Strippenkaart Pooltocht 2015 Routetechnieken Een stripkaart (ofwel een kaart die "gestript" is van overbodige informatie), ook wel ten onrechte strippenkaart genoemd, kun je zien als een oleaat met zijwegen die strak getrokken is en waar de zijwegen op regelmatige afstand gezet zijn. De hiker loopt langs een rechte lijn, van onder naar boven, waar de zijwegen met korte streepjes op zijn aangegeven. Deze routetechniek wordt buiten scouting ook wel de visgraat genoemd. Men zegt dat de stripkaart ontstaan is in New York, door taxichauffeurs die op deze manier hun route optekenden. Ook in de Tweede Wereldoorlog zou de stripkaart gebruikt zijn, en wel door de geallieerden die achter de Duitse linies gedropt werden. Zo'n verzetsstrijder kreeg een stripkaart als uitleg hoe hij van het droppunt naar zijn contactpersoon moest komen. Wanneer hij werd gepakt door de Duitser, hadden ze niks aan de kaart, want ze wisten niet waar het begonnen of gebleven was. Hiernaast is een voorbeeld gegeven van hoe zo'n stripkaartroute eruit zou kunnen zien. De hiker begint met zijn stripkaart op de stip, en in werkelijkheid gaat hij het rode lijntje volgen van onder naar boven. Hij komt eerst bij een kruispunt. Daar moet hij twee wegen aan zijn linkerkant laten liggen. Op een kruispunt betekent dit dus dat hij rechtsaf moet slaan. Daarna moet hij eerst een weg rechts laten liggen, en daarna twee wegen links. Bij die tweede weg links betekent dat dat hij zélf rechtsaf moet slaan. Een ander voorbeeld van een stripkaartroute is te vinden op het artikel doolhof.
Oleaat Bij een Oleaat is de route van kaart overgetrokken op een doorzichtig vel. Dit kan op twee manieren: met en zonder zijwegen, de laatste versie heet ook wel een blinde oleaat. Beide varianten kunnen met en zonder kaart door de hikers worden gebruikt. De oleaat is in principe altijd op schaal. Dat wil zeggen dezelfde schaal als de kaart waar deze van is overgetrokken. Als de hikers een kaart bij zich hebben (of tijdelijk ter beschikking krijgen) is het aan de hikers om op de route terug te vinden op de kaart. Om het eenvoudiger te maken zijn dan over het algemeen de begin en eindpunten terug te vinden als knooppunten van wegen op de kaart. Varianten kunnen zijn: Oleaat met zijwegen (zie de afbeelding onderaan de pagina. Zijwegen kunnen ook aangegeven worden met streepjes. Dan lijkt deze meer op een stripekaart); Oleaat zonder zijwegen (zie de afbeelding onderaan de pagina); Oleaat met het eindpunt (en eventueel beginpunt) en een referentie in de vorm van een heel klein stukje kaart of een bepaalde vorm qua wegen die niet deel uitmaken van de route. Hieronder een voorbeeld van dit laatste type. Hiernaast is een voorbeeld gegeven van hoe zo'n oleaatje eruit zou kunnen zien. Het linkerplaatje is een oleaat met zijwegen en geeft de werkelijke route aan zoals deze op de kaart te vinden is. Het rechter plaatje (met alleen de rode pijl) is een oleaatje dat de deelnemers over het algemeen krijgen en welke zij op een kaart moeten leggen om hun weg te vinden.
Vectorroute met Vaste Noordpijl Een vectorroute is een routetechniek waarbij vectoren (pijltjes met een bepaalde richting en lengte) gebruikt worden. Vectorroutes heb je in twee varianten. De route is weergegeven als een lijn waaraan aftakkingen zijn. Deze aftakkingen geven een kompasrichting aan ten opzichten van de noordpijl, dit is een dubbele pijl. De pijl die het dichtst bij de noordpijl zit, is het begin van de route. A/B/C Route Op elk kruispunt stel je een multiple choice vraag. Het aantal antworden zijn gelijk aan het aantal wegen/paden (incl. de weg waar je vandaan komt). Bij een kruising: A=Links B= Rechtdoor C=Rechts D=Terug Doolhof Route Een doolhof of labyrint is een aangelegde tuin met kronkelpaden en doodlopende gangen. Als je in een doolhof terecht komt, is het de bedoeling dat je het midden van het doolhof of een uitgang bereikt. Als een doolhof gebruikt wordt als een routetechniek, is het doolhof nog het beste te vergelijken met de stripkaartroute. Je krijgt een plaatje van een doolhof te zien, waarbij slechts één route van de ingang naar de uitgang loopt. Dit is de route die je moet volgen. De zijwegen die je moet laten liggen, kun je in het doolhof terugvinden. In het plaatje is te zien hoe zo'n doolhofroute eruit ziet. In plaatje a) zie je de route zoals hij van links naar rechts gelopen moet worden. In plaatje b) zie je hoe je de route in een doolhof kunt weergeven. Plaatje c) geeft van onder naar boven aan hoe de route zou zijn weergegeven als de stripkaarttechniek gebruikt was: Twee wegen zijn er rechts gelaten, en daarna zijn er twee wegen links gelaten.
Tijden Route Een tijdenroute bestaat uit een lijst met digitale tijden. Deze digitale tijden geven, vertaald naar een analoog horloge, de richtingen waarheen gelopen moet worden. De kleine wijzer wijst noord en de grote wijzer geeft de te lopen richting. Dit is dus eigenlijk een ingewikkelde variant op de vectorroute met draaiende Noordpijl Breuken Route Op elke kruising is de aanwijzing een breuk. De noemer is het aantal wegen/paden (incl. de weg waar je vandaan komt) De teller is de weg waar je in moet (met de klok mee). Bij een kruising: 1/4=links 2/4=rechtdoor 3/4=rechts en 4/4=terug. Situatie Schets Bij een situatieschets wordt er een tekening gemaakt van het kruispunt waarop van richting veranderd dient te worden. Dit kan heel simpel door enkele de wegen in de situatie te tekenen. Er kan ook gekozen worden om meer details aan te brengen in de tekening; stoepen, wegbelijning, verkeerstekens, bomen, bankjes, kleur of zwart wit, zover je maar wilt gaan. Een situatieschets geeft in ieder geval meer detail van de omgeving dan een kruispuntenroute. Door middel van een pijl wordt de te volgen richting aangegeven. Hierbij kunnen ook verschillende variaties worden toegepast; een bolletje pijltje, enkel een pijl in de te volgen richting, maar ook slechts een kompaskoers in de hoek van de tekening. Desgewenst kan er een noordpijl worden toegevoegd aan de schets. De verschillende situatieschetsen volgen elkaar op en vormen een route. Je kunt er ook voor kiezen groter stuk van de route in een tekening te zetten. Het verschil met een stukje topografische kaart of een oleaat met zijwegen is dat hij niet op schaal is getekend.
Als een situatieschets te simpel en een gewone stripkaart te moeilijk, kan ook gekozen worden voor een mengvorm de aangezichts stripkaart. Ogenroute De ogenroute is een routetechniek die getekend is als een gezichtje met ogen. Deze routetechniek is een voor de hand liggende routetechniek om te gebruiken bij de DWEK, omdat hij niet zo heel moeilijk is. Er zijn twee manieren om een ogenroute te tekenen: Ogen die in de juiste richting kijken: Teken steeds twee oogjes. Als de ogen naar boven kijken, dan gaat de route rechtdoor. Naar links is linksaf enzovoort Ogen die zijn "dichtgeslagen": Teken een poppetje, desgewenst een mannetje dat in het thema van je tocht past, en maak een oog zwart om een richting aan te geven. Laat beide ogen open voor rechtdoor. Linkeroog zwart om links te gaan. Rechteroog zwart om rechts te gaan. In plaats van de richtingen met oogjes weer te geven, kun je overigens ook "smileys" gebruiken. Kompas Koers Dit spreekt eigenlijk voor zichzelf. Je krijgt een aantal kompasrichtingen (in graden). Op elk kruispunt moet je met je kompas schieten om te kijken welke richting je op moet. Voor een uileg over het gebruik van een kompas kun je terecht in de kaart & kompas sectie van de scoutfiles op deze site.
Foto Route Een fotoroute is een routetechniek, waarbij er een fotoserie gemaakt wordt van de te lopen route. Doordat tegenwoordig aardig wat mensen een digitale camera en kleurenprinter hebben is dat vrij makkelijk te maken en leuk om te lopen. De fotoserie geeft de te lopen route weer. Vaak staat er ook een persoon op die gedurende de hele route aanwijst in welke richting de hikers hun weg moeten vervolgen. Variaties Maak de fotoroute ruim van tevoren. Verschil in jaargetijde is vaak een verrassend element. Maak de foto's 's avonds of 's nachts als de route door de bebouwde kom loopt, men zal op zoek moeten gaan naar plekken waar de lichtjes vandaan kunnen komen. Knip alle foto's los en geef iedere deelnemer willekeurig wat foto's, zo moeten ze allemaal opletten welke foto het eerste voorbij komt in de situatie. Neem foto's van details die je onderweg tegenkomt, bijvoorbeeld een putdeksel of een straatnaambordje Neem de foto's zo dat de deelnemers aan voorbijgangers moeten vragen waar de plaats zich bevindt die op de foto staat. Als je geen zin hebt de foto's zelf te maken, op googlemaps kun je een route plannen met streetview foto's.\