Crisis in de EU docentenhandleiding

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Crisis in de EU docentenhandleiding"

Transcriptie

1 Crisis in de EU docentenhandleiding In deze les vergelijken leerlingen de economische situatie van verschillende EU-leden met elkaar. Daarbij maken zij gebruik van de interactieve kaart en grafiek Economische indicatoren Nederland en de Europese Unie van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). U vindt deze op bit.ly/cbs_eu (dus zonder www). De les neemt ongeveer één lesuur in beslag en is bedoeld voor de onderbouw van havo/vwo. Dit document bestaat uit: 1. de doelen van de les; 2. een beschrijving van de organisatie van de les; 3. een toelichting bij de PowerPointpresentatie; 4. een toelichting bij de interactie van het CBS; 5. een antwoordmodel bij deel A van het werkblad; 6. een antwoordmodel bij deel B van het werkblad; 7. een colofon.

2 1. Doelen De doelen van deze les zijn: leerlingen weten wat economische indicatoren zijn; leerlingen kunnen minimaal drie voorbeelden van economische indicatoren noemen; leerlingen kunnen kenmerken en gevolgen van een economische crisis beschrijven; leerlingen kunnen aangeven welke economische verschillen tussen EU-landen bestaan. De les sluit aan bij de volgende kerndoelen onderbouw: 38. De leerling leert een eigentijds beeld van de eigen omgeving, Nederland, Europa en de wereld te gebruiken om verschijnselen en ontwikkelingen in hun eigen omgeving te plaatsen; 41. De leerling leert de atlas als informatiebron te gebruiken en kaarten te lezen en te analyseren om zich te oriënteren, zich een beeld van een gebied te vormen of antwoorden op vragen te vinden; 45. De leerling leert de betekenis van Europese samenwerking en de Europese Unie te begrijpen voor zichzelf, Nederland en de wereld. Daarmee sluit de les aan op paragrafen over (economische) indicatoren; economische ontwikkeling en samenhang; de EU.

3 2. Organisatie Benodigdheden U kunt deze les gebruiken in een situatie waarin leerlingen niet over computers beschikken (route 2). De interactieve kaart wordt dan alleen op het digitale schoolbord getoond. Het verdient aanbeveling om de leerlingen wel zelf met de interactie te laten werken (route 1). Dat zou als huiswerk kunnen indien u niet over een computerlokaal beschikt. Voor deze les hebt u in elk geval nodig: een digitaal schoolbord met internettoegang; een exemplaar van deel A van het werkblad voor elke twee leerlingen (op papier of digitaal). Indien u leerlingen zelfstandig met de interactieve kaart wilt laten werken (route 1), dan hebt u ook nodig: een computer met internettoegang voor elk groepje van twee leerlingen; een exemplaar van deel B van het werkblad voor elke twee leerlingen (op papier of digitaal). Verloop van de les 1. De inleiding van de les bestaat uit een korte PowerPointpresentatie over de economische crisis in Europa. Hieronder volgt een uitgebreide toelichting bij de presentatie. Sta vooral stil bij de openingsclip en de kijkvragen; 2. Na de presentatie gaan leerlingen in kleine groepjes (twee personen, maximaal drie) aan de slag met deel A van het werkblad. Hierin denken zij na over de betekenis van de crisis voor hun eigen leven. Ook spreken zij hun vermoedens uit ten aanzien van de landen die er binnen de EU beter of slechter voorstaan; 3. Bespreek deel A van het werkblad klassikaal kort na; 4. Demonstreer de interactie Economische indicatoren Nederland en de Europese Unie van het CBS op bit.ly/cbs_eu volgens de toelichting hieronder. Het vervolg van de les, hangt af van de klassensituatie. Route 1: indien uw leerlingen over computers beschikken: 5. Leerlingen beantwoorden nu de vragen in deel B van het werkblad. Zij controleren hun eerder geformuleerde vermoedens met behulp van de interactieve kaart en grafiek. U kunt deze controle ook als huiswerkopdracht meegeven; 6. Bespreek deel B van het werkblad na. Vraag tijdens de nabespreking leerlingen naar voren, zodat zij op het digitale schoolbord hun antwoorden op de vragen in deel B van het werkblad kunnen laten zien. Route 2: indien uw leerlingen niet over computers beschikken: 5. Vraag enkele leerlingen uit verschillende groepjes beurtelings naar voren. Stel hen mondeling de vragen uit deel B van het werkblad. Zij gebruiken het digitale schoolbord om te controleren in hoeverre de vermoedens kloppen die zij in deel A van het werkblad formuleerden.

4 3. Toelichting bij de PowerPointpresentatie Bij dia 1: Titel De economische positie van verschillende landen in de EU is niet goed. In bijvoorbeeld Spanje, Portugal en Griekenland gaat het slecht. Maar waar gaat het nu eigenlijk het slechtst? Waar het best? Hoe vergelijk je dat? Dat gaan we onderzoeken. Bij dia 2: (Clip en kijkvragen) Bekijk met de klas de clip. Laat leerlingen vervolgens klassikaal antwoord geven op de vragen. Zij hoeven de antwoorden niet op te schrijven. Voorbeeldantwoorden: Waar protesteren de mensen tegen? Tegen bezuinigingen, werkloosheid, hun regering. Hebben deze protesten zin? Ja. De regering kan er onder druk van de protesten voor zorgen dat er minder bezuinigd wordt, maar dan lopen de schulden van de landen wel op. Nee. De landen hebben enorme schulden en het is crisis. Daar kan de regering nu niets aan doen. In welke landen zijn de protesten het grootst? Portugal, Spanje, Frankrijk, Italië, Griekenland (en een wat kleinere staking in België). Wat is, volgens de verslaggeefster, het verschil tussen Zuid- en Noord-Europa? In Noord-Europa zijn de protesten veel groter dan in de Zuid-Europa. Wat is een verklaring voor dit verschil? In Zuid-Europa zijn de economische problemen het grootst. Er zijn meer bezuinigingen en er is meer werkloosheid en armoede. Daarnaast speelt de cultuur in rol. Zo gaan in Frankrijk mensen sneller staken en protesteren dan in Nederland. Bij dia 3: Wat is een crisis? Vraag eerst aan de leerlingen wat zij onder een economische crisis verstaan. Welke verschijnselen horen daar volgens hen bij. Waarschijnlijk noemen zij zaken als werkloosheid, armoede, faillissementen enz. Dit zijn allemaal belangrijke verschijnselen. Ze zijn terug te voeren op drie kenmerken die nauw met elkaar samenhangen. 1. Aanbod is groter dan de vraag. Daardoor kunnen bedrijven hun goederen en diensten niet kwijt. Ze moeten ze aanbieden tegen zeer lage prijzen of gaan failliet. Veel mensen worden werkloos. Bij de mensen die blijven werken, staan de lonen onder druk. 2. Het bbp (bruto binnenlands product) is de totale waarde van alle geproduceerde goederen en diensten in een jaar. Als er minder geproduceerd en verkocht wordt, dan stagneert het bbp.

5 3. Bedrijven en consumenten verdienen minder. Doordat het bbp stagneert of terugloopt, is er ook minder geld voor sociale en publieke voorzieningen. Mensen en bedrijven hebben minder vertrouwen in de toekomst en minder geld. Daarom worden ze voorzichtiger in hun uitgaven. Daardoor loopt de vraag naar producten en diensten nog verder teug. Veel politici en economen vinden dat de crisis het beste kan worden bestreden door de vraag te verhogen. Dan zouden de drie factoren elkaar de andere kant op versterken. Maar hoe doe je dat? Volgens sommigen kan dat door meer geld in de economie te pompen en dus juist niet te bezuinigen. Het lastige daarbij is dat dit leidt tot hogere schulden (met hoge rentekosten). Ook komt het geld dat consumenten uitgeven voor een groot deel niet ten goede aan de Nederlandse economie, maar aan buitenlandse bedrijven die de goederen produceren die wij kopen. Bij dia 4: Economische indicatoren Neem kort de kenmerken van de indicatoren door: 1. het zijn kenmerken die in een getal weergeven hoe slecht of goed het gaat met de economie van een land; 2. ze zijn geschikt om landen te vergelijken (relatieve getallen) Met name het laatste punt verdient aandacht. Dit betekent dat indicatoren altijd relatieve getallen zijn. Het heeft bijvoorbeeld weinig zin om het totale aantal werklozen van Duitsland met dat van Luxemburg te vergelijken. In Duitsland wonen veel meer mensen en zijn ook veel meer werklozen. Het relatieve getal, het werkloosheidspercentage, zegt wel wat. Bespreek de voorbeelden. Bij vertrouwen van consumenten: vraag aan de leerlingen hoe je dit zou kunnen meten en hoe je dit in een getal uit kunt drukken (bijvoorbeeld door het percentage mensen dat positief is en het percentage mensen dat negatief is te benoemen). Kunnen leerlingen zelf meer voorbeelden van indicatoren bedenken? Bijvoorbeeld: aantal demonstraties, aantal verkochte huizen, de tien indicatoren op de volgende dia. Bij dia 5: Tien economische indicatoren Een crisis heeft allerlei gevolgen voor een land: de werkloosheid stijgt, de prijzen stijgen, mensen geven minder uit, enzovoort. Bijna al deze gevolgen kun je ook als indicatoren voor een crisis gebruiken. 10 indicatoren: 1. Economische groei wordt meestal uitgedrukt als groei van het bbp. In een crisis neemt de groei af of is er zelfs krimp. (Bij krimp in twee opeenvolgende kwartalen is er sprake van een recessie.); 2. De consumptie van huishoudens neemt af omdat mensen geen vertrouwen hebben in de toekomst en daarom liever wat sparen. Ook hebben ze over het algemeen minder geld; 3. Investeringen in huizen, bedrijfsgebouwen en grote machines nemen af omdat mensen en bedrijven weinig vertrouwen in de toekomst hebben. Dat leidt tot hogere werkloosheid in onder meer de bouw; 4. De uitvoer of export kan een belangrijke bijdrage leveren aan het oplossen van de crisis. Een hoge buitenlandse vraag zorgt er immers voor dat de factoren uit de vorige dia elkaar de andere kant op versterken;

6 5. In een crisis neemt het vertrouwen van consumenten af. Als het vertrouwen weer toeneemt, gaan mensen weer meer kopen. Vertrouwen is dus een belangrijke indicator; 6. Als de productie-industrie krimpt, wordt er minder geproduceerd. Dit is het gevolg van minder vraag en leidt tot meer werkloosheid; 7. In een economische crisis daalt de vraag naar goederen en diensten. Deze kunnen daardoor goedkoper worden. In een crisis daalt de inflatie dus. Soms brengen overheden meer geld in omloop om de problemen te verzachten. Dat leidt dan juist tot meer inflatie; 8. Door de dalende vraag worden grondstoffen, arbeid en andere productiemiddelen goedkoper. Daardoor dalen de productiekosten. De producentprijzen zijn de prijzen die bedrijven betalen voor halffabricaten, gebouwen en andere productiemiddelen; 9. Het vertrouwen van producenten bepaalt of zij willen investeren in de toekomst; 10. Werkloosheid is een gevolg van de economische crisis. Werkloosheid zorgt er ook voor dat mensen minder geld en vertrouwen hebben.

7 4. Toelichting bij de CBS-interactie Hieronder ziet u een overzicht van de CBS-interactie Economische Indicatoren EU. Besteed bij de bespreking aandacht aan de volgende onderdelen. 1. Selectieveld indicator. Kies hier een van de tien indicatoren die in deze les aan bod komen; 2. Betekenis van de cijfers. Benadruk het belang hiervan. Bij sommige indicatoren geven de cijfers een procentuele verandering weer ten opzichte van het vorige jaar (zoals bij de consumptie huishoudens in onderstaande afbeelding). Bij andere indicatoren, zoals de inflatie en de werkloosheid, geven de getallen een percentage in een bepaalde maand weer; 3. Legenda. Combineer deze met 2; 4. Thematische kaart. Klik op een land om in één overzicht alle cijfers voor het land te zien; 5. Spreidingsbalk. Hiermee kunt u zelf de klassen indelen die in de kaart, de legenda en het diagram worden weergegeven. Deze balk laat ook duidelijker dan de legenda zien hoe de spreiding van de klassen is; 6. Diagram. Hier staan de landen op volgorde volgens de gekozen indicator. Als u op een balk klikt, ziet u in de kaart de ligging en de overige waarden van het land.

8 5. Antwoordmodel bij vragenblad deel A 1a. Merk je zelf iets van de economische crisis in je eigen leven? O Ja O Nee 1b. Leg je antwoord uit. Ja. Ik hoor in mijn omgeving vaak dat mensen ontslagen worden. Ons gezin heeft minder geld dat een paar jaar geleden. We gaan minder vaak naar het buitenland op vakantie. Nee. Wij hebben niet minder geld dan een paar jaar geleden en leven niet anders. 2.a Denk je dat de economische crisis invloed heeft op jouw toekomst? O Ja O Nee 2b. Waarom denk je dat? Ja. Ik denk dat er straks minder werk dan nu. Nee. Ik denk dat de crisis wel overgaat en dat er in de toekomst net zoveel mogelijk heden zijn als nu. 3a. Bovenaan deze pagina staan de 10 economische indicatoren uit de presentatie. Veranderingen in sommige van deze indicatoren hebben direct een grote invloed op jouw leven. Veranderingen in andere indicatoren merk je nauwelijks. Van welke twee indicatoren zal je de invloed het meest merken, denk je? Eigen antwoord. Twee van de 10 indicatoren bovenaan deze pagina. 3b. Waarom denk je dat? Indicator 1: Werkloosheid, want als de werkloosheid stijgt is het ook voor mij moeilijker om een baan te vinden. Indicator 2: Inflatie, want als de inflatie hoger is, dan kan ik minder kopen voor het geld dat ik verdien. Het beste beeld van de economische situatie in een land krijg je door zoveel mogelijk indicatoren te combineren. Maar vaak is er maar een beperkt aantal indicatoren waar je mee kunt werken. 4a. Kies de twee indicatoren uit de lijst van 10 die volgens jou het meeste zeggen over de economische situatie van een land. Eigen antwoord. Twee van de 10 indicatoren bovenaan deze pagina. 4b. Leg uit waarom je juist deze indicatoren kiest. Indicator 1: Economische groei, want als de inflatie hoger is, dan kan ik minder kopen voor het geld dat ik verdien.

9 Indicator 2: Verandering van de consumptie van huishoudens, want als mensen niets uitgeven komt de economie tot stilstand. Als mensen wel veel geld uitgeven dan gaat de economie juist groeien. 5a. Hoe scoort Nederland volgens jou in vergelijking met andere EU-landen op de twee indicatoren die je in vraag 4 hebt gekozen? O Nederland scoort beter dan gemiddeld O Nederland scoort ongeveer gemiddeld O Nederland scoort slechter dan gemiddeld 5b. Waarom denk je dat? Bijvoorbeeld: Goed. De werkloosheid is hier veel lager dan in veel andere landen. Goed. Hier zijn veel minder demonstraties dan in Frankrijk, Spanje en Griekenland. Gemiddeld. Sommige dingen zijn beter, maar andere weer slechter. Slecht. Op het nieuws hoor je steeds dat mensen hier een veel hogere hypotheekschuld hebben dan in andere landen. 6. Welk EU-land scoort volgens jou het slechtst op de twee indicatoren die je hebt gekozen? Spanje, Griekenland, Portugal, Ierland. 7. Welk EU-land scoort volgens jou het best op de twee indicatoren die je hebt gekozen? Duitsland, Luxemburg, Zweden.

10 6. Antwoordmodel bij vragenblad deel B Open de link bit.ly/cbs_eu (dus zonder www). Deze interactieve kaart geeft je een overzicht van de economische indicatoren in de EU. Bovenaan de kaart kun je kiezen welke indicator je wilt weergeven. Je ziet de verdeling niet alleen op de kaart, maar ook in de grafiek aan de rechterkant. Kies een van twee indicatoren die je bij vraag 4a hebt ingevuld. Controleer met behulp van de kaart en de grafiek: 8. Klopt je antwoord bij vraag 5a als je alleen naar deze indicator kijkt? Leg je antwoord uit. Ja. Nederland staat niet precies, maar wel ongeveer in het midden van de grafiek als je kijkt naar economische groei. Nee. De werkloosheid in Nederland is heel laag vergeleken met andere EU-landen. Ik dacht dat deze gemiddeld was. 9. Klopt je antwoord bij vraag 6 als je alleen naar deze indicator kijkt? Leg je antwoord uit. Ja. Spanje staat inderdaad helemaal onderaan als je naar de werkloosheid kijkt. Niet helemaal, maar wel bijna. Ik had verwacht dat Cyprus de laagste economische groei zou hebben, maar deze is nog lager in Slovenië en Griekenland. Nee. Ik dacht dat het consumentenvertrouwen in Italië heel laag zou zijn, maar het is gemiddeld. 10. Klopt je antwoord bij vraag 7 als je alleen naar deze indicator kijkt? Leg je antwoord uit. Nee. Ik dacht dat de economische groei in Zweden of Duitsland het hoogst zou zijn. De groei is het hoogst in Letland! Ja. Het consumentenvertrouwen is het hoogst in Luxemburg. Dat had ik ook verwacht. Kies nu de andere indicator die je bij vraag 4a hebt ingevuld. Doe voor deze indicator dezelfde test met behulp van de onderstaande vragen. 11. Klopt je antwoord bij vraag 5a als je alleen naar deze indicator kijkt? Leg je antwoord uit. Zie vraag Klopt je antwoord bij vraag 6 als je alleen naar deze indicator kijkt? Leg je antwoord uit. Zie vraag Klopt je antwoord bij vraag 7 als je alleen naar deze indicator kijkt? Leg je antwoord uit. Zie vraag 1

11 7. Colofon De volgende organisaties werkten mee aan deze lesbrief: Initiatief: Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Den Haag Concept en productie: Codename Future, Den Haag Samenstelling en tekst: Uitleg & tekst, Nijmegen

Groei of krimp? bij Pincode 5e ed. 4GT Hoofdstuk 7 en 4K Hoofdstuk 5 aanvullend lesmateriaal n.a.v. vernieuwde syllabus EC/K/5A: 2

Groei of krimp? bij Pincode 5e ed. 4GT Hoofdstuk 7 en 4K Hoofdstuk 5 aanvullend lesmateriaal n.a.v. vernieuwde syllabus EC/K/5A: 2 Groei of krimp? bij Pincode 5e ed. 4GT Hoofdstuk 7 en 4K Hoofdstuk 5 aanvullend lesmateriaal n.a.v. vernieuwde syllabus EC/K/5A: 2 Als je moet kiezen welk plaatje je op je cijferlijst zou willen hebben,

Nadere informatie

In Beeld: Infographic de Europese schuldencrisis

In Beeld: Infographic de Europese schuldencrisis In Beeld: Infographic de Europese schuldencrisis Korte omschrijving werkvorm: Leerlingen analyseren aan de hand van een stappenplan een infographic over de schuldencrisis. Leerdoel: De leerlingen leren

Nadere informatie

Eindexamen economie 1 havo 2000-I

Eindexamen economie 1 havo 2000-I Opgave 1 Meer mensen aan de slag Het terugdringen van de werkloosheid is in veel landen een belangrijke doelstelling van de overheid. Om dat doel te bereiken, streeft de overheid meestal naar groei van

Nadere informatie

Examen HAVO. Economie 1

Examen HAVO. Economie 1 Economie 1 Examen HAVO Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Tijdvak 2 Woensdag 21 juni 13.30 16.00 uur 20 00 Dit examen bestaat uit 31 vragen. Voor elk vraagnummer is aangegeven hoeveel punten met een goed

Nadere informatie

Michiel Verbeek, januari 2013

Michiel Verbeek, januari 2013 Michiel Verbeek, januari 2013 1 2 Eens of oneens? De bankiers zijn schuldig aan de kredietcrisis. De huidige economische crisis is het gevolg van de kredietcrisis van 2008. Als een beurshandelaar voor

Nadere informatie

Eindexamen aardrijkskunde havo 2002-II

Eindexamen aardrijkskunde havo 2002-II Politiek en Ruimte bron 10 Aandeel van de lidstaten in de handel van de Europese Unie in procenten, 1998 30 % 25 20 22 25 Legenda: invoer uitvoer 15 10 8 8 15 15 10 11 9 9 15 12 5 0 6 5 2 2 1 0 België

Nadere informatie

Examen HAVO. economie. tijdvak 2 woensdag 23 juni 13.30-16.00 uur. Bij dit examen hoort een bijlage.

Examen HAVO. economie. tijdvak 2 woensdag 23 juni 13.30-16.00 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Examen HAVO 2010 tijdvak 2 woensdag 23 juni 13.30-16.00 uur economie tevens oud programma economie 1,2 Bij dit examen hoort een bijlage. Dit examen bestaat uit 27 vragen. Voor dit examen zijn maximaal

Nadere informatie

Werkloosheid in de Europese Unie

Werkloosheid in de Europese Unie in de Europese Unie Diana Janjetovic en Bart Nauta De werkloosheid in de Europese Unie vertoont sinds 2 als gevolg van de conjunctuur een wisselend verloop. Door de economische malaise in de jaren 21 23

Nadere informatie

Domein GTST havo. 1) Gezinnen, bedrijven, overheid en buitenland; of anders geformuleerd: (C + I + O + E M)

Domein GTST havo. 1) Gezinnen, bedrijven, overheid en buitenland; of anders geformuleerd: (C + I + O + E M) 1) Geef de omschrijving van trendmatige groei. 2) Wat houdt conjunctuurgolf in? 3) Noem 5 conjunctuurindicatoren. 4) Leg uit waarom bij hoogconjunctuur de bedrijfswinsten zullen stijgen. 5) Leg uit waarom

Nadere informatie

Eindexamen economie havo II

Eindexamen economie havo II Opgave 1 Buitenland en overheid in de kringloop In de economische wetenschap wordt gebruikgemaakt van modellen. Een kringloopschema is een model waarmee een vereenvoudigd beeld van de economie van een

Nadere informatie

Eindexamen economie 1-2 havo 2006-II

Eindexamen economie 1-2 havo 2006-II Opmerking Algemene regel 3.6 is ook van toepassing als gevraagd wordt een gegeven antwoord toe te lichten, te beschrijven en dergelijke. Opgave 1 1 Voorbeelden van een juist antwoord zijn: kosten van politie-inzet

Nadere informatie

Prijsontwikkeling koopwoningen

Prijsontwikkeling koopwoningen Prijsontwikkeling koopwoningen 1. Doelen De doelen van deze les zijn: Leerlingen leren het belang van definities en hoe verschillende definities kunnen leiden tot verschillende uitkomsten en conclusies;

Nadere informatie

Verdieping: Bezuinigingen en koopkrachteffecten

Verdieping: Bezuinigingen en koopkrachteffecten Verdieping: Bezuinigingen en koopkrachteffecten Korte omschrijving werkvorm: Het Kabinet Rutte II gaat in de periode 2013-2017 per saldo 15,1 miljard euro bezuinigen op de overheidsuitgaven 1. Leerlingen

Nadere informatie

Eindexamen aardrijkskunde havo 2003-I

Eindexamen aardrijkskunde havo 2003-I Politiek en ruimte Opgave 6 bron 9 In de periode 2000-2006 zal de Europese Unie financiële steun voor sociaal-economische ontwikkeling toekennen aan twee soorten regio s: de regio s met een ontwikkelingsachterstand

Nadere informatie

Persconferentie: De Nederlandse conjunctuur in 2008, d.d. 13 februari 2009.

Persconferentie: De Nederlandse conjunctuur in 2008, d.d. 13 februari 2009. Persconferentie: De Nederlandse conjunctuur in 2008, d.d. 13 februari 2009. Sheet 1: Opening Het CBS publiceert vandaag het eerste cijfer van de economische groei over het vierde kwartaal en de voorlopige

Nadere informatie

Goede tijden, slechte tijden. Soms zit het mee, soms zit het tegen

Goede tijden, slechte tijden. Soms zit het mee, soms zit het tegen Slides en video s op www.jooplengkeek.nl Goede tijden, slechte tijden Soms zit het mee, soms zit het tegen 1 De toegevoegde waarde De toegevoegde waarde is de verkoopprijs van een product min de ingekochte

Nadere informatie

Toeristen in Nederland

Toeristen in Nederland Toeristen in Nederland Het is bijna zomer. Veel Nederlanders gaan lekker op vakantie naar het buitenland. Maar er komen ook heel veel buitenlandse toeristen naar Nederland. Hoeveel zijn dat er eigenlijk?

Nadere informatie

ECONOMIE. Begrippenlijst H7 VMBO-T2. PINCODE 5 e editie vmbo-kgt onderbouw. Bewerkt door D.R. Hendriks. Sint Ursula Scholengemeenschap, Horn

ECONOMIE. Begrippenlijst H7 VMBO-T2. PINCODE 5 e editie vmbo-kgt onderbouw. Bewerkt door D.R. Hendriks. Sint Ursula Scholengemeenschap, Horn ECONOMIE VMBO-T2 Begrippenlijst H7 PINCODE 5 e editie vmbo-kgt onderbouw Bewerkt door D.R. Hendriks Sint Ursula Scholengemeenschap, Horn Versie 1 2013-2014 Hoofdstuk 7 Europese grenzen? Paragraaf 7.1 Wat

Nadere informatie

MODULE III BESLISSINGEN NEMEN IN EUROPA? BEST LASTIG!!!

MODULE III BESLISSINGEN NEMEN IN EUROPA? BEST LASTIG!!! MODULE III BESLISSINGEN NEMEN IN EUROPA? BEST LASTIG!!! De Europese Unie bestaat uit 27 lidstaten. Deze lidstaten hebben allemaal op dezelfde gebieden een aantal taken en macht overgedragen aan de Europese

Nadere informatie

Macro-economische Ontwikkelingen

Macro-economische Ontwikkelingen Macro-economische Ontwikkelingen e kwartaal 8 Overall conclusie De kredietcrisis zorgt voor een terugval van de economische bedrijvigheid in Nederland die sinds het begin van de jaren tachtig niet is voorgekomen.

Nadere informatie

Grafieken en tabellen

Grafieken en tabellen Grafieken en tabellen Over deze lessenreeks In deze lessenserie maken leerlingen kennis met verschillende aspecten van grafieken en tabellen aan de hand van voorbeelden die aansluiten bij hun belevingswereld.

Nadere informatie

Meerkeuzevragen Schrijf alleen de hoofdletter van het goede antwoord op.

Meerkeuzevragen Schrijf alleen de hoofdletter van het goede antwoord op. Meerkeuzevragen Schrijf alleen de hoofdletter van het goede antwoord op. De economische kringloop Voor de beantwoording van de vragen 1 tot en met 6 moet je soms gebruikmaken van informatiebron 1 in de

Nadere informatie

Centraal Bureau voor de Statistiek. Persconferentie De Nederlandse economie vierde kwartaal 2009

Centraal Bureau voor de Statistiek. Persconferentie De Nederlandse economie vierde kwartaal 2009 Persconferentie De Nederlandse economie vierde kwartaal 2009 Sheet 1: Opening Goedemorgen dames en heren. Welkom op het Centraal Bureau voor de Statistiek bij de presentatie van de cijfers over het vierde

Nadere informatie

Verdieping: Kan een land failliet gaan?

Verdieping: Kan een land failliet gaan? Verdieping: Kan een land failliet gaan? Korte omschrijving werkvorm De leerlingen lezen fragmenten uit artikelen over wat het betekent als Griekenland failliet gaat en maken daar verwerkingsvragen over.

Nadere informatie

Arbeid = arbeiders = mensen

Arbeid = arbeiders = mensen Vraag van en aanbod naar arbeid Arbeid = arbeiders = mensen De vraag naar mensen = werkenden Het aanbod van mensen = beroepsbevolking Participatiegraad Beroepsbevolking / beroepsgeschikte bevolking * 100%

Nadere informatie

Economische conjunctuur

Economische conjunctuur Economische conjunctuur hoogconjunctuur Reëel binnenlands product groeit procentueel sterker dan gemiddeld. Ontstaat door veel vraag naar producten Trend (Gemiddelde groei over groot aantal jaren) laagconjunctuur

Nadere informatie

Wie ben jij? HANDLEIDING

Wie ben jij? HANDLEIDING HANDLEIDING Wie ben jij? Korte omschrijving lesactiviteit Iedereen legt vijf vingers op tafel. Om de beurt vertel je iets over jezelf, waarvan je denkt dat het uniek is. Als het inderdaad uniek is, dan

Nadere informatie

Module 8 havo 5. Hoofdstuk 1 conjunctuurbeweging

Module 8 havo 5. Hoofdstuk 1 conjunctuurbeweging Module 8 havo 5 Hoofdstuk 1 conjunctuurbeweging Economische conjunctuur hoogconjunctuur Reëel binnenlands product groeit procentueel sterker dan gemiddeld. laagconjunctuur Reëel binnenlands product groeit

Nadere informatie

Mini-theorie vooraf. Beelddiagram In een beelddiagram zijn de hoeveelheden aangegeven met figuurtjes

Mini-theorie vooraf. Beelddiagram In een beelddiagram zijn de hoeveelheden aangegeven met figuurtjes Allereerst een goede raad - gebruik de HELP-functie van waar je kunt - sla regelmatig op - gebruik de functie "Ongedaan maken" (Ctrl+Z) als eerste redmiddel Mini-theorie vooraf Soorten grafieken Grafieken

Nadere informatie

Markt en overheid - uitwerkingen bij Pincode 5e ed. 4GT Hoofdstuk 5 en 6

Markt en overheid - uitwerkingen bij Pincode 5e ed. 4GT Hoofdstuk 5 en 6 Markt en overheid - uitwerkingen bij Pincode 5e ed. 4GT Hoofdstuk 5 en 6 1 Nog niet zo lang geleden had je als boer te maken met een melkquotum. Een melkquotum betekent dat je een maximale hoeveelheid

Nadere informatie

Visie op de Nederlandse economie in 2014

Visie op de Nederlandse economie in 2014 Visie op de Nederlandse economie in 2014 De economie lijkt in de tweede helft van 2013 de bodem te hebben bereikt. Het is sinds 2008 niet de eerste keer dat dit gebeurt. Na het aanvankelijke herstel gedurende

Nadere informatie

ALGEMENE DIRECTIE STATISTIEK EN ECONOMISCHE INFORMATIE PERSBERICHT 26 november 2010

ALGEMENE DIRECTIE STATISTIEK EN ECONOMISCHE INFORMATIE PERSBERICHT 26 november 2010 ALGEMENE DIRECTIE STATISTIEK EN ECONOMISCHE INFORMATIE PERSBERICHT 26 november 2010 Meer personen op de arbeidsmarkt in de eerste helft van 2010. - Nieuwe cijfers Enquête naar de Arbeidskrachten, 2 de

Nadere informatie

67,3% van de 20-64-jarigen aan het werk

67,3% van de 20-64-jarigen aan het werk ALGEMENE DIRECTIE STATISTIEK EN ECONOMISCHE INFORMATIE PERSBERICHT 28 oktober 67,3% van de 20-64-jarigen aan het werk Tegen 2020 moet 75% van de Europeanen van 20 tot en met 64 jaar aan het werk zijn.

Nadere informatie

Eindexamen economie vwo 2010 - I

Eindexamen economie vwo 2010 - I Beoordelingsmodel Opmerking Algemene regel 3.6 is ook van toepassing als gevraagd wordt een gegeven antwoord toe te lichten, te beschrijven en dergelijke. Opgave 1 1 maximumscore 2 Een antwoord waaruit

Nadere informatie

Eindexamen havo economie oud programma 2012 - I

Eindexamen havo economie oud programma 2012 - I Opgave 1 Beleggingen leiden tot inkomensverschillen Aangetrokken door voorspoedige ontwikkelingen op de effectenbeurs, zijn in een land de mensen steeds meer gaan beleggen in aandelen en obligaties. Mede

Nadere informatie

Keuzeonderwerp. Keynesiaans model. Gesloten /open economie zonder/met overheid met arbeidsmarkt. fransetman.nl

Keuzeonderwerp. Keynesiaans model. Gesloten /open economie zonder/met overheid met arbeidsmarkt. fransetman.nl Keuzeonderwerp Keynesiaans model Gesloten /open economie zonder/met overheid met arbeidsmarkt Vraag op de goederenmarkt Alleen gezinnen en bedrijven kopen op de goederenmarkt. C = 0,6 Y Aa = 4 mln mensen

Nadere informatie

Uitslag enquête Consumentenvertrouwen en kredietcrisis EénVandaag Opiniepanel 17-6-2008 22 000 deelnemers

Uitslag enquête Consumentenvertrouwen en kredietcrisis EénVandaag Opiniepanel 17-6-2008 22 000 deelnemers Uitslag enquête Consumentenvertrouwen en kredietcrisis EénVandaag Opiniepanel 17-6-2008 22 000 deelnemers Staat de Nederlandse economie er volgens u beter, slechter of ongeveer hetzelfde voor als 12 maanden

Nadere informatie

Grafieken. 10-13 jaar. Rekenles over het maken van grafieken. Rekenen. 60 minuten. Weerstation, data, grafieken

Grafieken. 10-13 jaar. Rekenles over het maken van grafieken. Rekenen. 60 minuten. Weerstation, data, grafieken Grafieken Rekenles over het maken van grafieken 10-13 jaar Rekenen Weerstation, data, grafieken 60 minuten Op het digitale schoolbord bekijkt de leerkracht met de klas verschillende grafieken over het

Nadere informatie

AEG deel 3 Naam:. Klas:.

AEG deel 3 Naam:. Klas:. AEG deel 3 Naam:. Klas:. 1-Video Grensverleggend Europa; Het moet van Brussel. a-in welke Europese stad staat Jan Jaap v.d. Wal? b-beschrijf in het kort waarom een betere Europese samenwerking nodig was.

Nadere informatie

Eindexamen economie 1-2 havo 2008-II

Eindexamen economie 1-2 havo 2008-II Beoordelingsmodel Algemene regel 3.6 is ook van toepassing als gevraagd wordt een gegeven antwoord toe te lichten, te beschrijven en dergelijke. Opgave 1 1 maximumscore 2 De werkgelegenheid verandert met

Nadere informatie

LESPAKKET DE 9 LEVENS VAN VAN BOMMEL

LESPAKKET DE 9 LEVENS VAN VAN BOMMEL @ LESPAKKET DE 9 LEVENS VAN VAN BOMMEL ! inleiding ONDERNEMEN Voor het maken van deze opdrachten moet je eerst het stripboek De 9 levens van Van Bommel hebben gelezen. Om de onderneming zo succesvol mogelijk

Nadere informatie

Wederom onrust op de beurs: hoe nu verder?

Wederom onrust op de beurs: hoe nu verder? Wederom onrust op de beurs: hoe nu verder? Net als we vorig jaar meerdere keren hebben gezien, zijn de beurzen wederom bijzonder nerveus en vooral negatief. Op het moment van schrijven noteert de AEX 393

Nadere informatie

Eindexamen vwo economie pilot 2013-I

Eindexamen vwo economie pilot 2013-I Beoordelingsmodel Opmerking Algemene regel 3.6 is ook van toepassing als gevraagd wordt een gegeven antwoord toe te lichten, te beschrijven en dergelijke. Opgave 1 1 maximumscore 2 maximale winst als MO

Nadere informatie

Miljoenennota Helmer Vossers

Miljoenennota Helmer Vossers Helmer Vossers Helaas niet helemaal waar 8 5 1/2 2010 2011 69,5 66,0 0 1 3/4 Groei Werkloosheid Saldo 2010 Saldo 2011 Schuld 2011 (% bbp) (% beroepsbevolking) (% bbp) (% bbp) (% bbp) -4,0-6,3-5,8-5,6

Nadere informatie

Overheid en economie

Overheid en economie Overheid en economie Overheid en economie Het aandeel van de overheid in de economie, de overheid als actor en de overheid op regionaal niveau, een verkenning Inleiding Het begrip economische groei komt

Nadere informatie

Eindexamen economie 1-2 havo 2008-II

Eindexamen economie 1-2 havo 2008-II Opgave 1 Arbeidsmarkt in beweging De overheid wil de sociale zekerheid betaalbaar houden door de verhouding tussen het aantal inactieven en het aantal actieven, de i/a-ratio, te verlagen. De overheid wil

Nadere informatie

Migratie. Ik vertrek - Zij vertrokken 2 HAVO\VWO. docentenhandleiding

Migratie. Ik vertrek - Zij vertrokken 2 HAVO\VWO. docentenhandleiding Migratie Ik vertrek - Zij vertrokken 2 HAVO\VWO docentenhandleiding Colofon Deze lessen zijn gemaakt in opdracht van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Realisatie: Codename Future: www.codenamefuture.nl

Nadere informatie

Docentenhandleiding PO Schoolkamp

Docentenhandleiding PO Schoolkamp Docentenhandleiding PO Schoolkamp Inhoudsopgave 1 Inleiding... 1 2 Wat maakt deze opdracht 21 e eeuws?... 1 2.1 Lesdoelstellingen... 2 2.2 Leerdoelen... 2 3 Opzet van de opdracht... 2 3.1 Indeling van

Nadere informatie

Examen economie thema 2 deel 1 Theorie thema 2: Produceren voor de wereldmarkt

Examen economie thema 2 deel 1 Theorie thema 2: Produceren voor de wereldmarkt Examen economie thema 2 deel 1 Theorie thema 2: Produceren voor de wereldmarkt Door: F. De Smyter en P. Holvoet 1. Geef een correcte omschrijving van de volgende economische begrippen: a) Globalisering:.

Nadere informatie

Projectintroductie e. Projectintroductie les 1

Projectintroductie e. Projectintroductie les 1 Projectintroductie les 1 Projectintroductie e Doel: De leerlingen ontdekken wat zij al weten over de Schelde. Ook ontdekken ze dat er soms andere belangen liggen vanuit deze thema s Lesduur: 50 minuten

Nadere informatie

Eindexamen economie havo I

Eindexamen economie havo I Beoordelingsmodel Algemene regel 3.6 is ook van toepassing als gevraagd wordt een gegeven antwoord toe te lichten, te beschrijven en dergelijke. Opgave 1 1 maximumscore 2 Een antwoord waaruit blijkt dat

Nadere informatie

Twaalf grafieken over de ernst van de crisis

Twaalf grafieken over de ernst van de crisis Twaalf grafieken over de ernst van de crisis 1 Frank Knopers 26-04-2012 1x aanbevolen Voeg toe aan leesplank We hebben een aantal grafieken verzameld die duidelijk maken hoe ernstig de huidige crisis is.

Nadere informatie

ALGEMENE ECONOMIE /03

ALGEMENE ECONOMIE /03 HBO Algemene economie Raymond Reinhardt 3R Business Development raymond.reinhardt@3r-bdc.com 3R 1 M Productiefactoren: alle middelen die gebruikt worden bij het produceren: NOKIA: natuur, ondernemen, kapitaal,

Nadere informatie

Verdieping: Eerste reactie partijen

Verdieping: Eerste reactie partijen Verdieping: Eerste reactie partijen Korte omschrijving werkvorm: Uit de berekeningen van het CPB blijkt dat het begrotingstekort van Nederland in 2013 en 2014 niet onder de door de EU gestelde 3%-norm

Nadere informatie

Examen HAVO. Economie 1,2 (nieuwe stijl) en economie (oude stijl)

Examen HAVO. Economie 1,2 (nieuwe stijl) en economie (oude stijl) Economie 1,2 (nieuwe stijl) en economie (oude stijl) Examen HAVO Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Tijdvak 2 Woensdag 20 juni 13.30 16.00 uur 20 01 Voor dit examen zijn maximaal 58 punten te behalen;

Nadere informatie

De Mexicaanse griep. Als je de verspreiding van de Mexicaanse griep wilt onderzoeken, moet je er eerst iets over de griep weten.

De Mexicaanse griep. Als je de verspreiding van de Mexicaanse griep wilt onderzoeken, moet je er eerst iets over de griep weten. De Mexicaanse griep - Laat leerlingen het werkblad in groepen van twee invullen. - Indien u één groep van 3 leerlingen heeft, kunnen twee leerlingen hun naam in één teksveld plaatsen. - U kunt de werkbladen

Nadere informatie

De Conjunctuurklok; 0t patronen in de Nederlandse e conjunctuur

De Conjunctuurklok; 0t patronen in de Nederlandse e conjunctuur 08 De Conjunctuurklok; 0t patronen in de Nederlandse e conjunctuur Floris van Ruth Publicatiedatum CBS-website: 4 december 2009 Den Haag/Heerlen Verklaring van tekens. = gegevens ontbreken * = voorlopig

Nadere informatie

MODULE II. Wat heb jij aan de Europese Unie?

MODULE II. Wat heb jij aan de Europese Unie? MODULE II Wat heb jij aan de Europese Unie? In de Europese Unie ben je als consument goed beschermd. Producten moeten aan allerlei veiligheidsvoorschriften voldoen, reclame mag niet misleidend zijn en

Nadere informatie

VERSCHIL ZAL ER ZIJN AARDRIJKSKUNDE VMBO BOVENBOUW. tussen buurten, wijken en regio s in Nederland

VERSCHIL ZAL ER ZIJN AARDRIJKSKUNDE VMBO BOVENBOUW. tussen buurten, wijken en regio s in Nederland AARDRIJKSKUNDE VMBO BOVENBOUW VERSCHIL ZAL ER ZIJN tussen buurten, wijken en regio s in Nederland 1. Inleiding... 1 2. Verschillen lokaal... 2 3. Verschillen regionaal... 5 Limburg loopt leeg... 5 Verandering

Nadere informatie

5.1 Wie is er werkloos?

5.1 Wie is er werkloos? 5.1 Wie is er werkloos? Volgens het CBS behoren mensen tot de werkloze beroepsbevolking als ze een leeftijd hebben van 15 tot en met 64 jaar, minder dan 12 uur werken, actief op zoek zijn naar betaald

Nadere informatie

Thema 2 LP 13: Het begrip arbeidsproductiviteit omschrijven

Thema 2 LP 13: Het begrip arbeidsproductiviteit omschrijven Thema 2 LP 13: Het begrip arbeidsproductiviteit omschrijven Tijd 1 lesuur Doel 1 De leerlingen kunnen het begrip arbeidsproductiviteit uitleggen in eigen woorden. 2 De leerlingen kunnen uitleggen hoe de

Nadere informatie

Integratie. Wat weten we over nieuwkomers? 3 VMBO. docentenhandleiding

Integratie. Wat weten we over nieuwkomers? 3 VMBO. docentenhandleiding Integratie Wat weten we over nieuwkomers? 3 VMBO docentenhandleiding Colofon Deze lessen zijn gemaakt in opdracht van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Realisatie: Codename Future: www.codenamefuture.nl

Nadere informatie

Markt en overheid bij Pincode 5e ed. 4GT Hoofdstuk 5 en 6 aanvullend lesmateriaal n.a.v. vernieuwde syllabus EC/V/1: 7 en 8

Markt en overheid bij Pincode 5e ed. 4GT Hoofdstuk 5 en 6 aanvullend lesmateriaal n.a.v. vernieuwde syllabus EC/V/1: 7 en 8 Markt en overheid bij Pincode 5e ed. 4GT Hoofdstuk 5 en 6 aanvullend lesmateriaal n.a.v. vernieuwde syllabus EC/V/1: 7 en 8 De markt, marktsector en particuliere sector het zijn alle drie benamingen die

Nadere informatie

Integratie. Wat weten we over nieuwkomers? Docentenhandleiding

Integratie. Wat weten we over nieuwkomers? Docentenhandleiding Integratie Wat weten we over nieuwkomers? 3 HAVO-VWO Docentenhandleiding Colofon Deze lessen zijn gemaakt in opdracht van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Realisatie: Codename Future: www.codenamefuture.nl

Nadere informatie

De studenten maken vanuit verschillende perspectieven nieuws over vluchtelingen en ontdekken hoe moeilijk het is om objectief te blijven.

De studenten maken vanuit verschillende perspectieven nieuws over vluchtelingen en ontdekken hoe moeilijk het is om objectief te blijven. Praktische informatie Uitleg & instructie In samenwerking met: Als vervolg op het bezoek aan het Humanity House, kunnen studenten met de les Vluchtelingen in Beeld op school actief aan de slag met hun

Nadere informatie

Conjuncturele werkloosheid vmbo-kgt34

Conjuncturele werkloosheid vmbo-kgt34 Auteur VO-content Laatst gewijzigd 20 oktober 2016 Licentie CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie Webadres https://maken.wikiwijs.nl/73813 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs van Kennisnet. Wikiwijs

Nadere informatie

Doelen. Begin van het spel. Handleiding EU-spel

Doelen. Begin van het spel. Handleiding EU-spel Het EU-spel is gemaakt in opdracht van de Europese Unie. Leerlingen uit groep 7 en 8 beantwoorden vragen en lezen weetjes over de 28 landen van de EU. Zo testen en vergroten de leerlingen hun kennis over

Nadere informatie

Klas 4m2 Economie Leerling instructie Koehandel

Klas 4m2 Economie Leerling instructie Koehandel Klas 4m2 Economie Leerling instructie Koehandel Mollers Inleiding spel koehandel De komende 5 lessen gaan we aan de slag met het spel koehandel. Dit spel speel je met maximaal 5 personen. Met deze vijf

Nadere informatie

Een Werkende Arbeidsmarkt

Een Werkende Arbeidsmarkt Een Werkende Arbeidsmarkt Bas ter Weel 16 mei2014 Duurzame inzetbaarheid Doel Langer werken in goede gezondheid Beleid gericht op Binden: Gezondheid als voorwaarde voor deelname Ontbinden: Mobiliteit als

Nadere informatie

Research NL. Economic outlook 3e kwartaal 2010 Nederland

Research NL. Economic outlook 3e kwartaal 2010 Nederland Research NL Economic outlook 3e kwartaal 2010 Nederland Herstel economie zet aarzelend door Economische situatie Huishoudens zijn nog steeds terughoudend met hun consumptie en bedrijven zijn terughoudend

Nadere informatie

HAAGSE MONITOR RECESSIECIJFERS januari 2010

HAAGSE MONITOR RECESSIECIJFERS januari 2010 Pagina // Bijlage HAAGSE MONITOR RECESSIECIJFERS uari Deze monitor geeft zowel prognoses als gerealiseerde cijfers weer. Het vaststellen van gerealiseerde cijfers kost tijd, maar worden, zodra deze bekend

Nadere informatie

Wie beslist wat? Duur: 30 45 minuten. Wat doet u?

Wie beslist wat? Duur: 30 45 minuten. Wat doet u? Wie beslist wat? Korte omschrijving werkvorm: De werkvorm Wie-Beslist-Wat is een variant op het spel Ren je rot. De leerlingen worden ingedeeld in teams. Elk team strijdt om de meeste punten. Er zijn kennisvragen

Nadere informatie

jul/09 mei/09 jun/09 sep/09 sep/08 jan/09 feb/09 mrt/09 jun/09 aug/09 sep/09 aug/09

jul/09 mei/09 jun/09 sep/09 sep/08 jan/09 feb/09 mrt/09 jun/09 aug/09 sep/09 aug/09 HAAGSE MONITOR ECONOMISCHE RECESSIE 7 Deze monitor geeft zowel prognoses als gerealiseerde cijfers weer. Het vaststellen van gerealiseerde cijfers kost tijd, maar worden, zodra deze bekend zijn, in de

Nadere informatie

Macro-economische Ontwikkelingen

Macro-economische Ontwikkelingen Macro-economische Ontwikkelingen e kwartaal 1 Bijlage II Overall conclusie De Nederlandse economie groeit naar verwachting met 1¾% in 1 en met 1½% in 11. De toename van het bbp komt bijna volledig voor

Nadere informatie

Voor de beoordeling zijn de volgende passages van de artikelen 41, 41a en 42 van het Eindexamenbesluit van belang:

Voor de beoordeling zijn de volgende passages van de artikelen 41, 41a en 42 van het Eindexamenbesluit van belang: economie 1 Correctievoorschrift VWO Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs 20 06 Tijdvak 1 Het correctievoorschrift bestaat uit: 1 Regels voor de beoordeling 2 Algemene regels 3 Vakspecifieke regels

Nadere informatie

Elke groep van 3 leerlingen heeft een 9 setje speelkaarten nodig: 2 t/m 10, bijvoorbeeld alle schoppen, of alle harten kaarten.

Elke groep van 3 leerlingen heeft een 9 setje speelkaarten nodig: 2 t/m 10, bijvoorbeeld alle schoppen, of alle harten kaarten. Versie 16 januari 2017 Sorteren unplugged Sorteren gebeurt heel veel. De namen van alle leerlingen in de klas staan vaak op alfabetische volgorde. De wedstrijden van een volleybal team staan op volgorde

Nadere informatie

Kijktip: NOS Persconferentie Rutte en Samsom over regeerakkoord

Kijktip: NOS Persconferentie Rutte en Samsom over regeerakkoord Kijktip: NOS Persconferentie Rutte en Samsom over regeerakkoord Korte omschrijving werkvorm: De leerlingen bekijken een filmpje van de NOS, van maandag 29 oktober. Daarna beantwoorden ze vragen over dit

Nadere informatie

De Nederlandse vakantiemarkt Trends & verwachting. Vakantiebeurs 12 januari 2016 Ad Schalekamp & Kees van der Most

De Nederlandse vakantiemarkt Trends & verwachting. Vakantiebeurs 12 januari 2016 Ad Schalekamp & Kees van der Most De Nederlandse vakantiemarkt Trends & verwachting Vakantiebeurs 12 januari 2016 Ad Schalekamp & Kees van der Most Over NBTC-NIPO Research Wij zijn een full service onderzoeksbureau op het gebied van vakantie,

Nadere informatie

LESBRIEF LES 2 DE THT-LES SAMENVATTING LES 2 BENODIGDHEDEN DUUR LESDOELEN WERKVORMEN LINK ZAAKVAKKENINHOUD VOORBEREIDING

LESBRIEF LES 2 DE THT-LES SAMENVATTING LES 2 BENODIGDHEDEN DUUR LESDOELEN WERKVORMEN LINK ZAAKVAKKENINHOUD VOORBEREIDING SAMENVATTING In deze les wordt het onderwerp uitgediept en komen de leerlingen meer te weten over de verschillende redenen van verspilling. Eén reden van wordt uitgediept, namelijk de manier waarop de

Nadere informatie

H2: Economisch denken

H2: Economisch denken H2: Economisch denken 1 : Produceren Produceren: Het voortbrengen van goederen en diensten met behulp van de productiefactoren door bedrijven en de overheid. Alleen bedrijven en de overheid kunnen produceren

Nadere informatie

Eindexamen economie 1-2 havo 2000-I

Eindexamen economie 1-2 havo 2000-I 4 Antwoordmodel Opgave 1 Algemene regel 3.6 is ook van toepassing als gevraagd wordt een gegeven antwoord toe te lichten, te beschrijven en dergelijke. 1 voorbeelden van juiste antwoorden: Een antwoord

Nadere informatie

Thema 2 Om ons heen. Samenvatting. Meander Samenvatting groep 7. Landschappen. Klimaten. Samenwerking. de regering. Onder de loep.

Thema 2 Om ons heen. Samenvatting. Meander Samenvatting groep 7. Landschappen. Klimaten. Samenwerking. de regering. Onder de loep. Meander Samenvatting groep 7 Thema 2 Om ons heen Samenvatting Landschappen Landschappen in Europa zijn heel verschillend. Nederland is een heel vlak land. Frankrijk is een land met heuvels en bergen. Zweden

Nadere informatie

Eindexamen economie 1-2 vwo 2003-II

Eindexamen economie 1-2 vwo 2003-II 4 Antwoordmodel Opmerking Algemene regel 3.6 is ook van toepassing als gevraagd wordt een gegeven antwoord toe te lichten, te beschrijven en dergelijke. Opgave 1 1 Een voorbeeld van een juist antwoord

Nadere informatie

Lesbeschrijving. Projectintroductie les 1

Lesbeschrijving. Projectintroductie les 1 Lesbeschrijving Projectintroductie les 1 Doel: De leerlingen ontdekken wat zij al weten over de Schelde. Ook ontdekken ze dat er soms andere belangen liggen vanuit deze thema s Lesduur: 50 minuten Vak(ken):

Nadere informatie

Examenopgaven VMBO-BB 2004

Examenopgaven VMBO-BB 2004 Examenopgaven VMBO-BB 2004 tijdvak 2 dinsdag 22 juni 11.30 13.00 uur ECONOMIE CSE BB Naam kandidaat Kandidaatnummer Beantwoord alle vragen in dit opgavenboekje. Dit examen bestaat uit 30 vragen. Voor dit

Nadere informatie

Eindexamen vmbo gl/tl economie 2011 - II

Eindexamen vmbo gl/tl economie 2011 - II Beoordelingsmodel Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt 1 scorepunt toegekend. MINpunten 1 maximumscore 1 2 / 6 x 100 % = 33,3% 2 maximumscore 1 Voorbeeld van een juiste reden: Klantenbinding:

Nadere informatie

Docentenhandleiding CBS in de Klas

Docentenhandleiding CBS in de Klas Docentenhandleiding CBS in de Klas Groep 7/8 Dit lesmateriaal is een initiatief van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). De laatste jaren wordt er in het onderwijs steeds meer aandacht besteed

Nadere informatie

de instellingen van het bureaublad veranderen; datum en tijd, volumeinstellingen,

de instellingen van het bureaublad veranderen; datum en tijd, volumeinstellingen, Lesbeschrijving Overzicht Leerjaar 1 Vak Informatiekunde Onderdeel 1 Algemene Computervaardigheden Subonderdeel 1.1 Bureaublad Lesnummer 1 Titel van de les De computer en het bureaublad: aan de slag met

Nadere informatie

Waarom loopt de economie nog steeds niet echt lekker? Michiel Verbeek, 2 december 2015

Waarom loopt de economie nog steeds niet echt lekker? Michiel Verbeek, 2 december 2015 Waarom loopt de economie nog steeds niet echt lekker? Michiel Verbeek, 2 december 2015 4 Onderwerpen: 1. De financiële crisis van 2008 2. Geldschepping 3. Hoe staan de landen er economisch voor? 4. De

Nadere informatie

M * V = P * T (T kan ook Y (reëel inkomen zijn)

M * V = P * T (T kan ook Y (reëel inkomen zijn) Centrale bank leent aan banken geld. Banken kunnen geld uitlenen aan gezinnen en bedrijven. Gezinnen consumeren meer, bedrijven investeren meer. De bedrijven gaan meer produceren. (Er ontstaat meer welvaart

Nadere informatie

Product 1 Misconceptie Opbrengst = Winst

Product 1 Misconceptie Opbrengst = Winst Product 1 Misconceptie Opbrengst = Winst Vakdidactiek Algemene Economie, Masters jaar 2 In opdracht van: dhr. Peter Voorend Instituut: Hogeschool van Amsterdam Gemaakt door: Natasha Pers Naam docent: Vak:

Nadere informatie

Uitgaven voor onderwijs 2012

Uitgaven voor onderwijs 2012 Webartikel 2013 Uitgaven voor onderwijs 2012 Trends en ontwikkelingen Daniëlle Andarabi-van Klaveren 6-12-2013 gepubliceerd op cbs.nl CBS Centraal Bureau voor de Statistiek Uitgaven voor onderwijs 2012

Nadere informatie

Examen HAVO - Compex. economie 1 Compex

Examen HAVO - Compex. economie 1 Compex economie 1 Compex Examen HAVO - Compex Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Tijdvak 1 Woensdag 31 mei Totale examentijd 3 uur 20 06 Vragen 1 tot en met 21 In dit deel van het examen staan de vragen waarbij

Nadere informatie

Steeds meer vijftigers financieel kwetsbaar

Steeds meer vijftigers financieel kwetsbaar Maart 215 stijgt naar 91 punten Steeds meer vijftigers financieel kwetsbaar De is in het eerste kwartaal van 215 gestegen van 88 naar 91 punten. Veel huishoudens kijken positiever vooruit en verwachten

Nadere informatie

Bijlage B4. Eerste treden op de arbeidsmarkt. Freek Bucx

Bijlage B4. Eerste treden op de arbeidsmarkt. Freek Bucx Bijlage B4 Eerste treden op de arbeidsmarkt Freek Bucx Inhoud Tabel B4.1... 3 Tabel B4.2... 4 Tabel B4.3... 5 Tabel B4.4... 6 Tabel B4.5... 7 Tabel B4.6... 8 Bijlage B4 Eerste treden op de arbeidsmarkt

Nadere informatie

Lesbeschrijving Nederlands

Lesbeschrijving Nederlands Lesbeschrijving Nederlands Overzicht Leerjaar 1 VOx leerlijn nr. 1 Mondelinge taal Onderdeel nr. 1.3 Spreekvaardigheid Subonderdeel nr. 1.3.1 Spreken Lesnummer 34 Titel van de les Ik houd mijn spreekbeurt

Nadere informatie

Boek 4 Hoofdstuk 7: De overheid en ons inkomen

Boek 4 Hoofdstuk 7: De overheid en ons inkomen Boek 4 Hoofdstuk 7: De overheid en ons inkomen Valt het mee of tegen? a Als Yara een appartement koopt moet ze een hypotheek afsluiten. Hiervoor betaalt ze iedere maand een bepaald bedrag. Dit zijn haar

Nadere informatie