1 e Dan Judo examen Naam: 1
JBN DISTRICT LIMBURG Examenaanvraagformulier(oranje kaart) voor de. Dan Judo Aangeven deelname aan competitie of volledig technisch examen. (omcirkelen) Bondsnummer: Naam: Roepnaam: Adres: Mail adres: Postcode en Woonplaats Geboortedatum: Geslacht: Telefoon: Lid van sportschool / vereniging: Datum graduering: 1 e kyu 2 e kyu Handtekening van aanvrager. Naam van de leraar*: 1 e dan Handtekening leraar: *Als de judolessen gevolgd worden bij andere docent welke aanmelding aftekent, gaarne naam Hier invullen: Met dit formulier mee in zenden: Kopie betaalbewijs/sportpas (lopend jaar) van de bondscontributie met hierop vermeld de laatst behaalde graduatie judo (let ook op de wachttijd voor volgende graduatie). Betaling aanvraag oranje kaart naam en bondsnummer. 10,00 storten op girorekening 4277280 t.n.v. JBN district Limburg onder vermelding van De betaling (gegevens voor penningmeester) van deze aanvraag wordt afgeschreven van (Dit is geen incasso): Rekeningnummer: Naam rekeninghouder: Aanvraag formulier oranje kaart met kopie betalingsbewijs inzenden naar: Secretaris District Graden Commissie Judo Erik Klaessens Willem van Gelre Gulikstraat 2 6137 HA Sittard Tel: 046 4520 255 Fax 046 458 88 33 GSM 06 47 93 45 14 Mail: erik@klaessens.demon.nl 2
JBN DISTRICT LIMBURG Inschrijfformulier danexamen Judo Voor het dan examen Judo d.d. Examen/herexamen voor Dan Judo. 1 Bondsnummer: Naam: Roepnaam: Adres: Mail adres: Postcode en woonplaats: Geboorte datum: Telefoon: Totaal behaalde competitie punten: Het kata zal gedemonstreerd worden volgens: Butokukai*/Kodokan* De kandidaat / kandidate doet voor de * keer examen Naam van de leraar: Handtekening van de leraar: *omcirkelen wat van toepassing is. Als partner (s) (zullen) bij het examen fungeren Bondsnummer: Naam: Bondsnummer: Voorletters: Voorletters: Kosten voor het techniekexamen 25,00. Overmaken op girorekening 4277280 t.n.v. JBN District Limburg onder vermelding van naam en bondsnummer De betaling (gegevens voor penningmeester) van deze inschrijving wordt afgeschreven van (Dit is geen incasso): Rekeningnummer: Naam rekeninghouder: *Bij herexamen is een examengeld van 15,00 verschuldigd (er is tweemaal herexamen mogelijk). Indien een kandidaat(e) wordt afgewezen en een herexamen moet afleggen, is opnieuw aanmelden noodzakelijk (een nieuw inschrijvingformulier insturen). Dit inschrijfformulier dient uiterlijk 3 weken voor het technische examen in het bezit te zijn van de secretaris van de graden commissie Judo. Inschrijfformulier inzenden naar: Secretaris District Graden Commissie Judo Erik Klaessens Willem van Gelre Gulikstraat 2 6137 HA Sittard Tel: 046 4520 255 Fax 046 458 88 33 GSM 06 47 93 45 14 Mail: erik@klaessens.demon.nl Aanmeldingen die te laat binnenkomen en ook aanmeldingen, welke niet volledig zijn ingevuld, Worden niet in behandeling genomen. Naam: 1 Opgemaakt december 08 3
BondsVademecum Hoofdstuk 6 - Dan- en Kyu-graden Artikel 1. Voorwaarden 1. Dan- en Kyu-graden worden slechts door de JBN erkend indien zij op de volgens dit reglement voorgeschreven wijze zijn behaald. Alle erkende Dan- en Kyu-graden zijn bondsgraduaties. 2. Er mogen geen medische bezwaren bestaan tegen deelname aan een examen zoals bedoeld in dit reglement. Deelname aan de examens geschiedt op verantwoording van de kandidaat. 3. Om in aanmerking te komen voor een Dan- of Kyu-graad dient men lid te zijn van de JBN. 4. Om deel te kunnen nemen aan een examen voor de 1e Dan dient de kandidaat tenminste drie jaar lid van de JBN te zijn. Bij een onderbroken lidmaatschap moet de kandidaat kunnen aantonen dat hij tenminste drie jaar lid is geweest van de JBN. 5. In bijzondere gevallen beslist het bondsbestuur. Artikel 4. Wachttijden en leeftijden Het behalen van een Dan-graad is verbonden aan wachttijd en leeftijd: Minimum wachttijd Minimum leeftijd tot deelname aan bij deelname aan Dan: techniek examen techniek examen 1e 1 jaar 1e kyu 16 jaar 2e 1 jaar 1e Dan 17 jaar 3e 2 jaar 2e Dan 20 jaar 4e 3 jaar 3e Dan 24 jaar 5e 4 jaar 4e Dan 29 jaar Ter bepaling van de leeftijd geldt de leeftijd welke de kandidaat heeft op 31 december van het lopende jaar. Cursisten die een opleiding volgen voor judoleraar-a of voor judoleraar-b zijn voor een examen tot en met de 3e Dan vrijgesteld van wachttijden Een kandidaat voor de 4e en de 5e Dan mag twee jaar vóór het beëindigen van de wachttijd starten met deelexamens, zoals bedoeld in artikel 6 lid 2, voor zijn volgende Dan. Op de datum van het laatste deelexamen dient hij te voldoen aan de vastgestelde wachttijd en leeftijd. Artikel 6. Soorten examens 1. Een examen voor de 1e, de 2e en de 3e Dan bestaat uit een wedstrijdgedeelte, gevolgd door een techniek examen. Een kandidaat is echter niet verplicht aan het wedstrijdgedeelte deel te nemen. Als een kandidaat deelneemt aan het wedstrijdgedeelte en daarvoor slaagt krijgt hij vrijstelling van een gedeelte van het techniek examen. 8. Als de aanvraag voldoet aan de eisen dan ontvangt de kandidaat een bewijs van deelname. De geldigheidsduur van het bewijs van deelname is drie jaar. Behoudens het daaromtrent bepaalde in artikel 18 lid 5 (voor de 1e, de 2e en de 3e Dan) en artikel 19 lid 3 (voor de 4e en de 5e Dan) komen, indien de geldigheidsduur verstreken is en de kandidaat niet geslaagd is, alle reeds behaalde resultaten te vervallen. In dat geval dient de kandidaat opnieuw het examen aan te vragen zoals vermeld in lid 1 tot en met 7. 9. Het bondsbestuur respectievelijk het betreffende districtsbestuur kan de in lid 8 genoemde termijnverlengen. De kandidaat kan hiervoor een met redenen omkleed schriftelijk verzoek indienen. 4
Artikel 12. Techniek examens 1. In elk district worden minimaal tweemaal per jaar techniek examens voor de 1e, de 2e en de 3e Dan afgenomen. 2. Het techniek examen voor de 4e en de 5e Dan vindt tweemaal per jaar plaats. 3. Wijzigingen van vaardigheidseisen treden eerst in werking in de maand september van het jaar volgend op het jaar waarin deze wijzigingen zijn aangekondigd. 4. De vaardigheidseisen voor het techniek examen voor de 1e tot en met de 5e Dan zijn opgenomen in hoofdstuk 6.4. 5. De volgende vrijstellingen worden verleend: Kandidaten met 100 examenpunten hebben voor het examen voor de 1e Dan een vrijstelling voor het onderdeel Nage-No-Kata. Kandidaten met 100 examenpunten hebben voor het examen voor de 2e Dan een vrijstelling voor de series 4 en 5 van het Nage-No-Kata. Kandidaten met 100 examenpunten hebben voor het examen voor de 3e Dan een vrijstelling voor het onderdeel Katame-No-Kata. 11. Indien een judoleraar-b hiertoe vóór het techniek examen een verzoek indient, is het hem toegestaan bij de examens voor de 1e, de 2e of de 3e Dan van zijn opgegeven kandidaten bij de examinatoren plaats te nemen. Hij mag dan volgens de richtlijnen van de examinatoren zijn kandidaat opdracht geven de voor de betreffende graad vereiste technieken uit te voeren. De examinatoren behouden daarbij het recht om aanvullende opdrachten te geven. De betrokken leraar heeft geen stem in de beoordeling van de uitgevoerde opdrachten. Artikel 15. Partners 1. Voor de 1e, de 2e en de 3e Dan mag een kandidaat per techniek examen maximaal twee judoka's als partner laten fungeren. Voor de 4e en de 5e Dan geldt deze beperking niet. 2. De partner(s) dient (dienen) lid te zijn van de JBN. Voor de partner(s) is het bepaalde in artikel 1 lid 2 eveneens van toepassing. Artikel 17. Beoordeling 1. De examinator dient bij de beoordeling gebruik te maken van de (hele) cijfers 1 t/m 10: 1 = zeer slecht 6 = voldoende 2 = slecht 7 = ruim voldoende 3 = zeer onvoldoende 8 = goed 4 = onvoldoende 9 = zeer goed 5 = bijna voldoende 10 = uitmuntend 3. Indien twee of meer examinatoren het cijfer 5 of een lager cijfer hebben gegeven, is de kandidaat voor het betreffende onderdeel afgewezen. In alle andere gevallen is de kandidaat voor dat onderdeel geslaagd. 5. Aan de kandidaat die is afgewezen, wordt de reden van de afwijzing medegedeeld en indien hem wordt toegestaan herexamen te doen, zal eveneens worden meegedeeld worden voor welk onderdeel respectievelijk welke onderdelen dit herexamen dient te worden afgelegd. De bedoelde mededelingen worden gedaan door respectievelijk de voorzitter van de NGCJ, de betreffende DGCJ of hun plaatsvervanger en kunnen aan het einde van de examenzitting mondeling dan wel binnen veertien dagen schriftelijk worden gedaan, zulks ter beoordeling van respectievelijk de NGCJ of de betreffende DGCJ. 5
Voor een herexamen voor de 1e, de 2e en de 3e Dan gelden de volgende regels: 1. Indien de kandidaat wordt afgewezen, heeft de kandidaat recht op een herexamen voor het (de) betreffende onderdeel (onderdelen). 2. Indien de kandidaat wederom wordt afgewezen, heeft de kandidaat recht op nog één herexamen. 3. Het bondsbestuur bepaalt het bedrag dat voor een herexamen moet worden betaald. Het bondsbestuur respectievelijk het betreffende districtsbestuur bepaalt op welke wijze de betaling van het bedrag moet plaatsvinden. 4. Een herexamen dient aangevraagd te worden zoals omschreven is in artikel 13 bij het district waar de kandidaat het voorgaande examen heeft afgelegd. 5. Indien bij herexamen of bij eventueel tweede herexamen de geldigheidsduur van het bewijs van deelname verstreken is op de datum van het eerstvolgende techniek examen, is het de kandidaat toegestaan aan dit examen deel te nemen. 6. Indien de kandidaat bij een tweede herexamen voor één of meerdere onderdelen opnieuw wordt afgewezen, is de kandidaat voor de betreffende graad definitief gezakt en vervallen alle daarvóór behaalde resultaten en moet een nieuw examen worden aangevraagd zoals omschreven is in artikel 9. 6
6.4. Vaardigheidseisen Danexamen Judo 1e DAN De kandidaat wordt geacht de hieronder gebruikte Japanse nomenclatuur te beheersen. Onderstaande technieken dienen rechts en links te worden uitgevoerd. NAGE-NO-KATA 1e t/m 3 e Serie NAGE-WAZA Vrijstelling bij 100 examenpunten. Punten kunnen worden behaald bij het wedstrijdgedeelte Tachi-waza de-ashi-barai okuri-ashi-barai hiza-guruma sasae-tsuri-komi-ashi o-soto-gari o-uchi-gari o-uchi-barai ko-uchi-gari ko-uchi-barai ippon-seoi-nage morote-seoi-nage tai-otoshi koshi-guruma o-goshi tsuri-komi-goshi harai-goshi uchi-mata Sutemi-waza tomoe-nage yoko-tomoe-nage tani-o-toshi sumi-gaeshi Renraku-waza en/of renzoku-waza Drie combinaties van twee worpen. Dit hoeven geen worpen uit bovenstaande lijst te zijn. Kaeshi-waza Drie overnames op een worp. Dit hoeven geen worpen uit bovenstaande lijst te zijn. Hikomi-waza Een zelf gekozen techniek uit deze groep plus eindcontrole. 7
KATAME-WAZA Onderstaande technieken dienen uitgevoerd te worden vanuit een reële randori-situatie. Osae-waza kesa-gatame yoko-shiho-gatame tate-shiho-gatame kami-shiho-gatame één variatie en één bevrijding op elk van bovenstaande technieken. Shime-waza kata-juji-jime nami-juji-jime gyaku-juji-jime hadaka-jime okuri-eri-jime morote-jime sankaku-jime tsu-komi-jime kata-ha-jime kata-te-jime Kansetsu-waza ude-garami ude-hishigi-juji-gatame ude-hishigi-hiza-gatame ude-hishigi-ude-gatame ude-hishigi-waki-gatame Situationeel ne-waza Vanuit elk van de vijf volgende posities, minimaal twee controletechnieken maken. De posities zijn: 1) Uke ligt op de rug; tori zit tussen de knieën van uke. 2) Tori ligt op de rug, met uke tussen de knieën van tori. 3) Uke elleboog knieën. 4) Tori elleboog - knieën en wordt aangevallen door uke. 5) Uke ligt op de buik. Deze technieken moeten vanuit tachi-waza gemaakt kunnen worden. YAKU-SOKU-GEIKO 1) Alle voornoemde technieken staande en op de grond in beweging uitvoeren. 2) Het in vier richtingen uitvoeren van een zelfgekozen worp. Dit hoeft geen worp uit bovenstaande lijst te zijn. 8
EIGEN PROGRAMMA Bovenstaande vaardigheidseisen kunnen samengevat worden in een programma dat een maximale duur heeft van 7 minuten. Indien gewenst kunnen de examinatoren de uitvoering onderbreken met een vraag of opmerking over de inhoud van het programma De kandidaat heeft het recht zijn programma te voltooien. Examinatoren kunnen na afloop aanvullende vragen stellen en de kennis van de nomenclatuur testen. Aan het programma worden de volgende eisen gesteld: I. Begonnen wordt met Nage-Waza technieken. a. volgorde technieken is vrij. b. voorkeurstechnieken mogen zowel gedemonstreerd als uitgelegd worden. c. de technieken dienen in beweging uitgevoerd te worden. d. het principe actie maakt reactie moet gedemonstreerd worden. e. afgesloten dient te worden met: Renraku/Renzoku-waza Kaeshi-waza Hikomi-waza met eindcontrole. II Vervolgd wordt met Ne-Waza. a. start vanuit een werptechniek. b. uitgevoerd vanuit reële randori situaties. c. logische opeenvolging van technieken d. vanuit de onderstaande posities dienen minimaal 2 controletechnieken uitgevoerd te worden: 1. Uke ligt op de rug. Tori zit tussen de knieën van uke. 2. Tori ligt op de rug. Uke zit tussen de knieën van tori. 3. Uke in elleboog knieënstand. 4. Tori in elleboog knieënstand. 5. Uke ligt op de buik. 9
Aandachtspunten voor het examen Niet alle aandachtspunten hebben direct invloed op het cijfer voor je examen. Uiteraard behoor je de technieken goed uit te voeren; het is immers een vaardigheidsexamen. Er zijn ook zaken die wel een beter voorkomen hebben op een examen, zodat je de aandacht trekt van de examencommissie, maar deze hebben amper invloed op je cijfer. Presentatie Als je wordt opgeroepen bij de examinatoren is het wel zo netjes je eerst even voor te stellen. Tevens overhandig je werkstuk ( indien je daarvoor kiest ). Zet wel je naam, examenplaats en datum er even boven. Verder is het niet verplicht, maar wel verstandig om in een wit en niet in een blauw pak te verschijnen. Eventuele grote reclame uitingen of 'plakkaten' met DK of Nederland kun je beter verwijderen, want die imponeren de examinatoren niet. Sterker nog: ze werken eerder averechts! Ga je pak niet strijken, maar zorg er wel voor dat je pak er verzorgd uitziet. Houding Loop er rechtop en zelfverzekerd, maar niet arrogant bij. De examencommissie moet een judoka zien en geen man of vrouw met een judopak aan. Kuzushi Balans verstoren Tsukuri verplaatsing Kake werpen Ten eerste moetje weten wat hiermee wordt bedoeld (dit is eigenlijk de kern van het judo) en daarnaast moetje dit bij elke techniek duidelijk kunnen demonstreren. Controle Na en tijdens elke techniek moet je het controleren van uke goed kunnen demonstreren, zodat een en ander er niet als los zand uitziet. Subtiele gezichtsexpressie kan eventueel. Bewegen over de mat (yaku soku geiko) Beweeg over de mat wanneer je je vrije technieken demonstreert. Zorg voor de juiste timing wanneer je gaat werpen, zodat uke in de juiste positie staat. Probeer zoveel mogelijk in de richting van de examinatoren te werpen. Intentie Handel met de juiste intentie. Uke biedt weliswaar niet echte weerstand, maar het moet ook niet zijn, dat uke mee springt. De juiste intentie is duidelijk te zien bij combinaties en overnames. Dus bij combinaties moet je de eerste worp ook echt maken en niet schijnbewegen of aantikken. Ook bij het overnemen moetje echt willen overnemen en niet een soort van teken geven aan uke dat hij/zij moet vallen. Uke Al met al staat en valt een examen met een goede valpartner. Het is dan ook belangrijk dat je elkaar goed aanvoelt en zoveel mogelijk qua lengte en gewicht bij elkaar past. Het elkaar aanvoelen heeft z'n tijd nodig; dit ontwikkel je niet in één maand. Foutjes Een vaardigheidsexamen is maar een momentopname. Sommigen presteren juist op een examen beter; anderen juist minder. Zorg er gewoon voor dat je een meer dan goed examen kunt afleggen, zodat je - als de zenuwen de overhand krijgen - voldoende overcapaciteit hebt om toch een goede beoordeling behalen. Mocht een techniek tijdens de vrije technieken of het kata niet goed gaan, dan is het niet erg om het even over te doen. Natuurlijk moet dit niet te vaak gebeuren. Vragen Als je iets niet verstaat of begrijpt, vraag het dan gewoon aan de examinatoren. Het is een hobbyexamen en geen staatsexamen. Het is wel de bedoeling dat het eerste DAN niveau gewaarborgd blijft, dus als het echt niet goed is, zul je niet slagen. De examinatoren zijn daar echter niet op uit en willen nu eenmaal ook graag dat je slaagt. Alleen moet jij ze wel kunnen overtuigen van jouw vaardigheid! 10
1e DAN De kandidaat wordt geacht de hieronder gebruikte Japanse nomenclatuur te beheersen.onderstaande technieken dienen rechts en links te worden uitgevoerd. NAGE-NO-KATA 1e t/m 3e serie. Vrijstelling bij 100 examenpunten. Examenpunten kunnen worden behaald bij het wedstrijdgedeelte van het examen (zie hoofdstuk 6.2 Dan- en Kyu-examenreglement Judo). Algemeen Op dit moment ( 2007 ) worden zowel de interpretatie van de Kodokan, als de interpretatie van de lerarenopleiding Judo ( de Busen) van de vroegere Butokukai, aangaande het nage-no-kata, door de nationale graden commissie geaccepteerd. Beide stijlen verschillen in essentie niet van elkaar. Beide tonen ze de principes van werpen, in 5 series en met dezelfde technieken. Toch zijn er verschillen. De Butokukai gaat uit van de zgn. doorgaande lijn. Concreet betekent dit dat tori in de tweede serie bij de harai-goshi en tsurikomi-goshi moet doorstappen. De Kodokan hanteert het principe van het omstappen bij het indraaien. Dit heeft tot gevolg dat er min of meer een stop in het bewegingsverloop optreedt. Bij de uitvoering volgens de Butokukai neemt tori in de uitvoering van sommige worpen bij de tweede pas reeds zichtbaar het initiatief, door in die fase de balans reeds te verstoren. Bij de Kodokan gebeurt dit pas in de derde en laatste pas. Afgezien van deze principiële verschillen zijn er nog meerdere verschillen met betrekking tot de vorm.in het Kodokan nageno-kata is er een streven naar symmetrie. Het kata speelt zich af langs 2 assen: de lengte-as en de breedte-as. Het punt waar deze assen elkaar kruisen is het centrum. Vanuit dit centrum is een denkbeeldige cirkel te trekken met een straal van 90 cm. Op die manier ontstaat er een zgn. centrumzone. Globaal genomen speelt dit kata zich af aan de twee gelijke zijden van de centrumzone en wel langs de eerder genoemde lengte- en breedte-as. De startposities van de verschillende technieken kunnen buiten, aan de rand of in de centrumzone liggen. De climax van elke techniek vindt plaats in de centrumzone. Hiermee bedoelen we dat de overgang van tsukuri naar kake hier tot stand komt. De uiteindelijke val van uke kan buiten de centrumzone plaatsvinden. Tori en uke bewaken samen de symmetrie van het kata door iedere keer zonder aarzeling de juiste plaats en de juiste afstand tot elkaar te kiezen. Na de rechtse uitvoering van een techniek is het de taak van tori de juiste startpositie te kiezen zodat uke meteen weet waar hij of zij moet gaan staan.het innemen van de juiste afstand ( ma-ai )speelt een grote rol in de uitvoering van alle kata. In de strijd op leven en dood verzwakte een verkeerde opstelling niet alleen de mogelijkheden van de krijger maar bracht hem tevens in de kime van de vijand. In het nage-no-kata onderscheiden we 4 afstanden, deze afstanden zijn gerelateerd aan de technieken die er op volgen: 1. dichtbij, ongeveer 60 cm. In: uki-otoshi, kata-guruma, harai-goshi, tsurikomi-goshi, sasae-tsurikomi-goshi en yoko-gake. 2. ver af, ongeveer 180 cm. In: seoi-nage, uki-goshi, ura-nage en yoko guruma 3. half ver, ongeveer 90 cm. In: uchi-mata, tomoe-nage, sumi-gaeshi en uki-waza 4. zeer dichtbij, ongeveer 30 cm. In: alleen in de okuri-ashi-harai. De afstanden zijn globaal en worden altijd aangepast aan de lengte van tori en uke. Een belangrijk onderdeel van de kata training is het zich bekwamen in het zonder aarzeling innemen van de juiste afstand t.o.v. elkaar. Het trainen met een vaste partner geeft ook in dit opzicht natuurlijk een groot voordeel. Openingsceremonie - afstanden: 10 m. / 6m. / 4 m. - staande groet: hoek van 30 graden/ handen tot aan de knieën/ daarna handen weer naar de zijkant - geknielde groet: handen voor de knieën, vingers naar elkaar toe ( 6 cm. ), voorhoofd 30 cm. van de vingers/heup komt niet omhoog - openingspas links-rechts - T en U staan nu op 4 m. afstand 11
Kodokan Nage-no-kata Openingsceremonie afstanden: 10 m. / 6m. / 4 m. staande groet: hoek van 30 graden/ handen tot aan de knieën/ daarna handen weer naar de zijkant geknielde groet: handen voor de knieën, vingers naar elkaar toe ( 6 cm. ), voorhoofd 30 cm. van de vingers/heup komt niet omhoog openingspas links-rechts T en U staan nu op 4 m. afstand Algemeen Het kata speelt zich af langs 2 assen: de lengte-as en de breedte-as. Het punt waar deze assen elkaar kruisen is het centrum. Vanuit dit centrum is een denkbeeldige cirkel te trekken met een straal van 90 cm. De startposities van de verschillende technieken kunnen buiten, aan de rand of in de centrumzone liggen. De climax van elke techniek vindt plaats in de centrumzone. Hiermee bedoelen we dat de overgang van tsukuri naar kake hier tot stand komt. De uiteindelijke val van uke kan buiten de centrumzone plaatsvinden. In het Kodokan nage-no-kata onderscheiden we twee basishoudingen: de shizenhontai ( de natuurlijke houding) en de jigotai ( de verdedigende houding ). De basishouding shizenhontai nemen we in als we tegenover elkaar staan in technieken als uki-otoshi, kataguruma, harai-goshi, tsurikomi-goshi, sasae-tsurikomi-ashi en yoko-gake. Voor de uitvoering van de uchi-mata en de tomoe-nage staan tori en uke op ongeveer 90 cm. afstand van elkaar en maken dan met rechts, respectievelijk links een kleine pas voorwaarts en staan dan in de migi- of hidari shizentai. In het nage-no-kata onderscheiden we 4 afstanden, deze afstanden zijn gerelateerd aan de technieken die er op volgen: 5. dichtbij, ongeveer 60 cm. In: uki-otoshi, kata-guruma, harai-goshi, tsurikomi-goshi, sasae-tsurikomi-goshi en yoko-gake. 6. ver af, ongeveer 180 cm. In: seoi-nage, uki-goshi, ura-nage en yoko guruma 7. half ver, ongeveer 90 cm. In: uchi-mata, tomoe-nage, sumi-gaeshi en uki-waza 8. zeer dichtbij, ongeveer 30 cm. In: alleen in de okuri-ashi-harai. De afstanden zijn globaal en worden altijd aangepast aan de lengte van tori en uke. In de studie van het nage-no-kata zijn er een aantal aspecten die steeds terugkomen en waar zowel tori als uke aandacht aan moeten schenken. 1. Ma-ai. Het innemen van de juiste afstand is de sleutel tot het succes voor de worp. Een te grote of te kleine afstand tot elkaar doet de worp mislukken. 2. Riai. Volgens sommige experts is dit misschien wel de belangrijkste les die we uit dit kata kunnen leren. Riai houdt in dat tori op de juiste manier de kracht van tori tegemoet gaat, als het ware één wordt met die kracht, de kracht controleert en deze ten slotte overwint door een correct uitgevoerde werptechniek. Belangrijk is hierbij dat zowel tori als uke weten bij wie het initiatief van de aanval ligt. Dat dit kan wisselen zien we bijvoorbeeld bij de yoko-guruma: in eerste instantie ligt het initiatief van de aanval bij uke, tori neemt het over, uke trekt het weer naar zich toe om het uiteindelijk toch weer te verliezen. 3. Tai-sabaki. Dit aspect van de kata training staat in nauw verband met de vorige twee aspecten. Hoe tori zijn lichaam plaatst ten opzichte van dat van uke speelt een grote rol in het doen slagen van de techniek. 4. Kuzushi-tsukuri-kake. Belangrijk hierbij is de juiste krachtsoverbrenging d.m.v. de armen en de manier van inkomen alvorens tori komt tot de uiteindelijke worp. Voor tori is het essentieel te weten in welke lijn uke uit balans is en in welke richting hij uke moet werpen. 5. Ukemi. Voor uke is correct vallen niet alleen belangrijk vanuit esthetisch oogpunt, maar ook vanuit het oogpunt van veiligheid. Het nage-no-kata leert uke op verschillende manieren en onder wisselende omstandigheden te vallen. 6. Zanshin. In de rol van tori moet de lichamelijke en geestelijke concentratie zodanig zijn, dat als uke geen ippon gekregen had, tori zonder tijdsonderbreking verder zou kunnen gaan om uke uit te schakelen. Een goede eindcontrole na elke worp laat dat zien. Ook als er geen contact meer met uke is, bijvoorbeeld in het sutemi-waza, laat tori toch deze eindcontrole zien. Sluitingsceremonie Na hun kleding in orde te hebben gebracht na de 5 de serie, draaien T en U zich in de richting van Joseki naar elkaar toe en staan korte tijd in shizenhontai. Beide maken een pas achterwaarts beginnend met hun rechterbeen en brengen hun voeten naast elkaar. Zij gaan in de seiza positie door eerst met links en dan met rechts te knielen, tenen in de mat, vervolgens tenen plat. Na de geknielde groet ( zarei )staan ze rechts links op, voeten bij elkaar, maken in halve draai in de richting van joseki en groeten staande ( ritsurei ) naar joseki. T en U lopen achterwaarts en verlaten de kata ruimte. 12
1 e Serie Uki-otoshi Seoi-nage Kata-guruma T en U lopen naar elkaar toe, T 2/3 en U 1/3 van de afstand, Staan op armlengte afstand / ongeveer 60 cm. afstand ongeveer 1.80 m./, T en U aan de rand van de centrumzone/ worp in het centrum T en U lopen naar elkaar toe, T 2/3 en U 1/3 van de afstand, Staan op armlengte afstand / ongeveer 60 cm 2 e Serie Uki-goshi Harai-goshi afstand ongeveer 1.80 m./, T en U aan de rand van de centrumzone/ worp in het centrum T en U op armlengte afstand/u valt aan door re naar voren te stappen en vast te pakken/t achteruit in tsugi-ashi Tsurikomi-goshi T en U op armlengte afstand/u valt aan door re naar voren te stappen en vast te pakken/t achteruit in tsugi-ashi 3 e Serie Okuri-ashi-harai T en U lopen naar elkaar toe en ontmoeten elkaar in het centrum/ afstand ongeveer 30 cm./ positie shizenhontai tegenover elkaar Sasae-tsurikomi-ashi T en U op armlengte afstand/u valt aan door re naar voren te stappen en vast te pakken/t achteruit in tsugi-ashi Uchi-mata T en U op ongeveer 90 cm afstand van elkaar in het centrum 4 e Serie Tomoe-nage T en U op ongeveer 90 cm. van elkaar in het centrum in shizentai en maken beiden een halve stap met rechts voorwaarts. Ura-nage Sumi-gaeshi afstand ongeveer 1.80 m./t en U aan de rand van de centrumzone T en U staan in jigotai rechts voor 5 e Serie Yoko-gake Yoko-guruma Uki-waza T en U lopen naar elkaar toe ( als in uki-otoshi ) en staan op armlengte afstand/ongeveer 60 cm. afstand ongeveer 1.80 m./t en U aan de rand van de centrumzone T en U staan in jigotai rechts voor 13
Groet ceremonie Tori - Groeten Staande groet / hoek van 30 graden Tori Openen 4 mtr. 6 mtr. Openingsceremonie afstanden: 10 m. / 6m. / 4 m. staande groet: hoek van 30 graden/ handen tot aan de knieën/ daarna handen weer naar de zijkant geknielde groet: handen voor de knieën, vingers naar elkaar toe ( 6 cm. ), voorhoofd 30 cm. van de vingers/heup komt niet omhoog openingspas links-rechts T en U staan nu op 4 m. afstand Centrumzone Uke - Openen Uke Groeten 14
1 e SERIE Tori Links rechts openen Uki-otoshi T en U lopen naar elkaar toe, T 2/3 en U 1/3 van de afstand, Staan op armlengte afstand / ongeveer 60 cm. Seoi-nage afstand ongeveer 1.80 m./, T en U aan de rand van de centrumzone/ worp in het centrum Kata-guruma T en U lopen naar elkaar toe, T 2/3 en U 1/3 van de afstand, Staan op armlengte afstand / ongeveer 60 cm Tori Centrumzone 1,80 mtr Ipon seoi nage Uke Armlengte, dichtbij, ongeveer 60 cm Tori - Uki otoshi / Kata Guruma Uke - Uki otoshi / Kata Guruma Uke - Openen 15
2 e SERIE Uki-goshi Harai-goshi afstand ongeveer 1.80 m./, T en U aan de rand van de centrumzone/ worp in het centrum T en U op armlengte afstand/u valt aan door re naar voren te stappen en vast te pakken/t achteruit in tsugi-ashi Tsurikomi-goshi T en U op armlengte afstand/u valt aan door re naar voren te stappen en vast te pakken/t achteruit in tsugi-ashi Tori - Uki goshi Centrumzone 1,80 mtr Uke - Uki goshi Tori Harai goshi / Tsuri komi goshi Uke Harai goshi / Tsuri komi goshi 16
3 e SERIE 3 e Serie Okuri-ashi-harai T en U lopen naar elkaar toe en ontmoeten elkaar in het centrum/ afstand ongeveer 30 cm./ positie shizenhontai tegenover elkaar Sasae-tsurikomi-ashi Uchi-mata T en U op armlengte afstand/u valt aan door re naar voren te stappen en vast te pakken/t achteruit in tsugi-ashi T en U op ongeveer 90 cm afstand van elkaar in het centrum. Tori Uchi mata Rechts Okuri ashi barai Links Okuri ashi barai Centrumzone Tori Afstand 30 cm Uke 90 cm Uke Uchi mata Tori Sasae tsuri komi ashi Uke Sasae tsuri komi ashi 17
1 e Serie Te Waza Uki-otoshi - T en U lopen naar elkaar toe, T 2/3 en U 1/3 van de afstand - Staan op armlengte afstand / ongeveer 60 cm. - U valt aan en pakt vast/ T geeft mee door terug te stappen in tsugi-ashi - U wil balans herstellen door tweede pas/ T stapt weer terug en neemt U mee in tsugi-ashi - T verbreekt ritme door grote derde pas en doorzakken op de knie - Hoek knie en voorste voet is tussen de 30 en 45 graden / hoek voorste been is 120 graden - T trekt met beide armen schuin omlaag, geen cirkelende beweging! - T kijkt U niet na/ controleert met een arm, andere hand op de knie/ zanshin Seoi-nage - afstand ongeveer 1.80 m./, T en U aan de rand van de centrumzone/ worp in het centrum - slag U recht van boven op het hoofd van T/ twee passen, 3 de bijsluitpas/ plaatsing vrije hand op heup T - wering van T aan de binnenkant elleboog/ duwt arm iets naar buiten en naar boven, geen blok! - door snelle draai van T komt de arm van U op de schouder van T te liggen! - indraaien en zw.punt verlagen/ veel lichaamscontact - na worp zanshin Kata-guruma - uke valt aan en pakt vast maar remt iets met voorste voet n.a.v. eerste ervaring met uki-otoshi - daarom pakt T tweede pas over om U beter in de derde pas omhoog te krijgen en om zijn nek te beschermen - derde pas extra groot in lengte-as van het kata / met linkerhand goed doortrekken - rechterhand om dijbeen - diep door de knieën en met rechte rug tillen - meteen linkervoet bijtrekken tot heupbreedte - afwerpen in hoek 45 graden op de lengte-as van het kata - na worp zanshin 18
2 e Serie Koshi Waza Uki-goshi - afstand ongeveer 1.80 m./, T en U aan de rand van de centrumzone/ worp in het centrum - slag U recht van boven op het hoofd van T/ U maakt 2 passen/ geeft zijn li arm aan - T ontwijkt de slag/komt half in d.w.z. li heup niet verder dan knoop v.d. band/pakt li arm U ter hoogte van de elleboog/ li arm T ligt langs of onder de band van uke - U komt op zijn tenen/is uit balans/t werpt U om de li heup door naar rechts te draaien/zanshin - T staat in het centrum/u ligt in de centrumzone - T stapt terug naar de rand v.d. centrumzone/ U staat op en gaat naar de rand v.d. centrumzone/beide staan in shizenhontai/ korte pauze/linkse slag en rechtse worp Harai-goshi - T en U op armlengte afstand/u valt aan door re naar voren te stappen en vast te pakken/t achteruit in tsugi-ashi - U herstelt balans door 2 e pas/ T geeft weer mee en pakt met re hand onder oksel door/re hand ligt op li schouderblad - T verandert nu stappenpatroon door met li voet om te cirkelen/trekt U met beide handen stevig tegen zich aan - U komt op tenen en is uit balans/t veegt met gestrekt been, tenen omlaag/inzet veegbeweging is onder uke s knie - als het lichaam van U de mat verlaat draait T naar links/ ukemi van U/zanshin - na de val van U loopt T in een rechte lijn voorw. en wacht op U/U staat op en gaat op armlengte afstand staan - T en U in shizenhontai/korte pauze/linkse harai-goshi Tsurikomi-goshi - T en U op armlengte afstand/u valt aan door re naar voren te stappen en vast te pakken/t achteruit in tsugi-ashi - T pakt met re hoog in de kraag - U herstelt balans door een tweede pas/t geeft weer mee door naar achter te gaan in tsugi-ashi - T verandert stappenpatroon door met li voet naar achter te stappen/ trekt U met beide armen in voorw.ri uit balans/ T plaatst re voet voor en binnen re voet van U - U reageert door li bij te stappen, sterk zijn buik naar voren te duwen en iets naar achter te hangen als verdediging - T cirkelt li voet om en plaatst deze voor li voet U/ U staat op zijn tenen en is in voorw.ri uit balans - T zakt zo ver door de knieën dat zijn heupen tegen de bovenbenen van U komen - werpt U door in één beweging zijn knieën te strekken, met heup omhoog te komen en met beide handen naar beneden te trekken. - na de val van U loopt T in een rechte lijn voorw. en wacht op U / U staat op en gaat op armlengte afstand staan - T en U in shizenhontai/korte pauze/linkse tsurikomi-goshi 19
3 e Serie Ashi Waza Okuri-ashi-harai - T en U lopen naar elkaar toe en ontmoeten elkaar in het centrum/ afstand ongeveer 30 cm./ positie shizenhontai tegenover elkaar - T ontneemt U het initiatief van de aanval door iets eerder te pakken en behoudt in alle fases van de worp dit initiatief - na het vastpakken beweegt tori onmiddellijk in zijw. richting ( breedte-as v.h. kata) met een rechts/linkse tsugi-ashi pas in een poging uke uit balans te brengen maar deze gaat mee met een links/rechtse tsugi-ashi pas - T probeert U nogmaals uit balans te brengen in dezelfde richting maar verhoogt nu de snelheid van zijn passen/ U gaat ook nu weer mee in dezelfde richting in een poging zijn balans te bewaren - T maakt de derde stap op zijn re voet iets groter, brengt U d.m.v. zijn beide armen verder uit balans en veegt U re voet tegen diens linker/ de val van U is kort bij de mat/ T controleert U met beide handen ( zanshin). - T en U bewegen zich vanaf deze plaats weer richting centrum in een linkse analoge techniek Sasae-tsurikomi-ashi - T en U op armlengte afstand/u valt aan door re naar voren te stappen en vast te pakken/t achteruit in tsugi-ashi - U herstelt balans door 2 e pas/ T geeft weer mee maar stapt nu met zijn re voet in een hoek van ongeveer 45 graden opzij/ door deze onverwachte verandering in het stappenpatroon strekt U zijn lichaam - U kan met zijn re voet een derde pas maken maar wordt door T linkervoet iets boven de wreef geblokkeerd / T draait zijn lichaam in de richting van de worp en trekt U re arm horizontaal door en daarna sterk schuin omlaag - U buigt niet in zijn heupen en kan niet anders dan in een grote boog in voorw. richting te vallen - T draait 180 graden mee in dezelfde richting, begeleidt U in zijn val en controleert U met beide handen ( zanshin). - T en U in shizenhontai/korte pauze/linkse sasae-tsurikomi-ashi Uchi-mata - T en U op ongeveer 90 cm afstand van elkaar in het centrum/u valt aan door met re een kleine pas ( halve stap) naar voren te komen en vast te pakken ter hoogte van het sleutelbeen aan de revers van T - T ontneemt U dit initiatief door tegelijkertijd hetzelfde te doen en voordat U kan aanvallen hem mee te nemen in een cirkelbeweging middels een tsugi-ashi pas en de trekactie van zijn re arm/ T staat nu loodrecht op U - U gaat mee in deze beweging en probeert de ontstane centrifugale kracht af te remmen door zijn benen ver te spreiden en zijn bovenlichaam iets naar voren te brengen - T heeft U niet uit balans kunnen brengen, maakt een tweede tsugi-ashi in cirkelvorm en trekt nu nog harder met rechts waardoor U nog verder achter hem komt - T maakt een kleine pas in dezelfde richting met links en trekt U verder op zijn opzwaaiende re been en werpt U met o-uchi-mata/ controleert U met beide handen ( zanshin ) - T en U wisselen van plaats en staan klaar voor de linkse uchi-mata 20
EIGEN PROGRAMMA Het is toegestaan te starten met een eigen programma, van maximaal zeven minuten, waarin tachi-waza, sutemi-waza en/of ne-waza aan bod mogen komen; er kan aanvullend worden gevraagd. Indien de kandidaat kiest voor het uitvoeren van een eigen programma dan moet hij/zij zich houden aan de onderstaande richtlijnen. Richtlijnen : De kandidaat demonstreert een EIGEN PROGRAMMA waarin nage waza en ne waza aan bod moeten komen. Bij kandidaten voor 1 e DAN heeft het EIGEN PROGRAMMA een tijdsduur van maximaal 7 minuten. Bij het examen voor 2 e en 3 e DAN is dat maximaal 10 minuten. In principe voert de kandidaat het EIGEN PROGRAMMA uit zonder onderbreking van de examencommissie. Indien gewenst kan een examinator de uitvoering onderbreken met een opmerking of vraag over de inhoud van het programma. De kandidaat houdt het recht om zijn programma af te maken. Na afloop kan de examencommissie aanvullende vragen stellen en de kandidaat testen op zijn kennis van de algemene nomenclatuur. Inhoud EIGEN PROGRAMMA Nage waza : 1. De kandidaat start met nage waza 2. De kandidaat kiest zelf de volgorde van de nage waza 3. De kandidaat kan zijn voorkeurs techniken demonstreren en uitleggen 4. De worpen moeten in beweging worden uitgevoerd, het principe actie maakt reactie moet duidelijk gedemonstreerd worden. 5. Het nage waza gedeelte wordt afgesloten met : Renraku waza Kaeshi waza Hikomi waza met eindcontrole Ne waza : 1. De kandidaat vervolgt het examen met ne waza, dat vanuit reële randori situaties moet worden uitgevoerd. 2. Het ne waza gedeelte start met een werptechniek en dient een logische op een volging te zijn van technieken. 3. Het word afgesloten met situationeel ne waza. De kandidaat voert vanuit elk van de 5 onderstaande posities minimaal 2 controle technieken uit. Uke ligt op de rug; tori zit tussen de knieën van uke Tori ligt op de rug, met uke tussen de knieën van tori Uke in elleboog knieënstand Tori elleboog - knieën en wordt aangevallen door uke Uke ligt op de buik 21
EIGEN PROGRAMMA 22
NAGE-WAZA De-ashi-barai Okuri-ashi-barai Hiza-guruma Sasae-tsuri-komi-ashi O-soto-gari O-uchi-gari O-uchi-barai Ko-uchi-gari Ko-uchi-barai Ippon-seoi-nage Morote-seoi-nage Tai-otoshi Koshi-guruma O-goshi Tsuri-komi-goshi Uchi-mata Harai-goshi Tomoe-nage Yoko-tomoe-nage Sumi-gaeshi Tani-o-toshi 23
Renraku-waza en/of renzoku-waza: Drie combinaties van twee worpen. Dit hoeven geen worpen uit bovenstaande lijst te zijn. Combinatie 01 : Combinatie 02 : Combinatie 03 : Combinatie 04 : Combinatie 05 : Combinatie 06 : Combinatie 06 : 24
Kaeshi-waza Drie overnames op een worp. Dit hoeven geen worpen uit bovenstaande lijst te zijn. Overname 01 : Overname 02 : Overname 03 : Overname 04 : Overname 05 : Overname 06 : 25
Hikomi-waza Een zelf gekozen techniek uit deze groep plus eindcontrole. Hikomi 04 Hand op de band, eigen pols vastpakken Hikomi 05 Via gyaku Hara gatame, arm doorsteken Hikomi 06 Hikomi 01 : Hikomi 02 : Hikomi 03 : 26
KATAME-WAZA Onderstaande technieken dienen uitgevoerd te worden vanuit een reële randori-situatie. Osae-waza: Kesa-gatame Yoko-shiho-gatame Tate-shiho-gatame Kami-shiho-gatame één variatie en één bevrijding op elk van bovenstaande houdgrepen. Variatie van houdgeep na houdgreep 01 : Variatie van houdgeep na houdgreep 02 : Variatie van houdgeep na houdgreep 03 : Variatie van houdgeep na houdgreep 04 : Bevrijding van Kesa-gatame : 1. Tori omstrengelt met links het rechter been van Uke 2. Kraag pakken schommel beweging 3. wegdraaien in te lengte as van Uke en omhoog komen. Bevrijding van Yoko-shiho-gatame : 1. Sankaku 2. knie van Tori in Uke s buik, erover heen trekken 3. been over Uke s nek wegduwen en maakt Kami shiho gatame Bevrijding van Tate-shiho-gatame : 1. `` Brugge ``, passeren, controle techniek Bevrijding van Kami-shiho-gatame : 1. Uke via een slechte!! worp naar kami shiho gatame, Tori maakt waki gatame 2. Li brugge, UKE steunt en Tori draait de andere kant uit 27
Shime-waza: Kata juji jime Okuri eri jime (via Tate shiho gatame) (Uke passief op de buik, kantelen ) Nami juji jime Kata ha jime (via Uke maakt O Uchi maki komi ) (via Uke op elleboog en knieën ) Gyaku juji jime Kata te jime ( Tori passeren tussen de benen, rever controle ) ( via Kesa gatame ) Morote jime Hadaka jime (via Tate shiho gatame) (Uke passief op de buik ) Tsukomi jime Sankaku jime ( Tori maakt O Soto gari ) ( via Yoko shiho gatame ) 28
Kansetsu-waza: Via Yoko shiho gatame, uke duwt tegen linker schouder Tori. Ude-garami Via Tate shiho gatame, uke duwt tegen linker schouder Tori. Ude-hishigi-juji-gatame Via o uchi maki komi komt Uke tussen de benen van Tori Ude-hishigi-hiza-gatame Via Yoko shiho gatame, uke duwt tegen rechter schouder Tori.. Ude-hishigi-ude-gatame Via Kuzure Kesa gatame ontsnapt Uke door op zijn buik te draaien. Ude-hishigi-waki-gatame 29
Situationeel ne-waza: Vanuit elk van de vijf volgende posities, minimaal twee controletechnieken maken. De posities zijn: 1) Uke ligt op de rug; tori zit tussen de knieën van uke. Controle 01 : Controle 02 : Controle 03 : 2) Tori ligt op de rug, met uke tussen de knieën van tori. Controle 01 : Controle 02 : Controle 03 : Controle 04 : 3) Uke elleboog - knieën. Controle 01 : Controle 02 : 4) Tori elleboog - knieën en wordt aangevallen door uke. Controle 01 : Controle 02 : 5) Uke ligt op de buik. Controle 01 : Controle 02 : Deze technieken moeten vanuit tachi-waza gemaakt kunnen worden. 30
YAKU-SOKU-GEIKO 1) Alle voornoemde technieken staande en op de grond in beweging uitvoeren. 2) Het in vier richtingen uitvoeren van een zelfgekozen worp. Dit hoeft geen worp uit bovenstaande lijst te zijn. Worp 1. Tori duwt Uke na achteren en op het moment wanneer Uke terug duwt dan pas werpen 2. Uke volgt Tori deze werpt standaard 3. Naar links bewegen, voren indraaien 4. Idem naar rechts bewegen alléén nu links werpen 31
YAKU-SOKU-GEIKO NEWAZA Uke steeds in beweging door ontsnappen of verzet Uke klopt steeds af bij verwurgingen en armklemmen 32
Beoordelingsformulier Paraaf Nage no kata Eigen werkstuk Nage waza Combinaties Overnames Hikomi waza Katame waza Shime waza Kansetsu waza Situationeel ne waza Yaku soku geiko Aaanvraag Oranje kaart voor de 1 e Dan JUDO Peter Vluggen 33
34