Groen: Werkzaamheden mogelijk. Oranje: Werkzaamheden mogelijk: ja, mits na overleg met ecoloog en eventuele mitigerende maatregelen. Rood: Werkzaamheden mogelijk: nee, tenzij toestemming van de ecoloog en mitigerende maatregelen worden genomen. Appelvink Coccothraustes coccothraustes Foto: Luc Hoogenstein/Buiten-Beeld Herkenning: grote, compacte vink met grote kop en dikke snavel. Bovenzijde donkerbruin met zwarte vleugelpunten en met een witte vleugelstreep en witte eindband van de staart. algemeen. Gedurende het broedseizoen komen de hoogste dichtheden voor op de hoge zandgronden van Noord-, Midden- en Oost-Nederland. Fluiter Phyloscopus sibilatrix Foto: Ran Schols/Buiten-Beeld Herkenning: kleine zangvogel met langgerekt profiel en lange vleugels. Bovenzijde egaal grijsgroen, kop met gele wenkbrauwstreep en donkere oogstreep. Onderzijde met gele borst en vuilwitte buik. algemeen. In het broedseizoen komen de hoogste dichtheden voor in het noordoosten, oosten, zuidoosten en midden van Nederland.
Gaai Garrulus glandarius Foto: Rein Hofman Herkenning: grote zangvogel met vrij lange staart. Bovenzijde roestbruin met witte stuit. Vleugels donker met blauwe en witte vleugelvlek, onderzijde egaal beige. Verspreiding: in Nederland vrij algemeen tot algemeen. Tijdens het broedseizoen komen de hoogste dichtheden voor in het noordoosten, oosten, zuiden en midden van Nederland. Goudhaan Regulus regulus Foto: Martin Bonte Herkenning: zeer kleine zangvogel. Bovenzijde lichtgroen, kop met gele middenkruinstreep en zwarte wenkbrauwstreep. Onderzijde egaal beige. Verspreiding: in Nederland algemeen. In het broedseizoen komen de hoogste dichtheden voor in naaldbossen in het midden, noordoosten en zuiden van Nederland. Goudvink Pyrrhula pyrrhula Foto: Martin Bonte Herkenning: grote, compacte vink met dikke nek. Bovenzijde egaal grijs met witte stuit en donkere kopkap en zwarte vleugel met witte vleugelstreep. Onderzijde egaal grijsbruin tot rood. algemeen. In het broedseizoen komen de hoogste dichtheden voor in het noordoosten, oosten, zuidoosten en midden van Nederland. Ook in de duinstreek relatief algemeen.
Grote lijster Turdus viscivorus Foto: Daniele Occhiato/Buiten-Beeld Herkenning: forse lijster. Bovenzijde bruingrijs met witte buitenste staartpennen. Vleugels met witte onderzijde. Buik en borst licht met donkere, ronde vlekken. Verspreiding: in Nederland algemeen. Tijdens het broedseizoen komen de hoogste dichtheden voor in het midden, oosten en zuiden van Nederland. Keep Fringilla montifringilla Foto: Daniele Occhiato/Buiten-Beeld Herkenning: compacte zangvogel. Bovenzijde donker met witte stuit en oranje vleugelstrepen. Onderzijde met witte buik en oranje borst. Verspreiding: in Nederland in de winterperiode algemeen. In het broedseizoen zeldzaam in bosrijke streken (niet jaarlijks aanwezig). Kleine barmsijs Carduelis cabaret Foto: Daan Schoonhoven/Buiten-Beeld Herkenning: kleine, compacte zangvogel. Bovenzijde donkerbruin gestreept met bruingele vleugelstreep. Onderzijde licht met geelbruine markering. Verspreiding: in Nederland algemeen. In het broedseizoen schaars. Plaatselijk in het binnenland en vrij algemeen op de waddeneilanden
Kruisbek Loxia curvirostra Herkenning: compacte zangvogel met zware snavel met gekruiste punten. Lichaam groen tot rood met donkere vleugel. algemeen. In het broedseizoen bevinden de hoogste dichtheden zich in naaldbossen op de hogere zandgronden. Foto: Eelke Schoppers Sijs Carduelis spinus Foto: Chris van Rijswijk/Buiten-Beeld Herkenning: kleine, slanke zangvogel. Bovenzijde donker met gele vleugelstrepen, stuit en staartzijden. Onderzijde met witte, gestreepte buik en gele borst. Verspreiding: in Nederland algemeen. In het broedseizoen zeldzaam tot plaatselijk algemeen in bosrijke streken (niet jaarlijks aanwezig). Staartmees Aegithalos caudatus Foto: John van den Heuvel/Buiten-Beeld Herkenning: kleine mees met zeer lange staart. Bovenzijde zwart met donkerbruine vleugelstrepen en witte kop met zwarte band. Onderzijde vuilwit. Verspreiding: in Nederland algemeen. Gedurende het broedseizoen komen de hoogste dichtheden voor in Oost, Midden en Zuid-Nederland.
Vuurgoudhaan Regulus ignicapilla Foto: Martin Bonte Herkenning: zeer kleine zangvogel. Bovenzijde lichtgroen. Kop met gele of oranje middenkruinstreep, zwarte wenkbrauwstreep en witte oogstreep. Onderzijde egaal beige. Verspreiding: in Nederland schaars tot algemeen. Gedurende het broedseizoen komen de hoogste dichtheden voor in naaldbossen in het midden, noordoosten en zuiden van Nederland. Wielewaal Oriolus oriolus Foto: René de Heer/Buiten-Beeld Herkenning: middelgrote zangvogel. Bovenzijde grijs tot zwart met gele of geelgroene rug en kop. Onderzijde vuilwit met strepen (vrouwtje) tot geheel fel geel (mannetje). Verspreiding: in Nederland schaars tot plaatselijk algemeen. In het broedseizoen komen de hoogste dichtheden voor in het oosten en zuiden van Nederland. Zomertortel Streptopelia turtur Foto: Rein Hofman Herkenning: kleine, slanke duif. Bovenzijde grijs met roodbruine schouder. Staart met zwarte eindband en witte zomen, onderzijde licht met roze zweem. Verspreiding: in Nederland schaars tot algemeen. Tijdens het broedseizoen komen de hoogste dichtheden voor in het oosten, midden en zuiden van Nederland.
Bestendig beheer en onderhoud (vrijstelling, mits gebruik gedragscode) Maaien - Schonen - Baggeren - Begrazen - Snoeien/dunnen Zie gedragscode, aanvullend: Als bosbroedende soorten (mogelijk) voorkomen alleen van half september t/m december. Zie soortspecifieke informatie omtrent actuele verspreiding, habitatgeschiktheid en kwetsbare periode. Onderhoud waterkeringen - Onderhoud verhardingen - Ruimtelijke ontwikkelingen & inrichting Voorbereiding van nieuwe werken - Verwijderen bovengrond/ graafwerkzaamheden - Sloop kunstwerken en gebouwen - Bouwactiviteiten Zie gedragscode en soortspecifieke informatie omtrent actuele verspreiding, habitatgeschiktheid en kwetsbare periode. Afdammen/dempen/vergraven - Biotoop, Voedsel Rode Lijst, habitattype bescherming Gemengd bos Bosranden, open bos en parklandschap Oud loofbos Naaldbos Struweel Pioniervegetaties Ongewervelden Zaden Bessen, fruit Groene plantendelen Aas, afval Geen Rode Lijst status Gevoelig/Kwetsbaar Bedreigd/Ernstig bedreigd Flora- en faunawet Vogelrichtlijngebieden aangewezen Appelvink Fluiter Gaai Goudhaan Goudvink Grote lijster Keep Kleine barmsijs Kruisbek Sijs Staartmees Vuurgoudhaan Wielewaal Zomertortel
Leefwijze door het jaar heen Locatie nest Aanbevelingen Bronnen De broedperiode valt, afhankelijk van de soort, binnen de periode van begin januari tot midden september. Vanaf begin januari-midden mei balts, van midden januari-eind augustus nesten en paren met jongen. Vanaf midden juni-midden september verzorging van vliegvlugge jongen (zie soortspecifieke beschrijvingen). Afhankelijk van de soort wordt een nest gebouwd in de vork van een tak of tegen een stam van een boom (appelvink, goudhaan, goudvink, grote lijster, keep, sijs, staartmees, wielewaal en zomertortel), aan het uiteinde van twijgen van een boom (goudhaan, vuurgoudhaan en staartmees), in dichte struiken (goudvink, kleine barmsijs, sijs, staartmees) of op een beschutte locatie op, of nabij de grond (fluiter, kleine barmsijs). Vermijd betreding en het uitvoeren van werkzaamheden in broedbiotopen gedurende het broedseizoen. Literatuur: LNV, 2009; Snow & Perrins, 1998; SOVON, 2002. Websites: www.minlnv.nl; www.nederlandsesoorten.nl; www.bto.org