Basic Creative Engineering Skills

Vergelijkbare documenten
BELEIDSPLAN OPENBARE VERLICHTING BIJLAGE 2 VERLICHTINGSTECHNIEK

Fotometrische basisgrootheden

5 Verlichtingsaspecten bij werkstations

OPLEIDING DUURZAME GEBOUWEN

Kennisplatform OV Module 1 november Kennisplatform OV. Module 1 november Netbeheer - Techniek 1 Opleiding en Training

Bouwfysica. Verlichting. Onderwerpen. hoofdstuk 4 Bouwfysica. Begrippen. Kunstlicht. Daglicht. Straatverlichting. Cauberg-Huygen BV 1

Introductie VSL Meten aan verlichting. Dutch Metrology Institute Oktober 2017 Kees-Peter Geluk

LED. begrippen kleur levensduur rendement besparing

Verlichtingskunde 2009 Verlichtingskunde S630

Welkom. Kennisplatform OV. 10 januari 2014

Leds Light The World BV LED tube 120cm WW

All About Lights Candela Lumen

Licht- en Verlichtingstechnieken : Grondslagen elektriciteit, licht en visuele omgeving : Deel Elektrotechniek

Kleurperceptie en kleur meten

AFSTUDEEROPDRACHT SCHRIJVER : P.J. VAN DEN BERG STUDIERICHTING : ELEKTROTECHNIEK OPDRACHTNUMMER : E919205

LED Normaallampen LED Kaarslampen LED Kogellampen LED Persglaslampen

Actie Groenlicht Luxerna Power TL600

2.1 Wat is licht? 2.2 Fotonen

SUFA SF200 SF400 SF800

Exact Periode 5. Dictaat Licht

energiecoach verlichting

Fiche 8 (Analyse): Eenheden

Exact Periode 5 Niveau 3. Dictaat Licht

Lichtmeting aan LED verlichting

Testrapport Duxoled Ledmodule DUX12-W2

In de figuur hieronder zie je een Elektromagnetische golf: een golf die bestaat uit elektrische en magnetische trillingen.(zie figuur).

High-power-LED s in de praktijk

MEDISCH SPECTRUM TWENTE TE ENSCHEDE. Rapport LICHTHINDER STUDIE. Project: AT Datum:

Helderheid/Luminatie van een vlak= een vlak (muur,deur,kast,lamp,raam) wat lichtweerkaatst of licht uitstraalt, daardoor is zo n vlak te zien.

Fysische modellen De Aarde zonder en met atmosfeer

Flood Light Ledlamp 140W CW door Ledverlichting Soest

Verlichting PREBES 04/12/2018. Enkele begrippen Wetgeving en normen Metingen Noodverlichting Blue Light Hazard

EXPLOSIEVRIJE ATEX ARMATUUR

T1 Wat is licht? FIG. 3 Zo teken je een lichtstraal. De pijl geeft de richting van het licht aan.

Glas en zonwering. Eigenschappen en functies van glas. Lichtperceptie. Zonnestralen. Samenstelling van de zonnestralen. Spectrofotometrische

Presentatie IGOV Kenniscafé. Armaturen openbare verlichting

WEERBESTENDIGE ARMATUUR

Basic Creative Engineering Skills

Led It Light - MR-PL E27 WW 2.5W

Catalogus ledverlichting

Go Green Spaarlamp mini globe 11W E27 bol

Lampmeetrapport 17 maart 2009 voor Lioris. Lioris Tubo 23. Pagina 1 van 16

LICHT VAN NOBLE LIGHT

HIGH BAY IBL. Kenmerken. Specificaties. Toepassingsgebied. Tel

Façade IP65 6xTFFC WW Ovale Hoek van Creative Lighting Solutions

Wettelijke Eenheden. volgens NBN C (1984)

Daglicht. Laurens Zonneveldt. Behorend bij Verlichtingskunde, 7S630 Maart Versie 1

LED professional LL-ST-3-70-SC-SWS-N door De Opera Domotica

Opleiding Duurzaam Gebouw:

GU10 high power 3W ledlamp XQ door Tevea

Opleiding Duurzaam Gebouw:

Lichtconsult.nl Industrieweg 1A AP Culemborg

Exact Periode 5.2. Licht

WEERBESTENDIGE NOODVERLICHTING ARMATUUR

Verlichting in de Cleanroom

Je weet dat hoe verder je van een lamp verwijderd bent hoe minder licht je ontvangt. Een

LedNed spotlight MR16GU5.3 WW

Opleiding. Energie in duurzame gebouwen. Leefmilieu Brussel AUDIT VAN VERLICHTINGSINSTALLATIES. Fiorenzo NAMECHE

Led TL buis 150 cm door Loko

OMIR RGB DMX van Creative Lighting Solutions

Het meten en beoordelen van contrasten

Licht; Elektromagnetische straling een golf Licht; een deeltje (foto-elektrisch effect). Licht; als een lichtstraal Licht beweegt met de

INDUSTRIEEL ELEKTRO TECHNISCH INSTALLATEUR

VERLICHTING. Boek1, H8 p. 77 t/m p. 206

Transcriptie:

Fotometrie 1

Voor het beschrijven van eigenschappen en specificaties van licht en lichtbronnen bestaan gestandaardiseerde begrippen en eenheden. CIE Commission Internationale de l Eclairage 2

Vermogen [watt] Lichtstroom [lumen] Lichtopbrengst [lumen/watt] Lichtsterkte [candela] = [lumen/steradiaal] Verlichtingssterkte [lux] = [lumen/meter 2 ] Luminantie [candela/meter 2 ] 3

Vermogen (Watt) 4

Het begin: energie (elektrisch, chemisch, kernenergie, etc.) Lichtbron: Vermogen P in Watt. Watt is energie (Joule) per seconde : [J/s] Omzetting naar elektromagnetische straling. Zonlicht (kernenergie): 47 % zichtbaar licht 46 % warmtestraling 43 % nabij infrarood 7 % langgolvig infrarood 7 % ultra-violette straling 5

P [W/m] violet rood Basic Creative Het totale vermogen van de uitgestraalde energie P (in Watt) is de integraal (som) van het vermogen per golflengte P (totale oppervlakte). P = P. d 0 d. P P 6

Lichtstroom 7

De lichtstroom is de totale hoeveelheid zichtbaar licht die een lichtbron per seconde uitstraalt. Eenheid is lumen [lm] Door de ooggevoeligheidskromme is het niet handig om uit te drukken in Watt: dezelfde hoeveelheid vermogen is in rood namelijk minder helder dan in groen. Lichtstroom is een gewogen grootheid, de energie in het rood of blauw telt niet zo zwaar als in het groen. 8

P [W/m] violet rood Basic Creative Het spectrum wordt a.h.w. vermenigvuldigd met de ooggevoeligheidskromme (V ). Afspraak (CIE) : 1 Watt =555nm = 683 lumen Fotometrisch stralingsequivalent continu = 683 P. V. d 0 9

Dus 1 Watt stralingsvermogen van 555 nm levert een lichtstroom op van 683 lumen. Bij 600 nm levert diezelfde 1 Watt vermogen nog maar 430 lm. Bij 500 nm: 220 lm. Lichtbron Vermogen Lichtstroom Opbrengst LED (rood) 0,1 W 5 lm 50 lm/w Gloeilamp 40 W 480 lm 12 lm/w TL (kleur 33) 40 W 3000 lm 75 lm/w Natrium 135 W 13500 lm 100 lm/w 10

Lichtopbrengst 11

Van een lichtbron kan berekend worden hoe groot de lichtstroom is per hoeveelheid toegevoerde energie: lichtopbrengst. (ook wel aangeduid als specifieke lichtstroom ) Voor een gloeilamp is dat Voor een halogeenlamp is dat Voor een kwiklamp is dat Voor een TL Lamp is dat Voor een led-lamp is dat 12-20 lm/w 20-25 lm/w 35-60 lm/w 60 120 lm/w 40 100 lm/w 12

Lichtsterkte 13

Een lamp geeft niet in elke richting evenveel licht. Daarom wordt lichtsterkte gedefinieerd. Lichtsterkte = Lichtstroom per Ruimtehoek I = d /d I = / (als constant over ) De eenheid van lichtsterkte is de candela [cd] Lichtstroom ( ) in lumen [lm] Ruimtehoek ( of ) in steradialen [sr] 1 candela = 1 lumen/steradiaal 14

Ruimtehoek = oppervlak / straal 2 = A / r 2 De totale ruimte rond een punt omvat 4 [sr]. Oppervlak hele bol = 4. r 2 => = 4. r 2 / r 2 = 4 [sr] 15

Hier geldt: S = 2 R 2 (1 - cos ) 2 R S Dat betekent voor de ruimtehoek van een kegel met tophoek 2 : = S / R 2 dus: = 2 (1 - cos ) 16

Een hele slimme gloeilamp van 500 W heeft een lichtopbrengst van 20 lm/w. De lichtsterkte is in alle richtingen even groot, behalve bij de voet, daar wordt in een kegelvormige gebied (hele tophoek 30 ) geen licht uitgezonden. Hoe groot is de lichtsterkte buiten deze schaduw? 17

Totale lichtstroom: = 500. 20 = 10.000 lm Tophoek schaduwkegel is 30 Ruimtehoek schaduwkegel: = 2.(1 - cos 15 ) = 0,214 sr Lichtstroom wordt uniform verdeeld over: Ruimtehoek bol - ruimtehoek kegel 4 - = 4-0,214 = 12,35 sr Lichtsterkte: 10.000/12,35 = 809,6 cd 18

De lichtsterkte als functie van positie. Meestal wordt een lichtstroom van 1000 lumen verondersteld; dus uit het diagram valt af te leiden hoe groot de lichtsterkte is per 1000 lumen in een bepaalde richting. Het diagram is meestal rotatie-symmetrisch, maar niet altijd! Voorbeeld van 50 W / 25 PAR 20 van Philips. Lichtopbrengst ca. 23 lm/w 1- Wat is I max? 2- Wat is de ruimtehoek van de lichtkegel? 19

Verlichtingssterkte 20

Tot nu toe is alleen naar licht gekeken dat van een lichtbron afkomt. De verlichtingssterkte E zegt iets over de hoeveelheid licht die op een object valt. E = opvallende lichtstroom / oppervlak E = d /ds E = / S lumen / m 2 = lux (als constant is over oppervlak) 21

Als op een vlak van 1 m 2 precies 1 lumen aan licht valt, is de verlichtingssterkte van dat vlak gelijk aan 1 lux: E = 1 lux. Enkele voorbeelden Wolkenloze dag Nachts bij volle maan In de schaduw onder balkon Kaars op 1 meter afstand Goede kantoorverlichting Goede huiskamerverlichting ± 100.000 lux ± 0,25 lux ± 10.000 lux ± 1 lux ± 800 lux ± 500 lux 22

De verlichtingssterkte kan gemeten worden met een luxmeter. Deze bestaat uit een geijkte fotogevoelige cel. Bij een luxmeting kan gekozen worden voor meten met of zonder diffuus kapje mét: indirect licht wordt ook meegewogen. zonder: alleen direct invallend licht wordt gemeten. 23

totaal P = lichtopbrengst [lm/w] P in Watt Niet zichtbaar Niet zichtbaar totaal in lumen I in candela [lm/sr] object [lm] ( = I d ) E gem = object / S in lux [lm/m 2 ] 24

Luminantie 25

De luminantie L is een grootheid waarmee de helderheid van een lichtgevend voorwerp of vlak wordt aangegeven. I Schijnbaar oppervlak S = S cos S L α = Lichtsterkte / schijnbaar oppervlak onder hoek α L α = di/ds L α = I α / S cos α cd/m2 (als S constante eigenschappen heeft) 26

Een helder object is als het ware een grote verzameling van lichtbronnen (zo n object heet ook wel secundaire lichtbron ). Iedere m 2 van die lichtbron heeft een bepaalde lichtsterkte. De helderheid of luminantie van het object kan variëren met de hoek waaronder je het object ziet. Zon 1.650.000.000 cd/m 2 Pijngrens 100.000 cd/m 2 Bewolkte hemel 300 cd/m 2 Gezichtsdrempel 0,000001 cd/m 2 Computermonitor 50 300 cd/m 2 27

Er zijn verschillende soorten reflectie, onder meer diffuse spiegelende reflectie. Bij diffuse reflectie wordt licht naar alle kanten toe verspreid. De luminantie zal dan in alle richtingen hetzelfde zijn. Bij spiegelende of gemengde reflectie is de luminantie afhankelijk van de hoek waaronder wordt gekeken. NB. De reflectiefactor geeft de verhouding tussen de opvallende lichtstroom en de gereflecteerde lichtstroom: = gereflecteerd / opvallend 28

object [lm] L = I / S cos [cd/m 2 ] S: constante eigenschappen E gem = object / S [lux] 29

Factoren die in de praktijk bepalen wat de verlichtingssterkte in een ruimte is: Reflectiecoëfficiënt van de reflector Transmissiecoëfficiënt van glas en lenzen Dus ook de schoonheid van reflectoren en glas Vorm van de ruimte Reflectiecoëfficiënt van muren Men spreekt wel eens van het ruimte rendement 30

Fotometrische grondwet 31

Verband tussen lichtsterkte I van een puntbron en de verlichtingsterkte E op een nabij gelegen vlak. Lichtbron h R E = I. cos R 2 I 32

Als de puntbron in alle richtingen dezelfde lichtsterkte I bezit (bolsymmetrisch) geldt: E = I. cos 3 h 2 E h 33

Verlichtingsformule 34

De algemene verlichtingsformule geeft het verband tussen de luminantie L van een vlak en de verlichtingssterkte E in een punt P. Lichtvlak V Luminantie L R V beslaat vanuit P een ruimtehoek E = L. cos. P Eigenlijk: de = L. cos.d 35