ZTX-Ergometer H779 Selfgenerator
ZTX Selfgenerator H799 ALGEMENE OPMERKINGEN Lees aandachtig de aanwijzingen in dit handboek. Vooraleer het toestel in gebruik te nemen moet men controleren of hij correct functioneert. Het toestel niet gebruiken wanneer het beschadigd is. De ouders, of andere personen die voor kinderen verantwoordelijk zijn moeten met de natuurlijke nieuwsgierigheid van de kinderen rekening houden en ervan bewust zijn dat deze tot gevaarlijke situaties en handelingen kan leiden. Daarom moeten ze steeds in het oog gehouden worden. Dit toestel mag in geen enkel geval als speelgoed gebruikt worden Het toestel mag slechts door 1 persoon tegelijkertijd gebruikt worden.
MONTAGE INSTRUCTIES 1
Haal het toestel uit de doos en controleer of alle onderdelen aanwezig zijn: (A) Centraal lichaam, (B) Buis voor het handvat, (C) Zadelpen; (H) zadel met horizontale buis en stelknop. Zakje met 3 bouten, ringen en 1 BH sleutel (P) elektronisch gedeelte en stuur. (K) 2 achtkantige schroeven M8x20 en ringen voor de monitor. 2 Breng de kabel van de monitor in de stuurbuis (B) en haal deze door de tegenoverliggende opening. 3 Plaats de schroeven (K) en de ringen zoals wordt getoond in figuur 3 en draai dezen stevig vast. Plaats de sierdoppen (G) op de schroeven (K). 4 Bevestig de kabel van de monitor die uit het centrale frame (A) steekt met de kabel die u door de stuurbuis (B) heeft gehaald. 5 Steek de stuurbuis (B) in het centrale frame (A), waarbij u ervoor dient te zorgen dat de kabels (F) niet klem komen te zitten. Zie figuur 5. - Breng de bouten (J) en moeren terug aan. Span het geheel goed aan. Bevestig de afdekdoppen. 6 NIVELLERING. Controleer, wanneer u de eenheid op zijn definitieve plaats heeft geplaatst, of deze stevig op de grond staat en of deze waterpas staat. Dit kunt u regelen door de nivelleringspootjes, die zich aan de voorkant van het apparaat bevinden, meer of minder uit te schroeven. 7 VERPLAATSING EN OPBERGEN Dit apparaat is uitgerust met wieltjes (W) wat het verplaatsen vergemakkelijkt. De twee wieltjes bevinden zich aan de voorkant van het apparaat en vergemakkelijken het u het apparaat te verplaatsen en op de uitgekozen plaats te plaatsen. Berg het apparaat op op een droge plaats, waar zo min mogelijk temperatuursschommelingen plaats vinden.
MONTAGEINSTRUCTIES ZADEL
Controleer of alle onderdelen voor de montage van het zadel aanwezig zijn: (C) Zadelpen; (H) Zadel met horizontale buis en instellingsknop zadel en (D) Hoogte instellingsknop zadel. A.- Om het zadel hoger of lager te stellen, draait u eerst de hoogteregelaar zadel (D) een beetje los door deze tegen de wijzers van de klok in te draaien, trekt aan de regelaar (D) zonder deze los te laten en beweegt de zadelpen. B.- Haal de knop (1) van de eenheid zadelhorizontale buis (N). C.- Plaats het onderdeel (M) in het midden van de horizontale buis en zorg dat het gat in het onderdeel (M) samenvalt met het gat voor de zadelpen. Vervolgens brengt u de zadelknop (1) in en draait stevig vast.. VERTICALE INSTELLING. Om het zadel hoger of lager te stellen, draait u eerst de hoogteregelaar zadel een beetje los door deze tegen de wijzers van de klok in te draaien, trekt aan de hoogteregelaar zonder deze los te laten en beweegt de zadelpen. Wanneer het zadel zich op de gewenste hoogte bevindt, laat u de hoogteregelaar los en de buis is geblokkeerd. Draai vervolgens vast door de regelaar kloksgewijs te draaien. HORIZONTALE INSTELLING. Om het zadel horizontaal in te stellen, draait u de zadelknop van de horizontale zadelbuis los. Beweeg het zadel met buis in de gewenste positie en draai de zadelknop stevig vast. HELLINGHOEK INSTELLING ZADEL. Het zadel kan naar voren of naar achteren geheld worden. Draai de moer (Q), die zich onder het zadel bevindt, los en breng het zadel in de gewenste stand. Draai vervolgens de moer stevig vast. Verander de hellingshoek van het zadel niet wanneer u hierop zit.
ZTX Selfgenerator H799 Electronische eenheid Deze ergometer is uitgerust met een systeem dat energie genereert, waardoor het apparaat autonoom functioneert. Dit systeem voorziet het apparaat van de benodigde energie zowel voor de elektronische monitor als voor het magnetisch remsysteem. Daarom beschikt het niet over een aansluiting op het lichtnet. Erg belangrijk: Voor het correct functioneren van de ergometer is het noodzakelijk een pedaalslag van minimaal 45 rpm te handhaven. Wanneer de pedaalslag zich beneden deze waarde bevindt voorziet de generator het apparaat onvoldoende van stroom en is het correct functioneren hiervan niet gegarandeerd. Om de controle van de oefeningen te vergemakkelijken en te vereenvoudigen toont de elektronische eenheid achtereenvolgens in de rechterdisplay de volgende functies: rpm, calorieën, Watt, hartslag, afstand, tijd. (U kunt ook een van deze functies selecteren zodat deze continu wordt getoond.) In de centrale display wordt de grafiek van het gekozen programma of de grafiek van de handmatige functie -ingesteld door de gekozen inspanning, getoond. In de linkerdisplay wordt de snelheid in Km/uur continue getoond. IN WERKING STELLEN Om het apparaat in werking te stellen begint u te fietsen en de elektronische monitor licht op. Het is erg belangrijk dat u blijft fietsen terwijl u de te realiseren oefening kiest. Wanneer u een oefening bent begonnen (de indicator voor START brandt) en u ophoudt te fietsen, waardoor er onvoldoende energie wordt gegenereerd voor een correct functioneren van het apparaat, slaat het apparaat de gegevens op. Wanneer weer opnieuw begint te fietsen wordt de oefening vervolgt op het punt, daar waar u bent opgehouden. DRUKKNOP QUICKSTART Om het gebruik van de ergometer te vergemakkelijken en te vereenvoudigen beschikt het elektronisch gedeelte over een drukknop QUICKSTART, door op deze knop te drukken begint het apparaat te functioneren in de handmatige bediening. Wanneer de oefening is beëindigd of wanneer op STOP wordt gedrukt keert het elektronisch gedeelte terug naar QUICKSTART. FUNCTIONEREN PROGRAMMERING Dit apparaat beschikt over zes oefenprogramma's. Door op de knop SELECT PROGRAM te drukken kan worden gekozen uit de zes oefenprogramma's. Wanneer het gekozen programma een van de eerste drie programma's is (bergen, valleien, interval), drukt u op ENTER om de gegevens leeftijd, gewicht en tijdsduur van het programma in te voeren. Wanneer u vervolgens op ENTER drukt, begint de waarde lage" (leeftijd) te knipperen en u kunt deze waarde invoeren door gebruik te maken van de toetsen
& en V. U drukt weer op ENTER en herhaalt de bovengenoemde handelingen voor de variabelen "weight" (gewicht) en "time" (tijdsduur van de oefening). Wanneer u alle gegevens heeft ingevoerd, start het gekozen programma. Deze gegevens dienen ervoor om een juiste informatie te verstrekken over de hoeveelheid geconsumeerde calorieën en stelt in staat het oefeningsprofiel te verdelen over de ingestelde tijdsduur. Tijdens de oefening knippert er een kolom lichtjes naar gelang de minuut waarin de oefening zich bevindt. Gedurende de oefening kunt u de geprogrammeerde inspanning wijzigen door gebruik te maken van de toetsen? en? De oefening eindigt wanneer de tijdswaarde 00:00 bereikt. Wanneer u geen tijdswaarde heeft ingevoerd, eindigt het programma wanneer u op STOP drukt, waarbij het apparaat terugkeert naar QUICKSTART. SWR (Programma constante watt) Het programma constante watt stelt in staat een constant inspanningsniveau in te stellen, onafhankelijk van de pedaalslag. Selecteer het programma SPW en voer leeftijd, gewicht, tijdsduur en watts in, gebruik makend van de knop ENTER en de toetsen.? en? BELANGRIJK! Tijdens de uitvoer van de oefening van dit programma geven de waarden in het centrale display het geleverde vermogen, uitgedrukt in watt, tijdens het fietsen weer. Het vermogen is het resultaat van de vermenigvuldiging van de pedaalslag (snelheid) met de gerealiseerde krachtsinspanning ontwikkeld tijdens het fietsen. Het elektronisch gedeelte regelt automatisch de weerstand, naar gelang de pedaalslag, zodat de gebruiker de exact het gekozen vermogen ontwikkelt. Het is daarom logisch dat, voor de ontwikkeling van eenzelfde vermogen, de gebruiker het idee heeft, dat hij bij een hogere pedaalslag minder inspanning nodig heeft, zonder dat dit een afwijking in het functioneren van de egometer betekent. Tijdens de oefening kan de geprogrammeerde krachtsinspanning worden veranderd door gebruik te maken van de toetsen A en V. De oefening eindigt wanneer de tijdswaarde 00:00 bereikt. Wanneer u geen tijdswaarde heeft ingevoerd, eindigt het programma wanneer u op STOP drukt, waarbij het apparaat terugkeert naar QUICKSTART. Fitness test Dit programma voert een test van uw lichamelijke conditie uit. Kies het programma fitness en voer leeftijd en gewicht in. Gedurende 8 minuten dient u op uw eigen ritme te fietsen en de ergometer stelt de weerstand in, behorend bij uw pedaalslag. De monitor registreert de hartslag tijdens de tijdsduur van het programma en toont uw lichamelijke conditie in het scherm. Very good - Erg goed Good - goed Average - gemiddeld Poor - onvoldoende Very poor - slecht
Belangrijke opmerking: Voor de uitvoer van dit programma is het noodzakelijk dat het elektronisch gedeelte de hartslag registreert. door middel van de hartslagtelemeter of de hand-grip. SPR (Programma constante hartslag) Dit programma stelt u in staat een training te realiseren waarbij een constante hartslag wordt gehandhaafd. Kies het programma SPR en voer leeftijd, gewicht, tijdsduur en hartslag in, gebruikmakend van de knop ENTER en de toetsen? en?. Belangrijke opmerking: Voor de uitvoer van dit programma is het noodzakelijk dat het elektronisch gedeelte de hartslag registreert, door middel van de hartslagtelemeter of de hand-grip. Het maximale aantal hartslagen per minuut welke een persoon niet mag overschrijden wordt het maximale hartslagritme genoemd en dit vermindert met de leeftijd. Een eenvoudige formule om dit te berekenen is: trek van 220 de leeftijd in jaren af. Om de oefening correct uit te voeren dient uw hartslag zich tussen de 65 en 85% van het maximale hartslagritme bevinden en het is niet aan te bevelen boven de 85% uit te komen. Het wordt aanbevolen beneden de 85% van het maximale hartslagritme te blijven, uit veiligheidsoverwegingen. SCAN TOETS De functie SCAN stelt in staat afwisselend de waarden rpm, calorieën, watt, hartslag, afstand, tijdsduur, ingevoerd gewicht en ingevoerde leeftijd in de rechterdisplay te tonen. Wanneer de SCAN functie geactiveerd is, brandt het rode indicatielampje onder het woord SCAN. SELECT TOETS De SELECT functie stelt in staat één van de parameters te kiezen die dan continu wordt getoond tijdens de uitvoer van de oefening in de rechter display. Bij elke druk op de toets SELECT verandert de in de display getoonde parameter (rpm, calorieën, watt, hartslag, afstand, tijd). BH BEHOUDT ZICH HET RECHT VOOR, ZONDER VOORAFGAANDE KENNISGEVING, DE SPECIFICATIES VAN HAAR PRODUCTEN TE WIJZIGEN.