HANDLEIDING. Slowpitch

Vergelijkbare documenten
PLAYBOOK. BeeBall. Een spelletje voor de toekomst

N.B. Op het schooltoernooi spelen alle teams ZONDER handschoenen, het is dus niet toegestaan zelf meegebrachte handschoenen te gebruiken.

BeeBall is een spel voor iedereen en overal

BeeBall is een spel voor iedereen en overal!

SPELREGELS HONKBAL & SOFTBAL

Introductie Slowpitch Softbal

Reglement - Softball

BeeBall is een spel voor iedereen en overal!

REGLEMENT VAN WEDSTRIJDEN WEDSTRIJDSPORT JEUGD 2014

Spelregels Baseball5. #playeverywhere. Versie 1 januari 2019 Nederlandse vertaling van de officiële WBSC-spelregels.

Spelregelwijzigingen softbal (in blauw)

Dit spelregelboekje is speciaal samengesteld voor het peanutbal tijdens de Veldhovense Schoolverlaters Sportdagen.

CONNECT TO THE GAME. Methodiek voor honkbalscheidsrechters

MATRIX JEUGDHONKBAL 2014 Speelbal Artikel 6

Speluitleg honkbal Algemeen De Uitrusting van de honkballer

De regels van het spel

MATRIX HONKBAL JEUGD 2013 Speelbal Artikel 6

CIOS Arnhem Sporting Events SPELREGELS. Sportdag Sportaccentscholen

REGLEMENT VAN WEDSTRIJDEN JEUGD

Methodiek softballen

Officiële scoreregels Honkbal / softbal

CONNECT TO THE GAME. Methodiek voor honkbalscheidsrechters

In de zomer is er een zomerstop. Die wordt vastgesteld door de KNBSB en is voor HSV Saints niet beïnvloedbaar.

Werkstuk LO Softbal 5,8. Werkstuk door een scholier 2868 woorden 27 juni keer beoordeeld

Softbal. LOCATIE : Quick 20 veld 2. Makkelijk om te weten:

Opleiding Scheidsrechter Honkbal Level 1

Officiële scoreregels Honkbal / softbal. Uitgave 2017

Officiële scoreregels Honkbal/Softbal

De regels van het spel

Softbal slow pitch. Bijeenkomst 22 Feb Agenda: - Oorspronkelijk uitgangspunt. - Terugblik seizoen 2014 Plus Delta Leermomenten

Dit is een vereenvoudigde weergave van de spelregels. Hier staan alleen de belangrijkste regels die op school worden gebruikt.

Ondersteunende Tikspelen Softbal V.O.

REGLEMENT SOFTBAL. De onderstaande regels gelden zowel voor de regionale kwalificatiewedstrijden als voor de nationale finale.

Lessenserie Softbal BSM. Eric Swinkels en Luuk de Vries

CONNECT TO THE GAME. Methodiek voor honkbalscheidsrechters

Spelregelboekje. OSG West-Friesland

De wijzigingen zijn in rood weergegeven. Lees de wijzigingen in combinatie met de officiële spelregels.

Spelboekje. Districtstoernooi 2015

Scorer 2 Februari 2019 Titel document 1 P a g i n a

Koninklijke Nederlandse Baseball en Softball Bond. BSM Softbal: Spelend tactisch leren handelen

SOFTBAL - OEFENVORMEN

BSM Softbal: Al spelend leren tactisch - technisch te handelen.

Scorer Level 1 Scorer Level 1 1 September 2013

Aan de (wedstrijd)secretariaten van alle honkbal- en softbal verenigingen. Geachte (wedstrijd)secretaris,

Officiële Spelregels Softbal

Spelregelwijzigingen voor 2015 zijn onderstreept in deze auditie van de officiële spelregels.

Officiële Spelregels Slowpitch Softball

Landelijke BEEBALLdag. 7 juni 2015 Royals Honkbal- en Softbal Vereniging

Scoretekens Maart 2017

Handleiding Slowpitch Softbal

.RQLQNOLMNH1HGHUODQGVH%DVHEDOOHQ6RIWEDOO%RQG

WIJZIGINGEN TEN OPZICHTE VAN VOORSTEL MET REGLEMENTSWIJZIGINGEN

Scorer Level 2 Scorer Level 2 1 September 2013

LANDELIJKE BEEBALL DAG. 11 juni 2017 H.S.C. Blue Lions Tilburg

Visie op Softbal in het Voortgezet Onderwijs

Herzien en gereorganiseerd voor 2017

Belangrijkste regels zaalhockey

Cluster/doelgroepenoverleg. Bespreken voorstellen kolommen

BEACH HANDBAL SPELREGELS

Officiële Spelregels Softbal

Hoofdstuk 1 Buitenveld Onderdelen Buitenveld 1a. Hoge bal 1b. Blokken 1c. Scoopen 1d. Communicatie

SPELREGELS SCHOOL RUGBYTOERNOOI EINDHOVEN 2016

Recreantencompetitie Reglementen

Spelregels achttal hockey. Hoe ziet het speelveld eruit? 15m. speelrichting. 15m. Veldmarkeringen in de vorm van pylonnen

De specifieke onderdelen

1. Hoofdstuk 1 Stands

Handboek Honkbal Scheidsrechter. Inhoudsopgave blz.

Basisspel 1: Statief Cricket-softbal (1:3, 2:4 of 3:3)

Baseball / Softball BeeBall GOOD SPORTS*

Scoretekens Overzicht scoretekens 1 November 2013

Spelregelboekje Klas 1 en 2. Lentiz Geuzencollege

Spelregels : Achttal Hockey Versie oktober 2011 Bron: KNHB / District Zuid JJ

Spelregels Achttal hockey

Reglement - Hockey

LES 2. GROEP: 3 t/m 8 KORFBAL DOELSTELLINGEN:

Het spellenboek. De plaatjes laten zien wat je bij elk spelletje nodig hebt. Hieronder zie je wat elk plaatje betekent:

Veldmarkeringen in de vorm van pylonnen Doelmarkeringen in de vorm van pylonnen

Veldmarkeringen in de vorm van pylonnen. Doelmarkeringen in de vorm van pylonnen

- Zijn er veel manieren om te scoren bij hockey? En wanneer is een doelpunt geldig?

Inleiding. Kern A B A B A B A B A B A B A B. Groep 7 en 8 Les 1 Klassikale les. Kerndoel

Arbitrage : van 8-tal hockey naar 11-tal hockey Versie november 2010 Bron: KNHB / B.Bams

Spelregels zestal hockey

Handleiding voor Tafelofficials

Reglement - Ultimate Frisbee

Spelregels achttal hockey. Hoe ziet het speelveld eruit? 15m. speelrichting. 15m. Veldmarkeringen in de vorm van pylonnen

Transcriptie:

Slowpitch

Slowpitch Binnen Slowpitch een onderscheidt gemaakt tussen Topsport Slowpitch en Breedtesport Slowpitch De Topsport variant van Slowpitch wordt gespeeld volgens de reglementen van ASA. Reglement is te downloaden van de website van de KNBSB Breedtesport De breedtesport variant van Slowpitch is een vereenvoudigde vorm van het reglement van ASA. Teams Een team bestaat uit 10 spelers. Al deze spelers staan bij het verdedigen in het veld. Wisselspelers zijn mogelijk, maar kunnen niet onbeperkt gewisseld worden. Eenmaal gewisseld kan een speler niet terugkeren in de wedstrijd Opstelling Elk team heeft in de veldopstelling 1 catcher, 1 pitcher, 4 binnenvelders, en 4 buitenvelders. De verdeling van vrouw is gewenst dat van de pitcher en catcher 1 vrouw is. Er is een gelijke verdeling mannen/ en vrouwen in het binnenveld en buitenveld.

Speelveld Het speelveld is een normaal softbalveld met als honkafstand 19,81 meter, de pitchersplaat op 15,20 meter. Meest geschikte ondergrond is gras. Doel Meer punten scoren dan de medestander door op een goed geslagen bal, in aangegeven volgorde alle honken aan te raken. De Pitcher De pitcher heeft als doel de ballen zodanig te gooien dat de bal in vlucht als hoogtepunt minimaal boven het hoofd van de slagman/vrouw komt, en als maximale hoogte ca 3,50 meter hoogte bereikt. De slagzone De bal dient in neerwaartse gang de thuisplaat te kruisen ter hoogte van de achterste schouder en voorste knie van de slagman/vrouw Co-ed Slowpitch is co-ed waarbij het gewenst is een gelijke verdeling tussen mannen en vrouwen te hebben. Hieronder een overzicht van de mogelijke combinaties. AANTAL PITCHER of INFIELD OUTFIELD SLAGVOLGORDE MAN/VROUW CATCHER 3 M / 7 M 1 V / 1 M 1 V / 3 M 1 V / 3 M MMVMMVMMVM 4 V / 6 M 1 V / 1 M 2 V / 2 M 1 V / 3 M MVMVMVMMVM 5 V / 5 M 1 V / 1 M 2 V / 2 M 2 V / 2 M MVMVMVMVMV 6 V / 4 M 1 V / 1 M 2 V / 2 M 3 V / 1 M VMVMVMVVMV 7 V / 3 M 1 V / 1 M 3 V / 1 M 3 V / 1 M VVMVVMVVMV 8 V / 2 M 1 V / 1 M 3 V / 1 M 4 V / O M VVVMVVVMVV 9 V / 1 M 1 V / 1 M 4 V / 0 M 4 V / O M VVVVMVVVVV 10 V / 0 M 2 V / O M 4 V / 0 M 4 V / O M VVVVVVVVVV Regels 1. De slagman/vrouw krijgt drie pogingen om op geworpen pitch (een slag) een geldige slag te plaatsen. Na de derde slag (ongeacht of er geen slagpoging gedaan is, de bal is misgeslagen, of een foutslag is geslagen) is de slagman/vrouw uit. Wijdballen (geworpen pitches die niet de slagzone doorkruisen en waar geen slagpoging op gedaan is) tellen niet mee als slag. Bij vier wijdballen krijgt de slagman een vrije loop naar het 2 e honk, de slagvrouw naar het 1 e honk. Indien een slagman vier wijd krijgt mag de volgende slagvrouw kiezen voor een vrije loop of een poging tot slaan. 2. Een goed geslagen bal landt tussen de lijnen thuis-1 e honk en thuis-3 e honk, en mag pas het speelveld verlaten als de bal de lijn tussen 1 e en 2 e honk of 2 e 3n 3 e honk heeft gepasseerd N.B. De veldspelers mogen op het moment van contact van de bal met de knuppel voorbij de honklijn tussen 1 e en 2 e honk. 3. Na een goed geslagen bal kan men scoren door alle honken in volgorde aan te raken. Dit hoeft niet in 1 slag te gebeuren. De loper mag naar eigen inzicht stoppen bij een honk als naar zijn/haar inzicht het behalen van het volgende honk twijfelachtig is. N.B. er mag maar 1 persoon op elk afzonderlijk honk staan. 4. Als de veldpartij een tikpoging doet mag men niet uitwijken van de honklijn. Terugkeren naar een reeds aangeraakt honk is toegestaan (mits dit honk niet door een andere speler bezet is. 5. Bij het honklopen is een sliding naar het honk niet toegestaan. 6. Als men op de eigen slag nog géén punt scoort, mag men op daaropvolgende slagen alsnog scoren. Restrictie hierbij is dat honklopers elkaar niet mogen passeren. Als 2 honklopers op een zelfde honk eindigen en beide getikt worden zal de spelleider de juiste honkloper uitgeven. a) In het geval van en zgn. gedwongen loop de voorste loper. b) In het geval van een zgn. ongedwongen loop de achterste loper. Deze wordt in dit geval beschouwd als zijnde de voorste loper te hebben ingehaald.

8. Na een vangbal is het spel levend en de honkloper gaat terug naar het honk en mag op de weg terug naar het honk uit worden gemaakt. Na het bereiken van het oorspronkelijke honk mag de loper naar eigen risico weer gaan lopen uitmaken: 1) De verdediging probeert het scoren van punten te voorkomen door: a) De slagman uit te branden op het eerste honk voordat de slagman het eerste honk bereikt heeft. (de slagman is uit, behaalt géén punten en moet terug naar de wachtplaats) Het spel gaat door, andere honklopers mogen doorlopen totdat de juiste tikactie hun uit maakt of vastzet op een honk. NB: De slagman mag in een rechte lijn door/uitlopen op het eerste honk zonder te worden uitgemaakt. Indien hij aanstalten maakt om naar het tweede honk te gaan mag hij uitgetikt worden. b) Een vangbal te maken. De slagman is onmiddellijk uit! (de slagman moet terug naar de wachtplaats) c) De honkloper met de bal (evt. in de handschoen) te tikken tussen de honken (de slagman/honkloper is uit, behaalt géén punten en moet terug naar de wachtplaats) d) De honkloper met de bal (evt. in de handschoen) te tikken op één van de honken (de slagman/honkloper is in en mag na een volgende slag alsnog doorlopen en proberen te scoren) NB: Als men de voorste speler op deze wijze dwingt te stoppen op een honk is de slagbeurt afgelopen. Als men de achterste loper op deze wijze stopt mag de voorste loper op eigen risico verder. Spelers moeten dus leren kiezen voor het voorkomen van punten of het tegenhouden van lopers. e) Het honk in een zgn. gedwongen loop situatie in het bezit van de bal aan te raken voordat de betreffende honkloper dat honk aanraakt. (de loper is uit en kan dus niet meer scoren). Een gedwongen loop voor evt. lopers vóór de uitgemaakte loper wordt daarmee dus opgeheven. 2) Een veldspeler mag een honkloper alléén in zijn loopweg hinderen als hij in bezit van de bal is. NB: Een speler die dreigt getikt te worden moet in een rechte lijn naar het honk lopen vanaf daar waar de speler zich op dat moment bevindt. dood spel De spelleider (scheidsrechter) legt het spel stil wanneer een geslagen bal door de veldpartij goed is verwerkt en weer terug in het binnenveld is gebracht. Vanaf dat moment mogen de honklopers niet meer verder lopen naar een volgend honk, totdat de volgende slagman/vrouw de bal weer het veld in heeft geslagen. Wisselen/Speleinde 1) Beide teams krijgen 7 slagbeurten of na het verstrijken van 60 minuten wordt er geen nieuwe inning begonnen. 2) Een halve inning is beëindigd als: a) de veldpartij 3 uiten heeft gemaakt b) als alle slagmensen 1 maal geslagen hebben + 1 extra die alleen mag slaan om de nog achtergebleven honkloper een kans te geven om te scoren. Deze slagman loopt zelf niet meer. (dit is elke slagbeurt een ander persoon) materiaal 1 thuisplaat 3 platte veldhonken 2 pilonnen pitcherplaat bank (wachtplaats) 11 inch en 12 inch (max 44 cord) softball 2 knuppels (dames en heren)

Wat zijn de belangrijkste verschillen met Fastpitch Softbal? De laatste jaren is op het Europese continent de belangstelling gegroeid voor Slowpitch softbal. Het tweejaarlijkse Europees Gemengd (mannen en vrouwen) Slowpitch Kampioenschap is nu een vast onderdeel van de ESF competitie. Steeds meer landen beginnen met Slowpitch competities of organiseren landelijk Slowpitch toernooien. Toch stellen veel mensen in Europa vragen bij de spelregels van Slowpitch en zij willen weten wat de verschillen zijn met Fastpitch. Daarom volgt hier een korte opsomming van de belangrijkste regels die uitsluitend voor Slowpitch gelden en die aangeven hoe het spel dient te worden gespeeld. Afmetingen van het speelveld Bij (gemengd) Slowpitch softbal voor volwassenen zijn de maten: tussen de honken 19,81 meter. werpafstand 15,24 meter. minimum afstand tot de buitenveld omheining 83,82 meter. Gewenste ondergrond is gras Spelvorm en spelers Slowpitch kan zowel gemengd als alleen door mannen of alleen door vrouwen worden gespeeld. In elke vorm heeft het team 10 spelers in het veld staan met vier in plaats van drie buitenvelders. Er zijn geen vaste regels hoe en waar die vier buitenvelders zich moeten opstellen. Alle overige veldposities zijn hetzelfde als bij Fastpitch. Als gemengd wordt gespeeld schrijven de ISF reglementen voor dat er vijf mannen en vijf vrouwen in het veld moeten zijn: twee mannen en twee vrouwen in het buitenveld en twee mannen en twee vrouwen in het binnenveld. De posities welke in het binnenveld door vrouwen of mannen worden ingenomen zijn naar vrije keuze van het team. Als de werper een man is dan moet de achtervanger een vrouw zijn, of andersom. Niettemin is het mogelijk om gemengd Slowpitch softbal te spelen als de man/vrouw verhouding niet 50/50 is. In dat geval moet er een gelijke verdeling zijn tussen binnenvelders en buitenvelders. Ook de werper of de achtervanger moet dan een vrouw zijn, deze telt mee als binnenvelder. Slagvolgorde Als gemengd wordt gespeeld in een 50/50 verhouding moet de slagvolgorde zo zijn samengesteld dat een vrouw en een man om de beurt aan slag komen. Nooit kunnen twee mannen of twee vrouwen vlak na elkaar aan slag komen. Wanneer de verhouding mannen/vrouwen niet gelijk is worden aparte regels gehanteerd die bepalen hoe de slagvolgorde moet zijn samengesteld. Beschermend materaal Veelal wordt Slowpitch softbal gespeeld zonder gebruikmaking van helmen of van beschermend materiaal voor de achtervanger en de regels vereisen dat ook niet. Het dragen van een helm door de slagman of honkloper is toegestaan maar niet noodzakelijk. Werpen Bij Slowpitch wordt de bal onderhands geworpen terwijl één van de voeten van de werper in contact met de werpplaat blijft tot de bal is losgelaten. Een reglementaire worp moet een boog beschrijven die op het hoogste punt minimaal 182 cm. en maximaal 365 cm. boven de grond komt. Die boog zorgt ervoor dat de bal zich langzaam voortbeweegt. De beoordeling of de worp voldoet aan de voorgeschreven boog berust bij de plaatscheidsrechter. Zoals bij Fastpitch softbal en bij honkbal wordt hier ook een slagzone toegepast: in dit geval moet de geworpen bal tussen de voorste schouder van de slagman en zijn achterste knie over enig deel van de thuisplaat gaan. Aangezien de bal van boven naar beneden door de slagzone komt vergt het wel enige tijd om te leren hoe bij Slowpitch slag en wijd moet worden beoordeeld. Slag en wijd Bij Slowpitch is elke geworpen bal die bij het neerkomen enig deel van de thuisplaat raakt een wijdbal, zelfs als de bal daarbij door de slagzone ging.

Als de slagman al twee slag heeft is een foutgeslagen bal de derde slag en de slagman is uit. Vier wijd: eerste honk (ook wel vrije loop genoemd) Bij gemengd Slowpitch betekent vier wijd voor een slagvrouw, zoals gebruikelijk, een vrije loop naar het eerste honk. Maar wanneer een slagman een vrije loop krijgt worden hem twee honken toegewezen en hij gaat (via het eerste honk) naar het tweede honk. Met minder dan twee uit komt een slagvrouw gewoon aan slag als de voorafgaande slagman vier wijd heeft gekregen. Maar als een slagman vier wijd krijgt als er twee uit zijn, mag de opvolgende slagvrouw kiezen tussen naar het eerste honk gaan en aan slag gaan. Deze regels zijn speciaal bedacht om te voorkomen dat teams met opzet slagmannen vier wijd geven opdat er vrouwen aan slag komen, waarvan men meent dat ze zwakker zijn (minder hard kunnen slaan). Stootslag, choppen en stelen Stoten of choppen (naar de grond hakken) van de bal is niet toegestaan. Het stelen van een honk evenmin. Een honkloper moet in contact met het honk blijven tot de geworpen bal wordt geslagen of over de thuisplaat gaat. Feitelijk is een geworpen bal een dode bal (niet in spel) totdat hij wordt geslagen. Daarmee in overeenstemming kennen wij bij Slowpitch geen wilde worp of doorgeschoten bal. Lijn in het buitenveld Al het bovenstaande staat in het ISF spelregelboek. Met uitzondering van een regel die soms gebruikt wordt bij het gemengde spel. Het betreft een getrokken lijn in het buitenveld met een straal van 45,72 meter, gerekend vanaf de thuisplaat. Alle buitenvelders moeten buiten die lijn blijven tot de geworpen bal is geslagen. Ook dit is weer bedacht om te voorkomen dat buitenvelders zich dichtbij opstellen als er slagvrouwen aan slag zijn, daar slagvrouwen in zo n geval nauwelijks ruimte geboden wordt tussen de binnenvelders en de buitenvelders om een honkslag te geven. Gebruik van 11 inch en 12 inch (44 cord of minder) softballen Er worden bij ESF gemengd Slowpitch twee verschillende ballen gebruikt: een 11 inch bal wanneer een vrouw aan slag is en een 12 inch bal wanneer een man aan slag is. Dat is in een wedstrijd goed te doen ( de plaatscheidsrechter geeft de achtervanger steeds het juiste formaat bal voor een slagvrouw of een slagman ) en het heeft het nadeel voor vrouwen op als buitenvelders zich te dichtbij opstellen omdat een kleinere 11 inch bal verder kan worden weggeslagen. Het gebruik van twee ballen van verschillend formaat schijnt geen enkel probleem te vormen voor werpers of voor veldspelers. Time out Bij Slowpitch kennen we geen mogelijkheid, zoals bij Fastpitch, om de bal naar de werper in de werpers cirkel terug te gooien en daarmee het spel tijdelijk te stoppen. In plaats daarvan roept de plaatscheidsrechter Time na elke spelsituatie als hij of zij ervan overtuigd is dat de bal in het binnenveld onder controle van het verdedigende team is gekomen en dat honklopers kennelijk geen aanstalten (meer) maken om op te schuiven. Deze beoordeling en beslissing berust geheel bij de plaatscheidsrechter. Nadat Time is afgeroepen keren alle honklopers terug naar hun honk. De bal gaat terug naar de werper (tenzij de bal reeds in bezit is van de werper) en de volgende bal wordt geworpen als de slagman of slagvrouw gereed staat in het slagperk Bob Fromer Vertaling: Albert Jung Bron: Newsletter, december 2009, ESF European Softball Federation