Netflicker pmo. 15 september 2005

Vergelijkbare documenten
De netimpedantie nader bekeken

De werking van de nulpuntstransformator

Gaia LV network design. Bedrijfsaarde

Fase-aardsluiting in een zwevend MS-net in Gaia

De 3e harmonische pmo. 11 december 2008

De betekenis van de verhouding Ik"3/Ik"1 van de netvoeding

Gaia LV network design. Strand-Axelsson

(On)voldoende spanningskwaliteit kost geld!

Netbeheer Nederland Spanningskwaliteit

Stochastische loadflow

Wat is de huidige situatie?

Gaia LV network design. Negengeleiderloadflow

Stroomcompensatie bij transformatorregelingen

Gids voor de evaluatie van flicker. en spanningsvariaties

Stochastische loadflow

Berekening veiligheid in Gaia

Mutuele koppelingen in Vision

Harmonischen in Vision

Invloed van geleidertemperatuur op de door Gaia berekende resultaten

Toelichting meetrapporten spanningskwaliteit

Mogelijkheden met beveiligingen

Speciale transformatoren

Het uitrollen van Gaia

Opbrengst- en turbulentieberekeningen Windpark IJmond Lijnopstelling windturbines Reyndersweg Velsen-Noord

Welkom Copyr y igh t HyT Hy EP E S P S B.V. B.V

Afleiding kabelparameters normaal bedrijf

Specifieke magneetveldzones tussen de masten 115 en 122 van de 150/380 kv combinatielijn in de Gemeente Helmond

Modellering windturbines met Vision

Gids voor de evaluatie van. harmonischen

LABO. Elektriciteit OPGAVE: De cos phi -meter Meten van vermogen in éénfase kringen. Totaal :.../ /.../ Datum van afgifte:

Magneetschakelaars: technische eigenschappen

Foutenberekeningen Allround-laboranten

Movares: Kwaliteit op het aansluitpunt Energy and Automation

Technische Instructie

DNV KEMA Energy & Sustainability. Rapport. Kwantitatieve Risicoanalyse Gastransportleiding Z

Notitie Situatie Laagfrequent geluid Wetgeving

Micro-WKK in Gaia: Speciale generatoren

Kleurencode van weerstanden.

Project Lumen. Het vermogen van licht. Auteur: Miguel Agterberg

Een kogel die van een helling afrolt, ondervindt een constante versnelling. Deze versnelling kan berekend worden met de formule:

DNV KEMA Energy & Sustainability. Rapport. Kwantitatieve Risicoanalyse Gastransportleiding W Kromslootpark te Almere

DNV KEMA Energy & Sustainability. Rapport. Kwantitatieve Risicoanalyse Gastransportleiding N

BIJLAGE 7 RISICOANALYSE EXTERNE VEILIGHEID KEMA

PR contouren voor windturbine Vestas V90-3.0

DNV KEMA Energy & Sustainability. Rapport. Kwantitatieve Risicoanalyse Gastransportleiding W i.v.m. verlegging van de leiding

P ow er Quality metingen: Harmonischen

Kwantitatieve Risicoanalyse Gastransportleiding &

Kwantitatieve Risicoanalyse Gastransportleidingen Z en Z

Driewikkeltransformator Toepassing

BESTEMMINGPSLAN. Mettegeupel - Oost - Oss Bijlage 4: Hoogspanningsonderzoek

Meetverslag. Opdracht meetpracticum verbreding Elektrotechniek WINDESHEIM

Naam: Klas Practicum elektriciteit: I-U-diagram van lampje Nodig: spanningsbron, schuifweerstand (30 Ω), gloeilampje, V- en A-meter, 6 snoeren

Labo. Elektriciteit OPGAVE: De driefasetransformator. Sub Totaal :.../90 Totaal :.../20

LED VERLICHTING & VvE s

Benodigdheden Gloeilampje, spoel, condensator, signaalgenerator die een sinusvormige wisselspanning levert, aansluitdraden, LCR-meter

WHITE PAPER WAAROM EEN GOEDE POWER QUALITY ESSENTIËEL IS

DEEL 6 Serieschakeling van componenten. 6.1 Doel van de oefening. 6.2 Benodigdheden

AT-142 EPD Basis 1. Zelfstudie en huiswerk 10-08

9 PARALLELSCHAKELING VAN WEERSTANDEN

Foutenberekeningen. Inhoudsopgave

Specifieke Magneetveldzone 150kV-lijn Dodewaard-Tiel

3.4.3 Plaatsing van de meters in een stroomkring

De bisectie methode uitgelegd met een makkelijk voorbeeld

Rapport. Kwantitatieve Risicoanalyse Gastransportleiding W i.v.m. aanpassing afsluiterschema W KR-054 / W KR-055 Waddinxveen

Titel: De titel moet kort zijn en toch aangeven waar het onderzoek over gaat. Een subtitel kan uitkomst bieden. Een bijpassend plaatje is leuk.

LABO. Elektriciteit OPGAVE: Reactief vermogen in een driegeleidernet. Sub Totaal :.../80 Totaal :.../20

Harmonischen: normeringen

Harmonische stromen en resonantie..zx ronde 30 augustus 2015

Trillingen & Golven. Practicum 1 Resonantie. Door: Sam van Leuven Jiri Oen Februari

7.10 Het ontwerpen van drinkwaterinstallaties

2. Factoren onderzoeken die invloed hebben op het vermogen van de zonnecellen

Tentamen Analoge- en Elektrotechniek

Werkstuk Natuurkunde Schakeling

Het Geheim van Wielrennen. De vermogensafname in de tijd

vwo: Het maken van een natuurkunde-verslag vs

Onderzoek naar Opbrengst panelen met Nano coating en reiniging

MODULAIRE CONTACTOREN

INHOUD INLEIDING 19. Metingen en thermografie - 13

T-prognoses: nut en noodzaak

elektrotechniek CSPE KB 2009 minitoets bij opdracht 11 A B X C D

Factsheet Kwaliteit 2012

Reeksnr.: Naam: t 2. arcsin x f(t) = 2 dx. 1 x

Vermogen snelheid van de NXT

Factsheet Kwaliteit 2015

Homopolaire impedanties van kabels, revisie 2

Beschrijving. Meting van de baanresultante met de elektronische versterker CV 0203

Kwantitatieve Risicoanalyse Gastransportleiding W

minitoets bij opdracht 4

VeriteQ. Power Quality. Inhoud van de presentatie:

Hoe kun je de weerstand van voorwerpen vergelijken en bepalen?

Gevoeligheidsanalyse hotel NH Schiphol Airport nabij gastransportleidingen A-803, A-553 en A-554 gemeente Haarlemmermeer

Gebruikshandleiding V2.6. SDM120-Modbus. Enkelfase multifunctionele DIN-rail meter

Factsheet Kwaliteit 2014

Transcriptie:

Netflicker 05-097 pmo 15 september 2005 Phase to Phase BV Utrechtseweg 10 Postbus 100 6800 AC Arnhem T: 026 52 7 00 F: 026 52 7 09 www.phasetophase.nl

2 05-097 pmo Phase to Phase BV, Arnhem, Nederland. Alle rechten voorbehouden. Dit document bevat vertrouwelijke informatie. Overdracht van de informatie aan derden zonder schriftelijke toestemming van of namens Phase to Phase BV is verboden. Hetzelfde geldt voor het kopiëren van het document of een gedeelte daarvan. Phase to Phase BV is niet aansprakelijk voor enige directe, indirecte, bijkomstige of gevolgschade ontstaan door of bij het gebruik van de informatie of gegevens uit dit document, of door de onmogelijkheid die informatie of gegevens te gebruiken.

05-097 pmo INHOUD 1 Inleiding... 4 2 Theorie netflicker... 4 Eisen Netcode...7 4 Bijdrage netflicker motoren... 8 5 Netflicker laagspanningsdistributienet... 9 6 Samenvatting...12

4 05-097 pmo 1 INLEIDING Tijdens de Gaia gebruikersmiddag op 18 november 2004 is door A.D. Proem een voorstel gedaan voor de analyse van de spanningsfluctuaties in het laagspanningsnet (bron: Syllabus Gaia Gebruikersmiddag 2004)". Dit rapport geeft nader inzicht in de definitie en de berekening ervan. Eerst volgt een korte uiteenzetting van de theorie rond het fenomeen netflicker. Vervolgens worden de eisen vanuit de Netcode toegelicht. Daarna volgt een uiteenzetting over de bijdrage van motoren aan de netflicker en tenslotte wordt ingegaan op de concrete netflicker in een laagspanningsdistributienet 2 THEORIE NETFLICKER Netflicker is een aanduiding voor hinder door snelle spanningsvariaties. Eigenschappen van deze spanningsfluctuaties zijn: De spanningsvariaties zijn relatief klein in grootte (< 10%) Vooral het visueel effect van de spanningsvariaties is hinderlijk Toestellen zelf hebben er niet veel last van De hinder van netflicker is afhankelijk van een aantal meer en minder concrete zaken: Persoon en diens activiteit Frequentie lichtvariaties (f < 5 Hz) Tijdsduur: korter is slechter Kleur van het licht Basislichtsterkte Lamptype Enkele aandachtspunten ten aanzien van de verlichting: Fluoriscentie lampen (TL-buizen) hebben een intrinsiek flickerprobleem Gloeilampen versterken het effect van snelle spanningsvariaties De versterking is afhankelijk van de frequentie van de variatie Er bestaat een standaard voor metingen aan een 60 W gloeilamp De sterkte van netflicker wordt aangeduid met de naar het Engels vertaalde Duitse term "perturbation", wat betekent: verstoring. Er zijn twee begrippen om de netflicker mee aan te duiden: P ST : Perturbation short time P : Perturbation long time

m e t i n g n r. 5 05-097 pmo De PST wordt berekend met onderstaande experimentele formule (Mombauer): 0.1 PST = 0.6 R F dmax r waarin: R : correctiefactor (1 voor 0,2< R < 0 inschakelingen/minuut) F : vormfactor (1 voor stapvorm) d MAX : absolute procentswaarde spanningsdip (Z FASE!!) r : aantal inschakelingen per minuut De P ST wordt bepaald uit het gemiddelde van de metingen over een periode van 10 minuten. De meettijd is één week (7 x 24 uur). Er zijn dus 1008 meetwaarden van de P ST. Figuur 1 geeft een voorbeeld van een P ST meting. Meting Pst,500,000 2,500 2,000 1,500 Reek s1 1,000 0,500 0,000 1 86 171 256 41 426 511 596 681 766 851 96 Figuur 1 Voorbeeld van een P ST meting De P wordt bepaald als voortschrijdend gemiddelde uit 12 opeenvolgende 10 minuten-waarden van de P ST met behulp van de formule: 12 PSTi P = 12 i= 1 Er zijn dan dus 1008 11 = 997 bruikbare 10 minuten-waarden voor de bepaling van de P. Figuur 2 geeft een voorbeeld van het bepalen van de P. Deze grafiek heeft globaal dezelfde vorm als de grafiek van de P ST, maar de korte termijnvariaties zijn eruit gefilterd.

6 05-097 pmo Plt,000 2,500 2,000 Plt 1,500 1,000 0,500 0,000 1 89 177 265 5 441 529 617 705 79 881 969 Reeks2 metingnr. Figuur 2 P, berekend uit de gemeten P ST waarden De flickerbronnen kunnen gesommeerd worden. Zo is de net-p samengesteld uit de achtergrond-p en de Klant-P. Ten aanzien van het sommeren van de afzonderlijke flickerbronnen geldt onderstaande formule, waarbij de derde macht wordt gebruikt: NetP = AchtergrondP + KlantP Onderstaand netschema illustreert de aanwezigheid van de diverse flickerbronnen. Overige belasting V 10 kv-net 250 10750/420 5j trap: LS-rek SIBA 6 A gl/gg 500 m GPLK 4x25 50 m GPLK 4x6 Meterkast AM 200 m GPLK 4x25 achtergrond-plt net-plt EMA klant-plt Figuur Aanwezigheid van de flickerbronnen in een net

7 05-097 pmo EISEN NETCODE De Netcode stelt onder andere onderstaande eisen ten aanzien van de netflicker: De net-p moet kleiner zijn dan 1 in 95% van de 10 minuten-waarden. De net-p moet kleiner zijn dan 5 in alle 10 minuten-waarden. De bijdrage aan netflicker door de aangeslotene op het aansluitpunt wordt beperkt door een maximale bijdrage aan de P ST en de P. De klant-p ST moet kleiner zijn dan 1 en de klant-p moet kleiner zijn dan 0,8. Dit geldt bij een netimpedantie (Z FASE ) van 28 mohm, conform IEC 61000--. 2,0 1,6 P ST /P P ST P 1,0 0,8 Toegestane bijdrage klant-p ST /P 0,5 0,4 141,5 28 netimpedantie 566 [mohm] Figuur 4 Relatie tussen netimpedantie en P ST De norm IEC 61000 schrijft een flickercurve voor, die een verband tussen de frequentie van de spanningsfluctuaties en de toegestane grootte ervan voorschrijft. De curve geldt voor P ST = 1 bij stapvormige spanningvariaties. Figuur 5 Flickercurve volgens IEC 61000

8 05-097 pmo Bij 2 inschakelingen per minuut en een spanningvariatie van 2,25% bedraagt de P ST volgens de experimentele formule van Mombauer: P ST = 0.6 1 1 2.25 2 0.1 = 1.00 4 BIJDRAGE NETFLICKER MOTOREN De bijdrage van de motoren aan de netflicker wordt beschreven aan de hand van onderstaand voorbeeldnet: LS-rek Netsituatie Overige belasting V 10 kv-net 400 10750/420 5j trap: AM 1 100 m VMvKas 4x95 al SIBA 160 A gl/gg 00 m VMvKas 4x50 al AM 2 EMA 100 m VMvKas 4x50 al 25 m VGYMvKas 4x16 25 m VOYMvKas 4x6 Aangeslotene 1 Plt-1 Plt-2 Aangeslotene 2 M 5 kw en 400 V M 5 kw en 400 V Iaanloop = 20 A Iaanloop = 20 A Figuur 6 Voorbeeldnet voor bijdrage motoren De aanloopstromen resulteren in een spanningsdip van 1,62% bij aangeslotene 1 en van 7,56% bij aangeslotene 2. De berekende netimpedantie bedraagt respectievelijk 8 en 66 mohm. Indien het aantal inschakelingen 2 maal per minuut bedraagt, is de bijdrage aan de P ST ter hoogte van aangeslotene 1 volgens de experimentele formule gelijk aan: P ST = 0.6 1 1 1.62 2 0.1 = 0.72 De maximaal toegestane bijdrage aan de P ST wordt berekend met de verhouding van de netimpedantie uit de Netcode (28 mohm, zie figuur 4) en de berekende netimpedantie (82 mohm): 8 1 = 0.29 28 De maximaal toegestane waarde (0.29) is kleiner dan de berekende bijdrage (0.72), dus is dit bij aangeslotene 1 niet in orde. De bijdrage aan de P ST ter hoogte van aangeslotene 2 is volgens de experimentele formule gelijk aan: 0.1 = 0.6 1 1 7.56 2 =.74 P ST

9 05-097 pmo De maximaal toegestane bijdrage is: 66 1 = 1.29 28 De maximaal toegestane waarde is kleiner dan de berekende bijdrage, dus is dit bij aangeslotene 2 niet in orde. Conclusie: Het is belangrijk door metingen zicht te krijgen op de bijdrage van aansluitingen in de netflicker (P ST ). Hierop kan de maximale netimpedantie afgestemd worden. 5 NETFLICKER LAAGSPANNINGSDISTRIBUTIENET In het volgende voorbeeld klaagt de aangeslotene over netflicker. Het voorbeeldnet is weergegeven in figuur 7. De P -meting is weergegeven in figuur 8. Overige belasting V 10 kv-net 250 10750/420 5j trap: LS-rek SIBA 6 A gl/gg 500 m GPLK 4x25 50 m GPLK 4x6 Meterkast AM 200 m GPLK 4x25 achtergrond-plt net-plt EMA klant-plt Figuur 7 Voorbeeldnet voor netflickerprobleem

10 05-097 pmo Plt Plt,000 2,500 2,000 1,500 1,000 0,500 0,000 1 89 177 265 5 441 529 617 705 79 881 969 Reeks2 metingnr. Figuur 8 Voorbeeldcurve P Uit de analyse van de P -metingen blijkt dat 75 van alle 10 minuten-waarden, ofwel 7,6% van de 1000, groter zijn dan 1, zie figuur 8. De Netcode geeft aan dat maximaal 5% van deze waarden groter dan 1 mogen zijn. Dat betekent dat in bovenstaande reeks (figuur 8) maximaal 50 van de 1000 P -waarden groter dan 1 hadden mogen zijn. De klacht blijkt dus terecht. Overige gegevens: Net-P max. 2,789; Achtergrond-P max. 1,0. De netimpedantie bedraagt 602 mohm. Vragen ten aanzien van de netflicker zijn: "Wie de veroorzaker(s) is (zijn)?". "Wie moet wat doen?" Twee oplossingen worden in het nu volgende behandeld: De "Nostra culpa"-oplossing (onze schuld). De "Tua et nostra culpa"-oplossing (jouw en onze schuld). De "Nostra culpa"-oplossing luidt als volgt: De netbeheerder zorgt dat het net (weer) voldoet aan de Netcode. Analyse van de 1000 P-metingen van de reeks in figuur 8 moet dan volgens de 5% eis van de Netcode opleveren: 50 meetwaarden P > 2,705. Als de netimpedantie wordt verlaagd tot een factor 0,7 (1/2.705), dan wordt voldaan aan de 5 %-eis. Dat betekent dat Zfase kleiner is dan 0,7 x 602 (=222) mohm.

11 05-097 pmo NOSTRA CULPA 10 kv-net dul1: -0,5 V (-0,01 %) V 250 10750/420 5j Overige belasting AM dul1n: -,1 V (-1,5 %) UN: 0,9 V dul1: -6,7 V (-2,91 %) 500 m VMvKas 4x150 al 200 m GPLK 4x25 SIBA 6 A gl/gg 50 m VMvKas 4x50 al LS-rek dul1n: -0,2 V (-0,07 %) UN: 0,2 V dul1: -0,4 V (-0,18 %) Meterkast dul1n,max: -4,0 V (-1,7 %) UN,max: 1,2 V dul1,max: -8,5 V (-,70 %) Zcircuit: 0,261 Ohm ZL1: 0,191 Ohm Zretour: 0,072 Ohm achtergrond-plt net-plt klant-plt EMA dul1n: -,1 V (-1, %) UN: 0,8 V dul1: -6,7 V (-2,91 %) Figuur 9 Nostra Culpa netgegevens De "Tua et nostra culpa"-oplossing luidt als volgt: De klant-installatie moet voldoen aan de Netcode. Daartoe wordt eerst de klant-p bepaald. De maximale waarde van de net-p is 2,789. De klant-p volgt dan uit: klantp klantp klantp = netp = 2.789 = 2.745 achtergrondp 1.0 Bij een netimpedantie van 28 mohm geldt dan voor de bijdrage: 28 2.745 = 1.290 602 De conclusie voor dit voorbeeld is dat de klant-p te hoog is (> 0,8, volgens de Netcode bij een standaard impdantie van 28 mohm). Stel dat de klant neemt zodanige maatregelen neemt dat de klant-p ' gelijk is aan 0,8 bij 28 mohm. Om dan de netflicker na de verbeteringen in de klantinstallatie te beoordelen kunnen twee methoden worden toegepast: Een nieuwe P -meting. Bepaling van de nieuwe net-p door middel van een berekening. Mogelijkheid a: Nieuwe P-meting na verbetering. De nieuwe P -meting wordt geanalyseerd. Bepaal het niveau X waarbij 50 meetwaarden groter zijn dan X. De factor tot waar de netimpedantie verlaagd moet worden is dan gelijk aan: 1/X.

12 05-097 pmo Mogelijkheid b: Berekening van de nieuwe net-p na verbetering. Na verbetering wordt de klant-p ' gelijk aan: 602 klantp ' = 0.8 = 1.702 28 De verbeterde net-p ' (maximale waarde) volgt uit: NetP ' = AchtergrondP ' + KlantP ' NetP ' = 1.0 + 1.702 NetP ' = 1.810 Teneinde de net-p kleiner dan of gelijk aan 1 te krijgen, dient de netimpedantie te worden verlaagd tot een factor 1/1,810 = 0,55. De nieuwe netimpedantie dient dan maximaal te bedragen: 0,55 x 602 = 1 mohm. In dat geval zullen alle 10 minuten-waarden van de P kleiner dan of gelijk aan 1 zijn. TUA ET NOSTRA CULPA 10 kv-net dul1: -0,5 V (-0,01 %) V 250 10750/420 5j Overige belasting AM dul1n: -4,6 V (-2,02 %) UN: 1, V dul1: -9,8 V (-4,25 %) 500 m VMvKas 4x95 al 200 m GPLK 4x25 SIBA 6 A gl/gg 50 m VMvKas 4x50 al LS-rek dul1n: -0,2 V (-0,07 %) UN: 0, V dul1: -0,4 V (-0,18 %) Meterkast dul1n,max: -5,5 V (-2,9 %) UN,max: 1,6 V dul1,max: -11,6 V (-5,0 %) Zcircuit: 0,5 Ohm ZL1: 0,251 Ohm Zretour: 0,10 Ohm achtergrond-plt net-plt klant-plt EMA dul1n: -4,6 V (-1,99 %) UN: 1,2 V dul1: -9,8 V (-4,24 %) Figuur 10 Tua et Nostra Culpa netgegevens 6 SAMENVATTING De netflicker is recht evenredig met netimpedantie. Door metingen is het mogelijk om zicht te krijgen op de bijdrage van de aansluitingen in de netflicker (de P ST ). Hierop moet de maximale netimpedantie afgestemd worden. De "Tua et nostra culpa"-oplossing kan worden toegepast bij netflickerklachten.