Gebruikershandleiding 1
Aan de eigenaar Gefeliciteerd met de aankoop van uw Haswing elektrische buitenboordmotor. Een Haswing is een duurzaam kwaliteitsproduct, ontworpen om topprestaties te leveren. Bovendien is uw Haswing gemakkelijk in gebruik en volkomen vrij van enige emissies. Deze gebruikershandleiding bevat belangrijke informatie met betrekking tot een juiste installatie, bediening en onderhoud. Leest u daarom deze handleiding aandachtig door en verzeker u ervan dat u de inhoud begrijpt, voordat u de motor in gebruik neemt. Mocht u desondanks nog vragen hebben over onze producten, dan staat uw officiële Haswing dealer u graag te woord. Tot slot wensen wij u veel duurzaam vaarplezier toe met uw Haswing elektromotor! Om gevaarlijke situaties te vermijden en om een optimaal functionerende motor te garanderen, zijn er speciale symbolen in de gebruikershandleiding en op de motor geplaatst. WAARSCHUWING Geeft aan, dat het gevaar bestaat van letsel of overlijden als er geen juiste maatregelen worden getroffen. LET OP Attendeert u op veiligheidsadviezen ofwel op onveilige handelingen die kunnen leiden tot persoonlijk letsel of tot schade aan de motor. ATTENTIE Informatie die de procedures eenvoudiger of sneller maken. 2
Inhoudsopgave Productkenmerken 4 Voordat u gaat varen 5 Installatie Montage van de propeller 6 Montage van de stuurstang 7 Plaatsing van beschermvin 7 Motorophanging 8 Accu aansluiten en accu indicator 8/9 Bediening van de motor Omhoog kantelen 10 Verstellen van de stuurstang 10 Snelheid regelen 11 Stuurweerstand instellen 11 Staartlengte instellen 11 Storingen zoeken en verhelpen Storingen zoeken en verhelpen 12/13 Elektrische bedrading 13 Onderhoud 14 Technische gegevens 14 3
Productkenmerken Accu indicator Gashendel Controller behuizing Knop voor vergrendeling stuurstanghoek Dodemansknop Staartlengte verstelling Montagebeugel Kantelhendel Stuurweerstand versteller Klemschroeven Staartstuk Propeller Elektromotor Wijzingen zonder voorafgaande kennisgeving voorbehouden 4
Voordat u gaat varen 12 volt Battery 12 volt Battery 24 Volt marine accu Gebruik een 24 Volt marine kwaliteitsaccu. Een accu met verkeerde specificaties kan de motor beschadigen. Verzeker u ervan dat de accu afgekoppeld is wanneer de motor losgenomen wordt. Draag onder alle omstandigheden een zwemvest. Gebruik de motor alleen onder gunstige weersomstandigheden. Weersomstandigheden Let op voor ondiep water Draai het gashendel dicht (gashendel in de neutraalstand) om de snelheid van de boot te verminderen. Kantel de motor omhoog wanneer u ondiep water nadert, om beschadigingen te voorkomen. Let tijdens het varen altijd op zwemmers en andere obstakels in de nabijheid van uw boot. Dit gedeelte niet spoelen Verwijder aanslag en verontreiniging van de propeller en spoel de motor goed af, vooral na gebruik in zout of brak water. Dit gedeelte spoelen Reinigen van de motor 5
Installatie Montage van de propeller WAARSCHUWING Verzeker u ervan dat de motor losgekoppeld is van de accu, voordat u de propeller monteert of vervangt. Plaats de breekpen in het asgat en breng het in lijn met de koppelingsplaat.(de breekpen en de groef in de koppelingsplaat moeten horizontaal gelijk staan).plaats de propeller, de rubber onderlegring, de anode en de moer op de propeller as (Figuur 1). Anode Moer Harde rubber onderlegring Propeller Koppelingsplaat Breekpen Figuur 1 Zorg dat de propeller goed in de uitsparingen van de koppelingsplaat valt. Pak een propellerblad vast om het meedraaien van de propeller tegen te gaan en draai vervolgens de moer vast met de meegeleverde speciale schroefsleutel (Figuur 2). 10 mm schroefsleutel ATTENTIE Draai de moer niet te vast om beschadigingen te voorkomen. Figuur 2 6
Installatie Montage van de stuurstang WAARSCHUWING Ontkoppel de accu voor de installatie van de stuurstang. Stekker verbinding Schuif de stekkers van de stuurstang en het controller huis in elkaar (Figuur 3.1). Schuif de stekkers en de bekabeling in de stuurstang (Figuur 3.2), plaats de stuurstang op het controller huis en zet deze vast met de twee bouten, aan iedere kant van de stuurstang één (Figuur 3.3). Bout (2x) Figuur 3.2 Figuur 3.1 Figuur 3.3 Plaatsing van beschermvin Leg de motor horizontaal neer en plaats de beschermvin in de vinhouder. Plaats vervolgens de twee bouten en zet deze vast met de twee moeren. (Let op: de schuine zijde van de bescherm vin moet naar voren wijzen (Figuur 4). Bout (2x) Beschermvin houder Moer (2x) Figuur 4 7
Installatie WAARSCHUWING Verzeker u ervan dat de motor tijdens het plaatsen, losnemen, vervoer of opslag is losgekoppeld van de accu. Motorophanging Plaats de motor op kiellijn van de boot, draai de bevestigingsklemmen stevig vast (Figuur 5). Accu aansluiten en accu indicator WAARSCHUWING WAARSCHUWING Verzeker u ervan dat de motor uit staat (gashendel in de neutraalstand) wanneer u de accu aansluit (Figuur 6). Gebruik een accu met de correcte specificaties, bij voorkeur van het (semi-) tractietype geschikt voor diep ontladen. Gebruik van een niet-correcte accu kan schade veroorzaken. Figuur 5 Figuur 6 De pijl moet in lijn staan met het centrale merkteken. Accu aansluiten Accu aansluiten: sluit de rode (+) kabel van de motor aan op de pluspool (+) van de accu. Sluit de zwarte (-) kabel van de motor aan op de (-) massapool van de accu. Draai de connectoren stevig vast. Rood B+ Zwart B- Plaats de accu s op een goed geventileerde, droge plek. Figuur 7 12 Volt accu 12 Volt accu 8
Installatie Accu indicator De buitenboordmotor is voorzien van een accu indicator die de resterende capaciteit van de accu weergeeft. Wanneer alle lampjes branden geeft dit aan dat de accu geheel opgeladen is. Naarmate de capaciteit afneemt zullen de lampjes uitgaan. Laad de accu wanneer de capaciteit tot 20% of minder is afgenomen (Figuur 8). Accu capaciteit Figuur 8 9
Bediening van de motor Omhoog kantelen Neem de motorstang met een hand vast en trek de kantelhendel met de andere hand uit (Figuur 9.1). Zet de motor in de gewenste stand en laat vervolgens de kantelhendel los om de motor te zekeren (er zijn 6 posities beschikbaar op de montagebeugel). Figuur 9.1 Figuur 9.2 Verstellen van de stuurstang De hoek van de stuurstang kan versteld worden over een bereik van 100. De stand van de stuurstang kan geblokeerd worden door de stelschroef vast te draaien (Figuur 10). Figuur 10 10
Bediening van de motor Snelheid regelen Om het gashendel in de neutrale stand te zetten, moet de pijl op het gashendel in lijn staan met het merkteken op de stuurstang (Figuur 11). Plaats het gashendel altijd in de neutrale stand voordat u de motor aansluit. Draai het hendel met de klok mee om de motor voorwaarts te laten draaien, draai het gashendel tegen de klok in om de motor achterwaarts te laten draaien. Hoe verder het gashendel open of weggedraaid wordt van de neutraalstand, hoe sneller de motor zal gaan draaien. Het gashendel kan in verschillende standen vastgezet worden met de weerstandversteller. Figuur 11 WAARSCHUWING Bij gebruik van de motor, altijd het veiligheidskoord aan de dodemansknop bevestigen. Wanneer de bestuurder onverhoopt in het water mocht vallen, zal hierdoor de motor stilgezet worden (Figuur 11.1). Figuur 11.1 Stuurweerstand instellen Draai de stelknop aan of los om de gewenste weerstand voor het sturen in te stellen (Figuur 12). Figuur 12 Staartlengte instellen Pak de motorstang stevig vast en klap de kraag van de lengteversteller open, plaats de motor op de gewenste lengte en klem de kraag weer vast (Figuur 13). Losnemen lengteverstelling Figuur 13 11
Storingen zoeken en verhelpen Motor draait niet of heeft te weinig vermogen Controleer of er geen vislijn of wier in de propeller zit. Wanneer er lijnen of wier in de propeller rond de propelleras zitten, propeller demonteren en de vervuiling te verwijderen. (Waarschuwing: ontkoppel de accu altijd van de motor bij werkzaamheden). WAARSCHUWING Verzeker u er van dat de accukabel goed is aangesloten. Controleer of de accu opgeladen is. Laad de accu op wanneer deze leeg is. Motorstoringindicatie De motor is uitgerust met een motorstoringindicatie. Wanneer een storing optreedt zal de motor automatisch stoppen, controleer in dat geval de volgende punten: Wanneer de lampjes van de accu indicator niet branden en de motor niet wil draaien: controleer of de accukabel goed aangesloten zit. Wanneer geen van de lampjes van de capaciteitsmeter branden of wanneer alleen de rode lampen branden: controleer de spanning van de accu. Verzeker u ervan dat het gashendel in de neutrale positie staat. Is dat niet het geval plaats dan het gashendel in neutraal. Wanneer de motor plotseling stopt, terwijl u naar maximale snelheid accelereert en de capaciteitsmeter geeft 40% of meer aan, dan wordt de propeller geblokkeerd en is het spanningsbeveiliging in werking getreden. Controleer of vislijnen of wier voor de overbelasting van de motor hebben gezorgd en verwijder deze door de propeller te demonteren. Wanneer er door de motor voor een periode van twee minuten of langer 50 Ah of meer gevraagd wordt, zal de motor zichzelf uitschakelen om eventuele schade te voorkomen. Stroef sturen Maak de motoras grondig schoon en smeer alle draaiende delen. Controleer of het onderwater gedeelte van de motor schoon is en vrij rond kan draaien. De motor is voorzien van een spanningsbeveiliging die in werking treedt wanneer de spanning een waarde van 28 Volt overschrijdt, of wanneer deze lager is dan 15 Volt. Onder die condities zal de motor niet functioneren. 12
Storingen zoeken en verhelpen Motor trillingen Controleer of de propeller correct gemonteerd is wanneer bij het opvoeren van het toerental een ta ta ta geluid hoorbaar is. Dit wordt veroorzaakt door een loszittende propeller. Koppel de accu los en draai de moer aan (zie P8). Controleer of er geen vislijnen of wier in de propeller zitten, die er de oorzaak van kunnen zijn dat de propeller los is gaan zitten. Controleer de propeller zelf en de breekpen, vervang indien nodig. Ontkoppel de accukabel en draai de propeller met de hand rond om te controleren of de motor inwendige schade heeft opgelopen door een geblokkeerde of vastzittende propeller. Gebruik de motor niet meer en breng deze naar de dealer. Voor alle andere storingen anders dan hier beschreven adviseren wij om contact met uw dealer of de Haswing klanten service op te nemen. Elektrisch bedradingschema Kabel stekkers Gashendel Zwart Wit Rood Zwart Rood Motor 12 Volt accu 12 Volt accu 13
Onderhoud Onderhoud 1) Verzeker u ervan dat de motor losgekoppeld is van de accu, voordat u onderhoudt pleegt of de motor lange tijd niet wordt gebruikt. 2) Reinig en was de motor en propeller zorgvuldig na gebruik zoals in deze handleiding beschreven staat. Oppervlakte corrosie en schade aan de motor veroorzaakt door nalatig onderhoud wordt niet door de garantie gedekt. 3) Reinig de propeller zowel uit- als inwendig na ieder gebruik. (Zie P6). 4) Smeer de bewegende delen regelmatig en gebruik het juiste gereedschap. 5) Gebruik corrosiebeschermers voor de accupolen en de kabelaansluiting. 6) Sla de motor op in een goed geventileerde, droge ruimte. 7) Gebruik de motor niet in wild of roerig water. 8) Plaats geen zware voorwerpen op de motor. 9) Deze buitenboordmotor is ontworpen voor licht recreatief gebruik buitenshuis. et is niet toegestaan om de motor voor transport over lange afstanden te gebruiken. Technische gegevens Type Protruar 2.0HP Eigen gewicht 8,3 kg Amp. (Nominaal / Max) 47A ~ 50A Vermogen (Nominaal / Max) 1120W ~ 1200W Voltage 24V DC Geluid niveau 75 db Ingebouwde accu meter 5 niveau s accu indicatie Accu type 105 Ah semi-tractie accu 2x (niet meegeleverd) Spiegel montage Op 6 verschillende posities te vergrendelen Controle hendel Knikhoek 110 Snelheid (vooruit/ achteruit) Traploos instelbaar Schacht type Aluminium Schacht lengte (inch/mm) 37,8 / 960 mm (L) 32,8 / 833 mm (S) Propeller 3 blads propeller (zwart) 14
Aantekeningen 15
importeur: TEL: 0347-349749 www.haswing-marine.nl 99910-PROTR-A12