Werkinstructie : HSEW Blz. : 1 van 7 INDEX 1 SCOPE 2 DOEL 3 PROCEDURE 3.1 Inleiding 3.2 Voorwaarden 3.3 Organisatie 3.4 Werkwijze 3.4.1 Stel de installatie veilig volgens een veiligstelplan: 3.4.2 De LVP houdt een start-werkoverleg: 3.4.3 Verwijder de asbesthoudende pakking: 4 UITKOMST 5 RAPPORTAGE 6 REFERENTIES
Werkinstructie : HSEW Blz. : 2 van 7 NAAM & HANDTEKENING DATUM OPGESTELD: HSEW Advisor W. Workum GECONTROLEERD: HSEW Advisor GOEDGEKEURD: Execution Manager P. van der Ree WIJZIGING: CMS update 1-1-2015 Toegevoegd dat voor controle of asbesthoudende pakkingen verwacht kunnen worden het logboek voor verwijderde asbesthoudende pakkingen gebruikt kan worden. Toegevoegd dat de flensmonteur de werkzaamheden onder regie van NAM uitvoert. Toegevoegd dat bij het verwijderen in een binnensituatie gezorgd moet worden voor maximale ventilatie door het openen van deuren en roosters Voorsschrift voor impregener of bevochtigen van te demonteren pakking gewijzigd in: Impregneer de te demonteren flenspakking mbv een fixeermiddel vooraf en tijdens demontage Voorschriften voor te gebruiken masker gewijzigd en toegevoegd dat puntafzuiging gebruikt moet worden Vervallen: De monteur (DAV er) is op de hoogte wanneer de hulp van een Deskundig toezichthouder Asbest (DTA er) ingeroepen dient te worden, bijvoorbeeld bij asbesthoudende pakkingen die niet in zijn geheel verwijderd kunnen worden. Toegevoegd: De flensbouten worden gedemonteerd door de gecertificeerde flensmonteur. De bouten worden afgezogen en met kleefdoek afgenomen Toegevoegd: De pakking en pakkingrestanten worden met een scherpe spatel afgestoken, waarbij de mond van de puntafzuiger naast de spatel gehouden wordt. Reinigen van de flensvlakken dient met een kleefdoek plaats te vinden ipv vochtige doek Toegevoegd: De pakking en pakkingrestanten worden gedeponeerd in een plastic zak Toegevoegd het volgelaatsmasker of powerpack ook bij einde werkdag gereinigd dienen te worden. Naast een vochtige doek kan ook een kleefdoek gebruikt worden Toegevoegd: De puntafzuiger openingen en slang worden afgedopt, de buitenkant van de puntafzuiger wordt met kleefdoeken gereinigd. Overleg met de afdeling Waste over de afvoer van de puntafzuiger
Werkinstructie : HSEW Blz. : 3 van 7 1 SCOPE Deze werkinstructie is alleen van toepassing voor het verwijderen van asbesthoudende pakkingen. Voor het verwijderen van asbestverdacht materiaal, zie de WI Omgaan met asbestverdacht materiaal en keramische vezels. 2 Doel Het geven van richtlijnen voor het werken met asbesthoudende pakkingen op een dusdanige wijze dat blootstelling aan, inademing en verspreiding van asbeststof wordt voorkomen.. 3 PROCEDURE 3.1 Inleiding In de procesinstallaties van de NAM is voor 1 juli 1993 gebruik gemaakt van asbesthoudende pakkingen in onder meer flensverbindingen. Deze pakkingen komen onder meer voor in de vormen Compressed Asbestos Fibres (CAF) en Spiral Wound Asbestos Filled (SWAF). Installatie(delen) die na 1 juli 1993 zijn gebouwd of gemodificeerd kunnen echter ook nog steeds asbesthoudende pakkingen bevatten, hiermee dient tijdens de werkvoorbereiding dan ook rekening mee gehouden te worden. Vanuit arbeidshygiënisch oogpunt moeten medewerkers van NAM en derden die in aanraking kunnen komen met deze pakkingen een gedegen bescherming krijgen tegen de gezondheidseffecten van de asbestvezels. Het doel is dat er op termijn geen asbesthoudende pakkingen in gebruik zijn op NAM installaties. Hiervoor is het noodzakelijk dat het demonteren van asbesthoudende pakkingen bijgehouden wordt in een logboek. Voor geplande werkzaamheden met asbesthoudende pakkingen heeft NAM geen meldingsplicht in kader van het Bouwbesluit en de Arbeidsomstandigheden wet. 3.2 Voorwaarden Controleer of er asbesthoudende flenspakkingen verwacht kunnen worden: Voorafgaand aan het werk moet tijdens het werkvoorbereidingsproces nagegaan worden of er asbest in de te verwijderen pakking aanwezig kan zijn. Hiervoor kan het logboek voor verwijderde asbesthoudende pakkingen gebruikt worden. Indien er een asbestinventarisatierapport voor de locatie aanwezig is, dan dient deze ook gebruikt te worden.
Werkinstructie : HSEW Blz. : 4 van 7 3.3 Organisatie 3.4 Werkwijze De OTL van de NAM autoriseert de werkzaamheden. (S)OT/AOS van de NAM stelt de installatie veilig: Gecertificeerde flensmonteur voert de werkzaamheden uit: De flensmonteur voert de werkzaamheden uit onder regie van NAM (van afzetten werkgebied tot de eindcontrole). De flensmonteur dient de cursus "Deskundig AsbestVerwijderaar" (DAV) te hebben gevolgd (aantekening in PSL). 3.4.1 Stel de installatie veilig volgens veiligstelplan: 3.4.2 De LVP houdt een start-werkoverleg: 3.4.3 Verwijder de asbesthoudende pakking: Zet het werkgebied af. o Zorg in een binnensituatie voor maximale ventilatie door het openen van deuren en roosters Plak de vloer onder de pakking af met plastic folie. Impregneer de te demonteren flenspakking mbv een fixeermiddel vooraf en tijdens demontage Voer de werkzaamheden uit met eenvolgelaatsmasker met ABEKHgP3 filterbus of powerpack ( let hierbij op zonering) of onafhankelijke ademlucht en zorg voor een puntafzuiging (let hierbij op zonering) wegwerp overall, wegwerp overschoenen of rubber laarzen en geschikte handschoenen. o Voor puntafzuiging wordt een werkluchtaangedreven ATEX gecertificeerde (zone 1 & 2) puntafzuiger gebruikt voorzien van H14 HEPA filter. Hiervoor is een 7 bar werkluchtaansluiting nodig. De flensbouten worden gedemonteerd door de gecertificeerde flensmonteur. De bouten worden afgezogen en met kleefdoek afgenomen De pakking en pakkingrestanten worden met een scherpe spatel afgestoken, waarbij de mond van de puntafzuiger naast de spatel gehouden wordt. Reinig na het verwijderen van de pakking de flensvlakken met een kleefdoek. Dit om eventuele asbestvezels te verwijderen. De pakking en pakkingrestanten worden gedeponeerd in een plastic zak Reinig na afloop het gebruikte gereedschap met een vochtige doek. Voer niet te reinigen gereedschap af in een dubbele doorzichtige plastic afvalzak voorzien van een etiket asbest bevattend. Reinig op de werkplek na afloop van de werkzaamheden of bij einde werkdag het volgelaatsmasker en/of de powerpack met een vochtige doek of kleefdoek Verzamel op de werkplek al het asbesthoudende materiaal na verwijdering van de pakking te samen met de gebruikte kleding/overschoenen, handschoenen, de doeken en de filterbus in een dubbele doorzichtige plastic afvalzak voorzien van een etiket asbest bevattend. De plastic zak volgens de zwanenhals techniek afsluiten d.w.z. hals draaien en 1e stuk aftapen, hals verder draaien en ombuigen, volledig aftapen. Plaats de plastic afvalzak in een daarvoor bestemde container met het opschrift asbest. De puntafzuiger openingen en slang worden afgedopt, de buitenkant van de puntafzuiger wordt met kleefdoeken gereinigd. Overleg met de afdeling Waste over de afvoer van de puntafzuiger
Werkinstructie : HSEW Blz. : 5 van 7 De gecertificeerde flensmonteur geeft na de visuele inspectie (eindcontrole op pakkingvlakken en werkplek) de werkplek vrij voor vervolgwerkzaamheden. De demontage werkzaamheden moeten gerapporteerd worden in een locatie specifiek logboek, zie bijlage 1 Opmerking: Het aantreffen van asbesthoudende flenspakkingen, waarvan het risico niet vooraf was erkend, moet als incident worden geregistreerd in Fountain.
Werkinstructie : HSEW Blz. : 6 van 7 4 Uitkomst Verantwoorde verwijdering en afvoer van asbesthoudende pakkingen 5 Rapportage Verwijderde asbesthoudende flenspakkingen moeten gerapporteerd worden in een logboek. Dit logboek dient een combinatie te zijn van de lijst met verwijderde asbesthoudende pakkingen en isometrics. Op de isometrics kan de exacte plaats van de pakking worden aangegeven. Het asbestinventarisatierapport dient wanneer aanwezig ook bijgewerkt te worden. 6 Referenties NAM-EP71.WI.76.14 Het verwijderen van asbesthoudende pakkingen
Werkinstructie : HSEW Blz. : 7 van 7 Bijlage 1 Voorbeeld Logboek Verwijderde Asbesthoudende Pakkingen