VERTROUWELIJK RAPPORT SLOOPINVENTARIS

Vergelijkbare documenten
Selectief slopen. en ontmantelen van gebouwen

SLOOPINVENTARIS. Adres Gentweg Evergem. Datum 04 februari 2016

Selectief slopen en ontmantelen Sloopinventaris afvalstoffen

SLOOPINVENTARIS AFVALSTOFFEN

KWALITEITSZORGSYSTEEM VOOR DE WERF

Opleiding Duurzaam Gebouw : BOUWAFVAL

Opleiding Duurzaam Gebouw : BOUWAFVAL

SLOOPINVENTARIS. Inhoudsopgave

Veilig omgaan met asbest

VERTROUWELIJK RAPPORT ASBESTINVENTARIS. Viaduct over het treinspoor, Kempische Steenweg (N74), Kiewit-Hasselt

Asbest in de milieuregelgeving toegespitst op granulaten

Ontwerp Code van goede praktijk betreffende de organisatie van bron- en/of nasortering van bedrijfsafvalstoffen

Sloopinventaris. Datum: 24 augustus 2012 Ibeve dossiernummer: Uitvoerder: E. Bomans/P.Stas E-17

Wat staat er in de Codex over het Welzijn op het Werk over asbest? Luc Neyens Toezicht op het welzijn op het werk

Milieuwetgeving rond asbest:

Asbestverwijdering Vertrouwen is goed, Controle is beter!

Tracimat Sloopbeheersysteem Willem Moens

INZAMELING VAN BEDRIJFSAFVAL DAT VERGELIJKBAAR IS MET HUISHOUDELIJK AFVAL

BIOREMEDIATIESYSTEMEN WETTELIJK KADER. Annie Demeyere Dep.L&V Afdeling Duurzame Landbouwontwikkeling

ASBESTINVENTARIS. A175 - Mechelen, Schepenhuis Steenweg 1, 2800 Mechelen. MACOBO bvba. A175 - Mechelen, Schepenhuis

VOORSCHRIFTEN. behorende bij het besluit. betreffende de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht voor de inrichting. DSM Advanced Polyesters Emmen BV

INVENTARIS AFVALSTOFFEN

BIJLAGE : ALGEMENE INFO IN VERBAND MET DE ASBESTWETGEVING 1

Wat directies en contactpersonen moeten weten over verwijderen van asbest


2. Identificatiefiches asbest

Verslag Plaatsbeschrijving Voor Aanvang Werken

HANDEL EN WANDEL VAN DE SCHROOTHANDEL

BIJZONDER BESTEK NR. 351

1. Administratief gedeelte 1.1. Werfgegevens

08.44 GRAANMOLENS OPPUURS

Inhoudsopgave VOORWOORD 9

Lucht- en asbestlaboratorium

vzw Grondbank erkende bodembeheerorganisatie

Algemene voorwaarden behorende bij de omgevingsvergunning voor de activiteit slopen.

Toelatingsvoorwaarden voor opslagbedrijven voor producten afkomstig van categorie 2- en 3 materiaal

Gemeente: Bouw- en Woningtoezicht Toetsingslijst Sloopvergunningen/ sloopmeldingen ambt. regnr. Aanvrager : sloopadres : plaats :

DEEL IV: OFFERTEFORMULIER

Melding van de exploitatie of verandering van een inrichting van uitsluitend klasse 3

Code van goede praktijk voor keuringsinstellingen die keuringen uitvoeren van kwaliteitsborgingssystemen

ASBESTINVENTARIS. OCMW Antwerpen Van Schoonhovenstraat Antwerpen VERTROUWELIJK. MACOBO bvba

Acceptatie- en verwerkingbeleid

2015 no. 58 AFKONDIGINGSBLAD VAN ARUBA

Reglement inzake het aanbieden van afvalstoffen op het milieupark te Roermond 2015

Selectieve sloop & Tracering van B&S afval. Bouw- en sloopafval: >12 mio ton/jaar - Vlaanderen

Technische specificaties voor een dienstencontract voor het verwijderen van afval

POLITIEREGLEMENT BETREFFENDE HET ORGANISEREN VAN AFVALARME EVENEMENTEN

Inzamelaar, afvalstoffenhandelaar of -makelaar. Datum Actie Status Dossier opgeladen na conversie Het dossier is geregistreerd

Het kader van het Welzijn op het Werk Toelichting bij de wet van 4 augustus 1996

SECTORAAL BEROEPSPROFIEL

Melding van de exploitatie of verandering van een inrichting van uitsluitend klasse 3

MEER en BETERE selectieve inzameling bij BEDRIJVEN

1. Aanvraagplannen werden ons overgemaakt door 2. Inplantingsplaats: Pijnven - Kerkhoven

Verplichtingen in verband met asbest

Concordantietabel boek VI Chemische, kankerverwekkende en mutagene agentia van de codex welzijn op het werk

24/05/2018. Tracimat : Gevolgen voor de aannemers. Toepassingsgebied. Van belang voor sloopwerken Van gebouwen en infrastructuurwerken

VERKOOPSCONTRACT VAN ROLLEND MATERIEEL ALS SCHROOT, NA DE VERWIJDERING VAN HET ASBEST BIJ DE KOPER TUSSEN

Het Eenheidsreglement voor gerecycleerde granulaten

bepalingen van de Wet milieubeheer (artikel 10.23, eerste lid), de Gemeentewet en de Algemene wet bestuursrecht

Het K.B.Asbest toepassing in de praktijk. Asbestcement op containerparken

Bouw- en sloopafval: van bouwafval tot bouwmateriaal

Infosessies IMJV 2009

Beheer van afvalstoffen

(VO 183/2005 Bijlage III) De productie-eenheid is zo ontworpen dat zij adequaat kan worden gereinigd.

Risico s bij afbraakwerken Hasselt & Gent, 10/17 maart 2016 SQUARE GROUP. Ing. Joos Dewulf Hoofd Preventie, Milieu & Kwaliteit PA 1 MC A

Algemeen kader Praktische cases grondverzet

Afval is een Keus. Scheiding en nasortering Grof huishoudelijk (rest)afval. NVRD Regio Noord Nederland 20 juni Definities

VERKOOPSCONTRACT VAN ROLLEND MATERIEEL ALS SCHROOT, NA DE VERWIJDERING VAN HET ASBEST BIJ DE KOPER TUSSEN

uitbaten garagewerkplaats Ligging Hillarestraat 184 te 9160 Lokeren Kadastrale ligging afdeling 4, sectie C, perceel 1038T Contact

VOORSTEL FORMULIER ALLE BOUWPLAATS RISICO S

FAQ DIERENARTS & DEPOT

Plaatsbeschrijving openbare ruimte na ingebruikname

Verordening Afvalstoffen 2010

ASBEST. Wijzigingen in de asbestwetgeving in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest

BIJLAGE 6. Reglement Milieupark Roermond 2017

is materiaalbewust HANDEL EN WANDEL VAN DE SCHROOTHANDEL AFGEDANKTE VOERTUIGEN SAMEN MAKEN WE MORGEN MOOIER OVAM

OMGEVINGSVERGUNNING. ONTWERP-BESLUIT 18 april 2013

datum x kenmerk x uw kenmerk/brief van x doorkiesnummer x R41/

Buurtinfoavond. 10 maart 2014

Tabel 1: overzicht verplichte sociale documenten

Transcriptie:

VERTROUWELIJK RAPPORT SLOOPINVENTARIS Object : Douanekantoor Zelzate Inspecties ter plaatse: 3/08/2016 Rapportage: 11+12/08/2016 1

SLOOPINVENTARISATIE: dossier: 12-4700-165 Project: Douanekantoor Zelzate Beneluxlaan 9060 Zelzate Opdrachtgever raamcontract: Vlaamse Overheid Agentschap Facilitair Bedrijf Boudewijnlaan 30 bus 60 1000 Brussel Besteknummer: 2011/AFM/OA/4356 Leidend ambtenaar: Contactpersoon: Uitvoerder: Dhr. David De Keyser Dhr. Tom Van de Moer Vlaamse Overheid - Agentschap Facilitair Bedrijf Tel: 02/553 74 95 Ing. Frank Verdoodt Vlaamse Overheid departement Mobiliteit en Openbare werken Motorstraat 109 9000 Gent BE Consult bvba Winkelomseheide 184 2440 Geel Tel.: 014/56 32 41 Fax: 014/58 55 69 Onderzoekers: Ruben Swinnen Nele Van Bael Onderzoeksmethode: visuele inspectie digitale fotografie aanduiding op plannen 2

INHOUD VAN HET RAPPORT: 1. INLEIDING. 2. FORMULIER SLOOPINVENTARIS AFVALSTOFFEN (OVAM). 3. INVENTARISATIETABEL. 4. OVERZICHT FOTO S. 5. PLANNEN. 6. AANBEVELINGEN BIJ DE SLOOP. 7. TRANSPORT EN VERWERKING VAN DE VRIJGEKOMEN MATERIALEN. 3

1. Inleiding. BE-Consult bvba werd aangesteld voor de opmaak van de sloopinventarisatie van het af te breken douanekantoor gelegen te Beneluxlaan Zelzate. Een gedetailleerde asbestinventaris is opgemaakt als aanvulling van deze sloopinventaris. 1.1. Inspectie Teneinde een inschatting te kunnen maken van de verschillende afvalfracties en de in rekening te brengen hoeveelheden, werd het gebouw aan een grondige visuele inspectie onderworpen. Dit rapport beschrijft de situatie zoals ze op het moment van het plaatsbezoek was. De vaste constructies werden zo gedetailleerd mogelijk opgemeten. Tijdens de inspectie werd onderscheid gemaakt tussen volgende al dan niet aanwezige fracties: - asbestcement - houtafval - afvaloliën - metaalafval - KGA - afgedankte elektrische en elektronische apparatuur - bouw en sloopafval - kunststof- PVC - grofvuil - kunststof- POLYSTYREEN - afvalbanden - teerhoudend asfalt 4

In deze sloopinventaris zijn de volgende zaken niet opgenomen: - Er werd geen onderzoek verricht naar de toestand van niet-zichtbare funderingen en rioleringen, noch naar de verdoken constructie-elementen. Er werd wel een logische inschatting gemaakt van het volume aan funderingen. - De verdoken en ingebouwde leidingen van water, afwatering, gas en elektriciteit, verwarming en andere mogelijke nutsvoorzieningen werden niet onderzocht. - Er werd geen onderzoek verricht onder vloerbekledingen, achter wandbekledingen, noch onder en/of achter vast meubilair. - alle aanplantingen. De opgegeven hoeveelheden zijn gebaseerd op metingen die gebeurd zijn op de door de opdrachtgever aangeleverde bouwtekeningen en opmetingen ter plaatse en opgemaakt te goeder trouw, naar beste kennis en wetenschap, zonder waarborg aangaande uitgedrukte hoeveelheden. BE-Consult aanvaardt ten aanzien van de inhoud van dit rapport geen verantwoordelijkheid ten opzichte van anderen dan de opdrachtgever. 5

1.2. Wettelijk kader van de sloopinventaris: - Sinds 1 mei 2009 is elke bouwheer krachtens artikel 5.2.2.1. 4 van VLAREA verplicht om een sloopinventaris op te maken van: - alle gevaarlijke en niet-gevaarlijke afvalstoffen die vrijkomen bij de sloop of ontmanteling van gebouwen met een volume van meer dan 1000m³ - en die geheel of gedeeltelijk bestemd waren voor een niet-residentiële functie. - Het decreet van 2 juli 1981 betreffende de voorkoming en het beheer van afvalstoffen en haar uitvoerings- en wijzigingsbesluiten, in het bijzonder het Besluit van de Vlaamse regering van 5 december 2003 tot vaststelling van het Vlaams reglement inzake afvalvoorkoming en - beheer (VLAREA); - Het Algemeen Reglement voor de Arbeidsbescherming (ARAB) en de Codex over het welzijn op het werk; - Het Algemeen Reglement op de elektrische installaties (AREI) De inventaris dient opgesteld te worden door een architect of door een deskundige die de houder van de stedenbouwkundige vergunning heeft aangesteld, voor de toewijzing van de sloopwerkzaamheden. De sloopinventaris omvat minimaal: - Identificatie van de werf en de bouwheer, - Lijst van alle verwachte gevaarlijke en niet-gevaarlijke afvalstoffen met: - benaming, - EURAL-code, - vermoedelijke tonnages en/of volumes - locatie binnen het gebouw, - verschijningsvorm. Een standaardformulier wordt door de OVAM ter beschikking gesteld. Details van de inventaris en andere informatie kunnen zonodig gegeven worden in bijlage. 6

Concreet betekent dit dat de bouwheer: een volledige inventaris kan voorleggen van alle afvalstoffen, zowel gevaarlijke als nietgevaarlijke, vooraleer tot sloop of ontmanteling over te gaan; een architect of deskundige inschakelt om de inventaris van de materialen op te maken; alle beperkte meerkosten draagt die kunnen terug verdiend worden ingevolge diverse voordelen van selectief slopen en ontmantelen; zelf verantwoordelijk is als de sloper/aannemer niet aan zijn verplichtingen voldoet; de sloper/aannemer moet alle bewijsstukken van de legale verwerking aan de bouwheer overmaken. 7

2. FORMULIER SLOOPINVENTARIS AFVALSTOFFEN 8

3. INVENTARISATIETABEL 9

4. OVERZICHT FOTO S 10

Figuur 1 voorgevel Figuur 2 voorgevel Figuur 3 voorgevel Figuur 4 voorgevel Figuur 5 voorgevel Figuur 6 voorgevel 11

Figuur 7 achtergevel Figuur 8 achtergevel Figuur 9 achtergevel Figuur 10 rechtergevel Figuur 11 linkergevel Figuur 12 linkergevel 12

Figuur 13 traphal Nederland Figuur 14 traphal Nederland Figuur 15 magazijn Nederland Figuur 15 kelder Nederland Figuur 16 kelder Nederland Figuur 18 Kelder Nederland 13

Figuur 19 Kruipkelder Nederland Figuur20 Burelen Nederland Figuur 21 Burelen Nederland Figuur 22 Burelen Nederland Figuur 23 Inkomhal Nederland Figuur 24 Inkomhal Nederland 14

Figuur 25 Inkom België Figuur 26 Inkom België Figuur 27 Burelen België Figuur 28 Burelen België Figuur 29 Traphal België Figuur 30 Traphal België 15

Figuur 31 Trap naar 2 de verdieping Figuur 32 Stookolietank België Figuur 33 Stookplaats België Figuur 34 Stookplaats België Figuur 35 Stookplaats België Figuur 36 Kruipruimte België 16

5. PLANNEN 17

18

19

20

21

6. AANBEVELINGEN BIJ DE SLOOP 6.1. Maximale voorafgaande ontruiming. Vooraleer met de eigenlijke ontmanteling of afbraak van de vaste delen van het gebouw te beginnen dienen alle vrijstaande elementen zoals meubilair, losse toestellen, tapijten, papier en karton, voorraden, opgeslagen stoffen en vloeistoffen verwijderd te worden en verwerkt via de aangewezen weg. Bijzondere aandacht hierbij gaat naar eventueel aanwezige gevaarlijke stoffen zoals bijvoorbeeld opgeslagen chemicaliën of afvalstoffen. 6.2. Voorafgaande verwijdering van gevaarlijke stoffen. Alle aanwezige gevaarlijke stoffen, in het bijzonder deze die een gevaar kunnen opleveren voor de slooparbeiders, voor omwonenden of voor het milieu, of die het hergebruik van de vrijkomende materialen kunnen bemoeilijken of verhinderen dienen voor de aanvang van de eigenlijke sloop te worden verwijderd. Dit dient bovendien te gebeuren met de nodige voorzorgen en, waar relevant, volgens de geldende voorschriften. Recipiënten die gevaarlijke stoffen bevatten worden bij voorafgaandelijk op een reglementaire manier geledigd tenzij zij op een veilige manier met inhoud kunnen verwijderd worden. Hieronder vallen onder meer stookolietanks, transformatoren en koelinstallaties. Asbesttoepassingen dienen wettelijk steeds voorafgaandelijk te worden verwijderd (KB 16 maart 2006). Hechtgebonden toepassingen en kleine hoeveelheden nietgebonden toepassingen mogen worden verwijderd mits naleving van de regels die hiervoor specifiek zijn opgelijst in het KB. In alle andere gevallen dient men beroep te doen op een erkend verwijderaar. 6.3. Reinigen van schouwen en recipiënten Schouwen kunnen belangrijke hoeveelheden roet bevatten dat in het algemeen rijk is aan polyaromatische koolwaterstoffen (PAK s). Om te vermijden dat het roet vermengd geraakt met puin en dit ongeschikt maakt voor hoogwaardig hergebruik, is het aangeraden de aanwezige schouwen te reinigen alvorens de sloopwerken aan te vatten. Opslagtanks van brandstoffen of andere recipiënten met gevaarlijke stoffen dienen voorafgaand geledigd en gereinigd te worden door een erkend bedrijf. 22

6.4. Materiaalscheiding met het oog op maximale recyclage,hergebruik of valorisatie. In principe maakt het niet uit of materialen voor, tijdens of na de ontmantelings- of sloopwerkzaamheden worden gescheiden. In de praktijk is het evenwel vaak zeer moeilijk, onmogelijk of zeer duur om bepaalde stoffen uit een afvalstoffenmengsel af te scheiden. Dit geldt in het bijzonder voor gevaarlijke afvalstoffen zoals asbestkalk, asbestcement of kwik uit TLbuizen die zelfs in kleine hoeveelheden grote partijen sloopafval kunnen besmetten. Daarom verdient het aanbeveling om bij ontmantelings- en sloopwerkzaamheden zoveel mogelijk selectief te werk te gaan en de fracties aan de bron zelf maximaal te scheiden. 6.5. Gezondheids-,veiligheids- en milieuaspecten. Wat betreft de beheersing van de gezondheidsrisico s voor de werknemers, omwonenden, verwerkers en gebruikers, en van milieurisico s in het algemeen wordt verwezen naar onder meer de volgende regelgevingen: - KB van 25 januari 2001 en latere wijzigingen betreffende de tijdelijke of mobiele werkplaatsen - KB van 16 maart 2006 en latere wijzigingen betreffende de bescherming van de werknemers tegen risico s van blootstelling aan asbest - KB van 11 maart 2002 en latere wijzigingen betreffende de bescherming van de gezondheid en de veiligheid van de werknemers tegen de risico s van chemische agentia op het werk - KB van 2 december 1993 en latere wijzigingen betreffende de bescherming van de werknemers tegen de risico s van blootstelling aan kankerverwekkende en mutagene agentia op het werk - Milieuvergunningsdecreet - Vlarem 1 en Vlarem 2 - Vlarea - Vlarebo 23

7. TRANSPORT EN VERWERKING VAN DE VRIJGEKOMEN MATERIALEN 7.1. Identificatieformulier Elk transport van afvalstoffen dient vergezeld te zijn van het identificatieformulier voor afvalstoffen zoals vastgelegd in het Vlarea. Een modelformulier kan gedownload worden van de OVAM website. Dit model is echter niet bindend. Overbrengers zijn vrij om een eigen of een reeds bestaand formulier te gebruiken. CMRformulieren, bestelbonnen e.d. kunnen dus ook gebruikt worden maar moeten minstens dezelfde gegevens bevatten als het modelformulier. Aan de bestuurder van het voertuig moet dan duidelijk gemeld worden dat dit formulier geldt als identificatieformulier voor afvalstoffen. Het identificatieformulier moet duidelijk de plaats van vertrek en de bestemming van dit transport weergeven. Indien de afvalstoffen na behandeling of tussenopslag verder worden vervoerd, dient een nieuw identificatieformulier te worden gebruikt. 7.1.1. Vóór het transport - Alle gegevens moeten ingevuld worden. Indien de hoeveelheid niet kan worden bepaald vóór het transport, dan mag de hoeveelheid ingevuld worden op de plaats van bestemming. - De overbrenger moet het formulier dateren en tekenen. Wanneer een overbrenger met geregistreerde vervoerders werkt, kan hij deze reeds vooraf een bundel ingevulde en ondertekende formulieren bezorgen. - Voor gevaarlijke afvalstoffen moet ook de producent het formulier dateren en ondertekenen. - De producent krijgt een kopie van het tot zover ingevulde identificatieformulier. Bij afwezigheid van de producent kan de kopie bvb. In de brievenbus van het bedrijf gedeponeerd worden. 7.1.2. Tijdens het transport - Het ingevulde en ondertekende identificatieformulier vergezelt de afvalstoffen. Het formulier moet op vraag van inspecterende diensten getoond worden. 7.1.3. Op de plaats van bestemming - Indien de hoeveelheid nog niet was ingevuld, dient deze nu te worden ingevuld. - De bestemmeling moet het formulier dateren en tekenen voor ontvangst. - De bestemmeling ontvangt ter plaatse een kopie van het tot zover ingevulde identificatieformulier. 24

7.1.4. Na het transport - Het originele volledig ingevulde identificatieformulier wordt bijgehouden door de overbrenger (gedurende een periode van minimaal tien jaar). - De producent houdt de door hem ontvangen kopie bij van het identificatieformulier. - De bestemmeling houdt de door hem ontvangen kopie bij van het identificatieformulier. 7.2. Verwerkingsattest Na verwerking van de afvalstoffen dient de bouwheer in het bezit te worden gesteld van de verwerkingsattesten. Samen met de transportdocumenten en de sloopinventaris worden deze bijgehouden gedurende minstens 5 jaar en ter inzage gegeven aan de milieuinspectie wanneer deze hierom vraagt. 25