UvA-DARE (Digital Academic Repository) Burgerlijke rechter of bestuursrechter. de gewenste verdeling van de rechtsmacht bij: regelgeving, schadeveroorzakend overheidshandelen, tweewegenleer-vragen Polak, J.E.M. Link to publication Citation for published version (APA): Polak, J. E. M. (1999). Burgerlijke rechter of bestuursrechter. de gewenste verdeling van de rechtsmacht bij: regelgeving, schadeveroorzakend overheidshandelen, tweewegenleer-vragen Deventer: Kluwer General rights It is not permitted to download or to forward/distribute the text or part of it without the consent of the author(s) and/or copyright holder(s), other than for strictly personal, individual use, unless the work is under an open content license (like Creative Commons). Disclaimer/Complaints regulations If you believe that digital publication of certain material infringes any of your rights or (privacy) interests, please let the Library know, stating your reasons. In case of a legitimate complaint, the Library will make the material inaccessible and/or remove it from the website. Please Ask the Library: http://uba.uva.nl/en/contact, or a letter to: Library of the University of Amsterdam, Secretariat, Singel 425, 1012 WP Amsterdam, The Netherlands. You will be contacted as soon as possible. UvA-DARE is a service provided by the library of the University of Amsterdam (http://dare.uva.nl) Download date: 20 May 2017
Burgerlijke rechter of bestuursrechter?
UBA003000084
Stellingen 1. Het is te betreuren dat de wetgever de eerder door de wetgever zelf per 1 januari 1999 voorziene invoering van beroep bij de bestuursrechter tegen algemeen verbindende voorschriften en beleidsregels heeft uitgesteld. Bovendien zou uitstel ook in dit geval wel eens afstel kunnen inhouden. (zie II en VI) 2. De wetgever dient de competentieverdeling tussen de burgerlijke rechter en de bestuursrechter op het terrein van het schadevergoedingsrecht binnen afzienbare termijn te regelen, waarbij het de voorkeur verdient dat de bestuursrechter rechtstreeks (dus niet naar aanleiding van een appellabel schadebesluit) kan worden benaderd. (zie III.B) 3. De doorkruisingsformule van de Hoge Raad in het Windmill-arrest (HR 26 januari 1990, NJ 1991, 393 (M.S)) biedt de rechtspraktijk te weinig zekerheid. (zie IV.C) 4. De kritiek vanuit het openbaar bestuur op de bestuursrechtspraak als verwoord in het rapport van de Commissie-Van Kemenade van november 1997 vertoont verwantschap met het betoog van Struycken 'Rechter of Administratie' uit 1910: zulke kritiek is van alle tijden en zal er altijd blijven. (zie V en VI.4) 5. Zowel de bestuursrechter als de burgerlijke rechter beoordelen het overheidshandelen in Nederland terughoudender dan de kritiek vanuit het openbaar bestuur in de juridiseringsdiscussie veronderstelt. (zie V en VI.3) 6. De wetgever doet er verstandig aan om overeenkomstig de historische ontwikkeling van de rechtsbescherming tegen de overheid de competentie van de bestuursrechter stap-voor-stap uit te breiden. (zie VI.9) 7. Omdat de wet niet voorziet in hoger beroep tegen uitspraken van de presidenten van de rechtbank, sectoren bestuursrecht, op verzoeken om een voorlopige voorziening, komt aan die uitspraken in de praktijk onevenredig veel gewicht toe, hetgeen de betrokken partijen, waaronder het verwerende overheidsorgaan zeer kan schaden. 8. De presumptio innocentiae heeft aan gewicht verloren door de toename van het belang van de media, waarvoor het recht (nog) geen passende oplossing heeft gevonden en vermoedelijk ook niet zal vinden.
9. Op grote commerciële advocatenkantoren plegen zij die zich met het bestuursrecht bezig houden ten onrechte als specialist te worden gekwalificeerd. 10. Wie kinderen opvoedt, krijgt meer begrip voor het vaak door de overheid gebezigde argument van de 'precedentwerking', indien haar wordt gevraagd een begunstigend besluit te nemen. 11. Promoveren op wat oudere leeftijd heeft het nadeel dat de promovendus minder geloof hecht aan boute stellingen, maar inmiddels heeft geleerd dat de werkelijkheid slechts zelden zwart of wit maar veel vaker grijs is. 12. Beter een half ei dan een lege dop, beter een kaal hoofd dan een lege kop. Stellingen behorende bij het proefschrift van J.E.M. Polak, Burgerlijke rechter of bestuursrechter?, Universiteit van Amsterdam, 22 april 1999
Burgerlijke rechter of bestuursrechter?
Burgerlijke rechter of bestuursrechter? ACADEMISCH PROEFSCHRIFT ter verkrijging van de graad van doctor aan de Universiteit van Amsterdam, op gezag van de Rector Magnificus Prof. dr. JJ.M. Franse ten overstaan van een door het college voor promoties ingestelde commissie in het openbaar te verdedigen in de Aula der universiteit op donderdag 22 april 1999 te 15.00 uur door Jaap Eduard Max Polak geboren te Leiden
Promotor: Prof. mr. I.C. van der Vlies Van dit proefschrift is een handelseditie verschenen bij uitgeverij Kluwer te Deventer onder ISBN 90 268 3437 3.