Borstverkleining Borstreductie
2
Veel vrouwen hebben een probleem met te zware en/of hangende borsten. Door het gewicht van de borsten kan pijn in de schouders, de rug en de hals ontstaan en snoeren bh-bandjes diep in de huid van de schouders. De borsten kunnen gevoelig of pijnlijk zijn en zelfs irritatie van de huid onder de borsten veroorzaken. Zware borsten zitten bovendien in de weg bij een groot aantal sporten. Deze folder geeft u informatie over wat de plastisch chirurg in het CWZ met u heeft besproken, zodat u na het gesprek alles nog eens rustig kunt lezen en zich kunt voorbereiden op de opname. We raden u aan om deze folder goed te bewaren en bij elk bezoek aan het ziekenhuis mee te nemen. Er staat informatie in waar u ook tijdens uw opname wat aan heeft. Bovendien bevat deze folder adviezen voor als u weer thuis bent. Wat houdt een borstverkleinende operatie in? Natuurlijk zal er bij een borstverkleinende operatie, voor zover mogelijk rekening worden gehouden met de gewenste cupmaat. Ook de plastisch chirurg zal, vanuit zijn of haar visie en ervaring, een idee hebben over de meest geschikte grootte. Er wordt geen garantie gegeven dat de operatie tot de gewenste cupmaat zal leiden. De basisbreedte van de borst blijft gelijk en bepaalt mede de uiteindelijke cupmaat. Een borstverkleining duurt gemiddeld twee uur en vindt plaats onder algehele narcose. Er bestaan diverse operatietechnieken voor een borstverkleining. Uw plastisch chirurg zal u voor de operatie informeren over de techniek van zijn of haar keuze. 3
Door de operatie wordt een deel van het borstklierweefsel verwijderd met huid, er wordt een nieuw kleiner model borst gevormd en tevens zal de tepelhof verkleind en verplaatst worden. In de regel zal het verwijderde weefsel voor onderzoek worden opgestuurd, om eventuele afwijkingen in het verwijderde klierweefsel op te sporen. Mocht dit bijzonderheden opleveren dan hoort u dat van uw plastisch chirurg tijdens de controle op de polikliniek. Littekens Afhankelijk van de mate waarin de lift noodzakelijk is kunnen littekens verschillen. Uw plastisch chirurg zal u hierover uitleg geven. Symmetrie Het is niet altijd mogelijk om de borsten symmetrisch te maken en ook de vorm en de gevoeligheid van de tepels kunnen anders zijn dan u had verwacht. Borstvoeding Door de verplaatsing van de tepelhoven moet de plastisch chirurg uitvoergangen van de melkklieren en zenuwen doorsnijden. Hierdoor kunt u meestal na de operatie geen borstvoeding meer geven. Blijvend resultaat Verder dient men zich te realiseren dat bij een borstverkleinende of verstevigende operatie géén correctie wordt verricht van het overtollige weefsel onder de oksels (eventueel doorlopend naar de rug). Verslapping die eenmaal begonnen is zal ook na deze vormverbeterende operatie doorgaan en kan het aanvankelijke resultaat op den duur nadelig beïnvloeden. Door algemeen aankomen in gewicht, door zwangerschap of pilgebruik kunnen de borsten ook weer zwaarder worden. 4
Voorbereiding operatie Als u samen met uw plastisch chirurg heeft besloten tot een operatie worden een aantal zaken voor u afgesproken. Verzekering De aanvraag voor de operatie bij uw verzekeraar wordt gedaan door de secretaresse van de plastisch chirurg. Over verdere vergoedingen kunt u contact opnemen met u zorgverzekeraar. Medische fotograaf De medische fotograaf zal foto s maken van uw borsten voor de operatie. Eventueel worden er een aantal maanden na de operatie weer foto s gemaakt. Gewichtsafname Als u te zwaar bent is het advies om voor de operatie af te vallen om een beter resultaat te krijgen. Als u dit na de operatie doet zullen de borsten weer verslappen. Als u op het streefgewicht bent gekomen maakt u een afspraak met de plastisch chirurg. De operatie kan dan zonder onnodige risico s worden uitgevoerd met een goede kans op een mooi resultaat. Anesthesie (verdoving) Voor de operatie en de anesthesie zijn meestal enige voorbereidingen noodzakelijk, dit wordt ook wel preoperatief onderzoek of preoperatieve voorbereiding genoemd. Een goede verdoving bij een operatie is belangrijk. De anesthesioloog schat in welke risico s in uw geval aan de anesthesie verbonden zijn en hoe deze kunnen worden beperkt. Daarom heeft de polikliniekassistente een afspraak voor u op het spreekuur van de anesthesioloog gemaakt. Deze verdoving kan bij de borstverkleining alleen via algehele narcose, dat wil zeggen dat u slaapt. U zult tijdens de operatie geen pijn voelen. Hierover kunt u meer lezen in de folder Verdoving (anesthesie) bij volwassenen. Gebruikt u medicijnen deze graag in originele verpakking meenemen. 5
Spreekuur intake verpleegkundige Nadat u bij de anesthesioloog bent geweest heeft u aansluitende een afspraak bij de intake verpleegkundige voor een intake gesprek. Zij geeft u ook uitleg over de operatie en de dagen na de operatie. Gebruikt u medicijnen deze graag in originele verpakking meenemen. Bloedverdunners/medicijnen Als u bloedverdunnende - of antistollings middelen gebruikt, overlegt u met uw huisarts, plastisch chirurg of uw behandelend arts over het gebruik van deze middelen voor de ingreep. Soms moet gebruik van bloedverdunners tijdelijk gestopt of aangepast worden zoals Acetylsalicylzuur, Ascal, Sintrom (acenocoumarol) of Marcoumar (fencoproumon). Ook kan het zijn dat u via een injectie bloedverdunnende middelen krijgt. Dit om trombose te voorkomen. Stop nooit op eigen initiatief met het gebruik van bloedverdunners. Ook andere medicijnen moet u melden, evenals eerder ondergane operaties en andere gezondheidsproblemen. De medicijnen die u tijdens verblijf nodig heeft, ontvangt u van de ziekhuisapotheek. Neem geen medicijnen in zonder hierover overleg te plegen. Een combinatie van geneesmiddelen kan namelijk bij ondeskundig gebruik gevaarlijk zijn. Omdat het van belang is te weten welke medicijnen u tot de opnamedag heeft gebruikt, verzoeken wij u deze medicijnen, in originele verpakking, bij opname mee te nemen. Wat moet u meenemen? Tijdens uw opname heeft u nodig: een stevige zwarte sport BH; (2 bh s in 2 verschillende maten) ondergoed en nachtkleding (eventueel nachtkleding met een voorsluiting); kamerjas, pantoffels; toiletartikelen; lectuur en dergelijke. 6
Waardevolle bezittingen Het is raadzaam grotere geldbedragen, sieraden en andere kostbaarheden thuis te laten. De ervaring leert dat het gevaar van zoekraken en diefstal in een openbaar gebouw aanwezig is. Het ziekenhuis kan hiervoor niet aansprakelijk worden gesteld. De dag van de operatie U meldt zich op het afgesproken tijdstip bij de afdeling die u van de opname heeft doorgekregen. Op de afdeling krijgt u een kort gesprek met de verpleegkundige. Dit is om te controleren of er de laatste weken nog veranderingen zij opgetreden in uw gezondheid en uw persoonlijke omstandigheden. Tevens vertelt de verpleegkundige u nog kort het een en ander over de gang van zaken rond de operatie. Als u vragen heeft kan de verpleegkundige deze beantwoorden. Uw partner/begeleider kan bij dit gesprek aanwezig zijn, als u dat prettig vindt. Niet eten en beperkt drinken (nuchter zijn) Op de dag van de operatie moet u nuchter zijn. Hierover heeft de anesthesioloog op het spreekuur afspraken met u gemaakt. Meer hierover kunt u lezen in de folder Verdoving (anesthesie) bij volwassenen. Aftekenen van de borsten Voor de operatie worden uw borsten door de plastisch chirurg afgetekend. Dit gebeurt in principe op de verkoeverkamer. Het kan ook zijn dat dit op de verpleegafdeling wordt gedaan dit is afhankelijk van het operatieprogramma. 7
Pijnstilling Voor de operatie start u met de pijnmedicatie. De pijnmedicatie wordt op de verpleegafdeling aan u gegeven. Dit heeft als doel een spiegel in uw bloed op te bouwen zodat na de operatie de pijnmedicatie meer effect heeft. Meer hierover vindt u in de folder Verdoving (anesthesie) bij volwassenen onder het kopje Pijnmeting. Scheren Het is aan te raden dat u de ochtend van de operatie thuis uw oksels scheert. De operatie Voordat u naar de operatiekamer gaat, krijgt u de voorbereidende medicatie voor de anesthesie (premedicatie). Het is belangrijk dat u deze medicatie voor de ingreep inneemt. Ook is het belangrijk dat u voor de ingreep nog even plast, zodat de blaas leeg is. U mag tijdens de operatie geen sieraden dragen. Op de afdeling krijgt u een operatiejasje aangetrokken. Bovengenoemde maatregelen zijn er om de hygiëne op de operatiekamer te waarborgen en daardoor infecties te voorkomen. Een kwartier voor de ingreep wordt u naar de verkoeverkamer gebracht, hier worden u nog wat vragen gesteld waarna u naar de operatiekamer wordt gereden. Daar moet u over stappen op een smalle operatietafel. De anesthesioloog geeft u de verdoving, die met u besproken is. Ook zal er voordat de operatie begint algemene of specifieke bewakingsapparatuur aangesloten worden, om lichaamsfuncties zoals bloeddruk, pols en ademhaling tijdens de operatie goed te kunnen observeren. 8
Direct na de operatie Na de ingreep blijft u in de uitslaapruimte (verkoeverkamer) van de operatieafdeling tot u goed wakker bent en tot alle controles (onder andere bloeddruk, polsslag, ademhaling en pijn) goed zijn. Een verpleegkundige haalt u weer op. Op de verpleegafdeling belt de verpleegkundige uw contactpersoon/begeleider. De verpleegkundigen controleren regelmatig de pols, bloeddruk en de doorbloeding van de tepelhof. Na de operatie kunt u pijn hebben en misselijk zijn. Met behulp van een speciale pijnbestrijdingsmethode wordt de pijn zoveel mogelijk verlicht, zodat u sneller van de operatie herstelt. Tegen de misselijkheid krijgt u eventueel medicijnen. Infuus Na de operatie heeft u een infuus voor vocht of om medicijnen toe te dienen. Als u weer zelf kunt eten en drinken en alle controles goed zijn mag het infuus verwijderd worden. De wond Na de operatie zijn de borsten verbonden met gazen en elastisch verband. Ook kunnen er één of meerdere slangetjes (drains) zitten in het wondgebied. Deze zijn verbonden aan flesjes om het vocht uit de operatiewond op te vangen. De verpleegkundige controleert regelmatig de wonden. Eten en drinken Bij terugkomst van de operatiekamer mag u vrij snel beginnen met het drinken van water. Uitbreiding daarvan is afhankelijk van uw misselijkheidklachten. 9
De dagen na de operatie De plastisch chirurg die u geopereerd heeft zal aan het eind van de operatiedag op de verpleegafdeling nog bij u langskomen om de operatie met u door te spreken tenzij dit anders met u is afgesproken. Als alles goed gaat mag u naar huis. De verpleegkundige neemt nog enkele praktische zaken met u door zoals bijvoorbeeld de leefregels. Zonodig krijgt u een recept voor verbandmateriaal en of medicijnen. Twee weken na de ingreep wordt op de poli de knoopjes van de hechtingen verwijderd en het verband verwisselt. Deze afspraak wordt voor u op de verpleegafdeling gemaakt. Weer thuis Na de operatie ontstaat een sterke spanning in de weefsels. Het duurt soms wel vier tot acht maanden voordat de borsten hun definitieve vorm hebben gekregen. Het is dus raadzaam om onderstaande adviezen op te volgen. Hoe meer rust u de operatiewond geeft, hoe mooier het litteken geneest. De eerste zes weken na de operatie mag u niet: zwaar tillen rek/strek/duwbewegingen maken geen bewegingen maken waarbij veel kracht gebruikt moet worden zoals zwaar huishoudelijk werk of beroepsmatig zwaar lichamelijk werk sporten op uw buik liggen in de zon noch onder de zonnebank, daarna een half jaar met beschermingsfactor 30 of bedekt met badpak/bikini in bad of zwemmen 10
Vier weken na de operatie mag u weer: fietsen autorijden De eerste twee weken na de operatie mag u alleen op uw rug liggen. Pijnbestrijding Als pijnstillers nodig zijn, is paracetamol (500 mg) vaak voldoende. Een goede pijnbestrijding is belangrijk voor het genezingsproces. Als het nodig is kunt u de eerste twee dagen de pijn met pijnstillers onderdrukken en dit langzaam afbouwen. Dit doet u als volgt. De eerste twee dagen neemt u vier maal daags - om de zes uur - twee tabletten paracetamol van 500 mg. Dan twee dagen vier maal daags - om de zes uur - één tablet paracetamol van 500 mg. Daarna stopt u en gebruikt u alleen zonodig bij pijn twee tabletten paracetamol van 500 mg. (maximaal 4 maal daags). Pijn kan ook een signaal zijn dat u onvoldoende rustig aan doet of voor ontsteking. Houdt u dus hierboven beschreven adviezen goed in acht en controleer de wond op ontstekingsverschijnselen zoals toenemende zwelling, roodheid of wijken van de wond. Douchen Als de drains verwijderd zijn, mag u douchen. Na het douchen de wondjes droogdeppen. U mag de eerste zes weken niet baden en zwemmen. Droog houden van de wond bevordert een goede wondgenezing, dus kunt u beter ook geen afsluitende pleister op de wondjes gebruiken. Hechtingen Eventueel gebruikte hechtingen zijn oplosbaar. Mochten er nog hechtingen achterblijven dan worden ze op de polikliniek verwijderd. 11
BH Draag gedurende vier tot zes weken na de ingreep dag en nacht een zwarte stevige sport BH. Littekenzalf Wilt u littekenzalf gebruiken om de littekens sneller soepel te maken, dan mag dit alleen op een volledig genezen wond worden aangebracht. De arbodienst U kunt met uw plastisch chirurg overleggen welke consequenties de operatie voor de uitoefening van uw werk heeft. De plastisch chirurg kan wanneer nodig informatie uitwisselen met uw bedrijfsarts. De bedrijfsarts moet hiervoor een schriftelijk verzoek indienen. Zo wordt duidelijk of u (tijdelijk) beperkingen heeft en zo ja, welke. Om uw privacy te beschermen is uw toestemming nodig voor overleg tussen uw specialist en uw bedrijfsarts. Uiteindelijk zal de bedrijfsarts uw terugkeer naar het werk begeleiden. Daarom is het belangrijk dat uw bedrijfsarts op de hoogte is van de operatie en nabehandeling. Afspraken over uw werk zullen vaak soepeler verlopen als u de bedrijfsarts al vóór de operatie informeert. U kunt een gesprek voeren met uw bedrijfsarts op het arbeidsomstandighedenspreekuur van de arbodienst van het bedrijf of de organisatie waar u werkt. Bij de arbodienst kan men u vertellen hoe u dit spreekuur kunt bezoeken. 12
Mogelijke complicaties Een borstverkleinende operatie heeft dezelfde risico s als elk andere operatie. Een wond kan nabloeden of er kan een infectie optreden. Ook kan de wond iets opengaan, met name net onder de tepel en midden onder de borst in de plooi. In zeldzame gevallen is de bloedcirculatie in de wondranden onvoldoende en kan een deel van het borstweefsel afsterven. Zo kan de tepelhof ook gedeeltelijk of volledig afsterven. Dit risico bestaat vooral bij rokers. Na de operatie kan het gevoel in de tepels verminderd of zelfs geheel verdwenen zijn. Vaak komt het gevoel terug, maar niet altijd volledig. De nieuwe vorm van de borst wordt gemaakt door inwendige verplaatsing van vet en borstklierweefsel. In een enkel geval kunnen onderhuidse verdikkingen ontstaan die aanleiding geven tot pijnklachten en eventueel operatief verwijderd moeten worden. Wanneer contact opnemen met het ziekenhuis? Gaat de wond wijken en krijgt u ontstekingsverschijnselen (roodheid, toenemende zwelling en toenemende pijn of een kloppend gevoel) neem dan contact op met de polikliniek plastische chirurgie telefoon (024) 365 82 35 tijdens kantoortijden. De eerste dagen na het ontslag mag u s avonds, s nachts of in het weekend de verpleegafdeling bellen (024) 365 78 50. Ook kunt u s avonds, s nachts of in het weekend contact opnemen met de Spoedeisende hulp van het CWZ, (024) 365 83 22. Verhindering Bent u op de dag van opname voor de operatie verhinderd, laat dit zo snel mogelijk weten. U belt dan naar de afdeling opname (024) 365 76 87. 13
14
15
Adres en telefoonnummers Canisius-Wilhelmina Ziekenhuis Weg door Jonkerbos 100 6532 SZ Nijmegen Voor het maken, annuleren of verzetten van afspraken op de polikliniek en voor vragen over uw operatie. Polikliniek plastische chirurgie (in het Sanadome) Tijdens kantoortijden Telefoon (024) 365 82 35 Verpleegafdeling plastische chirurgie Telefoon (024) 365 78 50 Website: www.plastischechirurgie.cwz.nl 16 G.305-B /01-12