Krabbelkäfer & Friends Alle Figuren, die door mijn patronen zijn ontstaan, mogen verkocht worden, met vermelding van mij als designer. Het patroon zelf, of delen ervan mogen niet worden verkocht of als eigen patroon uitgegeven worden. Vielen Dank :o) Materiaal: Met het aangegeven garen worden de figuren ca. 12 cm (zonder voelsprieten). De opgegeven garen en naalddikte zijn natuurlijk een voorbeeld, je kan elk ander garen gebruiken. Garen, bijv. Schachenmayr Catania (zwart, rood (kleurnr. 115), lichtabrikoos (kleurnr. 263), geel (kleurnr. 208), wit, groen (kleurnr. 212) Bijpassende haaknaald (bij mij 2,0 mm) Vulling evtl. wat Chenille-draad (pijpenrager) Ogen in passende grootte Afkortingen: v = vaste MR = magische ring L = losse st = steek hv = halve vaste * * * Er wordt tenzij anders aangegeven - in spiraalronden gehaakt.
Voor de (meest onzichtbare) kleurwisselingen bij spiraalronden en het plaatsen van meerderingen en minderingen kijk op www.zhaya.de onder Tipps, Tricks en Tutorials. Lieveheersbeestje Hoofd: lichtabrikoos (huid) 7.-12. (6 toeren) v in elke st (36) Bij gebruik van veiligheidsogen deze tussen toer 8 en 9 plaatsen met ca. 5 st tussenruimte. 13. elke 5. en 6. v samen haken (30) 14. elke 4. en 5. v samen haken (24) 15. elke 3. en 4. v samen haken (18) hoofd in vorm vullen 16. elke 2. en 3. v samen haken (12) stevig vullen 17. telkens 2 v samen haken (6) Beeindigen, sluiten, draad laten hangen, Als dat nog niet gebeurd is ogen maken. Met de einddraad kan je een toer onder de ogen een neus vormen, hiervoor met 2-3 steken tussenruimte zolang heen en weer naaien tot de neus de gewenste grootte heeft. Daarna de draad weer naar achteren steken en afhechten. Mond en event. wenkbrauwen borduren. Voet/been (2x): met zwart 4.-6. (3 toeren) v in elke st (18) 7. 2v, 4x 2 v samen haken, 8v (14) 8. 2v, 2x 2 v samen haken, 8v (12) Voet in vorm vullen 9.-12. (4 toeren) v in elke st (12)
Het 1e been beeindigen en afhechten. Het 2e been niet beeindigen. Beide benen naast elkaar houden, tenen naar voren wijzend, het 1 e been links en het 2 e been rechts (event. beide delen met een lange naald vastzetten). Nu in de volg. st van het 2 e been aan de binnenkant insteken en ertegenover in het andere been uitkomen. Als deze st niet precies in het midden ligt, even aanpassen. De beide benen met een hv verbinden en met een L fixeren, deze goed aantrekken. Hier begint nu de nieuwe toer (markeren) en het Lijf: 13. 1v in dezelfde st van de hv (in één been), 11 v om het been, 12 v om het andere been (daarbij de 1e st weer in de verbindingssteek haken) (24) 14. elke 4. v meerd (30) 15. elke 5. v meerd (36) 16.-21. (6 toeren) v in elke st (36) Als dat nog niet is gebeurd, de benen vullen. 22. elke 5. en 6. v samen haken (30) 23. v in elke st (30) 24. elke 9. en 10. v samen haken (27) 25. elke 8. en 9. v samen haken (24) 26. elke 7. en 8. v samen haken (21) 27. elke 6. en 7. v samen haken (18) Lijf vullen. 28. elke 5. en 6. v samen haken (15) Beeindigen, draad laten hangen voor het vastnaaien. Kapje: zwart 7.-13. (7 toeren) v in elke st (36) Beeindigen, draad laten hangen. Het kapje op het hoofd zetten en rondom vastnaaien. Het hoofd aan het lijf vastnaaien (met een matrassteek). Voelsprieten: zwart 3.-4. (2 toeren) v in elke st (12) vullen. 5. telkens 2vsam (6) 6.-9. (4 toeren) v in elke st (6) Beeindigen,draad laten hangen voor het vastnaaien.
In de voelsprieten chenilledraad steken of vullen. Op het hoofd vastnaaien. Vleugel (2x): rood 3. elke 2. M meerd (18) 7.-9. (3 toeren) v in elke st (36) Vleugel met v samenhaken, beeindigen, draad van de 1e vleugel afhechten, van de 2e vleugel laten hangen. De vleugel samennaaien (zie foto). Stippen (6x): zwart Beeindigen, draad laten hangen en aan elke vleugel 3 stippen vastnaaien. De vleugels direct onder het hoofd vastnaaien. Ik heb de vleugels alleen aan de bovenkant vastgenaaid. Hand/Arm (2x): lichtabrikoos 3.-5. (3 toeren) v in elke st (12) vullen. 6. elke 3. en 4. v samen haken (9) 7.-17. (11 toeren) v in elke st (9) In de armen chenilledraad steken of vullen. 18. elke 2. en 3. v samen haken (6)
Beeindigen, draad laten hangen voor het vastnaaien. Armen links en rechts direkt onder het hoofd aan het lijf naaien links. Bijtje Hoofd: lichtabrikoos (huid) 7.-12. (6 toeren) v in elke st (36) Bij gebruik van veiligheidsogen, deze tussen toer 8 en 9 met ca. 5 st tussenruimte bevestigen. 13. elke 5. en 6. v samen haken (30) 14. elke 4. en 5. v samen haken (24) 15. elke 3. en 4. v samen haken (18) Hoofd vullen 16. elke 2. en 3. v samen haken (12) stevig vullen 17. telkens 2v samen haken (6) Beeindigen, draad laten hangen. Als dat nog niet is gedaan, de ogen bevestigen of borduren. Met de einddraad kan je onder de ogen een neus vormen. Hiervoor over 2-3 steken net zo lang heen en weer naaien tot het de gewenste maat heeft. De draad weer naar onderen steken en afhechten. Mond en event. wenkbrauwen borduren.
Voet/been (2x): zwart 4.-6. (3 toeren) v in elke st (18) 7. 2v, 4x 2 v samen haken, 8v (14) 8. 2v, 2x 2 v samen haken, 8v (12) vullen 9.-12. (4 toeren) v in elke st (12) De draad van het 1e been afhechten. Het tweede been niet, deze hetzelfde verbinden als bij het lieveheersbeestje. Hier begint de nieuwe toer (markeren) en het Lijf: 13. 1v in dezelfde st, hv in het eerst gehaakte been, 11 v om het been haken, 12 v om het andere been (de 1e st weer in de verbindingssteek) (24) 14. elke 4. v meerd (30) 15. elke 5. v meerd (36) wissel naar geel vanaf hier telkens 2 toeren zwart en 2 toeren geel. De laatste 3 toeren zijn zwart. 16.-21. (6 toeren) v in elke st (36) Als dat nog niet is gebeurt, de benen vullen. 22. elke 5. en 6. v samen haken (30) 23. v in elke st (30) 24. elke 9. en 10. v samen haken (27) 25. elke 8. en 9. v samen haken (24) 26. elke 7. en 8. v samen haken (21) 27. elke 6. en 7. v samen haken (18) Lijf vullen. 28. elke 5. en 6. v samen haken (15) Beeindigen, draad laten hangen voor het vastnaaien. Kapje: zongeel wissel naar zwart wissel naar geel 7. v in elke st (36) wissel naar zwart 8.-9. (2 toeren) v in elke st (36) wissel naar geel 10.-11. (2 toeren) v in elke st (36) wissel naar zwart 12.-13. (2 toeren) v in elke st (36)
Beeindigen, draad laten hangen. Het kapje op het hoofd vastnaaien, het hoofd aan het lijf vastnaaien met een matrassteek. Voelsprieten: zwart 3.-4. (2 toeren) v in elke st (12) vullen. 5. telkens 2 v samen haken (6) wissel naar geel 6.-9. (4 toeren) v in elke t (6) Beeindigen, draad laten hangen. Chenilledraad in de voelsprieten stoppen of vullen. Met de einddraad aan het hoofd vastnaaien. Vleugel: wit 4. -7. (4 toeren) v in elke st (18) 8. elke 5. en 6. v samen haken (15) 9. v in elke st (15) 10. elke 4. en 5. v samen haken (12) 11. -12. (2 toeren) v in elke st (12) 13. elke 4. v meerd (15) 14. v in elke st (15) 15. elke 5. v meerd (18) 16.-19. (4 toeren) v in elke t (18) 20. elke 2. en 3. v samen haken (12) 21. telkens 2v samen haken (6) Beeindigen, draad afhechten. De vleugels worden niet gevuld, maar samengeklapt. Vleugels aan het lijf vastnaaien. Hand/Arm (2x): lichtabrikoos 3.-5. (3 toeren) v in elke st (12) vullen. 6. elke 3. en 4. v samen haken (9) 7.-17. (11 toeren) v in elke at (9) Chenilledraad in de armen steken of vullen. 18. elke 2. en 3. v samen haken (6) beeindigen, draad laten hangen. Armen links en rechts direkt onder het hoofd vastnaaien.
Krekel Hoofd: lichtabrikoos (huid) 7.-12. (6 toeren) v in elke st (36) Bij gebruik van veiligheidsogen deze tussen toer 8 en 9 bevestigen met 5 st tussenruimte. 13. elke 5. en 6. v samen haken (30) 14. elke 4. en 5. v samen haken (24) 15. elke 3. en 4. v samen haken (18) Hoofd vullen 16. elke 2. en 3. v samen haken (12) verder vullen 17. telkens 2 v samen haken (6) Beeindigen, draad laten hangen. Als dat nog niet is gedaan, de ogen bevestigen of borduren. Met de einddraad kan er onder de ogen een neus worden gevormd, door over 2-3 steken heen en weer te borduren tot het de gewenste maat heeft. Daarna de draad terug naar onderen steken en afhechten. Mond en event. wenkbrauwen borduren. Kapje: groen
7.-13. (2 toeren) v in elke st (36) Beeindigen, draad laten hangen. Het kapje op het hoofd vastnaaien, dan het hoofd aan het lijf vast naaien. Voelsprieten: groen 1. 3L met 1 hv in de 1e st sluiten tot ring, in elke st 2 v haken (6) 2.-16. (15 toeren) v in elke st (6) - 90v doorlopend geteld Beeindigen, draad laten hangen. Chenilledraad in de voelsprieten steken, zodat ze buigzaam zijn. Met de einddraad op het hoofd vastnaaien. Voet/been (2x): groen 4.-6. (3 toeren) v in elke st (18) 7. 2v, 4x 2 v samen haken, 8v (14) 8. 2v, 2x 2 v samen haken, 8v (12) voet vullen 9.-12. (4 toeren) v in elke st (12) Het 1e been afhechten, bij het 2e been doorgaan als bij het lieveheersbeestje. Hier begint de nieuwe toer en het Lijf: 13. 1v in dezelfde st, hv in het eerst gehaakte been, 11 v om het been haken, 12 v om het andere been (de 1e st weer in de verbindingssteek) (24) 14. elke 4. v meerd (30) 15. elke 5. v meerd (36) 16.-21. (6 toeren) v in elke st (36) Als dat nog niet gedaan is, de benen vullen. 22. elke 5. en 6. v samen haken (30) 23. v in elke st (30) 24. elke 9. en 10. v samen haken (27) 25. elke 8. en 9. v samen haken (24) 26. elke 7. en 8. v samen haken (21) 27. elke 6. en 7. v samen haken (18) Lijf vullen. 28. elke 5. en 6. v samen haken (15) Beeindigen,draad laten hangen voor het vastnaaien.
Vleugels (2x): groen 2. elke 3. v meerd (8) 3. elke 4. v meerd (10) 4. elke 5. v meerd (12) 5. elke 6. v meerd (14) 6.-13. (8 toeren) v in elke st (14) 14. 2 v samen haken, 12v (13) 15. 2 v samen haken, 11v (12) 16. 2 v samen haken, 10v (11) 17. 2 v samen haken, 9v (10) 18. telkens 2 v samen haken (5) Beeindigen, vleugels plat met een paar steekjes onder het hoofd aan het lijf vastnaaien. Hand/arm (2x): lichtabrikoos 3.-5. (3 toeren) v in elke st (12) vullen. 6. elke 3. en 4. v samen haken (9) wissel naar groen. 7.-17. (11 toeren) v in elke st (9) Chenilledraad in de armen steken of vullen. 18. elke 2. en 3. v samen haken (6) Beeindigen, draad laten hangen. Armen links en rechts direkt onder het hoofd aan het lijf vastnaaien.