Tweede Kamer der Staten Generaal 2 Vergaderjaar 1988-1989 19 521 Nieuwe informatietechnologie in het Voortgezet Onderwijs Nr. 8 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ONDERWIJS EN WETEN- SCHAPPEN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Zoetermeer, 26 mei 1989 Bijgaand zend ik u de, na overleg in de CCOO, vastgestelde uitwerkingsnotitie apparatuur- en programmatuurverstrekking t.b.v. voortgezet (speciaal) onderwijs. Ik heb de onderwijsraad separaat verzocht mij te adviseren over mijn beleidsnotitie. Ik zend u dat advies zodra het beschikbaar is. De Minister van Onderwijs en Wetenschappen, W. J. Deetman 913559F ISSN 0921 7371 _....,,- SDU uitgeverij s Gravenhage 1989 Tweede Kamer, vergaderjaar 1988-1989, 19 521, nr. 8
UITWERKINGSNOTITIE APPARATUUR EN PROGRAMMA TUURVERSTREKKING T.B V. SPECIAAL ONDERWIJS EN VOORTGEZET SPECIAAL ONDERWIJS, ZOALS VASTGESTELD NA OVERLEG MET DE CCOO. 1. Inleiding In de beleidsnotitie OPSTAP, alsmede in het daarop gebaseerde beleidskader OPSTAP 1 989, zijn de volgende voornemens opgenomen m.b.t. apparatuur- en programmatuurverstrekking ten behoeve van het speciaal onderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs: a. De scholen voor speciaal onderwijs en voortgezet speciaal onderwijs aan: - kinderen met leer- en opvoedingsmoeilijkheden (LOM) - moeilijk lerende kinderen (MLK) - zeer moeilijk opvoedbare kinderen (ZMOK) - langdurig zieke kinderen - kinderen in pedologische instituten (Pi's) vallen onder het verstrekkingsproject ten behoeve van het basisonderwijs en speciaal onderwijs. b. De zelfstandige scholen voor voortgezet speciaal onderwijs ten behoeve van: - moeilijk lerende kinderen (MLK) - zeer moeilijk opvoedbare kinderen (ZMOK) - kinderen met leer- en opvoedingsmoeilijkheden (LOM) - kinderen in pedologische instituten (Pi's) sluiten aan bij het NIVO-project, en krijgen de NIVO-apparatuur alsmede het NIVO-startpakket. c. Voor de scholen voor speciaal onderwijs en voortgezet speciaal onderwijs aan: - dove kinderen - slechthorende kinderen - kinderen met ernstige spraakmoeilijkheden die niet tevens behoren tot de twee hierboven genoemde categorieën - blinde kinderen - slechtziende kinderen - lichamelijk gehandicapte kinderen - zeer moeilijk lerende kinderen - meervoudig gehandicapte kinderen wordt de evaluatie van de pilotprojecten INSP afgewacht. Voor de onder a. bedoelde scholen is inmiddels in mijn beleidsnotitie «Computers in het basisonderwijs en het speciaal onderwijs; een standaard» van juni 1988 een nadere specificatie van de te verstrekken apparatuur gegeven Op dit moment vindt formeel overleg met de besturenorganisaties plaats over de vormgeving van de projectmatige verstrekking aan deze scholen. Voor de onder b. bedoelde scholen geef ik in paragraaf 2 van deze notitie een nadere uitwerking van het beleid ten aanzien van de verstrekking. Daarbij is deze categorie uitgebreid met de VSO-delen van de SOVSO-scholen voor MLK, ZMOK en LOM. In paragraaf 3 van deze notitie is ook voor de onder c. bedoelde scholen, aangevuld met de scholen voor onderwijs aan kinderen die zijn opgenomen in ziekenhuizen, een eerste aanzet tot verstrekking van computerapparatuur opgenomen. Deze eerste aanzet staat los van de evaluatie van de pilotprojecten. Tweede Kamer, vergaderjaar 1988-1989, 19 521, nr. 8 2
2. Apparatuur- en programmatuurverstrekking ten behoeve van zelfstandige scholen voor VSO binnen de categorieën MLK, ZMOK, LOM en PI, alsmede aan de VSO delen van de SOVSO scholen voor MLK, ZMOK en LOM a. De te verstrekken apparatuur In de beleidsnotitie OPSTAP is het voornemen geuit aan bovengenoemde zelfstandige VSO-scholen NIVO-apparatuur te verstrekken. Onderstaand wordt aangegeven dat deze verstrekking zal worden gedifferentieerd naar schoolsoort en naar omvang. Schoolsoort Aan de zelfstandige VSO-scholen voor MLK zal aansluitend op het verzoek van het werkverband van directeuren van MLK-scholen niet de NIVO-apperatuur worden verstrekt, maar de apparatuur die te zijner tijd wordt geleverd aan de scholen als hierboven onder 1a. aangegeven. Gelet op de aard van het MLK-onderwijs ligt deze keuze voor de BaO-apperatuur ook meer voor de hand. Het betekent wel dat de levering ongeveer twee jaar zal worden opgeschoven (de BaO-apparatuur kan naar verwachting eerst in de eerste helft van 1991 worden geleverd). De zelfstandige VSO-scholen voor LOM, ZMOK en PI zullen wèl NIVO-apparatuur ontvangen. Hier doet zich een veel nauwere inhoudelijke verwantschap met het AVO en LBO voor. Aansluiting bij de in die onderwijssoorten gebruikte apparatuur en programmatuur is onder meer in verband met terugplaatsing van leerlingen in het regulier onderwijs gewenst. Gezien de mate van individualisering van het onderwijs aan deze scholen wil ik voorstellen de levering van het NIVO-netwerk achterwege te laten, maar wel alle machines van een harde schijf te voorzien. Bovendien zullen extra printers worden verstrekt. De VSO-delen van de SOVSO-scholen voor MLK, LOM en ZMOK horen al vanaf het begin tot de doelgroep van het verstrekkingsproject ten behoeve van het basisonderwijs en speciaal onderwijs. Uit dien hoofde krijgen zij, evenals de SO-delen van de betreffende SOVSO-scholen, de BaO-apparatuur. Schoolomvang In het NIVO-project wordt aan de scholen voor AVO en LBO een set van 11 computers verstrekt. In verband met de budgettair neutraal te realiseren uitbreiding van de hiervoor onder punt 1b. aangegeven doelgroep met de VSO-delen van de SOVSO-scholen voor MLK, LOM en ZMOK, zal de maximale verstrekking aan de in deze paragraaf bedoelde zelfstandige VSO-scholen 8 computers omvatten. Daarbij zal ik deze verstrekking naar schoolomvang differentiëren. In het NIVO-project wordt de facto gewerkt met een ondergrens qua schoolomvang van 120 leerlingen. Ook binnen het VSO wil ik deze grens hanteren. Alleen de scholen met een omvang van 120 of meer leerlingen zullen een set van 8 NIVO-computers ontvangen. Voor kleinere scholen lijkt een levering van een dergelijke grootte minder zinvol; de intensiteit van het gebruik van de computer zal naar verwachting te laag zijn om een dergelijke relatief omvangrijke verstrekking te rechtvaardigen. In concreto stel ik het volgende verstrekkingspatroon voor: - zelfstandige VSO-scholen voor MLK en VSO-delen van SOVSOscholen voor MLK, LOM en ZMOK: Scholen respectievelijk VSO-delen met een omvang van 120 leerlingen of meer krijgen 8 configuraties zoals aan scholen voor basisonderwijs zal worden verstrekt. Scholen met een omvang kleiner dan 120 leerlingen Tweede Kamer, vergaderjaar 1988-1989, 19 521, nr. 8 3
zullen, afhankelijk van het leerlingaantal, minimaal 2 en maximaal 8 configuraties ontvangen (zie bijlage 1). - zelfstandige VSO-scholen voor LOM, ZMOK en PI: Scholen met een omvang van 120 leerlingen (teldatum 16-01-1988) of meer krijgen 8 stand-alone NIVO-machines (2 kleur; 6 monochroom) en drie NIVO printers. Scholen met een omvang kleiner dan 120 leerlingen ontvangen, afhankelijk van het leerlingaantal, minimaal 2 stand-alone machines (kleur) en één NIVO-printer, en maximaal 8 stand-alone machines (2 kleur; 6 monochroom) en drie NIVO-printers (zie bijlage 1). b. Wijze en tijdstip van verstrekking - zelfstandige VSO-scholen voor MLK en VSO-delen van SOVSOscholen voor MLK, LOM en ZMOK. De levering van de BaO-apparatuur (inclusief nascholing, ondersteuning e.d.) aan deze scholen zal onderdeel zijn van het verstrekkingsproject t.b.v. het basisonderwijs en het speciaal onderwijs (LOM, MLK, ZMOK, Langdurig zieken, Pi's), waarover ik thans overleg met de besturenorganisaties voer. Ik zal er daarbij naar streven om alle zelfstandige VSO-scholen voor MLK uiterlijk in 1991 van apparatuur te voorzien. - zelfstandige VSO-scholen voor LOM, ZMOK en PI. Ik zal aan de stichting NIVO vragen om de levering van de apparatuur in overleg met de NIVO-leveranciers in het eerste kwartaal van 1989 uit te voeren. De betreffende scholen zullen dan ook het startpakket ontvangen, voorzover dit relevant is voor gebruik binnen het VSO. In het NIVO-project was leveringsvoorwaarde het beschikken over een ingericht lokaal. Aangezien het netwerk niet wordt verstrekt, zal deze voorwaarde niet voor de zelfstandige VSO-scholen voor LOM, ZMOK en PI gelden. Wel wordt in 1989 via de Londo-systematiek per school f4 000 beschikbaar gesteld onder de noemer «lokaalinrichting». Dit budget kan bijvoorbeeld worden gebruikt t.b.v. de aanschaf van verplaatsbare onderstellen. Een tweede voorwaarde voor levering binnen het NIVO-project was de aanwezigheid van drie nageschoolde docenten. Voor de onderhavige scholen zal in verband met de geringere schoolgrootte gelden dat op het moment van levering twee docenten de betreffende NIVO-nascholingscursus moeten hebben doorlopen. Is dit niet het geval dan dient het bevoegd gezag schriftelijk te verklaren dat het daaraan alsnog in het cursusjaar 1989/1990 zal voldoen. Zo mogelijk dient één van deze twee docenten een vrouw te zijn. Scholen met een leerlingaantal beneden de 60 kunnen overigens met één nageschoolde docent volstaan. Zoals onlangs door mij is bekend gemaakt zullen de RSOI's-VO in verband met de uitloop van de apparatuurverstrekking NIVO nog tot 1 augustus 1989 blijven voortbestaan. Ook de VSO-scholen voor LOM, ZMOK en PI zullen tot dat tijdstip van de ondersteuning door deze RSOI's gebruik kunnen maken. c. Financiering - zelfstandige VSO-scholen voor MLK en VSO-delen van SOVSOscholen voor MLK, LOM en ZMOK. De initiële verstrekking van apparatuur en programmatuur zal voor wat betreft de zelfstandige VSO-scholen plaatsvinden in 1991. De VSO-delen van de betreffende SOVSO-scholen zullen de apparatuur in de periode 1991-1994 ontvangen. Voor wat betreft de toekenning van normbedragen voor apparatuurvervanging, voor de aankoop van courseware, en voor onderhoud en exploitatie, wordt aangesloten bij de vergoedingsregeling zoals die voor het basisonderwijs zal gaan gelden. De bekostiging van deze toekenningen is voorzien in de budgetten die in bijlage 1 van de beleidsnotitie OPSTAP zijn opgenomen onder de noemer «apparatuur en programmatuur» binnen de categorie «VSO/LBO (niet beroepsgericht)/avo/vwo». Tweede Kamer, vergaderjaar 1988-1989, 19 521, nr. 8 4
- zelfstandige VSO-scholen voor LOM, ZMOK en PI. De initiële verstrekking van apparatuur en programmatuur zal plaatsvinden in 1989. Voorts zullen met ingang van 1990 normbedragen voor apparatuurvervanging, voor de aankoop van course-ware en voor onderhoud en exploitatie worden toegekend. Ook deze kosten zullen worden gedekt uit de budgetten die in bijlage 1 van de beleidsnotitie OPSTAP zijn opgenomen onder de noemer «apparatuur en programmatuur» binnen de categorie «VSO/LBO (niet beroepsgericht)/avo/vwo». 3. Apparatuur- en programmatuurverstrekking t.b.v. scholen voor speciaal onderwijs en voortgezet speciaal onderwijs aan zintuiglijk en lichamelijk gehandicapte kinderen, aan zeer moeilijk lerende kinderen, alsmede aan ziekenhuisscholen In de beleidsnotitie OPSTAP is niet voorzien in apparatuurverstrekking aan deze groep van scholen; de evaluatie van de pilotprojecten diende te worden afgewacht. Recent is een evaluatie betreffende de periode 1985-1988 gereed gekomen. In de loop van 1989 zal ik, na overleg met het PRINT-management, mijn standpunt daarover kenbaar maken. Ik wil echter thans voorstellen om, vooruitlopend op mijn bovenbedoelde standpunt naar aanleiding van de evaluatie pilotprojecten, aan alle hierboven onder 1c. genoemde scholen, alsmede aan de zogenaamde ziekenhuisscholen, in 1990 één BaO-configuratie (inclusief startpakket en software-coupon) te verstrekken. Ik acht het namelijk een goede zaak dat m.n. de docenten binnen de betreffende scholen enige aansluiting houden met de ontwikkelingen in het basisonderwijs en overig speciaal onderwijs op het terrein van de informatie-technologie. De financiële ruimte voor deze initiële verstrekking ontstaat door de in paragraaf 2 voorgestelde differentiatie op basis van de schoolgrootte bij de verstrekking aan het betreffende VSO. Voor de toekenning van normbedragen voor apparatuurvervanging, voor de aankoop van courseware, en voor onderhoud en exploitatie, wordt ook hier aangesloten bij de vergoedingsregeling zoals die voor het basisonderwijs zal gaan gelden. Tweede Kamer, vergaderjaar 1988-1989, 19 521, nr. 8 5
BIJLAGE 1 Bijlage bij uitwerkingsnotitie apparatuur- en programmatuurverstrekking t.b.v. speciaal onderwijs en voortgezet speciaal onderwijs Verstrekkingsnorm zelfstandige VSO-scholen voor MLK, ZMOK, LOM en PI, alsmede VSO-delen van SOVSO-scholen voor MLK, ZMOK en LOM. a. zelfstandige VSO-scholen voor MLK, alsmede VSO-delen van SOVSO-scholen voor MLK, ZMOK en LOM. schoolomvang (leerlingen) 1-39 40-49 50-59 60-69 70-79 80-89 90-99 100-109 110-119 120 en groter verstrekking BaO-sets aantal scholen per 16-01-1988 1 4 9 9 13 13 13 12 6 10 Totaal 90 b. zelfstand ige scholen voor LOM, ZMOK en PI. schoolomvang (leerlingen) verstrekking aantaal scholen per 16--01-1988 computers printers LOM ZMOK Pl Totaal 1-39 2 1 0 1 0 1 40-49 2 1 0 2 0 2 50-59 3 1 0 3 0 3 60-69 4 1 2 2 0 4 70-79 5 2 1 0 0 1 80-89 5 2 1 0 0 1 90-99 6 2 8 1 1 10 100-109 7 2 2 0 0 2 110-119 8 3 2 2 0 4 120 en groter 8 3 39 4 0 43 Totaal 55 15 1 71 1 Voor zelfstandige VSO-scholen voor MLK: «2». Door de separate toewijzing aan de SO-delen van de SOVSO-scholen, zal ook voor de SOVSO-scholen voor MLK, ZMOK en LOM de facto een minimum-verstrekking van 2 BaO-sets plaatsvinden. Tweede Kamer, vergaderjaar 1988-1989, 19 521, nr. 8 6
BIJLAGE 2 Bijlage bij uitwerkingsnotitie apparatuur en programmatuurverstrekking t.b.v. speciaal onderwijs en voortgezet speciaal onderwijs Verstrekkingsnorm scholen voor lichamelijk gehandicapten, zintuiglijk gehandicapten en ZMLK, alsmede ziekenhuisscholen. Schoolsoort Aar ital sch olen Aantal per 16-01 -1988 BaO-sets SO SOVSO VSO Totaal (Voortgezet) Speciaal Onderwijs aan - dove kinderen 5 1 3 9 9 x 1 - slechthorende kinderen 18 4 9 31 31 x 1 - kinderen met spraakmoei lijkheden 2 - - 2 2x 1 - blinde kinderen 2 2 1 5 5 x 1 - slechtziende kinderen 1 4-5 5 x 1 - lichamelijk gehandicapte kinderen 9 19 2 30 30 x 1 - kinderen opgenomen in ziekenhuizen 2 13-15 15x1 - zeer moeilijk lerende kinderen 17 94 2 113 113x1 - meervoudig gehandicapte kinderen 16 4 2 22 22 x 1 Totaal 72 141 19 232 Tweede Kamer, vergaderjaar 1988-1989, 19 521, nr. 8 7