Inhoud van de presentatie Ontwerp nieuw KB voor industriegebouwen Yves Martin, Laboratoriumhoofd, WTCB http://www.normen.be/brand Oktober 2007 3. Indeling van industriegebouwen 4. De vereisten voor industriegebouwen Vereisten van het ontwerp van Bijlage 6 De technische basis van de vereisten 5. Conclusies 1 2 KB 19-12-1997 «Basisnormen» Bijlage 1 Terminologie Industriegebouw: een gebouw of gedeelte van een gebouw, dat omwille van zijn constructie en inrichting bestemd is voor doeleinden van bedrijfsmatige bewerking of opslag van materialen of goederen, het bedrijfsmatig telen of opslaan van gewassen of het bedrijfsmatig houden van dieren. Bijlagen 2, 3 en 4 Uitgesloten van het toepassingsgebied van deze bijlage zijn echter de industriegebouwen,, [ ] De Koning bepaalt de basisnormen betreffende de industriegebouwen binnen een termijn van 12 maanden na de inwerkingtreding van dit besluit. Tekstontwerp (editie 1998) Uitgewerkt in 1998 en goedgekeurd door de Hoge Raad in 1999 Nooit gepubliceerd (in de praktijk gedeeltelijk gebruikt) Tekstontwerp (editie 2007) Aanvraag VB0 in 2004 om de tekst opnieuw te bestuderen Oprichting van een werkgroep Aangeduide leden door de leden van de Hoge Raad : SECO (voorzitterschap), FOD Binnenlandse Zaken (opstellen van het ontwerp), Federatie van brandweerlui, Verzekeraars, VBO, ANPI, Confederatie Bouw (via WTCB), Agoria, FEDIS, Talrijke vergaderingen (2004 14 december 2006) 3 4 1
Goedkeuring van de Hoge Raad De Hoge Raad voor de beveiliging tegen brand en ontploffing heeft d.d. 18 januari 2007 besloten om het ontwerp Bijlage 6 aan de Minister van Binnenlandse Zaken voor te dragen als voorstel tot wijziging van het koninklijk besluit van 7 juli 1994 tot vaststelling van de basisnormen voor de preventie van brand en ontploffing waaraan de nieuwe gebouwen moeten voldoen. Positief advies met opmerkingen FRCSPB (de voorschriften voor de grootte van de compartimenten en de stabiliteit bij brand van de structurele elementen maken een binnenaanval door de brandweer bijzonder risicovol) Toekomstige evolutie OK Notificatie aan de Europese Unie OK Advies van de inspectie van financiën en de Minister mbt het budget OK Goedkeuring door de Raad van Ministers Advies van de Raad van State Handtekening door het Hof Publicatie in het Belgisch Staatsblad => wettelijke verplichting Huidig statuut Tekstontwerp (Mogelijke wijzigingen? Normaal gezien enkel over de vorm (CE, Raad van State, )) Geen wettelijke verplichting maar «code van goede praktijk» opgesteld door alle betrokkenen 5 6 Inhoud van de presentatie 3. Indeling van industriegebouwen 4. De vereisten voor industriegebouwen Vereisten van het ontwerp van Bijlage 6 De technische basis van de vereisten 5. Conclusies Het tekstontwerp omvat Enerzijds de technische specificaties (Linkerzijde van de bladzijde) diemoetenhernomenwordenin een Koninklijk Besluit En anderzijds de uitleg (Rechterzijde van de bladzijde) met betrekking tot de technische specificaties (verslag aan de koning). 7 8 2
Bijlage 1 Terminologie Aanvulling van Bijlage 1 : definities Bijlage 6 Industriële gebouwen 1. Algemeen (doelstelling, toepassingsgebied) 2. Indeling van industriegebouwen 3. Structurele elementen en grootte van het compartiment 4. Industriegebouw met verschillende delen 5. Actieve brandbeveiliging (detectie, RWA, sprinkler) 6. Afstand tussen de gebouwen 7. Evacuatie van de gebruikers 8. Veiligheid van de hulpploegen 1/ Toepassingsdomein Industrieel gebouw: een gebouw of gedeelte van een gebouw, dat omwille van zijn constructie en inrichting bestemd is voor doeleinden van bedrijfsmatige bewerking of opslag van materialen of goederen, het bedrijfsmatig telen of opslaan van gewassen of het bedrijfsmatig houden van dieren.(bijlage 1) Nieuwe gebouwen (aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning ingediend 1 maand na de inwerkingtreding van deze bijlage) (bestaande gebouwen vallen niet in het toepassingsdomein van dit tekstontwerp) De gebouwen waarin commerciële activiteiten plaatsvinden zoals de verkoop van goederen (warenhuizen, tuinbouwcentra, ) of dienstverlenende activiteiten worden niet beschouwd als industriële gebouwen 9 10 1/ Doelstellingen Eisen waaraan het ontwerp, de bouw en de inrichting van industriegebouwen moeten voldoen om: Het ontstaan, de ontwikkeling en de voortplanting van brand te voorkomen De veiligheid van de aanwezigen te verzekeren Preventief het ingrijpen van de brandweer te vergemakkelijken KB Basisnormen => «minimale» vereisten Verzekeringsmaatschappijen die zich op de bescherming van de inhoud richten, kunnen bijkomende voorwaarden opleggen Strengere vereisten in functie van een risico dat niet door deze basisregelgeving afgedekt is Andere doelstellingen (bescherming van het leefmilieu, ) Hogere aanwezige risico s (opslag van ontvlambare producten, aërosols, gevaar voor ontploffing, ) De bevoegde brandweerdienst kan bijvoorbeeld niet algemeen de maximaal toegelaten oppervlakte van het compartiment verminderen voor normaal brandbare materialen, maar kan dit doen voor de opslag van licht ontvlambare producten. 11 12 3
Inhoud van de presentatie Opslag van aërosols: niet in het toepassingsdomein van het ontwerp 3. Indeling van industriegebouwen 4. De vereisten voor industriegebouwen Vereisten van het ontwerp van Bijlage 6 De technische basis van de vereisten 5. Conclusies 13 14 3. Indeling van de industriegebouwen 3. Indeling van de industriegebouwen 1. In functie van de maatgevende brandbelasting Klasse A q fi,d 350 MJ/m² (< 20 kg hout/m²) Klasse B 350 < q fi,d 900 MJ/m² Klasse C 900 MJ/m² < q fi,d (> 50 kg hout/m²) 511 MJ/m² voor burelen (Eurocode 1-1-2) Bepaling van de klasse van een gebouw Via een gedetailleerde berekening (NBN EN 1991-1-2 en NBN ISO 1716) Ontbrandingscoëfficiënt 2. Opslagruimtes Opslagplaats overdekte ruimte gebruikt voor opslag, overslag en/of distributie van goederen 40 kg bois/m² - 700 MJ/m² - M massa (kg) van materiaal - Hu Netto verbrandingswarmte (MJ/kg) - Ψ coefficient (bescherming van het materiaal tegen brand) Karakteristiek brandbelasting (waarden die geacht worden niet overschreden te worden gedurende 80% van de tijd) Bv. Hout 17,5 MJ/kg Kledij 20 MJ/kg 15 16 4
3. Indeling van de industriegebouwen Bepaling van de klasse van een gebouw Via een door de Minister van Binnenlandse Zaken gepubliceerde lijst Bestemming van het gebouw => brandbelasting of klasse Bijvoorbeeld: Schrijnwerkerij Klasse C Klasse der inrichtingen met een normale brandbelasting met een normaal brandgevaar: N2 Brandlast Brandlast Brandlast Baulicher Gretener FCR Australia Brandschutz Naam Aard Klasse CEA Klasse IG (MJ/m²) (MJ/m²) (MJ/m²) P1 P2 P3 Ammoniakfabrieken (synthetisch) Scheikunde 0 0 0 0 Asbest (fabrieken van voorwerpen) OH1 P1 80 80 80 0 0 Autovoertuigen (constructie en montage) Constructie OH2 P1 0 0 0 0 autos, montage P1 300 300 300 300 0 0 autos, vernissage P2 500 500 500 0 500 0 autos, selleries P2 700 700 700 0 700 0 Blocklager für Blechteile PKW P1 288 288 288 0 0 Auto-Türbeschläge-Fertigung/Montage P1 400 400 400 0 0 Auto-Türbeschläge/Fertigung P1 688 688 688 0 0 PKW Rohkarossenfertigung P1 58 58 58 0 0 Automobilfabrik P1 122 122 122 0 0 Automobilfabrik P1 169 169 169 0 0 Automobilwerkstatt P1 58 58 58 0 0 Automobilwerkstatt P1 241 241 241 0 0 Inhoud van de presentatie 3. Indeling van industriegebouwen 4. De vereisten voor industriegebouwen Vereisten van het ontwerp van Bijlage 6 De technische basis van de vereisten 5. Conclusies! Een industrieel gebouw dat gebouwd wordt voor een specifieke klasse mag enkel gebruikt worden voor de activiteiten van dezelfde klasse (of lagere klasse) 17 18 4. Technische vereisten van het ontwerp A. De structurele elementen Brandweerstand Stabiliteit bij brand Grootte van het compartiment B. Brandgedrag van daken C. De buitenwanden en de afstand tussen gebouwen D. Actieve beschermingsmaatregelen tegen brand E. Evacuatie van de gebruikers F. Veiligheid van de interventiediensten Bouwelementen die de stabiliteit van het gebouw verzekeren (kolommen, muren, balken, vloeren, ). Type I: elementen die bij bezwijken aanleiding geven tot een voortschrijdende instorting die zich kan uitstrekken over de compartimentsgrenzen heen of die aanleiding geeft tot beschadiging van de compartimentswanden Type II: elementen die bij bezwijken aanleiding geven tot een voortschrijdende instorting beperkt tot het compartiment! Geen eigenschap van het structureel element zelf maar hangt samen met de belasting, de verbindingen, 19 20 5
Structurele elementen: Voorbeelden Industriegebouw met slechts één compartiment Geen elementen van type I Windverbanden Compartimentswanden (binnenwanden tussen 2 compartimenten) EI 60 (klasse A) EI 120 (klassen B en C) Met eventuele deuren EI 1 60 (bij brand) zelfsluitend Type I Type II Structurele elementen van type I R 60 (klasse A) R 120 (klassen B en C) Elementen bij een compartimentswand: niet makkelijk te bepalen - Overzicht van type-oplossingen (FOD Binnenlandse Zaken) - Gedetailleerde studie (bij ontstentenis: elementen type I) De oppervlakte van een compartiment wordt beperkt zodat brandbelasting 5700 GJ (of 34200 GJ indien gesprinklerd) 21 22 Structurele elementen type II mogen niet bezwijken binnen een tijdspanne gelijk aan de equivalente tijdsduur (op basis van Eurocode EN 1991-1-2:2002) waarbij δ q1 bepaald is op basis van een aanvaardbare faalkans van instorting gelijk aan 10-3 per jaar Eurocodes? Eurocode EN 1991-1-2? Equivalente tijdsduur? Faalkans van instorting? «Technische» basis rekening houdend met de hevigheid van de brand i.f.v. factoren zoals de brandbelasting, de aanwezigheid van rookafvoer, sprinklers, «Valorisatie» van de actieve brandbeveiliging 23 Eurocodes? Een geheel van Europese normen m.b.t. de dimensionering van structuren. In totaal 60 delen verspreid over 10 Eurocodes. 2 'basis' Eurocodes Eurocode 0 (EN 1990) Basis voor de berekeningen Algemene ontwerpregels Eurocode 1 (EN 1991) Belasting op de structuren Berekeningwaarden voor de belasting, brandbelasting 6 'materiaalgebonden' Eurocodes Eurocode 2 (EN 1992) Beton, Eurocode 3 (EN 1993) Staal, Eurocode 4 (EN 1994) Gemengd, Eurocode 5 (EN 1995) Hout, Eurocode 6 (EN 1996) Metselwerk en Eurocode 9 (EN 1999) Aluminium 2 'aparte' Eurocodes (Geotechniek en Aardbevingen) 24 6
Sommige Eurocodes hebben een deel 1-2 m.b.t. berekeningen in geval van brand, bijvoorbeeld Eurocode 2 Deel 1-2 (EN 1992-1-2) Berekening van brandgedrag van betonnen structuren Berekening met waarden uit tabellen Tabellen opgesteld op basis van evaluatie van proefresultaten Vereenvoudigde rekenmodellen Extrapolatie berekeningen op gebruikstemperatuur! Brandgedrag Geavanceerde rekenmodellen Geavanceerde rekenprogramma's Eurocode 1 Deel 1-2 (EN 1991-1-2) Belasting bij brand Genormaliseerde en parametrische curven Lokale brand Geavanceerde brandmodellen Brandbelasting (Bijlage E) Equivalente tijdsduur (Bijlage F) «Blootstelling aan de standaard temperatuur-tijdkromme (ISO) verondersteld met identieke thermische belasting als die van een reële brand in het compartiment» Equivalente tijdsduur = de duur van de brand ISO die voor de structuur dezelfde ernst zou hebben als de «reële» brand 25 26 1200 1000 Brand (compartiment) Max temperatuur Equivalente tijdsduur = functie (brandbelasting, factor ventilatie, factor muur) Temperature ( C) 800 600 400 200 ISO curve (oven) Temperatuur van bouwelement (compartiment) Temperatuur van bouwelement (oven) Brandbelasting m verbrandingsfactor = 1 (reeds in rekening genomen in de klasse) δ q1 brandrisico in functie van de oppervlakte van het compartiment kans van instorting p t = 10-3 /jaar (bron: DIN 18230 voor elementen die overeenstemmen met elementen type II) Let op: waarden, die in EC1-1-2 (bijlage E) worden gegeven, komen met p t = 10-6 /jaar overeen Surface de plancher du compartiment A f [m²] 2500 Risque d activation du feu δ q1 en fonction de la probabilité de ruine acceptable 1,3.10-6 par an 1,90 10-3 par an (*) 0,67 0 0 15 30 45 60 75 90 Equivalente tijdsduur Time (min) 5 000 10 000 20 000 50 000 2,00 2,13 2,24 2,39 0,88 1,03 1,16 1,32 27 28 7
δ q2 brandrisico in functie van het type van bezetting (0,78 à 1,66) δ n actieve brandbeveiligingsinstallaties worden in rekening genomen Actieve brandbeveiliging opgelegd conform ontwerp Bijlage 6 (detectie, RWA installaties, sprinklersystemen, ) Equivalente tijdsduur = functie (brandbelasting, ventilatiefactor, muurfactor) k b muurfactor (functie van de thermische eigenschappen van de muren) w f ventilatiefactor (functie van de verticale en horizontale openingen) 29 30 Structurele elementen type II mogen niet bezwijken binnen een tijdspanne gelijk aan de equivalente tijdsduur (op basis van Eurocode EN 1991-1-2:2002) waarbij δ q1 bepaald is op basis van een aanvaardbare faalkans van instorting gelijk aan 10-3 per jaar Volledige berekening of Voor een gebouw met één verdieping: Type-oplossingen functie van de klasse, van de stabiliteit bij brand, aanwezigheid van een sprinkler-installatie die geacht worden aan deze vereisten te voldoen equivalente tijdsberekening is niet noodzakelijk als men typeoplossingen gebruikt Type-oplossingen: gebaseerd op een berekening van equivalente tijdsduur voor een gemiddeld industriegebouw Hoogte [12m] x breedte [(A/3)1/2] x lengte [3.(A/3)1/2] δq2 (brandrisico in functie van het type van bezetting): 1 kb muurfactor 0,055 (steenachtige wanden) wf ventilatiefactor Voorziene openingen (over 5% van de oppervlakte van het dak - in de verticale wanden: deuren, bovenlicht van 1,2 m hoog in een langse buitenwand) Bovengrens van de klassen (A 350 MJ/m², B 900 MJ/m² en C 1600 MJ/m²) Maximale oppervlakte berekend via brandbelasting 225, 625 en 1250 MJ/m² voor de verschillende klassen) 31 32 8
Van structurele elementen type II Zonder sprinklers Met sprinklers Zonder sprinklers Met sprinklers Klasse Geen R** R30 of meer Geen R** R30 of meer Klasse Geen R** R30 of meer Geen R** R30 of meer A 25000 25000 150000 150000 A 25000 25000 150000 150000 B 5000* 10000 40000 60000 B 8000 10000 40000 60000 C 2000* 5000 7000* 30000 C 3200 5000 11200 30000 Opslag C 5000* 5000* 12500* 30000 Opslag C 8000 8000 20000 30000 * De oppervlakte kan verhoogd worden met 60% bij verbeterde toegankelijkheid ** Geen R komt overeen met R15 volgens de berekeningen Toegankelijkheid van het verbeterde compartiment - (zie slide 42) 33 34 B. Brandgedrag van daken B. Brandgedrag van daken «Het eindlaagmateriaal van de dakbedekking van industriegebouwen behoort tot klasse B ROOF (t1)» Brandweerstand Classificatienormen EN 13501-2, -3 en -4 (REI) Reeks proefnormen (EN 1363, EN 1364, EN 1365, ) Reactie bij brand Classificatienorm EN 13501-1 (A1, A2, B, C, D, E, F) Reeks proefnormen Brandgedrag van daken Classificatienorm EN 13501-5 (BROOF) Proefnorm ENV 1187 Voorschriften Basisnormen (Bijlage 5) KB 19/12/1997 «De eindlaagmaterialen van de dakbedekking behoren tot klasse A1. Voor de lage gebouwen, wanneer de eindlaagmaterialen niet voldoen aan klasse A1, voldoet het geheel van de dakbedekking aan ontwerpnorm pren 1187-1». Middelhoge en hoge gebouwen: klasse A1 Lage gebouwen: klasse A1 of B ROOF (t1) KB 4/4/2003 «De eindlaagmaterialen van de dakbedekking behoren tot klasse A1. Wanneer de eindlaagmaterialen niet voldoen aan de in eerste lid bepaalde vereiste, vertonen de producten en/of materialen voor dakbedekking de eigenschappen van de klasse B ROOF (t1), [ ]» Lage, middelhoge en hoge gebouwen: klasse A1 of B ROOF (t1) 35 36 9
B. Brandgedrag van daken Voorschrift van ontwerp van nieuwe Bijlage 5 Lage, middelhoge en hoge gebouwen : B ROOF (t1) B. Brandgedrag van daken Klasse B ROOF (t1) i.f.v. de classificatienorm NBN EN 13501-5 en proefnorm ENV 1187 (test 1) Voorschrift van ontwerp Bijlage 6 Industriegebouwen «Het eindlaagmateriaal van de dakbedekking van industriegebouwen behoort tot klasse B ROOF (t1)» De dakbedekking = de bovenste laag van het dak dakafdichting van het dak Doelstelling Voorkomen van secundaire haarden door vliegvuur Ingeval van een secundaire haard op een dak, dient worden nagegaan risico tot perforatie en risico tot vallen van brandende/ gloeiende deeltjes die aanleiding kunnen geven tot een nieuwe brand binnen het gebouw Vliegvuur 37 B. Brandgedrag van daken Proef dakopbouw (dakafdichting, warmteisolatie, dampscherm, ondergrond ) C. Buitenwanden en afstand tussen gebouwen «De buitenwanden zijn zo onderworpen en uitgevoerd dat in geval van brand het risico dat de wanden naar buiten toe bezwijken beperkt is» - vlamuitbreiding naar de buitenzijde, - vlamuitbreiding naar de binnenzijde van het dak, - brandende/gloeiende deeltjes doordringen de dakconstructie niet Afstand tussen gebouwen De verspreiding van de brand beperken uitstraling van een brand naar een tegenoverstaande gebouw I Ec omvang van de straling = 45 of 170 kw/m² Gecontroleerde branden door voeding met brandstof of lucht Ø= vormfactor stralend oppervlak / omgeschreven rechthoek van de delen zonder brandweerstand 40 10
C. Buitenwanden en afstand tussen gebouwen C. Buitenwanden en afstand tussen gebouwen Type-oplossing Minimale tussenafstand Ontbrandbare goederen opgeslagen tussen 2 gebouwen kunnen vuur vatten en op hun beurt de brand verspreiden Afstand = geen brandweerstand Gebouwen op hetzelfde perceel Afstand tussen industriegebouwen (in functie van de gevel met de hoogste brandweerstand) Gebouwen op verschillende percelen Afstand tot de perceelgrens ½ afstand tussen industriegebouw en een denkbeeldig identiek industriegebouw (spiegelsymmetrie) 16 m (of 8 m tot aan de perceelsgrens) Gebouw uitgerust met sprinklers Afstand gedeeld door 2 41 42 D. Actieve brandbeveiliging D. Actieve brandbeveiliging Branddetectie, melding en alarm Rook- en warmteafvoerinstallatie (RWA) De industriële gebouwen moeten uitgerust zijn met een automatische branddetectieinstallatie van het type algemene bewaking Behalve voor gebouwen van klasse A met een oppervlakte 2000m² waar een branddetectie-installatie met handbediende brandmelders volstaat. Om de ontwikkeling en verspreiding van brand en rook te beperken moeten de industriegebouwen uitgerust zijn met een RWA installatie Behalve - klasse A compartiment met S 10000 m² - klasse B compartiment met S 500 m² - compartiment uitgerust met een blusinstallatie van waterdam of van gas of een ESFR installatie Uitvoering volgens NBN S21-100 (of andere regels van goede praktijk) Controle tijdens de in werking stelling en elke 3 jaar door een geaccrediteerd controle-organisme Uitvoering volgens NBN S21-208-1 (of andere regels van goede praktijk) 43 44 11
D. Actieve brandbeveiliging Automatische blusinstallatie De industriële gebouwen of compartimenten kunnen uitgerust zijn met een algemene automatische blusinstallatie Geplaatst volgens de regels van de kunst (CEN Normen, NFPA, ISO of aanbevelingen van de verzekeraars: FM, CEA, ) D. Actieve brandbeveiliging Centrale controle- en bedieningspost In lokaal gescheiden van de rest van het gebouw met wanden EI 60 Ligging van het lokaal : in overleg met brandweer Van buiten toegankelijk of via gang met brandwerende wanden EI 60 en brandwerende deuren EI 1 30. Controle tijdens de in werking stelling; daarna elke 6 maand door een geaccrediteerd contrôleorganisme 45 46 F. Evacuatie van de gebruikers F. Evacuatie van de gebruikers Minimaal 2 uitgangen die toegang geven tot een veilige plaats (een deel van het gebouw dat zich buiten het brandend compartiment bevindt en van waar het gebouw kan verlaten worden zonder langs het door de brand bereikte compartiment te moeten passeren) gesitueerd in tegenovergestelde zones De af te leggen weg naar een uitgang moet beperkt zijn tot de afstand vermeld in de tabel hieronder Afstand in vogelvlucht (= 2 / 3 reële afstand) [m] Reële afstand [m] Indien de hoek tussen de uitgangen groter is dan 45 Een deel van de af te leggen weg mag gemeenschappelijk zijn met de 2 nooduitgangen 1 uitgang voldoet indien < 50 gebruikers Af te leggen weg naar veilige plaats < gemeenschappelijk deel (zie tabel vlg. slide) Zonder sprinklers Met sprinklers Gemeenschappelijk deel 20 30 Totaal 40 60 De breedte van het compartiment is dus beperkt tot max. 2 x 40 = 80 m Gemeenschappelijk deel 30 45 Totaal 60 90 47 48 12
F. Veiligheid van de interventieploegen F. Veiligheid van de interventieploegen Blusmiddelen (voldoende hoeveelheid per gebruiker in samenspraak met de brandweer) Bluswatertoevoer (primaire, secondaire, tertiaire) Toegankelijkheid: in samenspraak met de bevoegde brandweer 1) Normale bereikbaarheid Volgens de volgende richtlijn: veilige en efficiënte parkeerplaatsen in de nabijheid van het gebouw Tenminste ½ van de buitenwanden van de gebouwen met een S 2500 m² is bereikbaar Alle buitenwanden van de gebouwen met een S 5000 m² zijn toegankelijk en de toegangswegen zijn niet geblokkeerd 2) Verbeterde bereikaarheid Maximale grootte van de compartimenten kan verhoogd worden indien de compartimenten makkelijk toegankelijk zijn voor de brandweer Terrein bereikbaar langs 2 onafhankelijke ingangen Deze ingangen zijn op het perceel met elkaar verbonden door een toegangsweg voor de brandweer Tenminste de helft van de wanden van het compartiment zijn buitenwanden die bereikbaar zijn voor de brandweer 49 50 5. Conclusies Tekstontwerp Mogelijke wijzigingen? Actueel: geen wettelijke verplichting maar «code van goede praktijk» opgesteld door alle betrokkenen Opvolgen / Vragen : WTCB NA Brandpreventie http://www.normen.be/brand rubriek «nieuws» yves.martin@bbri.be 51 13