Continue-toedieningswijze

Vergelijkbare documenten
Intermitterende toedieningsmodus

PCA-toedieningsmodus (door patiënt geregelde analgesie)

Taper-toedieningsmodus

CADD Solis VIP pomp. uw behandeling thuis

Informatie voor de patiënt Gebruik van de Pijn-pomp

PATIËNTINFORMATIE CONTIN Continue Toedieningsmodus. CADDUPrizm VIP Modellen 6100 en 6101 Ambulante Infusiepomp

CADD-Legacy PCA. Ambulante Infusiepomp Model 6300 PATIËNTGECONTROLEERDE PIJNBESTRIJDING TOEDIENINGSMODE

INFORMATIE VOOR DE PATIËNT. Ambulante infusiepomp Model 6500 CONTINUE & INTERMITTERENDE TOEDIENINGSMODI

Ambulante infusiepomp Model 6500 CONTINUE EN INTERMITTERENDE TOEDIENINGSMODI. Snelheid is in ml/uur

CADD -Solis VIP ambulante infuuspomp. Gebruikershandleiding Model 2120

ambulante infuuspomp Gebruikershandleiding

PATIËNTINFORMATIE PCA Door de Patiënt Gecontroleerd Pijnbestrijding. CADDUPrizm VIP. Modellen 6100 en 6101 Ambulante Infusiepomp

CADD-Legacy PCA. Ambulante Infusiepomp Model 6300 PATIËNTGECONTROLEERDE PIJNBESTRIJDING TOEDIENINGSMODE

PATIËNTINFORMATIE TPN Totale Parenterale Voeding. CADDUPrizm VIP Modellen 6100 en 6101 Ambulante Infusiepomp

INFORMATIE VOOR DE PATIËNT. Ambulante infusiepomp Model 6300 PATIËNTGECONTROLEERDE PIJNBESTRIJDING TOEDIENINGSMODE

Een goed begin is het halve werk. Kent u Compat Ella al?

Plantronics Calisto II -headset met Bluetooth USB-adapter Gebruikershandleiding 56-K61L-23004

Handleiding U8 Wireless Headset

Nokia Extra Power DC-11/DC-11K /2

Professional Supplies EIERKOOKAPPARAAT. Modelnr.: *

CMP-VOIP80. VoIP + DECT TELEFOON. English Deutsch Français Nederlands Italiano Español Magyar Suomi Svenska Česky ANLEITUNG MANUAL MODE D EMPLOI

Informatie voor beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg: Instructies voor gebruik en verwijdering

Plantronics Calisto -headset met Bluetooth USB-adapter Gebruikershandleiding

Gebruikershandleiding AT-300T/R UHF-PLL. 40 kanaals rondleidingsysteem & draadloze microfoon systemen.

GEBRUIKERSHANDLEIDING - CADD Legacy PCA

Handleiding EMDR Lightbar

CCS COMBO 2 ADAPTER. Handleiding

Inhoudsopgave. Inhoudsopgave

VOORDAT U DE HEADSET VOOR DE EERSTE KEER GEBRUIKT

NL Jam Plus. Hartelijk dank voor de aanschaf van de HMDX Jam Plus draadloze luispreker. Waar je een Jam vindt, vind je een feest!

56-A11L Plantronics Calisto -headset met Bluetooth USB-adapter. Gebruikerdshandleiding

Plantronics Calisto II -headset met Bluetooth USB-adapter Gebruikershandleiding FEBRUARI 2013

Electronische loep "One"

Nederlandse versie. Inleiding. Hardware installatie. LC201 Sweex Powerline Ethernet Adapter 200 Mbps

Handleiding Rolgordijn/Eclips met radiografische accumotor

Gebruikershandleiding

Magic Remote GEBRUIKERSHANDLEIDING

Gebruiksaanwijzing. OV-BaseCore7(Z)

Infuuspaalklemadapter

Bedrade afstandbediening Introductie van het spare part. Knoppen en display van de afstandbediening.

BEKNOPTE HANDLEIDING: AFSTANDSBEDIENING

Sam het schaapje Slaaptrainer met nachtlamp. Manual_Sam_148,5x10,5cm_2402NL.indd :17:35

Gebruiksaanwijzing Nederlands. Alarmsysteem & Sensorpleister

Byzoo Sous Vide Turtle

BLUETOOTH-AUDIO-ONTVANGER/Z ENDER

AirPort-kaart. Opmerking: U kunt instructies op het internet vinden op

AAN DE SLAG MET HERCULES DJCONTROLWAVE EN DJUCED DJW

Oncologiecentrum. Thuisbehandeling.

VOEDINGSBANK 9000 MET AUTO JUMPSTARTER

Gebruiksaanwijzing NL Unox Line Miss Elena & Rosella ELENA ROSELLA

OVERZICHT APPARAAT. Knop Type patiënt. Pacemaker. Sync. Knop Rapporten Knop Afdrukken. Navigatieknoppen. Therapiepoort. ECG-poort.

Byzoo Sous Vide Hippo

Nokia Music Speakers MD-3

Gebruikershandleiding. Inductie Lader

Verkorte Gebruiker Handleiding

Maverick ET 732 Handleiding

CAL. Y182, 7T32 ALARM CHRONOGRAAF

Bedieningen Dutch - 1

StyleView Envelope Drawer

Gebruik van een spuitaandrijver voor continue subcutane toediening. Graseby MS 26

SingStar Microphone Pack Gebruiksaanwijzing. SCEH Sony Computer Entertainment Europe

Wat zit er in de doos?

Handleiding LifeGuard

BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES

installatiehandleiding Alarmlicht met sirene

DT-F1/DT-F1V. NL Revision 1

Gebruikersveiligheid. Elektrische veiligheid. Phaser 4500-laserprinter

Naslaggids ZT210/ZT220/ZT230

ALCT 6/24-2 GEBRUIKSAANWIJZING

Lithium Jumpstarter en DC power source GEBRUIKSAANWIJZING. Lees goed de gebruiksaanwijzing voordat u het product gebruikt.

Gebruiksaanwijzing LivingColors Iris

GEBRUIKSAANWIJZING. Afstandsbediening BRC315D7

Nederlandse versie. Inleiding. Hardware installatie. LC202 Sweex Powerline Ethernet Adapter 200 Mbps

2015 Multizijn V.O.F 1

BELANGRIJKE WAARSCHUWINGEN Veiligheidswaarschuwingen

BEKNOPTE HANDLEIDING: OPLADER

2500V Digital Insulation Resistance Tester Model:

Nokia Charging Plate DT-600. Uitgave 1.2

Gebruikershandleiding. Digitale Video Memo

Gebruikershandleiding voor de Nokia Video-telefoonhouder PT-8 (voor de Nokia 6630) Uitgave 1

PRODUCTBESCHRIJVING...

Geheugen. Opmerking: U kunt instructies op het internet vinden op

GEBRUIKSAANWIJZING AQUA LASER 2 IN 1 RAAMREINIGER ARTIKEL NUMMER :

HQ-CHARGER81 HQ SUPERSNELLE UNIVERSELE ACCULADER VOOR AAA/AA/C/D/9V

Veel gestelde vragen:

Schijfeenheden. Gebruikershandleiding

gebruikershandleiding Elektronisch slot met noodsleutel think safe

Introductiehandleiding NEDERLANDS CEL-SV3MA280

Galaxy Dimension TOUCHCENTER Handleiding gebruiker

BakkerElkhuizen compact toetsenbord UltraBoard 940 Gebruikershandleiding

NEDERLANDS. SAS-ALARM100 1x Alarmeenheid 6x Deur-/raamsensoren 2x Afstandsbedieningen

Harde schijf. Opmerking: U kunt instructies op het internet vinden op

Oplossingen voor niet-functionerende Bridgemate Pro

2015 Multizijn V.O.F 1

Handleiding Brel Radio motor Type MLE

Transcriptie:

Continue-toedieningswijze CADD -Solis VIP ambulante infuuspomp model 2120 Patiëntinformatiehandleiding

Gegevens van uw arts: Naam: Telefoonnummer: Instructies: Plaats van pomp tijdens baden/douchen: Plaats van pomp tijdens slaap: Opslag van medicatie/vloeistof: Opmerkingen: 2

Inhoud Inleiding... 4 Waarschuwingen... 5 Aandachtspunten... 8 CADD -Solis VIP pompschema's...10 Nieuwe batterijen installeren...13 De herlaadbare batterij of AC-adapter gebruiken...15 De pomp in- en uitschakelen...16 Pompschermen... 17 Een cassette verwijderen...20 Een nieuwe cassette bevestigen...21 De lijn primen en de katheter aansluiten...25 De lijn primen zonder de cassette te verwisselen...27 Het reservoirvolume resetten...29 De pomp starten...31 De pomp stoppen...32 Een uitgestelde start instellen...33 Tijd en datum instellen...34 Wat te doen als de pomp is gevallen of gestoten?...37 Alarmen en berichten...38 Helpschermen alarm...40 Opmerkingen...41 3

Inleiding Uw arts beveelt de CADD -Solis VIP ambulante infuuspomp aan als onderdeel van uw behandeling. U kunt de CADD -Solis VIP pomp bij u dragen. De pomp is ontworpen voor het toedienen van medicatie in uw lichaam. Uw arts heeft een behandeling voorgeschreven die speciaal op u is gericht. De voorgeschreven medicatie wordt volgens de specifieke richtlijnen van uw arts door uw zorgverlener in uw pomp geprogrammeerd. Deze pomp kan bij wijzigingen in uw medicatie opnieuw door uw zorgverlener worden geprogrammeerd. Uw pomp is geprogrammeerd voor continue toediening en wordt gebruikt voor behandelingen waarbij, op een geprogrammeerde constante snelheid, een infuus van medicijnen/vloeistof nodig is. Uw zorgverlener zal u instructies geven over het juiste gebruik van deze pomp. Deze handleiding is bedoeld als aanvulling op die instructies. Voer alleen de procedures uit waarvoor u bent opgeleid. Lees voordat u de pomp bedient de volgende lijst van waarschuwingen en aandachtspunten. Het is belangrijk dat u deze waarschuwingen en aandachtspunten begrijpt en opvolgt. 4

Als u verzuimt waarschuwingen, aandachtspunten en aanwijzingen zorgvuldig op te volgen, kan dat ernstig letsel, overlijden of schade aan de pomp tot gevolg hebben. Waarschuwingen Om explosiegevaar te voorkomen mag de pomp niet worden gebruikt in de nabijheid van brandbare anesthetica of explosieve gassen. Indien de pomp wordt gebruikt om levensondersteunende medicatie toe te dienen, dient er een extra pomp beschikbaar te zijn. Falen van de pomp schort de medicatietoediening op. Het gebruik van een injectiespuit in combinatie met de CADD toedieningsset kan ONDERDOSERING van medicatie tot gevolg hebben. De werking van de spuit kan ongunstig worden beïnvloed door verschillen in de afmetingen en gladheid van de zuiger, wat ertoe kan leiden dat er meer kracht nodig is om de zuiger van de spuit in beweging te brengen. De zuiger van een spuit wordt minder glad als deze veroudert, wat resulteert in een toenemende mate van onderdosering van medicatie, wat op een bepaald ogenblik significant kan zijn. Daarom dient rekening gehouden te worden met de soort medicatie en de vereiste nauwkeurigheid van toediening bij gebruik van een injectiespuit met de CADD -Solis VIP-pomp. U dient het in de injectiespuit resterende volume regelmatig te vergelijken met de op de pomp weergegeven waarden (bijv. het reservoirvolume en vermelde volume) om te bepalen of er onderdosering van medicatie plaatsvindt. Neem, indien nodig, contact op met uw zorgverlener. Volg de gebruiksaanwijzing die bij het CADD -medicatiecassettereservoir, de CADD -extensieset of de CADD toedieningsset is geleverd en let vooral op alle waarschuwingen en voorzorgsmaatregelen die van toepassing zijn op hun gebruik. Leid de lijnen, koorden en kabels zorgvuldig langs de patiënt, zodat het risico wordt verminderd dat de patiënt erin verstrikt of erdoor bekneld raakt. Het niet opvolgen van deze waarschuwing kan letsel bij of overlijden van de patiënt tot gevolg hebben. 5

Er zijn mogelijke gezondheidsrisico's verbonden aan het verkeerd wegwerpen van batterijen, elektronica en besmette (gebruikte) reservoirs en extensiesets. Gebruikte batterijen, reservoirs, extensiesets en andere gebruikte accessoires of een pomp waarvan de gebruiksduur is verstreken, dienen op milieuvriendelijke wijze te worden weggegooid, volgens eventueel van toepassing zijnde voorschriften. Veelgebruikte draagbare en mobiele consumentenelektronica kunnen storing bij de pomp veroorzaken. Controleer of de pomp normaal werkt. Als abnormale werking wordt waargenomen, kan het noodzakelijk zijn om de pomp weg te halen uit de nabijheid van apparaten die radiofrequenties uitzenden. De bedrading in de woning/vestiging dient aan alle geldende elektrische voorschriften te voldoen. De netspanningsverbindingen mogen niet omzeild worden. Verwijder geen pennen van de voedingsstekker. Als deze waarschuwing niet in acht wordt genomen, kan dit resulteren in brand of elektrische schokken. 6 Wanneer de pomp wordt uitgeschakeld, wordt er geen medicatie toegediend, worden er geen alarmsignalen waargenomen of aangegeven, is het scherm leeg, reageert het toetsenbord niet op indrukken van toetsen en branden de gele en groene lampjes niet. Een CADD -Solis herlaadbare batterij die het einde van haar levensduur heeft bereikt, moet door een andere CADD -Solis herlaadbare batterij of door 4 AA-batterijen worden vervangen. Gebruik geen herlaadbare NiCd of nikkelmetaalhydride (NiMH) batterijen. Gebruik geen koolzink ('accu') batterijen. Deze batterijen leveren onvoldoende capaciteit voor een goede werking van de pomp. Zorg dat er altijd nieuwe reservebatterijen beschikbaar zijn. Indien de stroom uitvalt, wordt de medicatie niet toegediend. Er is geen pompalarm dat gebruikers waarschuwt als de batterij niet goed is aangebracht. Een onjuist aangebrachte batterij kan leiden tot stroomverlies en niet-toediening van medicatie. Controleer altijd of het batterijvak geen vocht of vuil bevat voordat u de batterijen installeert en zorg dat er geen vocht of vuil in het batterijvak kan vallen. Vocht of vuil in het batterijvak

kan de contacten van de batterij beschadigen wat kan leiden tot stroomverlies en niet-toediening van medicatie. Indien de pomp is gevallen of gestoten, kan het batterijklepje beschadigd raken of breken. Gebruik de pomp niet als het batterijklepje beschadigd is, aangezien de batterijen dan niet goed vastzitten. Dat kan resulteren in stroomverlies en niet-toediening van medicatie. Gebruik geen andere AC-adapters met de pomp. AC-adapters van andere merken kunnen de herlaadbare batterij en de pomp beschadigen, en kunnen stroomverlies en niet-toediening van de medicatie tot gevolg hebben. Klem de lijn altijd af voordat u de cassette uit de pomp haalt. Het verwijderen van de cassette zonder de klem te sluiten kan mogelijk een ongecontroleerde zwaartekrachtinfusie veroorzaken. Maak de cassette goed vast. Een losgekomen of onjuist aangesloten cassette kan leiden tot een ongecontroleerde infusie door zwaartekracht van medicatie uit het vloeistofreservoir of tot terugvloeien van bloed. Als u een CADD -toedieningsset of CADD -medicatiecassettereservoir zonder flowstopmechanisme gebruikt, dient u een CADD -extensieset met anti-sifonklep of een CADD toedieningsset met integrale of toegevoegde anti-sifonklep te gebruiken ter bescherming tegen de ongecontroleerde infusie door zwaartekracht die kan worden veroorzaakt door een verkeerd aangebrachte cassette. Prime het vloeistofpad niet terwijl de infusielijn nog aan de katheter gekoppeld is, aangezien dit kan leiden tot een te grote afgifte van medicatie of tot luchtembolie. Om luchtembolie te voorkomen, moet u zorgen dat het gehele vloeistofpad vrij is van luchtbellen voordat u de katheter aansluit. Indien de pomp is gevallen of gestoten, controleer de pomp dan op beschadiging. Een beschadigde of niet goed functionerende pomp mag niet worden gebruikt. Neem, indien nodig, contact op met uw zorgverlener. 7

Aandachtspunten Gebruik de pomp niet bij temperaturen onder 2 C of boven 40 C, om beschadiging van de elektronische circuits te voorkomen. Sla de pomp niet op bij temperaturen onder -20 C of boven 60 C, om beschadiging van de elektronische circuits te voorkomen. Sla de pomp niet op met een CADD -medicatiecassettereservoir of CADD -toedieningsset erop aangesloten. Stel de pomp niet bloot aan een relatieve luchtvochtigheid lager dan 20% of hoger dan 90%, om beschadiging van de elektronische circuits te voorkomen. Controleer de AA-batterijen vóór gebruik op beschadiging of slijtage aan de metalen of plastic isolatie. Doe dit ook nadat de pomp gevallen of gestoten is. Vervang de batterijen als u enige schade opmerkt. Sla de pomp niet voor langere periode op met de batterijen erin. Batterijlekkage kan de pomp beschadigen. Indien bij het opstarten in een foutbericht wordt aangegeven dat de protocolbibliotheek verloren is gegaan, mag u deze pomp niet blijven gebruiken. Neem contact op met uw zorgverlener. Als er wijzigingen in tijd of datum van toepassing zijn op de toediening van een infuus, verschijnt een alarmbericht dat moet worden bevestigd. Dompel de pomp niet onder in schoonmaakmiddel of water. Laat geen vloeistof op de pomp inwerken, ophopen op het toetsenbord of binnendringen in het batterijvakje, de USB-poort, de PCAhandsetaansluiting of in de buurt van de stroomaansluiting. Vochtophoping in de pomp kan leiden tot beschadiging van de pomp. Reinig de pomp niet met aceton of andere kunststofoplosmiddelen of schuurmiddelen, aangezien de pomp erdoor beschadigd kan worden. 8

De pomp mag niet direct bestraald worden met ioniserende straling bij bestralingsbehandelingen vanwege het risico op permanente schade aan de elektrische circuits. De beste handelwijze is om de pomp tijdens een therapeutische of diagnostische bestraling te verwijderen. Als de pomp in de nabijheid moet blijven tijdens een diagnostische sessie of behandelingssessie, dient hij te worden afgeschermd en dient de correcte werking na de behandeling te worden geverifieerd. Stel de pomp niet rechtstreeks bloot aan ultrasone geluidsgolven aangezien er permanente beschadiging kan optreden aan de elektronische circuits van de pomp. Magnetische velden die voortgebracht worden door apparatuur voor MRI (magnetic resonance imaging) kunnen de werking van de pomp nadelig beïnvloeden. Verwijder de pomp tijdens MRI-onderzoeken en houd deze op veilige afstand van magnetische energie. Gebruik van deze pomp bij patiënten die met elektronische apparatuur worden bewaakt, kan leiden tot artefact-interferentie. Zoals met alle elektronische apparatuur, kunnen er elektrische artefacten optreden die van invloed zijn op de werking van andere apparatuur, zoals ECG-monitoren. De gebruiker dient het juiste functioneren van de apparatuur vóór gebruik te controleren. Gebruik de pomp niet in overdrukkamers, aangezien dit invloed heeft op de werking van de pomp en de pomp kan beschadigen. Gebruik alleen accessoires van Smiths Medical die voor gebruik met de CADD Solis VIP ambulante infuuspomp zijn opgegeven, aangezien andere merken de pompwerking nadelig kunnen beïnvloeden. Als de connector van de AC-adapter niet volledig in de netvoedingsaansluiting wordt gedrukt, kan de verbinding met de pomp verbroken worden. Ook kan de connector losraken en daardoor stroomonderbreking naar de pomp veroorzaken. Indien u een CADD -medicatiecassettereservoir gebruikt dat bevroren medicatie bevat, ontdooi dit dan uitsluitend op kamertemperatuur. Niet opwarmen in een magnetron, aangezien dit het product kan beschadigen en lekkage veroorzaken. 9

CADD -Solis VIP pompschema's Scherm Batterijvakje Indicatielampjes Geel Groen USB-poort (uitsluitend door arts gebruikt) Blauw netstroomlampje Netstroomaansluiting PCA-handsetaansluiting (niet gebruikt voor continue-behandeling) Toetsenbord 10 Groen lampje: Knippert als de pomp loopt en medicatie toedient. Geel lampje: Knippert als de pomp wordt gestopt, bij een alarm of als de batterijspanning of het reservoirvolume laag is. Als het gele lampje blijft branden, kan de pomp niet meer worden gebruikt en moet u contact opnemen met uw zorgverlener. Opmerking: Soms knipperen beide lampjes. Dit betekent dat de pomp loopt, maar dat deze op korte termijn uw aandacht behoeft (bijvoorbeeld bij een lage batterijlading of laag reservoirvolume).

Scherm: Toont alle informatie en berichten. Het scherm wordt na enige tijd automatisch uitgeschakeld om stroom te besparen. Druk op een willekeurige toets om het scherm weer aan te zetten. Aan/Uit-schakelaar Cassette/ toetsenbordvergrendeling (ontgrendelen/ vergrendelen) Cassettesluiting Cassette (Het deel van het CADD medicatiecassettereservoir of de CADD -toedieningsset dat aangesloten wordt op de pomp) WAARSCHUWING: Wanneer de pomp wordt uitgeschakeld, wordt er geen medicatie toegediend, worden er geen alarmsignalen waargenomen of aangegeven, is het scherm leeg, reageert het toetsenbord niet op indrukken van toetsen en branden de gele en groene lampjes niet. 11

Toetsenbord 06 stop/start select PCA-dosis Start en stopt de toediening door de pomp. Met de 'functietoetsen' kunt u een vraag op het pompscherm beantwoorden. Zo kan het scherm boven deze toets 'Ja' weergeven, wat betekent dat u door het indrukken van deze toets de vraag met 'Ja' beantwoordt. Met de 'functietoetsen' kunt u ook sommige pompschermen doorlopen. Hiermee kunt u in menu's omlaag schuiven of waarden verminderen. Hiermee kunt u in menu's omhoog schuiven of waarden vermeerderen. Hiermee selecteert u een menuoptie. Deze toets wordt niet voor uw behandeling gebruikt. Opmerking: Indien deze functie door uw zorgverlener is ingeschakeld, geeft deze toets een pieptoon als u erop drukt. 12

Nieuwe batterijen installeren Voor de stroomvoorziening van de pomp worden vier nieuwe AA 1,5 volt primaire (niet-herlaadbare) alkalinebatterijen of de CADD -Solis herlaadbare batterij gebruikt. Als de herlaadbare batterij wordt gebruikt, kan deze met de AC-adapter worden opgeladen. Wanneer Batterij laag, Batterij leeg of Einde gebruiksduur herlaadbare batterij bereikt op het pompscherm wordt weergegeven, dient u de batterijen zo snel mogelijk te verwisselen. Gooi de gebruikte batterijen op een milieuvriendelijke manier weg, volgens eventueel van toepassing zijnde voorschriften. Opmerking: Gebruik nieuwe en gebruikte batterijen niet door elkaar, omdat dit de tijd kan beïnvloeden voordat er een waarschuwing wordt weergegeven dat de batterijen bijna leeg zijn. Gebruik altijd nieuwe batterijen bij het vervangen van lege batterijen. WAARSCHUWING: Een CADD -Solis herlaadbare batterij die het einde van haar levensduur heeft bereikt, moet door een andere CADD Solis herlaadbare batterij of door 4 AA-batterijen worden vervangen. Gebruik van herlaadbare batterijen van een ander merk kan brand of ontploffing veroorzaken. Gebruik geen herlaadbare NiCd of nikkelmetaalhydride (NiMH) batterijen. Gebruik geen koolzink ('accu') batterijen. Deze batterijen leveren onvoldoende energie voor een goede werking van de pomp, wat ernstig letsel of zelfs overlijden tot gevolg kan hebben. Zorg dat er altijd nieuwe reservebatterijen beschikbaar zijn. Indien de stroom onderbroken wordt, wordt de medicatie niet toegediend wat (afhankelijk van het type medicatie) kan leiden tot ernstig letsel of zelfs overlijden. Er is geen pompalarm dat gebruikers waarschuwt dat de batterij niet goed is aangebracht. Een slecht aangebrachte batterij kan leiden tot stroomverlies en niet-toediening van de medicatie, wat (afhankelijk van het type medicatie) kan leiden tot ernstig letsel of overlijden. Controleer altijd of het batterijvak geen vocht of vuil bevat voordat u de batterijen installeert en zorg dat er geen vocht of vuil in het batterijvak kan vallen. Vocht of vuil in het batterijvak kunnen de contacten van de batterij beschadigen en leiden tot verlies van stroom, wat kan resulteren in niet-toediening van medicatie. Afhankelijk van het type medicatie dat wordt toegediend, kan dit leiden tot ernstig letsel of zelfs overlijden. 13

Indien de pomp is gevallen of gestoten, kan het batterijklepje beschadigd raken of breken. Gebruik de pomp niet als het batterijklepje beschadigd is, aangezien de batterijen dan niet goed vastzitten. Dit kan leiden tot stroomverlies en niet-toediening van de medicatie, wat (afhankelijk van het type medicatie) kan leiden tot ernstig letsel of overlijden. Procedure voor het installeren van batterijen of de herlaadbare batterij: 1. Zorg dat de pomp is stopgezet en uitgeschakeld. 2. Draai met uw vingers of een muntstuk de knop op het batterijklepje linksom om het batterijklepje te openen. 3. Houd de pomp schuin om de oude batterijen te verwijderen en 4 nieuwe AA-batterijen te plaatsen. Zorg dat de markeringen + en op de nieuwe batterijen overeenkomen met de markeringen op de pomp. OF: Bij gebruik van een herlaadbare batterij installeert u deze in de pomp zoals afgebeeld. 4. Sluit het batterijklepje en draai de knop op het batterijklepje naar rechts om het te vergrendelen. Opmerking: Indien de batterijen omgekeerd zijn geïnstalleerd, gaat de pomp niet aan. Indien de pomp niet aangaat, controleert u de batterijen en zorgt u dat de markeringen + en op de batterijen overeenkomen met de markeringen van de pomp. De levensduur van de batterij kan verschillen van de hoeveelheid medicatie die wordt toegediend, de snelheid van toediening, de ouderdom van de batterij, de temperatuur, de tijd dat het scherm actief is en de intensiteit van de achtergrondverlichting (het verhogen van de intensiteit van de achtergrondverlichting verkort de levensduur van de batterij). De batterij is snel leeg bij temperaturen onder 10 C. 14

De herlaadbare batterij of AC-adapter gebruiken U gebruikt mogelijk een herlaadbare batterij en een AC-adapter voor de stroomvoorziening van uw pomp. De AC-adapter kan worden gebruikt om de pomp van stroom te voorzien en/of de herlaadbare batterij op te laden. Wanneer u de AC-adapter gebruikt, moet de pomp ook 4 AA-batterijen bevatten of moet de herlaadbare batterij als back-up zijn geïnstalleerd. WAARSCHUWING: Gebruik geen andere AC-adapters met de pomp. AC-adapters van andere merken kunnen de herlaadbare batterij en de pomp beschadigen. Dit kan leiden tot stroomverlies en het niet toedienen van de medicatie, wat (afhankelijk van het type medicatie) kan leiden tot ernstig letsel of overlijden. Opmerking: Lees voor de volledige instructies, waarschuwingen en aandachtspunten de gebruiksaanwijzing die bij de herlaadbare batterij of AC-adapter wordt geleverd. Procedure voor het aansluiten van de AC-adapter: 1. Sluit het AC-netsnoer (het snoer dat u in het stopcontact steekt) aan op de AC-stroomtoevoerverbinding op de AC-adapter. 2. Sluit het netvoedingssnoer van de AC-adapter aan op de netvoedingsaansluiting van de pomp (met aanduiding '7V'). Druk de connector stevig in de aansluiting totdat deze niet verder kan. Als de AC-adapter correct is aangesloten, gaat het AC-netstroomaansluiting en blauw netstroomlampje Netvoedingssnoer AC-stroomtoevoer blauwe lampje naast de pompconnector branden. Als de pomp is ingeschakeld, verschijnt er kort 'AC-adapter aangesloten' op het pompscherm en geeft de batterijstatus een AC-stroomverbinding aan. LET OP: Als de connector van de AC-adapter niet volledig in de netvoedingsaansluiting wordt gedrukt, kan hierdoor de verbinding met de pomp worden verbroken. Ook kan de connector losraken en daardoor stroomonderbreking naar de pomp veroorzaken. 15

16 De pomp in- en uitschakelen Als u de pomp wilt inschakelen, drukt u de Aan/Uit-schakelaar in en houdt u deze ingedrukt. Wanneer de pomp wordt ingeschakeld, voert deze verschillende zelftests uit. Let op het volgende: De groene en gele lampjes knipperen. Aan/ Uit-schakelaar Op het scherm wordt een blauwe/ gele roterende boog weergegeven, gevolgd door het logo van het CADD Solis ambulante infuussysteem. Als u strepen ziet of zwarte of witte pixels, of als uw scherm slecht lijkt te functioneren, dient u contact op te nemen met uw zorgverlener. Wanneer het opstarten is voltooid, hoort u zes pieptonen. Neem contact op met uw zorgverlener als u de pieptonen niet hoort, omdat er dan een probleem kan zijn met de akoestische alarmen. Als er problemen worden waargenomen tijdens het inschakelen, klinken er alarmen of worden deze weergegeven. Als de alarmen blijven afgaan nadat u de helpschermen hebt gevolgd, dient u contact op te nemen met uw zorgverlener. Als u de pomp wilt uitschakelen, drukt u de Aan/Uit-schakelaar in. Wanneer het bericht 'Uitschakelen?' verschijnt, drukt u op Ja. De pomp wordt vervolgens uitgeschakeld. Wanneer de pomp is uitgeschakeld, gebeurt het volgende: Het scherm is leeg. Het toetsenbord is inactief. Er wordt geen medicatie via het infuus toegediend. Er worden geen alarmen waargenomen en er worden geen hoorbare of zichtbare alarmen weergeven. Als de AC-adapter is aangesloten, gaat het blauwe lampje van de netvoeding branden. Er gaan geen andere lampjes branden. Als de pomp is aangesloten op de netvoeding en er een herlaadbare batterij is geïnstalleerd, gaat het opladen van de batterij door.

Pompschermen Menuscherm Gegevens over uw behandeling Statusbalk pomp. In dit gedeelte kunnen berichten of waarschuwingen worden weergegeven. Huidig reservoirvolume Toedieningsstatus van de pomp: gestopt of loopt Het type batterij dat wordt gebruikt, de geschatte hoeveelheid resterende levensduur van de batterij en de indicator voor gebruik van de AC-adapter AAbatterijen AA-batterijen met AC-adapter Herlaadbare batterij Vergrendelingsstatus toetsenbord: vergrendeld of ontgrendeld Schermnaam en helptekst, indien aanwezig Werkgebied/-inhoud voor het weergegeven scherm Herlaadbare batterij met AC-adapter 17

Opmerking: De schermen die worden getoond zijn voorbeelden. Uw pompschermen kunnen afwijken op basis van uw specifieke behandeling. Home-scherm Huidige pomptijd Huidige status van uw infusie Een diagram van het infusieprofiel van uw behandeling en de status van uw infusie. In het diagram worden de kleuren groen, rood en grijs gebruikt. De kleuren geven aan dat de pomp loopt (groen) of is gestopt (rood). Het diagram is volledig grijs voordat de pomp wordt gestart. Informatie over geplande events die belangrijk zijn voor toediening door de pomp. Wanneer de pomp loopt, kunnen berichten het volgende aangeven: Wanneer een uitgestelde start zal beginnen Wanneer het reservoir leeg zal zijn Navigatieopties voor de pomp. Druk op de 'functietoets' onder de weergegeven optie om deze te selecteren. 18

Pompstatuskleuren Met de kleuren groen, geel, rood en blauw in de statusbalk van de pomp kunt u sneller zien wat de pompstatus is. Net als een verkeerslicht betekent groen: in orde, geel: let op, en rood: stop. Groen: De toestand van de pomp is voldoende. Geel: Er is een status die uw aandacht vereist maar de huidige toestand van de pomp is voldoende. Rood: Er is een alarmtoestand die uw onmiddellijke aandacht vereist en de infusie is gestopt. Alle alarmen met hoge prioriteit en systeemfouten worden rood weergegeven. Blauw: Alarmen met lage prioriteit en informatieberichten worden in blauw weergegeven. Tekst en Help op het pompscherm geven meer informatie als er omstandigheden of alarmen zijn die uw aandacht vereisen. Neem contact op met uw zorgverlener als u een omstandigheid of alarm niet kunt oplossen door de helpschermen te volgen. Zie 'Alarmen en berichten' Alarmen en berichten op pagina 38. 19

Een cassette verwijderen Het medicatiereservoir moet worden verwisseld voorafgaand aan nieuwe infusies, en wanneer u waarschuwingen krijgt dat het reservoirvolume leeg of bijna leeg is. Opmerking: U dient altijd te beschikken over cassettes die nodig zijn om uw CADD -medicatiecassettereservoir of CADD toedieningsset te vervangen, zoals door uw zorgverlener is uitgelegd. WAARSCHUWING: Klem de lijn altijd af voordat u de cassette uit de pomp haalt. Het verwijderen van de cassette zonder de klem te sluiten, kan ongecontroleerde infusie door zwaartekracht veroorzaken, wat kan leiden tot ernstig letsel of zelfs overlijden. Procedure voor het verwijderen van de cassette: 1. Controleer of de pomp gestopt is alvorens de cassette te verwijderen. Voor instructies, zie De pomp stoppen op pagina 32. 2. Sluit de klem op de lijn. 3. Als de cassette is vergrendeld, steekt u de pompsleutel in het slot van de cassette/het toetsenbord en draait u deze naar links in de ontgrendelingspositie. 4. Druk op de cassettesluiting tot de cassette loskomt. 20 5. Verwijder het CADD -medicatiereservoir of de CADD toedieningsset en gooi deze weg volgens de instructies van uw zorgverlener.

Een nieuwe cassette bevestigen Zorg voor een nieuw, gevuld CADD -medicatiecassettereservoir of een CADD -toedieningsset bevestigd aan een flexibele infuuszak. Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van het product voor informatie over de voorbereiding van het product voor gebruik. WAARSCHUWING: Maak de cassette goed vast. Een losgekomen of slecht vastgemaakte cassette kan leiden tot ongecontroleerde zwaartekrachtinfusie van medicatie vanuit de vloeistofcontainer of terugvloeien van bloed, wat kan leiden tot ernstig letsel of zelfs overlijden. Als u een CADD -toedieningsset of CADD -medicatiecassettereservoir zonder flowstopmechanisme gebruikt: U dient een CADD -extensieset met anti-sifonklep of een CADD toedieningsset met integrale of toegevoegde anti-sifonklep te gebruiken ter bescherming tegen de ongecontroleerde infusie door zwaartekracht die kan worden veroorzaakt door een verkeerd aangebrachte cassette. Ongecontroleerde zwaartekrachtinfusie kan leiden tot ernstig letsel of overlijden. LET OP: Indien u een CADD -medicatiecassettereservoir gebruikt dat bevroren medicatie bevat, ontdooi dit dan alleen op kamertemperatuur. Niet opwarmen in een magnetron, aangezien dit het product kan beschadigen en lekkage veroorzaken. Gebruik bij het bevestigen van een cassette een steriele techniek volgens de instructies van uw zorgverlener. Procedure voor het bevestigen van de cassette: 1. Klem de lijn af op het nieuwe CADD -medicatiecassettereservoir of de CADD -toedieningsset. Verwijder, indien nodig, de blauwe klem van het flowstopmechanisme. 2. Controleer of de pomp is ingeschakeld voordat u een nieuwe cassette bevestigt. 21

3. Controleer of de cassettesluiting niet vergrendeld is, en open deze. 4. Breng de cassettehaken aan in de scharnierpinnen aan de onderzijde van de pomp. 5. Druk de cassettesluiting omlaag en druk stevig op de cassette totdat deze op haar plaats klikt. OF Zet de pomp rechtop op een stevige, vlakke ondergrond en druk vervolgens de vergrendelingszijde van de pomp omlaag zodat de cassette goed tegen de pomp aan zit. 22

6. Plaats de cassettesluiting terug in de afgesloten positie. U moet de vergrendeling met minimale tot geen weerstand in de gesloten positie kunnen zetten. Als u weerstand OF voelt bij het omhoog brengen van de cassettevergrendeling, mag u de vergrendeling NIET FORCEREN. Als u de cassette niet op de pomp kunt bevestigen met minimale tot geen weerstand, bevindt de cassette zich niet in de juiste vergrendelingspositie. Als de pomp niet gemakkelijk sluit, ontgrendelt u de cassette en herhaalt u het proces. Als het u bij de tweede poging ook niet lukt, mag u de pomp niet gebruiken. Neem contact op met uw zorgverlener voor assistentie. 7. Controleer of de cassette goed is bevestigd. Als u van links naar rechts kijkt, moet de bovenkant van de cassette helemaal recht zijn uitgelijnd met de onderkant van de pomp en goed zijn bevestigd. Als de cassette niet goed is bevestigd, ziet u dat de cassette en de pomp niet helemaal goed aansluiten. Er zit ruimte tussen de pomp en de cassette aan de vergrendelingszijde van de pomp. Als er ruimte tussen de pomp en de cassette zit, ontgrendelt u de cassette en herhaalt u het proces. Als de ruimte ook bij de tweede poging tot vergrendeling zichtbaar is, mag u de pomp niet gebruiken. Neem contact op met uw zorgverlener voor assistentie. Ruimte tussen de pomp en de cassette wijst erop dat de cassette niet goed is bevestigd. Juist Onjuist 23

8. Op het pompscherm verschijnt een kort bericht, zodat u kunt controleren welk type cassette u hebt bevestigd. 9. Vergrendel de cassette zo nodig door de pompsleutel in het slot van de cassette/ het toetsenbord te steken en naar rechts te draaien in de vergrendelingspositie. Cassette vergrendeld wordt kort op het pompscherm weergegeven. 10. Zodra de cassette is bevestigd, geeft de pomp automatisch schermen weer waarin u het vloeistofpad kunt primen, het reservoirvolume kunt resetten en de pomp kunt starten (zie volgende paragrafen in deze handleiding). 24

De lijn primen en de katheter aansluiten Wanneer u het vloeistofpad primed, wordt de neerwaartse lijn van de pomp gevuld met vloeistof waarmee alle luchtbellen worden verwijderd. Prime de lijn voordat u deze op de katheter aansluit. Opmerking: Als u de cassette niet verwisselt, maar het vloeistofpad wilt primen, raadpleegt u De lijn primen zonder de cassette te verwisselen op pagina 27. WAARSCHUWING: Prime de lijn niet als de lijn op de katheter is aangesloten, aangezien dit kan leiden tot afgifte van te veel medicatie of tot luchtembolie, wat kan leiden tot ernstig letsel of zelfs overlijden. De lijn primen: 1. Nadat de cassette is bevestigd, verschijnt het scherm Lijn primen?. Als er een scherm zoals het scherm rechts verschijnt, is er een beveiligingscode vereist. Als u niet geautoriseerd bent om de lijn te primen of als de lijn vooraf is geprimed, kiest u Nee. Neem voor verdere hulp contact op met uw zorgverlener. Als er een scherm zoals het scherm rechts verschijnt, kiest u Ja om de lijn nu te primen of Nee om de lijn later te primen. 25

2. Controleer of de lijn van de katheter is losgekoppeld, open de klemmen en kies Primen. WAARSCHUWING: Prime de lijn niet als de lijn op de katheter is aangesloten, aangezien dit kan leiden tot afgifte van te veel medicatie of tot luchtembolie, wat kan leiden tot ernstig letsel of zelfs overlijden. 3. Stop met impregneren op elk gewenst moment door Stop primen te kiezen. Het impregneren stopt automatisch nadat 10 ml is geïmpregneerd (of na 20 ml, als u een toedieningsset van hoog volume gebruikt). 4. Zet het primen desgewenst voort door Ja te kiezen of kies Nee om het primen te stoppen. WAARSCHUWING: Zorg om luchtembolie te voorkomen dat het gehele vloeistofpad vrij is van luchtbellen voordat u de katheter aansluit. Luchtembolie kan leiden tot ernstig letsel of zelfs overlijden. 26

De lijn primen zonder de cassette te verwisselen Indien nodig, of op advies van uw zorgverlener, kunt u de lijn primen zonder de cassette te verwisselen. WAARSCHUWING: Prime de lijn niet als de lijn op de katheter is aangesloten, aangezien dit kan leiden tot afgifte van te veel medicatie of tot luchtembolie, wat kan leiden tot ernstig letsel of zelfs overlijden. Procedure voor het primen van de lijn zonder de cassette te verwisselen: 1. Stop de pomp als deze loopt. 2. Druk in het menu Taken op U of D om Prime lijn te markeren en druk op S. Als u niet geautoriseerd bent om de lijn te primen, is er een beveiligingscode vereist. Neem voor verdere hulp contact op met uw zorgverlener. 3. Controleer of de lijn van de katheter is losgekoppeld, open de klemmen en kies Primen. WAARSCHUWING: Prime de lijn niet als de lijn op de katheter is aangesloten, aangezien dit kan leiden tot afgifte van te veel medicatie of tot luchtembolie, wat kan leiden tot ernstig letsel of zelfs overlijden. 27

4. Stop met primen op elk gewenst moment door Stop primen te kiezen. Het primen stopt automatisch nadat 10 ml is geprimed (of na 20 ml, als u een toedieningsset van hoog volume gebruikt). WAARSCHUWING: Zorg om luchtembolie te voorkomen dat het gehele vloeistofpad vrij is van luchtbellen voordat u de katheter aansluit. Luchtembolie kan leiden tot ernstig letsel of zelfs overlijden. 28

Het reservoirvolume resetten Met de instelling van het reservoirvolume wordt de hoeveelheid vloeistof in het reservoir aangegeven. Zodra het reservoirvolume is ingesteld, houdt de pomp bij hoeveel vloeistof er is toegediend, en geeft hij het resterende reservoirvolume weer. Wanneer een nieuwe cassette of toedieningsset op de pomp wordt bevestigd en als de pomp wordt ingeschakeld, wordt u mogelijk gevraagd om het reservoirvolume te resetten. U kunt het reservoirvolume echter ook resetten zonder de cassette te verwisselen (bijvoorbeeld als u een toedieningsset gebruikt en alleen de infuuszak verwisselt). Procedure voor het resetten van het reservoirvolume nadat u een nieuwe cassette of toedieningsset hebt bevestigd: 1. De pomp vraagt u of u het reservoirvolume naar de standaardhoeveelheid wilt resetten (in dit voorbeeld: 1000 ml). Kies Ja om het volume te resetten. 2. Als u ervoor hebt gekozen het reservoirvolume te resetten, toont de pomp een scherm Opslaan... 29

Als uw zorgverlener u heeft gevraagd om de infuuszak te verwisselen zonder de CADD -toedieningsset te verwisselen, volgt u onderstaande stappen. Procedure voor het resetten van het reservoir wanneer u alleen een infuuszak verwisselt: 1. Stop de pomp. 2. Verwijder de gebruikte infuuszak van de toedieningsset en bevestig de nieuwe infuuszak op de set volgens de instructies van uw zorgverlener. 3. Druk in het menu Taken op U of D om Reset reservoirvolume te markeren en druk op S. 4. De pomp vraagt u om het reservoirvolume naar de standaardhoeveelheid voor uw behandeling te resetten (in dit voorbeeld: 1000 ml). Kies Ja om het volume te resetten. 5. Als u ervoor hebt gekozen het reservoirvolume te resetten, toont de pomp een scherm Opslaan... 6. Druk op de stop/start-toets 9 om de pomp te starten. 30

De pomp starten De infusie begint wanneer de pomp is gestart. Wanneer de pomp loopt, wordt 'Loopt' groen gemarkeerd weergegeven in de statusbalk en knippert het groene indicatielampje op de pomp. Opmerking: Controleer voordat u de pomp start of de lijn is geprimed en of de pomp op de katheter is aangesloten volgens de instructies van uw zorgverlener. Procedure voor het starten van de pomp: 1. Als de pomp is geprogrammeerd, wordt het bericht 'Klaar om te starten' op het home-scherm weergegeven. OF Als de pomp is gestart en vervolgens gestopt, wordt op het homescherm de kleur rood in de diagram weergegeven. 2. Druk op de stop/start-toets 9 op de pomp. 3. Als u 'Pomp starten?' ziet, drukt u op Ja. Opmerking: Als u een uitgestelde starttijd wilt instellen, raadpleegt u Een uitgestelde start instellen op pagina 33. 31

4. De pomp begint te lopen. Het rode bericht 'Gestopt' in de statusbalk verandert in een groen bericht 'Loopt' en 'Infuus begint nu...' verschijnt kort. Als er een uitgestelde starttijd is ingesteld, wordt het scherm groen en verschijnt het bericht dat de infusie is uitgesteld kort op het scherm. Vervolgens verschijnt het homescherm 'Uitgestelde start' samen met de tijd die resteert totdat de infusie wordt gestart. De pomp stoppen Als de pomp stopt, wordt de toediening gestopt. Wanneer de pomp wordt gestopt, wordt 'Gestopt' rood gemarkeerd weergegeven op de statusbalk, knippert het gele indicatielampje en is het groene indicatielampje uit. Procedure voor het stoppen van de pomp: 1. Druk op de stop/start-toets 9 op de pomp. 2. Als u 'Pomp stoppen?' ziet, drukt u op Ja. 32 3. De pomp stopt met lopen. Het groene bericht 'Loopt' in de statusbalk verandert in een rood bericht 'Gestopt' en 'Pomp stopt...' verschijnt kort.

Een uitgestelde start instellen Met de taak Uitgestelde start kunt u de start van uw infusie uitstellen tot een geselecteerde datum en tijd. U kunt geen uitgestelde start instellen als uw infusie al is gestart. De pomp moet op de geselecteerde datum en tijd lopen om de toediening te kunnen beginnen. Wanneer uitgestelde start wordt gebruikt, is de KVO (keep vein open) snelheid actief totdat de infusie begint. Procedure voor het instellen van een uitgestelde starttijd: 1. Druk in het menu Taken op U of D om Uitgestelde start instellen te markeren en druk op S. Als u niet geautoriseerd bent om een uitgestelde start in te stellen, dient u een beveiligingscode in te voeren om het toetsenbord te ontgrendelen. 2. Druk op U of D totdat de gewenste starttijd op het scherm verschijnt, en druk op Bevestigen. 3. Er verschijnt een bevestingsbericht waarin uw geselecteerde starttijd en uitstel worden getoond. Druk op Ja om te bevestigen. 4. Druk op de stop/start-toets 9 om de pomp te starten. Het home-scherm 'Uitgestelde start' toont de hoeveelheid tijd die resteert totdat de infusie begint. 33

Tijd en datum instellen De tijd en datum op het pompscherm moeten de huidige datum en tijd zijn. De pomp gebruikt de datum en tijd om te bepalen wanneer een uitgestelde start begint. Stel, indien nodig, de tijd of de datum voor de pomp in. De pomptijd wordt niet automatisch aan de zomertijd aangepast. De pompklok wordt van stroom voorzien door een aparte interne batterij die oplaadt wanneer de pomp is ingeschakeld. De pomp behoudt de tijd en datum, zelfs als de AA-batterijen of herlaadbare batterij zijn verwijderd. Als de pomp gedurende langere tijd is uitgeschakeld, worden de juiste tijd en datum mogelijk pas weergegeven als de pomp weer wordt ingeschakeld en de interne batterij wordt opgeladen. Stel de tijd en datum, indien nodig, weer in. Instellen van de tijdnotatie: 1. Druk in het menu Taken op U of D om Wijzig tijd en datum te markeren en druk op S. 2. Druk in het menu Stel tijd en datum in op U of D om Huidige tijd te markeren en druk op S. 3. Druk op U of D om het juiste uur te selecteren (1 12 of 0 23 als uw pomp is ingesteld voor gebruik van een 24-uursklok). Druk vervolgens op S om naar het minutenveld te gaan. 34

4. Druk op U of D om de juiste minuten te selecteren en druk op S om naar het veld AM of PM te gaan om dat, indien nodig, te wijzigen. Als uw pomp is ingesteld op het gebruik van een 24 uursklok worden de velden AM en PM niet weergegeven. Druk op Opslaan. 35

Instellen van de datumnotatie: 1. Druk in het menu Stel tijd en datum in op U of D om Huidige datum te markeren en druk op S. 2. Druk op U of D om de juiste maand te selecteren en druk vervolgens op S om naar het dagveld te gaan. Opmerking: In dit voorbeeld wordt de datumnotatie maand/dag/jaar getoond. De datumnotatie wordt onder de datum weergegeven zodat u weet welk veld u aan het wijzigen bent. 3. Druk op U of D om de juiste dag te selecteren en druk vervolgens op S om naar het jaarveld te gaan. 4. Druk op U of D om het juiste jaar te selecteren en druk vervolgens op Opslaan. 36

Wat te doen als de pomp is gevallen of gestoten? Wat te doen als de pomp in het water valt? Als u de pomp per ongeluk in het water laat vallen, haal deze er dan snel uit. Droog de pomp af met een handdoek en neem contact op met uw zorgverlener. Wat te doen als de pomp op een harde ondergrond valt of ertegenaan stoot? Doe onmiddellijk het volgende: Trek en draai voorzichtig aan de cassette om te controleren of deze nog stevig aan de pomp vastzit. Controleer of het batterijklepje nog stevig vastzit. Als het batterijklepje is losgekomen, druk het klepje dan gewoon op de stang op de pomp. Als de pomp is ingeschakeld en er akoestische of visuele alarmen zijn, en Help op het scherm van de pomp verschijnt, volgt u de helpschermen (zie Alarmen en berichten op pagina 38). Als de cassette of het batterijklepje los zitten of beschadigd zijn, of als u de alarmen niet kunt oplossen door de helpschermen te volgen, mag u de pomp niet gebruiken. Stop de pomp onmiddellijk, sluit de lijnklem en neem contact op met uw zorgverlener. WAARSCHUWING: Controleer de pomp op eventuele beschadigingen als deze is gevallen of gestoten. Een beschadigde of niet goed functionerende pomp mag niet worden gebruikt. Afhankelijk van de ernst van de schade kan het gebruik van een beschadigde pomp ernstig letsel of overlijden tot gevolg hebben. 37

38 Alarmen en berichten De pomp kan verschillende alarmsignalen afgeven. Veel alarmen geven u de mogelijkheid om ze te 'Bevestigen' of op 'Stil' te zetten. Bevestigen: Het alarm wordt van het scherm verwijderd. Stil: Het alarm blijft op het scherm, maar wordt 2 minuten stilgezet. Het alarm gaat door totdat het wordt bevestigd of opgelost. De alarm-/berichttypes zijn als volgt: Systeemfoutalarm: Er kan een onherstelbare fout zijn opgetreden, zoals een storing in de hardware of in de software. Met dit alarm brandt het gele indicatielampje voortdurend, is het scherm rood en wordt er een twee tonig alarm afgegeven. Neem contact op met uw zorgverlener als er een systeemfoutalarm optreedt. Alarm met hoge prioriteit: Dit alarm pauzeert of stopt de pomp altijd. Dit alarm gaat gepaard met een rood scherm en blijft doorgaan tot het wordt bevestigd door op een toets te drukken of totdat de omstandigheid die het alarm activeerde, verdwijnt. Indien stilgezet, gaat het alarm na 2 minuten weer af, indien de alarmtoestand nog steeds bestaat. Alarm met gemiddelde prioriteit: Dit alarm stopt de pomp niet (toediening gaat door). Dit alarm gaat gepaard met een geel scherm en blijft doorgaan tot het wordt bevestigd door op een toets te drukken of tot de omstandigheid die het alarm activeerde, verdwijnt. Indien stilgezet, gaat het alarm na 2 minuten weer af, indien de alarmtoestand nog steeds bestaat. Alarm systeemfout (rood) met foutcode Alarm met hoge prioriteit (rood) Alarm met gemiddelde prioriteit (geel)

Alarm met lage prioriteit: Dit alarm stopt de pomp niet (toediening gaat door). Het alarm gaat gepaard met een blauw scherm en houdt 5 seconden aan (bij sommige alarmen langer) totdat het wordt bevestigd door op een toets te drukken of tot de omstandigheid die het alarm activeerde, verdwijnt. Alarm met lage prioriteit (blauw) Bericht van informatieve prioriteit: Deze berichten stoppen de pomp niet. Ze verschijnen 5 seconden in de statusbalk, zijn vrijwel altijd stil en vereisen geen bevestiging. Voorbeelden hiervan zijn 'Cassette vergrendeld' en 'Cassette ontgrendeld'. 39

Helpschermen alarm Wanneer bepaalde alarmen optreden, is er soms extra informatie beschikbaar op het pompscherm. Bij deze alarmen wordt in helpschermen beschreven wat u kunt doen om het probleem op te lossen dat het alarm veroorzaakt. 1. Wanneer een alarm optreedt, drukt u op Stil om het alarm stil te zetten. 2. Als er helpschermen voor het alarm beschikbaar zijn, verschijnt boven de rechterfunctietoets 'Help'. Als u de helpschermen wilt bekijken, drukt u op Help. 3. Volg de instructies die op het helpscherm worden gegeven. Als u alle beschikbare helpschermen wilt doorlopen, drukt u op Volgende om naar de volgende pagina te gaan, indien die beschikbaar is. 40 4. Druk op elk gewenst moment op Bevestigen om het helpscherm te verlaten. Aan het einde van de beschikbare helpschermen verschijnt 'Opnieuw Help', zodat u ze opnieuw kunt bekijken. Neem contact op met uw zorgverlener als u het alarm niet kunt oplossen door de helpschermen op te volgen.

Opmerkingen 41

Opmerkingen 42

43

x Smiths Medical ASD, Inc. St. Paul, MN 55112 USA 1 214.618.0218 www.smiths-medical.com 2 CADD-Solis, CADD en het CADD ontwerpmerk en het Smiths Medical ontwerpmerk zijn handelsmerken van Smiths Medical. Het symbool geeft aan dat het handelsmerk bij het Amerikaanse patenten- en handelsmerkenkantoor en in bepaalde andere landen gedeponeerd is Alle andere genoemde namen en merken zijn de handelsnamen, handelsmerken of dienstmerken van de respectieve eigenaren. 2010, 2011 Smiths Medical. Alle rechten voorbehouden. 2011-10 40-5905-06C s