The Big Sleep Continuïteitsmontage Sequens [Uit de lesnota's van Tim Deschaumes] Marlowe achtervolgt de verdachte boekhandelaar A.G. Geiger. Hij komt snel te weten waar zijn huis is en stelt vast dat Carmen Sternwood en Geiger elkaar kennen. Nadat er schoten vallen en twee auto s wegrijden, dringt Marlowe het huis binnen. Hij treft er de vermoorde Geiger aan in het gezelschap van de dronken Carmen. Marlowe zoekt naar clues en brengt Carmen naar huis. Hawks gebruikt doorheen heel de film medium shots of closeups van naambordjes en wegwijzers om duidelijk aan te geven waar de personages zich bevinden. Een van de eerste shots van de film is een close-up van het naambordje op de deur van het huis van Generaal Sternwood. In deze scène geven de shots van Laverne Terrace en van Geigers brievenbus snel aan dat Geiger arriveert bij zijn eigen huis. Bij de continuïteitsstijl volgt de camera bewegende hoofdpersonages op de voet: zij verdwijnen niet uit beeld maar blijven, dankzij de camerabeweging, op een centrale plaats in het shot staan. De camera volgt Geiger vanaf het moment dat hij zijn auto verlaat, tot dat hij zijn huis binnengaat. De continuïteitsmontage focust op personages en hun handelingen. Er zijn een aantal redenen waarom de film de kijker iets meer of iets minder informatie aanreikt dan de detective: om spanning op te roepen; om nieuwsgierigheid op te roepen; om de kijker ruimtelijk te oriënteren (zoals hier het geval is). Bij een detectivefilm als The Big Sleep is het gebruikelijk dat de kijker niet meer weet of ziet dan de detective. In de praktijk wordt deze conventie nooit perfect opgevolgd. De detective weet meestal net een beetje meer of minder dan de kijker. Het begin van de scène geeft dit meteen aan. Terwijl wij shots van de omgeving van het huis van Geiger te zien krijgen, is Marlowe nog niet gearriveerd. Hij komt pas aan als Geiger al naar binnen is gegaan. Als Marlowe is aangekomen zien we een long shot van zijn auto, onmiddellijk gevolgd door een close-up van Marlowe, die naar Geigers huis kijkt. Dit is een klassiek voorbeeld van analytische montage : met behulp van een cut in (de closeup ) wordt aandacht gevraagd voor een belangrijk element uit de ruimte, wat heel vaak een personage is.
Tussen het long shot en de close-up is er bovendien sprake van een match on action. In het long shot zien we Marlowe naar beneden bewegen om de handrem aan te trekken, in de close-up zien we het vloeiende vervolg van die beweging. Vanaf nu tot aan het eind van de scène ziet en weet Marlowe ongeveer hetzelfde als de kijker. We weten onmiddellijk dat Marlowe ( point/glance ) in de richting van Geigers huis ( point/object ) kijkt, dankzij de oriënterende voorgaande shots. Hij kan maar een korte blik werpen op Geigers huis, want er komt een andere auto aangereden. Marlowe wil niet gezien worden, dus hij duikt naar beneden. De camera volgt de nieuwe auto en maakt duidelijk waar die zich bevindt ten opzichte van Marlowes wagen. Op de achtergrond rechts zien we de voorkant van die wagen en links zien we de Laverne Terrace-wegwijzer.
Hawks gebruikt de mise-en-scène (schaduwen, regenmantel) om de identiteit van de chauffeur te verbergen. Daardoor is onze kennis even beperkt, ook al zien wij de auto vanuit een ander standpunt als Marlowe. Wij herkennen de chauffeur niet door de mise-en-scène, Marlowe herkent hem niet omdat hij zich verbergt. De montage en de mise-en-scène worden gebruikt om onze nieuwsgierigheid op te wekken. Die wordt sneller dan verwacht bevredigd, want Marlowe stelt onmiddellijk vast dat de auto geregistreerd is op naam van Carmen Sternwood. Om die info duidelijk weer te geven toont Hawks een close-up van het registratiebewijs. Marlowe keert terug naar zijn auto. Vooraleer we hem zien instappen zien we een overvloeier ( dissolve ) naar een shot van Marlowe die in zijn auto is ingedommeld. De overvloeier geeft aan dat we een sprongetje in de tijd hebben gemaakt. Dit is de eerste van drie overvloeiers in deze scène. In de periode dat de continuïteitsmontage zich volop ontwikkelt en het dominate montagesysteem wordt (1915-1960), is de overvloeier een veel gebruikte manier om over te gaan van het ene shot naar het andere. Daarna verliest deze shotovergang zijn populariteit en wordt de straight cut, die veel minder tijd in beslag neemt, veel meer gebruikt. Marlowe schrikt wakker van een lichtflits in Geigers huis. De camera volgt hem als hij naar het huis rent ( long shot ). Als hij bijna bij de deur is, krijgen we een shot met een kleinere beeldgrootte ( medium long shot ). De montage is niet perfect omdat een klein deel van de beweging in het long shot herhaald wordt in het medium long shot. Er is dus geen naadloze match on action. Maar door de snelheid waarmee Marlowe beweegt én door de snelle montage valt dit niet op.
Marlowe kan de deur niet openen en hoort iemand weglopen. Toch krijgen wij een shot te zien van een man die vlucht via een trap. In de ruimte rondom Geigers huis hebben we nog geen trap gezien. Op basis van latere shots kunnen we die trap aan de achterkant van Geigers huis situeren. Omdat Hawks de kijker niet meer informatie wil geven dan zijn hoofdpersonage, zorgt hij ervoor dat we alleen de benen van de man te zien krijgen. Dit shot heeft verschillende functies. Het zorgt voor een evenwicht tussen het kennisniveau van Marlowe en dat van de kijker door alleen maar het visuele equivalent van het geluid van een vluchtend personage weer te geven Het roept spanning en nieuwsgierigheid op: wie loopt er weg? Komt er een confrontatie tussen de allicht gewapende vluchter en Marlowe? Het zorgt voor narratieve duidelijkheid. De kijker moet beseffen dat er iemand wegloopt, wat onvoldoende gegarandeerd is als hij de voetstappen enkel hoort, zoals Marlowe. Met één shot slaagt Hawks erin om tegemoet te komen aan de conventies van het detectivegenre en aan die van de continuïteitsmontage. Het shot verstoort wel even de ruimtelijke continuïteit, maar de volgende shots van twee auto s die langs de zijkant van het huis wegrijden, maken duidelijk dat de man langs de achterkant wegvluchtte. Die auto s stonden dus al achter het huis voordat Geiger, Marlowe en Carmen arriveerden. Marlowe, netzomin als de kijker, was hiervan op de hoogte. Hawks snijdt alleen maar als het moet. Continuïteit kun je ook verkrijgen als je helemaal niet monteert. Hij kiest vaak voor relatief lange shots zonder montage, maar met mobiele kadrering. Pas wanneer Marlowe een persoon of object ziet dat interessant is (voor ruimtelijke oriëntering, voor het oproepen of weergeven van emotie of voor de ontsluiering van het raadsel), volgt er een cut. De camera volgt op een vloeiende manier Marlowe die in het huis is binnengedrongen. Een point/object-shot van de dronken maar in het oog springende Carmen wordt gevolgd door een erg lang, mobiel shot van 58 seconden. Pas wanneer Marlowe een interessante aanwijzing ontdekt, krijgen we een nieuw shot: een close-up van het verborgen fototoestel. Het feit dat Hawks de vondst van Geigers lichaam geen close-up gunt, kan gezien worden als een aanwijzing van de onbelangrijkheid van dit personage of van de detectiveplot an sich. In vergelijking met de intense confrontatie tussen Marlowe en Carmen wordt de ontdekking van Geigers lijk bijna als een fait divers behandeld.
De dialoog of confrontatie tussen Marlowe en Carmen vormt wél een aanleiding voor een weloverwogen montage. Hawks brengt de animositeit tussen beide personages, die haar oorsprong vindt in de eerste scène van de film, van dichtbij in beeld. De confrontatie gaat van start met een medium long establishing shot. Dan volgt een cut in, zodat we nog wat dichter op de huid van Bogart en Vickers komen te zitten ( medium shot ). Via een voorwaartse camerabeweging zorgt Hawks ervoor dat de afstand nog kleiner wordt. Daarna volgt het klassieke shot/reverse shot -patroon.
De tweede overvloeier uit deze scène heeft dezelfde functie als de eerste: een kleine sprong in de tijd aangeven. Terwijl Carmen haar roes uitslaapt, doet Marlowe wat een detective behoort te doen: aanwijzingen zoeken. Hij vindt een interessant notaboekje met gecodeerde boodschappen, dat ons getoond wordt met een close-up. De scène eindigt met een derde overvloeier. Die geeft zowel een sprong in de tijd als een sprong in de ruimte aan. Het vertrek van Marlowe met de slapende Carmen en de rit naar het Sternwoodhuis wordt niet getoond, maar gesuggereerd door de overvloeier.