RIJVAARDIGHEID CATEGORIE G



Vergelijkbare documenten
RIJBEWIJS VOOR LANDBOUWVOERTUIGEN

Praktijkgids EXAMEN. Versie Fendt 312 model 2 (2016) Proef- en Vormingscentrum voor de Landbouw (PVL) ~ 1 ~ Praktijkgids examen rijbewijs G

Programma cursussen verkeersreglementering voor het jaar 2019.

1 JE RIJBEWIJS HALEN...11

THEORIE - EXAMEN. vanaf 5/9/2005. Goca Fol T-N

9. Verschillende soorten wegen

INHOUD. Verkeersvademecum 2014 vii

7 Manoeuvres en bewegingen

Het rijbewijsexamen. > Categorieën van het rijbewijs

INHOUD. Verkeersvademecum 2013 v

RIJVAARDIGHEID CATEGORIE B

VERKEERSBORDEN.

a. op de plaatsen die afgebakend zijn door wegmarkeringen of door een wegbedekking in een andere kleur en waar de letter "P" aangebracht is;

Artikel 4 In voetgangerszones is het parkeren verboden. Deze overtreding van de eerste categorie kan worden bestraft met een administratieve

Code van de wegbeheerder Minder bordengids

Welkom 23/10/2014. Open WiFi netwerk: t Godshuis

Politiereglement betreffende stilstaan en parkeren. Gemeente De Panne


Het rijbewijsexamen. > Categorieën van het rijbewijs

12 STILSTAAN EN PARKEREN

VR DOC.1184/2BIS

Bijzondere bestuurlijke verordening VERKEER

5. De plaats van de fietser op de openbare weg 1 M. Is er een fietspad, dan moeten fietsers daar op rijden, tenminste indien het berijdbaar is.

RIJVAARDIGHEID CATEGORIE A

Gevaarlijke bocht. Dubbele bocht of opeenvolging van meer dan twee bochten, de eerste naar links

> Samenvattende tabel: theorie en praktijk

Cursus verkeersreglement voor fietsers

Fiche Leerlingen. De plaats op de openbare weg binnen de bebouwde kom

Toetsmatrijs Praktijkexamen Rijbewijs voor categorie T*

1. Categorieën van het rijbewijs

Verkeerswetgeving fietsers

CURRICULUM PRAKTIJKOPLEIDING CATEGORIE B

Toetsmatrijs Praktijkexamen Rijbewijs voor categorie T

Vraag 1 U heeft ontzegging van uw rijbevoegdheid u mag dan? A Niet zelf rijden maar wel rijles nemen. B Niet zelf rijden en ook geen rijles nemen

De verkeersborden voor kinderen

De verkeersborden voor kinderen

1. Categorieën van het rijbewijs

Het rijbewijsexamen. > Categorieën van het rijbewijs. Vlaams Gewest

Toetsmatrijs Praktijkexamen Rijbewijs voor categorie D1, E bij D1, D en E bij D

Overzicht Verkeersinbreuken 2016: 1e semester. Arrondissement Brussel-19

OVERTREDINGEN Van de 3de en 4de graad

GEBRUIK VAN DE RIJBAAN LES 2

Lading op dak mag niet meer uitsteken dan 20cm aan beide zijkanten.

4e leerjaar. Stap 11. Fiets(st)er, ken jouw plaats. Met de z van zien en van zeggen Met de s van schrijven

Hoofdstuk 1. Toepassingsgebied. Hoofdstuk 2. Definities. Afdeling Territoriaal toepassingsgebied

Verklarende nota. Technisch Reglement (KB 15/03/1968)

6.5. EVENWIJDIG TEN OPZICHTE VAN DE WEG RECHTS PARKEREN TUSSEN TWEE VOERTUIGEN

5. PLAATS OP DE OPENBARE WEG RIJBEWIJS OP SCHOOL

Moet je voorrang verlenen aan de fietser? Toelichting De fietser is een bestuurder en komt hier van rechts op een gelijkwaardig kruispunt.

Oefenboek. rijbewijs B

Tax = Taxonomiecode F = Feitelijke kennis B = Begripsmatige kennis R = Reproductieve vaardigheid P = Productieve vaardigheid

VERKEERSBOETES 2019: ALLE BEDRAGEN OP EEN RIJ

Fietsen en reglementering Info avond wegcode fietsersbond PZ HEKLA Dienst verkeer Hoofdinspecteur Steven Van Leeuwe

Hoofdstuk 1. Toepassingsgebied

VERKEERSVADEMECUM 2012 Koenraad Wouters

Oefenboek. rijbewijs B

Vragen en antwoorden theorie verkeersregels en verkeerstekens - Deel 1

Code van de wegbeheerder Minder bordengids

7 MEI Ministerieel besluit betreffende het signaleren van werken en verkeersbelemmeringen op de openbare weg. Belgisch Staatsblad 21 mei 1999

5.9 PARKEREN ACHTER EEN VOERTUIG

3 Verkeerstekens. 3.1 Verkeerslichten Driekleurige verkeerslichten

Bromfiets SECUNDAIR ONDERWIJS. Doelgroep. VOET'en. Lesfiche verkeers- en mobiliteitseducatie. Leerlingen van de tweede en de derde graad

Hoe kan u scholing volgen? U kan kiezen uit volgende rijopleidingen... De minimumleeftijd voor het behalen van een rijbewijs categorie BE is 18 jaar.

VEILIG OP STAP. Te voet of per fiets, alleen of in groep

VERKEER. Handleiding. Proeflessen THEMA 1

Onder verkeersborden kunnen onderborden worden geplaatst die kunnen aangeven:

TITEL II: Regels voor het gebruik van de openbare weg Artikel 43: Fietsers en bromfietsers

Veiligheid van de fietser

Bijzondere weggedeelten

VTS_InitiatorWandelen Module 2 Verkeersreglementering van belang bij het wandelen

Overzicht Verkeersinbreuken Arrondissement HALLE- VILVOORDE

doe-fiche fietser Opstappen en wegrijden uw kind politie Bilzen - Hoeselt - Riemst nog niet kiest de dichtsbijzijnde plaats waar de rit kan beginnen.

VEILIG OP STAP. Te voet of per fiets, alleen of in groep

VERKEERS- ZAKBOEKJE 2011

Lokale Politie LAN. Foutparkeren. Je doet er toch niet aan mee? Veiligheid? Samen zorgen we daarvoor!

2017 PRAKTIJKBOEK B Gratis Rijbewijs Online

PRAKTIJKBOEK. GRATIS RIJBEWIJS ONLINE 2013 (versie 7 december pagina s)

1. Een stilstaand voertuig voorbijrijden 2. Rechts een weg inslaan

Actieplan: Voorrang 2 Oversteekplaats voor voetgangers / fietsers

Maak je kinderen wegwijs in het verkeer

VOORSCHRIFTEN VOOR SCENARIO S TOETS SIMULATOR C OF D BASISKWALIFICATIE

Een kruispunt. is geen jungle

STILSTAAN EN PARKEREN

Einde Autosnelweg. Woonerf

Stilstaan- en parkeerborden

Transcriptie:

RIJVAARDIGHEID CATEGORIE G vanaf 1/9/2007 Goca 01-09-07 Fol G-N

Examenstof voor het theorie examen voor het rijbewijs Categorie G HET RIJBEWIJS CATEGORIE G 1. VERKEERSREGLEMENT (WEGCODE) W WOORDENSCHAT, DEFINITIES, BEPALINGEN Rijbaan, autoweg, fietspad, straat, rotonde, trottoir,... W BINDENDE KRACHT VAN DE VERKEERSTEKENS Wanneer moeten de weggebruikers de verkeerslichten, verkeersborden, wegmarkeringen in acht nemen. W WAARDE VAN DE BEVELEN VAN BEVOEGDE PERSONEN, VERKEERSTEKENS EN VERKEERSREGELS W VERKEERSBORDEN Gevaarsborden, voorrangsborden, verbodsborden, gebodsborden, verkeersborden betreffende stilstaan en parkeren, onderborden, verkeersborden met zonale geldigheid, aanwijzingsborden,... W PLAATS OP DE OPENBARE WEG Rechts houden, onderbroken en doorlopende streep, pijlen, wegmarkeringen, dwarsmarkeringen, buiten de rijbaan, afbakening van de openbare weg of rijbaan, zuilen, verkeersgeleiders, vluchtheuvels, verdrijvingsvlakken, rotondes, busstroken, bushalte, tramhalte, bijzondere overrijdbare bedding, overlangse markeringen, fietspad, opstelvak voor fietsers,... W STILSTAAN EN PARKEREN Stilstaan en parkeren, parkeerverbod, stilstaan en parkeren in zone 30, woonerven,... W KRUISEN Rechts kruisen, doorgang verlenen, hindernis, gebruik gelijkgrondse berm, kruisen spoorvoertuigen,... W INHALEN Uitvoeren inhaalmanoeuvres, maatregelen voor en na het inhalen, regels wanneer men ingehaald wordt, inhalen op oversteekplaatsen,...

W INHAALVERBOD Bij onvoldoende zichtbaarheid, overweg, kruispunten met voorrang, inhaalverbod op verhoogde inrichtingen,... landbouwtractor (toegestane tolerantie) en eigen aan de landbouwaanhangwagen, snelheidsbeperking in woonerven, zones 30, op verhoogde inrichtingen, verkeersdrempels,... W RICHTINGSVERANDERING Zich vergewissen en kenbaar maken, uitwijken bij naar links en rechts afslaan, rechts de rijbaan oprijden, voorsorteren,... W VERKEERSRISICO S OP DE WEG ONDER VERSCHILLENDE OMSTANDIGHEDEN Rijgedrag, afstand tussen de voertuigen veiligheidsafstand, remweg, reactietijd, stopafstand, wegligging rekening houdend met mogelijke weg- en weersomstandigheden, verkeersdrukte,... W UITVOEREN VAN EEN MANOEUVRE Zich vergewissen, kenbaar maken en voorrang verlenen,... W VERKEERSRISICO S OP DE WEG NAARGELANG HET TIJDSTIP VAN DE DAG OF DE NACHT EN IN HET BIJZONDER BIJ VERANDERINGEN VAN DE WEERSTOESTAND W KRUISPUNTEN Oprijden en vrijmaken van kruispunten,... W VOORRANG VERLENEN Voorrang verlenen aan van rechts komende bestuurders, op een rotonde, bij uitrijden van aardeweg of pad, bij de uitvoering van een manoeuvre, voorrang verliezen na gestopt te zijn, voorrang verlenen aan spoorvoertuigen,... Gebruik van de lichten in het algemeen. Gebruik van de voormistlichten en achtermistlichten bij slechte weersomstandigheden. Gebruik van de lichten bij stilstaan en parkeren. Gebruik van de ruitenwissers, klimatisatie, ontdooi- en ontwasemingsinstallatie. Gebruik van zoeklichten, werklichten. Zien en gezien worden, gebruik van oranjegele knipperlichten of zwaailichten. Kennis van de risico s door de beperking van het gezichtsveld, slipgevaar, aquaplaning,... W VERKEERSLICHTEN Driekleurige verkeerslichten, ontruimingspijl op een kruispunt of boven een rijstrook, bijzondere verkeerslichten voor geregelde diensten van gemeenschappelijk vervoer, tweekleurige verkeerslichten, verkeersknipperlichten,... W WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN IN VERBAND MET DE SOORTEN WEGEN Verkeer in woonerven, speelstraten en voetgangerszones. Verkeer op openbare wegen voorzien van verhoogde inrichtingen. Verkeer voorbehouden op wegen voorbehouden voor voetgangers, fietsers, ruiters en landbouwvoertuigen. Verkeer op spoor en overwegen,... W BEVELEN VAN DE BEVOEGDE PERSONEN Bevelen door recht opsteken van de arm en horizontaal uitstrekken van de arm of armen, overdwars zwaaien van een rood licht, aanmaning tot verplaatsen van het voertuig,... W SNELHEID EN VERKEERSINZICHT Verplichting de snelheid aan te passen rekening houdend met de plaatsgesteldheid, respecteren van de veiligheidsafstanden, stoppen voor een te voorziene hindernis, hinderen door abnormaal traag te rijden, kenbaar maken bij aanzienlijke snelheidsvermindering, aanpassen snelheid tegenover dieren, aansporen tot overdreven snelheid,... W OPLETTENDHEID EN HOUDING TEGENOVER ANDERE WEGGEBRUIKERS REKENING- HOUDEND MET DE RISICO S VAN HET VERKEER Anticiperend en defensief rijden door oplettend te zijn voor het gedrag van de andere weggebruikers. Kennis hebben van de beperkingen en de mogelijkheden van zijn eigen voertuig en de andere verschillende voertuigtypes; zoals bewegingsruimte, gezichtsveld, snelheids-, versnellings- en vertragingsmogelijkheden door o.a. omvang, gewicht en vermogen,... Gedrag tegenover voertuigen zoals prioritaire voertuigen, spoorvoertuigen, autobussen en trolleybussen, voertuigen van schoolvervoer, militaire colonnes, stoeten, wielerwedstrijden,... W SNELHEIDSBEPERKING Snelheidsbeperking binnen de bebouwde kom, snelheidsbeperking buiten de bebouwde kom, op openbare weg verdeeld in vier of meer rijstroken, op andere openbare wegen, snelheidsbeperking eigen aan de W GEDRAG TEN OVERSTAAN VAN ONERVAREN EN KWETSBARE WEGGEBRUIKERS Gedrag van de bestuurders tegenover voetgangers, fietsers en kinderen in het bijzonder. Gedrag tegenover bestuurders van tweewielige bromfietsers. Gedrag tegenover groepen kinderen, personen met een handicap en bejaarden,...

W NODIGE DOCUMENTEN IN VERBAND MET HET GEBRUIK VAN HET VOERTUIG De geldigheid van de identiteitskaart, het rijbewijs bij het rijden met een voertuig en de noodzaak het bij zich te hebben. Documenten eigen aan het voertuig zoals: inschrijvingsbewijs, gelijkvormigheidsattest, verzekeringsbewijs, autokeuringsbewijs, identificatieverslag, technische fiche. Plaatsing van de originele nummerplaat en voorwaarden waaraan de kopie van de nummerplaat moet voldoen. Leeftijd van de bestuurder en de vereiste categorie van rijbewijs voor het besturen van een bepaald type voertuig en in functie van de maximaal toegelaten massa. W BEDIENING VAN HET VOERTUIG Correcte stuur- en zithouding. Gebruik van de achteruitkijkspiegels. Gebruik van het geluidstoestel en van de draagbare telefoon. Elementaire theoretische kennis over acceleratie rem vertragingstechniek. Gedrag in de bochten en bij richtingsverandering. Rijden op een helling: voorzorgsmaatregelen bij het kantelen van het voertuig. Veiligheidsregels bij het in- en uitstappen. Voorzorgsmaatregelen bij het achterlaten van het voertuig. Gebruik van de handrem. W KENNIS VAN DE ELEMENTAIR TE CONTROLEREN VEILIGHEIDSONDERDELEN EN TIJDIG ONTDEKKEN EN VOORKOMEN VAN ABNORMALE SLIJTAGE OF DEFECT VAN W REACTIE, REACTIETIJD EN GEDRAGSVERANDERINGEN BIJ DE BESTUURDER Tengevolge van alcohol, drugs en geneesmiddelen, gemoedsgesteldheid en vermoeidheid,... Kennis van de gedragsveranderingen en risico s van langdurig rijden, in de nacht rijden, rijden onder slechte weersomstandigheden,... W GEDRAG BIJ ONGEVALLEN EN BIJ EEN DEFECT VOERTUIG Gedrag en verplichtingen bij een ongeval met enkel stoffelijke schade. Gedrag en verplichtingen bij een ongeval met gewonden. Eerste hulpverlening bij ongevallen. Verwittigen van de hulpdiensten. Te nemen maatregelen bij een ongeval, defect voertuig of gevallen lading om de veiligheid van het verkeer te verzekeren, signaleren, gebruik van de gevarendriehoek,... Veilig wachten op de hulpdiensten. Gebruik van het aanrijdingsformulier. Slepen van een voertuig op gewone wegen. Verplicht toebehoren in een voertuig. Gebruik van het brandblusapparaat. Signaleren van opduikende file of gevaar aan achterliggers. Signalerend gebruik van al de richtingaanwijzers. Signalerend gebruik van de stoplichten. W VEILIGHEIDSINRICHTINGEN, PASSAGIERS Algemene regels omtrent bestuurder en passagiers. Het correct gebruik van de veiligheidsinrichtingen zoals o.a. veiligheidsgordels, hoofdsteunen. Het gevaar van losliggende voorwerpen in de bestuurderscabine,... DEZE ONDERDELEN Betekenis van de verklikkerlichten, de symbolen en hun kleur op het dashboard van het voertuig bij het starten en tijdens het rijden. Staat van de banden. Bandenspanning. Correct en veilig vervangen van een wiel. Motoroliepeil, remvloeistofpeil, koelvloeistofpeil. De staat van de ruitenwissers en het peil van het product van de ruitenwissers. De staat en de werking van de lichten, richtingaanwijzers, voor- en achtermistlicht, stoplichten. De mogelijke gevolgen van slecht afgestelde koplichten. De gevolgen van een te grote speling op de voetrempedaal, het koppelingspedaal en te veel hoeven aan te trekken van de handremhendel. Elementair herkennen van slecht werkende remmen, stuurinrichting en ophanging. W MILIEUVRIENDELIJK GEBRUIK VAN HET VOERTUIG Efficiënt gebruik van het voertuig, zuinig rijden, matig brandstofverbruik, beperking van de uitlaatgassen. W VOORZORGSMAATREGELEN BIJ HET WISSELEN VAN WIELEN W BASISKENNIS OVER GEBRUIK, PREVENTIE, FUNCTIE, ONDERHOUD,... - Banden: bandenspanning, codering van de banden (namelijk: breedte, velgdiameter, hoogte / breedte verhouding) - Verbrandingsmotor: omwentelingen, toerental, cilinderinhoud, brandstof, vullen van de brandstoftank, onderhoud luchtfilter en oliefilter, voorgloeiinstallatie, motorkoeling, thermostaat, oorzaken van oververhitting, functie van de radiator, oliedruk, wegvallen van oliedruk. - Reminrichting: maximaal toegelaten massa bij oplooprem, hydraulisch of luchtgeremde aanhangwagen, motorrem, vrije slag rempedaal, functie van onafhankelijke rempedalen. - Koppelingspedaal - Sperdifferentieel

- Voorwielaandrijving - Stuurinrichting - Accu: loskoppelen van accu, gebruik van reserve accu,... - Koppelmechanismen - Preventieve controle van de vloeistoffen en vloeistofpeilen - Stuurhydraulica 2. DE WET OP HET RIJBEWIJS W INLEVEREN VAN HET RIJBEWIJS, BIJ VERVAL VAN HET RECHT OP STUREN, BIJ LICHAMELIJKE ONGESCHIKTHEID. W TIJDELIJK VERBOD TOT STUREN. W METHODEN VOOR HET OPSPOREN VAN OORZAKEN EN DEFECTEN Beoordelen van het defect en conclusie of het verder rijden met het voertuig toelaatbaar is en de mogelijke gevolgen van sommige defecten voor de veiligheid van het verkeer. Lezen en interpreteren van de informatie medegedeeld door de boordapparatuur. Voorzorgsmaatregelen bij het kantelen van de cabine. W BEGRIPPEN UIT HET TECHNISCH REGLEMENT Voertuig, voertuig voor traag vervoer, voertuigen van speciale constructie, landbouwtrekker (tractor) bosbouwtrekker en hun aanhangwagens, landbouwmotor of maaimachine, voertuigen ingeschreven als landbouwmaterieel, sleep, landbouwaanhangwagen van ambachtelijke makelij, maximum toegelaten massa, eigen en ledige massa, laadvermogen, massa in beladen toestand, maximale toegelaten sleepbare massa. W ONMIDDELLIJKE INTREKKING VAN HET RIJBEWIJS. W ONMIDDELLIJKE INNING. W VLUCHTMISDRIJF. W ALCOHOLOPNAME EN DRONKENSCHAP, ADEMTEST, ADEMANALYSE EN BLOED- PROEF. W ANDERE STOFFEN DIE DE RIJVAARDIGHEID BEÏNVLOEDEN, DRUGS, SOMMIGE GENEESMIDDELEN. W KENNIS VAN DE OVERTREDINGEN, DIE ALS ERNSTIGE OVERTREDING WORDEN BESCHOUWD. W GEBRUIK, WERKING EN AANWEZIGHEID VAN DE SIGNALISATIE OP HET VOERTUIG (TRACTOR AANHANGWAGEN) Standlichten, dimlichten, grootlichten, mistlichten, oranjegele knipperlichten, reflectoren, gevolgen van slecht afgestelde lichten,... W BIJZONDERE UITRUSTINGEN Gevarendriehoek, brandblusser, verbandskist. W LADING VAN DE VOERTUIGEN Algemene voorschriften, afmetingen en signalisatie,... W SLEPEN Algemene voorschriften, afmetingen, snelheid,...

PRAKTIJKEXAMEN CATEGORIE G MANOEUVRES OP PRIVE TERREIN Examenvoertuig categorie G: Inrichting van het privé terrein Samenstel bestaande uit : - landbouwtrekker (tractor) M.T.M. minimum 6.000 kg 5 m - aanhangwagen M.T.M. minimum 18.000 kg - lengte: minimum 9 m - snelheid: minimum 30 km/u - tractor met gesloten cabine - passagierszetel - achteruitkijkspiegels * - het voertuig moet uitgerust zijn met een L (identiek aan deze voorzien voor de voertuigen van categorie B) of met een bord met de vermelding scholing of rijschool - geen lading - brandblusser (niet meer dan 6 maanden vervallen) - nummerplaat op de tractor (vooraan reproductie, achteraan origineel) - snelheidsplaat op de tractor (40 km/u of 30 km/u) - nummerplaat op de aanhangwagen (reproductie van de nummerplaat van de tractor of bij eigen inschrijving de originele nummerplaat) - snelheidsplaat op de aanhangwagen (40 km/u of 30 km/u) - wielkeggen (2) *achteruitkijkspiegels: m 30 * + 7 m De opbouw van de aanhangwagen moet minstens zo zijn, dat de kandidaat verplicht is de buitenste achteruitkijkspiegels te gebruiken, om vanaf zijn zitplaats het verkeer achter, links en rechts gade te slaan, en ondermeer een ander voertuig waar te nemen dat begonnen is met in te halen. Het examenvoertuig (samenstel) moet in staat zijn om de manoeuvres uit te voeren volgens de voorziene afmetingen. Het examenvoertuig moet in voldoende nette staat zijn, ook wat lichten en signalisatie betreft. Tijdens het examen moeten de onafhankelijke rempedalen altijd gekoppeld zijn. De laadbak van de aanhangwagen mag tijdens de manoeuvres niet gelift worden. Volledige set kegels (soepel) geel / zwart H = cm (9x) oranjerood / wit H = cm (9 x) oranjerood / wit H = 30 cm (30 x) Baken (hek) op breed 1.20 m hoog kleur: geel De maximum duur van de manoeuvres: Privé terrein : 10 minuten voor de Voorafgaande controles 3 minuten voor het In rechte lijn achteruitrijden 6 minuten Draaien in achteruit in een garage 10 minuten voor het Ontkoppelen en koppelen

MANOEUVRE 1 VOORAFGAANDE CONTROLE Bedieningshandelingen en technische controle van de tractor en van de aanhangwagen: De examinator zal aan de kandidaat vragen om volgende bedieningshandelingen systematisch één na één te gebruiken. Tegelijk zal de examinator een technische controle van het voertuig uitvoeren. Technische controle van de tractor vooraan: Dimlichten Grootlichten Oranje gele knipperlichten 1 of 2 Richtingaanwijzers Ruitenwisser (voorruit) Geluidstoestel Technische controle van de tractor achteraan: Standlichten Stoplichten Achtermistlicht (indien aanwezig) Richtingaanwijzers Ruitenwisser (achterruit) Technische controle van de aanhangwagen vooraan: 2 standlichten of 2 witte reflectoren Technische controle van de aanhangwagen aan de zijkanten: Oranje zijreflectoren Omtreklichten (indien verplicht) Aanhangwagens waarvan de totale lengte, dissel inbegrepen, meer dan 3 meter bedraagt, moeten aan elke zijkant tenminste één oranje reflector hebben. De technische controle van de aanhangwagen achteraan, zal pas gebeuren na het beëindigen van het laatste manoeuvre Ontkoppelen en koppelen. Standlichten Stoplichten Achtermistlicht (indien aanwezig) Richtingaanwijzers 2 rode driehoekige reflectoren De examinator zal aan de kandidaat vragen alle lichten te doven, de handrem op te zetten, indien nodig de motor stil te leggen en uit het voertuig te stappen. PREVENTIEVE CONTROLE De kandidaat moet de controles hierna van buiten kennen en deze kunnen uitvoeren. Controle van de hydraulicaslangen van de stuurinrichting. Controle van de veilig gekoppelde aanhangwagen (koppelmechanisme). Controle van de remslang (en luchtdrukslangen bij luchtdrukgeremde tractor). Controle van de stuurhydraulicaslangen tractor - aanhangwagen. Controle van de staat van de banden. Aanduiden waar de brandblusser zich bevindt. Controle van het niveaupeil van de vloeistoffen: motorolie, vloeistof motorkoeling, remvloeistof (niet bij luchtdrukremmen), vloeistof stuurhydraulica en vloeistof ruitenwisser. Er wordt eveneens van de kandidaat verwacht dat hij aanduidt waar de respectievelijke vloeistoffen kunnen bijgevuld worden. (Indien het voertuig uitgerust is met elektronische verklikkerlichten om het niveau van de vloeistoffen af te lezen verwacht men van de kandidaat dat hij deze aanduidt op het dashboard). DASHBOARDCONTROLE Daarna vraagt de examinator terug plaats te nemen in het voertuig en op het dashboard de controlelampen aan te duiden voor: Brandstofvoorraad Laadstroomcontrole Voorgloeicontrole Motortemperatuur Toerenteller Snelheidsmeter Bedrijfsurenteller Drukluchtvoorraad (bij luchtdruk geremde tractor) Indien de kandidaat één van de verwachte punten tijdens het manoeuvre niet uitvoert, of wanneer hij dit niet correct uitvoert, dan weerhoudt de examinator de fout op het examenprotocol. Vooraleer de bewegende manoeuvres aan te vatten zal de kandidaat indien nodig de zitplaats en / of de achteruitkijkspiegels verstellen.

MANOEUVRE 2 MANOEUVRE 3 IN RECHTE LIJN ACHTERUITRIJDEN DRAAIEN IN ACHTERUIT IN EEN GARAGE Richtlijn: Rijd van hieruit achteruit in rechte lijn tot aan de 2 geel zwarte kegels. Opgepast, u mag de kegels, noch de baken raken. Met de wielen tussen de kegels rijden wordt niet als fout beschouwd. Indien u afwijkt mag u opnieuw vooruitrijden om de juiste richting te vinden. Eenmaal vooruitrijden wordt niet als fout aangerekend. Eerder gemaakte fouten blijven daarentegen gelden. Richtlijn: Vervolgens rijdt u terug vooruit tot de plaats die u het best schikt om het volgend manoeuvre aan te vangen, namelijk Draaien in achteruit in een garage. De garage bevindt zich achter de baken aan uw rechterzijde. De ingang ervan wordt gevormd door 2 geel zwarte kegels en de achterzijde van de garage wordt gevormd door 3 geel zwarte kegels. De zijkanten van de garage worden aangeduid door wit oranjerode kegels. * lengte van de sleep * lengte van de sleep 5 m 5 m 5 m 2,5 m m m m * + 30 * + 30 * + 30 7 m 7 m 7 m

Met de wielen tussen de kegels rijden wordt niet als fout beschouwd. Indien u afwijkt mag u opnieuw vooruitrijden om de juiste richting te vinden. Eénmaal vooruitrijden wordt niet als fout aangerekend. Eerder gemaakte fouten blijven daarentegen gelden. De opstelling in de garage is volbracht indien u tussen de geel zwarte kegels staat. Geef op dat ogenblik een teken (claxon). Richtlijn: Rijd het voertuig vervolgens vooruit om daarna achteruit te rijden en zodoende de aanhangwagen aan te koppelen. MANOEUVRE 4 ONTKOPPELEN EN KOPPELEN 5 m Richtlijn: Ontkoppel de aanhangwagen en rijd met de tractor vooruit en vervolgens achteruit om u naast de aanhangwagen op te stellen. Opgelet: De handelingen bij het ontkoppelen en koppelen moeten in volgorde per groep uitgevoerd worden. De volgorde binnen de groep mag verwisseld worden. Groep A: - Wielkeggen plaatsen - Handrem aanhangwagen opzetten - Loskoppelen van de hydraulische remleiding (bij pneumatische remleidingen eerst rood remvoorraad, dan geel - remcommando) - Loskoppelen van de leidingen voor de stuurhydrauliek - Loskoppelen elektrische leiding - Steunpoot plaatsen m 2,5 m Groep B: - Borgpen verwijderen - Trekhaakpal openen - Disseloog opheffen bij middel van steunpoot Groep C: - Langzaam vooruit rijden na ontkoppeling * + 30 7 m

Groep A: - Langzaam achteruit rijden naar de aanhangwagen en centreren van de tractor Groep B: - Disseloog neerlaten op de trekhaak bij middel van de steunpoot - Trekhaakpal sluiten - Borgpen aanbrengen Groep C: - Steunpoot volledig omhoog plaatsen - Aankoppelen van de leidingen voor de stuurhydrauliek - Aankoppelen van de hydraulische remleiding (bij pneumatische remleidingen eerst rood remvoorraad, dan geel - remcommando) - Aankoppelen elektrische leiding - Handrem aanhangwagen afzetten - Wielkeggen verwijderen - Controle van de lichten (standlichten, stoplichten, achtermistlicht, richtingaanwijzers, 2 rode driehoekige reflectoren) 6. Beheersing van het voertuig: correct gebruik van de achteruitkijkspiegels en de lichten, correct gebruik van de koppeling, versnellingsbak, gaspedaal, reminrichting; 7. Zuinig en milieuvriendelijk rijden: letten op het motorregime en het schakelen, remmen en versnellen; 8. Goed kijken: rondom kijken, correct gebruik van de achteruitkijkspiegels; dichtbij, verder weg, ver kijken; 9. Voorrang verlenen op kruispunten en overwegen, bij het veranderen van richting of rijstrook en bij manoeuvres; naderen en oversteken van kruispunten; 10. Juiste positie op de weg, de rijstroken, de rotondes en door bochten, volgens het type en de eigenschappen van het voertuig; voorsorteren; 11. Veilige afstand: voldoende afstand bewaren voor en naast het voertuig, voldoende afstand bewaren ten opzichte van de andere weggebruikers; 12. Snelheidsbeperkingen; 13. Verkeerstekens en instructies van verkeersagenten; 14. Het geven van signalen: signalen geven op de juiste momenten; correct reageren op signalen van andere weggebruikers; 15. Remmen en stoppen: tijdig gas minderen, afremmen of stoppen, waarbij rekening moet worden gehouden met de omstandigheden; anticipatievermogen. De kandidaat wordt uitgesteld indien: - een manoeuvre wordt beoordeeld met slecht ; - twee manoeuvres worden beoordeeld met onvoldoende ; - een manoeuvre wordt beoordeeld met onvoldoende en twee met voorbehoud ; - vier manoeuvres worden beoordeeld met voorbehoud. PRAKTIJKEXAMEN OP DE OPENBARE WEG De duur van het examen op de openbare weg: minimum 40 minuten. Het examen op de openbare weg gaat over de volgende punten: 1. Wegrijden na een stop in het verkeer, verlaten van een oprit; 2. Rijden op rechte wegen, tegenliggers kruisen, ook bij wegversmallingen; 3. Rijden door bochten; 4. Inhalen en voorbijrijden: inhalen van andere voertuigen, obstakels voorbijrijden, ingehaald worden; 5. Speciale verkeerselementen, waaronder: rotondes, overwegen, tram- of bushaltes, voetgangersoversteekplaatsen, stijgende of dalende weg over een lange afstand; De proef wordt volgens de volgende rubrieken beoordeeld: 1. bediening van het voertuig 2. plaats op de openbare weg 3. bochten 4. kruisen en inhalen 5. richtingsverandering 6. voorrang 7. verkeerslichten en bevelen 8. snelheid en verkeersinzicht 9. gedrag ten overstaan van andere weggebruikers 10. defensief rijden De rubrieken worden beoordeeld met goed, voorbehoud, onvoldoende of slecht. De kandidaat wordt uitgesteld indien: - een rubriek beoordeeld wordt met slecht ; - twee rubrieken beoordeeld worden met onvoldoende ; - een rubriek beoordeeld wordt met onvoldoende en twee met voorbehoud ; - vier rubrieken beoordeeld worden met voorbehoud ; - rijfouten of gevaarlijk rijgedrag die de veiligheid van het examenvoertuig, de passagiers of de andere weggebruikers direct in gevaar brengen.