Staaroperatie met preoperatieve screening
Uw behandelend arts heeft staar (ook cataract genoemd) bij u geconstateerd. In deze folder vindt u informatie over deze aandoening en de behandelingsmogelijkheden. De werking van het oog Het buitenste vlies van het oog is het hoornvlies. Achter het hoornvlies ligt het regenboogvlies en daarachter ligt de ooglens. De lens dient ervoor om lichtbundels scherp te stellen. Die lichtbundels worden door het netvlies opgevangen. Dit vlies ligt achter in het oog. Het netvlies geeft deze prikkeling door, via de oogzenuw naar de hersenen, waar het tot een beeld gevormd wordt. Hierdoor ziet u datgene waar u naar kijkt. Wat is staar? Staar wil zeggen dat de lens in het oog vertroebeld is. De lichtbundels worden in hun verloop gestoord en er ontstaat slecht en minder scherp zien. De oorzaken van staar Staar ontstaat wanneer de chemische samenstelling van de ooglens verandert. In de meeste gevallen heeft dit te maken met de natuurlijke veroudering van het oog. Cataract kan ook ontstaan door een: ontsteking, verwonding, erfelijke ziekte, stofwisselingsstoornis of een glasvocht operatie (vitrectomie). De klachten bij staar Staar kan zich zowel snel als langzaam ontwikkelen. De meest voorkomende klachten zijn: wazig zien (zowel dichtbij als veraf); minder goed contouren onderscheiden; dubbel zien; lichtschuwheid; kleuren doffer waarnemen; minder goed contrasten zien. 1
Wel of niet opereren Voor wie nog goed ziet, is een operatie niet direct noodzakelijk. Het uitstellen van operatief ingrijpen zal de prognose van een latere ingreep niet slechter maken. Het risico op complicaties wordt alleen hoger, als u zo lang wacht dat de lens steenhard wordt. De oogarts voert in principe alleen een staaroperatie uit als de patiënt door het verminderde gezichtsvermogen last ondervindt bij de dagelijkse bezigheden. Vooronderzoek Lensmeting: Bij een staaroperatie vervangt de oogarts uw ooglens door een kunstlens. Aan de hand van metingen van de kromming van het hoornvlies en de lengte van het oog wordt de sterkte van de kunstlens zo goed mogelijk berekend. De lensmeting wordt gedaan door middel van een laseronderzoek. De onderzoeksmethode is pijnloos en ongevaarlijk. Omdat de keuze van de juiste kunstlens mede berust op de metingen van het andere oog worden beide ogen gemeten. Bovendien kan de meting van het andere oog later gebruikt worden als ook daar een staaroperatie voor nodig is. Deze lensmeting vindt plaats op de polikliniek oogheelkunde en duurt tien tot twintig minuten. Voorbereiding op de lensmeting: Harde zuurstofdoorlatende contactlenzen kunnen vervorming van het hoornvlies veroorzaken. Daarom moet u ten minste drie weken voor de lensmeting stoppen met het dragen van harde zuurstofdoorlatende contactlenzen. Als u zachte lenzen draagt stopt u drie dagen voor de lensmeting. Neem altijd het opbergdoosje van de lenzen mee. U kunt op eigen gelegenheid naar de polikliniek komen. Autorijden is na het onderzoek geen probleem. Tijdens uw bezoek aan de polikliniek oogheelkunde gaat langs het laboratorium (balie 50) om bloed te prikken. Soort lenzen; Enkelvoudige lenzen. Deze worden geheel door de verzekering vergoed. Voor informatie over multifocale lenzen, zie; www.oogartsen.nl De preoperatieve screening (POS) Ter voorbereiding op de operatie bezoekt u de Preoperatieve Screening (POS poli). De anesthesist onderzoekt u en beoordeelt of u de operatie lichamelijk aan kunt. Voorbereiding Voorafgaand aan uw bezoek aan de POS poli krijgt u een uitnodigingsbrief met daarin de tijd en de plaats waar u zich dient te melden. Ook ontvangt u een uitnodiging voor het maken van een ECG (hartfilmpje). 2
De polikliniek assistente maakt deze afspraken voor u. Uw bezoek aan de POS poli duurt ongeveer twee uur. U bezoekt meerdere medewerkers. In de wachtruimte zitten ook patiënten die een afspraak hebben bij een andere arts. Het is daardoor mogelijk dat een patiënt die later binnenkomt eerder wordt geholpen! Tip: Neem iets mee om u te vermaken. Denk hierbij aan een boek, tijdschrift, werk of een puzzelboekje. Neem als voorbereiding op uw bezoek aan de POS poli het volgende mee: Een actuele medicijnlijst Als u overgevoelig bent voor medicatie, probeer dan via uw huisarts of apotheek te achterhalen om welke medicijnen het gaat en neem deze gegevens mee. Wie spreekt u tijdens het bezoek aan de POS-poli? Tijdens uw bezoek aan de POS-poli spreekt u een aantal mensen: De apothekersassistent: bespreekt uw medicatiegebruik en zet dat in het computersysteem van het ziekenhuis. De doktersassistent: meet uw bloeddruk en vraagt eventuele onduidelijkheden op de vragenlijst bij u na. De anesthesioloog / physician assistent anesthesiologie / anesthesieassistent: afhankelijk van uw gezondheid zult u één van deze mensen spreken. De physician assistent en de anesthesieassistent werken onder verantwoordelijkheid van de anesthesioloog. Tijdens dit bezoek worden vragen gesteld over uw gezondheid, medicijngebruik, eventuele eerdere operaties en hoe u toen op de anesthesie reageerde. Ook wordt de vorm van anesthesie met u besproken en zal er een beperkt lichamelijk onderzoek plaatsvinden. Hierbij wordt de mond/keelholte geïnspecteerd en hart en longen beluisterd. Geldigheidsduur van het bezoek aan de POS-poli Uw goedkeuring voor operatie is in principe zes maanden geldig, mits er zich geen grote veranderingen voordoen in uw gezondheidstoestand. Dit betekent ook dat wanneer u binnen een halfjaar voor een zelfde soort operatie wordt opgenomen, u niet opnieuw naar de POS-poli behoeft te komen. Voorbereiding op de operatie Hieronder wordt een aantal zaken genoemd die belangrijk zijn in de voorbereiding op de operatie. Druppelen: Twee dagen vóór de operatie begint u met druppelen van het te opereren oog. De druppel werkt ontstekingsremmend en pijnstillend. Meer informatie over het druppelen vindt u in de bijlage druppelinstructie. 3
Het is belangrijk dat u hulp krijgt als het druppelen moeilijk gaat. Het tijdstip kunt u zien als richtlijn. Het recept krijgt u bij de bevestigingsbrief. Wanneer Hoe vaak Dosering Tijdstip (uur) 2 dagen voor, 1x daags 1 druppel Voor het t/m 14 dagen na de operatie Nevanac slapen gaan Glaucoomdruppels: mogen worden door gebruikt, tenzij dit anders is besproken met de oogarts. Nuchter: Soort eten / drinken Geen beperkingen Water Thee (zonder melk of melkpoeder), Koffie (zonder melk of melkpoeder) Heldere sap Alcoholische dranken Roken Tot wanneer? Tot 6 uur voor opnametijdstip (daarna niets meer eten, ook geen kauwgum) Tot 2 uur voor opnametijdstip (daarna niets meer drinken) Niet op de dag van de operatie Niet op de dag van de operatie Medicijnen: U hoort op de POS-poli met welke medicijnen u moet stoppen voor de operatie. Het is erg belangrijk dat u zich aan de voorschriften houdt. Wilt u op de dag van opname nogmaals een actuele medicijnlijst meenemen. Heeft u deze niet, neem dan uw medicatie in de originele verpakking mee. Roken: Het is verstandig op de dag van de operatie niet te roken. De ademhalingswegen van rokers zijn vaak geïrriteerd en daardoor gevoeliger voor ontstekingen. Bovendien kan hoesten tijdens en na de operatie hinderlijk zijn. Sieraden: Voor de operatie moet u sieraden zoals een horloge, ringen en armbanden afdoen. De sieraden moet u op de verpleegafdeling laten. Nog beter is deze thuis te laten. Piercings, op welke plaats dan ook, moeten voor de operatie worden verwijderd. Make-up, kunstnagels en nagellak: U wordt gevraagd geen make-up, nagellak of kunstnagels te dragen. Aan de kleur van de huid en de nagels kan namelijk de bloedsomloop gecontroleerd worden. Bril: u mag uw bril bij u houden. Gehoorapparaat: het gehoorapparaat aan de zijde van het te opereren oog dient u uit te doen. Het gehoorapparaat aan de andere zijde mag inblijven. Kleding: U mag uw eigen kleding aanhouden. Wij adviseren u kleding aan te doen die aan de voorkant sluit. Over uw eigen kleding krijgt u een papieren jas. Over uw schoenen krijgt u plastic slofjes. 4
Vervoer naar huis: Wij adviseren u om een begeleider mee te nemen omdat u na de operatie zelf geen voertuig mag besturen. De begeleider wacht in de grote hal. De verpleegkundige informeert de begeleider als u klaar bent om naar huis te gaan. De opname U meldt zich bij de receptie van de hoofdingang voor de dagopname. Als de opname is geregeld gaat u naar de afdeling dagbehandeling (B1). U verblijft op een zorgstoel, waarin u ontspannen kunt zitten en/of liggen. De verpleegkundige druppelt uw oog. Hierdoor verwijdt uw pupil. U krijgt een operatiejasje aan over uw eigen kleding. Ook krijgt u een haarnetje en schoenbeschermers aan. Als u een gehoorapparaat heeft laat u deze uit aan de zijde van het te opereren oog. U stapt over op een operatiestoel en hierin wordt u door de brancardier naar het operatiekamercomplex gereden. Op het operatiekamercomplex Ontvangst In de sluis van het operatiekamercomplex wordt u overgedragen aan een medewerker van de voorbereidingskamer, de zogenaamde holding. De afdelingsverpleegkundige zal de belangrijkste zaken overdragen. De anesthesioloog Voor de operatie maakt u kennis met de anesthesioloog. Dat is de arts die u de verdoving geeft voor de operatie. Het is mogelijk dat u op de operatiekamer een andere anesthesioloog treft dan op de POS-poli. In principe geeft de anesthesioloog u de anesthesievorm die op de POS-poli is afgesproken. Wanneer er wordt afgeweken van de afgesproken anesthesievorm wordt dit duidelijk beargumenteerd en aan u uitgelegd. Tijdens de operatie is de anesthesioloog of diens assistent, de anesthesiemedewerker, voortdurend bij u. De voorbereidingskamer (holding) In de holding krijgt u een infuusnaaldje. U wordt voor het prikken van de verdoving eerst aangesloten aan de monitor en bloeddrukmeter. De verdoving wordt geprikt door een van de anesthesiologen. Wanneer de verdoving is ingewerkt wordt u naar de operatiekamer gereden door een van de anesthesiemedewerkers. Dit is een assistent van de anesthesioloog die onder diens verantwoording werkt. 5
De verdoving van het oog Subtenon-blok Voordat de verdoving wordt toegediend krijgt u een roesje. Dit roesje duurt ongeveer vijf minuten. Tijdens dit roesje wordt uw oog verdoofd. Hierbij krijgt u naast een druppelverdoving, een klein sneetje in het oog waardoor aanvullende pijnstillende medicijnen worden gespoten. Oogblok Voordat de verdoving wordt toegediend krijgt u een roesje. Dit roesje duurt ongeveer vijf minuten. Tijdens dit roesje wordt uw oog verdoofd. Hierbij krijgt u injecties rond het oog. Het toedienen van de verdoving Tijdens het prikken van de verdoving van uw oog is het erg belangrijk dat u stil ligt. Na het toedienen van de verdoving krijgt u wat gazen op het oog wat een klein beetje druk geeft, zodat de verdovingsvloeistof beter in kan werken. Dit inwerken duurt ongeveer 15 minuten. Complicaties De subtenon-verdoving is een zeer veilige methode om het oog te verdoven. Bij het oogblok is er een zeer kleine kans dat er in het oog wordt geprikt. De operatiekamer In de operatiekamer wordt u weer aangesloten aan de monitor. Ook wordt er een vragenlijst afgewerkt om zeker te weten dat u de juiste patiënt bent. Ook wordt de ingreep nagevraagd, de operatiezijde, allergieën enz. Tijdens dit controlemoment is de oogarts die u opereert en de anesthesioloog ook aanwezig. Tijdens de operatie wordt u nauwlettend in de gaten gehouden door de anesthesioloog of een anesthesiemedewerker. Als voorbereiding op de operatie dekt de oogarts het te opereren oog steriel af. Tijdens de operatie hoort u omgevingsgeluiden en merkt u dat de oogarts bezig is. Pijn hoeft u tijdens en na de operatie niet te verwachten. De oogarts verwijdert de troebele ooglens en vervangt deze door een kunstlens. Tijdens de operatie is het belangrijk dat u geen onverwachtse bewegingen maakt.. Na ongeveer 15 tot 30 minuten is de operatie klaar. De oogarts opereert altijd één oog per operatie. Wanneer de operatie klaar is, krijgt u zalf in uw oog en een beschermend kapje. 6
Na de operatie De dag van de operatie Na de operatie wordt u teruggebracht naar de dagbehandeling. Voordat u naar huis gaat krijgt u iets te eten, met koffie of thee. Houdt u er rekening mee dat u ongeveer twee tot drie uur aanwezig bent in het ziekenhuis. De dag na de operatie De dag na de operatie het oogkapje verwijderen en de oogleden voorzichtig schoonmaken met een gaasje met steriel/gekookt water. Het oogkapje nog 1 week s nachts opplakken, om te voorkomen dat u in uw slaap in het oog wrijft. Starten met het druppelen van het oog met Nevanac, volgens het druppelschema. Week Hoe vaak Dosering Tijdstip (uur) 1 en 2 1x daags 1 druppel Nevanac Voor het slapen gaan Het kan zijn dat u een bloeddoorlopen rood oog heeft. Dit komt door de verdoving en trekt vanzelf weg. Als u bloedverdunnende middelen gebruikt zoals Ascal of andere aspirinepreparaten, dan mag u die op de gebruikelijke tijd innemen na de operatie. Ook bloedverdunners die via de trombosedienst gaan, zoals Acenocoumarol en Marcoumar (werkzame stof: Fenprocoumon), kunt u na de operatie direct weer innemen volgens uw gegeven schema. De eerste drie weken Gedurende één week elke ochtend de oogleden schoonmaken met een gaasje met steriel/gekookt water. Wrijf zeker niet in uw oog. Bescherm uw oog door overdag een bril te dragen. De bescherming van het oog met een oogkap of brillenglas is één week nodig. Tot één week na de operatie mag u niet bukken, zwaar tillen of fietsen. De eerste twee weken is het niet toegestaan om balsporten te beoefenen of zwaar werk te doen. U kunt douchen en uw gezicht wassen, maar druk niet op het oog en wrijf nadien niet met de handdoek. De eerste drie weken mag u niet zwemmen. Verder mag u pas autorijden wanneer uw gezichtsscherpte goed is. Dat betekent wanneer u niet dubbel ziet en goed diepte kan zien. 7
Controle Binnen drie dagen belt de oogarts/assistente u thuis op om te vragen hoe het gaat. U kunt zelf dan ook uw vragen kwijt. De eindcontrole op de poli vindt na ongeveer vier weken plaats. De afspraken hiervoor staan in de bevestigingsbrief van de operatie. Ongeveer vier weken na de operatie moet het oog optimaal genezen zijn. U heeft geen pijn of last meer van het oog. U kunt weer helder zien en kleuren en contrasten onderscheiden. Bij uw laatste controle hoort u van uw oogarts of het oog hersteld is. Neem contact op met het ziekenhuis als het oog overmatig veel pijn doet, het rood gaat zien, het zicht minder wordt of er andere klachten zijn. Complicaties Een staaroperatie is één van de meest veilige operaties. Bij meer dan 97% van de patiënten verlopen zowel de operatie als het herstel zonder problemen. Toch kunnen er tijdens of na de operatie complicaties optreden. Meestal betekent dit voor u dat het herstel van het zicht goed, maar langzamer verloopt. In een enkel geval leidt een complicatie echter tot een verslechtering van het zicht. Dit laatste kan met name voorkomen bij een infectie met een bacterie (endophthalmitis). Dit is een ernstige maar zeer zeldzame complicatie, die in 0,1% van de staaroperaties voorkomt. Mensen met een nieuwe implantlens kunnen soms last krijgen van nastaar. Enkele maanden of jaren na de operatie kan het lenskapsel achter de lens troebel worden, waardoor er te weinig licht op het netvlies komt en de gezichtsscherpte vermindert. Een laserbehandeling biedt dan uitkomst. Wat zijn de vooruitzichten? Het oog moet de tijd krijgen om te genezen. Het resultaat is dan ook niet direct merkbaar. Soms kan het enkele weken duren voordat het zicht scherp wordt. De sterkte van de kunstlens die de troebele lens vervangt, bepaalt voor een belangrijk deel de brilsterkte die u over houdt na de operatie. Hoewel de sterkte van de kunstlens zeer zorgvuldig wordt bepaald, kan niet worden gegarandeerd dat u na de operatie geen bril nodig heeft. Vooraf kan niet met zekerheid gezegd worden welke brilsterkte u na de operatie nodig zult hebben. Bericht van verhindering voor POS bezoek Het is belangrijk dat u op tijd aanwezig bent. Als u op het afgesproken tijdstip verhinderd bent, vragen wij u dit zo snel mogelijk te melden bij de POS poli op 0187 60 73 85 of 60 73 86 of het Afsprakenbureau 0187 60 23 55. 8
Bericht van verhindering voor de operatie Het is belangrijk dat u op tijd aanwezig bent. Als u op het afgesproken tijdstip verhinderd bent, vragen wij u dit zo snel mogelijk te melden bij de polikliniek oogheelkunde, 0187 60 71 64. Vragen? Heeft u nog vragen naar aanleiding van deze brochure, stel ze dan gerust aan uw huisarts of behandelend specialist. De polikliniek oogheelkunde, is te bereiken van maandag tot en met vrijdag van 8.30 tot 16.30 uur, 0187 60 71 60. Voor dringende zaken buiten kantooruren kunt u contact opnemen met de Spoed Eisende Hulp, 0187 60 72 90. Afdeling anesthesiologie Drs. S. Hasan, anesthesioloog Drs. P. Jakubowski, anesthesioloog Drs. S.G. Mohan, anesthesioloog Drs. M. Mehra, anesthesioloog Drs. M.A. Holtkamp, anesthesioloog Drs. G. van Meijel, anesthesioloog Drs. H. Willemsen, anesthesioloog Dhr. W.P. Kooijman, physician assistant anesthesiologie Dhr. P. Waling, anesthesiemedewerker Mw. A. Arends, anesthesiemedewerker Mw. J. van de Hoven, recoverymedewerker Vergoeding ziekenhuiszorg Niet alle ziekenhuiszorg wordt vergoed door uw zorgverzekeraar. Ook betaalt u altijd de hoogte van uw eigen risico. Vraag vooraf bij uw zorgverzekeraar na of uw bezoek en/of behandeling in het ziekenhuis wordt vergoed. Meer informatie vindt u op onze website onder kosten en vergoedingen en op www.dezorgnota.nl. Samenwerking De afdeling oogheelkunde van Het Van Weel-Bethesda Ziekenhuis is partner van Het Oogzorgnetwerk, een initiatief van Het Oogziekenhuis Rotterdam. Binnen Het Oogzorgnetwerk werken afdelingen Oogheelkunde samen in hun streven naar excellente oogheelkundige zorg. 9
Druppelinstructie; Het toedienen van oogdruppels of oogzalf moet op een goede manier gebeuren om een zo goed mogelijk resultaat van de behandeling te verkrijgen. Hieronder staat stap voor stap beschreven hoe ogen gedruppeld of gezalfd dienen te worden. Vóór het oogdruppelen: Lees altijd de bijsluiter goed door voordat u de oogdruppels of oogzalf gebruikt. Bij uw apotheek zijn grootletter bijsluiters verkrijgbaar. De bijsluiter geeft onder andere informatie over eventuele bijwerkingen, de dosering en bewaarvoorschriften van de druppels. Volg bij het gebruik altijd het advies van uw oogarts. Als u meerdere soorten oogmedicijnen moet toedienen dan maakt het meestal niet uit welke druppel u het eerste gebruikt. Denk er wel aan dat u niet meer dan één oogdruppel tegelijkertijd geeft en wacht minimaal 5 minuten tussen de verschillende medicijnen voor het oog. Zo kan de druppel goed inwerken en loopt u niet het risico dat u de eerste druppel wegspoelt met de tweede druppel. Als u zalf en druppels gebruikt, dien dan de zalf altijd als laatste toe. Het oogdruppelen: Was uw handen met water en zeep voordat u de oogdruppels of oogzalf toedient. Hiermee verkleint u de kans dat u een infectie krijgt of dat de oogmedicatie besmet raakt. Begin met het hoofd iets naar achteren te buigen. Kijk vervolgens naar het plafond met beide ogen open. Trek het onderooglid naar beneden met uw wijsvinger zodat er ruimte ontstaat tussen de binnenzijde van het onderooglid en de oogbol. Houdt in de andere hand het flesje of de tube met de oogmedicatie. Om beter te kunnen mikken, kunt u deze hand afsteunen op het voorhoofd of op de hand die het ooglid omlaag trekt. Knijp rustig in het flesje zodat er een oogdruppel in het kuiltje tussen de binnenzijde van het onderooglid en de oogbol valt. Eén druppel is ruim voldoende. Als u twijfelt of de druppel het oog wel heeft bereikt, dient u voor alle zekerheid nog een druppel toe. Probeer de oogbol niet te raken met de tip van het flesje of de tube. Laat het onderooglid los en houdt uw oog gesloten voor minimaal één minuut. Hiermee voorkomt u dat de druppel snel wordt weggespoeld door teveel te knipperen en krijgen de medicijnen een maximaal effect. Staaroperatie met preoperatieve screening S29/10 13102016 10