M E D I T A T I E Nummer: 458 Kerkdienst : 06-07-2008 Voorganger : dhr. A.F. (Guus) Ruijl jr. kerkelijk medewerker in Vlaardingen-west Lezingen : 1 Petrus 3: 8 18 Johannes 16: 16 24 Gemeente van Christus, WIE HET LEVEN LIEFHEEFT EN GELUKKIG WIL ZIJN Wie het leven liefheeft en gelukkig wil zijn. Ik begin maar met een vraag. Twee vragen eigenlijk? Heb jij het leven lief? Heb jij het leven lief? Wil je gelukkig zijn? Wie is de man die ons die uitdagende vraag stelt. Petrus, staat er boven de brief. Petrus, één van de discipelen van Jezus, zo vertelt ons de traditie. Deze Rots, want dat betekent zijn naam, daagt ons uit om het leven lief te hebben en gelukkig te zijn. Dat is bij deze Petrus zelf wel eens anders geweest. Zijn leven is verdroogd van dorst, zoals psalm 34 zegt. En nergens water. In Johannes 16 zien we weer zo'n droogtemoment. Natuurlijk, ze willen het leven liefhebben en gelukkig zijn, maar het lukt hun niet. De communicatie met Jezus is droog komen te liggen. Verdord. En dat allemaal omdat ze van hem afscheid zullen moeten gaan nemen. Nog een korte tijd en dan... dan raken ze kwijt wat hen zo vertrouwd was. De mens die ze liefhadden gekregen. Hun droom die werkelijkheid werd. De man die hen gelukkig zou kunnen maken. De bron van levend water. Maar hoe ze nu zoeken. Niets, geen water. En dus geen leven! Het naderende afscheid, het komende verlies slaat hen dicht. Ze proberen Jezus te begrijpen, maar wat bedoelt Hij nou toch? De communicatie stokt. Wie weet er nog iets te zeggen? Door verlies staan mensen sprakeloos. Ze zijn stomgeslagen en hebben geen woorden om uit te drukken wat hen overkomt. En vaak zijn de mensen om hen heen doof. Ze missen de oren om op te vangen wat schuilgaat achter de dingen die gezegd worden of om te verstaan wat niet gezegd wordt. Heb je het leven lief? Wil je gelukkig zijn. Nee, verlies stoort dit soort van communicatie. Het gesprek zal eerst weer op gang gebracht moeten worden. Petrus en de andere leerlingen kunnen het leven pas weer liefhebben als ze uit hun zuchtend bestaan getild worden. En wij als gemeenschap van de Bosbeskapel willen ook weten hoe dat zou kunnen. Want ook bij ons wordt heel wat afgezucht. Nu is ons zuchten niet het zelfde als het zuchten van die eerste volgelingen van Jezus. Zij moesten in het jaar 66 vluchten uit Jeruzalem. Vluchten voor geweld. Ergens anders vonden ze gelukkig onderdak. Maar het was een tijd vol angst en onzekerheid. Jezus vergelijkt dat zuchten van mensen die angst hebben voor de toekomst, en terecht, met de vrouw die baart. Op verschillende plaatsen in de bijbel is dat beeld te vinden. Maar echt er komt dat moment, als het kind geboren is, dat je de pijn niet meer zo herinnert omdat je blij bent dat er een mens ter wereld is gekomen.
Gevoelens van rouw en geboortepijn. Ze zijn er zegt Jezus. En ook als ik er straks even niet meer ben, zul je je zo voelen. Maar geloof me, temidden van je verdriet nu, echt er komen andere tijden. Dan zul je blij zijn. Voor Petrus is die tijd gekomen. Anders zou hij nooit zo'n brief aan de gemeenten in Klein-Azië kunnen schrijven. Een brief waarin hij de gemeenteleden vraagt of ze het leven liefhebben en gelukkig zijn. Hoe komt die tijd dan van geluk? Hou komt die tijd van houden van het leven? In Johannes 16 wordt die tijd door Jezus zelf ingeluid: Ik zal jullie terugzien. Na zijn opstanding is Jezus niet een droom of hersenspinsel van mensen, die zeggen: Ik heb de Heer gezien. Nee, er staat: Ik, Jezus zelf zal jullie terugzien. Hij is geen dode of een droom of een wens. Nee, een levende realiteit. Jezus ziet en neemt deel aan ons leven. Jezus ziet en geeft daardoor ons de kracht om te zien. Zijn leven maakt ons levend. Wil je gelukkig zijn? Dan is dit je basisgeluk. Ik zal jullie terugzien. Mensenkind er wordt een nieuwe toekomst geboren met mijn opstanding. En daarboven staat geschreven: Ik zal je zien. Gemeente van Christus. Jezus ziet ons. Ziet ons in onze worsteling. In ons verdriet. In ons zoeken en tasten. En dat gezien worden door Jezus, pakt niemand ons af. Wat er ook gebeurt in je leven. Je huis zal je vroeg of laat moeten verlaten.. Je denkt soms datje leven verdroogt en dat er nergens water is. Hier wordt het aanbod gedaan om je leven tot een gelukkig leven te maken. Hier zie je hoe jouw leven een liefdesinput krijgt. Jezus ziet jou! Na Pasen is de gemeenschap met Jezus vernieuwd. Dat zal je blij maken. En die vreugde pakt niemand je af. Het is een vreugde die je zou kunnen noemen een vreugde in gemeenschap met Christus... In gemeenschap met deze Opgestane Heer ga je dingen begrijpen. Begrijpen zonder dat je voortdurend dingen wilt vragen. 'Dan hoefje mij niets meer te vragen', staat er in vers 23. Nou is het niet zo dat Petrus en de andere leerlingen niet meer hoeven te bidden. Nee het gaat om vragen van informatieve aard. Waarom leven wij? Wie bent u nu voor ons? Komt het wel goed? Na Pasen mogen wij weten wat onze plaats is. Wij leven in gemeenschap met Christus, met de Opgestane. Hij zal ons zien. In dat vertrouwen mogen we leven..de Opgestane ziet ons. En vanuit die wetenschap mogen we ook bidden. Bidden voor datgene waar Jezus ook voor bidt. Bidden in Jezus' naam. Dat is bidden in de Geest van Jezus. Bidden zoals Hij het ook zou doen. We hoeven niet langer onzeker te zijn over de aanwezigheid van Jezus. Hij is er en ziet ons. En vanuit die zekerheid mag je groeien. Groeien in gemeenschap met de Opgestane. Dat is meer dan wat jullie in je missie van kerk-zijn schrijven. Daar staat dat deze gemeenschap zich voegt in een beweging die 2000 jaar geleden met het optreden van Jezus is begonnen. Het meer is dat deze Jezus nog steeds zijn spoor trekt. Hij ziet ons! Het is die gemeenschap, hier en nu, die verbondenheid met Jezus die ziet, die Petrus voor ogen heeft als hij zegt: Heb je het leven lief en wil je gelukkig zijn. Het is vanuit die gemeenschap datje van harte 'ja' mag zeggen op die vraag naar liefde voor geluk en leven. Een kerkelijke gemeente kan elkaar leren om die gemeenschap met Christus te beleven. Waar beleef je echt dat de Opgestane er is en jou ziet. Ervaar je dat bij de avonden over 'Vensters op Jezus'. Beleef je dat bij een gespreksgroep. Ervaar je dat in allerlei rituelen. Of beleef je dat bij het bezig zijn in een mondiale samenleving. Beleef je dat bij je jeugdwerk? Merk je dat als je trouw je pastorale contacten onderhoudt met die man of wouw die het zo nodig heeft. Of merk je dat in de muziek zoals de mensen van Kaya dat doen. Wat je er ook voor doet. De basis is duidelijk: Je kunt het beleven omdat Jezus je ziet. Omdat er gemeenschap is met de Opgestane. Omdat er uitzicht is op toekomst. Hoe je die gemeenschap verder vorm geeft? Petrus geeft wat gereedschap voor de gereedschapskist van een Christen. Wil je dit leven in gemeenschap met Christus liefhebben en wil je gelukkig zijn dan moet je: 1. Geen laster of leugens over je lippen laten komen. 2. Je moet het kwaad uit de weg gaan
3. Je moet het goede doen 4. Je streeft voortdurend vrede na. Dat is heel wat. Nu is het met een gereedschapskist zo dat je er nooit alle gereedschap tegelijk uit moet halen. Dan vertil je je of je struikelt over de rommel. Neem er de komende week nu eens één van de vier uit. Het is toch minder mooi weer dus je hebt er vast wel even de tijd voor. Pak er één beet: Geen leugens spreken of het kwaad vermijden of het goede doen of vrede nastreven. En probeer of je in gemeenschap met Christus, want dat is je krachtbron, probeer er op te letten. Maak het tot je missie van de komende dagen. En vergeet niet: Noem het in je gebed. En kijk of het werkt: Word je er een gelukkiger mens van? Helpt het je om van het leven te houden? En dan maakt Petrus vanuit zijn pastorale bewogenheid de kring nog groter. Want als jij zo het leven liefhebt en gelukkig probeert te zijn dan heeft dat zijn effect op anderen en op jezelf. Nog meer dan je zelf misschien wel voor mogelijk houdt. In de eerste plaats betekent zo'n levenshouding datje voor anderen tot een zegen bent. Tot een zegen voor mensen binnen de gemeenschap en tot een zegen voor mensen daarbuiten. Binnen de gemeenschap ga je echt leven als broeders en zusters. Als mensen die elkaar van harte liefhebben. Barmhartig zijn. En je bent tot zegen voor mensen buiten de gemeenschap. Want daar gaat het de Eeuwige natuurlijk ook om. Zijn zoon komt naar de wereld, Hij ziet ons, met liefde met ontferming bewogen, opdat de wereld bewoonbaar wordt. Armen en behoeftigen krijgen antwoord, toekomst. Woestijnen worden meren en de wildernis komt tot bloei. In ieder geval van christenen mag je verwachten dat ze in gemeenschap met Christus de bron ervaren om van het leven te houden en gelukkig te zijn. Tenslotte De Heer ziet ons. De Heer verliest de rechtvaardige niet uit het oog, zegt Petrus en hij luistert naar hun gebeden. De verwarring van Johannes 16, de paniek van een uitgedroogd mens, heeft bij Petrus plaats gemaakt voor een krachtige geloofshouding. Bij hem is het weer gaan stromen. Dat die bron, Jezus Christus, ook bij ons het geloof mag doen groeien. Hoe verschillend we ook zijn. Dat wij in gemeenschap met Hem tot zegen kunnen zijn voor elkaar en voor anderen. Het gereedschap is beschikbaar. Pak er iets van op en probeer er mee aan de slag te gaan. Houd zo van het leven en wordt een gelukkig mens. Amen. Liederen (m.m.v. de band Kaya uit Vlaardingen) Kaya en Gemeente: Wilt U in mij wonen Psalm 107: 1 +12 + 13 Gods goedheid houdt ons staande Kaya: Als er nooit meer een morgen zou zijn Loflied: Gezang 301: 1 + 2 + 5 Wij moeten Gode zingen halleluja Psalm 34: 1 + 3 + 5 Ik loof den Heer altijd Kaya: Dansen door het water Kaya: meditatieve muziek Gezang 31 Zij zullen de wereld bewonen Kaya: Hij maakt het verschil Slotlied, samen met Kaya: - Zing, vecht, huil, bid, lach, werk en verwonder (bewonder) Kaya: Swing low