Informatiebrochure Biobank Alzheimercentrum
Informatiebrochure Biobank VUmc Alzheimercentrum Amsterdam, september 2015 Geachte heer/mevrouw, U wordt bij het VUmc Alzheimercentrum onderzocht in verband met vergeetachtigheid. Het is van groot belang om te proberen de oorzaak te vinden van uw geheugenklachten. Zo weten u en de mensen om u heen het beste waar u aan toe bent en kan zonodig zorg op maat worden geleverd. Tevens is het vroeg stellen van de juiste diagnose belangrijk met het oog op mogelijke toekomstige geneesmiddelen. Een behandeling in het beginstadium van de ziekte zal betere resultaten opleveren. Bij het Alzheimercentrum VUmc gaan patiëntenzorg en wetenschap hand in hand. Door middel van wetenschappelijk onderzoek hopen we beter inzicht te krijgen in welke factoren bijdragen aan het ontstaan van ziekte en hoe dit zou kunnen worden voorkómen. Het is niet mogelijk om rechtstreeks in de hersenen te kijken. Onderzoekers zijn daarom op zoek naar maten die een afspiegeling geven van wat er in de hersenen gebeurt. Zulke maten noemen we biomarkers. Het VUmc Alzheimercentrum streeft ernaar om van alle patiënten gegevens en lichaamsmateriaal op te slaan in een biobank. Met behulp van het lichaamsmateriaal in de biobank kunnen we onderzoek doen naar biomarkers. 2
Doelstelling Het doel van dit onderzoek naar biomarkers is het verbeteren van de diagnostiek van dementie in een vroeg stadium. De tweede doelstelling is het maken van onderscheid tussen de verschillende vormen van dementie. Samenwerking met het Parelsnoer Instituut Om onderzoek te kunnen doen is vaak informatie nodig van vele patiënten. Daarom hebben de academische ziekenhuizen in Nederland in 2007 samen het Parelsnoer Instituut opgericht. Van patiënten worden medische gegevens en lichaamsmateriaal (zoals bloed) verzameld om verschillende wetenschappelijke onderzoeken mee te doen. Ook het VUmc Alzheimercentrum doet mee. U kunt tijdens het gesprek met uw arts of verpleegkundige meer informatie vragen over de biobank en het Parelsnoer Instituut. Wat vragen wij van u? Toestemming om uw medische gegevens op te vragen en te gebruiken voor wetenschappelijk onderzoek. Mogelijk zullen wij ook gegevens opvragen bij uw huisarts, het verpleeghuis, het Centraal Bureau voor Statistiek (CBS), of andere zorginstellingen. Toestemming om extra lichaamsmateriaal bij u af te nemen en te bewaren voor toekomstig onderzoek. Bloed Voor een goede diagnose wordt gewoonlijk bloed bij u afgenomen. Wij willen u vragen om ongeveer 30ml (6 buisjes) extra af te staan. U hoeft dus niet extra geprikt te worden voor deze bloedafname. Een gedeelte van het bloed wordt gebruikt om DNA uit te isoleren. Hiermee kan onderzoek gedaan worden naar erfelijke factoren die een rol spelen bij het veroorzaken van ziekte. Hersenvocht De hersenen en het ruggenmerg worden omgeven door hersenvocht. Juist omdat het hersenvocht in direct contact staat met de hersenen kan het belangrijke informatie leveren over wat zich in de hersenen afspeelt. Het hersenvocht wordt opgevangen via een ruggenprik. Voor het stellen van een diagnose is een ruggenprik niet vereist, maar het kan in voorkomende gevallen wel ondersteuning bieden voor de diagnose, met name in de vroegste fase van de ziekte, of wanneer de ziekte op jonge leeftijd begint. Wij vragen u of we ongeveer 20ml (2 buisjes) hersenvocht bij u mogen afnemen. 3
Toestemming om u (ook in de toekomst) te benaderen voor extra gegevens en lichaamsmateriaal Het is van groot belang om meer te weten te komen over de oorzaken en het beloop in de tijd van vergeetachtigheid. Soms hebben we daarom extra vragen. Daarnaast volgen wij onze patiënten graag zo goed mogelijk. Na één jaar krijgt u een uitnodiging voor een bezoek aan de polikliniek om nog eens in kaart te brengen hoe het met u gaat. In bepaalde gevallen zouden wij graag ook na twee jaar extra bloed en hersenvocht willen afnemen. Uiteraard wordt iedere keer van tevoren uw toestemming gevraagd en kunt u per keer besluiten of u wel of geen medewerking wilt verlenen. Toestemming om gegevens te krijgen van de burgerlijke stand Om in de toekomst op de hoogte te blijven van de juiste persoonsgegevens, vragen wij uw toestemming om zonodig informatie uit het basisregister van de gemeente waar u woont op te vragen. Mogelijk ongemak en risico s Deelname aan dit onderzoek kost geen extra tijd. Bloed en hersenvocht wordt zoveel mogelijk bij u afgenomen tijdens de routine medische handelingen. Dat betekent bijvoorbeeld dat extra bloed wordt afgenomen als bloedafname ook voor uw behandeling nodig is. Over het risico dat gepaard gaat met een lumbaalpunctie bestaat veel onduidelijkheid. Anders dan vaak gedacht, is het risico nagenoeg verwaarloosbaar. Na een ruggenprik kan hoofdpijn optreden. Dit gebeurt echter slechts zelden, in minder dan 10% van de gevallen. Bij ouderen is dit zelfs minder dan 2%. Andere mogelijke complicaties zoals hersenvliesontsteking en bloedingen in het wervelkanaal, zijn zeer zeldzaam. Wat zijn voor u de voordelen? Deelname aan dit onderzoek levert voor uzelf geen direct voordeel op. Wel kunnen uitkomsten van het onderzoek de zorg van andere mensen met een soortgelijke ziekte in de toekomst verbeteren. 4
Eventuele gevolgen voor uw verzekeringen en medische keuringen Eventuele resultaten uit het onderzoek die geen directe consequenties hebben voor uw persoonlijke situatie worden niet aan u meegedeeld, ook niet aan uw behandelend arts. U kunt aangeven of u bij klinisch relevante nieuwe bevindingen op de hoogte gesteld wilt worden door uw behandelend arts. Mocht aan u in de toekomst in het kader van een verzekering of keuring worden gevraagd of bij u een erfelijkheidsonderzoek heeft plaatsgevonden, dan kunt u die vraag met nee beantwoorden. Wie doet het onderzoek? Het wetenschappelijk onderzoek wordt uitgevoerd door medewerkers van het VUmc Alzheimercentrum. Een deel van het bij u afgenomen lichaamsmateriaal en uw medische gegevens kan apart worden opgeslagen voor het Parelsnoer Instituut. Deze gegevens worden gebruikt voor onderzoek in samenwerkingsverband met de andere academische ziekenhuizen in Nederland. Onderzoek kan eventueel ook worden uitgevoerd in samenwerking met andere instellingen of met bedrijven. Hiervoor kan het nodig zijn om uw gecodeerde medische gegevens en lichaamsmateriaal te verstrekken aan deze instellingen of bedrijven. Uw privacy Al uw gegevens vallen onder het medisch beroepsgeheim. Uw persoonlijke gegevens zoals uw naam, adres en andere gegevens blijven uitsluitend bekend bij uw behandelend arts en de ziekenhuisadministratie. Uw medische gegevens worden gecodeerd voordat ze worden verstrekt aan degene die de gegevens wil gebruiken voor wetenschappelijk onderzoek. Het lichaamsmateriaal wordt gecodeerd opgeslagen in de biobank. De resultaten van het onderzoek worden gepubliceerd, bijvoorbeeld in wetenschappelijke tijdschriften. Uw persoonlijke gegevens zijn in publicaties niet terug te vinden. Vrijwilligheid van de deelname U beslist zelf of u wel of niet deelneemt aan het onderzoek. U kunt uw toestemming voor deelname aan het onderzoek weigeren en uw gegeven toestemming op elk tijdstip zonder opgaaf van redenen intrekken. Uw beslissing om wel of niet deel te nemen zal geen nadelige gevolgen hebben voor uw medische behandeling. 5
Lichaamsmateriaal en medische gegevens Het lichaamsmateriaal wordt voor onbepaalde tijd bewaard. Het voor het onderzoek verzamelde lichaamsmateriaal en uw medische gegevens zullen voor het onderzoek worden gebruikt, totdat u uw toestemming daarvoor intrekt. Indien u uw toestemming intrekt, is het voor u mogelijk om vernietiging van het bij u al afgenomen lichaamsmateriaal te vragen. Indien u dat expliciet aangeeft zal al het lichaamsmateriaal dat van u is verzameld worden vernietigd, behalve het lichaamsmateriaal dat al in een wetenschappelijk onderzoek is bewerkt. Dit materiaal kan niet worden vernietigd. Hetzelfde geldt voor de medische gegevens die in een onderzoek zijn gebruikt. Deze kunnen eveneens niet worden vernietigd. Vragen Mocht u na het lezen van deze informatiebrief nog vragen hebben over het onderzoek dan kunt u contact opnemen met mw. dr. W.M. van der Flier of met uw behandelend arts prof. dr. Ph. Scheltens, beiden telefonisch bereikbaar via nummer: (020) 444 0816. (secretariaat). Indien u er prijs op stelt informatie over dit onderzoek in te winnen bij een arts die niet bij de uitvoering van het onderzoek is betrokken maar wel over de gegevens ervan beschikt, dan is dh. O. de Vries bereid uw vragen te beantwoorden. Hij is te bereiken via (020) 4444 307. Prof. dr. Wiesje M. van der Flier, Hoofd onderzoek Alzheimercentrum VUmc Prof. dr. Philip Scheltens, Directeur
VUmc Alzheimercentrum 3 e druk, september 2015 www.alzheimercentrum.nl 208005 Projectbureau Alzheimercentrum telefoon (020) 444 0816 projectbureau-alzheimercentrum@vumc.nl Verpleegkundig dementie-consulent: telefoon (020) 444 4444, vraag naar pieper 6368