Handleiding MH1210B regelaar
1 Formaat gat voor behuizing Breedte: Hoogte: 70,5 mm 28,5 mm 2 Aansluitschema Er zijn een aantal uitvoeringen van de MH1210B in omloop. Bovenstaande afbeelding dient als indicatie. Gebruik altijd de meegeleverde Engelstalige handleiding voor het aansluiten. Aansluitklemmen 1 en 2: Normaal geopend contact van het relais. (Let op: er is ook een uitvoering waarbij het verbreekcontact op nummer 3 zit.) Aansluitklemmen 3 en 4: (of 4 en 5 indien het verbreekcontact van het relais naar buiten is gebracht.) Aansluiting ingangsspanning. (+ en mogen gewisseld worden.) Aansluitklemmen 5 en 6: Aansluiting sensor. (Let op, soms genummerd als 6 en 7. De sensor zit echter altijd op de rechter 2 klemmen.) Opmerking: Met belasting (load) wordt bedoelt de verwarmingsapparatuur, koelapparatuur of ander element welke geregeld moet worden. 3 Technische eigenschappen Temperatuur meetbereik: -40-120 C Temperatuur regelbereik: -40-120 C Temperatuur meetfout: ± 0.5 C Sensor Type: NTC (10K/3435) Regel nauwkeurigheid: 0.1 C Ingangsspanning: Zie regelaar Maximale schakelstroom relais: AC 5A/230V Dataopslag: Ja Omgevings: -20-70 C 4 Bedieningsknoppen 4.1 R(ST) Met de RST knop kunt u de regelaar aan- en uitschakelen. Als de regelaar is uitgeschakeld en u drukt op de RST knop dan zal de regelaar aan gaan. Is de regelaar aan, en u houdt de RST knop voor meer dan 3 seconden ingedrukt dan zal de regelaar uitschakelen.
4.2 S(ET) 4.2.1 Regel wijzigen Druk eenmaal op de SET knop om in de instelmode te komen waarin u de regel kunt wijzigen. Met de of knop kunt u de regel verhogen of verlagen. Als u de of knop langer dan 3 seconden ingedrukt houdt zal de verhoging of verlaging versnelt gaan. Drukt u nogmaals op de SET knop dan wordt de instelmode verlaten. 4.2.2. Systeeminstellingen wijzigen Als u de SET knopt voor meer dan 3 seconden ingedrukt houdt komt u in de mode waarin u de systeeminstellingen kunt wijzigen. Door middel van de of knop kunt u vervolgens naar de gewenste systeeminstelling gaan. Drukt u vervolgend op SET knop dan kunt u met de of knop de gewenste systeeminstelling wijzigen. Na de wijziging kunt u deze mode verlaten door op de RST knop te drukken. Deze mode wordt ook automatisch na 5 seconden verlaten. 4.3 : (Up knop) Hiermee kunt u de gewenste waarde verhogen. 4.4 : (Down knop) Hiermee kunt u de gewenste waarde verlagen. 5 Led indicatoren De HEAT led aan de linker zijde van het scherm geeft de werking status aan. Brandt deze led continu dan is de indicatie dat er verwarmd wordt. Knippert deze led dan is dit een indicatie dat de tijdvertraging voor de verwarming in werking is. De COOL led aan de linker zijde van het scherm geeft de werking status aan. Brandt deze led continu dan is de indicatie dat er gekoeld wordt. Knippert deze led dan is dit een indicatie dat de tijdvertraging voor de koeling in werking is. 6 De verschillende functies 6.1 Koelen, verwarmen functie Let op. Heeft u een vertraagde tijd voor het koelen of verwarmen ingesteld dan komt het relais vertraagd in. 6.1.1 Koelen functie ingesteld Wanneer de gemeten hoger is dan de ingestelde + de hysteresis zal het uitgangsrelais ingeschakeld worden. Wanneer de gemeten daalt tot onder de ingestelde dan zal het uitgangsrelais uitgeschakeld worden. Voorbeeld: wanneer de ingestelde is ingesteld op 25.2 C en de hysteresis is ingesteld op 0.7 C dan wordt het uitgangsrelais uitgeschakeld beneden een gemeten van 25.2 C en weer ingeschakeld bij een gemeten van 25.9 C en hoger. 6.1.2 Verwarmen functie ingesteld Wanneer de gemeten hoger is dan de ingestelde zal het uitgangsrelais uitgeschakeld worden. Wanneer de gemeten daalt tot onder de ingestelde - de hysteresis dan zal het uitgangsrelais ingeschakeld worden.
Voorbeeld: wanneer de ingestelde is ingesteld op 25.2 C en de hysteresis is ingesteld op 0.7 C dan wordt uit uitgangsrelais uitgeschakeld boven een gemeten van 25.2 C en weer ingeschakeld bij een gemeten van 24.5 C en lager. 6.2 Instellen koelen of verwarmen functie (HC) systeeminstellingen menu en verschijnt er op het scherm HC. Laat de SET knop los en druk nogmaals op de SET knop en de ingestelde functie wordt zichtbaar. Door middel van de of knop kunt u de functie wijzigen. Hierbij staat C voor de koelfunctie (cooling mode) en de H voor verwarmen (heating mode). 6.3 Hysteresis functie (slewing range) (CP) De hysteresis geeft het verschil aan waarbij het koelen of het verwarmen weer moet starten. Het minimale verschil is 0.1 C en het maximale verschil is 30 C. (Verstandig is om deze instelling niet lager dan 0.5 C in te stellen.) systeeminstellingen menu en verschijnt er op het scherm HC. Druk vervolgens op de of knop tot u de CP op het scherm ziet staan. Druk nu wederom op de SET knop om de hysteresis waarde aan te geven. Vervolgens kunt u door middel van de of knop deze waarde 6.4 Onderste en bovenste limiet functie (LA en HA) Door middel van de LA (laagste limietwaarde) en HA (hoogste limietwaarde) instelwaarden van men het instelbereik van de regelaar beperken. Voorbeeld: wanneer LA is ingesteld op -10.0 C en HA is ingesteld op +15.0 C dan kan de gewenste alleen ingesteld worden tussen -10.0 C en 15.0 C. Let op. LA kan alleen ingesteld worden tussen -40 en de ingestelde en HA kan alleen ingesteld worden tussen ingestelde en +120. Indien nodig voor de gewenste instelling dus eerst de ingestelde systeeminstellingen menu en verschijnt er op het scherm HC. Druk vervolgens op de of knop tot u de LA of HA op het scherm ziet staan. Druk nu wederom op de SET knop om de limietwaarde aan te geven. Vervolgens kunt u door middel van de of knop deze waarde 6.5 Startvertragingtijd (PU) Met deze instelling kan het starten van het koelen of verwarmen vertraagd worden om te snel achter elkaar in te schakelen te voorkomen. In de koelen functie zal bij de eerste opstart van het systeem, wanneer de gemeten boven de ingestelde waarde + hysteresis waarde ligt, er niet gelijk gekoeld worden maar wacht het systeem tot de vertragingstijd is verstreken. Is de volgende intervaltijd groter dan de startvertragingstijd dan zal de machine onmiddellijk starten met koelen. Is de volgende intervaltijd kleiner dan de startvertragingstijd dan wacht de machine met koelen tot de vertragingstijd verstreken is. De startvertragingstijd voor het verwarmen werkt op gelijke wijze.
systeeminstellingen menu en verschijnt er op het scherm HC. Druk vervolgens op de of knop tot u de PU op het scherm ziet staan. Druk nu wederom op de SET knop om de startvertragingswaarde aan te geven. Vervolgens kunt u door middel van de of knop deze waarde 6.6 Temperatuur calibratie functie (CA) Wanneer er een verschil is tussen de gemeten en de werkelijke dan kan er gebruik gemaakt worden van de calibratie functie. Een voorbeeld hiervan is het volgende. Stel u wilt de water meten van een aquarium maar dat doet u aan de buitenzijde van het aquarium. Hierdoor krijgt men een afwijking in de meting. Met deze instelling kunt u deze afwijking ingeven. De NaCalibratie = de voor calibratie + calibratiewaarde. (De calibratiewaarde kan een positief getal, negatief getal of 0 zijn. Voorkeur heeft het om altijd rechtstreeks in het medium te meten en de calibratiewaarde op 0 zetten.) systeeminstellingen menu en verschijnt er op het scherm HC. Druk vervolgens op de of knop tot u de CA op het scherm ziet staan. Druk nu wederom op de SET knop om de calibratie waarde aan te geven. Vervolgens kunt u door middel van de of knop deze waarde Voorbeeld: wanneer we de sensor meten en deze is 25 C dan geeft het display 25.0 C aan bij CA = 0.0. Het display geeft 26.0 C bij CA = 1.0 en 24.0 C bij CA = -1.0. Deze functie wordt algemeen gebruikt in omgevingen waarbij de sensor niet rechtstreeks in het medium geplaatst kan worden. Stel dat wij bijvoorbeeld de buiten een kopje thee meten dan moet de CA waarden worden aangepast door warmteverlies door het kopje. De weergegeven kan nu in overeenstemming gebracht worden met de van de thee. 6.7 Hoog en laag alarm functie (HP en LP) Door middel van de AH ( hoog waarde) en AL ( laag waarde) kan men een alarmwaarde instellen. Wordt deze ingestelde waarde overschreden dan begint het scherm te knipperen en verschijnt er een H of L in het scherm en kan er een akoestisch geluid klinken wanneer dit is ingeschakeld. Zodra men op 1 van de knoppen drukt zal het knipperen stoppen. Voorbeeld: Wanneer HP is ingesteld op 30.0 C en LP is ingesteld op 5.0 C dan zal het display gaan knipperen en H tonen wanneer de boven 30.0 C komt en zal het display gaan knipperen en L tonen wanneer de onder 5.0 C. Afhankelijk van de instelling bij EP en PC kan er een akoestisch signaal klinken. systeeminstellingen menu en verschijnt er op het scherm HC. Druk vervolgens op de of knop tot u de HP of LP op het scherm ziet staan. Druk nu wederom op de SET knop om de alarmwaarde aan te geven. Vervolgens kunt u door middel van de of knop deze waarde Let op. LP kan alleen ingesteld worden tussen -40 en de ingestelde en HP kan alleen ingesteld worden tussen ingestelde en +120. Indien nodig voor de gewenste instelling dus eerst de ingestelde
6.8 Alarmvertragingtijd (PC) Met deze instelling kan het het alarmsignaal dat door de hoog en laag alarmfucties gegenereerd wordt vertraagd worden. Staat deze instelling bijvoorbeeld op 1 minuut dan zal de regelaar 1 minuut wachten met het afgeven van het alarmsignaal. 6.9 Alarmvertragingtijd (PC) Met deze instelling kan het het alarmsignaal dat door de hoog en laag alarmfucties gegenereerd wordt vertraagd worden. Staat deze instelling bijvoorbeeld op 1 minuut dan zal de regelaar 1 minuut wachten met het afgeven van het alarmsignaal. 6.10 In-uitschakelen alarmfunctie (EP) Met deze instelling kan de alarmfunctie ingeschakeld of uitgeschakeld worden. 6.11 Systeeminstellingen overzicht Symbool Details Bereik Instelling Fabrieksinstelling Eenheid HC Heating/Cooling H/C C Verwarmen/Koelen CP Slewing range 0.1->15 1 C Hysteresis LA Minimum set limiet -40->ingestelde -40 C HA Maximum set limiet ingestelde 120 C ->+120 PU Delayed start 0->10 2 Minuten Vertragings tijd CA Temperatuur calibratie -10->+10 0 C HP Hoog alarm ingestelde 50 C ->+120 LP Laag alarm -40->ingestelde -40 C PC Alarmvertragingtijd 0->90 10 Minuten EP In-uitschakelen alarmfunctie OFF-ON ON Storings tips: 1. Wanneer de sensor is verwijderd of onderbroken geeft het display --- aan. 2. Wanneer de sensor een waarde meet beneden -40 C dan geeft het scherm LLL weer. 3. Wanneer de sensor een waarde meet boven 120 C dan geeft het scherm HHH weer. 4. Wanneer de regelaar de status LLL of HHH aangeeft wordt de belasting (relais) uitgeschakeld. 5. Als u voor 5 seconden op de R toets drukt springt de regelaar terug naar de fabrieksinstellingen. 6.12 Waarschuwing voor gebruik De belasting van het schakelrelais mag niet de maximale belasting overschrijden ander kan er schade of brand optreden;
De verschillende verbinden moeten correct worden aangesloten en verbonden met de regelaar; Maak bij de montage van alle onderdelen alles spanningsloos.