkplaatsen: 1. gesloten gebouw gesloten gebouw, p.o. <200 m in open lucht, p.o. < m² in open lucht, p.o. >= m² , 3311 Tank- en reservoirbouwbedrijven: 1. p.o. < m² p.o. >= m² , , 2530, 3311 Vervaardiging van verwarmingsketels, radiatoren en stoomketels , 331 Stamp-, pers-, dieptrek- en forceerbedrijven 4.1 Smederijen, lasinrichtingen, bankwerkerijen, en dergelijke , 3311 Metaaloppervlaktebehandelingsbedrijven: 1. algemeen scoperen (opspuiten van zink) thermisch verzinken thermisch vertinnen mechanische oppervlaktebehandeling (slijpen, polijsten) anodiseren, eloxeren chemische oppervlaktebehandeling leren galvaniseren (vernikkelen, verchromen, verzinken, verkoperen, en dergelijke) stralen metaalharden lakspuiten en moffelen , 3311 Overige metaalbewerkende industrie 3.2 Overige metaalbewerkende industrie, inpandig, p.o. <200 m 2 3.1

140 VNG-bestand categorale bedrijfsindeling 2009 (planologische selectie) blz. 6 SBI-CODE 1993 SBI-CODE 2008 OMSCHRIJVING CAT , 331 Grofsmederijen, anker- en kettingfabrieken: 1. p.o. < m² p.o. >= m² 5.1 Overige metaalwarenfabrieken niet eerder genoemd 3.2 Overige metaalwarenfabrieken niet eerder genoemd: inpandig p.o. <200 m , 28, 33 VERVAARDIGING VAN MACHINES EN APPARATEN 29 27, 28, 33 Machine- en apparatenfabrieken inclusief reparatie: 1. p.o. < m² p.o. >= m² , met proefdraaien verbrandingsmotoren >= 1 MW , 28, 33 VERVAARDIGING VAN KANTOORMACHINES EN COMPUTERS 30 26, 28, 33 Kantoormachines- en computerfabrieken inclusief reparatie , 27, 33 VERVAARDIGING VAN OVERIGE ELEKTRONISCHE MACHINES, APPARATEN EN BENODIGDHEDEN , 331 Elektromotoren- en generatorenfabrieken inclusief reparatie , 273 Schakel- en installatiemateriaalfabrieken Elektrische draad- en kabelfabrieken Accumulatoren- en batterijenfabrieken Lampenfabrieken Elektrotechnische industrie niet eerder genoemd Koolelektrodenfabrieken , 33 VERVAARDIGING VAN AUDIO-, VIDEO-, TELECOM-APPARATEN EN - BENODIGDHEDEN 321 t/m , 263, 264, Vervaardiging van audio-, video- en telecom-apparatuur, en dergelijke inclusief reparatie Fabrieken voor gedrukte bedrading , 32, 33 VERVAARDIGING VAN MEDISCHE EN OPTISCHE APPARATEN EN INSTRUMENTEN 33 26, 32, 33 Fabrieken voor medische en optische apparaten en instrumenten, e.d. incl. reparatie VERVAARDIGING VAN AUTO'S, AANHANGWAGENS EN OPLEGGERS Autofabrieken en assemblagebedrijven 1. p.o. < m² p.o. >= m² Carrosseriefabrieken Aanhangwagen- en opleggerfabrieken Auto-onderdelenfabrieken VERVAARDIGING VAN TRANSPORTMIDDELEN (EXCLUSIEF AUTO'S EN AANHANGWAGENS) , 3315 Scheepsbouw- en reparatiebedrijven: 1. houten schepen kunststof schepen metalen schepen < 25 m metalen schepen >= 25 m en/of proefdraaien motoren >= 1 MW Scheepssloperijen , 317 Wagonbouw- en spoorwegwerkplaatsen: 1. algemeen met proefdraaien van verbrandingsmotoren >= 1 MW , 3316 Vliegtuigbouw- en -reparatiebedrijven: 1. zonder proefdraaien motoren met proefdraaien motoren Rijwiel- en motorrijwielfabrieken Transportmiddelenindustrie niet eerder genoemd VERVAARDIGING VAN MEUBELS EN VERVAARDIGING VAN OVERIGE GOEDEREN NIET EERDER GENOEMD meubelfabrieken meubelstoffeerderijen b.o.< 200 m 2 1

141 VNG-bestand categorale bedrijfsindeling 2009 (planologische selectie) blz. 7 SBI-CODE 1993 SBI-CODE 2008 OMSCHRIJVING CAT Fabricage van munten, sieraden, en dergelijke Muziekinstrumentenfabrieken Sportartikelenfabrieken Speelgoedartikelenfabrieken Sociale werkvoorziening Vervaardiging van overige goederen niet eerder genoemd VOORBEREIDING TOT RECYCLING Metaal- en autoschredders Puinbrekerijen en -malerijen: 1. v.c. < t/j v.c. >= t/j 5.2 Rubberregeneratiebedrijven 4.2 Afvalscheidingsinstallaties PRODUCTIE EN DISTRIBUTIE VAN ELEKTRICITEIT, AARDGAS, STOOM EN WARM WATER Elektriciteitsproductiebedrijven (vermogen >= 50 MWe): 1. kolengestookt (inclusief meestook biomassa), thermisch vermogen > 75 MWth oliegestookt, thermisch vermogen > 75 MWth gasgestookt (inclusief bijstook biomassa), thermisch vermogen > 75 MWth, in kerncentrales met koeltorens 6 5. warmtekrachtinstallaties (gas), thermisch vermogen > 75 MWth 5.1 Bio-energieinstallaties, elektrisch vermogen < 50 MWe: 1. covergisting, verbranding en vergassing van mest, slib, GFT en reststromen voedingsindustrie vergisting, verbranding en vergassing van overige biomassa 3.2 Elektriciteitsdistributiebedrijven, met transformatorvermogen: 1. < 10 MVA MVA MVA MVA >= 1000 MVA 5.2 Gasdistributiebedrijven: 1. gascompressorstations, vermogen < 100 MW gascompressorstations, vermogen >= 100 MW gas: reduceer-, compressor-, meet- en reglinstallatie categorie A 1 4. gasdrukregel- en meetruimten (kasten en gebouwen), categorie B en C 2 5. gasontvang- en -verdeelstations, categorie D 3.1 Warmtevoorzieningsinstallaties, gasgestookt: 1. stadsverwarming blokverwarming 2 Windmolens: 1. wiekdiameter 20 m wiekdiameter 30 m wiekdiameter 50 m WINNING EN DITRIBUTIE VAN WATER Waterwinning-/ bereidingsbedrijven: 1. met chloorgas bereiding met chloorbleekloog en dergelijke en / of straling 3.1 Waterdistributiebedrijven met pompvermogen: 1. < 1 MW MW >= 15 MW , 42, 43 BOUWNIJVERHEID 41, 42, 43 Bouwbedrijven algemeen: b.o. > 2000 m Bouwbedrijven algemeen: b.o. <= 2000 m Aannemersbedrijven met werkplaats: b.o. > 1000 m Aannemersbedrijven met werkplaats: b.o. < 1000 m , 47 HANDEL IN EN REPARATIE VAN AUTO'S EN MOTORFIETSEN, BENZINESERVICESTATIONS 501, 502, , 452, 453 Handel in auto's en motorfietsen, reparatie- en servicebedrijven 2

142 VNG-bestand categorale bedrijfsindeling 2009 (planologische selectie) blz. 8 SBI-CODE 1993 SBI-CODE 2008 OMSCHRIJVING CAT (Groot)handel in vrachtauto's (inclusief import en reparatie) Autoplaatwerkerijen 3.2 Autobeklederijen 1 Autospuitinrichtingen Autowasserijen 2 503, Handel in auto- en motorfietsonderdelen en -accessoires Benzineservicestations: 1. met LPG > 1000 m 3 /jr met LPG< 1000 m 3 /jr zonder LPG GROOTHANDEL EN HANDELSBEMIDDELING Handelsbemiddeling (kantoren) Groothandel in akkerbouwproducten en veevoeders 3.1 Groothandel in akkerbouwproducten en veevoeders met een verwerkingscapaciteit >= 500 ton per uur Groothandel in bloemen en planten Groothandel in levende dieren Groothandel in huiden, vellen en leder , , 4631 Groothandel in ruwe tabak, groenten, fruit en consumptie-aardappelen , , 4633 Groothandel in vlees, vleeswaren, zuivelproducten, eieren en spijsoliën Groothandel in dranken Groothandel in tabaksproducten Groothandel in suiker, chocolade en suikerwerk Groothandel in koffie, thee, cacao en specerijen , , 4639 Groothandel in overige voedings- en genotmiddelen , Groothandel in overige consumentenartikelen Groothandel in vuurwerk en munitie: 1. consumentenvuurwerk, verpakt, opslag < 10 ton 2 2. consumentenvuurwerk, verpakt, opslag 10 tot 50 ton professioneel vuurwerk, netto expliciet massa per bewaarplaats < 750 kg ( en > 25 kg theatervuurwerk) professioneel vuurwerk, netto expliciet massa per bewaarplaats 750 kg tot 6 ton munitie Groothandel in vaste brandstoffen: 1. klein, lokaal verzorgingsgebied kolenterminal, opslagoppervlakte >= m² Groothandel in vloeibare en gasvormige brandstoffen: 1. vloeistoffen o.c. < m³ vloeistoffen o.c. >= m³ tot vloeistof verdichte gassen Groothandel in minerale olieproducten (exclusief brandstoffen) Groothandel in metaalertsen: 1. opslagoppervlakte < m² opslagoppervlakte >= m² / , Groothandel in metalen en -halffabrikaten Groothandel in hout en bouwmaterialen 1. Algemeen: bebouwde oppervlakte > 2000 m Algemeen: bebouwde oppervlakte <= 2000 m Zand en grind: 1. algemeen: bebouwde oppervlakte > 200 m algemeen: bebouwde oppervlakte < = 200 m Groothandel in ijzer- en metaalwaren en verwarmingsapparatuur 1. algemeen: bebouwde oppervlakte > 2000 m algemeen: bebouwde oppervlakte <= 2000 m Groothandel in chemische producten Groothandel in overige intermediaire goederen Autosloperijen: bebouwde oppervlakte > 1000 m Autosloperijen: bebouwde oppervlakte < = 1000 m /.3 Overige groothandel in afval en schroot: bebouwde oppervlakte > 1000 m Overige groothandel in afval en schroot : bebouwde oppervlakte <= 1000 m Groothandel in machines en apparaten: 1. machines voor de bouwnijverheid overige , 469 Overige groothandel (bedrijfsmeubels, emballage, vakbenodigdheden e.d.) VERVOER OVER LAND Bus-, tram- en metrostations en -remises Taxibedrijven en taxistandplaatsen 2

143 VNG-bestand categorale bedrijfsindeling 2009 (planologische selectie) blz. 9 SBI-CODE 1993 SBI-CODE 2008 OMSCHRIJVING CAT 6023 Touringcarbedrijven Goederenwegvervoersbedrijven (zonder schoonmaken tanks): b.o. > 1000 m Goederenwegvervoersbedrijven (zonder schoonmaken tanks): b.o. <= 1000 m Pomp- en compressorstations van pijpleidingen 2 61, 62 50, 51 VERVOER OVER WATER / DOOR DE LUCHT 61, 62 50, 51 Vervoersbedrijven (uitsluitend kantoren) DIENSTVERLENING TEN BEHOEVE VAN HET VERVOER Laad-, los- en overslagbedrijven ten behoeve van zeeschepen: 1. containers stukgoederen ertsen, mineralen, e.d., opslagopp. >= m² granen of meelsoorten, v.c. >= 500 t/u steenkool, opslagopp. >= m² olie, LPG, e.d tankercleaning Laad-, los- en overslagbedrijven ten behoeve van de binnenvaart: 1. containers stukgoederen ertsen, mineralen, en dergelijke, opslagoppervlakte < m² ertsen, mineralen, en dergelijke, opslagoppervlakte >= m² granen of meelsoorten v.c. < 500 t/u granen of meelsoorten v.c. >= 500 t/u steenkool, opslagoppervlakte < m² steenkool, opslagoppervlakte >= m² olie, LPG, en dergelijke tankercleaning , Distributiecentra, pak- en koelhuizen Opslaggebouwen (verhuur opslagruimte) Autoparkeerterreinen, parkeergarages Stalling van vrachtwagens (met koelinstallaties) , Overige dienstverlening ten behoeve van het vervoer (kantoren) Luchthavens Helicopterlandplaatsen Reisorganisaties Expediteurs, cargadoors (kantoren) POST EN TELECOMMUNICATIE , 532 Post- en koeriersdiensten Telecommunicatiebedrijven Zendinstallaties: LG en MG, zendervermogen < 100 kw (bij groter vermogen: onderzoek!) FM en TV VERHUUR VAN TRANSPORTMIDDELEN, MACHINES, ANDERE ROERENDE GOEDEREN Personenautoverhuurbedrijven , 7739 Verhuurbedrijven voor transportmiddelen (exclusief personenauto's) Verhuurbedrijven voor machines en werktuigen Verhuurbedrijven voor roerende goederen n.e.g COMPUTERSERVICE- EN INFORMATIETECHNOLOGIE Computerservice- en informatietechnologie-bureaus, en dergelijke , 63 Datacentra , 69 t/m 71, 73, OVERIGE ZAKELIJKE DIENSTVERLENING 74, 77, 78, 80 t/m , 69 t/m 71, 73, Overige zakelijke diensverlening: kantoren 74, 77, 78, 80 t/m Reinigingsbedrijven voor gebouwen Foto- en filmontwikkelcentrales Veilingen voor landbouw- en visserijproducten Veilingen voor huisraad, kunst, en dergelijke 1

144 VNG-bestand categorale bedrijfsindeling 2009 (planologische selectie) blz. 10 SBI-CODE 1993 SBI-CODE 2008 OMSCHRIJVING CAT 90 37, 38, 39 MILIEUDIENSTVERLENING RWZI's en gierverwerkingsinrichting, met afdekking voorbezinktanks: 1. < i.e i.e >= i.e. 5.1 Rioolgemalen Vuilophaal-, straatreinigingsbedrijven, en dergelijke 3.1 Gemeentewerven (afval-inzameldepots) 3.1 Vuiloverslagstations Afvalverwerkingsbedrijven: 1. mestverwerkingskorrelfabrieken kabelbranderijen verwerking radio-actief afval 6 4. pathogeen afvalverbranding (voor ziekenhuizen) oplosmiddelterugwinning afvalverbrandingsinrichtingen thermisch vermogen > 75 MW verwerking fotochemisch en galvano-afval 2 Vuilstortplaatsen 4.2 Composteerbedrijven: 1. niet belucht v.c. < t/j niet belucht v.c tot t/j belucht v.c. < t/j belucht v.c. > t/j GFT in gesloten gebouw OVERIGE DIENSTVERLENING Wasserijen en strijkinrichtingen 3.1 Tapijtreinigingsbedrijven 3.1 Chemische wasserijen en ververijen Wasverzendinrichtingen Wasseretten, wassalons Kappersbedrijven en schoonheidsinstituten , 9604 Fitnesscentra, badhuizen en saunabaden Dierenasiels en -pensions Persoonlijke dienstverlening niet eerder genoemd, exclusief bordelen, prostituees en sexclubs 1 Afkortingen: cat. categorie o.c. opslagcapaciteit v.c. verwerkingscapaciteit p.c. productiecapaciteit p.o. productieoppervlak e.d. en dergelijke n.e.g. niet elders genoemd t ton kl klasse u uur d dag w week jr jaar = is gelijk aan < kleiner dan > groter dan

145

146

Bestemmingsplan Grootegast - Weegbree 1. Vastgesteld 26 februari 2013

Bestemmingsplan Grootegast - Weegbree 1. Vastgesteld 26 februari 2013 Bestemmingsplan Grootegast - Weegbree 1 Vastgesteld 26 februari 2013 BESTEMMINGSPLAN GROOTEGAST WEEGBREE 1 CODE 121402 / 26-02-13 GEMEENTE GROOTEGAST 121402 / 26-02-13 BESTEMMINGSPLAN GROOTEGAST - WEEGBREE

Nadere informatie

Ruimtelijke onderbouwing speelterrein Netersel

Ruimtelijke onderbouwing speelterrein Netersel Ruimtelijke onderbouwing speelterrein Netersel Inleiding en planbeschrijving In Netersel is in de huidige situatie een speelterrein gelegen (zie figuur 1). Dat speelterrein is deels binnen het plangebied

Nadere informatie

Verlengen stal op het perceel Dorpsstraat 74 te Zuidlaarderveen

Verlengen stal op het perceel Dorpsstraat 74 te Zuidlaarderveen Verlengen stal op het perceel Dorpsstraat 74 te Zuidlaarderveen NL.IMRO.1730.ABdorpsstr74zuidlv-0301 Projectgebied Situatie Dorpsstraat 74 Zuidlaarderveen 2 Inhoudsopgave 1. Inleiding 2. Huidige en beoogde

Nadere informatie

INHOUDSOPGAVE. HOOFDSTUK 2 BELEIDSKADER 3 2.1 Rijksbeleid 3 2.2 Provinciaal beleid 3 2.3 Gemeentelijk beleid 7 2.4 Conclusie 9

INHOUDSOPGAVE. HOOFDSTUK 2 BELEIDSKADER 3 2.1 Rijksbeleid 3 2.2 Provinciaal beleid 3 2.3 Gemeentelijk beleid 7 2.4 Conclusie 9 Vlagtwedde Dorp GEMEENTE VLAGTWEDDE 087002.01 / 02-07-13 BESTEMMINGSPLAN VLAGTWEDDE DORP INHOUDSOPGAVE blz TOELICHTING HOOFDSTUK 1 INLEIDING 1 1.1 Aanleiding 1 1.2 Doelstelling 1 1.3 Begrenzing plangebied

Nadere informatie

Bijlage B Provincie Fryslân 25-11-2014 Toepassing Bro, art. 3.1.1, onder 2 Gevallen waarin wel /geen vooroverleg is vereist.

Bijlage B Provincie Fryslân 25-11-2014 Toepassing Bro, art. 3.1.1, onder 2 Gevallen waarin wel /geen vooroverleg is vereist. Bijlage B Provincie Fryslân 25-11-2014 Toepassing Bro, art. 3.1.1, onder 2 Gevallen waarin wel /geen vooroverleg is vereist. Ten behoeve van de stroomlijning van het vooroverleg over: - voorontwerpbestemmingsplannen

Nadere informatie

2 e Plan van wijziging Globaal Bestemmingsplan Houten Vinex. Houtensewetering naast 45

2 e Plan van wijziging Globaal Bestemmingsplan Houten Vinex. Houtensewetering naast 45 2 e Plan van wijziging Globaal Bestemmingsplan Houten Vinex Houtensewetering naast 45 2 Toelichting 1 Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Vigerend bestemmingsplan 1.3 Bestemmingsplan 2 Gebieds- en projectbeschrijving

Nadere informatie

Duinkampen 23 te Paterswolde

Duinkampen 23 te Paterswolde Duinkampen 23 te Paterswolde Projectgebied. Duinkampen 23 Paterswolde 1. Inleiding Deze ruimtelijke onderbouwing is opgesteld voor het bouwen van een bijgebouw, het plaatsen van een schutting en twee kunstwerken

Nadere informatie

Advies Externe Veiligheid inzake bestemmingsplan Uitbreiding Feanwâlden De Bosk te Feanwâlden

Advies Externe Veiligheid inzake bestemmingsplan Uitbreiding Feanwâlden De Bosk te Feanwâlden Advies Externe Veiligheid inzake bestemmingsplan Uitbreiding Feanwâlden De Bosk te Feanwâlden Algemeen toetsingskader Externe veiligheid gaat om het beperken van de kans op en het effect van een ernstig

Nadere informatie

BESTEMMINGSPLAN SCOUTING HEMMELAND ONTWERP

BESTEMMINGSPLAN SCOUTING HEMMELAND ONTWERP BESTEMMINGSPLAN SCOUTING HEMMELAND ONTWERP BESTEMMINGSPLAN SCOUTING HEMMELAND CODE 1112112 / 09-05-12 GEMEENTE WATERLAND 1112112 / 09-05-12 BESTEMMINGSPLAN SCOUTING HEMMELAND TOELICHTING INHOUDSOPGAVE

Nadere informatie

Ruimtelijke onderbouwing. Bouw zeven garageboxen achter Kerkstraat 18 Voorthuizen

Ruimtelijke onderbouwing. Bouw zeven garageboxen achter Kerkstraat 18 Voorthuizen Ruimtelijke onderbouwing Bouw zeven garageboxen achter Kerkstraat 18 Voorthuizen 1 2 Hoofdstuk 1 1.1 Aanleiding INLEIDING Op 4 maart 2011 is een aanvraag om een omgevingsvergunning binnengekomen voor het

Nadere informatie

Gemeente Leeuwarderadeel. Wijzigingsplan Stiens Hazzelnútstrjitte

Gemeente Leeuwarderadeel. Wijzigingsplan Stiens Hazzelnútstrjitte Gemeente Leeuwarderadeel Wijzigingsplan Stiens Hazzelnútstrjitte Status: Ontwerp Datum: 3 September 2014 blz 2 INHOUDSOPGAVE blz 1. INLEIDING 3 1. 1. Aanleiding 3 1. 2. Plangebied 3 1. 3. Geldende regeling

Nadere informatie

Toelichting 1 Inleiding 2 Beleidskader 3 Beoordeling

Toelichting 1 Inleiding 2 Beleidskader 3 Beoordeling Toelichting Wijzigingsplan i.c. bestemmingsplan Buitengebied Sanjesreed 8c Oentsjerk (dagbesteding Bûtenút) 1 Inleiding Werk- en dagbesteding Bûtenút is gevestigd op een deel van de voormalige PTC+ locatie

Nadere informatie

BIJLAGE 2: VERANTWOORDING UITBREIDING BOOMSWEG

BIJLAGE 2: VERANTWOORDING UITBREIDING BOOMSWEG BIJLAGE 2: VERANTWOORDING UITBREIDING BOOMSWEG 1 Algemeen De uitbreiding van het plangebied met de locatie Boomsweg omvat deels een nieuwe ontwikkelingslocatie, Boomsweg 12, en deels het overnemen van

Nadere informatie

R u i m t e l ij k e O n d e r b o u w i n g. A g r a r i s c h L o o n b e d r ij f B r u g g e r s

R u i m t e l ij k e O n d e r b o u w i n g. A g r a r i s c h L o o n b e d r ij f B r u g g e r s R u i m t e l ij k e O n d e r b o u w i n g A g r a r i s c h L o o n b e d r ij f B r u g g e r s W e d d e r s t r a a t 1 8 9 5 4 1 E E V e e l e April 2015 1 Inhoudsopgave Inhoudsopgave Inhoudsopgave...

Nadere informatie

Bestemmingsplan buitengebied

Bestemmingsplan buitengebied Bestemmingsplan buitengebied Voorontwerp Informatieavond dinsdag 26 juni 2012 Wat is een bestemmingsplan? Plan met regels over het gebruik van de ruimte Waar en hoe mag wat worden gebouwd? Welke functies

Nadere informatie

Externe veiligheid en verdubbeling / verbreding N366

Externe veiligheid en verdubbeling / verbreding N366 Steunpunt externe veiligheid Groningen Externe veiligheid en verdubbeling / verbreding N366 Opdrachtgever: Provincie Groningen Dhr. J.H. Veerkamp Opgesteld door: P. van Lennep Steunpunt externe veiligheid

Nadere informatie

RUIMTELIJKE ONDERBOUWING. Oprichten aanduidingsmast McDonald s Vlietweg 16 te Santpoort-Noord

RUIMTELIJKE ONDERBOUWING. Oprichten aanduidingsmast McDonald s Vlietweg 16 te Santpoort-Noord RUIMTELIJKE ONDERBOUWING Oprichten aanduidingsmast McDonald s Vlietweg 16 te Santpoort-Noord Ruimtelijke onderbouwing project Vlietweg 16 te Santpoort-Noord W12/000758/ OLO271413 INHOUD 1 Beschrijving

Nadere informatie

Wijzigingsplan Grootweg 13a, Berkhout Bestemmingsplan Landelijk Gebied Koggenland, wijziging bedrijfswoning naar plattelandswoning

Wijzigingsplan Grootweg 13a, Berkhout Bestemmingsplan Landelijk Gebied Koggenland, wijziging bedrijfswoning naar plattelandswoning Wijzigingsplan Grootweg 13a, Berkhout Bestemmingsplan Landelijk Gebied Koggenland, wijziging bedrijfswoning naar plattelandswoning Inhoudsopgave 1 Inleiding 3 1.1 Aanleiding 3 1.2 Beschrijving initiatief

Nadere informatie

WIJZIGINGSPLAN NOORDWIJK - WESTERWEG 46 ONTWERP / 29 JUNI 2011

WIJZIGINGSPLAN NOORDWIJK - WESTERWEG 46 ONTWERP / 29 JUNI 2011 WIJZIGINGSPLAN NOORDWIJK - WESTERWEG 46 ONTWERP / 29 JUNI 2011 WIJZIGINGSPLAN NOORDWIJK - WESTERWEG 46 CODE 119999 / 29-06-11 GEMEENTE MARUM 119999 / 29-06-11 WIJZIGINGSPLAN NOORDWIJK - WESTERWEG 46

Nadere informatie

Gemeente Achtkarspelen (ontwerp) Ruimtelijke onderbouwing "bouwen van een woning op het perceel de Wide Pet 14 te Harkema"

Gemeente Achtkarspelen (ontwerp) Ruimtelijke onderbouwing bouwen van een woning op het perceel de Wide Pet 14 te Harkema Gemeente Achtkarspelen (ontwerp) Ruimtelijke onderbouwing "bouwen van een woning op het perceel de Wide Pet 14 te Harkema" 1. INLEIDING 1.1 Aanleiding voor de omgevingsvergunning met afwijking Op 18 december

Nadere informatie

GEMEENTE BUREN. Ruimtelijke onderbouwing Hendriklaan 15 16, Beusichem

GEMEENTE BUREN. Ruimtelijke onderbouwing Hendriklaan 15 16, Beusichem GEMEENTE BUREN Ruimtelijke onderbouwing Hendriklaan 15 16, Beusichem Projectnr. 061-076 / 27 januari 2016 INHOUD BLZ 1 INLEIDING... 3 1.1 Aanleiding en doelstelling... 3 1.2 Plangebied... 4 1.3 Geldend

Nadere informatie

GEMEENTE VLAGTWEDDE BESTEMMINGSPLAN SELLINGEN DORP

GEMEENTE VLAGTWEDDE BESTEMMINGSPLAN SELLINGEN DORP GEMEENTE VLAGTWEDDE BESTEMMINGSPLAN SELLINGEN DORP Status: Vastgesteld Datum: 31 oktober 2013 Inhoudsopgave TOELICHTING HOOFDSTUK 1 INLEIDING 1 1.1 Aanleiding 1 1.2 Doelstelling 1 1.3 Begrenzing plangebied

Nadere informatie

Bestemmingsplan Waterdael III, herziening Boerenkamplaan 5. Gemeente Someren

Bestemmingsplan Waterdael III, herziening Boerenkamplaan 5. Gemeente Someren Bestemmingsplan Waterdael III, herziening Boerenkamplaan 5 Bestemmingsplan Waterdael III, herziening Boerenkamplaan 5 Toelichting Bijlagen Regels Bijlage Verbeelding Schaal 1:1.000 Vastgesteld: 25 september

Nadere informatie

Bestemmingsplan 'Dorpsplein 9 te Eede'

Bestemmingsplan 'Dorpsplein 9 te Eede' Bestemmingsplan 'Dorpsplein 9 te Eede' Toelichting Bestemmingsplan 'Dorpsplein 9 te Eede' Plantype Rapporttype Planidentificatie Status : Bestemmingsplan : Toelichting : NL.IMRO.1714.bp14dorpsplein9-VG01

Nadere informatie

Nota van Inspraak en Overleg bestemmingsplan Westergeest-Bumawei 21

Nota van Inspraak en Overleg bestemmingsplan Westergeest-Bumawei 21 Nota van Inspraak en Overleg bestemmingsplan Westergeest-Bumawei 21 Het voorontwerp bestemmingsplan Westergeest-Bumawei 21 heeft met de bijbehorende stukken met ingang van donderdag 3 oktober 2013 gedurende

Nadere informatie

Compensatieverordening gemeente Midden-Drenthe

Compensatieverordening gemeente Midden-Drenthe Compensatieverordening gemeente Midden-Drenthe Verordening vastgesteld: 26-06-2003 In werking getreden: 15-09-2003 COMPENSATIEVERPLICHTING Artikel 1 Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan

Nadere informatie

(ontwerp) ruimtelijke onderbouwing afwijking BP Asserstraat 31 Vries

(ontwerp) ruimtelijke onderbouwing afwijking BP Asserstraat 31 Vries (ontwerp) ruimtelijke onderbouwing afwijking BP Asserstraat 31 Vries Gemeente Tynaarlo November 2011 Projectgebied Inhoudsopgave 1. Inleiding... 4 2. Huidige en beoogde situatie... 5 2.1 Beschrijving van

Nadere informatie

Ruimtelijke onderbouwing aanbouw woning Drachtster Heawei 27

Ruimtelijke onderbouwing aanbouw woning Drachtster Heawei 27 Ruimtelijke onderbouwing aanbouw woning Drachtster Heawei 27 Ontwikkelingen Er is een aanvraag voor omgevingsvergunning ingediend voor de vervangende nieuwbouw van een woning met aanbouw aan de Drachtster

Nadere informatie

R u i m t e l ij k e O n d e r b o u w i n g. A g r a r i s c h- L o o n b e d r ij f B r u g g e r s. 9 5 4 1 E E V l a g t w e d d e

R u i m t e l ij k e O n d e r b o u w i n g. A g r a r i s c h- L o o n b e d r ij f B r u g g e r s. 9 5 4 1 E E V l a g t w e d d e R u i m t e l ij k e O n d e r b o u w i n g A g r a r i s c h- L o o n b e d r ij f B r u g g e r s W e d d e r s t r a a t 1 8 9 5 4 1 E E V l a g t w e d d e Oktober 2014 1 Inhoudsopgave Inhoudsopgave

Nadere informatie

Bouwplan voor het realiseren van een werktuigenberging

Bouwplan voor het realiseren van een werktuigenberging Ruimtelijke Onderbouwing Bouwplan voor het realiseren van een werktuigenberging Gemeente Tynaarlo September 2012 NL.IMRO.1730.ABYdermade3depunt-0301 Inhoudsopgave 2.1 Beschrijving van het projectgebied,

Nadere informatie

Gemeente Achtkarspelen Projectbesluit Vervanging woning Miedweg 6 Stroobos Ruimtelijke onderbouwing 1. INLEIDING

Gemeente Achtkarspelen Projectbesluit Vervanging woning Miedweg 6 Stroobos Ruimtelijke onderbouwing 1. INLEIDING Gemeente Achtkarspelen Projectbesluit Vervanging woning Miedweg 6 Stroobos Ruimtelijke onderbouwing 1. INLEIDING 1.1 Aanleiding voor het projectbesluit Er is een aanvraag om bouwvergunning ingediend voor

Nadere informatie

NOTA VAN BEANTWOORDING ZIENSWIJZEN ONTWERPBESTEMMINGSPLAN LANDELIJK GEBIED SANDELINGEN AMBACHT

NOTA VAN BEANTWOORDING ZIENSWIJZEN ONTWERPBESTEMMINGSPLAN LANDELIJK GEBIED SANDELINGEN AMBACHT NOTA VAN BEANTWOORDING ZIENSWIJZEN ONTWERPBESTEMMINGSPLAN LANDELIJK GEBIED SANDELINGEN AMBACHT Het ontwerpbestemmingsplan Landelijk gebied Sandelingen Ambacht heeft vanaf 19 april 2012, gedurende een periode

Nadere informatie

RUIMTELIJKE ONDERBOUWING T.B.V. HET PLAATSEN VAN (MODEL) TUINHUISJES AAN DE NIEUWE RIJKSWEG 25 TE S-HEER HENDRIKSKINDEREN

RUIMTELIJKE ONDERBOUWING T.B.V. HET PLAATSEN VAN (MODEL) TUINHUISJES AAN DE NIEUWE RIJKSWEG 25 TE S-HEER HENDRIKSKINDEREN RUIMTELIJKE ONDERBOUWING T.B.V. HET PLAATSEN VAN (MODEL) TUINHUISJES AAN DE NIEUWE RIJKSWEG 25 TE S-HEER HENDRIKSKINDEREN Versie 2, d.d. 18 augustus 2011 Afdeling Stadsontwikkeling M. Jonker Inhoud 1.

Nadere informatie

Stedenbouw/welstandsrichtlijnen Aangezien er enkel een interne verbouwing zal plaatsvinden, zal de uiterlijke verschijningsvorm niet wijzigen.

Stedenbouw/welstandsrichtlijnen Aangezien er enkel een interne verbouwing zal plaatsvinden, zal de uiterlijke verschijningsvorm niet wijzigen. Ruimtelijke onderbouwing voor het afwijken van bestemmingsplan ten behoeve van dagactiviteiten voor jong dementerenden op het perceel Griende Dyk 2 te Wirdum Zorggroep Noorderbreedte heeft een aanvraag

Nadere informatie

Aanleg paardenbak Het Zuid 34 Drachten

Aanleg paardenbak Het Zuid 34 Drachten Ruimtelijke onderbouwing Aanleg paardenbak Het Zuid 34 Drachten Ruimtelijke onderbouwing voor de aanleg van een paardenbak Het Zuid 34 te Drachten 1 Ruimtelijke onderbouwing voor de aanleg van een paardenbak

Nadere informatie

Bestemmingsplan Haule, Dorpsstraat 56 te Haule V A S T G E S T E L D

Bestemmingsplan Haule, Dorpsstraat 56 te Haule V A S T G E S T E L D Bestemmingsplan Haule, Dorpsstraat 56 te Haule V A S T G E S T E L D Bestemmingsplan Haule, Dorpsstraat 56 te Haule V A S T G E S T E L D Inhoud Toelichting Regels Verbeelding 19 oktober 2010 Projectnummer

Nadere informatie

Externe veiligheid. in bestemmingsplannen. Door: Hans Boerhof & André Gijsendorffer Hengelo, 12-10-2006

Externe veiligheid. in bestemmingsplannen. Door: Hans Boerhof & André Gijsendorffer Hengelo, 12-10-2006 Externe veiligheid in bestemmingsplannen Door: Hans Boerhof & André Gijsendorffer Hengelo, 12-10-2006 Externe veiligheid in bestemmingsplannen Welke informatie is noodzakelijk bij beoordeling: Inventariseren

Nadere informatie

Gemeente Achtkarspelen (ontwerp) Ruimtelijke onderbouwing "het realiseren van 15 camperplaatsen Blauhûsterwei 49 te Boelenslaan"

Gemeente Achtkarspelen (ontwerp) Ruimtelijke onderbouwing het realiseren van 15 camperplaatsen Blauhûsterwei 49 te Boelenslaan Gemeente Achtkarspelen (ontwerp) Ruimtelijke onderbouwing "het realiseren van 15 camperplaatsen Blauhûsterwei 49 te Boelenslaan" 1. INLEIDING 1.1 Aanleiding voor de omgevingsvergunning met afwijking Op

Nadere informatie

Landelijk Gebied - N366 reconstructie oprit Kruisstraat

Landelijk Gebied - N366 reconstructie oprit Kruisstraat Landelijk Gebied - N366 reconstructie oprit Kruisstraat NL.IMRO.0037.PB1011-on01 Juli 2011 blz. 2 Inhoudsopgave Ruimtelijke Onderbouwing 3 Hoofdstuk 1 Inleiding 5 Hoofdstuk 2 Planbeschrijving 7 2.1 Aanleiding

Nadere informatie

Gemeente Lingewaard. Ruimtelijke onderbouwing Realisatie berging en overkapping bij Fitness Centre Huissen

Gemeente Lingewaard. Ruimtelijke onderbouwing Realisatie berging en overkapping bij Fitness Centre Huissen Gemeente Lingewaard Ruimtelijke onderbouwing Realisatie berging en overkapping bij Fitness Centre Huissen Juli 2011 Gemeente Lingewaard Ruimtelijke onderbouwing Realisatie berging en overkapping bij Fitness

Nadere informatie

memo betreft: Quickscan externe veiligheid woontoren Bètaplein Leiden (120728)

memo betreft: Quickscan externe veiligheid woontoren Bètaplein Leiden (120728) memo aan: van: Green Real Estate BV Bas Hermsen c.c.: datum: 12 juni 2015 betreft: Quickscan externe veiligheid woontoren Bètaplein Leiden (120728) 1. Aanleiding De ontwikkeling in het plangebied voorziet

Nadere informatie

Bestemmingsplan Buitengebied Ankeveen, wijziging Stichtse Kade 47a en c, Ankeveen Toelichting

Bestemmingsplan Buitengebied Ankeveen, wijziging Stichtse Kade 47a en c, Ankeveen Toelichting Bestemmingsplan Buitengebied Ankeveen, wijziging Stichtse Kade 47a en c, Ankeveen Toelichting Pos Service Holland BV 19 februari 2013 Ontwerp A COMPANY OF HASKONING NEDERLAND B.V. PLANNING & TRANSPORT

Nadere informatie

RUIMTELIJKE ONDERBOUWING 20 WONINGEN PLAN ZUID

RUIMTELIJKE ONDERBOUWING 20 WONINGEN PLAN ZUID RUIMTELIJKE ONDERBOUWING 20 WONINGEN PLAN ZUID 129304 1 blz 1 INLEIDING In de gemeente Stede Broec heeft de Stichting De Woonschakel Westfrie Westfriesland (De Woonschakel) vergaande plannen met betrekking

Nadere informatie

Wijzigingsplan i.c. Bestemmingsplan Eastermar It Heechsân 2008, It Heechsân 7A (aanbrengen bouwvlak)

Wijzigingsplan i.c. Bestemmingsplan Eastermar It Heechsân 2008, It Heechsân 7A (aanbrengen bouwvlak) Wijzigingsplan i.c. Bestemmingsplan Eastermar It Heechsân 2008, It Heechsân 7A (aanbrengen bouwvlak) 2014 NL.IMRO.0737.16BPIWP03 Wijzigingsplan i.c. bestemmingsplan Eastermar It Heechsân 2008 Heechsân

Nadere informatie

bestemmingsplan De Linten TOELICHING Begrenzing plangebied Karakter bestemmingsplan Provinciaal beleid Gemeentelijk beleid Milieuhinder bedrijvigheid

bestemmingsplan De Linten TOELICHING Begrenzing plangebied Karakter bestemmingsplan Provinciaal beleid Gemeentelijk beleid Milieuhinder bedrijvigheid De Linten bestemmingsplan De Linten Inhoudsopgave TOELICHING 5 Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Doelstelling 1.3 Begrenzing plangebied 1.4 Karakter bestemmingsplan 1.5 Leeswijzer 5 5 5 5 7 7 Hoofdstuk

Nadere informatie

Ruimtelijke onderbouwing

Ruimtelijke onderbouwing Ruimtelijke onderbouwing Interne verbouwing en gebruik van Drachtster Heawei 16 De Veenhoop als zorginstelling. Ruimtelijke onderbouwing voor interne verbouwing en gebruik van Drachtster Heawei 16 De Veenhoop

Nadere informatie

Wijzigingsplan miniwinkel Dorpsstraat 153 te Vlieland

Wijzigingsplan miniwinkel Dorpsstraat 153 te Vlieland Wijzigingsplan miniwinkel Dorpsstraat 153 te Vlieland Inleiding Op 17 oktober 2011 is het bestemmingsplan Vlieland bebouwde Kom door de raad van de gemeente Vlieland vastgesteld. In dit plan is een mogelijkheid

Nadere informatie

Ladder voor duurzame verstedelijking

Ladder voor duurzame verstedelijking Ladder voor duurzame verstedelijking Klik om de modelstijlen te bewerken Tweede niveau Derde niveau Vierde niveau Vijfde niveau Ladder voor duurzame verstedelijking 1. Waar komt het vandaan? 2. Wat is

Nadere informatie

Bijlagen: - raadsvoorstel 12 - raadsbesluit 14

Bijlagen: - raadsvoorstel 12 - raadsbesluit 14 INHOUDSOPGAVE TOELICHTING 1. INLEIDING 1.1 Inleiding en doel 1 1.2 Bestemmingsplan 1 2. BELEIDSKADER 2.1 Rijk 2 2.2 Provincie 3 2.3 Regio 5 2.4 Gemeente 6 3. UITVOERINGSASPECTEN 3.1 Milieuaspecten en fysieke

Nadere informatie

Ruimtelijke onderbouwing nieuwbouw garage op perceel aan de Brouwersdyk te Workum ZELDENRUST VROM-Advies & Projectmanagement 2013-02-08 Versie 1 2013-02-08 Ruimtelijke onderbouwing nieuwbouw garage op

Nadere informatie

RBMII-berekeningen weg en spoor t.b.v. bp Bedrijventerrein Duurkenakker

RBMII-berekeningen weg en spoor t.b.v. bp Bedrijventerrein Duurkenakker RBMII-berekeningen weg en spoor t.b.v. bp Bedrijventerrein Duurkenakker 1. Inleiding De gemeente Menterwolde heeft het Steunpunt gevraagd om risicoberekeningen uit te voeren ten behoeve van het bestemmingsplan

Nadere informatie

Westvoorne. Vogelwerende voorziening Trafostation Ommeloopweg Tinte. Ruimtelijke onderbouwing. 101502.17477.00 31-10-2012 definitief

Westvoorne. Vogelwerende voorziening Trafostation Ommeloopweg Tinte. Ruimtelijke onderbouwing. 101502.17477.00 31-10-2012 definitief Westvoorne Vogelwerende voorziening Trafostation Ommeloopweg Tinte Ruimtelijke onderbouwing identificatie planstatus projectnummer: datum: status: 101502.17477.00 31-10-2012 definitief projectleider: opdrachtgever:

Nadere informatie

Aanvraag om afgifte van een ontheffing op grond van artikel 2.5 (Ruimtelijke Verordening Gelderland)

Aanvraag om afgifte van een ontheffing op grond van artikel 2.5 (Ruimtelijke Verordening Gelderland) Aanvraag om afgifte van een ontheffing op grond van artikel 2.5 (Ruimtelijke Verordening Gelderland) De gemeente Berkelland vraagt voor het nieuwe bestemmingsplan Buitengebied, Kieftendijk Haaksbergseweg

Nadere informatie

Bedrijventerrein Belfeld Reparatie 2010

Bedrijventerrein Belfeld Reparatie 2010 bestemmingsplan Bedrijventerrein Belfeld Reparatie 2010 Gemeente Venlo Datum: 11 november 2011 Projectnummer: 70102.04 ID: NL.IMRO.0983.BPL2010010BTBLFLD-VA01 INHOUD 1 Inleiding 3 2 Herziening 4 2.1 Bouwregels

Nadere informatie

RUIMTELIJKE ONDERBOUWING Schalkwijkseweg 22

RUIMTELIJKE ONDERBOUWING Schalkwijkseweg 22 RUIMTELIJKE ONDERBOUWING Schalkwijkseweg 22 2 10 COLOFON TITEL: Ruimtelijke Onderbouwing Schalkwijkseweg 22 STATUS: Definitief PROJECTNUMMER: NL.IMRO.0321.0012PBSCHLKWSWG22 DATUM: 11 februari 2010 AUTEUR:

Nadere informatie

Ruimtelijke onderbouwing t.b.v. de verbouw van zalencentrum tot een woning aan Verlengde Oosterdiep OZ 102 te Barger- Compascuum

Ruimtelijke onderbouwing t.b.v. de verbouw van zalencentrum tot een woning aan Verlengde Oosterdiep OZ 102 te Barger- Compascuum Ruimtelijke onderbouwing t.b.v. de verbouw van zalencentrum tot een woning aan Verlengde Oosterdiep OZ 102 te Barger- Compascuum afdeling ruimtelijke ontwikkeling en infrastructuur team ontwikkeling januari

Nadere informatie

Verslag inspraak en vooroverleg. Voorontwerpbestemmingsplan. Bedrijventerreinzone Roerstreek

Verslag inspraak en vooroverleg. Voorontwerpbestemmingsplan. Bedrijventerreinzone Roerstreek gemeente Roermond Verslag inspraak en vooroverleg Voorontwerpbestemmingsplan Bedrijventerreinzone Roerstreek februari 2013 Het voorontwerp bestemmingsplan 'Bedrijventerreinzone Roerstreel

Nadere informatie

HOOFDSTUK 5 Juridische planbeschrijving

HOOFDSTUK 5 Juridische planbeschrijving HOOFDSTUK 5 Juridische planbeschrijving 5.1 Inleiding In de voorgaande hoofdstukken is ingegaan op de aanwezige karakteristieken en waarden van het plangebied. Om deze waarden daadwerkelijk te kunnen behouden,

Nadere informatie

BESTEMMINGSPLAN VERWIJDEREN WINDTURBINE NABIJ VROUWENPAROCHIE

BESTEMMINGSPLAN VERWIJDEREN WINDTURBINE NABIJ VROUWENPAROCHIE BESTEMMINGSPLAN VERWIJDEREN WINDTURBINE NABIJ VROUWENPAROCHIE Vastgesteld op 15 december 2011 BESTEMMINGSPLAN VERWIJDEREN WINDTURBINE NABIJ VROUWENPAROCHIE CODE 110505 / 15-12-11 GEMEENTE HET BILDT 110505

Nadere informatie

Toelichting op het bestemmingsplan. 1e herziening bestemmingsplan Leerpark, locatie Brandweerkazerne. Stadsontwikkeling Dordrecht

Toelichting op het bestemmingsplan. 1e herziening bestemmingsplan Leerpark, locatie Brandweerkazerne. Stadsontwikkeling Dordrecht Toelichting op het bestemmingsplan 1e herziening bestemmingsplan Leerpark, locatie Brandweerkazerne Stadsontwikkeling Dordrecht Augustus 2009 1. Inleiding Het bestemmingsplan Leerpark is op 1 maart 2005

Nadere informatie

RUIMTELIJKE ONDERBOUWING. Herinrichting parkeerterrein sportpark Rooswijk Rooswijklaan 4 te Velsen-Noord

RUIMTELIJKE ONDERBOUWING. Herinrichting parkeerterrein sportpark Rooswijk Rooswijklaan 4 te Velsen-Noord RUIMTELIJKE ONDERBOUWING Herinrichting parkeerterrein sportpark Rooswijk Rooswijklaan 4 te Velsen-Noord 28 februari 2013 INHOUD 1 Beschrijving project en locatie...3 2 Planologisch kader...4 2.1 Vigerend

Nadere informatie

GEMEENTE HOOGEVEEN. WIJZIGINGSPLAN Buitengebied Noord, deelplan Beilerstraat 21 en 23 2011, te Pesse.

GEMEENTE HOOGEVEEN. WIJZIGINGSPLAN Buitengebied Noord, deelplan Beilerstraat 21 en 23 2011, te Pesse. Vo GEMEENTE HOOGEVEEN WIJZIGINGSPLAN Beilerstraat 21 en 23 2011, te Pesse. Onherroepelijk 31 augustus 2011 In Werking 31 augustus 2011 Vaststelling 12 juli 2011 INHOUDSOPGAVE 1. Inleiding...3 2. Bestaande

Nadere informatie

Gemeente Aa en Hunze BESTEMMINGSPLAN GROLLOO - ROLDERSTRAAT 5

Gemeente Aa en Hunze BESTEMMINGSPLAN GROLLOO - ROLDERSTRAAT 5 Gemeente Aa en Hunze BESTEMMINGSPLAN GROLLOO - ROLDERSTRAAT 5 Vastgesteld, 26 september 2012 BESTEMMINGSPLAN GROLLOO - ROLDERSTRAAT 5 CODE 110113 / 26-09-12 GEMEENTE AA EN HUNZE 110113 / 26-09-12 BESTEMMINGSPLAN

Nadere informatie

Gelselaar Beschermd Dorpsgezicht Wat betekent dat?

Gelselaar Beschermd Dorpsgezicht Wat betekent dat? Gelselaar Beschermd Dorpsgezicht Wat betekent dat? Gelselaar is aangewezen als beschermd dorpsgezicht. Het is het tweede beschermde gezicht in de gemeente Berkelland. In 1972 is de Mallumse molen en de

Nadere informatie

RUIMTELIJKE ONDERBOUWING T.B.V. HET BOUWEN VAN EEN LOODS AAN DE WESTHOFSEZANDWEG 9 TE S- HEER ARENDSKERKE

RUIMTELIJKE ONDERBOUWING T.B.V. HET BOUWEN VAN EEN LOODS AAN DE WESTHOFSEZANDWEG 9 TE S- HEER ARENDSKERKE RUIMTELIJKE ONDERBOUWING T.B.V. HET BOUWEN VAN EEN LOODS AAN DE WESTHOFSEZANDWEG 9 TE S- HEER ARENDSKERKE Versie 2, d.d. 6 oktober 2011 Afdeling Stadsontwikkeling M. Jonker 1 Inhoud Hoofdstuk 1. Inleiding

Nadere informatie

Beeldkwaliteitsplan. Denekamp 't Pierik fase 2

Beeldkwaliteitsplan. Denekamp 't Pierik fase 2 Beeldkwaliteitsplan Denekamp 't Pierik fase 2 Govert Flinckstraat 31 - postbus 1158-8001 BD Zwolle 038-4216800 13 november 2008 2 Beeldkwaliteitsplan Denekamp t Pierik fase 2 1. Inleiding 1.1 Aanleiding

Nadere informatie

ACTUALISATIE STRUCTUURVISIE BLADEL

ACTUALISATIE STRUCTUURVISIE BLADEL ACTUALISATIE STRUCTUURVISIE BLADEL Gemeente Bladel Memo wijzigingen in Ruimtelijk Casco ten opzichte van DRS en Dorpenplan Medio 2004 heeft de gemeenteraad van Bladel de StructuurvisiePlus, bestaande uit

Nadere informatie

Hoofdstuk 1 Inleiding 3 1.1 Aanleiding 3 1.2 Beheersverordening 3 1.3 Vigerende plannen 3 1.4 Ligging en begrenzing 4 1.

Hoofdstuk 1 Inleiding 3 1.1 Aanleiding 3 1.2 Beheersverordening 3 1.3 Vigerende plannen 3 1.4 Ligging en begrenzing 4 1. Toelichting 1 Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 3 1.1 Aanleiding 3 1.2 3 1.3 Vigerende plannen 3 1.4 Ligging en begrenzing 4 1.5 Leeswijzer 5 Hoofdstuk 2 Beleidskader 7 2.1 Rijk 7 2.2 Provincie 7 2.3 Gemeente

Nadere informatie

Aanvullende informatie Nota van Uitgangspunten bestemmingsplan Buitengebied

Aanvullende informatie Nota van Uitgangspunten bestemmingsplan Buitengebied Memo AAN VAN Raadsleden M. Bonouvrié ONDERWERP Aanvullende informatie Nota van Uitgangspunten bestemmingsplan Buitengebied DATUM 11 september 2012 REGISTRATIENUMMER 1101280/4283 Geachte raadsleden, Naar

Nadere informatie

1. INLEIDING...3 2. BESTAANDE SITUATIE PERCEEL EN OMGEVING...4 3. GEMEENTELIJK BELEID...6 4. DIVERSE TOETSINGSCRITERIA...8 5. JURIDISCHE REGELING...

1. INLEIDING...3 2. BESTAANDE SITUATIE PERCEEL EN OMGEVING...4 3. GEMEENTELIJK BELEID...6 4. DIVERSE TOETSINGSCRITERIA...8 5. JURIDISCHE REGELING... INHOUD BLZ 1. INLEIDING...3 2. BESTAANDE SITUATIE PERCEEL EN OMGEVING...4 3. GEMEENTELIJK BELEID...6 4. DIVERSE TOETSINGSCRITERIA...8 5. JURIDISCHE REGELING...9 018-537 Gemeente Beuningen Verlengde Reekstraat

Nadere informatie

Toelichting Ontwerp correctieve herziening bestemmingsplan Landelijk Gebied NL.IMRO.0342.CHLG0001-0201 10 juni 2014 Toelichting correctieve

Toelichting Ontwerp correctieve herziening bestemmingsplan Landelijk Gebied NL.IMRO.0342.CHLG0001-0201 10 juni 2014 Toelichting correctieve Toelichting Ontwerp correctieve herziening bestemmingsplan Landelijk Gebied NL.IMRO.0342.CHLG0001-0201 10 juni 2014 Raad op dd maand jjjj) 1 Raad op dd maand jjjj) 2 INHOUDSOPGAVE HOOFDSTUK 1 INLEIDING...

Nadere informatie

1. Artikel 12 Horeca. De voor Horeca aangewezen gronden zijn bestemd voor: www.ruimtelijkeplannen.nl - print d.d.

1. Artikel 12 Horeca. De voor Horeca aangewezen gronden zijn bestemd voor: www.ruimtelijkeplannen.nl - print d.d. www.ruimtelijkeplannen.nl - print d.d. 10 september 2014 1. Artikel 12 Horeca 12. 1. Bestemmingsomschrijving De voor Horeca aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. gebouwen ten behoeve van: 1. horeca

Nadere informatie

Vormvrije m.e.r.-beoordeling Landgoed Hydepark, Doorn, gemeente Utrechtse Heuvelrug

Vormvrije m.e.r.-beoordeling Landgoed Hydepark, Doorn, gemeente Utrechtse Heuvelrug Notitie Contactpersoon Gosewien van Eck Datum 14 november 2013 Kenmerk N001-1220333GGV-evp-V01-NL Vormvrije m.e.r.-beoordeling Landgoed Hydepark, Doorn, gemeente Utrechtse Heuvelrug 1 Inleiding De gemeente

Nadere informatie

Inspraakverslag en verslag vooroverleg voorontwerpbestemmingsplan Stadsrandgebied Almelo Noord-Oost

Inspraakverslag en verslag vooroverleg voorontwerpbestemmingsplan Stadsrandgebied Almelo Noord-Oost Inspraakverslag en verslag vooroverleg voorontwerpbestemmingsplan Stadsrandgebied Almelo Noord-Oost Inleiding Het voorontwerpbestemmingsplan Stadsrandgebied Almelo Noord-0ost en de bijbehorende stukken

Nadere informatie

Gemeente. Schijndel. Beleidsnotitie indieningsvereisten. Voor aanvragen omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.12, lid 1, onder a.

Gemeente. Schijndel. Beleidsnotitie indieningsvereisten. Voor aanvragen omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.12, lid 1, onder a. Gemeente Schijndel Voor aanvragen omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.12, lid 1, onder a., sub 2 Wabo 2 3 bij verzoeken om afwijken van het bestemmingsplan Inleiding Op 24 september 2014 is het

Nadere informatie

Gemeente Achtkarspelen Ruimtelijke onderbouwing "het herbouwen van een woning op het perceel Egypte 24 te Buitenpost"

Gemeente Achtkarspelen Ruimtelijke onderbouwing het herbouwen van een woning op het perceel Egypte 24 te Buitenpost Gemeente Achtkarspelen Ruimtelijke onderbouwing "het herbouwen van een woning op het perceel Egypte 24 te Buitenpost" 1. INLEIDING 1.1 Aanleiding voor de omgevingsvergunning met afwijking Op 3 oktober

Nadere informatie

Wijzigingsplan i.c. bestemmingsplan "Gytsjerk 2006", R. van Nautaweg 10A (toevoeging aanduiding bedrijfswoning)

Wijzigingsplan i.c. bestemmingsplan Gytsjerk 2006, R. van Nautaweg 10A (toevoeging aanduiding bedrijfswoning) Wijzigingsplan i.c. bestemmingsplan "Gytsjerk 2006", R. van Nautaweg 10A (toevoeging aanduiding bedrijfswoning) 2013 NL.IMRO.0737.08BPIIWP05 versie: datum: auteur: afdeling: zaakummer: Toelichting Wijzigingsplan

Nadere informatie

Bestemmingsplan Sellingen Dorp

Bestemmingsplan Sellingen Dorp Inhoudsopgave TOELICHTING Hoofdstuk 1 Inleiding 1 1.1 Aanleiding 1 1.2 Doelstelling 1 1.3 Begrenzing plangebied 1 1.4 Aard van het bestemmingsplan 2 1.5 Leeswijzer 2 Hoofdstuk 2 Beleidskader 3 2.1 Rijksbeleid

Nadere informatie

RUIMTELIJKE ONDERBOUWING

RUIMTELIJKE ONDERBOUWING RUIMTELIJKE ONDERBOUWING Foarwei 190 te Kollumerzwaag Kadastrale kaart Foarwei 190 te Kollumerzwaag Verzoek om omgevingsvergunning met daarbij handelen in strijd met regels ruimtelijke ordening voor het

Nadere informatie

Onderstaand schema bevat de wijzigingen inzake plandeel Lindonk TOELICHTING

Onderstaand schema bevat de wijzigingen inzake plandeel Lindonk TOELICHTING Staat van wijzigingen van het ontwerp bestemmingsplan: 'Actualisatie BP Buitengebied, 1 e herziening Mattemburgh + Boerderij Lindonk', naar raadsvoorstel: De wijzigingen houden allereerst in dat de toelichting,

Nadere informatie

Daarnaast is op p. 18 de geluidslijn m.b.t. de boegkavel niet juist weergegeven.

Daarnaast is op p. 18 de geluidslijn m.b.t. de boegkavel niet juist weergegeven. 1 Reclamant 1 Gedateerd 19-01-2013 Ontvangen 22-01-2013 1. Aangegeven wordt het niet eens te zijn met de manier waarop de boegkavel en Brouwhuisse Heide is weergegeven op p. 11 van de toelichting van het

Nadere informatie

Bestemmingsplan. F e b r u a r i 2 0 1 4

Bestemmingsplan. F e b r u a r i 2 0 1 4 Bestemmingsplan Dammeloane 7, Damwâld F e b r u a r i 2 0 1 4 1 Figuur 1 Ligging plangebied 2 I N H O U D S O P G A V E 1. Aanleiding... 5 2. Beleidskader... 5 Bestemmingsplan... 5 Omgevingsvergunning...

Nadere informatie

Zienswijzennota bestemmingsplan Feerwerd

Zienswijzennota bestemmingsplan Feerwerd Zienswijzennota bestemmingsplan Feerwerd Zienswijzennota bestemmingsplan Feerwerd Inhoud Rapport 2 juli 2013 Projectnummer 275.00.01.11.05 I n h o u d s o p g a v e 1 Z i e n s w i j z e n 5 1.1 Inleiding

Nadere informatie

Ruimtelijke onderbouwing Fort Imperial te Breskens

Ruimtelijke onderbouwing Fort Imperial te Breskens Ruimtelijke onderbouwing Fort Imperial te Breskens 1 INHOUDSOPGAVE 1. Inleiding 4 1.1 Aanleiding 4 1.2 Ligging en begrenzing plangebied 4 1.3 Vigerende bestemmingsplan 5 2. Bestaande situatie 6 2.1 ruimtelijke

Nadere informatie

Nota Overleg bestemmingsplan Oosterhage voormalige NAMlocatie

Nota Overleg bestemmingsplan Oosterhage voormalige NAMlocatie Nota Overleg bestemmingsplan Oosterhage voormalige NAMlocatie Gemeente Zoetermeer 16-9-2010 1 Overlegreacties In het kader van artikel 3.1.1 Bro is ruimtelijk relevante informatie inzake het voorgenomen

Nadere informatie

Bestemmingsplan landgoed Hoenderdaell, herziening 2011 V A S T G E S T E L D

Bestemmingsplan landgoed Hoenderdaell, herziening 2011 V A S T G E S T E L D Bestemmingsplan landgoed Hoenderdaell, herziening 2011 V A S T G E S T E L D Bestemmingsplan landgoed Hoenderdaell, herziening 2011 VASTGESTELD Inhoud Toelichting + bijlagen Regels + bijlagen Verbeelding

Nadere informatie

HOOFDSTUK 1 Inleiding

HOOFDSTUK 1 Inleiding HOOFDSTUK 1 Inleiding 1.1 Aanleiding en doel In 2010 is het voormalige perceel Strijbeekseweg 23 te Ulvenhout gesplitst in twee percelen, te weten Strijbeekseweg 23 met daarop een boerderij (rijksmonument),

Nadere informatie

Beleidsregels binnenplans afwijken van het bestemmingsplan (artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1 Wabo)

Beleidsregels binnenplans afwijken van het bestemmingsplan (artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1 Wabo) Beleidsregels binnenplans afwijken van het bestemmingsplan (artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1 Wabo) Versie: vastgesteld Gemeente Landsmeer, januari 2011 Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 2 1. Inleiding...

Nadere informatie

Gemeente Maastricht. Toelichting deel uitmakende van het bestemmingsplan Kern Itteren. Bijlage 3

Gemeente Maastricht. Toelichting deel uitmakende van het bestemmingsplan Kern Itteren. Bijlage 3 Gemeente Maastricht Toelichting deel uitmakende van het bestemmingsplan Kern Itteren Bijlage 3 Maastricht, augustus 2000 Provincie Li N Aan Burgemee van-de gemeente Maastricht Postbus 1992 6201 BZ MAASTRICHT

Nadere informatie

ZOETERMEER Rokkeveenseweg 182 RUIMTELIJKE ONDERBOUWING

ZOETERMEER Rokkeveenseweg 182 RUIMTELIJKE ONDERBOUWING ZOETERMEER Rokkeveenseweg 182 RUIMTELIJKE ONDERBOUWING RBOI - Rotterdam bv Delftseplein 27b Postbus 150 3000 AD Rotterdam telefoon (010) 201 85 55 E-mail: info@rboi.nl Zoetermeer Rokkeveenseweg 182 RUIMTELIJKE

Nadere informatie

Externe veiligheidsparagraaf. Bestemmingsplan Skoatterwald

Externe veiligheidsparagraaf. Bestemmingsplan Skoatterwald Externe veiligheidsparagraaf Bestemmingsplan Skoatterwald Toetsingskader Externe veiligheid gaat om het beperken van de kans op en het effect van een ernstig ongeval voor de omgeving door: - het gebruik,

Nadere informatie

Beeldkwaliteitsplan herziening Prikwei West Herziening 025.76.02.11.05.00 15 oktober 2013

Beeldkwaliteitsplan herziening Prikwei West Herziening 025.76.02.11.05.00 15 oktober 2013 Plek voor ideeën e Beeldkwaliteitsplan herziening Prikwei West Herziening 025.76.02.11.05.00 15 oktober 2013 Beeldkwaliteitsplan Prikwei West Herziening 025.76.02.11.05.00 15 oktober 2013 Inhoud 1 Inleiding

Nadere informatie

Nieuwe bedrijfslocaties

Nieuwe bedrijfslocaties E c o l o g i s c h e i n v e n t a r i s a t i e Om de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan Midwolda-Nieuwlandseweg Arts/Rulo te toetsen, is een ecologische inventarisatie uitgevoerd. Tevens is gekeken

Nadere informatie

Ontwerp. September 2015

Ontwerp. September 2015 September 2015 Bestemmingsplan Buitengebied, herziening Waterberging Vlierwaterleiding Dalmsholte Plannaam: Buitengebied, herziening Waterberging Vlierwaterleiding Dalmsholte IMRO-idn: NL.IMRO.0175.buiten2012bp0006-on01

Nadere informatie

Quick scan Ecologie Tunnel Leijenseweg Gemeente De Bilt

Quick scan Ecologie Tunnel Leijenseweg Gemeente De Bilt Quick scan Ecologie Tunnel Leijenseweg Gemeente De Bilt CONCEPT Omgevingsdienst Regio Utrecht juli 2012 kenmerk/ opgesteld door beoordeeld door Ronald Jansen Dagmar Storm INHOUDSOPGAVE 1. Inleiding...

Nadere informatie

Quickscan externe veiligheid woningbouwlocatie Beekzone in Twello

Quickscan externe veiligheid woningbouwlocatie Beekzone in Twello Notitie Contactpersoon Maaike Teunissen Datum 20 juni 2012 Kenmerk N004-4638202MTU-evp-V01-NL Quickscan externe veiligheid woningbouwlocatie Beekzone in Twello 1 Inleiding 1.1 Achtergrond en doel van het

Nadere informatie

Nota van Zienswijzen en kennisgeving. Oktober 2012. Kernen Ankum, Hoonhorst en Oudleusen

Nota van Zienswijzen en kennisgeving. Oktober 2012. Kernen Ankum, Hoonhorst en Oudleusen Nota van Zienswijzen en kennisgeving Oktober 2012 Inhoudsopgave Zienswijzen 3 1. Algemeen... 3 2. Zienswijzen... 3 Indiener 1 (binnengekomen 29 augustus 2012, kenmerk 4802, met aanvulling van 1 oktober

Nadere informatie

GEMEENTE KOGGENLAND Status : Vastgesteld Datum : 10 maart 2014

GEMEENTE KOGGENLAND Status : Vastgesteld Datum : 10 maart 2014 GEMEENTE KOGGENLAND BESTEMMINGSPLAN HENSBROEK GEMAALWEG 12 Status : Vastgesteld Datum : 10 maart 2014 BESTEMMINGSPLAN HENSBROEK GEMAALWEG 12 CODE 1299232 / 10 03 2014 GEMEENTE KOGGENLAND 1299232 / 1 BESTEMMINGSPLAN

Nadere informatie

Ruimtelijke Onderbouwing Behorende bij de afwijking van het bestemmingsplan Buitengebied Oldebroek

Ruimtelijke Onderbouwing Behorende bij de afwijking van het bestemmingsplan Buitengebied Oldebroek Ruimtelijke Onderbouwing Behorende bij de afwijking van het bestemmingsplan Buitengebied Oldebroek Betreft: wijziging bestemming Locatie: Laanzichtsweg (perceel AK 58) te Oldebroek Datum: 07 juli 2014

Nadere informatie