VHO READER CAPILLAIRE BLOEDAFNAME Propedeuse 1
Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm, of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de Verloskunde Academie Amsterdam en/of de Verloskunde Academie Groningen. Colofon: September 2014 Verloskunde Academie Amsterdam Louwesweg 6 1066 EC Amsterdam Tel 020 512 42 31 Fax 020 614 06 98 www.verloskunde-academie.nl Verloskunde Academie Groningen Dirk Huizingastraat 3-5 9713 GL Groningen Tel 050 361 8886 Fax 050 361 9930 www.verloskunde-academie-groningen.nl 2
Inhoud 1.1 Capillaire bloedafname door middel van een vingerprik... 4 1.1.1 Bepalen handelingsstrategie... 4 1.1.2 Handelingsstrategie uitvoeren:... 4 1.1.3 Organisatie van gehele zorgtaak... 5 1.1.4 Referenties... 5 1.2 Capillaire bloedafname door middel van een hielprik... 6 1.2.1 Bepalen handelingsstrategie... 6 1.2.2 Handelingsstrategie uitvoeren:... 6 1.2.3 Organisatie van gehele zorgtaak... 8 1.2.4 Referenties... 8 3
Capillaire bloedafname Onder capillaire bloedafname wordt verstaan bloedafname door middel van een vingerprik of hielprik met als doel laboratoriumonderzoek uitvoeren op het bloedmonster. Voorbeelden hiervan zijn: - Guthrie test neonaat (in de volksmond: de hielprik) - Bilirubinebepaling neonaat (hielprik) - Bloedglucosebepaling neonaat (hielprik) - Bloedglucosebepaling volwassene (vingerprik) - Hb bepaling volwassene (vingerprik) In deze reader worden achtereenvolgens de vingerprik en de hielprik beschreven. 1.1 Capillaire bloedafname door middel van een vingerprik Instructiefilm verrichten vingerprik: - www.youtube.com/watch?v=nct8mff_7ry 1.1.1 Bepalen handelingsstrategie - Stel de indicatie - Informeer de cliënt - Vraag toestemming 1.1.2 Handelingsstrategie uitvoeren - Neem de middelvinger van de cliënt tussen je eigen vingers en duim van je linkerhand. Zorg ervoor dat de vinger warm is. - Plaats de prikker op de medio-laterale zijde van het topje van de vinger (cave zenuwvoorziening v/d vinger) Druk op de knop voor de prik. - Stuw de vinger totdat een druppel bloed verschijnt. Stuw de vinger door met de wijs-, middelvinger en duim van de linker hand lichte druk uit te oefenen. - Veeg de eerste druppel af met een droog gaasje. - Neem voor een Hb bepaling de cuvette tussen je middel-, wijsvinger en duim van de rechterhand. - Plaats de cuvette haaks op de prikplaats, deze loopt vanzelf vol. - Herhaal eventueel de handeling van stuwen en vollopen tot de cuvette volledig gevuld is - Maak de haemo-cue cuvette goed schoon aan de onderkant. Zorg ervoor dat de droge depper de cuvette niet weer leegzuigt. 4
- Plaats de cuvette in het apparaat en lees de waarde af. - Neem voor een glucosebepaling de teststrip tussen je middel-,wijsvinger en duim van de rechterhand. - Laat een druppel bloed op de teststrip vallen. - Plaats de teststrip in het apparaat en lees de waarde af. - Geef de cliënt een droge depper voor de bloedende prikplaats. - Geef de cliënt indien gewenst een pleister. 1.1.3 Organisatie van gehele zorgtaak Voorbereiding op de vingerprik - was of desinfecteer je handen voor de handeling. - Trek handschoenen aan voorafgaand aan de handeling - Leg het benodigde materiaal klaar: prikker (unistik, autolet of prikpen) voor Hb-bepaling haemo-cue cuvette of voor glucosebepaling een teststrip gaasje of depper (3 stuks) pleister naaldencontainer Hb-meter (of glucosemeter) onsteriele handschoenen Na de vingerprik: - Deponeer Scherp materiaal in de naaldencontainer. - Ruim Materiaal op - Trek handschoenen uit. - Was of desinfecteer je handen na de handeling. - Noteer de bepaling. 1.1.3 Referenties van der Goes, B.Y., Daemers, D.O.A., Kateman, H., Amelink-Verburg, M.P. 2004. Hygiëne en infectiepreventie in de eerstelijns verloskundige praktijk. Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen. Of 5
1.2 Capillaire bloedafname door middel van een hielprik Instructiefilm verrichten hielprik: - http://www.rivm.nl/onderwerpen/h/hielprik_voor_professionals - https://www.youtube.com/watch?v=miekja5yjd4&list=plxeu9kwmooflmxfrdo67xx06hic a3q6vv&index=6 1.2.1 Bepalen handelingsstrategie - Stel de indicatie. - Informeer de cliënt. - Vraag toestemming. - Noteer indien ouders geen toestemming geven voor hielprik. 1.2.2 Handelingsstrategie uitvoeren: - Om de doorbloeding te bevorderen kan de hiel worden verwarmd met een warm washandje van ca. 38 C. N.B. Pas op voor verbranding van de huid! Warm het washandje niet in een magnetron! Dompel het voetje niet in een warm badje en houd het niet onder een stromende kraan. - Het is van belang dat de uitvoerder van de hielprik zelf warme handen heeft, aangezien de openstaande vaatjes in het hieltje dichtklappen bij aanraking door koude handen. - De beste positie van het kind tijdens de hielprik is liggend met de buikzijde over een schouder van een ouder/verzorger. Deze houding bevordert de doorstroming in de hiel en biedt veiligheid tijdens de hielprik. - Kies de juiste incisieplaats. - Plaats de middelvinger in een van de tweeholtes aan de achterzijde. Voor een goede plaatsbepaling houdt u de zijde met het logo naar u toegekeerd. - Plaats de hielprikker op de hiel. - Denk aan de juiste richting: loodrecht op de richting van de massage, zodat de incisie zich opent bij massage. De pijlen (op de plaatjes ) gevende massagerichting aan. Voorkom onnodig stuwen! Melken of knijpen kan leiden tot bloedafbraak en tot het vermengen met andere weefselvloeistoffen. Dit kan het bloedonderzoek verstoren. 6
Massage in de lengterichting van het voetje Massage in de overdwarsrichting van het voetje - Druk nu met de wijsvinger de witte knop in. Na activatie wordt het mesje automatisch en permanent beschermd. Ook de witte knop blijft dan ingedrukt. - Vul alle zes rondjes op het filtreerpapier aan de voorzijde geheel met bloed, door het filtreerpapier met de bloeddruppel in aanraking te brengen. Laat het papier de huid van het kind niet aanraken. (Gebruikte) huidverzorgingsproducten kunnen de bloedanalyse verstoren. - Controleer aan de achterzijde of de rondjes goed zijn gevuld. Bij voldoende bloedafname zijn de rondjes aan de achterzijde even groot als aan de voorzijde. Alleen bij voldoende vulling kan een betrouwbare laboratoriumbepaling verricht worden. De rondjes mogen nooit aan de achterzijde, noch aan de voorzijde bijgevuld worden (dus geen bloed over bloed ). Dit kan namelijk leiden tot onjuiste uitslagen. Het is wel toegestaan bloed op te vangen naast de gemarkeerde rondjes. - Laat een druppel bloed op de teststrip vallen. of 7
of - Vul buisje. - Geef het kind een droge depper voor de bloedende prikplaats. - Geef het kind indien gewenst een pleister. 1.2.3 Organisatie van gehele zorgtaak Voorbereiding op de hielprik: - was of desinfecteer je handen voor de handeling. - Trek handschoenen aan voorafgaand aan de handeling - Leg het benodigde materiaal klaar: prikker (bij hielprik in kader screening PKU gebruik prikker uit envelop verplicht) strook filtreerpapier (PKU), teststrip (glucosebepaling) of buisje (Bilirubinebepaling gaasje of depper (3 stuks) depper met desinfectans (alleen in kliniek) pleister naaldencontainer onsteriele handschoenen Na de hielprik: - Scherp materiaal in de naaldencontainer. - Materiaal opruimen. - Trek handschoenen uit - Was of desinfecteer je handen na de handeling - Vul de hielprikkaart/ aanvraagformulier volledig in. - Zorg voor verzending naar het laboratorium. 1.2.4 Referenties - http://www.rivm.nl/documenten_en_publicaties/professioneel_praktisch/draaiboeken/preventi e_ziekte_zorg/hielprik/draaiboek_neonatale_hielprikscreening 8